DSCAG 125 FH - Snijmachine FESTOOL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DSCAG 125 FH FESTOOL in PDF-formaat.
| Producttype | Diamantsnijmachine |
| Merk | Festool |
| Model | DSC-AG 125 FH |
| Gereedschapsdiameter | 125 mm |
| Snijdiepte | 27 mm |
| Gewicht (haakse slijper) | 2,3 kg |
| Gewicht (afzuigkap) | 0,6 kg |
| Voeding | 220-240 V~, 50/60 Hz |
| Opgenomen vermogen | 1400 W |
| Toerental onbelast | 3500 - 11000 min-1 |
| Max. omtreksnelheid | 80 m/s |
| Asdraad | M14 |
| Afzuigaansluiting | 27/36 mm |
| Beschermingsklasse | II |
| Elektronische functies | Zachte start, toerentalregeling, terugslagbeveiliging, trillingsdemping (VIBRASTOP), constante snelheid, herstartbeveiliging, thermische overbelastingsbeveiliging |
| Veiligheid | Afzuigkap, kantelkap met terugslaghendel, extra handgreep, spindelstop, veiligheidsschakelaar |
| Geluidsdrukniveau | LPA = 90 dB(A) |
| Geluidsvermogenniveau | LWA = 101 dB(A) |
| Trillingsemissie (doorslijpen) | ah = 4,0 m/s2, K = 1,5 m/s2 |
| Onderhoud | Regelmatige reiniging van ventilatieopeningen; versleten koolborstels stoppen automatisch; reparatie door erkende Festool-werkplaats |
| Onderdelen | Alleen originele Festool-onderdelen |
| Beoogd gebruik | Frees- en snijwerk van beton, steen, tegels zonder water |
Veelgestelde vragen - DSCAG 125 FH FESTOOL
Gebruikersvragen over DSCAG 125 FH FESTOOL
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Snijmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DSCAG 125 FH - FESTOOL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DSCAG 125 FH van het merk FESTOOL.
GEBRUIKSAANWIJZING DSCAG 125 FH FESTOOL
Originele gebruiksaanwijzing
| 1 | S y m b o |
| Sym-bool | Betekenis |
![]() | Waarschuwing voor algemeen gevaar |
![]() | Waarschuwing voor elektrische schok |
![]() | Lees de gebruiksaanwijzing en veilig-heidsvoorschriften! |
![]() | Draag gehoorbescherming! |
![]() | Draag veiligheidshandschoenen! |
![]() | Draag een zuurstofmasker! |
![]() | Draag een veiligheidsbril! |
![]() | Stevig schoeisel dragen! |
![]() | Stekker uit het stopcontact trekken! |
![]() | Niet met het huisvuil meegeven. |
![]() | Tip, aanwijzing |
| [C42X] | Handelingsinstructie |
| [8248] | Beveiligingsklasse II |
![]() | Doorslijpschijf alleen verpakt in de Systai-ner leggen! |
2 Veiligheidsvoorschriften
2.1 Algemene veiligheidsvoorschriften

