Active Control - Bloeddrukmeter Geratherm - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Active Control Geratherm in PDF-formaat.
| Producttype | Elektronische polsbloeddrukmeter |
| Merk | Geratherm |
| Model | Active Control (GT-1215) |
| Meetmethode | Oscillometrisch |
| Meetbereik (druk) | 0 tot 299 mmHg |
| Meetbereik (pols) | 40 tot 199 slagen/min |
| Nauwkeurigheid bloeddruk | ± 3 mmHg |
| Nauwkeurigheid hartslag | ± 5 % |
| Afmetingen | 84 mm x 70 mm x 40 mm |
| Gewicht (met manchet) | 104 g |
| Voeding | Geïntegreerde lithium-polymeer accu 3,7 V 420 mAh |
| Opladen | Via USB-kabel (netadapter 5 V = 1000 mA niet meegeleverd) |
| Batterijduur | Ongeveer 15 dagen (3 metingen/dag) |
| Geheugen | 60 metingen met datum en tijd |
| Speciale functies | Aritmie detectie, positiecontrole, WHO-classificatie per kleur, automatische uitschakeling, gemiddelde van laatste 3 metingen |
| Polsomvang | 13,5 tot 21,5 cm |
| Onderhoud | Reinigen met een zachte, droge doek. Gebruik geen schurende middelen. Was de manchet niet in de machine. |
| Garantie | 2 jaar (excl. batterij en manchet) |
| Repareerbaarheid | Niet zelf repareren. Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
| Normen | CE 0197, EN ISO 13485, EN 60601-1-2 |
Veelgestelde vragen - Active Control Geratherm
Gebruikersvragen over Active Control Geratherm
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Active Control - Geratherm en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Active Control van het merk Geratherm.
GEBRUIKSAANWIJZING Active Control Geratherm
Digitale polsbloeddrukmeter
Geratherm®
active control

Gebruiksdoeleinde 197
Contra-indicaties 197
Voorzorgsmaatregelen 198
Reiniging 199
Onderhoud en afvoeren 199
Opslag 200
Garantie 200
Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het product 200
Meetprincipe 203
Beschrijving van het product
Informatie over het apparaat 204
Verklaring van het display 205
Voorbereiding voor het meten
Stroomvoorziening en laden van de accu 206
Zo activeert u uw bloeddrukmeter 209
Instellen van datum en tijd 209
Omleggen van de manchet 211
Lichaamshouding tijdens het meten 211
Functions
Bloeddrukmeter (GT17) 212
Oproepen van opgeslagen waarden 214
Wissen van opgeslagen waarden 215
Service en onderhoud 216
Foutmetingen 218
Kwaliteitsgarantie 220
Lijst van symbolen 220
Informatie met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit (EMC) 221
Bijlage 222

Hartelijk dank dat u hebt gekozen voor de Geratherm® active control bloeddrukmeter.
Deze bloeddrukmeter maakt gebruik van de oscillometrische meetmethode om de systolische en dias- tolische bloeddruk en de hartfrequentie te meten.
De meting vindt plaats aan de pols. Alle waarden kunnen worden afgelezen op een Lcd-display.
Lees voor de eerste ingebruikneming van uw apparaat deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
Gebruiksdoeleinde
De bloeddrukmeter is overeenkomstig het beoogde gebruik bedoeld voor niet-invasieve meting en controle van de arteriële bloeddruk en is alleen geschikt voor volwassenen ouder dan 18 jaar met een polsomtrek tussen 13,5 en 21,5 cm.
Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik.
Contra-indicaties
Het apparaat is niet bedoeld voor zuigelingen, zwangere vrouwen, patiënten met elektronische implantaten, patiënten met pre-eclampsie, vroegtijdige ventriculaire samentrekkingen, boezemfibrilleren, perifere arteriële vaatziekte en patiënten die een intravasculaire therapie of een arterioveneuze shunt hebben ondergaan of personen bij wie een mastectomie werd uitgevoerd. Als het apparaat wordt gebruikt door een van de genoemde categorieën van personen, dan moet eerst een arts worden geraadpleegd en moet de geschiktheid van de meetmethode worden beoordeeld.
Dit apparaat is niet geschikt voor de continue bewaking tijdens medische noodgevallen of operaties. Dit apparaat kan niet tegelijkertijd met chirurgische HF-apparaten worden gebruikt. Het apparaat is niet bestemd voor patiëntenvervoer buiten gezondheidsinrichtingen.
Het is niet bestemd voor gebruik op andere extremiteiten dan de pols of voor andere functies dan het meten van de bloeddruk.
Wikkel de manchet niet om dezelfde arm waarop een arterioveneuze shunt aanwezig is of waarop tegelijkertijd andere medische hulpmiddelen aangesloten zijn, dit kan leiden tot tijdelijk verlies van de functie van dergelijke gelijktijdig gebruikte medische hulpmiddelen.
Gebruik het apparaat niet als u allergisch bent voor polyester, nylon of kunststof.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die ontstaat door verkeerd gebruik en niet-inachtneming van de veiligheidsinstructies die beschreven zijn in de gebruiksaanwijzing.


