WILFA Cool 12 - Airconditioning

Cool 12 - Airconditioning WILFA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Cool 12 WILFA in PDF-formaat.

📄 356 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice WILFA Cool 12 - page 198
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : WILFA

Model : Cool 12

Categorie : Airconditioning

Technische specificaties Mobiele airconditioner WILFA Cool 12, koelcapaciteit van 12.000 BTU, energieklasse A.
Afmetingen Compacte afmetingen voor gemakkelijke plaatsing in verschillende ruimtes.
Gewicht Lichtgewicht voor eenvoudige mobiliteit.
Geluidsniveau Laag geluidsniveau voor stille werking.
Gebruik Ideaal voor kamers tot 30 m², met instelbare temperatuurinstellingen.
Extra functies Ontvochtigingsmodus, afstandsbediening inbegrepen, digitaal display.
Onderhoud Wasbare filters, regelmatig onderhoud aanbevolen voor optimale werking.
Veiligheid Voorzien van bescherming tegen oververhitting en kortsluiting.
Algemene informatie 2 jaar garantie, klantenservice beschikbaar voor technische ondersteuning.

Veelgestelde vragen - Cool 12 WILFA

Hoe stel ik de WILFA Cool 12 voor het eerst in?
Om de WILFA Cool 12 in te stellen, sluit u het apparaat aan en gebruikt u het bedieningspaneel om de gewenste modus en temperatuur te selecteren. Zorg ervoor dat het apparaat op een geschikte afstand van muren en objecten staat voor optimale werking.
Waarom koelt de WILFA Cool 12 niet efficiënt?
Als de WILFA Cool 12 niet efficiënt koelt, controleer dan of de filters schoon zijn en of ramen en deuren van de kamer gesloten zijn. Zorg er ook voor dat het apparaat niet wordt geblokkeerd door meubels.
Hoe maak ik de filters van de WILFA Cool 12 schoon?
Om de filters schoon te maken, schakelt u het apparaat uit en verwijdert u de filters volgens de instructies in de handleiding. Was ze met lauw water en laat ze volledig drogen voordat u ze terugplaatst.
Maakt de WILFA Cool 12 geluid tijdens het gebruik?
Een bepaald geluidsniveau is normaal tijdens het gebruik van de WILFA Cool 12. Als het geluid echter te luid is, controleer dan of het apparaat op een vlakke ondergrond staat en dat er geen objecten het raken.
Wat is de koelcapaciteit van de WILFA Cool 12?
De WILFA Cool 12 heeft een koelcapaciteit van 12.000 BTU, wat het geschikt maakt voor kamers tot 30 m², afhankelijk van de isolatievoorwaarden.
Hoe stel ik de ventilatiemodus van de WILFA Cool 12 in?
Om de ventilatiemodus in te stellen, gebruikt u het bedieningspaneel om te kiezen uit snelheidsopties (laag, medium, hoog). U kunt ook de automatische modus inschakelen voor optimale aanpassing.
Wat moet ik doen als de WILFA Cool 12 een foutcode weergeeft?
Als er een foutcode wordt weergegeven, raadpleeg dan de gebruikershandleiding om het probleem te identificeren. Dit kan meestal wijzen op een sensorprobleem of een storing. Start het apparaat opnieuw op en neem contact op met de klantenservice als het probleem aanhoudt.
Kan ik de WILFA Cool 12 gebruiken in een afgesloten kamer zonder ramen?
De WILFA Cool 12 is ontworpen voor gebruik in goed geventileerde ruimtes. Het wordt niet aanbevolen om het te gebruiken in een volledig afgesloten kamer zonder ventilatie, omdat dit de efficiëntie kan beïnvloeden.
Hoe bespaar ik energie met de WILFA Cool 12?
Om energie te besparen, stel de temperatuur iets hoger in, gebruik de eco-modus indien beschikbaar en schakel het apparaat uit wanneer u niet in de kamer bent.
Wat is de garantieduur van de WILFA Cool 12?
De garantie van de WILFA Cool 12 is doorgaans 2 jaar vanaf de aankoopdatum. Bewaar uw bon voor eventuele garantieclaims.

Download de handleiding voor uw Airconditioning in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Cool 12 - WILFA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Cool 12 van het merk WILFA.

