Master DH 92 - Luchtbevochtiger

DH 92 - Luchtbevochtiger Master - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DH 92 Master in PDF-formaat.

📄 184 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Master DH 92 - page 40
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Master

Model : DH 92

Categorie : Luchtbevochtiger

Download de handleiding voor uw Luchtbevochtiger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DH 92 - Master en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DH 92 van het merk Master.

GEBRUIKSAANWIJZING DH 92 Master

3... WERKZAAMHEDEN VOORAF 4... INWERKINGSTELLEN 5... ONDERHOUD 6... LIJST ALARMEN ►►►1. INLEIDING ►►1.1. INLEIDING De handleiding is bedoeld voor de eindgebruiker voor alleen de handelingen die met gesloten pa- nelen kunnen worden uitgevoerd. De handelingen waarvoor deuren of panelen met gereedschap geopend moeten worden, mogen alleen door er- varen personeel worden uitgevoerd. Elk apparaat moet op de elektrische stroomvoorziening worden aangesloten via een bij de unit geleverde kabel met voedingsstekker. De voedingsstekker moet voor de onderhoudswerkzaamheden altijd wor- den losgekoppeld, zodat de bediener in veilige omstandigheden kan ingrijpen. Lees voor de identicatie van het apparaat (model en serienummer), in geval van verzoek om assis- tentie of voor het bestellen van reserveonderde- len, het identicatieplaatje dat zich aan de buiten- kant van de unit bevindt. ►►1.2. ALGEMENE VEILIGHEIDSVOOR- SCHRIFTEN Het doel van de handleiding en van alle verstrekte informatie is om zowel de installateur als de be- diener in staat te stellen de installatie, de inwer- kingstelling en de onderhoud van de apparatuur correct uit te voeren, zonder schade aan het aan- gestelde personeel en de unit te veroorzaken. Elk apparaat wordt onderworpen aan een risico- beoordeling uitgevoerd in overeenstemming met de geldende regeling, die de vereiste acties be- paalt en de noodzakelijke beschermingsmaatre- gelen implementeert, om de doelstellingen voor risicobeperking te verwezenlijken. Alle activiteiten met betrekking tot de werking en het onderhoud van de unit moeten uitgevoerd worden: ►Alleen door goed opgeleide personen, die veili- ge werkprocedures moeten toepassen en indi- viduele beschermingsmiddelen moeten gebrui- ken die geschikt zijn voor de uitgevoerde taak, op basis van hun specieke kwalicatie. ► Alleen door goed opgeleide personen die de handleidingen, die de technische documenten en de veiligheidsdocumenten in hun geheel ge- lezen en begrepen hebben. ►Het gebruik van het apparaat moet worden ge- weigerd aan iedereen die niet voldoende opge- leid en bekwaam is. Deze handleiding en de eventueel bijgevoegde technische- en veiligheidsdocumenten moeten gelezen en bewaard worden voor de gehele le- vensduur van het apparaat: AANDACHT: Dit apparaat is ontworpen voor gebruik binnenshuis. AANDACHT: De unit moet worden aange- sloten op een elektrische installatie volgens de plaatselijke elektrische veiligheidsvoor- schriften. AANDACHT: De unit moet geplaatst wor- den met inachtneming van de noodzakelijke afmetingen en afstanden, met inbegrip van de minimum afstanden toegestaan door aangren- zende structuren. AANDACHT: Deze apparatuur moet altijd aangesloten zijn op geaarde stopcontacten; voor gevaar of schade als gevolg van het niet naleven van dit voorschrift wordt geen enkele aansprakelijkheid aanvaard. AANDACHT: Er mogen geen puntige voor- werpen (schroevendraaiers, naalden of iets dergelijks) in de roosters of in andere ope- ningen van de panelen worden gestoken, met name wanneer de unit open is om het lter te verwijderen. AANDACHT: Elke ingreep voor onderhoud en reiniging van de unit moet uitgevoerd wor- den met losgekoppelde elektrische stroom- voorziening. Het rooster aan de voorkant nooit verwijderen of delen van de unit openen zon-en

