DAIKIN EHSXB04P30BA - Ketel

EHSXB04P30BA - Ketel DAIKIN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis EHSXB04P30BA DAIKIN in PDF-formaat.

📄 730 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DAIKIN EHSXB04P30BA - page 247
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over EHSXB04P30BA DAIKIN

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EHSXB04P30BA - DAIKIN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EHSXB04P30BA van het merk DAIKIN.

GEBRUIKSAANWIJZING EHSXB04P30BA DAIKIN

Zandvoordestraat 300, B-8400 Oostende, Belgium

bedieningshandleiding

Daikin Altherma integrated solar unit V5.2

Installatie- en bedieningshandleiding

1 Algemene informatie .... 3

1.1 De handleiding in acht nemen .... 3

2 Veiligheid 4

2.1 Veiligheidsaanduidingen en verklaring van symbolen 4

2.1.1 Betekenis van de veiligheidsaanwijzingen .....4

2.1.2 Geldigheid....4

2.1.3 Taakoverzichten ....4

2.2 Gevaren voorkomen....4

2.4 Veiligheidsaanwijzingen....5

2.4.1 Voorafgaand aan werkzaamheden aan het hydraulische systeem....5

2.4.2 Elektrische installatie....6

2.4.3 Werkzaamheden aan koelinstallaties (warmtepomp)6

2.4.4 Installatielokatie van het apparaat....6

2.4.5 Vereisten voor het verwarmings- en opslagwater. . .7

2.4.6 Verwarmingssysteem en aansluiting op sanitair. . . .7

2.4.7 Werking....8

2.4.8 Gebruiker wegwijs maken .....8

3 Productbeschrijving 9

3.1 Opbouw en onderdelen 9

3.1.1 Bovenzijde apparaat .....9

3.1.2 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B .....10

3.1.3 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)B...P30B .....11

3.1.4 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B .....12

3.1.5 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B....13

4 Montage en installatie 15

4.1 Afmetingen en aansluitingen ..... 16

4.1.1 Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B .....16

4.1.2 Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B .....17

4.1.3 Leveringspakket ..... 18

4.2 Plaatsing 18

4.3 Afdekkap en warmte-isolatie afnemen.....20

4.4 Wateraansluiting 21

4.4.1 Aansluitingen van de verwarmingsaanvoer en -retour uitlijnen 22

4.4.2 Hydraulische leidingen aansluiten....23

4.5 Elektrische aansluiting 25

4.5.1 Volledig aansluitschema Daikin Altherma EHS(X/H) .....26

4.5.2 Positie van de printplaten .....27

4.5.3 Pintoewijzing schakelplaat A1P .....27

4.5.4 Aansluitingsbezetting schakelplaat RTX-EHS . . . .27

4.5.5 Aansluitingsbezetting schakelplaat RoCon BM1...28

4.5.6 Netaansluiting Daikin Altherma EHS(X/H) .....28

4.5.7 Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen .....29

4.5.8 Aansluiting warmtepompbuitentoestel ERLQ . . . .29

4.5.9 Aansluiting buitentemperatuursensor RoCon OT1 .29

4.5.10 Aansluiting extern schakelcontact....30

4.5.11 Externe behoefteaanvraag (EBA) .....30

4.5.12 Aansluiting elektrische Daikin aanjaagverwarmer (EKBUxx) 31

4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator .....32

4.5.14 Aansluiting Daikin kamerthermostaat .....33

4.5.15 Aansluiting optionele RoCon-systeemcomponenten ....34

4.5.16 Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB ..... 34

4.5.17 Aansluiting schakelcontacten (AUX-uitgangen) .. 35

4.5.18 Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT).... 35

4.5.19 Aansluiting intelligente regelaar (Smart Grid - SG) 36

4.5.20 Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's 36

4.6 Koelmiddelleidingen aanleggen 39

4.7 Drukproof en koelmiddelcircuit vullen ..... 39

4.8 Installatie aan de waterzijde vullen ..... 40

4.8.1 Waterkwaliteit controleren en manometer bijstellen40

4.8.2 Warmwaterwarmtewisselaar vullen. 40

4.8.3 Boilervat vullen 40

4.8.4 Het vullen van de CV-installatie.... 40

5 Inbedrijfstelling 41

5.1 Eerste Inbedrijfstelling.... 41

5.1.1 Voorwaarden 41

5.1.2 Start van het apparaat.... 41

5.1.3 Inbedrijfstellingsparameters instellen 42

5.1.4 Hydraulica ontluchten 42

5.1.5 Minimumdebiet controlleren 43

5.1.6 Parameter Screed Program instellen (alleen indien nodig) 43

5.2 Opnieuw in bedrijf stellen 44

5.2.1 Voorwaarden 44

5.2.2 Inbedrijfstelling.... 44

6 Buitenbedrijfstellen 45

6.1 Tijdelijk stilleggen 45

6.1.1 Aftappen van het voorraadvat 45

6.1.2 Leegmaken van het verwarming- en warmwatercircuit 46

7 Inspectie en onderhoud 49

7.1 Algemeen 49

7.2 Jaarlijks uit te voeren activiteiten 50

7.3 Buffervat vullen of bijvullen 52

7.4 Verwarmingsinstallatie vullen of bijvullen ..... 53

8 Fouten, storingen en meldingen ..... 55

8.1 Fouten herkennen, storingen verhelpen ..... 55

8.1.1 Actuele storingsmeldingen 55

8.1.2 Protocol uitlezen 55

8.1.3 Storing verhelpen 55

8.2 Storingen.... 56

8.3 Foutcodes 59

8.4 Controle en configuratie DIP-schakelaar ..... 66

8.5 Noodbedrijf 66

9 Hydraulische systeemkoppeling ..... 67

10.2 Karakteristieken 75

10.2.1 Sensorkarakteristieken 75

10.2.2 Pompkarakteristieken 77

10.3 Draaimomenten 77

10.4 Schakelschema Daikin Altherma EHS(X/H) . . . 78

11 Notities 79

12 Trefwoordenlijst. 80

1 Algemene informatie

1.1 De handleiding in acht nemen

Originele gebruikshandleiding

Deze handleiding is een vertaling van de >> originele versie << naar het Nederlands.

Lees deze handleiding aandachtig door voordat u begint te mon- teren en in bedrijf te stellen, of voorafgaand aan het uitvoeren van werkzaamheden aan de verwarmingsinstallatie.

Doelgroep

Deze handleiding richt zich tot personen die gemachtigd zijn en voor de betreffende handelingen een bevoegdheidstechnische of bedrijfsmatige opleiding hebben genoten en aan vakkundige, door de bevoegde instanties erkende vervolgopleidingen hebben deelgenomen. Hiertoe worden in het bijzonder verwarmingsmon- teurs en koel- en klimaattechnici gerekend, die door hun op- leiding of vakkennis ervaring hebben opgedaan met het op des- kundige wijze installeren en onderhouden van verwarming-, koel- en klimaatinstallaties evenals van warmtepompen.

Deze handleiding beschrijft alle handelingen nodig voor het installeren, inbedrijfstellen en onderhouden, en verschaft basisinformatie over het bedienen en instellen. Alle parameters, welke een comfortabel gebruik garanderen, zijn al in de fabriek ingesteld. Raadpleeg de meegeleverde documenten voor gedetailleerde informatie over het bedienen en regelen.

Documenten die eveneens van toepassing zijn

– Daikin Altherma EHS(X/H):
- Handleiding voor de gebruiker
- Checklist voor inbedrijfstelling
- Gebruiksaanwijzingen van de regeling RoCon HP
- Buitentoestel voor Daikin Altherma EHS(X/H); de bijhorende installatie- en bedieningshandleiding.
- Bij aansluiting van een -zonne-energiesysteem; de bijho- rende installatie- en bedieningshandleiding.
- Bij aansluiting van een Daikin FWXV(15/20)AVEB; de bijho- rende installatie- en bedieningshandleiding.
- Bij de aansluiting van een andere verwarming of van optionele accessoires; de bijhorende installatie- en bedieningshandleiding.

De handleidingen zijn met de desbetreffende toestellen meegeleverd.

2 Veiligheid

2.1 Veiligheidsaanduidingen en verklaring van symbolen

2.1.1 Betekenis van de veiligheidsaanwijzingen

In deze installatie- en gebruiksaanwijzing worden de veiligheidsaanduidingen ingedeeld op basis van de ernst van het gevaar en de kans dat het zich voordoet.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Betekenis van de veiligheidsaanwijzingen - 1

GEVAAR!

Wijst op een onmiddellijk dreigend gevaar.

Wanneer u deze waarschuwing negeert, loopt u gevaar op een zwaar en mogelijk dodelijk letsel.

DAIKIN EHSXB04P30BA - GEVAAR! - 1

WAARSCHUWING!

Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie.

Wanneer u deze waarschuwing negeert, loopt u gevaar op een zwaar en mogelijk dodelijk letsel.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

LET OP!

Wijst op een mogelijk schadelijke situatie.

Wanneer u deze waarschuwing negeert, loopt het milieu gevaar of kan er zich materiële schade voordoen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Dit symbool wijst op een tip en erg nuttige informatie voor de gebruiker. Het is dus geen waarschuwing en wijst dus niet op mogelijke gevaren.

Speciale waarschuwingssymbolen

Sommige gevaren worden door speciale symbolen aangegeven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 1

Elektrische stroom

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 2

Gevaar voor brandwonden

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 3

Gevaar voor schade aan het milieu

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 4

Gevaar voor lokale bevriezingen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 5

Schadelijke of irriterende stoffen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 6

Voorgeschreven continugebruikstemperatuur

DAIKIN EHSXB04P30BA - Speciale waarschuwingssymbolen - 7

Explosiegevaar

2.1.2 Geldigheid

Sommige informatie in deze handleiding heeft een beperkte geldigheid. De geldigheid wordt aan de hand van een symbool aangegeven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 1

Warmtepompbuitentoestel ERLQ

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 2

Warmtepompbinnentoestel EHS(X/H)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 3

FWXV(15/20)AVEB

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 4

Alleen geldig voor Daikin Altherma EHS(X/H) met koelfunctie (zie ook paragraaf 2.3)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 5

Voorgeschreven draaimoment respecteren (zie hoofdstuk 10.3 "Draaimomenten")

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 6

Geldt alleen voor het drukloze zonne- energiesysteem (DrainBack).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Geldigheid - 7

Geldt alleen voor het zonne-energiedruk- systeem.

2.1.3 Taakoverzichten

  • Taakoverzichten worden in een lijst weergegeven. Wanneer taken in een bepaalde volgorde moeten worden uitgevoerd, worden ze genummerd.
    → Resultaten van een handeling worden met een pijl aangeduid.
    Toegang tot een instelproces
  • Uitgang van een instelproces

2.2 Gevaren voorkomen

De Daikin Altherma EHS(X/H) is volgens de laatste stand van de techniek en de erkende technische regels gebouwd. Bij ondeskundig gebruik kan echter lichamelijk letsel en materiële schade ontstaan.

Ter voorkoming van gevaren de Daikin Altherma EHS(X/H) alleen installeren en bedienen:

- wanneer ze reglementair worden gebruikt, - en wanneer ze in onberispelijke staat verke- ren.

Dit veronderstelt dat u de inhoud van deze installatie- en gebruiksaanwijzing kent en toepast, dat u alle geldende veiligheids- en arbeidsgeneeskundige voorschriften en alle voorschriften om ongevallen te voorkomen naleeft.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Gevaren voorkomen - 1

WAARSCHUWING!

Dit apparaat mag enkel door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met beperkte fysieke, sensorische of mentale vaardigheden of een gebrek aan ervaring of kennis worden gebruikt wanneer ze onder toezicht staan of worden geïnformeerd over het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit voortvloeiende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging of onderhoud mag niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.

De Daikin Altherma EHS(X/H) mag uitsluitend worden gebruikt voor de warmwaterbereiding, als ruimteverwarmingssysteem en afhankelijk van de uitvoering ook als ruimtekoelsysteem.

De Daikin Altherma EHS(X/H) mag alleen overeenkomstig de instructies in deze handleiding opgesteld, aangesloten en in bedrijf gesteld worden.

Alleen het gebruik van een door Daikin aanbevolen, passend buitentoestel is toegestaan. De volgende combinaties zijn daarbij toegestaan:

Binnentoestel Buiteninstallatie
Verwarmen en koelen (X) [IMAGE]Alleen verwarmen (H)
EHSX04P30BEHSH04P30BERLQ004CAV3
EHSXB04P30BEHSHB04P30B
EHSX08P30BEHSH08P30BERLQ006CAV3ERLQ008CAV3
EHSXB08P30BEHSHB08P30B
EHSX08P50BEHSH08P50B
EHSXB08P50BEHSHB08P50B
EHSX16P50BEHSH16P50B ERLQ0111CA(V3/W1)*ERLQ014CA(V3/W1)*ERLQ016CA(V3/W1)*
EHSXB16P50BEEHSHB16P50B

XB/HB - Extra warmtewisselaar voor de bivalente aansluiting
* Omwille van landspecifiek verschillende aansluitvoorwaarden worden in bepaalde landen niet alle apparaten aangeboden.
Tab. 2-1 Toelaatbare combinaties van Daikin Altherma EHS(X/H) binnentoestellen en Daikin warmtepompbuitentoestellen

leder ander gebruik geldt als niet-reglementair. In dat geval is de gebruiker zelf aansprakelijk voor eventuele schade.

Het beoogde gebruik veronderstelt ook het naleven van de vereisten ten aanzien van onderhoud en inspectie. Reserveonderdelen moeten aan de minimale technische vereisten van de fabrikant beantwoorden. Dit is het geval bij originele reserve-onderdelen.

2.4 Veiligheidsaanwijzingen

2.4.1 Voorafgaand aan werkzaamheden aan het hydraulische systeem

- Werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) (zoals de opstelling, de aansluiting en de eerste inbedrijfstelling) alleen laten uitvoeren door personen die gemachtigd zijn en voor de betreffende handelingen een bevoegdheidstechnische of bedrijfsmatige opleidinghebben genoten en aan vakkundige, door de bevoegde instanties erkende vervolgopleidingen hebben deelgenomen. Hiertoe worden in het bijzonder verwarmingsmon-teurs en koel- en klimaattechnici gerekend, die door hun opleiding of vakkennis ervaring hebben opgedaan met het op deskundige wijze installeren en onderhouden van verwarming-, koel- en klimaatinstallaties evenals van warmtepompen.

- Schakel bij alle werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) de hoofdschakelaar uit en vergrendel deze om het per ongeluk opnieuw inschakelen te voorkomen.

  • Loodverzegelingen mogen niet beschadigd of verwijderd worden.
  • Let er a.u.b. op dat de veiligheidsventielen bij aansluiting aan de verwarmingszijde aan de eisen conform EN 12828 en bij aansluiting aan de drinkwaterzijde aan de eisen conform EN 12897 voldoen.
  • U mag uitsluitend originele vervangende Daikin-onderdelen gebruiken.
  • Bij werkzaamheden aan de hydraulica moet vooraf het water of de druk via de interne KFE-kraan worden afgelaten. Anders kan warm water onder druk eruit spuiten en tot letsels leiden.

2.4.2 Elektrische installatie

  • De elektrische installatie mag uitsluitend worden aangelegd door opgeleide elektriciens onder inachtneming van de toepasselijke elektrotechnische richtlijnen en de voorschriften van de distributiemaatschappij voor elektrische energie.
  • Vergelijk voor het aansluiten van de stroom-toevoer de netspanning op het typeplaatje (\~230 V, 50 Hz c.q. \~400 V, 50 Hz) met de voedingsspanning.
  • Voor werken aan onder stroom staande onderdelen, alle stroomkringen van de installatie van de stroomvoeding scheiden (externe hoofdschakelaar uitschakelen, zekering scheiden) en tegen onbedoeld opnieuw inschakelen beveiligen.
  • Breng - na het voltooien van de werkzaamheden - toestelbekleding en onderhouds-roosters onmiddellijk weer aan.

2.4.3 Werkzaamheden aan koelinstallaties (warmtepomp)

De Daikin Altherma EHS(X/H) heeft voor zijn functie fluor broeikasgas nodig.

i

Voor werkzaamheden aan plaatsge-bonden koelinstallaties (warmtepompen) en airconditioning-installaties is voor Europa de goedkeuring van een des-kundige conform de F-gassenbepaling (EG) nr. 303/2008 noodzakelijk.

- Totale vulhoeveelheid koelmiddel tot 3 kg: deskundigheidsbewijs van categorie II

- Totale vulhoeveelheid koelmiddel vanaf 3 kg: deskundigheidsbewijs van categorie I

  • Draag altijd een veiligheidsbril en beschermende handschoenen.
  • Zorg bij werkzaamheden aan het koudemiddelcircuit voor een goede ventilatie van de werkplek.
  • Voer nooit werkzaamheden aan het koude-middelcircuit uit in gesloten ruimten of werkputten.
  • Laat koudemiddel niet met open vuur, gloeiende of hete voorwerpen in contact komen.
  • Het koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen (hoge druk aan de uitstroomzijde).
  • Wanneer serviceslangen worden losgekoppeld van de vulaansluitingen, de aansluitingen nooit in de richting van het lichaam laten wijzen. Er kunnen nog resten koelmiddel ontsnappen.
  • Componenten en reserveonderdelen moeten aan de minimale technische vereisten van de fabrikant beantwoorden.

2.4.4 Installatielokatie van het apparaat

Voor een veilige en storingsvrije werking is het noodzakelijk, dat de installatielokatie van de Daikin Altherma EHS(X/H) aan bepaalde criteria voldoet. Informatie hierover vindt u in hoofdstuk 4.2.

Aanwijzingen m.b.t. de installatielokatie van andere componenten zijn in de bijbehorende, meegeleverde documentatie opgenomen.

2.4.5 Vereisten voor het verwarmings- en opslagwater

Schade door afzettingen en corrosie vermijden: om corrosieproducten en afzettingen te vermijden, moeten de relevante technische regels in acht worden genomen.

Minimum eisen aan de kwaliteit van vul- en bijvulwater:

  • Waterhardheid (calcium- en magnesium, berekend als calciumcarbonaat): 3 mmol/l
    • Geleidbaarheid: 1500 (idealiter 100) S/cm
    • Chloride: 250 mg/l
  • Sulfaat: 250 mg/l
  • pH-waarde: 6,5 – 8,5

Bij vul- en bijvulwater met een hoge algehele hardheid (>3 mmol/l – som van de calcium- en magnesium-concentraties, berekend als calciumcarbonaat) moeten er maatregelen voor ontzilting, ontharding of hardheidsstabilisatie worden genomen. Wij adviseren Fernox kalk- en anticorrosiemiddel KSK. Bij andere van de minimum eisen afwijkende eigenschappen zijn er geschikte conditioneringsmaatregelen noodzakelijk om aan de vereiste waterkwaliteit te voldoen.

Het gebruik van vul- en bijvulwater dat niet aan de genoemde kwaliteitseisen voldoet, kan een aanzienlijk kortere levensduur van het apparaat veroorzaken. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt alleen bij de gebruiker.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Vereisten voor het verwarmings- en opslagwater - 1

Als er een optionele externe warmtebron wordt aangesloten, gelden deze minimumvereisten ook voor het vul- en suppletiewater voor dit verwarmingscircuit.

2.4.6 Verwarmingssysteem en aansluiting op sanitair

  • Installeer het verwarmingssysteem aan de hand van de veiligheidstechnische eisen van EN 12828.
  • De aansluiting op het sanitair moet aan de eisen van EN 12897 voldoen. Bovendien moeten de eisen van
  • EN 1717 - Bescherming tegen verontreiniging van drinkwater in waterinstallaties en algemene eisen voor inrichtingen ter voorkoming van verontreiniging door terugstroming (Protection against pollution of pota-
  • EN 61770 – Elektrische toestellen verbonden met het waterleidingnet – Voorkomen van terughevelen van nietdrinkbaar water naar het net en het falen van slangstellen (Electric appliances connected to the water mains – Avoidance of backsiphonage and failure of hose-sets)
  • EN 806 - Eisen voor drinkwaterinstallaties in gebouwen (Specifications for installations inside buildings conveying water for human consumption)
  • en aanvullende de nationale wetten.

Bij gebruik van de binnenunit met een extra warmtebron, vooral bij gebruik van zonne-energie, kan de opslagtemperatuur hoger zijn dan 65 °C.

- Bij het installeren van het systeem moet daarom een verbrandingsbescherming (warmwatermengapparaat, bijv. VTA32) worden ingebouwd.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Verwarmingssysteem en aansluiting op sanitair - 1

De drinkwaterkwaliteit moet voldoen aan de EU-richtlijn 98/83/EU en de regionaal geldende voorschriften.

Als de binnenunit wordt aangesloten op een verwarmingssysteem waarin stalen buizen of radiatoren of niet-diffusiedichte vloerverwarmingsbuizen worden gebruikt, kunnen er slib en spaanders in het warmwaterreservoir terecht-komen en verstoppingen, plaatselijke oververhitting of corrosieschade veroorzaken.

  • Ter voorkoming van mogelijke schade moet er een vuilfilter of slibafscheider in het retour-circuit van het systeem gemonteerd worden (SAS 1 of SAS 2).
  • Het vuilfilter moet met regelmatige tussenpozen gereinigd worden.

2.4.7 Werking

De Daikin Altherma EHS(X/H):

  • Pas gebruiken na het voltooien van de installatie. En aansluitwerkzaamheden.
  • Uitsluitend met volledig gevuld voorraadvat (indicatie vulniveau) en verwarmingcircuit gebruiken.
  • Met maximaal 3 bar installatiedruk gebruiken.
  • Uitsluitend met drukregelaar aan de externe watervoorziening (toevoerleiding) aansluiten.
  • Uitsluitend met de voorgeschreven hoeveelheid en soort koelmiddel gebruiken.
  • Uitsluitend met gemonteerde afdekkap gebruiken.

De voorgeschreven onderhoudsintervallen moeten aangehouden en inspectiewerkzaamheden uitgevoerd worden.

2.4.8 Gebruiker wegwijs maken

  • Voordat u de Daikin Altherma EHS(X/H) overdraagt, moet u de gebruiker uitleggen hoe hij of zij de installatie moet bedienen en controleren.
  • Overhandig de gebruiker de technische documenten (dit document en alle andere geldige documenten) en wijs de gebruiker er op, dat deze documenten altijd beschikbaar en in de onmiddellijke omgeving van het appararaat dienen te worden bewaard.

3 Productbeschrijving

3.1 Opbouw en onderdelen

3.1.1 Bovenzijde apparaat

DAIKIN EHSXB04P30BA - Bovenzijde apparaat - 1

text_image A 6 3UVB1 3UV DHW DS FLS (tR1 / V1) tV,BH 8 35 A 30 17 18 39 17 5 (34) 4 (34) 1 tR2 32 31 3 38 FLS 2 7 tV1 (tR1 / V1)

1 Zonne-energie - aanvoer (1" IG)
2 Koudwateraansluiting (1" AG)
3 Warmwaterleiding (1" AG)
4 Verwarming-voedingleiding (1" AG)*
5 Verwarming-retourleiding (1" AG)*
6 Circulatiepomp
7 Veiligheid-overdrukklep (verwarmingcirculatie)
8 Automatische ontluchter
17 Vulniveau-indicatie (boilerwarmte)
18 Aansluiting elektrische aanjaagverwarmer EKBUxx (R 1½" IG) (optie)
30 Platenwarmtewisselaar (PWT)
31 Aansluiting koelmiddel-vloeistofleiding Daikin Altherma EHS(X/H)(B)04P30B/08PxxB: Cu ∅ 6,4 mm (1/4"), Daikin Altherma EHS(X/H)(B)16P50B: Cu ∅ 9,5 mm (3/8")
32 Aansluiting koelmiddel gasleiding Cu ∅ 15,9 mm (5/8")
34 Kogelkraan (verwarmingscircuit)*
35 Vul- en aftapkraan (verwarmingcircuit)
37 Buffertemperatuursensor t DHW1 en t_DHW2
38 Aansluiting membraanexpansievat
39 Regelingbehuizing met elektr. contactpunt

3UVB1 3-wegs-omschakelventiel (intern warmtegeneratorcircuit)

3UV DHW 3-wegs-omschakelventiel (warm water / verwarmen)

DS Druksensor

FLS ( t_R1/V1 ) Retourtemperatuur- en debietsensor

t_R2 Retourtemperatuursensor

t_V1 Thermometer van de aanvoertemperatuur

t_V, BH Aanvoertemperatuursensor aanjaagverwarmer

Veiligheidsvoorzieningen Draaimoment respecteren

* Kogelkraan (1" IG) wordt meegeleverd

Afb. 3-1 Opbouw en onderdelen Daikin Altherma EHS(X/H) (bovenzijde apparaat)

3.1.2 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B - 1

flowchart
graph TD
    A["3UV DHW"] -->|t_V1| B["3UVB1"]
    B -->|t_V,BH| C["3UV DHW"]
    C --> D["FLS (t_R1 / V1)"]
    D --> E["DS"]
    E --> F["MAG"]
    F --> G["4"]
    G --> H["6"]
    H --> I["7"]
    I --> J["5"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style B fill:#f9f,stroke:#333
    style C fill:#ccf,stroke:#333
    style D fill:#cfc,stroke:#333
    style E fill:#fcc,stroke:#333
    style F fill:#cff,stroke:#333
    style G fill:#ffc,stroke:#333
    style H fill:#fff,stroke:#333
    style I fill:#fff,stroke:#333
    style J fill:#fff,stroke:#333

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B - 2

text_image 33 RoCon B1 26 30 2 3 32 31 6 X 5 4 1 27 3UVB1 26 3UV DHW 17 15 7a 18 23 19 9 tDHW1 tDHW2 22 24 25 21 24 / 11 EKSRPS4A 10 20 615 1905 1565 595

Afb. 3-2 Opbouw en onderdelen Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B (buitenaanzicht en binnenopbouw) Legendaomschrijvingen zie tab. 3-1

3.1.3 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)B...P30B

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)B...P30B - 1

text_image X 4 6 7 5 tR2 FLS (tR1/V1) DS MAG tV1 AB B 3UV DHW tV,BH A M 3UVB1 28 1 26 3UVB1 3UV DHW 17 15 27 7a AB M 18 23 19 9 tDHW1 tDHW2 22 24 25 13 14 21< 615 24 / 11 EKSRPS4A 10 20 1905 1565 RoCon B1 26 33

Afb. 3-3 Opbouw en onderdelen Daikin Altherma EHS(X/H)B...P30B (buitenaanzicht en binnenopbouw) Legendaomschrijvingen zie tab. 3-1

3.1.4 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B - 1

flowchart
graph TD
    A["3UV DHW"] -->|t_V1| B["3UVB1"]
    B -->|t_V,BH| C["3UV DHW"]
    C -->|t_R2| D["4"]
    D --> E["6"]
    E --> F["7"]
    F --> G["5"]
    H["FLS (t_R1 / V1)"] --> I["AB"]
    I --> J["3UV DHW"]
    K["DS"] --> L["MAG"]
    M["X"] --> N["Top Flow"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style B fill:#ccf,stroke:#333
    style C fill:#cfc,stroke:#333
    style D fill:#fcc,stroke:#333
    style E fill:#cff,stroke:#333
    style F fill:#ffc,stroke:#333
    style G fill:#fcc,stroke:#333
    style H fill:#fff,stroke:#333
    style I fill:#fff,stroke:#333
    style J fill:#fff,stroke:#333
    style K fill:#fff,stroke:#333
    style L fill:#fff,stroke:#333
    style M fill:#fff,stroke:#333

