MA 339 - Grasmaaier VIKING - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MA 339 VIKING in PDF-formaat.

📄 582 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice VIKING MA 339 - page 79
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : VIKING

Model : MA 339

Categorie : Grasmaaier

Download de handleiding voor uw Grasmaaier in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MA 339 - VIKING en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MA 339 van het merk VIKING.

GEBRUIKSAANWIJZING MA 339 VIKING

12.5 Grasfangkorb entleeren

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL Geachte klant, Hartelijk dank voor uw aankoop van een kwaliteitsproduct van de firma VIKING. Dit product werd volgens de meest moderne procedures en met veel zorg voor kwaliteit gefabriceerd, want wij hebben ons doel pas bereikt als u tevreden bent over uw apparaat. Neem contact op met uw dealer of met onze verkoopafdeling als u vragen over uw apparaat heeft. Veel plezier met uw VIKING apparaat. Directeur Gedrukt op chloorvrij, gebleekt papier. Papier is recycleerbaar. Flap is vrij van halogeen.

Over deze gebruiksaanwijzing 78 Algemeen 78 Landspecifieke varianten 78 Instructie voor het lezen van de gebruiksaanwijzing 78 Beschrijving van het apparaat 79 Voor uw veiligheid 79 Algemeen 79 Accu 80 Oplaadapparaat 80 Transport 81 Voorbereidende maatregelen 81 Werkwijze bij het grasmaaien 82 Onderhoud, reiniging, reparaties en opslag 83 Afvoer 84 Toelichting van de symbolen 84 Leveringsomvang 84 Apparaat klaarmaken voor gebruik 85 Algemeen 85 Enkele duwstang monteren (MA 339 C) 85 Dubbele duwstang monteren (MA 339) 85 Grasopvangbox in elkaar zetten 85 Accu en oplaadapparaat 86 Algemeen 86 Oplaadapparaat aansluiten 86 Accu verwijderen/plaatsen 86 Accu opladen 86 LED-lampje op de accu 86 LED-lampje op het oplaadapparaat 87 Bedieningselementen 87 Veiligheidsstekker 87 Accuvak 87 Enkele duwstang (MA 339 C) 88 Dubbele duwstang (MA 339) 88 Grasopvangbox 88 Centrale snijhoogteverstelling 89 Aanwijzingen voor werken 89 Algemeen 89 Maaien op hellingen 89 Juiste belasting van de elektromotor 89 Als het maaimes blokkeert 89 Thermische overbelastingsbeveiliging van de elektromotor 89 Veiligheidsvoorzieningen 90 Veiligheidsstekker 90 Bediening met twee handen 90 Uitlooprem 90 Apparaat in gebruik nemen 90 Voorbereidende maatregelen 90 Grasmaaier inschakelen 90 Grasmaaier uitschakelen 90 Inhoudsindicatie 90 Grasopvangbox ledigen 90 Onderhoud 91 Algemeen 91 Apparaat reinigen 91 Elektromotor en wielen 91 Accu 91 Oplaadapparaat 91 Maaimes onderhouden 91 Maaimes demonteren en monteren 92 Maaimes slijpen 92 Opslag (winterpauze) 92 Transport 93 Grasmaaier dragen en bevestigen 930478 131 9917 G - NL

Deze gebruiksaanwijzing is een originele gebruiksaanwijzing van de fabrikant in de zin van de EG-richtlijn 2006/42/EC. VIKING werkt voortdurend aan de ontwikkeling van zijn producten; wijzigingen in de levering qua vorm, techniek en uitvoering zijn daarom voorbehouden. Op basis van gegevens of afbeeldingen uit dit boekje kunnen bijgevolg geen aanspraken worden gemaakt.

2.2 Landspecifieke varianten

VIKING levert afhankelijk van het leveringsland oplaadapparaten met verschillende stekkers en schakelaars. In de afbeeldingen worden oplaadapparaten met eurostekkers weergegeven. Apparaten met andere stekkeruitvoeringen worden op dezelfde manier op de voeding aangesloten.

2.3 Instructie voor het lezen van de

gebruiksaanwijzing Afbeeldingen en teksten beschrijven bepaalde bedieningsstappen. Alle pictogrammen die op het apparaat zijn aangebracht, worden in deze gebruiksaanwijzing toegelicht. Kijkrichting: kijkrichting bij gebruik ´links´ en ´rechts´ in de gebruiksaanwijzing: De gebruiker staat achter het apparaat en kijkt in de rijrichting naar voren. Hoofdstukverwijzing: naar de desbetreffende hoofdstukken en paragrafen met nadere uitleg wordt met een pijltje verwezen. Het volgende voorbeeld bevat een verwijzing naar een hoofdstuk: (Ö 2.1) Markeringen van tekstpassages: De beschreven aanwijzingen kunnen zoals in de volgende voorbeelden gemarkeerd zijn. Handelingen waarbij ingrijpen van de gebruiker vereist is: ● Bout (1) met een schroevendraaier losdraaien, hendel (2) activeren ... Algemene opsommingen: – productgebruik bij sport- of wedstrijdevenementen Teksten met aanvullende betekenis: Tekstpassages met aanvullende betekenis zijn met één van de onderstaand beschreven symbolen gemarkeerd om deze in de gebruiksaanwijzing extra te accentueren. Teksten met afbeeldingverwijzing: Afbeeldingen die het gebruik van het apparaat toelichten, vindt u geheel aan het begin van de gebruiksaanwijzing. Het camerasymbool koppelt de afbeeldingen op de pagina's met afbeeldingen met het desbetreffende tekstgedeelte in de gebruiksaanwijzing. Slijtage minimaliseren en schade voorkomen 93 Milieubescherming 94 Terugnameplicht 94 Standaard reserveonderdelen 94 CE-conformiteitsverklaring van de fabrikant 94 Technische gegevens 95 Defectopsporing 96 Onderhoudsschema 98 Leveringbevestiging 98 Servicebevestiging 98

gebruiksaanwijzing Gevaar! Gevaar voor ongevallen en ernstig letsel. Bepaalde handelingen zijn noodzakelijk of verboden. Waarschuwing! Kans op letsel. Bepaalde handelingen voorkomen mogelijk of waarschijnlijk letsel. Voorzichtig! Minder ernstig letsel of materiële schade dat/die door bepaalde handelingen kan worden voorkomen. Aanwijzing Informatie voor een beter apparaatgebruik en om een mogelijk oneigenlijk gebruik te vermijden.

Tijdens de werkzaamheden met deze grasmaaier moeten de voorschriften ter preventie van ongevallen beslist in acht worden genomen. Lees de gehele gebruiksaanwijzing zorgvuldig door alvorens het apparaat in gebruik te nemen. Bewaar de gebruiksaanwijzing goed. Maak u vertrouwd met de verstelbare onderdelen en het gebruik van het apparaat. Voor de eerste ingebruikname moeten instructies door de verkoper of een andere vakkundige worden gegeven. Na het gebruik van alcohol, drugs of medicijnen die de reactiesnelheid nadelig beïnvloeden mag niet met de grasmaaier worden gewerkt. Maai nooit als er personen, in het bijzonder kinderen of dieren, in de buurt zijn. Denk eraan dat de gebruiker aansprakelijk is voor ongevallen met andere personen of voor materiële schade. Leen het apparaat alleen uit aan personen die met dit model en de bediening ervan vertrouwd zijn. Geef altijd de gebruiksaanwijzing mee. Let op - Gevaar voor ongevallen! De grasmaaier is geschikt voor particulier gebruik en alleen voor het maaien van gras bedoeld. Een andere toepassing is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn of schade aan het apparaat tot gevolg hebben. Om persoonlijk letsel van de gebruiker te vermijden, mag de grasmaaier bijvoorbeeld niet worden ingezet voor (onvolledige opsomming): – het trimmen van bosjes, heggen en struiken, – het snoeien van rankgewassen, – gazononderhoud op dakbeplantingen en in bloembakken, – het schoonmaken van voetpaden (opzuigen, wegblazen, sneeuwruimen), – het hakselen en verkleinen van boom- en struikafval, – het egaliseren van oneffenheden in de bodem, zoals bijv. molshopen, – het transporteren van maaigoed, buiten de in de daarvoor bedoelde grasopvangbox. Let op - Gevaar voor ongevallen! Gebruik alleen accessoires die door VIKING worden geleverd of uitdrukkelijk voor montage aan dit apparaat werden toegestaan. Er mogen ook geen wijzigingen worden aangebracht aan het apparaat. Bij het gebruik op openbare terreinen, parken, sportvelden, langs wegen en op land- en bosbouwbedrijven moet u bijzonder behoedzaam te werk gaan. Opgelet! Gevaar voor de gezondheid door trillingen! Een overmatige belasting door trillingen kan schade aan de bloedsomloop en het zenuwstelsel veroorzaken, vooral bij personen met circulatiestoornissen. Raadpleeg een arts wanneer er symptomen optreden die door de trillingen zouden kunnen zijn veroorzaakt. Deze symptomen treden voornamelijk op bij de vingers, handen of polsen en zijn bijvoorbeeld (onvolledige opsomming): – gevoelloosheid, –pijn, – slappe spieren, – huidverkleuringen,

