8414DWFE - Boor MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 8414DWFE MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 8414DWFE - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 8414DWFE van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING 8414DWFE MAKITA
NL Accu slagboor/schroevedraaier
NEDERLANDS Verklaring van algemene gegevens
5 Toerentalschakelaar
Aantal slagen per minuut (min
Nominale spanning D.C. 12 V D.C. 14,4 V D.C. 18 V
• In verband met ononderbroken research en ontwikke-
ling behouden wij ons het recht voor bovenstaande
technische gegevens te wijzigen zonder voorafgaande
• Opmerking: De technische gegevens kunnen van land
tot land verschillen.
Doeleinden van gebruik
Dit gereedschap is bedoeld voor het slagboren in bak-
steen, beton en steen, en ook voor het gewoon boren in
hout, metaal, keramisch materiaal en plastic.
Voor uw veiligheid dient u de bijgevoegde Veiligheids-
voorschriften nauwkeurig op te volgen.
AANVULLENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR HET ELEKTRISCH GEREEDSCHAP Volg de veiligheidsvoorschriften voor hamerboren
ALTIJD strict op en laat u NOOIT misleiden door
gemak of vertrouwdheid met het product (verworven
na langdurig gebruik). Als u dit elektrisch gereed-
schap op een onveilige of onjuiste manier gebruikt,
bestaat er gevaar voor ernstige persoonlijke verwon-
1. Draag oorbeschermers tijdens het slagboren.
Blootstelling aan het lawaai kan gehoorverlies
2. Gebruik de hulphandgrepen die bij het gereed-
schap zijn meegeleverd.
Verlies van controle over het gereedschap kan
persoonlijke verwonding tot gevolg hebben.
3. Houd het elektrisch gereedschap tijdens het
werk vast bij de geïsoleerde handgrepen wan-
neer er kans is dat de boor op verborgen elektri-
sche draden of op zijn eigen netsnoer zal stoten.
Door contact met onder spanning staande dra-
den zullen de metalen delen van het gereed-
schap onder spanning komen te staan zodat de
gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
4. Zorg ervoor dat u altijd stevige steun voor de
Controleer of er zich niemand beneden u bevindt
wanneer u het gereedschap op een hoge plaats
5. Houd het gereedschap stevig vast met beide
6. Houd uw handen uit de buurt van de draaiende
7. Laat het gereedschap niet achter terwijl het nog
in bedrijf is. Bedien het gereedschap alleen wan-
neer u het met beide handen vasthoudt.
8. Raak de boor of het werkstuk niet aan onmiddel-
lijk na het gebruik. Deze kunnen erg heet zijn en
brandwonden veroorzaken.
9. Sommige materialen bevatten chemische stoffen
die giftig kunnen zijn. Neem de nodige voor-
zorgsmaatregelen tegen inademing van stof en
contact met de huid. Volg de veiligheidsinstruc-
ties van de leverancier van het materiaal op.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.22
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR ACCULADER EN ACCU
1. Lees alle voorschriften en waarschuwingen op
(1) de acculader, (2) de accu, en (3) het product
waarvoor de accu wordt gebruikt, aandachtig
door alvorens de acculader in gebruik te nemen.
2. Neem de accu niet uit elkaar.
3. Als de gebruikstijd van een opgeladen accu aan-
zienlijk korter is geworden, moet u het gebruik
ervan onmiddellijk stopzetten. Voortgezet
gebruik kan oververhitting, brandwonden en
zelfs een ontploffing veroorzaken.
4. Als er elektrolyt in uw ogen is terechtgekomen,
spoel dan uw ogen met schoon water en roep
onmiddellijk de hulp van een dokter in. Elektrolyt
in de ogen kan blindheid veroorzaken.
5. Bedek de accuklemmen altijd met de accukap
wanneer u de accu niet gebruikt.
6. Voorkom kortsluiting van de accu:
(1) Raak de accuklemmen nooit aan met een
geleidend materiaal.
(2) Bewaar de accu niet in een bak waarin
andere metalen voorwerpen zoals spijkers,
munten e.d. worden bewaard.
(3) Stel de accu niet bloot aan water of regen.
Kortsluiting van de accu kan oorzaak zijn van
een grote stroomafgifte, oververhitting, brand-
wonden, en zelfs defecten.
7. Bewaar het gereedschap en de accu niet op
plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot
8. Werp de accu nooit in het vuur, ook niet wanneer
hij zwaar beschadigd of volledig versleten is. De
accu kan namelijk ontploffen in het vuur.
9. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen
en hem niet blootstelt aan schokken of stoten.
BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN.
Tips voor een maximale levensduur van de accu
1. Laad de accu op voordat hij volledig ontladen is.
Stop het gebruik van het gereedschap en laad de
accu op telkens wanneer u vaststelt dat het ver-
mogen van het gereedschap is afgenomen.
