ExoActive EXO 18-Basic - Exoskelet FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ExoActive EXO 18-Basic FESTOOL in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over ExoActive EXO 18-Basic FESTOOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Exoskelet in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ExoActive EXO 18-Basic - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ExoActive EXO 18-Basic van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING ExoActive EXO 18-Basic FESTOOL
1 Symbolen 73
2 Veiligheidsvoorschriften 73
3 Gebruik volgens de voorschriften. 74
4 Technische gegevens. 74
5 Beschrijving van het apparaat. 75
6 Accupack 75
7 Ingebruikneming 75
8 Installingen 76
9 Werken met het exoskelet. 77
10 Statusindicatie. 81
11 Gedrag bij storingen of oncevallen 82
12 Transport en opslag. 83
13 Onderhoud en verzorging. 83
14 Accessoires 84
15 Milieu. 84
16 Algemene aanwijzingen 85
1 Symbolen

Waarschuwing voor algemeen gevaar

Waarschuwing voor elektrische schok

Lees de gebruiksaanwijzing en veiligheidsvoorschriften.

Verbod voor Personen met actieve medische implantaten.

Gevaar van beknelling voor vingers en handen!

Accupack verwijderen.

Accupack inbrengen.

Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens.zie hoofdstuk 16.2

CE-markering van overeenstemming

Niet met het huisvuil meegeven.

