BFP 60 - Verfspuit Meister Craft - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis BFP 60 Meister Craft in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - BFP 60 Meister Craft
Gebruikersvragen over BFP 60 Meister Craft
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verfspuit in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding BFP 60 - Meister Craft en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. BFP 60 van het merk Meister Craft.
GEBRUIKSAANWIJZING BFP 60 Meister Craft
Gebruiksaanwijzing & veiligheidstips

Lees ter voorkoming van het risico van verwondingen de gebruiksaanwijzing vóór het in gebruik nemen door en geef deze mee als u de machine aan iemand anders geeft. Bewaar de gebruiksaanwijzing in de buurt van de machine.
Inhoud
| Pagina | Pagina | ||
| 1 – Omvang van de levering | 120 | 7 – Gebruikstips/ | |
| 2 – Technische informatie | 120 | Voorbereidende | |
| 3 – Onderdelen | 121 | werkzaamheden | 127 |
| 4 – Bedoeld gebruik | 121 | 8 – Werkwijze | 128 |
| 5 – Algemene veiligheidstips | 122 | 9 – Onderhoud en milieubescherming | 129 |
| 6 – Speciale veiligheidstips voor dit apparaat | 125 | 10 – Servicetips | 130 |
1 - Omvang van de levering
• 1 spuitpistool met verfreservoir
• 1 spuitmondverlenging
• 1 viscositeitsbeker
• 1 reservespuitmond 0,8 mm
• 1 reinigingsnaald
- Gebruiksaanwijzing
- Garantiebewijs
2 - Technische informatie
Technische gegevens
| Elektrische voeding 230 V~/50/60 Hz140 bar |
| Nominaalingangsvermogen 60 W |
| Opvoerhoeveelheid 240 g/min |
| Verfreservoir 800 ml |
| Spuitmonddoorsnede ∅ 0,5 mm |
| Snoer 250 cm |
| Gewicht 1,5 kg |
Technische wijzigingen voorbehouden.
Geluidsemissie/trilling
Geluidsemissie
L_pA : 81,8 dB(A), L_WA : 94,8 dB(A).
Meetonzekerheid:
K_pA : 3,0 dB(A), K_WA : 3,0 dB(A).
Hand-/armslingeringen
Lawaai-/trillingsinformatie
Meetwaarden bepaald in overeenstemming met EN 60745
- De aangegeven trillingsemmissie waarde is conform een genormeerde testmethode gemeten en kan worden gebruikt om elektrische gereedschap met elkaar te vergelijken;
- De aangegeven trillingsemissiewaarde kan ook voor een oriënterende schatting van de uitval worden gebruikt.
OPGELET! De trillingsemissiewaarde kan tijdens het daadwerkelijke gebruik van het elektrische gereedschap afwijken van de aangegeven waarde; dit is nl. afhankelijk van de wijze waarop het elektrische gereedschap wordt gebruikt.
Er moeten veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de gebruiker vastgelegd worden. Hierbij gebeurt de inschatting van de nadelige invloed rekening houdend met de feitelijke gebruiksomstandigheden. (Daarbij moet rekening gehouden worden met alle fases van de bedrijfscyclus, d.w.z. ook de periodes waarin het elektrogereedschap uitgeschakeld is en de periodes waarin het weliswaar ingeschakeld is, maar zonder belasting draait.)
OPGELET! Een zekere geluidshinder door dit apparaat is onvermijdbaar. Plan daarom lawaai-intensieve werkzaamheden op toegestane en daarvoor geschikte tijdstippen. Houd u desnoods aan rusttijden en beperk de arbeidsduur tot het noodzakelijkste.
OPGELET! De inwerking van lawaai kan gehoorschade veroorzaken. Werk daarom uitsluitend met passende gehoorbescherming. Personen die zich in de omgeving bevinden, moeten daarom eveneens passende gehoorbescherming dragen.
3 - Onderdelen
1 Greep
2 Aan-/Uitschakelaar
3 Instelknop
4 Spuitmond 0,5 mm
5 Motorhuis
6 Deksel van het reservoir
7 Aanzuigbuis met filter
8 Verfreservoir
9 Spuitmondverlenging
10 Reservespuitmond 0,8 mm
11 Viscositeitsbeker
12 Reinigingsnaald
4 - Bedoeld gebruik
Voor het opspuiten van materialen op oplosmiddel- en waterbasis in airless-techniek geschikt; hiertoe behoren verfsoorten op latex-, olie- en alkydbasis. Neem de gegevens van de fabrikant in acht. Alle andere toepassingen zijn uitdrukkelijk verboden.
