DGCCS 1825 - Zaag Deltafox - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DGCCS 1825 Deltafox in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DGCCS 1825 Deltafox
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DGCCS 1825 - Deltafox en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DGCCS 1825 van het merk Deltafox.
GEBRUIKSAANWIJZING DGCCS 1825 Deltafox
- Inhoud Gebruik p. 52
- Algemene beschrijving p. 53
- Omvang van de levering p. 53
- Functiebeschrijving p. 53
- Overzicht p. 53
- Technische gegevens p. 54
- Veiligheidsvoorschriften p. 54
- Symbolen p. 55
- Algemene veiligheidsinstructies voor elektrisch gereedschap p. 56
- Veiligheidsfunkties p. 61
- Ingebruikname p. 62
- Zwaard monteren Zaagketting monteren p. 62
- Ketting aanspannen p. 63
- Kettingsmering p. 63
- Bediening p. 64
- Indicator laadstand p. 64
- Accu aanbrengen/verwijderen p. 64
- Starten p. 64
- Kettingrem kontroleren p. 64
- Automatische oliebevloeiing kontroleren p. 65
- Zwaard/Kettingrem vervangen p. 65
- Zaagtechnieken p. 65
- Allgemeen p. 65
- Doorzagen p. 66
- Snoeien p. 67
- Bomen vellen p. 67
- Onderhoud en reiniging p. 69
- Reiniging p. 69
- Ketting slijpen p. 69
- Spanning instellen p. 70
- Nieuwe ketting laten inlopen p. 70
- Zwaard onderhouden p. 71
- Onderhoudsintervallen p. 71
- Bewaren p. 72
- Berging en milieu p. 72
- Garantie p. 72
- Reparatieservice p. 73
- Vervangstukken/Accessoires p. 73
- Foutmeldingen p. 74
- Lees voor de inbedrijfstelling deze bedieningshandleiding aandachtig door. Be- waar de handleiding goed en geef deze door aan de volgende gebruiker van deze soldeerbout, zodat iedere gebruiker te allen tijde kan beschikken over de informatie. Vertaling van de originele CE-conformiteitsverklaring p. 210
- Explosietekening p. 217
- Service-Center Gebruik De akku-kettingzaag is enkel voor het zagen van hout gekonstrueerd. Voor alle andere toepassingen (bv. het snijden van metselwerk, kunststoen of levensmidde- len) is de zaag niet geschikt. De ketting- zaag is voor de doe-het-zelver bedoeld. Ze werd niet voor industriëel langdurig gebruik ontwikkeld. De machine is voor gebruik door volwas- senen bedoeld. Jongeren onder de 16 jaar mogen enkel onder toezicht de ketting- zaag gebruiken. De producent is niet verantwoordelijk voor schade die veroorzaakt wordt door foute bediening of door gebruik bij toepassingen waarvoor de zaag niet geschikt is. Deze elektrische kettingzaag mag slechts door één persoon en uitsluitend voor het zagen van hout gebruikt worden. De ketting- zaag moet met de rechterhand aan de ach- terste handgreep en met de linkerhand aan de voorste handgreep vastgehouden wor- den. Vóór gebruik van de kettingzaag moet de gebruiker alle in de gebruiksaanwijzing vermelde opmerkingen en aanwijzingen53 p. 219
Leveringsinhoud bij art.nr. 72030314 Apparaat ZONDER accu - Akku-Kettingzaag - Zwaard - Ketting - Beschermkoker voor zwaard - 180 ml bio-kettingolie - Gebruiksaanwijzing Zorg voor een reglementair voorgeschre- ven afvalverwijdering van het verpakkings- materiaal. Functiebeschrijving De rondlopende ketting loopt over een zwaard (geleidingsrails). Het apparaat is uitgerust met een snel- spansysteem voor de ketting en een snel- stop-kettingrem. Door de automatische olievoorziening wordt de ketting continu gesmeerd. Ter bescherming van de gebruiker is de kettingzaag voorzien van verschillende veiligheidsvoorzieningen. Hieronder wordt de functie van de bedie- ningsonderdelen omschreven. Overzicht 1 achterste handvat 2 olietankdop 3 kettingremhendel/ voorste handvat 4 zwaard 5 ketting 6 Neuswiel 7 klemhendel 8 voorste handvat 9 Motor (niet zichtbaar) 10 startvergrendeling 11 aan- en uitschakelaar 12 Kettingvanger (niet zichtbaar) gelezen en begrepen hebben. De gebruiker moet gepaste persoonlijke beschermings- middelen (PBM) dragen. Met de kettingzaag mag uitsluitend hout gezaagd worden. Ma- terialen zoals bijvoorbeeld kunststof, steen, metaal of hout dat vreemde voorwerpen (bijvoorbeeld spijkers of schroeven) omvat, mogen niet behandeld worden! Algemene beschrijving De afbeeldingen voor de bediening van het apparaat vindt u op de pagi- na’s 2-4. Omvang van de levering Pak het apparaat uit en controleer, of de inhoud volledig is: Leveringsinhoud bij art.nr. 72030312 Apparaat MET accu - Akku-Kettingzaag - Zwaard - Ketting - Beschermkoker voor zwaard - 180 ml bio-kettingolie - 1 Accu - Laadtoestel - Gebruiksaanwijzing Accu/ Laadtoestel - Gebruiksaanwijzing Leveringsinhoud bij art.nr. 72030313 Apparaat MET accu - Akku-Kettingzaag - Zwaard - Ketting - Beschermkoker voor zwaard - 180 ml bio-kettingolie - 2 Accu - Laadtoestel - Gebruiksaanwijzing Accu/ Laadtoestel - Gebruiksaanwijzing54
13 Bevestigingsschroef voor kettingwielkapwheel covering 14 Kettingopspanring 15 Kettingwielkap 16 Achterste handbescherming 17 Geleiderail voor accu 18 Beschermkoker voor zwaard 19 Accu 20 Laadtoestel 21 Kettingolie 22 Kettingrondsel 23 Railpin 24 Nok 25 Houder kettingspanbalkje 26 Kettingspanbalkje 27 Oliestandindicati
De aangegeven trillingemissiewaarde werd volgens een genormaliseerd testme- thode gemeten en kan ter vergelijking van een stuk elektrisch gereedschap met een ander gebruikt worden. De aangegeven trillingemissiewaarde kan ook voor een inleidende inschatting van de blootstelling benut worden. Waarschuwing: Afhankelijk van de manier, waar- op het elektrische gereedschap gebruikt wordt, kan de trilingemis- siewaarde tijdens het eectieve gebruik van het elektrische gereed- schap van de aangegeven waarde verschillen. Probeer de belasting door trillingen zo gering mogelijk te houden. Voor- beeldmaatregelen voor de reductie van trillingsbelasting zijn het dragen van handschoenen bij het gebruik van het gereedschap en de beper- king van de werktijd. Daarbij moeten alle delen van de bedrijfscyclus in acht worden genomen (bij voorbeeld tijden, waarop het elektrische werk- tuig is uitgeschakeld en tijden waarin het weliswaar is ingeschakeld, maar zonder belasting draait). Veiligheidsvoorschriften Dit gedeelte behandelt de fundamentele veiligheidsrichtlijnen bij het werken met de elektrische kettingzaag. Maakt u zich vooraleer u met de akku-kettingzaag gaat werken met alle onderdelen vertrouwd. Oefen het hanteren van de zaag (doorzagen van rond hout op een zaagbok) en vraag uitleg aan een ervaren gebruiker of een vakman i.v.m.het functioneren, werkwijze en zaagtechnieken.55
Symbolen Symbolen op de zaag Een elektrische kettingzaag is een gevaarlijke machine, die bij fout of slordig gebruik ernstige of zelfs dodelijke verwondingen kan ver- oorzaken. Let daarom op volgende richtlijnen voor zowel uw veiligheid als voor die van anderen en vraag bij onzekerheden een vakman om raad. Lees aandachtig de gebruiksaan- wijzing die bij de machine hoort! Draag een persoonlijke veiligheids- uitrusting. Draag vooral een veilig- heidsbril of een veiligheidsmasker, bescherming voor de oren, veilig- heidshelm of snijvaste werkkledij.
