TSV 60 KEBQ - Zaag FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TSV 60 KEBQ FESTOOL in PDF-formaat.

📄 220 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice FESTOOL TSV 60 KEBQ - page 84

Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TSV 60 KEBQ - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TSV 60 KEBQ van het merk FESTOOL.

GEBRUIKSAANWIJZING TSV 60 KEBQ FESTOOL

EU-conformiteitsverklaring. Wij verklaren en stellen ons ervoor verantwoordelijk dat dit product volledig voldoet aan alle volgende EU-richtlijnen en volgende normen of normatieve documenten daaraan ten grondslag gelegd werden:

  • L’elettroutensile contiene un chip per il salva taggio automatico dei dati della macchina e di funzionamento. I dati salvati non contengono ri ferimenti personali diretti. I dati sono leggibili senza contatto mediante speciali dispositivi e vengono utilizzati da Fe stool esclusivamente per la diagnostica errori, per consentire interventi di garanzia e di ripara zione o per migliorare la qualità dell’elettrou tensile e/o svilupparlo ulteriormente. Non è previsto alcun altro utilizzo dei dati, senza pre via ed esplicita autorizzazione da parte del Cliente. Italiano 83Inhoudsopgave 1 Symbolen p. 84
  • 2 Veiligheidsvoorschriften p. 84
  • 3 Gebruik volgens de voorschriften p. 88
  • 4 Technische gegevens p. 88
  • 5 Apparaatcomponenten p. 89
  • 6 Ingebruikneming p. 89
  • 7 Instellingen hoofdaggregaat p. 90
  • 8 Instellingen voorritser p. 92
  • 9 Werken met het elektrische gereed schap p. 93
  • 10 KickbackStop p. 95
  • 11 Onderhoud en verzorging p. 96
  • 12 Accessoires p. 97
  • 13 Milieu p. 98
  • 14 Algemene aanwijzingen 1 Symbolen Waarschuwing voor algemeen gevaar Waarschuwing voor elektrische schok Lees de gebruiksaanwijzing en veilig heidsvoorschriften! Draag gehoorbescherming! Draag veiligheidshandschoenen bij het wisselen van gereedschap. Draag een zuurstofmasker! Draag een veiligheidsbril! Stekker uit het stopcontact trekken Netkabel loskoppelen Netkabel aansluiten Draairichting van de zaag en het zaag blad KickbackStop-functie STOP Elektrodynamisch uitloopremsysteem Niet met het huisvuil meegeven. Apparaat bevat een chip voor de opslag van gegevens. zie hoofdstuk 14.1 CE-markering: Bevestigt de conformi teit van het elektrische gereedschap met de richtlijnen van de Europese Unie. Handelingsinstructie Tip, aanwijzing Beveiligingsklasse II 2 Veiligheidsvoorschriften p. 98

2.1 Algemene veiligheidsinstructies voor

elektrische gereedschappen WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids voorschriften en aanwijzingen. Worden de veiligheidsinstructies en aanwijzingen niet in acht genomen, dan kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwij zingen om ze later te kunnen raadplegen. Het begrip “elektrisch gereedschap” dat in de veiligheidsinstructies gebruikt wordt, heeft be trekking op elektrisch gereedschap met net voeding (met netsnoer) of elektrisch gereed schap met accuvoeding (zonder netsnoer).