3. Beschrijving van het

apparaat 1 Bovenstuk duwstang 2 Onderstuk duwstang 3 Behuizing 4 Motorkap 5 Achterwiel 6 Voorwiel 7 Grasopvangbox 8 Bovenste transportgreep 9 Onderste transportgreep 10 Uitwerpklep 11 Draaiknop 12 Snelspanner 13 Snelspanner 14 Motorstopbeugel 15 Hendel hoogteverstelling 16 Startknop 17 Typeplaatje 18 Deksel 19 Veiligheidsstekker 20 Accu 21 Oplaadapparaat

4. Voor uw veiligheid

– onaangenaam kriebelen. Laat het apparaat in geen geval gebruiken door kinderen, personen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of onvoldoende ervaring en kennis of personen die niet met de instructies vertrouwd zijn. Kinderen of jongeren onder 16 jaar mogen het apparaat niet gebruiken.De minimumleeftijd van de gebruiker kan vastgelegd zijn in plaatselijke bepalingen. Er mogen geen wijzigingen worden aangebracht aan het apparaat die leiden tot een toename van het geluidsniveau.

Alleen originele STIHL accu´s gebruiken. STIHL accu alleen met STIHL of VIKING apparaten gebruiken en met STIHL oplaadapparaten opladen. Accu nooit openen. Accu niet laten vallen. Geen defecte of vervormde accu gebruiken. Accu buiten bereik van kinderen bewaren. Accu alleen bij temperaturen tussen -10 °C en +50 °C gebruiken en opslaan. Bescherm de accu tegen direct zonlicht, hitte en vuur – nooit in open vuur werpen – Explosiegevaar! Accu tegen regen beschermen – niet in vloeistoffen onderdompelen. Accu niet in magnetron stoppen of onder hoge druk zetten. Accucontacten nooit op metalen voorwerpen aansluiten (kortsluiten). Accu kan door kortsluiting schade oplopen. Niet gebruikte accu ver van metalen voorwerpen (b. v. spijkers, munten, sieraden) houden. Geen metalen transportbakken gebruiken – Explosie- en brandgevaar! Bij ondeskundig gebruik kan er vloeistof uit de accu stromen - contact vermijden! Bij onbedoeld contact met water afspoelen. Spoel bij aanrakingen met de ogen met water uit en consulteer de arts. Uitstromende accuvloeistof kan huidirritatie, brandwonden en bijtende plekken veroorzaken. Geen voorwerpen in de ventilatiesleuven van de accu steken. Aantal cellen en energiecapaciteit volgens specificatie van de cellenfabrikant. Zie www.stihl.com/safety-data- sheets voor verdere aanwijzingen m.b.t. de veiligheid

Het bijblad van het STIHL oplaadapparaat in acht nemen en goed bewaren. Alleen originele STIHL oplaadapparaten gebruiken. Gebruik geen beschadigd oplaadapparaat. Oplaadapparaat alleen voor het opladen van qua vorm passende STIHL accu´s van het type ´AP´ met een capaciteit tot maximaal 10 Ah en een spanning tot maximaal 42 volt gebruiken. Geen defecte of vervormde accu´s opladen. Voedingsspanning en netfrequentie moeten overeenstemmen met de specificaties op het typeplaatje aan de onderkant van het oplaadapparaat of de specificaties in het hoofdstuk ´Technische gegevens´ (Ö 19.). Oplaadapparaat niet openen. Na gebruik netstekker lostrekken en oplaadapparaat buiten het bereik van kinderen bewaren. Oplaadapparaat tegen natheid en vocht beschermen. Laadapparaat alleen in afgesloten en droge ruimtes gebruiken en opslaan. Oplaadapparaat uitsluitend bij temperaturen van +5°C tot +40°C gebruiken. Oplaadapparaat niet afdekken, opdat het onbelemmerd kan afkoelen. Geen voorwerpen in de ventilatiesleuven van het oplaadapparaat steken – kans op stroomstoten en kortsluiting! Contacten van het oplaadapparaat nooit tegen metalen voorwerpen (b. v. spijkers, munten, sieraden) houden (kortsluiten) – kans op kortsluiting! Oplaadapparaat nooit op een licht ontvlambare ondergrond (b. v. papier, stof) of in een licht ontvlambare omgeving gebruiken – brandgevaar! Levensgevaar door verstikking! Verstikkingsgevaar voor kinderen bij het spelen met verpakkingsmateriaal. Houd verpakkingsmateriaal altijd buiten het bereik van kinderen.81 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL Oplaadapparaat nooit in een mogelijk explosieve omgeving gebruiken, d.w.z. in een omgeving met brandbare vloeistoffen (dampen), gassen of stoffen. Oplaadapparaten kunnen vonken afgeven die het stof of de dampen kunnen doen ontvlammen – explosie- en brandgevaar! Trek bij rookontwikkeling of brand in het oplaadapparaat de netstekker onmiddellijk uit de contactdoos. Opgelet! Gevaar voor stroomstoten! Voor de elektrische veiligheid zijn de netstekker en de aansluitkabel bijzonder belangrijk. Het oplaadapparaat mag met een beschadigde aansluitkabel niet worden gebruikt om gevaar voor elektrische schokken te voorkomen. Controleer de aansluitkabel daarom regelmatig op beschadigingen of slijtage (barsten). Sluit het oplaadapparaat alleen op een conform de voorschriften geïnstalleerd stopcontact aan. De voeding moet beveiligd zijn door een foutstroombeveiliging met een afschakelstroom van maximaal 30 mA. Verricht geen reparaties aan het oplaadapparaat, met name niet aan de aansluitkabel en aan de netstekker. Laat een beschadigde aansluitkabel door een elektromonteur vervangen. Ontkoppel het oplaadapparaat van het elektriciteitsnet altijd door aan de netstekker en niet aan de aansluitkabel te trekken. Plaats en markeer de aansluitkabel zodanig dat de kabel niet beschadigd raakt en dat niemand in gevaar kan worden gebracht – kans op struikelen vermijden. Aansluitkabel niet oneigenlijk gebruiken, b.v. voor het dragen of ophangen van het oplaadapparaat.

Werk uitsluitend met handschoenen om verwondingen door de scherpe randen van de apparatuur te voorkomen. Schakel het apparaat voor het transport uit, laat het mes tot stilstand komen en trek de veiligheidsstekker eruit. Raadpleeg bij het optillen van het apparaat de informatie in het hoofdstuk ´Transport´ (Ö 14.). Let op het gewicht van het apparaat en gebruik zo nodig voor het laden geschikte hulpmiddelen (laadhellingen, takels). Maaimes bij het optillen en dragen niet aanraken. Transporteer het apparaat uitsluitend met afgekoelde motor. Maak het apparaat en de erbij getransporteerde apparatuur (bijv. grasopvangbox) met geschikte bevestigingsmaterialen (gordels, kabels, enz.) vast aan het laadoppervlak. Houd u bij het transport van het apparaat aan de regionale wettelijke voorschriften, met name wat betreft de laadveiligheid en het transport van voorwerpen op laadoppervlakken. Accu niet in de auto laten liggen en nooit blootstellen aan direct zonlicht. Lithium-ionaccu´s moeten bij het transport uiterst nauwlettend worden behandeld. Voorkom met name dat accu´s tijdens het transport kortsluiting kunnen maken. Bewaar daarom de originele kartonnen verpakking van de accu en transporteer STIHL accu´s in de intacte originele verpakking of in de grasmaaier.

4.5 Voorbereidende maatregelen

Personen die de gebruiksaanwijzing niet kennen, mogen het apparaat niet gebruiken. Neem de gemeentelijk voorgeschreven tijden voor het gebruik van tuinapparatuur met motoraandrijving in acht. Draag tijdens het maaien altijd vaste schoenen en een lange broek. Maai nooit op blote voeten of op sandalen. Controleer het complete terrein waarop het apparaat wordt gebruikt en verwijder alle stenen, stokken, kabels, botten en alle andere voorwerpen die door het apparaat omhoog kunnen worden geslingerd. Inspecteer vóór het gebruik altijd visueel of het snijgereedschap, de bevestigingsbouten en de complete snijeenheid intact zijn, let hierbij met name op een goede bevestiging, schade en slijtage (Ö 13.6). Vervang versleten of beschadigde onderdelen voordat u het apparaat in gebruik neemt. Onleesbare of beschadigde waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat moeten worden vervangen. Ga hiervoor naar uw VIKING vakhandelaar. Gebruik de grasmaaier nooit met beschadigde veiligheidsvoorzieningen, beschermroosters, zonder werkende motorrem of zonder aangebouwde0478 131 9917 G - NL

veiligheidsvoorzieningen, b. v. zonder uitwerpklep of zonder grasopvanginrichting. Gebruik om veiligheidsredenen altijd een onbeschadigde grasopvangbox. De op het apparaat geïnstalleerde schakelinrichtingen mogen niet worden verwijderd of overbrugd (b. v. de motorstopbeugel aan de duwstang vastbinden). Raadpleeg de informatie in de hoofdstukken ´Accu´ (Ö 4.2) en ´Oplaadapparaat´ (Ö 4.3).