Beschermende kledij gebruiken Draag veiligheidshandschoenen om snijwonden te voorkomen. Draag snijvaste veiligheidslaarzen met anti-slip-zolen. Hou de machine met beide handen vast. Opgepast! Terugslag – let op voor terugslag van de machine Stel de machine niet bloot aan vocht. De machine mag noch vochtig zijn noch in vochtige omgev- ing gebruikt worden. Verwijder de accu vóór onderhoudswerkzaamheden. Gegarandeerd akoestisch niveau Zaaglengte Machines horen niet bij huishoudelijk afval thuis. Pictogram onder de kettingwielafdekking: Looprichting van de zaagketting in acht ne- men. Let op! Lees de gebruiksaanwijzing. Pictogram op het zwaard: Looprichting van de zaagketting Pictogram op de olietankdop: Zaagketting oliën Pictogram op de bevestigingsschroef voor de kettingwielafdekking: OPEN DICHT Pictogram op de kettingremhendel: Kettingrem Pictogram op de schroef voor het ket- ting-snelspansysteem: lossen aanspannen56
Symbolen in de handleiding Gevaarsymbolen met gegevens ter preventie van lichamelijke letsels en materiële schade. Gebodsteken (in plaats van het uitroepingsteken is het gebod toe- gelicht) met gegevens ter preventie van beschadigingen. Aanwijzingsteken met informatie voor een betere omgang met het apparaat. Algemene veiligheidsinstructies voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidsinstructies en aanwij- zingen. Verzuim bij de naleving van de veiligheidsinstructies en aan- wijzingen kan een elektrische schok, brand en/of ernstige verwondingen veroorzaken. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzing voor de toekomst. Het in de veiligheidsinstructies gebruikte begrip „Elektrisch gereedschap“ heeft be- trekking op elektrisch gereedschap met netvoeding (met netsnoer) en op elektrisch gereedschap met batterijvoeding (zonder netsnoer).
1) VEILIGHEID OP DE WERKPLAATS
a) Houd uw werkruimte netjes en goed verlicht. Wanorde of onverlichte werkom- gevingen kunnen tot ongevallen leiden. b) Werk met het elektrische gereed- schap niet in een explosieve omge- ving, waarin er zich brandbare vloei- stoen, gassen of stoen bevinden. Elektrisch gereedschap produceert von- ken, die het stof of de dampen kunnen doen ontsteken. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap op een veilige afstand. In geval van aeiding kunt u de controle over het apparaat verliezen.
2) ELEKTRISCHE VEILIGHEID
a) De aansluitstekker van het elektri- sche gereedschap moet in het stop- contact passen. De stekker mag op geen enkele manier veranderd wor- den. Gebruik geen adapterstekkers samen met geaard elektrisch ge- reedschap. Ongewijzigde stekkers en passende stopcontacten doen het risico voor een elektrische schok afnemen. b) Vermijd lichamelijk contact met geaarde oppervlakken, zoals van buizen, verwarmingsinstallaties, for- nuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok als uw lichaam geaard is.
Houd elektrisch gereedschap op een veilige afstand tot regen of nattigheid. Het binnendringen van water in elek- trisch gereedschap doet het risico voor een elektrische schok toenemen.
Gebruik het snoer niet voor een ander doeleinde om het elektrische gereedschap te dragen, op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer op een veilige afstand tot hitte, olie, scherpe kanten of bewegende apparaaton- derdelen. Beschadigde of verstrikt ge- raakte snoeren doen het risico voor een elektrische schok toenemen. e) Als u met elektrisch gereedschap in de open lucht werkt, maakt u enkel gebruik van verlengsnoeren, die ook voor buiten geschikt zijn. Het gebruik van een voor buiten geschikt verleng-57
snoer doet het risico voor een elektri- sche schok afnemen. f) Als de werking van het elektrische gereedschap in een vochtige omge- ving niet te vermijden is, maakt u ge- bruik van een RCD (Residual Current Device) met een uitschakelstroom van 30 mA of minder. Het gebruik van een RCD doet het risico voor een elek- trische schok afnemen.
3) VEILIGHEID VAN PERSONEN
Let erop dat er geen toestem- ming wordt gegeven om het apparaat te gebruiken aan kin- deren, personen met beperkte ichamelijke, sensorische of geestelijke vermogens of ontoe- reikende ervaring en kennis of aan personen die niet vertrouwd zijn met deze gebruiksaanwijzin- gen. Lokale voorschriften kunnen een leeftijdsbeperking vastleggen voor de gebruikers. a) Wees aandachtig, let erop wat u doet en ga verstandig aan het werk met elektrisch gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap als u moe bent of onder de invloed van drugs, alcohol of medicijnen staat. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.
Draag persoonlijke beschermings- uitrusting en altijd een beschermbril. Het dragen van een persoonlijke be- schermingsuitrusting, zoals stofmasker, slipvrije veiligheidsschoenen, bescher- mende helm of gehoorbescherming, al naargelang de aard en de toepassing van het elektrische gereedschap, doet het risico voor verwondingen afnemen.
Vermijd een onopzettelijke ingebruik- name. Vergewis u dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u het op de stroomvoorziening en/ of de accu aansluit, het opneemt of draagt. Als u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of het apparaat inge- schakeld p de stroomvoorziening aan- sluit, kan dit tot ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschap of schroefsleutel voordat u het elek- trische gereedschap inschakelt. Gereedschap of een sleutel, die zich in een draaiend apparaatonderdeel be- vindt, kan tot verwondingen leiden. e) Vermijd een abnormale lichaams- houding. Zorg voor een veilige stand en houd te allen tijde uw evenwicht. Daardoor kunt u het elektrische ge- reedschap in onverwachte situaties beter controleren. f) Draag geschikte kledij. Draag geen ruimzittende kleding of sieraden. Houd haar, kledij en handschoenen op een veilige afstand tot bewegende onderdelen. Loszittende kledij, sieraden of lang haar kan/kunnen door bewegen- de onderdelen vastgegrepen worden. g) Als er stofafzuig- en –opvanginrich- tingen gemonteerd kunnen worden, vergewist u zich dat deze aangeslo- ten zijn en correct gebruikt worden. Gebruik van een stofafzuiginrichting kan gevaren door stof doen afnemen. h) Waarschuwing! Dit elektrische gereed- schap produceert tijdens de werking een elektromagnetisch veld. Dit veld kan in bepaalde omstandigheden ac- tieve of passieve medische implantaten in negatieve zin beïnvloeden. Om het gevaar voor ernstige of dodelijke ver- wondingen te verminderen, adviseren wij personen met medische implanta- ten, hun arts en de fabrikant van het58
Deze voorzorgsmaatregel voorkomt een onopzettelijke start van het elektri- sche gereedschap
Bewaar ongebruikt elektrisch gereed- schap buiten het bereik van kinderen. Laat personen het apparaat niet ge- bruiken, die daarmee niet vertrouwd zijn of deze aanwijzingen niet gelezen hebben. Elektrisch gereedschap is ge- vaarlijk als het door onervaren personen gebruikt wordt. e) Verzorg elektrisch gereedschap met zorg. Controleer, of beweegbare onderdelen foutloos functioneren en niet klemmen, of er onderdelen gebroken of zodanig beschadigd zijn, dat de werking van het elektrische gereedschap in negatieve zin beïn- vloed wordt. Laat beschadigde onder- delen vóór het gebruik van het apparaat repareren. Tal van ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
Houd snijd-/snoeigereedschap scherp en netjes. Zorgvuldig onderhouden snijd-/snoeigereedschap met scherpe snijdkanten geraken minder gekneld en is gemakkelijker te bedienen. g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, gebruiksgereedschap enz. in overeenstemming met deze aanwijzingen. Houd daarbij rekening met de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren activiteit. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. h) Let erop dat luchtopeningen vrij van vervuiling zijn. medische implantaat te raadplegen voordat de machine bediend wordt.
