DEWALT DCMCS575 - Zaag

DCMCS575 - Zaag DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DCMCS575 DEWALT in PDF-formaat.

📄 208 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice DEWALT DCMCS575 - page 99

Gebruikersvragen over DCMCS575 DEWALT

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DCMCS575 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DCMCS575 van het merk DEWALT.

GEBRUIKSAANWIJZING DCMCS575 DEWALT

Nederlands (vertaald vanuit de originele instructies) 97

Hartelijk gefeliciteerd!

U hebt gekozen voor een DEWALT gereedschap. Jarenlange ervaring, grondige productontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een van de betrouwbaarste partners voor gebruikers van professioneel gereedschap.

Technische gegevens

DCMCS574 DCMCS575
Spanning VDC54 54
Type 1 1
Accutype Li-Ion Li-Ion
Lengte zwaard cm 45 50
Maximale kettingsnelheid (onbelast) m/s 15 15
Maximale lengte zaagsnede cm 40 45
Olie-inhoud ml 115115
Gewicht (zonder accu)kg55,7

Geluidswaarden en/of vibratiewaarden (triax-vectorsom) volgens EN60745-2-13:2009 + A1:2010:

L_PA (emissie geluidsdrukniveau)dB (A)8383
L_WA (geluidsvermogensniveau)dB (A)99100
K (onzekerheid voor het gegeven geluidsniveau)dB (A)1,82
Vibratie-emissiewaarde a_h = m/s^2 54,1
Onzekerheid K = m/s^2 1,51,5

Het vibratie- en/of lawaai-emissieniveau dat in dit informatieblad wordt gegeven, is gemeten in overeenstemming met een gestandaardiseerde test die wordt gegeven in EN62841 en u kunt ermee het ene gereedschap met het andere vergelijken. Het kan worden gebruikt voor een eerste inschatting van blootstelling.

WAARSCHUWING: Het verklaarde vibratie- en/of lawaai-emissieniveau geldt voor de hoofdtoepassingen van het gereedschap. Als het gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, dan wel met andere accessoires of slecht wordt onderhouden, kan de vibratie- en/ of lawaai-emissie verschillen. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen gedurende de totale werkperiode. Een inschatting van het blootstellingsniveau aan vibratie en/of lawaai moet ook worden overwogen wanneer het gereedschap wordt uitgeschakeld of als het aan staat maar geen daadwerkelijke werkzaamheden uitvoert. Dit kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verminderen gedurende de totale arbeidsduur.

Kijk naar aanvullende veiligheidsmaatregelen voor het beschermen van de gebruiker tegen de effecten of vibratie en/of lawaai, zoals: onderhoud het gereedschap en de accessoires goed, houd de handen warm (relevant voor vibraties), organisatie van werkpatronen.

EG-conformiteitsverklaring

Machinerichtlijn

DEWALT DCMCS575 - Machinerichtlijn - 1

54V Kettingzaag DCMCS574, DCMCS575

DEWALT verklaren dat de producten die worden beschreven onder Technische Gegevens voldoen aan: 2006/42/EC, EN62841-1:2015, EN62841-4-1:2020.

2000/14/EC, Bijlage V

L_WA (gemeten geluidsvermogenniveau) 99 dB(A) (DCMCS574)/100 dB(A) DCMCS575, Onzekerheid (K)

1.8 dB(A) (DCMCS574)/2.0 dB(A) DCMCS575, L_WA (gegarandeerd geluidsvermogen) 102 dB(A)

Deze producten voldoen ook aan Richtlijn 2014/30/EU en 2011/65/EU. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT op het volgende adres, of kijk op de achterzijde van deze handleiding.

Ondergetekende is verantwoordelijk voor de compilatie van het technische bestand en doet deze verklaring namens DEWALT.

DEWALT DCMCS575 - 54V Kettingzaag DCMCS574, DCMCS575 - 1

text_image M. Rengel

Markus Rompel Vicepresident Engineering, PTE-Europe DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11, 65510, Idstein, Duitsland 15.10.2021

DEWALT DCMCS575 - 54V Kettingzaag DCMCS574, DCMCS575 - 2

WAARSCHUWING: Lees de instructiehandleiding om het risico op letsel te verminderen.

Definities: Veiligheidsrichtlijnen

De definities hieronder beschrijven de ernstgraad voor elk signaalwoord. Gelieve de handleiding te lezen en op deze symbolen te letten.

GEYAAR: Wijst op een dreigende gevaarlijke situatie dejndien niet vermeden, zal leiden tot de dood of ernstige verwondingen.

WAARSCHUWING: Wijst op een mogelijk gevaarlijke svolde die, indien niet vermeden, zou kunnen leiden tot de dood of ernstige letsels.

VOORZICHTIG: Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie, dan niet vermeden, kan leiden tot kleine of matige letsels.

Accu's Laders/Laadtijden (Minuten)**
Cat # VDCAh Gewicht (kg)DCB104 DCB107 DCB112 DCB113 DCB115 DCB116 DCB117 DCB118 DCB132
DCB54618/546,0/2,01,086027017014090804060
DCB54718/549,0/3,01,4675*420270220135*110*6075*
DCB54818/5412,0/4,01,4612054035030018015080120
DCB54918/5415,0/5,02,1212573045038023017090125

OPMERKING: Geeft een handeling aan waarbij geen persoonlijk letsel optreedt die, indien niet voorkomen, schade aan goederen kan veroorzaken.

DEWALT DCMCS575 - Definities: Veiligheidsrichtlijnen - 1

op risico van een elektrische schok.

DEWALT DCMCS575 - Definities: Veiligheidsrichtlijnen - 2

op brandgevaar.

ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR ELEKTRISCH GEREEDSCHAP

vengheidswaarschuwingen, instructies, illustraties en specificaties die bij dit gereedschap zijn

meegeleverd. Het niet opvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel.

BEWAAR ALLE WAARSCHUWINGEN EN INSTRUCTIES ALS

TOEKOMSTIG REFERENTIEMATERIAAL

De term „elektrisch gereedschap“ in de waarschuwingen verwijst naar uw (met een snoer) op de netspanning aangesloten elektrische gereedschap of naar (draadloos) elektrisch gereedschap met een accu.

1) Veiligheid Werkplaats

a) Houd het werkgebied schoon en goed verlicht. Rommelige of donkere gebieden zorgen voor ongelukken.
b) Bedien elektrische gereedschappen niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen kunnen doen ontbranden.
c) Houd kinderen en omstanders op een afstand terwijl u een elektrisch gereedschap bedient. Als u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen.

2) Elektrische Veiligheid

a) Stekkers van elektrisch gereedschap moeten in het stopcontact passen. Pas de stekker nooit op enige manier aan. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaard elektrisch gereedschap. Niet aangepaste stekkers en passende contactdozen verminderen het risico op een elektrische schok.
b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlaktes zoals buizen, radiatoren, fornuizen

en ijskasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok als uw lichaam geaard is.

c) Stel elektrisch gereedschap niet bloot aan regen of natte omstandigheden. Als er water in een elektrisch gereedschap terecht komt, verhoogt dit het risico op een elektrische schok.
d) Behandel het stroomsnoer voorzichtig. Gebruik het stroomsnoer nooit om het elektrische gereedschap te dragen of te trekken, of de stekker uit het stopcontact te halen. Houd het snoer uit de buurt van warmte, olie, scherpe randen, of bewegende onderdelen. Beschadigde snoeren of snoeren die in de war zijn verhogen het risico op een elektrische schok.
e) Als u een elektrisch gereedschap buitenshuis gebruikt, gebruikt u een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een verlengsnoer dat geschikt is voor buitenshuis, vermindert het risico op een elektrische schok.
f) Als het gebruik van een elektrisch gereedschap op een vochtige locatie onvermijdelijk is, gebruikt u een stroomvoorziening die beveiligd is met een aardlekschakelaar. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico op een elektrische schok.

3) Persoonlijke Veiligheid

a) Blijf alert, kijk wat u doet en gebruik uw gezonde verstand als u een elektrisch gereedschap bedient. Gebruik het gereedschap niet als u vermoeid bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicatie bent. Een moment van onoplettendheid tijdens het bedienen van elektrische gereedschappen kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
b) Gebruik een beschermende uitrusting. Draag altijd oogbescherming. Beschermende uitrusting zoals een stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, een helm, of gehoorbescherming gebruikt in de juiste omstandigheden zal het risico op persoonlijk letsel verminderen.
c) Vermijd onbedoeld starten. Zorg ervoor dat de schakelaar in de 'off' (uit) stand staat voordat u het gereedschap aansluit op de stroombron en/ of accu, het oppakt of ronddraagt. Het ronddragen van elektrische gereedschappen met uw vinger op de schakelaar of het aanzetten van elektrische gereedschappen waarvan de schakelaar aan staat, zorgt voor ongelukken.

d) Verwijder alle stelsleutels of moersleutels voordat u het elektrische gereedschap aan zet. Een moersleutel of stelsleutel die in een ronddraaiend onderdeel van het elektrische gereedschap is achtergelaten kan leiden tot persoonlijk letsel.
e) Rek u niet te ver uit. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan. Dit zorgt voor betere controle van het elektrische gereedschap in onverwachte situaties.
f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sieraden of lang haar kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
g) Als er in apparaten wordt voorzien voor het aansluiten van stofverwijdering- of verzamelapparatuur, zorg er dan voor dat deze correct worden aangesloten en gebruikt. Het gebruik van een stofverzamelaar kan aan stof gerelateerde gevaren verminderen.
h) Denk niet dat u, doordat u het gereedschap veel hebt gebruikt, het allemaal wel weet en dat u de veiligheidsbeginselen kunt negeren. Een onvoorzichtige actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolg hebben.

