EM 80 - Spierstimulatieapparaat BEURER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EM 80 BEURER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over EM 80 BEURER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Spierstimulatieapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EM 80 - BEURER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EM 80 van het merk BEURER.
GEBRUIKSAANWIJZING EM 80 BEURER
2.Belangrijke aanwijzingen. 131
- Stroomparameters 132
3.1 Impulsvorm 132
3.2 Impulsfrequentie 133
3.3 Impulsbreedte 133
3.4 Impulsintensitat 133
3.5 ON- en OFF-time 133
3.6 Cyclusgesturde impulsparametervariatie 133
- Omschrijving van het apparatus 133
4.1 Aanduiding van de onderdelen 133
5.Ingebruikname 134
- Programmaoverzicht 135
6.1 Basisprogramma's 135
6.2 TENS-programma's 136
6.3 EMS-programma's 137
6.4 MASSAGE-programma's 138
6.5 Aanwijzingen voor hetplaatsen van elektroden 138
- Gebruik 139
7.1 Aanwijzingen voor het gebruik 139
7.2 Verloop van de programme's 01-10 TENS, EMS en MASSAGE (snelstart). 139
7.3 Verloop van de TENS/EMS-programma's 11 tot 20 (individuèle programme's) 139
7.4 De instellingen veranderen 140
7.5 Doctor's Function 140
- Reiniging en opslag 141
9.Verwijdering 141
10.Problemen en probleemoplossing. 141
11. Specifiche tecniche 142
12. Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit 143
13. Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen.....143
14. Garantie/service 143
Lees deze gelebruksaanwijzing zorgvuldig door. Volg de waarschuwingen en veiligheidsrichtlijnen op. Bewaar de gelebruksaanwijzing voor later gelebruik. Zorg ervoor dat de gelebruksaanwijzing toegankelijk isoor andere gelebruikers. Geef als u het apparaat aan iemand anders geeft, ook de gelebruksaanwijzing mee.
| Waarschuwing Waarschuwing voor situatuies met verwondingsrisico's of gevaar voor uw gezondheid | |
| Verpakking overeenkomstig de milieu-eisen verwijderen | |
| Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijk voor afge-dankte elektrische en elektronische apparatuur - WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment) | |
| A | Aanduiding voor de identificatie van het verpakkingsmateriaal. A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer: 1-6 = kunststoffen, 20-22 = papier en karton |
| Scheid de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af. | |
| Scheid het product en de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af. | |
| Fabrikant | |
| CE0483 | CE-markering Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en nationale richtlijnen. |
| Grenswaarden voor de temperatuur | |
| Grenswaarden voor de luchtvochtigheid | |
| Het apparaat mag nicht worden gezruikt door Personen met medische implantaten (zoals een pacemaker). De werkung van deze implantaten kan anders negatief worden beinvloed. | |
| REF | Artikelnummer |
| Importeursymbol | |
| Storage/Transport | Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij opslag en transport |
| Operating | Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij gebruik |
| Pb Cd Hg | Batterijen die schadelijke stoffen bevatten, mogen nicht met het huisvuil worden weggegooid. |
| Scheiding van de toegepaste delen type BF Galvanisch gezehden toegepast deel (F staat voor floating), voldoet aan de eisen aan lekstromen voor type B. | |
1. Inleiding
1.1 Wat is en kan de digitale TENS/EMS?
De digitale TENS/EMS behoort tot de groep elektrische stimulatieapparaten. Het bevat drie basisfuncties die gecombineerd gebruikt konnen worden:
- De elektrische stimulatie van zenuwen (TENS)
- De elektrische stimulatie van spierweefsel (EMS)
- Een door elektrische signalen veroorzaakte massagewerking.
Bovendien beschicht het apparaat over vier onafhankelijkke stimulatiekanalen enacht zichklevende elektroden. Het apparaat biedt veelzijdig inezibare functies ter bevordering van het algemeen welzijn, voor pijnverlichting, voor het onderhonden van de lichamelijkke conditie, ontspanning, spierrevitalising en het bestrijden van vermoeidheid. U kunst hiervoor een vooraf ingesteld programma kiezen of deze zich vastleggen in overeenstemming met uw behoeften.