i) Wissel regelmatig van werkpositie. Een
langer gebruik van het apparaat kan tot door trillingen veroorzaakte door- bloedingsstoornissen van de handen leiden. U kunt de gebruiksduur echter door geschikte handschoenen of regel- matige pauzes verlengen. Let erop dat de persoonlijke aanleg voor een slech- te doorbloeding, lage buitentemperatu- ren of grote grijpkrachten bij het werken de gebruiksduur verkorten.
a) Overbelast het apparaat niet. Ge- bruik voor uw werk het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereed- schap werkt u beter en veiliger in het aangegeven vermogensgebied.
Gebruik geen elektrisch gereedschap, waarvan de schakelaar defect is. Elek- trisch gereedschap, dat niet meer in- of uitgeschakeld kan worden, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden.
Trek de stekker uit het stopcontact en/of verwijder de accu voordat u apparaatinstellingen doorvoert. - toebehoren wisselen of het appa raat wegleggen. - wanneer de gebruiker de machine onbeheerd achterlaat. - voordat u verstoppingen verwijdert. - voordat de machine gecontroleerd of gereinigd wordt of eraan gewerkt wordt. - na het aanraken van een vreemd voorwerp om het apparaat te contro- leren op schade. - voor een onmiddellijke controle, wanneer het apparaat sterk begint te trillen.59
- Laad de accu’s alleen op in accula- ders,die door de producent aanbevo- len worden. Voor een acculader die geschikt is voor een bepaalde soort accu’s bestaat brandgevaar als hij met andere accu’s gebruikt wordt.
- Gebruik alleen de daarvoor voorzie- ne accu’s in de elektrowerktuigen. Het gebruik van andere accu’s kan tot verwondingen en brandgevaar leiden.
- Houd de niet-gebruikte accu uit de buurt van paperclips, munten, sleu- tels, nagels, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen, die een overbrugging van de contacten zou- den kunnen veroorzaken. Een kort- sluiting tussen de accucontacten kan tot brandwonden of brand leiden.
- Bij verkeerd gebruik kan vloeistof uit de accu vrijkomen. Vermijd contact daarmee. Bij toevallig contact met water afspoelen. Als de vloeistof in de ogen komt, moet u bovendien een arts consul- teren. Vrijkomende accuvloeistof kan tot geïrriteerde huid of brandwonden leiden.
a) Laat uw elektrisch gereedschap uitsluitend door gekwaliceerd, vak- kundig geschoold personeel en en- kel met originele reserveonderdelen repareren. Daardoor wordt verzekerd dat de veiligheid van het elektrische gereedschap in stand gehouden wordt.
7) VEILIGHEIDSINSTRUCTIES VOOR
KETTINGZAGEN a) Houd bij een in werking zijnde zaag alle lichaamsdelen op een veilige af- stand tot de kettingzaag. Vergewis u vóór het starten van de zaag dat de kettingzaag niets raakt. Bij het wer- ken met een kettingzaag kan een mo- ment van onoplettendheid ertoe leiden dat bekleding of lichaamsdelen door de kettingzaag vastgegrepen worden. b) Houd de kettingzaag altijd met uw rechterhand aan de achterste hand- greep en uw linkerhand aan de voor- ste handgreep. Het vasthouden van de kettingzaag in een omgekeerde werk- houding verhoogt het risico voor verwon- dingen en mag niet toegepast worden. c) Draag beschermbril en gehoorbe- scherming. Bijkomende bescher- mingsuitrusting voor hoofd, handen, benen en voeten wordt aanbevolen. Passende beschermende kledij doet het gevaar afnemen voor verwondin- gen door rondslingerend spaanmateri- aal en een toevallige aanraking van de kettingzaag. d) Werk met de kettingzaag niet op een boom. Bij de werking van de ketting- zaag op een boom bestaat er gevaar voor verwondingen. e) Let op een vaste stand en gebruik de kettingzaag enkel als u op een vaste, veilige en een grond staat. Een glibbe- rige ondergrond of onstabiele standvlak- ken zoals op een ladder kunnen tot verlies van het evenwicht of tot verlies van de controle over de kettingzaag leiden. f) Houd er bij het snoeien van een on- der spanning staande tak rekening mee dat deze laatste terugveert. Wanneer de spanning in de houtvezels vrijkomt, kan de gespannen tak de per- soon, die de kettingzaag bedient, raken60
en/of de kettingzaag en de controle over de kettingzaag afhandig maken. g) Wees uiterst voorzichtig bij het snoeien van onderhout en jonge bomen. Het dunne materiaal kan in de kettingzaag verstrikt geraken en op u slaan of u uit uw evenwicht brengen. h) Draag de kettingzaag aan de voor- ste handgreep in de uitgeschakelde toestand, de zaagketting van uw lichaam afgewend. Bij transport of bewaring van de kettingzaag steeds de beschermende afdekking opzet- ten. Een zorgvuldige omgang met de kettingzaag doet de waarschijnlijkheid van een onopzettelijke aanraking van de in werking zijnde kettingzaag afnemen.
i) Volg de aanwijzingen voor de sme-
ring, de kettingspanning en de wissel van toebehoren. Een onoor- deelkundig gespannen of gesmeerde ketting kan ofwel scheuren, ofwel het risico voor terugslag doen toenemen. k) Houd handgrepen droog, netjes en vrij van olie en vet. Vettige, olieachti- ge handgrepen zijn glibberig en leiden ertoe dat u de controle verliest. l) Enkel hout zagen. De kettingzaag niet gebruiken voor werkzaamheden, waarvoor ze niet bestemd is. Voor- beeld: gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van plastic, metsel- werk of bouwmaterialen, die niet van hout zijn. Het gebruik van de ketting- zaag voor niet-doelmatige werkzaamhe- den kan tot gevaarlijke situaties leiden. m) Houd het elektrische gereedschap uitsluitend aan de geïsoleerde hand- greepoppervlakken vast omdat de zaagketting in contact met verborgen stroomleidingen kan komen. Het con- tact van de zaagketting met een span- ningvoerende leiding kan metalen appa- raatonderdelen onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.