2. Laad een volledig opgeladen accu nooit opnieuw
op. Als u de accu te veel oplaadt, zal hij minder
3. Laad de accu op bij een kamertemperatuur tus-
sen 10°C en 40°C. Laat een warme accu afkoelen
alvorens hem op te laden.
4. Laad de nikkel-metaalhydride accu op telkens
wanneer u hem langer dan zes maanden niet
BESCHRIJVING VAN DE FUNCTIES LET OP:
• Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de
accu ervan is verwijderd alvorens de functies op het
gereedschap af te stellen of te controleren.
Installeren of verwijderen van de accu (Fig. 1)
• Schakel het gereedschap altijd uit alvorens de accu te
installeren of te verwijderen.
• Om de accu te verwijderen, neemt u deze uit het
gereedschap terwijl u de knoppen aan beide zijden van
• Om de accu te installeren, past u de rug op de accu in
de groef in de behuizing van het gereedschap, en dan
schuift u de accu naar binnen. Schuif de accu zo ver
mogelijk erin, totdat deze met een klikgeluid vergren-
delt. Indien u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit
het gereedschap vallen en uzelf of anderen verwon-
• Als de accu moeilijk in de houder gaat, moet u niet pro-
beren hem met geweld erin te duwen. Indien de accu
er niet gemakkelijk ingaat, betekent dit dat u hem niet
op de juiste wijze erin steekt.
Werking van de trekschakelaar (Fig.2)
• Alvorens de accu in het gereedschap te plaatsen, moet
u altijd controleren of de trekschakelaar juist werkt en
bij het loslaten naar de “OFF” positie terugkeert.
Om het gereedschap in te schakelen, drukt u gewoon de
trekschakelaar in. Hoe dieper de trekschakelaar wordt
ingedrukt, hoe sneller het gereedschap draait. Om het
gereedschap uit te schakelen, de trekschakelaar losla-
Werking van de omkeerschakelaar (Fig.3)
Dit gereedschap heeft een omkeerschakelaar voor het
veranderen van de draairichting. Druk de omkeerschake-
laar in vanaf zijde “A” voor rechtse draairichting, of vanaf
zijde “B” voor linkse draairichting.
Wanneer deze schakelaar in de neutrale stand staat, kan
de trekschakelaar niet worden ingedrukt.
• Controleer altijd de draairichting alvorens het gereed-
• Verander de stand van de omkeerschakelaar alleen
nadat het gereedschap volledig tot stilstand is geko-
men. Indien u de draairichting verandert terwijl de boor
nog draait, kan het gereedschap beschadigd raken.
• Zet de omkeerschakelaar altijd in de neutrale stand
wanneer u het gereedschap niet gebruikt.
Veranderen van de draaisnelheid (Fig. 4)
Dit gereedschap heeft een drie-snelheden snelheidskeu-
zehendel. Om de draaisnelheid te veranderen, schakelt u
eerst het gereedschap uit en dan schuift u de snelheids-
keuzehendel naar de positie “1” voor lage snelheid, de
positie “2” voor middelmatige snelheid, of de positie “3”
voor hoge snelheid. Zorg dat de snelheidskeuzehendel in
de juiste positie staat alvorens met het werk te beginnen.
Gebruik de draaisnelheid die geschikt is voor uw werk.
Wanneer u de positie wilt veranderen van “1” naar “3” of
van “3” naar “1”, kan het gebeuren dat de snelheidskeu-
zehendel moeilijk verschuift. Schakel in zo’n geval het
gereedschap in en laat het een paar seconden draaien in
de positie “2”. Schakel vervolgens het gereedschap uit
en schuif de hendel naar de gewenste positie.
• Schuif de snelheidskeuzehendel altijd volledig naar de
juiste positie. Als u het gereedschap gebruikt met de
hendel halverwege tussen de posities “1” en “2” of “2”
en “3” geplaatst, kan het gereedschap beschadigd
• Verschuif de toerentalschakelaar niet terwijl het
gereedschap draait. Hierdoor kan het gereedschap
Kiezen van de gewenste werking (Fig. 5)
Dit gereedschap is voorzien van een werkingskeuzehen-
del. Er zijn drie werkingen beschikbaar. Kies met deze
hendel de werking die geschikt is voor uw werk.
Voor boren alleen, schuift u de hendel zodanig dat hij
naar de m markering op het huis van het gereedschap
Voor boren en hameren, schuift u de hendel zodanig dat
hij naar de markering op het huis van het gereed-
Voor het indraaien van schroeven, schuift u de hendel
zodanig dat hij naar de markering op het huis van het
Wanneer u de positie wilt veranderen van naar m, kan
het gebeuren dat de werkingskeuzehendel moeilijk ver-
schuift. Schakel in zo’n geval het gereedschap in en laat
het een paar seconden draaien in de positie . Schakel
vervolgens het gereedschap uit en schuif de hendel naar
de gewenste positie.