Het werkingsprincipe van elektrische stimulatieapparaten is gebaseerd op het nabootsen van lichaamseigen impulsen die via elektroden op de huidaar de zenuw- en/of spiervezels worden geleid. De elektroden konnen.daar bij op vele lichaamsdelen worden aangebracht, waar bij de elektrische prikkels ongevaarlijk en vrijwel pijnloos+zijn. U voelt bij bepaalde toepassingen slechts eenlicht gekriebel of zachte vibraties. Deaar het weefselen gesturde elektrische impulsen beinvloeden de prikelgeleiding in zenuwbanen maar ook in zenuwnkopen en spiergroepen binnen het toepassingsgebied.
De werkung van de elekrostimulatie is doorgaans pas merkbaar na regelmatig herhaaldelijk gebruik. De elekrostimulatie van de spieren is geen verranging voor regelmatig trainen, het isECHTER een practische aanvulling op de werkng hiervan.
Met TENS, de transcutane elektrische zenuwstimulatie, verstaat men de via de huid werkende elektrische stimulatie van zenuwen. TENS is togetestan
als klinisch bewezen, werkzame, nicht-medicamenteuze, bij juist gebruik bijwer-kingenvrijme methode voor het behandelen van pijn door bepaalde oorzaken
- en waarbij ook als eenvoudige thusbehandeling. Het pijnverlichtende en/of bijnonderdrukkende effect wordt onder andere bereikt door het onderdrukken van het doordenden van pijn in zenuwvezels (hierbij vooral met hoogfrequente impulsen) en het verhogen van de afgithe van lichaamseigen endorfine, dat het pijngevoel verminder door haar werkig in het centraal zenuwstelsel. De methode worden wetenschappelijk ondersteund en is medisch ergend.
Elk ziektebeeld, waar bij een TENS-behandeling nuttig is, moet+zijn onderzoort door uw behandelend arts. Deze zal ook aanwijzingen geven over het respectievelijke nut van een TENS-thuisbehandeling.
TENS is voor de volgende toepassingen klinisch getest en goedgekeurd:
Rugpijn, in het bijzonder ook pijn in de onderrug en nekwervels.
Gewrichtspijn (bijv. kniegewricht, heupgewricht, schouder).
Neuralgie (zenuwpijn).
- Hoofdpijn.
- Menstruatiepijn.
- Pijn na letsel aan het bewegingsapparaat.
- Pijn bij doorbloedingsstoornissen.
- Chronische)pijn doorverschillende oorzaken.
De elektrische spierstimulatie (EMS) is een algemeen bekende en erkende methode en wordt al jaren gebruikt bij de sport- en revalidatiegeneeskunde. Op het gebied van sport en lichamelijke conditie worden EMS onder andere gebruikt als aanvulling op de traditionele spiiertraining om het prestatievermogen van de spiegroepen te vergroten en om de lichaamsverhoudingen aan te passen aan de gewenste esthetische resultaten. Het gebruik van de EMS heeft twee kanten. Aan de one Kant kan een gerichte versterking van de spieren wordenverooraakt (activerend gebruik) en aan de andere Kant kan ook een ontspannende, herstellende werkig (ontspannend gebruik) worden bereikt.
Tot het activerende gebruik behoren:
- Spietraining ter vergroting van het uithoudingsvermogen en/of
- Spiertraining ter ondersteuning van het versterken van bepaalde spieren of spiegroepen, om gewenste veranderingen te bereiken bij de lichaamsverhoudingen.
Tot het ontspannende gebruik behoren:
- Spterontspanning voor het losmaken van verkrampte spieren
- Verbetering bij vermoeidheidsverschijnselen in de spieren
- Het versnellen van het herstel van de spieren na hevige spierinspanning (bijv. na een marathon).