4.6 Werkwijze bij het grasmaaien

Houd andere personen, in het bijzonder kinderen, en dieren uit de gevarenzone. Ga voorzichtig te werk, zodat u andere personen niet in gevaar brengt. Maai niet bij omgevingstemperaturen van minder dan +5°C. VIKING raadt aan om bij het werk steeds gehoorbescherming te dragen. Wanneer het geluidsdrukniveau op de werkplek 80 dB(A) overschrijdt moet principeel gehoorbescherming gedragen worden. Niet bij regen maaien. Werken bij regen of in een natte omgeving kan schade aan het apparaat tot gevolg hebben. Maai niet als het gras nat is en maai nooit als het regent. Door nat gras is er een verhoogde kans op ongevallen (minder stabiele ondergrond voor de gebruiker). Laat het apparaat niet in de regen staan. Maai alleen bij daglicht of bij goede verlichting. Start het apparaat op een vlakke ondergrond. Bij het starten van de motor mag het apparaat niet worden gekanteld. Werk alleen met de grasmaaier als het accuvak gesloten is (Ö 9.2). Start het apparaat voorzichtig, aanwijzingen in het hoofdstuk ´Apparaat in gebruik nemen´ (Ö 12.) opvolgen. Hou uw voeten op voldoende afstand van het snijgereedschap. Werk altijd stapvoets en ga bij het werken met het apparaat vooral niet rennen. Door snel te lopen met het apparaat is er meer kans op letsel door struikelen, uitglijden enz. Schakel de motor uit, – als de maaier bij het transport over andere ondergronden dan gras moet worden opgetild, – als u de grasmaaier van en naar het maaivlak verplaatst, – voordat u de grasopvangbox verwijdert. Zorg altijd voor een goede stand op hellingen. Maai niet op zeer steile hellingen om te voorkomen dat u de controle over het apparaat verliest. Wees bijzonder voorzichtig als u op een helling van richting verandert om te voorkomen dat u de controle over het apparaat verliest. Maai dwars op de helling, nooit naar boven of naar beneden om bij het eventueel verliezen van de controle over het apparaat niet nog eens door de rijdende grasmaaier te worden geraakt. Let op - gevaar voor struikelen! Wees bijzonder voorzichtig bij het achteruitrijden en bij het trekken van de grasmaaier. Wees bijzonder voorzichtig als u het apparaat omdraait of naar u toe trekt. Om veiligheidsredenen mag het apparaat niet op hellingen met een stijging van meer dan 25° (46,6 %) worden gebruikt. Gevaar voor letsel! Een stijging van de helling van 25° (46,6%) betekent een verticale stijging van 46,6 cm bij een horizontale lengte van 100 cm. Neem de naloop van het werkgereedschap in acht. Het duurt meerdere seconden voordat het helemaal tot stilstand is gekomen. Probeer niet om het mes te inspecteren zolang de grasmaaier werkt. Zolang het maaimes loopt, mag de uitwerpklep niet worden geopend en/of mag de grasopvangbox niet worden verwijderd. Het ronddraaiende mes kan letsels veroorzaken. Bevestig nooit voorwerpen aan de duwstang (b. v. werkkleding). Het mes moet regelmatig worden gecontroleerd op veilige montage, schade en slijtage (Ö 13.6).83 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL Opgelet - kans op letsel! Houd handen of voeten nooit tegen of onder draaiende onderdelen. Raak het ronddraaiende mes nooit aan. Blijf altijd uit de buurt van de uitwerpopening. Neem steeds de door de duwstang bepaalde veiligheidsafstand in acht. Herhaaldelijke inschakelingen binnen korte tijd, in het bijzonder het “spelen” met de startknop, moeten vermeden worden. Gevaar voor oververhitting van de motor! Een maaier met draaiende motor of aangesloten veiligheidsstekker mag nooit worden opgetild of gedragen. Vervoer geen personen, met name kinderen of voorwerpen, met het apparaat. Schakel de motor uit, trek de veiligheidsstekker eruit en controleer of het snijgereedschap geheel stilstaat, – voordat u de accu verwijdert; – voordat u blokkades opheft of verstoppingen in het uitwerpkanaal verwijdert; – als de grasmaaier ongebruikelijk sterk begint te trillen. Het gehele apparaat, met name het snijgereedschap, moet in dit geval op eventuele beschadigingen en loszittende onderdelen worden gecontroleerd. Beschadigde onderdelen moeten vóór het verder gebruiken worden vervangen, losse onderdelen moeten worden bevestigd/vastgeschroefd. – als het snijgereedschap een vreemd voorwerp heeft geraakt. Het snijgereedschap moet op eventuele schade worden gecontroleerd. De grasmaaier mag niet worden gebruikt als de messenas of motoras beschadigd of verbogen is. Kans op letsel door defecte onderdelen! – voordat u de maaier controleert, reinigt of werkzaamheden aan de maaier uitvoert, b. v. snijhoogte instellen, duwstang omklappen/instellen; – voordat u het apparaat verlaat of als het apparaat zonder toezicht is; – voordat u het apparaat optilt of draagt; – vóór het transport.

4.7 Onderhoud, reiniging, reparaties en

opslag Voordat u werkzaamheden aan het apparaat verricht, voordat u de maaier instelt of reinigt, motor uitschakelen, veiligheidsstekker eruit trekken en eventueel accu verwijderen. Draag altijd stevige handschoenen bij werkzaamheden aan de snijeenheid. Laat het apparaat voor opslag in een gesloten ruimte, voor onderhoud en voor reiniging volledig afkoelen. Verricht alleen onderhoudswerkzaamheden die in de gebruiksaanwijzing worden beschreven. Laat alle andere werkzaamheden door een vakhandelaar uitvoeren. VIKING raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij uw VIKING vakhandelaar te laten uitvoeren. VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld. Neem altijd contact op met een vakhandelaar als u niet over de vereiste kennis of gereedschappen beschikt (VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan). Gebruik uitsluitend hoogwaardige gereedschappen, accessoires en reserveonderdelen. Anders is er kans op letsel of schade aan het apparaat. VIKING raadt aan originele gereedschappen, accessoires en onderdelen van VIKING te gebruiken. Deze zijn wat betreft eigenschappen optimaal op het apparaat en de eisen van de gebruiker afgestemd. Originele VIKING reserveonderdelen zijn herkenbaar aan het VIKING reserveonderdeelnummer, aan het opschrift VIKING en eventueel aan het VIKING reserveonderdeelteken. Op kleine onderdelen kan ook alleen het teken staan. Zorg voor een veilig gebruik van het apparaat doordat alle moeren, bouten en schroeven goed zijn aangehaald. Controleer regelmatig of de grasopvangbox versleten of beschadigd is of niet goed meer werkt. Als het snijgereedschap of de grasmaaier op een hindernis of een vreemd voorwerp stuit, moet de motor worden uitgeschakeld, de veiligheidsstekker eruit worden getrokken en door een deskundige worden gecontroleerd.0478 131 9917 G - NL

Om brandgevaar te voorkomen, moet u de gebieden tussen de motorkap en de behuizing, in het bijzonder de luchtopeningen vrij houden van b. v. gras, stro, mos, bladeren of uitstromend vet. Als onderdelen of veiligheidsvoorzieningen voor onderhoudswerkzaamheden zijn verwijderd, moeten deze weer meteen en correct worden aangebracht. Grasmaaier na het gebruik zorgvuldig reinigen. Gebruik nooit hogedrukreinigers en reinig de grasmaaier niet onder stromend water (b. v. met een tuinslang). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen. Dergelijke reinigingsmiddelen kunnen kunststoffen en metalen zodanig beschadigen dat de veiligheid van uw VIKING apparaat wellicht in het geding komt. Inspecteer regelmatig het gehele apparaat, in het bijzonder voor de opslag van het apparaat tijdens een langere werkpauze (winterpauze), op slijtage of beschadigingen. Vervang versleten of beschadigde onderdelen, zodat het apparaat altijd veilig kan worden gebruikt. Sla de afgekoelde grasmaaier en accu en veiligheidsstekker in een droge, goed geventileerde en afgesloten ruimte buiten bereik van kinderen op.

