PerfectPower DCDC20 - Batterijlader WAECO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis PerfectPower DCDC20 WAECO in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - PerfectPower DCDC20 WAECO
Gebruikersvragen over PerfectPower DCDC20 WAECO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Batterijlader in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PerfectPower DCDC20 - WAECO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PerfectPower DCDC20 van het merk WAECO.
GEBRUIKSAANWIJZING PerfectPower DCDC20 WAECO
Montagehandleiding en gebruiksaanwijzing
Lees deze handleiding voor de montage en de ingebruikname zorgvuldig door en bewaar hem. Geef de handleiding bij het doorgeven van het product aan de gebruiker.
Inhoudsopgave
1 Verklaring van de symbolen. 88
2 Algemene veiligheidsinstructies. 89
3 Omvang van de levering 93
4 Gebruik volgens de voorschriften 94
5 Technische beschrijving. 94
6 Convertor monteren 96
7 Omvormer aansluten. 97
8 Omvormer gebruiken 99
9 Convertor onderhoden en reinigen 100
10 Garantie 100
11 Afvoer. 100
12 Technische gegevens 101
1 Verklaring van de symbolen

GEVAAR!
Veiligheidsaanwijzing: Het Niet naleven leidt tot overlijden of ernstig letsel.

WAARSCHUWING!
Veiligheidsaanwijzing: Het Niet naleven kan leiden tot overlijden of ernstig letsel.

VOORZICHTIG!
Veiligheidsaanwijzing: Het Niet naleven kan leiden tot letsel.

LET OPI!
Het Niet naleven ervan kan leiden tot materièle schade en de werkking van het product beperken.

INSTRUCTIE
Aanvullende informatatie voor het bedieren van het product.
Handeling: dit symbol geeft aan dat uiets要去 doen. De vereiste handelingen worden stap voor stap beschreiben.
Dit symbol beschrijft het resultaat van een handleding.
Afb. 1 5, pagina 3: deze aanduiding wijst u op een element in een afbeeling, in dit voorbeeld op „positie 5 in afbeeling 1 op pagina 3".
2 Algemene veiligheidsinstructies
De fabrikant kan in de volgende geallen nicht aansprakelijk worden gesteld voor schade:
- beschadiging van het product door mechanische invloeden en over spanningen
- veranderingen aan het product zonder uitdrukkelijke toestemming van defabricant
- gebruik voor andere dan de in de handleiding beschreiben toepassingen
Neem de volgende essentièle veiligheidsmaatregelen in acht bij het gebruik van elektrische toestellen, ter bescherming gegen:
- elektrische schokken
brandgevaar - verwondingen
- Gebruik in het geval van brand een brandblusser die geschikt is voor elektrische toestellen.

WAARSCHUWING!
- Gebruik het toestel alleen volgens de voorschriften.
-
Let erop dat de rode en zwarte klem elkaar nooit raken.
Koppel het toestel los van het elektricietsnet -
voor iedere reiniging en ieder onderhoud
-
voor het verzangen van een zekering
-
Als u het toestel demonteert:
-
Maak alle verbindingen los.
-
Zorg ervoor dat alle in- en uitgangen spanningsvrij়n.
-
Als het toestel of de aansluitkabel zichtaar beschadigd zijn, mag u het toestel Niet in gebruik nemen.
- Als de aansluitkabel van dit toestel worden beschadigd,要去,
-
om gevaren te vermijden, door de fabrikant, de betreffende klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerde persoon verrangen worden.
-
Reparaties aan dit toestel mogen uitsluitend door vakmonteursuitgevoerd worden. Door ondeskundige reparations könnengrote bevaren ontstaan.
- Personen (ook kinderen) die door hun fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of hun onervarenheid of onwetendheid nicht in staat+zijn om het toestel veilig te gebruiken, mogen dit Niet zonder toezicht of instructie door een verantwoordelijk persoon doen.
- Elektrische toestellen zich geen spelelgoed! Bewaar en gebruik het toestel buiten het bereik van kinderen.
- Er moet toezicht worden gehonden op kinderen, zodat ze nicht met het toestel gaan spelen.

LET OPI!
- Vergelijk voor de ingebruikneming de spanning op het typeplaatje met de aanwezigene energievoorziening.
- Let erop dat andere voorwerpen geen kortsluiting bij de contacten van het toestel veroorzaken.
Bewaar het toestel op een droge en koele plaats.
2.2 Veiligkeit bij de montage van het toestel

GEVAAR!
- Monteer het toestel Niet opplaatsen waar gevaar voor gas-of stofexplosie bestaat.