Dit apparaat is niet geschikt om door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, motorische of mentale vaardigheden of met een gebrek aan ervaring en/of kennis gebruikt te worden, tenzij onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijk persoon of tenzij ze instructies kregen over hoe het apparaat gebruikt moet worden. Kinderen mogen in geen geval met het apparaat spelen.
Dit apparaat is alleen voor gebruik in huishoudelijke toepassingen bestemd.
Niet-reglementair gebruik
Alle toepassingen met het apparaat die niet in het hoofdstuk 'Reglementair gebruik' vermeld worden, gelden als niet-reglementair gebruik.
Toepassingen waarvoor het elektrogereedschap niet voorzien is, kunnen gevaarlijke situaties en letsels veroorzaken. Gebruik geen toebehoren die niet speciaal voor dit elektro - gereedschap voorzien zijn.
De mogelijkheid om het accessoire op het elektrogereedschap te bevestigen, garandeert geen veilig gebruik.
Er bestaat verwondingsgevaar. Voor alle daaruit voortvloeiende zaakschade zoals persoonlijke schade die het gevolg is van verkeerd gebruik is alleen de gebruiker van het apparaat aansprakelijk.
Bij gebruik van andere resp. niet- originele onderdelen aan de machine vervalt de garantie van de fabrikant.
Restrisico's:
De gebruiksaanwijzing bij dit elektrogereedschap bevat uitgebreide instructies om veilig te werken. Toch draagt ieder elektrogereedschap bepaalde restrisico's in zich, die ook door de aanwezige veiligheids - voorzieningen niet volledig uitgesloten kunnen worden. Bedien elektro - gereedschap daarom altijd met de nodige voorzichtigheid.
Restrisico's kunnen bijvoorbeeld zijn:
- Aanraken van roterende delen of inzetgereedschap.
- Verwonding door in het rond vliegende werkstukken of delen van werkstukken.
- Brandgevaar bij onvoldoende ventilatie van de motor.
- Gehoorschade bij werken zonder gehoorbescherming.
Veilig werken hangt ook af van de mate waarin het bedieningspersoneel vertrouwd is met het respectievelijke elektrogereedschap! Overeenkomstige machinekennis en omzichtig handelen tijdens het werk helpen bestaande restrisico's te verminderen.
WAARSCHUWING! Dit elektrogereedschap wekt tijdens het gebruik een elektromagnetisch veld op. Dit veld kan in bepaalde omstandigheden de werking van actieve of passieve medische implantaten nadelig beïnvloeden. Om het risico van ernstige of dodelijke verwondingen te beperken, raden wij personen met medische implantaten aan hun arts en de fabrikant van het medische implantaat advies te vragen, voor het elektrogereedschap gebruikt wordt.
5 – Algemene veiligheidstips voor de omgang met elektrisch gereedschap
LET OP! Lees alle veiligheids - voorschriften en aanwijzingen. Wanneer de volgende voorschriften niet in acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar deze veiligheids voorschriften en aanwijzingen goed voor later gebruik.
Het in de waarschuwingen gebruikte begrip „elektrisch gereedschap” heeft betrekking op elektrische gereed - schappen voor gebruik op het stroomnet (met netsnoer) en op elektrische gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
1 Werkomgeving
a Houd uw werkomgeving schoon en opgeruimd. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden.
b Werk met het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereed - schappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen.
c Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2 Elektrische veiligheid
a De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.
c Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.
d Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt
van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapdelen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
e Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok.
f Als het gebruik van het elektrisch gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdbaar is, gebruikt u een aardlekschakelaar. Dit beperkt het risico van een elektrische schok.
3 Veiligheid van personen
a Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
b Draag persoonlijke beschermende uitrusting en altijd een veiligheids - bril. Het gebruik van beschermende uitrusting, zoals een stofmasker, slipvaste schoenen, een veiligheids - helm of gehoorbescherming, afhankelijk van de werkomgeving, vermindert het verwondingsgevaar.
c Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u het op de stroom - voorziening of de accu aansluit en
voordat u het oppakt of draagt. Als u bij het dragen van het gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of als u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.
d Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden.
e Overschat uzelf niet. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.
f Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, lange haren en sieraden kunnen door bewegende delen worden meegenomen.
g Houd handgrepen droog, schoon en vrij van olie en vet. Vettige, olieachtige handgrepen zijn glibberig en leiden tot het verlies van de controle.
h Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van deze voorzieningen beperkt het gevaar door stof.