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B - 2

text_image 33 RoCon B1 26 30 2 3 32 31 6 X 5 4 1 26 27 7a 3UV DHW 1905 1558 23 19 9 13 tDHW1 tDHW2 22 24 25 21 20 Ø790 3UVB1 17 18 15 16 12 24 / 11 EKSRPS4 10

Afb. 3-4 Opbouw en onderdelen Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B (buitenaanzicht en binnenopbouw) Legendaomschrijvingen zie tab. 3-1

3.1.5 Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B - 1

flowchart
graph TD
    A["3UV DHW"] -->|t_V1| B["Green Box"]
    B -->|t_R2| C["Red Box"]
    C --> D["3UVB1"]
    D --> E["3UV DHW"]
    E --> F["3UVB1"]
    F --> G["FLS (t_R1 / V1)"]
    G --> H["DS"]
    H --> I["MAG"]
    I --> J["7"]
    J --> K["Diode"]
    K --> L["4"]
    L --> M["6"]
    M --> N["5"]
    N --> O["7"]
    O --> P["7"]
    P --> Q["7"]
    Q --> R["7"]
    R --> S["7"]
    S --> T["7"]
    T --> U["7"]
    U --> V["7"]
    V --> W["7"]
    W --> X["7"]
    X --> Y["7"]

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B - 2

text_image 33 RoCon B1 26 30 2 3 32 31 6 X 5 4 28 29 1 27 26 3UVB1 3UV DHW 18 17 7a 1905 1558 15 23 19 9 13 tDHW1 tDHW2 22 24 25 21 20 Ø790 24 / 11 EKSRPS4 10 14

Afb. 3-5 Opbouw en onderdelen Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B (buitenaanzicht en binnenopbouw) Legendaomschrijvingen zie tab. 3-1

1 Zonne-energie - aanvoer of aansluiting voor verdere warmtebron (1" IG)
2 Koudwateraansluiting (1" AG)
3 Warmwaterleiding (1" AG)
4 Verwarming-voedingleiding (1" AG)*
5 Verwarming-retourleiding (1" AG)*
6 Circulatiepomp
7a Aanbevolen accessoires: Circulatieremmen (2 stuks)
9 Boiler (dubbelwandige mantel van polypropyleen met PUR-hardschuim warmte-isolatie)
10 Vul- en ledigingsaansluiting of p=0 zonne-energie - retouraansluiting
11 Opname voor regeling zonne-energiesysteem of handgreep
12 Roestvrijstalen warmtewisselaar voor de verwarming van drinkwater
13 Roestvrijstalen warmtewisselaar voor de bufferlading resp. verwarmingondersteuning
14 Warmtewisselaar (roestvrij staal) voor verwarming van boilerwater via onder druk staand zonne-energiesysteem
15 Aansluiting voor optionele elektrische aan- jaagverwarmer EKBUxx (R 1½" IG)
16 Zonne-energiesysteem - aanvoer ge- laagde buis
17 Vulniveau-indicatie (boilerwarmte)
18 Optie: Elektrische aanjaagverwarmer (EKBUxx)

19 Sensordompelhuls voor boilertemperatuursensor t_DHW1 en t_DHW2
20 Drukloos boilerwater
21 Zonne-energiezone
22 Warmwaterzone
23 Aansluiting van de veiligheidsoverloop
24 Opname voor handgreep
25 Typeplaatje
26 Afdekkap
27 Zonne-energiesysteem - retour
28 Zonne-energiesysteem - aanvoer (3/4" IG + 1" AG) (enkel type Daikin Altherma EHS(X/H)B...)
29 Zonne-energiesysteem - retour
(3/4" IG + 1" AG)
(enkel type Daikin Altherma EHS(X/H)B...)
30 Platenwarmtewisselaar
31 Aansluiting koelmiddel vloeistofleiding Daikin Altherma
EHS(X/H)...04P30B/08PxxB:
Cu ∅ 6,4 mm (1/4"),
Daikin Altherma EHS(X/H)...16P50B:
Cu ∅ 9,5 mm (3/8")
32 Aansluiting koelmiddel gasleiding Cu ∅ 15,9 mm (5/8")
3UVB1
3-wegs-omschakelventiel
(intern warmtegeneratorcircuit)
3UV DHW
3-wegs-omschakelventiel
(warm water/verwarming)

DS Druksensor
FLS (t_R1 / V1)
Retourtemperatuur- en debietsensor
t_DHW1, t_DHW2
Temperatuursensor boiler
t_R2 Retourtemperatuursensor
t_V1 Thermometer van de
aanvoertemperatuur

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B - 3

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B - 4

t_V,BH

Aanvoertemperatuursensor aanjaagver-

warmer

RoCon B1

Bedieningsdeel Daikin Altherma

EHS(X/H) regeling

EKSRPS4A

Optie: Daikin Regel- en pompmodule

zonne-energiesysteem

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenzijde van het apparaat en binnenopbouw Daikin Altherma EHS(X/H) B...P50B - 5

Veiligheidsvoorzieningen

Draaimoment respecteren!

* Kogelkraan (1" IG) wordt meegeleverd

Tab. 3-1 Legende bij afb. 3-2 tot afb. 3-5

4 Montage en installatie

DAIKIN EHSXB04P30BA - Montage en installatie - 1

WAARSCHUWING

Ondeskundig opgestelde en geïnstalleerde koelinstallaties (warmtepompen), airco's en verwarmingsinstallaties kunnen het leven en de gezondheid van personen in gevaar brengen en de werking ervan kan worden beïnvloed.

- Werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) (zoals de opstelling, herstelling, aansluiting en eerste inbedrijfstelling) enkel laten uitvoeren door personen die gemachtigd zijn en voor de betreffende handelingen een bevoegdheidstechnische of bedrijfsmatige opleidinghebben genoten en aan vakkundige, door de bevoegde instanties erkende vervolgopleidingen hebben deelgenomen. Hiertoe behoren met name verwarmingsmonteurs, elektriciens en koelinstallatie/aircomonteurs, die op grond van hun technische opleiding en hun kennis, ervaring met de deskundige installatie van verwamings- en koelinstallaties en airco's, evenals met warmtepompen hebben opgedaan.

4.1 Afmetingen en aansluitingen

4.1.1 Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B

DAIKIN EHSXB04P30BA - Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B - 1

text_image 0 161 183 334 490 6 7 5 4 1905 1770 1659 1599 1565 1380 B 642 0 0

1 Zonne-energie - aanvoer
2 Koudwater
3 Warmwater
4 Verwarming aanvoer
5 Verwarming retour
6 Aansluiting koelmiddel-gasleiding

DAIKIN EHSXB04P30BA - Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B - 2

text_image 0 95±5 175 315 490 590 615 A 382 184 95±5 0 B 8 9 1 6 7 3 5 2 4

7 Aansluiting koelmiddel-vloeistofleiding
8 Zonne-energiesysteem - aanvoer (alleen type Daikin Altherma EHS(X/H)B ...)
9 Zonne-energiesysteem - retour (alleen type Daikin Altherma EHS(X/H)B ...)

A Voor

B Achter

Afb. 4-1 Aansluitingen en afmetingen Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B (algemeen)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B - 3
1 Zonne-energie - aanvoer
2 Koudwater
3 Warmwater
4 Verwarming aanvoer
5 Verwarming retour
6 Aansluiting koelmiddel-gasleiding

7 Aansluiting koelmiddel-vloeistofleiding

8 Zonne-energiesysteem - aanvoer (alleen type Daikin Altherma EHS(X/H)B ...)

9 Zonne-energiesysteem - retour (alleen type Daikin Altherma EHS(X/H)B ...)

A Voor

B Achter

Afb. 4-2 Aansluitingen en afmetingen Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B (algemeen)

4.1.3 Leveringspakket

– Daikin Altherma EHS(X/H)
– Zak met toebehoren (zie afb. 4-3)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Leveringspakket - 1

text_image C (1x) D (1x) A (2x) B (3x) E (2x) F (2x) I (1x) G (1x) H (2x) J (1x) i

A Handgrepen (alleen nodig voor transport)

B Afdekplaat

C Slang-aansluitstuk voor veiligheidsoverloop

D Montagesleutel

Afb. 4-3 Inhoud zak met toebehoren

E Kogelkraan
F Vlakke afdichting
G O-ring
H Kabelbinder
I Steekbeugel
J Ontluchtingsslang

4.2 Plaatsing

DAIKIN EHSXB04P30BA - Plaatsing - 1

LET OP!

  • De Daikin Altherma EHS(X/H) alleen plaatsen indien een voldoende draagkrachtige ondergrond, van 1050 kg/m² te vermeerderen met een veiligheidstoeslag, is gegarandeerd. De ondergrond moet vlak en glad zijn.
  • Opstelling in open lucht is niet toegestaan.
  • De opstelling in explosieve omgevingen is niet toegelaten.
  • De elektronische regeling mag in geen geval blootstaan aan weersinvloeden.
  • De boiler mag niet permanent aan direct zonlicht worden blootgesteld, omdat UV-stralen en weersinvloeden het kunststof aantasten.
  • De Daikin Altherma EHS(X/H) moet tegen vorst beschermd worden geplaatst.
  • Garanderen dat door het waterleidingbedrijf geen agressief drinkwater wordt geleverd.

- Eventueel is een geschikter water- voorbereiding vereist.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

WAARSCHUWING!

De kunststofwand van de Daikin Altherma EHS(X/H) kan door externe warmte (>80 °C) smelten en in extreme gevallen vuur vatten.

- De Daikin Altherma EHS(X/H) alleen met een minimale afstand van 1 m tot andere warmtebronnen (>80 °C) (bijv. elektrische verwarming, gasverwarming, schoorsteen) en brandbaar materiaal plaatsen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

LET OP!

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) niet voldoende ver onder de vlakplaatcollectoren wordt geplaatst (bovenkant van boiler ligt boven onderkant van de collectoren), kan het drukloze zonne-energie-systeem buiten niet volledig leeglopen.

- De Daikin Altherma EHS(X/H) bij aansluiting van de DrainBack-zonne-energie-installatie voldoende diep ten opzichte van de vlakplaatcollectoren opstellen (letten op het minimale verval van de verbindingsleidingen van de zonne-energie-installatie).

  • Verpakking verwijderen en volgens voorschrift afvoeren.
  • De afdekplaten (afb. 4-4, pos. B) aan de boiler aftrekken en de draadstukken (afb. 4-4, pos. F) uit de openingen draaien waaraan de handgrepen moeten worden gemonteerd (afb. 3-2 tot afb. 3-5, pos. 24).
  • Handgrepen (afb. 4-4, pos. A) in de vrijgekomen draadopeningen schroeven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

text_image B F 1. A 2. // 360° 3.

A Handgreep
B Afdekplaat
Afb. 4-4 Handgrepen monteren
F Draadstuk

4 Montage en installatie

  • De Daikin Altherma EHS(X/H) plaatsen op de beoogde locatie.
    – Aanbevolen afstanden (afb. 4-5): vanaf de wand: (s1) ≥100 mm, (s2) ≥500 mm. vanaf het plafond (X): ≥1200 mm, minstens 480 mm.
  • De Daikin Altherma EHS(X/H) voorzichtig transporteren, handgrepen gebruiken.
  • Bij de opstelling in kasten, achter kratten of in andere kleine ruimtes, moet er voldoende verluchting (bv. via een verluchtingsrooster) gewaarborgd worden.
  • Indien nodig de optionele aanjaagverwarmer (EKBUxx) in de Daikin Altherma EHS(X/H) inbouwen (afb. 4-5). De montage- en bedieningshandleiding bij de accessoires in acht nemen ( traaimoment zie hoofdstuk 10.3).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Montage en installatie - 1

Afb. 4-5 Opstelling (weergegeven op Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B met inbouw van de optionele aanjaagverwarmer)

4.3 Afdekkap en warmte-isolatie afnemen

- Afdekkapp achteraan optillen en naar voor afnemen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Afdekkap en warmte-isolatie afnemen - 1

Afb. 4-6 Afdekkap afnemen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Afdekkap en warmte-isolatie afnemen - 2

De warmte-isolatie (afb. 4-7, pos. A) bestaat uit drukgevoelige EPP-vormdelen die bij een ondeskundige hantering licht kunnen worden beschadigd.

  • De afname van de warmte-isolatie enkel in de hierna aangegeven volgorde en de aangegeven richtingen uitvoeren.
  • Geen geweld gebruiken.
  • Geen gereedschap gebruiken.

  • Bovenste warmte-isolatie in de volgende volgorde afnemen:

  • Zijdelings isolatie-element (afb. 4-8, pos. A) horizontaal aftrekken.
  • Achterste isolatie-element (afb. 4-8, pos. B) horizontaal aftrekken.
  • Voorste isolatie-element (afb. 4-8, pos. C) horizontaal aftrekken.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Afdekkap en warmte-isolatie afnemen - 3

Afb. 4-8 Bovenste warmte-isolatie afnemen

  • Indien nodig: Onderste warmte-isolatie in de volgende volgorde afnemen:
  • Zijdelings isolatie-element (afb. 4-9, pos. A) verticaal aftrekken.
  • Achterste isolatie-element (afb. 4-9, pos. B) verticaal aftrekken.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Afdekkap en warmte-isolatie afnemen - 4

Afb. 4-9 Onderste warmte-isolatie afnemen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Afdekkap en warmte-isolatie afnemen - 5

De montage van de warmte-isolatie gebeurt in de omgekeerde volgorde.

4.4 Wateraansluiting

DAIKIN EHSXB04P30BA - Wateraansluiting - 1

LET OP!

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) op een verwarmingssysteem wordt aangesloten waarin buizen, stalen verwarmings-elementen of niet tegen diffusie beveiligde buizen voor vloerverwarming voorkomen, is het mogelijk dat slib, spaanders of vijlsel in de warmwater-boiler terechtkomen en verstopping, plaatselijke oververhitting en corrosieschade veroorzaken.

  • Toevoerleidingen voor het vullen van de warmtewisselaar spoelen.
  • Het warmtedistributienet doorspoelen (in een bestaand verwarmingssysteem).
  • Vuilfilter of slibafscheider in de verwarmingsleiding inbouwen (zie hoofdstuk 2.4.6).

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

LET OP!

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) op een toevoerleiding voor koud water wordt aangesloten waarin buisleidingen uit staal zijn gebruikt, kunnen vijlselresten in de roestvrij stalen ribbelpijpen van de warmtewisselaar terechtkomen en daarin blijven liggen Rohrleitungen. Dit leidt tot contact-corrosieschade en zodoende tot lekken.

  • Toevoerleidingen voor het vullen van de warmtewisselaar spoelen.
  • Vuilfilter in de toevoerleiding voor koud water inbouwen (zie hoofdstuk 2.4.6).

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Alleen Daikin Altherma EHS(X/H)B... LET OP!

Als er op de warmtewisselaar voor het vullen van de boiler van het onder druk staande zonne-energiesysteem (afb. 4-1 / afb. 4-2, pos. 8+9) een extern verwarmingsapparaat (vb. houtketel) wordt aangesloten, kan door een te hoge aanvoertemperatuur aan deze aansluitingen de Daikin Altherma EHS(X/H)B... beschadigd of vernietigd worden.

- De aanvoertemperatuur van het externe verwarmingsapparaat op max. 95 °C begrenzen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Alleen Daikin Altherma EHS(X/H)B... LET OP! - 1

Volgens EN 12828 moet een veiligheidsventiel op de, of in de onmiddellijke omgeving van de warmtegenerator worden gemonteerd, waarmee de maximale toegestane bedrijfsdruk in de CV-installatie kan worden begrensd. Tussen warmtegenerator en veiligheidsventiel mag zich geen hydraulische vergrendeling bevin-den.

Eventueel uitstromende damp of of eventueel uitstromend verwarmingswater moet via een geschikte, met permanente hellingen uitgevoerde aflaatleiding vorstbestendig, gevaarloos en waarneembaar kunnen worden afgevoerd.

Op de Daikin Altherma EHS(X/H) moet een membraanexpansievat met voldoende afmetingen en voor de CV-installatie vooraf ingesteld membraanexpansievat worden aangesloten. Tussen warmtegenerator en membraanexpansievat mag zich geen hydraulische vergrendeling bevinden.

Daikin beveelt voor de vulling van de verwarmingsinstallatie aan om een mechanische manometer in te bouwen.

  • Voor drinkwaterleidingen de bepalingen van EN 806 en DIN 1988 in acht nemen.
  • Daikin Altherma EHS(X/H) Vlakbij de plaats van gebruik installeren, zodat geen circulatieleiding nodig is. Als desondanks een circulatieleiding nodig is, moet deze overeenkomstig het schema in hoofdstuk 9 "Hydraulische systeemkoppeling" geïnstalleerd worden.

4.4.1 Aansluitingen van de verwarmingsaanvoer en -retour uitlijnen

De aansluitingen van de verwarmingsaanvoer en -retour kunnen naar boven of naar achter uit het apparaat worden gevoerd, om het optimaal aan te passen aan de bouwgegevens van de in-bouwplaats.

Het apparaat wordt standaard met naar boven uitgelijnde aansluitingen geleverd. Om de aansluitingen achteraan uit het apparaat te voeren, zijn de volgende ombouwstappen nodig:

- Afdekkap en bovenste warmte-isolatie afnemen (zie hoofdstuk 4.3).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitingen van de verwarmingsaanvoer en -retour uitlijnen - 1

text_image A B C H G F B C D E

Afb. 4-10 Aansluitingen verwarmingsaanvoer en -retour naar boven uitgericht

  • Beide steekbeugels van de aansluitkoppelingen (afb. 4-10, pos. C) aftrekken.
  • Beide aansluitkoppelingen (afb. 4-10, pos. B) aftrekken.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitingen van de verwarmingsaanvoer en -retour uitlijnen - 2

LET OP!

Bij werkzaamheden aan de hydraulica moet er op de montagepositie van de O-ringen worden gelet om beschadigingen van de O-ringen en de bijbehorende lekken te vermijden.

  • O-ringen na de demontage resp. voor de montage van een insteekverbinding altijd op het onderdeel plaatsen dat ingestoken moet worden.
  • De aansluiting van de verwarmingsleidingen met de insteekverbindingen moet spanningsvrij zijn. Met name bij de aansluiting met flexibele leidingen (niet open voor diffusie!) moet er voor een geschikte trekontlasting worden gezorgd.

• Houdplaat (afb. 4-10, pos. A) afnemen.
- Steekbeugel van de afsluitdop (afb. 4-10, pos. D) aftrekken.
• Afsluitdop (afb. 4-10, pos. E) eruit trekken.
- Hoekstuk (afb. 4-10, pos. H) met 90^ naar achter draaien.
- Steekbeugel van de kromming (afb. 4-10, pos. G) aftrekken.
- Kromming (afb. 4-10, pos. F) voorzicht zo ver naar achter uit zijn horizontale opname trekken dat de houdplaat (afb. 4-11, pos. A) er verticaal tussen kan worden geschoven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

text_image A B G F C H E D C B

Afb. 4-11 Aansluitingen verwarmingsaanvoer en -retour naar achter uitgericht

- Houdplaat tussen de kromming en zijn horizontale opname schuiven en de kromming (afb. 4-11, pos. F) door de middelste opening van de houdplaat opnieuw in zijn opname steken.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 2

LET OP!

Als steekbeugels niet reglementair worden opgestoken, kunnen er koppelingen uit hun opnamen loskomen waardoor een zeer sterke of constante vloeistoflek kan ontstaan.

  • Voor het opsteken van een steekbeugel verzekeren dat de steekbeugel in de groef van de koppeling grijpt. Hiervoor de koppeling zo ver in de opname steken dat de groef door de steekbeugelopname zichtbaar wordt.
  • De steekbeugel tot aan de aanslag opsteken.

  • De kromming met de steekbeugel (afb. 4-11, pos. G) opnieuw in de opname borgen.

  • Beide aansluitkoppelingen (afb. 4-11, pos. B) door de houdplaat in de zijdelingse opnamen steken.
  • Beide aansluitkoppelingen met steekbeugels (afb. 4-11, pos. C) in hun opnamen borgen.
  • Afsluitdop (afb. 4-11, pos. E) in de bovenste opname steken.
  • Afsluitdop met steekbeugel (afb. 4-11, pos. D) borgen.
  • Zijdelingse doorlaten van de warmte-isolatie (afb. 4-12, pos. A) met een geschikt werktuig uitsnijden.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

text_image A A

Afb. 4-12 Uitsnijding warmte-isolatie

4.4.2 Hydraulische leidingen aansluiten

Voorwaarden: Optioneel accessoire (bijv. Solar, Backup-Heater) is volgens de meegeleverde handleidingen Daikin Altherma EHS(X/H) gemonteerd.

  • Koudwateraansluitdruk controleren (maximaal 6 bar).
  • Bij hogere drukken in de drinkwaterleiding moet een drukregelaar worden gemonteerd.
  • Hydraulische aansluitingen aan de Daikin Altherma EHS(X/H) aansluiten.
  • Positie en afmetingen van de verwarmingsaansluitingen vindt u in afb. 4-1 / afb. 4-2 en in tab. 3-1.
  • Vorgeschreven draaimoment respecteren (zie hoofdstuk 10.3 "Draaimomenten").
  • De leidingen zodanig plaatsen dat na montage de geluiddempende kap eenvoudig kan worden geplaatst.
  • Wateraansluiting voor het vullen of navullen van het verwarmingssysteem volgens EN 1717 uitvoeren, om verontreiniging van het drinkwater door terugstroming te verhinderen.

- Aflaatleiding aan de veiligheidsoverdrukklep en membraan-expansievat volgens EN 12828 aansluiten.

- Zitting van de afvoerslang aan de overdrukklep controleren.

- Indien nodig een eigen slang aansluiten en plaatsen.

- Buisleidingen zorgvuldig afdammen tegen warmteverlies en ter vermijding van condensatievorming (dam minstens 20 mm dik)

- Beveiliging tegen watertekort: De druk- en temperatuurbewaking van de regeling schakelt de Daikin Altherma EHS(X/H) bij watertekort veilig uit. Op de bouwplaats is verder geen beveiliging voor watertekort vereist.

- Schade door afzettingen en corrosie vermijden: Ter ver-mijding van corrosieproducten en afzettingen, de desbetreffende regels van de techniek in acht nemen.

Minimumvereisten voor de kwaliteit van vul- en aanvulwater:

- Waterhardheid (calcium en magnesium, berekend als calciumcarbonaat): ₽ mmol/l

- Geleidingsvermogen: 1500 (ideaal 100) S/cm

- Chloride: 250 mg/l

- Sulfaat: 250 mg/l

- pH-waarde (verwarmingswater): 6,5 - 8,5

Bij vul- en aanvulwater met een hoge totale hardheid of andere eigenschappen die afwijken van de minimumvereisten, moeten er maatregelen voor het ontzouten, ontharden, stabiliseren van de hardheid of andere gepaste conditioneringsmaatregelen worden genomen om de vereiste waterkwaliteit te behouden.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulische leidingen aansluiten - 1

WAARSCHUWING!

Bij warmwatertemperaturen boven 60 °C bestaat gevaar voor brandwonden.

Dit kan optreden bij zonne-energie, bij een aangesloten externe verwarming, wanneer de legionella-beveiliging is geactiveerd, of als de ingestelde temperatuur van het warme water op hoger dan 60 °C staat.

- Verbrandingsbescherming (warmwatermenger (vb. VTA32) inbouwen.

- Afvoerslang met het slangaansluitstuk voor veiligheidsoverloop (afb. 3-2 tot afb. 3-5, pos. 23) verbinden.

- Transparante afvoerslang gebruiken (uittredend water moet zichtbaar zijn).

- Afvoerslang op een afvoerinstallatie met voldoende inhoud aansluiten.

- Afvoer mag niet afsluitbaar zijn.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

Afb. 4-13 Montage afvoerslang aan de veiligheidsoverloop

De optionele DB-aansluitkit maakt een betere toegankelijkheid voor het aansluiten van de DrainBack-leiding mogelijk (zonne-energieaanvier).

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 2

A Aansluiting DB-leiding (zonne-energieaanvoer) B FlowSensor (geen onderdeel van de DB-aansluitkit, maar bij EKSRPS4A inbegrepen)
C Debietbegrenzer pazartesiye(FlowGuard) D Aansluiting zonne-energie- aanvoer boode boiler
Afb. 4-14 DB connection kit

De optionele P-aansluitkit voor Daikin Altherma EHS(X/H)B...apparaattypes maakt een betere toegankelijkheid mogelijk voor het aansluiten van de aanvoer- en retourleiding van een onder druk staande zonne-energie-installatie of een andere externe warmteopwekker aan de boiler. De kit bevat twee warmtegeïsoleerde buizen die met een dopmoer op de aansluitingen van de boiler worden aangesloten. Aan het andere uiteinde van de buizen bevindt zich telkens een adapter voor verschillende aansluitgrooten van de aanvoer- en retourleiding.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 3

A Aansluiting voor aanvoer (rood)
B Aansluiting voor retour (blauw)
Afb. 4-15 Biv connection kit voor Daikin Altherma EHS(X/H)B...

4.5 Elektrische aansluiting

DAIKIN EHSXB04P30BA - Elektrische aansluiting - 1

WAARSCHUWING!

Stroomgeleidende onderdelen kunnen bij aanraking tot een elektrische schok leiden en zo levensgevaarlijk letsel en brandwonden veroorzaken.

- Voor werken aan onder stroom staande onderdelen, alle stroom- kringen van de installatie van de stroomvoeding scheiden (externe hoofdschakelaar uitschakelen, zekering scheiden) en tegen onbedoeld opnieuw inschakelen beveiligen.

- Uitsluitend elektrotechnisch gekwalificeerde vakmensen mogen de aansluitingen op het elektriciteitsnet realiseren en werkzaamheden aan elektrotechnische onderdelen uitvoeren onder het inachtnemen van de toepasselijke normen en richtlijnen, evenals van de aanwijzingen van het elektriciteitsdistributiebedrijf.

- Breng toestelkappen en onderhoudluiken na voltooiing van de werkzaamheden onmiddellijk weer aan.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

LET OP!

In de regelingsbehuizing van de Daikin Altherma EHS(X/H) kunnen bij een draaiend systeem hoge temperaturen optreden. Dit kan ertoe leiden dat stroom voerende draden door opwarming hogere temperaturen kunnen bereiken tijdens werking. Deze leidingen moeten daarom een continue gebruikstemperatuur van 90 °C hebben.