VOORZICTIG!
- Let op een stabiele stand!
Het toestel要去veiligopgesteldenbevestigdworden,dat het Niet kan omvallen ofnarrbenedenkan vallen.

LET OP!
- Stel het toestel Niet bloot aan een warmtebron (zonnestraling, verwarming enz.). Vermijd zo een extra opwarming van het toestel.
- Stel het toestel op een droge en gegen spatwater beschermdeplaats op.
2.3 Veiligung bij de elektrische aansluiting van het toestel

GEVAAR! Levensgevaar door stroomschok!
Bij installment op boten:
Bij een verkeerde installmentie van elektrische toestellen op boten kan er corrosieschade aan de boot ontstaan. Laat de installmentie van het toestel door een deskundige (boot-)elektricienuitvoeren.
- Als u aan elektrische installations werkt, zorg er dan voor dat er iemand in de buurt is die u in geval van nood kan helpen.

WAARSCHUWING!
- Gebruik.altijd een passende zekering in de plus-leiding:tussen het toestel en de accu.
Zorg voor een voldoende große leidingdoorsnede. - Leg de leidingen zo aan, dat ze Niet door deuren of motorkappen beschadigd können raken.
Geplatte kabels können tot levensgevaarlijke verwondingen leiden.

VOORZICHTIG!
- Installee de leidingen zodanig dat er nicht over gestruikeld kan worden en beschadiging van de kabel uitgesloten is.

LET OPI
- Gebruik holle buizen of leidingdoorvoeren, als ledingen door plaatwanden of andere wanden met scherpe randen geleid moeten worden.
- Plaats het 230-V-netsnoer en de 12-V-gelijkstroomleiding Niet indezelfde kabelgoot (holle buis).
- Leg de leidingen nicht los of scherp geknikt.
- Bevestig de leidingen goed.
- Trek nicht aan leidingen.
2.4 Veiligkeit bij het gebruik van het toestel

WAARSCHUWING!
-
Gebruik het toestel uitsluitend in gesloten, goed geventileerde ruimtes.
-
Gebruik het toestel Niet in installations met loodzuuraccu's. Uit deze accu's komt explosief waterstofgas vrij, dat door een vonk bij de elektrische verbindingen kan worden ontstoken.

VOORZICHTIG!
-
Gebruik het toestel Niet
-
in een zouthoudende, vochtige of natte omgeving
- in de buurt van agressieve dampen
-
in de buurt van brandbare materialen
-inexplosieveomgevingen -
Let er voor de ingebruikneming op dat de toevoerleidingen droog�.
- Onderbreek bij werkzaamheden aan het toestel alsijd de stroomtoevoer.
- Let erop dat ook na het activeren van de veiligheidsinrichting (zekering) delen van het toestel onder spanning können blijven staan.
Maak geen kabels los als het toestel nog in gebruik is.

LET OPI!
- Let erop dat de luchtinlaat- en uitlaatopeningen van het toestel nicht worden afgedekt.
- Let op een goede ventilatie.
2.5 Veiligkeit bij de omgang met accu's

WAARSCHUWING!
Accu's hunnen agressieve en bijtende zuren bevatten. Voorkom elk lichaamscontact met de accuvloeistof. Als u toch in aanraking komt met de accuvloeistof, spoel dan het betreffende lichaamsdeel grondig met water af.
Zoek bij verwondingen door zuren absolut een arts op.

VOORZICHTIG!
- Draag geen metalen voorwerpen zoals horloges of ringen als u aan accu's werk.
Loodzuraccu's hunnen kortsluitstromen opwekken, die tot ernstige verbrandingen hunnen leiden.
Explosiegevaar!
Probeer nooit om een bevroren of defe cate accu te laden.
Plaats de accu in dit geval op een vorstvrijeplaats en wacht tot de accu zich aan de omgevingstemperatuur heeft aangepast.
Begin pas dan met het laden.
- Draag een veiligheidsbril en beschermende kleding, als u aan accu's werkt. Raak uw ogen Niet aan, verwijl u aan accu's werkt.
- Rook Niet en zorg ervoor, dat er geen vonden in de buurt van de motor of de accu ontstaan.