Tip, aanwijzing

Handelingsinstructie
2 Veiligheidsvoorschriften

WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids-voorschriften en aanwijzingen. Worden
de veiligheidsinstructies en aanwijzingen nicht in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij-zingen om ze later te konnen raadplegen.
Neem de bedieningshandleiding van het oplaadapparaat en het.Accupak in acht.
2.1 Veiligheidsvoorschriften
- De ondeskundige opening is verboden. Beschermingsafdekkingen mogen nicht verwijderd worden. Onderhoud en reparatie mo-gen alleen door een erkende vakwerkplaatsuitgevoerd worden.
Het exoskelet mag Niet door personen (met inbegrip van kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijkke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis worden gezruikt. Zorg ervoor dat kinderen Niet met het exoskelet spelen.
Houd kinderen en andere mensenuit de buurt tijdens het gebruik van het exoskelet. - Het exoskelet mag nicht gebrukt worden door Personen met actieve medische implantaten.
- Het dragen van het exoskelet ontslaat u Niet van het dragen van geschikte beschermingsmiddelen.
- Gebruik geen netvoedingen of accu's van andere leveranciers voor het gebruik van het exoskelet. Gebruik geen oplaadapparaten van andere leveranciers voor het la-den van de accu's. Het gebruik van accessoires die Niet door de fabrikant worden voorgeschreve, kan tot een elektrische schok en/of ernstig letsel leiden.
- Scheid de accu van het apparaat voordat u accessoires/verbruiksonderdenervangt of het apparaat opbergt. Dergelijkkepreventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico van een onbedoelde start van het apparaat.
-
Gebruik het exoskelet Niet voor veiligheidskritisch werk of voor de omgang met möglichk gevaarlijke goederen (bijv. open zaagbladen of spanningvoerende leidingen, gevaarlijke goederen, gevaarlijke of hete vloeistoffen). Het dragen van het exoskelet kan de nauwkeurigheid van de armbewegingen beinvloeden.
-
Gebruik het exoskelet Niet in de regen of in een vochtige omgeving. Vocht in het exoskelet kan tot kortsluiting en brand leiden.
Werk nicht met het apparaat in een explosieve omgeving. - Draag geen wijde kleding of sieraden. Draag bij langhaar een haarnetje of bind het haar vast. Houd uwaar en kleding uit de buurt van bewegende delen.
Wijde kleding, sieraden en lang haar kunnen in bewegende delen terechtkommen.
- Het exoskelet is vanwege de van het li-chaam uitstekende contour en open uiteinden van riemen in principe ongeschikt voor gebruik op werkplekken waar het dragen van nauwsluitende werkkleding vereist is.
- Let op een normale lichaamshouding. Zorg dat u stevig en stabel staat en behoud altijd uw evenwicht. Hierdoor kut u het exoskelet in onverwachte situations better onder controle houden.
Zorg voor een veilig gebruik van het exoskelet, met name dat u stabel staat bij het werken op verhoogde niveaus.
Grijp Niet in het bereik van de gewrichtsketting [1-7] ofussen gewrichtsketting en exo-arm [1-5]. Gevaar voor beknelling of afsnijden van vingers.
- Houd het exoskelet bij het neerzetten al-tijd vast aan de draaglus [1-8] en zet het voorzichtig neer. Het exoskelet kan anders beschadigd raken.
- Beschadigingen door neervallen vermijden. Het exoskelet要去 na het neervallen op beschadigde onderdelen en op goede werkung gecontroleerd worden.
- Houd verpakkingsfolie weg van kinderen. Het risico op verstikking is aanwezig.
- Neem ook de gebruiksaanwijzing van de accu en het oplaadapparaat in acht, evenals van andere Festool-machines die bij het werkken met het exoskelet worden gezruikt.
- Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing�n.
2.2 Emissiewaarden
De vastgestelde waarden bedragen:
$$ \text {G e l u i d s d r u k n i v e a u} \quad L _ {P A} < 7 0 \mathrm {d B (A)} $$
Trillingen van het hele li- a < 0,5m / s^2 chaam
Totale trillingsmeting a_hv < 2.5 m/s^2
3 Gebruik volgens devoorschriften
Het exoskelet is geschikt om de schouderspie- ren te ondersteunen bij werkzaamheden in verticale richting die voor de borst en boven het hoofd plaatsvinden. Het ondersteunt toepassin- gen zoals het schuren van gepleisterde gipspla- ten en plafonds, behangen en schilderen van muren en plafonds.
Het temperatuurbereik voor gebruik is 0^ tot 40^ .
Het exoskelet is uitsluitend bedoeld voor gebruik door Personen met een lichaamslengthe van 160 cm - 200 cm.
Het exoskelet is nicht geschikt om
- werkzaamheden in horizontale beweging te ondersteunen,
- personen te ondersteunen die vanwege hun constitutie werkzaamheden zonder een exoskelet nicht zouden können uitvoeren,
- personen te ondersteunen die het exoskelet slechts beperkt kuren bedieren of de gebruiksaanwijzing Niet kuren lezen en begrijpen,
- zwangerschapsbeschemingsmaatregelen te omzeilen.
! De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat Niet volgens de voorschriftenplaatsvindt.
Gewicht exoskelet zonder accu
7 kg
5 Beschrijving van het apparaat
Het exoskelet worden gebruikt om de schouderen nekspieren te ondersteunen tijdens werkgerelateerde armbewegingen en het hanteren vanlasten voor de borst en boven hoofdhoogte.
Het exoskelet worden waar bij net als bij een rugzak op de rug gedragen en met de bekkenriem [1-13], het gordelsystemeem [1-10], de borstriem [1-4] en de armschalen [1-3] aan het lichaam bevestigd. Tijdens het gebruik worden via de armschalen een verticale steunkracht in de bovenarm geleid om de schouder- en nikspieren te ontlasten. Er{kunnen optioneel twee hoofdsteunen van verschillende hoogte [1-9] worden gebruikt om het hoofd tijdens het werk te ondersteunen en zo het comfort bij bovenhandse werkzaamheden te vergroten.
Het exoskelet worden via de bedieningsmodu- le [1-11] gestuurd. De accu levert hierbij de stroom [1-16].
Het textielsystem kan van het exoskelet afgenomen worden en kan apart in de waszak [1-1] gewassen worden.
De verpakking [1-17] dient voor het transport en het neerleggen van het exoskelet, bijvoorbeeld bij de instelling van de maat.
5.1 Apparaatelementen
[1-1] Waszak
[1-2] Magnetsluiting van de armsteun-kussens
[1-3] Armsteunen
[1-4] Borstriem
[1-5] Exo-arm
[1-6] Snelspanner
[1-9] 2-verschillend hoge hoofdsteunen
[1-10] Riemsystem
[1-11] Bedieningsmodule
[1-12] Zwaardvergrendeling
[1-13] Bekkenriem
[1-14] Capaciteitsindicatie
[1-15] Toetsen voor het losmaken van de accu
[1-16] Accu
[1-17] Verpakking
De vermelde afbeeldingen staan aan het begin en aan het einde van de gebruiksaanwijzing.
6 Accum
Vóró deplaatsing van het accupack moet de accu-aansluiting op verontreiniging gecontroleerd worden. Een verontreiniging van de accu-aansluiting kan een goed contact belemmeren en tot schade aan de contacten leiden.
Een gestoord contact kan tot oververhitting en beschadiging van het apparaat leiden.
[2A] Accum verwijderen.