Waarschuwing! Lees alle veiligheidsvoorschriften en aanwijzingen. Wanneer men zich niet aan de waarschuwingen en aanwijzingen houdt, kan dit leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel.
Bewaar alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen om ze later te kunnen raadplegen.
Het begrip „elektrisch gereedschap“ dat in de veiligheidsvoorschriften gebruikt wordt, heeft betrekking op elektrisch gereedschap met netvoeding (met netsnoer) en elektrisch gereedschap met accuvoeding (zonder netsnoer).
2.2 Machinespecifieke veiligheidsvoorschriften
Gemeenschappelijke veiligheidsinstructies voor het slijpen, het doorslijpen en het schuren en slijpen met de draadborstel:
a. Dit elektrisch gereedschap kan worden gebruikt als slijpmachine, schuurmachine, draadborstel en doorslijpmachine. Neem alle veiligheidsin-structies, aanwijzingen, afbeeldingen en gegevens die u bij uw apparaat ontvangt, in acht. Neemt u de volgende aanwijzingen niet in acht, dan kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
b. Dit elektrisch gereedschap is niet geschikt om te polijsten. Gebruik waarvoor het elektrisch gereedschap niet bestemd is, kan gevaar en letsel veroorzaken.
c. Gebruik geen toebehoren die door de fabrikant niet speciaal voor dit elektrische gereedschap bestemd en aanbevolen zijn. Wanneer u de accessoires aan uw elektrisch gereedschap kunt bevestigen, garandeert dit nog geen veilig gebruik.
d. Het toelaatbare toerental van het inzetgereedschap dient minstens zo hoog te zijn als het maximale toerental dat op het elektrisch gereedschap staat aangegeven. Accessoires die sneller draaien dan toelaatbaar, kunnen breken en wegvliegen.
e. De buitendiameter en de dikte van het inzetgereedschap dienen overeen te komen met de maataanduidingen van uw elektrische gereedschap. Verkeerd bemeten inzetgereedschap kan niet voldoende worden afgeschermd of gecontroleerd.
f. Inzetgereedschap met schroefdraad moet precies op het schroefdraad van de schuurspil passen. Bij inzetgereedschap dat via een flens wordt gemonteerd, moet de gatdiameter van het inzetgereedschap op de opnamediameter van de flens passen. Inzetgereedschap dat niet precies op het elektrisch gereedschap kan worden bevestigd, draait ongelijkmatig, trilt zeer sterk en kan tot verlies van controle leiden.
g. Gebruik geen beschadigd inzetgereedschap. Controleer inzetgereedschap, zoals slijpschijven, voor het gebruik altijd op afsplinteringen en scheuren, steunschijven op scheuren en (sterke) slijtage en draadborstels op losse of gebroken draden. Wanneer het elektrisch gereedschap of het inzetgereedschap valt, controleer dan of het beschadigd is of ga over op onbeschadigd inzet gereedschap. Wanneer u het inzetgereedschap heeft gecontroleerd en ingebracht, zorg er dan voor dat u en eventuele andere personen in de buurt buiten het bereik van het roterende inzet-gereedschap blijven en laat het apparaat een minuut lang draaien op het hoogste toerental. In deze testperiode breekt beschadigd inzetgereed-
schap meestal.
h. Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting. Draag afhankelijk van de toepassing volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of een veiligheidsbril. Draag zo nodig een stofmasker, gehoorbescherming, veiligheidshandschoenen of een speciaal schort ter bescherming tegen kleine slijp- en materiaaldeeltjes. Uw ogen dienen beschermd te worden tegen rondvliegende voorwerpen die bij verschillende toepassingen ontstaan. Stof- of zuurstofmaskers dienen het stof dat bij de toepassing ontstaat te filteren. Wanneer u lang aan hard geluid wordt blootgesteld, kan uw gehoor beschadigd raken.
i. Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand van uw werkgebied bevinden. Iedereen die het werkgebied betreedt, dient een persoonlijke veiligheidsuitrusting te dragen. Gebroken inzetgereedschap of brokstukken van het werkstuk kunnen wegvliegen en letsel buiten het directe werkgebied veroorzaken.
j. Houd het elektrisch gereedschap alleen aan de geïsoleerde greepvlakken vast wanneer u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of het snoer van het apparaat zelf kan raken. Het contact met een spanningvoerende leiding kan ook metalen apparaatonderdelen onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.
k. Houd het netsnoer uit de buurt van draaiend inzetgereedschap. Wanneer u de controle over het apparaat verliest, kan het netsnoer doorgesneden of gegrepen worden en kan uw hand of uw arm in het draaiende inzetgereedschap komen.
1. Leg het elektrische gereedschap nooit weg voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het steunvlak, waardoor u mogelijk de controle over het elektrische gereedschap verliest.
m. Laat het elektrische gereedschap niet draaien terwijl u het draagt. Door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap kan uw kleding worden gegrepen en kan het inzetgereedschap zich in uw lichaam boren.