LET OPI!
- Gebruik uitsluitend herlaadbare accu's.
- Voorkom, dat er metallische voorwerpen op de accu vallen. Dat kan vonden verroorzaken of de accu en andere elektrische onderdelen kortsluiten.
- Let bij het aansluiten op de correcte polariteit.
- Neem de handleidingen van de accufabrikant en van de fabrikant van de installmentie of het voertuig in acht, waarin de accu worden gelebruikt.
- Als u de accu要去 uitbouwen, verbreek dan eerst de massa-verbinding. Verbreek alle verbindingen en maak alle verbruikers van de accu los, voordat u deze uitbouwt.
3 Omvang van de levering
Aantal Omschrijving
1 Converter
1 Gebruiksaanwijzing
4 Gebruik volgens de voorschriften
De convertors dienen voor een transformatie van een 12-V- of 24-V- spanning van een voertuig- of bootaccu in een stabiele gelijkspanning:
- DC08 (art.-nr. 9102500055), DC20 (art.-nr. 9102500045), DC40 (art.-nr. 9102500056): 12-V---ingangsspanning in 14,2-V---uitgangsspannung (laadamvormer)
- DCDC10 (art.-nr. 9102500057), DCDC20 (art.-nr. 9102500058):
12-V===-ingangsspanning in 27,6-V===-uitgangsspanning (spanningsomvormer)
- DCDC20 (art.-nr. 9102500059), DCDC40 (art.-nr. 9102500060):
24-V===-ingangsspanning in 13,8-V===-uitgangsspanning (spanningsomvormer) - DCDC10 (art.-nr. 9102500061): 24-V---ingangsspanning in 27,6-V---uitgangsspanning (spanningsomvormer)
Alle convertors können ook voor het laden van loodaccu's worden gezruikt.

LET OPI!
Het toestel mag in geen geval voor het laden van andere accu-types (b.v. NiCd, NiMH enz.) gezruikt worden!
De laadspanning kommt overeen met een IU-laadkarakteristiek met een laadspanning van 13,8 V/27,6 V.
Bij de laadomvormers is de uitgangsspanning op 14,2 V ingesteld. Daardoor vindt een snellere lading van de accu plaats.

LET OP!
Laadamvormer: na twaalf uwr laden moet het laden worden beeindigd.
5 Technische beschrijving
Door het geringe gewicht en de compacte constructie konnen de convertors zonder problemen in campers, bedrijfsvoertuigen of motor- en zeilboten worden ingebouwd.
De convertors dienen voor de transformatie van een 12-V--- of 24-V--- spanning van een voertuig- of bootaccu in een stabiele 12-V--- of 24-V--- gelijkspanning voor de aansluiting van toestellen.
Door de galvanische scheiding van ingangs- en uitgangsspanning kan de uitgangsspanning onafhankelijk van storingen in het ingangscircuit stabel worden gezogen.
Omdat de maximale uitgangsstroom elektronisch is geregeld, können de laadamvormers ook als acculader voor accu's dienen die aan board van voertuigen of boten voor stroomopwekking worden gebruikt.
De toestellen zijn met een korstluitings- en overbelastingsbeveiliging uitgerust. Bij het activeren van de veiligheidsfunctie schakelt het toestel uit en bij correcte aansluiting of voldoende verlaging van de last wee in.
5.1 Bedieningselementen
| Pos. in afb. 1, Betekenis pageina 3 |
| 1 Uitgangsklemmen |
| 2 LED „Power On": op de uitgangsklemmen van de convertor staat spanning. De convertor is bedrijfsklaar. |
| 3 LED „Battery Low": de ingangsaccu is nicht meer voldoende geladen. |
| 4 LED „Overload": - Bij aansluiting van een verbruiker: de convertor is kortgesloten of overbelast. - Bij aansluiting als lader: de convertor bevindt zich in de volledige stroom-laadfase. |
| 5 Luchtuitlaat |
| 6 Hoofdschakelaar |
| 7 Rood: Plus-kabel voor de ingangsaccu Zwart: Min-kabel voor de ingangsaccu |
| 8 Aansluitleiding voor het inschakelen met boardnetspanning (b. v. ontsteking of exter schakelaar) |
6 Convertor monteren
6.1 Montage-instructies
Als u de convertor vast wilt monteren, neem dan de volgende montage-instructies in acht:
- U kunt het toestel horizontaal of verticaal monteren.
- Monteer het toestel Niet
-in vochtige of natte omgeving,
- in de buurt van brandbare materialen,
-inexplosieveomgevingen.
- De montageplaat smoet goed geventileerd zijn. Bij installaties in gesloten, kleine ruimtes moet er ventilatie mogelijk zijn. De vrije minimumafstand rondon het toestel moet minstens 5 cm bedragen (afb. 2, pagina 3).
- De luchtinlaat aan de onderkant resp. de luchtuitlaat aan de achterkant van het toestel要去 vrij blijven.
- Bij omgevingstemperaturen van meer dan 40^ (bijv. in motor- of verwarmingsruimtes, directe zonnestraling), kan door de zichverwarming van de convertor bij belasting een automatische uitschakeling optreten.
- Het montagevlak moet vlak় en voldoende stevigheid bieden.