2.2 Machinespecifieke

veiligheidsvoorschriften voor handcirkelzaagmachines Zaagmethode – Gevaar! Kom met uw handen niet in het zaagbereik en raak het zaagblad niet aan. Houd met uw tweede hand de extra greep of de motorbehuizing vast. Wanneer u de cirkelzaag vasthoudt met beide han den, kunnen ze niet gewond raken door het zaagblad. – Kom niet met uw handen onder het werk stuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet beschermen tegen het zaag blad. – Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een volledige tandhoogte zichtbaar zijn onder het werkstuk. – Houd het werkstuk dat gezaagd moet wor den nooit in de hand of boven uw been vast. Zet het werkstuk vast op een stabiele opname. Het is belangrijk het werkstuk goed te bevestigen, om het gevaar van li Nederlands 84chaamscontact, beklemming van het zaag blad of controleverlies tot een minimum te rug te brengen. – Houd het elektrische gereedschap aan de geïsoleerde greepvlakken vast als u werkzaamheden uitvoert waarbij het in zetgereedschap verborgen stroomleidin gen of de eigen aansluitkabel kan raken. Contact met een spanningvoerende leiding zet ook de metalen onderdelen van het elektrisch gereedschap onder spanning en veroorzaakt een elektrische schok. – Gebruik bij het in de lengte zagen altijd een aanslag of een geleiding langs een rechte kant. Hierdoor wordt de zaagnauw keurigheid verbeterd en de kans op be klemming van het zaagblad verminderd. – Gebruik altijd zaagbladen die de juiste grootte en een geschikt opnamegat (bijv. ruitvormig of rond) hebben .Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen onregelmatig en leiden tot controleverlies. – Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagblad-spanflenzen of -schroeven. De zaagblad-spanflenzen en -schroeven zijn speciaal voor uw zaag ontworpen, voor op timale prestaties en gebruiksveiligheid. Terugslag – oorzaken en bijbehorende veilig heidsinstructies – Een terugslag is de plotselinge reactie van een hakend, klemmend of verkeerd uitge richt zaagblad, die tot gevolg heeft dat de zaag zich ongecontroleerd van het werk stuk af en in de richting van de gebruiker beweegt – wanneer het zaagblad zich in de sluitende zaagspleet vasthaakt of klem komt te zit ten, raakt het geblokkeerd en wordt het ap paraat door de kracht van de motor in de richting van de gebruiker teruggeslagen; – wordt het zaagblad in de zaagsnede ver draaid of verkeerd uitgericht, dan kunnen de tanden van het achterste zaagbladge bied zich vasthaken in het oppervlak van het werkstuk, waardoor het zaagblad uit de zaagspleet en de zaag in de richting van de gebruiker terugspringt. Een terugslag is het gevolg van een onjuist of verkeerd gebruik van de zaag. Door passende voorzorgsmaatregelen die hierna worden be schreven, kan dit echter worden voorkomen. – Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in zo'n positie dat u de te rugslagkrachten kunt opvangen. Blijf al tijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam. Bij een terugslag kan de cir kelzaag naar achteren springen, maar wanneer de juiste maatregelen zijn getrof fen kan de gebruiker de terugslagkrachten beheersen. – Indien het zaagblad klem komt te zitten of u het werk onderbreekt, laat dan de aan-/ uit-schakelaar los en houd de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad geheel tot stilstand is gekomen. Probeer zolang het zaagblad zich beweegt nooit om de zaag uit het werkstuk te halen of naar achteren te trekken, anders kan er een te rugslag plaatsvinden. Bepaal de oorzaak voor het afklemmen van het zaagblad en los deze op. – Wanneer u een zaag die in het werkstuk steekt weer wilt starten, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn blijven haken. Is het zaagblad beklemd ge raakt, dan kan het zich bij het opnieuw starten van de zaag uit het werkstuk bewe gen of een terugslag veroorzaken. – Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een klemmend zaag blad te verminderen. Grote platen kunnen onder het eigen gewicht doorbuigen. Platen dienen aan beide kanten, zowel bij de zaagspleet als bij de rand, te worden ge stut. – Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd uitgerichte tanden leiden door de te nauwe zaagspleet tot een grotere wrij ving, beklemming van het zaagblad en te rugslag. – Draai voor het zagen de zaagdiepte- en zaaghoekinstellingen vast. Wanneer de in stellingen tijdens het zagen gewijzigd wor den, kan het zaagblad beklemd raken en een terugslag optreden. – U dient bijzonder voorzichtig te zijn bij het zagen in bestaande wanden of andere niet inkijkbare gedeeltes. Het invallende zaag blad kan bij het zagen in verborgen objec ten geblokkeerd raken en een terugslag veroorzaken. Functie van de beschermkap – Controleer voor gebruik altijd of de be schermkap goed sluit. Gebruik de zaag Nederlands 85niet wanneer de beschermkap niet vrij be wogen kan worden en niet direct sluit. Klem of bind de beschermkap nooit vast; daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. Mocht de zaag per ongeluk op de grond vallen, dan kan de beschermkap worden verbogen. Zorg ervoor dat de be schermkap vrij beweegt en bij alle zaag hoeken en -dieptes noch het zaagblad noch andere delen raakt. – Controleer de toestand en werking van de veer voor de beschermkap. Wanneer de beschermkap en de veer niet foutloos werken, dient onderhoud te worden ge pleegd aan de zaag alvorens hem te ge bruiken. Beschadigde delen, plakkerige af zettingen of ophopingen van spaanders zor gen ervoor dat er bij de werking van de be schermkap vertraging optreedt. – Beveilig bij de „invalzaagsnede“ die niet in een rechte hoek uitgevoerd wordt, de grondplaat van de zaag tegen het zijde lings verschuiven. Verschuiven in zijwaart se richting kan ertoe leiden dat het zaag blad beklemd raakt en een terugslag ver oorzaakt. – Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de beschermkap het zaagblad afdekt. Een onbeschermd, nalo pend zaagblad beweegt de zaag tegen de zaagrichting in en zaagt wat het op zijn weg tegenkomt. Houd hierbij rekening met de nalooptijd van de zaag. Werking van de aftastnok [1-21] (Kickback Stop-functie) – Reinig bij elke zaagbladwisseling de aftas teenheid [5-9] door uitblazen of met een kwast. Een verontreiniging van de aftas teenheid kan de KickbackStop-functie beïn vloeden en daardoor een remming van het zaagblad verhinderen. – Gebruik de zaag niet met een verbogen af tastnok. Al een geringe beschadiging kan de remming van het zaagblad vertragen.

2.3 Veiligheidsinstructies voor het

voorgemonteerde zaagblad Toepassing – Het op het zaagblad aangegeven maxi mumtoerental mag niet worden overschre den of het toerentalbereik moet in acht worden genomen. – Het voorgemonteerde zaagblad is uitslui tend voor het gebruik in cirkelzagen be doeld. – Het voorritserzaagblad is uitsluitend voor gebruik in Festool TSV 60 bedoeld. Het is bedoeld voor de bewerking van hout en op hout lijkende materialen en voor de bewer king van kunststoffen in de vorm van een coating of als massief materiaal. – Bij het uit- en inpakken van het gereed schap alsook bij het hanteren (bijv. inbouw in de machine) uiterst voorzichtig te werk gaan. Verwondingsgevaar door de heel scherpe snijkanten! – Bij het hanteren van het gereedschap wordt de greepveiligheid van het gereedschap door het dragen van veiligheidshandschoe nen verbeterd en de kans op letsel verder verminderd. – Cirkelzaagbladen die gescheurd zijn, moe ten vervangen worden. Reparatie is niet toegestaan. – Cirkelzaagbladen in composietuitvoering (gesoldeerde zaagtanden), waarvan de zaagtanddikte kleiner is dan 1 mm, mogen niet meer worden gebruikt. – WAARSCHUWING! Gereedschap met zicht bare scheuren, met stompe of beschadigde snijkanten mogen niet gebruikt worden. Montage en bevestiging – Gereedschappen moeten zo zijn opgespan nen dat ze bij het gebruik niet loslaten. – Bij de montage van de gereedschappen moet ervoor worden gezorgd dat het op spannen op de gereedschapsnaaf of op het spanvlak van het gereedschap plaatsvindt en dat de snijvlakken niet met andere on derdelen in aanraking komen. – Het verlengen van de sleutel of het aan draaien met behulp van hamerslagen is niet toegestaan. – De spanvlakken moeten worden gereinigd van verontreinigingen, vet, olie en water. – Spanschroeven moeten volgens de aanwij zingen van de fabrikant worden aange draaid. – Voor de instelling van de boorgatdiameter van cirkelzaagbladen in overeenstemming met de asdiameter van de machine mogen alleen vast ingebrachte ringen, bijv.: inge perste ringen of ringen die op hun plaats worden gehouden door een lijmverbinding, Nederlands 86worden gebruikt. Het gebruik van losse rin gen is niet toegestaan. – Na een wissel van het zaagblad moeten de instellingen gecontroleerd en eventueel opnieuw ingesteld worden aan de hand van de gebruiksaanwijzing. Onderhoud en verzorging – Reparaties en slijpwerkzaamheden mogen alleen door Festool-servicewerkplaatsen of door experts worden uitgevoerd. – De constructie van het gereedschap mag niet veranderd worden. – Gereedschap regelmatig ontharsen en rei nigen (reinigingsmiddel met pH-waarde tussen 4,5 en 8). – Stompe snijkanten kunnen bij het spaan vlak tot een minimale snijdikte van 1 mm worden nageslepen. – Het voorritserzaagblad is niet naslijpbaar. – Transport van het gereedschap alleen in een geschikte verpakking - verwondingsge vaar!

