BKS 3535 II - Zaag AL-KO - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BKS 3535 II AL-KO in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - BKS 3535 II AL-KO
Gebruikersvragen over BKS 3535 II AL-KO
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BKS 3535 II - AL-KO en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BKS 3535 II van het merk AL-KO.
GEBRUIKSAANWIJZING BKS 3535 II AL-KO
Lees voor het in gebruik nemen deze bedieningshandleiding door. Dit is een voorwaarde voor veilig werken en een storingsvrij gebruik.
Bewaar de bedieningshandleiding voor later gebruik en geef deze ook door aan gebruikers die na ukommen.
Houd rekening met de veiligheids- en waarschuwingsaanwijzingen op de machine.
Verklaring symbolen

Let op!
Het nauwgezet opvolgen van deze waarschuwingen kan lichamelijk letsel en/of materiele schade voorkomen.

Speciale aanwijzingen voor meer duidelijkheid en een better gebruik.
Betekenis van de symbolen op de machine
| ! | LET OP! - wees extra voorzichtig. |
| Lees de bedieningshandleiding. | |
| Bij alle werkzaamheden met de zaag要去 u altijd een verilgheidsbril voor bescher- ming gegen opwervelende en wegteslin- gerde voorwerpen / objecten en gehoorbe-scherming, zoals bijv. geluiddichte helm of oordopjes dragen. Draag een verilgheidshelm als er een risico bestaat voor vallende voorwerpen. | |
| Draag verilgheidshandschoenen. | |
| Draag verilgheidsschoenen. | |
| Houd rekening met terugslag. | |
| Vermijd aanraking met de punt van de zaag. Terugslag! | |
| Houd de motorkettingzaag Niet met een hand vast. | |
| Correct gezruikt: houd de motorkettingzaag met beiden handen vast. |
| x... | Brandstofpomp |
| XX | Geluidsniveau volgens richtlijn 2000/14/EC + 2005/88/EC |
| Los de kettingrem yośr gezruik. Trek de handbescherming maar u toe. |
Bedoeld gebruik
Deze motorkettingzaag is alleen bedoeld voor zaagwerkzaamheden in de particuliere sector (bijv. Snoeien, brandhout zagen).
Elk ander, waar buiten vallend gebruik geldt als nicht bedoeld gebruik.

Let op!
De machine mag nicht beroepsmatig worden gebrukt.
Veiligheidsaanwijzingen
Gebruik de machine alleen in technisch onberispelijke toestand.
De veiligheids- en beschemingsinrichtingen nicht buiten werkung zetten
Draag geschichte werkkleding:
lange broek met snijbescherming
vaste schoenen, handschoenen
helm, veiligheidsbril, gehoorbescherming
Let er bij het werken op dat u stevig staat
De machine nicht bedieren onder invloed van alcohol, drugs of medicatie
Bedien de machine altejd met beiden handen
oud de handgrepen schoon en droog
Houd uw lichaam en kleding uit de buurt van het zaagwerk
oud derden buiten de bevarenzone
Bij het verlaten/transporteren van de machine:
Motor uitschakelen
ougiedop lostrekken
ettingbescherming aanbrengen
- Draag de motorkettingzaag alleen aan de beugelgreep - het kettingzwaard moet waar bijaarachter wijzen.
Probeer nooit de zaag met slechts een hand vast te houden. U kurz daardoor de ontstane krachten nicht opvangen en verliest dan wellicht de controle over de zaag, waardoor weglijkden of wegspringen van de zaagangs de takken of het hout het gevolg kan zich.
Gebruik de kettingzaag nooit in gesloten ruimten.
Uw kettingzaag veroorzaakt, zodra de verbrandingsmotor gestart worden, giftigeuitlaatgassen die möglichk onzichtbaar en reukloos kuren zich. Het gebruik van het product kan stof, mist en dampen veroorzaken, die chemicalien bevatten waarvan men weet dat zij zeer schadelijk zich. Houd reckening met schadelijke stof, mist of dampen (zoals bijv. zaagsel- of smeeroliedampen) en bescherm uzelf op de juiste wijze.
Bij langere werkzaamheden konnen door trillingen storingen ontstaan in bloedvaten of het zenuwstelsel van vingers, handen of handgewrichten.
Slapende lichaamsdelen, steken, bij en huidveränderingen können hierbij optreden. Laat u zich bij deze symptomen medisch onderzoeken!
Veiligheids- en bescherminrichtingen

