Desktop GP6621 - Bloeddrukmeter Geratherm - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Desktop GP6621 Geratherm in PDF-formaat.
| Kenmerken | Details |
|---|---|
| Producttype | Bloeddrukmeter |
| Meetmethode | Automatische bloeddrukmeting |
| Meetbereik | Systolische druk: 0 tot 299 mmHg, Diastolische druk: 0 tot 199 mmHg |
| Nauwkeurigheid | ±3 mmHg voor de druk |
| Display | LCD-scherm met numerieke weergave |
| Geheugenfunctie | Opslag van metingen voor meerdere gebruikers |
| Voeding | Batterijen (type niet gespecificeerd) |
| Afmetingen | Compact, geschikt voor thuisgebruik |
| Gebruik | Gemakkelijk te gebruiken, geschikt voor persoonlijk of medisch gebruik |
| Onderhoud | Regelmatige reiniging van het apparaat, controle van de batterijen |
| Veiligheid | Niet gebruiken bij personen met bloedcirculatieproblemen zonder medisch advies |
| Garantie | Controleer de garantievoorwaarden bij de fabrikant |
Veelgestelde vragen - Desktop GP6621 Geratherm
Gebruikersvragen over Desktop GP6621 Geratherm
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Desktop GP6621 - Geratherm en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Desktop GP6621 van het merk Geratherm.
GEBRUIKSAANWIJZING Desktop GP6621 Geratherm
- Dit apparaat maakt gebruik van de oscillometrische meet- methode om de systolische en diastolische bloeddruk en de hartfrequentie te meten. De meting geschiedt aan de bovenarm. Alle waarden kunnen op een LCD-scherm worden afgele- zen. Het apparaat is ontwikkeld voor prive en professioneel gebruik en mag alleen worden gebruikt door volwassenen boven de 18 jaar met een armomvang van 22 tot 32 cm. Gebruiksdoel Gebruiksdoel p. 124
- Voorzorgsmaatregelen p. 125
- Garantie p. 127
- Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het apparaat p. 127
- Beschrijving van het apparaat Toelichting van de aanwijssymbolen p. 128
- Voorbereiding voor het gebruik Plaatsen/vervangen van de batterijen p. 129
- Omleggen van de drukmanchet p. 130
- Lichaamshouding tijdens het meten p. 130
- Functies Instellen van de klok p. 131
- Bloeddrukmeting p. 131
- Oproepen van opgeslagen waarden p. 132
- Wissen van opgeslagen waarden p. 133
- Service en onderhoud p. 134
- Afvalbeheer p. 136
- Foutmelding p. 136
- Technische gegevens p. 137
- Kwaliteitsgarantie p. 138
- Symbolenindex p. 138
- Bijlage Inhoudsopgave125 p. 139
Voorzorgsmaatregelen
- Deze handleiding en het product vormen geen alterna- tief voor een bezoek aan uw arts. De hierin opgenomen informatie en het product mogen niet worden gebruikt voor diagnose of behandeling van gezondheidsproblemen of voor het voorschrijven van medicatie. Heeft u een medisch probleem of vermoedt u dat u een dergelijk probleem heeft, vraag dan zo snel mogelijk uw dokter om advies.
- Voer geen metingen uit bij lage (onder +5 °C) of hoge (boven +40 °C) temperatuur of wanneer de relatieve luchtvochtigheid zich buiten het bereik van 15 % tot 90 % bevindt, omdat dergelijke omstandigheden kunnen lei- den tot onnauwkeurige metingen.
- Heeft u zojuist een caffeïnehoudende drank gedronken of een sigaret gerookt, wacht dan 30 tot 45 minuten voordat u de meting uitvoert.
- Rust minimaal 5 tot 10 minuten uit, voor u een meting uitvoert.
- Wacht 3 tot 5 minuten tussen de metingen, zodat uw bloedvaten de gelegenheid krijgen om terug te keren in de toestand vóór de meting. De wachtduur moet even- tueel aan uw persoonlijke fysiologie worden aangepast.
- Wij bevelen aan om voor alle metingen dezelfde arm te gebruiken (bij voorkeur de linkerarm) en de meting iedere dag om ongeveer dezelfde tijd uit te voeren.