8) OORZAKEN EN PREVENTIE VAN
EEN TERUGSLAG Opgepast terugslag! Let tijdens het werken op terugslag van de machine. Er bestaat verwonding- gevaar. U kan terugslag vermijden door behoedzaamheid en de juiste zaagtechniek. afb 1 Een terugslag kan zich voordoen als het uiteinde van de geleiderail een voorwerp raakt of wanneer het hout buigt en de zaagketting in de snede gekneld geraakt (zie afb. b). Een aanraking van het uiteinde van de rail kan in sommige gevallen tot een onve- rwachtse, achterwaarts gerichte reactie leiden, waarbij de geleiderail naar boven en in de richting van de persoon, die de kettingzaag bedient, geslagen wordt (zie afb. a). Het vastzitten van de kettingzaag aan de bovenkant van de geleiderail kan de rail heftig terug in de richting van de persoon, die de kettingzaag bedient, stoten. Iedere van deze reacties kan ertoe leiden dat u de controle over de zaag verliest en u zich mogelijkerwijs ernstig verwondt. Vertrouw niet uitsluitend op de in de ket- tingzaag gemonteerde veiligheidsvoorzie- ningen. Als gebruiker van een kettingzaag dient u verschillende maatregelen te tref- fen om vrij van ongevallen en verwondin- gen te kunnen werken.61
b) Gehoorschade indien er geen geschikte gehoorbescherming gedragen wordt. c) Schade aan de gezondheid, die van hand-/armtrillingen het gevolg zijn indien het apparaat gedurende een langere periode gebruikt wordt of niet zoals re- glementair voorgeschreven beheerd en onderhouden wordt. Waarschuwing! Dit elektrische ge- reedschap produceert tijdens de werking een elektromagnetisch veld. Dit veld kan in bepaalde omstandig- heden actieve of passieve medische implantaten in negatieve zin beïnvloe- den. Om het gevaar voor ernstige of dodelijke verwondingen te vermin- deren, adviseren wij personen met medische implantaten, hun arts en de fabrikant van het medische implantaat te raadplegen voordat de machine bediend wordt. Veiligheidsfunkties 1 achterste handvat met bescherming voor de hand (16) beschermt de hand tegen takken en twijgen en als de ketting losspringt. 3 kettingremhendel / bescherming van de hand Veiligheidsvoorziening, die de ketting bij terugslag onmiddellijk stopzet; de hendel is ook manueel te gebruiken; beschermt de linker hand van de ge- bruiker als deze van het voorste hand- vat afglijdt. 5 ketting met lichte terugslag helpt u door speciaal ontwikkelde veilig- heids voorzieningen terugslagen op te vangen. 7 klemmhendel versterkt de stabiliteit als vertikale sne- des doorgevoerd worden en maakt het zagen makkelijker. Een terugslag is het gevolg van een foutief of verkeerd gebruik van het elektrische gereedschap. Een terugslag kan door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hierna beschreven, voorkomen worden: a) Houd de zaag met beide handen vast, warbij duim en vinger de hand- grepen van de kettingzaag omslui- ten. Breng uw lichaam en uw armen in een positie, waarin u tegen de krachten van een terugslag bestand kunt zijn. Wals er geschikte maatrege- len getroen worden, kan de persoon, die de kettingzaag bedient, de krachten van een terugslag beheersen. Nooit de kettingzaag loslaten. b) Vermijd een abnormale lichaams- houding en zaag niet boven schou- derhoogte. Daardoor wordt een onop- zettelijk contact met het uiteinde van de rail vermeden en een betere controle van de kettingzaag in onverwachte situ- aties mogelijk gemaakt. c) Gebruik steeds door de fabrikant voorgeschreven reserverails en zaagkettingen. Verkeerde reserver- ails kunnen ertoe leiden dat de ketting scheurt en/of dat er terugslag ontstaat. d) Houd u aan de aanwijzingen vanwe- ge de fabrikant om de zaagketting te scherpen en te onderhouden. Te lage dieptebegrenzers verhogen de neiging tot terugslag RESTRISICO’S Ook als u dit elektrische gereedschap zoals voorgeschreven bedient, blijven er altijd res- trisico’s bestaan. Volgende gevaren kunnen zich in verband met de constructiewijze en uitvoering van dit elektrische gereedschap voordoen: a) Snijdwonden62
10 startvergrendeling om de machine te kunnen starten, moet eerst de startvergrendeling ont- grendeld worden. 11 Aan-/uitschakelaar met kettingblokkering bij loslaten van de aan- en uitschake- laar stopt de machine onmiddellijk Ingebruikname Draag bij het werken met de ket- tingzaag altijd veiligheidshand- schoenen en gebruik enkel de originele onderdelen. Er bestaat gevaar voor verwondingen! Vóór ingebruikname van de apparaat moet u: - zwaard en zaagketting monteren - zaagketting aanspannen - olie-bevloeiing - de accu opladen en aanbrengen - controleren of de automatische olietoevoer en de kettingrem goed functioneren. Opgepast! De zaag kan olie verliezen Let u alstublieft erop dat de zaag na ge- bruik kan naoliën of leeglopen, vooral als ze zijdelings of op kop wordt gelegerd. Dit is normaal en wordt door de noodzakelijke verluchtingsopeningen in de bovenste tankrand veroorzaakt en is geen reden tot klacht. Aangezien elke zag in de productie gekontrolleerd en met olie getest wordt, kan het zijn dat ondanks lediging een klein beetje olie in de tank gebleven is, welke tijdens het transport de behuizing licht met olie bevuild. Maak de behuizing met een vod schoon. Zwaard monteren Zaagketting monteren Schakel het apparaat uit en verwij- der vóór alle werkzaamheden de accu uit het apparaat.
1. Plaats de zaag op een vlakke on-
2. Draai de bevestigingsschroef (13)
tegen de wijzers van de klok ( ) in, om de kettingwiel- kap (15) te verwijderen.
3. Spreid de zaagketting (5) in
een lus uit, zodat de snijkanten rechtsom zijn uitgelijnd. Oriënte- ert u zich bij de uitlijning van de zaagketting (5) aan het pictogram aan het zwaard, resp. onder het kettingrondsel (22). Looprichting van de zaagketting
4. Leg de zaagketting (5) in de
zwaardsleuf. Houd het zwaard (4) voor de montage in een hoek van ca. 45 graden naar boven gezwenkt om de zaagketting gemakkelijker van het ketting- rondsel (22) te kunnen brengen. Het is normaal als de zaagketting doorhangt.
5. Plaats het zwaard (4) en de ket-
ting (5) op de railpin (23). Als de nok (24) rechts van de railpin (23) in de langgatuitsparing van het zwaard zit, zit het zwaard goed. Het is normaal dat de ketting (5) doorhangt.
6. Zet de kettingwielafdekking (15)
op. Daarbij moet het kettingspan- balkje (26) aan de binnenkant van de kettingwielafdekking (15) in de houder voor het ketting-63
Voor het verminderen van de spanning draait u de schroef (14) tegen uurwijzerszin.
4. Draai de bevestigingsschroef
Een nieuwe zaagketting moet u na minimaal 5 zaagsneden nogmaals opspannen. Kettingsmering Zwaard en ketting mogen nooit zonder olie vallen. Gebruikt u de elektrische kettingzaag met te weinig olie, worden de prestaties van de zaag minder en wordt de levensduur korter, aangezien de ketting sneller stomp wordt. Bij te weinig olie is er rookontwikkeling of een verkleuring van het zwaard zichtbaar. De motorzaag is met een automatische olie-bevloeiing uitgerust. Zodra de motor versnelt, vloeit ook de olie sneller naar het zwaard (4) toe. Kettingolie bijvullen:
- Kontroleer de oliestandindicatie (27) re- gelmatig en vul bij het bereiken van de “Minimumindicatie” olie bij. De olietank bevat ca. 220 ml olie.
