Respiro 100 RD - Ventilator Thermex - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Respiro 100 RD Thermex in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Respiro 100 RD Thermex
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ventilator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Respiro 100 RD - Thermex en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Respiro 100 RD van het merk Thermex.
GEBRUIKSAANWIJZING Respiro 100 RD Thermex
- We raden u aan om de toestand van het apparaat te verifiëren en na te gaan of het apparaat wer- kt zodra u het uit de verpakking hebt gehaald. Controleer of het product inderdaad het bestelde apparaat is en dat het gegevensblad aan uw behoeften voldoet.
- Het moet worden geïnstalleerd volgens de in uw land geldende voorschriften.
- Als het product als afzuiginstallatie wordt ingezet in een ruimte waarin een boiler of ander sys- teem waarvan het ontbrandingssysteem lucht nodig heeft, is geïnstalleerd, controleer dan of de luchttoevoer de juiste afmetingen heeft.
- De afvoer van de afzuiginstallatie mag niet worden aangesloten op een leiding die wordt ge- bruikt voor de afvoer van rookgassen van andere apparaten die op gas of andere brandstoffen werken.
- Steek geen voorwerpen door het beschermrooster.
- Verwijder het rooster aan de voorkant niet als de afzuiginstallatie aan het werk is. U moet het rooster correct op de voorkant van de afzuiginstallatie installeren alvorens het apparaat aan te zetten. ALGEMEEN WAARSCHUWINGEN Deze handleiding heeft als doel alle nuttige informatie te verschaffen over de installatie, de inwer- kingstelling en het veilig gebruik van het apparaat. Soler &Palau behoudt zich het recht voor om deze handleiding te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving. Ons product is immers continu in ontwikkeling. De machine moet worden geïnstalleerd door een bevoegd persoon. ALGEMENE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN Na installatie volgens de EG-richtlijnen zal het apparaat geen risico inhouden voor de gezond- heid, de veiligheid of het milieu. Dit geldt voor alle producten die tot deze installatie behoren. De volgende algemene waarschuwingen moeten in acht worden genomen:
- Volg de veiligheidsinstructies om schade aan de ventilatoren of personen te voorkomen. De te- chnische eigenschappen van deze handleiding kunnen wijzigen.
- De ventilatormotoren kunnen niet worden gewijzigd.
- De ventilatormotoren moeten worden gevoed met één fase wisselstroom van 230V/50Hz.
- U moet het apparaat in overeenstemming met de geldende regelgeving op de netspanning aans- luiten voor installatie volgens de EG-richtlijnen.
- De machine moet zo worden gemonteerd dat er in normale omstandigheden geen gevaar voor aanraking met bewegende delen en/of laagspanning bestaat. Dit is in overeenstemming met de voorschriften die van toepassing zijn op elektrische apparaten.
- Koppel het apparaat los van de netspanning voordat u werkzaamheden uitvoert.
- Gebruik de passende instrumenten. Gebruik het apparaat alleen waarvoor het is ontworpen.
- Dit product mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens, of die gebrek aan ervaring of kennis hebben, als er toezicht wordt voorzien en als ze werden geïnformeerd over het veilig gebruik van het apparaat. NEDERLANDS108
- Kinderen mogen niet met de machine spelen. Het apparaat mag niet worden onderhouden of schoongemaakt door kinderen zonder toezicht. (7.12, EN 60335-1).
GARANTIE EN AANSPRAKELIJKHEID
Garantie De garantie dekt geen:
- Kosten voor montage en demontage.
- Fouten die, volgens Soler &Palau, te wijten zijn aan een foutieve installatie, geknoei, nalatigheid of een ongeval.
