MPM MKE12 - Fornuis

MKE12 - Fornuis MPM - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MKE12 MPM in PDF-formaat.

📄 118 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MPM MKE12 - page 71

Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MKE12 - MPM en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MKE12 van het merk MPM.

GEBRUIKSAANWIJZING MKE12 MPM

Wij hopen dat u tevreden zult zijn met ons product en heten u van harte welkom om gebruik te maken van ons brede assortiment

Lees voor gebruik de gebruiksaanwijzing.

Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik.

Vanwege de snelle reactie van de inductiekookplaat op warmte, mag de inductiekookplaat, zodra deze op een hoog warmtepeil is ingesteld, niet onbeheerd worden achtergelaten. Het apparaat is niet bedoeld voor gebruik buitenshuis. Let bij het koken op de hoge opwarmsnelheid van de ver

warmingszone. Gebruik voor inductiekookplaten speciaal aangepast kook

gerei met een dikke bodem. Plaats geen leeg serviesgoed op de ingeschakelde verwar

mingszone om oververhitting te voorkomen.

Voorzichtigheid is geboden bij het koken van melk in speciale potten, omdat het water ongecontroleerd kan opkoken, wat de pot of het apparaat kan beschadigen.

Schakel na het koken de verwarmingszone uit met de toets. Oliën en vetten kunnen door hun hoge temperaturen zeer gemakkelijk ontbranden. Speciale zorg moet worden be- steed aan het bereiden van voedsel dat bovengenoemde ingrediënten bevat. Brandende vetten mogen nooit met water worden geblust. Dek het vat af met een deksel en schakel de verwarmingszone uit.

Laat geen harde voorwerpen op het kookoppervlak vallen. Een te zware schokbelasting kan het glasoppervlak blijvend beschadigen.72

Als er schade (bijv. scheuren, krassen, afschilfering) op het apparaat wordt aangetroffen, moet het onmiddellijk worden uitgeschakeld omdat er gevaar voor elektrische schokken bestaat.

Als het om een of andere reden niet mogelijk is om de verwarmingszone uit te schakelen (bijv. als de regelmodule uitvalt), haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekeringen in de zekeringkast uit en meld de serviceor- ganisatie de storing.

Het netsnoer van het fornuis mag niet in contact komen met de verwarmingszones.

Op het kooktoestel mogen geen voorwerpen worden opgeslagen.

Leg de schijf voor gebruik op een harde, vlakke en droge ondergrond. De kookplaat heeft een veiligheidssysteem dat de stroom naar de verwarmingszone onderbreekt wanneer het kook

gerei wordt verplaatst of volledig uit de verwarmingszone wordt verwijderd.

Plaats geen brandbare voorwerpen onder de kookplaat, want dat zou brand kunnen veroorzaken.

Let op metalen voorwerpen die u bij u draagt (bijv. sleutels, sieraden). Ze kunnen heet worden en brandwonden ver- oorzaken. Dit geldt niet alleen voor voorwerpen die geen magnetische eigenschappen vertonen (bv. zilver, goud).

Gesloten blikken of andere dergelijke verpakkingen mogen niet worden verhit, aangezien de toename van warmte-ener- gie binnenin tot gewelddadige breuk kan leiden.73

Houd de sensorknoppen schoon. Er mogen geen voorwer- pen op worden geplaatst. Als de inhoud van de kookplaat eruit springt en de sensor

knoppen overspoelen, haal dan de stekker uit het stopcontact, wacht tot hij is afgekoeld en maak hem schoon.

Het verwarmingsoppervlak is heet. Wees voorzichtig als zich kleine kinderen in de buurt van het apparaat bevinden.

Na langdurig gebruik kunnen de werkoppervlakken van de plaat nog heet zijn. Raak het oppervlak niet aan, want er bestaat gevaar voor brandwonden. Het is raadzaam regelmatig te controleren of er zich geen voorwerpen rond de luchtinlaten van de plaat bevinden die de luchttoevoer zouden kunnen belemmeren.