2.4 Overige veiligheidsvoorschriften

Draag geschikte persoonlijke bescher mingsmiddelen: Gehoorbescherming, vei ligheidsbril, stofmasker bij stofproduceren de werkzaamheden. – Tijdens het werken kunnen schadelijke/ giftige stoffen ontstaan (bijv. bij loodhou dende verf, enkele houtsoorten of meta len). Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden, kan het aanraken of in ademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn. – Ter bescherming van uw gezondheid een geschikt ademmasker dragen. Zorg in ge sloten ruimtes voor voldoende ventilatie en sluit een mobiele stofzuiger aan. – Dit elektrische gereedschap mag niet wor den ingebouwd in een werktafel. Door in bouw in een zelfgemaakte of door een an dere fabrikant aangeboden werktafel kan het elektrische gereedschap onveilig wor den en tot ernstige ongevallen leiden. – Controleer of behuizingsdelen beschadi gingen zoals scheurtjes of breuken verto nen. Laat beschadigde onderdelen vóór het gebruik van het elektrische gereedschap repareren. – Gebruik geschikte zoekapparaten om ver borgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke nutsbedrijf. Aontact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand ver oorzaken of tot een elektrische schok lei den. Beschadiging van een gasleiding kan een explosie veroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materiële schade. – Elektrische machine niet aan de kabel op tillen of dragen.

2.5 Aluminiumbewerking

Bij de bewerking van aluminium dient men zich uit veiligheidsoverwegingen te houden aan de volgende maatregelen: – Draag een veiligheidsbril! – Elektrisch gereedschap regelmatig reini gen van stofafzettingen in de motorbehui zing. – Een aluminium-zaagblad gebruiken. – Sluit het kijkvenster. – Voorschakelen van een differentiaal- (FI-, PRCD-) veiligheidsschakelaar. – Bij het zagen van platen dienen de zaagbla den met petroleum te worden ingesmeerd, dunwandige profielen (tot 3 mm) kunnen zonder smeren worden bewerkt.

De volgens EN 62841 bepaalde waarden bedra gen gewoonlijk: Geluidsdrukniveau L

= 101 dB(A) Onzekerheid K = 3 dB VOORZICHTIG Geluid dat bij het werk optreedt Beschadiging van het gehoor ► Gehoorbescherming gebruiken. Trillingsemissiewaarde a

(vectorsom van drie richtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 62841: Zagen van hout

Nederlands 87Zagen van metaal

De aangegeven emissiewaarden (trilling, ge luid) – zijn geschikt om machines te vergelijken, – om tijdens het gebruik een voorlopige in schatting van de trillings- en geluidsbelas ting te maken – en gelden voor de belangrijkste toepassin gen van het elektrische gereedschap. VOORZICHTIG Emissiewaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken. Dit hangt af van het ge bruik van het gereedschap en de soort van het bewerkte werkstuk. ► De werkelijke belasting tijdens de gehele bedrijfscyclus moet beoordeeld worden. ► Afhankelijk van de werkelijke belasting moeten passende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener worden vastgelegd. 3 Gebruik volgens de voorschriften Conform de bepalingen zijn de invalcirkelzaag machines bestemd voor het zagen van hout, op hout gelijkende materialen, gips- en cementge bonden vezelstoffen en kunststoffen. Met de door Festool aangeboden speciale zaagbladen voor aluminium kunnen de machines ook voor het zagen van aluminium worden gebruikt. Er mag geen asbesthoudend materiaal worden bewerkt. Geen slijp- en schuurschijven gebruiken. De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaats vindt.

De voorritser mag alleen geactiveerd worden in combinatie met de geleiderail en bij de bewer king van – hout en op hout gelijkend materiaal – Kunststoffen in de vorm van een coating of als massief materiaal

Er mogen alleen zaagbladen met de volgende gegevens worden gebruikt: – Zaagbladen conform EN 847-1 – Diameter zaagblad 168 mm – Zaagbreedte 1,8 mm – Opnamegat 20 mm – Stambladdikte 1,2 mm – Geschikt voor toerentallen tot 9 500 min

Voor splintervrije zaagsneden zijn volgende zaagbladen in combinatie met de voorritser ge schikt: – Cirkelzaagblad HW 168x1,8x20 WD42 – Cirkelzaagblad HW 168x1,8x20 TF52 Voor de voorritser alleen Festool-zaagbladen met volgende gegevens gebruiken: – Zaagbladen conform EN 847-1 – Diameter zaagblad 47 mm – Zaagbreedte 1,9 - 2,5 mm – Opnamegat 6,35 mm – Stambladdikte 1,6 mm – Geschikt voor toerentallen tot 26 000 min

Festool-zaagbladen voldoen aan de norm EN 847-1. Zaag alleen materialen die conform de bepalin gen voor het betreffende zaagblad bestemd zijn. 4 Technische gegevens Invalcirkelzaag TSV 60 KEBQ TSV 60 KEB Netkabel afneembaar (plug it) ✓ ✕ Opgenomen vermogen 1 500 W Toerental 3 000 ‑ 6 800 min

Verstek 0° tot 45° Zaagdiepte bij 0° 0 ‑ 62 mm Zaagdiepte bij 45° 0 ‑ 45 mm Zaagbladafmeting 168 x 1,8 x 20 mm Nederlands 88Invalcirkelzaag TSV 60 KEBQ TSV 60 KEB Apparaatafmeting (incl. afzuigaansluiting) (LxBxH) 414 x 180 x 259 mm Gewicht conform EPTA-procedure 01:2014 (zonder netkabel) 6 kg Voorritser Opgenomen vermogen 190 W 110 V-variant 150 W Toerental 22 000 - 16 000 min

Zaagdiepte met geleiderail FS aanbevolen max. 2,0 mm Zaagbreedte 1,95 - 2,5 mm 5 Apparaatcomponenten