- Ga ontspannen zitten en leg uw ellebogen op de tafel; beide voeten moeten geheel op de vloer rusten. Kruis uw benen niet tijdens de meting.
- Plaats het apparaat op de hoogte van uw hart. Ontspan uw hand. Uw handpalm moet naar boven zijn gericht.
- Voer de metingen uit bij kamertemperatuur, in een rus- tige en stressvrije omgeving.
- Het apparaat mag tijdens de meting niet worden bewo- gen of geschud. Tijdens de metingen moet niet worden gesproken.
- Houd u er rekening mee, dat de bloeddruk gedurende de dag een natuurlijke schommeling vertoont en door veel verschillende factoren wordt beïnvloed. Gewoonlijk is de bloeddruk het hoogst tijdens het werk en bereikt deze zijn laagste waarde in de slaapfase.
- Bloeddrukmetingen moeten worden geïnterpreteerd door een arts of een geschoolde gezondheidsmedewer- ker die op de hoogte is van uw medische geschiedenis. Indien u het apparaat gebruikt en de resultaten regel- matig noteert, houdt u uw arts dan op de hoogte van permanente wijzingen in uw bloeddruk.126
- Lijdt u aan een hart en vaatziekte (zoals arteriosclerose), diabetes, een lever of nieraandoening, ernstige hyper- tensie of perifere circulatiestoornissen etc, raadpleeg dan uw arts voordat u dit apparaat gebruikt.
- Dit apparaat is niet geschikt voor gebruik door personen met hartritmestoornissen en zwangere vrouwen.
- De met dit apparaat uitgevoerde bloeddrukmetingen komen overeen met de waarden die worden verkregen door een geschoolde waarnemer met de manchet-/ste- thoscoopausculatiemethode en liggen binnen de gren- zen van norm DIN EN ISO 81060-2.
- Als de manchet tijdens het meten ongemak veroorzaakt, druk dan op de „POWER“-toets om het apparaat onmid- dellijk uit te schakelen.
- Ligt de druk boven de 300 mmHg en ontwijkt de lucht niet vanzelf uit de manchet, dan kunt u de klittenband losmaken om de manchet af te nemen.
- Gebruik dit apparaat niet bij kleuters, kinderen of per- sonen die zelf hun bedoelingen niet duidelijk kunnen maken.
- Om een abusievelijke wurging te voorkomen, gelieve het product uit de buurt van kinderen te houden en de slang niet om de nek te leggen.
- Te frequente metingen kunnen storingen in de doorbloe- ding tot gevolg hebben; dit kan resulteren in onaange- name effecten zoals plaatselijke bloedingen onder de huid of een tijdelijke gevoelloosheid van de arm. Deze symptomen zijn gewoonlijk van korte duur. Mochten zij echter na enige tijd nog niet zijn hersteld, raadpleegt u dan uw arts.
- Neem de elektromagnetische compatibiliteit van het ap- paraat in acht (bijv. storingen in de stroomvoorziening, radiofrequentiestoringen, etc.) zie bijlage. Gebruik het apparaat alleen binnenshuis. Om onnauwkeurige resul- taten door elektromagnetische interferentie tussen elek- trische en elektronische apparaten te vermijden, moet het apparaat niet in de nabijheid van mobiele telefoons en magnetrons worden gebruikt. Bij apparatuur waar- van het vermogen meer dan 2 W bedraagt, moet een afstand van minstens 3,3 m tot uw bloeddrukmonitor worden bewaard.
- Dit instrument is NIET waterbestendig! Dompel het NOOIT onder in vloeistoffen.