Zorg altijd dat de positie van de hendel precies overeen-
komt met de markering van de gewenste werking. Als u
het gereedschap gebruikt met de hendel halverwege tus-
sen de markeringen geplaatst, kan het gereedschap
Instellen van het draaimoment (Fig. 6)
Het draaimoment kan worden ingesteld in 16 stappen
door de afstelring zodanig te draaien dat zijn schaalver-
delingen overeenkomen met de wijzer op het huis van
het gereedschap. Het draaimoment is minimaal wanneer
het cijfer 1 met de wijzer overeenkomt, en is maximaal
wanneer het cijfer 16 met de wijzer overeenkomt.
Alvorens met het eigenlijke werk te beginnen, moet u het
geschikte draaimoment bepalen door een proefschroef in
uw werkstuk of in een stuk van hetzelfde materiaal te
• Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld
en de accu is losgekoppeld vooraleer onderhoud uit te
voeren aan het gereedschap.
Installeren van de zijhandgreep (hulphandgreep)
Gebruik altijd de zijhandgreep om een veilige bediening
te verzekeren. Installeer de zijhandgreep zodanig dat zijn
stalen band op de trommel van het gereedschap past.
Draai daarna de handgreep rechtsom vast in de
gewenste positie. De handgreep kan 360° worden
gedraaid zodat u deze in elke gewenste positie kunt vast-
Installeren of verwijderen van de schroefbit of
Draai de bus naar links om de klauwen van de boorkop te
openen. Steek de boor zo ver mogelijk in de boorkop.
Draai de bus naar rechts om de boorkop vast te zetten.
Om de boor te verwijderen, draait u de bus naar links.
Berg de bits op in de bithouders wanneer u deze niet
gebruikt. Bits van maximaal 45 mm lengte kunnen in de
bithouders worden opgeborgen. (Fig. 9)
Afstelbare dieptestang (Fig. 10)
Gebruik de afstelbare dieptestang om gaten van gelijke
diepte te boren. Draai de klemschroef los, zet de stang in
de gewenste positie en draai vervolgens de klemschroef
BEDIENING Hamerend boren
• Op het moment dat de boor door het gat heen dringt, of
wanneer het boorgat verstopt raakt met spanen en
metaaldeeltjes, of wanneer het gereedschap op ver-
sterkingsstaven in gewapend beton stoot, wordt er plot-
seling een enorme wringingskracht op het
gereedschap/boor uitgeoefend. Gebruik altijd de zij-
handgreep (hulphandgreep) en houd het gereedschap
tijdens het werk stevig vast bij de zijhandgreep en het
schakelaarhandvat. Als u dit niet doet, kunt u de con-
trole over het gereedschap verliezen en ernstige ver-
Verschuif eerst de werkingskeuzehendel zodat hij naar
de markering wijst. Voor deze werking kunt u de
afstelring voor het draaimoment op een willekeurig cijfer
Gebruik altijd een boor met een wolfraamcarbide boor-
Plaats de boorpunt op de plaats waar u wilt boren en
druk de trekschakelaar in. Forceer het gereedschap niet.
Een lichte druk geeft de beste resultaten. Houd het
gereedschap stevig vast en zorg dat de boor niet uit het
Oefen geen grotere druk uit wanneer het boorgat ver-
stopt raakt met spanen of schilfertjes. Laat in plaats daar-
van het gereedschap onbelast draaien en verwijder de
boor gedeeltelijk uit het boorgat. Wanneer u dit een paar
keer herhaalt, zal het boorgat schoon worden en kunt u
normaal verder boren.
Blaasbalgje (los verkrijgbaar accessoire) (Fig. 11)
Gebruik het blaasbalgje nadat het gat is geboord, om stof
uit het gat weg te blazen.
Indraaien van schroeven (Fig. 12)
Verschuif eerst de werkingskeuzehendel zodat hij naar
de markering wijst. Kies met de afstelring het juiste
draaimoment voor uw werk. Ga daarna als volgt te werk.
Plaats de punt van de schroefbit in de schroefkop en
oefen druk op het gereedschap uit. Begin met lage snel-
heid en voer dan de snelheid geleidelijk op. Laat de trek-
schakelaar los zodra de koppeling ingrijpt.24
• Zorg ervoor dat u de schroefbit recht op de schroefkop
plaatst, aangezien anders de schroef en/of de schroef-
bit beschadigd kan worden.