[1-1] Instelgeleiders [1-2] Toerentalregeling [1-3] Toets KickbackStop-functie OFF [1-4] Status-LED KickbackStop-functie [1-5] Handgrepen [1-6] Hendel voor gereedschapswisseling [1-7] Inschakelblokkering [1-8] Aan-/uitschakelaar [1-9] Afzuigaansluiting [1-10] Draaiknoppen voor hoekinstelling [1-11] Kabelgeleiding [1-12] Netkabel [1-13] Start-/eindpositie zaagbladen (beide zijden) [1-14] Hendel voor pure voorritsstand [1-15] Tweedelige schaal voor zaagdiepte aanslag (met/zonder geleiderail) [1-16] Instelschroef van de zaagdiepte voor bijgeslepen zaagbladen [1-17] Zaagdiepteaanslag [1-18] Hoekschaal [1-19] Zaagindicatie [1-20] Kijkvenster/bescherming tegen stof en spanen [1-21] Aftastnok [1-22] Beveiligingsdeksel

[1-23] Toets spindelstop voorritser [1-24] Stelknop zaagbreedte/zaagdiepte voorritser [1-25] Stelknop zijdelingse verschuiving voorritser [1-26] Hendel voorritser activeren/deactive ren De vermelde afbeeldingen staan aan het begin en aan het einde van de gebruiksaanwijzing. Afgebeelde of beschreven accessoires behoren voor een deel niet tot de leveringsomvang. 6 Ingebruikneming WAARSCHUWING Ontoelaatbare spanning of frequentie! Risico van ongevallen ► De netspanning en de frequentie van de stroombron dienen met de gegevens op het typeplaatje overeen te stemmen. ► In Noord-Amerika mogen alleen Festool- machines met een spanningsopgave van 120 V / 60 Hz worden gebruikt. De machine altijd uitschakelen alvorens de netkabel aan te sluiten of uit het stop contact te trekken! Alleen geleiderails gebruiken waarvan de splin terbescherming met dit apparaat ingezaagd werden (zie hoofdstuk 12.2). In leveringstoestand is de voorritser niet uitgelijnd naar het hoofdzaagblad. Vóór het eerste gebruik de voorritser instellen (zie hoofdstuk 8, in de volgorde 8.4/ 8.5).

6.1 Apparaten met plug it-aansluiting

Geldig voor TSV 60 KEBQ. Nederlands 89VOORZICHTIG Verhitting van de plug it-aansluiting bij on volledig vergrendelde bajonetsluiting Verbrandingsgevaar ► Voor het inschakelen van het elektrisch ge reedschap controleren of de bajonetslui ting van de aansluitkabel geheel is geslo ten en vergrendeld. Aansluiten en losmaken van de netkabel [1-12] zie afbeelding [2]. 7 Instellingen hoofdaggregaat WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact!

Toerentalregeling Het toerental kan met de stelknop [1-2] trap loos in het toerentalbereik (zie technische ge gevens) worden ingesteld. Daardoor kunt u de zaagsnelheid aan het betreffende oppervlak op timaal aanpassen. Toerentalstand per materiaal Massief hout (hard, zacht) 6 Spaan- en hardvezelplaten 3 ‑ 6 Gelaagd hout, meubelplaat, gefineerd en geplastificeerd plaatmateriaal

4 ‑ 6 Kunststof, vezelversterkte kunststof (GFK), papier en weefsel 3 ‑ 5 Acrylglas 4 ‑ 5 Beveiliging tegen overbelasting Bij extreme overbelasting van het apparaat be schermt een elektronische beveiliging tegen overbelasting de motor tegen beschadiging. In dat geval blijft de motor staan en loopt pas weer verder na ontlasting. Voor de heringe bruikneming moet men het apparaat weer in schakelen. Rem De zaag bezit een elektronische rem. Na het uitschakelen wordt het zaagblad in ca. 2 sec. elektronisch tot stilstand afgeremd. WAARSCHUWING! De voorritser bezit geen elektronische rem en loopt na uitschakeling van de zaag nog ca. 2 seconden na. Temperatuurbeveiliging Bij een te hoge motortemperatuur worden de stroomtoevoer en het toerental gereduceerd. Het elektrische gereedschap draait alleen nog met verminderd vermogen door om een snelle afkoeling door de motorventilatie mogelijk te maken. Na afkoeling komt het elektrisch ge reedschap weer automatisch op gang.

7.2 Zaagdiepte instellen

De zaagdiepte kan van 0 ‑ 62 mm op de zaag diepteaanslag [3-1] ingesteld worden. Het zaagaggregaat kan nu tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden worden gedrukt. Zaagdiepte zonder geleiderail max. 62 mm +FS Zaagdiepte met geleiderail FS max. 57 mm

7.3 Zaaghoek instellen

Tussen 0° en 45° ► Open de draaiknoppen [4-1]. ► Draai het zaagaggregaat in de gewenste zaaghoek [4-2]. ► Sluit de draaiknoppen [4-1]. De beide standen (0° en 45°) zijn stan daard ingesteld en kunnen door de klan tenservice worden aangepast. Schuif bij hoekzaagsneden het kijkvenster [1-20] in de hoogste positie!

7.4 Zaagblad selecteren

Festool-zaagbladen zijn met een gekleurde ring gemarkeerd. De kleur van de ring staat voor het materiaal waarvoor het zaagblad geschikt is. Neem de vereiste zaagbladgegevens in acht (zie hoofdstuk 3.2). Nederlands 90Verf Materiaal Symbool Geel Hout Rood Laminaat, minerale grondstof HPL/TRESPA

WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact! VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door heet en scherp ge reedschap ► Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken. ► Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap. Het zaagblad uitnemen ► Voordat u het zaagblad wisselt, moet u de zaag in de 0°-stand te zetten en de maxima le zaagdiepte instellen. ► Sla de hendel [5-3] tot aan de aanslag om. Hendel alleen bij stilstand van de zaag be dienen! ► Druk het zaagaggregaat naar beneden tot het inklikt. ► Leg de zaag op de zijkant op een stevige on dergrond. Zaagbladzijde naar boven. ► Open de schroef [5-5] met de inbussleutel [5-2]. ► Verwijder het zaagblad [5-8]. Aftasteenheid reinigen WAARSCHUWING! Een verontreiniging van de aftasteenheid kan de KickbackStop-functie be invloeden en daardoor een remming van het zaagblad verhinderen. ► Houd het zaagaggregraat aan de greep vast, sluit de hendel [5-3] en druk het zaagag gregaat geheel naar beneden. ► Open de hendel [5-3] opnieuw en laat het zaagaggregaat inklikken. ► Reinig de aftasteenheid [5-9] door uitblazen of met een kwast. Zaagblad plaatsen WAARSCHUWING! Controleer schroeven en flens op verontreiniging en gebruik alleen scho ne en onbeschadigde onderdelen! ► Houd het zaagaggregaat aan de greep vast en sla de hendel [5-3] tot aan de aanslag om. ► Druk het zaagaggregaat naar beneden tot het inklikt. ► Breng een nieuw zaagblad aan. WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [5-7] en zaag [5-4] moeten over eenkomen! Wordt dit niet in acht genomen, dan kan dit tot ernstig letsel leiden. ► Breng de buitenste flens [5-6] zo in, dat de meeneempennen in de uitsparing van de binnenste flens grijpen. ► Draai de schroef [5-5] goed vast. ► Houd het zaagaggregraat aan de greep vast, sluit de hendel [5-3] en leid het zaagaggre gaat terug naar boven.