- Fouten als gevolg van geknoei of een reparatie die werd uitgevoerd door niet gekwalificeerde personen. Neem contact op met de installateur of handelaar om een gebrekkig onderdeel terug te sturen. Aansprakelijkheid De machine is bedoeld als ventilatiesysteem voor luchtverversing in woningen. Soler &Palau is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van:
- Oneigenlijk gebruik;
- Normale slijtage van de onderdelen;
- Veronachtzaming van de instructies in deze handleiding met betrekking tot veiligheid, gebruik en inwerkingstelling;
- Het gebruik van onderdelen die niet door Soler &Palau werden geleverd. BEOOGD GEBRUIK Het product is gebouwd volgens de industrienormen en zorgt voor constante luchtverversing in de ruimte. De terugwin- ningseenheid kan zowel in woningen als in openbare gebouwen worden geïnstalleerd. Het product is uitgerust met een keramische warmtewisselaar die de warmte opslaat die vrijkomt tijdens de afvoer van lucht uit de ruimte. Het apparaat geeft de in de wisselaar opgeslagen warmte vervolgens af aan de aangevoerde, koude buitenlucht. Het product moet worden aangebracht in een muur. De buis waarin de keramische wisselaar is geplaatst, is geschikt voor muren met een maximale dikte van 500 mm. De buis kan worden verkort tot minimaal 250 mm. De door het product af- of aangevoerde lucht mag geen ontvlambare of explosieve mengsels, chemische dampen, stof, olie of andere pathogene stoffen bevatten. Om de prestatie van de RESPIRO 150 en RESPIRO 150 RD te verbeteren raden we u aan om de terugwinningseenheden per twee te installeren zodat de ene lucht kan afvoeren wanneer de andere lucht aanvoert.109
Beschrijving van het product
4i. Binnen wand armatuur met elektrische aansluitingen 4e. Buiten wand armatuur
5. Extern aanvoersysteem
6. Geïntegreerde buis van 500 mm
9. Installatie- en onderhoudshandleiding
10. Algemene waarschuwingen
13. Waarschuwing productextractie110
TECHNISCHE PARAMETERS De terugwinningseenheid is ingedeeld in productklasse II. De beschermingsgraad is IPX4. De terugwinningseenheid is ontworpen voor installatie in gesloten ruimtes. De bedrijfstemperatuur limiet tussen -20°C en 50°C met een maximale relatieve vochtigheid van 80%. Het ontwerp van de terugwinningseenheid wordt voortdurend verder ontwikkeld. Bepaalde modellen kunnen daarom afwi- jken van het model in deze handleiding.
OPBOUW Het product bestaat uit een bedieningseenheid met muurbevestiging die in de ruimte moet worden geïnstalleerd, een geïn- tegreerde buis met keramische wisselaar en filters, en een extern aanvoersysteem met muurbevestiging. Keramische wisselaar Geïntegreerde buis Buitenfilter Binnenfilter Extern aanvoersysteem met muurbevestiging Hoofdeenheid met muurbevestiging INSTALLATIE Het product mag alleen worden geïnstalleerd door gekwalificeerd personeel. Zorg ervoor dat de netspanning in de ruimte is uitgeschakeld voordat u de elektrische assemblageactiviteiten uitvoert. Het apparaat mag niet worden geïnstalleerd in de buurt van gordijnen, jaloezieën enz. aangezien deze de correcte werking in gevaar kunnen brengen. Controleer na de installatie of de schoepen van de waaier zich op minstens 2,30 m van de vloer bevinden. Als u verschillen- de apparaten installeert, moet u tussen de producten minstens 3 meter afstand bewaren. Alvorens met de montage van het product te starten moet u de instructiehandleiding aandachtig lezen en ervoor zorgen dat u over al het gereedschap beschikt dat u voor de installatie nodig hebt. Volg de instructies in deze handleiding nauwkeurig.