- Maakt u gebruik van Bio-kettingolie. Deze olie omvat ter reductie van wrijving en slijtage bijvoegingen en schaadt het pompsysteem niet. U kunt deze olie via ons servicecenter bestellen.
- Als u niet beschikt over Grizzly Tools kettingolie, kunt u het beste een ket- tingolie zonder hechtende additieven gebruiken. spanbalkje (25) worden gestoken.
7. Draai de bevestigingsschroef (13)
van de kettingwielafdekking ( ) lichtjes vast.
8. Span de zaagketting (5) voor,
door de schroef voor het ketting- snelspansysteem (14) rechtsom te draaien.
9. Draai de bevestigingsschroef (13)
van de kettingwielafdekking ( ) vast. Ketting aanspannen Met een goed aangespande ketting zijn goede prestaties en een langere levens- duur gegarandeerd. Kontroleer voor elk gebruik van de elektrische kettingzaag de spanning van de ketting. De ketting is juist aangespand als ze aan de onderkant van het zwaard niet door- hangt en men met de hand de ketting er volledig kan omheen trekken. Bij het trek- ken aan de zaagketting met een trekkracht van 9 N (ca. 1 kg) mag de afstand tussen de zaagketting en de geleidingsrail niet meer dan 2 mm bedragen.
2. Draai de bevestigingsschroef (13)
3. Voor het aanspannen van de zaag-
ketting draait u de schroef (14) voor het ketting-snelspansysteem in uurwijzerszin.64
1. Draai de dop van de olietank (2)
en vul de tank met kettingolie.
2. veeg eventueel gemorste olie
weg en sluit de dop weer. Schakel altijd het apparaat uit en laat de motor afkoelen voordat u kettingolie ingiet. Doordat er olie overloopt, ontstaat er brandge- vaar. Bediening Start de kettingzaag pas als het zwaard, de ketting en de ketting- wielbescherming juist gemonteerd zijn.Let bij het starten op een sta- biele houding. Wees er zeker van voor het starten dat de elektrische kettingzaag geen voorwerpen raakt. Opgelet! De zaag kan olie verlie- zen, zie Ingebruikname. Indicator laadstand Duw op de rechter „press“-knop van de indicator voor de laadstand (19b), om de status van de batterij te controleren. Het aantal lichtgevende LED-lichten duidt de laadstand van de batterij aan. Accu aanbrengen/ verwijderen
1. Om de accu (19) in het apparaat te
plaatsen, schuift u de accu langs de geleiderail (17) in het apparaat. Het klikt hoorbaar vast.
2. Om de accu (19) uit het apparaat te
) aan de accu in en trekt u de accu uit. Starten
1. Kontroleer voor het starten of er ge-
noeg olie in de tank is, vul anders olie bij (zie gedeelte over ingebruikname) -laadtoestand van de accu (zie ).
2. Ontgrendel de kettingrem door de
remhendel (3) tegen het voorste hand- vat (8) te drukken.
3. houdt de akku-kettingzaag goed met
beide handen vast, met de rechter hand aan het achterste (1) en met de linker hand aan het voorste hand- vat (8). Duimen en vingers moeten de handvaten goed omsluiten.
4. Voor het starten ontgrendelt u met de
rechter duim de startvergrendeling (10) en drukt dan op de aan- en uitschake- laar (11), de elektro-motor loopt nu met de hoogste snelheid. Laat de startver- grendeling (10) los.
5. De motorzaag stopt als u de aan- en
uitschakelaar (11) weer loslaat. Een continu-schakeling is niet mogelijk. Kettingrem kontroleren De motor kan niet starten als de kettingrem vergrendeld is. Gebruik de kettingrem niet om de ketting- zaag te starten of te stoppen.
1. Leg de akku-kettingzaag op een
vaste, een ondergrond. Ze mag niet met voorwerpen in aanraking komen.
2. Ontgrendel de kettingrem door
de remhendel (3) tegen het voor- ste handvat te duwen (8).
3. Houdt de elektrische kettingzaag
goed met beide handen vast, met de rechter hand aan het achterste ( 1) en met de linker hand aan het voorste handvat ( 8). Duimen en vingers moe-65
ten de handvaten goed omslui- ten.
4. Start de akku-kettingzaag.
5. bedien bij lopende motor de ket-
tingremhendel (3) met de linker hand. Schuif hiertoe de ketting- remhendel/voorste handbescher- ming (3) weg van de voorste greep (8). Ketting moeten abrupt stoppt.
6. Als de kettingrem goed functio-
neert, laat u de aan-/uitschake- laar (10) los en haalt u de rem van de ketting. Indien de kettingrem niet goed funtioneert, mag u de kettingzaag niet gebruiken. Laat de akku-ket- tingzaag door onze klantenser- vice repareren. Automatische oliebevloeiing kontroleren Kontroleer voor het starten het oliepeil en de automatische olie-bevloeiing.
- Start de kettingzaag en houdt ze boven een lichte ondergrond. De zaag mag de bodem niet aanraken. Als u oliesporen ziet, funktioneert de kettingzaag naar behoren. Als er geen oliespoor zichtbaar is, reinig dan eventueel de oliedoorlaat of laat de akku kettingzaag door onze klantenservice repareren. Reinig de olietoevoer van het zwaard (28) om een optimale, au- tomatische oliebevloeiing van de ketting tijdens het zagen te garan- deren. Maak hiervoor gebruik van een kwast of een doek, om resten uit de oliedoorlaat te verwijderen. Zwaard/Kettingrem vervangen
Plaats de zaag op een vlakke onder- grond.
2. Draai de bevestigingsschroef (13) en de
schroef voor het ketting-snelspansys- teem (14) tegen uurijzerzin, om de kettingspanning te verminderen en de kettingwielkap (15) te verwijderen.
Verwijder het zwaard en de ketting. Houd het zwaard (4) voor de demon- tage in een hoek van ca. 45 graden naar boven gezwenkt om de zaagket- ting gemakkelijker van het kettingrond- sel (22) te kunnen afnemen.
Om het zwaard te monteren zie “Zwaard en zaagketting monteren”. Het opspannen van de nieuwe ketting wordt in het hoofdstuk ‚In- bedrijfstelling‘ beschreven. Zaagtechnieken Allgemeen Neem de bescherming tegen la- waai en lokale voorschriften bij het houthakken in acht. Plaatselijke bepalingen kunnen een onderzoek naar geschiktheid noodzakelijk maken. Vraag bij het bosbeheer na.
- Vuil, stenen, losse schors, spijkers, haakjes en draad dienen van de boom verwijderd te worden.
- De motor van de kettingzaag altijd uitschakelen voordat men van de ene naar de andere boom overgaat.
- Zet bij iedere snede de klauwaanslag er vast tegen en begin dan pas met het zagen.
- U heeft een betere kontrole over de zaag als u met de onderkant van het66
zwaard (met trekkende ketting) en niet met de bovenkant van het zwaard (met schuivende ketting) zaagt.
- De ketting mag tijdens of na het door- zagen noch de aarde noch andere voorwerpen aanraken.