- Gebruik het instrument niet wanneer u vermoedt dat het beschadigd is of wanneer u iets ongebruikelijks consta- teert. Voorzorgsmaatregelen127
Garantie Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het apparaa Op deze bloeddrukmonitor wordt bij normaal gebruik een garantie gegeven van 3 jaar vanaf koopdatum voor enige defecten van de zijde van de fabrikant. Indien uw apparaat niet correct functioneert als gevolg van defecte onderdelen of montage, zullen wij het apparaat gratis repareren. De garantie is van toepassing op alle onderdelen van het apparaat, met uitzondering van de batterij en de manchet. Schade die ontstaan is door onjuiste behandeling van het apparaat wordt niet door de garantie gedekt. Wij raden u aan het apparaat om de twee jaar door een ge- autoriseerd laboratorium aan een meettechnische controle te onderwerpen. Deze beoordeling is geen garantie Wat is bloeddruk? Doordat de hartkamer bloed in de bloetvaten en door het vaatstelsel drukt, ontwikkelt het hart een kracht. Een verde- re kracht wordt door de bloedvaten ontwikkeld, doordat zij ten overstaan van de bloedstroom een weerstand opbou- wen. De bloeddruk is het resultaat van deze beide krachten. Wat betekent systolische en diastolische bloeddruk? De systolische bloeddruk is de bovenste waarde die op het tijdstip van de maximale contractie van het hart wordt gemeten. De distolische bloeddruk is de onderste waarde die op het tijdstip van het verslappen van het hart wordt gemeten. Is mijn bloeddruk normaal? Voor de beoordeling van uw bloeddruk kunt u de hierna volgende grafi sche voorstelling van de classifi catie van de bloeddruk bekijken, uitgegeven door de WHO (Wereldge- zondheidsorganisatie). Ernstige hoge bloeddruk (graad van ernstigheid 3) Gematigde hoge bloeddruk (graad van ernstigheid 2) Geringe hoge bloeddruk (graad van ernstigheid 1) Optimaal Normaal Hoog - normaal diastolische druk mm Hg systolische druk mm Hg128
Belangrijke aanwijzingen voor het gebruik van het apparaa Wat betekent lage bloeddruk? In het algemeen is lage bloeddruk beter voor zover geen onaangename symptomen optreden zoals fl auwtes en/of duizeligheid. Bloeddrukschommelingen en -veranderingen De volgende grafi sche voorstelling toont mogelijke bloed- drukschommelingen binnen de 24 uren. De volgende factoren beïnvloeden de resultaten van de bloeddrukmeting en veroorzaken schommelingen:
- Alcoholconsumptie • Gymnastiek
- Beweging • Spirituele inspanning
- Eten • Temperatuurverandering
- Gedachten • Roken enz. mmHg Datum/ tijd Systolische waarde Pols Diastolische waarde Batterij leeg Geheugen Aritmieherkenning Beschrijving van het apparaat Toelichting van de aanwijssymbole systolische diastolische129
Beschrijving van het apparaat De manchet is beschikt voor een armomvang tussen 22 en 32 cm. Manchet „Power“-knop LCD-aanwijzing „Memory“-knop Plaatsen/vervangen van de batterijen
1. Plaats de batterijen met de juiste poling “+“ en “-“ in het
het batterijsymbool ver- schijnt.
3. Verwijder de batterijen als
het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt.
4. VERWIJDER alle BATTE-
RIJEN wanneer u de als speciaal toebehoren te leveren AC-voedingseen- heid gebruikt. Opmerking: Om storingen te voorkomen wordt geadviseerd het- zelfde type alkalibatterijen te gebruiken. Houd de batterijen buiten het bereik van kleine kin- deren. Werp de batterijen niet in het vuur; zij kunnen exploderen. Voorbereiding voor het gebruik Aansluiting voor de voeding130
Voorbereiding voor het meten Omleggen van de drukmanchet
1. Wikkel de manchet rond de lin-
kerarm. De arm moet bloot zijn.
2. Bevestig de manchet. Trek er
niet te krachtig aan en span ze niet te strak aan. De rand van de manchet moet ca. 2,5 cm van de binnenkant van de elleboog verwijderd zijn.
3. Indien er niet aan de linkerarm
kan worden gemeten, legt u de manchet om de rechterarm, zoals op de afbeelding is te zien. Lichaamshouding tijdens het meten
1. Zit rechtop en zorg ervoor dat
de plaats van meting zich ter hoogte van het hart bevindt. Ont- span u en meet in een natuurlijke lichaamshouding.