der eerst de stekker uit het stopcontact te ha- len. AANDACHT: De unit mag niet met water worden schoongemaakt. Gebruik een vochtige doek om de unit te reinigen. Spuit nooit water op de unit en zijn elektrische componenten. De apparatuur moet altijd in verticale stand wor- den gehouden, om te vermijden dat er per onge- luk condens (water) uit de daarvoor bestemde op- vangbak wegloopt. Het is absoluut verboden de apparatuur te verplaatsen wanneer deze op het stopcontact is aangesloten, aangezien de daar- uit voortkomende trillingen en bewegingen ervoor kunnen zorgen dat de condens uit de speciaal daarvoor bestemde opvangbak wegloopt, met ge- volgen voor de elektrische onderdelen. De unit mag alleen worden verplaatst na de tank van de condens leeg te hebben gemaakt en het is, in ieder geval, ALTIJD NOODZAKE- LIJK om eerst de stekker uit het stopcontact te halen voordat u het apparaat gaat verplaatsen. Als er per ongeluk water op het apparaat wordt gemorst, dan moet de unit meteen uitgescha- keld en van het elektriciteitsnet losgekoppeld worden, en de unit mag pas weer worden inge- schakeld nadat er acht uur zijn verstreken. AANDACHT: Het apparaat bevat koelmid- del R1234yf: dit gas is ontvlambaar. De laadhoeveelheid is aangegeven in de gege- venstabel van deze gebruikshandleiding. Wees voorzichtig, het koelmiddel is reukloos. Gebruik geen andere middelen om het ont- dooiingsproces te versnellen of om te reini- gen, dan die door de producent worden aan- bevolen. Het apparaat moet in een ruimte staan die geen continu werkende ontstekingsbronnen heeft (bijvoorbeeld open vuur, in een gastoe- stel in werking of een elektrische verwarming in werking). Het apparaat niet doorboren of verbranden. ►►1.3. INDIVIDUELE BESCHERMINGS- MIDDELEN Gebruik voor de bediening en het onderhoud van de units, de volgende individuele beschermings- middelen: KLEDING: Wie onderhoud verricht of de unit bedient, moet veiligheidsschoenen met antis- lipzolen dragen in omgevingen met een gladde vloer. HANDSCHOENEN: Tijdens de schoonmaak en het onderhoud moeten passende handschoe- nen gedragen worden. Wanneer koelmiddelgas wordt bijgevuld, is het gebruik van passende handschoenen verplicht om het risico op bevrie- zing te vermijden. GEZICHTSMASKER EN BESCHERMBRIL: Tijdens de schoonmaak en het onderhoud moeten maskers voor de bescherming van de luchtwegen en een beschermbril voor oogbescherming wor- den gebruikt. ►►1.4. ALGEMENE VEILIGHEIDSVOOR- SCHRIFTEN Op de unit zijn de volgende veiligheidssignalen vermeld, die nageleefd moeten worden: Lees de gebruikershandleiding. Lees de technische handleiding. Gevaar voor elektrische schok. Gevaar ontvlambaar materiaal. AANDACHT: Het is streng verboden de op de units aanwezige veiligheidsaanduidingen te ver- wijderen. ►►►2. ALGEMENE BESCHRIJVING

(FIG. 1) De ontvochtiger is een apparaat voor de controle van de vochtigheid van de ruimte waarin deze is geplaatst. De fase van ontvochtiging maakt ge-en

bruik van een koelcyclus die gebaseerd is op het fysieke principe dat wanneer de lucht in contact komt met een koud oppervlak, het oppervlak be- vochtigd wordt door vocht af te geven in de vorm van condensdruppels. Het apparaat is als volgt samengesteld (FIG. 2): De lucht wordt door het toestel aangezogen, via de wasbare lter (1), de koude aluminium spiraal- buis (verdamper) (2), de warme warmtewisselaar (condensator) (3), de ventilator (4) en ten slotte gaat de ontvochtigde lucht naar buiten en wordt via het rooster weer naar de ruimte teruggevoerd. Het gecondenseerde water wordt in de tank (5) opgevangen. Een microschakelaar stopt het ap- paraat wanneer het water in de tank een bepaald niveau bereikt. Een elektronische kaart (6) be- heert de correcte werking van het apparaat. Dit apparaat is voorzien van een heetgas-ontdooi- automaat, die de correcte werking van de ont- vochtiger garandeert binnen de range van tempe- ratuur en vochtigheid zoals gespeciceerd in de tabel van de technische gegevens. ►►2.1. KOELCIRCUIT Het koelmiddelgas dat in deze unit wordt gebruikt is R1234yf. Het koelcircuit is gerealiseerd in over- eenstemming met de geldende voorschriften. Gevaar ontvlambaar materiaal. Deze groep is hermetisch afgedicht en bevat ge- uoreerd gas R1234yf GWP (R1234yf) = 4. ►►►3. WERKZAAMHEDEN VOORAF