- Let op dat de zaagketting nooit in de zaagsnede wordt geklemd. De boom- stam mag niet breken of scheuren.
- Let ook op de veiligheidsmaatregelen i.v.m. terugslag (zie veiligheidsvoor- schriften).
- Laat bij het knotten de grotere naar beneden gerichte takken die de boom steunen, in eerste instantie staan. Kleinere takken, met een snijbeweging afsnijden
- Bij zaagwerkzaamheden op een helling steeds boven de boomstam staan. Om op het moment van het „doorzagen“ de volledige controle te behouden tegen het einde van de snede de drukkracht verminderen zonder de vaste grip aan de handgrepen van de kettingzaag te lossen. Erop letten dat de kettingzaag niet de grond raakt. Na voltooiing van de snede de stilstand van de kettingzaag afwachten voordat men de zaagketting daar verwijdert. De motor van de ketting- zaag altijd uitschakelen voordat men van de ene naar de andere boom overgaat. Als de ketting vast komt te zitten, probeer dan in geen geval de akku-kettingzaag met geweld uit de boom te trekken. Er bestaat verwondingsgevaar. Zet de mo- tor af en gebruik een wig of een hefboomarm om de akku-ketting- zaag los te krijgen. Doorzagen Doorzagen is het zagen van de gevelde boom in kleinere, te hanteren stukken. Zorg ervoor dat u stabiel staat en dat uw li- chaamsgewicht gelijkmatig is verdeeld over beide voeten. Indien mogelijk moet de stam zijn geplaatst op takken, balken of wiggen of erdoor ondersteund worden.
- Let erop dat de ketting tijdens het zagen niet de aarde raakt.
- Zorg voor een goede, stabiele houding en stelt u zich op steile terreinen boven de stam. Om op het moment van het „doorzagen“ de volledige controle te be- houden, dient u tegen het einde van het zagen de persdruk te reduceren zonder de vaste greep aan de handgrepen van de kettingzaag te lossen. Is de snede gemaakt, wacht dan tot de zaagketting stil staat, alvorens de kettingzaag daar te verwijderen. Schakel de motor van de kettingzaag steeds uit, alvorens van boom te veranderen.
1. Stam ligt op de grond
Zaag de stam langs boven volle- dig door en let erop, op het einde de bodem niet te raken. Indien de stam kan worden gedraaid, zaagt u hem voor 2/3 door. Vervolgens draait u de stam om en zaagt u de rest van boven naar beneden door.
2. Stam is aan 1 kant gestut
Zaag de stam eerst van beneden naar boven (met de bovenkant van het zwaard) voor 1/3 door, om te voorkomen dat stam scheurt. Zaag vervolgens de boom van boven naar beneden (met de onderkant van het zwaard) naar de eerste zaagsnede toe, om te voorkomen dat de ketting wordt vastgeklemd.67
3. Stam is aan beide kanten gestut
Zaag de stam eerst van boven naar beneden (met de onderkant van het zwaard) voor 1/3 door. Zaag de stam vervolgens van onder naar boven (met de boven- kant van het zwaard) door, tot de onderste zaagsnede is bereikt.
4. Zagen op een zaagbok
Houd de elektrische kettingzaag met beide handen stevig vast en beweeg de kettingzaag tijdens het zagen van het lichaam af. Als de stam is doorgezaagd, brengt u de zaag rechts langs uw lichaam (1). Houd uw linkerarm zo recht mogelijk (2). Let op de vallende stam. Ga zo staan, dat de vallende stam geen gevaar oplevert. Let op uw voeten. De vallende stam kan op uw voeten vallen. Denk ook om uw even- wicht (3). Snoeien Met snoeien wordt het afzagen van tak- ken en twijgen van een gevelde boom bedoeld. Er gebeuren vaak ongelukken bij het snoeien. Zaag nooit takken af als u op een boomstam staat. Let op een eventuele terugslag als tak- ken onder spanning staan.
- Verwijder de zijtakken pas na het door- zagen.
- Onder spanning staande takken moe- ten van onder naar boven gezaagd worden om vastklemmen van de ket- tingzaag te voorkomen.
- Bij het afzagen van dikkere takken gebruikt men dezelfde techniek als bij het verzagen.
- Werk links van de stam en zo dicht mogelijk bij de elektrische kettingzaag. Laat het gewicht van de zaag zoveel mogelijk op de stam rusten.
- Verander van plaats om takken aan de andere kant van de stam af te zagen.
- Vertakte takken worden apart afge- zaagd.(ziee ). Bomen vellen Er is veel ervaring vereist om bo- men te vellen. Vel enkel bomen als u zeker en veilig met de elektrische kettingzaag kan omgaan. Gebruik de elektrische kettingzaag in ieder geval niet als u zich onzeker voelt.
- Let erop dat er geen mensen of dieren in de buurt van het werkterrein zijn. De veilige afstand tussen de te vellen boom en de eerstvolgende werkplaats moet 2 ½ boomlengte bedragen.
- Let op de valrichting. De gebruiker moet zich in de buurt van de gevelde boom veilig kunnen bewe- gen om de boom makkelijk te kunnen doorzagen en snoeien.
- Vermijdt dat de vallende boom in een andere boom blijft hangen. Let op de natuurlijke valrichting die van neiging en kromming van de boom, van de windrich- ting en het aantal tallen afhankelijk is.
- Sta bij steile terreinen steeds boven de te vellen boom.
- Kleine bomen met een diameter van 15-18 cm kunnen normaal met 1 snede afgezaagd worden.
- Bij bomen met een grotere diameter moet er met kerfsnijwerk en een vals- nede gewerkt worden ( zie onder).
- Worden bomen door twee of meerdere personen tegelijk gesnoeid en geveld, dan moet de afstand tussen de perso- nen die bomen vellen en snoeien ten68
minste het dubbele van de hoogte van de boom bedragen die wordt geveld. Bij het vellen van bomen moet worden gegarandeerd dat andere personen niet worden blootgesteld aan gevaar, dat er geen nutsvoorzieningen worden geraakt en er geen materiële schade wordt veroorzaakt. Komt een boom met een voedingskabel in aanraking, dan moet het nutsbedrijf onmiddellijk op de hoogte worden gebracht.
- Vuil, stenen, losse schors, nagels, klem- men en draad moeten van de boom worden verwijderd. Vel geen boom als er een sterke of draaiende wind is of als er ge- vaar voor beschadiging van ei- gendom bestaat of als de boom op leidingen zou kunnen vallen. Zet onmiddellijk na einde van de werkzaamheden de oorbescher- ming af zodat u waarschuwingssig- nalen en geluiden kan horen
Verwijder takken die naar bene- den hangen door even boven de tak te beginnen. Snoei nooit ho- ger dan op schouderhoogte.
Verwijder het kreupelhout rondom de boom, zodat u zich eenvoudig kunt terugtrekken. Het vluchttraject (1) dient in ongeveer 45° te staan op de geplande valrichting (2).
Maak een valkerf in de richting waarin de boom moet vallen. Begin met de onderste, horizon- tale snede. De zaagdiepte moet ongeveer 1/3 van de stamdia- meter bedragen. Daardoor wordt vermeden dat de zaagketting of de geleidingsrail bij de tweede in- keping ingeklemd raakt. Maak nu een schuine zaagsnede met een snijhoek van ongeveer 45°, van bovenaf, die precies op de onder- ste zaagsnede uitkomt. Ga nooit voor een boom staan die ingekerfd is.