Voer een apparaat aan het eind van de levensduur ervan op de daarvoor bestemde wijze af. Maak het apparaat onbruikbaar vóór het als afval verwerkt wordt. Verwijder ter voorkoming van ongevallen in het bijzonder de veiligheidsstekker en de elektrische kabel naar de motor. Kans op letsel door het maaimes! Laat ook een grasmaaier aan het eind van de levensduur ervan nooit zonder toezicht staan. Bewaar het apparaat en het maaimes altijd buiten het bereik van kinderen. Accu´s moeten gescheiden van de grasmaaier worden afgevoerd. Zorg ervoor dat accu´s voor het afvoeren ontladen zijn (b. v. door de motor te laten draaien) en veilig en milieuvriendelijk worden afgevoerd.

5. Toelichting van de

symbolen Let op! Lees vóór inbedrijfstelling de gebruiksaanwijzing. Gevaar voor letsel! Houd andere personen uit de gevarenzone. Let op – scherpe messen! Messen draaien na het uit- schakelen van de elektromotor verder. Vóór onderhoudswerkzaamhe- den de blokkering (veiligheidsstekker) onge- daan maken. MA 339: motor starten. MA 339 C: motor starten. MA 339 C: motor uitschakelen. Accu is te warm. Opla- den start na het afkoelen c.q. accu kan pas na het afkoelen worden gebruikt. De accu is defect en moet worden vervangen.

Pos. Omschrijving Aant. A Basisapparaat 1 B Bovenste gedeelte van de grasopvangbox

C Onderste gedeelte van de grasopvangbox

  • Gebruiksaanwijzing 1

● Zet het apparaat voor alle beschreven werkzaamheden op een vlakke en stevige ondergrond. ● Accu opladen (Ö 8.4).

7.2 Enkele duwstang monteren

(MA 339 C) ● Enkele duwstang (1) in werkstand in duwstangconsole (2) plaatsen en vasthouden. ● Klemstukken (H) links en rechts zoals afgebeeld in duwstangconsole (2) leggen. Ring (E) op bout (F) schuiven en bout (F) van binnen naar buiten door klemstukken en onderstuk duwstang geleiden. ● Ring (E) aanbrengen. ● Pennen (G) in snelspanner (I) zetten en beide samen op bout (F) schroeven. ● Snelspanner (3) sluiten. ● De snelspanner (3) moet zo stevig vastgedraaid zijn dat deze geheel kan worden gesloten en de duwstang dan stevig in de duwstangconsole zit. Zo nodig snelspanner weer losdraaien en bout (F) erin of eruit draaien. Elektrokabel monteren: ● Elektrokabel (1) zoals afgebeeld in kabellabyrint (2) op de duwstangconsole leggen. Op juiste positie van de kabelbinder (3) in het kabellabyrint letten. ● Elektrokabel (1) in houder (4) op de duwstangmanchet drukken. De elektrokabel moet bij het onderstuk duwstang strak tegen de buis van de duwstang liggen.

7.3 Dubbele duwstang monteren

(MA 339) Bovenstuk duwstang monteren: ● Bout met vlakke kop (J) door de kabelgeleiding (K) steken en de elektrokabel (1) vasthaken. ● Dubbele duwstang (2) op beide onderstukken duwstang (3) steken. Bouten met vlakke kop (J) – rechts met kabelgeleiding (K), links zonder – van binnen naar buiten door boringen steken en met draaiknoppen (L) vastschroeven. Kabelclip monteren: ● Elektrokabel (1) met kabelclip (M) op bovenstuk duwstang bevestigen. Houd op het bovenstuk van de duwstang een afstand van 25 - 27 cm tussen kabelclip en schakelaar aan.

7.4 Grasopvangbox in elkaar

zetten ● Bovenstuk van grasopvangbox (B) op onderstuk van grasopvangbox (C) plaatsen. De juiste positie in de geleiders (1) respecteren. ● Bouten (D) van binnen door de betreffende openingen drukken. ● Laat het bovenstuk van de grasopvangbox (B) in het onderstuk van de grasopvangbox klikken door hier licht op te drukken. ● Grasopvangbox vasthaken (Ö 9.5). E Schijf 2 F Bout 1 G Pin 1 H Klemstuk 2 I Snelspanner 1 J Bout met vlakke kop 2 K Kabelgeleiding 1 L Draaiknop 2 M Kabelclip 1 De geleverde onderdelen kunnen per land en per type uitvoering verschillen.

7. Apparaat klaarmaken voor

gebruik Gevaar voor letsel Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk „Voor uw veiligheid“ in acht. (Ö 4.). Trek met name voor alle werkzaamheden aan de grasmaaier de veiligheidsstekker eruit (Ö 9.1). Bij aflevering zijn de accu´s ca. 30% opgeladen. Daarom moeten ze vóór de eerste ingebruikname worden opgeladen.

De grasmaaiers MA 339 en MA 339 C werken met oplaadbare accu´s. Dit zijn uitsluitend hoogwaardige STIHL lithium-ionaccu´s van het type ´AP´. De evt. meegeleverde accu´s zijn optimaal geschikt voor de specifieke toepassing, maar alle in de vakhandel verkrijgbare STIHL lithium-ionaccu´s (AP 80, AP 115, AP 120, AP 160 ...) kunnen worden gebruikt. De elektronica van de grasmaaier wisselt gegevens met de geplaatste accu uit en past het vermogen van de elektromotor aan de betreffende capaciteit aan.

8.2 Oplaadapparaat aansluiten

● Voedingsstekker (1) op stopcontact (2) aansluiten. ● Na het aansluiten van het oplaadapparaat op de voeding volgt er een zelftest. Hierbij licht de LED (3) op het oplaadapparaat gedurende ca. 1 seconde groen en daarna rood op en dooft weer (Ö 8.6).

8.3 Accu verwijderen/plaatsen

● Accuvak openen en veiligheidsstekker eruit trekken (Ö 9.1). Accu verwijderen: ● Accu (1) naar boven eruit trekken. Accu plaatsen: ● Accu (1) zoals afgebeeld onder lichte druk in het accuvak plaatsen en deksel sluiten.

● Accu uit accuvak nemen (Ö 8.3). ● Oplaadapparaat aansluiten (Ö 8.2). ● Accu (1) in het oplaadapparaat (2) schuiven totdat u weerstand voelt, dan helemaal erin drukken. Groene LED´s op de accu en het oplaadapparaat (3) geven aan dat de accu wordt opgeladen. ● Na het volledig opladen van de accu doven de LED´s op de accu en het oplaadapparaat. Accu uit het oplaadapparaat nemen en in het accuvak plaatsen (Ö 8.3). Opladen Het oplaadapparaat herkent automatisch het type accu en past het laden hierop aan. De accu´s worden tijdens het opladen gekoeld – bij het snellaadapparaat (AL 300, AL 500) met een ventilator, bij het snellaadapparaat (AL 100) met de natuurlijke luchtstroming in de betreffende ruimte. Op de accu geven LED´s het oplaadniveau aan (Ö 8.5). Na het volledig opladen van de accu schakelt het oplaadapparaat automatisch uit en doven de LED´s op de accu en op het oplaadapparaat. De oplaadtijd hangt af van diverse factoren, zoals b. v. de staat van de accu of de omgevingstemperatuur en kan daarom van de vermelde oplaadtijden (Ö 19.) afwijken. Bij het plaatsen van een warme accu in het oplaadapparaat wordt de oplaadtijd evt. langer, omdat de accu voor het opladen moet worden afgekoeld.

8.5 LED-lampje op de accu

● Knop (1) indrukken om het lampje te activeren – lampje dooft na 5 seconden vanzelf. LED-meldingen: de LED´s kunnen groen of rood branden of knipperen. LED brandt groen. LED knippert groen. LED brandt rood. LED knippert rood. Groene LED´s melden normale werking, rode LED´s een storing. Bij het opladen: de LED´s geven het oplaadniveau door oplichten en knipperen aan. Bij het opladen wordt de momenteel bereikte capaciteit aangeduid door een groen knipperende LED.

DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL Na het opladen worden de LED´s automatisch uitgeschakeld. Tijdens het werken: de LED´s geven het oplaadniveau door oplichten en knipperen aan. Storingen Er brandt een rode LED Bij het opladen: Accu is te warm of te koud om het opladen te kunnen opstarten. Na het afkoelen of opwarmen van de accu begint het opladen automatisch. Tijdens het werken: Accu is te warm. Apparaat schakelt uit - accu uit de grasmaaier nemen en enige tijd laten afkoelen. Er knipperen vier rode LED´s De accu is defect en moet worden vervangen. Er branden drie rode LED´s De grasmaaier is te warm – laten afkoelen. Er knipperen drie rode LED´s De grasmaaier is defect en moet door de vakhandelaar worden geïnspecteerd. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.