De voedingskabel moet regelmatig worden gecontroleerd op tekenen van beschadiging. Als de kabel beschadigd is, mag het apparaat niet worden gebruikt. In dit geval is het noodzakelijk een erkend servicecentrum te bezoeken om de storing te verhelpen.

Gebruik het apparaat niet in ruimtes met hoge temperaturen, zoals bij gasfornuizen. Maak de kookplaat regelmatig schoon.

De apparatuur is niet ontworpen voor werking met gebruik van externe timers of een apart afstandsbedieningssysteem.

Deze apparatuur kan worden gebruikt door kinderen van ten minste 8 jaar oud en door personen met beperkte fysieke en mentale capaciteiten en gebrek aan ervaring en ver- trouwdheid met de apparatuur, mits er toezicht of instructie wordt gegeven over het veilige gebruik van de apparatuur, zodat de bijbehorende risico’s worden begrepen. Kinderen74

zonder toezicht mogen de apparatuur niet schoonmaken en onderhouden. Houd kinderen in de gaten zodat ze niet met het apparaat spelen. Trek de stekker niet uit het stopcontact door aan het snoer te trekken. Steek de stekker niet met natte handen in het stopcontact. Houd het apparaat en de kabel buiten het bereik van kin

deren jonger dan 8 jaar.

Laat voor de veiligheid van kinderen geen vrij toegankelijke delen van de verpakking achter (plastic zakken, kartonnen dozen, piepschuim, enz.).

Gebruik het apparaat niet voor een ander doel dan waarvoor het bestemd is. Dompel het apparaat, de kabel of de stekker niet onder in water of andere vloeistoffen.

WAARSCHUWING! Laat kinderen niet met de film spelen. Verstikkingsgevaar! Attentie! Als het oppervlak gebarsten is, schakelt u de apparatuur uit om de mogelijkheid van een elek- trische schok te voorkomen. Attentie! Plaats geen metalen voorwerpen zoals mes- sen, vorken, lepels en deksels op het fornuis, omdat deze heet kunnen worden.

OPMERKING! Heet oppervlak. De kook- plaat kan heet zijn na het koken. Pas op dat je je niet verbrandt.75

verwarmingstemperatuur

7. Knop voor toetsenbordvergrendeling

10. Toets voor het verhogen van de

parameterwaarde (UP)

11. Aan/uit-schakelaar (ON/OFF)

1. De inducekookplaat genereert een sterk magnesch veld dat in de bodem van het kookgerei

wervelstromen opwekt die verantwoordelijk zijn voor de warmteontwikkeling. Daarom wordt al

leen het vat verwarmd en niet de elementen van de inducekookplaat. Dit leidt tot aanzienlijke besparingen op het elektriciteitsverbruik en verkort de kookjden aanzienlijk.

2. Zorg ervoor dat het kookgerei dat u gebruikt geschikt is voor verwarming op een induceplaat.

Gebruik geen poen zonder plae bodem, met pootjes en poen met een diameter van minder dan 11 cm en meer dan 20 cm. Gebruik geen glaswerk, aardewerk of aluminium.

3. Houd het fornuis en het bedieningspaneel aljd schoon. Bedien het toetsenbord aljd met droge

vingers en stevige bewegingen.

4. Het fornuis is uitgerust met een oververhingsbeveiliging. Als het kookproces te heet is of de pan

leeg is, meldt de keuken een “E5”-fout. Zodra het apparaat is afgekoeld, gaat het verder met het kookproces.

5. Het fornuis is uitgerust met een systeem ter bescherming tegen overmage spanningssjging of

-daling. Bij zeer grote spanningsveranderingen meldt de keuken een overeenkomsge fout (zie tabel).