4) Gebruik en Verzorging van Elektrisch Gereedschap

a) Forceer het gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrische gereedschap voor uw toepassing. Het juiste elektrische gereedschap voert de werkzaamheden beter en veiliger uit waarvoor het is ontworpen.
b) Gebruik het gereedschap niet als de schakelaar het niet aan en uit kan zetten. leder gereedschap dat niet met de schakelaar kan worden bediend is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
c) Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu, als deze kan worden losgenomen, uit het elektrisch gereedschap en voer daarna pas aanpassingen uit, wissel daarna pas accessoires of berg daarna pas het gereedschap op. Dergelijke preventieve veiligheidsmaatregelen verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart.
d) Bewaar gereedschap dat niet wordt gebruikt buiten het bereik van kinderen en laat niet toe dat personen die onbekend zijn met het elektrische gereedschap of deze instructies het gereedschap bedienen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk in handen van ongetrainde gebruikers.
e) Onderhoud elektrische gereedschappen. Controleer op verkeerde uitlijning en het grijpen van bewegende onderdelen, breuk van onderdelen en andere omstandigheden die de werking van het gereedschap nadelig kunnen beïnvloeden. Zorg dat het gereedschap voor gebruik wordt gerepareerd als het beschadigd is. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden gereedschap.

f) Houd snijdgereedschap scherp en schoon. Correct onderhouden snijdgereedschappen met scherpe snijdranden lopen minder snel vast en zijn gemakkelijker te beheersen.
g) Gebruik het elektrische gereedschap, de accessoires en gereedschapsonderdelen enz. in overeenstemming met deze instructies, waarbij u rekening houdt met de werkomstandigheden en de werkzaamheden die dienen te worden uitgevoerd. Gebruik van het elektrische gereedschap voor werkzaamheden die anders zijn dan het bedoelde gebruik, kunnen leiden tot een gevaarlijke situatie.
h) Houd de handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, droog, schoon en vrij van olie en vet. Door gladde handgrepen en oppervlakken die u beet pakt, kan veilig werken en bedienen van het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk worden.

5) Gebruik en Verzorging van Gereedschap op Accu

a) Gebruik alleen de lader die door de fabrikant wordt opgegeven. Een lader die geschikt is voor één accutype, kan een risico op brand veroorzaken indien gebruikt met een andere accu.
b) Gebruik elektrische gereedschappen uitsluitend met speciaal omschreven accu's. Gebruik van andere accu's kan leiden tot letsel en brandgevaar.
c) Als de accu niet in gebruik is, dient u deze uit de buurt te houden van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding van het ene contactpunt met het andere kunnen maken. Het kortsluiten van de accucontactpunten samen kan brandwonden of brand veroorzaken.
d) Als het gereedschap te zwaar wordt belast, kan er vloeistof uit de accu lekken; vermijd contact hiermee. Als u per ongeluk hier toch mee in contact komt, spoelt u met water. Als de vloeistof in contact met de ogen komt, dient u daarnaast medische hulp in te roepen. Vloeistof afkomstig uit de accu kan irritatie of brandwonden veroorzaken.
e) Werk niet met een accu of met gereedschap dat beschadigd is of waaraan wijzigingen zijn aangebracht. Beschadigde of gemodificeerde accu's kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen dat kan leiden tot brand, explosie of een risico van letsel.
f) Stel een accu of gereedschap niet bloot aan open vuur of uitzonderlijk hoge temperatuur. Brand of een temperatuur boven de 130 °C kunnen de accu doen exploderen.
g) Volg alle instructies voor het opladen en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat in de instructies wordt opgegeven. Door op onjuiste wijze opladen of opladen bij een temperatuur buiten het opgegeven bereik kan de accu beschadigd raken en het risico van brand toenemen.

6) Service

a) Zorg dat u gereedschap wordt onderhouden door een erkende reparateur die uitsluitend identieke vervangende onderdelen gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van het gereedschap blijft gegarandeer.
b) Probeer nooit beschadigde accu's te repareren. De reparaties aan accu's mogen alleen worden uitgevoerd door de fabrikant of door geautoriseerde servicecentra.

Algemene veiligheidswaarschuwingen - Kettingzaag

a) Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de zaagketting wanneer de kettingzaag in bedrijf is. Controleer voor u de kettingzaag start dat de zaagketting niet ergens aanloopt. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van kettingzagen kan ertoe leiden dat kledingstukken of lichaamsdelen in de kettingzaag verstrikt raken.
b) Houd de kettingzaag altijd vast met uw rechterhand op de achterste handgreep en uw linkerhand op de voorste handgreep. Plaatst u uw handen anders op de kettingzaag, dan neemt het gevaar van lichamelijk letsel toe, en dat moet u dus nooit doen.
c) Houd het gereedschap alleen vast bij de geïsoleerde greepoppervlakken, omdat de kettingzaag met verborgen bedrading of het eigen snoer in aanraking kan komen. Wanneer een draad onder spanning met een kettingzaag wordt geraakt, kunnen onafgeschermde metalen onderdelen van het gereedschap onder spanning komen te staan en kunt u een elektrische schok krijgen.
d) Draag oogbescherming. Ook wordt het dragen van beschermende uitrusting voor hoofd, handen, benen en voeten aanbevolen. Een adequate beschermende uitrusting vermindert persoonlijk letsel door rondvliegende snippers of onbedoeld contact met de zaagketting.
e) Gebruik het gereedschap niet in een boom, op een ladder, vanaf het dak of enige andere instabiele ondersteuning. Het op deze manier gebruiken van een kettingzaag kan tot ernstig persoonlijk letsel leiden.
f) Zorg er altijd voor dat u stevig staat en gebruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stabiel, veilig en horizontaal vlak staat. Op gladde of instabiele oppervlakken kunt u uw evenwicht of de controle over de kettingzaag verliezen.
g) Wees erop bedacht dat takken die worden belast, kunnen terugveren wanneer u deze worden doorgezaagd. Zodra de spanning in de houtvezels vrijkomt, kunt u door de tak worden geraakt en/of kunt u de controle over de kettingzaag verliezen.
h) Ga zeer voorzichtig te werk bij het zagen van struikgewas of jong hout. Het dunne materiaal kan in de zaagketting vast komen te zitten en naar u toe zwiepen of u uw evenwicht doen verliezen.

i) Draag de kettingzaag aan de voorste handgreep, in uitgeschakelde toestand en van uw lichaam af gericht. Plaats altijd de kap over het zwaard wanneer u de kettingzaag vervoert of opbergt. Een juist gebruik van de kettingzaag verkleint de kans op een ongewild contact met de bewegende zaagketting.
j) Volg de instructies voor het smeren en spannen van de ketting en het vervangen van het zwaard en de ketting. Een onjuist gespannen of gesmeerde ketting kan breken en vergroot de kans op terugslag.
k) Zaag uitsluitend hout. Gebruik de kettingzaag niet voor doeleinden waarvoor deze niet is bedoeld. Gebruik de kettingzaag bijvoorbeeld niet voor het zagen van kunststof en metselwerk of van bouwmaterialen van een ander materiaal dan hout. Gebruik voor andere doeleinden dan waarvoor de kettingzaag is bedoeld, kan leiden tot gevaarlijke situaties.
1) Probeer geen boom te vellen voordat u volledig begrijpt welke risico's hieraan zijn verbonden en hoe u deze risico's kunt vermijden. Het vellen van een boom kan voor de gebruiker of omstanders tot ernstig letsel leiden.
m) Probeer geen boom te vellen voordat u volledig begrijpt welke risico's hieraan zijn verbonden en hoe u deze risico's kunt vermijden. Het vellen van een boom kan voor de gebruiker of omstanders tot ernstig letsel leiden.

Oorzaken en voorkoming van terugslag:

Er kan terugslag optreden wanneer de punt van het zwaard op een voorwerp stoot of het hout terugveert en de zaagketting in de zaagsnede klem komt te zitten.

Als de punt een voorwerp raakt, kan het zwaard plotseling omhoog en naar achter slaan in de richting van uw lichaam.

Wanneer de zaagketting aan de bovenzijde van het zwaard klem komt te zitten, kan het zwaard snel achterwaarts in de richting van deur gebruiken worden geduwd.

Elk van deze reacties kan u de controle over de kettingzaag doen verliezen en ernstig lichamelijk letsel tot gevolg hebben. Vertrouw niet uitsluitend op de ingebouwde veiligheidsvoorzieningen van de zaag. Als gebruiker van de kettingzaag kunt u ook zelf stappen ondernemen om ongevallen en letsel tijdens het werken met de zaag te voorkomen.

Terugslag is het gevolg van een verkeerd gebruik en/of onjuiste gebruiksomstandigheden van de kettingzaag en kan worden voorkomen door de juiste voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals die hieronder worden vermeld:

a) Blijf het gereedschap in een stevige greep houden, met uw duimen en vingers rond de handgrepen van de kettingzaag, met beide handen op de zaag en in een houding waarin u met uw lichaam en arm weerstand kunt bieden aan de krachten van terugslag. Met geschikte voorzorgsmaatregelen kunt u de terugslagkrachten onder controle houden. Laat de kettingzaag niet los.
b) Reik niet buiten uw macht en zaag niet boven schouderhoogte. Dit voorkomt onbedoeld contact met de

punt en zorgt ervoor dat u de kettingzaag in onverwachte situaties beter onder controle kunt houden.

c) Gebruik uitsluitend door de fabrikant genoemde vervangingsonderdelen. Onjuiste zwaarden en kettingen kunnen kettingbreuk en/of terugslag veroorzaken.

d) Volg voor de zaagketting de slijp- en onderhoudsinstructies van de fabrikant. Verkleining van de dieptemaat kan tot meer terugslag leiden.

Neem de volgende maatregelen om terugslag zoveel mogelijk te beperken:

  1. Houd de zaag in een stevige greep. Houd de kettingzaag stevig met beide handen vast wanneer de motor loopt. Houd de kettingzaag in een stevige greep met uw duimen en vingers rond de handgrepen. De kettingzaag zal zichzelf naar voren trekken wanneer u zaagt met de onderste rand van het zwaard, en zal zichzelf naar achteren duwen wanneer u zaagt met de bovenste rand van het zwaard.