n. Reinig regelmatig de ventilatiesleuven van uw elektrisch gereedschap. De motorventilator trekt stof in de behuizing en een sterke opeenhoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken.
o. Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbaar materiaal. Door vonken kunnen deze materialen vlam vatten.
p. Gebruik geen inzetgereedschap waarvoor vloeibaar koelmiddel nodig is. Het gebruik van water of
een ander vloeibaar koelmiddel kan leiden tot een elektrische schok.
Bijkomende veiligheidsvoorschriften voor alle toe-passingen
De oorzaken en het voorkomen van terugslagen
Een terugslag is een plotselinge reactie op draaiende schijven, rubberen schuurplateaus, borstels of andere accessoires die blijven vasthaken of ingeklemd raken. Wanneer ze ingeklemd raken of vast blijven haken, komen de draaiende accessoires in een plotselinge beweging tot stilstand, waardoor als tegenreactie de machine uit controle raakt en tegen de draairichting van het accessoiredeel in om het klempunt heen schiet.
Indien bijvoorbeeld een steunschijf blijft steken of vastgeklemd raakt in het werkstuk, kan de schijf zich in zijn volle omtrek bij het klempunt in het werkstukoppervlak ingraven, waardoor deze naar buiten gewerkt of geslagen wordt. De schijf kan, afhankelijk van de draairichting bij het klempunt, naar de gebruiker toe of van hem weg springen. Schuurschijven kunnen daarbij ook breken. Een terugslag is het resultaat van een verkeerd gebruik van de machine en/of een verkeerde werkwijze of bediening, en kan worden voorkomen door de volgende voorzorgsmaatregelen te nemen.
- Houd de machine steeds vast en plaats uw lichaam en arm zo, dat u de krachten van een terugslag kunt controleren. Gebruik, indien meegeleverd, altijd de extra handgreep zodat u terugslagen of reactiemomenten bij de aanloop zo goed mogelijk onder controle kunt houden. Wanneer de juiste voorzorgsmaatregelen worden genomen, kan de gebruiker reactiemomenten of terugslagkrachten controleren.
- Kom met uw hand nooit in de nabijheid van draai-end inzetgereedschap. Inzetgereedschap kan via uw hand terugslaan.
- Kom met uw lichaam nooit in het gebied waarin de machine zich bij een terugslag zal bewegen. Een terugslag zorgt ervoor dat de machine tegen de draairichting van de schijf in om het klempunt heen schiet.
- Wees met name voorzichtig bij het werken in hoeken, bij scherpe randen, etc. Voorkom dat het gereedschap terugspringt of vast komt te zitten. Bij het werken in hoeken en aan scherpe randen of wanneer draaiend gereedschap terugspringt, kan het vast komen te zitten, waardoor de controle over het gereedschap verloren wordt en een terugslag ontstaat.
- Monteer geen kettingzaag of getande zaagbladen voor het zagen van hout. Dergelijke bladen zorgen
er vaak voor dat het gereedschap terugslaat en niet meer onder controle kan worden gehouden.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor het slijpen en doorslijpen
Speciale veiligheidsinstructies voor het slijpen en doorslijpen:
a. Gebruik uitsluitend slijpmiddelen die voor uw elektrische gereedschap zijn goedgekeurd en de hiervoor geschikte beschermkap. Slijpmiddelen die niet geschikt zijn voor het elektrische gereedschap kunnen niet voldoende worden afgeschermd en zijn onveilig.
b. Gebogen slijpschijven dienen zo te worden ge-
monteerd dat hun slijpoppervlak niet boven de
rand van de beschermkap uit steekt. Een onjuist
gemonteerde slijpschijf die boven de beschermkap
uitsteekt, kan onvoldoende worden afgeschermd.
c. De beschermkap moet stevig op het elektrisch gereedschap zijn aangebracht en, voor een optimale veiligheid, zo zijn ingesteld dat een zo klein mogelijk deel van het slijplichaam open naar de bediener wijst. De beschermkap beschermt de gebruiker tegen brokstukken en toevallig contact met het slijplichaam en vonken, waardoor kleding vlam kan vatten.
d. De slijpmiddelen mogen alleen worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingsmogelijkheden. Bijv.: Slijp nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Door zijwaartse krachtinwerking op deze slijpmiddelen kan de schijf breken.
e. Gebruik voor de door u gekozen slijpschijf altijd onbeschadigde spanflenzen in de juiste grootte en vorm. Geschikte flenzen steunen de slijpschijf en gaan zo het risico tegen dat deze breekt. Flenzen voor doorslijpschijven kunnen zich onder-scheiden van de flenzen voor andere slijpschijven.
f. Gebruik geen versleten slijpschijven van groter elektrisch gereedschap. Slijpschijven voor groter elektrisch gereedschap zijn niet geschikt voor de hogere toerentallen van kleiner elektrisch gereedschap en kunnen breken.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor het doorslijpen
Meer speciale veiligheidsinstructies voor het doorslijpen:
a. Voorkom een te hoge aandrukkracht of een blok- kering van de doorslijpschijf. Voer geen overma- tig diepe snedes uit. Bij overbelasting van de doorslijpschijf wordt ook de neiging tot schuin