VOOR HET EERSTE GEBRUIK

1. Haal het toestel uit de doos, verwijder zakken, sckers en transportvergrendelingen.

2. Controleer het toestel op eventuele schade die jdens het transport is ontstaan. Als u twijfels hebt

over de prestaes van het apparaat, mag u het niet in gebruik nemen - stel de dealer onmiddellijk op de hoogte.

3. Reinig het apparaat volgens de aanwijzingen in het hoofdstuk “REINIGING EN ONDERHOUD”.

4. Controleer of de netparameters op de installaeplaats van het apparaat overeenkomen met die op

het typeplaatje van het product.

1. Plaats het toestel op een harde, vlakke en droge ondergrond.

2. Steek de stekker in het stopcontact - het kooktoestel gee een korte pieptoon en op het display (2)

verschijnt “OFF” De pieptoon gaat aljd gepaard met het gebruik van de kooktoetsen.

3. Plaats een geschikt kookvat op de kookzone van de pan (1). Elke poging om het verwarmingsproces

te starten zonder de op de kookplaat ingestelde pan of met een ongeschikte pan wordt gesigna

leerd door de melding “EO” op het display (2).

4. Schakel het apparaat in met de netschakelaar (11) en selecteer vervolgens met de funcekeuze

toets “Menu” (8) de verwarmingsparameters. Als na het inschakelen geen ace wordt onderno- men, wordt de keuken na 10 seconden uitgeschakeld.76

VERWARMINGSVERMOGEN - gebruik de funcekeuzeknop (8) om het verwarmings- vermogen te selecteren - het controlelampje (3) gaat branden om aan te geven dat het verwarmingsproces is gestart. Gebruik vervolgens de toetsen voor het wijzigen van de parameterwaarde (9) of (10) om de gewenste vermogenswaarde in te stellen. Je kunt de kracht kiezen: 200, 350, 500, 650, 800, 1000, 1200, 1400, 1600, 1800 W. Hoe hoger het waage, hoe sneller de pan opwarmt, waardoor de bereidingsjd van het voedsel aanzienlijk wordt verkort. U kunt de vermogensinstellingen op elk moment jdens het koken aanpassen. VERWARMINGSTEMPERATUUR - als de prioriteit jdens het verwarmen de temperatuur is, selecteer dan de temperatuur met de funcekeuzeknop (8) - het controlelampje (4) gaat branden om aan te geven dat het verwarmingsproces is gestart. Gebruik vervolgens de toetsen (9) en (10) om de gewenste temperatuur in te stellen. U kunt kiezen uit 60, 80, 100, 120, 140, 160, 180, 200, 220, 240 °C. U kunt de temperatuurinstellingen op elk moment jdens het koken aanpassen. OPMERKING! Als u geen gebruiksduur voor de kookplaat opgee, wordt het apparaat na 120 minuten automasch uitgeschakeld. OPWARMTIJD - u kunt instellen tussen 0 en 180 minuten. Gebruik de funcekeuze- knop (8) om de mer te selecteren - de indicaelampjes (5) en (3) gaan branden. Geef met de toetsen (9) en (10) de verwarmingsjd in minuten aan en wacht even - de ingestelde waarde brandt connu, wat betekent dat de jd is gaan aellen. De keuken gee dan af- wisselend de verstreken jd en het vermogen weer - pas zo nodig aan. Volg dezelfde pro- cedure bij het kiezen van de jd en de temperatuur. Na het verstrijken van de vooraf inge- stelde jd schakelt de kookplaat uit, hetgeen wordt gesignaleerd door een geluidssignaal.

1. Het fornuis is uitgerust met een toetsenbordvergrendelingsknop. Druk op knop (7) om het toet-

senbord te vergrendelen en houd even ingedrukt om het toetsenbord te ontgrendelen. De ver- grendeling van het toetsenbord wordt aangegeven door het oplichten van het controlelampje (6).