  2. Reik niet buiten uw macht.

  3. Blijf altijd stevig en in balans op de grond staan.

  4. Laat niet de neus van het zwaard in contact komen met een houtblok, een tak, de grond of een ander obstakel.

  5. Zaag niet boven schouderhoogte.

  6. Gebruik voorzieningen zoals een ketting met geringe terugslag en zwaarden met verminderde terugslag, zodat er minder risico van terugslag is.

  7. Gebruik uitsluitend door de fabrikant aanbevolen vervangende zwaarden en kettingen of gelijkwaardige producten.

  8. Laat nooit de bewegende ketting in aanraking komen met een voorwerp op de punt van het zwaard.

  9. Houd de werkplek vrij van obstakels, zoals andere bomen, takken, stenen, schuttingen, boomstronken, enz. Ruim alle obstakels uit de weg, die de ketting van de zaag kan raken wanneer u bezig bent een blok of tak door te zagen.

  10. Houd de ketting van de zaag scherp en goed op spanning. Een losse of botte ketting kan de kans op terugslag doen toenemen. Controleer de spanning met regelmatige tussenpozen, zet daarvoor de motor stil en trek de stekker uit het stopcontact, doe het nooit terwijl de motor loopt.

  11. Zaag uitsluitend met de ketting draaiend op volle snelheid. Als de ketting op een lagere snelheid beweegt, is de kans dat terugslag optreedt groter.

  12. Zaag slechts één houtblok tegelijk.

  13. Ga zeer voorzichtig te werk wanneer u verder gaat zagen in een eerder gemaakte zaagsnede. Zet de stootrand met punten in het hout en ga pas zagen wanneer de zaagketting op volle snelheid is gekomen.

  14. Probeer niet invalzaagsneden uit te voeren of gaten te zagen.

  15. Wees erop bedacht dat houtblokken kunnen verschuiven en dat zich andere krachten kunnen voordoen die de zaagsnede dichtknijpen of het zaagwerk op een andere wijze belemmeren.

Veiligheidsvoorzieningen tegen terugslag

WAARSCHUWING: De volgende voorzieningen op de zoag helpen het gevaar van terugslag te beperken; maar dergelijke voorzieningen zullen deze gevaarlijke reactie van het gereedschap niet volledig voorkomen. Vertrouw als gebruiker van de kettingzaag niet uitsluitend op veiligheidsvoorzieningen. U moet alle veiligheidsmaatregelen, instructies en aanwijzingen voor het onderhoud in deze handleiding opvolgen, zodat terugslag en andere krachten die kunnen leiden tot ernstige letsel, zoveel mogelijk kunnen worden vermeden.

- Zwaard voor verminderde terugslag, ontworpen met een kleine radiale punt die de omvang van de gevarenzone voor terugslag verkleint. Een zwaard voor minder terugslag is één van de voorzieningen die naar is gebleken het aantal en de ernst van de gevallen van terugslag aanzienlijk heeft doen afnemen, bij tests op basis van de veiligheidsvereisten voor elektrische kettingzagen.

- Ketting voor geringe terugslag, ontworpen met een dieptemeter rondom en een beschermkapbevestiging die de kracht van de terugslag afwendt en de zaag geleidelijk in het hout laat dringen. Een ketting voor geringe terugslag is een ketting die voldoet aan de vereisten voor minder terugslag van ANSI B175.1–2012.

- Gebruik het gereedschap niet in een boom of op een ladder of een ander instabiel oppervlak.

- Houd het gereedschap vast aan geïsoleerde oppervlakken wanneer u een handeling uitvoert waarbij het gereedschap in contact kan komen met verborgen bedrading. Contact met een draad waar spanning op staat, zet de blootgestelde metalen onderdelen van het gereedschap onder spanning en maakt dat de gebruiker een schok krijgt.

- Probeer geen verrichtingen uit te voeren waarmee u geen ervaring heeft of die uw capaciteiten te boven gaan. Lees alle instructies in deze handleiding nauwgezet door zodat u ze volledig begrijpt.

- Controleer voor u de kettingzaag start dat de zaagketting niet ergens aanloopt.

- Werk niet met de kettingzaag met één hand! Werken met één hand kan ernstig letsel van de gebruiker, helpers of omstanders tot gevolg hebben. Een kettingzaag is uitsluitend bedoeld om met beide handen met dit apparaat te werken.

- Houd de handgrepen altijd droog, schoon en vrij van olie en vet.

- Laat geen stof, vuil of zaagsel zich ophopen op de motor of aan de buitenzijde van luchtopeningen.

- Zet de kettingzaag pas neer wanneer deze tot stilstand is gekomen.

- Gebruik de kettingzaag niet voor wijnranken en/of ander klein struikgewas.

- Ga uiterst voorzichtig te werk in struikgewas of jong hout, omdat dun materiaal in de zaagketting vast kan komen te zitten en naar u toe zwiepen of u uit evenwicht brengen.

Namen en termen voor een kettingzaag

- Zagen - Het proces van het in stukken zagen van een gevelde boom of een houtblok.

- Motorrem (indien voorzien) - Een voorziening voor het tot stilstand brengen van de kettingzaag wanneer de aan/uit-schakelaar wordt losgelaten.

- Aandrijfgedeelte kettingzaag - Een kettingzaag zonder zaagketting en zwaard.

- Aandrijfwiel of kettingwiel - Het getande gedeelte dat de zaagketting aandrijft.

• Vellen - Het proces van het omzagen van een boom.

- Zaagsnede tegenkant - De eindzaagsnede die wordt gemaakt aan de tegenovergestelde zijde van de inkeping.

- Voorste handgreep - De ondersteunende handgreep die zich aan of bij de voorzijde van de kettingzaag bevindt.

- Voorste handbeschermkap - Een structurele afscherming tussen de voorste handgreep van een kettingzaag en het zwaard, gewoonlijk dichtbij de handpositie op de voorste handgreep.

- Zwaard - Een stevige structuur met rails die de zaagketting ondersteunt en leidt.

- Schede van het zwaard - Afscherming die over het zwaard wordt geplaatst die aanraking met de tanden voorkomt wanneer de zaag niet wordt gebruikt.

- Terugslag - De achterwaartse of opwaartse beweging, of beide, van het zwaard, die optreedt wanneer de zaagketting bij de neus van het bovenste gedeelte van het zwaard in contact komt met een voorwerp, zoals een houtblok of tak, of wanneer het hout buigt en de zaagketting vast komt te zitten in de zaagsnede.

- Terugslag, beknelling - De snelle terugslag van de zaag die zich kan voordoen wanneer het hout buigtt en de bewegende zaagketting langs de bovenzijde van het zwaard in de zaagsnede vast komt te zitten.

- Terugslag, roterend - De snelle opwaartse en achterwaartse beweging van de zaag die zich kan voordoen wanneer de bewegende zaagketting bij het bovenste gedeelte van de punt van het zwaard in contact komt met een voorwerp, zoals een houtblok of tak.

- Snoeien - Het verwijderen van takken van een gevelde boom.

- Ketting voor geringe terugslag - Een ketting die voldoet aan de prestatievereisten voor terugslag van de ANSI B175.1–2012 (indien getest op een representatief exemplaar van de kettingzagen.)

- Normale zaagpositie - De posities die worden aangenomen bij het klein zagen of vellen van een boom.

- Inkeping - Een zaagsnede voor het maken van een inkeping in de stam, die de richting bepaalt waarin de boom valt.

- Achterste handgreep - De ondersteunende handgreep die zich aan of bij de achterzijde van de kettingzaag bevindt.

  • Zwaard voor verminderde terugslag - Een zwaard dat heeft bewezen aanzienlijk minder terugslag te geven.
  • Vervangende zaagketting - Een ketting die voldoet aan de vereisten voor minder terugslag van ANSI B175.1–2012 bij tests op bepaalde kettingzagen. Mogelijk wordt niet voldaan aan de prestatievereisten van de ANSI bij gebruik op andere zagen.
  • Zaagketting - Een ronde ketting met zaagtanden die het hout zagen en die wordt aangedreven door de motor en ondersteund door het zwaard.
  • Geribbelde stootrand - Met behulp van de ribbels wordt bij het vellen of afzagen de zaag gedraaid en kan de zaag tijdens het zagen op z'n plaats worden gehouden.
  • Schakelaar - Een voorziening door middel waarvan een elektrisch voedingscircuit naar de motor van de kettingzaag tot stand wordt gebracht of wordt onderbroken.
  • Schakelverbinding - Het mechanisme dat beweging overbrengt van een aan/uit-schakelaar naar de schakelaar.
  • Schakelaarblokkering - Een beweegbare vergrendeling die ervoor zorgt dat de schakelaar pas wordt bediend wanneer de blokkering is opgeheven.

Overige risico's

Ondanks het toepassen van de relevante veiligheidsvoorschriften en het implementeren van veiligheidsvoorzieningen kunnen sommige overige risico's niet worden vermeden. Dit zijn:

  • Gehoorbeschadiging.
  • Risico op persoonlijk letsel door deeltjes die worden weggeslingerd.
  • Risico van brandwonden omdat accessoires tijdens het gebruik heet worden.
  • Risico van persoonlijk letsel als gevolg van langdurig gebruik.

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES

Laders

Laders van DEWALT vereisen geen aanpassingen en zijn ontworpen voor een zo eenvoudig mogelijk gebruik.

Elektrische veiligheid

De elektrische motor is slechts voor één voltage ontworpen. Controleer altijd dat het voltage van de accu overeenkomt met de voltage op het typeplaatje. Let er ook op dat het voltage van uw lader overeenkomt met dat van uw netstroomvoorziening.

DEWALT DCMCS575 - Elektrische veiligheid - 1

Deze DEWALT lader is dubbel geïsoleerd volgens EN60335; daarom is een aardedraad niet vereist. Als de voedingskabel is beschadigd mag

deze uitsluitend vervangen worden door DEWALT of een erkende serviceorganisatie.