Accupack plaatsen - tot aan het vastklikken.
i Meer informatatie over oplaadapparaat en accupack met capaciteitsindicatie vindt u in de bedieningshandleidingen van accupack en oplaadapparaat.
7 Ingebruikneming

VOORZICTHIG
Gevaar voor letsel
Vór elk gebruik of na een val een functietest uitvoeren. Bij beschadigingen van het exoskelet mag dit Niet gebruikt worden.
Vór elk gebruik het exoskelet op volledigheid controleren.
7.1 Hoofdsteun
i Aanbeveling: Gebruik een hoofdsteun bij bovenhandse werkzaamheden.
Kies de hoofdsteun die voor u het meest comfortabel is bij de activiteit.
Hoofdsteun monteren [3A]
De hoofdsteun [3-1] opleggen en aanrukken tot de hoofdsteun vastklikt.
Hoofdsteun afnemen [3B]
De hoofdsteun oplichten en van het exoskelet afnemen.
7.2 Compatibleilititscontrole
De maximale ondersteuningskracht van het exoskelet is zo ontworpen dat gezonde mensende ze in geval vanood met hun eigenspierkracht können overwinnen.
De bewegingsradii van het exoskelet vallen binnen de bewegingsgrenzen van mensen zonderlichamelijke (gewrichts)beperkingen. Dit garandeert dat gezonde mensen hun gewrichten nicht kuren overstrekken.
Test desalniettemin om veiligheidsredenen de compatibilitkeit met jouw fysieke conditie.
Exoskelet aanleggen (niet inschakelen).
Alle bewegingsmogelijkheden testen die met het exoskelet uitgevoerd können worden.
Als alle bewegingen zonder problemen mogelijk zijn, kan het exoskelet ingeschakeld worden. Neem bij twijfel contact op met de klantenservice.
8 Installingen
8.1 Bedieningsmodule
Volgende instelligen können via de bedie-ningsmodule [4] uitgevoerd worden:
- Krachtondersteuning instellen (zie hoofdstuk 8.2).
- Verbinding met de Festool Work-app (zie hoofdstuk 8.4).
Keuze van een profiel (zie hoofdstuk 8.6). - Activering en deactivering van de pauzemodus (zie hoofdstuk 9.7).
8.2 Krachtondersteuning instellen
i Het exoskelet beschikt over 5 krachtni- veaus.
| Krachtniveauaus | |
| 0 | Uit, geen ondersteuning |
| 1 - 2 | Lichte krachtondersteuning |
| 2 - 3 | Gemiddelde krachtondersteuning |
| 4 - 5 | Hoge krachtondersteuning |
8.3 Hoekcompensatie
Het exoskelet herkent of je rechtop staat of bij-voirbeeld maar voren buigt.
Om in bepaalde situations ongewenste ondersteuning te voorkomen, past de krachtondersteuning van het exoskelet zich aan jouw hou
ding aan. Bij extreme houdingen kan dit er- toe leiden dat de krachtondersteuning volledig wordenuitgeschakeld.
8.4 Verbinding met de Festool Work-app*
Een mobiel eindapparaat (bijv. smartphone) kan via Bluetooth® met het exoskelet worden verbonden.
De Festool Work-app openen.
De Bluetooth® toets [4-7] indrukken tot de Bluetooth® LED [4-8] blauw knippert
Het exoskelet is 60 seconden lang gereed voor verbinding.
De instructies in de Festool Work-app opvolgen om de beveiligde verbinding te autoriseren.
In de Festool Work-app vindt umeer informatie over de bediening en configuratie van het exoskelet.
- Niet voor elk land beschikkaar.
8.5 Uitgebrende functieomvang: Festool Work-app
Het exoskelet beschikt over meer functies die via de Festool Work-app ingesteld können worden. Bovendien bildet de Festool Work-appeer informatatie over de onderwerpen:
- Tutorials (biji. hulp bij het aantrekken)
- Bedrijfsgegevens van het exoskelet
- Bedrijfsgegevens van de accu
- Software-updates
- Accessoires
- Garantie- en service-informatie
- Informatie over het letzste contact met het exoskelet
Verbind uw exoskelet met de Festool Work-app op uw mobiele eindapparaat (zie hoofdstuk 8.4).
8.6 Keuze van een profiel
Het exoskelet heeft 3 vooringestelde profielend die op de bedieningsmodule+kennen worden geselecteerd door op de profielknop [4-1] te drukken.
De groene LED van de profielweergave [4-9] toont het ingestelde ondersteuningsbereik.
Profielweergave
Ondersteuningsbereik