wegdraaien of blokkeren en daarmee de kans op een terugslag of breuk van het slijpmiddel verhoogd.
b. Mijd het gebied voor en achter een roterende doorslijpschijf. Wanneer u de doorslijpschijf in het werkstuk van u af beweegt, kan het elektrisch gereedschap in geval van een terugslag met de draaiende schijf direct naar u toe worden geslingerd.
c. Indien de doorslijpschijf beklemd raakt of u het werk onderbreekt, schakel het apparaat dan uit en houd het rustig vast totdat de schijf tot stilstand is gekomen. Probeer nooit een nog lopende doorslijpschijf uit de slijpsnede te trekken, anders kan een terugslag plaatsvinden. Stel de oorzaak van het beklemd raken vast en hef deze op.
d. Schakel het elektrische gereedschap nooit opnieuw in zolang het zich in het werkstuk bevindt. Laat de doorslijpschijf eerst zijn volledige toerental bereiken voordat u voorzichtig verder gaat met het doorslijpen. Anders kan de schijf blijven haken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken.
e. Zorg voor een ondersteuning van platen of grote werkstukken om het risico van een terugslag als gevolg van een ingeklemde doorslijpschijf te verminderen. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorbuigen. Het werkstuk dient aan beide kanten van de schijf, zowel bij de doorslijpsnede als aan de rand, ondersteund te worden.
f. Wees bijzonder voorzichtig bij „invalsnedes“ in bestaande wanden of andere plaatsen waar u geen zicht op heeft. De invallende doorslijpschijf kan bij het doorslijpen van gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken.
Aanvullende veiligheidsinstructies voor het werken met draadborstels
Speciale veiligheidsinstructies voor het werken met draadborstels:
a. Let erop dat de draadborstel ook tijdens het normale gebruik draadstukken verliest. Overbelast de draden niet door een te hoge aandrukkeracht. Wegvliegende draadstukken kunnen heel gemakkelijk door dunne kleding en/of de huid heen dringen.
b. Wordt een beschermkap aanbevolen, zorg er dan voor dat de beschermkap en de draadborstel niet met elkaar in aanraking kunnen komen. De diameter van schijf- en komborstels kan door aandruk- en centrifugale krachten vergroot worden.
Overige veiligheidsvoorschriften
- Het elektrisch gereedschap is niet goedgekeurd voor gebruik in een vochtige en natte omgeving, bij regen, nevel en sneeuw of in een omgeving met explosiegevaar.
- Gebruik voor toepassingen buitenshuis alleen de hiervoor goedgekeurde verlengkabels en kabelverbindingen.
- Draag het elektrisch gereedschap niet aan de kabel.
- Steek de stekker van de aansluitkabel pas in het stopcontact wanneer het elektrisch gereedschap uitgeschakeld is.
- Trek de netstekker altijd uit het stopcontact voordat u de doorslijpschijf vervangt of andere instellingen aan het elektrisch gereedschap uitvoert.
- Leid het elektrisch gereedschap alleen in ingeschakelde (lopende) toestand in het materiaal.
- Uit veiligheidsoverwegingen moet het werkstuk in een bankschroef of een andere spaninrichting worden ingespannen. Bij een ingespannen werkstuk heeft u beide handen vrij voor de bediening van het elektrisch gereedschap.
- Het (door)slijpen van steen of metselwerk is alleen toegestaan bij gebruik van een geleideslede.
- Werk niet op ladders.
- Voor personen onder de 16 jaar is het verboden met het elektrisch gereedschap te werken.
- Gebruik geen snelspanmoeren voor het inspannen van de doorslijpschijf.
- Let er bij de installatie op dat de door pijlen op het etiket en/of het diamantgereedschap aangeduide draairichting overeenkomt met de draairichting van het gebruikte elektrisch gereedschap.
- De flens en de borgmoer moeten stevig, met een minimaal aanhaalmoment van 20 Nm, worden vastgedraaid.
- Gebruik voor het te bewerken materiaal geschikt gereedschap met de juiste specificaties – zie de informatie op de diamantschijf en de verpakking.
- Voorkom mechanische beschadigingen van het di- amantgereedschap, ongeacht of dit ontstaat door krachtinvloeden, slagen of warmte.
- Leid de diamantschijf verticaal in de snede.
- Werk bij het doorslijpen altijd met op- en neerbewegingen, zodat de schijf kan afkoelen en overbelasting van de diamantschijf wordt voorkomen.
-
Las na meerdere doorslijpsnedes of intensief doorslijpen een pauze ter afkoeling in, zodat oververhitting van het diamantgereedschap wordt voorkomen.
-
Gebruik de diamantdoorslijpschijf niet om te schuren. Oefen geen zijwaartse druk uit op de diamantdoorslijpschijf.
- Diamantgereedschap is zelfscherpend. Een verminderd doorslijpvermogen en een rondvormige, vuurrode rand wijzen op bot diamantgereedschap. Door korte doorslijpsnedes in abrasief materiaal (kalkzandsteen, asfalt of gasbeton) kan het gereedschap worden geslepen. Sporadische vonken zijn typisch voor het doorslijpen van steen en zijn daarom niet gevaarlijk.
- Bedien het elektrisch gereedschap indien niet anders aangegeven alleen met gemonteerde afzuigkap en extra handgreep.
- Slijp niet over metalen voorwerpen, spijkers of schroeven.