4 Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik van elektrische gereedschappen
a Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.
b Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c Trek de stekker uit het stopcontact voordat u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het gereedschap.
d Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.
e Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen.
f Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig
onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.
g Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen en zoals voor dit speciale gereed - schaps type voorgeschreven. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereed - schappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5 Service
a Laat het gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
6 - Speciale veiligheidstips voor dit apparaat
- Richt de spuitstraal niet op mensen of dieren! Raadpleeg in geval van verwondingen onmiddellijk een geschikte specialist.
- Zet het lege spuitpistool niet in werking. Druk kan tot verwondingen van mensen of dieren leiden.
- Blokkeer de spuitmond van het spuitpistool nooit met uw lichaam of lichaamsdelen. De hoge uitgangsdruk zou tot pijnlijke verwondingen kunnen leiden.
- Laat verf in het pistool of in het reservoir nooit opdrogen! Opgedroogde
verfresten schaden de werking van de spuitmond en hierdoor kan de aanspraak op garantie komen te vervallen.
- Gebruik nooit met vaste stoffen belaste vloeistoffen met dit apparaat, zoals vloeistoffen met een hoog vezel- of deeltjesgehalte, metaalverf, brand ver - tra gende verf of vloeistoffen met asbestdeeltjes.
- Gebruik geen licht ontvlambare vloeistoffen. Let altijd op een voldoende geventileerde omgeving! Neem altijd de door de fabrikant bijgevoegde bijsluiter van de gebruikte materialen in acht!
- Gebruik het spuitpistool niet buiten gesloten ruimten in de regen!
- Bij gebruik van het spuitpistool moet u een ademmasker, een veiligheidsbril en oorbeschermers dragen.
- Bij een onderbreking of na afloop van het werk moet het apparaat van het stroomnet losgekoppeld worden om een onopzettelijk inschakelen te voorkomen.
- Gebruik uitsluitend een drieaderig verlengsnoer!
- Sluit het apparaat altijd alleen met de driepolige geaarde stekker op het stroomnet of op een verlengsnoer aan.
- Bewaar het apparaat buiten het bereik van kinderen!
- Haal het apparaat niet zelf uit elkaar! Gevaar voor letsel!
- Tijdens het spuiten moet het apparaat zoveel mogelijk horizontaal gehouden worden om het uitlopen van de
spuitvloeistof te voorkomen! Als vloeistoffen in contact komen met interne kabels en contacten, kan dit tot elektrische schokken leiden!
- Na gebruik moet het apparaat grondig gereinigd worden. Smeer het apparaat na gebruik met olie in om een goede toestand van het apparaat te garanderen.
- Dompel het apparaat nooit in water of andere vloeistoffen onder.
- Voorkom dat de spuitstraal met uw lichaam in aanraking komt!
- Gebruik altijd de door de fabrikant aanbevolen extra of aanvullende onderdelen om het risico van verwondingen zoveel mogelijk uit te sluiten.
- Als het netsnoer wordt beschadigd, moet het door de fabrikant of zijn klantenservicevertegenwoordiger worden vervangen om gevaren te voorkomen.
Voor veilig werken
- Houd uw werkplek altijd schoon. Onderdelen die in het directe werkbereik rondslingeren of in de weg staan, vormen een veiligheidsrisico.
- Zorg voor een veilige werkomgeving! Stel elektrische apparaten nooit aan overmatig vocht of regen bloot. Houd uw werkplek altijd droog! Gebruik elektrische apparaten nooit op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen.
-
Voorkom het gevaar van elektrische schokken! Voorkom zoveel mogelijk direct lichaamscontact met geaarde oppervlakken, bijv. leidingen, koelkasten, verwarmingstoestellen.
-
Wordt het gereedschap niet gebruikt, dan moet het op een droge, schone plek buiten het bereik van kinderen bewaard worden.
- Het gereedschap altijd alleen voor het toepassingsgebied gebruiken waarvoor het ontworpen is.
- Tijdens het werken altijd op geschikte werkkleding met de juiste handbescherming en schoenen met antislipzolen letten.
- Draag het apparaat nooit aan het netsnoer. Trek tijdens het loskoppelen van het apparaat van het stroomnet niet aan de leiding, maar altijd aan de stekker. Houd het netsnoer uit de buurt van scherpe kanten, olie of hittebronnen.
