MKE-15 - Fornuis MPM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MKE-15 MPM in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MKE-15 - MPM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MKE-15 van het merk MPM.
GEBRUIKSAANWIJZING MKE-15 MPM
Wij hopen dat u tevreden zult zijn met ons product en heten u van harte welkom om gebruik te maken van ons brede assorti- ment
VEILIGHEIDSINSTRUCTIES Lees de gebruiksaanwijzing voor gebruik. Het apparaat is alleen bestemd voor huishou
delijk gebruik. Omdat de inductiekookplaat snel reageert op warmte, mag u de inductiekookplaat niet onbe- heerd achterlaten als deze eenmaal is ingesteld op een hoge warmtestand.
Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik bui- tenshuis. Let bij het koken op de hoge opwarmsnelheid van de verwarmingszone.
Gebruik voor inductiekookplaten speciaal aan- gepast kookgerei met een dikke bodem.
Plaats geen leeg serviesgoed op de ingescha- kelde verwarmingszone om oververhitting te voorkomen.
Voorzichtigheid is geboden bij het koken van melk in speciale potten, omdat het water on- gecontroleerd kan opkoken waardoor de pot of het apparaat beschadigd kan raken.
Als het koken klaar is, schakelt u de verwar
mingszone uit met de knop.
Laat het apparaat niet zonder toezicht achter terwijl het in gebruik is.
Oliën en vetten kunnen door hun hoge tem- peraturen heel gemakkelijk ontbranden. Wees extra voorzichtig bij het bereiden van voedsel dat bovengenoemde ingrediënten bevat. Bran-99
dende vetten mogen nooit met water worden geblust. Dek het vat af met een deksel en schakel de verwarmingszone uit.
Laat geen harde voorwerpen op het kook- oppervlak vallen. Een te hoge schokbelasting kan permanente schade aan het glasoppervlak veroorzaken.
Als er schade (bijv. scheuren, krassen, afschilfe- ring) wordt aangetroffen op het apparaat, moet het onmiddellijk worden uitgeschakeld omdat er dan gevaar voor elektrische schokken bestaat.
Als het om een of andere reden niet mogelijk is om de verwarmingszone uit te schakelen (bijv. als de regelmodule defect is), trek dan de stek
ker uit het stopcontact of schakel de zekeringen in de zekeringkast uit en meld de storing bij de serviceorganisatie.
Het netsnoer van de kookplaat mag niet in con- tact komen met de verwarmingszones.
De verwarmingskookplaat mag niet worden gebruikt om er voorwerpen op te bewaren. Plaats de schijf op een harde, vlakke en droge ondergrond voordat u deze gebruikt. De kookplaat heeft een veiligheidssysteem dat de stroom naar de verwarmingszone uitschakelt wanneer het kookgerei wordt verplaatst of vol- ledig uit de verwarmingszone wordt verwijderd. Plaats geen brandbare voorwerpen onder de kookplaat, want dat kan brand veroorzaken.100
Let op metalen voorwerpen die je bij je draagt (bijv. sleutels, sieraden). Ze kunnen heet worden en brandwonden veroorzaken. Dit geldt niet alleen voor voorwerpen die geen magnetische eigenschappen vertonen (bijv. zilver, goud).
Gesloten blikken of andere dergelijke verpak- kingen mogen niet verhit worden, omdat de toename van warmte-energie binnenin kan leiden tot gewelddadige breuk.
Houd de sensorknoppen schoon. Er mogen geen voorwerpen op worden geplaatst.
Als de inhoud van de kookplaat eruit springt en de sensorknoppen overspoelen, haal dan de stekker uit het stopcontact, wacht tot de kookplaat is afgekoeld en maak hem schoon.
Het verwarmingsoppervlak is heet. Wees voor- zichtig als er kleine kinderen in de buurt van het apparaat zijn.
Na langdurig gebruik kunnen de werkopper- vlakken van de plaat nog heet zijn. Raak het oppervlak niet aan, want er is kans op brand- wonden. Het is raadzaam om regelmatig te controleren of er zich geen voorwerpen rond de luchtinla
ten van de plaat bevinden die de luchttoevoer kunnen belemmeren.