WAARSCHUWING Gevaar voor de gezondheid door stof ► Nooit zonder afzuiging werken. ► Nationale voorschriften in acht nemen. ► Bij het zagen van kankerverwekkende stof fen altijd een geschikte mobiele stofzuiger volgens de nationale bepalingen aanslui ten. Niet de stofopvangzak gebruiken. Geïntegreerde afzuiging ► Het aansluitstuk [6-2] van de stofopvang zak [6-3] door naar rechts te draaien aan de afzuigaansluiting [6-1] bevestigen. ► Voor het leegmaken het aansluitstuk van de stofopvangzak van de afzuigaansluiting ver wijderen door het naar links te draaien. Door verstoppingen in de beschermkap kunnen veiligheidsfuncties beïnvloed worden. Om ver stoppingen te vermijden is het daarom beter om met een mobiele stofzuiger met volle af zuigcapaciteit te werken. Bij het zagen (bijv. van MDF) kan er statische oplading ontstaan. Werk dan met een mobiele stofzuiger en een antistatische afzuigslang. Festool mobiele stofzuiger Bij de afzuigaansluiting [6-1] kan een Festool mobiele stofzuiger met een afzuigslangdiame ter van 27/32 mm of 36 mm (36 mm vanwege Nederlands 91geringer verstoppingsgevaar aanbevolen) wor den aangesloten. Het aansluitstuk van een afzuigslang Ø 27 wordt in het hoekstuk [6-4] gestoken. Het aan sluitstuk van een afzuigslang Ø 36 wordt in het hoekstuk [6-4] gestoken. ATTENTIE! Als er geen antistatische afzuig slang wordt gebruikt, kan een statische opla ding ontstaan. De gebruiker kan een elektri sche schok krijgen, en de elektronica van het elektrische gereedschap kan beschadigd wor den. 8 Instellingen voorritser WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact!

8.1 Instelhandeling voorritser

De voorritser moet naar het hoofdzaagblad toe uitgelijnd worden. Het werkresultaat wordt door een groot aantal randvoorwaarden beïn vloed. Controleer daarom de uitlijning van de voorritser vóór het eigenlijke zagen door proef zaagsneden. ► Geleidingsspeling tussen zaag en geleide rail correct instellen (zie hoofdstuk 12.2). Dit is belangrijk voor een nauwkeurige zaagsnede. ► De gewenste zaagdiepte van het hoofdzaag blad instellen (zie hoofdstuk 7.2).(Aanbeve ling: Om aan de onderzijde van het werk stuk een goede randkwaliteit te realiseren, moet de tandoverstand minstens 12 mm be dragen.) ► Proefsnede met geactiveerde voorritser bij geringe voorritsdiepte uitvoeren. ► De zijdelingse verschuiving instellen (zie hoofdstuk 8.4) tot de voorritsgroef met de zaagsnede van het hoofdzaagblad in lijn is. Controle door meer proefsneden. ► Zaagbreedte van de voorritsgroef op de zaagbreedte van het hoofdzaagblad instel len (zie hoofdstuk 8.5). Ook hierbij zijn proefsneden dringend noodzakelijk. ► De beide voorgaande zaagsneden herhalen tot het gewenste zaagresultaat wordt be haald. Beweeg met de proefsneden altijd min stens 20 ‑ 30 cm in het werkstuk. In het begingedeelte van het zagen in de lengte richting kan er een grotere voorritsdiepte en daardoor een bredere voorritsgroef dan in het resterende deel van het werkstuk ontstaan.

8.2 Voorritser activeren/deactiveren [7]

Activeren (ON) ► Hendel voorritser activeren/deactive ren [7-1] tot aan de aanslag naar boven draaien. Met het induiken van het hoofdaggregaat wordt ook het voorritserzaagblad ingedoken. Deactiveren (OFF) ► Hendel voorritser activeren/deactive ren [7-1] 90° naar beneden draaien. Het hoofdaggregaat wordt zonder het voorrit serzaagblad ingedoken. De oorspronkelijk diepte- of zaagbreedte- instelling blijft bewaard.

8.3 Pure voorritsstand activeren/

deactiveren [8] Activeren ► Hendel voor pure voorritsstand [8-1] tot aan de aanslag naar rechts draaien. Het hoofdzaagblad wordt tegen induiken ge blokkeerd. Hoofdzaagblad draait bij het voorritsen mee. Deactiveren ► Hendel voor pure voorritsstand [8-1] tot aan de aanslag naar links draaien. Hoofdzaagblad zaagt met ingestelde zaagdiep te.

8.4 Zijdelingse verschuiving instellen [9]

De zaagsnede van het voorritserzaag blad moet in het midden ten opzichte van de zaagsnede van het hoofdzaagblad uitge lijnd worden. ► De zijdelingse verschuiving op de stelknop [9-1] instellen. Rechtsom draaien (R): De voorritsereenheid beweegt zich weg van de geleiderail. Een omdraaiing: – 0,5 mm axiale weg Een vergrendeling: – 0,025 mm axiale weg Nederlands

928.5 Zaagbreedte (zaagdiepte) van de

voorritser instellen [10] Het voorritserzaagblad heeft een conische zaagtand. Daarom wordt de zaagbreedte door de zaagdiepte gestuurd. ► Zaagbreedte op de stelknop [10-1] instel len. Rechtsom draaien (+): Zaagbreedte en zaagdiepte nemen toe. Eén omdraaiing: – Wijziging zaagbreedte: 0,32 mm – Wijziging zaagdiepte: 1,3 mm Eén vergrendeling: – Wijziging zaagbreedte: 0,025 mm – Wijziging zaagdiepte: 0,1 mm Aanbeveling: de zaagbreedte slechts mini maal breder dan de zaagbreedte van het hoofdzaagblad instellen.