GEBRUIKSAANWIJZING Cool 12 WILFA

Instructies NO · Bruksanvisning

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING195

  • Lees deze gebruiksaanwijzing vóór gebruik zorgvuldig door en bewaar deze voor toekomstig gebruik. Hij is ook beschikbaar op onze website: wilfa.com.
  • Dit apparaat kan door kinderen vanaf acht jaar gebruikt worden en door personen met een fysieke, zintuiglijke of verstandelijke beperking en/of door mensen die een gebrek aan ervaring of kennis hebben, mits zij het apparaat onder toezicht gebruiken of instructies gekregen hebben over de veilige manier waarop het apparaat gebruikt moet worden en de hieraan gerelateerde gevaren begrepen hebben.
  • Reiniging en onderhoud mogen niet uitgevoerd worden door kinderen die niet onder toezicht staan. Kinderen mogen het apparaat niet als speelgoed gebruiken.
  • Controleer voor gebruik of de vermogensspecicatie overeenkomt met die op het typeplaatje.
  • Voordat u de airconditioner reinigt of onderhoudt, moet u hem uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
  • Zorg ervoor dat het netsnoer niet door harde voorwerpen wordt ingedrukt.197
  • Trek nooit aan het netsnoer om de stekker uit het stopcontact te trekken of de airconditioning te verplaatsen.
  • Steek de stekker niet in het stopcontact en haal de stekker niet uit het stopcontact als uw handen nat zijn.
  • Gebruik de geaarde voeding. Zorg voor een betrouwbare aarding.
  • Als het snoer beschadigd is, moet de fabrikant, zijn servicetechnicus of soortgelijke gekwaliceerde persoon het snoer vervangen, om gevaarlijke situaties te voorkomen.
  • Als zich een abnormale situatie voordoet (bijv. brandlucht), haal dan direct de stekker uit het stopcontact en neem vervolgens contact op met uw plaatselijke dealer.
  • Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact of haal de stekker uit het stopcontact als er niemand mee bezig is.
  • Spetter of giet geen water op de airconditioner. Anders kan er kortsluiting of schade aan de airconditioner ontstaan.
  • Bij gebruik van een afvoerslang mag de omgevingstemperatuur niet lager zijn dan 0 ºC. Anders zal er water naar de airconditioning lekken.198

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

  • Gebruik geen verwarmingsapparatuur rond de airconditioner.
  • Gebruik de unit niet in de badkamer of wasruimte.
  • Ver weg van vuurbron, ontvlambare en explosieve voorwerpen.
  • Kinderen en gehandicapten mogen het apparaat niet zonder toezicht gebruiken.
  • Laat kinderen niet op de airconditioner spelen of klimmen.
  • Plaats of hang geen druppelende voorwerpen boven de airconditioner.
  • Repareer of demonteer de airconditioner niet zelf.
  • Voorkom dat er voorwerpen in de airconditioner worden gestoken.
  • Gebruik geen verlengsnoer of koppelstekker.
  • Steek geen voorwerpen in het luchtkanaal. Neem contact op met de vakmensen als er voorwerpen in het luchtkanaal komen. UITZONDERINGSCLAUSULE De leverancier draagt geen verantwoordelijkheid wanneer persoonlijk letsel of verlies van eigendommen wordt veroorzaakt door de volgende redenen:199

1. Beschadiging van het product door onjuist

gebruik of misbruik van het product.

2. Het product wijzigen, aanpassen, onderhouden

of gebruiken met andere apparatuur zonder de instructiehandleiding van de fabrikant op te volgen.

3. Als er is vastgesteld dat het defect van het product

direct veroorzaakt is door bijtend gas.

4. Als er is vastgesteld dat de defecten te wijten zijn

aan een onjuist gebruik tijdens het transport van het product.

5. Als u het toestel heeft gebruikt, gerepareerd of

onderhouden zonder de gebruiksaanwijzing of de voorschriften in acht te nemen.

6. Als er is vastgesteld dat het probleem of geschil

veroorzaakt is door de kwaliteitsspecicatie of prestaties van onderdelen en componenten die door andere fabrikanten zijn geproduceerd.

7. Als de schade veroorzaakt is door natuurrampen,

slecht gebruik van de omgeving of overmacht. Toestel gevuld met ontvlambaar gas R290. Lees eerst de handleiding voordat u het apparaat installeert en gebruikt.200

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING HET KOELMIDDEL

  • Om de airconditioning te kunnen gebruiken, circuleert er een speciaal koelmiddel door het systeem. Het gebruikte koelmiddel is uoride R290, dat speciaal is gereinigd.
  • Het koelmiddel is ontvlambaar en reukloos. Bovendien kan het onder bepaalde omstandigheden tot een explosie leiden.
  • Vergeleken met veelgebruikte koelmiddelen is R290 een niet-vervuilend koelmiddel dat niet schadelijk is voor de ozonlaag. De invloed op het broeikaseffect is ook lager. R290 heeft zeer goede thermodynamische eigenschappen die zorgen voor een hoge energie-efciëntie. De units hoeven dus minder gevuld te worden.
  • Zie het typeplaatje voor de vulcapaciteit van R290. WAARSCHUWING
  • Apparaat gevuld met ontvlambaar gas R290.
  • Het apparaat moet worden geïnstalleerd, bediend en opgeslagen in een ruimte met een vloeroppervlak van meer dan 11 m
  • Het apparaat moet opgeslagen worden in een ruimte zonder continu werkende ontstekingsbron- nen (bijvoorbeeld: open vuur, een werkend gas- toestel of een werkende elektrische verwarming).201
  • Het apparaat moet opgeslagen worden in een goed geventileerde ruimte waar de grootte van de ruimte overeenkomt met de ruimte waarin het apparaat gebruikt wordt.
  • Het apparaat moet zo opgeslagen worden dat mechanische schade voorkomen wordt.
  • Op een apparaat aangesloten (lucht)kanalen mogen geen ontstekingsbron bevatten.
  • Houd alle benodigde ventilatieopeningen vrij van obstakels.
  • Niet doorboren of verbranden.
  • Houd er rekening mee dat koelmiddelen geen geur mogen hebben.
  • Gebruik uitsluitend de middelen die door de fabrikant aanbevolen worden om het ontdooiproces te versnellen of om het apparaat te reinigen.
  • Onderhoud mag alleen uitgevoerd worden volgens de aanbevelingen van de fabrikant.
  • Neem contact op met een erkend servicecentrum bij u in de buurt als reparatie nodig is.202