- Zorg er tijdens het werken voor, dat u stevig staat en voldoende evenwicht heeft!
- Vóór alle onderhouds- en reparatie - werk zaamheden of vóór het vervangen van losse onderdelen moet het apparaat van het stroomnet losgekoppeld worden.
- Wordt het apparaat buiten gesloten ruimten gebruikt, dan moet een daarvoor bestemd verlengsnoer gebruikt worden.
- Blijf tijdens het werken altijd geconcentreerd! Gebruik uw gezonde verstand! Onderbreek de werkzaam - heden als u moe wordt.
- Reparatiewerkzaamheden mogen alleen door een daarvoor gekwalificeerd vakbedrijf uitgevoerd worden. Tijdens het vervangen van losse onderdelen moeten uitsluitend originele onderdelen, of onderdelen die nadrukkelijk door
de fabrikant zijn aanbevolen, gebruikt worden om risicofactoren zoveel mogelijk uit te sluiten.
- Sproei geen licht ontvlambare vloeistoffen met het apparaat.
- Reinig het apparaat niet met ontvlambare oplosmiddelen.
GEVAAR! Ontploffings- of ontvlammingsgevaar bij verf of verdunner! Verwondingen en zware schade zouden het gevolg kunnen zijn! Sluit elke vorm van ontstekings - potentieel, zoals vonken, open vuur, aanstekers, sigaretten, zoveel mogelijk uit.
GEVAAR! Verf en verdunner hebben bij inademen een toxische werking! een gevoel van duizeligheid, verschijnselen van bewusteloosheid of andere vergiftigingsverschijnselen kunnen hiervan het gevolg zijn!
GEVAAR! Trek nooit de stekker aan het snoer uit het stopcontact! Gevaar van een elektrische schok!
LET OP! Raadpleeg in geval van verwondingen onmiddellijk een geschikte specialist.
7 - Gebruikstips/ Voorbereidende werkzaamheden
LET OP! Eerst proefspuiten!
Na het mengen van de verf controleert u de sproeinevel van het spuitpistool op een stuk oud papier om een gevoel voor het spuitpistool te krijgen. Let er altijd op, dat de afstand ten opzichte van het
te bewerken oppervlak ongeveer 30 cm dient te bedragen.
- Controleer of de aanzuigbuis stevig in het pomphuis geïnstalleerd is. Con tro - leer de verstuiverventielen en contro - leer of de spuitmond goed vast zit.
- De druk van de vloeistofuitstoot kan met behulp van de instelknop (3) geregeld worden. De knop naar rechts draaien om de druk te verhogen. De knop naar links draaien om de druk te verlagen. Kies een stand ergens in het midden en vind de passende druk tijdens het testspuiten.
Als er water uitloopt
- Verf op waterbasis: Voeg verdunner toe of meng de verf met een andere dunne verf.
- Olieverf: Verdun de verf.
Algemene spraytips (fig. 3)
- Voor de meeste verfsoorten voor binnen en buiten is de 0,5 mm spuitmond, die in de fabriek vooraf geïnstalleerd is, volkomen voldoende.
- Bij dikkere en zware latexverfsoorten gebruikt u de 0,8 mm spuitmond.
- Lijkt tijdens het gebruik de sproeinevel zeer gering en onregelmatig, dan is de verf te dik of te taai. Probeer eerst de druk me behulp van de instelknop te veranderen en daardoor een beter resultaat te bereiken. Als dat niet mogelijk is, verdun de verf dan overeenkomstig.
- Lijkt tijdens het gebruik de sproeinevel bij een zwakke oplossing te zwaar, verhoog dan de druk door de instelknop
naar rechts te draaien of gebruik een spuitmond met een kleinere diameter.
Verdunning (fig. 4)
LET OP! Trek de stekker uit het stopcontact voordat het verfreservoir met het te spuiten materiaal gevuld wordt.