8.6 Voorritserzaagblad wisselen [11]

WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Trek vóór alle werkzaamheden aan de ma chine altijd de stekker uit het stopcontact! VOORZICHTIG Gevaar voor letsel door heet en scherp ge reedschap ► Geen stomp en defect inzetgereedschap gebruiken. ► Veiligheidshandschoenen dragen bij het hanteren van inzetgereedschap. Voorritserzaagblad verwijderen ► De voorritser activeren (zie hoofdstuk 8.2). ► De hendel voor gereedschapswissel [11-1] tot aan de aanslag omdraaien. ► De zaag op de zijkant op een stevige onder grond leggen. Zaagbladzijde naar boven. ► De spindelstop [11-2] indrukken en vast houden. De schroef [11-5] met een kleine inbus sleutel [11-3] openen (linkse schroef draad) . ► Het voorritserzaagblad [11-7] verwijderen. Voorritserzaagblad plaatsen WAARSCHUWING! Schroef [11-5] op vervuiling controleren. Alleen schone en onbeschadigde onderdelen gebruiken! ► Nieuw zaagblad plaatsen. Bedrukte zijde naar boven. WAARSCHUWING! De draairichting van zaagblad [11-6] en zaag [11-4] moeten overeenkomen! Wordt dit niet in acht geno men, dan kan dit tot ernstig letsel leiden. ► De spindelstop [11-2] indrukken en vast houden. De schroef [11-5] plaatsen en met de kleine inbussleutel [11-3] vastdraaien (linkse schroefdraad).

8.7 Afzuiging bij de voorritser

► Bij werkzaamheden met de voorritser het kijkvenster [1-20] volledig naar onderen schuiven. Bij de voorritser vrijkomend stof wordt naar de afzuiging geleid. 9 Werken met het elektrische gereedschap Bij het werken alle aan het begin vermel de veiligheidsvoorschriften en de volgen de regels in acht nemen: Vóór het begin – Controleer voor elk gebruik of de aandrij feenheid met het zaagblad probleemloos en volledig in de uitgangsstand naar boven in de beschermende behuizing terug zwenkt. Gebruik de zaag niet als de boven ste eindpositie niet veiliggesteld is. Klem of fixeer de zwenkbare aandrijfeenheid nooit op een bepaalde zaagdiepte vast. Daardoor zou het zaagblad onbeschermd zijn. – Controleer voor gebruik altijd of de induik voorziening functioneert en neem de ma chine alleen in gebruik wanneer deze func tioneert volgens de voorschriften. – Controleer of het zaagblad goed vastzit. – Controleer voor elk gebruik van de zaag de KickbackStop-functie (zie hoofdstuk 10.5). – Verzeker u er vóór aanvang van de werk zaamheden van dat de draaiknop [1-10] stevig is aangedraaid. – Zorg ervoor dat de afzuigslang en de netka bel over de gehele zaagsnede niet blijft ha ken, noch aan het werkstuk, noch aan de werkstuksteun of gevaarlijke plaatsen op de vloer. – Om een beschadiging van de netkabel aan scherpe werkstukranden te vermijden, de netkabel in de kabelgeleider [1-11] han gen. Nederlands 93– Het werkstuk spanningsvrij en vlak opleg gen. Tijdens het werk – Bij gebruik zonder geleiderail moet de voorritser beslist gedeactiveerd worden! Bij gebruik zonder geleiderail bestaat het gevaar van een onverwachte beweging voorruit van de zaag. De grotere zaagdiepte op de voorritser leidt tot beschadiging van het werkstuk, en de motor kan overbelast raken. – Leg de bodemplaat van de zaag bij het wer ken steeds geheel op. – Houd het elektrische gereedschap tijdens de werkzaamheden altijd met beide han den vast aan de handgrepen [1-5]. Dit is de voorwaarde voor exact werken en absoluut noodzakelijk voor het induiken. Duik lang zaam en gelijkmatig in het werkstuk in. – Geleid de machine alleen in ingeschakelde toestand tegen een werkstuk. – Beweeg de zaag altijd naar voren [16-2], en trek hem nooit achteruit naar u toe. – Voorkom oververhitting van de snijkanten van het zaagblad door de snelheid aan te passen en zorg er bij het zagen van kunst stof voor dat dit niet smelt. Hoe harder het te zagen materiaal, des te kleiner moet de voedingssnelheid zijn. – Leg de zaag niet op de werkbank of op de grond zonder dat de beschermkap het zaagblad compleet afdekt.

9.1 Akoestische waarschuwingssignalen

Akoestische waarschuwingssignalen klinken bij volgende bedrijfsomstandigheden: Signaal Oorzaak Maatregel Piept eenmaal. Apparaat overbe last Apparaat minder be lasten. Piept continu. Voorritser defect Voorritser deactive ren. Contact opne men met de Festool- onderhoudswerk plaats of uw vakhan del.

9.2 In-/uitschakelen

De activering van de inschakelblokkering ont grendelt het invalzaagmechanisme. ► Schuif de inschakelblokkering [1-7] naar boven en druk op de aan-/uit-schakelaar [1-9] (drukken = AAN / loslaten = UIT). Het zaagaggregaat kan naar beneden worden bewogen. Hierbij komt het zaagblad uit de be schermkap.

9.3 Zagen volgens aftekenlijn

De zaagindicatie [12-2] geeft bij 0°- en 45°- zaagsneden (zonder geleiderail) het zaagver loop aan.

De machine met het voorste deel van de zaag tafel op het werkstuk plaatsen, de machine in schakelen, tot de ingestelde zaagdiepte naar beneden drukken en in de zaagrichting naar vo ren bewegen.

9.5 Delen uitzagen (invallend zagen)

Om bij invallend zagen een terugslag te voorkomen dienen de volgende aanwij zingen beslist in acht te worden genomen: – Plaats de machine altijd met de achterkant van de zaagtafel tegen een vaste aanslag. – Zet de machine bij het werken met de ge leiderail tegen de terugslagstop FS-RSP (accessoires) [16-4] die op de geleiderail wordt vastgeklemd. Handelwijze ► Plaats de machine op het werkstuk en zet deze tegen een aanslag (terugslagstop). ► Schakel de machine in. ► Druk de machine langzaam tot de ingestel de zaagdiepte omlaag en beweeg deze in de zaagrichting vooruit. De markeringen [12-1] geven bij maximale zaagdiepte en gebruik van de geleiderail het voorste en achterste zaagpunt van het zaagblad (Ø 168 mm) aan. Induikzaagsneden met voorritser In sommige gevallen kan het nodig zijn om eerst met de voorritser te werken (zie hoofd stuk 8.3) en het doorzagen met het hoofdzaag blad in een tweede handeling uit te voeren. Bij het doorzagen met het hoofdzaagblad vervol gens de voorritser deactiveren (zie hoofd stuk 8.2).