Let op!
Stel de veiligheids- en beschermingsinrichtingen nicht buiten werkung - letselgevaar!
Kettingrem
De kettingrem worden, bijv. bij een terugslag, via de handbescherming (kettingremhendel) ingeschakeld. De zaagketting stopt direct.
Veiligheidsvergrendeling
De veiligheidsvergrendeling verhindert een toevalig oplopen van het motortoerental. De gashendel kan alleen bediend worden als de veiligheidsvergrendeling ingedrukt is.
Specificatie
| Type BKS 35 / 35 II BKS 40 / 40 II | ||
| Cilinderinhoud motor 35 cm | 3 | 40 cm³ |
| Max. vermogen 1,4 kW 1,5 kW | ||
| Lengte – geleiderail (OREGON) 35 cm (140SDEA041) 40 cm (160SDEA041) | ||
| Bruikbare zaaglengte 33 cm 37 cm | ||
| Zaagketting (OREGON) 3/8" / 91 PJ 052 X 3/8" / 91 PJ 056 X | ||
| Dikte aandrijfschakels 1,27 mm 1,27 mm | ||
| Steek – kettingwiel 3/8" 3/8" | ||
| Aantal tanden aandrijving | 6 t | 6 t |
| Kettingrem | ja | ja |
| Stationair toerental | 3.300 min-1 | 3.300 min-1 |
| Max. toerental (met rail en ketting) | 13.500 min-1 | 12.500 min-1 |
| Max. Kettingsnelheid 26 m/s 24 m/s | ||
| Inhoud brandstoftank | 0,25 l | 0,25 l |
| Inhoud kettingolietank | 0,15 l | 0,15 l |
| Brandstofmengverhouding | 50 : 1 | 50 : 1 |
| Netto gewicht zonder ketting en geleiderail | 4,5 kg 4,8 kg | |
| Brandstofverbruik | 519 g/kWh | 530 g/kWh |
| Geluidsvermogenniveau LWA (2000/14/EG) | 105 dB(A) | 105 dB(A) |
| Geluidsdrukniveau LPA (EN ISO 11681) | 103 dB(A) | 100 dB(A) |
| Max. versnellingsniveau van trillingen avhw (k=3) | 15 m/s2 | 15 m/s2 |
| Geluidsniveau | 108 dB(A) | 108 dB(A) |
Montage
Onderdeeloverzicht (A)
| 1 Geleiderail 9 Gashefboom 17 Achterste greep/laarsbeugel | ||
| 2 Zaagketting 10 Brandstoftankdop 18 Brandstofpomp (primer) | ||
| 3 Vonkenrooster 11 Olietankdop 19 Smoorklephendel (choke) | ||
| 4 Kettingremhendel/handbescherming | 12 Ventilatorbehuiizing 20 Luchtfilterdeksel | |
| 5 Beugelgreep 13 Aanslagklauw 21 Bougie | ||
| 6 Startgreep 14 Kettingspanbout 22 Bescherming uitlaat | ||
| 7 Stopschakelaar 15 Kettingvanger 23 Kettingbescherming | ||
| 8 Verligheidsvergrendeling 16 Railbevestigingsmoer |

Let op!
Bij alle montagewerkzaamheden:
Motor uitschakelen
Bougiedop lostrekken
Draag veiligheidshandschoenen.
Geleiderail en zaagketting
- Kettingrem loses Trek waarvoord de handbescherming richting beugelgreep (G).
- De railbevestigingsmoeren (B/1) met de meegeleverde schroevendraien-/ sleutelcombinatie losdraaien.
- Neem afdekking los.
- Plaats de geleiderail op de beiden geleidebouten (C/1) en schuif de geleiderail in de richting van het kettingwiel (C/2).
- Leg zaagketting om de geleidingsster van de geleiderail (D/1) en in de groef van de geleiderail. Trek waar bij de zaagketting ieis in pijlichting (D/2).