De digitale TENS/EMS nied door middel van de geintegreerde massage-technologie bovendien de möglichkeid spierverkrampingen te verminderen en vermoeidheidsverschijnsen te bestrijden met een qua gevoel en werkung op een werkelijkke massage gelijkend programma.
Aan de hand van de positioneringsadviezen en programmatabellen in deze handleiding kut u de apparaatinstellingen voor de betreffende toepassing (al maar het betreffende lichaamsdeel) en voor de beoogde werkig snel en eenvoudig bepalen).
Door de vier afzonderlijk afstelbare kanalen bildet de digitale TENS/EMS het voordeel dat de intensiteit van de impulsen onafhankelijk van elkaar+kunnen worden afgestemd op meerere te behandelen lichaamsdelen, bijvoorbeeld om op het lichaam beiden zijden te bereiken of grotere weefselloppervlakken gelijkmatig te stimuleren. De individuele intensiteitinstelling van elk kanaal zorgt ervoor dat u bovendien gelijkrijkig tot wel vier verschillende lichaamsdelen kan behandelen, waardoor een tijdsbesparing worden bereikt in vergelijk met opeenvolgende enkelvoudige behandelingen.
1.2 Meegeleverd
- 1x Digital TENS/EMS-apparata
-2x aansluitkabel - 8x kleeftelektroden (45 x 45 mm)
-3xAA-batterijen - deze gebruiksaanwijzing
- 1x beknopte handleiding (elektrodenplaatsingsadviezen en toepassingsgebieten)
-1xbewaartas
Na te bestellen artikelen
8x kleeftelektroden (45 x 45 mm), Art.nr. 661.02
4x kleefelektroden (50× 100mm) Art.nr.661.01
2. Belangrijke aanwijzingen
Het gebruik van dit apparaat verwangt Niet een bezoek aan en behandeling door een arts. Raadpleeg waarom bij elke vorm van pijn of ziekte ook alkijd uw arts!
WAARSCHUWING!
Om schade aan de gezondheid te voorkomen worden het gebruik van de digitale TENS/EMS in de volgende gevallen ten sterkste afgeraden:
- Bij geimplanteerde elektrische apparaten (zoals een pacemaker).
- Bij aanwezigheid van metalen implantaten.
Bij insulinepompdragers.
Bij hoge koorts (bjv. >39^ - Bij bekende of acute harritmestoornissen en andere prikkelvormings- en geleidingsstoornissen aan het hart.
Bijtoevallen (bijv. epilepsie).
Bij een bestaande zwangerschap.
Bij kanker. - Na operations, waar bij versterkte spiercontracties het genezingsproces kun den verzoren.
- Mag Niet worden gezrukt in de buurt van het hart. Stimulatie- elektrodenogen Niet worden gezrukt op de borstkas (herkenbaar aan de ribben en het borstbeen),vooral Niet bij de beiden große borstspieren.Dit verhoegt eventueel het risico op boezemfibrilleren en kan leiden tot een hartstilstand.
Op de schedel, in de buurt van de mond, de keelholte of het strottenhoofd. Bij de hals / halsslagader.
In de buurt van de genitalien. - Op een acuut of chronischzieke (beschadigde ofontstoken) huid, (bijv. bij pijnlijke en pijnloze ontstekingen, rode verkleuringen, huiduitslag (bijv. alle gieën), verbrandingen, kneuzingen, zwellingen en open en helende won den, op littekens van operaties betrokken bij de genezing).
- In omgevingen met een hoge luchtvochtigheid zoals in de badkamer of in de buurt van een bad of douche.
- Bij acute of chronische aandoeningen aan het maag-darmstelsel.
- De stimulatie mag nicht bij of op het hoofd worden UITgevoerd en ook nicht direct op de ogen, op of nabij de mond en op de hals (vooral nicht op of


nabij de halsslagader). Stimulatie middels elektrden op de borst, op de bovenrug of op en nabij het hart is eveneens nicht togetstaan.
- Niet gebruiken na alcoholgebruik.
- Bij gelijktijdige aansluiting op een chirurgisch instrument met een hoge freqentie.