8.6 LED-lampje op het

oplaadapparaat ● De LED (1) op het oplaadapparaat kan groen branden of rood knipperen. Permanent groen: de accu wordt opgeladen of eerst afgekoeld om daarna te kunnen worden opgeladen. De groene LED dooft zodra de accu geheel opgeladen is. Knippert rood: het opladen kan niet worden opgestart. Mogelijke oorzaken: – Geen elektrisch contact tussen accu en oplaadapparaat – accu verwijderen en opnieuw plaatsen (Ö 8.4). – Accu defect (Ö 8.5). – Oplaadapparaat defect - oplaadapparaat door de vakhandelaar laten inspecteren. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.

9.1 Veiligheidsstekker

De grasmaaiers MA 339 en MA 339 C zijn voorzien van een veiligheidsstekker. De apparaten kunnen alleen werken als de veiligheidsstekker in de daarvoor bedoelde positie in het accuvak zit. Voor het transport, voor onderhouds- en reinigingswerkzaamheden en voor de inspectie van de grasmaaier moet de veiligheidsstekker eruit worden getrokken. Veiligheidsstekker aansluiten: ● accuvak openen (Ö 9.2). ● Veiligheidsstekker (1) geheel in voet (2) drukken en accuvak daarna weer sluiten. Veiligheidsstekker lostrekken: ● accuvak openen (Ö 9.2). ● Veiligheidsstekker (1) uit voet (2) trekken en gescheiden van de grasmaaier bewaren.

Batterijvak openen: ● bevestigingsneus (1) iets indrukken en deksel (2) naar achteren open klappen.

Werk alleen met de grasmaaier als het accuvak gesloten is.

Batterijvak sluiten: ● deksel (2) dicht klappen en bevestigingsneus (1) laten vastklikken.

9.3 Enkele duwstang (MA 339 C)

De grasmaaier MA 339 C is voorzien van een instelbare telescoopduwstang. 1 Duwstang omklappen: Transportstand (voor het reinigen van het apparaat en voor ruimtebesparend transporteren en opslaan): ● Duwstang op laagste stand zetten. ● Duwstang (1) met een hand vasthouden en snelspanners (2) openen. ● Duwstang (1) naar voren omklappen. ● Zo nodig kan de snelspanner (2) worden gesloten en de duwstang in de transportstand worden vastgezet. Werkstand (voor het duwen van het apparaat): ● Duwstang (1) naar achteren opklappen en met een hand vasthouden. ● Snelspanner (2) sluiten. ● De snelspanner (2) moet zo stevig vastgedraaid zijn dat deze geheel kan worden gesloten en de duwstang dan stevig in de duwstangconsole zit. Zo nodig snelspanner weer losdraaien en bout (3) erin of eruit draaien. ● Hoogte van duwstang instellen. 2 Hoogteverstelling: de hoogte van de telescoopduwstang kan traploos worden ingesteld: ● Bovenstuk duwstang (4) met een hand vasthouden en snelspanners (5) openen. ● Bovenstuk duwstang (4) uit onderstuk duwstang trekken of in onderstuk duwstang schuiven en duwstang op gewenste hoogte zetten. ● Bovenstuk duwstang (4) met een hand vasthouden en snelspanners (5) sluiten. ● De snelspanner (5) moet zo stevig vastgedraaid zijn dat deze geheel kan worden gesloten en het bovenstuk duwstang stevig in het onderstuk duwstang zit. Zo nodig snelspanner weer losdraaien en kartelmoer (6) verdraaien.

9.4 Dubbele duwstang (MA 339)

Duwstang omklappen: Transportstand (voor het reinigen van het apparaat en voor ruimtebesparend transporteren en opslaan): ● Draai de draaiknoppen (1) zo ver los dat deze gemakkelijk over de schroefdraadloze gedeeltes heen en weer gaan en klap het bovenstuk duwstang (2) naar voren om. Werkstand (voor het duwen van het apparaat): ● Bovenstuk duwstang (2) naar achteren opklappen en met een hand vasthouden. ● Draaiknoppen (1) vastschroeven. Op juiste positie van de kabelgeleider (3) letten.

Monteren: ● Uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● Haak de grasopvangbox (2) met de bevestigingsnokken (3) in de bevestigingen (4) achterop het apparaat. ● Uitwerpklep (1) sluiten. Demonteren: ● Uitwerpklep (1) openen en vasthouden. ● Grasopvangbox (2) optillen en naar achteren wegnemen. ● Uitwerpklep (1) sluiten. Gevaar voor knellen! Door het losdraaien van de snelspanners kan de duwstang omklappen of in elkaar worden gedrukt. Houd de duwstang (1) daarom steeds met een hand op het hoogste punt vast, terwijl u de snelspanners opent.

Gevaar voor knellen! Door het losdraaien van de draaiknoppen kan het bovenstuk van de duwstang omklappen. Houd het bovenstuk van de duwstang (2) daarom steeds op het hoogste punt met één hand vast, terwijl u de draaiknoppen losdraait.

snijhoogteverstelling Er kunnen vijf verschillende snijhoogtes tussen 30 mm en 70 mm worden ingesteld. Stand 1 = laagste snijhoogte Stand 5 = hoogste snijhoogte Grasmaaier voor Groot-Brittannië: Er kunnen zes verschillende snijhoogtes tussen 20 mm en 70 mm worden ingesteld. Stand S = laagste snijhoogte Stand 5 = hoogste snijhoogte Snijhoogte instellen: ● Hendel hoogteverstelling (1) iets van de grasmaaier wegdrukken totdat de klemnokken (2) de hendel vrijgeven. ● Hogere snijhoogte: grasmaaier met de hendel hoogteverstelling (1) omhoog zetten (hendel wordt naar voren geschoven). Lagere snijhoogte: grasmaaier met de hendel hoogteverstelling (1) omlaag zetten (hendel wordt naar achteren geschoven). ● Hendel hoogteverstelling (1) naar de grasmaaier drukken totdat de klemnokken (2) in de hendel vallen. De geselecteerde snijhoogte kan op de voorste klemnok (3) worden afgelezen.

Door regelmatig te maaien en het gras kort te houden, krijgt u een mooi en dicht gazon. Maai het gazon bij warm en droog weer niet te kort, omdat het anders door de zon verbrandt en er lelijk uit gaat zien! Met een scherp mes is het maaibeeld mooier dan met een bot mes. Slijp het daarom regelmatig (VIKING vakhandelaar) Snijvermogen Het snijvermogen (werktijd van de accu) hangt af van de eigenschappen van het gras en de gekozen snijhoogte. U vergroot het snijvermogen als volgt: ● gazon vaker maaien, ● snijhoogte hoger zetten, ● rijsnelheid verlagen, ● gazon voor het maaien laten opdrogen. Indien gewenst kunt u extra STIHL lithium- ionaccu´s (speciale accessoires) aanschaffen.

10.2 Maaien op hellingen

Om veiligheidsredenen mag de grasmaaier uitsluitend bij hellingen tot max. 25° worden gebruikt. 25° (46,6°) betekent een verticale stijging van 46,6 cm bij een horizontaal traject van 100 cm.

10.3 Juiste belasting van de

elektromotor Schakel de grasmaaier niet in hoog gras of met de laagste snijhoogte in. De grasmaaier mag slechts zo sterk worden belast, dat het elektromotortoerental daarbij niet aanzienlijk daalt. Stel bij een dalend toerental een hogere snijhoogte in en/of reduceer de snelheid vooruit.

10.4 Als het maaimes blokkeert

Zet onmiddellijk de elektromotor af en trek de veiligheidsstekker eruit. Ruim vervolgens de oorzaak van de storing uit de weg.

overbelastingsbeveiliging van de elektromotor Treedt tijdens het werken een overbelasting op, dan schakelt de thermische overbelastingsbeveiliging de elektromotor automatisch uit. Oorzaken van overbelasting: – maaien van te hoog gras of bij te laag ingestelde snijhoogte, – te grote snelheid vooruit, – slechte reiniging van de koelluchttoevoer (ventilatiesleuven). Ter voorkoming van schade moet de laagste snijhoogte alleen worden gebruikt op gazons zonder oneffenheden.

10. Aanwijzingen voor

werken 180478 131 9917 G - NL

Opnieuw in gebruik nemen Na een afkoelingsperiode van max. 10 min. (afhankelijk van de omgevingstemperatuur) kan het apparaat weer normaal worden ingeschakeld (Ö 12.).

11.1 Veiligheidsstekker

De elektromotor kan alleen worden ingeschakeld als de veiligheidsstekker aangesloten is (Ö 9.1).

11.2 Bediening met twee handen

De elektromotor kan alleen worden ingeschakeld door de startknop met de rechterhand in te drukken en vast te houden en daarna de motorstopbeugel met de linkerhand naar de duwstang te trekken.

Na het loslaten van de motorstopbeugel komt het maaimes na minder dan 3 seconden tot stilstand. Een geïntegreerde uitlooprem verkort de uitlooptijd tot de stilstand van de messen.

12.1 Voorbereidende maatregelen

● Accu opladen (Ö 8.4). ● Veiligheidsstekker aansluiten (Ö 9.1).