De voedingskabel moet regelmatig worden gecontroleerd op tekenen van beschadiging. Gebruik het apparaat niet als de kabel bescha-101
digd is. In dit geval moet u naar een erkend ser- vicecentrum gaan om de storing te verhelpen.
Gebruik het apparaat niet op plaatsen met hoge temperaturen, zoals in de buurt van gasfornuizen. Maak de kookplaat regelmatig schoon.
De apparatuur is niet ontworpen om externe timers of een aparte afstandsbediening te ge- bruiken. Het apparaat mag gebruikt worden door kin
deren vanaf 8 jaar en ouder en door personen met beperkte fysieke of mentale vermogens of met gebrek aan ervaring of kennis, wanneer zij het apparaat onder toezicht gebruiken of zijn geïnstrueerd over het veilige gebruik ervan en zij de daaruit voortkomende gevaren begrijpen. Het apparaat mag niet door kinderen zonder toezicht worden gereinigd of onderhouden.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Wanneer u de stekker uit het stopcontact haalt, trek dan aan de stekker, niet aan het snoer.
Steek de stekker niet in het stopcontact met natte handen. Houd het apparaat en het snoer buiten bereik van kinderen jonger dan 8 jaar.
Laat voor de veiligheid van kinderen de ver- pakkingsonderdelen niet vrij toegankelijk achter (plastic zakken, kartonnen dozen, polystyreen enz.).102
Gebruik het apparaat niet voor andere doel- einden dan het bedoeld is. Dompel het apparaat, het snoer en de stekker niet onder in water of andere vloeistoffen.
WAARSCHUWING! Laat kinderen niet met de plastic zakken spelen. Verstikkingsgevaar! Let op! Schakel de apparatuur uit als het op- pervlak gebarsten is om de kans op een elek- trische schok te voorkomen.
WAARSCHUWING! Gebruik het apparaat niet in de buurt van badkuipen, douches, wasta- fels of andere reservoirs die water of andere vloeistoffen bevatten.
Let op! Plaats geen metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels op de pan, omdat deze heet kunnen worden. WAARSCHUWING! Heet oppervlak! Het symbool op het apparaat geeft aan dat de onderdelen heet kunnen worden tijdens het gebruik. De kookplaat kan heet zijn wanneer het koken klaar is. Pas op dat je je niet verbrandt. LET OP! Raak de hete kookplaat niet aan. Als de apparatuur in werking is, kan de tem
peratuur hoger van de toegankelijke opper- vlakken zijn. Blokkeer de ventilatieopeningen niet.103
1. Verwarmingsveld met een maximaal
ax. aanraakknop AAN/UIT ay. Vergrendelknop met voelbaar toetsenbord az. tiptoets voor de timerfunctie (TIMER) ba. tiptoets om temperatuur/ verwarmingsvermogen te selecteren bb. controlelampjes verwarmings- vermogen/temperatuur/ minuten bc. LED-scherm bd. knop voor het veranderen van functiewaarden
3. Ventilatieopeningen
1. De inductiekookplaat genereert een sterk magnetisch veld, dat wervelstromen induceert in
de bodem van het kookgerei, die verantwoordelijk zijn voor de warmteontwikkeling. Daarom wordt alleen de pan verwarmd en niet de elementen van de inductiekookplaat. Dit leidt tot aanzienlijke besparingen op het elektriciteitsverbruik en verkort de kooktijden aanzienlijk.
2. Zorg ervoor dat het kookgerei dat je gebruikt geschikt is voor inductie. Gebruik geen potten
zonder platte bodem, met pootjes en potten met een diameter van minder dan 12 cm en meer dan 26 cm. Gebruik geen glaswerk, aardewerk of aluminium.
3. Houd de pan en het bedieningspaneel altijd schoon. Bedien het toetsenbord altijd met droge
vingers en stevige bewegingen.