Ga naar de ruimte waar u het product wilt installeren en markeer het midden van het gat dat u in de muur moet maken. Zorg ervoor dat er zowel op de binnen- als op de buitenmuur rond het midden van het gat minstens 15 cm vrije ruimte is zodat de geïntegreerde buis probleemloos kan worden gemonteerd. Zorg ervoor dat de machine geen contact maakt met muren of niet-verwijderbare voorwerpen. De diameter van het installatie gat is:
- RESPIRO 100 Ø 100 mm
- RESPIRO 150 Ø 160 mm Het gat in de muur moet een doorgangsgat zijn met een hellingshoek van 1°- 2° naar buiten toe. Als u de meegeleverde, geïntegreerde buis wilt gebruiken mag de muur niet dikker zijn dan 500 mm. Om het product te kunnen installeren moet de bevestigingsmuur minstens 250 mm dik zijn. Zodra u het gat in de muur hebt gemaakt, steekt u de geïntegreerde buis (6) erdoor.113
Zorg ervoor dat de lengte van de geïntegreerde buis (6) gelijk is aan de dikte van de muur. De buis mag niet uit de binnen- en buitenmuren steken. Als de muur dunner is dan 250 mm is hij niet geschikt voor de installatie van het product. Pas de lengte, indien nodig, aan de dikte van de muur aan. Gebruik hiervoor aangepast gereedschap en volg de hieronder beschreven procedure: Zodra u de lengte van de geïntegreerde buis (6) hebt aangepast aan de exacte dikte van de muur, plaatst u de buitenmuur- bevestiging (4e) op de buitenmuur zoals wordt getoond op onderstaande afbeelding: Plaats de centreerdiameter van de muurbevestiging (4e) in de geïntegreerde buis (6).114
Zodra de buis is gecentreerd, gaat u op zoek naar de gaten voor de armatuur op de buitenmuur. Gebruik hiervoor de buiten- muurbevestiging (4e) en een waterpas om de precisie te garanderen (zie onderstaande afbeelding): Maak de gaten en plaats de pluggen voor de wandarmatuur. Schroef de buitenmuurbevestiging (4e) op de buitenmuur. Klik het externe aanvoersysteem (5) op de buitenmuurbevestiging (4e) (zie afbeeldingen):
2) ELEKTRISCHE AANSLUITINGEN
Het product mag alleen worden geïnstalleerd door gekwalificeerd personeel. Zorg ervoor dat de voedingsspanning in de ruimte voldoet aan het vermogen dat op het gegevensblad van het product wordt vermeld. Zorg ervoor dat de netspanning in de ruimte is uitgeschakeld voordat u de elektrische assemblageactiviteiten uitvoert. Ga na welke productversie u hebt en lees alle instructies over de elektrische aansluitingen van uw versie aandachtig door.115
Om de gaten in de buitenmuur op te sporen moet u eerst de centreerdiameter van de binnenmuurbevestiging (4i) in de geïntegreerde buis (6) plaatsen (zie bovenstaande afbeelding). Met behulp van een waterpas markeert u de 4 gaten voor de wandarmatuur van de binnenmuurbevestiging (4i). De installatie op de binnenmuur verschilt van die op de buitenmuur. Op de binnenmuur moet u de toevoerleidingen op de bij het product geleverde, gestripte draden aansluiten. Trek de kabels uit de muur. Aansluiting van een voedingskabel uit de muur Zodra u de pluggen hebt geplaatst, moet u, alvorens ze vast te schroeven, het klemmenblok uit de binnenwandarmatuur halen (4i) en de kabels door de basis duwen.116
Aansluiting van een buitenstroomkabel R Breek de plastic lipjes zoals wordt aangeven op onderstaande afbeeldingen. Haal het klemmenblok uit de binnenwandarmatuur, duw de kabels door de basis en maak de kabelbinder vast met de bij- geleverde schroeven. Bevestig de binnenwandarmatuur (4i) op de muur en voer de elektrische aansluitingen uit zoals wordt beschreven in de volgende hoofdstukken. 2a) RESPIRO 100 / RESPIRO 150 Rechtstreekse aansluiting Voordat u de aansluiting uitvoert, moet u ervoor zorgen dat de stroomkabels (fase en nul geleider) zich in de buurt van de wandcontactdoos bevinden. Gebruik de binnenwandarmatuur (4i) en het nodige gereedschap om de netspanning aan te sluiten op het klemmenblok. Sluit de netstroomkabels correct en stevig aan op het klemmenblok. “N”- en “L”-aanduiding.117