2. Meet en registreer de bloeddruk iedere dag steeds op
hetzelfde uur, om uw bloeddrukverloop vast te stellen. AC-voedingseenheid (speciaal toebehoren) Het product mag alleen met een voor medische doeleinden toegelaten gestabiliseerde AC-voedings- eenheid (ingang 100~240 V, AC, 60/50 Hz; uitgang 6V, DC, 800 mA) worden gebruikt. Opmerking:
1. Bij gebruik van de voedingseenheid zijn geen batterijen
2. Wordt tijdens het meten de stroomtoevoer van de AC-
voedingseenheid onderbroken, dan moet het apparaat door scheiding van de AC-voedingseenheid van het ap- paraat worden gereset.
3. Gebruik alleen voor medische toepassingen goedge-
keurde voedingseenheden die voldoen aan de techni- sche specifi caties in deze handleiding. Bij gebruik van andere voedingseenheden kan schade aan uw bloeddrukmonitor worden veroorzaakt.131
Functies De klok omschakelen Druk de aan-/uit-knop, om de gegevens “maand”, “dag”, “uur” en “minuut” om te schakelen, als deze velden knip- peren. Instellen van de klok Om de modus voor het instellen van de klok te bereiken, gedurende meer dan drie seconden de “Memory”- knop gedrukt houden. Op de aanwijzing verschijnt een knipperend jaartal. Druk de “Power”- knop om het jaar in te stellen terwijl dit veld knippert. Wanneer u opnieuw de “Memory”- knop drukt, verschijnt de “maand” en knippert om te worden ingesteld; daarna volgt bij nogmaals drukken en loslaten van de “Memory”-knop “dag”, “uur” en “minuut”. Bloeddrukmeting De “Power”-knop drukken en loslaten om de au- tomatische meting te beginnen. ã Aanwijzing bij begin ã Meten en de zoemer klinkt ã Oppompen Zodra de meting afgesloten is, verschijnen op de aanwij- zing de gemeten waarden voor de bloeddruk en de pols. Druk op de “Power”-knop om het apparaat uit te schakelen. Doet u dat niet dan schakelt het apparaat na 150 seconden automatisch uit.132
Functies Opmerking: Als het symbool verschijnt, betekent dit dat het ap- paraat bij het meten een onregelmatige pols heeft vastge- steld. Als het symbool voortdurend verschijnt, moet u uw specialist om professionele raad vragen. Oproepen van opgeslagen waarden Voor het oproepen van de laatst gemeten waarde de “Memory”-knop drukken en loslaten (Bijvoorbeeld: nr. 7 in het geheugen). Op de aanwijzing verschijnen de opgesla- gen waarden voor de bloeddruk en de pols. Om de geheugenwaar- de nr. 6 op te roepen, opnieuw de “Memory”- knop drukken en los- laten. Druk en laat opnieuw los, om de opgeslagen bloeddruk- waarden nr. 5, 4, 3, 2 en 1 af te lezen.133
Wissen van opgeslagen waarden U kunt één of alle geheugenwaarden wissen. Een geheugenwaarde wissen
2. De “Power”-knop drukken en houden tot op de aanwij-
zing “dEL” [Wissen] verschijnt.
3. De “Power”-knop opnieuw drukken en loslaten. Na de
derde biep wist het apparaat de geheugenwaarde. Wissen van alle geheugenwaarden
2. De “Power”-knop drukken en houden tot op de aanwij-
zing “dEL” [Wissen] verschijnt.
3. De “Memory”-knop drukken en loslaten tot op de aanwij-
zing “dEL ALL” [Alle wissen] verschijnt.