Raadpleeg voor gebruik van het apparaat uw behandelend arts in het geval van:
- Acute aandoeningen, in het bijzonder bij verdenking of het bestaan van een te hoge bloeddruk, bloedstollingsstoornissen, aanleg voor tromboembolische aandoeningen en bij kwaadaardige weejselvorming.
- Alle huidaandoingen.
- Niet opgehelderde chronische pijnsituaties onafhankelijk van het lichaams-deel.
Diabetes. - Alle gevoeligheidsstoornissen met verminderde pijngewaarwording (zoals stofwisselingssstoornissen).
Geliktijdig uitgevoerde medische behandelingen.
Tijdens de stimulatiebehandeling optredende klachten.
Aanhoudende huidirritaties als gevolg van langdurige stimulatie met elek-troden opdezelfde plaats.
LET OPI!
Gebruik de digitale TENS/EMSuitsluitend:
Bij mensen.
- Voor het doel waarvoort het is ontwikkeld en op de in de gebruiksaanwijzing aangegeven manier. Elk onjuist gebruik kan gaavarlijk zich.
Voor uitwendige toepassingen.
- Met de meegeleverde en na te bestellen originele accessoires, anders verwalt de garantie.
- Trek de elektroden telkens voorzichtig van de huid om letsel te voorkomen bij een gevoelige huid.
- Houd het apparaat uit de buurt van warmtebronnen en gebruik deze nicht in de buurt (~1 m) van kortegolf- of microgolfapparaten (bijv. mobiele telefoons), dit kan namelijk leiden tot onaanganame stroomschokjes.
-
Stel het apparaat Niet bloot aan direct in het zonlicht of hoge temperaturen.
-
Bescherm het apparaat gegen stof, vuil en vocht. Dompel het apparaat in geen geval onder in water of een andere vloeistof.
- Het apparaat is geschikt voor eigener gebruik.
- De elektrodenogens uit hygienische overwegingen maar voor een persoon gebruikt worden.
- Stop onmiddelijk met het gebruik van het apparaat als deze Niet correct functioneert, als u onwel worden of als er pijn optreedt.
- Schakel voor het verwijderen of verplaatsen van elektroden het apparaat ofwel het bijbehorende kanaaluit om ongewenste prikkels te voorkomen.
- Pas de elektroden Niet aan (bijv. door ze bij te knippen). Dit leidt tot stroom dichttheid en kan gevaarlijk zijn (max. aanbevolen uitgangswaarden voor de elektrden: 9mA / cm^2 , een effectieve stroomdichtheid boven 2mA / cm^2 behoegt een grotere oplettendheid).
- Nietijdens de slack,ijdens het besturen van een motorvoertuig of het bedieren van machines.
- Niet gebruiken bij activités toen waar bij een onvoorziente reactie (bijv. versterkte spiercontractie ondanks een lage intensiteit) gevaarlijk kan worden.
- Let op, datijdens de stimulatie geen metalen objecten, zoals riemgespen of halskettingen in contact kuren komen met de elektroden. Als u in het toepassingsgebied sieraden of piercings (bijv. een navelpiercing) draagt, moet u deze voor gebruik van het apparata verwijden. Deze kuren namelijk leiden tot plaatselijke verbrandingen.
- Houd het apparaat uit de buurt van kinderen om eventuele bevaren te vermijden.
- Verwissel de elektrodenkabel nicht met uw koptelefoof of andere apparaten en verbind de elektroden nicht met andere apparaten.
- Gebruik dit apparaat Niet tegelijkertijd met andere apparaten die elektrische impulsesgen geben aan uw lichaam.
- Niet gebruiken in de buurt vanlicht ontvlambare stoffen, gassen of explsi-eve stoffen.
- Gebruik geen accu's en gebruik uitsluitend hetzelfde soort batterijen.
- Gebruik het apparaat de eerste minuten zittend of liggend om in zeldzame gevallen van een vagale reactie (een gevoel van flauwte) geen onnodig risico te lopen op verwondingen. Zet bij het optreden van een gevoel van flauwte het apparaat onmiddelijk uit en doe de benen omhoog (ca. 5 à 10 min.).