Aansluiting van de muurbedieningen op de afstandsbediening Het is mogelijk om de aan-uitfunctie en de snelheidsselectieknoppen op afstand te bedienen. Volg de instructies in het hoofdstuk “RECHTSTREEKSE AANSLUITING” over de aansluitingswijzen op het elektriciteitsnet. Om het product te bedienen met de wandschakelaars moeten de schakelaars op het product, tijdens het gebruik in stand 1 staan(zie afbeelding (Y)). Om het product in te schakelen met de wandschakelaars moet u een dubbelpolige serieschakelaar op de “L”- en “N”-voe- ding aansluiten (zie afbeelding (a)). De aansluitingen worden uitgevoerd zoals hieronder wordt beschreven: Om de snelheid te bedienen met de wandschakelaar moet u de twee klemmen van de schakelaar op de koppen “SI” en “S2” aansluiten. 2b) RESPIRO 100RD / RESPIRO 150 RD Stroomtoevoeraansluiting Voordat u de aansluiting uitvoert, moet u ervoor zorgen dat de stroomkabels (fase en nul geleider) zich in de buurt van de wandcontactdoos bevinden. Gebruik de binnenwandarmatuur (4i) en het nodige gereedschap om de nets- panning aan te sluiten op het klemmenblok. Sluit de stroomkabels correct en stevig aan op het klemmenblok. “N”- en “L”-aanduiding. Het is mogelijk om de aan-uitfunctie op afstand te bedienen. Om het product te bedienen met de geïntegreerde schakelaars moeten de schakelaars op het product, tijdens het gebruik in stand 1 staan (zie afbeelding (Y)). Om het product in te schakelen met de wandschakelaars moet u een dubbel- polige serieschakelaar op de “L”- en “N”-voeding aansluiten (zie afbeelding (a)). U kunt het product ook aansluiten op het intelligente thuisnetwerk door se- rialisering van de stroom voor programmering van de aan-uitfunctie.118
Voer de aansluitingen (zie onderstaande afbeeldingen): Communicatie met producten slave Als u voorziet om één of meer producten trapsgewijs aan te sluiten op de hoofdeenheid of de hoofdeenheid wilt voorberei- den op toekomstige aansluitingen, raadpleeg dan de onderstaande afbeelding om de communicatie tussen de hoofdeen- heid en de cascade eenheden toe te laten. Tegengesteld aan master Gelijk aan master Tegengesteld aan master We raden u aan om kabels met verschillende kleuren te gebruiken om de aansluitingen niet te verwarren. Opgelet: Om een apparaat als masterapparaat te kunnen configureren mag het niet zijn aangesloten op andere apparaten die verbinding maken met de klemmenblokken Cl en C2 (zie aansluitschema). Opgelet: Voorzie de aansluitingen tussen S l- C l en S2-C2 van markeringen om schade aan de elektronische apparaten te voorkomen. Configuratie van master – slave Controleer of het masterapparaat geen andere apparaten op het klemmenblok heeft aangesloten (Cl en C2), en zet het aan. Na de eerste 10 seconden waarin de rode LED aan blijft, zal de RESPIRO twee keer afwisselend de witte en rode led oplichten en automatisch worden geconfigureerd als MASTER. Pas wanneer het product als MASTER is ingesteld kunt u met de configuratie van SLAVE1 starten. Stuur geen bevelen van de afstandsbediening naar het slave-apparaat. Zorg ervoor dat het MASTER apparaat werkt voordat u op de “0/1”-schakelaar drukt om de volgende (SLAVE) eenheid in te schakelen. Zo geeft u het MASTER apparaat voldoende tijd om de SLAVE-apparaten in de gewenste volgorde te configure- ren. Druk op de 0/1-schakelaar om het SLAVE-apparaat aan te zetten (zie onderstaande uitleg). De eenheden mogen pas worden uitgeschakeld nadat de vorige eenheid is beginnen functioneren:
2. Slave 1 waarvan de werking tegengesteld is aan die van de master
3. Slave 2 waarvan de werking gelijk is aan die van de master
4. Slave 3 waarvan de werking tegengesteld is aan die van de master119
Opgelet: Als het product niet correct is geconfigureerd (MASTER of SLAVE) kunt u de RESET functie gebruiken om het product naar de fabrieksinstellingen te resetten. Deze procedure wordt uitgelegde in het hoofdstuk PRODUCT RESETTEN (pagina 22).