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

  • Reparaties die worden uitgevoerd door niet- gekwaliceerd personeel kunnen gevaarlijk zijn.
  • De nationale gasvoorschriften moeten nageleefd worden. GEBRUIKSOMGEVING
  • De airconditioning moet worden gebruikt binnen het temperatuurbereik: 16 °C ~ 35 °C.
  • Het apparaat is uitsluitend bedoeld voor gebruik binnen.
  • Het apparaat moet zodanig worden geplaatst dat de stekker toegankelijk is.
  • Deze airconditioner is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk, niet-commercieel gebruik.
  • De vrije ruimte rondom de airconditioner moet ten minste 30 cm bedragen.
  • Gebruik de airconditioner niet in een vochtige omgeving.
  • Houd de luchtinlaat en de luchtuitlaat schoon en vrij van obstakels.
  • Sluit tijdens gebruik deuren en ramen om het koeleffect te verbeteren.203
  • Plaats de airconditioner op een gladde en vlakke ondergrond om geluid en trillingen te voorkomen.
  • Deze airconditioner is voorzien van wielen. Zwenkwielen moeten op een gladde en vlakke ondergrond glijden.
  • Voorkom dat de airconditioner kan wegrollen of omvallen. Als er iets niet in orde is, haal dan onmiddellijk de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de dealer.

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

6. Stekker van het netsnoer

1. Luchtstroomrichting omhoog/omlaag:

– Houd de horizontale lamellen vast zoals aangegeven in het diagram en stel de richting van de luchtstroom in. – Zet de horizontale lamellen niet in de laagste of hoogste positie in de stand KOELEN of DROGEN. Als de ventilatorsnelheid voor langere tijd te laag wordt ingesteld, kan er condensvorming op de lamellen ontstaan.

2. Luchtstroomrichting links/rechts. Houd de verticale lamellen vast zoals

aangegeven in het diagram en stel de richting van de luchtstroom in. Let op:

  • Stel de verticale lamellen niet extreem links of rechts in als de ventilatorsnelheid gedurende langere tijd te laag is ingesteld in de modus KOELEN of DROGEN. Er kan dan condensatie ontstaan op de lamellen. WERKINGSTEST
  • Druk op de aan/uit-knop op de afstandsbediening om het apparaat te starten.
  • Druk op de modusknop om de functie auto, koelen, drogen of ventilator te selecteren en controleer of het apparaat normaal werkt.
  • Als de omgevingstemperatuur lager is dan 16 °C, kan de eenheid niet in de koelmodus worden gebruikt.206

6. Verwarmen – niet beschikbaar

9. Indicatielampje koelstand

  • Na het aansluiten van de airconditioner op de stroomvoorziening hoort u een geluidssignaal. Daarna kunt u de airconditioner bedienen via het bedieningspaneel.
  • In de AAN-stand laat de airco na elke druk op de knop op het bedieningspaneel een geluid horen. Ondertussen brandt de bijbehorende indicator op het bedieningspaneel.207

1 AAN/UIT-knop Door op deze knop te drukken, zet u de airconditioner aan of uit. 2 +/--knop Druk in de koel- of verwarmingsstand op de knop "+" of "-" om de temperatuur met 1 °C (°F) te verhogen of te verlagen. Het ingestelde temperatuurbereik is 16 °C ~ 30 °C. In de droog- of ventilatorstand is deze knop ongeldig. 3 Modusknop Druk op deze knop om de verschillende standen volgens de onderstaande volgorde te laten circuleren: Koelen-> Drogen-> Ventilator-> Verwarmen