- Draag een passende persoonlijke veiligheidsuitrusting: gehoorbescherming, veiligheidsbril, stofmasker bij werkzaamheden waarbij stof vrijkomt, veiligheidshandschoenen bij het bewerken van ruwe materialen en het wisselen van gereedschap en stevig schoeisel.
- Gebruik geschikte sensoren om verborgen toevoerleidingen op te sporen of raadpleeg het plaatselijke nutsbedrijf. Contact van inzetgereedschap met een spanningvoerende leiding kan brand veroorzaken of tot een elektrische schok leiden. Beschadiging van een gasleiding kan een explosie veroorzaken. Het penetreren van een waterleiding veroorzaakt materiële schade.
- Bij het werken kunnen schadelijke/giftige stoffen ontstaan (bijv. loodhoudende verf, enkele houtsoorten, ...). Asbesthoudend materiaal mag alleen worden bewerkt door deskundige personen. Voor de gebruiker van de machine of voor personen die zich in de buurt van de machine bevinden kan het aanraken of inademen van deze stoffen gevaarlijk zijn. Neem de veiligheidsvoorschriften in acht die in uw land van toepassing zijn.

Draag ter bescherming van uw gezondheid een P2-mondmasker en gebruik een geschikte afzuiginrichting.
2.3 Emissiewaarden
De volgens EN 60745 bepaalde waarden bedragen gewoonlijk:
Geluidsdrukniveau L _PA = 90 dB(A)
Geluidsvermogenniveau L _WA = 101 dB(A)
Onzekerheid K = 3 dB