3) BEËINDIGING VAN DE MONTAGE
Na uitvoering van de aansluiting moet u het klemmenblok en de kabels opnieuw in hun behuizing steken. Installeer de keramische wisselaar (7) en de bijbehorende filters (8) halverwege de geïntegreerde buis (6) (zie onderstaande afbeelding): Klik de hoofdeenheid (3), de onderdelen van de demper (2) en de reeds gemonteerde frontafwerking (1) op de muurbeves- tiging (4i) en zorg ervoor dat alle lipjes goed vastzitten. Plaats de hoofdeenheid op de muur en zorg ervoor dat de schakelaars zich linksboven bevinden. AFSTANDSBEDIENING (RD VERSIE)
VERWIJDERING VAN DE BESCHERMENDE STICKER
Verwijder de beschermende sticker om de afstandsbediening te gebruiken. Volg onderstaande aanwijzingen.120
A Automatische modus V Snelheidsselectie H Selectie van relatieve vochtigheidsdrempel F Richting van luchtstroom I Luchtaanvoer E Luchtafvoer
COMMANDO’S/INSTRUCTIES
S: Toezichtfunctie (stand-bymodus) Als u op de knop “TOEZICHT” drukt, blijft het product in de stand-bymodus staan met gesloten demper maar geactiveerde sensoren. Als de parameters voor de verwijdering van de vochtigheid de ingestelde waarden overschrijden zal het product automatisch en zo snel mogelijk met de luchtafvoer starten. Als de waarden weer gezakt zijn zal het apparaat opnieuw naar de stand-bymodus overschakelen. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle eenheden naar de TOEZICHT modus overschakelen. Deze functie is zeer nuttig als de gebruiker lange tijd afwezig is. Respons: Lichtpuls bij activering van de modus Rood Regelmatige lichtpuls (elke minuut) in actieve modus Wit/Rood Constant licht Boven drempelwaarde Rood A: Automatische modus In de automatische modus wordt er met een gemiddelde snelheid gedurende 70 seconden lucht afgevoerd en gedurende 70 seconden lucht aangevoerd. Als u op de knop “AUTO” drukt, zal het product de actieve sensoren (schemering, hygrostaat) automatisch bedienen; als de waarden de ingestelde drempel overschrijden, zal het product de lucht zo snel mogelijk uit de ruimte afvoeren tot de drempelwaarde opnieuw wordt bereikt. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle eenheden naar de AUTOMATISCHE modus overschakelen. Het product is uitgerust met een schemersensor die de werkingssnelheid tot de minimumsnelheid vermindert wanneer de lichtintensiteit afneemt om het lawaai van de luchtverversing te verminderen. Respons: Lichtpuls bij activering van de modus Wit/Rood Regelmatige lichtpuls (elke minuut) in actieve modus Niet van toepassing Constant licht Boven drempelwaarde Rood V: Snelheidsselectie Als u op de knop “SNELHEIDSSELECTIE” drukt, schakelt de eenheid over naar de manuele modus zodat u de gewenste snelheid kunt instellen terwijl het product gedurende 70 seconden lucht afvoert en gedurende 70 seconden lucht aanvoert. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle eenheden met de geselecteerde snelheid werken. Opgelet: De sensoren zijn niet actief in de manuele modus. Respons: Lichtpuls bij activering van snelheid 1 1 Wit Lichtpuls bij activering van snelheid 2 2 Wit Lichtpuls bij activering van snelheid 3 3 Wit H: Selectie van relatieve vochtigheidsdrempel U kunt de drempelwaarde voor de activering van de hygrostaat wijzigen om de waarde aan te passen aan de ruimte waarin het apparaat is geïnstalleerd. Zodra de ingestelde relatieve vochtigheidswaarde wordt overschreden, zal het apparaat de121