  • Koelen: In deze stand brandt het indicatielampje voor de koelstand. Het display laat de ingestelde temperatuur zien. Het instelbereik voor de temperatuur is 16 - 30 graden Celsius.
  • Drogen: In deze stand is de droogstandindicator verlicht.
  • Ventilator: In deze stand blaast de airconditioner alleen lucht. De ventilatorindicator is verlicht.
  • Verwarmen: Niet beschikbaar 4 Ventilatorknop Druk op deze knop om de ventilatorsnelheid te laten circuleren tussen "lage snelheid, gemiddelde snelheid, hoge snelheid, auto ventilator en lage snelheid" 5 Timerknop
  • Druk op de timerknop om naar de instelstand van de timer te gaan.
  • Druk in deze stand op de knop "+" of "-" om de timer aan te passen.
  • De timer wordt met een half uur verhoogd of verlaagd door binnen 10 uur op "+" of "-" te drukken. Bij een tijdsoverschrijding van 10 uur zal de timer 1 uur langer of korter worden als u op "+" of "-" drukt. Na het instellen van de timer toont het display na vijf seconden zonder invoer de temperatuur. Als de timerfunctie wordt gestart, blijft de bovenste indicator de displaystatus behouden. Druk in de timerstand nogmaals op de timerknop om de timerstand te annuleren. 6 Verwarmen – niet beschikbaar 7 Wi-knop
  • Druk op de knop "Wi" om de wi-functie in te schakelen. Het "Wi”- pictogram verschijnt op de afstandsbediening: Houd de "Wi"-knop 5 seconden ingedrukt om de wi-functie uit te schakelen en het wi-pictogram verdwijnt.
  • Druk onder de uit-status tegelijkertijd 1 seconde lang op de knoppen "MODE" en "Wi"; de wi-module zal de fabrieksinstellingen herstellen.208

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

4. Draaiknop (niet beschikbaar)

8. Gezondheidsknop (niet

FANAUTOOPERFan Swing ModeOn/Off Sleep Timer Health WiFi FAN AUTO OPER Ik voel de functie Turbomodus Zendsignaal Gezondheidsfunctie Lichtfunctie 8 °C verwarmingsfunctie

Ingestelde temperatuur Kinderslot Op en neer zwenken Ventilatorsnelheid instellen AutomodusKoelstandDroogstandVentilatorstandVerwarmingsstand Slaapstand Ingestelde temp. Buitentemperatuur Omgevingstemp. binnen WerkingsmodusTemp. type display

PRODUCTOVERZICHT - DISPLAY AFSTANDSBEDIENING

Ventilatiewerking Ingestelde tijd Opmerking: Dit is een algemene afstandsbediening en sommige hier beschreven functies werken niet op alle apparaten. GEBRUIK 1 AAN/UIT-knop Druk op deze knop om het apparaat in te schakelen. Druk nogmaals op deze knop om het apparaat uit te schakelen. 2 Modusknop Druk op deze knop om de verschillende standen volgens de onderstaande volgorde te laten circuleren: Auto -> Koelen -> Drogen-> Ventilator-> Verwarmen

  • Auto: Tijdens de automatische werking past de unit de instellingen automatisch aan. De ingestelde temperatuur kan niet worden gewijzigd.
  • Koelen: In deze stand werkt de airconditioner in de koelstand. De koelindicator gaat branden. Druk op de knop "Ventilatorsnelheid" om de ventilatorsnelheid aan te passen.
  • Drogen: In deze modus draait de unit met lage ventilatorsnelheid voor ontvochtiging en brandt de bijbehorende indicator. De ventilatorsnelheid kan niet worden aangepast.210

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

  • Ventilator: In deze stand koelt of verwarmt de airconditioning niet, alleen de wind waait. Het indicatielampje van de ventilator brandt. Druk op de knop "Ventilatorsnelheid" om de ventilatorsnelheid aan te passen.
  • Verwarmen: Niet beschikbaar 3 +/--knop
  • Als u één keer op de knop "+" of "-" drukt, wordt de ingestelde temperatuur met 1 °C (°F) verhoogd of verlaagd. Houd de knop "+" of "-” ten minste twee seconden ingedrukt om de ingestelde temperatuur op de afstandsbediening snel te veranderen.
  • Laat de knop los als de gewenste temperatuur is bereikt. Als de timerinstelling is ingesteld, neemt de tijd met een half uur toe of af na elke druk op de knop "+" of "-". Houd de knop "+" of "-" ingedrukt om de tijd op het display snel te veranderen. 4 Draaiknop Niet beschikbaar voor dit apparaat. 5 Ventilatorknop Met deze knop stelt u de ventilatorsnelheid in. De volgorde gaat van auto, 1, 2, 3 en terug naar auto. 6 Slaapknop Druk op deze knop om de slaapstand in te schakelen. Deze functie handhaaft de voor u meest comfortabele temperatuur. 7 Timerknop
  • Druk eenmaal op deze knop en de tekens van UUR AAN (UIT) knipperen.
  • Druk ondertussen op de knop "+" of "-" om de timerinstelling aan te passen (de tijd verandert snel als u de knop "+" of "-" ingedrukt houdt). Het tijdbereik is 0,5 tot 24 uur.
  • Druk nogmaals op deze knop om de timerinstelling te bevestigen en de tekens voor UUR AAN (UIT) stoppen met knipperen. Als de tekens knipperen maar u de timerknop niet hebt ingedrukt, wordt de timerinstellingsstatus na 5 seconden stopgezet. Als de timer is bevestigd, drukt u nogmaals op deze knop om de timer te annuleren. 8 Gezondheidsknop Niet beschikbaar voor dit apparaat. 9 Wi-knop
  • Druk op de knop "Wi" om de wi-functie in te schakelen. Het "Wi”-picto- gram verschijnt op de afstandsbediening: Houd de "Wi"-knop 5 seconden ingedrukt om de wi-functie uit te schakelen en het wi-pictogram verdwijnt.211
  • Druk onder de uit-status tegelijkertijd 1 seconde lang op de knoppen "MODE" en "Wi"; de wi-module zal de fabrieksinstellingen herstellen. Combinatie van toetsen:
  • Omschakelfunctie temperatuurweergave: Druk onder de UIT-status tegelijkertijd op de knoppen "-" en "Mode" om de temperatuurweergave te schakelen tussen °C en °F.
  • Lichtfunctie: Bij het aan- of uitzetten kunt u de knoppen "+" en "VENTILATOR" tegelijkertijd ingedrukt houden om het lampje aan of uit te zetten en de code te verzenden. Nadat de stroom is ingeschakeld, is de lamp standaard ingeschakeld. BATTERIJEN VERVANGEN