Een verlengsnoer gebruiken

Gebruik alleen een verlengsnoer als het absoluut noodzakelijk is. Gebruik een goedgekeurd verlengsnoer dat geschikt is voor het ingangsvermogen van uw lader (zie Technische Gegevens). De minimumafmeting van de geleider is 1 mm ^2 ; de maximumlengte is 30 m.

Rol het snoer altijd volledig af, wanneer u een haspel gebruikt.

Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle acculaders

BEWAAR DEZE INSTRUCTIES: Deze handleiding bevat belangrijke instructies voor de veiligheid en voor de bediening van geschikte acculaders (raadpleeg Technische Gegevens).

- Lees voordat u de lader gebruikt, alle instructies en aanwijzingen voor de veiligheid op de lader, de accu en het product dat de accu gebruikt.

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Laat geen vloeistof in de lader dringen. Dit zou kunnen leiden tot een elektrische schok.

WAARSCHUWING: Wij adviseren u een dordrekschakelaar te gebruiken met een nominale reststroomwaarde van 30 mA of minder.

LETOP: Gevaar voor brandwonden. Beperk het risico van Iaad uitsluitend DEWALT oplaadbare accu's op. Andere typen accu's zouden uit elkaar kunnen barsten en persoonlijk letsel en materiële schade veroorzaken.

LETOP: Er moet op worden toegezien dat kinderen niet met het gereedschap kunnen spelen.

KENNISGEVING: Onder bepaalde omstandigheden, wanneer de stekker van de lader in het stopcontact zit, kunnen de niet-afgeschermde laadcontacten binnenin de lader door materiaal of een voorwerp worden kortgesloten. Bepaalde materialen die geleidend zijn, zoals, maar niet uitsluitend, staalwol, aluminiumfolie of een opeenhoping van metaalachtige deeltjes, kunnen beter bij de holtes van de lader worden weggehouden. Trek altijd de stekker uit het stopcontact wanneer er geen accu in de lader zit. Trek de stekker van de lader uit het stopcontact voor u de lader gaat reinigen.

  • Probeer NIET de accu op te laden met andere laders dan de laders die in deze handleiding worden genoemd. De lader en de accu zijn speciaal voor elkaar ontworpen.
  • Deze laders zijn niet bedoeld voor andere toepassingen dan het opladen van DEWALT oplaadbare accu's. Andere toepassingen kunnen leiden tot brand, een elektrische schok of elektrocutie.
  • Stel de lader niet bloot aan regen of sneeuw.
  • Trek aan de stekker van de lader en niet aan het snoer wanneer u de stekker uit het stopcontact wilt halen. Er is dan minder risico op beschadiging van het snoer en van de stekker.
  • Controleer dat het snoer zo is geplaatst dat niemand erop kan stappen of erover kan struikelen of het snoer op andere wijze beschadigd of bekneld raakt.
  • Gebruik alleen een verlengsnoer als dat absoluut noodzakelijk is. Gebruik van een ongeschikt verlengsnoer kan leiden tot het risico van brand, elektrische schok of elektrocutie.
  • Plaats niet iets boven op een lader en plaats de lader niet op een zacht oppervlak omdat hierdoor de ventilatiesleuven kunnen worden geblokkeerd en de lader binnenin veel te heet wordt. Plaats de lader niet in de

buurt van een warmtebron. De lader wordt gekoeld door de ventilatiesleuven boven en onder in de behuizing.

  • Werk niet met de lader met een beschadigd snoer of een beschadigde stekker—laat eventuele beschadigde onderdelen onmiddellijk vervangen.
  • Gebruik de lader niet als er hard op is geslagen, als de lader is gevallen of op een andere manier beschadigd is. Breng de unit naar een officieel servicecentrum.
  • Haal de lader niet uit elkaar; breng de lader naar een officieel servicecentrum wanneer service of reparatie nodig is. Onjuiste montage kan leiden tot het risico van een elektrische schok, elektrocutie of brand.
  • Als het netsnoer is beschadigd, moet het onmiddellijk worden vervangen door de een servicemonteur van de fabrikant of een dergelijk vakbekwaam persoon, zodat risico is uitgesloten.
  • Trek, voordat u met reinigingswerkzaamheden begint, de stekker van de lader uit het stopcontact. Er is dan minder risico van een elektrische schok. Het risico is niet minder wanneer u de accu uitneemt.
  • Sluit NOOIT twee laders op elkaar aan.
  • De lader is ontworpen voor een gewone huishoudelijke elektrische installatie van 230V. Gebruik de lader niet op een andere spanning. Dit geldt niet voor de 12V-lader.

Een accu opladen (Afb. [Fig.] B)

  1. Steek de stekker van de lader in een geschikt stopcontact voor u de accu plaatst.
  2. Plaats de accu 15 in de lader, en let er daarbij op dat de accu geheel in de lader komt te zitten. Het rode lampje (opladen) knippert herhaaldelijk en dat duidt erop dat de laadprocedure is gestart.
  3. Een volledig opgeladen accu wordt aangegeven door het rode lampje dat constant AAN blijft. De accu is nu volledig opgeladen en kan worden gebruikt of kan in de acculader blijven zitten. Om de accu uit de lader te nemen, drukt u op de accu-vrijgaveknop 16 op de accu.

OPMERkInG: U kunt maximale prestaties en levensduur van lithium-ion-accu's garanderen door de accu's volledig op te laden voor u deze voor het eerst in gebruik neemt.

Werking van de lader

Raadpleeg onderstaande indicatoren voor de laadstatus van de accu.

DEWALT DCMCS575 - Werking van de lader - 1

text_image Laadindicatoren Bezig met opladen Geheel opgeladen Hot/Cold Pack Delay (Vertraging Hete/Koude Accu)*

* Het rode lampje blijft knipperen, maar er brandt ook een geel indicatielampje wanneer de functie actief is. Wanneer de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt, gaat het gele lampje uit en hervat de lader de laadprocedure.

De geschikte lader(s) laden niet een kapotte accu op. Wanneer de laadindicator niet gaat branden, is dat een teken dat de accu kapot is.

OPMERKING: Dit kan ook betekenen dat er iets mis is met de oplader.

Als de lader laat zien dat er een probleem is, laat de lader en de accu dan testen door een geautoriseerd servicecentrum.

Hot/Cold Pack Delay (Vertraging Hete/Koude Accu)

Wanneer de lader waarneemt dat een accu te warm of te koud is, wordt onmiddellijk een Hot/Cold Delay gestart en wordt het laden uitgesteld tot de accu een geschikte temperatuur heeft bereikt. De lader schakelt dan automatisch over op de accu-laadstand. Deze functie waarborgt een maximale levensduur van de accu.

Een koude accu zal minder snel opladen dan een warme accu. De accu zal gedurende de gehele laadcyclus minder snel worden opgeladen en zal niet maximaal worden opgeladen, ook niet als de accu warmer wordt.

De lader van het type DCB118 is voorzien van een interne ventilator voor het koelen van de accu. De ventilator gaat automatisch draaien wanneer de accu moet worden gekoeld. Gebruik de lader nooit als de ventilator niet goed werkt of als de ventilatiesleuven zijn geblokkeerd. Zorg ervoor dat er geen vreemde voorwerpen in de lader kunnen komen.

XR Li-Ion-gereedschap is ontworpen met een Elektronisch Beveiligingssysteem dat voorkomt dat de accu te veel wordt geladen, te heet wordt of te diep wordt ontladen.

Het product zal automatisch uitgeschakeld worden, als het elektronisch beschermingssysteem actief wordt. Zet, als dit gebeurt, de Lithium-Ion-accu op de lader, tot deze volledig geladen is.

Montage aan de wand

Deze laders kunnen aan de wand worden gemonteerd of rechtop op een tafel of werkoppervlak staan. Plaats bij wandmontage de accu dichtbij een stopcontact en uit de buurt van een hoek of andere obstakels die de doorstroming van lucht kunnen verhinderen. Gebruik de achterzijde van de lader als sjabloon voor de plaatsing van de montageschroeven aan de wand. Monteer de lader stevig met gipsplaatschroeven (afzonderlijk aan te schaffen), van tenminste 25,4 mm lang waarvan de schroefkop een diameter heeft van of 7 – 9 mm, in hout geschroefd tot op een optimale diepte, waarbij ongeveer 5,5 mm van de schroef uitsteekt. Houd de sleuven aan de achterzijde van de lader tegenover de uitstekende schroeven en steek montagesleuven volledig op de schroeven.

Instructies voor het reinigen van de lader

WAARSCHUWING: Gevaar voor elektrische schok. Moem, voordat u met de reiniging begint, de stekker van de lader uit het stopcontact. U kunt stof en vet van de buitenzijde van de lader verwijderen met een doek of een zachte, niet-metalen borstel. Gebruik geen water of schoonmaakmiddelen. Laat nooit vloeistof in het gereedschap kommen; dompel nooit een onderdeel van het gereedschap onder in een vloeistof.

Accu

Belangrijke veiligheidsinstructies voor alle accu's

Als u vervangende accu's bestelt, zorg er dan voor dat u het catalogusnummer en voltage vermeldt.

De accu is niet volledig opgeladen als deze uit de verpakking komt. Voordat u de accu en oplader gebruikt, dient u de onderstaande veiligheidsinstructies te lezen. Volg vervolgens de oplaadprocedures zoals die zijn uitgelegd.

LEES ALLE INSTRUCTIES

  • Laad de accu niet op en gebruik deze niet in een explosieve omgeving, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Wanneer u de accu plaatst in of verwijdert uit de lader kan het stof of de damp door een vonk vlamvatten.
  • Gebruik nooit geweld bij het plaatsen van de accu in de lader. Wijzig de accu op geen enkele manier als deze niet past in een lader die niet geschikt is, omdat de accu kan openbarsten waardoor ernstig persoonlijk letsel kan ontstaan.