lucht zo snel mogelijk afvoeren tot de relatieve vochtigheid tot onder de ingestelde waarde zakt. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle producten lucht afvoeren tot de ingestelde drempelwaarde wordt bereikt. De ingestelde standaardwaarde is “Niveau V2”. Dit niveau komt overeen met RV=55 Opgelet: Wanneer u het product voor het eerst inschakelt, zal de hygrostaat automatisch worden gekalibreerd. Het is mo- gelijk dat de “AFVOER”-functie tijdens deze fase wordt geactiveerd om de vochtigheid in de ruimte tot onder de voor deze automatische kalibrering vereiste waarde te laten zakken. Respons: Lichtpuls bij activering van de waarde V1 (RV: 40%) 1 Rood Lichtpuls bij activering van de waarde V2 (RV: 55%) 2 Rood Lichtpuls bij activering van de waarde V3 (RV: 70%) 3 Rood F: Richting van luchtstroom (deze functie kan worden geactiveerd als er minstens 2 eenheden of meervoudig gekoppelde eenheden aanwezig zijn) Als u op de knop “RICHTING VAN LUCHTSTROOM” drukt, zal de ene eenheid voor een bepaalde tijd alleen lucht aanvoeren en de andere alleen lucht afvoeren om zo voor een evenwichtige sfeer te zorgen. Door op de knop te drukken kunt u de richting van de luchtaanvoer en -afvoer omkeren. Opgelet: De sensoren zijn niet actief in deze functie. Let op: De snelheid kan worden gewijzigd via de V-commando’s nadat de luchtrichting is gekozen via commando F. Respons: Lichtpuls bij activering van de modus 2 Rood / 3 sec. / 2 Rood
Regelmatige lichtpuls (elke minuut) in actieve modus Rood I: Luchtaanvoer Als u op de functie “LUCHTAANVOER” drukt, zal het product lucht aanvoeren. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle producten tegelijkertijd lucht aanvoeren tot de gebruiker een andere functie selecteert. Opgelet: De sensoren zijn niet actief in deze functie. Respons: Lichtpuls bij activering van de modus 1 Rood / 3 sec. / 1 Rood
Regelmatige lichtpuls (elke minuut) in actieve modus Rood E: Luchtaanvoer Als u op de functie “LUCHTAFVOER” drukt, zal het product lucht afvoeren. Als er meerdere eenheden zijn, zullen alle pro- ducten tegelijkertijd lucht afvoeren tot de gebruiker een andere functie selecteert. Opgelet: De sensoren zijn niet actief in deze functie. Respons: Lichtpuls bij activering van de modus 1 Rood / 3 sec. / 1 Rood
Regelmatige lichtpuls (elke minuut) in actieve modus Rood INBEDRIJFSTELLING
- Telkens wanneer u de RESPIRO RD inschakelt (middels de “0/1” schakelaar) moet u 20 seconden wachten alvorens de unit zal reageren op de afstandsbediening. Gedurende de eerste 15 seconden start de unit op. Gedurende de opstartfase is de rode LED aan. Zodra de rode LED uit is geschakeld, duurt het nog 5 seconden totdat de knipperende witte LED actief wordt. Pas wanneer de witte LED knippert zal de unit reageren op opdrachten middels de afstandsbediening.
- Het is belangrijk geen toetsen in te drukken zolang de witte LED nog niet knippert, anders kan de unit geblokkeerd raken.
- Het kan tot een minuut duren voordat de ventilator opstart aangezien hij niet zal starten zo lang de klep volledig is geopend.
- Telkens als u m.b.v. de afstandsbediening een opdracht verstuurt aan de RESPIRO RD, weet u zeker dat de opdracht is ontvangen door te controleren of de witte LED knippert.
- Elke keer wanneer de unit van de voeding wordt afgehaald, zal deze automatisch naar de AUTOMATIC MODE gaan, bij de volgende start.122
FILTERALARM RESETTEN Na elke 2000 bedrijfsuren zal het indicatielampje rechtsonder continu rood oplichten. De RESPIRO blijft werken volgens het laatst ontvangen commando. Druk op onderstaande toetsenreeks om de urenteller in de eenheid te resetten (zie afbeelding op pagina 1): HI - HI - H2- H2- H3- H3 PRODUCT RESETTEN
1. Schakel de unit in middels de “0/1” schakelaar. De rode LED gaat branden.
2. Druk 5x op de “SUPERVISION MODE” toets. Het is belangrijk dat er geen tijd verstrijkt tussen stap 1 en stap 2, zowel dan moet u overnieuw beginnen.