Maak de valsnede aan de an- dere zijde van de stam, terwijl u links van de boomstam staat en met trekkende ketting zaagt. De valsnede moet horizontaal 5 cm boven de horizontale kerfsnede verlopen. De valsnede moet zo diep zijn dat de afstand tussen valsnede en kerijn minstens 1/10 van de stamdiameter bedraagt. Het niet doorgezaagde gedeelte van de stam wordt bestempeld als scharnierstuk (valkerf). Het schar- nierstuk verhindert dat de boom draait en in de verkeerde richting valt. Zaag het scharnierstuk niet door.
5. Als de velsnede aan het schar-
nierstuk wordt benaderd, zou de boom moeten beginnen te vallen. Als blijkt dat de boom eventueel niet in de gewenste richting valt of terug neigt en de zaagketting klem komt te zitten, onderbreekt u de velsnede en gebruikt u een wig van hout, kunststof of alumi- nium om de snede te openen en de boom om te leggen in de ge- wenste vallijn.
6. Als de stamdiameter groter is dan
de lengte van het zwaard, maak dan 2 snedes.69
Wij raden onervaren gebrui- kers veiligheidshalve af om een boomstam te vellen waarvan de diameter groter is dan de lengte van het zwaard.
7. Na het zagen van de valsnede
valt de boom vanzelf of met be- hulp van de wig of het breekijzer. Trek de zaag uit de snede, scha- kel de motor uit, leg de akku-ket- tingzaag neer en verlaat het ter- rein via de vluchtweg van zodra de boom begint te vallen. Let op voor de vallende takken en struikel niet. Onderhoud en reiniging Verwijder de accu vóór onder- houdswerkzaamheden. Verwon- dinggevaar! Laat onderhoudswerkzaamhe- den die niet in deze handleiding worden genoemd door onze werkplaats uitvoeren. Gebruik enkel originele vervangstukken. Laat de machine eerst afkoelen vooraleer u de machine gaat rei- nigen of herstellen. Gevaar voor verbranding! Gevaar door snijdwonden! Draag tegen snijdwonden beschermen- de handschoenen. Schakel het apparaat uit en verwij- der vóór alle werkzaamheden de accu uit het apparaat. Reiniging
- Reinig de machine grondig na elk gebruik. Daardoor verlengt u de levensduur van de machine en vermijdt u ongelukken.
- Houdt de handvaten benzine-, olie- en vetvrij. Maak de handvaten indien no- dig met een vochtige, in zeep gewas- sen vod schoon. Gebruik geen oplos- middel of benzine voor het reinigen!
- Reinig na elk gebruik de ketting. Ge- bruik hiervoor een penseel of handve- ger. Gebruik geen vloeistoen voor het reinigen van de ketting. Na reiniging de ketting licht met olie instrijken.
- Reinig de verluchtingsgaten en de opper- vlakken van de machine met een pen- seel, handveger of droge vod. Gebruik geen vloeistoen voor het reinigen. Ketting slijpen Afwijkingen van de aangegeven maten van de slijpgeometrie kun- nen de neiging van de machine tot terugslag verhogen. Vergroot het gevaar op ongevallen. Voor het slijpen van de ketting zijn speciale werktuigen noodzakelijk, waarvan de messen de juiste hoek hebben en in de juiste diepte ge- slepen zijn. Onervaren gebruikers van kettingzagen raden wij aan de ketting door een vakman of in een werkplaats te laten slepen. Als u toch zelf de ketting wil slepen, koop dan het noodzakelijke gereedschap in de vakhandel.
- De zagende delen van de ketting zijn de snij-onderdelen die uit een zaagtand en een dieptebegrenzer bestaan. Het hoogteverschil tussen deze twee be- paalt de slijpdiepte.
- Bij het slijpen van de zaagtanden moe- ten volgende waarden in acht genomen worden:70
5. de ketting is versleten en moet
door een nieuwe vervangen wor- den als er slechts nog ca. 4 mm van de zaagtand over is.
6. na het slijpen, moeten alle snijde-
len even lang en breed zijn.
7. na 3 keer slijpen, moet telkens
de slijpdiepte (dieptebegren- zing) gekontroleerd worden en de hoogte met behulp van een platte vijl aangepast worden. De dieptebegrenzing moet ca. 0,65 mm tegenover de zaagtand naar achter geplaatst worden. Rond daarna de dieptebegren- zing een beetje naar voor af. Spanning instellen Het instellen van de kettingspanning is in het gedeelte over ingebruikname, ketting- zaag spannen, beschreven.
- Schakel het apparaat uit en haal de accu uit het apparaat.
- Kontroleer de spanning regelmatig en stel deze zo veel mogelijk bij zodat de ketting nauw aan het geleispoor ligt,- maar toch nog los genoeg zit om et de hand aan te kunnen trekken. Nieuwe ketting laten inlopen Bij een nieuwe ketting vermindert de span- kracht na enige tijd. Daarom moet u na de eerste 5 snedes, daarna in grotere afstan- den, de ketting opnieuw aanspannen. Bevestig nooit een ketting op een afgesleten aandrijfwiel of een beschadigd zwaard. - slijphoek (30°) - borsthoek (85 °) - slijpdiepte (0,65 mm) - diameter van de ronde veil (4,0 mm) Deviations from the measurement data of the cutting geometry can lead to an increase of the spring- back slope of the machine. In- creased danger of accident! Voor het slijpen van de ketting zijn spe- ciale werktuigen noodzakelijk, waarvan de messen de juiste hoek hebben en in de juiste diepte geslepen zijn. Onervaren gebruikers van kettingzagen raden wij aan de ketting door een vakman of in een werkplaats te laten slepen. Als u toch zelf de ketting wil slepen, koop dan het nood- zakelijke gereedschap in de vakhandel.
1. Verwijder de ketting (zie hoofdstuk
‚Bedienen van de kettingzaag‘). Om te zorgen dat de tanden goed kun- nen worden geslepen, dient de ket- ting strak rond het zwaard te zitten.
2. voor het slijpen is een ronde vijl
met een diameter van 4,0 mm vereist. Andere diameters beschadigen de ketting en verhogen het ge- vaar op ongevallen bij het wer- ken met de zaag.
3. slijp enkel van binnen naar
buiten. Leidt de veil van de bin- nenkant van de zaagtand naar buiten. Houdt de veil omhoog als u ze terugtrekt.
4. slijp eerst de tanden aan een
kant. Draai de zaag om en slijp de tanden aan de andere kant.71
Zwaard onderhouden Gebruik snijvaste handschoenen als u aan de ketting of het zwaard werkt.
1. Schakel de zaag uit en haal de accu uit
(15), de ketting (5) en het zwaard (4) af.
3. Kontroleer het zwaard op slijtage. Ver-
wijder beschadigingen op het geleis- poor met een platte vijl.
4. Reinig de olietoevoer van het zwaard
( 28), om een optimale, automati- sche oliebevloeiing van de ketting tij- dens het zagen te garanderen.
5. Monteer zwaard (4), ketting (5) en ket-
tingwielbescherming (15) en span de ketting aan. Bi optimale oliedoorvoer en juist ingestelde olietoevoerknop sproeit de ketting enkele seconden auto- matisch een beetje olie nadat de zaag wordt gestart. Het zwaard (4) moet na alle 8-10 uren gebruik omgedraaid worden, om een ge- lijkmatige slijtage te garanderen.