• Laad de accu's alleen op in DEWALT-laders.
- Spat NIET met water en dompel de accu niet onder in water of andere vloeistoffen.
- Berg het gereedschap en de accu niet op plaatsen op waar de temperatuur kan dalen tot onder 4 °C (39,2 °F) (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de winter), of kan oplopen tot tot 40 °C (104 °F) of hoger (zoals in een schuur buiten of een metalen gebouw in de zomer).
- Verbrand de accu niet, zelfs niet als deze ernstig beschadigd is of volledig verbruikt. De accu kan in vuur exploderen. Als lithium ion accu's worden verbrand, komen giftige dampen en materialen vrij.
- Als de inhoud van de accu in contact met de huid komt, wast u dit onmiddellijk af met water en een milde zeep. Als accuvloeistof in de ogen komt spoelt u 15 minuten met water in het geopende oog, of totdat de irritatie stopt. Als medische hulp nodig is dient u te vermelden dat de accuelektrolyt is samengesteld uit een mengsel van vloeibare organische carbonaten en lithiumzouten.
- De inhoud van geopende accucellen kan irritatie aan de luchtwegen veroorzaken. Zorg voor frisse lucht. Zoek als de symptomen aanhouden medische hulp.

WAARSCHUWING: Gevaar voor brandwonden. AlecVloeistof kan ontvlambaar zijn als deze aan een vonk of vlam wordt blootgesteld.

WAARSCHUWING: Probeer nooit om welke reden dan doorde accu te openen. Als de behuizing van de accu is gescheurd of beschadigd, zet de accu dan niet in de lader. Klem een accu niet vast, laat een accu niet vallen, beschadig een accu niet. Gebruik een accu of lader waar hard op is geslagen, die is gevallen, waar overheen is gereden of die op welke manier dan ook is beschadigd (dat wil zeggen, doorboord met een spijker, geraakt met een hamer, vertrapt) niet. Een elektrische schok

of elektrocutie kan het gevolg zijn. Breng beschadigde accu's terug naar het servicecentrum zodat ze kunnen worden gerecycled.

WAARSCHUWING: Brandgevaar. Berg de accu met op en vervoer de accu niet op een manier dat metalen voorwerpen in contact kunnen komen met de aansluitpunten van de accu. Bijvoorbeeld, steek de accu niet in een schortzak, broekzakken, gereedschapskisten, gereedschapsdozen, laden, enz., waar een losse spijkers, schroeven, sleutels, enz. liggen.

VOORZICHTIG: Plaats het gereedschap wanneer het miet een gebruik is, op z'n zijkant op een stabiel oppervlak waar het niet kan vallen of omvallen. Sommige gereedschappen met grote accu's kunnen rechtop staan op de accu maar kunnen gemakkelijk worden omgegooid.

Transport

WAARSCHUWING: Brandgevaar. Tijdens het transport kunnen accu's mogelijk vlam vatten als de aansluitingen van de accu onbedoeld in aanraking komen met geleidende materialen. Controleer dat tijdens het transport de aansluitingen van de accu afgeschermd zijn en goed geïsoleerd van materialen die ermee in contact kunnen komen en kortsluiting kunnen veroorzaken.

OPMERKING: Lithium-ion batterijen mogen niet in gecontroleerde bagage worden gestopt.

DEWALT accu's voldoen aan alle van toepassing zijn verzendvoorschriften zoals deze zijn bepaald door de bedrijfstak en door wettelijke normen, zoals Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen van de UN; Voorschriften voor Gevaarlijke Goederen van de International Air Transport Association (IATA), Voorschriften Internationale Maritieme Gevaarlijke Goederen (IMDG) en de Europese Overeenkomst Betreffende het Internationale Vervoer van Gevaarlijke Goederen over de Weg (ADR). Lithium-ion cellen en accu's zijn getest in overeenstemming met Hoofdstuk 38,3 van de Aanbevelingen voor het Transport van Gevaarlijke Goederen Handleiding van Testen en Criteria.

In de meeste gevallen zal bij de verzending van een DEWALT-accu deze naar verwachting worden geclassificeerd als volledig gereguleerd Klasse 9 Gevaarlijk materiaal. Over het algemeen zullen alleen verzendingen die een lithium-ion-accu bevatten met een energie-classificatie hoger dan 100 Wattuur (Wh), moeten worden verzonden als volledig gereguleerd Klasse 9. Bij alle lithium-ion-accu's wordt de Wattuur-classificatie op de accu vermeld. Verder adviseert DEWALT in verband met complicaties met de voorschriften, lithium-ion-accu's niet als luchtvracht alleen te verzenden, ongeacht de Wattuur-classificatie. Zendingen van gereedschap met accu's (combo-sets) kunnen naar verwachting per luchtvracht worden verzonden, als de Wattuur-classificatie van de accu niet hoger is dan 100 Wh.

Ongeacht of een verzending wordt geacht een vrijstelling te hebben of volledig voorgeschreven, is voor de verantwoordelijkheid van de verzender de meest recente voorschriften voor verpakking, labeling/markering en vereisten ten aanzien van documentatie.

De informatie die in dit hoofdstuk van de handleiding wordt verstrekt, wordt verstrekt in goed vertrouwen en wordt geacht nauwkeurig te zijn op het moment dat het document werd opgesteld. Er wordt echter geen garantie gegeven, impliciet of expliciet. Het is voor de verantwoordelijkheid van de koper ervoor te zorgen dat zijn activiteiten in overeenstemming zijn met de geldende voorschriften.

De FLEXVOLT™-accu vervoeren

De DEWALT FLEXVOLT™-accu heeft twee standen: Gebruiks- en Transport-.

Stand: Wanneer de FLEXVOLT™-accu op zichzelf staat of in een DEWALT 18V-product zit, werkt de accu als een 18V-accu. Wanneer de FLEXVOLT™-accu in een 54V- of een 108V-product (twee 54V-accu's) zit, werkt de accu als een 54V-accu.

Transport-stand: Wanneer de kap op de FLEXVOLT ^™ -accu is bevestigd, staat de accu in de transport-stand. Houd de kap op de accu bij verzending.

In de Transport-stand zijn reeksen van cellen binnen in de accu elektrisch van elkaar geïsoleerd, waardoor 3 accu's ontstaan met een lagere Wattuur-classificatie (Wh), vergeleken bij 1 accu met een hogere Wh-classificatie. Door dit grotere aantal van 3 accu's met een lagere Wattuur-classificatie kan de accu vrijgesteld zijn van bepaalde voorschriften voor verzending die worden opgelegd aan accu's met een hogere Wattuur-capaciteit.

DEWALT DCMCS575 - De FLEXVOLT™-accu vervoeren - 1

Voorbeeld, de transport Wh waarde kan 3 x 36 Wh aangeven, dit betekend 3 batterijen van elk 36 Wh. De Wh waarde tijdens Voorbeeld van markering met etiket gebruik en transport

DEWALT DCMCS575 - De FLEXVOLT™-accu vervoeren - 2

Use: 108 Wh

Transport: 3x36 Wh

gebruik kan 108 Wh aangeven (1 batterij).

Aanbevelingen voor opslag

  1. De beste plaats om het apparaat op te bergen is koel en droog, uit direct zonlicht en niet in overmatige hitte of koude. Voor optimale accuprestaties en levensduur bergt u accu's op bij kamertemperatuur als deze niet in gebruik zijn.
  2. Wanneer u de accu lange tijd opbergt, kunt u deze voor optimale resultaten het beste volledig opgeladen opslaan op een koele, droge plaats buiten de lader.

OPMERKING: Accu's kunnen beter niet volledig ontladen worden opgeslagen. De accu moet voor gebruik weer worden opgeladen.

Labels op de oplader en accu

Behalve de pictogrammen die in deze handleiding worden gebruikt, kunnen de volgende pictogrammen op de labels op de lader en op de accu staan:

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 1

Lees gebruiksaanwijzing voor gebruik.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 2

Zie Technische gegevens voor de oplaadtijd.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 3

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 4

Niet doorboren met geleidende voorwerpen.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 5

Laad geen beschadigde accu's op.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 6

Niet blootstellen aan water.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 7

Zorg dat defecte snoeren onmiddellijk worden vervangen.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 8

Uitsluitend opladen tussen 4 °C en 40 °C.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 9

Alleen voor gebruik binnenshuis.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 10

Bied de accu als chemisch afval aan en houd rekening met het milieu.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 11

Laad DEWALT-accu's alleen op met de aangewezen DEWALT-laders. Wanneer u andere accu's dan de aangewezen DEWALT-accu's oplaadt met een DEWALT-lader dan kunnen deze barsten of kan dit leiden tot andere gevaarlijke situaties.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 12

Gooi de accu niet in het vuur.

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 13

GEBRUIK (zonder transport dop). Voorbeeld: Wh waarde geeft 108 Wh aan (1 batterij van 108 Wh).

DEWALT DCMCS575 - Labels op de oplader en accu - 14

TRANSPORT (met ingebouwde transport dop). Voorbeeld: Wh waarde geeft 3 x 36 Wh aan (3 batterijen van 36 Wh).

Accutype

Het volgende gereedschap werkt met een 54V-accu: DCMCS574, DCMCS575

Deze accu's kunnen worden gebruikt: DCB546, DCB547, DCB548, DCB549. Raadpleeg Technische gegevens voor meer informatie.

Inhoud van de verpakking

De DCMCS574 verpakking bevat:

1Kettingzaag

1 Zaagbeschermkap

1Zwaard45 cm

1Ketting45 cm

1 Steeksleutel

1Instructiehandleiding

De DCMCS575 verpakking bevat:

1Kettingzaag

1Zaagbeschermkap

1Zwaard50 cm

1Ketting50 cm

1 Steeksleutel

1Instructiehandleiding

OPMERkInG: Bij de N-modellen worden geen accu's, laders en gereedschapskoffers geleverd. Bij de NT-modellen worden geen accu's en laders geleverd. Bij de B-modellen worden Bluetooth®-accu's geleverd.