4. Het kooktoestel is uitgerust met een systeem dat bescherming biedt tegen overmatige span
ningsstijging of -daling. Bij zeer grote spanningsveranderingen meldt de keuken een overeen- komstige fout (zie tabel).
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
1. Haal het apparaat uit de doos, verwijder alle zakken, stickers en transportvergrendelingen.
2. Controleer het toestel op eventuele schade tijdens het transport. Als u twijfels hebt over de
prestaties van de apparatuur, start deze dan niet op - stel de dealer onmiddellijk op de hoogte.
3. Reinig het apparaat zoals beschreven in het hoofdstuk „REINIGING EN ONDERHOUD”.
4. Zorg ervoor dat de netparameters op de installatielocatie van het apparaat overeenkomen
met die op het typeplaatje van het product. BEDIENING
1. Plaats het apparaat op een harde, vlakke en droge ondergrond.
2. Steek de stekker van het netsnoer in het stopcontact.
3. Plaats een geschikt kookgerei op het kookveld van de pan (1). Elke poging om het verwar
mingsproces te starten zonder de pan op de kookplaat of met een ongeschikte pan wordt gesignaleerd door de melding „EO” op het display (2f).
4. Schakel het apparaat in met de aan/uit-schakelaar (2a) en gebruik vervolgens de functiekeu
zeschakelaar (2d) om de verwarmingsparameters te selecteren. Als er na het inschakelen geen actie wordt ondernomen, wordt de keuken na 30 seconden uitgeschakeld.104
Verwarmingsvermogen - gebruik de functiekeuzeknop (2d) om het verwarmingsver- mogen te selecteren - het indicatielampje “P” gaat branden om aan te geven dat het verwarmingsproces is gestart. Gebruik vervolgens de knop (2g) om de gewenste ver- mogenswaarde in te stellen. Je kunt de kracht kiezen: 200, 400, 600, 800, 1000, 1200, 1400, 1600, 1800, 2000 W. Hoe hoger het wattage, hoe sneller de pan op- warmt, wat de bereidingstijd aanzienlijk verkort. Je kunt de vermogensinstellingen op elk moment tijdens het koken aanpassen. Verwarmingstemperatuur - als de prioriteit tijdens het verwarmen bij temperatuur ligt, gebruik dan de functiekeuzeknop (2d) om de temperatuur te selecteren - het indica- tielampje (°C) gaat branden om aan te geven dat het verwarmingsproces is gestart. Gebruik vervolgens de knop (2g) om de gewenste temperatuur in te stellen. Je kunt kiezen uit 60, 80, 100, 120, 140, 160, 180, 200, 220, 240 °C. Je kunt de temperatuurin- stellingen op elk moment tijdens het koken aanpassen. LET OP! Als je geen inschakeltijd opgeeft voor de kookplaat, schakelt deze automatisch uit na 120 minuten. Opwarmtijd - u kunt instellen tussen 0 en 180 minuten . Gebruik de timerfunctieknop (2c) om de timer te selecteren - het timerlampje gaat branden. Gebruik de knop (2g) om de verwarmingstijd in minuten in te stellen (rechtsom draaien voegt 10 minuten toe en linksom draaien trekt individuele minuten af) en wacht even - de ingestelde waarde licht continu op om aan te geven dat de tijd begint af te tellen. De keuken toont dan afwisselend verstreken tijd en vermogen of temperatuur. Nadat de vooraf ingestelde tijd is verstre- ken, schakelt de kookplaat uit, wat wordt aangegeven door een geluidssignaal. FUNCTIE TOETSENBORD BLOKKEREN - Houd de knop (2b) ingedrukt om het toetsenbord te vergrendelen of te ontgrendelen.
5. Het verwarmingsproces wordt automatisch onderbroken („EO”-melding) wanneer de pan
wordt opgetild of wanneer de pan/pan van het kookoppervlak wordt neergezet. Wanneer de pan/pan binnen 60 seconden na het neerzetten weer op de kookzone wordt geplaatst, zal de kookplaat weer gaan werken op de vooraf ingestelde waarden. De pan schakelt automatisch uit als het kookgerei langere tijd uit staat.