VOORZICHTIG
Geluid dat bij het werk optreedt Beschadiging van het gehoor
▶ Draag gehoorbescherming!
Trillingsemissiewaarde a_n (vectorsom van drie richtingen) en onzekerheid K bepaald volgens EN 60745:
Trillingsemissiewaarde (3-assig)
| Doorslijpen a | _h=4,0 m/s^2 |
| K=1,5 m/s^2 |
De aangegeven emissiewaarden (trilling, geluid)
- zijn geschikt om machines te vergelijken,
- om tijdens het gebruik een voorlopige inschatting van de trillings- en geluidsbelasting te maken
- en gelden voor de belangrijkste toepassingen van het persluchtgereedschap.
Hogere waarden zijn mogelijk bij andere toepassingen, met ander inzetgereedschap of bij onvoldoende onderhoud. Neem de vrijloop- en stilstandtijden van de machine in acht!
3 Gebruik volgens de voorschriften
Het dia-doorslijpsysteem, bestaande uit haakse slijper en afzuigkap, is bestemd voor het maken van groeven en het doorslijpen van beton- of steenmateriaal en tegels, zonder gebruik van water.
De afzuigkap mag alleen met originele Festool of Protocol haakse slijpers D 125 worden bediend.

De gebruiker is aansprakelijk bij gebruik dat niet volgens de voorschriften plaatsvindt.
Dia-doorslijpsysteem DSC-AG 125 FH
| Afzuigkap DCC-AG 125 FH |
| Gereedschap ∅ 125 mm |
| Schijfdikte max. 6,5 mm |
| Doorslijpdiepte 27 mm |
| Afzuigslang-∅ 27/36 mm |
| Gewicht 0,6 kg |
Haakse slijper AG 125-14 DE
| Netspanning | 220 - 240 V ~ |
| Netfrequentie | 50/60 Hz |
| Opgenomen vermogen | 1400 W |
Haakse slijper AG 125-14 DE
| Toerental (onbelast) | 3500 - 11000 min ^-1 |
| Omtreksnelheid 80 m/s | |
| Slijpspildraad | M 14 |
| Gewicht | 2,3 kg |
| Beveiligingsklasse | ☐ /II |
5 Toestelelementen
[1-1] Haakse slijper
[1-2] In-/uit-schakelaar
[1-3] Terugtrekhendel
[1-4] Extra handgreep
[1-5] Pendelkap
[1-6] Zaagindicatie
[1-7] Afzuigkap
[1-8] Geleidetafel
[1-9] Schroefdraad voor extra handgreep
[1-10] Toerentalregeling
[1-11] Aansluitkabel
[1-12] Spilvergrendeling
[1-13] Tandwielkast
[1-14] Afzuigaansluiting
[1-15] Geïsoleerde greepvlakken (grijs gear-ceerd gebied)
Afgebeelde of beschreven accessoires behoren voor een deel niet tot de leveringsomvang.
De vermelde afbeeldingen staan in het begin van de gebruiksaanwijzing.
6 Instellingen

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
▶ Haal vóór alle werkzaamheden aan de machine altijd de stekker uit het stopcontact!
6.1 Extra handgreep
Indien niet anders aangegeven, altijd de extra handgreep gebruiken om een veilige en zo ontspannen mogelijke werkhouding te garanderen. Met behulp van de speciale constructie „VI-BRASTOP“ worden de trillingen door de extra handgreep [1-4] gereduceerd.
▶ De extra handgreep [1-4] bij het schroefdraad [1-9] indraaien.
6.2 Electronic
Zachte aanloop
De elektronisch gestuurde zachte aanloop voorkomt terugslagen. Door de beperkte aanloopstroom volstaat een zekering met 16A.
Toerentalregeling
Het toerental kan met de stelknop [1-10] traploos in het toerentalbereik (zie Technische gegevens) worden ingesteld. Hierdoor kunt u de snelheid optimaal aan het betreffende materiaal aanpassen. Neem hiervoor ook de opgaven van het inzetgereedschap in acht.
Terugslagbeveiliging
Bij een plotselinge toerentalvermindering, bijv. door klemming in de doorslijpsnede, wordt de stroomtoevoer naar de motor onderbroken. Wanneer de machine opnieuw in bedrijf wordt genomen, moet hij eerst worden uitgeschakeld en daarna weer ingeschakeld.
Herstartbeveiliging
De ingebouwde herstartbeveiliging voorkomt dat de machine bij continuwerking na een spanningsonderbreking weer automatisch start. De machine moet in dat geval eerst worden uitgeschakeld en vervolgens weer worden ingeschakeld.
Constant toerental
Het vooraf ingestelde motortoerental wordt elektronisch constant gehouden. Hierdoor wordt ook bij belasting een gelijkblijvende zaagsnelheid bereikt.
Overbelastingsbeveiliging afhankelijk van de temperatuur
Ter bescherming tegen oververhitting schakelt de veiligheidselektronica bij het bereiken van de kritische temperatuur over naar de koelingsmodus. De motor loopt verder en het constante toerental wordt gedeactiveerd. Na een afkoeltijd van ca. 10-20 minuten is de machine weer bedrijfsklaar en volledig belastbaar.
6.3 Afzuiging

WAARSCHUWING
Gevaar voor de gezondheid door stof
▶ Werk nooit zonder afzuiging.
▶ Neem altijd de nationale voorschriften in acht.
Om een goed functionerende afzuiging te verzekeren, een Festool-mobiele stofafzuiger van klasse M of H met een minimale afzuigcapaciteit van 3900 l/min en 24000 Pa onderdruk aansluiten op de afzui-gopening [1-14].
Aanwijzing: Werk altijd met aangesloten afzuiging. Gebruik ter voorkoming van statische ontladingen uitsluitend stofzuigers met antistatische uitvoering.
7 Afzuigkap monteren