- Voor volgende aansluitingen alleen kabels met een continue gebruikstemperatuur van 290 °C gebruiken: - Warmtepompbuitentoestel - Optie: Elektrische aanjaagverwarmer (EKBUxx)

4.5.1 Volledig aansluitschema Daikin Altherma EHS(X/H)
DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Verklaringen van de symbolen en afkortingen in dit hoofdstuk, zie tab. 4-2 en tab. 4-3.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 2

flowchart
graph TD
    A["4-8 kW V3"] --> B["RCD (FI)"]
    B --> C["Fuse 20A"]
    C --> D["≥ 2.5 mm² /230 V"]
    E["11-16 kW V3/W1"] --> F["L1 L2 L3 N PE"]
    F --> G["2.5 mm² /400 V"]
    H["V3 1~230V"] --> I["Power surge category III"]
    I --> J["W1 3~400V"]
    J --> K["Power surge category III"]
    K --> L["XBUH1"]
    L --> M["RTX - EHS"]
    M --> N["XAG1"]
    N --> O["EXT GND"]
    O --> P["EBA GND"]
    P --> Q["SG"]
    Q --> R["T_AU"]
    R --> S["HT/NT"]
    S --> T["Pz"]
    T --> U["A1P"]
    U --> V["X20A"]
    V --> W["X2M6 X2M7"]
    W --> X["Convector (X11M)"]

    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style E fill:#f9f,stroke:#333
    style H fill:#f9f,stroke:#333
    style L fill:#ccf,stroke:#333
    style N fill:#ccf,stroke:#333
    style O fill:#cfc,stroke:#333
    style P fill:#cfc,stroke:#333
    style Q fill:#cfc,stroke:#333
    style R fill:#cfc,stroke:#333
    style S fill:#cfc,stroke:#333
    style T fill:#cfc,stroke:#333
    style U fill:#cfc,stroke:#333
    style V fill:#cfc,stroke:#333
    style W fill:#cfc,stroke:#333

    subgraph Power Surge Categories
        direction TB
        V1["V3 1~230V"] --> V2["RCD (FI)"]
        V2 --> V3["Fuse 20A"]
        V3 --> V4["L1 L2 L3 N PE"]
        V4 --> V5["L1 L2 L3 N PE"]
        V5 --> V6["L1 L2 L3 N PE"]
        V6 --> V7["L1 L2 L3 N PE"]
        V7 --> V8["L1 L2 L3 N PE"]
        V8 --> V9["L1 L2 L3 N PE"]
        V9 --> V10["L1 L2 L3 N PE"]
        V10 --> V11["L1 L2 L3 N PE"]
        V11 --> V12["L1 L2 L3 N PE"]
        V12 --> V13["L1 L2 L3 N PE"]
        V13 --> V14["L1 L2 L3 N PE"]
        V14 --> V15["L1 L2 L3 N PE"]
        V15 --> V16["L1 L2 L3 N PE"]
        V16 --> V17["L1 L2 L3 N PE"]
        V17 --> V18["L1 L2 L3 N PE"]
        V18 --> V19["L1 L2 L3 N PE"]
        V19 --> V20["L1 L2 L3 N PE"]
        V20 --> V21["L1 L2 L3 N PE"]
        V21 --> V22["L1 L2 L3 N PE"]
        V22 --> V23["L1 L2 L3 N PE"]
        V23 --> V24["L1 L2 L3 N PE"]
        V24 --> V25["L1 L2 L3 N PE"]
        V25 --> V26["L1 L2 L3 N PE"]
        V26 --> V27["L1 L2 L3 N PE"]
        V27 --> V28["L1 L2 L3 N PE"]
        V28 --> V29["L1 L2 L3 N PE"]
        V29 --> V30["L1 L2 L3 N PE"]
        V30 --> V31["L1 L2 L3 N PE"]
        V31 --> V32["L1 L2 L3 N PE"]
        V32 --> V33["L1 L2 L3 N PE"]
        V33 --> V34["L1 L2 L3 N PE"]
        V34 --> V35["L1 L2 L3 N PE"]
        V35 --> V36["L1 L2 L3 N PE"]
        V36 --> V37["L1 L2 L3 N PE"]
        V37 --> V38["L1 L2 L3 N PE"]
        V38 --> V39["L1 L2 L3 N PE"]
        V39 --> V40["L1 L2 L3 N PE"]
        V40 --> V41["L1 L2 L3 N PE"]
        V41 --> V42["L1 L2 L3 N PE"]
        V42 --> V43["L1 L2 L3 N PE"]
        V43 --> V44["L1 L2 L3 N PE"]
        V44 --> V45["L1 L2 L3 N PE"]
        V45 --> V46["L1 L2 L3 N PE"]
        V46 --> V47["L1 L2 L3 N PE"]
        V47 --> V48["L1 L2 L3 N PE"]
        V48 --> V49["L1 L2 L3 N PE"]
        V49 --> V50["L1 L2 L3 N PE"]
        V50 --> V51["L1 L2 L3 N PE"]
        V51 --> V52["L1 L2 L3 N PE"]
        V52 --> V53["L1 L2 L3 N PE"]
        V53 --> V54["L1 L2 L3 N PE"]
        V54 --> V55["L1 L2 L3 N PE"]
        V55 --> V56["L1 L2 L3 N PE"]
        V56 --> V57["L1 L2 L3 N PE"]
        V57 --> V58["L1 L2 L3 N PE"]
        V58 --> V59["L1 L2 L3 N PE"]
        V59 --> V60["L1 L2 L3 N PE"]
        V60 --> V61["L1 L2 L3 N PE"]
        V61 --> V62["L1 L2 L3 N PE"]
        V62 --> V63["L1 L2 L3 N PE"]
        V63 --> V64["L1 L2 L3 N PE"]
        V64 --> V65["L1 L2 L3 N PE"]
        V65 --> V66["L1 L2 L3 N PE"]
        V66 --> V67["L1 L2 L3 N PE"]
        V67 --> V68["L1 L2 L3 N PE"]
        V68 --> V69["L1 L2 L3 N PE"]
        V69 --> V70["L1 L2 L3 N PE"]
        V70 --> V71["L1 L2 L3 N PE"]
        V71 --> V72["L1 L2 L3 N PE"]
        V72 --> V73["L1 L2 L3 N PE"]
        V73 --> V74["L1 L2 L3 N PE"]
        W["VUx 1~230V"] --> X["Power surge category III"]
        X --> Y["BUxx 1~230V"] & Z["BUxx 3~400V"] & AA["BUxx 4~400V"] & AB["BUxx 5~400V"] & AC["BUxx 6~400V"] & AD["BUxx 7~400V"] & AE["BUxx 8~400V"] & AF["BUxx 9~400V"] & AG["BUxx 10~400V"] & AH["BUxx 11~400V"] & AI["BUxx 12~400V"] & AJ["BUxx 13~400V"] & AK["BUxx 14~400V"] & AL["BUxx 15~400V"] & AM["BUxx 16~400V"] & AN["BUxx 17~400V"] & AO["BUxx 18~400V"] & AP["BUxx 19~400V"] & AQ["BUxx 20~400V"] & AR["BUxx 21~400V"] & AS["BUxx 22~400V"] & AT["BUxx 23~400V"] & AU["BUxx 24~400V"] & AV["BUxx 25~400V"] & AW["BUxx 26~400V"] & AX["BUxx 27~400V"] & AY["BUxx 28~400V"] & AZ["BUxx 29~400V"] & BA["BUxx 30~400V"] & BB["BUxx 31~400V"] & BC["BUxx 32~400V"] & DA["BUxx 33~400V"] & AE["BUxx 34~400V"] & AF["BUxx 35~400V"] & AG["BUxx 36~400V"] & AH["BUxx 37~400V"] & AI["BUxx 38~400V"] & AJ["BUxx 39~400V"] & AK["BUxx 40~400V"] & AL["BUxx 41~400V"] & AM["BUxx 42~400V"] & AN["BUxx 43~400V"] & AO["BUxx 44~400V"] & AP["BUxx 45~400V"] & AQ["BUxx 46~400V"] & AR["BUxx 47~400V"] & ASB["BUxx 48~400V"] & AT["BUxx 49~400V"] & AU["BUxx 50~400V"] & AV["BUxx 51~400V"] & AW["BUxx 52~400V"] & AX["BUxx 53~400V"] & AY["BUxx 54~400V"] & AZ["BUxx 55~400V"] & BA["BUxx 56~400V"] & BB["BUxx 57~400V"] & AC["BUxx 58~400V"] & AD["BUxx 59~400V"] & AE["BUxx 60~400V"] & AF["BUxx 61~400V"] & AG["BUxx 62~400V"] & AH["BUxx 63~400V"] & AI["BUxx 64~400V"] & AJ["BUxx 65~400V"] & AK["BUxx 66~400V"] & AL["BUxx 67~400V"] & AM["BUxx 68~400V"] & AN["BUxx 69~400V"] & AO["BUxx 70~400V"] & AP["BUxx 71~400V"] & AQ["BUxx 72~400V"] & AR["BUxx 73~400V"] & ASB["BUxx 74~400V"] & ATB["BUxx 75~400V"] & AUB["BUxx 76~400V"] & AVB["BUxx 77~400V"] & AWB["BUxx 78~400V"] & AXB["BUxx 79~400V"] & AYB["BUxx 80~400V"] & AZB["BUxx 81~400V"] & ARB["BUxx 82~400V"] & ASB["CAN-H CAN-L CAN-V-C CAN-GND"]]

Afb. 4-16 Volledig aansluitschema - voor de elektrische aansluiting bij de installatie van het apparaat

4.5.2 Positie van de printplaten
DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 3

text_image 1 XBUH1 XAG1 A1P RoCon BM1 TRA1 RTX-EHS 2 3

1 Regelaarbehuizing
3 Bedieningseenheid van de
2 Afdekkap regelaar
regeling
Afb. 4-17 Overzicht printplaten (binnenzijde behuizing)

4.5.3 Pintoewijzing schakelplaat A1P

De schakelplaat A1P is al in het toestel aangesloten en gereed voor gebruik. Er zijn geen montage- en aansluitingswerkzaamheden op de schakelplaat A1P nodig!

DAIKIN EHSXB04P30BA - Pintoewijzing schakelplaat A1P - 1

Afb. 4-18 Schakelplaat A1P (Basisregeling warmtepomp)

4.5.4 Aansluitingsbezetting schakelplaat RTX-EHS
DAIKIN EHSXB04P30BA - Pintoewijzing schakelplaat A1P - 2

text_image 3N ~400V / 50Hz 1 ~230V / 50Hz J17 RoCon BM1 PE BUN BUN BUN BUL1 BUL2 BUL3 X1 RTX-EHS X3 K3 K2 K1 N T3 N PE T2 N T1 XBUH1

Afb. 4-19 Schakelplaat RTX-EHS (aanjaagverwarmer) - zie hoofdstuk 4.5.12

4.5.5 Aansluitingsbezetting schakelplaat RoCon BM1

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitingsbezetting schakelplaat RoCon BM1 - 1

flowchart
graph TD
    A["PE PE Z L1 PE Z L1 PE Z"] --> B["J6"]
    C["Pz"] --> D["J14"]
    E["A3 M"] --> F["J2"]
    G["A8 M"] --> H["J12"]
    I["A1P X4P"] --> J["J3"]
    K["max. 25V AC 60V DC AUX"] --> L["J3"]
    M["EHS157034 EHS157068"] --> N["J13"]
    O["FLS (tR1/V1)"] --> P["J9"]
    Q["EXT"] --> R["J8"]
    S["SG"] --> T["J8"]
    U["tAu"] --> V["J16"]
    W["tDHW1"] --> X["HT/NT"]
    Y["RT RT-E"] --> Z["Q1"]
    AA["X19A A1P"] --> AB["J15"]
    AC["F1"] --> AD["J1"]
    AE["L1 N PE"] --> AF["J10"]
    AG["P"] --> AH["3 PE"]
    AI["ROCon BM1"] --> AJ["J17"]
    AK["RJ45 CAN"] --> AL["J4"]
    AM["X3 RTX-EHS"] --> AN["RoCon B1"]
    AO["DS"] --> AP["PWM (P)"]
    AQ["X18A A1P"] --> AR["X18A A1P"]

Afb. 4-20 Schakelplaat RoCon BM1 (basismodule regeling)

4 Netspanning 230 V, 50 Hz (Aansluitschema in deze handleiding)

4.5.6 Netaansluiting Daikin Altherma EHS(X/H)

Er is al een flexibele kabel voor netaansluiting in het apparaat aangesloten.

  • Spanningstoevoer controleren (\~230 V, 50 Hz).
  • De stroomtoevoer naar de betreffende verdeeldozen van de huisinstallatie uitschakelen.
  • Kabel voor netaansluiting van de Daikin Altherma EHS(X/H) via een op de inbouwplaats te installeren, alpolig scheidende hoofdschakelaar op de verdeelkast van de huisinstallatie (scheidingsinrichting volgens EN 60335-1) aansluiten. Let op de juiste poolaansluiting.

Het buitenapparaat en de optionele toebehoren moeten afzonderlijk op de regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H) worden aangesloten. Daartoe moet de afdekkap van de Daikin Altherma EHS(X/H) worden verwijderd (zie paragraaf 4.3) worden verwijderd en moet eventueel de regelingbehuizing worden geopend (zie paragraaf 4.5.7).

4.5.7 Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 1

Afb. 4-21 Rechter behuizingsdeksel demonteren.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 2

Afb. 4-22 Voorklep ontgrendelen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 3

Afb. 4-23 Voorklep openen en in montagestand zetten.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 4

text_image 2. 1.

Afb. 4-24 Bedrading in de regeling leggen en elektrische aansluitingen maken.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 5

Afb. 4-26 Rechter behuizingsdeksel demonteren.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 6

text_image XBUH1 XAG1

Afb. 4-27 Elektrische aansluitingen maken aan de achterkant van de behuizing (zie paragraaf 4.5.1).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Regelingsbehuizing openen en elektrische aansluitingen tot stand brengen - 7

4.5.8 Aansluiting warmtepompbuitentoestel ERLQ

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting warmtepompbuitentoestel ERLQ - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

• Afdekkap verwijderen (zie paragraaf 4.3).
- Buitenapparaat van de warmtepomp op de klemmenstrook XAG1 aansluiten (zie afb. 4-27, afb. 4-29).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting warmtepompbuitentoestel ERLQ - 2

flowchart
graph TD
    A["XAG1"] -->|1 N| B["X1M"]
    A -->|PE| B
    A -->|COM| B
    B --> C["2 3"]
    B --> D["Ground Symbol"]

Afb. 4-29 Aansluiting warmtepompbuitentoestel

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting warmtepompbuitentoestel ERLQ - 3

Bij de uitschakeling van het warmtepompbuitentoestel via een door het energiebedrijf voorgeschreven schakeling wordt het binnentoestel Daikin Altherma EHS(X/H) niet uitgeschakeld (zie paragraaf 4.5.18).

4.5.9 Aansluiting buitentemperatuursensor RoCon OT1

Het buitenapparaat van de warmtepomp van de Daikin Altherma EHS(X/H) beschikt over een geïntegreerde buitentemperatuursensor, die wordt gebruikt voor de weersgestuurde aanvoertemperatuurregeling met vorstbeschermingsfunctie.

Met de optionele buitentemperatuursensor RoCon OT1, die aan de noordelijke zijde van het gebouw wordt geïnstalleerd, kan de weersgestuurde aanvoertemperatuurregeling nog worden geoptimaliseerd

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting buitentemperatuursensor RoCon OT1 - 1

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) in een CAN-bussysteem als Master wordt gebruikt ("terminalfunctie" voor externe bediening van andere databustoestellen), moet de butientemperatuursensor RoCon OT1 rechtstreeks op de regeling van de master en niet op het extern bediende apparaat (mengcircuitmodule EHS157068 resp. andere warmtetoestellen) worden aangesloten.

Aanbrengen op ongeveer een derde van de hoogte van het gebouw (minimumafstand tot de vloer: 2 m) op de koudste zijde van het gebouw (noorden of noord-oosten) kiezen. Daarbij de aanwezigheid van vreemde warmtebronnen (schoorstenen, luchtschachten) evenals rechtstreeks invallende zonnestralen uitsluiten.

- Buitenthermometer zodanig plaatsen dat de kabel er aan de onderzijde uitsteekt (voorkomt binnendringend vocht).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting buitentemperatuursensor RoCon OT1 - 2

LET OP!

Het naast elkaar binnen een buis aanbrengen van sensorkabels en elektriciteitskabels kan tot ernstige storingen in het regelsysteem van de Daikin leiden. Altherma EHS(X/H)

- De kabel naar de thermometers dient in principe afzonderlijk te worden uitgelegd.

  • De buitenthermometer met een twee-aderige sensorkabel (doorsnede tenminste 1 mm ^2 ) aansluiten.
  • De sensorleiding naar Daikin Altherma EHS(X/H) leggen.
  • Sensorleiding op de stekkeraansluiting J8 van de schakelplaat RoCon BM1 inklemmen (zie afb. 4-30).

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

flowchart
graph LR
    A["RoCon BM1"] -->|2| B["RoCon OT1"]
    A -->|1/2| B
    A -->|1/2| B
    A -->|1| B
    A -->|1| B
    A -->|1| B
    B -->|t_AU| C["J8"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style B fill:#ccf,stroke:#333

Afb. 4-30 Aansluiting buitentemperatuur RoCon OT1 op Daikin Altherma EHS(X/H) (werking als afzonderlijke oplossing of als Master in een databus)

Na aansluiting van de buitentemperatuursensor RoCon OT1 op de regeling RoCon HP van de Daikin Altherma EHS(X/H), moet de parameter [Outside Config] op "Aan" worden ingesteld.

4.5.10 Aansluiting extern schakelcontact

Door aansluiting van een extern schakelcontact (afb. 4-31) kan de bedrijfsmodus van de Daikin Altherma EHS(X/H) worden overgeschakeld.

Door een veranderende weerstandswaarde wordt de actuele bedrijfsmodus omgeschakeld (tab. 4-1). De overschakeling van de bedrijfsmodus werkt enkel zolang het externe schakelcontact gesloten is.

De bedrijfsmodus werkt op de directe kring van de Daikin Altherma EHS(X/H) en op alle andere verwarmingscircuits die optioneel op dit apparaat zijn aangesloten.

De in de display van de regeling weergegeven bedrijfsmodus kan daarbij afwijken van de in de draaischakelaarpositie (be activeerde bedrijfsmodus.

Een door het externe schakelcontact geactiveerde bedrijfsmodus wordt in de display van de regeling weergegeven door "EXT.", gevolgd door het symbool van de bedrijfsmodus (zie handleiding van de regeling).

Als speciale functies, zoals "Manueel" zijn geactiveerd, wordt de ingang niet geanalyseerd.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting extern schakelcontact - 1

flowchart
graph TD
    A["RoCon BM1"] --> B["Temp"]
    B --> C["EXT"]
    C --> D["EBA"]
    D --> E["1/2"]
    E --> F["1/2"]
    F --> G["1"]
    H["EXT"] --> I["Rv"]
    I --> J["Extrate"]
    style H fill:#f9f,stroke:#333
    style I fill:#ccf,stroke:#333

Afb. 4-31 Aansluiting EXT-schakelcontact

Bedrijfsmodus Weerstand R vTolerantie
Standby < 680 ± 5 %
Verwarmen 1200
Nachtverlaging 1800
Zomer 2700
Automatisch 1 4700
Automatisch 2 8200

Tab. 4-1 Weerstandswaarden voor de werking van het EXT-signaal

Bij weerstandswaarden groter dan de waarde voor "Automatisch 2", wordt de ingang niet in rekening genomen.

AANWIJZING VOOR DE AANSLUITING VAN EEN ZONNE-ENERGIE-INSTALLATIE VAN DAIKIN

Door de in regeling RoCon HP geïntegreerde functie [HZU] (zie bedieningshandleiding van de regeling) is het niet vereist om de EXT-aansluiting met de aansluiting van het branderspercontact van de zonne-energie-installatie van Daikin te verbinden.

4.5.11 Externe behoefteaanvraag (EBA)

Door aansluiting van het EBA-schakelcontact op de Daikin Altherma EHS(X/H) (afb. 4-32) en de overeenkomstige parametrering in de regeling RoCon HP, kan via een extern schakelcontact een warmtevraag worden gegenereerd. Als het schakelcontact wordt gesloten, dan schakelt de Daikin Altherma EHS(X/H) naar het verwarmingsbedrijf. De aanvoertemperatuur wordt op de temperatuur die in de parameter [Vertrektemp. Dag] is ingesteld, geregeld.

Het EBA-schakelcontact heeft voorrang op een aanvraag door de kamerthermostaat.

In koelbedrijf, stand-by, hand- en zomerbedrijf wordt het schakelcontact niet gebruikt. Bovendien worden de verwarmingsgrenzen niet in acht genomen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Externe behoefteaanvraag (EBA) - 1

flowchart
graph TD
    A["RoCon BM1"] --> B["EXT"]
    A --> C["EBA"]
    D["EBA"] --> E["1/2"]
    D --> F["1/2"]
    G["EBA"] --> H["2"]
    I["J8"] --> J["Extralation Point"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style D fill:#ccf,stroke:#333
    style G fill:#cfc,stroke:#333

Afb. 4-32 Aansluiting EBA-schakelcontact

4.5.12 Aansluiting elektrische Daikin aanjaagverwarmer (EKBUxx)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting elektrische Daikin aanjaagverwarmer (EKBUxx) - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

  • Stroomvoorziening voor de aanjaagverwarmer op de klemmenstrook X1 van de schakelplaat RTX-EHS (afb. 4-19) in de regelingsbehuizing van de Daikin Altherma EHS(X/H) aansluiten.
  • Stekker XBUH1 van de aanjaagverwarmer aan de achterzijde van de regelingsbehuizing van de Daikin Altherma EHS(X/H) insteken.
  • Parameter [Function Heating Rod] op "1" instellen (zie handleiding van de regeling RoCon HP).

Aansluitvariant 1

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 1 - 1
3N \~400V / 50Hz EKBU9C

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 1 - 2

text_image A PE N Cu ≥2,5 mm² 400 V Power surge category III L1 L2 L3 RCD (FI) Fuse 16A PE BUN BUN BUN BUL1 BUL2 BUL3 X1 K3 K2 K1 PE BUN BUN BUN BUT1 BUT2 BUT3 X2 RTX-EHS XBUH1 4 7 5 2 1 3 6 STB TR 12 22 32 11 21 31 EKBU9C 3x3000 W

A Bedrading ter plaatse (landspecifieke aansluitvoorwaarden in acht nemen - aanvraag bij veranwoordelijk energiebedrijf!
Afb. 4-33 3-fasige aansluiting aanjaagverwarmer (EKBU9C)

Aansluitvariant 2

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 2 - 1
1\~230V/50Hz

EKBU9C
DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 2 - 2

text_image A PE N Cu 10 mm² 190°C Cu ≥2,5 mm² Power surge category III L1 L2 L3 RCD (FI) Fuse 16A 230 V PE BUN BUN BUN BUL1 BUL2 BUL3 X1 K3 K2 K1 PE BUN BUN BUN BUT1 BUT2 BUT3 X2 RTX-EHS XBUH1 4 7 5 2 1 3 6 STB TR 12 22 32 11 21 31 EKBU9C 3x3000 W

Afb. 4-34 1-fasige aansluiting aanjaagverwarmer (EKBU9C) (legenda zie afb. 4-33)

Aansluitvariant 3 4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 3 4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator - 1

Bij aansluiting van een aanjaagverwarmer met een verwarmingselement (EKBU1C / EKBU3C) moet de parameter [Function Heating Rod]=2 worden ingesteld.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 3 4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator - 2

1 \~230V / 50Hz 1000 W EKBU1C (1x 1000 W) 1 \~230V / 50Hz 3000 W EKBU3C (1x 3000 W)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 3 4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator - 3

text_image A PE N Power surge category III L1 RCD (FI) Fuse 16A Cu ≥2,5 mm² PE BUN BUN BUN BUL1 BUL2 BUL3 X1 K3 K2 K1 PE BUN BUN BUN BUT1 BUT2 BUT3 X2 4 7 5 2 1 3 6 RTX-EHS XBUH1 STB TR 12 22 32 11 21 31 EKBU1C (1x 1000 W) EKBU3C (1x 3000 W)

Afb. 4-35 Aansluiting aanjaagverwarmer met een verwarmingselement (EKBU1C / EKBU3C) (legenda zie afb. 4-33)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluitvariant 3 4.5.13 Aansluiting externe warmtegenerator - 4

WAARSCHUWING!

Bij contact met een beschadigde aan- sluitkabel van de aanjaagverwarmer kan het tot elektrische schokken en daardoor tot levensgevaarlijke letsels en brandwonden komen.

  • Aansluitkabel van de aanjaagverwarmer niet herstellen.
    → Altijd de volledige aanjaagverwarmer vervangen.

Voor de verwarmingsondersteuning of als alternatief voor een elektrische aanjaagverwarmer (zie hoofdstuk 4.5.12) kan een externe warmtegenerator (bijv. gas- of olieverwarmingsketel) op de Daikin Altherma EHS(X/H) worden aangesloten.

De door de externe warmtegenerator geleverde warmte moet naar het drukloze boilerwater in de warmwaterboiler van de Daikin Altherma EHS(X/H) worden gevoerd.

- De hydraulische aansluiting volgens een van de volgende mogelijkheden uitvoeren:

a) drukdoos via de aansluitingen (zonne-energie aanvoer en zonne-energie retour) van de warmwaterboiler of
b) bij apparaattypes Daikin Altherma EHS(X/H)B..., via de geïntegreerde onder druk staande zonnewarmtewisselaar.

  • Aanwijzingen voor de hydraulische aansluitingen in acht nemen (zie hoofdstuk 2.4)
  • Voorbeelden van de hydraulische aansluiting (zie hoofdstuk 9).

De aanvraag van de externe warmtegenerator wordt via een relais op de schakelplaat RTX-EHS geschakeld (zie afb. 4-36). De elektrische aansluiting op de Daikin Altherma EHS(X/H) is als volgt mogelijk;

a) Externe warmtegenerator heeft een potentiaalvrije schakelcontactaansluiting voor de warmtevraag:
- Aansluiting op K3, als de externe warmtegenerator de warmwaterbereiding en de verwarmingsondersteuning overneemt (instelling parameter [Function Heating Rod]=2) of
- Aansluiting op K1 en K3 als twee externe warmtegeneratoren worden gebruikt (instelling parameter [Function Heating Rod]=3). Daarbij schakelt K1 de externe warmtegenerator (bijv. gas- of olieketel) voor de verwarmingsondersteuning en K3 van de externe warmtegenerator (EKBUxx) voor de warmwaterbereiding. of
– Aansluiting op AUX-aansluiting (zie hoofdstuk 4.5.17)
b) Externe warmtegenerator kan enkel via netspanning worden geschakeld: Aansluiting (\~230 V, maximale belasting 3000 W) op K1 en K3.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

Voorzichtig

Gevaar voor spanningsoverslagen.

- De aansluitingen van de schakelplaat RTX-EHS mogen niet gelijktijdig voor het schakelen van netspanning (\~230 V) en veiligheidskleinspanning (SELV = "Safety Extra Low Voltage") worden gebruikt.

  • De geschikte elektrische aansluiting vindt u in de bijbehorende installatiehandleiding van de externe warmtegenerator.
  • De externe warmtegenerator op de Daikin Altherma EHS(X/H) aansluiten (afb. 4-36).

De aansluiting X1 is als schroefklem uitgevoerd.