6. Het verwarmingsproces kan op elk moment worden onderbroken met de schakelaar (2a).
LET OP! De kookplaat kan heet zijn na het koken. Pas op dat je je niet verbrandt.
7. Haal het kookgerei na het opwarmen uit het opwarmveld, maar schakel de pan pas uit van het
lichtnet als de koelventilator is gestopt met werken. Pas nadat het fornuis is uitgeschakeld, kan het veilig van het lichtnet worden losgekoppeld.
8. Reinig het toestel zodra de disc is afgekoeld (zie hoofdstuk „REINIGING EN ONDERHOUD”).105
E0 Geen pot/pan op het verwarmingsveld. Ongepast vaartuig. Plaats de pan op het verwarmingsveld. Controleer of het kookgerei geschikt is voor gebruik op een inductiekookplaat E2 Elektrische storing/ kortsluiting Neem contact op met een erkend servicecentrum, koppel het apparaat los van de voeding E3 Voedingsspanning te hoog Controleer of de parameters van de voeding overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van de kookplaat. E4 Voedingsspanning te laag Controleer of de voeding overeenkomt met de gegevens op het typeplaatje van de kookplaat. E5 of E6 Apparaat oververhit of koelventilator(en) defect Schakel het apparaat uit. Wacht tot het is afgekoeld, reinig de luchtopeningen en start de pan opnieuw. Neem contact op met een erkend servicecentrum
REINIGING EN ONDERHOUD
Het apparaat moet na elk gebruik worden gereinigd. LET OP! Haal de stekker uit het stopcontact en wacht tot het apparaat volledig is afgekoeld na gebruik voordat u reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Gebruik geen benzine, verdunners, borstels of pasta om de plaat schoon te maken. Neem het apparaat af met een vochtige doek met afwasmiddel. Gebruik een stofzui- ger om vuil van de luchttoevoer en het ventilatorrooster te verwijderen. Reinig het keramische oppervlak en het bedieningspaneel met een zachte, vochtige doek en een milde reiniger voor het keramische oppervlak. Zorg dat er geen water op de appara- tuur druppelt (als er water in de apparatuur komt, kan er schade ontstaan). LET OP! Dompel het apparaat of het netsnoer nooit onder in water of een andere vloeistof.106
TECHNISCHE GEGEVENS MODEL MKE-15 Spanning: 220-240V ~ 50/60Hz Jauda: 2000 W Beschikbaarheid van uit- en stand-bymodus beschikbaarheid Stroomverbruik in stand-by 0,71W Stroomverbruik in uit-modus
Stroomverbruik in stand-bymodus
Gaat automatisch naar de stand-bymodus na 3 min. Gaat automatisch naar de uitschakelmodus na - Netwerk stand-bymodus als het apparaat de functie heeft om verbinding te maken met de applicatie
Lengte van het netsnoer: 1,5 M. LET op! MPM agd S.A. behoudt zich het recht voor om technische wijzigingen aan te brengen! Deze handleiding is automatisch vertaald. Als u twijfelt, lees dan de Engelse versie. Correcte verwijdering van dit product (elektrische en elektronische afvalapparatuur) De markering op het product geeft aan dat het product aan het einde van zijn levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. Afgedankte apparatuur kan een nadelig ef- fect hebben op het milieu en de menselijke gezondheid vanwege het mogelijke gehalte aan gevaar- lijke stoffen, mengsels en componenten. Het mengen van elektronisch afval met ander afval of het onprofessioneel demonteren daarvan kan leiden tot het vrijkomen van stoffen die schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu. Een afgedankt apparaat moet worden ingeleverd bij een inzamelpunt voor afge- dankte elektrische en elektronische apparatuur. Om gedetailleerde informatie te verkrijgen over de plaats van het inleveren van elektrisch en elektronisch afval, dient de gebruiker contact op te nemen met het gemeentelijk inzamelpunt voor afval of de verwerkingspunt voor afgedankte apparatuur.107
Notice-Facile