Voorzorgsmaatregelen
- Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor particulier gebruik.
- Deze gebruiksaanwijzing en het product vormen geen alternatief voor een bezoek aan uw dokter. De hierin opgenomen informatie en het product mogen niet worden gebruikt voor de diagnose of be- handeling van gezondheidsproblemen of voor het voorschrijven van medicatie. Heeft u een medisch probleem of vermoedt u dat u een dergelijk probleem heeft, vraag dan zo snel mogelijk uw dokter om advies.
- Verwar zelfcontrole niet met zelfdiagnose. Dit apparaat stelt u in staat uw bloeddruk te controle-ren. Neem geen therapeutische maatregelen aan de hand van uw zelfmeting.
- Controleer voor gebruik of het apparaat veilig functioneert en in perfecte staat is. Controleer het apparaat. Gebruik het apparaat niet als het op enige wijze beschadigd is. Als u een beschadigd instrument blijft gebruiken, kan dit leiden tot persoonlijk letsel, onjuiste resultaten of ernstige gevaren.
- Bewaar het apparaat buiten het bereik van kleuters, kinderen en huisdieren. Het inademen of inslikken van kleine onderdelen is gevaarlijk en kan de dood tot gevolg hebben.
- Gebruik alleen door de fabrikant goedgekeurde accessoires, anders kan dit leiden tot beschadigin-gen aan het apparaat, lichamelijke letsels bij de gebruiker of meetfouten.
- Gebruik het apparaat onder de omgevingscondities die beschreven zijn in de gebruiksaanwijzing. Anders ontstaat er een negatieve invloed op de werking en levensduur van de bloeddrukmeter.
- Het apparaat is geen AP / APG-apparaat en is niet geschikt om te worden gebruikt in aanwezigheid van ontvlambare anestheticamengsels met lucht of zuurstof of lachgas.
- Wanneer de manchetdruk 300 mmHg (40 kPa) bereikt, dan wordt de lucht in de manchet au- to-matisch afgelaten. Indien de lucht niet uit de manchet wordt gelaten wanneer de druk 300 mmHg (40 kPa) bereikt, dan verwijdert u de manchet van de pols en drukt u op de „START“-toets om het oppompen te stoppen.
- Te frequente en opeenvolgende metingen kunnen leiden tot storingen in de bloedsomloop en kunnen lichamelijke letsels veroorzaken.
- Als u tijdens een meting klachten ondervindt, bijv. pijn in de arm of andere klachten, druk dan op de "START"-toets om de lucht uit de manchet af te laten. Maak de manchet los en verwijder deze van uw arm.
- Controleer tijdens de meting dat de doorbloeding niet wordt gehinderd.
- Gebruik de manchet niet op een verwonde huid.

Voorzorgsmaatregelen
- De gebruikte materialen van de manchet werden getest en beantwoorden aan de vereisten voor de biologische evaluatie van medische hulpmiddelen overeenkomstig de normen DIN EN ISO 10993-5 en DIN EN ISO 10993-10. De gebruikte stoffen veroorzaken geen potentiële irritaties of allergische reacties.
- Om de meetnauwkeurigheid van de Geratherm ^ active control indien nodig te controleren, dient u contact op te nemen met de fabrikant of uw dealer.
Reiniging
- Gebruik een zachte doek voor de reiniging en gebruik voor de reiniging geen schurende of vluchtige reinigingsmiddelen. Gebruik oplosmiddelvrije reinigingsmiddelen.
- Was de manchet niet in de wasmachine of de vaatwasmachine!
- De levensduur van de manchet kan variëren door de frequentie van het wassen, de toestand van de huid en de bewaartoestand. De typische levensduur is circa 10.000 metingen.
- Reinig de bloeddrukmeter niet tijdens het opladen. Verwijder vóór het reinigen altijd eerst de oplader.
Onderhoud en afvoeren
- Waarschuwing: Geen onderhoud / service als het apparaat in gebruik is.
- Gooi het apparaat, de toebehoren en de uitrustingsstukken weg volgens de plaatselijk geldende richtlijnen.
- Probeer het apparaat in geval van storing niet zelf te repareren. Laat reparaties uitsluitend uitvoeren door een erkende servicedienst.
- De fabrikant stelt op verzoek bedradingsschema's, onderdelenlijsten, beschrijvingen, kalibratie-instructies enz. ter beschikking om het servicepersoneel te helpen bij het repareren van onderdelen.
- Het apparaat hoeft niet binnen twee jaar na een betrouwbaar onderhoud te worden gekalibreerd.
- Gooi uw bloeddrukmeter niet in vuur. De accu kan hierdoor gaan exploderen wat kan leiden tot letsel of zelfs dodelijk letsel.
- Batterijen (batterijenset of geplaatste batterijen) mogen niet worden blootgesteld aan overmatige hitte, zoals zonlicht, vuur of dergelijke.