Voor de aansluitingen X2_1/2/3 zijn geïsoleerde vlaksteek-hulzen 6,3 x 0,8 mm vereist.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Voorzichtig - 1

flowchart
graph TD
    A["PE"] --> B["BUN"]
    B --> C["BUN"]
    C --> D["BUN"]
    D --> E["BUL1"]
    E --> F["BUL2"]
    F --> G["BUL3"]
    G --> H["X1"]
    H --> I["RTX-EHS"]
    I --> J["X3"]
    J --> K["K3"]
    K --> L["K2"]
    L --> M["K1"]
    M --> N["K3"]
    N --> O["N T3 N PE T2 N T1"]
    O --> P["K1"]
    P --> Q["K3"]
    Q --> R["K1"]
    R --> S["K3"]
    S --> T["K3"]
    T --> U["K1"]
    U --> V["K3"]
    V --> W["K1"]
    W --> X["K3"]
    X --> Y["K1"]
    Y --> Z["K3"]
    Z --> AA["K1"]
    AA --> AB["K3"]
    AB --> AC["K1"]
    AC --> AD["K3"]
    AD --> AE["K1"]

K1/2/3
Relais voor
aanjaagverwarmer
L Fase
N Nulleiding
PE Aardleiding
RTX-EHS
Schakelplaat
(aanjaagverwarmer)
Afb. 4-36 Aansluitingen op schakelplaat RTX-EHS

4.5.14 Aansluiting Daikin kamerthermostaat

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin kamerthermostaat - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin kamerthermostaat - 2

text_image J16 RoCon BM1 X1M H com C RT

Afb. 4-37 Aansluiting met kamerthermostaat met kabel (RT = Daikin EKRTW)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin kamerthermostaat - 3

text_image J16 RoCon BM1 RT-E X1M H com C L N X2M PE N L1 Power surge category III RCD (FI) Fuse 16A CU ≥ 1,5 mm² 230 V

Afb. 4-38 Aansluiting met draadloze kamerthermostaat (RT-E = Daikin EKRTR)

4 Montage en installatie

4.5.15 Aansluiting optionele RoCon-systeemcomponenten

De optionele RoCon-apparaten moeten via een 4-aderige CANbusleiding met de Daikin Altherma EHS(X/H) verbonden zijn (aansluiting J13).

Daikin beveelt daartoe afgestemde leidingen met de volgende eigenschappen aan:

  • ISO 11898, UL/CSA type CMX (UL 444)
    – Buitenmantel in pvc met brandwerendheid volgens IEC 60332-1-2
  • Tot 40 m minimale diameter 0,75 mm ^2 . Met toenemende lengte moet ook een dikkere leidingsdiameter worden gebruikt.

Voor de verbinding van CAN-busleidingen van meerdere RoConapparaten kunnen conventionele aftakdozen worden gebruikt.

Let erop dat de net-, sensor- en databusleidingen van elkaar af worden gelegd. Alleen kabelgoten gebruiken met scheidings-schotten of gescheiden kabelgoten met ten minste 2 cm tussen-afstand. De leidingen mogen elkaar kruisen.

In het gehele RoCon-systeem kunnen maximum 16 apparaten met een totale leidingslengte tot 800 m worden verbonden.

Kamerstation EHS157034

Voor de afstandinstelling van bedrijfsmodi en kamerstreeftemperaturen vanuit een andere ruimte kan voor elk verwarmingscircuit een apart kamerstation EHS157034 worden aangesloten.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Kamerstation EHS157034 - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Kamerstation EHS157034 - 2

flowchart
graph LR
    A["J13 RoCon BM1"] --> B["CAN"]
    B --> C["CANH"]
    B --> D["CANL"]
    B --> E["Vcc"]
    F["EHS157034"] --> G["Device with Control Panel"]

Afb. 4-39 Aansluiting kamerstation EHS157034

Mengermodule EHS157068

Op de Daikin Altherma EHS(X/H) kan de mengermodule EHS157068 worden aangesloten, die via de elektronische regeling RoCon HP wordt bediend.

De aansluiting van de CAN-databusleidingen gebeurt net zoals op afb. 4-39 op aansluiting J13 van de Daikin Altherma EHS(X/H).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Mengermodule EHS157068 - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

Internetgateway EHS157056

Via de optionele gateway EHS157056 kan de regeling met internet worden verbonden. Zo is een afstandssturing van de Daikin Altherma EHS(X/H) via mobiele telefoon (met een App) mogelijk.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Internetgateway EHS157056 - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

4.5.16 Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB - 1

Bij deze component is een aparte handleiding toegevoegd, die o.m. richtlijnen over de montage en de werking bevat.

  • Elektrische aansluiting van de Daikin FWXV(15/20)AVEB met de volgende accessoire overeenkomstig afb. 4-40 als omschakelcontact (verwarmen/koelen) op de basismodule.
  • Originele Daikin verbindingskabel (HPc-VK-1) bij Daikin Altherma EHSX aansluiten, opdat de Daikin FWXV(15/20)AVEB samen met de Daikin Altherma EHSX die bedrijfsmodus (verwarmen/koelen) omschakelt.
    – Evt. 2-wegsventiel (2UV) (HPC-RP) in Daikin FWXV(15/20)AVEB inbouwen en aansluiten. De regeling ervan zodanig instellen dat het 2-wegsventiel (2UV) wordt afgesloten als er geen vraag van dit apparaat aanwezig is.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB - 2

De omschakeling van de modus (verwarmen/koelen) kan slechts aan de Daikin Altherma EHS(X/H) worden uitgevoerd.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB - 3

flowchart
graph TD
    A["X11M"] --> B["1"]
    A --> C["2"]
    A --> D["3"]
    A --> E["4"]
    A --> F["5"]
    A --> G["6"]
    H["HPc-VK-1"] --> I["X20A"]
    H --> J["A1P"]
    K["X2M6"] --> I
    L["X2M7"] --> I
    M["J16 RoCon BM1"] --> N["1"]
    M --> O["2"]

Afb. 4-40 Aansluiting Daikin FWXV(15/20)AVEB op Daikin Altherma EHS(X/H)

4.5.17 Aansluiting schakelcontacten (AUX-uitgangen)

De schakelcontacten (AUX-uitgangen) kunnen voor verschillende parametreerbare functies worden gebruikt.

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) zich in de bedrijfsmodus [koelen] bevindt, sluit het schakelcontact B-B1. Het schakelcontact B-B1 wordt bijv. voor de aansluiting van een externe statusweergave ("Koelbedrijf actief") gebruikt.

Het omschakelcontact A-A1-A2 schakelt onder de in de parameter [AUX Fct] ingestelde voorwaarden (zie bedieningshandleiding van de regeling).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting schakelcontacten (AUX-uitgangen) - 1

text_image 1 ⊗ ≤ 15 W RoCon BM1 J3 B B1 AUX A2 A1 A max.1A X4A A1P X4A A1P 250V, max. 63 mA L N 2 ⊗ > 15 W RoCon BM1 J3 B B1 AUX A2 A1 A X4A A1P 250V, max. 63 mA L / + N / -

Afb. 4-41 Aansluiting schakelcontact (AUX-uitgang)

De volgens variant 2 (geschakeld vermogen > 15 W) te gebruiken relais moeten voor 100 % inschakelduur geschikt zijn.

Het omschakelcontact A-A1-A2 kan bijv. voor de besturing van de warmtegenerator in bivalente verwarmingsinstallatie uit Daikin Altherma EHS(X/H) en olie- en gasverwarmingsketels worden gebruikt. Voorbeelden voor de hydraulische systeemkoppeling worden in hoofdstuk 9 weergegeven.

4.5.18 Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT)

Als het buitentoestel op een spaarstroomnetaansluiting voor laag tarief wordt aangesloten, moet het spanningsvrije schakelcontact S2S van de ontvanger, die het van de elektriciteitsmaatschappij afkomstige ingangssignaal van de spaarstroom gebruikt, op de stekker J8, aansluiting EVU op de schakelplaat RoCon BM1 worden aangesloten (zie afb. 4-42).

Bij instelling van de parameter [HT/NT Function] > 0 worden er op tijdstippen met hoog tarief bepaalde systeemcomponenten uitgeschakeld (zie bedieningshandleiding van de regeling).

De volgende types netaansluitingen voor laag tarief zijn gebruikelijk:

  • Type 1: Bij dit type netaansluiting voor laag tarief wordt de stroomvoeding naar het warmtepompbuitentoestel niet onderbroken.
  • Type 2: Bij dit type netaansluiting voor laag tarief wordt de stroomvoeding naar het warmtepompbuitentoestel na een bepaalde periode onderbroken.
  • Type 3: Bij dit type netaansluiting voor laag tarief wordt de stroomvoeding naar het warmtepompbuitentoestel onmiddellijk onderbroken.

Het spanningsvrije schakelcontact S2S kan als open- of sluitschakelcontact worden uitgevoerd.

a) Bij uitvoering als open-schakelcontact moet de Parameter [HT/NT Contact] = 1 worden ingesteld.
Als de EVU het signaal voor laag tarief uitzendt, wordt het schakelcontact S2S geopend. De installatie schakelt naar "nood-UIT". Als het signaal opnieuw wordt uitgezonden, dan sluit het spanningsvrije schakelcontact S2S en neemt de installatie haar bedrijf weer op.

b) Bij uitvoering als sluit-schakelcontact moet de Parameter [HT/NT Contact] = 0 worden ingesteld.

Als de EVU het signaal voor laag tarief uitzendt, wordt het schakelcontact S2S gesloten. De installatie schakelt naar "nood-UIT". Als het signaal opnieuw wordt uitgezonden, dan opent het spanningsvrije schakelcontact S2S en neemt de installatie haar bedrijf weer op.

$$ [ \mathrm{HT/NTContact} ] = 1 [ \mathrm{HT/NTContact} ] = 0 $$

DAIKIN EHSXB04P30BA - Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT) - 1

text_image 1 2 1 L N S2S 3 3 4 4 2 1 L N S2S 3 3 4 4

DAIKIN EHSXB04P30BA - Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT) - 2

text_image 2 1 S2S 3 3 4 4 2 1 S2S 3 3 4 4

DAIKIN EHSXB04P30BA - Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT) - 3

text_image 3 2 1 S2S 3 3 4 4 2 1 S2S 3 3 4 4

DAIKIN EHSXB04P30BA - Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT) - 4

text_image J8 RoCon BM1 EVU 1/2 4 3 3

1 Netaansluitingskasten voor de netaansluiting voor laag tarief
2 Ontvanger voor beoordeling van het HT/NT-stuursignaal
3 Stroomvoeding warmtepompbuitentoestel (zie installatiehandleiding bij het warmtepompbuitentoestel)
4 Spanningsvrij schakelcontact voor warmtepompbinnentoestel
Afb. 4-42 Aansluiting HT/NT-schakelcontact

4 Montage en installatie

4.5.19 Aansluiting intelligente regelaar (Smart Grid - SG)

Zodra de functie via de parameter [SMART GRID] = 1 is geactiveerd (zie bedieningshandleiding van de regeling), wordt de warmtepomp, afhankelijk van het signaal van het energiebedrijf, in de modus stand-by, normaal of een bedrijf met hogere temperaturen gezet.

Daartoe moeten de spanningsvrije schakelcontacten SG1/SG2 van de intelligente regelaar op de stekker J8, aansluitingen Smart Grid en EVU, op de schakelplaat RoCon BM1 worden aangesloten (zie afb. 4-43).

Zodra de functie Smart Grid actief is, wordt de HT/NT-functie automatisch uitgeschakeld. Afhankelijk van de waarde van de parameter [Mode SG] wordt de warmtepomp verschillende aangestuurd (zie bedieningshandleiding van de regeling).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aansluiting intelligente regelaar (Smart Grid - SG) - 1

flowchart
graph TD
    A["RoCon BM1"] --> B["SmartGrid"]
    B --> C["1/2"]
    B --> D["T_Ax"]
    B --> E["T_WW"]
    B --> F["EVU"]
    G["SG"] --> H["1/2"]
    G --> I["SG2"]
    style A fill:#f9f,stroke:#333
    style G fill:#ccf,stroke:#333

Afb. 4-43 Aansluiting Smart Grid

4.5.20 Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's

Symbolen Uitleg Symbolen Uitleg
[0045]AardleiderExterne bekabeling (aantal enkele aders en de netspanning zijn ten dele ook vermeld)
[0051]Externespanningsarme aarding Toets
DAIKIN EHSXB04P30BA - Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - 1Aansluitklem DIP-schakelaar
DAIKIN EHSXB04P30BA - Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - 2Stekkeraansluiting Optioneel onderdeel
DAIKIN EHSXB04P30BA - Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - 3Klemmenstrip Stekker-busverbinding
[0061]2-aderige bekabeling (niet afgeschermd) 3-aderige bekabeling (niet afgeschermd)
[04+T]4-aderige bekabeling (niet afgeschermd) 5-aderige bekabeling (niet afgeschermd)
DAIKIN EHSXB04P30BA - Symbolen en legenda-omschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - 46-aderige bekabeling (niet afgeschermd) Kabels afgeschermd (vo. 3-aderig)

Tab. 4-2 Symboolomschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's

Legendaomschrijvingen
Beknopte omschrijvingUitleg BeknopteomschrijvingUitleg
ERLQWarmtepompbuitentoestel FU1 Zekering 250 V T3,15 A (A1P)
EHS(X/H)Binneninstallatie warmtepomp FLS Debietsensor(t) _R1/V1
3UVB13-wegs-omschakelventiel (intern warmtegenera-torcircuit)HPc-VK-1Verbindingskabel tussen Daikin Altherma EHS(X/H)B... (met koelfunctie) en FWXV(15/20)AVEB
3UV DHW3-weg-omschakelventiel (warm water/verwar-ming)HT/NT Schakecontact voor netaansluiting voor laag tarief
A1P Schakelplaat (basisregeling warmtepomp) P Verwarmingscirculatiepomp (in het apparaat)
A1PX1A Stekkeraansluiting naar TRA1 (230 V) PzCirculatiepomp
X2A Stekkeraansluiting naar TRA1 (12 V) PWM Pompaansluiting (PWM-signaal)
X3AStekkeraansluiting interne bedrading (brugstekker)RJ45 CANStekkeraansluiting (Rocon BM1) interne bedrading (naar RoCon B1)
X4A Stekkeraansluiting naar J3 van RoCon BM1 RoCon B1Bedieningseenheid van de regeling
X4AStekkeraansluiting aanvoertemperatuursensor t_V1 RoCon BM1Schakelplaat (basismodule regeling)
X6AStekkeraansluiting aanvoertemperatuursensor t_V,BH RoCon BM1Stekkeraansluiting verwarmingscirculatiepomp P
X7AStekkeraansluiting temperatuursensor (zijde vloeibare koelmiddel) t_L2 Stekkeraansluiting 3UVB1
X8A Stekkeraansluiting retourtemperatuursensor t _R2 J3Stekkeraansluiting AUX-schakelcontacten
X9AStekkeraansluiting boilertemperatuursensor t_DHW2 Stekkeraansluiting - niet bezet
X18AStekkeraansluiting naar J11 van RoCon BM1Stekkeraansluiting druksensor
X19AStekkeraansluiting naar XAG1 + J10 van RoCon BM1Stekkeraansluiting netspanning
X21AStekkeraansluiting interne bedrading (brugstekker)Stekkeraansluiting PWM - signaal voor verwarmingscirculatiepomp P
AUXUitgangen schakelcontacten (A-A1-A2) + (B-B1)Stekkeraansluiting EXT
EKBUxxAanjaagverwarmer
DSDruksensor
EBA Schakelcontact voor externe behoefteaanvraag
EXTSchakelcontact voor externe bedrijfsmodusom-schakeling
F1 Zekering 250 V T 2 A (RoCon BM1)

Tab. 4-3 Legendaomgeschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - Deel 1

4 Montage en installatie

Legendaomschrijvingen
Beknopte omschrijvingUitleg BeknopteomschrijvingUitleg
RoCon BM1J9 Stekkeraansluiting FLS (t R1/ V1) SGSchakelcontact voor Smart Grid (intelligente netaansluiting)
J10Stekkeraansluiting interne bedrading naar X19A (A1P)TRA1 Transformator
J11Stekkeraansluiting interne bedrading naar X18A (A1P) t_AU Buitentemperatuursensor (RoCon OT1)
J12 Stekkeraansluiting 3UV DHW tDHW1Boilertemperatuursensor 1 (RoCon BM1)
J13Stekkeraansluiting systeembus (vb. kamerstation) t_DHW2 Boilertemperatuursensor 2 (A1P)
J14 Stekkeraansluiting circulatiepomp P z t_R1 Retourtemperatuursensor 1 (FLS - RoCon BM1)
J15Stekkeraansluiting interne bedrading (brugstekker) t_R2 Retourtemperatuursensor 2 (A1P)
J16Stekkeraansluiting kamerthermostaat (EKRTR / EKRTW) t_V1 Aanvoertemperatuursensor 1 (A1P)
EHS157068 Mengermodule tV, BHAanvoertemperatuursensor aanjaagverwarmer (A1P)
EHS157034 Kamerstation V1 Debietsensor (FLS - RoCon BM1)
Cooling output Statusuitgang voor bedrijfsmodus "koelen"XAG1Stekkeraansluiting buitentoestel warmtepomp
RT Kamerthermostaat (EKRTW) XBUH1 Stekkeraansluiting aanjaagverwarmeraagverwarmer (EKBUxx)
RT-E Ontvanger voor draadloze kamerthermostaat (EKRTR)X2M6Klem verbindingskabel HPc-VK-1
RTX-EHS Schakelplaat (aanjaagverwarmer)X2M7Klem verbindingskabel HPc-VK-1
RTX-EHSK1Relais 1 voor aanjaagverwarmerX11MKlemmenstrook in FWXV(15/20)AVEB
K2Relais 2 voor aanjaagverwarmer
K3Relais 3 voor aanjaagverwarmer
X1Klemmenstrook voor netaansluiting aanjaagverwarmer
X2Stekkeraansluiting interne bedrading naar J17 (RoCon BM1)

Tab. 4-4 Legendaomschrijvingen voor aansluit- en schakelschema's - Deel 2

4.6 Koelmiddelleidingen aanleggen

• Controleren of oliehefboog nodig is.

– Vereist als de Daikin Altherma EHS(X/H) niet gelijkvloers met het warmtepompbuitentoestel is geïnstalleerd (afb. 4-44, H _O ≥ 10 m).

- Voor elke 10 m hoogteverschil moet er minstens een oliehefboog worden geïnstalleerd (afb. 4-44, H = afstand van oliehefboog tot oliehefboog).

  • Leidingen leggen met buigtoestel en voldoende afstand om elektrische leidingen te leggen.
  • Solderen van leidingen uitsluitend onder lichte stikstofstroom (alleen solderen toegestaan).
  • De warmte-isolatie aan de verbindingsplaatsen pas na de inbedrijfstelling aanbrengen (wegens lekopsporing).
  • Flensverbindingen tot stand brengen en op de toestellen aansluiten

(draaimoment in acht nemen, zie hoofdstuk 10.3 "Draaimomenten").

DAIKIN EHSXB04P30BA - Koelmiddelleidingen aanleggen - 1

text_image A E B C D H H0

A Warmtepompbuitentoestel (ERLQ)

B Daikin Altherma EHS(X/H)

C Gasleiding

D Vloeistofleiding

E Oliehefboog

H Hoogte tot de 1ste oliehefboog (max. 10 m)

H_O Hoogteverschillende tussen het warmtepompbuitentoestel en het warmtepompbinnentoestel.

4.7 Drukproef en koelmiddelcircuit vullen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Drukproef en koelmiddelcircuit vullen - 1

GEVAAR VOOR MILIEUSCHADE!

Belangrijke informatie met betrekking tot het gebruikte koelmiddel.

Het volledige systeem van de warmte-pompen bevat koelmiddel met fluor broeikasgassen die bij vrijgave het milieu schaden.

Koelmiddeltype: R410A

GWP*-waarde: 2087,5

  • Totale vulhoeveelheid van het koelmiddel op het meegeleverde etiket op het warmtepompbuitentoestel invullen (voor aanwijzingen zie de installatiehandleiding van het warmtepompbuitentoestel).
  • Koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen - altijd met een daarvoor recyclageapparaat afzuigen en recycleren.

• Druktest met stikstof uitvoeren.
- Stikstof 4.0 of hoger gebruiken.
- Maximaal 40 bar.
- Na afsluiting lekopsporing, stikstof geheel weg laten stromen.
• Leidingen vacuum trekken.
- Te bereiken druk: 1 mbar absoluut.
- Tijd: minimaal 1 uur
- Controleer of er aanvullend koelmiddel voor de basisvulling noodzakelijk is en vul dit, indien nodig op.
- Isoleerkleppen aan buitentoestel geheel tot aan de aanslag openen en lichtjes vastdraaien.
- Klepdoppen weer plaatsen.
- Controleer of de opslagtemperatuursensors t_DHW1 en t_DHW2 80 cm diep zijn ingebracht.

4.8 Installatie aan de waterzijde vullen

Daikin Altherma EHS(X/H) na het voltooien van alle installatiewerkzaamheden in de navolgend genoemde volgorde vullen:

4.8.1 Waterkwaliteit controleren en manometer bijstellen

- Aanwijzing voor de wateraansluiting en voor de waterkwaliteit in overeenstemming met paragraaf 4.4 in acht nemen.

Voordat u de installatie voor het eerst vult, moet de correcte markering van de minimumdruk op de geïnstalleerde manometer worden ingesteld:

- Manometerglas zodanig draaien dat de markering van de minimumdruk overeenkomt met de hoogte van de installatie +2 m (1 m waterkolom = 0,1 bar).

4.8.2 Warmwaterwarmtewisselaar vullen

• Koudwaterkraan openen.
- Aftapplaatsen voor warm water openen, zodat een zo groot mogelijke aftaphoeveelheid kan worden ingesteld.
- Nadat water bij de aftapplaatsen naar buiten stroomt, de koudwatertoevoer nog niet onderbreken, zodat de warmte-wisselaar volledig wordt ontlucht en eventuele verontreini-gingen of resten kunnen worden afgevoerd.

4.8.3 Boilervat vullen

Zie hoofdstuk 7.3.

4.8.4 Het vullen van de CV-installatie

Zie hoofdstuk 7.4.

5 Inbedrijfstelling

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inbedrijfstelling - 1

WAARSCHUWING!

Een op ondeskundige wijze in bedrijf gestelde Daikin Altherma EHS(X/H) kan het leven en de gezondheid in gevaar brengen en slecht functioneren.

- De Daikin Altherma EHS(X/H) mag alleen door geautoriseerde en daarvoor opgeleide CV-monteurs in bedrijf worden gesteld.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

LET OP!

Door een ondeskundig in bedrijf gestelde Daikin Altherma EHS(X/H) kan materiële en milieuschade ontstaan.

- Ter vermijding van corrosieproducten en afzettingen, de desbetreffende regels van de techniek in acht nemen. Minimumvereisten voor de kwaliteit van vul- en aanvulwater:

– Waterhardheid (calcium en magnesium, berekend als calciumcarbonaat): ≅ mmol/l
- Geleidingsvermogen: ≤500 (ideaal ≤100) \$/cm
- Chloride: ≧250 mg/l
- Sulfaat: ≧250 mg/l
- pH-waarde (verwarmingswater): 6,5 - 8,5.

  • De tapwaterkwaliteit moet overeenstemmen met de EU-richtlijng 98/83 EC en de regionaal geldende voorschriften.
  • Wanneer de installatie in werking is, moet met regelmatige intervallen de waterdruk worden gecontroleerd. Eventueel d.m.v. bijvullen aanpassen.

5.1 Eerste Inbedrijfstelling

DAIKIN EHSXB04P30BA - Eerste Inbedrijfstelling - 1

Lees het hoofdstuk 2.4 grondig door voordat u de hier beschreven stappen uitvoert.

Nadat de Daikin Altherma EHS(X/H) geplaatst en volledig aangesloten is, moet deze door vakkundig personeel eenmalig aan de installatie-omgeving (configuratie) en de eisen van de gebruiker worden aangepast.

Na het voltooien van deze configuratie is de installatie bedrijfs-gereed en kan de gebruiker verdere instellingen aan de installatie uitvoeren.

De verwarmingsmonteur moet de gebruiker instrueren, het inbedrijfstellingsrapport opstellen en het bedrijfshandboek invullen.

De instellingen van optionele componenten zoals de kamerthermostaat of de zonne-energie-installatie van Daikin moeten aan de betreffende componenten worden aangebracht.

5.1.1 Voorwaarden

– De Daikin Altherma EHS(X/H) is volledig aangesloten.
- Het koelmiddelsysteem is ontvochtigd en met de voorgeschreven hoeveelheid koelmiddel gevuld.
- De verwarmings- en warmwaterinstallatie is gevuld en staat onder de juiste druk (zie hoofdstuk 7.4).
- De boiler is tot aan de overloop gevuld (zie hoofdstuk 7.3).
- De optionele toebehoren zijn gemonteerd en aangesloten.
- De regelkleppen van de verwarmingsinstallatie zijn geopend.

5.1.2 Start van het apparaat

  • Stroomtoevoer naar de Daikin Altherma EHS(X/H) inschakelen.
    → Na de startfase wordt de taalselectie weergegeven.
  • Met de draaiknop de gewenste taal selecteren.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Start van het apparaat - 1

Men kan op ieder moment een andere taal kiezen voor de bediening.

- Selectie bevestigen met een korte druk op de draaiknop.

→ Basisconfiguratie van de Daikin Altherma EHS(X/H) wordt geladen.
→ Melding "Opstart" wordt getoond.
→ Melding "Initialisatie" wordt getoond.
→ De standaardweergave van de actuele draaischakelaarstelling wordt weergegeven.

5.1.3 Inbedrijfstellingsparameters instellen

Voor de instelling van de inbedrijfstellingsparameters moet de verwarmingsvakman in de regeling zijn ingelogd.