12.2 Grasmaaier inschakelen

● Druk de startknop (1) in en houd deze ingedrukt. Trek de motorstopbeugel (2) naar de duwstang en houd deze vast. ● De startknop (1) kan na het bedienen van de motorstopbeugel (2) worden losgelaten.

12.3 Grasmaaier uitschakelen

● Motorstopbeugel (1) loslaten. De motor en het maaimes komen na een korte uitlooptijd tot stilstand.

12.4 Inhoudsindicatie

Op het bovenstuk van de grasopvangbox bevindt zich een inhoudsindicatie (1). De luchtstroom die door het draaien van het maaimes wordt veroorzaakt en waardoor de grasopvangbox wordt gevuld, tilt de inhoudsindicatie op (2): De grasopvangbox wordt gevuld met maaigoed. Naarmate er meer gras in de grasopvangbox komt, wordt deze luchtstroom minder krachtig en zakt de inhoudsindicatie (3): ● Volle grasopvangbox ledigen (Ö 12.5).

12.5 Grasopvangbox ledigen

● Motor uitschakelen (Ö 12.3) en grasopvangbox loshaken (Ö 9.5). ● De grasopvangbox bij de sluitlip grasopvangbox (1) openen en het bovenstuk van de grasopvangbox (2) naar boven openklappen. ● Grasopvangbox zoals afgebeeld aan de handgrepen in het bovenstuk grasopvangbox (3) en in het onderstuk grasopvangbox (4) vasthouden en ledigen.

11. Veiligheidsvoorzieningen

12. Apparaat in gebruik

nemen Gevaar voor letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk „Voor uw veiligheid“ in acht. (Ö 4.). Start de motor niet in hoog gras of op de laagste snijhoogte, om moeilijk starten te voorkomen.

Jaarlijks onderhoud door de vakhandelaar: De grasmaaier moet elk jaar door een vakhandelaar worden geïnspecteerd. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.

13.2 Apparaat reinigen

Onderhoudsinterval: na elk gebruik ● Accu verwijderen (Ö 8.3). ● Grasopvangbox loshaken (Ö 9.5). Reinigingspositie MA 339 C: ● Enkele duwstang omklappen (Ö 9.3). ● Uitwerpklep (1) optillen, grasmaaier omhoog kantelen en op de duwstangconsole (2) zetten. ● Duwstang (3) op de bodem laten rusten en met snelspanner (4) in deze positie vastzetten. Reinigingspositie MA 339: ● Dubbele duwstang omklappen (Ö 9.4). ● Grasmaaier omhoog kantelen en op de onderstukken van de duwstang (5) zetten. Aanwijzingen voor het reinigen: Reinig het apparaat na elk gebruik grondig. Door uw apparaat voorzichtig te behandelen, beschermt u het tegen beschadigingen en verlengt u de levensduur. Verwijder verontreinigingen van de koelluchttoevoer (ventilatiesleuven) tussen de motorkap en het onderstuk van de behuizing om voldoende koeling van de motor te kunnen garanderen. Reinig het maaimes. Reinig de onderkant van de grasmaaier met een borstel en water. Maak eerst de aangekoekte grasresten in de behuizing en in het uitwerpkanaal met een houten staaf los. Richt nooit harde waterstralen op motordelen, afdichtingen, lagers en elektrische onderdelen zoals accu´s of schakelaars. Dit kan leiden tot dure reparaties. Als u vuil niet met water, met een borstel of met een doek kunt verwijderen, raadt VIKING aan een speciaal reinigingsmiddel te gebruiken (b. v. STIHL speciale reiniger).

13.3 Elektromotor en wielen

De elektromotor is onderhoudsvrij. De lagers van de wielen zijn onderhoudsvrij.

Onderhoudsinterval: voor elk gebruik Inspecteer visueel of de accu niet beschadigd is. Accu´s met zichtbare beschadigingen (b. v. scheuren of uitstromende vloeistof) mogen niet worden gebruikt.

Onderhoudsinterval: voor elk gebruik Aansluitkabel op beschadigingen controleren en ventilatiesleuven van eventueel vuil ontdoen.

13.6 Maaimes onderhouden

Onderhoudsinterval: voor elk gebruik ● Klap de grasmaaier omhoog in de reinigingspositie (Ö 13.2). ● Reinig het maaimes (1) en controleer het op beschadigingen (inkepingen of scheuren) en slijtage. Vervang het maaimes indien nodig.

Gevaar voor letsel Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk „Voor uw veiligheid“ in acht. (Ö 4.). Trek met name voor alle werkzaamheden aan de grasmaaier de veiligheidsstekker eruit (Ö 9.1). Gevaar voor letsel! Plaats de maaier op een vaste, horizontale en effen ondergrond voordat u de maaier op zijn kant zet. Apparaat kan bij werkzaamheden in de reinigingspositie omvallen. Sta altijd aan de zijkant van het apparaat. Werk nooit vóór of achter de maaier.

● Dikte van het mes op minstens 5 punten met schuifmaat (2) meten. Met name ook bij de mesvleugels is de minimale dikte essentieel. ● Leg een liniaal (3) tegen de voorste mesrand en meet de slijtage. Slijtagegrenzen: De dikte van het mes moet overal minstens 1,6 mm zijn. De lemmeten mogen bij het slijpen maximaal 5mm worden afgeslepen. Als niet het meegeleverde mes, maar bijv. het als accessoire verkrijgbare mulchmes op de grasmaaier gemonteerd is, gelden navenant andere slijtagegrenzen (zie gebruiksaanwijzing Kit 339).

13.7 Maaimes demonteren en

monteren 1 Demonteren: ● geschikt houten blok (1) voor het tegenhouden van het maaimes (2) gebruiken. ● Mesbout (3) eruit schroeven en maaimes (2) wegnemen. 2 Monteren: ● Montagevlak en bus van het mes reinigen. ● Maaimes (2) met de omhooggebogen randen naar boven monteren. De bevestigingsnokken (4) moeten in de boringen (5) van het maaimes worden geplaatst. ● Geschikt houten blok (1) voor het tegenhouden van het maaimes (2) gebruiken. ● Mesbout (3) met een aandraaimoment van 10 - 15Nm vastdraaien.

13.8 Maaimes slijpen

VIKING raadt aan om het maaimes door een vakman te laten slijpen. Bij een onjuist geslepen mes (onjuiste slijphoek, onbalans enz.) komt de goede werking van het apparaat in het gedrang. Aanwijzingen voor het slijpen: ● Maaimes demonteren (Ö 13.7). ● Koel het maaimes tijdens het slijpen, bijv. met water. Het mes mag niet blauw worden, omdat anders de snijresultaten minder worden. ● Het mes gelijkmatig slijpen om vibraties door onbalans te voorkomen. ● Met een hoek van 30° slijpen. ● Verwijder eventueel na het slijpen bramen op het lemmet met fijnkorrelig schuurpapier.

13.9 Opslag (winterpauze)

Grasmaaier opslaan: Trek de veiligheidsstekker los en verwijder de accu. Gevaar voor letsel! Een versleten of beschadigd mes kan afbreken en ernstig letsel veroorzaken. Neem daarom altijd de onderhoudsinstructies voor het mes in acht. De grasmaaier mag met name niet in gebruik worden genomen als er onderdelen van de snijeenheid (bestaande uit maaimes, mesbout en meshouder) beschadigd of versleten zijn. Afhankelijk van de toepassing en de gebruiksduur zijn de messen in meer of mindere mate slijtagegevoelig. Als u het apparaat op een zanderige ondergrond in droge omstandigheden gebruikt, slijt het mes door een sterkere belasting sneller dan gemiddeld. Vervang bij het vervangen van het maaimes ook altijd de mesbout (4). Mesbout ter voorkoming van schade met een passende verwisselbare inbuskop (22 mm) los- en vastschroeven. Gevaar voor letsel! Het maaimes (2) kan alleen zoals afgebeeld worden gemonteerd. De lippen (6) moeten naar onder en de sterk gebogen mesvleugels moeten naar boven wijzen. Het voorgeschreven aandraaimoment van de mesbouten van 10 - 15Nm moet precies worden aangehouden, omdat een veilige bevestiging van het snijgereedschap daarvan afhankelijk is. Mesbout (3) extra met Loctite 243 borgen.