OPMERkInG: Het merkteken met het woord Bluetooth® en logo's zijn geregistreerde handelsmerken die eigendom zijn van Bluetooth®, SIG, Inc. en ieder gebruik van dergelijke merktekens door DEWALT is onder licentie. Overige handelsmerken en merknamen zijn eigendom van hun respectievelijke eigenaren.

  • Controleer het gereedschap, de onderdelen of accessoires op eventuele beschadiging tijdens het transport.
  • Neem de tijd om deze handleiding grondig door te lezen en te begrijpen voor u het gereedschap in gebruik neemt.

Markeringen op het gereedschap

De volgende pictogrammen staan op het gereedschap vermeld:

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 1

Lees de gebruiksaanwijzing voorafgaand aan het gebruik.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 2

Draag gehoorbescherming.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 3

Draag oogbescherming.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 4

Draag bescherming van uw hoofd.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 5

Draag handschoenen.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 6

Draag het juiste veiligheidsschoeisel.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 7

Stel het gereedschap niet bloot aan regen of een hoge luchtvochtigheid en laat het niet buiten liggen wanneer het regent.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 8

Contact van de tip van het zwaard met een voorwerp moet worden vermeden.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 9

Draairichting van de zaagketting.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 10

Bedien de kettingzaag altijd met beide handen.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 11

Schakel het gereedschap uit. Neem, voordat u onderhoud aan het gereedschap uitvoert, de accu uit het gereedschap.

DEWALT DCMCS575 - Markeringen op het gereedschap - 12

Richtlijn 2000/14/EC Gegarandeerd geluidsvermogen.

Positie Datumcode (Afb. A)

De datumcode 18, die ook het jaar van fabricage omvat, is in de behuizing afgedrukt.

Voorbeeld:

2021 XX XX

Productiejaar en -week

Beschrijving (Afb. A)

WAARSCHUWING: Pas het gereedschap of een onderdeel er van nooit aan. Dit kan schade of persoonlijk letsel tot gevolg hebben.

1 Schakelaar voor variabele snelheid/Aan/Uit
2 Ontgrendelingshendel
3 Kettingrem / voorste handbeschermkap
4 Zwaard
5 Zaagketting
6 Kap van het kettingwiel
7 Bevestigingsbouten van het zwaard
8 Schroef voor de kettingspanning
9 Oliepeilaanwijzer
10 Oliedop
11 Zwaardafscherming
12 Achterste handgreep
13 Voorste handgreep
14 Accubehuizing
15 Accu
16 Accu-ontgrendelknop
17 Steeksleutel
18 Datumcode

Bedoeld gebruik

De DCMCS574 kettingzaag is ontwikkeld voor het zagen van houtblokken met een doorsnede tot40 cm.

De DCMCS575 kettingzaag is ontwikkeld voor het zagen van houtblokken met een doorsnede 45 cm.

NIET gebruiken in natte omstandigheden of in de aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of gassen.

Deze kettingzagen zijn professioneel elektrisch gereedschap.

LAAT NIET kinderen in contact met het gereedschap komen. Toezicht is vereist als onervaren gebruikers met dit gereedschap werken.

- Jonge kinderen en personen met een zwakke

gezondheid. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door jonge kinderen en personen met een zwakke gezondheid, zonder toezicht.

- Dit product is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder kinderen) die verminderde fysieke, zintuiglijke of psychische mogelijkheden hebben; wanneer sprake is van gebrek aan ervaring, kennis of vaardigheden is gebruik alleen toegestaan onder toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid van gebruikers. Laat nooit kinderen alleen met dit product.

MONTAGE EN AANPASSINGEN

WAARSCHUWING: Beperk het gevaar van ernstig persoonlijk letsel, schakel het gereedschap uit en koppel accu voor u een aanpassing uitvoert of hulpstukken of accessoires plaatst of verwijdert. Wanneer het gereedschap per ongeluk wordt gestart, kan dat leiden tot letsel.

WAARSCHUWING: Gebruik uitsluitend DEWALT accu's en auders.

De accu in het gereedschap plaatsen en de accu uit het gereedschap nemen (Afb. D)

OPMERKING: Controleer dat de accu 15 geheel is opgeladen.

De accu in het gereedschap plaatsen

  1. Lijn de accu15 uit ten opzichte van de rails in het accuvak van het gereedschap (Afb. D).
  2. Schuif de accu in het accuvak tot deze stevig vastzit en let er vooral op dat u de accu hoort vastklikken.

De accu uit het gereedschap halen

  1. Druk op de accu-ontgrendelknop 16 en trek de accu stevig uit het gereedschap.
  2. Zet de accu in de lader zoals wordt beschreven in het hoofdstuk over de lader van deze handleiding.

Accu's met vermogenmeter (Afb. C)

DEWALT zijn voorzien van een vermogenmeter en deze bestaat uit drie groene LED-lampjes die een aanduiding geven van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft.

U kunt de vermogenmeter activeren door de knop 19 van de vermogenmeter ingedrukt te houden. Een combinatie van de drie groene LED-lampjes gaat branden en dat geeft een aanduiding van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft. Wanneer de lading in de accu onder het bruikbare niveau ligt, gaat de vermogenmeter niet branden en moet de accu worden opgeladen.

OPMERKING: De accumeter geeft slechts een indicatie van de hoeveelheid lading die de accu nog heeft. De indicator geeft geen aanwijzingen over de functionaliteit van het gereedschap en is onderhevig aan schommelingen afhankelijk van productcomponenten, temperatuur en de toepassing door de eindgebruiker.

Het zwaard en de zaagketting plaatsen (Afb. A, E–G)

VOORZICHTIG: Scherpe ketting. Draag altijd vuitgeidshandschoenen bij het hanteren van de ketting. De ketting is scherp en kan u ook verwonden wanneer het gereedschap is uitgeschakeld.

WAARSCHUWING: Scherpe bewegende ketting. Om hampur ongeluk inschakelen van de kettingzaag te voorkomen, dient gecontroleerd te worden of de accu uit het gereedschap werd verwijderd voordat enige volgende werkzaamheden worden uitgevoerd. Als u dat niet doet, kan dat tot ernstig letsel leiden.

Als de zaagketting 5 en het zwaard 4 apart in de verpakking zitten, moet de ketting op het zwaard worden bevestigd, en beide moeten op de behuizing van het gereedschap worden bevestigd.

  1. Plaats de zaag op een vlak en stevig oppervlak.
  2. Draai de bevestigingsbouten van het zwaard 7 linksom. Gebruik hiervoor de meegeleverde sleutel 17.

  3. Verwijder de kap van het kettingwiel 6 en de bevestigingsbouten van het zwaard 7.

  4. Draag beschermende handschoenen, pak de zaagketting 5 vast en leg de ketting om het zwaard 4, waarbij gecontroleerd moet worden of de tanden in de juiste richting wijzen.
  5. Controleer dat de ketting goed geheel rondom in de sleuf van het zwaard zit.
  6. Plaats de zaagketting rond het kettingwiel 20. Houd de sleuf op het zwaard tegenover de pen voor het spannen van de ketting 21 en de bouten 22, waarmee het zwaard op de grondplaat van het gereedschap vastzit, zoals wordt getoond in Afb. E.
  7. Als alles op z'n plaats zit, dient het zwaard stil gehouden te worden en moet de kap van het kettingwiel 6 weer worden geplaatst. Zorg ervoor dat de gaten van de bouten op de kap uitkomen tegenover de bouten 22, op de hoofdbehuizing.
  8. Plaats de bevestigingsbouten van het zwaard 7 en draai ze naar rechts met de sleutel 17 die werd meegeleverd tot ze goed vastzitten, draai vervolgens de bouten één hele slag, zodat de zaagketting goed kan worden gespannen.
  9. Met het uiteinde van de sleutel 17, hetgeen een platte schroevendraaier is, dient de schroef voor de kettingspanning 8 rechtsom gedraaid te worden om de spanning te verhogen. Controleer of de zaagketting 5 goed rond het zwaard 4 vastzit, zoals wordt getoond in Afb. F en Afb. G, draai vervolgens de bevestigingsbout(en) 7 vast totdat deze goed vastzitten.
  10. Volg de instructies in het gedeelte Spanning van de ketting afstellen.

Spanning van de ketting afstellen (Afb. A, E–G)

OPMERKING: De spanning van de zaagketting moet regelmatig worden afgesteld, te weten: voorafgaand aan elk gebruik.

  1. Controleer met de zaag nog steeds op een vlak en stevig oppervlak, de spanning van de zaagketting 5. De spanning is goed wanneer de zaagketting terugschiet wanneer u met middelvinger en duim een lichte druk uitoefent en de ketting ca. 6 mm van het zwaard 4 wegtrekt, zoals wordt getoond in Afbeelding F. De zaagketting mag aan de onderzijde van het zwaard niet 'doorzakken', zoals wordt getoond in Afbeelding G.
  2. Om de spanning van de zaagketting af te stellen, dienen de bevestigingsbouten 7 los gedraaid te worden.
  3. Draai aan de schroef van de kettingspanning 8, voorzien op de kap van het kettingwiel, met behulp van de platte kant van de schroevendraaier 17.
  4. Controleer de spanning van de zaagketting en stel deze af als dat nodig is.
  5. Stel de zaagketting niet te strak af. Dit leidt tot overmatige slijtage en beperkt de levensduur van het zwaard en de zaagketting.

  6. Draai de bevestigingsbouten 7 goed vast, tot de spanning van de zaagketting correct is. Hanteer hiervoor een koppel van 6 ft. lbs (8 Nm).

  7. Een nieuwe ketting rekt wat uit in de eerste uren dat u hem gebruikt. Het is belangrijk dat gedurende de eerste 2 uren dat de ketting wordt gebruikt, de spanning vaak wordt gecontroleerd (na het verwijderen van de accu).

De zaagketting vervangen (Afb. A, E, H)

VORZICHTIG: Scherpe ketting. Draag altijd veringheidshandschoenen bij het hanteren van de ketting. De ketting is scherp en kan u ook verwonden wanneer het gereedschap is uitgeschakeld.