- Login van vakman

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inbedrijfstellingsparameters instellen - 1

flowchart
graph TD
    A["Configuration"] --> B["Inbedrijfening"]
    B --> C["Systeemconfiguratie"]
    C --> D["Inbedrijfening"]
    D --> E["Taal Datum"]
    E --> F["Inbedrijfening"]
    F --> G["Keylock Function"]
    G --> H["Toegangsrechten"]
    H --> I["Type Buitentoestel"]
    I --> J["Toegangsrechten Toegangsrechten"]
    J --> K["0 0 0 0"]
    K --> L["2 s"]
    M["Toegangsrechten"] --> N["* 0 0 0"]
    N --> O["3x"]
    O --> P["Toegangsrechten Gebruiker"]
    P --> Q["Installateur"]
    Q --> R["✓"]
    R --> S["2 s"]

Afb. 5-1 Vakmancode invoeren

  • Vereiste inbedrijfstellingsparameters instellen. Daarbij moet de meegeleverde "Checklist voor inbedrijfstelling" in acht worden genomen en worden ingevuld.
  • Verklaring van de bedrijfsparameters, zie bedieningshandleiding van de regeling.
  • Instelwaarden in de overeenstemmende tabel in het hoofdstuk "Aantekeningen" van de bedieningshandleiding van de regeling invoeren.
  • Legionellabeveiliging (parameter [Anti-Legionella Dag]) activeren, indien nodig.
  • Bij een aangesloten buitentemperatuursensor RoCon OT1, de parameter [Outside Config] op "Aan" instellen.
  • Overige inbedrijfstellingsparameters naargelang de installatievereisten aan de regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H) instellen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inbedrijfstellingsparameters instellen - 2

flowchart
graph TD
    A["Input"] --> B["Configuration"]
    B --> C["Systeemconfiguratie"]
    C --> D["Systeemconfiguratie"]
    D --> E["Power DHW\nBUH s1 power"]
    E --> F["Output"]
    G["Inbedrijfning"] --> H["Taal\nDatum"]
    H --> I["Output"]
    J["Inbedrijfning"] --> K["Output"]
    K --> L["Output"]

Afb. 5-2 Instelling van de inbedrijfstellingsparameters

5.1.4 Hydraulica ontluchten

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulica ontluchten - 1

Als de boilertemperatuur onder bepaalde minimumwaarden zakt, dan verhinderen de veiligheidsinstellingen van de Daikin Altherma EHS(X/H) de werking van de warmtepomp bij lage buitentemperaturen:

  • Buitentemperatuur < -2 °C, minimale boilertemperatuur = 30 °C
  • Buitentemperatuur < 12 °C, minimale boilertemperatuur = 23 °C.

Zonder backup-heater:

Het boilerwater moet door een externe bijverwarmer tot de vereiste minimale boilertemperatuur worden verwarmd.

Met aanjaagverwarmer (EKBUxx):

Bij een buitentemperatuur < 12 °C en een boilertemperatuur < 35 °C wordt de aanjaagverwarmer (EKBUxx) automatisch ingeschakeld om het boilerwater tot minstens 35 °C te verwarmen.

- Om het verwarmen met de aanjaagverwarmer te versnellen, tijdelijk de

  • Parameter [Function Heating Rod] = "1" en
  • Parameter [Power DHW] op de maximum-waarde van de aanjaagverwarmer instellen.
  • Draaischakelaar op de bedrijfsmodus instellen en parameter [1x warmwater] op "Aan" zetten. Na de succesvolle verwarming de parameter opnieuw op "Uit" instellen.

- Verzekeren dat de kap van de automatiekontluchter (afb. 5-3, pos. A) open is.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulica ontluchten - 2

Afb. 5-3 Kap van de automatiekontluchter

  • Handmatige onluchtingsklep (afb. 5-4, pos. B) van een slang voorzien en van het apparaat wegvoeren. De klep zo lang openen tot er water uitkomt.
  • Tweede handmatige ontluchtingsklep (afb. 5-4, pos. C) van een slang voorzien en zo lang openen tot er water uitkomt.
  • Ontluchtingsfunctie activeren (zie FA RoCon HP).

Door de activering van Air Purge start de regeling van RoCon HP een vast gedefinieerd afloopprogramma met start-stop-werking van de geïntegreerde verwarmingscirculatiepomp en verschillende posities van het in de Daikin Altherma EHS(X/H) geïntegreerde 3-wegs-omschakelventiel.

Aanwezige lucht kan tijdens de ontluchtingsfunctie via het automatische ontluchtingsventiel ontsnappen en het aan de Daikin Altherma EHS(X/H) aangesloten hydraulische circuit wordt geevacueerd.

i

De activering van deze functie betekent niet de vervanging van de correcte ontluchting van het verwarmings-circuit.

Voor de activering van deze functie moet het verwarmingscircuit volledig gevuld zijn.

  • Waterdruk controleren en evt. water bijvullen (zie hoofdstuk 7.4).
  • Ontluchtings-, controle- en bijvulproces zo lang herhalen tot: a) er volledig is ontlucht. b) er een voldoende waterdruk aanwezig is.

DAIKIN EHSXB04P30BA - i - 1

Afb. 5-4 Handmatige ontluchtingskleppen

5.1.5 Minimumdebiet controlleren

De minimumdoorstroming moet bij een gesloten verwarmingscircuit worden gecontroleerd.

i

Bij een te laag minimumdebiet kan een foutmelding verschijnen en kan de verwarmingsinstallatie worden uitgeschakeld.

Als het minimumdebiet niet toereikend is, kan:

- er lucht in de circulatiepomp aanwezig zijn.

→ circulatiepomp ontluchten.

- de ventielaandrijving van het 3-wegs-omschakelventiel (3UVB1 / 3UV DHW) defect zijn.

→ Werking van de ventielaandrijving controleren en eventueel ventielaandrijving vervangen.

  • Ventielen en servoaandrijvingen van alle aangesloten warmtedistributiecircuits sluiten.
  • Bedrijfsmodus "Verwarmen" aan de regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H) instellen.
    • Infoparameter [Volumestroom] uitlezen.
    → Het debiet moet minstens 600 l/u bedragen (zie bedieningshandleiding van de regeling).

i

De regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H) zorgt voor een permanente controle van de doorstroming van het warmtegeneratorcircuit. Afhankelijk van de actieve bedrijfsmodus zijn verschillende minimale doorstromingswaarden vereist:

  • Bedrijfsmodus "Verwarmen": 600 l/h
  • Bedrijfsmodus "koelen": 840 l/h
  • Automatische ontdooifunctie ( ) actief: 1020 l/h

Als er bij een doorstroming van meer dan 600 l/h een foutmelding met betrekking tot een ontoereikende minimale doorstroming wordt weergegeven, moet u de werkelijke doorstroming in de actieve bedrijfsmodus controleren en de mogelijke storingsoorzaken ver- helpen.

5.1.6 Parameter Screed Program instellen (alleen indien nodig)

Bij Screed Program wordt de aanvoertemperatuur volgens een vooraf ingesteld temperatuurprofiel geregeld.

Meer informatie over Screed Program, zijn activering en de afloop vindt u in de bedieningshandleiding van de regeling.

Na afloop van Screed Program werkt de regeling RoCon HP verder in de voorheen ingestelde bedrijfsmodus. Voor zover niet op voorhand geconfigureerd, zijn aansluitend nog de volgende werken nodig.

a) Bij aansluiting zonder kamerstation EHS157034:

- Verwarmingskarakteristiek resp. gewenste voorlooptemperatuur instellen.

b) Bij aansluiting met kamerstation EHS157034:

• Kamerstation activeren.
- Verwarmingskarakteristiek resp. gewenste voorlooptemperatuur instellen. Evt. parameter [Ruimte-invloed] activeren en kamerstreeftemperatuur instellen.

5.2 Opnieuw in bedrijf stellen

5.2.1 Voorwaarden

DAIKIN EHSXB04P30BA - Voorwaarden - 1

LET OP!

Inbedrijfstelling tijdens vriestemperaturen kan tot schade aan het volledige systeem leiden.

- Inbedrijfstelling bij temperaturen onder 0 °C alleen bij verzekering van een watertemperatuur van minstens 5 °C in de verwarmingsinstallatie en in de boiler. Daikin raadt aan om het systeem bij extreme vorst niet in bedrijf te stellen.

  • De Daikin Altherma EHS(X/H) is volledig aangesloten.
  • Het koelmiddelsysteem is ontvochtigd en met de voorgeschreven hoeveelheid koelmiddel gevuld.
  • De verwarmings- en warmwaterinstallatie is gevuld en staat onder de juiste druk (zie hoofdstuk 7.4).
  • De boiler is tot aan de overloop gevuld (zie hoofdstuk 7.3).

5.2.2 Inbedrijfstelling

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inbedrijfstelling - 1

Als de boilertemperatuur onder bepaalde minimumwaarden zakt, dan verhinderen de veiligheidsinstellingen van de Daikin Altherma EHS(X/H) de werking van de warmtepomp bij lage buitentemperaturen:

- Buitentemperatuur < -2 °C, minimale boilertemperatuur = 30 °C - Buitentemperatuur < 12 °C, minimale boilertemperatuur = 23 °C.

Zonder backup-heater:

Het boilerwater moet door een externe bijverwarmer tot de vereiste minimale boilertemperatuur worden verwarmd.

Met aanjaagverwarmer (EKBUxx):

Bij een buitentemperatuur < 12 °C en een boilertemperatuur < 35 °C wordt de aanjaagverwarmer (EKBUxx) automatisch ingeschakeld om het boilerwater tot minstens 35 °C te verwarmen.

  • Om het verwarmen met de aanjaagverwarmer te versnellen, tijdelijk de
  • Parameter [Function Heating Rod] = "1" en
  • Parameter [Power DHW] op de maximum-waarde van de aanjaagverwarmer instellen.
  • Draaischakelaar op de bedrijfsmodus instellen en parameter [1x warmwater] op "Aan" zetten. Na de succesvolle verwarming de parameter opnieuw op "Uit" instellen.

  • Koudwateraansluiting controleren en warmtewisselaar voor drinkwater vullen.

  • Stroomtoevoer naar de Daikin Altherma EHS(X/H) inschakelen.
  • Startfase afwachten.
  • Na afsluiting van de startfase in verwarmingsbedrijf, de verwarmingsinstallatie ontluchten, installatiedruk controlleren en evt. instellen (max. 3 bar, zie hoofdstuk 7.4).
  • Visuele inspectie op lekkage bij alle verbindingsdelen in het huis uitvoeren. Maak eventuele lekken vakkundig dicht.
  • Draaischakelaar op de regeling instellen op de gewenste werkingsmodus.
  • Bij aangesloten Daikin zonne-installatie, deze in bedrijf stellen volgens de meegeleverde handleiding. Na de uitschakeling van de zonne-energie-installatie van Daikin p=0 opnieuw het peil in het bufferreservoir controleren.

6 Buitenbedrijfstellen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenbedrijfstellen - 1

WAARSCHUWING!

Bij het openen van de zonnecollectorte-rugstroomaansluiting en de verwarmings- en warmwateraansluitingen ont-staat gevaar op verbranding en over-stroming door uitstromend heet water.

- Boilerreservoir resp. verwarmingsinstallatie pas ledigen

  • na voldoende afkoeling,
    – met geschikte uitrusting voor het afleiden resp. opvangen van uitstromend water,
  • wanneer u geschikte veiligheids- kledij draagt.

6.1 Tijdelijk stilleggen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Tijdelijk stilleggen - 1

LET OP!

Een buiten bedrijf gestelde verwarming-installatie kan bij vorst bevriezen en beschadigt raken.

  • De stilgelegde verwarmingsinstallatie bij gevaar voor vorst aan de water-zijde legen.
  • Wanneer de verwarmingsinstallatie niet is geleegd, moet bij gevaar voor vorst de stroomtoevoer gegarandeerd zijn en de externe hoofdschakelaar ingeschakeld blijven.

Als de Daikin Altherma EHS(X/H) gedurende langere tijd niet wordt gebruikt, dan kunt u deze tijdelijk stilleggen.

Daikin beveelt echter aan om de installatie niet van de stroomvoeding los te maken, maar alleen in de modus "Stand-By" te plaatsen (zie bedieningshandleiding van de regeling).

De verwarmingsinstallatie is dan tegen bevriezing beschermd en pompen- en kleppenbescherming zijn actief.

Als bij gevaar voor vorst de stroomvoorziening niet is gegaran- deerd, dan moet

- u de Daikin Altherma EHS(X/H) waterzijdig volledig legen of - moeten de nodige maatregelen worden genomen voor vorstbeveiliging van de aangesloten CV-installatie en de warmwaterboiler (bijv. ledigen).

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Als het vorstgevaar bij onzekere elektrische voeding slechts enkele dagen bestaat, dan hoeft u de Daikin Altherma EHS(X/H) vanwege de goede warmte-isolatie van de wateraansluiting niet af te tappen, mits u de boilertemperatuur regelmatig inspecteert en die temperatuur niet tot onder de +3 °C daalt.

Hierdoor is het aangesloten warmteverdeelsysteem uiteraard niet tegen vorst beschermd.

6.1.1 Aftappen van het voorraadvat

  • Daikin Altherma EHS(X/H) van de stroomvoeding afhalen.
  • Afvoerslang aansluiten op de KFE-vulaansluiting (accessoire KFE BA) (afb. 6-1, pos. A) en naar een recipiënt op vloerniveau laten lopen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aftappen van het voorraadvat - 1

Als er geen KFE-vulaansluiting beschikbaar is, kan als alternatief het aansluitstuk (afb. 6-1, pos. C) van de veiligheidsoverloop (afb. 6-1, pos. B) worden gedomenteerd en gebruikt.

Deze moet na het ledigen terug worden gemon- teerd alvorens de verwarmingsinstallatie opnieuw in bedrijf kan worden gesteld.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aftappen van het voorraadvat - 2

text_image 1. A 2.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aftappen van het voorraadvat - 3

text_image B 1. 2. 3. C E

Afb. 6-1 Afvoerslang monteren Optie: Aansluitstuk van veiligheidsoverloop demonteren

A KFE-vulaansluiting

B Veiligheidsoverloop
C Slang-aansluitstuk voor veiligheidsoverloop
D Klemstuk

E Draadstuk
F Afsluitdop
G Aansluithoek
X Klepinzet

Tab. 6-1 Legende bij afb. 6-1 tot afb. 6-6

Zonder zonne-installatie

  • Afdekplaat van vul- en ledigingsaansluiting verwijderen.
  • Bij gebruik van de KFE-vumaansluiting (accessoire KFE BA):
    Afdekplaat aan de hand- greep wegnemen en het draadstuk afb. 6-2, pos. E) uit het boilerreser- voir schroeven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Zonder zonne-installatie - 1

text_image E

Afb. 6-2 Draadstuk uitschroeven

6 Buitenbedrijfstellen

  • KFE-vulaansluitingin het draadstuk (afb. 6-3, pos. E) plaatsen en met het klemstuk (afb. 6-3, pos. D) bevestigen.
  • Geschikt recipiënt onder de vul- en ledigingsaansluiting plaatsen.
  • Aan de vul- en ledigingsaansluiting het draadstuk (afb. 6-4, pos. E) losdraaien en de sluitdop (afb. 6-4, pos. F) verwijderen en onmiddellijk het voorgemonteerde draadinzetstuk met de KFE-vulaansluiting weer in de vul- en ledigingsaansluiting (afb. 6-4) vastschroeven.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buitenbedrijfstellen - 1

LET OP!

Na verwijdering van de afsluitdop zal het boilerwater krachtig naar buiten stromen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Afb. 6-4 KFE-vulaansluiting in de vul- en ledigingsaansluiting schroeven

- KFE-kraan aan de KFE-vulaansluiting openen en de waterinhoud van de boiler laten lopen.

Alleen bij „zonne-energie-installatie

  • De klepinzet aan de aansluithoek zo instellen dat de weg naar de blindplug is geblokkeerd (afb. 6-5).
  • Een geschikte opvangbak voorzien en de blinde plug uit de aansluithoek nemen (afb. 6-5).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Alleen bij „zonne-energie-installatie - 1

text_image X 1. 2. 3. 4. X1 X2 X3 X4 G X4 1.

Afb. 6-5 Klepinzet blokkeren, blindplug uit de aansluithoek nemen

- KFE-vulaansluiting in de aansluithoek plaatsen en met klemmen vastzetten (afb. 6-6).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Alleen bij „zonne-energie-installatie - 2

text_image G 3. 4.

Afb. 6-6 KFE-vulaansluiting in de aansluithoek monteren

  • KFE-kraan aan de KFE-vulaansluiting openen.
  • Klepinzet aan de aansluithoek zo instellen dat de weg naar de afvoerslag vrij is (zie ook afb. 6-5) en de waterinhoud uit het boilerreservoir laten lopen.

6.1.2 Leegmaken van het verwarming- en warmwatercircuit

  • Afvoerslagn aan de KFE-kraan van de Daikin Altherma EHS(X/H) aansluiten.
  • Open de vul-/aftapkraan op de Daikin Altherma EHS(X/H).
  • Verwarmings- en warmwatercircuit laten leeglopen.
  • Isoleer de voeding- en retourleiding van de verwarming evenals de koudwatertoevoer- en warmwaterafvoerleiding op de Daikin Altherma EHS(X/H).
  • Sluit de afvoerslang zo op de aan toevoerleiding resp. retourleiding van de verwarming evenals de koudwatertoevoerleiding en warmwaterretourleiding aan, dat de slangopening zicht dicht boven de grond bevindt.
  • Laat de afzonderlijke warmtewisselaars na elkaar volgens het hevelprincipe leeglopen.

Ondeskundig gedemonteerde koelinstallaties (warmtepompen), klimaatregelende installaties en verwarmingtoestellen kunnen het leven en de gezondheid van personen in gevaar brengen en bij opnieuw inbedrijfstellen qua werking zijn ingeperkt.

- Werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) (zoals de demontage van onderdelen, tijdelijke of definitieve stillegging van de installatie) enkel laten uitvoeren door personen die daartoe zijn gemachtigd en voor de betreffende handelingen een bevoegdheidstechnische of bedrijfslatige opleiding hebben genoten en aan een door een bevoegde instatie erkende vervolgopleiding hebben deelgenomen. Hiertoe behoren met name verwarmingmonteurs, elektriciens en koude-installatiemonteurs, die op grond van hun technische opleiding en hun kennis, ervaring met de deskundige installatie van verwarming- en koelinstallaties en klimaatinstallaties, evenals met warmtepompen hebben opgedaan.

- Waarschuwingen en veiligheidsin-structies in de installatiehandleiding voor het werken aan het koelmiddelsysteem moet u absoluut inacht-nemen.

Een definitieve bedrijfsonderbreking kan noodzakelijk zijn, indien

  • de installatie defect is, gedemonteerd en afgevoerd wordt.
  • onderdelen van de installatie defect zijn, gedemonteerd en vervangen worden.
  • de installatie resp. delen van de installatie worden gedemon- teerd en op een andere locatie weer worden opgebouwd.

De Daikin Altherma EHS(X/H) is zo montage- en milieuvriendelijk geconstrueerd, dat bovengenoemde handelingen doelmatig en milieuvriendelijk zijn uit te voeren.

Bij een locatiewissel of vervanging van onderdelen van de koelmiddelinstallatie in het pijpleidingstelsel:

- Koelmiddel in het warmtepompbuitentoestel terugpompen (zie installatie- en bedieningshandleiding van het betreffende warmtepomptoestel).

Bij het afvoeren van de installatie of vervanging van onderdelen van het koelmiddelsysteem:

- Koelmiddel uit de installatie afzuigen en recycleren (zie installatie- en bedieningshandleiding van het betreffende warmte-pompbuitentoestel).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Leegmaken van het verwarming- en warmwatercircuit - 1

LET OP!

Uit de installatie gelekt koelmiddel schaadt het milieu.

Door vermenging van diverse koelmiddelsoorten kunnen gevaarlijke toxische gasmengsels ontstaan. Het mengen met olie kan bij koelmiddellekkage tot besmetting van de grond leiden.

  • Koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen - altijd met een daarvoor recyclageapparaat afzuigen en recycleren.
  • Koelmiddel altijd recycleren en zodoende scheiden van olie en andere additieven.
  • Koelmiddel alleen per soort in geschikte drukreservoirs opslaan.
  • Koelmiddel, olie en additieven volgens voorschrift en overeenkomstig de nationale bepalingen in het land van gebruik afvoeren.

  • Daikin Altherma EHS(X/H) buitenbedrijfnemen (zie hoofdstuk 6.1).

  • Daikin Altherma EHS(X/H) isoleren van alle elektrische aansluitingen, koelmiddel- en wateraansluitingen.
  • Daikin Altherma EHS(X/H) c.q. relevante onderdelen volgens de installatiehandleiding in omgekeerde volgorde demonteren.
  • Daikin Altherma EHS(X/H) volgens de eisen van het vak afvoeren voor afvalverwerking.

Aanwijzingen voor het afvoeren

De Daikin Altherma EHS(X/H) is milieuvriendelijk geconstrueerd. Bij het verwijderen, blijft uitsluitend afval over dat herbruikbaar is of kan worden verbrand. De gebruikte materialen, welke geschikt zijn voor hergebruik, kunnen naar soort worden gescheiden.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aanwijzingen voor het afvoeren - 1

Daikin heeft - dankzij de milieuvriendelijke constructie van de Daikin Altherma EHS(X/H) - de voorwaarden geschapen voor een milieuvriendelijke afvoer. Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de verwijdering op de juiste wijze en overeenkomstig de in zijn/haar land geldende regels te laten plaatsvinden.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Aanwijzingen voor het afvoeren - 2

Het kenmerk op het product geeft aan dat elektrische en elektronische producten niet bij het ongesorteerde huishoudelijk afval horen.

Het is de verantwoordelijkheid van de gebruiker om de verwijdering op de juiste wijze en overeenkomstig de in zijn/haar land geldende regels te laten plaatsvinden.

  • Uitsluitend een gekwalificeerde monteur mag het systeem demonteren en koelmiddelen, olie en andere onderdelen hanteren.
  • Voer uitsluitend af naar een inrichting die is gespecialiseerd in hergebruik.

Voor meer informatie kunt u terecht bij uw installatiebedrijf of de daarvoor verantwoordelijke lokale overheden.

7 Inspectie en onderhoud

7.1 Algemeen

Regelmatige inspectie en onderhoud van de Altherma EHS(X/H) vermindert het energieverbruik en garandeert een lange levensduur en storingvrije werking.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Algemeen - 1

GEVAAR VOOR MILIEUSCHADE!

Belangrijke informatie met betrekking tot het gebruikte koelmiddel.

Het volledige systeem van de warmte- pompen bevat koelmiddel met fluor broeikasgassen die bij vrijgave het milieu schaden.

Koelmiddeltype: R410A GWP*-waarde: 2087,5

  • Totale vulhoeveelheid van het koelmiddel op het meegeleverde etiket op het warmtepompbuitentoestel invullen (voor aanwijzingen zie de installatiehandleiding van het warmtepompbuitentoestel).
  • Koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen - altijd met een daarvoor recyclageapparaat afzuigen en recycleren.

i

Inspectie en onderhoud moeten eenmaal per jaar, het liefst voor het stookseizoen, door bevoegde en geschoolde verwarming- en koeltechnici te worden uitgevoerd. Op deze wijze kunnen storingen tijdens de stookperiode worden uitgesloten.

Om het regelmatig inspecteren en onderhouden te garanderen, adviseert Daikin een inspectie- en onderhoudsovereenkomst af te sluiten.

Wettelijke bepalingen

Conform de F-gasverordening nr. 842/2006 artikel 3, op 01-01-2015 opgevolgd door (EG) nr. 517/2014 artikel 3 en 4 moeten gebruikers (of eigenaars) hun op locatie geïnstalleerde koude-installaties regelmatig onderhouden, op dichtheid controleren en eventuele lekkages onmiddellijk laten verhelpen.

Alle installatie-, onderhouds- en herstellingswerkzaamheden aan het koudecircuit moeten bijvoorbeeld in het bedrijfshandboek worden gedocumenteerd.

Voor Daikin warmtepompsystemen gelden voor de gebruiker de volgende plichten:

i

De Europese wettelijke controletermijn geldt voor warmtepompen vanaf een totale vulhoeveelheid van de instalaltie met koelmiddel van 3 kg of vanaf 01-01-2017 vanaf een totale vulhoeveelheid van 5 t CQ-equivalent (bij R410A vanaf 2,4 kg).

Daikin adviseert evenwel om een onderhoudscontract af te sluiten, inclusief de documentatie van de doorgevoerde werkzaamheden in het bedrijfshandboek, om de garantieaanspraak te behouden, ook voor installations waarvoor er geen wettelijke plicht op een dichtheidscontrole bestaat.

- Bij een totale vulhoeveelheid van de installatie met koelmiddel van 3 kg – 30 kg of vanaf 6 kg in hermetische installaties en vanaf 01-01-2017 bij een totale vulhoeveelheid van 5-50 t CO₂-equivalent of vanaf 10 t CO₂-equivalent in hermetische installaties:

→ Controles door gecertificeerd personeel met tussenpozen van maximum 12 maanden en documentatie van de doorgevoerde werkzaamheden in overeenstemming met de geldende verordening. Deze documentatie moet minstens gedurende 5 jaar worden bewaard.

i

Gecertificeerd zijn alle personen die voor werkzaamheden aan ter plaatse geïnstalleerde koude-installaties (warmtepompen) en airconditioninginstallaties een deskundigheidsbewijs voor Europa volgens de F-gas-verordening conform (EG) nr. 303/2008 bezitten.

- Totale vulhoeveelheid koelmiddel tot 3 kg: deskundigheidsbewijs van categorie II

- Totale vulhoeveelheid koelmiddel vanaf 3 kg: deskundigheidsbewijs van categorie I

7.2 Jaarlijks uit te voeren activiteiten

DAIKIN EHSXB04P30BA - Jaarlijks uit te voeren activiteiten - 1

WAARSCHUWING!

Verkeerd uitgevoerde werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) en aan de optioneel aangesloten componenten kunnen het leven en de gezondheid van personen in gevaar brengen en de werking van deze onderdelen beïnvloeden.

- Werkzaamheden aan de Daikin Altherma EHS(X/H) (zoals onderhoud of herstelling) alleen laten uitvoeren door personen die gemachtigd zijn en voor de betreffende handelingen een bevoegdheidstechnische of bedrijfsmatige opleiding hebben genoten en aan vakkundige, door de bevoegde instanties erkende vervolgopleidingen hebben deelgenomen. Hiertoe behoren met name verwarmingmonteurs, elektriciens en koude-installatiemonteurs, die op grond van hun technische opleiding en hun kennis, ervaring met de deskundige installatie van verwarming- en koelinstallaties en klimaatinstallaties, evenals met warmtepompen hebben opgedaan.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

WAARSCHUWING!

Het gasvormige koelmiddel is zwaarder dan lucht. In kuilen of slecht geventi-leerde ruimtes kan het in hoge concent-raties voorkomen. Het inademen van hoge concentraties gasvormig koel-middel veroorzaakt duizeligheid en verstikkinggevoelens. Bij contact van gasvormig koelmiddel met open vuur of hete voorwerpen kunnen dodelijke gassen ontstaan.

  • Zorg bij werkzaamheden aan het koudemiddelcircuit voor een goede ventilatie van de werkplek.
  • Indien noodzakelijk voordat met de werkzaamheden wordt begonnen, het koelmiddelsysteem volledig evacueren.
  • Voer nooit werkzaamheden aan het koudemiddelcircuit uit in gesloten ruimten of werkputten.
  • Laat koudemiddel niet met open vuur, gloeiende of hete voorwerpen in contact komen.
  • Koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen (vorming van hoge concentraties).
  • Na het verwijderen van de service-slangen van de vulaansluitingen, een lekkagecontrole aan het koelsysteem uitvoeren. Door lekkende plaatsen kan koelmiddel vrijkomen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

WAARSCHUWING!

Bij een normale atmosferische druk en omgevingstemperaturen verdampt vloeibaar koelmiddel zo plotseling, dat bij contact met de huid of de ogen bevriezingen van het weefsel kunnen ontstaan (gevaar voor blind worden).