1 Werken aan pla-fonds (Bovenhands)

2 Werken aan mu- ren (vanaf borsthoogte)

3 Standaardprofil (Bekken omhoog)

Meer profielen

i Na wisseling van een profiel要去 de krachtondersteuning ingesteld worden.
8.7 Temperatuurbveiliging
Het exoskelet herkent te hoge of te lage temperaten van compressor en accu. Als de temperatuur te veel afwijk, start de compressor nicht更是. De krachtondersteuning worden verminderd en/of het exoskelet schakelt UIT.
De statusindicatie [4-3] toont de betreffende toestand. Voor de verdere procedure, zie hoofdstuk 10.
9 Werken met het exoskelet
9.1 Veilig werken

Bij het werkken alle aan het begin vermelde veiligheidsvoorschriften en de volgenels in acht nemen:
Vóor het begin
Schakel het exoskelet pas in nadat u het hebt aangelegd zoals in hoofdstuk 9.5 beschreiben.
- Controller vór werkzaamheden met het exoskelet of alle afneembare onderdelen (zie hoofdstuk 13.2) correct gemonteerd zichn.
- Voer een compatibiliteit'scontrole uit (zie hoofdstuk 7.2).
Controleer voordat je met het exoskelet gaat werkken of je de waarstand ook met de hoogste krachtinstelling in alle gewrichtsstanden=kunt overwinnen.
Als de kracht van het exoskelet jouw kracht overtreft,+kunnen onverwachte bewegingen jou of omstanders in gevaar brengen.
- Test of je alle voor jouw geplande werk noodzakelijk handelingen met het exoskelet kutnt uitvoeren.
Voer geen werkzaamheden uit die met het exoskelet beperkt of moeilijk uitgevoerd hunnen worden.
- Draag geen objecten die u zonder de krachtondersteuning van het exoskelet nicht zichstandig=kunt dragen.
- Controller of u het exoskelet ook met werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen op elk moment volledig kunt sturen.
- Controleer vór het gebruik de correcte instelling van de grootte. Een exoskelet dat Niet goed is aangepast aan uw lichaams-lenge en plooien in uw kleding bij het dragen van het exoskelet hunnen huidirritatieveroorzaken.
Tijdens het werk
- Tussen exo-arm [1-5] en gewrichtsketting [1-7] besteht beknellingsgevaar. Grijp Niet in dit bereik. Houd omstanders uit de buurt van dit bereik.
Bij het werkken met elektrisch gereed-schap met netvoeding mag het netsnoer nooit over de gewrichtsketting worden geleid [1-7]. - Houd de armsteunen [1-3] in de werkmodus gesloten.
- Stel de krachtondersteuning langzaam en trapsgewijs in.
- Als u tijdens het werk zintuiglijke stoornissen of bijn ervaart, moet het exoskelet afgelegd en moet medisch advies worden ingewonnen.
9.2 Installing van de maat

VOORZICHTIG
Letselgevaar door gewrichtsketting Beknelling van de handen
Grijp Niet in het bereik van de gewrichtsketting [1-7] ofussen gewrichtsketting en exo-arm [1-5].
Stel de grootte in voordat je het exoskelet aanlegt.
Ruglengte instellen [5A]
Deinstalling van uw ruglengte bepalen aan de hand van uw lichaamsgrootte en met behulp van de tabel in afbeelding [6].
Aan het lipje [5-1] trekken en vasthouden om de zwaardvergrendeling [5-4] los te make.
Nederlandsls
Het zwaard verschuiven totdat de door u bepaalde ruglengte op de schaal [5-3] aan de corpusrand [5-2] verschijnt.
Het lipje loslaten.
De zwaardvergrendeling klikt vast.
Schouderbreedte instellen [5B]
Deinstalling van uw schouderbreedte bepa- len aan de hand van uw lichaamslengte en met behulp van de tabel in afbeelding [6].
Aan beiden zijden:
1 De snelspanner [5-5] openen.
De gewrichtsketting [5-6] op het greepoppervlak [5-9] verschuiven totdat de door u bepaalde schouderbreedte op de schaal [5-8] aan de corpusrand [5-7] verschijnt.
De snelspanner sluiten.
Armsteunen instellen [5C]
Aan beiden zijden:
De knop [5-10] indrukken en ingedrukt honden.
De positie van de armsteunen door verschuiven in de groef instellen.
De knop loslaten.
De accuplaatsen (zie hoofdstuk 6).
i Na plaatsing van de accu bevindt het exoskelet zich in de stand-by-modus.
9.4 Aanduiding van de riemen

Positieverstelriemen
Schouderriemen
Bekkenriemen
9.5 Exoskelet aanleggen en bijstellen
ATTENTIE! Grijp Niet in het gedeelte met de gewrichtsketting [1-7]. Instrueer ook personen die jou eventuele bij het aanleggen helpen.