4. De “Power”-knop drukken en loslaten. Na de derde biep
wist het apparaat alle geheugenwaarden. Functies134
Service en onderhoud Het apparaat niet laten vallen. Het is niet schokvrij. Het apparaat of de arm- manchet niet veranderen of uit elkaar nemen. De armmanchet niet samensnoeren. Voor het reinigen van de behuizing een met water of een neutraal reinigings- middel bevochtigde doek gebruiken en vervolgens droogwrijven.135
Verdunningsmiddel, benzine en andere agres- sieve reinigingsmiddelen vermijden. Het apparaat op een geschikte plaats bewaren. Hoge temperaturen, directe bestraling door de zon, hoge luchtvochtig- heid en stof vermijden. De batterijen verwijderen als het apparaat over een langere tijd niet wordt gebruikt. De „Power“-knop niet drukken als de manchet niet correct om de arm is gelegd. Service en onderhoud136
Afvalbeheer Uitgediende apparaten en lege batterijen dienen volgens de geldige voorschriften te worden afgevoerd. Dit apparaat mag niet samen met het huishoudelijk afval worden aan- geboden. Iedere consument is verplicht, alle elektrische of elektroni- sche apparaten, ongeacht of die schadelijke stoffen bevat- ten of niet, bij een milieudepot in zijn stad of bij de hande- laar af te geven, zodat ze op een milieuvriendelijke manier kunnen worden verwijderd. Haal de batterijen uit het apparaat voordat u het apparaat verwijdert. Gooi gebruikte batterijen niet bij het huisvuil, maar breng deze naar de daarvoor bestemde afvalverwerking of lever deze in bij een speciaal daarvoor bestemd inzamelstation bij de supermarkt of elektrawinke- lier. Foutmelding Melding Correctie De gemeten druk lag onder 20 mm Hg. Nogmaals meten a.u.b. Er werden lichaamsbewegingen vastgesteld tijdens de meting. Nogmaals meten a.u.b. Pompfout De manchet controleren en nogmaals verzoeken. De druk kan ten gevolge van sig- naalruis niet worden gemeten. Nogmaals meten a.u.b. De pompdruk ligt boven 300 mm Hg. Nogmaals meten a.u.b. Batterij leeg. De 4 batterijen controleren en, indien nodig, vervangen.137
Technische gegevens Wijzigingen in het belang van de productverbetering voorbehouden. Model-nr. GP-6621 Aanwijssysteem Aanwijzing met vloeibare kristallen Meetmethode Oscillometrische methode Stroombron 4 Alkalibatterijen van het type AA (1,5 V) of AC-voedingseenheid (In: 100~240 V, AC, 60/50Hz; Uit: 6V, DC, 800 mA) Meetbereik 20 tot 300 mm Hg (bloeddruk) 40 tot 200 pulsslagen/minuut (pulsfrequentie) Nauwkeurigheid ±3 mm Hg (bloeddruk) ±5 % (pulsfrequentie) Oppompen Mikrocentrifugaalpomp Drukafl aat Elektrisch magneetventiel Geheugen 85 Geheugenwaarden Aanwijzing LCD (jaar/dag/tijd, druk en pols) Aanwijzing voor vervangen batterij Ja Automatische uitschakeling Na 150 s Levensduur van de batterij Ca. 250 metingen Beschermingsgraad IP20 (Indringen van vreemde vaste lichamen < 12,5 mm) Manchetgrootte 22 tot 32 cm Bedrijfsomstandigheden +5 °C tot +40°C; kamervochtigheid 15 % tot 90 % Bewaaromstandigheden -25 tot +55°C; kamervochtigheid 15 % tot 90 % Afmetingen 171 x 139 x 54 mm (B x D x H) Gewicht Ca. 550 g (inclusief batterijen)138
Kwaliteitsgarantie Geratherm
is gecertifi ceerd overeenkomstig Richtlijn 93/42/EEG en EN ISO 13485 en heeft het recht om het label (aangemelde instantie: TÜV Rheinland LGA Products GmbH) op haar producten aan te brengen. De bloeddrukmonitor voldoet aan
- EN 60601-1 +A1 Medische elektrische toestellen - Deel 1: Algemene eisen voor basisveiligheid en essentiële prestaties
- IEC/EN 60601-1-11 Medische elektrische toestellen- Deel 1-11: Algemene eisen voor basisveiligheid en essentiële prestaties – Secundaire Norm: Eisen voor medische elektrische apparatuur en medische elektri- sche systemen die gebruikt worden voor de medische verzorging in de thuissituatie.