  • Draag altijd een veiligheidsbril en beschermende handschoenen.
  • Koelmiddel nooit in de atmosfeer laten ontsnappen (hoge druk op de uittredingszijde).
  • Wanneer de serviceslangen van de vulaansluitingen worden losgekoppeld, mogen de aansluitingen nooit in de richting van het lichaam wijzen. Er kunnen nog resten koude-middel ontsnappen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

WAARSCHUWING!

Onder de afdekkap van de Daikin Altherma EHS(X/H) kunnen bij lopend bedrijf temperaturen van max. 90 °C optreden. Tijdens het gebruik ontstaan warmwatertemperaturen >60 °C.

  • Als u tijdens de werking componenten aanraakt bestaat gevaar voor brandwonden.
  • Lekkend water tijdens onderhouds- en reparatiewerkzaamheden kan bij contact met de huid brandwonden veroorzaken.
  • Laat - alvorens onderhoud of inspectie uit te voeren - de Daikin Altherma EHS(X/H) voldoende lang afkoelen.
  • Draag dus veiligheidshandschoenen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

WAARSCHUWING!

Stroomgeleidende onderdelen kunnen bij aanraking tot een elektrische schok leiden en zo levensgevaarlijk letsel en brandwonden veroorzaken.

  • Voor werken aan onder stroom staande onderdelen, alle stroom- kringen van de installatie van de stroomvoeding scheiden (externe hoofdschakelaar uitschakelen, zekering scheiden) en tegen onbedoeld opnieuw inschakelen beveiligen.
  • Het opnieuw aansluiten op de elektriciteit en werkzaamheden aan elektrische componenten mogen alleen door elektrotechnisch gekwalificeerde elektriciens worden uitgevoerd met inachtneming van de van kracht zijnde normen en richtlijnen, zowel als van de instructies van het energiebedrijf.
  • De toestelbekleding en onderhoudsroosters na beëindiging van de werkzaamheden onmiddellijk weer aanbrengen.

  • Afdekkap en warmte-isolatie afnemen (zie hoofdstuk 4.3).

  • Inspecteer de werking van de Daikin Altherma EHS(X/H), evenals alle geïnstalleerde accessoires (Backup-Heater, zonne-energiesysteem) door de temperatuuruitlezingen en de schakelstanden in de afzonderlijk bedrijfsmodi te controleren.
  • Als er een zonne-energie-installatie van Daikin van het type DrainBack is aangesloten en in werking is, deze uitschakelen en de collectoren ledigen.
  • Bij werking van de Daikin Altherma EHS(X/H) in een bivalent-alternatief systeem; alle warmtegeneratoren uitschakelen en de bivalantieregeling deactiveren.
  • Visuele inspectie van de algemene staat van de Daikin Altherma EHS(X/H).

  • Visuele inspectie van het niveau in het reservoir.

→ Evt. water bijvullen (zie paragraaf 7.3), alsmede de oorzaak voor een gebrekkig vulpeil vaststellen en oplossen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

De Daikin Altherma EHS(X/H) is door zijn constructie heel onderhoudsvrij. Corrosiewerende voorzieningen (bijv. opofferingsanodes) zijn niet nodig. Onderhoudswerkzaamheden, zoals het vervangen van beschermingsanodes of het reinigen van de binnenkant van het reservoir, vervallen daardoor.

  1. Aansluiting veiligheidsoverloop en -afvoerslang op lekkage, vrije doorgang en hellingshoek controleren.

→ Maak zo nodig de veiligheidoverloop en -afvoerslang schoon en leg die opnieuw, vervang beschadigde onderdelen.

  1. Visuele inspectie van alle aansluitingen, leidingen en de veiligheidoverdrukklep. Bepaal de oorzaak in geval van schade.

→ Beschadigde onderdelen vervangen.

  1. Alle elektrische onderdelen, verbindingen en leidingen controleren.

→ Beschadigde delen repareren of vervangen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 2

Als de aansluitkabel van de optionele aanjaagverwarmer is beschadigd, moet de volledige aanjaagverwarmer worden vervangen.

De aansluitkabel kan niet afzonderlijk worden vervangen.

  1. Controleer de waterdruk van de koudwatertoevoer (<6 bar)
    → Evt. een drukregelaar inbouwen of deze instellen.
  2. Controle van de systeemwaterdruk aan de regeling RoCon HP van de RoCon HP der Daikin Altherma EHS(X/H).
    → Eventueel water in de verwarmingsinstallatie bijvullen tot de drukweergave zich in het toegelaten bereik bevindt (zie paragraaf 7.4).
  3. Filter/slibafscheider controleren en reinigen.
  4. Minimumdebiet controleren (zie hoofdstuk 5.1.5).
  5. Maak kunststofoppervlakken van de Daikin Altherma EHS(X/H) schoon met zachte doeken en een milde oplossing van schoonmaakmiddel Geen reinigingsmiddelen met agressieve oplosmiddelen gebruiken (beschadigen de kunststofoppervlakken.
  6. Afdekkap terugplaatsen (zie paragraaf 4.3).
  7. Onderhoud van het buitentoestel en van andere aan de Daikin Altherma EHS(X/H) aangesloten verwarmingscomponenten volgens de desbetreffende installatie- en bedieningshandleidingen doorvoeren.
  8. Onderhoudsinstuctie documenteren.

7.3 Buffervat vullen of bijvullen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Buffervat vullen of bijvullen - 1

LET OP!

Het vullen van het buffervat met te hoge waterdruk of te hoog debiet kan leiden tot schade aan Daikin Altherma EHS(X/H).

- Vullen met een waterdruk van <6 bar en een debiet van <15 l/min.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 1

Aanwijzingen voor de wateraansluiting en de water-kwaliteit in overeenstemming met hfdst. 2.4 en 4.4 in acht nemen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - LET OP! - 2

Als de boilertemperatuur onder bepaalde minimumwaarden zakt, dan verhinderen de veiligheidsinstellingen van de Daikin Altherma EHS(X/H) de werking van de warmtepomp bij lage buitentemperaturen:

- Buitentemperatuur < -2 °C, minimale boilertemperatuur = 30 °C

- Buitentemperatuur < 12 °C, minimale boilertemperatuur = 23 °C.

Zonder backup-heater:

Het boilerwater moet door een externe bijverwarmer tot de vereiste minimale boilertemperatuur worden verwarmd.

Met aanjaagverwarmer (EKBUxx):

Bij een buitentemperatuur < 12 °C en een boilertemperatuur < 35 °C wordt de aanjaagverwarmer (EKBUxx) automatisch ingeschakeld om het boilerwater tot minstens 35 °C te verwarmen.

- Om het verwarmen met de aanjaagverwarmer te versnellen, tijdelijk de

  • Parameter [Function Heating Rod] = "1" en
  • Parameter [Power DHW] op de maximum-waarde van de aanjaagverwarmer instellen.
  • Draaischakelaar op de bedrijfsmodus instellen en parameter [1x warmwater] op "Aan" zetten. Na de succesvolle verwarming de parameter opnieuw op "Uit" instellen.

Zonder geïnstalleerd zonne-energiesysteem

  • Vulslang met anti-retourklep (1/2") op de aansluiting "DrainBack Solar - aanvoer" (zie afb. 7-1, pos. 1) aansluiten.
  • Voorraadvat van de Daikin Altherma EHS(X/H) vullen tot water aan de aansluiting (afb. 7-1, pos. 23) uitstroomt, die als veiligheidsoverloop werd aangesloten.
    • Vulslang met antiretourklep (1/2") weer verwijderen.

Met KFE-vulaansluiting of met geinstalleerd p=0 zonne-energiesysteem (zie ook hoofdstuk 6.1)

  • Zonder zonne-energiesysteem: KFE-vulaansluiting (accessoire) KFE BA) aan de vul- en ledigingsaansluiting van de Daikin Altherma EHS(X/H) (afb. 3-2 tot afb. 3-5, pos. 10) of Met zonne-energiesysteem: KFE-vulaansluiting (accessoire KFE BA) op de aansluithoek van de pRegelings- en pompeenheid (EKSRPS4A) monteren.
  • Vulslang met antiretourklep (1/2") op de voorheen geïnstalleerde KFE-Hahn aansluiten.
  • Voorraadvat van de Daikin Altherma EHS(X/H) vullen tot water aan de aansluiting (afb. 7-1, pos. 23) uitstroomt, die als veiligheidsoverloop werd aangesloten.
    • Vulslang met antiretourklep (1/2") weer verwijderen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Met KFE-vulaansluiting of met geinstalleerd p=0 zonne-energiesysteem (zie ook hoofdstuk 6.1) - 1

Afb. 7-1 Vulling boiler - zonder zonne-energiesysteem

7.4 Verwarmingsinstallatie vullen of bijvullen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Verwarmingsinstallatie vullen of bijvullen - 1

GEVAAR!

Tijdens het vulproces kan water uit eventuele leks stromen, dat bij contact met de stroomgeleidende onderdelen een elektrische schok kan veroorzaken.

  • Voor het vullen, de Daikin Altherma EHS(X/H) stroomloos maken.
  • Na de eerste vulling en voor de inschakeling van de stroomvoeding voor de Daikin Altherma EHS(X/H), controlleren of alle elektrische delen en verbindingsplaatsen droog zijn.

DAIKIN EHSXB04P30BA - GEVAAR! - 1

WAARSCHUWING!

Verontreiniging van drinkwater is schadelijk voor de gezondheid.

- Uitsluiten dat verwarmingswater in de drinkwaterleiding kan terugstromen bij het vullen van de verwarmingsinstallatie.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

Aanwijzingen voor de wateraansluiting en de water-kwaliteit in overeenstemming met hfdst. 2.4 en 4.4 in acht nemen.

  1. Vulslang (afb. 7-2, pos. 1) met anti-retourklep (1/2") en een externe manometer (meegeleverd) op de KFE-kraan (afb. 7-2, pos. 2) aansluiten en borgen tegen afschuiven met een slangklem.
  2. Aflaatslang op de ontluchtingsklep aansluiten van het apparaat wegvoeren. Ontluchtingsklep met aangesloten slang openen, de andere ontluchtingsklep op geslotenheid controleren.
  3. Waterkraan (afb. 7-2, pos. 4) van de toevoerleiding openen.
  4. KFE-kraan (afb. 7-2, pos. 2) openen en manometer in het oog houden.
  5. Installatie met water vullen tot de streefdruk van de installatie (installatiehoogte +2 m, waarbij 1 m waterkolom overeenstemt met 0,1 bar) op de externe manometer wordt bereikt.

De overdrukklep mag niet worden geactiveerd!

  1. Handmatige ontluchtingsklep sluiten van zodra er water zonder bellen uitkomt.
  2. Waterkraan (afb. 7-2, pos. 4) sluiten. KFE-haan moet open blijven om de waterdruk op de externe manometer te kunnen aflezen.
  3. Stroomvoeding van de Daikin Altherma EHS(X/H) inschakelen.
  4. Draaischakelaar op de positie Bedrijfsmodus plaatsen en "Verwarmen" kiezen.

→ Daikin Altherma EHS(X/H) werkt na de startfase in de verwarmingsmodus voor warm water.

7 Inspectie en onderhoud

  1. Tijdens de warmwaterverwarmingsmodus voortdurende de waterdruk op de externe manometer controleren en eventueel water via de KFE-kraan (afb. 7-2, pos. 2) bijvullen.
  2. De volledige verwarmingsinstallatie ontluchten zoals in hoofdstuk 5.1.4 beschreven (regelkleppen van de installatie openen. Gelijktijdig kan via de vloerverdeler het vloerverwarmingssysteem mee gevuld en gespoeld worden).

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inspectie en onderhoud - 1

Air Purge

(zie bedieningshandleiding van de regeling)

  1. Waterdruk op de externe manometer opnieuw controleren en eventueel water bijvullen via de KFE-kraan (afb. 7-2, pos. 2).

  2. Vulslang (afb. 7-2, pos. 1) met antiretourklep van de KFE-kraan (afb. 7-2, pos. 2) verwijderen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Inspectie en onderhoud - 2

text_image 4 1 2 3 6 3UV DHW 5.1 5.2 B 3UVB1 A AB

1 Vulslang

2 KFE-kraan

3 Kogelkraan

4 Waterkraan

5.1 Ventielaandrijving

1 Vuislang 2 KFE-kraan 3 Kogelkraan 4 Waterkraan 5.1 Ventielaandrijving

5.2 Ontgrendelknop voor de aandrijvingsblokkering

3-wegs-omschakelventiel

Afb. 7-2 Verwarmingscircuit vullen

8 Fouten, storingen en meldingen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Fouten, storingen en meldingen - 1

LET OP!

Elektrostatische ladingen kunnen tot spanningsoverslag leiden, waardoor de elektronische onderdelen kunnen worden verstoord.

- Voor het aanraken van de schakelplaat van het bedieningspaneel moet u de potentiaalcompensatie controleren.

8.1 Fouten herkennen, storingen verhelpen

De elektronische regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H):

- meldt een fout door een rode achtergrondverlichting van de display en toont een foutcode op de display (zie tab. 8-2).

- toont informatiemeldingen over de bedrijfstoestand die niet door een rode achtergrondverlichting worden gesignaleerd.

Een geïntegreerd Protocol bewaart tot 15 fout- of andere informatiemeldingen over de bedrijfstoestand die het laatst zijn opgetreden.

Naargelang de bedieningsmodus worden de meldingen ook naar de aangesloten ruimtestations of kamerthermostaten gestuurd.

8.1.1 Actuele storingsmeldingen

DAIKIN EHSXB04P30BA - Actuele storingsmeldingen - 1

text_image E 75 In aparaat: Ketel Adres: 0 1 2 3

1 Storingsmelding als code (zie tab. 8-2)
2 Plaatsindicatie (apparaat) van de herkende storing
3 Databusadres van het apparaat dat de storing veroorzaakt

Afb. 8-1 Weergave van een actuele storingsmelding (regelingsfout)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Actuele storingsmeldingen - 2

text_image E 9001/80 Stor. retour.sensor In aparaat: verwarme Adres: module 0 1 2 3 4

1 Storingsmelding als code (zie tab. 8-2)
2 Storingsmelding als gewone tekst (zie tab. 8-2)
3 Plaatsindicatie (apparaat) van de herkende storing
4 Databusadres van het apparaat dat de storing veroorzaakt

Afb. 8-2 Weergave van een huidige foutmelding (warmtepompfout)

8.1.2 Protocol uitlezen

Het protocol kan in het "Speciale niveau" worden uitgelezen (zie afb. 8-3).

De meest recente (meest actuele) melding staat daarbij op de eerste plaats. Alle andere voorafgaande meldingen worden bij een nieuwe invoer een positie naar achter geschoven. De 15e melding wordt bij het opslaan van een nieuwe melding gewist.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Protocol uitlezen - 1

flowchart
graph TD
    A[">5 s"] --> B["Speciale modus"]
    B --> C["Manueel"]
    C --> D["FA failure"]
    D --> E["Speciale modus"]
    E --> F["FA failure E75"]
    F --> G["Protocol"]
    G --> H["Timeprog Reset"]
    H --> I["Read Protocol"]
    I --> J["Protocol"]
    J --> K["03.01.13 E75"]
    J --> L["02.01.13 E50"]
    K --> M["03.01.13 11:16"]
    L --> N["E75 In aparaat: Ketel\nAdres: 0"]

Afb. 8-3 Uitlezen van het protocol

8.1.3 Storing verhelpen

Informatiemeldingen die zonder rode achtergrondverlichting worden weergegeven, leiden over het algemeen niet tot langdurige beperkingen voor het bedrijf van de Daikin Altherma EHS(X/H).

Meldingen die met een foutcode E.... en rode achtergrondver- lichting worden weergegeven, moeten door een gemachtigde en opgeleide verwarmingsvakman worden verholpen.

Zie paragraaf 8.3 voor informatie over waarschuwingsmeldingen.

  • Oorzaak van de storing opsporen en verhelpen.
    – Schakelveiligheid aangesproken:

Geen aanduiding op het scherm van de regeling. De oorzaak voor het inschakelen van de schakelveiligheid vaststellen en de storing verhelpen. De installatie opnieuw opstarten.

→ Zodra de oorzaak is verholpen, werkt de installatie weer normaal.

– Schakelveiligheid niet geactiveerd:

a) Er worden geen foutmeldcodes weergegeven, maar de installatie werkt niet correct. De oorzaken opsporen en verhelpen (zie paragraaf 8.2).
→ Zodra de oorzaak is weggenomen, werkt de installatie weer normaal.
b) Storingscodes worden weergegeven zolang de storingen nog bestaan. De oorzaken opsporen en verhelpen (zie paragraaf 8.3). Als de storingsmelding na de verhelping van de storingsoorzaak nog steeds wordt weergegeven, moet de installatie gedurende minstens 10 seconden van de stroomvoeding worden gescheiden om ze te ontgrendelen.
→ Zodra de oorzaak is weggenomen, werkt de installatie weer normaal.

8.2 Storingen

Storing Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossing
Installatie buiten werking (geen displayweergave, bedrijfs-LED op RoCon BM1 uit)Geen netspanningExterne hoofdschakelaar van de installatie inschakelen.De zekering(en) van de installatie inschakelen.De zekering(en) van de installatie vervangen.
Schakeltijdprogramma's werken niet of geprogrammeerde schakeltijden worden op het verkeerde tijdstip uitgevoerd.Datum en tijdstip zijn niet correct ingesteld.Datum instellen.Tijdstip instellen.Indeling weekdag-schakeltijden controleren.
Foutieve bedrijfsmodus ingesteld.Bedrijfsmodus "Automatisch 1" of "Automatisch 2" instellen.
Tijdens een schakeltijd heeft de gebruiker een handmatige instelling uitgevoerd (bijv. een ingestelde temperatuur of de bedrijfsmodus gewijzigd).Draaischakelaar in de stand "Info" ziten.Draaischakelaar in de stand "Modus" ziten.De juiste bedrijfsmodus selecteren.
Regeling reageert niet op invoerenBesturingsysteem van de regeling gecrasht.RESET van de regeling uitvoeren. Daartoe de installatie gedurende minstens 10 seconden van de stroomvoeding scheiden en vervolgens opnieuw inschakelen.
Bedrijfsgegevens worden niet geactualiseerdBesturingsysteem van de regeling gecrasht.RESET van de regeling uitvoeren. Daartoe de installatie gedurende minstens 10 seconden van de stroomvoeding scheiden en vervolgens opnieuw inschakelen.
Verwarming warmt niet opVraag om verwarmingsbedrijf uitgeschakeld (vb. schakeltijdprogramma bevindt zich in de verlagingsfase, buitentemperatuur te hoog, parameters voor optionele aanjaagverwarmer (EKBUxx) foutief ingesteld, vraag voor warm water actief)Ingestelde bedrijfsmodus controlerenOpvraagparameters controleren.Instellingen van datum, tijdstip en schakeltijdprogramma aan de regeling controleren.
De koelmiddelcompressor werkt niet.Bij een geïnstalleerde aanjaagverwarmer (EKBUxx): Controleren of de aanjaagverwarmer de retourtemperatuur tot minstens 15 °C verwarmt (bij een lage retourtemperatuur gebruik de warmtepomp eerste de aanjaagverwarmer om deze minimale retourtemperatuur te bereiken).Voedingsspanning van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) controleren.Thermoveiligheidsschakelaar (STB) van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) is geactiveerd. Ontgrendelen.
De installatie staat in de bedrijfsmodus "koelen".Modus wijzigen in "Verwarmen".
Instellingen dalurentarief-netaansluiting en de elektrische aansluitingen passen niet samen.HT/NT-functie is actief en de paramater [HT/NT Contact] is foutief aangelegd.Er zijn ook andere configuraties mogelijk, maar deze moeten overeenkomen met het type dalurentarief-netaansluiting, dat op de montageplaats aanwezig is.De parameter [SMART GRID] is actief en de aansluitingen zijn foutief gelegd.
Het elektriciteitsbedrijf heeft het piekurensignaal verstuurd.Opnieuw op een dalurensignaal wachten, waarmee de voeding weer wordt ingeschakeld.
De verwarming warmt niet voldoende opDe waterdoorstroming is te laag.Inspecteer of alle afsluitkranen van de watercirculatie volledig zijn geopendInspecteer of waterfilters misschien verontreinigd zijnInspecteer of het expansievat defect is.Verwarmingsinstallatie en circulatiepomp in het apparaat volledig ontluchten.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info")1controleren of er voldoende waterdruk (>0,5 bar) aanwezig is en eventueel verwarmingswater bijvullen.Controleren of de weerstand in de waterkring niet te hoog is voor de pomp (zie "Technische gegevens").
De ingestelde bereiken zijn te laag.Parameter [Stooklijn] verhogen.Parameter [T vbh1 max] verhogen.Parameter [Max T-Flow] verhogen.
Weersgestuurde aanvoertemperatuurrege-ling actief.Instellingen van het niveau "Config. verwarming" van de parameters [Stookgrens D], [Stooklijn] en de instellingen in de draaischakelaarpositie "Temp setpunt Dag" 2 controleren.
Optionele Back-upverwarming (EKBUxx) of alternatieve extra verwarming niet ingeschakeld.Voedingsspanning van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) controleren.Thermoveiligheidsschakelaar (STB) van de aanjaag-verwarmer (EKBUxx) is geactiveerd. Ontgrendelen.Parameters [Function Heating Rod] en [BUH s1 power] en [BUH s2 power] controleren.
Waterhoeveelheid in de verwarmingsinstallatie te kleinVoordruk in het expansievat en de waterdruk controleren en eventueel verwarmingswater bijvullen en voordruk opnieuw instellen (zie hoofdstuk 7.4).
De warmwatertoebereiding vraagt teveel vermogen van de warmtepomp.Instellingen van de parameter [Function Heating Rod] in het niveau "Configuratie", subniveau "Inbedrijf-neming" controleren.Instellingen van de parameter [Power DHW] in het niveau "Configuratie", subniveau "Systeemconfigu-ratie" controleren.
Water wordt niet warmDIP-schakelaar foutief geconfigureerdDIP-schakelaarpositie op schakelplaat A1P controleren (zie paragraaf 8.4).
Warmwaterbereiding uitgeschakeld (vb. schakeltijdprogramma bevindt zich in de ver-lagingsfase, parameters voor warmwaterbe-reiding foutief ingesteld).Ingestelde bedrijfsmodus controlerenOpvraagparameters controleren.
De oplaadtemperatuur van het voorraadvat is te laag.De nominale temperatuur van het warme water verhogen
Debiet te hoog.De tapsnelheid verkleinen, de doorstroming begrenzen.
Het vermogen van de warmtepomp is te laag.De schakeltijden voor ruimteverwarming en de warmwatertoebereiding op overlappingen controleren.
Waterhoeveelheid in de verwarmingsinstallatie te klein.Voordruk in het expansievat en de waterdruk controleren en eventueel verwarmingswater bijvullen en voordruk opnieuw instellen (zie hoofdstuk 7.4).
Optionele Back-upverwarming (EKBUxx) of alternatieve extra verwarming niet ingeschakeld.Voedingsspanning van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) controleren.Thermoveiligheidsschakelaar (STB) van de aanjaag-verwarmer (EKBUxx) is geactiveerd. Ontgrendelen.Parameters [Function Heating Rod] en [BUH s1 power ] en [BUH s2 power] controleren.

8 Fouten, storingen en meldingen

Storing Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossing
Ruimtekoeling koelt nietDe waterdoorstroming is te laag.Inspecteer of alle afsluitkranen van de watercirculatie volledig zijn geopendInspecteer of waterfilters misschien verontreinigd zijn.Inspecteer of het expansievat defect is.Verwarmingsinstallatie en circulatiepomp in het apparaat volledig ontluchten.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info" controleren of er voldoende waterdruk (>0,5 bar) aanwezig is en eventueel verwarmingswater bijvullen.Controleren of de weerstand in de waterkring niet te hoog is voor de pomp (zie "Technische gegevens").
"koelen" uitgeschakeld (bijv. kamerthermostaat vraag om "koelen", maar het schakeltijdprogramme bevindt zich in de verlagingsfase, buitentemperatuur is te laag).Ingestelde bedrijfsmodus controllerenOpvraagparameters controlleren.Instellingen van datum, tijdstip en schakeltijdprogramma aan de regeling controlleren.
De koelmiddelcompressor werkt niet.Bij een geïnstalleerde aanjaagverwarmer (EKBUxx): Controlleren of de aanjaagverwarmer de retourtemperatuur tot minstens 15 °C verwarmt (bij een lage retourtemperatuur gebruik de warmtepomp eerste de aanjaagverwarmer om deze minimale retourtemperatuur te bereiken).Voedingsspanning van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) controleren.Thermoveiligheidsschakelaar (STB) van de aanjaagverwarmer (EKBUxx) is geactiveerd. Ontgrendelen.
Installatie staat in de modus "Verwarmen". Modus wijzigen in "koelen".
Buitentemperatuur < 4 °CDe warmtepomp is automatisch naar de bedrijfsmodus "Verwarmen" overgeschakeld om bij een verdere daling van de buitentemperatuur de vorstbescherming te kunnen verzekeren. Geen ruimtekoeling mogelijk.
Koelvermogen bij ruimtekoeling te laagDe waterdoorstroming is te laag.Inspecteer of alle afsluitkranen van de watercirculatie volledig zijn geopendInspecteer of waterfilters misschien verontreinigd zijn.Inspecteer of het expansievat defect is.Verwarmingsinstallatie en circulatiepomp in het apparaat volledig ontluchten.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info” controleren of er voldoende waterdruk (>0,5 bar) aanwezig is en eventueel verwarmingswater bijvullen.Controleren of de weerstand in de waterkring niet te hoog is voor de pomp (zie "Technische gegevens").
Waterhoeveelheid in de verwarmingsinstallatie te klein.Voordruk in het expansievat en de waterdruk controleren en eventueel verwarmingswater bijvullen en voordruk opnieuw instellen (zie hoofdstuk 7.4).
Koelmiddelhoeveelheid in de verwarmingsinstallatie te klein of te groot.Oorzaken voor te kleine of te grote koelmiddelhoeveelheid in het koelmiddelcircuit bepalen.Bij een te kleine koelmiddelhoeveelheid het koelmiddelcircuit op lekkage controleren, herstellen en koelmiddel bijvullen.Bij een te grote koelmiddelhoeveelheid het koelmiddel recycleren en de installatie opnieuw met de correcte hoeveelheid vullen.
Storing MogelijkeoorzaakMogelijke oplossing
Circulatiepomp in het apparaat maakt overma-tig sterke bedrijfsgeluidenLucht in de watercirculatie.Verwarmingsinstallatie en circulatiepomp in het apparaat volledig ontluchten.
Geluidsontwikkeling door trillingen.Daikin Altherma EHS(X/H), en componenten hiervan, alsook de afdekkingen, op correcte bevestiging controleren.
Lagerschade aan de circulatiepomp in het apparaatPomptoerentals verminderen (parameters [Min Performance] en [Max Performance]).Circulatiepomp in het apparaat vervangen.
De waterdruk op de pompaanvoer is te laag.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info" i) controlleren, of er voldoende waterdruk (>0,5 bar) aanwezig is.Controleren of de manometer goed werkt (aansluiting van een externe manometer).Voordruk in het expansievat en de waterdruk contro-leren en eventueel verwarmingswater bijvullen en voordruk opnieuw instellen (zie hoofdstuk 7.4).
De veiligheidoverdruk-klep lekt of staat perma-nent openHet expansievat is defect.Het expansievat vervangen.
Waterdruk in de verwarmingsinstallatie is te hoog.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info" i) controlleren of de waterdruk onder de aangegeven maximumdruk ligt. Eventueel water aflaten tot de druk zich in het middelste toegelaten bereik bevindt.
De veiligheidoverdrukklep klemt.De veiligheidoverdrukklep controlleren en eventueel vervangen.- De rode knop op de veiligheidoverdrukklep in tegenwijzerrichting verdraaien. Wanneer een klapp-perend geluid te horen is, moet de veiligheidover-drukklep worden vervangen.