Let op de looprichting van de zaagketting (E).
De snijkanten aan de bovenzijde van de geleiderail moeten in de richting van het uiteinde van de rail wijzen.
-
Geleid de zaagketting over de kettingvanger. De zaagketting hangt aan de onderzijde van de geleiderail iets door.
-
Neem afdekking los. Let er op dat de kettingspanhaak aangrijpt in de geleiderail. Trek eventueel de geleiderail maar voren, tot de haak aangrijpt.
- Draai de railbevestigingsmoeren handvast aan.
- Trek ter controle de zaagketting met de hand ie's door, zodat deze correct op het kettingwiel en in de geleiderail ligt.
- Draai de kettingspanboutaarrechts,tot de zaagketting aanligt gegen de onderkant van derail(F).
- Draai de railbevestigingsmoeren stevig vast.

Let op!
Gebruik de machine alleen in volledig gemonteerd toestand.
Controle van de kettingspanning
Controleer de kettingspanning zo vaak möglichk.
▶ gegen de onderkant van de geleiderail aanligt
in het midden van de geleiderail ca. 3 - 4mm opgetild kan worden
eenvoudig met de hand doorgetrokken kan worden
Bij bedrijfstemperatuur worden de zaagketting langer en gaat deze doorhangen.

Let op!
De aandrijschakels van de zaagketting mogen Nietuit de groef aan de onderkant van de geleiderail komen - anders kan de zaagketting er af springen. Zaagketting naspannen.
Nieuwe zaagketting na 5 zaagsneden nastellen.
Functiestest kettingrem

Let op!
De kettingrem moet letsel bij eventuele terugslag voorkomen resp. verminderen. Zij biedt onvoldoende bescherming bij onzorgvuldig gebruik.
Functiestest bijuitgeschakelde motor
Trek de handbescherming in pijlichting maar de 1. beugelgreep (G). De kettingrem isuitgeschakeld. De zaagketting kan met de hand doorgetrokken worden.
Trek de handbescherming in pijlichting maar 2. voren (H). De kettingrem is ingeschakeld. De zaagketting mag Niet meer met de hand doorgetrokken können worden.
Functietest bij draaiende motor
- Handbescherming maar voren drukken. (Zaagketting is geblokkeerd).
- Start de motor en geef volgas (max. 3 seconden). De zaagketting mag Niet meelopen.

Let op!
Gebruik de motorkettingzaag Niet met geblokkerde kettingrem, sondern dit in zeer korteijd tot aanzienliske schade kan leiden.
Bedrijfsstoffen

Waarschuwing!
Benzine is zeer ontvlambaar - brandgevaar!
Bewaar of meng benzine alleen in waarvoor bedoelde opslagmiddelen.
Tank alleen in de buitenlucht.
Rook nichtijdens het tanken.
Open de tankdop nicht bij draaiende of heter motor.
Vervang een beschadigde tank of tankdop.
Sluit de tankdop altijd stevig af.
Als er benzine gelekt is:
Startpogingen vermijden
Machine reinigen

Waarschuwing!
Laat de motor nooit in afgesloten ruimtes draaien. Gevaar voor vergiftiging!
Tanken
Tank vullen voor het eerste gebruik. De motorkettingzaag draait op een(OPsgel van brandstof en tweetaktmotorolie.
Mengverholding 50:1
Bedrijfsmittel:
oodvrijenormale benzine (min. 90 ROZ)
Kwaliteits-tweetaktmotorolie
| Benzine | Tweetaktmotorolieverhouding 50 : 1 |
| 1 liter (1000 cm3) | 0,020 l (20 cm3) |
| 3 liter (3000 cm3) | 0,060 l (60 cm3) |
| 5 liter (5000 cm3) | 0,100 l (100 cm3) |
Make van brandstofmengsel
- Meng de benzine en tweetaktmotorolie volgens de tabel.
- Schud het(AP)gel en vul de brandstoftank hiermee.

Brandstoffen können slechts korteijd worden opgeslagen. Mengsel binnen 4 weken opgebruiken.
Zaagkettingolie
De motorkettingzaag is uitgerust met een automatisch oliesmeersystem.

Vul de zaagkettingolie bij iedere tankbeurt bij, zodat voldoende smering is gewaarborgd.
Gebruik voor het smeren van de zaagketting en geleiderail alleen milieuvriendelijkke biologisch afbreekbare kwaliteitskettingzaagolie.