3. Wacht 30 seconden. Controleer of de rode LED continu blijft branden.
4. Schakel de unit uit middels de “0/1” schakelaar and leave it off for about 15 seconds.
5. Zet de unit aan door op de “0/1” knop te drukken. Druk op geen enkele knop van de afstandsbediening.
6. Wacht tot het rode LED uit gaat, en wacht dan totdat de LED gaat knipperen, na een aantal seconden.
7. Wanneer de witte LED oplicht, zal de unit opstarten. Tip: Lees de paragraaf “START UP” voordat u veder gaat.
DE BATTERIJ VAN DE AFSTANDSBEDIENING VERVANGEN
Na een lange gebruiksperiode is het mogelijk dat de batterij van de afstandsbe- diening moet worden vervangen. De batterij moet worden vervangen wanneer het product niet meer reageert op de door de afstandsbediening doorgestuurde opdrachten. U moet batterijen van het model CR2025 3V aankopen. Duw de hendel op de afstandsbediening naar binnen (1) en verwijder de batteri- jhouder door deze naar u toe te trekken (2) (zie afbeelding rechts). U moet de lege batterij volgens de regelgeving in uw land, in de daarvoor bestem- de containers deponeren. Plaats een nieuwe batterij van hetzelfde model. Volg de aanwijzingen op de afbeelding rechts. Her-installeer de batterijhouder met de nieuwe batterij. ONDERHOUD De onderhoudswerkzaamheden mogen alleen worden uitgevoerd door gekwalificeerd personeel. Zorg ervoor dat de netspanning in de ruimte is uitgeschakeld voordat u onderhoudswerkzaamheden uitvoert. Na de installatie moeten de onderdelen van het product zo worden geplaatst als op bovenstaande afbeelding wordt getoond.123
We raden u aan om de filters (8) en de keramische wisselaar (7) om de 3 maanden te reinigen. We raden u aan om de filters om de 2 jaar te vervangen. Neem contact op met uw handelaar voor de levering van vervangingsfilters voor het model. 1a) RESPIRO 100/RESPIRO 150 Deze versie beschikt niet over een waarschuwingsalarm voor de schoonmaak/vervanging van filters. 1b) RESPIRO 100 RD/RESPIRO 150 RD Na elke 2000 bedrijfsuren zal het indicatielampje rechtsonder continu rood oplichten. Tijdens het alarm wordt elke afs- tandsbediening, behalve de filterresetcombinatie, uitgeschakeld. Het product blijft werken volgens het laatst ontvangen commando. Maak de wisselaar en de filters schoon zoals wordt beschreven in het hoofdstuk. Vervang de filters wanneer nodig.
2 SCHOONMAAK VAN FILTERS EN WISSELAAR
Verwijder de hoofdeenheid (1+2+3) van de muur met behulp van een platte schroevendraaier om het haakje midden onde- raan de eenheid te kunnen bedienen (zie onder). Zodra de werkende eenheid van de muur is gehaald (4i), verwijdert u ze met uw handen door er hard aan te trekken (zie onderstaande afbeelding): Verwijder de keramische wisselaar met de filters (8+7+8) door het snoer naar u toe te trekken (zie onderstaande afbeelding).124
Haal de filters (8) uit hun behuizing en maak ze schoon. Zuig de vuilresten op met een stofzuiger of verwijder ze onder stromend water. Droog de filters zorgvuldig voordat u ze opnieuw plaatst. Als de filters (8) versleten zijn (indicatieve termijn van 2 jaar), moet u ze vervangen en nieuwe filters bestellen bij uw han- delaar. Wanneer u de filter (8) schoonmaakt/vervangt, moet u ook de vuilresten in de keramische wisselaar opzuigen. MAAK DE KERAMISCHE WISSELAAR NIET SCHOON MET WATER. Na het schoonmaken moet u de filters (8) opnieuw in hun behuizing op de wisselaar (7) plaatsen en de filtergleuven onder het snoer doorschuiven (zie onderstaande afbeelding):125
Plaats de schoongemaakte filters en wisselaar opnieuw in hun behuizingen. Verwijder de frontafwerking (1) van de hoofdeenheden groep (1+2+3). Verwijder eerst de bovenste haakjes en vervolgens de onderste. Gebruik een platte schroevendraaier om het bevestigingslipje van de demper (2) op te tillen en de demper van de hoofdeen- heid los te koppelen. Maak het demperrooster (2) schoon met een droge doek om stof en vuil te verwijderen. Plaats het voorzichtig opnieuw in zijn behuizing tot het bevestigingslipje vastklikt. Maak de bladen van de waaiers van de hoofdeenheid (3) schoon met een droge doek.126
4 HET PRODUCT OPNIEUW IN WERKING STELLEN NA HET SCHOONMAKEN Monteer de hoofdeenheid (3) samen met de demper (2) en de frontafwerking (1) opnieuw op de muurbevestiging (4i). Opgelet: Als u verschillende eenheden tegelijkertijd schoonmaakt, moet u elke hoofdeenheid opnieuw op haar oors- pronkelijke plaats monteren om communicatieproblemen tussen de master- en slave-apparaten te voorkomen. 4a) RESPIRO 100 / RESPIRO 150 Her-installeer de hoofdeenheid op de muur en zet het product aan door de masterschakelaar te bedienen. 4b) RESPIRO 100 RD / RESPIRO 150 RD Zodra u de hoofdeenheid opnieuw in haar muurbehuizing hebt geplaatst, zet u het product aan met de masterschakelaar. Gebruik de afstandsbediening om de schoonmaakteller te resetten (meer informatie over het resetten van de teller na het schoonmaken vindt u in de gebruiksaanwijzing van de afstandsbediening).