Verwijder de verpakking en wees voorzichtig om de unit niet te beschadigen. Gooi de verpakkings- producten (hout, plastic, karton) weg, door ze in te leveren bij gespecialiseerde centra voor afvalin- zameling of recycling (houd u aan de van kracht zijnde plaatselijke normen). AANDACHT: Monteer al naar gelang het mo- del, het apparaat met de eventuele handgrepen, wielen en alle bijbehorende bouten en moeren (FIG. 3), die in de verpakking zitten, alvorens het apparaat in werking te stellen. ►►3.2. INSPECTIE Alle units zijn in fabriek gemonteerd en be- draad (met uitzondering van enkele componen- ten). De unit moet meteen bij ontvangst zorgvul- dig worden geïnspecteerd, om te zien of er geen schade tijdens het transport is opgetreden en of er geen onderdelen ontbreken. Voor de ingebruikname dient u met name te controleren of er geen butsen of deuken in de me- talen panelen aan de buitenkant zitten, inclusief die van het tankcompartiment. Controleer ook of de kabel, de stekker en de bijbehorende isolaties in intacte staat zijn. Anders IS HET VERBODEN om de unit aan te sluiten en in werking te zetten; de unit moet in dat geval naar een geautoriseerd assistentiecentrum gestuurd worden. ►►3.3. WERKINGSLIMIETEN AANDACHT: Om een correcte werking van het apparaat te garanderen, wordt aanbevolen om de unit binnen de limieten te laten werken zoals vermeld in de tabel van de technische gegevens. ►►3.4. PLAATSING Zet het apparaat zodanig dat voldoende lucht- stroom wordt gegarandeerd. AANDACHT: Zorg ervoor dat het apparaat zo- danig wordt geplaatst dat contact met het water wordt vermeden. ►►3.5. SERVICEGEBIED De door de ventilator uitgestoten warme lucht mag niet worden geblokkeerd. Vermijd verschijnselen van hercirculatie van warme lucht tussen aanzui- ging en afvoer, anders worden de prestaties van het apparaat aangetast of wordt zelfs de normale werking onderbroken. AANDACHT: De apparatuur mag niet in krap- pe ruimtes worden geplaatst, waar het niet moge- lijk is om de lucht die afkomstig is van het luchtaf- voerrooster voldoende in de ruimte te verspreiden. AANDACHT: Geen voorwerpen tegen het pa- neel aan de voorkant zetten of ophangen, dit kan schade aan de unit veroorzaken.en

►►3.6. ALGEMEENHEDEN AANDACHT: Haal voor elke onder- houdsingreep aan het elektrische gedeelte, de stekker uit het stopcontact. AANDACHT: Controleer of de voedingsspan- ning overeenkomt met de werkingsgegevens van de unit (spanning en frequentie), vermeld op het typeplaatje op de ontvochtiger. Het apparaat is voorzien van een voedingskabel voor de juiste werking. AANDACHT: De aardeaansluiting is verplicht. ►►►4. INWERKINGSTELLEN ►►4.1. CONTROLES VOORAF BELANGRIJK: Bij de modellen met dubbele spanning (...DV) moet u de stand van de schakelaar voor omschakeling van de span- ning (220-240V / 110-120V) controleren. Als de ingestelde spanning niet overeenkomt met de spanning die door het net wordt geleverd, moet u de spanning gaan aanpassen (FIG. 4). Draai de twee bevestigingsschroeven van de afdekking los, zet/druk de schakelaar op de aangegeven spanningswaarde en monteer de afdekking er weer op. AANDACHT: Controleer of de voedings- kabel correct is aangesloten. AANDACHT: Voordat u tot de ingebruik- name overgaat, controleert u of alle afdekpanelen zich op de juiste positie bevinden en met bevesti- gingsschroeven zijn geblokkeerd. AANDACHT: Wanneer het apparaat lan- ge tijd niet wordt gebruikt, moet de elektrische stroomvoorziening altijd losgekoppeld worden. ►►4.2. BEDIENINGSPANEEL (FIG. 5) De units zijn voorzien van een verlicht signale- ringspaneel die de operationele status van de unit aangeeft. Hierna wordt een korte beschrijving van hun bete- kenis gegeven. BEDIENINGSPANEEL: LED: ►POWER LED: Deze led brandt als de unit in de status “ON” is, maar in stand-bymodus (d.i. dat de compressor is uitgeschakeld). ►ALARM LED: Deze led brandt wanneer de unit in alarm is. Op het display wordt het foutbericht weergegeven. ►WORKING LED: Deze led brandt wanneer de compressor in werking is. De led knippert wan- neer de ontvochtiger wacht op een herstart of wanneer deze in ontdooiing is. De led gaat uit wanneer, in de status “ON”, de gewenste hoe- veelheid vocht is bereikt. ►FULL LED: Deze led brandt wanneer de con- denstank vol is of wanneer de pomp in alarm is. DRUKKNOPPEN: ►ON/OFF: Om de ontvochtiger in te schake- len volstaat het om op de knop “ON/OFF” te drukken. Al naar gelang de ingestelde relatie- ve vochtigheid, begint het apparaat te werken. Wanneer de omgevingsvochtigheid het vereiste niveau bereikt, gaat het apparaat in stand-by- modus en de unit stopt, maar blijft in de status “ON” (POWER LED brandt). Als de omgevings- vochtigheid weer stijgt en het vooraf ingestel- de setpoint overstijgt, gaat de ontvochtiger op- nieuw van start. Druk op de knop “ON/OFF” om het apparaat uit te schakelen (bij uitgeschakeld apparaat blijft het display de in de ruimte aanwezige relatieve vochtigheid aangeven). ►“-” / “+” (SET VOCHTIGHEID): Met de knoppen “-” / “+” kan de gewenste relatieve vochtigheid worden ingesteld. Het display begint te knip- peren en geeft het nieuwe referentie-setpoint weer. Na een aantal seconden houdt het dis- play op met knipperen en het nieuwe setpoint vochtigheid is door de elektronica gedetecteerd. Het is mogelijk om het apparaat te laten werken onafhankelijk van de in de ruimte aanwezige vochtigheidsgraad. Wanneer u op de knop “-” drukt totdat het bericht “CONT” op het display verschijnt, zal het apparaat continu werken. ►HOURS: Wanneer u op de knop “HOURS” drukt, worden de werkuren van het apparaat weergegeven.en