Meth het huisvuil meegeven
In de riolering of de afloop gieten
op de grond uitgieten
Wij raden u aan, afgewerkte olie in een gesloten fles bij uw recycling-inzamelpunt of een servicedienstlocatie af te given.
In gebruik nemen

Let op!
Voer voor het in gebruik nemen algijd een visuèle contrôle uit. De machine mag Niet worden gebruikt met beschadigde, losse of versleten bevestigingsonderdelen.
Volg de lokale voorschriften m.b.t. werkelijk den op
Volg altijd de meegeleverde bedieningshandleiding van de motorfabrikant op
De achteste zaaggreep met de rechter en de voorste greep met de linkerhand omvatten en vastnemen
De grepen nicht loslaten zolang de motor loopt
e zaag Niet gebruiken bij:
Vermoeidheid
Misselijkheid
Motor starten
Chokestanden:

A=koude start

B = gebruik

Let op!
Los vór iedere start de kettingrem!
Koude start
Zet schakelaar (1/1) maar "I".1.
- Trek CHOKE (1/2)uit in de koude start stand.
- Druke primer (J) bennen 2 seconden 10x in.
Neem een veilige houding aan en plaats de 4. motorkettingzaag zo op de grond, dat het kettingzwaard vrij staat (K).
Plaats uw voorvoet in deijkenste handgreep (K).5.
- Startkabel 4 keer vlug uittrekken.
- Schuif de CHOKE volledig inaar "Gebruik" (1/2).
- Trek de startkabel vlotuit, tot de motor draait (K).
- Laat de motor ca. 10 seconden warmdraaien. Pak de greed met de hand vast. Druk de gashendel in en LAST deze weeR los (L). De Motor draait stationair.
Warme start
Zet schakelaar (I/1) maar "I".1.
Neem een veilige houding aan en plaats de 2. motorkettingzaag zo op de grond, dat het kettingzwaard vrij staat (K).
Plaats uw voorvoet in deijkenste handgreep (K).3.
Trek de startkabel vlotuit, tot de motor start (K).4.
Motor uitschakelen
Laat de gashendel los en wacht tot de motor 1.
weer stationair loopt.
Zet stopschakelaar (1/1)aar STOP.2.
Kettingrem controlleren

Let op!
Controleer de functie van de kettingrem altijd voor aanvang van de werkzaamheden.
Plaats de motorkettingzaag op de grond en start 1.\ deze.
Houd de motorkettingzaag stevig en veilig vast 2. aan de beugel en de handgreep.
Laat de motor met een gemiddeld motortoerental 3. draaien.
Druk met de achechterkant van uw hand de 4.
handbescherming maar voren (H). De zaagketting moet direct tot stilstandkommen.
Breng de motor direct waar aan het stationair 5. toerental en los de kettingrem.

Let op!
Komt de zaagketting Niet direct tot stilstand, mag demotorkettingzaag Niet gebruikt worden.
Bezoek de werkplaats van de servicedienst.
Onderhoud en verzorging
Reinig de motorkettingzaag na gebruik grondig.

Let op!
Vór onderhouds- en verzorgingswerkzaamheden:
Motor uitschakelen en lately afkoelen
Bougiedop lostrekken
Draag veiligheidshandschoenen.
Slijpen van de zaagketting
Een correct geslepen zaagketting vermindert het terugslaggevaar en voorkomt hoge kettingslijtage.
Een scherpe zaagketting maakt goedgevormde spanen. Maakt de ketting zaagsel, moet ze geslepen worden.

We raden onervaren gebruikers aan, de zaagketting door een vakman te lately slijpen.
Gebruik voor het slijpen geschikt gereedschap:
ettingvijl rond = 4,0mm
ijlgeleiding
ettingmeetmal.

Let op!
Alle snijtanden要去en even lang zijn. Ongelijkket tandlengtenveroorzaken een ruwe kettingloop en uiteindelijk het breken van de ketting.
De minimale lenghte van de snijtanden is 4mm (P). Vervang daarna de zaagketting.
Voor het eenvoudig naslijpen zijn 2 tot 3 vrijstreken van binnen maar buiten voldoende (0).
Houd de hoeken op de snijtand aan (P).
Bijhetgebruikvan hetvoorgeschrevenslijpgereedschap en bij correcte behandeling worden de voorgeschreven hoekwaarden van hoeken A en B (P) automatisch bereikt.