Opslag
- Bewaar het apparaat inclusief de adapter in een droge ruimte en bescherm het apparaat tegen extreme vochtigheid, hitte, pluizen, stof en direct zonlicht als u het apparaat niet gebruikt. Leg geen zware voorwerpen op de productverpakking.
- Dit apparaat bestaat uit gevoelige componenten en moet met zorg worden behandeld. Neem de beschreven opslagen bedrijfsomstandigheden in acht.
- Het duurt ten minste 30 minuten voordat het apparaat is opgewarmd van de minimale opslagtemperatuur en klaar is voor het beoogde gebruik. Het apparaat moet tussen de gebruiksbeurten door ten minste 30 minuten van de maximale opslagtemperatuur zijn afgekoeld tot het weer klaar is voor gebruik.
- Bewaar de bloeddrukmeter op een koele, droge en geventileerde plek. Vermijd het naderen van het vuur en de warmtebron, anders zal de batterij exploderen.
Garantie
Op deze bloeddrukmeter wordt bij normaal gebruik voor eventuele fouten vanwege de fabrikant een garantie verleend van twee jaar vanaf de datum van aankoop. Indien uw bloeddrukmeter als gevolg van defecte onderdelen of een foutieve montage niet correct functioneert, dan repareren wij hem gratis. Met uitzondering van de manchet vallen alle onderdelen van de bloeddrukmeter onder deze garantie. Beschadigingen aan uw bloeddrukmeter die werden veroorzaakt door een onjuiste omgang met het apparaat, vallen niet onder de garantie.
Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het product
Wat is bloeddruk?

Doordat de hartkamer bloed in de bloedvaten en door het vaatstelsel drukt, ontwikkelt het hart een kracht. Een verdere kracht wordt door de bloedvaten ontwikkeld, doordat zij ten overstaan van de bloedstroom een weerstand opbouwen. De bloeddruk is het resultaat van deze beide krachten.
Wat betekent systolische en diastolische bloeddruk?
De systolische bloeddruk is de bovenste waarde die op het tijdstip van de maximale contractie van het hart wordt gemeten. De diastolische bloeddruk is de onderste waarde die op het tijdstip van het verslappen van het hart wordt gemeten.
Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het product
Is mijn bloeddruk normaal?
Voor de beoordeling van uw bloeddruk kunt u de hiernavolgende grafische voorstelling van de classificatie van de bloeddruk bekijken, uitgegeven door de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie).

bar
| Category | Diastolisch mmHg | |---|---| | Optimaal | 80 | | Normaal | 85 | | Hoog - normaal | 90 | | Grenslijn | 95 | | Geringe hoge bloeddruk (hypertensie graad 1) | 100 | | Gematigde hoge bloeddruk (hypertensie graad 2) | 100 | | Ernstige hoge bloeddruk (hypertensie graad 3) | 110 || Bloeddruk classificatie Systolisch | mmHg | Diastolisch mmHg | Kleur-indicatie |
| Optimaal < 120 < 80 groen | |||
| Normaal 120 - 129 80 - 84 groen | |||
| Hoog - normaal 130 - 139 85 - 89 groen | |||
| Graad 1 - hoge bloeddruk 140 - 159 90 - 99 geel | |||
| Graad 2 - hoge bloeddruk 160 - 179 100 - 109 oranje | |||
| Graad 3 - hoge bloeddruk ≥ 180 ≥ 110 rood |

Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het product
Wat betekent lage bloeddruk?
In het algemeen is lage bloeddruk beter voor zover er geen onaangename symptomen optreden zoals flauwtes en/of duizeligheid.
Bloeddrukschommelingen en -veranderingen
De volgende grafische voorstelling toont mogelijke bloeddrukschommelingen binnen de 24 uren.

line
| Time | Systolisch (mmHg) | Diastolisch (mmHg) | |------|-------------------|--------------------| | 12 | ~110 | ~85 | | 6 | ~130 | ~80 | | 0 | ~130 | ~70 | | 6 | ~90 | ~75 | | 11 | ~130 | ~85 |De volgende factoren beïnvloeden de resultaten van de bloeddrukmeting en veroorzaken schommelingen:

- Baden • Gesprek
• Alcoholgebruik • Gymnastiek - Beweging • Stress
- Eten • Temperatuurverandering
• Gedachten • Roken enz..
Meetprincipe
Dit product maakt voor de bloeddrukmeting gebruik van de oscillometrische meetmethode. Voor iedere meting bouwt het apparaat een "nuldruk" op, die overeenstemt met de luchtdruk. Daarna begint het met het oppompen van de manchet. Ondertussen registreert het apparaat drukschommelingen, die door het pulseren van het bloed worden geproduceerd.
Het apparaat vergelijkt ook het langste en het kortste tijdsinterval van de geregistreerde polsgolven met het gemiddelde tijdsinterval en berekent dan de afwijking. Het apparaat geeft samen met de indicatiewaarde een symbool weer bij een onregelmatige hartslag.