1. Schakel de zaag uit en haal de accu uit
de ketting (5) en het zwaard (4) af.
3. Draai het zwaard om zijn horizontale
as en monteer zwaard en ketting zoals onder „Zaagketting en zwaard monte- ren“ beschreven. Let daarbij op de looprichting van de zaagketting! Looprichting van de zaagketting Oriënteert u zich bij de uitlijning van de zaagketting (5) aan het pictogram onder de kettingwielafdekking (15), wanneer het zwaard gedraaid wordt. De op het zwaard afgebeelde looprichting klopt dan niet meer. Onderhoudsintervallen Voer de in onderstaande tabel opgesomde onderhoudswerkzaamheden regelmatig uit. Door regelmatig onderhoud van uw zaag wordt haar levensduur verlengd. Bovendien kan u dan optimaal zagen en worden ongelukken vermeden. Tabel onderhoudsintervallen Machine- onderdeel Uit te voeren Voor elk gebruik Na 10 uur gebruik Onderdelen van de kettingrem Controleren, indien nodig vervangen
Ketting (5) Controleren, oliën, indien nodig slijpen of vervangen
Zwaard (4) Controleren, reinigen,oliën
Zwaard (4) Omdraaien
- Reinig het apparaat voordat u het be- waart.
- Maak de olietank leeg als u langere werkpauzes inlast. Verwijder de oude olie op een milieuvriendelijke wijze. (zie „Onderhoud en reiniging“).
- Breng de beschermkoker voor zwaard hoes aan.
- Bewaar het apparaat op een droge en stofvrije plaats en buiten het bereik van kinderen. Berging en milieu Leeg de olietank zorgvuldig en geef. Neem de accu uit het toestel en breng het toestel, afgewerkte olie, de accu, de accessoires en de verpakking naar een milieuvriendelijke recycling. Machines horen niet thuis in het huisafval.
- Verwijder, voorafgaand aan de afvoer, eerst batterijen uit het apparaat.
- Geef het apparaaat en de lader af bij een recyclingcentrum.
- Ontdoet u zich op een milieuvriendelijke manier van uw afgewerkte olie, geef de oli aan een afvalinzamelpunt af. Giet afgwerkte olie niet in de riool of afvoer.
- De afvalverwijdering van uw defecte inge- zonden apparaten voeren wij gratis door. Garantie Wij geven 24 maanden garantie op dit product. Bij commercieel gebruik vervalt de garantie. Beschadigingen, die op natuurlijke slijta- ge, overbelasting of onachtzame bedie- ning berusten, vallen niet onder de garan- tie. Bepaalde bouwelementen zijn onder- hevig aan slijtage en vallen niet onder de garantie. Hiertoe behoren vooral: ketting, zwaard, kettingwiel en koolborstel, zolang de reclamatie niet op fouten in het mate- riaal berust. Ook beschadigingen aan de ketting of het zwaard, die door ontoerei- kend smeren veroorzaakt zijn, vallen niet onder de garantie. Voorwaarde voor de garantie is boven- dien, dat de in de gebruiksaanwijzing opgegeven onderhoudsintervallen werden nageleefd als ook de richtlijnen i.v.m. rei- niging, onderhoud en reparatie. Beschadi- gingen die door produktie of materiaalfou- ten ontstaan zijn, worden kostenloos door vervangstukken of reparatie verholpen. Voorwaarde voor deze bepaling is wel, dat het apparaat intact en met koop- en garantiebewijs aan ons servicecenter wordt overhandigd.73
Reparatieservice U kunt reparaties die niet onder de garantie vallen, tegen betaling laten uitvoeren door ons servicecenter. Zij brengen graag eerst een oerte uit.Wij bewerken alleen appara- ten die, voldoende zijn verpakt en voldoen- de gefrankeerd worden opgestuurd. De afzender draagt het transportrisico. Opgelet: stuur in geen geval defekte machines met volle olietank op. Leeg de tank! Eventuele beschadigingen (olie loopt uit als de machine zijwaarts of op de kop gesteld wordt) of brandbeschadigin- gen die door het transport zijn ontstaan, worden ten laste van de afzender gelegd. Ongefrankeerde – oningepakt, express of andere speciale zendingen – toegezon- den machines worden niet aangenomen. De afvalverwijdering van uw defecte inge- zonden apparaten voeren wij gratis door. Vervangstukken/ Accessoires Reserveonderdelen en accessoires verkrijgt u op www.service-deltafox.de Bij andere vragen neemt u contact op met het “Service-Center” (zie “Service-Center”). zwaard Trilink 30091617 ketting Trilink CL 15040PB 30091616 Bio-kettingolie 1 l 30230001 Bio-kettingolie 5 l 30230002 De Trilink reservezaagketting mag uitsluitend in combinatie met het bijhorende Trilink- -zwaard en de daarvoor toege- stane akku-kettingzaag gebruikt worden. Er bestaat gevaar voor verwondingen.74
Foutmeldingen Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Machine start Accu (
Accu ( 19) niet aange- bracht Accu laden (zie „Laadprocédé“) Accu aanbrengen (zie „Bedie- ning“) Aan- en uitschakelaar
Reparatie door klantendienst Koolborstel is versleten Reparatie door klantendienst Motor is defekt Reparatie door klantendienst Ketting loopt niet Kettingrem geblokkeerd ketting (
Zaagtanden scherpen of nieu- we ketting spannen Ontoereikende spanning Spanning kontroleren Zaag loopt moeizaam, ketting springt los Ontoereikende spanning Spanning kontroleren Ketting wordt heet, rookontwikkeling bij zagen, verkleuring van het zwaard Te wenig olie Oliepeil kontroleren en ev. olie bijvullen, Olie-automatisme kontroleren en ev. olietoevoer reinigen of reparatie door klantendienst75
- Het hierboven beschreven voorwerp van de verklaring voldoet aan de voorschriften van de richtlijn 2011/65/EU van het Europese Parlement en van de Raad van 8 juni 2011 inzake beper- king van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparaten. Vertaling van de originele CE-conformiteitverklaring Hiermede bevestigen wij dat de Akku-kettingzaag bouwserie DG-CCS 1825, DG-CCS 1825 Set Lot-nummer B-47414 aan de hierna volgende, van toepassing zijnde EU-richtlijnen 2006/42/EC • 2014/30/EU • 2000/14/EC • 2011/65/EU* • 2005/88/EC Om de overeenstemming te waarborgen, werden de hierna volgende, in overeenstem- ming gebrachte normen en nationale normen en bepalingen toegepast: EN 60745-1:2009/A11:2010 • EN 60745-2-13:2009/A1:2010 EN 55014-1:2017 • EN 55014-2:2015 • IEC 62321-3-1:2013 Bovendien wordt in overeenstemming met de geluidsemissierichtlijn 2000/14/EC bevestigd: akoestisch niveau Gegarandeerd 99 dB(A) Gemeten: 96,1 dB(A) Toegepaste conformiteitbeoordelingsprocedure in overeenstemming met Annex III/ 2000/14/EC Benoemde instantie: 0123 TÜV SÜD Product Service GmbH, Ridlerstraße 65, D-80339 München Germany Apparaat-Type nr.: M6A 105384 0018 Rev. 01 De exclusieve verantwoordelijkheid voor de uitgifte van deze conformiteitsverklaring wordt gedragen door de fabrikant: Grizzly Tools GmbH & Co. KG Stockstädter Straße 20 D-63762 Großostheim, Germany
SimpelGids