LET OPI!
Controleer voor het boren of er geen elektrische kabels of andere delen van het voertuig door boren, zagen en vrijlen beschadigd können raken.
6.2 Convertor monteren
Houd de convertor op de door u gekozen montageplaats en markeer de bevestigingspunten (afb. 3 A, pagina 3).
Bevestig de convertor met de door u gekozen bevestigingsmethode (afb. 3 B, pagina 3).
7 Omvormer aansluten
7.1 Convertor aan ingangsaccu aansluiten

WAARSCHUWING!
Zorg ervoor dat de polariteit Niet worden verwisseld. Bij verkeerd polen van de accu-aansluitingen kan lichamelijk letsel ontstaan en kan het toestel beschadigd raken.

LET OPI
Draai de schroeven of moeren met een aanhaalmoment van 12 – 13 Nm vast. Losse verbindingen können tot oververhittingen leiden.
Zet de hoofdschakelaar (afb. 6, pagina 3) op 0^ .
Leg de plus-kabel (rood) (afb. 17, paging 3) van de omvormer maar de pluspool van de accu en sluit deze waar aan.
Leg de min-kabel (zwart) (afb. 17, paging 3) van de omvormer maar de minpool van de accu en sluit deze waar aan.
7.2 Aansluiteiding aansluten
U kunt het toestel als volgt inschakelen:
- door de hoofdschakelaar op het toestel (afb. 1 6, pagina 3)
- door het contact (afb. 5 A, pagina 4)
Klem 15: geschakelde plus - via een externe schakelaar (afb. 5 B, pagina 4)
Omvormer voor inschakelen via hoofdschakelaar aansluiten
Isoleer de aansluitleiding, zodate er geen storing ontstaat.
Omvormer voor inschakelen via het contact aansluten
Sluit de aansluitleiding aan op klem 15 (geschakelde plus) (afb. 5 A, vagina 4).
Zet de hoofdschakelaar (afb. 1 6, pagina 3) aan de achechterkant van de omvormer permanent op „0".
Omvormer voor inschakelen via externe schakelaar aansluiten
Sluit de aansluitleiding aan op een externe schakelaar (afb. 5 B, vagina 4).
Zet de hoofdschakelaar (afb. 16, pagina 3) aan de achechterkant van de omvormer permanent op „0".
7.3 Verbruiker op de omvormer aansluten
Draai de schroef (afb. 4 2, pagina 4) in de plus-klem (rood) (afb. 4 4, pagina 4) los.
Duw de kabelschoen (afb. 4 3, pagina 4) van de plus-kabel van de verbruiker in de plus-klem (rood) (afb. 4 4, pagina 4) en bevestig.Deze met de schroef (afb. 4 2, pagina 4) en veerring (afb. 4 1, pagina 4).
Sluit de min-kabel van de verbruiker correct aan op de min-klem (zwart) (afb. 4 4, pagina 4).
8 Omvormer gebruiken
U kunt het toestel afhankelijk van de aansluiting als volgt inschakelen:
- door de hoofdschakelaar op het toestel (afb. 1 6, pagina 3)
- door het contact (afb. 5 A, pagina 4)
- via een externe schakelaar (afb. 5 B, pagina 4)
Omvormer inschakelen
Zet de hoofdschakelaar (afb. 1 6, pagina 3) aan de achterkant van de omvormer op „1" ...
... of start het contact ...
... of zet de externe schakelaar om.
De LED's (afb. 1 3 tot 5, pagina 3) geben de bedrijfstoestand wee:
LED Kleur Betekenis
Power On Groen Het toestel is ingeschakeld en op de uitgangsklemmen van de convertor staat spanning. De convertor is bedrijfsklaar.
Battery Low Geel De ingangsaccu is nicht meer voldoende geladen.
Laad de accu op of gebruik een geladen accu.
Overload Rood
Bij aansluiting van een verbruiker:
de convertor is kortgesloten of overbelast.
Verwijder de kortsluiting of verlaag de uitgangsbelasting.
Bij aansluiting als lader:
de convertor bevindt zich in de volledige stroomlaadfase.