De meeste verfsoorten worden strikklaar geleverd en moeten verdund worden, voordat ze opgespoten kunnen worden. De aanwijzingen van de fabrikant over het verdunnen van de verf voor het spuiten moeten opgevolgd worden. De viscositeitsmeetbeker helpt bij het bepalen van de juiste viscositeit van de gebruikte verf. Daarvoor wordt de meetbeker tot aan de rand met verf gevuld. Meet de tijd tot aan het legen van de beker in het verfblik. De volgende tabel laat de aanbevolen tijden voor de verschillende stoffen zien:
Kunsthars- en latexverf 24–28 seconden Verf op waterbasis 20–25 seconden Grondverf 24–28 seconden Vernis 20–25 seconden Olieverf 18–22 seconden Moffelverf 18–22 seconden Aluminiumverf 22–25 seconden Anti-corrosielaag voor wagenbodem 25–35 seconden Grondverf voor hout 28–35 seconden Houtconserveer- middelen geen nodig Houtbeits geen verdunning nodig
Duurt het legen van de verf langer dan de aanbevolen tijd, dan moet er nog meer verdund worden. Daarvoor een kleine hoeveelheid van het geschikte verdunningsmiddel toevoegen en de viscositeitstest uitvoeren, tot de juiste viscositeit bereikt is. Sommige spuitbare stoffen bevatten deeltjes of klontertjes en moeten vóór het vullen van het verfreservoir gezeefd worden.
8 - Werkwijze
De te bewerken oppervlakken moeten stof-, vuil- en vetvrij zijn. Oppervlakken, die niet gespoten moeten worden, moeten met plakband van een goede kwaliteit afgedekt worden. De te spuiten verf of vloeistof moet grondig gemengd zijn en moet vrij van klontertjes of andere deeltjes zijn. Met het spuitpistool kunnen talrijke materialen gespoten worden.
Spuiten
Vul het verfreservoir met de goed verdunde en gezeefde verf.
Sluit het spuitpistool op de netspanning aan. Richt met het spuitpistool op een stuk afvalmateriaal en druk de schakelaar (2) in, tot er verf uittreedt. Stel de regelknop zo in, dat de benodigde hoeveelheid verf afgegeven wordt. Draai de knop rechtsom om de opvoerhoeveelheid te verkleinen en linksom om de hoeveelheid te vergroten. De instelling van de opvoerhoeveelheid heeft invloed op het spuitpatroon. Bij een slecht spuitpatroon wordt de verf in het midden van de straal geconcentreerd, hetgeen tot een ongelijkmatige verfverdeling op het verdappenglak leidt. De spuitstraal is juist ingesteld, als de verf over de gehele straal gelijkmatig verdeeld wordt.
Spuittechnieken
Om optimale resultaten te bereiken, moet het spuitpistool altijd rechtop en parallel met het oppervlak gehouden worden. Houd een afstand tussen
spuitmond en oppervlak van 20 à 30 cm aan en spuit daarbij gelijkmatig heen en weer of op en neer. Spuit niet onder een andere hoek ten opzichte van het oppervlak, omdat de verf anders hierlangs naar beneden loopt. Een rustige en gelijkmatige beweging in belangrijk. Tijdens het spuiten van grote oppervlakken moet er kruisgewijs gespoten worden (zie fig. 5, 6, 7 en 8).
Het spuitpistool nooit in- of uitschakelen, terwijl het op het te spuiten oppervlak gericht is. De beweging van het spuitpistool moet met een gelijkmatige snelheid plaatsvinden. Een snelle beweging levert een dunne verflaag op, een langzame beweging een dikke laag. Er mag per keer steeds maar één laag aangebracht worden. Als er nog een laag nodig is, moeten de aanbevelingen van de verfproducent voor droogtijden in acht genomen worden. Tijdens het spuiten van kleine oppervlakken dient de regelknop (3) laag ingesteld te worden. Daardoor wordt een te hoog verfverbruik en te dik aanbrengen voorkomen. Vermijd tijdens het spuiten van een object het vaak in- en uitschakelen, omdat daardoor te veel of te weinig verf aangebracht zou kunnen worden. Kantel het spuitpistool niet meer dan 45°.
Montage en gebruik van de spuitmondverlenging
De spuitmondverlenging vergemakkelijkt het werken op moeilijk toegankelijke plekken, zoals tussen de ribben van een verwarming. Voor het aanbrengen van de spuitmondverlenging de spuitmond eruit schroeven en in plaats daarvan de verlenging erop schroeven. De spuitmond nu op het uiteinde van de spuitmond - verlenging erop schroeven en vastdraaien (zie fig. 9).
9 – Onderhoud en milieubescherming
Reiniging en onderhoud
LET OP! Trek vóór het reinigen van het spuitpistool of van het verfreservoir altijd de stekker uit het stopcontact.
- Tijdens het gebruik kunnen verfdeeltjes en gedroogde verfresten de spuitmond verstoppen. Deze kunnen meestal met behulp van de reinigingsnaald (12) voorzichtig uit de opening van de spuitmond verwijderd worden.