Laat de zaagketting na 3- tot 4-maal zich slijpen in een vakwerkplaats naslijpen. Daar worden ook de dieptebegrenzing (P, afstand D) nageslepen.
Reinigen van de binnenruimte van het kettingwiel
- Schroef koppelingsafdekking los.
- Reinig de binnenruimte met een kwast.
- Verwijder de zaagketting en geleiderail.
Geleiderail
Keer de geleiderail regelmatig om (bijv. elke 8 bedrijfsuren), zodate eenzijdige slijtage worden voorkomen. Controlleren op beschadigingen.
Houd railgroef (Q/1) en olietoevoerboring (Q/2) schoon. Verwijder uitstekende bramen (Q) met een vijl.
Smeren van sterwielen in de geleiderail:
- Reinig de smeerboring aan beiden zichden van het railuiteinde zorgvuldig (R).
- Pers er met een vetpistool aan beiden zijden vet in, tot het vet er aan de uiteinden van het sterwiel gelijkmatig uitkomt. Draai het sterwiel waarbij.

De zaagketting hoeft voor het smeren nicht verwijderd te worden.
Luchtfilter
Reinig het luchtfilter regelmatig. Vervang een beschadigd luchtfilter.
- Demonteer de afdekking van het luchtfilter. Draai waarvoordbout los en verwijder de afdekking (S).
- Trek het schuimstofffilter (T) enaar boven uit en spoel deze in een warme zeepoplossing uit. Alleen terugplaatsen in droge toestand.
- De afdekking van het luchtfilter terug monteren.
Bougie verrangen
Verwijder luchtfilterafdekking (S).1.
Trek de bougieedop van de bougie (U/1).2.
Demonteer de bougie (U/2) met een steeksleutel.3.
Controleer elektrodeafstand. 4.
Correcte afstand: E = 0,635mm
Schroef een neue originele bougie in.5.
Brandstofffilter
Vervang na ca. 20 bedrijfsuren het brandstofffilter.
In de tank (V) bevinden zich twee slangen:
Korte slangaar primer (zonder filter)
Lange brandstofslangaar carburateur (met filter)
Trek brandstofffilter met een draadhaak door 2. de vulopening (V)uit de tank en verrang het brandstofffilter.
Steeke de brandstofslang in de onderste hoek van 3. de tank.
Brandstof vullen.4.
Carburatseur
De carburateur is vanuit de fabriek ingesteld voor optimale motorprestaties.
Laat het eventuele nastellen alleen uitvoeren in een serviceworkplaats.
Uitlaatdemper
De uitlaatdemper is uitergerust met een vonkbeschermingsrooster. Deze要去 regelmatin gereinigd resp. verrangen worden, om de motorprestaties te behouden.

Let op!
Uitlaatgassen
kunnen
vonken
bevatten
brandgevaar!
Vervang beschadigd vonkbeschermingsrooster.
- Draai de moeren van de uitlaatdempo en aanslagklawu los (W/1). Verwijder uitlaatdempo.
- Verwijder de bouteuuit de afdekking.Trek de uitlaatdemperuitelkaar.
- Reinig of verrang het vonkbeschermingsrooster (W/2).
- Het inbouwen gebeurt in omgekeerde volgorde.
Opslag van de motorkettingzaag
Voer bij werkonderbrekingen die langer dan 30 dagenduren, de volgende werkzaamhedenuit aan uwmotorkettingzaag:
Leeg de olietank.1.
- Vullen met een Klein beetje motorolie.
- Laat de motorkettingzaag daarmee enigeijd draaien, om olieleidingen en oliepompden door te spoelen.
- Brandstoffank ledigen.
- Start de motor en LAST deze draaien, tot deze door brandstoftekort afslaat.
- Verwijder zaagketting en geleiderail, dezerinigen en met roestwerende olie inspuien.
- Reinig de motorkettingzaag grondig en bewaar\ deze in een droge ruimte.