Het exoskelet omdoen als een rugzak, waar bij de schouderriemen aanleggen zonder de schouderriemen strak te trekken.

Het bedieningselement in de houder van de schouderriem hangen.

De schouderriemen Licht aantrekken tot de bekkenriem op de bekkenbeenden ligt.

Debekkenriem sluiten. Debekkenriem bedekt de bekkenbeenderen, en de sluiting van debekkenriem zit onder de navel.

Debekkenriem vasttrekken. Het gewicht van het exoskelet ligt op het bekken.

De schouderriemen Licht aantrekken om het exoskelet comfortabel op het lichaam te stabiliseren.

De borstriem sluiten en de positieverstelriemen Licht vasttrekken.

Met de positieverstelriemen het exoskelet gegen de rug aantrekken.
Schouderpositie

De schouderbreedte controeren: Tussen deschoulders en het exoskelet is telkens ca. 1-2 cm afstand.
ATTENTIE! Als het exoskelet Niet goed zit, moet de maat van de schouderbreedte op het exoskelet opnieuw worden aangepast (zie hoofdstuk 9.2).

De schouderbreedte controeren: Leg de hand op uw schouder. De hand要去 zich nabij de positiemarkering bevinden.
ATTENTIE! Als het exoske- let te hoog of te laag zit, moet de maataanpassing van de ruglente worden gecorrigeerd (zie hoofdstuk 9.2).
Armsteunen

Dearmen indearmsteu- nen leggen en de arms- teunen met demagneetsluitingen sluiten.
De rubberen banden van de armsteunen Licht aantrekken.
ATTENTIE! De armen要去en zich in de armsteunen vrij hunnen bewegen.
ATTENTIE! De rubberen banden van de armsteunen loser makes als ze te strak zitten en sensorische stoornissen of bijn in uw handen of vingers veroorzaken. Als uijdens het werk zintuiglijke stoornissen of bijn Niet minder worden,要去 het exoskelet afgelegd en要去 medisch advies worden ingewonnen.

De armsteunpositie controleren: Met horizontale armen en ellebogenaar boven gebogen,要去 een afstand van ongeveer 4 vingerbreedtes zichtussen de elleboog en de armsteun. De rubberen banden van de armsteu-nen mogen�ijniet in de elleboogbochten snijden.
ATTENTIE! Als het exoskelet Niet goed zit, moet de maat van de armsteunen op het exoskelet opnieuw worden aangepast (zie hoofdstuk 9.2).
ATTENTIE! Bewaar de lussen van de riemen in de riemengeleiders. Neerhangende lussen kunnen door het exoskelet gegren worden en tot een val of letsel leiden.
9.6 Pasvorm controlleren

Bevinden uw schoulders zich nabij de positiemarkeringen?
Bedekt de bekkenriem de bekkenbeenderen?
9.7 Inschakelen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
- Letselgevaar door ongecontroleerde bewegingen van het exoskelet.
Schakel het exoskelet pas in nadat je het hebt aangelegd zoals in hoofdstuk 9.5 beschreiben.
Gereedmodus
De aan-/uit-toets [4-4] ca. 1 seconde indrukken. Het drukreservoir worden gevuld.
De statusindicatie [4-3] brandt groen. Het exoskelet is gereed voor gebruik.
Het profieldisplay [4-9] toont het ingestelde profiel.
i De staat gekozen instelling is standard na het inschakelen ingesteld.
Werkmodus
De krachtregeling [4-5] rechtsom opendraaien.
Het exoskelet ondersteunt het werk met de ingestelde kracht. De kracht van de ondersteun-ning worden via de krachtindicator [4-2] weerge-geven.
i Als de krachtondersteuning op 0 wordt gedraaid, gaat het exoskelet terug in de gereedmodus.
Pauzemodus
Door op de pauzeknop [4-6] te drukken, gaat het exoskelet in de pauzemodus. De krachtondersteuning zakt tot 0, en de krachtindicatie [4-2] knippert. Door nogmaals op de pauzeknop te drukken, schakelt het exoskelet terug maar de werkmodus en wordt de erder ingestelde kracht wee geactiveerd.
ATTENTIE! Het exoskelet mag nicht afgelegd worden zolang het in de pauzemodus is. Scha-
kel het exoskelet via de aan-/uit-toets [4-4]uit voordat je het aflegt.
9.8 Uitschakelen
De aan-/uit-toets [4-4] ca. 1 seconde indrukken.
i Als het exoskelet zich in de werk- of pau-zemodus bevindt en de armen langer dan 1,5 minuut nicht bewegen, gaat het exoskelet over in de stand-by-modus.
i Als het exoskelet zich in de gereedmodus bevindt en de armen langer dan 10 minuten Niet bewegen, gaat het exoskelet eveneens over in de stand-by-modus.
Stand-by-modus
De stand-by-modus kommt overeen met de toe-stand "uitgeschakeld" met geplaatste accu.
9.9 Exoskelet afleggen