9.6 Zagen met voorritser

De voorritser snijdt het oppervlak iets breder dan het hoofdzaagblad voor. Daardoor komt het hoofdzaagblad niet meer in aanraking met het oppervlak en versplinteringen worden verhin derd. Nederlands 94WAARSCHUWING Gevaar voor letsel Bij het zagen met de voorritser ontstaan ex treem scherpe snijranden aan het werkstuk. Deze vormen een snijgevaar voor vingers, netkabel etc. ► Snijrand niet aanraken. ► Netkabel altijd van de snijrand weghouden. VOORZICHTIG Letselgevaar door draaiend voorritserzaag blad Bij een storing van het hoofdaggregaat (bijv. overbelasting) kan het gebeuren dat het hoofdzaagblad stilstaat en het voorritser zaagblad nog loopt. ► Nooit in het bereik van de zaagbladen grij pen zolang de zaag op het lichtnet is aan gesloten. ► Geleiderail aanbrengen en correcte speling instellen. ► De uitlijning van de voorritser vóór het ei genlijke zagen door proefzaagsneden con troleren (zie hoofdstuk 8.1). ► Zagen met aanbevolen voedingssnelheid van 2 – 4 m/min. (Bij een 1 m-zaagsnede komt dat overeen met een tijd van ca. 15 – 30 seconden). Voor hoogste nauwkeurigheden niet met gekoppelde geleiderails werken. 10 KickbackStop

10.1 KickbackStop-functie

WAARSCHUWING Gevaar voor letsel De KickbackStop-functie garandeert geen volledige bescherming tegen een terugslag. ► Werk altijd geconcentreerd en neem alle veiligheidsinstructies en waarschuwingen in acht. Een terugslag tijdens het werk kan ertoe leiden dat de zaag onbedoeld opgelicht wordt. De aftastnok [13-1] herkent bij het werk een onbedoeld oplichten (terugslag) van de zaag van het werkstuk of van een rail en activeert een snelremming van het zaagblad (afbeel ding 13A). Het gevaar van een terugslag wordt daarmee verminderd. Het kan echter niet volledig uitge sloten worden. Status-LED KickbackStop-functie Kleur Betekenis Groen KickbackStop-functie is actief. Oranje KickbackStop-functie is gedeacti veerd. Oranje knippe rend KickbackStop-functie is niet actief. De zaag werd gestart voordat de aftastnok op het werkstuk of op een geleiderail werd gedrukt. De bodemplaat van de zaag ligt niet geheel op. Na geheel opleggen van de zaag brandt de LED groen. Als dit niet het geval is, controleer dan de KickbackStop-functie (zie hoofd stuk 10.5) Rood knippe rend De KickbackStop-functie werd ge activeerd.

10.2 Onbedoeld activeren van de

KickbackStop-functie Bij het werken zonder geleiderail op een onge lijk werkstuk kan de KickbackStop-functie on bedoeld geactiveerd worden (afbeelding 13B). De aftastnok [13-1] tast langs het werkstuk. Bij een verdieping van het werkstuk komt de stand van de aftastnok overeen met de stand bij het oplichten van het werkstuk of van een geleide rail. Daarom wordt dan de KickbackStop-func tie geactiveerd. Het kan daarom nodig zijn om zonder KickbackStop-functie te werken (zie hoofdstuk 10.4).

10.3 Handeling na geactiveerde

KickbackStop-functie Geactiveerd door onbedoeld oplichten (terug slag) ► Redenen voor het oplichten vaststellen en verhelpen. ► Apparaat op beschadigingen controleren. ► Aftastnok op beschadigingen controleren. ► KickbackStop-functie controleren (zie hoofdstuk 10.5). Na onbedoeld activeren van de KickbackStop- functie ► De aan-/uitschakelaar loslaten en wachten tot de status-LED KickbackStop-functie niet meer knippert. Nederlands 95► Controleren of het inderdaad om een onbe doeld activeren van de KickbackStop-func tie ging (zie hoofdstuk 10.2) of toch om een terugslag. ► Probeer eerst met actieve KickbackStop- functie verder te werken. Alleen als u zon der rail werkt en uw werkstuk zo ongelijk is dat hierdoor de KickbackStop-functie meer dere keren geactiveerd zou worden, moet u de KickbackStop-functie deactiveren (zie hoofdstuk 10.4).

10.4 Werken zonder KickbackStop-functie

WAARSCHUWING Gevaar voor letsel Bij gedeactiveerde KickbackStop-functie wordt het zaagblad bij onbedoeld oplichten niet geremd. ► Deactiveer de KickbackStop-functie alleen als u zonder rail werkt en uw werkstuk zo ongelijk is dat de KickbackStop-functie meerdere keren onbedoeld geactiveerd zou worden. KickbackStop-functie deactiveren ► Toets KickbackStop-functie OFF indrukken. ► Binnen 10 seconden de aan-/uitschakelaar bedienen en vasthouden. KickbackStop-functie blijft gedeactiveerd tot aan het volgende loslaten van de aan-/uitscha kelaar. KickbackStop-functie kan alleen vóór het inschakelen van de zaag gedeactiveerd worden.

10.5 KickbackStop-functie controleren

WAARSCHUWING Letselgevaar door uitstekend zaagblad. ► Functiecontrole op geleiderail uitvoeren. ► Vóór de functiecontrole: – Zaagblad demonteren, – Voorritser deactiveren, – Zaagdiepte op 0 mm (FS) instellen. ► Zaagdiepte op 0 mm (FS) instellen. ► Apparaat op geleiderail zetten. ► Apparaat inschakelen. ► Toets KickbackStop-functie OFF binnen 5 seconden 4 keer op een afstand van min stens 0,5 seconden indrukken. Status-LED KickbackStop-functie knippert af wisselend rood en groen. ► Binnen 15 seconden ▻ Zaagaggregaat omlaag drukken. ▻ Apparaat aan de achterzijde optillen en weer neerlaten. Signaal klinkt, status-LED brandt groen. Kick backStop-functie werkt foutloos. Als er geen signaal klinkt en de status-LED wordt niet groen, dan werkt de KickbackStop- functie niet foutloos. ► Controleren of de functietest correct werd uitgevoerd. ► Aftasteenheid achter het zaagblad reinigen (zie zaagblad wisselen). Als de functietest nog steeds niet succesvol is, mag het apparaat niet meer gebruikt worden. Neem contact op met de servicewerkplaats van Festool. 11 Onderhoud en verzorging WAARSCHUWING Gevaar voor letsel, elektrische schokken ► Vóór alle onderhouds- en reinigingswerk zaamheden de stekker altijd uit het stop contact trekken! ► Alle onderhouds- en reparatiewerkzaam heden waarvoor het vereist is om de behui zing te openen, mogen alleen in een geau toriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd. Klantenservice en reparatie alleen door fabrikant of door servicewerk plaatsen. Adres bij u in de buurt op: www.festool.nl/service Alleen originele Festool-reserveon derdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.nl/service EKAT