WAARSCHUWING: Scherpe bewegende ketting. Om het perongeluk inschakelen van de kettingzaag te voorkomen, dient gecontroleerd te worden of het gereedschap is gescheiden van de stroomvoorziening voordat enige volgende werkzaamheden worden uitgevoerd. Als u dat niet doet, kan dat tot ernstig letsel leiden.

  1. Om de zaagketting 5 te verwijderen, dient de zaag op een vlak, stabiel oppervlak geplaatst te worden.
  2. Verwijder de kap van het kettingwiel 6, zoals wordt beschreven in het hoofdstuk Het zwaard en de zaagketting plaatsen.
  3. Draai aan de schroef van de kettingspanning 8 met behulp van de platte kant van de schroevendraaier van de sleutel 17. Draai de schroef naar links zodat het zwaard 4 terugwijkt, de spanning op de ketting afneemt en de ketting kan worden verwijderd.
  4. Trek beschermende handschoenen aan, pak de zaagketting vast en licht de versleten zaagketting uit de groef in het zwaard.
  5. Klap het zwaard steeds om wanneer u de ketting vervangt, zodat gelijkmatige slijtage gewaarborgd is.
  6. Plaats de nieuwe ketting in de sleuf op het zwaard en zorg ervoor dat de zaagtanden in de juiste richting wijzen, overeenkomstig de richting van de pijl en de Afbeelding op de zaagketting pp de kap van het kettingwiel 6, zoals wordt getoond in Afb. H.
  7. Volg de instructies bij Het zwaard en de zaagketting plaatsen.

Reserveonderdelen voor de ketting en het zwaard zijn verkrijgbaar bij het geautoriseerde servicecentrum bij u in de buurt.

  • De DCMCS574 kettingzaag heeft een vervangende ketting van 45 cm DT20688-QZ nodig, evenals een 45 cm vervangend bar DT20687-QZ.
  • De DCMCS575 ketingzaag heeft een vervangende ketting van 50 cm DT20690-QZ nodig, evenals een 50 cm vervangend bar DT20689-QZ.

Zaagketting en zwaard smeren (Afb. A)

Systeem voor automatische smering

Deze kettingzaag is uitgerust met een automatisch smeersysteem waarmee de kettingzaag en het zwaard continu

gesmeerd blijven. De aanwijzer voor het olieniveau 9 toont het olieniveau in de kettingzaag. Als het olieniveau tot op minder dan een vierde gedeelte is gedaald, dient de accu uit de zaag verwijderd te worden en olie van het juiste type bijgevuld te worden. Laat de olietank altijd leeglopen wanneer u klaar bent met zagen.

OPMERKING: Gebruik voor het zwaard en de zaagketting olie van hoge kwaliteit zodat de ketting en het zwaard goed worden gesmeerd. Eventueel kan als tijdelijke vervanging een niet-detergente SAE30 motorolie worden gebruikt. Wanneer u bomen snoeit kunt u voor de smering van het zwaard en de ketting het beste een olie op plantaardige basis gebruiken. Minerale olie wordt niet aanbevolen omdat deze schade aan bomen kan veroorzaken. Gebruik nooit afvalolie of heel dikke olie. Zij kunnen de kettingzaag beschadigen.

Het oliereservoir vullen

  1. De oliedop 10 naar links losdraaien en verwijderen. Vul het reservoir met de aanbevolen olie voor zwaard en ketting, tot het olieniveau de bovenzijde van de aanwijzer 9 van het olieniveau heeft bereikt.
  2. Plaats de oliedop weer en draai de dop naar rechts vast.
  3. Schakel de kettingzaag zo nu en dan uit en controleer de aanwijzer van het olieniveau, zodat u zeker weet dat het zwaard en de ketting goed worden gesmeerd.

De kettingzaag vervoeren (Afb. A)

- Neem altijd de accu uit het gereedschap en bescherm het zwaard 4 met de kap 11 tijdens het transporteren van de zaag.

BEDIENING

Instructies voor gebruik

WAARSCHUWING: Houd u altijd aan de veilgeidsinstructies en van toepassing zijnde voorschriften.

WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig pazoonlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.

Juiste positie van de handen (Afb. I)

WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk lede te verminderen, dient u ALTIJD de handen in de juiste positie te hebben, zoals afgebeeld.

WAARSCHUWING: Om het risico op ernstig persoonlijk lede te verminderen, houdt u het ALTIJD stevig vast, anticiperend op een plotseling reactie.

De juiste positie van de handen vereist dat de linkerhand op de voorste handgreep 13 wordt geplaatst en de rechterhand op de achterste handgreep 12.

De kettingzaag bedienen (Afb. A, I, K)

WAARSCHUWING: Lees alle instructies en zorg ervoor dat u deze begrijpt. Het niet opvolgen van alle onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel.

  • Wees op uw hoede voor terugslag, omdat deze ernstig letsel mogelijk met dodelijke afloop tot gevolg kan hebben. Zie de Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap en de Algemene veiligheidswaarschuwingen - Kettingzaag, en Oorzaken van terugslag en hoe de gebruiker deze kan voorkomen en Veiligheidsvoorzieningen tegen terugslag om het risico op terugslag te voorkomen.
  • Reik niet buiten uw macht. Zaag niet boven borsthoogte. Zorg ervoor dat u stevig staat. Zet uw voeten uit elkaar. Verdeel uw gewicht gelijkmatig over beide voeten.
  • Pak de voorste handgreep 13 stevig met uw linkerhand vast en de achterste handgreep 12 met uw rechterhand, zodat uw lichaam zich links van het zwaard bevindt.
  • Houd de kettingzaag niet vast bij de kettingrem / voorste handbeschermkap 3. Houd de elleboog van uw linkerarm stevig gestrekt zodat uw linkerarm recht is en terugslag kan tegenhouden.

WAARSCHUWING: Houd de kettingzaag nooit met gaste handen vast (linkerhand op de achterste handgreep en de rechterhand op de voorste handgreep).

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat nooit een deel van u haam zich in een rechte lijn met het zwaard 4 bevindt, wanneer u met de kettingzaag werkt.

  • Werk nooit met het gereedschap terwijl u in een boom of in een ongemakkelijke positie zit of op een ladder of een instabiel oppervlak staat. U kunt dan de controle over de zaag verliezen en dat kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
  • Houd de kettingzaag op volledige snelheid ingeschakeld zolang u aan het zagen bent.
  • Laat de zaagketting het zaagwerk doen. Oefen alleen lichte druk uit. Zet geen druk op de kettingzaag aan het einde van de zaagsnede.

WAARSCHUWING: Wanneer u de kettingzaag niet geinkikt, moet de kettingrem zijn ingeschakeld en de accu zijn verwijderd.

De kettingrem inschakelen (Afb. K)

Uw kettingzaag is voorzien van een remsysteem voor de ketting, dat de ketting snel tot stilstand brengt in geval van terugslag.

  1. Verwijder de accu uit het gereedschap.
  2. U kunt de kettingrem inschakelen door de kettingrem/ voorste handbeschermkap3 naar voren te duwen tot deze vastklikt.
  3. Trek de kettingrem / voorste handbeschermkap 3 naar de voorste handgreep 13 toe in de stand 'Set', zoals wordt getoond in Afbeelding K.

  4. Het gereedschap is nu klaar voor gebruik.

OPMERKING: Bij een terugslag komt uw linkerhand in aanraking met de voorste beschermkap en drukt deze naar voren in de richting van het werkstuk. Hierdoor komt het gereedschap tot stilstand.

De kettingrem testen (Afb. A, K)

Test de kettingrem voor ieder gebruik zodat u zeker weet dat de rem goed werkt.

  1. Plaats het gereedschap op een vlak en stevig oppervlak. Controleer of de zaagketting 5 ide ondergrond niet raakt.
  2. Houd het gereedschap stevig met beide handen vast en schakel de kettingzaag in.
  3. Draai uw linkerhand naar voren rond de voorste handgreep 13 zodat de achterzijde van uw hand met de kettingrem/voorste handbeschermkap 3 in aanraking komt en deze naar voren duwt, in de richting van het werkstuk. De kettingzaag moet onmiddellijk tot stilstand komen.

OPMERKING: Als de zaag niet onmiddellijk tot stilstand komt, gebruik het gereedschap dan niet meer en breng het naar een erkend servicecentrum bij u in de buurt.

WAARSCHUWING: Let er vooral op dat u de kredem instelt, voordat u gaat zagen.

AAN/UIT-SCHAKELAAR (AFB. J)

Zorg er altijd voor dat u stevig staat en pak de kettingzaag stevig met beide handen vast met de duim in de vingers om bij de handgrepen.

  1. Om de eenheid in te schakelen, drukt u de ontgrendelingshendel 2 in die wordt getoond in Afb. J, en activeert u de aan/uit-schakelaar 1. Wanneer het gereedschap eenmaal werkt, kunt u de hendel voor de vergrendeling in de Uit-stand loslaten.
  2. U houdt het gereedschap in werking door de Aan/Uit-schakelaar ingedrukt te houden. U kunt het gereedschap uitschakelen door de Aan/Uit-schakelaar los te laten.

OPMERKING: Als te veel kracht wordt toegepast tijdens het maken van een zaagsnede, schakelt de zaag zichzelf uit. Om de zaag opnieuw te starten, moet u de aan/uit-schakelaar 1 loslaten, voordat de zaag opnieuw wil starten. Voer uw zaagsnede nu uit met minder kracht. Laat de zaag op eigen snelheid werken.

WAARSCHUWING: Probeer nooit een schakelaar in a. 6 and ON te vergrendelen.

Algemene zaagtechnieken

Vellen

Het proces van het omzagen van een boom. Zaag geen bomen om bij harde wind.

WAARSCHUWING: Bij het vellen van bomen kunnen personen gewond raken. Het mag alleen worden uitgevoerd door een getraind iemand.