Het exoskelet op de bedie-ningsmodule uitschakelen (zie hoofdstuk 9.8)
De magneetsluiting op de armschalen openen door aan de banden te trekken.

De borstriem openen door op de gespdelen te drukken.

Debekkenriemopenendoor op de gespdelentedrukken.

Het exoskelet zoals een rugzak afleggen.
Het exoskelet op de verpakking of op een vlakke ondergrond neerleggen.
9.10 Accu verwijdenen
Het exoskelet op de bedieningsmodule uitschakelen (zie hoofdstuk 9.8)
De accu afnemen (zie hoofdstuk 6).
10 Statusindicatie
Statusindicatie [4-3]
Oorzaak
Maatregel
LED brandt groen.
Geredmodus of werkmodus
| LED knippert 3x geel. | De lading van de accu is laag.Hoe lager de lading, hoe korter de intervallen tot het volgende knippe-ren. | De accu laden (zie hoofdstuk 6). |
| De krachtondersteuning schakelt UIT. | Snelheidsbewaking / -overschrij-ding van de armbewegingen. | |
| LED blijft 2 seconden UIT. | Het exoskelet bevindt zich in een Niet-toegestane positie. | |
| LED knippert 2x geel. | ||
| De krachtondersteuning schakelt UIT. | De accu is leeg. | De accu laden (zie hoofdstuk 6). |
| LED blijft 2 seconden UIT. | ||
| LED knippert 3x geel. | ||
| Het exoskelet schakelt UIT. | ||
| De krachtondersteuning schakelt UIT. | Te hoge temperatuur van de accu. | De accu latent afkoelen. |
| LED blijft 2 seconden UIT. | Het exoskelet opnieuw inschake-len. | |
| LED knippert 3x geel. | Te lage temperatuur van de accu of de compressor. | Wachten tot de temperatuur wee ter 0 °C is gestegen. |
| Het exoskelet schakelt UIT. | Het exoskelet opnieuw inschake-len. | |
| LED knippert afwisselend rood en groen. | Te hoge temperatuur van de com-pressor. | Het exoskelet latent afkoelen tot de compressor waar naprompt. |
| De compressor pompjt nicht na. | ||
| LED brandt rood. | Fout | Meer informatie in de Fes-tool Work-app. |
| De krachtondersteuning schakelt UIT. | Als de fouit aanhoudt, contact opnemen met een geauthoriser-de serviceworkplaats of de fabri-kant. | |
| Het exoskelet schakelt UIT. | ||
| Uit | Het exoskelet is uitgeschakeld of bevindt zich in de stand-by-modus. | Eventueel accuplaatsen (zie hoofdstuk 6) en het exoskelet inschakelen (zie hoofdstuk 9.7). |
11 Gedrag bij storingen of ongevallen
Neem na een storing of een ongeval vór de heringebruikneming van het exoskelet contact op met een geauthoriseerde serviceworkplaats of de fabrikant.
Neem de aanwijzingen van de statusindicationie [4-3] in hoofdstuk 10 in acht.
11.1 De krachtondersteuning kan nicht met de krachtregeling [4-5] verlaagd worden.
Probeer de volgende opties en leg van tevoren alle met de hand vastgehonden voorwerpen voorzichtig neer:
- Exoskelet op de aan-/uit-toets [4-4] uitschakelen.
Vraag aan een andere persoon om de accu te verwijderen. Dit leidt tot een onmiddellijke uitschakeling van de ondersteuningskracht.
Vraag aan een andere person om de armschaal in de bovenste positie vast te houden terwijl je het exoskelet aflegt. Verwijder na het afleggen van het exoskelet de accu.
11.2 Rook of sterke hitteontwikkeling
- Het exoskelet onmiddelijk op de aan-/uittoets uitschakelen en daarna afleggen.
De accu verwijdersen.
11.3 Ongebruikelijke geluiden
- Het exoskelet onmiddelijk op de aan-/uittoets uitschakelen en daarna afleggen.
De accu verwijden.
11.4 Ingeklemd textiel of andere materialen
- Het exoskelet onmiddelijk op de aan-/uittoets uitschakelen en daarna afleggen.
Alvorens geprobeerd worden om ingeklemde voorwerpen te verwijdersen,要去 de accu verwijderd worden.
Houd er rekening mee dat het verwijde- ren van ingeklemde voorwerpen kan leiden tot zichuw inklemmingsgevaar. Ingeklemde voorwerpen konnen de werkking van het ap- paraat beinvloeden, zelfs na verwijdering van het ingeklemde voorwerp. Neem bij twijfel contact op met de klantenservice.
11.5 Afbreken van onderdelen
Bij botsingen met andere voorwerpen+kunnen onderdelen van het exoskelet afbreken of componenten inscheuren. Deze beschadigingen kennen het veilige gebruik van het exoskelet in gevaar brengen.
Het exoskelet onmiddelijk op de aan-/uittoets uitschakelen en daarna afleggen.
De accu verwijden.
Neem contact op met de klantenservice voor verdere actie.
11.6 Scheuren in textielcomponenten
Scheuren in textielcomponenten können het verzilige gebruik van het exoskelet in gevaar brengen.
Het exoskelet onmiddelijk op de aan-/uittoets uitschakelen en daarna afleggen.
De accu verwijden.
Neem contact op met de klantenservice voor verdere actie.
12 Transport en opslag
Het exoskelet alleen met verwijderde accu's transporteren of opbergen.
Het exoskelet aan de draaglus [1-8] vasthonden en voorzichtig neerzetten.
- Om beschadigingen van de bekkenriem [8B] te vermeiden, de bekkenriem.afnemen (zie hoofdstuk 13.3).
Vochtig textiel voír het inpakken drogen (af-nemen van het textiel, zie hoofdstuk 13.3).
- Het exoskelet in de verpakking [1-17] in een droge ruimte wegleggen en bij -20 °C tot 60 °C bewaren.
13 Onderhoud en verzorging