1. Druk op de achterkant van de afstandsbediening op de met gemarkeerde

plek en duw het deksel van de batterijhouder in de richting van de pijl.

2. Vervang twee (AAA 1,5 V) droge batterijen en controleer of de posities van +

3. Plaats het deksel van het batterijvakje terug.

  • Richt de zender van het signaal van de afstandsbediening tijdens de werking op het ontvangstvenster van de unit.
  • De afstand tussen de signaalzender en het ontvangstvenster mag niet meer dan 8 m bedragen en er mogen zich geen obstakels tussen bevinden.
  • Het signaal kan gemakkelijk worden gestoord in de ruimte waar een tl-lamp of draadloze telefoon aanwezig is; de afstandsbediening moet zich tijdens gebruik dicht bij het apparaat bevinden.
  • Vervang nieuwe batterijen van hetzelfde model als vervanging nodig is.
  • Als u de afstandsbediening langere tijd niet gebruikt, verwijder dan de batterijen.
  • Als het display op de afstandsbediening vaag is of als er geen display is, vervang dan de batterijen.212

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

  • Schakel het apparaat uit en schakel de stroom uit voordat u de airconditioning reinigt. Anders kan dit een elektrische schok veroorzaken.
  • Reinig de airconditioner niet met water. Anders kan dit een elektrische schok veroorzaken.
  • Gebruik geen vluchtige vloeistof (zoals verdunner of gas) om de airconditioner te reinigen. Anders kan de airconditioning beschadigd raken.
  • Zorg dat er geen water of andere vloeistoffen in de kunststof onderdelen terechtkomen. Dit kan de kunststof onderdelen beschadigen en zelfs elektrische schokken veroorzaken. BUITENKANT SCHOONMAKEN Als er stof op het oppervlak van de buitenste behuizing zit, veeg deze dan schoon met een zachte doek. Als de buitenste behuizing erg vuil is (zoals vet), gebruik dan neutraal schoonmaakmiddel om deze schoon te vegen. LAMELLEN REINIGEN Gebruik een schoonmaakmiddel of een zachte borstel om het te reinigen. FILTER REINIGEN

1. Verwijder het lter.

– Druk op de sluiting zoals aangegeven in de afbeelding en verwijder vervolgens lter 1. – Trek lter 2 eruit.

– Gebruik een reinigingsmiddel of water om het lter te reinigen. Als het lter erg vuil is (zoals vet), gebruik dan warm water van 40 °C (104 °F) en een neutraal schoonmaakmiddel om het te reinigen en plaats het vervolgens op een schaduwrijke plaats om te drogen.

– Nadat het lter gereinigd en gedroogd is, plaatst u het correct terug. Opmerking:

  • Het lter moet ongeveer om de drie maanden worden gereinigd. Als er veel stof in de omgeving aanwezig is, kunt u de reinigingsfrequentie verhogen.
  • Droog het lter niet met vuur of een haardroger. Het kan dan vervormd raken of vlam vatten.

REINIG DE WARMTEAFVOERLEIDING

Verwijder de afvoerleiding van de verwarming van de airconditioning, reinig en droog deze en plaats hem terug. (Voor de installatie- en verwijderingsmethode213

wordt verwezen naar de instructie voor "installatie en demontage van de warmteafvoerleiding"). CONTROLES

CONTROLE VÓÓR GEBRUIK

1. Controleer of de luchtinlaten en -uitlaten niet geblokkeerd zijn.

2. Controleer of de stekker en het stopcontact in goede staat verkeren.

3. Controleer of het lter schoon is.

4. Controleer of er batterijen in de afstandsbediening zitten.

5. Controleer of de verbinding, de raamsteun en de warmteafvoerleiding goed

6. Controleer of de warmteafvoerleiding beschadigd is.

1. Koppel de voeding los.

2. Reinig het lter en de buitenste behuizing.

3. Verwijder stof en andere verontreinigingen van de airconditioner.

4. Verwijder opgehoopt water uit het chassis (bekijk het hoofdstuk

„Waterafvoer" voor meer informatie).