WAARSCHUWING! De haakse slijper nooit zonder afzuigkap gebruiken!
Bij aankoop van de afzuigkap als toebehoren moet u deze, zoals hieronder beschreven, op de haakse slijper AG 125 of AGP 125 monteren:
▶ Doorslijpschijf demonteren, zie hoofdstuk 8.
▶ Spanhals van de haakse slijper [2-1] in de klem plaatsen. Hierbij de geleidenokken [2-2] in de groeven van de spanhals van de haakse slijper schuiven [2].
Haakse slijper tegen de klok in tot aan de aanslag (ca. 10°) draaien [3], tot hij tegen de aanslag [3-1] zit.
▶ Met de meegeleverde zeskantsleutel [3-2] de klem stevig met de schroef vastdraaien. Let erop dat het lagerdeksel van de haakse slijper geheel verticaal in de klem zit.
Demontage in ongekeerde volgorde.
8 Diamant-doorslijpschijf vervangen

WAARSCHUWING
Gevaar voor ongelukken, letselgevaar
▶ Geen andere dan de meegeleverde borgmoer gebruiken. Geen snelspanmoeren gebruiken!
▶ Alleen door de fabrikant aanbevolen doorslijpschijven en flenzen gebruiken, die inbegrepen zijn bij de leveringsomvang van de slijpmachine.


VOORZICHTIG
Heet en scherp gereedschap
Gevaar voor letsel
▶ Geen bot of defect inzetgereedschap gebruiken!
▶ Veiligheidshandschoenen dragen.
Alleen een onbeschadigde borgmoer gebruiken!

- Composiet-doorslijpschijven mogen niet worden gebruikt!
- De toegelaten omtreksnelheid van de schijven moet 80 m/s bedragen.
- Laat nieuwe doorslijpschijven bij wijze van proef ca. een minuut onbelast lopen.
- Trillende schijven mogen niet worden gebruikt.
- Bescherm de schijven tegen slagen, stoten en vet.
- Wanneer de slijp- en doorslijpschijven zijn afgesleten, raden wij u aan deze door nieuwe te vervangen. Hierdoor blijft het optimale slijp- resp. doorslijpvermogen van het apparaat (omtreksnelheid van de slijp- en doorslijpschijven) behouden.
▶ Flens [4-4], borgmoer [4-2]en de snijvlakken van de doorslijpschijven [4-3] reinigen.
▶ Flens [4-4] met de diametersprong op de spil van de haakse slijper plaatsen.
▶ Doorslijpschijf [4-3] plaatsen.

Let op de voorgeschreven draairichting (pijl op de doorslijpschijf = pijl op het apparaat).
De inspringing van de flens moet precies in de schijfopening passen.
Borgmoer [4-2] op de doorslijpschijf plaatsen, spilvergrendeling [1-12] indrukken en borgmoer met de sleutel [4-1] stevig aantrekken.

Voor het inschakelen controleren of de doorslijpschijf en de pendelkap [1-5] vrij kunnen bewegen.
Demontage in ongekeerde volgorde.
9 Inwerkingstelling

WAARSCHUWING
Ontoelaatbare spanning of frequentie!
Gevaar voor ongevallen
▶ De netspanning en de frequentie van de stroom-bron dienen met de gegevens op het typeplaatje overeen te stemmen.
In Noord-Amerika mogen alleen Festool-machines met een spanningsopgave van 120 V/60 Hz worden ingezet.
9.1 In-/Uitschakelen
Inschakelen
In-/uitschakelaar [1-2] naar voren schuiven.
▶ Continuloop: Door tegelijk op het voorste schakelaardeel te drukken, wordt de in-/uitschakelaar vergrendeld.
Het elektrisch gereedschap start.
Pas op het materiaal zetten wanneer het bedrijf-stoerental is bereikt.
Uitschakelen
▶ Elektrisch gereedschap van het te bewerken materiaal afnemen.
▶ In-/uitschakelaar [1-2] loslaten.
▶ Bij continuloop: Op het achterste deel van de in-/uitschakelaar [1-2] drukken.