Beschrijving van het product
Informatie over het apparaat

text_image
Lcd-display USB-aansluiting WHO-classificatie Systolische waarde Tijd Diastolische waarde 88.88 10000 388 788 SYS DIA PULSE Polsslag "MEM"-toets MEM START Geratherm® "START"-toets ManchetInhoud:
- Bloeddrukmeter (GT-1215)
- Gebruiksaanwijzing
- USB-kabel
- Bewaarzakje

text_image
Manchet

De manchet is geschikt voor een polsomtrek tussen 13,5 en 21,5 cm.
Verklaring van het display

| Symbool | Beschrijving Verklaring | |
| SYS | Systolische bloeddruk | Resultaat hoge druk |
| DIA | Diastolische bloeddruk | Resultaat lage druk |
| PULSE | Polsslag Polsslag/minuut; hartslag/minuut | |
| Bewegings- sensor | Beweging zal leiden tot onnauw-keurige resultaten. | |
| Aritmie Aritmie - herkennen | ||
| Positiecontrole | De juiste positie is de voorwaar- de voor correcte meetwaarden | |
| AVG | Gemiddelde waarde | De gemiddelde waarde van de laatste 3 gemeten waarden |
| - Lo | Lage accucapaciteit | Het apparaat moet worden geladen |
| WHO-classi- ficatie | In welk bereik wordt de waarde geclassificeerd volgens de WHO | |
| 88:8818/88 | Actuele datum en tijd | Maand/dag, uur/minuut |
| Geheugen | Indicatie van de opgeslagen waarden | |
| Hartslag | Hartslagherkenning tijdens de meting |

Voorbereiding voor het meten
Stroomvoorziening en opladen van de accu
- De accu van de Geratherm® active control is een ingebouwde lithium-polymeer-accu met een elektrische lading van 420 m/Ah.
- Gebruik een voedingseenheid met USB-aansluiting (niet bijgeleverd) of een andere stroombron met USB-aansluiting en de bijgeleverde USB-kabel om de accu te laden, zoals weergegeven op de onderstaande afbeeldingen:
Methode 1

text_image
AC - voedingseenheidMethode 2

Aanwijzing: Optionele voedingseenheid
(Gebruik een goedgekeurde voedingseenheid)
V-ingang: AC 100 - 240 V \~ 50/60 Hz 0,2 A max
V-uitgang: 5 V=1000 mA

Het apparaat moet onder de volgende omstandigheden worden geladen:
- Lo wordt weergegeven
Voorbereiding voor het meten
Wanneer u de bloeddrukmeter inschakelt, knippert het Lcd-display "Dit betekent dat de accu zwak is. Laad de accu tijdig bij. U kunt de meting toch nog uitvoeren.
Indien het Lcd-display " - Lo" weergeeft, dan betekent dit dat de accu te zwak is. De bloeddrukmeter wordt automatisch uitgeschakeld en u moet de accu onmiddellijk laden.
Tijdens het laden geeft het Lcd-display knipperend de laadtoestand aan, zoals weergegeven op de onderstaande afbeeldingen:
Als de accu niet geladen is, dan geeft het Lcd-display tijdens het laden het volgende weer.

Als er een laadniveau bereikt is, dan geeft het Lcd-display tijdens het laden het volgende weer.

text_image
A B A BAls er twee laadniveaus zijn bereikt, dan geeft het Lcd-display tijdens het laden het volgende weer.

Als er drie laadniveaus bereikt zijn, is de accu volledig geladen en geeft het Lcd-display het volgende weer.


Voorbereiding voor het meten

Let op
- De accu van de Geratherm ^ active control is een ingebouwde heroplaadbare lithium-polymeer-accu. Probeer de bloeddrukmeter niet zelf of door onbevoegd onderhoudspersoneel te demonteren of met geweld te openen.
- In het kader van het normale gebruik kan de accu ongeveer 300 keer worden bijgeladen. Als de accu niet laadt of als het apparaat niet normaal kan worden gebruikt, neem dan contact op met uw verkoper. Als u uw bloeddruk 3 keer per dag meet, dan kan het apparaat tot 15 dagen worden gebruikt zonder opnieuw te laden.
- Probeer niet de accu van uw bloeddrukmeter te vervangen. De accu is ingebouwd en niet vervangbaar.
- Vermijd het laden van uw bloeddrukmeter bij extreem hoge of lage temperaturen.
- Reinig de bloeddrukmeter niet tijdens het laden. Verwijder voor het reinigen altijd eerst het laadtoestel.
- Raak de oplaadconnector en de patiënt niet tegelijkertijd aan tijdens het opladen.