De volgende aanwijzingen in acht nemen: ► Beschadigde beveiligingsinrichtingen en onderdelen,bijv. een defecte hendel voor de gereedschapswisseling [1-6], moeten op deskundige wijze in een erkende en gespe cialiseerde werkplaats gerepareerd en ver vangen worden, voor zover niets anders in de gebruiksaanwijzing aangegeven is. ► Controleer toestand en probleemloze werk ing van de terughaalveer die de gehele aan drijfeenheid in de bovenste beveiligde eind positie drukt. ► Zorg ervoor dat de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon zijn om de luchtcirculatie te waarborgen. Nederlands 96► Om splinters en spanen uit het elektrische gereedschap te verwijderen, dienen alle openingen te worden schoongezogen. Open nooit de beschermende kap [1-22]. ► Bij werkzaamheden met gips- en cement gebonden vezelplaten het apparaat bijzon der grondig reinigen. Reinig de ventilatie openingen van het elektrische gereedschap en de aan-/uit-schakelaar met droge en olievrije perslucht. Anders kan zich gips houdend stof in de behuizing van het elek trische gereedschap en op de aan-/uit- schakelaar afzetten en in verbinding met luchtvochtigheid uitharden. Dat kan tot na delige beïnvloeding van het schakelmecha nisme leiden.

11.1 Bijgeslepen zaagbladen

Met behulp van de instelschroef [14-1] kan de zaagdiepte van bijgeslepen zaagbladen nauw keurig worden ingesteld. ► Stel de zaagdiepteaanslag [14-2] in op 0 mm (met geleiderail). ► Ontgrendel het zaagaggregaat en druk het tot aan de aanslag omlaag. ► Schroef de instelschroef [14-1]zover naar binnen, tot het zaagblad het werkstuk raakt. Het voorritserzaagblad is niet naslijpbaar, omdat het een diamanttand bezit.

11.2 Zaagtafel wankelt

Bij de instelling van de zaaghoek moet de zaagtafel op een plat vlak staan. ► Wankelt de zaagtafel, dan moet de instel ling opnieuw uitgevoerd worden.

11.3 Hoekschaal uitrichten

Zie afbeelding 15. 12 Accessoires Alleen door Festool toegelaten accessoires en verbruiksmateriaal gebruiken. Zie Festool-ca talogus of www.festool.nl. Door gebruik van andere accessoires en ver bruiksmateriaal kan het elektrisch gereed schap onzeker worden, hetgeen tot ernstige on gelukken kan leiden. Naast de beschreven toebehoren biedt Festool nog uitgebreide systeem-accessoires aan, waarmee u uw machine op veel manieren en effectief kunt gebruiken, bijv.:

  • Terugslagstop FS-RSP
  • Hoekaanslag FS-WA en FS-WA/90°
  • Mobiele zaag- en werktafel STM 1800

Om uiteenlopend materiaal snel en zuiver te kunnen zagen biedt Festool voor alle werk zaamheden zaagbladen aan die speciaal op Festool zagen zijn afgestemd.

De geleiderail maakt precieze, zuivere zaag sneden mogelijk en beschermt tegelijkertijd het oppervlak van het werkstuk tegen beschadi ging. In combinatie met de omvangrijke accessoires kunnen met het geleidesysteem exacte hoek zaagsneden, verstekzaagsneden en inpaswerk zaamheden worden uitgevoerd. De bevesti gingsmogelijkheid met behulp van lijmklem men [16-5] zorgt voor een stevig houvast en voor veilig werken. ► Speling van de zaagtafel op de geleiderail met de beide instelgeleiders [16-1] instel len. Zaag voor het eerste gebruik van de geleide rail de splinterbescherming [16-3] in: ► Zet het toerental van de machine op stand

► Plaats de machine met de gehele geleide plaat aan het achtereinde van de geleide rail. ► Schakel de machine in. ► Druk de machine langzaam tot de max. in gestelde zaagdiepte omlaag en zaag de splinterbescherming zonder onderbreking over de gehele lengte aan. De rand van de splinterbescherming komt nu precies overeen met de snijrand. Leg de geleiderail voor het inzagen van de splinterbescherming op een stuk afval hout. De TSV 60 zaagt de splinterbescherming verder naar buiten in dan een andere Fes tool-invalcirkelzaag. Daarom de splinter bescherming altijd met de zaag inzagen waarmee de geleiderail moet worden ge bruikt. Splinterbescherming met voorritser Bij het zagen met voorritser dient de splinter bescherming als pure zaagindicatie. Er mag niet zonder splinterbescherming gezaagd wor den, omdat anders de geleiderail niet zuiver er op ligt en er geen goede werkresultaten be haald kunnen worden. Nederlands 9712.3 Afkortrail De afkortrail is conform de bepalingen geschikt voor het zagen van hout en plaatmateriaal. De afkortrail maakt precieze en schone sneden mogelijk, met name hoekzaagsneden kunnen eenvoudig en telkens opnieuw worden uitge voerd. De zaag beweegt na het zagen automa tisch terug in de uitgangspositie. Neem de gebruiksaanwijzing van de afkortrail FSK in acht. 13 Milieu Geef het apparaat niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijke wijze af. Neem de geldende nationale voorschriften in acht. Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd. Informatie over de inzamelpunten voor een cor recte verwijdering is onder www.festool.nl/ recycling in te zien. Informatie voor REACH: www.festool.nl/reach 14 Algemene aanwijzingen

14.1 Informatie over gegevensbeveiliging

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : FESTOOL

Model : TSV 60 KEBQ

Categorie : Zaag