►►4.3. AANSLUITING AFVOERBUIS (Inrichting) (FIG. 6) Het is mogelijk om een afvoerbuis op het apparaat aan te sluiten. Op de tank is een slangaansluiting van 16 mm aanwezig.

►►4.4. AANSLUITING VAN DE CON-

DENSPOMP (Optie) Afhankelijk van het model, kan het apparaat zijn ingericht voor de aansluiting van de condens- afvoerpomp. Voor de correcte aansluiting, moet alvorens om het even welke handeling uit te voeren, de unit van de elektrische voeding worden losgekoppeld. Raadpleeg voor de correcte installatie van de con- denspomp de technische handleiding in de optio- nele kit. ►►►5. ONDERHOUD

►►5.1. CONTROLES TEN LASTE VAN

DE GEBRUIKER (FIG. 7) Het enige onderhoud dat ten laste van de gebrui- ker komt, is de reiniging van het luchtlter, die minstens een keer per maand moet worden uit- gevoerd. De schoonmaakfrequentie kan geïntensiveerd worden op basis van de sto󰀩gheid van de wer- kruimte van het apparaat.

AANDACHT: VERWIJDER DE FILTER UIT HET

APPARAAT OM DE REINIGING UIT TE VOE- REN. HET IS VERBODEN DE REINIGING UIT TE VOEREN WANNEER HET FILTER IS GEÏN- STALLEERD. ►►5.2. RESERVEONDERDELEN Wanneer het tijdens het onderhoud door gespe- cialiseerde bedieners noodzakelijk blijkt te zijn één of meer onderdelen te vervangen, moeten uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt. Vraag indien nodig de “lijst reserveonderdelen” aan de eigen verkoper, onder vermelding van het model en het serienummer van de unit.

►►5.3. VERWIJDERING VAN DE UNIT

De unit is ontworpen en gebouwd om een con- tinue werking te garanderen. De duur van enke- le componenten, waaronder de ventilator en de compressor, is afhankelijk van het onderhoud waaraan deze componenten zijn onderworpen. AANDACHT: De unit bevat sto󰀨en en componenten die gevaarlijk zijn voor het milieu (elektronische componenten, koelmiddelgas en oliën). Aan het einde van de nuttige levensduur moet, in geval van verwijdering van de unit, de handeling door gespecialiseerd koelpersoneel worden uitgevoerd. De unit moet worden ingeleverd bij speciale cen- tra voor inzameling en verwijdering van appara- tuur die gevaarlijke sto󰀨en bevatten. De koelvloei- stof en de smeerolie in het circuit moeten worden herwonnen, in overeenstemming met de gelden- de voorschriften in uw land.en

FULL + “FULL“ Tank vol of niet aanwezig Het alarm wordt automatisch gereset door de tank te legen of te plaatsen ALARM + “Lo t“ Te lage omgevingstempe- ratuur Omgevingstemperatuuromstandigheden niet geschikt voor de werking ALARM + “Prob“ Slechte werking vochtig- heidssonde. De unit blijft in elk geval werken Neem contact op met de geautoriseerde technische dienst ALARM + “Pro3“ Slechte werking van de omgevingstemperatuur- sonde. De ontvochtiger gaat in stand-bymodus Neem contact op met de geautoriseerde technische dienst ALARM + “dEFr“ Slechte werking van de ontdooiingsthermostaat. De ontvochtiger gaat in stand-bymodus Neem contact op met de geautoriseerde technische diensten