Voorbereiding voor het meten
Zo activeert u uw bloeddrukmeter
Door het instellen van de datum en de tijd wordt uw bloeddrukmeter geactiveerd.
Instellen van datum en tijd
Het is belangrijk dat u de datum en de tijd van de bloeddrukmeter instelt, zodat de gemeten waarden kunnen worden voorzien van de juiste tijdstempel en in het geheugen kunnen worden toegewezen. (Tijdformaat: 24 h)
-
Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, houdt u de "MEM"-toets ca. 3 seconden lang ingedrukt om de modus voor de instelling van het jaar te bereiken.
-
Druk op de "START"-toets om het jaartal in te stellen, met iedere druk op de toets wordt het jaartal met een jaar verhoogd.
-
Wanneer het juiste jaartal bereikt is, drukt u op de "MEM"-toets om deze op te slaan en naar de volgende stap te gaan.

text_image
20/19
text_image
2020 1 1
text_image
2020
Voorbereiding voor het meten
- Herhaal de stappen 2 en 3 om de [MAAND] en de [DAG] in te stellen.
- Herhaal de stappen 2 en 3 om het [UUR] en de [MINUTEN] in te stellen.
- Herhaal de stappen 2 en 3 om de positiecontrole in of uit te schakelen. Wanneer u deze bevestigt, zoals beschreven in stap 3, dan worden alle instellingen na elkaar weergegeven op het display. Vervolgens wordt het apparaat uitge-schakeld.

text_image
2020 10 1
text_image
20.20, 10.20,
text_image
0:00
text_image
13:40
text_image
k 01
text_image
OFF
Voorbereiding voor het meten
Omleggen van de manchet
-
Wikkel de manchet rond de ontblote pols. Het display moet zich aan de kant van de handpalm bevinden.
-
Bevestig de manchet. Zorg ervoor dat ze niet te strak zit. De rand van de manchet moet ca. 1 cm van de handpalm verwijderd zijn.

text_image
1cmLichaamshouding tijdens het meten
-
Rust 5 minuten voor de meting uit. Wacht minstens 3 minuten tussen de metingen. Dit zorgt ervoor dat uw doorbloeding kan stabiliseren.
-
Ga rechtop zitten en leg uw onderarm zodanig dat het apparaat zich op dezelfde hoogte bevindt als uw hart. Ontspan u en meet in een natuurlijke lichaamshouding.

- Meet en registreer de bloeddruk iedere dag steeds op hetzelfde tijdstip, om uw bloeddruk-ver-loop vast te stellen.

Functie
Bloeddrukmeting
- Druk op de "START"-toets en laat deze los om de automatische meting te beginnen.
Lcd-display 0-waarde wordt

text_image
le wordt 88.0 mmHg AVG 88:88 ♥100 18/88 Ⓜ 100weergegeven

text_image
0 mmHg 14:09 10 13Het oppompen en meten begint

text_image
63 mmHg 14:09 10 13De resultaten worden weergegeven en opgeslagen

text_image
108 mmHg 69 14:09 85 10 13
- Zodra de meting voltooid is, verschijnen op het display de gemeten waarden voor de bloeddruk en de polsslag. Druk op de "START"-toets om het apparaat uit te schakelen. Anders wordt het apparaat na een minuut automatisch uitgeschakeld.
Functie

Opmerking:
Wanneer de functie van de positiecontrole ingeschakeld is, dan analyseert het apparaat eerst uw armpositie. De pols moet gebogen zijn in een hoek tussen 30° en 45°. Als deze positie niet wordt ingenomen, dan wordt de meting niet gestart en op het display verschijnt het symbool + ERR tot u de juiste positie heeft ingenomen.

text_image
Err
Opmerking:
Als u de juiste positie heeft ingenomen dan geeft het display het symbool 3 seconden lang weer en begint daarna de meting.

Oproepen van opgeslagen waarden
- Om de laatste opgeslagen waarden op te roepen, drukt u op de "MEM"-toets en laat u deze los. Op het display verschijnt de gemiddelde waarde (AVG) van de laatste 3 metingen.
(Opmerking: Als er minder dan 3 opgeslagen waarden aanwezig zijn, dan wordt de laatst gemeten waarde weergegeven)

text_image
95 mmHg AVG 60 M 84
text_image
108 mmHg 69 01 10 13 M 85
Aanwijzing:
Er kunnen 60 waarden op het apparaat worden opgeslagen.
- Door nogmaals op de "MEM"-toets te drukken, kunnen alle opgeslagen waarden worden opgeroepen. Links beneden is het nummer van de opgeslagen waarde te zien. Dit verschijnt afwisselend met het tijdstip van de opgeslagen meting. Daaronder is de bijbehorende datum weergegeven.
De recentste meetwaarde (1) wordt eerst weergegeven. Iedere nieuwe meting wordt aan de eerste (1) gegevensrecord toegewezen. Alle andere gegevensrecords worden een plaats achteruitgeschoven (bijvoorbeeld 2 wordt 3, en zo voorts) en de laatste meetwaarde wordt uit de lijst verwijderd.

text_image
01 Opgeslagen waarde nr. 1 10 13 Maand en dag 10:38 Tijd 10 13 Maand en dag 108 mmHg 69 01 10 13® 85 NLFunctie
Wissen van opgeslagen waarden
-
Druk op de "MEM"-toets en houd deze ca. 3 seconden ingedrukt terwijl het apparaat zich reeds in de modus voor de opgeslagen waarden bevindt. Op het display wordt "dEL ALL" ("alles wissen") weergegeven.
-
Druk op de "MEM"-toets om het wissen te bevestigen. Op het display wordt "dEL dOnE" ("wissen uitgevoerd") weergegeven.
-
Om te controleren of het wissen correct is uitgevoerd, drukt u op de "MEM"-toets, het display moet "0" weergeven.

text_image
dEL ALL
text_image
dEL DO NE
text_image
0 mmHg 0 0
Opmerking:
Om de wismodus te verlaten zonder waarden te wissen, drukt u op de "START"-toets.