5. Controleer of ruitbeugel niet beschadigd is. Zo ja, neem dan contact op met

de dealer. LANGE OPSLAGTIJD Als u de airconditioner langere tijd niet gebruikt, dient u deze als volgt te onderhouden voor een goede werking:

  • Zorg ervoor dat er zich geen water ophoopt in het chassis en dat de warmteafvoerleiding is gedemonteerd.
  • Trek de stekker uit het stopcontact en rol het netsnoer op.
  • Reinig de airconditioning en verpak deze goed om stofvorming te voorkomen.

KENNISGEVING VAN INVORDERING

  • Delen van cadeauverpakkingen worden gerecycled. Gebruikers wordt geadviseerd de plaatselijke voorschriften op te volgen of contact op te nemen met het personeel van het plaatselijke recyclingcentrum voor verdere richtlijnen.
  • Als u de airconditioner wilt weggooien, neem dan contact op met uw plaatselijke afvalverwerking of servicecentrum voor de juiste afvoermethode.214

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING PROBLEEMOPLOSSING Controleer de onderstaande punten voordat u om onderhoud vraagt. Als de storing nog steeds niet kan worden verholpen, neem dan contact op met uw plaatselijke dealer of een gekwaliceerde professional. Probleem Mogelijke oorzaken Oplossingen Airconditioner werkt niet Stroomuitval Is de stekker los? Is de luchtschakelaar uitgeschakeld of is de zekering doorgebrand? Is er een storing in het circuit? Is het apparaat onmiddellijk na een stop opnieuw gestart? Wacht na stroomherstel Steek de stekker er weer in Vraag om professionele hulp bij het vervangen van de luchtschakelaar of de zekering. Vraag om professionele hulp om het circuit te vervangen. Wacht 3 minuten en probeer hem dan opnieuw in te schakelen. Slechte koeling Is het vermogen te laag? Is het luchtlter gevuld met stof/ onzuiverheden? Is de temperatuur voor het apparaat correct ingesteld? Zijn deuren en ramen gesloten? Controleer of het apparaat is aangesloten op een geschikte voedingsbron. Reinig het luchtlter indien nodig. Stel de temperatuur in. Sluit deuren en ramen. De ventilator blaast geen lucht uit de airconditioner. Is de luchtuitlaat of -inlaat geblokkeerd? Is het lter vuil? Verwijder de obstakels. Reinig de lters.215

Airconditioner kan geen signaal ontvangen van afstandsbediening of afstands- bediening reageert niet. Wordt de normale werking onderbroken door zaken zoals statische druk, onstabiele spanning? Bevindt de afstandsbediening zich binnen het ontvangstbereik? Zijn er fysieke obstakels die het vrije zicht tussen de afstandsbediening en de unit belemmeren? Is de gevoeligheid van de afstandsbediening laag? Is er een uorescentie- lamp in de ruimte? Trek de stekker eruit. Steek de stekker na ongeveer 3 minuten in het stopcontact en zet het apparaat aan. Het ontvangstbereik van de afstandsbediening is 8 m. Overschrijd dit bereik niet. Verwijder de obstakels. Controleer de batterijen van de afstandsbediening. Vervang de batterijen als de spanning laag is. Plaats de afstandsbediening dicht bij de airconditioner. Schakel de uorescentielamp uit en probeer het opnieuw. Ingestelde temperatuur kan niet worden aangepast. Is de unit ingesteld op de automatische stand of is het kinderslot geactiveerd? Is de kamertemperatuur binnen het temperatuur- bereik van de unit? De temperatuur kan niet worden aangepast in de automodus. Het kinderslot kan worden ontgrendeld door op "+" en "-" te drukken. Instelbereik temperatuur: 16 °C - 30 °C. Er is een vieze geur. Er is een bron van vieze geuren in de ruimte, zoals meubels, sigaretten enz. Verwijder de bronnen van vieze geurtjes. Reinig het lter. Er is een vreemd geluid tijdens de werking. Is de eenheid gestoord door onweer, radio, enz.? Haal de stekker uit het stopcontact, steek de stekker er weer in en schakel het apparaat weer in.216

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING U hoort water stromen. Is het toestel net aan- of uitgezet? U hoort het koelmiddel in de unit. Dit is normaal. Het klinkt alsof er iets kapot is. Is het toestel net aan- of uitgezet? Warmte-uitzetting of krimp voor het paneel als gevolg van temperatuurverandering die wrijvingsgeluiden veroorzaakt. Dit is normaal. FOUTCODE Foutcode Probleemoplossing F0, F1, F2, F4 Neem contact op met ons servicecentrum. E8, H3 1 Controleer of de eenheid zich in een omgeving met hoge temperaturen en een hoge luchtvochtigheid bevindt. Als de omgevingstemperatuur te hoog is, schakelt u de eenheid uit en activeert u deze voor gebruik nadat de omgevingstemperatuur is gedaald tot onder de 35 °C (95 °F). 2 Controleer of de verdamper en de condensor door bepaalde voorwerpen zijn geblokkeerd; als dat het geval is, verwijdert u de objecten, schakelt u de eenheid uit en steekt u de stekker in het stopcontact voor gebruik.