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
Neem vór alle onderhoudswerkzaamheden.altijd de accu uit het exoskelet.
Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam-heden waarvoor het vereist is om de behui-zing te openen, mogen alleen in een geautorisere onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd.
Klantenservice en reparations mogen alleendoor de fabrikant of door serviceworkplaatsenuitgevoerd worden. Alleen originele Festool-reserveonderdelen gebruiken.
Meer informatatie: www.festool.nl/service
- Om de technische verilgheit te behouden,要去 de ventieleenheid om de 5aar of uiterlijk na 5000 bedrijfsuren door een erken de vakeworkplaats door een origineel onderdeel worden verrangen.
- Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen要去 op deskundige wijze in een erkende en gespecialiseerde werkplaats gerepareerd en verrangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is.
Zorg ervoor dat de koellluchtopeningen in de motorbehuizing algijd vrij en schoon zichn om de luchtcirculatie te waarborgen. - Het exoskelet en de hoofdsteunen op de binnen- en buitenzijde reinigen door afzui-gen en afvegen.
13.1 Snelspanner van de schouderbreedteinstelling bijstellen
De spankracht van de snelspanner voor de schouderbreedte-instelling [7-3] kan in de loop van dearend veranderen.
De snelspanners afstellen met een inbus-sleutel T30 [7-1] op de schroeven [7-2] zodate de snelspanners goed sluiten en de schouderbreedte-instelling goed vastzit.
13.2 Textiel verwangen of reinigen
Het riemensystem en de kussens van de armsteunen können worden verrangen of afgenomen voor reiniging.
Wassymbolen

Zeer behoedzaam wassen op 30^ C . Niet centrifugeren.

Niet in de trommeldroger drogen.