Service en onderhoud
| Het product niet laten vallen. | ![]() |
| Het apparaat of de manchet niet veranderen of uit elkaar nemen. | ![]() |
| De manchet niet verdraaien. | ![]() |
| Voor het reinigen van de behuizing een met water of een neutraal reinigingsmiddel bevochtigde doek gebruiken en vervolgens droogwrijven. | ![]() |

Service en onderhoud
| Verdunningsmiddelen, benzine en andere agressieve reinigingsmid-delen vermijden. | ![]() | |
| Het apparaat op een geschikte plaats bewaren. Hoge tempera-turen, directe bestraling door de zon, hoge vochtigheid en stof vermijden. | ![]() | |
| De “START”-toets niet indrukken als de manchet niet correct om de pols is gelegd. | ![]() | |

Foutmeldingen
| Probleem Displayindicatie Oorzaak Oplossing | |||
| Geen stroom | Op het display wordt niets weergegeven | Accucapaciteit is te laag Accu | bijladen |
| Lage accuca-paciteit | -LoAnzeige | Accucapaciteit is te laag Accu | bijladen |
| Geen stroom | Op het display wordt niets weergegeven | Adapter / oplaadkabel is niet correct verbonden | Controleer adapter en oplaad-kabel en correct aansluiten |
| Geen display | Geen indicatie bij het indrukken van de knoppen | Het apparaat is niet geactiveerd | Druk op de “MEM”- toets en houd deze ingedrukt om het apparaat te activeren |
| Foutmel-dingen | E 1 | De manchet is niet correct bevestigd of de druk in de manchet is te hoog | Rust een ogenblik uit, bevestig de manchet opnieuw en meet de bloeddruk nogmaals |
| E 2 | Het apparaat heeft bewegin-gen herkend of de polsslag is te laag | Rust een ogenblik uit en meet opnieuw | |
| E 3 | Er wordt geen polssignaal herkend | Verwijder de kleding van uw arm en meet opnieuw | |
| E 4 | Het meet-proces werd niet correct uitgevoerd | Rust een ogenblik uit en meet opnieuw | |
| EExx | Er is een kalibratiefout opgetreden | Rust een ogenblik uit en meet opnieuw | |
| out | De meet-waarden liggen buiten het meetbereik | Ontspan u een ogenblik. Bevestig de manchet terug en meet opnieuw. Indien dit probleem blijft optreden, neemt u contact op met uw dokter | |

Technische gegevens
| Modelnr. GT-1215 | |
| Stroombron 3,7 V 420 | mAh ingebouwde, bijlaadbare lithium-polymeer-accu |
| Beeldscherm Digitaal Lcd-display V.A. 44,8 mm x 35,6 mm | |
| Meetmethode Oscillometrische methode | |
| Meetbereik | Manchetdruk: 0 mmHg ~ 299 mmHg (0 kPa ~ 40 kPa)Meetdruk: SYS: 60 mmHg ~ 230 mmHg (8,0 kPa ~ 30,7 kPa)DIA: 40 mmHg ~ 130 mmHg (5,3 kPa ~ 17,3 kPa)Polsslag: (40 - 199) polsslagen/min. |
| Nauwkeurigheid | Bloeddruk +/- 3 mmHg (+/- 0,4 kPa)Polsfrequentie +/- 5% |
| Gebruiks-omstandigheden | Een temperatuurbereik van: +5 °C tot +40 °CEen relatieve luchtvochtigheidsbereik van: ≤85 % RV niet condenserend, maar geen partièle waterdampdruk boven 50 hPa verlangendEen atmosferisch drukbereik van: 700 hPa tot 1060 hPa |
| Bewaar-omstandigheden | Temperatuur: -20 °C tot +60 °CEen relatieve luchtvochtigheidsbereik van ≤ 93 %, niet condenserend bij een waterdampdruk tot 50 hPa |
| Manchetgrootte 13,5 cm ~ 21,5 cm | |
| Gewicht 104 g (met manchet) | |
| Afmetingen ca. 84 mm x 70 mm x 40 mm | |
| Accessoires USB-kabel, gebruiksaanwijzing, bewaarzakje | |
| Beschermingsgraad | IP22, Het apparaat is beschermd tegen het binnendringen van vaste vreemde elementen met een diameter ≥ 12,5 mm en tegen het binnendringen van water met verticale druppels. |
| Beschermingsgraad Accuvoeding: ME-apparaat met een ingebouwde lithium-polymeer-accu | |
| Softwareversie A01 | |
Wijzigingen met het oog op de productverbetering zijn voorbehouden.