Bij het in gebruik nemen waar vullen met zaagkettingolie.
Werkgedrag en werktechniek

Let op!
Bomen vellen en van takken ontdoen vraagt veel ervaring. Alleen geschoold personeel mag deze werkzaamheden uitvoeren.
Gevaar voor terugslag

Waarschuwing!
Gevaar voor terugslag!
Terugslag (kickback) kan dodelijk letselveroorzaken!
Houd rekening met het volgende om terugslag te voorkomen:
Zaaggoed onderzoeken op vreemde voorwerpen.
Bedien de motorkettingzaag met beiden handen.
Trek de motorkettingzaag alleen met draaiende zaagketting uit de zaagsnede.
Zaag nooit meerere stammen tegelijk door. Werk alleen met een scherpe en gespannen zaagketting.
Gebruik de motorkettingzaag nooit met uitgestrekte armen.
- Begin de zaagsnede met draaiende zaagketting - alleen met volgas zagen.
Zaag Niet met het uitende van de geleiderail.
Wees voorzichtig bij het voortzetten van al begonnen zaagsneden.
Bomen vellen

Let op!
Begin pas met de velwerkzaamheden, als een hindernisvrije vluchtroute vanaf de te vellen boom möglich is.
De vluchtroute moet ca. 45^ schuinaar ache ter Iopen (N).
De veiligheidsafstand van de te vellen boom要去 minimaal. 21 / 2 boomlengte zich.
De valrichting van deBoom worden mede bepaald door:
De natuurlijke schuinstand van deBoom
Oogte van de boom
enzijdige takvorming
Iak gedeelte of helling
symmetrische groei, houtbeschadigingen
Windrichting en windsnelheid
nneeuwbelasting

Let op!
Voer bij wind geen velwerkzaamheden UIT.
Veltechniek
Geveld wordt met 2 kerfsneden (valkerven) en de velzaagsnede. De valkerven ( / ) bepalen de valrichting van de boom.
Breng bij vel- en afkortzaagsneden de klauwaanslag veilig aan op het te zagen hout.
Breng de valkerven (M/c) in de gewenste valrichting (M/e) zo zich möglich bij de grond aan.
- Zaag de valkerven (M/c) eerst schuin van boven in, dan horizontaal.
- Zaag de velsnede (M/d) gegenover de valkerven, absolut horizontal in. De hoogte van de velsnede moet ca. 3-5 cm hoger� dan de horizontale kerfsnede.

Let op!
Laattussen de valkerven en de velsnede een breekrand (M/f) staan, die ca. 1/10 van de stam diameter is.
Begint de boomijdens het zagen de vallen:
Motorkettingzaag direct uit de zaagsnede trekken
laar de vluchtzone gaan
Letten op vallende takken en twijgen.
Blijft deBoomstaan,deze door indrijven van spieken in de velsnede gecontroleerdlaten vallen.
Stam van takken ontdoen
Steu de motorkettingzaag bij het afzagen van takken af op de stam.
et op onder spanning staande takken.
Zaag vrijhangende takken Niet van onderaf door.
Zaag geen takken van de stam verwijl u op de boomstam staat.
- Insteek-, langs- en hartzaagsnedenogens alleendoor ervaren personen worden uitgevoerd.
Afkorten van bezaagd hout
Gebruik een veilige afsteunig (zaagbok).
Houd het hout nicht met de voet vast en LAST het Niet door een andere person vasthouden.
Borg rondhout gegen verdraaien.
Beweeg de motorkettingzaag zo, dat er zich geen lichaamsdeel in het verlengde van het doorzwaabereik bevindt.
Zet de boomaanslagklauwen direct naast de snijkant aan en LAST de motorkettingzaag om dit punt draaien. Oefen aan het einde van de zaagsnede geen druk uit.
Afvoeren