INSTRUCTIE
De interne ventilator werkt temperatuur gestuurd. Deze werkt alleen als de interne tempertuur te hoog is. Tijdens dezearend wordt de convertor uitgeschakeld om een oververhitting te voorkomen.
Omvormer uitschakelen
Zet de hoofdschakelaar (afb. 1 6, pagina 3) aan de achechterkant van de omvormer op „0” ...
... of schakel de ontsteking uit ...
... of zet de externe schakelaar om.
9 Convertor onderhouden en reinigen

LET OP! Gevaar voor beschadiging van het toestell!
Reinig het toestel nooit onder stromend water of in afwaswater. Gebruik voor het reinigen geen bijtende schoonmaakmiddelen of harde voorwerpen, het toestel zou hierdoor beschadigd konnen raken.
Reinig het toestel af en toe met een vochtige doek.
10 Garantie
De wettelijk garantiperiode is van toepassing. Als het product defect is, verwit u zich tot het filial van de fabrikant in uw land (adressen die achechterkant van de handleiding) of tot uw specialzaak.
Voor de afhandeling van de reparatie of garantie dient u de volgende docu-mentationen mee te sturen:
- een kopie van de factuur met datum van aankoop,
- reden van de klacht of een beschrijving van de storing.
11 Afvoer
Laat het verpakkingsmaterial indien möglichk recyclen.

Als u het product definitief buren bedrijf stelt, informeer dan bij het dichtst bijzijnde recyclingcentrum of uw specialzaak waar de betreffende afvoervoorschriften.
| DCDC10 DCDC20 | ||
| Art.-nr.: 9102500057 9102500058 | ||
| Transformatie: 12 V → 24 V | ||
| Nominale ingangsspanning: 12 V== | ||
| Ingangsspanningsbereik: 8 V - 16 V | ||
| Uitgangsstroom: 10 A 20 A | ||
| Uitgangsspanning: 27,6 V ± 0,1 V | ||
| Rendement tot: 87 % | ||
| Storingsonderdrukking: 40 mA | ||
| Omgevingstemperatuur bedrijf: | -20 °C tot +50 °C | |
| Afmetingen b x d x h: | 140 x 115 x 70 mm | 240 x 115 x 70 mm |
| Gewicht: | 1,0 kg | 1,9 kg |
| DCDC20 DCDC40 | ||
| Art.-nr.: 9102500059 9102500060 | ||
| Transformatie: 24 V → 12 V | ||
| Nominale ingangsspanning: 24 V== | ||
| Ingangsspanningsbereik: | 20 V - 32 V | |
| Uitgangsstroom: 20 A 40 A | ||
| Uitgangsspanning: 13,8 V ± 0,1 V | ||
| Rendement max.: | 87 % | |
| Storingsonderdrukking: 20 mA | ||
| Omgevingstemperatuur bedrijf: | -20 °C tot +50 °C | |
| Afmetingen b x d x h: | 140 x 115 x 70 mm | 240 x 115 x 70 mm |
| Gewicht: | 1,0 kg | 1,9 kg |
| DC08 DC20 | DC40 | ||
| Art.-nr.: 9102500055 9102500045 | 9102500056 | ||
| Transformatie: 12 V → 12 V | |||
| Nominale ingangsspanning: 12 V= | |||
| Ingangsspanningsbereik: 8 V - 16 V | |||
| Uitgangsstroom: 8 A 20 A 40 A | |||
| Uitgangsspanning: 14,2 V ± 0,1 V | |||
| Rendement max.: 87 % | |||
| Storingsonderdrukking: 20 mA | |||
| Omgevingstemperatuur bedrijf: -20 °C tot +50 °C | |||
| Afmetingen b x d x h: | 100 x 115 x 70 mm | 160 x 115 x 70 mm | 270 x 115 x 70 mm |
| Gewicht: | 0,75 kg | 1,2 kg | 2,1 kg |
| DCDC10 | |
| Art.-nr.: | 9102500061 |
| Transformatie: | 24 V → 24 V |
| Nominale ingangsspanning: | 24 V= |
| Ingangsspanningsbereik: | 20 V - 32 V |
| Uitgangsstroom: 10 A | |
| Uitgangsspanning: | 27,6 V ± 0,1 V |
| Rendement tot: | 87 % |
| Storingsonderdrukking: | 40 mA |
| Omgevingstemperatuur bedrijf: | -20 °C tot +50 °C |
| Afmetingen b x d x h: | 140 x 115 x 70 mm |
| Gewicht: | 1,0 kg |
Certificates
e24