Kwaliteitsgarantie
Geratherm® is gecertificeerd in overeenkomst met richtlijn 93/42/ EEG en EN ISO 13485 en heeft het recht om het label (aangemelde instantie TÜV Rheinland LGA Products GmbH) op haar producten aan te brengen.
Lijst van symbolen
![]() | De gebruiksaanwijzing opvolgen | Apparaatclassificatie type BF | |
![]() | Beschermen tegen vocht Fabrikant | ||
![]() | Bewaring bij een relatieve lucht-vochtigheid ≤ 93 %, relatieve vochtigheid | (YYMMXXX; jaar/maand/ serienummer) | |
![]() | Bewaring tussen -20 °C en +60 °C | Let op, veiligheidsinstructies in de gebruiksaanwijzing in acht nemen | |
![]() | Het apparaat mag niet in het huisvuil worden afgevoerd | Productiedatum | |
![]() | Gelijkstroom Referentie nummer |

Informatie met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit (EMC)
Elektronische apparatuur zoals pc's en mobiele telefoons kunnen ertoe leiden dat medische hulpmiddelen bij gebruik worden blootgesteld aan elektromagnetische interferentie van andere apparaten. Dit kan een storing van het medische apparaat en een mogelijk onveilige situatie tot gevolg hebben. Ook mogen medische hulpmiddelen niet interfereren met andere apparaten.
De norm EN 60601-1-2 regelt de eisen voor EMC (elektromagnetische compatibiliteit) en definieert de mate van immuniteit voor elektromagnetische interferentie en de maximale elektromagnetische emissiewaarden voor medische apparatuur.
Deze bloeddrukmeter die werd geproduceerd door de firma Geratherm Medical AG voldoet aan de norm EN 60601-1-2, zowel met betrekking tot de immuniteit als met betrekking tot emissies.
Toch moeten er bijzondere voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen:
Gebruik de bloeddrukmeter alleen binnen en niet in de omgeving van mobiele telefoons of magnet-ronovens. Het apparaat mag niet naast of gestapeld op andere apparaten worden gebruikt. Als het gebruik van naastgelegen of gestapelde apparaten noodzakelijk is, dient het apparaat in de gebruikte opstelling ter verificatie van een normale werking te worden gecontroleerd.
Bij apparatuur waarvan het vermogen meer dan 2 W bedraagt, moet een afstand van minstens 3,3 m tot uw bloeddrukmeter worden bewaard.
Waarschuwing:
het gebruik van andere toebehoren, andere omvormers en andere leidingen dan de artikelen die de fabrikant van het apparaat heeft gespecificeerd of geleverd kan leiden tot een toename van de elektromagnetische emissies, dan wel een vermindering van de elektromagnetische interferentie van het apparaat met een verkeerde werking als gevolg.

Bijlage
| Aanwijzingen en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische emissies | ||
| Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omgeving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven is. | ||
| Emissietest Compatibiliteit Aanwijzingen inzake de elektromagnetische omgeving | ||
| HF-emissies CISPR 11 Groep 1 | Het apparaat of systeem gebruikt alleen HF-energie voor interne functies. De HF-emissies zijn daarom erg laag en interferentie met elektronische apparatuur in de omgeving is onwaarschijnlijk. | |
| HF-emissies CISPR 11 Klasse B | Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in alle inrichtingen, met inbegrip van huishoudens en inrichtingen die rechtstreeks aangesloten zijn op het openbare laagspanningsnetwerk dat woongebouwen van stroom voorziet. | |
| Harmonische emissies IEC 61000-3-2 | Klasse A | |
| Spanningsschommelingen / flikkeremissies IEC 61000-3-3 | Compatibel | |
| Aanwijzingen en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische immuniteit | |||
| Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omgeving. De klant en/ of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven is. | |||
| Immuniteitstest | IEC 60601 - testniveau | Compatibiliteit- sniveau | Aanwijzingen inzake de elektromagnetische omgeving |
| Elektrostatische ontlading (ESE) IEC 61000-4-2 | ± 6 kV contact ± 8 kV lucht | ± 6 kV contact ± 8 kV lucht | De vloeren moeten van hout, beton of keramische tegels zijn. Als de vloeren bedekt zijn met synthetisch materiaal, moet de relatieve luchtvochtigheid ten minste 30% bedragen. |
| Stromfrequenz (50/60 Hz) Magnetfeld IEC 61000-4-8 | 3 A/m 3 A/m | Het magnetische veld van de stroomfrequentie moet op de voorziene installatieplaats worden gemeten om te verze-keren dat het voldoende laag is. | |