Gevaar voor letsel! Controleer het mes vóór het inbouwen op beschadigingen. Het mes moet worden vervangen zodra inkepingen of scheuren te zien zijn, als het snijgereedschap meer dan 5 mm afgesleten is, of als het mes ergens dunner dan 1,6 mm is (Ö 13.6).93 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL Veiligheidsstekker gescheiden van grasmaaier en buiten bereik van onbevoegden, met name van kinderen, bewaren. Grasmaaier in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Beveilig het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (b. v. door kinderen). De grasmaaier mag alleen in goede staat worden opgeslagen, zo nodig duwstang omklappen. Zorg ervoor dat alle moeren, bouten en schroeven vast zijn aangedraaid, vernieuw onleesbaar geworden waarschuwingsaanwijzingen op het apparaat, controleer het gehele apparaat op slijtage of beschadigingen. Vervang versleten of beschadigde onderdelen. Eventuele storingen aan het apparaat moeten in de regel voor het opbergen worden verholpen. Neem bij een langere stilstand van de grasmaaier (winterpauze) de volgende punten in acht: ● Maak alle onderdelen aan de buitenkant van het apparaat zorgvuldig schoon. ● Smeer alle bewegende delen goed met olie of vet. Accu´s opslaan: Accu uit het accuvak of uit het oplaadapparaat nemen en in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Beveilig accu´s tegen gebruik door onbevoegden (b. v. door kinderen). Reserveaccu´s niet ongebruikt opslaan - afwisselend gebruiken. Accu´s voor een optimale levensduur bij +10°C tot +20°C en bij een oplaadniveau van ca. 30% opslaan. Oplaadapparaat opslaan: verwijder de accu en trek de netstekker eruit. Oplaadapparaat in een droge, afgesloten en stofvrije ruimte opslaan. Beveilig het apparaat tegen gebruik door onbevoegden (b. v. door kinderen).

14.1 Grasmaaier dragen en

bevestigen Apparaat dragen: ● Grasmaaier uitsluitend aan de handgrepen (1, 2) optillen. Houd altijd voldoende afstand tot het maaimes, met name wat betreft de voeten en benen. ● Grasmaaier met beide handen, met de ene hand op de bovenste handgreep (2) en met de andere hand op de onderste handgreep (1) dragen,

● grasmaaier met een hand op de bovenste handgreep (2) dragen. Apparaat vastsjorren: ● Zeker de grasmaaier met geschikte bevestigingsmiddelen op het laadoppervlak. ● Maak de touwen resp. gordels aan de handgrepen (1, 2) vast. Neem de volgende belangrijke aanwijzingen in acht om schade of overmatige slijtage aan uw VIKING apparaat te vermijden:

1. Slijtageonderdelen

Sommige onderdelen van het VIKING apparaat zijn ook bij reglementair gebruik aan normale slijtage onderhevig en moeten afhankelijk van de gebruikswijze en gebruiksduur tijdig worden vervangen. Hiertoe behoren onder andere: –mes – grasopvangbox –accu

2. Inachtneming van de voorschriften in

deze gebruiksaanwijzing Het VIKING apparaat moet zo zorgvuldig mogelijk worden gebruikt, onderhouden en opgeslagen, zoals omschreven in deze gebruiksaanwijzing. Voor alle beschadigingen die door het niet in acht nemen van veiligheids-, bedienings- en onderhoudsaanwijzingen worden veroorzaakt, is de gebruiker zelf verantwoordelijk. Dit geldt met name voor:

Gevaar voor letsel! Neem de veiligheidswaarschuwingen in het hoofdstuk „Voor uw veiligheid“ in acht. (Ö 4.). Trek met name voor alle werkzaamheden aan de grasmaaier de veiligheidsstekker eruit (Ö 9.1). Ga bij het transport van lithium- ionaccu´s uiterst omzichtig te werk (Ö 4.2).

schade voorkomen0478 131 9917 G - NL

– foutieve aansluiting (spanning). – niet door VIKING toegelaten productwijzigingen. – het gebruik van gereedschappen of accessoires die niet voor het apparaat zijn goedgekeurd, niet geschikt zijn of van een minder goede kwaliteit zijn. – niet reglementair gebruik van het product. – gebruik van het product bij sport- of wedstrijdevenementen. – gevolgschade door een product met defecte onderdelen verder te gebruiken.

3. Onderhoudswerkzaamheden

Alle in het hoofdstuk "Onderhoud" vermelde werkzaamheden moeten regelmatig worden uitgevoerd. Voor zover deze onderhoudswerkzaamheden niet door de gebruiker zelf kunnen worden uitgevoerd, moeten deze aan een vakhandelaar worden overgedragen. VIKING raadt aan onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitsluitend bij de VIKING vakhandelaar te laten uitvoeren. VIKING vakhandelaars volgen regelmatig cursussen en krijgen voortdurend technische informatie ter beschikking gesteld. Worden deze werkzaamheden niet uitgevoerd, dan kan er schade ontstaan waarvoor de gebruiker verantwoordelijk is. Hiertoe behoren onder andere: – beschadigingen aan de aandrijfmotor door onvoldoende reiniging van de koelluchttoevoer (ventilatiesleuven). – corrosie en andere gevolgschade door ondeskundige opslag. – beschadigingen aan het apparaat door het gebruik van kwalitatief minderwaardige reserveonderdelen. – beschadigingen door niet tijdig of ondeskundig uitgevoerd onderhoud resp. beschadigingen door onderhouds- of reparatiewerkzaamheden die niet in werkplaatsen van vakhandelaars zijn uitgevoerd. Grasresten horen niet in de vuilnisbak, maar moeten worden gecomposteerd. De verpakkingen, het apparaat en de accessoires zijn met recycleerbaar materiaal gefabriceerd en moeten overeenkomstig worden verwerkt. Door materiaalresten afzonderlijk en milieubewust te verwerken, ondersteunt u de recyclage van waardevolle stoffen. Daarom moet het apparaat na afloop van de gebruikelijke levensduur als bijzonder afval worden verwerkt. Raadpleeg bij het afvoeren de informatie in het hoofdstuk ´Afvoeren´ (Ö 4.8) Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. Voer afvalproducten als accu’s altijd op de juiste wijze af. Neem de plaatselijke voorschriften in acht. Bied de accu’s niet via het huisvuil aan, maar lever deze bij de vakhandelaar of het afvalpunt voor gevaarlijke stoffen in. Neem contact op met het Recycling Center of uw vakhandelaar voor nadere informatie over het deskundig afvoeren van afvalproducten. VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.

16.1 Terugnameplicht

Wij verbinden ons ertoe onze apparaten met het milieulabel na hun levensduur zelf, of door een door ons aangestelde derde partij, terug te nemen om de apparaten/onderdelen te hergebruiken of op een milieuvriendelijke manier te recycleren. Maaimes

STIHL accu Ga naar uw VIKING vakhandelaar voor bestelinformatie. Wij,

reserveonderdelen De bevestigingselementen van het maaimes (bijv. mesbout) moeten bij het verwisselen of monteren van het mes worden vervangen. Reserveonderdelen zijn verkrijgbaar bij de VIKING vakhandelaar.

conformiteitsverklaring van de fabrikant95 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL VIKING GmbH Hans Peter Stihl-Straße 5 A 6336 Langkampfen/Kufstein verklaren, dat de Grasmaaier, handgestuurd en met accu (MA) en het oplaadapparaat overeenstemt met de volgende EG- richtlijnen: 2000/14/EC, 2002/96/EC, 2004/108/EC, 2006/42/EC, 2006/66/EC, 2011/65/EC De producten zijn in overeenstemming met de volgende normen ontwikkeld: EN 60335-1, EN 60335-2-29, EN 60335-2-77 Toegepaste conformiteitsbeoordelingsprocedure: appendix VIII (2000/14/EC) Naam en adres van de bevoegde instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 D-90431 Nürnberg Samenstelling en klassement van de Technische Documentatie: Johann Weiglhofer VIKING GmbH Het bouwjaar en het serienummer staan vermeld op het typeplaatje van het apparaat. Gemeten geluidsniveau: 89,1 dB(A) Gegarandeerd geluidsniveau: 90 dB(A) Langkampfen, 2015-01-02 (JJJJ-MM-DD) VIKING GmbH Hoofd Onderzoek en Productontwikkeling fabrieksmerk: VIKING type: MA 339.0 MA 339.0 C Productiecode 6320 fabrieksmerk: STIHL type: AL 100 AL 300 AL 500 Productiecode 4850

19. Technische gegevens

Accu: Type lithium-ion Het apparaat is geschikt voor STIHL accu´s van het type AP. De inzetduur van het apparaat is afhanke- lijk van de energie van de accu (b. v. 160 Wh bij AP 160). Oplaadapparaat AL 100 / Oplaadapparaat AL 300 / Oplaadapparaat AL 500: Nominale spanning 220 - 240 V Frequentie 50 Hz Beschermingsklasse II Classificatie IP20 Toegestane oplaadtemperaturen: +5°C tot +40°C Oplaadapparaat AL 100: Nominale stroomsterkte 0,6 A Stroomverbruik 75 W Oplaadstroom 1,6 A Gewicht 0,8 kg Oplaadtijd voor AP 115: - tot 80 % capaciteit 110 min - tot 100 % capaciteit 140 min Oplaadtijd voor AP 120: - tot 80 % capaciteit 120 min - tot 100 % capaciteit 140 min Oplaadtijd voor AP 160: - tot 80 % capaciteit 150 min - tot 100 % capaciteit 165 min Oplaadapparaat AL 300: Nominale stroomsterkte 2 A Stroomverbruik 320 W Oplaadstroom 6,5 A Gewicht 1,2 kg Oplaadtijd voor AP 115: - tot 80 % capaciteit 25 min - tot 100 % capaciteit 55 min Oplaadtijd voor AP 120: - tot 80 % capaciteit 30 min - tot 100 % capaciteit 60 min Oplaadtijd voor AP 160: - tot 80 % capaciteit 35 min - tot 100 % capaciteit 60 min Oplaadapparaat AL 500: Nominale stroomsterkte 2,6 A Stroomverbruik 570 W Oplaadstroom 12 A Gewicht 1,2 kg0478 131 9917 G - NL