2. Het verwarmingsproces wordt automasch onderbroken (“EO”-melding) wanneer de pan wordt

opgeld of wanneer de pan/pan van het kookoppervlak wordt neergezet. Wanneer de pan/pan binnen 60 seconden na het neerzeen weer op de kookzone wordt geplaatst, hervat de pan de werking op de vooraf ingestelde waarden. Het fornuis schakelt automasch uit als het fornuis langere jd niet wordt gebruikt.

3. Het verwarmingsproces kan te allen jde met de schakelaar (11) worden onderbroken.

OPMERKING! De kookplaat kan heet zijn na het koken. Pas op dat je je niet verbrandt.

4. Verwijder het kookgerei uit de verwarmingszone wanneer het opwarmingsproces is voltooid, maar

schakel de pan pas van het lichtnet wanneer de koelvenlator is gestopt met draaien. Pas na uit

schakeling kan het fornuis veilig van het lichtnet worden losgekoppeld.

5. Reinig het toestel zodra de schijf is afgekoeld (zie hoofdstuk “REINIGING EN ONDERHOUD”).77

E0 Geen pot/patella in de verwarmingszone. Ongepast vaartuig. Plaats de pot/pan in de verwarmingszone. Controleer of het kookgerei geschikt is voor gebruik op een inductiekookplaat E1 Elektrische storing/kortsluiting Neem contact op met een erkend servicecentrum E2 Defecte temperatuursensor Neem contact op met een erkend servicecentrum E3 Voedingsspanning te hoog Controleer of de parameters van de voeding overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van het kooktoestel. E4 Voedingsspanning te laag Controleer of de stroomvoorziening overeenkomt met de gegevens op het typeplaatje van het kooktoestel. E5 Keramische kookplaat of kookgerei te heet. Leeg schip. Wacht tot de temperatuur van de plaat/het vat is gedaald. Vul het vat E6 Defecte koelventilator(en) Schakel het apparaat uit. Wacht tot het is afgekoeld, maak de luchtroosters schoon en start het fornuis opnieuw op. Neem contact op met een erkend servicecentrum

DEN UITVOERT. Gebruik geen benzine, verdunners, borstels of pasta’s om de plaat te reinigen. Neem het apparaat af met een vochge doek met afwasmiddel. Gebruik een stofzuiger om vuil van de luchoevoer en het venlatorrooster te verwijderen. Reinig het keramische oppervlak en het bedieningspaneel met een zachte vochge doek en een milde reiniger voor het keramische oppervlak. Zorg ervoor dat er geen water op de apparatuur druppelt (als er water in de apparatuur komt, kan er schade ontstaan). DOMPEL HET APPARAAT OF HET NETSNOER NOOIT ONDER IN WATER OF EEN ANDERE VLOEISTOF.78

TECHNISCHE GEGEVENS De technische specicaes staan vermeld op het typeplaatje van het product. Lengte van de stroomkabel: 1,25 m Geluidsniveau: L

= 48 dB ATTENTIE! MPM agd S.A. behoudt zich het recht voor technische wijzigingen aan te brengen. Deze handleiding is machinaal vertaald. Raadpleeg in geval van twijfel de Engelstalige versie ervan. Correcte verwijdering van dit product (elektrische en elektronische afvalapparatuur) De markering op het product gee aan dat het product aan het einde van zijn levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval mag worden weggegooid. Afgedankte apparatuur kan een nadelig eect hebben op het milieu en de menselijke gezondheid vanwege het mogelijke gehalte aan gevaarlijke stoen, mengsels en componenten. Het mengen van elektronisch afval met ander afval of het onprofessioneel demonteren daarvan kan leiden tot het vrijkomen van stoen die schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu. Een afgedankt apparaat moet worden ingeleverd bij een inzamelpunt voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur. Om gedetailleerde informae te verkrijgen over de plaats van het inleveren van elektrisch en elektronisch afval, dient de gebruiker contact op te nemen met het gemeentelijk inzamelpunt voor afval of de verwerkingspunt voor afgedankte apparatuur.79

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MPM

Model : MKE12

Categorie : Fornuis