- DIN EN ISO 81060-1 Niet-invasieve bloeddrukmeters- deel 1: Eisen en be- proevingsmethoden voor metingen van het niet-geau- tomatiseerde type (ISO 81060-1)
- DIN EN ISO 81060-2 Niet-invasieve bloeddrukmeters- deel 2: Klinisch on- derzoek voor metingen van het geautomatiseerde type (ISO 81060-2)
- EN 1060-3 Niet-invasieve bloeddrukmeters- deel 3: Aanvullende ei- sen voor elektromagnetische bloeddrukmeetsystemen Symbolenindex Gebruiksaanwijzing opvolgen Toestel van het type BF Tegen vocht beschermen Lotidentifi catie (mm/jjjj; maand/jaar) Opslag bij een rela- tieve luchtvochtigheid tussen 15 % en 90 % Serienummer Opslag tussen -25 °C en +55 °C Fabrikant Het apparaat mag niet met het huishoudelijk afval worden weg- geworpen Let op, opzoeken in begeleidende docu- menten
Informatie over de elektromagnetische compatibiliteit (EMC) Elektronische apparatuur zoals pc’s en mobiele telefoons kunnen ertoe leiden dat medische hulpmiddelen bij gebruik worden blootgesteld aan elektromagnetische interferentie van andere apparaten. Dit kan storing van het medische apparaat en een mogelijk onveilige situatie tot gevolg heb- ben. Ook mag medische apparatuur niet interfereren met an- dere apparaten. De norm EN 60601-1-2 regelt de eisen voor EMC (elek- tromagnetische compatibiliteit) en defi nieert de mate van immuniteit voor elektromagnetische interferentie en de maximale elektromagnetische uitstraling voor medische apparatuur. Deze door Geratherm Medical AG gefabriceerde bloed- drukmonitor voldoet aan norm EN 60601-1-2 zowel met betrekking tot de immuniteit als met betrekking tot de uit- straling. Evenwel dienen speciale voorzorgsmaatregelen in acht te worden genomen: Gebruik het apparaat alleen binnenshuis en niet in de buurt van mobiele telefoons en magnetrons. Bij appara- tuur waarvan het vermogen meer dan 2 W bedraagt, moet een afstand van minstens 3,3 m tot uw bloeddrukmonitor worden bewaard. Bijlage140
Bijlage Leidraad en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische straling Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omge- ving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven. Emissietest Conformiteit Aantekeningen inzake de elektromagnetische omgeving RF-emissies CISPR 11 Groep 1 Het apparaat of systeem gebruikt alleen RF-energie voor interne functies. De RF-emissies zijn daarom erg laag en interferentie met elektronische apparatuur in de omgeving is onwaarschijnlijk. RF-emissies CISPR 11 Klasse B Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik binnen alle instellingen, met inbegrip van huishoudens en instellingen die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare laagspanningsnetwerk dat woongebouwen van stroom voorziet. Harmonische emissies
Conform Leidraad en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische immuniteit Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omge- ving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven. Immuniteitstest IEC 60601 – Testniveau Conformiteits- niveau Aantekeningen inzake de elektromag- netische omgeving Elektrostatische ontlading (ESO)
± 6 kV contact ± 8 kV lucht ± 6 kV contact ± 8 kV lucht De vloeren moeten van hout, beton of keramische tegels zijn. Als de vloeren bedekt zijn met synthetisch materiaal, moet de relatieve luchtvochtigheid ten minste 30% bedragen. Magnetisch veld van stroomfre- quentie (50/60 Hz)
3 A/m 3 A/m Het magnetische veld van de stroom- frequentie moet op de voorziene instal- latieplaats worden gemeten om zeker te stellen dat het voldoende laag is. Aanbevolen afstanden tussen draagbare en mobiele RF-communicatieapparatuur en het apparaat of systeem Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omge- ving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem kan elektromagnetische interferentie voorkomen door de minimumafstand tot draagbare en mobiele RF-communicatieapparatuur (zenders) in acht te nemen, afhankelijk van het uitgangsvermogen van de communicatieap- paratuur, zoals hieronder aangegeven: Maximaal uitgangs- vermogen van de zender in Watt Afstand / m 150 kHz tot 80 MHz d = 1,2 √P 80 MHz tot 800 MHz d = 1,2 √P 800 MHz tot 2,5 GHz d = 2,3 √P 0,01 0,1