Transport van STIHL accu´s: STIHL accu´s voldoen aan de cf. UN- handboek ST/SG/AC.10/11/Rev.5 deel III, paragraaf 38.3 vermelde voorwaarden. De gebruiker kan STIHL accu´s bij transport over de weg zonder verdere voorwaarden naar de plaats van gebruik van het apparaat vervoeren. Neem voor het transport per vliegtuig of per schip de landspecifieke voorschriften in acht. Zie www.stihl.com/safety-data-sheets voor verdere aanwijzingen m.b.t. het transport REACH: REACH duidt op een EG-verordening inzake het registeren, analyseren en toestaan van chemicaliën. Voor informatie over het voldoen aan de REACH- verordening (EG) nr. 1907/2006 gaat u naar www.stihl.com/reach Storing: De motor start niet Mogelijke oorzaak: – Accu niet geheel opgeladen (op de accu knippert een groene LED) – Accu niet goed geplaatst – Veiligheidsstekker niet aangesloten – Startknop niet ingedrukt – De motor is overbelast door te hoog of te vochtig gras – Motorbeveiliging geactiveerd – Accu te koud/te warm (op de accu brandt een rode LED) – Grasmaaier te warm (op de accu branden drie rode LED´s) – Vocht in apparaat en/of accu – Maaidek is verstopt – Zekering in veiligheidsstekker defect Oplaadtijd voor AP 115: - tot 80 % capaciteit 20 min - tot 100 % capaciteit 25 min Oplaadtijd voor AP 120: - tot 80 % capaciteit 30 min - tot 100 % capaciteit 60 min Oplaadtijd voor AP 160: - tot 80 % capaciteit 35 min - tot 100 % capaciteit 60 min MA 339.0 / MA 339.0 C: Productiecode 6320 Motor, type elektromotor Fabrikant Domel Type EC-motor Spanning 36 V Stroomverbruik 600 W Beschermingsklasse: III Classificatie IPX 0* Snijvoorziening mesbalk Snijbreedte 37 cm Toerental snijvoorziening 3100 omw/min. Aandrijving mesbalk permanent Aanhaalkoppel messenbout 10 - 15 Nm Wiel-Ø voor 150 mm Wiel-Ø achter 180 mm Grasopvangbox 40 l Snijhoogte 30 - 70 mm Snijhoogte (alleen voor Groot- Brittannië) 20 - 70 mm Conform richtlijn 2000/14/EC: Gegarandeerd geluidsniveau L WAd 90 dB(A) Conform richtlijn 2006/42/EC: Oplaadapparaat AL 500: Geluidsniveau op werkplek L

77 dB(A) Onzekerheid K

  • Beoogde classificatie IPX 1 wordt gerea- liseerd door gebruik van geschikte onderdelen. MA 339.0: Opgegeven trillingskarakteristiek conform EN 12096: Gemeten waarde

0,63 m/sec² Onzekerheid K

1,02 m/sec² Onzekerheid K

# Neem eventueel contact op met een vakhandelaar, VIKING beveelt u de VIKING vakhandelaar aan.97 DEENFRITESPTNOSVFIDAPLSKTRHU NL 0478 131 9917 G - NL – Apparaat defect (op de accu knipperen drie rode LED´s) Oplossing: – Accu opladen (Ö 8.4) – Accu in accuvak plaatsen (Ö 8.3). – Veiligheidsstekker aansluiten (Ö 9.1) – Startknop indrukken (Ö 12.2) – Motor niet in hoog gras starten, snijhoogte aanpassen (Ö 9.6) – Apparaat laten afkoelen (Ö 10.5) – Accu laten opwarmen of afkoelen (Ö 8.4) – Accu uit het accuvak nemen en drogen; accuvak reinigen en/of drogen (Ö 8.3) – Maaidek reinigen (Ö 13.2) – Veiligheidsstekker vervangen (#) Storing: Elektromotor schakelt tijdens gebruik uit Mogelijke oorzaak: – Accu of apparaatelektronica te warm – Elektrische storing – Accu niet geheel opgeladen – Veiligheidsstekker niet goed aangesloten – Apparaat is overbelast door het maaien van te hoog of te vochtig gras – Defect in de grasmaaier Oplossing: – Accu uit het accuvak nemen; grasmaaier en accu laten afkoelen (Ö 8.3) – Accu uit accuvak nemen en weer plaatsen (Ö 8.3) – Accu opladen (Ö 8.4) – Veiligheidsstekker aansluiten (Ö 9.1) – Snijhoogte en maaisnelheid aan de te maaien oppervlakte aanpassen (Ö 9.6) – Grasmaaier repareren (#) Storing: Sterke trillingen tijdens gebruik Mogelijke oorzaak: – Mesbout is los – Mes is niet gebalanceerd Oplossing: – Mesbout vastdraaien (Ö 13.7) – Mes slijpen (balanceren) of vervangen (Ö 13.8) Storing: Slecht gemaaid, gras wordt geel Mogelijke oorzaak: – Maaimes is bot of versleten – De snelheid vooruit is in verhouding tot de snijhoogte te hoog Oplossing: – Maaimes slijpen of vervangen (Ö 13.8) – Snelheid vooruit verminderen en/of juiste snijhoogte kiezen (Ö 9.6) Storing: Moeilijk inschakelen of het vermogen van de elektromotor wordt minder Mogelijke oorzaak: – Accu ontladen – Maaien van te hoog of te vochtig gras – Maaierbehuizing is verstopt – Maaimes is bot of versleten Oplossing: – Accu laden (Ö 8.4) – Snijhoogte en maaisnelheid aan de te maaien oppervlakte aanpassen (Ö 9.6) – Maaierbehuizing reinigen (Ö 13.2) – Maaimes slijpen of vervangen (Ö 13.8) Storing: Uitwerpkanaal verstopt Mogelijke oorzaak: – Maaimes is versleten – Maaien van te hoog of te vochtig gras Oplossing: – Maaimes vervangen (Ö 13.7) – Snijhoogte en maaisnelheid aan de te maaien oppervlakte aanpassen (Ö 9.6) Storing: Apparaat werkt te kort Mogelijke oorzaak: – Accu niet geheel opgeladen – Maaien van te hoog of te vochtig gras – Maaidek is verstopt – Maaimes is bot of versleten – Levensduur van accu is verstreken of overschreden Oplossing: – Accu opladen (Ö 8.4) – Snijhoogte en maaisnelheid aan de te maaien oppervlakte aanpassen (Ö 9.6) – Maaidek reinigen (Ö 13.2) – Maaimes slijpen of vervangen (Ö 13.8) – Accu inspecteren, evt. vervangen (#) Storing: Accu laadt niet op, ondanks groen brandende LED op het oplaadapparaat Mogelijke oorzaak: – Accu te koud/te warm (op de accu brandt een rode LED) Oplossing: – Accu laten opwarmen of afkoelen (Ö 8.4). Oplaadapparaat alleen in afgesloten en droge ruimtes, bij temperaturen van +5°C tot +40°C gebruiken.0478 131 9917 G - NL

Storing: Accu laadt niet op, er brandt geen LED Mogelijke oorzaak: – Geen elektrisch contact tussen oplaadapparaat en accu – Storing in voeding oplaadapparaat Oplossing: – Accu uit accuvak nemen en weer plaatsen (Ö 8.3) – Oplaadapparaat aansluiten (Ö 8.2) – Elektriciteitsnet controleren – Oplaadapparaat inspecteren, evt. vervangen (#) Storing: LED op het oplaadapparaat knippert rood Mogelijke oorzaak: – geen elektrisch contact tussen oplaadapparaat en accu – accu defect (4 LED´s op de accu knipperen gedurende ca. 5 seconden rood) – Oplaadapparaat defect Oplossing: – accu uit accuvak nemen en weer plaatsen (Ö 8.3) – Accu inspecteren, evt. vervangen (#) – Oplaadapparaat inspecteren, evt. vervangen (#)

Geef deze gebruiksaanwijzing aan uw VIKING vakhandelaar in geval van onderhoudswerkzaamheden. Hij bevestigt op de voorgedrukte velden de servicewerkzaamheden die werden uitgevoerd.

21. Onderhoudsschema

Service uitgevoerd op Datum volgende servicebeurt

8.3 Vybratie/vloženie