• Wanneer u houtschroeven indraait, maak dan voor-
boorgaten in het hout. Dit vergemakkelijkt het inschroe-
ven en voorkomt dat het hout splijt. Zie de
• Indien het gereedschap ononderbroken wordt gebruikt
totdat de accu is ontladen, dient u het gereedschap
15 minuten te laten rusten vooraleer met een nieuwe
accu verder te werken.
• Door overmatige druk op het gereedschap uit te oefe-
nen verloopt het boren niet sneller. Integendeel, teveel
druk op het gereedschap zal alleen maar de boorpunt
beschadigen, de prestatie van het gereedschap ver-
minderen en de gebruiksduur verkorten.
• Wanneer de boor uit het gaatje tevoorschijn komt,
wordt een enorme kracht uitgeoefend op het gereed-
schap en op de boor. Houd daarom het gereedschap
stevig vast en wees op uw hoede wanneer de boor
door het werkstuk begint te dringen.
• Wanneer de boor klemraakt, keert u met de omkeer-
schakelaar de draairichting om, om de boor uit het
gaatje te krijgen. Het gereedschap kan echter plotse-
ling terugspringen indien u het niet stevig vasthoudt.
• Kleine werkstukken dient u altijd eerst vast te zetten in
een klemschroef of iets dergelijks.
• Indien het gereedschap ononderbroken wordt gebruikt
totdat de accu is ontladen, dient u het gereedschap
15 minuten te laten rusten alvorens met een nieuwe
accu verder te werken.
Verschuif eerst de werkingskeuzehendel zodat hij naar
de m markering wijst. Voor deze werking kunt u de afstel-
ring voor het draaimoment op een willekeurig cijfer instel-
len. Ga daarna als volgt te werk.
Voor boren in hout krijgt u de beste resultaten met hout-
boren die voorzien zijn van een geleideschroef. Het
boren gaat dan gemakkelijker aangezien de geleide-
schroef de boor in het hout trekt.
Om te voorkomen dat de boor slipt wanneer u begint te
boren, moet u van te voren met een drevel een deukje in
het metaal slaan op de plaats waar u wilt boren. Plaats
vervolgens de boorpunt in het deukje en start het boren.
Gebruik altijd boorolie wanneer u in metaal boort. De
enige uitzonderingen zijn ijzer en koper die droog
geboord dienen te worden.
• Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld
en de accu is losgekoppeld voordat u begint met
inspectie of onderhoud.
Vervangen van de koolborstels (Fig. 13 en 14)
Verwijder en controleer regelmatig de koolborstels. Ver-
vang de koolborstels wanneer deze tot aan de limiet-
merkstreep versleten zijn. Houd de koolborstels schoon
zodat ze vlot in hun houders glijden. Beide koolborstels
dienen tegelijkertijd te worden vervangen. Gebruik uit-
sluitend identieke koolborstels.
Gebruik een schroevendraaier om de koolborsteldoppen
te verwijderen. Haal de versleten koolborstels eruit,
schuif de nieuwe erin, en zet de koolborsteldoppen goed
Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het
gereedschap te verzekeren, dienen alle reparaties,
onderhoudsbeurten of afstellingen te worden uitgevoerd
bij een erkend Makita Servicecentrum of Fabriekservice-
centrum, en dit uitsluitend met gebruik van Makita ver-
• Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen
voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze
gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van
andere accessoires of hulpstukken bestaat er gevaar
voor persoonlijke verwonding. Gebruik de accessoires
of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel.
Raadpleeg het dichtstbijzijnde Makita Servicecentrum
voor verder advies of bijzonderheden omtrent deze
• Bits voor hamerboren
• Rubber steunschijf set
• Schuimrubber polijstkussen
• Wollen poetsschijf
van voorboorgat (mm)
secondo le direttive del Consiglio 89/336/CEE e 98/37/CE.
EG-VERKLARING VAN CONFORMITEIT Wij verklaren hierbij uitsluitend op eigen verantwoordelijkheid dat
dit produkt voldoet aan de volgende normen van genormaliseerde
in overeenstemming met de richtlijnen van de Raad 89/336/EEC
Verantwoordelijke fabrikant:
Geluidsniveau en trilling van het model 8414D De typische A-gewogen geluidsniveau’s zijn
geluidsenergie-niveau: 99 dB (A)
De typische gewogen effectieve versnellingswaarde is
Deze waarden werden verkregen in overeenstemming
Geluidsniveau en trilling van het model 8434D De typische A-gewogen geluidsniveau’s zijn
geluidsenergie-niveau: 99 dB (A)
De typische gewogen effectieve versnellingswaarde is
Deze waarden werden verkregen in overeenstemming
Geluidsniveau en trilling van het model 8444D De typische A-gewogen geluidsniveau’s zijn
geluidsenergie-niveau: 99 dB (A)
De typische gewogen effectieve versnellingswaarde is
Deze waarden werden verkregen in overeenstemming
Notice-Facile