- Na elk gebruik moet het spuitpistool grondig gereinigd worden. Als dit nagelaten wordt, leidt dit bijna onvermijdelijk tot verstoppingen en als gevolgd daarvan tot een verkeerde werking van het apparaat tijdens het volgende gebruik. De garantie omvat niet het reinigen van een spuitapparaat, dat door de gebruiker niet grondig gereinigd werd.
LET OP! Na elk gebruik moeten de volgende werkzaamheden uitgevoerd worden:
- In het verfreservoir achtergebleven verf verwijderen.
- Het reservoir grondig met de gebruikte verdunner reinigen.
- Een beetje verdunner in het reservoir gieten en met het spuitpistool versproeien, tot er alleen nog zuivere verdunner uit het spuitpistool komt.
- De aanzuigbuis en het filter met verdunner reinigen.
- Korf en spuitmond reinigen en resterende vuil en verf verwijderen.
-
Het spuitpistool op z'n kop zetten en enkele druppeltjes naaimachineolie in beide openingen doen (zie fig. 10).
-
Schakel het spuitpistool even in.
- Houd de ventilatiesleuven van het apparaat schoon om een oververhitting van de motor te voorkomen. Reinig het huis regelmatig met een zachte doek, het best na elk gebruik. De ventilatiesleuven moeten vrij van stof en vuil zijn. Gebruik, als het vuil niet loskomt, een zachte, met een in een sopje vochtig gemaakte doek. Gebruik nooit oplosmiddelen zoals benzine, alcohol, ammoniak. Deze oplos - middelen kunnen de kunststof delen aantasten.
OPGELET! Niet meer bruikbare elektro- en accuapparaten horen niet thuis bij het huishoudelijk afval! Ze moeten overeenkomstig richtlijn 2002/96 EU voor
afgedankte elektro- en elektronische apparatuur afzonderlijk verzameld en naar een milieuvriendelijk en vakkundig recyclingcentrum gebracht worden.

Breng niet meer bruikbare elektrische apparatuur naar een plaatselijk inzamelpunt. Verpakkingsmaterialen naar soort gescheiden inzamelen en conform de plaatselijke bepalingen afvoeren. Vraag voor details bij uw gemeente na.
10 - Servicetips
- Bewaar de machine, de handleiding en eventuele hulpstukken in de originele verpakking. Op die manier heeft u zowel alle informatie als alle onderdelen steeds bij de hand.
- Meisterbasic-gereedschappen behoeven nauwelijks enig onderhoud. Voor het schoonmaken van het
machinehuis is een vochtige doek voldoende. Elektromachines nooit in het water houden. Verdere aan wij zingen treft u in de handleiding aan.
- Meisterbasic-artikelen worden aan strenge kwaliteitscontroles onderworpen. Mocht er desondanks toch nog een defect m.b.t. het functioneren optreden, dan verzoeken wij u de machine aan ons service-adres toe te zenden. De reparatietijd zal maximaal ca. 2 weken duren.
- Een korte beschrijving van het defect verkort zowel de tijd die nodig is om de fout op te sporen, als de reparatietijd zelf. Zolang de garantie geldig is, gelieve u de te repareren machine met het garantie-certificaat en de kassabon op te sturen.
- Als de reparatie niet (meer) onder de garantie valt, dan zullen wij de reparatiekosten helaas in rekening moeten brengen.
ATTENTIE! indien het apparaat door u wordt opengemaakt, dan vervallen al uw aanspraken op garantie!
BELANGRIJK! Wij wijzen er uitdrukkelijk op, dat wij volgens de wet op de productaansprakelijk heid niet voor door onze apparaten veroorzaakte schade op hoeven te komen, voor zover deze door ondeskundige reparatie veroorzaakt of bij een vervangen van onderdelen niet onze originele onderdelen of door ons goedgekeurde onderdelen gebruikt werden en de reparatie niet door de klantenservice van Meister Werk zeuge GmbH of een geautoriseerde vakman uitgevoerd werd! Dit geldt ook voor de gebruikte accessoires.
- Ter voorkoming van transport-schade verzoeken wij u de machine deugdelijk te verpakken, respectievelijk de originele verpakking te gebruiken.
- Ook na het verstrijken van de garantie - termijn kunt u op ons blijven rekenen, omdat eventuele reparaties aan Meisterbasic-artikelen dan tegen lage kosten door ons worden uitgevoerd.

Toegepaste, geharmoniseerde normen:
NL - Bewaring van de technische documenten:
SimpelGids