Versleten machines nicht afvoeren via het huisvuil!
De verpakking, de machine en de accessoires waar samengesteld uit recycleraar materiaal, en moeten dievenovereenkomstig worden afgevoerd.
Hulp bij storingen
| Storing Mogelijk oorzaak Oplossing | |||
| De motor start nicht Geen benzine Tank benzine | |||
| Verkeerde startprocedure Volg de startinstrumenties | |||
| Dichtgeslagen / defecte bougie Controleer / verrang bougie | |||
| Luchtfilter verruild Reinig luchtfilter | |||
| Brandstofffilter verruild | Controleer / verrang brandstofffilter | ||
| Onvoldoende motorvermo-gen, ongelijkmatig lopen van de motor | Foute chokestand | Zet choke in juiste stand | |
| Dichtgeslagen / defecte bougie Controleer / verrang bougie | |||
| Luchtfilter verruild Reinig luchtfilter | |||
| Vonkenrooster verruild | Controleer / verrang vonkenrooster | ||
| Verkeerde carburaturinstellungen | Controleer carburaturinstelleningen Servicewerkplaats | ||
| Overmatige rookontwik-keling | Verkeerd brandstofmengsel | Maak brandstoffank leeg en vul deze met het juiste brandstoffmengsel | |
| Verkeerde carburaturinstellungen | Controleer carburaturinstelleningen Servicewerkplaats | ||
| Geen kettingsmering | Olietank leeg | Controleer olietank / vul zaagkettingolie bij | |
| Geleiderail verruild | Reinig olietoevoerboring / railgroef | ||

Richt u zich bij storingen, die nicht in deze tabel zich opgenommen of die u Niet zich kurz verhelpen, tot de verantwoordelijke servicedienst.
Introduction
EG-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij, dat dit product, in de door ons in het verkeer gebrachte uitvoering, voldoet aan de eisen van de geharmoniseerde EU-richtlijnen, EU-veiligheidsnormen en de productspecifieke normen.
| Product | Fabrikant | Gevolmachtigde |
| Motorzaag | AL-KO Geräte GmbH | Anton Eberle |
| Seriennummer | Ichenhauser Str. 14 | Ichenhauser Str. 14 |
| BKS 35/35 II G4114115 | 89359 KOETZ | 89359 KOETZ |
| BKS 40/40 II G4114116 | DEUTSCHLAND | DEUTSCHLAND |
| Type | EU-richtlijnen | Geharmoniseerde normen |
| BKS 35/35 II | 2006/42/EC | EN ISO 11681-1:2008 |
| BKS 40/40 II | 2000/14/EC | EN 55014-1:2006 |
| 2005/88/EC | EN 55014-2:1997+A1 | |
| 2006/95/EC | EN 61000-3-2:2006 | |
| 2004/108/EC | EN 61000-3-3:1995+A1+A2 | |
| Geluidsniveau | Conformiteitsbeoordeling | |
| gemeten / gegarandeerd | ||
| BKS 35/35 II 105 / 108 dB(A) | 2000 /14/EG | |
| BKS 40/40 II 105 / 108 dB(A) | bijlage V | |
| BM 50171667 | Aangewezen instelling | |
| TÜV Rheinland Product Safety GmbH | TÜV Rheinland Product Safety GmbH | Kötz, 2010-04-01 |
| Am Grauen Stein | Am Grauen Stein | |
| D-51105 Köln | D-51105 Köln | |
| Germany | Germany | Antonio De Filippo, Managia |
| 0197 | 0197 | Direct |
Garantie
Eventuele materiaal- of fabricagefouten aan het apparaat verhelpen we gedurende de wettelijkke termijn voor garantieansprakenaar once keuze door reparatie of een verrangende levering.Deze garantietermijn worden bepaald door de wetgeving in het land, waar het apparaat is gekocht.
Onze garantietoezegging geldt enkel bij: De garantie vervalt bij:
correcte behandeling van het apparaat
inachtneming van de bedieningshandleiding
gebruik van originele reserveonderdelen
pogingen tot reparatie van het apparaat
technische wijzigingen aan het apparatus
gebruik dat Niet in overeenstemming is met de bestemming (bijvoorbeeld bedrijfsmatig of gemeentelijk gebruik)
Uitgesloten van de garantie zijn:
lakschade die is veroorzaakt door normale slijtage
■ slijtageonderdelen, die op de kaart met reserveonderdelen zijn gekenmerkt met de omkadering XXXXXX (X)
verbrandingsmotoren - hiervoor geldend de aparte garantiebepalingen van de betreffende motorfabrikant
Bij garantieaanspraken kut u zich met deze garantieverklaring en het aankoopbewijs wenden tot de distributeur of de bevoegde klantenservice bij u in de buurt. Met deze garantietoezegging blijven de wettelijk aanspraken bij gebreken van de koper gegenover de verkoper onverkort van kracht.