3. Neem contact op met ons servicecentrum als de storing zich

blijft voordoen. H8 1 Giet het water uit het chassis. 2 Als H8 nog steeds voorkomt, neem dan contact op met ons servicecentrum. Waarschuwing:

  • Als er sprake is van het volgende verschijnsel, moet u de airconditioner uitschakelen en onmiddellijk de stekker uit het stopcontact halen. Neem vervolgens onmiddellijk contact op met uw dealer. – Het netsnoer is oververhit of beschadigd. – Vreemde geluiden tijdens gebruik. - Vieze geurtjes. – Waterlekkage.
  • Repareer of monteer de airconditioner niet zelf.
  • Bij gebruik van de airconditioner! in ongebruikelijke omstandigheden kan dit storingen, elektrische schokken of brand veroorzaken.217
  • Gebruik geen beschadigde of niet-standaard voedingskabel.
  • Wees voorzichtig tijdens installatie en onderhoud. Verhinder onjuiste bediening om elektrische schokken, sterfgevallen en andere ongelukken te voorkomen.

DE INSTALLATIELOCATIE KIEZEN - BASISVEREISTEN

Het plaatsen van de eenheid op de volgende locaties kan storingen veroorzaken. Als dit onvermijdelijk is, neem dan contact op met de plaatselijke dealer:

1. Plaatsen met sterke warmtebronnen, dampen, ontvlambaar of explosief gas,

of vluchtige voorwerpen verspreid in de lucht.

2. Plaatsen met apparaten met een hoge frequentie (zoals lasmachines,

medische apparatuur).

3. Plaatsen in de buurt van het kustgebied.

4. Plaatsen met olie of dampen in de lucht.

5. Plaatsen met zwavelgas.

6. Andere plaatsen met bijzondere omstandigheden.

7. Hij mag niet worden geïnstalleerd op een onstabiele of bewegende bodem

(zoals een vrachtwagen) of in een corrosieve omgeving (zoals een chemische fabriek).

VEREISTEN VAN AIRCONDITIONER

1. De luchtinlaat mag zich niet in de buurt van obstakels bevinden en u mag

geen voorwerpen in de buurt van de luchtuitlaat plaatsen. Anders heeft dit invloed op de warmtestraling van de afvoerleiding.

2. Probeer uw best te doen om ver weg te blijven van tl-licht.

3. Het apparaat mag niet in de wasruimte worden geïnstalleerd. Een hoge

luchtvochtigheid kan storingen veroorzaken.

VEREISTEN VOOR ELEKTRISCHE AANSLUITING

Veiligheidsmaatregelen:

1. De elektrische veiligheidsvoorschriften moeten worden nageleefd bij het

installeren van de unit.

2. Gebruik een gekwaliceerd voedingscircuit overeenkomstig de plaatselijke

veiligheidsvoorschriften.218

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

1. Als het snoer beschadigd is, moet de fabrikant, de servicemonteur of een

soortgelijk gekwaliceerde persoon dit vervangen, om gevaarlijke situaties te voorkomen.

2. Sluit de stroomdraad, de nuldraad en de aardedraad van de

wandcontactdoos correct aan.

3. Zorg ervoor dat de stroomvoorziening is afgesloten voordat u

werkzaamheden met betrekking tot elektriciteit en veiligheid uitvoert.

4. Zet de stroom niet aan voordat de installatie is voltooid.

5. De airconditioner is een eersteklas elektrisch apparaat. Het moet door een

vakman correct worden geaard met een gespecialiseerd aardingsapparaat. Zorg ervoor dat hij altijd goed geaard is, anders kan het elektrische schokken veroorzaken.

6. De aardingsweerstand moet voldoen aan de nationale voorschriften voor

elektrische veiligheid.

7. Het apparaat moet geïnstalleerd worden in overeenstemming met de

Opmerking: Controleer vóór de installatie of de accessoires aanwezig zijn. Lijst met accessoires Verbinding A Warmteafvoerleiding Achterste clip KabelhaakBuisklem Schroef Afvoerpijp Rubberen plugAfvoeraansluiting Afstandsbediening Batterij (AAA 1,5 V) Gebruikershandleiding219

  • Monteer de kabelhaak aan de achterkant van de unit met schroeven (de richting van de kabelhaak is zoals getoond in de volgende afbeelding).
  • Wikkel het netsnoer om de kabelhaak Richting van kabelhaak is omhoogKabelhaakRichting van kabelhaak is omlaagSchroef220

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING

OPGEVANGEN WATER VERWIJDEREN

Wanneer u de onderste afvoerpoort gebruikt om water af te voeren, moet u de afvoerpijp vóór gebruik installeren. Een slechte afvoer heeft invloed op de normale werking van het apparaat. Aanwijzingen voor de installatie van de afvoerpijpen:

1. Bevestig de klem van de afvoerleiding met een schroef aan de rechterkant

van de achterste zijplaat bij de afvoerpoort.