INSTRUCTIES VOOR CORRECTE WERKING
RESPIRO 100/RESPIRO 150 Snelheidsselectie (1/2) Aan/uit (0/1)
Zodra het product is geïnstalleerd door gekwalificeerd personeel, kunt u het inschakelen met behulp van de “0/1”-schake- laar op de zijkant van de hoofdeenheid. Zorg ervoor dat het controlelampje brandt. Zodra de demper openstaat, zal het product cyclisch beginnen werken. Het zal afwisselend gedurende 70 seconden lucht aanvoeren en vervolgens gedurende 70 seconden lucht afvoeren.
2. Snelheidsselectie
U kunt de snelheid van de luchtstroom aanpassen met behulp van de “1/2”-schakelaar op de zijkant van het product. Se- lecteer snelheid 1 voor een stillere luchtverversing. Selecteer snelheid 2 voor een snellere luchtverversing.
Als tijdens de door het gekwalificeerde personeel uitgevoerde installatiewerkzaamheden de “aan/uit”-bedieningen en “snel- heidsselectie”-knoppen opnieuw op de muur worden gemonteerd, zorg er dan voor dat de bedieningen op het product in stand “1” staan. De instructies voor de opnieuw op de muur gemonteerde bedieningen zijn gelijk aan die voor bovengenoemd product.
Zet de “0/1”-schakelaar op de zijkant van de eenheid in stand “0”. Als de bedieningen op de muur zijn bevestigd, moet u de muurschakelaar op “0” zetten. Houd de “aan/uit”-schakelaar op de zijkant van de eenheid in stand “1”.
Als u één RESPIRO heeft, zet u deze aan met de schakelaar “0/1” en wacht u tot deze zichzelf configureert. Nadat de led rood en daarna wit is opgelicht zal de RESPIRO starten in de modus “AUTOMATISCH”. Als u meer dan één RESPIRO heeft, raadpleegt u de paragraaf “CONFIGURATIE VOOR MASTER-SLAVE MODUS”. Opgelet: Wanneer u het product voor het eerst inschakelt, zal de hygrostaat automatisch worden gekalibreerd. Het is mo- gelijk dat de “AFVOER”-functie tijdens deze fase wordt geactiveerd om de vochtigheid in de ruimte tot onder de voor deze automatische kalibrering vereiste waarde te laten zakken. ONDERVONDEN PROBLEMEN S&P’s officiële servicenetwerk voorziet technische bijstand. Als u een storing in de werking van het apparaat opmerkt, neem dan contact op met één van de bovenstaande afdelingen. Zij helpen u graag verder. De garantie vervalt als er door niet-officiële S&P-partners werkzaamheden worden uitgevoerd die niet strikt noodzakelijk zijn voor de installatie van het apparaat. In geval van vragen over de producten van S&P kunt u contact opnemen met de bijstandsafdeling. TECHNISCHE BIJSTAND Als het product niet kan worden ingeschakeld, niet correct werkt of abnormaal veel lawaai maakt, moet u de stroomvoor- ziening uitschakelen door de “0/ 1”-schakelaar op de zijkant van de hoofdeenheid op “0” te zetten. Neem onmiddellijk contact op met uw handelaar en vraag ons gekwalificeerd, technisch personeel om hulp.
VERWIJDERING EN RECYCLING
De EU-voorschriften en ons commitment jegens toekomstige generaties verplichten ons ertoe de gebruikte mate- rialen te recycleren; zet alle ongewenste verpakkingsmaterialen af op het juiste recyclepunt en breng verouderde apparatuur naar het dichtstbijzijnde afvalbeheerpunt. S&P behoudt zich het recht voor het product te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving.128
SimpelGids