Tab. 8-1 Mogelijke storingen aan de Daikin Altherma EHS(X/H)

8.3 Foutcodes

DAIKIN EHSXB04P30BA - Foutcodes - 1

Bij alle storingen/foutmeldingen op grond van mogelijk defecte voelers/sensoren, in principe voor vervanging, alle bijhorende aansluitingskabels, verbindingsdelen (correcte positie van de stekkers) en de schakelplaten controleren.

Onderdeelindeling: zie afb. 3-1 tot afb. 3-5 en afb. 8-4

CODE Storing /foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
Schermntern
E9001 80Stor. retour. sensor Retourtemperatuursensor t R2Sensor of verbindingskabel defect.Controleren, vervangen.
E9002 81Storing aanvoer-sensorAanvoertemperatuursensor t_V1 of t_V, BH Sensor of verbindingskabel defect.Controleren, vervangen.
E9003 89Fout vorstbeschermingsfunctiePlaatwarmtewisselaar (PWT)Meetwaarde t_V1 < 0 °C– Uitvallen van de vorstbeschermingsfunctie voor de plaat-warmtewisselaar op grond van een te lage waterdoorstro-ming. Zie foutcode E9004 / 7H.– Uitvallen van de vorstbeschermingsfunctie voor de plaat-warmtewisselaar op grond van ontbrekend koelmiddel in de installatie. Zie foutcode E9015 / E4.

8 Fouten, storingen en meldingen

CODE Storing /foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
SchermIntern
E9004 7HStoringdebiet DebietsensorFLSWaterdoorstroming is te laag of zelfs helemaal niet aanwezig.Vereiste minimale waterdoorstroming:- Bedrijfsmodus "Verwarmen": 600 l/h-Bedrijfsmodus "koelen": 840 l/h-Automatische ontdooifunctie ( ) actief: 1020 l/hDe onderstaande punten controleren:Alle afsluitkranen van de watercirculatie moeten volledig zijn geopend.Optionele waterfilters mogen niet verontreinigd zijn.Verwarmingsinstallatie moet binnen haar bedrijfsbereik draaien.Verwarmingsinstallatie en circulatiepomp in het apparaat moeten volledig ontlucht zijn.Aan de regeling (draaischakelaarpositie "Info" i) controlleren, of er voldoende waterdruk (>0,5 bar) aanwezig is.Werking van het 3-wegs-omschakelventiel 3UVB1 contro-leren (daadwerkelijke positie van 3UVB1 vergelijken met de weergegeven positie BPV in de parameter [Overzicht]).Treedt deze fout bij het ontdooien in de bedrijfsmodus ruimteverwarming of warmwaterbereiding op? Bij optionele reservewarmteopwekker: de voeding hiervan en zekeringen controleren.Zekeringen in de regelingbehuizing van de Daikin Altherma EHS(X/H) controlleren (pompzekering (FU1) op schakelplaat A1P en printplaatzekering (F1) op schakel- plaat RoCon BM1).Debietsensor FLS op vervuiling en werking controleren en eventueel reinigen, vervangen.
E9005 8FAanvoertemperatuur t_V, BH >75 °C Aanvoertemperatuursensor t_V, BH Aanvoertemperatuur aanjaagverwarmer ( t_V, BH ) is te hoog.- Aanvoertemperatuursensor geeft foute waarden, tempe-ratuursensor of verbindingskabel defect.Controleren, vervangen.- Contactprobleem A1P-brug op X3A.
E9006 8HAanvoertemperatuur t_V, BH >65 °C Aanvoertemperatuursensor t_V, BH
E9007 A1IG hoofdplatine defectPrintplaat A1PCommunicatie tussen warmtepompbuitentoestel en warmte-pompbinnentoestel verstoord.- Elektromagnetische invloeden.Reset doorvoeren.- Schakelplaat A1P defect.Schakelplaat A1P vervangen.
E9008 A5Koelmiddeltemperatuur buiten het geldige bereikTemperatuurvoeler (vloestof-zijde koelmiddel) t_L2 Geen warmteafname aan de plaatwarmtewisselaar.Doorstroming controleren.Als de doorstroming in orde is, dan de koelmiddeltempe-ratuurvoeler vervangen.
E9009 AASTB-storing platine A1POptie: STB aanjaaverwarmer (EKBUxx)Thermoveiligheidsschakelaar (STB) van de aanjaagver-warmer (EKBUxx) is geactiveerd.Aanjaagverwarmer (EKBUxx) vervangen.
E9010 AGBrug opBrug van de aanslutingsbus "X21A" op platine A1P ontbreekt.Brugstekker steken.
E9011 C0Storing FlowsensorDebietsensor FLSDebietsensor FLS defect.Debietsensor FLS vervangen.
E9012 C4Storing aanvoer-sensorAanvoertemperatuursensor t_V1 of t_V, BH Meetwaarde buiten het toegelaten waardebereik. Sensor of verbindingskabel defect.Controleren, vervangen.
E9013 E1SchermnternAG hoofdplatine defectHoofdplatine warmtepomp-buitentoestel-Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.- Ventilatormotor defect.Controleren, vervangen.
E9014 E3Overdruk koelmid-delHogedrukschakelaar S1PH in het koelmiddelsysteemDe druk in het koelmiddelsysteem is te hoog.- Hogedrukschakelaar S1PH of ventilatormotor defect.● Controleren, vervangen.- Slecht contact van de bedrading.- Doorstroming in de verwarmingsinstallatie te laag.- Toegevoegde koelmiddelhoeveelheid te groot.● Controleren, vervangen.- Serviceventiel in het warmtepompbuitentoestel niet geopend.● Serviceventiel openen.
E9015 E4Onderdruk koel-middelDruksensor S1NPH in het warmtepompbuitentoestelDruk in het koelmiddelsysteem te laag.- Koelmiddelhoeveelheid te klein.- Controleren, oorzaak verhelpen, koelmiddel bijvullen.- Druksensor S1NPH in het warmtepompbuitentoestel defect.- Temperatuursensor lamellen-warmtewisselaar R4T in het warmtepompbuitentoestel defect.- Magneetventiel in het warmtepompbuitentoestel opent niet.- Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.● Controleren, vervangen.
E9016 E5Lastbescher.comp.Elektronische overbelastings-beveiliging in de koelmiddel-compressorOverbelastingsbeveiliging van de koelmiddelcompressor is geactiveerd. Te hoog drukverschil in het koelmiddelcircuit tus- sen de hoge- en de lagedrukzijde (>26 bar).- Koelmiddelcompressor defect.- Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.- Bedrading koelmiddelcompressor / omkeerplaat, slecht contact.- Toegevoegde koelmiddelhoeveelheid te groot.● Controleren, vervangen.- Serviceventiel in het warmtepompbuitentoestel niet geopend.● Serviceventiel openen.
E9017 E7Ventilator geblok-keerdVentilatormotor in het warm-tepompbuitentoestel- Een ventilator in de buitenwarmtepomp is geblokkeerd.● Ventilator op vervuiling of blokkering controleren en eventueel reinigen en vrij maken.- Ventilatormotor defect.- Bedrading ventilatormotor, slecht contact.- Overspanning aan de ventilatormotor.- Zekering in het warmtepompbuitentoestel defect.- Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.● Controleren, vervangen.
E9018 E9Expansieklep ElektronischeexpansieklepDe elektronische expansieklep in het warmtepompbuitentoestel is defect, vervangen.
E9019 E0Warmwatertempe-ratuur >85 °CBoilertemperatuursensor t_DHW2 De boilertemperatuursensor t_DHW2 geeft een temperatuur-waarde > 85 °C.Sensor of verbindingskabel defect.● Controleren, vervangen.
E9020 F3Overtemp. ver-damperUitlaattemperatuursensor (verbrandingsgassensor)R2T aan de koelmiddelcom- pressor van het warmtepomp-buitentoestel te hoog- Uitlaattemperatuursensor R2T aan de koelmiddelcom- pressor of de verbindingskabel defect.- Koelmiddelcompressor defect.● Controleren, vervangen.
E9021 H3HPS-SysteemHogedrukschakelaar S1PH in het warmtepompbuitentoestel- Hogedrukschakelaar S1PH defect.- Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.- Bedrading, slecht contact.● Controleren, vervangen.

8 Fouten, storingen en meldingen

CODE Storing / foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
SchermIntern
E9022 H9StoringAT-sensorBuitentemperatuursensor R1T in het warmtepompbuitentoestelSensor of verbindingskabel defect. • Controleren, vervangen.
E9023 HCStoring opslagvat-sensorBoilertemperatuursensor t_DHW2
E9024 J1DruksensorDruksensor S1NPH in het warmtepompbuitentoestel
E9025 J3Stor. retour.sensorUitlaattemperatuursensor R2T in het warmtepompbuitentoestel
E9026 J5Stor. aanzuigbuis-sen.Aanzuigtemperatuursensor R3T in het warmtepompbuitentoestel
E9027 J6Aircoil-sensor defrostTemperatuursensor lamellen-warmtewisselaar R5T in het warmtepompbuitentoestel
E9028 J7Aircoil-sensor temp.Temperatuursensor lamellen-warmtewisselaar R4T in het warmtepompbuitentoestel (alleen bij 11-16 kW instal-latie)
E9029 J8Stor. koudesensor AGTemperatuursensor vloeistof-zijde R6T in warmtepompbuitentoestel
CODE Storing /foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
Schermntern
E9030 L4Defect elektrischTemperatuursensor R10T op omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel (alleen bij 11-16 kW instal-latie)Overtemperatuur in het warmtepompbuitentoestel– Zeer hoge buitentemperatuur.– Ontoereikende koeling van de omkeerplaat.– Luchtaanzuiging vervuild/geblokkeerd.– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.– Temperatuursensor op omkeerplaat defect, stekkerver-binding X111A niet correct.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9031 L5Elektrische componenten overspanningsfouta) Als de storing <15x optreedt, wordt de werking van de DaikinAltherma EHS(X/H) toch gegarandeerd.→ Sporadische meldingen tijdens de voortdurende zelf-controle van het toestel• Geen verdere actie nodig.b) Als de storing 15x optreedt, werkt ze vergrendelend en kan ze de volgende oorzaken hebben:– Actuele netoverspanning.– Koelmiddelcompressor geblokkeerd of defect.– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.– Bedrading, slecht contact.– Serviceventiel in het warmtepompbuitentoestel niet geopend.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9032 L8Elektrische componenten– Koelmiddelcompressor defect.– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.• Controleren, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9033 L9– Koelmiddelcompressor geblokkeerd of defect.– Voor de staart van de koelmiddelcompressor, te hoog drukverschil tussen de hoge- en de lagedrukzijde.– Serviceventiel in het warmtepompbuitentoestel niet geopend.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9034 LΦCommunicatiestoring - interne communicatie in het warmtepompbuitentoestel verstoord.– Elektromagnetische invloeden.• Reset doorvoeren.– Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.– Ventilatormotor defect.– Bedrading, slecht contact.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9035 P1AG hoofdplatine defectOmkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel– Geen voedingsspanning van de netaansluiting.– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9036 P4Defect elektrischTemperatuursensor R10T op omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel (alleen bij 11-16 kW instal-latie)Overtemperatuur in het warmtepompbuitentoestel– Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.– Temperatuursensor op omkeerplaat defect, stekkerver-binding X111A niet correct.• Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.• Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9037 PJInstelling vermogenVermogensinstelling voor het warmtepompbuitentoestel foutiefVakman van Daikin contacteren.

8 Fouten, storingen en meldingen

CODE Storing /foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
Schermntern
E9038 U0Koelmiddel lekSensoren en parameterinstellingen in het warmtepompbuitentoestelKoelmiddelverlies.- Koelmiddelhoeveelheid te klein. Zie foutcode E9015 / E4.- Verstopping of lekkage in de koelmiddelleiding.Controleren, oorzaak verhelpen, koelmiddel bijvullen.
E9039 U2Onder/overspanningNetspanning buiten het toegelaten bereik-Sporadische fout kort na een stroomuitval.Geen foutverhelping noodzakelijk.- Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.Controleren, vervangen.Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E9041 U4OverdrachtsstoringElektrische componentenCommunicatie tussen warmtepompbuitentoestel en warmtepombinnentoestel verstoord.- Bedrading of aansluitingen, slecht contact.- Geen warmtepompbuitentoestel aangesloten.- Schakelplaat A1P defect.- Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.Controleren, vervangen.
E9042 U5Communicatie tussen schakelplaat A1P en RoCon BM1 verstoord.Zie foutcode E200.
E9043 U7Communicatie tussen hoofdplaat en omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel verstoord.- Hoofdplatine in het warmtepompbuitentoestel defect.- Omkeerplaat in het warmtepompbuitentoestel defect.- Bedrading, slecht contact.Controleren, oorzaak verhelpen, vervangen.
E9044 UAConfiguratie van de schakelplaat A1P past niet bij het warmtepompbuitentoestelSchakelplaat A1P vervangen.Eventueel de servicevakman van Daikin contacteren.
E75 —Fout buitentemperatuurvoelerBuitentemperatuurvoeler t_AU (RoCon OT1)Optionele buitentemperatuurvoeler RoCon OT1 defect of niet aangesloten.Controleren, vervangen.Als er geen buitentemperatuurvoeler is aangesloten, instelling van de parameter [Outside Config] controleren.
E76 —Storing boilertemperatuursensorBoilertemperatuursensor t_DHW1 Boilertemperatuursensor t_DHW1 of verbindingskabel defect of niet aangesloten.Controleren, vervangen.Instelling [Storage Config] controleren.
E81 —Communication outCAN-moduleSchakelplatine RoCon BM1Parameterarchief in de EEPROM vertonen storingen.Vakman van Daikin contacteren.
E88 — Schakelplatine RoCon BM1Storing van parameteropslag op het externe flashgeheugen.Vakman van Daikin contacteren.
E91 — AangeslotenBusidentificatie van een CAN-module dubbel aanwezig, een-duidig databusadres instellen.
E128 —Storing retourtemperatuursensorRetourtemperatuursensor t_R1 Retourtemperatuursensor t_R1 in de debietsensor FLS of ver-bindingskabel defect.Controleren, vervangen.
E129 — Fout druksensor Druksensor DSDruksensor DS defect.Controleren, vervangen.
CODE Storing /foutmeldingModule/aanduiding Oorzaken en mogelijke foutverhelping
Schermntern
E198 —Doorstromingsmeting niet plausibelDebietsensor FLS,3-wegs-omschakelventiel 3UVB1De storing treedt op als het 3-wegs-omschakelventiel 3UVB1 zich in de positie Bypass bevindt en de circulatiepomp in het apparaat draait, maar er een te lage volumestroom wordt ge-meten.Vereiste minimale waterdoorstroming:- Bedrijfsmodus "Verwarmen": 600 l/h- Bedrijfsmodus "koelen": 840 l/h- Automatische ontdooifunctie ( ) actief: 1020 l/h-Lucht in de verwarmingsinstallatie.● Ontluchten.- Circulatiepomp in het apparaat draait niet.● Elektrische aansluiting en de regelinginstellingen controleren. Bij defecte circulatiepomp, deze vervangen.- Debietsensor FLS vervuild, verstopt.● Controleren, reinigen.- Debietsensor FLS defect.- Ventielaandrijving 3-wegs-omschakelventiel 3UVB1 defect.● Controleren, vervangen.
E200 —Communicatiefout Elektrische componentenCommunicatie tussen RoCon BM1 en schakelplaat A1P is verstoord.- Bedrading of aansluitingen, slecht contact.● Controleren, vervangen
E8005 —Waterdruk in de verwarmingsinstal-latie te laagDruksensor DSWaterdruk lager dan de toegelaten minimale waarde.- Te weinig water in de verwarmingsinstallatie.● Verwarmingsinstallatie op lekkage controleren, water bijvullen.- Druksensor DS defect.● Controleren, vervangen.
E8100 —Communicatie Elektrische componentenInitialisatie na de start van de warmtepomp mislukt.Schakelplaat A1P defect.● Controleren, vervangen.
E9000 —Interne tijdelijke meldingNiet relevant voor het beoogde gebruik van de installatie.
W8006 —Waarschuwing drukverliesDruksensor DSWaarschuwingsmelding: Maximaal toegelaten drukverlies overschreden.Te weinig water in de verwarmingsinstallatie.● Verwarmingsinstallatie op lekkage controleren, water bijvullen.
W8007 —Waterdruk in de verwarmingsinstal-latie te hoogWaarschuwingsmelding: Waterdruk heeft de toegelaten maximale waarde overschreden.- Membraanexpansievat defect of foutieve voordruk inge-steld.● Controleren, vervangen.- Instelling van de parameter [Max. druk] te laag.● Eventueel parameter instellen. Als de instelling correct is,→ water aflaten om de installatiedruk te verlagen.

Tab. 8-2 Foutcodes op de regeling van de Daikin Altherma EHS(X/H)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Foutcodes - 2

Maximaal draaimoment van de temperatuursensor in acht nemen (zie hoofdstuk 10.3 "Draaimomenten").

DAIKIN EHSXB04P30BA - Foutcodes - 3

flowchart
graph TD
    A["House"] --> B["R1T"]
    B --> C["R5T"]
    C --> D["c"]
    D --> E["R4T"]
    E --> F["b"]
    F --> G["e"]
    G --> H["f"]
    H --> I["e"]
    I --> J["R6T"]
    J --> K["g"]
    K --> L["a"]
    L --> M["Power Supply"]
    M --> N["Ground"]
    N --> O["S1PH"]
    O --> P["R2T"]
    P --> Q["k"]
    Q --> R["S1NPH"]
    R --> S["i"]
    S --> T["R3T"]
    T --> U["h"]
    U --> V["o"]
    V --> W["R10T"]

Afb. 8-4 Onderdelen in het warmtepompcircuit (vereenvoudigd schema)

a Plaat-warmtewisselaar (condensator)
b Ventilatormotor
c Lamellen-warmtewisselaar (verdamper)
e Filter
f Elektronische expansieklep
g Serviceventiel (vloeistofleiding)
h Serviceventiel met onderhoudsaansluiting (gasleiding)
i Accumulator
k Koelmiddelcompressor
n 4-wegs-omschakelventiel (—> Verwarmen, ⋯> koelen)
o Omkeerplaat
R1T Buitentemperatuursensor
R2T Uitlaattemperatuursensor (koelmiddelcompressor)
R3T* Aanzuigtemperatuursensor (koelmiddelcompressor)
R4T* Temperatuursensor lamellen-warmtewisselaaringang
R5T Temperatuursensor lamellen-warmtewisselaarmidden
R6T* Temperatuursensor vloeistofleiding (t L2)
R10T* Temperatuursensor op omkeerplaat
S1PH Hogedrukschakelaar
S1NPH Druksensor
* Alleen bij 11-16 kW warmtepompbuitentoestellen.

Tab. 8-3 Legenda bij afb. 8-4

8.4 Controle en configuratie DIP-schakelaar

DAIKIN EHSXB04P30BA - Controle en configuratie DIP-schakelaar - 1

WAARSCHUWING!

Stroomgeleidende onderdelen kunnen bij aanraking tot een elektrische schok leiden en zo levensgevaarlijk letsel en brandwonden veroorzaken.

- Voor werken aan onder stroom staande onderdelen, alle stroom- kringen van de installatie van de stroomvoeding scheiden (externe hoofdschakelaar uitschakelen, zekering scheiden) en tegen onbedoeld opnieuw inschakelen beveiligen.

• Installatie spanningsvrij schakelen.
- Regelingsbehuizing openen en schakeplaat RoCon BM1 uitnemen (zie hoofdstuk 4.5.7).
- DIP-schakelaarinstelling op de printplaat A1P van de Daikin Altherma EHS(X/H) controleren en evt. instellen (zie tab. 8-4).

De fabrieksinstelling mag pas worden gewijzigd als er bijvoorbeeld een optioneel toebehoren werd aangesloten.

- Schakelplaat RoCon BM1 opnieuw plaatsten, regelingbehuizing sluiten en spanningsvoorziening opnieuw tot stand brengen.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

Instellingen van de DIP-schakelaar worden pas herkend na een korte onderbreking van de spannings- voorziening.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 2

DIP-schakelaarsNr.Omschrijving Fabrieksin-stelling
SS21Niet wijzigen.Uit
2WarmwaterbereidingAan
3 Continuloop pomp*Uit
4Niet wijzigen.Uit

* Als de verwarmingscirculatiepomp in het apparaat in continuloop moet worden bediend, moet ze via een afzonderlijke aansluitkabel (1400132) op de schakelplaat A1P, stekker X17A worden aangesloten).
Tab. 8-4 DIP-schakelaarinstellingen

8.5 Noodbedrijf

Bij foutieve instellingen van de elektronische regeling kan een verwarming in noodbedrijf worden gehandhaafd door aan de regeling de speciale functie "Manueel" te activeren (zie bedieningshandleiding van de regeling).

Bij intacte 3-wegs-omschakelventielen schakelt de Daikin Altherma EHS(X/H) naar verwarmingsbedrijf. De gewenste toevoertemperatuur kan worden aangepast met de draaischakelaar.

9 Hydraulische systeemkoppeling

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulische systeemkoppeling - 1

WAARSCHUWING!

In het voorraadvat kunnen hoge temperaturen optreden. Bij de warmwaterinstallatie moet u letten op voldoende bescherming tegen brandwonden (bijv. automatische warmwatermeng-voorziening).

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 1

Ter vermijding van warmteverlies voor zwaartekracht- stromingen kunnen de Daikin-apparaten optioneel met circulatieremmen uit kunststof worden uitgerust. Deze zijn geschikt voor bedrijfstemperaturen van maxi- mum 95 °C en voor de inbouw in alle warmtewisselaar- aansluitengen aan de kant van de boiler (buiten de warmtewisselaar voor het vullen van de boiler van het onder druk staand zonne-energiesysteem).

Voor de componenten die zijn aangesloten op de warmtewisselaar voor het vullen van de boiler van het onder druk staand zonne-energiesysteem, moeten meegeleverde geschikte circulatieremmen worden ge-enstalleerd.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 2

Onderstaand is een selectie van de meest toegepaste installatieschema's opgenomen. Deze installatie-schema's dienen als voorbeeld. Ze vervangen in geen geval een zorgvuldige planning van de installatie. Meer schema's en informatie met betrekking tot de elektrische aansluiting vindt u op de startpagina van Daikin.

DAIKIN EHSXB04P30BA - WAARSCHUWING! - 3

flowchart
graph TD
    A["EHS157068"] --> B["MIX"]
    B --> C["PMi"]
    C --> D["H2"]
    D --> E["5"]
    E --> F["H1"]
    F --> G["MK1/MK2"]
    G --> H["FLS"]
    H --> I["Tv"]
    I --> J["SK"]
    J --> K["Tk"]
    K --> L["8"]
    L --> M["TK"]
    M --> N["3UVB1"]
    N --> O["RoCon HP"]
    P["DHW"] --> Q["VS"]
    Q --> R["PZ"]
    R --> S["7a"]
    S --> T["7a"]
    T --> U["tDHW"]
    U --> V["Ts"]
    V --> W["1"]
    W --> X["TR"]
    X --> Y["Altherma EHS(X/H)"]
    Z["C"] --> AA["V"]
    AA --> AB["ERLQ"]
    AB --> AC["10"]
    AC --> AD["MAG"]
    AD --> AE["SAS1"]
    AE --> AF["4"]
    AF --> AG["3"]
    AG --> AH["PWT"]
    AH --> AI["P"]
    AI --> AJ["7a"]
    AJ --> AK["1"]
    AK --> AL["tDHW"]
    AL --> AM["Ts"]
    AM --> AN["1"]
    AN --> AO["TR"]
    AO --> AP["Ps"]
    AP --> AQ["EKSRPS4A"]
    AQ --> AR["RoCon HP"]
    AS["SW"] --> AT["TV"]
    AT --> AU["TK"]
    AU --> AV["TK"]
    AW["CW"] --> AX["T1"]
    AX --> AY["7"]
    AY --> AZ["7a"]
    AZ --> BA["PZ"]
    BA --> BB["7a"]
    BB --> BC["DHW"]
    BC --> BD["2"]
    BD --> BE["VS"]
    BE --> BF["2"]
    BF --> BG["PWT"]
    BG --> BH["P"]
    BH --> BI["7a"]
    BI --> BJ["tDHW"]
    BJ --> BK["Ts"]
    BK --> BL["TR"]
    BL --> BM["Ps"]
    BM --> BN["EKSRPS4A"]

Afb. 9-1 Daikin Altherma EHS(X/H) (alle types) met Drainboiler-zonne-energiesysteem (legende zie tab. 9-1)

9 Hydraulische systeemkoppeling

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulische systeemkoppeling - 1

flowchart
graph TD
    A["ERLQ"] --> B["EHS157068"]
    B --> C["MIX"]
    C --> D["H2"]
    D --> E["H1"]
    E --> F["SAS1"]
    F --> G["t_AU"]
    G --> H["t_AU"]
    H --> I["3UVB1"]
    I --> J["3UV DHW"]
    J --> K["EKBUxx"]
    K --> L["RoCon HP"]
    L --> M["t_DHW"]
    M --> N["Altherma EHS(X/H)"]
    N --> O["SAK2"]
    O --> P["P_W2"]
    P --> Q["RPWT1"]
    Q --> R["TMV"]
    R --> S["P_W1"]
    S --> T["W_EX max: 8kW"]
    U["DHW"] --> V["Pz"]
    V --> W["VS"]
    W --> X["7a"]
    X --> Y["7a"]
    Y --> Z["1"]
    Z --> AA["SV"]
    AA --> AB["CW"]
    AB --> AC["1"]
    AC --> AD["2"]
    AD --> AE["9"]
    AE --> AF["10"]
    AF --> AG["t_AU"]
    AG --> AH["t_AU"]
    AH --> AI["4"]
    AI --> AJ["MAG"]
    AJ --> AK["3UVB1"]
    AK --> AL["3UV DHW"]
    AL --> AM["EKBUxx"]
    AM --> AN["RoCon HP"]