2. Verwijder de rubberen plug uit de onderste afvoerpoort.

3. Steek de afvoerpijp in de onderste afvoerpoort en schroef hem vast.

4. Plaats de rubberen plug in de andere kant van de afvoerpijp en bevestig deze

in de afvoerpijpklem. Onderste afvoerpoortSchroefAfvoerleidingklemOnderste afvoerpoortRubberen plugAfvoerleidingklemAfvoerpijpOnderste afvoerpoort221

1. Afvoerwater uit de onderste afvoerpoort

– Zet het apparaat "Uit" en haal de stekker uit het stopcontact. – Plaats een waterreservoir onder de onderste afvoerpoort of verplaats het apparaat naar een plaats waar het kan leeglopen. – Verwijder de rubberen stop van de onderste afvoerpoort om het water af te voeren. – Plaats na het aftappen de rubberen stop. – Steek de stekker in het stopcontact en zet het apparaat aan.

2. Tap water af uit de middelste afvoerpoort.

Opmerking:Water kan automatisch worden afgevoerd naar een vloerafvoer door een slang met een binnendiameter van 13 mm aan te sluiten (niet meegeleverd) – Verwijder de afvoerdop door deze linksom te draaien en verwijder vervolgens de rubberen stop van de tuit. – Schroef de afvoerkoppeling op de tuit door deze met de klok mee te draaien.222

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING – Steek de afvoerslang in de afvoerkoppeling. Opmerking:Bij gebruik van de optie voor continue afvoer vanaf de middelste drainagepoort, plaatst u het apparaat op een vlakke ondergrond en zorgt u ervoor dat de tuinslang vrij is van obstakels en omlaag gericht is. Draagbaar plaatsen op een oneffen oppervlak of onjuiste slanginstallatie kan ertoe leiden dat het chassis met water wordt gevuld, waardoor het apparaat wordt uitgeschakeld. Leeg het water uit het chassis als het systeem wordt uitgeschakeld. Controleer vervolgens of de juiste opstelling is gebruikt op de draagbare locatie en of de slang goed is aangesloten.

INSTALLATIE VAN DE WARMTEAFVOERLEIDING

1. Draai verbinding A en achterste klem rechtsom op de twee uiteinden van de

warmteafvoerleiding.

2. Steek verbinding A van de warmteafvoerleiding (de zijde met BOVENKANT is

omhoog) in de groef tot u een geluid hoort. Verbinding ARechtsomRechtsomWarmteafvoerleidingAchterste clipSluitingGroefDe zijde met "TOP" is boven223

3. Leid de warmteafvoerleiding naar buiten. Kies voor het beste effect een raam

zonder direct zonlicht. Houd de andere ramen gesloten.

4. Schuif de uitlaatkap op het raampaneel open en bevestig de achterste clip.

  • Om het koelrendement te verbeteren, moet de warmteafvoerleiding zo kort mogelijk zijn en geen bochten bevatten om een soepele warmteafvoer te garanderen.
  • De lengte van de warmteafvoerleiding is minder dan 1 m. We raden u aan om de leiding zo kort mogelijk te houden.
  • Bij de installatie moet de warmteafvoerleiding zo recht mogelijk zijn. Verleng de leiding niet en sluit hem niet aan op een andere warmteafvoerleiding. JuistJuistJuist Fout224

GEBRUIKSAANWIJZING · AIRCONDITIONING GARANTIE Wilfa biedt voor dit product een garantie van vijf jaar. Deze periode start op de dag van de aankoop. De garantie dekt storingen of defecten die tijdens de garantieperiode in het product optreden. Uw aankoopbon is uw garantiebewijs voor de verkoper als u aanspraak maakt op de garantie. De garantie is uitsluitend geldig voor producten die voor huishoudelijke toepassing gekocht en gebruikt worden. De garantie is niet geldig als het product voor commerciële doeleinden gebruikt wordt. De garantie is niet geldig als het product onjuist of nalatig gebruikt werd, als de Wilfa-instructies niet opgevolgd zijn, als het apparaat gewijzigd werd of als er een ongeoorloofde reparatie uitgevoerd werd. De garantie is ook niet geldig voor normale slijtage van het product, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, gebruik van onjuiste elektrische spanning, of:

  • Overbelasting van het product.
  • Onderdelen die normaal versleten zijn.
  • Onderdelen die regelmatig vervangen moeten worden (zoals lters, batterij enz.). De gebruiksaanwijzing is ook beschikbaar op onze website wilfa.com.225

Ga voor support naar wilfa.com en raadpleeg onze klantenservice-/supportpagi- na. Hier vindt u veelgestelde vragen, reserveonderdelen, tips en trucs en al onze contactgegevens. RECYCLING Deze markering geeft aan dat u dit product in de gehele Europese Unie niet met ander huishoudelijk afval mag meegeven. Om mogelijke schade aan het milieu of de menselijke gezondheid als gevolg van ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen, dient het product op een verantwoorde manier gerecycled te worden om duurzaam hergebruik van materialen te stimuleren. Gebruik de retour- en inzamelingssystemen om uw gebruikte apparaat in te leveren, of neem contact op met de winkel waar u het product hebt gekocht. De winkel kan het product terugnemen om het op veilige en milieuverantwoorde wijze te recyclen.226