WAARSCHUWING
Terugslag, wegvliegende onderdelen
Gevaar voor letsel
▶ Wachten tot het draaiende gereedschap geheel tot stilstand is gekomen alvorens het weg te leggen.
9.2 Geïsoleerde greepvlakken
Het elektrisch gereedschap moet met twee handen aan de geïsoleerde greepvlakken [1-15] worden vastgehouden: één hand aan de motorbehuizing achter de schakelaar en één hand aan de extra handgreep [1-4].
Indien de extra handgreep voor slijpsnedes nabij randen is gedemonteerd, moet de linkerhand het elektrisch gereedschap aan de terugtrekhendel[1-3] vasthouden.
9.3 Snedes nabij randen [5]
![FESTOOL DSCAG 125 FH - Snedes nabij randen [5] - 1](/content/2026/03/557309/images/13046faea96cc02d919442f2de1592cfe7bed6b8cf36ac5f40c294d06e9b8a92.jpg)
WAARSCHUWING! Met uitzondering van sne- des nabij randen mag de afzuigkap alleen met de vergrendelde pendelkap en de extra handgreep worden gebruikt.
▶ Extra handgreep afnemen.
- Controleer of de pendelkap met de terugtrekhendel vrij kan bewegen en automatisch in de uitgangspositie terugkeert.
▶ Het elektrisch gereedschap met de rechterhand vasthouden.
Kort voor de wand de terugtrekhendel van de afzuigkap met de linkerhand ontgrendelen
▶ Met de terugtrekhendel de pendelkap terug-trekken en tegelijk verder snijden om zo dicht mogelijk bij de wand te komen.
Zo wordt een maximale werking van de afzuiging gegarandeerd.
▶ Na het doorslijpen de pendelkap met de terugtrekhendel weer in de uitgangspositie brengen.
9.4 Bodemplaat
De bodemplaat [6-1] beperkt het risico op beschadiging van het werkstukoppervlak. Bodemplaat op de voorkant van de geleidetafel van de afzuigkap schuiven en inklikken.
10 Accessoires

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel
▶ Haal voor alle werkzaamheden aan de machine, zoals het wisselen en instellen van de accessoires, altijd de stekker uit het stopcontact!
Gebruik alleen originele inzetgereedschappen en accessoires van Festool. Het gebruik van inferieur inzetgereedschap en onbekende accessoires kan tot een verhoogd letselrisico en aanzienlijke onbalans leiden, waardoor de kwaliteit van de werkresultaten af- en de slijtage van de machine toe-neemt.
De bestelnummers voor accessoires en gereedschap vindt u in uw Festool-catalogus of op het internet op www.festool.com.
11 Onderhoud en verzorging

WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel, elektrische schokken
▶ Haal vóór alle onderhouds- en reinigingswerkzaamheden de stekker altijd uit het stopcontact!
▶ Alle onderhouds- en reparatiewerkzaamheden, waarvoor het vereist is de motorbehuizing te openen, mogen alleen door een geautoriseerde onderhoudswerkplaats worden uitgevoerd.

Klantenservice en reparatie alleen door producent of servicewerkplaatsen: Dichtstbijzijnde adressen op: www.festool.com/service

Alleen originele Festool-reserveonderdelen gebruiken! Bestelnr. op: www.festool.com/service

Het regelmatig reinigen van de machine, met name van de instelvoorzieningen en de geleidingen, vormt een belangrijke veiligheidsfactor.
- Wanneer de binnentemperatuur niet onder -5 °C komt, kan een verpakte machine zonder verwarming in een droge ruimte worden opgeslagen. Een onverpakte machine mag alleen worden bewaard in een droge, afgesloten ruimte waar de temperatuur niet onder +5 °C komt en waar geen sterke temperatuurschommelingen kunnen voorkomen.
- Om de luchtcirculatie te garanderen, moeten de koelluchtopeningen in de motorbehuizing altijd vrij en schoon gehouden worden.
- De machine wordt automatisch uitgeschakeld wanneer de koolborstels zijn versleten. Voor onderhoud moet de machine naar de werkplaats worden gestuurd.
- Wanneer de pendelkap [1-5] niet automatisch in de uitgangspositie terugkeert, deze reinigen door hem meerdere malen te openen en sluiten. Indien het defect niet kan worden verholpen, de machine overhandigen aan de klantenservice.
- Ter voorkoming van gevaarlijke situaties regelmatig de stekker en kabel controleren en deze bij beschadiging door een geautoriseerde onderhoudswerkplaats laten vernieuwen.
12 Speciale gevaaromschrijving voor het milieu
Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee! Voer de apparaten, accessoires en verpakkingen op milieuvriendelijke wijze af! Neem de geldende nationale voorschriften in acht.
Alleen EU: Volgens de Europese richtlijn inzake gebruikte elektrische en elektronische apparaten en de omzetting hiervan in de nationale wetgeving dienen oude elektrische apparaten gescheiden te worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze te worden afgevoerd.
Informatie voor REACH:
www.festool.com/reach
Originalbruksanvisning
1 S y m b o
Symbol Betydelse