- Voordat met zagen wordt begonnen, moet een uitwijkroute worden gepland en zo nodig worden vrijgemaakt. Het uitwijkpad moet zich uitstrekken naar achteren en diagonaal

op de achterzijde van de verwachte valrichting van de boom, zoals onderstaand weergegeven.

DEWALT DCMCS575 - Vellen - 1

text_image UITWEG 45° BOOM UITWEG RICHTING VAN VALLEN

- Kijk, voordat u met het vellen van een boom begint, naar de natuurlijke groeirichting van de boom, de plaats van de grotere takken en de windrichting, zodat u kunt beoordelen waar de boom heen zal vallen. Houd wiggen (hout, kunststof of aluminium) en een zware houten hamer in gereedheid. Verwijder vuil, stenen, losse schors, spijkers, nagels en draad uit de boom, op de plaats waar de zaagsneden voor het vellen worden uitgevoerd.

- Zaagsnede als inkeping - Maak de inkeping tot op 1/3 van de diameter van de boom, haaks op de valrichting. Maak de onderste horizontale inkeping eerst. Dit helpt te voorkomen dat de kettingzaag of het zwaard bekneld raakt, wanneer de tweede inkeping wordt gezaagd, zoals onderstaand weergegeven.

- Zaagsnede voor het vellen - Maak de zaagsnede voor het vellen ten minste 51 mm hoger dan de horizontale inkeping. Houd de zaagsnede parallel aan de horizontale inkeping. Maak de zaagsnede voor het vellen zo dat er voldoende hout overblijft dat kan dienen als scharnier. Het scharnierende hout maakt dat de boom niet kan draaien en in de verkeerde richting vallen. Zaag het scharnier niet door, zoals onderstaand weergegeven.

- Naarmate de zaagsnede voor het vellen in de buurt komt van het scharnierpunt, moet de boom beginnen te vallen. Als de kans bestaat dat de boom niet in de gewenste richting valt of als de boom terugkantelt en de zaagketting vastzet, stop dan het zagen voordat de zaagsnede is voltooid en open met behulp van wiggen de zaagsnede en laat de boom in de gewenste richting vallen. Haal, wanneer de boom begint te vallen de kettingzaag uit te zaagsnede, stop de motor, leg de kettingzaag neer en volg de geplande uitwijkroute. Let op vallende takken boven uw hoofd en kijk waar u uw voeten neerzet.

DEWALT DCMCS575 - Vellen - 2

text_image RICHTING VAN VALLEN 51 mm INKEPING BIJ VELLEN NOK 51 mm SCHARNIERPUNT

Takken afzagen

Het verwijderen van takken van een omgevallen boom. Wanneer u takken afzaagt, laat u grotere takken onderaan zitten zodat de boom van de grond wordt gehouden. Verwijder de kleine takken in één zaagbeweging. Takken die onder spanning staan, moeten van onderaf naar boven worden gezaagd om te voorkomen dat de kettingzaag vast komt te zitten, zoals onderstaand weergegeven. Snoei takken vanaf de overkant en houdt de stam tussen u en de zaag. Maak nooit zaagsneden met de zaag tussen uw benen en klem de af te zagen tak niet tussen uw benen.

DEWALT DCMCS575 - Takken afzagen - 1

Stammen in stukken zagen

WAARSCHUWING: Aanbevolen wordt dat personen kettingzaag voor het eerst gebruiken, een zaagbok gebruiken.

Een gevelde boom of een houtblok in stukken zagen. De manier van zagen is afhankelijk van de ondersteuning van het blok. Maak zo mogelijk gebruik van een zaagbok, zoals onderstaand weergegeven.

DEWALT DCMCS575 - Stammen in stukken zagen - 1

  1. Begin een zaagsnede altijd pas wanneer de zaagketting op volle snelheid draait.

  2. Plaats de onderste punt 23 van de kettingzaag achter de plaats van de eerste zaagsnede, zoals onderstaand weergegeven.

  3. Schakel de kettingzaag in en draai vervolgens de zaagketting en het zwaard omlaag in de boom, gebruik de uitstekende punt daarbij als scharnierpunt.
  4. Bereikt de kettingzaag eenmaal een hoek van 45°, plaats dan de kettingzaag weer in een rechte positie en herhaal deze stappen totdat u de boom volledig hebt doorgezaagd.
  5. Wanneer de boom over de volle lengte wordt ondersteund, maak de zaagsnede dan van boven af, maar zaag niet in de grond, omdat uw zaag dan snel bot wordt.

DEWALT DCMCS575 - Stammen in stukken zagen - 2

text_image ZAAGSNEDE VAN BOVEN (I VOORKOM HET ZAGEN 23

- Wanneer de boom aan één zijde wordt ondersteund, zaag dan eerst tot op 1/3 van de doorsnede van onderen af (inkeping onder). Maak de zaagsnede vervolgens af door van boven af naar de eerste zaagsnede te zagen, zoals onderstaand weergegeven.

DEWALT DCMCS575 - Stammen in stukken zagen - 3

- Bij ondersteuning aan beide uiteinden. Zaag eerst tot op 1/3 vanaf de bovenzijde. Maak vervolgens de zaagsnede af door de boom van boven af voor 2/3 door te zagen naar de eerste zaagsnede toe, zoals onderstaand weergegeven.

DEWALT DCMCS575 - Stammen in stukken zagen - 4

- Wanneer u op een helling staat, ga dan altijd boven het houtblok staan. Wanneer u de boom doorzaagt moet u, om volledige controle te houden, de druk op de zaag aan het

einde van de zaagsnede verminderen, zonder dat u de grip op de handgrepen van de kettingzaag laat afnemen. Laat de ketting niet de grond raken. Wacht, na het voltooien van de zaagsnede, tot de zaagketting tot stilstand is gekomen en verplaats vervolgens pas de kettingzaag. Laat de motor altijd tot stilstand komen tussen twee zaagsneden.

ONDERHOUD

Uw gereedschap op stroom is ontworpen om gedurende een lange tijdsperiode te functioneren met een minimum aan onderhoud. Het continu naar bevrediging functioneren hangt af van de juiste zorg voor het gereedschap en regelmatig schoonmaken.

WAARSCHUWING: Om het gevaar op ernstig op een onlijk letsel te verminderen, zet u het gereedschap uit en ontkoppelt u de accu, voordat u enige aanpassing maakt of hulpstukken of accessoires verwijdert/installeert. Het onbedoeld opstarten kan letsel veroorzaken.

Aan de lader en de accu kan geen onderhoud worden verricht.

Scherpte van zaagketting

VOORZICHTIG: Scherpe ketting. Draag altijd van geidshandschoenen bij het hanteren van de ketting. De ketting is scherp en kan u ook verwonden wanneer het gereedschap is uitgeschakeld.

BELanGRIJk: De zaagtanden worden onmiddellijk bot wanneer ze tijdens het zagen de grond, stenen, metselwerk of een spijker raken.

Voor optimale prestaties van de kettingzaag is het belangrijk dat u de tanden van de zaagketting scherp houdt. U kunt de ketting laten slijpen bij het DEWALT-servicecentrum bij u in de buurt.

OPMERkInG: ledere keer dat de zaagketting wordt geslepen, gaat iets van de goede terugslageigenschappen verloren en moet u extra voorzichtig zijn. Aanbevolen wordt de zaagketting niet meer dan vier keer te slijpen.

DEWALT DCMCS575 - Scherpte van zaagketting - 1

Smering

Uw elektrische gereedschap heeft geen aanvullende smering nodig.

DEWALT DCMCS575 - Smering - 1

Reiniging

WAARSCHUWING: Blaas vuil en stof uit de hoerbehuizing met droge lucht, zo vaak u ziet dat vuil zich in en rond de luchtopeningen ophoopt. Draag goedgekeurde oogbescherming en een goedgekeurd stofmasker als u deze procedure uitvoert. WAARSCHUWING: Gebruik nooit oplosmiddelen of andere bijtende chemicaliën voor het reinigen van niet-metalen onderdelen van het gereedschap. Deze chemicaliën kunnen het materiaal dat in deze onderdelen

is gebruikt verzwakken. Gebruik een doek die uitsluitend met water en milde zeep is bevochtigd. Zorg dat er nooit enige vloeistof in het gereedschap komt; dompel nooit enig onderdeel van het gereedschap in een vloeistof.

Als optie verkrijgbare accessoires

WAARSCHUWING: Omdat accessoires die niet worden heboden door PROTODEWALT, niet met dit product zijn getest, kan het gebruik van dergelijke accessoires met dit gereedschap gevaarlijk zijn. Beperk het risico van letsel, gebruik uitsluitend door PROTODEWALT aanbevolen accessoires met dit product.

Vraag uw dealer nadere informatie over de juiste accessoires.

Bescherming van het milieu

Gescheiden afvalinzameling. Producten en accu's die zijn voorzien van dit symbool mogen niet bij het normale huishoudafval worden weggegooid. Producten en accu's bevatten materialen die kunnen

worden herwonnen en gerecycled waardoor de vraag naar grondstoffen afneemt. Recycle elektrische producten en accu's volgens de ter plaatse geldende voorschriften. Nadere informatie is beschikbaar op www.2helpU.com.

Oplaadbare accu

Deze accu met lange levensduur moet worden opgeladen wanneer de accu niet voldoende vermogen levert voor werkzaamheden die eerder zonder veel moeite werden gedaan. Ruim de accu aan het einde van zijn technische levensduur op en houd daarbij rekening met het milieu:

  • Maak de accu geheel leeg en haal de accu vervolgens uit het gereedschap.
  • Li-lon-cellen kunnen worden gerecycled. Breng ze terug bij uw leverancier of naar het milieupark bij u in de buurt. De ingezamelde accu's zullen worden gerecycled of op juiste wijze tot afval worden verwerkt.

54 V MOTORSAG DCMCS574, DCMCS575

Gratulerer!

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DEWALT

Model : DCMCS575

Categorie : Zaag