Niet strijken.
13.3 Textiel afnemen
[8A] Bedieningselement verwijderen
- ① De drukknoppen op de textiele kabelge-leiding openen.
Het bedieningselement uit de houder op de schouderriem nemen en opzij leggen.
[8B] Bekkenriem losmaken
1 De klem openen.
② De bekkenriem aan het kogelgewricht af-nemen.
[8C] Clips losmaken
Boven het rugnet aan de ogen van de vergrendelingsbout trekken en vasthouden.
De clips eruit trekken.
[8D] Rugnet afnemen
De netlussen uithangen.
Het harnas kan van het exoskelet worden verwijderd.
[8E] Armsteunkussens verwijderen
① De magnetische sluitingen van de rubberen band verwijderen en op een veiligeplaats bewaren, bijv. op de magnetische te-genhanger van de sluiting.
De zichden van de armsteunkussens omklappen.
- De armsteunkussens van de armsteunen lostrekken.
De rubberen banden uit de armsteunen rijgen.
13.4 Textiel monteren
[9A] Armsteunkussens bevestigen
De rubberen banden in de armsteunen rijgen.
De armsteunkussens op de armsteunen leggen. De korte ziche van de armsteunkussens ligt waar bij op de zichden met magneetsluiting.
- 3 De armsteunkussens over de armsteu-nen drukken. De zichden van de armsteunkussens om de armsteunen klappen.
De magnetsluitingen aan de rubberen banden bevestigen.
[9B] Bekkenriem bevestigen
- De bekkenriem aan het kogelgewricht aanbrengen.
De klem sluiten.
[9C] Rugnet bevestigen
De gespen van het rugnet ontspannen.
De netlussen inhangen.
[9D] Clips sluiten
Aan de ogen van de vergrendelingsbouten trekken en vasthouden.
2 De clips van het riemsystem in de clipshouser van het exoskelet schuiven.
Deogen loslaten. De vergrendelingsboutenklikken vast.
- Het rugnet spannen door aan de draaglus te trekken.
[9E] Bedieningselement bevestigen
- Het bedieningselement in de houder op de schouderriem hangen.
2 De kabel van het bedieningselement in de textiele kabelgeleider op de schouderriem leggen en de drukknopen sluiten.
14 Accessoires
De bestelnummers voor accessoires en gereedschap vindt u op www.festool.nl.
15 Milieu

Geef het apparaat Niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijk wijze
af. Neem de geldende nationale voorschriften in acht.
Vóró de verwijdering, voor zover aanwezig,要去en lege oude batterijen en accu's die Niet in het afgedankte apparaat omhuld zich, en lampen die zonder vernieling uit het afgedankte apparaat genomen+konnen worden, van het afgedankte apparaat gezehden worden. Zodoende+konnen oude batterijen en accu's in een gere-geld recyclingproces opgenomen worden.
Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten geschienen
te worden ingezameld en op milieuvriendelijk wijze te worden afgevoerd.
Informatie over de inzamelpunten voor een correcte verwijdering is onder www.festool.nl/ recycling in te zien.
Informatie voor REACH: www.festool.nl/reach
16 Algemene aanwijzingen
16.1 Informatie via Bluetooth®
Het apparaat kan via Bluetooth® met een mobiel eindapparaat verbonden worden. Zodra het apparaat via Bluetooth® met de Festooll Work-app verbonden en de beveiligde ver-binding geauthoriseerd werk, verbindt het apparaat zich vanaf dat tijdstip automatisch met de Festool Work-app. Het apparaat zendt dan regelmatin statusinformatie (ID, bedrijfstoestand, etc.) via Bluetooth®.
Het woordmerk Bluetooth® en de logo'sarend geregistreerde merken van Bluetooth SIG, Inc. enworden door TTS Tooltechnic Systems AG & Co.KG en dus door Festool onder licentie gezebruikt.
16.2 Informatie over gevevensbeveiliging
Het elektrische gereedschap bevat een chip voor de automatische opslag van machine-en gebruiksgegevens. De opgeslagen gegevens hebben geen betrekking op Personen.
De gegevens können met speciale apparaten contactloos uitgelezen worden en worden door Festool uitsluitend gebruikt voor de storingsdiagnose, reparatie- en garantieafwikkeling alsmede voor de verbetering van de kwaliteit of de verdere ontwikkeling van het elektrische gereedschap. Zonder uitdrukkelijke toestemming van de klant worden de gegevens Niet voor andere doeleinden gebruikt.
| Krafttrin | |
| 0 | Fra, ingen staat |
| 1 - 2 | Let kraft staat |
| 2 - 3 | Medium kraft staat |
| 4 - 5 | Størk kraft staat |