Bijlage
| Aanbevolen afstanden tussen draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur en het apparaat of systeem | |||
| Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omgeving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem kan elektromagnetische interferentie voorkomen door de minimumafstand tot draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur (zenders) in acht te nemen, afhankelijk van het uitgangsvermo-gen van de communicatieapparatuur, zoals hieronder aangegeven is: | |||
| Maximaal uitgangsvermogen van de zender in watt | Afstand / m | ||
| 150 kHz tot 80 MHzd = 1,2 √P | 80 MHz tot 800 MHzd = 1,2 √P | 800 MHz tot 2,5 GHzd = 2,3 √P | |
| 0,01 | 0,12 | 0,12 | 0,23 |
| 0,1 | 0,38 | 0,38 | 0,73 |
| 1 | 1,2 | 1,2 | 2,3 |
| 10 | 3,8 | 3,8 | 7,3 |
| 100 | 12 | 12 | 23 |
| Voor zenders waarvan het maximale nominale uitgangsvermogen hierboven niet vermeld is, kan de afstand worden geschat met behulp van de vergelijking in de desbetreffende kolom, waarbij P staat voor het maximale nominale uitgangsvermogen van de zender in watt (W) volgens de fabrikant van de zender. | |||
| OPMERKING 1: Bij 80 MHz en 800 MHz moet het hoogste frequentiebereik worden gebruikt. | |||
| OPMERKING 2: Deze richtlijnen zijn mogelijk niet van toepassing op alle situaties. De elektromagnetische overdracht wordt beïnvloed door absorptie en reflectie van gebouwen, objecten en personen. | |||

Bijlage
| Aanwijzingen en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische immuniteit | |||
| Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omgeving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven is. | |||
| Immuniteits-test | IEC 60601 - testniveau | Compatibili-teitsniveau | Aanwijzingen inzake de elektromagnetische omgeving |
| Draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur mag niet dichterbij enig onderdeel van het apparaat of systeem, inclusief kabels,worden gebruikt dan de aanbevolen afstand die wordt berekend metbehulp van de vergelijking die van toepassing is op de frequentie van de zender. | |||
| Aanbevolen afstand: | |||
| Geleide HF IEC 61000-4-6 | 3 V effectieve waarde 150 kHz tot 80 MHz | 3 V effectieve waarde | d= 1,2 √P |
| Uitgestraalde HF IEC 61000-4-3 | 3 V/m 80 MHz tot 2,5 GHz | 3 V/m | d = 1,2 √P80 MHz tot 800 MHz |
| d = 2,3 √P800 MHz tot 2,5 GHz | |||
| waarbij P staat voor het maximale nominale uitgangsvermogen van de zender in watt (W) volgens de fabrikant van de zender, en d voor de aanbevolen afstand in meter (m)De veldsterkten van stationaire HF-zenders zoals bepaald met onderzoek van de elektromagnetische straling ter plaatse a moeten lager zijn dan het compatibiliteitsniveau voor het desbetreffende frequentiebereik.bInterferentie kan ontstaan in de nabijheid van apparaten die zijn voorzien van het volgende symbool: | |||
| OPMERKING 1: Bij 80 MHz en 800 MHz moet het hoogste frequentiebereik worden gebruikt.OPMERKING 2: Deze richtlijnen zijn mogelijk niet van toepassing op alle situaties. De elektromagnetische overdracht wordt beïnvloed door absorptie en reflectie van gebouwen, objecten en personen. | |||

Bijlage
a) De veldsterkten van stationaire zenders, zoals bijv. basisstations van (draagbare/ draadloze) radiotelefoons en landmobiele radioapparatuur, amateurradio, AM- en FM-radio-uitzendingen en tv-uitzendingen kunnen theoretisch niet precies worden voorspeld. Om de elektromagnetische omgeving wegens stationaire HF-zenders te beoordelen moet een onderzoek van het elektromagnetisch veld ter plaatse worden uitgevoerd Indien de gemeten veldsterkte op de plaats waar het apparaat of systeem gebruikt wordt het hierboven aangeduide HF-compatibiliteitsniveau overschrijdt, dan moet het apparaat of systeem worden geobserveerd om te controleren of het normaal functioneert. Wordt abnormaal gedrag waargenomen, dan kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals een andere uitrichting van het apparaat of systeem of verplaatsing naar een andere locatie.
b) In het frequentiebereik tussen 150 kHz en 80 MHz moeten de veldsterkten lager zijn dan 3 V/m.
1) Dit apparaat moet met inachtneming van de informatie in de gebruiksaanwijzing worden geïnstalleerd en in gebruik worden genomen.
2) Draadloze communicatietoestellen zoals draadloze thuisnetwerkapparatuur, mobiele telefoons, draadloze telefoons en hun basisstations en radiotelefonieapparatuur kunnen een negatieve invloed hebben op dit apparaat en moeten zich op een afstand van minstens d = 3,3 m van het apparaat bevinden.
OPMERKING: Zoals aangegeven in tabel 6 van IEC 60601-1-2 voor MOBILE APPARATEN, een typische mobiele telefoon met een maximaal uitgangsvermogen van 2 W geeft d = 3,3 bij een IMMUNITEITSGRAAD van 3 V//m)
De actuele versie van de normen is respectievelijk geldig.