Afb. 9-2 Daikin Altherma EHS(X/H)..P50B met houtketel < 8 kW zonder zonne-energieondersteuning (legenda zie tab. 9-1)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Hydraulische systeemkoppeling - 2

flowchart
graph TD
    A["ERLQ"] --> B["EHS157068"]
    B --> C["MIX"]
    C --> D["PIMI"]
    D --> E["H2"]
    E --> F["H1"]
    F --> G["FLS"]
    G --> H["Tv"]
    H --> I["SK"]
    I --> J["Tk"]
    J --> K["TK"]
    K --> L["tAu"]
    M["DHW"] --> N["Pz"]
    N --> O["VS"]
    O --> P["PWT"]
    P --> Q["3UVB1"]
    P --> R["3UV DHW"]
    P --> S["EKBUxx"]
    P --> T["RoCon HP"]
    U["C"] --> V["V"]
    V --> W["E"]
    W --> X["ERLQ"]
    Y["SW"] --> Z["SV"]
    AA["TC"] --> AB["TR"]
    AC["SAK2"] --> AD["Ps"]
    AE["AK"] --> AF["PWT"]
    AG["ELT"] --> AH["TS"]
    AI["TEF"] --> AJ["TEF"]
    AK["TEF"] --> AL["TEF"]
    AM["WEX max: 8kW"] --> AN["≤85°C"]
    AO["MAG"] --> AP["Pw1"]
    AQ["3UVB1"] --> AR["EKBUxx"]
    AS["3UV DHW"] --> AT["EKBUxx"]
    AU["RoCon HP"] --> AV["EKBUxx"]
    AW["TEF"] --> AX["EKGSRPS4A"]
    AY["TS"] --> AZ["EKGSRPS4A"]
    BA["PWT"] --> BB["EKGSRPS4A"]

Afb. 9-3 Daikin Altherma EHS(X/H)B..P50B met houtketel < 8 kW en DrainBack-zonne-energiesysteem p=0 (legenda zie tab. 9-1)

Verkorte benamingOmschrijving
1 Koudwaterdistributienet
2 Warmwaterdistributienet
3 Voeding ruimteverwarming
4 Retour ruimteverwarming
5 Mengcircuit (optie)
6 Circulatie (optie)
7 Terugslagklep, voorkomt terugstroming
7a Circulatieremmen
8 Zonne-energiecircuit
9 Gasleiding (koelmiddel)
10 Vloeistofleiding (koelmiddel)
3UVB13-wegs-omschakelventiel (intern warmtegeneratorcircuit)
3UV DHW3-wegs-omschakelventiel (warm water/verwarming)
EKBUxx Aanjaagverwarmer
BV Overstroomklep
C Koelmiddelcompressor
CW Koud tapwater
DHW Warm tapwater
E Expansieklep
FLGFlowGuard-regelklep met doorstromingsweergave
FLSFlowSensor - debiet- en aanvoertemperatuurmeting zonne-energiesysteem
H_1,H_2 H_m Verwarmingscircuits
MAG Membraanexpansievat
MIX Driewegmenger met aandrijfmotor
MK1 Mengergroep met hoogvermogenspomp
MK2Mengergroep met hoogvermogenspomp (PWM-gestuurd)
P_MI Mengcircuitpomp
P_S Zonneënergie-bedrijfspomp p=0
P_W1 Pomp primaire kring W_EX
P_W2 Pomp secundaire kring W_EX
P_Z Circulatiepomp
PWT Plaatwarmtewisselaar (condensator)
RoCon HP Regeling voor Daikin Altherma EHS(X/H)
EHS157068 Regeling mengerkring
EKSRPS4ARegelings- en pompeenheid zonne-installatie p=0
RPWT1 Plaatwarmtewisselaar
ERLQWarmtepompbuitentoestel
SAK2Boilervatkoppeling (houtketel)
SAS1Slib- en magneetafscheider
SK Collectorveld zonne-energiesysteem
SV Veiligheidsoverdrukklep
t_AU Buitentemperatuursensor RoCon OT1 (zie hoofdstuk 4.5.9)
t_DHW Opslagtemperatuursensor (warmteopwekker)
t_MI Aanvoertemperatuursensor mengcircuit
T_K Zonne-energie temperatuursensor collector
Verkorte benamingOmschrijving
T_R Zonne-energie temperatuursensor retour
T_S Zonne-energie temperatuursensor boiler
T_V Solaris aanvoertemperatuursensor
TMVThermostatische 3-wegklep voor temperatuur-verhoging retour
V Ventilator (verdamper)
VS Bescherming tegen brandwonden VTA32
W_EX Externe warmwateropwekker

Tab. 9-1 Afkortingen in hydraulische schema's

Type Daikin Altherma EHS(X/H)04P30B 08P30B B04P30B B08P30B
Kan worden gebruikt met een buitenwarmtepompERLQ004CA V3ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ004CA V3ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3
Maten en gewichten Eenheid
Afmetingen (L x B x D) cm 180 x 61,5 x 59,5
Ledig gewicht kg 84 89
Hoofdcomponenten
Circulatiepomp water-verwarmingType — Grundfos UPM3K 25-75 CHBL RT
Toerentaltredentraploos (PWM)
SpanningV230
FrequentieHz50
Beschermklasse —IP 42
Nominaal vermogen maximaalW45
Warmtewisselaar (water/koelmiddel)Type — Edelstalen platenwarmeopwekker
IsolatieEPP
Voorraadvat
Inhoud van het voorraadvat totaalliter294
Maximaal toelaatbare watertemperatuur in met voorraadvat°C85
Waakstandwarmtecapaciteit bij 60°CkWh/24h1,3
Warmtewisselaar voor drinkwater (roestvrij staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter27,1
Maximale bedrijfsdrukbar6
Oppervlak warmtewisselaar tapwaterm25,8
Warmtewisselaar opwarming voor-raadvat (roestvast-staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter13,2
Oppervlak warmtewisselaarm22,7
Warmtewisselaar onder druk staand zonne-energiesysteem (roestvrij staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter4,2
Oppervlak warmtewisselaarm20,8
Verwarmingstechnische prestatiegegevens 1)Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (12 l/min.) (TS=50°C)liter184 (153)
Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (TS=60°C)liter282 (252)
Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (12 l/min.) (TS=65°C)liter352 (321)
Heropwarmingstijd bij taphoeveelheid van:140 l = 5820 Wh (∅ ligbad)90 l = 3660 Wh (∅ Douchetapdebiet)min.9055453090554530
PijpleidingaansluitingenKoud- en warmwaterinch1" AG
Voeding-en retourleiding van de ver-warminginch1" IG
Aansluitingen zonne-energiesysteemp=0inch1" IG
+p+inch3/4" IG + 1" AG
TypeDaikin Altherma EHS(X/H)
04P30B08P30BB04P30BB08P30B
Koelmiddelcircuit
Aantal circuits — 1
PijpleidingaansluitingenAantal — 2
VloeistofleidingType — Kraagverbinding
Buiten-∅ inch1/4" AG
GasleidingType — Kraagverbinding
Buiten-∅ inch5/8" AG
Bedrijfsgegevens
BedrijfsgebiedAanvoertemperatuur voor ruimteverwarming en -koelingVerwarmen (min./max.)°C15 tot 55
Koelen (min/max)°C 5 tot 22
Warmwaterbereiding (met EKBUxx)Verwarmen (min./max.)°C 25 tot 80
GeluidspiekGeluidsdruk dBA 39
Geluidsdruk 2)dBA 28
Elektrische gegevens
VoedingFasen — 1
Spanning V 230
SpanningbereikVSpanning ±10%
FrequentieHz 50
Netaansluiting3)Daikin Altherma EHS(X/H), Schakelplaat RoCon BM13G
Communicatie buitenapparaat warm-tepomp <> Daikin Altherma EHS(X/H), schakelplaat A1P3G
Warmtepompbuitentoestel— 3G
Optionele extra ver-warmingBack-upverwar-ming (EKBUxx)3G (1-fasig) / 5G (3-fasig)
TypeDaikin Altherma EHS(X/H)
04P30B08P30BB04P30BB08P30B
Prestatiegegevens
Type buitenwarmtepomp:ERLQ004CA V3ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ004CA V3ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3
Nominaal verwarmingsvermogen A-7/W35 kW 4,26 5,14 / 5,53 4,26 5,14 / 5,53
Nominaal verwarmingsvermogen A2/W35 kW 3,47 4,6 / 5,51 3,47 4,6 / 5,51
Nominaal verwarmingsvermogen A7/W35 kW 4,53 6,06 / 7,78 4,53 6,06 / 7,78
Nominaal verwarmingsvermogen A10/W35 kW 5,2 6,6 / 8,4 5,2 6,6 / 8 4
Nominaal koelvermogen A35/W18 KW 4,42 5,22 / 5,22 4,42 5,22 / 5,22
Nominaal koelvermogen A35/W7 KW 4,03 4,64 / 4,64 4,03 4,64 / 4,64
Nominale COP A-7/W35 2,85 2,73 / 2,78 2,85 2,73 / 2,78
Nominale COP A2/W35 4,07 3,64 / 3,54 4,07 3,64 / 3,54
Nominale COP A7/W35 5,23 4,65 / 4,6 5,23 4,65 / 4,6
Nominale COP A10/W35 5,53 4,95 / 4,9 5,53 4,95 / 4,9
Nominale EER A35/W18 21 3,65 / 3,65 4,21 3,65 / 3,65
Nominale EER A35/W72,85 2,512,51 2,85 2,51/ 2,51
Max. verwarmingsvermogen A-7/W35kW 4,65,3 / 6,4 4,6 5,3 / 6,4
Max. verwarmingsvermogen A2/W35kW 4,86,4 / 7,7 4,8 6,4 / 7,7
Max. verwarmingsvermogen A7/W35kW5,18,4 / 10,25,18,4 / 10,2
Max. verwarmingsvermogen A10/W35kW5,28,8 / 10,55,28,8 / 10,5
Max. koelvermogen A35/W18kW 5,97,3 / 8,4 5,9 7,3 / 8,4
Max. koelvermogen A35/W7kW 4,55,5 / 6,4 4,5 5,5 / 6,4

1) T_CW Koudwatertemperatuur = 10°C

T_DHW Taptemperatuur warm water = 40°C

T_S Opgeslagen gewenste temperatuur (oplaadtoestand voor aftap)

Tab. 10-1 Basisgegevens Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B

2) Bij een gebruiksafstand van 1 m.

3) Aantal afzonderlijke aders in de aansluitkabel nulleider inbegrepen. De sectie van de afzonderlijke aders is afhankelijk van de stroombelasting, de lengte van de aansluitkabel en de toepasselijke wettelijke bepalingen.

10.1.2 Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B

Type Daikin Altherma EHS(X/H)08P50B 16P50B B08P50BB16P50B
Kan worden gebruikt met een buitenwarmtepompERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ011CA (V3/W1)*/ ERLQ014CA (V3/W1)*/ ERLQ016CA (V3/W1)*ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ011CA (V3/W1)*/ ERLQ014CA (V3/W1)*/ ERLQ016CA (V3/W1)*
Maten en gewichten Eenheid
Afmetingen (L x B x D) cm 180 x 79 x 79
Ledig gewicht kg 111 116 113 118
Hoofdcomponenten
Circulatiepomp water-verwarmingType — Grundfos UPM3K 25-75 CHBL RT
Toerentaltredentraploos (PWM)
SpanningV230
FrequentieHz50
BeschermklasseIP 42
Nominaal vermogen maximaal W45
Warmtewisselaar (water/koelmiddel)Type — Edelstalen platenwarmteopwekker
IsolatieEPP
Voorraadvat
Inhoud van het voorraadvat totaalliter477
Maximaal toelaatbare watertemperatuur in met voorraadvat°C85
Waakstandwarmtecapaciteit bij 60°CkWh/24h1,4
Warmtewisselaar voor drinkwater (roestvrij staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter29
Maximale bedrijfsdrukbar6
Oppervlak warmtewisselaar tapwaterm26,0
Warmtewisselaar opwarming voor-raadvat (roestvast-staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter12,117,412,117,4
Oppervlak warmtewisselaarm22,53,52,53,5
Warmtewisselaar onder druk staand zonne-energiesysteem (roestvrij staal 1.4404)Waterinhoud warmtewisselaarliter —9,3
Oppervlak warmtewisselaarm21,7
Verwarmingstechnische prestatiegegevens 1)Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (12 l/min.) (TS=50°C)liter364 (318)328 4)(276 4)324 (282)288 4)(240 4)
Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (TS=60°C)liter540 (494)492 (444)
Warmwaterhoeveelheid zonder naverwarming bij tapsnelheid 8 l/min. (12 l/min.) (TS=65°C)liter612 (564)560 (516)
Heropwarmingstijd bij taphoeveelheid van:140 l = 5820 Wh (∅ ligbad)90 l = 3660 Wh (∅ Douchetapdebiet)min.4530251745302517
PijpleidingaansluitingenKoud- en warmwaterinch1" AG
Voeding-en retourleiding van de verwarminginch1" IG
Aansluitingen zonne-energiesysteeminch1" IG
inch3/4" IG + 1" AG
TypeDaikin Altherma EHS(X/H)
08P50B16P50BB08P50BB16P50B
Koelmiddelcircuit
Aantal circuits — 1
PijpleidingaansluitingenAantal — 2
VloeistofleidingType — Kraagverbinding
Buiten-∅ inch1/4" AG3/8" AG3/8" AG
GasleidingType — Kraagverbinding
Buiten-∅ inch5/8" AG
Bedrijfsgegevens
BedrijfsgebiedAanvoertemperatuur voor ruimteverwarming en -koelingVerwarmen (min/max)°C15 tot 55
Koelen (min/max)°C 5 tot 22
Warmwaterbereiding (met EKBUxx)Verwarmen (min/max)°C 25 tot 80
GeluidspiekGeluidsdruk dBA 39
Geluidsdruk^2) dBA28322832
Elektrische gegevens
VoedingFasen— 1
SpanningV230
SpanningbereikVSpanning ±10%
FrequentieHz50
Netaansluiting^3) Daikin Altherma EHS(X/H), Schakelplaat RoCon BM13G
Communicatie buitenapparaat warmtepomp <> Daikin Altherma EHS(X/H), schakelplaat A1P3G
Warmtepompbuitentoestel3G3G (ERLQ...V3) / 5G (ERLQ...W1)3G3G (ERLQ...V3) / 5G (ERLQ...W1)
Optionele extra ver-warmingBack-upverwar-ming (EKBUxx)3G (1-fasig) / 5G (3-fasig)
Prestatiegegevens
Type buitenwarmtepomp:ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ011CA (V3/W1)*/ ERLQ014CA (V3/W1)*/ ERLQ016CA (V3/W1)*ERLQ006CA V3/ERLQ008 CAV3ERLQ011CA (V3/W1)*/ ERLQ014CA (V3/W1)*/ ERLQ016CA (V3/W1)*
Nominaal verwarmingsvermogen A-7/W35kW5,29 / 5,536 / 8,3 / 85,29 / 5,536 / 8,3 / 8
Nominaal verwarmingsvermogen A2/W35kW4,6 / 5,517,7 / 9,6 / 10,14,6 / 5,517,7 / 9,6 / 10,1
Nominaal verwarmingsvermogen A7/W35kW6,06 / 7,7811,8 / 14,8 / 15,36,06 / 7,7811,8 / 14,8 / 15,3
Nominaal verwarmingsvermogen A10/W35kW6,6 / 8,411,5 / 14,5 / 16,16,6 / 8,411,5 / 14,5 / 16,1
Nominaal koelvermogen A35/W18kW5,22 / 5,2210,6 / 10,6 / 10,65,22 / 5,2210,6 / 10,6 / 10,6
Nominaal koelvermogen A35/W7kW4,46 / 4,6411,7 / 12,6 / 13,14,46 / 4,6411,7 / 12,6 / 13,1
Nominale COP A-7/W352,73 / 2,782,45 / 2,58 / 2,442,73 / 2,782,45 / 2,58 / 2,44
Nominale COP A2/W353,64 / 3,543,29 / 3,22 / 3,153,64 / 3,543,29 / 3,22 / 3,15
Nominale COP A7/W354,65 / 4,64,38 / 4,27 / 4,14,65 / 4,64,38 / 4,27 / 4,1

* Omwille van landspecifiek verschillende aansluitvoorwaarden worden in bepaalde landen niet alle apparaten aangeboden.
1) T_CW Koudwatertemperatuur = 10°C T_DHW Taptemperatuur warm water = 40°C T_S Opgeslagen gewenste temperatuur (oplaadtoestand voor aftap)
2) Bij een gebruiksafstand van 1 m.

Tab. 10-2 Basisgegevens Daikin Altherma EHS(X/H)...P50B

3) Aantal afzonderlijke aders in de aansluitkabel nulleider inbegrepen. De sectie van de afzonderlijke aders is afhankelijk van de stroombelasting, de lengte van de aansluitkabel en de toepasselijke wettelijke bepalingen.

4) Warmwateropslag alleen voorzien van een warmtepomp zonder back-up-verwarming.

10.2 Karakteristieken

10.2.1 Sensorkarakteristieken

Temperatuursensor
Gemeten temperatuur in °C
-20-100102030405060708090100110120
Sensorweerstand in kOhm volgens norm of opgave door de fabrikant
t_DHW2 NTC811,5480,6293,2183,8118,277,752,335,825,117,812,99,57,1
t_Au (RoCon OT1), t_DHW1 NTC98,6656,2533,2120,2412,718,205,423,662,531,781,280,930,690,520,36
t_Au (R1T) NTC197,8112,065,840,025,016,110,67,25,03,52,5— —
t_V1, t_V,BH, t_R2 NTC197,80120,0065,8439,9124,9516,0410,587,144,773,192,361,741,331,070,84
FLS-sensor (doorstroom/temperatuur)
FLS (t_R1/V1) V1Gemeten debiet in l/mi
10,020,030,040,050,060,070,080,0
Uitgangsfrequentie sensor in Hz
(14 - 229 Hz)285481108135162188215
t_R1 Gemeten temperatuur in °C
10,020,030,040,050,060,070,080,090,0
Sensorweerstand in Ohm
(Pt 1000)1039 1077 1116 1155 1194 1232 1270 1308 1347

Tab. 10-3 Sensortabel Daikin Altherma EHS(X/H)
Maximaal aanhaalmoment van de sensor =10 Nm.

DAIKIN EHSXB04P30BA - Sensorkarakteristieken - 1

line | t / °C | Rs / kΩ (tDHW2 / NTC) | Rs / kΩ (tV1; tR2; tV,BH / NTC) | | ------ | --------------------- | -------------------------------- | | -20 | 4500 | 250 | | 0 | 1500 | 100 | | 20 | 500 | 50 | | 40 | 200 | 20 | | 60 | 100 | 10 | | 80 | 50 | 5 | | 100 | 20 | 2 | | 120 | 10 | 1 | | 140 | 5 | 0.5 |

R_S Sensorweerstand (NTC)
t Temperatuur
t_DHW2 Boilertemperatuursensor
t_R2 Retourtemperatuursensor
t_V1 Aanvoertemperatuursensor
t_V,BH Aanvoertemperatuursensor aanjaagverwarmer
Afb. 10-1 Karakteristieken NTC-temperatuurvoeler Daikin Altherma EHS(X/H) - Teil 1

DAIKIN EHSXB04P30BA - Sensorkarakteristieken - 2

line | t / °C | Rs / kΩ | | ------ | ------- | | -20 | 90 | | 0 | 30 | | 20 | 15 | | 40 | 5 | | 60 | 2 | | 80 | 1 | | 100 | 0.5 | | 120 | 0 |

R_S Sensorweerstand (NTC)
t Temperatuur
t_AU Buitentemperatuursensor RoCon OT1
t_DHW1 Boilertemperatuursensor
Afb. 10-2 Karakteristieken NTC-temperatuurvoeler Daikin Altherma EHS(X/H) - Teil 2

DAIKIN EHSXB04P30BA - Sensorkarakteristieken - 3

line | m/ l/min | f / Hz | | -------- | ------ | | 10 | 20 | | 20 | 50 | | 30 | 80 | | 40 | 100 | | 50 | 130 | | 60 | 160 | | 70 | 190 | | 80 | 220 | | 85 | 230 |

f Frequentie
m Doorstroom
Afb. 10-3 Karakteristieken van de doorstroomsensor FLS (V1) Daikin Altherma EHS(X/H)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Sensorkarakteristieken - 4

line | t / °C | Rs / Ω | | ------ | ------ | | -20 | 900 | | 0 | 1000 | | 20 | 1100 | | 40 | 1200 | | 60 | 1300 | | 80 | 1400 | | 100 | 1500 | | 120 | 1600 |

R_S Sensorweerstand (Pt 1000))
t Temperatuur
t_R1 Retourtemperatuursensor in de doorstromingsmeter
Afb. 10-4 Kenlijn van de retourtemperatuursensor in de doorstromings-sensor FLS (t _R1 ) Daikin Altherma EHS(X/H)

DAIKIN EHSXB04P30BA - Sensorkarakteristieken - 5

p Waterdruk
U Spanning
Afb. 10-5 Karakteristieken druksensor (DS) Daikin Altherma EHS(X/H)

10.2.2 Pompkarakteristieken

DAIKIN EHSXB04P30BA - Pompkarakteristieken - 1

line | m_H / L/h | Δ p_R / mbar (50%) | Δ p_R / mbar (75%) | Δ p_R / mbar (100%) | | --------- | ------------------ | ------------------ | ------------------- | | 0 | 250 | 500 | 650 | | 500 | 230 | 480 | 630 | | 1000 | 200 | 450 | 600 | | 1500 | 150 | 400 | 550 | | 2000 | 100 | 350 | 500 |

P_R Restopvoerhoogte interne circulatiepomp verwarming m_H Doorstroom verwarmingsinstallatie
Afb. 10-6 Restopvoerhoogte interne circulatiepomp verwarming Daikin Altherma EHS(X/H)...P30B en Daikin Altherma EHS(X/H)(B)08P50B met verwarmingsondersteunende warmtewisselaar

DAIKIN EHSXB04P30BA - Pompkarakteristieken - 2

line | m_H / L/h | Δ p_R / mbar | | --------- | ------------ | | 0 | 250 | | 500 | 230 | | 1000 | 200 | | 1500 | 150 | | 2000 | 100 | | 2500 | 50 |

P_R Restopvoerhoogte interne circulatiepomp verwarming m_H Doorstroom verwarmingsinstallatie
Afb. 10-7 Restopvoerhoogte van de interne circulatiepomp verwarming Daikin Altherma EHS(X/H)(B)16P50B met verwarmingsondersteunende warmtewisselaar

10.3 Draaimomenten

Onderdeel GrootteschroefdraadKoppel
Temperatuursensor ALLE max.10 Nm
Hydraulische leidingaansluitingen (water)1" 25 tot30 Nm
Aansluitingen gasleiding (koelmiddel)5/8" 63 tot75 Nm
Aansluitingen vloeistofleiding (koelmiddel)1/4" 15 tot17 Nm
Aansluitingen vloeistofleiding (koelmiddel)3/8" 33 tot40 Nm
Aanjaagverwarmer 1,5" max.10 Nm(vast met hand)

Tab. 10-4 Draaimomenten

10.4 Schakelschema Daikin Altherma EHS(X/H)
DAIKIN EHSXB04P30BA - Draaimomenten - 1

text_image Power surge category III V3 1~230V L N RCD (FI) Fuse 16A Pz AB M 3UVB1 3UV DHW A1P max. 250V 15W EHS157034 EHS157068 FLS (tR1/V1) EXT EBA SG tAu tDHW1 HT/NT RT RT-E 230V 400V V3 1~230V Power surge category III W1 3~400V RCD (FI) L1 L2 L3 N PE L1 L2 L3 N PE Fuse 20A ERLO 4-8 kW L N PE 11-16 kW L1 L2 L3 N PE Q1 I-V I- L1 L2 L3 XAG1 COM PE N X19A A1P X1A X18A X4A X2A TRA1 X5A X6A X7A X8A X9A X3A X21A tV1 tV,BH tR2 tL2 tDHW2 Power surge category III V3 1~230V W1 3~400V L1 L2 BU BU BU BU BU BU BU RCD (FI) Fuse 16A J6 J14 J2 J12 J3 J13 J9 J8 J16 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V 230V J15 F1 T 6,3 H 250 V RoCon BM1 J1 P L1 N PE J10 J4 J17 RJ45 CAN S3 S5 J5 J7 J11 ROCon B1 DS PWM GND (P) RS485-B RS485-A EKBUXx X BBUH1 T1 T2 PE N T3 N on off S3 S5 on off S3 S5

Afb. 10-8 Schakelplan Daikin Altherma EHS(X/H) - Legenda zie tab. 4-3

11 Notities

12 Trefwoordenlijst

Numerics

3-wegs-omschakelventiel ..... 54

A

Elektrische aansluiting ..... 31

Aansluiting aan sanitairzijde ..... 8

Aanvullingswater 23

Afvoer 47

B

Bedrijfsonderbreking Definitief 47

Tijdelijk 45

Bedrijfsveiligheid 5

Bijvulwater 7

Buitenbedrijfstellen 45

C

Circulatiepomp Minimumdoorstroming ..... 43

Ontluchten 42

Circulatierem 14

Continue gebruikstemperatuur .... 25

D

Debiet 57

DIP-schakelaar 66

Documenten, welke eveneens van toepassing zijn .... 3

EBA (externe behoefteaanvraag) .. 30

Eerste inbedrijfstelling .....41

Elektrische aansluiting ..... 25

Aanjaagverwarmer .... 31

Aansluitschema's 26

Belangrijke opmerkingen ..... 6

Kamerstation 34

Kamerthermostaat 33

Mengermodule 34

Schakelcontact (AUX-uitgang) . . . 35

Spaarstroomaansluiting ..... 35

Symbolen, afkortingen ..... 36

Ventilatorconvector 34

Warmtepompbuitentoestel ..... 29

Externe warmwateropwekker ..... 32

F

Fouten en storingen Foutcodes .... 59 Storingen .... 56

H

Hardheid water 23

Hydraulische aansluiting Aansluitingen ..... 9, 16, 17

Aansluitvoorbeelden 67

Belangrijke opmerkingen ..... 7

Installatie 21

|

Inbedrijfstelling 41

Regeling 41

Vloerfunctie 43

K

Kamerstation 34

Kamerthermostaat 33

KFE-vulaansluiting ..... 45, 53

Koelmiddelleidingen aanleggen ... 39

L

Login van vakman 42

M

Meldingen 55

Mengermodule 34

Netaansluiting voor spaarstroom (HT/NT)....35 Noodbedrijf....66

0

Oliehefboog 39

Onderhoud 49

Ontluchtingsfunctie 54

Opbouw en onderdelen .....9

Opnieuw in bedrijf stellen ..... 44

Opstellingsruimte van het apparaat . 6

P

Plaatsing 18

Pompkarakteristieken ..... 77

Printplaten 27

R

Regelingsbehuizing openen ..... 29

RESET 56

s

Schakelschema 78

Sensorkarakteristieken ..... 75

Smart Grid - SG 36

Storingen 55

T

Pompkarakteristieken ..... 77

Sensorkarakteristieken ..... 75

V

Vakmancode 42

Veiligheidsvoorzieningen 9

Ventielaandrijving 54

Verklaring van de pictogrammen ... 4

Verwarmingsondersteuning ..... 32

Vorstgevaar 45

Vuilfilter 21

Vulaansluiting 45

Vulprocedure

Verwarmingsinstallatie ..... 40, 53

Voorraadvat 40,52

Vulwater 7,23

W

Warmtepompbuitentoestel .....25

Elektrische aansluiting .....29

Toelaatbare combinaties .....5

Watertekortbeveiliging .....23

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DAIKIN

Model : EHSXB04P30BA

Categorie : Ketel