Voor zenders waarvan het maximale nominale uitgangsvermogen niet hierboven is vermeld kan de afstand worden geschat met behulp van de vergelijking in de desbetreffende kolom, waarbij P staat voor het maximale nominale uitgangsvermogen van de zender in Watt (W) volgens de fabrikant van de zender. OPMERKING 1: Bij 80 MHz en 800 MHz moet het hoogste frequentiebereik worden ge- bruikt. OPMERKING 2: Deze richtlijnen zijn mogelijk niet van toepassing op alle situaties. De elek- tromagnetische propagatie wordt beïnvloed door absorptie en refl ectie van structuren, objecten en personen.141
Bijlage Geratherm Medical AG Fahrenheitstraße 1 99331 Geratal Duitsland www.geratherm.com Leidraad en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische immuniteit Het apparaat of systeem is geschikt voor gebruik in de aangeduide elektromagnetische omge- ving. De klant en/of gebruiker van het apparaat of systeem moet ervoor zorgen dat het wordt gebruikt in een elektromagnetische omgeving zoals hieronder beschreven. Immuniteitstest IEC 60601 – Testniveau Conformiteits- niveau Aantekeningen inzake de elektromagnetische omgeving Draagbare en mobiele RF-communicatieap- paratuur mag niet dichter bij enig onderdeel van het apparaat of systeem, inclusief kabels, worden gebruikt dan de aanbevolen afstand die wordt berekend met behulp van de verge- lijking die van toepassing is op de frequentie van de zender. Aanbevolen afstand: Geleide RF
3 Vrms 150 kHz tot 80 MHz 3 Vrms d= 1,2 √P Uitgestraalde
3V/m 80 MHz tot 2,5 GHz 3 V/m d = 1,2 √P 80 MHz tot 800 MHz d = 2,3 √P 800 MHz tot 2,5 GHz waarbij P staat voor het maximale nominale uitgangsvermogen van de zender in Watt (W) volgens de fabrikant van de zender, en d voor de aanbevolen afstand in meters (m) De veldsterktes van stationaire RF-zenders zoals bepaald met onderzoek van de elek- tromagnetische straling ter plaatse
moeten lager zijn dan het conformiteitsniveau voor het desbetreffende frequentiebereik
Interferentie kan voorkomen in de nabijheid van apparaten die zijn voorzien van het volgende symbool: OPMERKING 1: Bij 80 MHz en 800 MHz moet het hoogste frequentiebereik worden gebruikt. OPMERKING 2: Deze richtlijnen zijn mogelijk niet van toepassing op alle situaties. De elektromagnetische propagatie wordt beïnvloed door absorptie en refl ectie van structuren, objecten en personen. a) De veldsterktes van stationaire zenders, zoals bijv. basisstations van (draagbare/ draadloze) radiotelefoons en landmobiele radioapparatuur, amateurradio, AM- en FM-radio-uitzendingen en tv-uitzendingen kunnen theoretisch niet precies worden voorspeld.. Om de elektromagnetische omgeving wegens stationaire RF-zenders te beoordelen moet een onderzoek van het elektromagnetisch veld ter plaatse worden uitgevoerd. Indien de gemeten veldsterkte op de plaats waar het apparaat of systeem gebruikt wordt het hierboven aangeduide RF-conformiteitsniveau overschrijdt, dan moet het apparaat of systeem worden geobserveerd om te controleren of het normaal functi- oneert. Wordt abnormaal gedrag waargenomen, dan kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn, zoals een andere uitrichting van het apparaat of systeem of verplaatsing naar een andere locatie. b) In het frequentiebereik tussen 150 kHz en 80 MHz moeten de veldsterktes lager dan 3 V/m zijn.AR ﺔﻴﻤﻗﺮﻟﺍ ﻡﺪﻟﺍ ﻂﻐﺿ ﲔﺒﻣ ﺔﺷﺎﺷ ﻡﺍﺪﺨﺘﺳﻻﺍ ﺕﺍﺩﺎﺷﺭﺇ144
SimpelGids