- Het worden afgeraden de huid voor te behandelen met vette crèmes of zalfjes - de elektroden slijten hierdoor vlel sneller en het kan leiden tot ona- angename stroomstootjes.
Beschadiging
- Gebruik het apparaat in twijfelgevallen met betrekking tot beschadigingen Niet en neem contact op met uw dealer of met de vermelde klantenservice.
- Controller het apparaat op tekenen van slijtage of beschadiging. Als u der gelijke tekenen waarneemt of als het apparaat onjuist worden gebruikt, moet deze vór verdier gebruik maar de fabrikant of dealer worden gebracht.
- Zet het apparaat onmiddelijk uit als het defect is of storingen optreden.
- Probeer in geen geval het apparaat zich te openen en/of te repareren! Laat reparationsuitsluitend uitvoeren door de klantenservice of een geautorieerde dealer. Bij het Niet naleven van de aanwijzingen vervalt de garantie.
- De fabrikant is nicht verantwoordelijk voor schade die is ontstaan door verkeerd gebruik.
Informatie over Elektrostatische Ontlading (ESD)
Let u erop dat u contrastekers, die voorzien zichn van het waarschuwingschildje Elektrostatice Ontlading, Niet mag aanraken.

Veiligheidsmaatregelen gegen Elektrostatice Ontloading:
- Raak stekers/contrastekers, voorzien van het waarschuwingschildje Elektrostatice Ontlading, Niet met uw vingers aan!
- Raak stekers/contrastekers, voorzien van het waarschuwingschildje Elekstrostatische Ontlading, Niet met handgereedschap aan!
Verdere uitleg over het waarschuwingschilde Elektrostatische Ontlading, alsmede beschikbare trainingen en de inhoud waarvan+zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de klantenservice.
3. Stroomparameters
Elektrische stimulatieapparaten werken met de volgende stroominstellungen die hier gelang de instenting een uitenlopende uitwerking hebben op het stimulerende effect:
3.1 Impulsvorm
Deze beschrijft de tijdfunctie van de prikelingsstroom. Daar bij worden monofasische en bifasische pulsstromen van elkaar anderscheiden.
Bij monofasische pulsstromen loopt de stroom in eenrichting, bij bifasische pulsen wisselt de prikkerstroom derichting af.


De digitale TENS/EMS beschicht uitsluitend over bifasische pulsstromen, omdat deze de spier ontlasten en tot minder vermoeide spieren en een zekerder gebruik leiden.
3.2 Impulsfrequentie
De freiestie geeft het aantal afzonderlijke impulsen per Tijdsperiode seconde veer, de weergave is in Hz (hertz). Deze kan worden berekend als men de tegenwaarde van de tijsperiode berekent. De betreffende freiestie bepaalt welke spiervezeltypen reageren.
Langzaam reagerende verzels reageren erder op lage impulsfrequencies tot 15 Hz, snel reagerende verzels daarentegen reageren pas bij ca. 35Hz en hoger. Bij impulsen van ca. 45 - 70Hz ontstaat constante aanspanning van de spieren gekoppeld aan snellere spiervermoeidheid. Hogere impulsfrequencies要去en.daarom bij voorkeur alleen worden gebruikt bij snelkracht- en maximaalkrachttraining.
3.3 Impulsbreedte
Hiermee worden de duur van een enkele impuls weerg
egeven in microseconden. De impulsbreedte bepaald
aar bij onder andere de doordringdiepte van de stroom,
haar bij over het algemeen geldt: bij een grotere spiermassa is een grotere
impulsbreedte nodig.
De instelling van de intensiteit'sgraad richt zich individueleel op de subjectieve gevoeligheid van de betreffende gebruiker en worden door verschilnde grootheden bepaald, zoals de toepassingsplaats, de doorbloeding van de huid, de dikte van de huid, maar ook de kwaliteit van het elektrodencontact. De praktische instleting要去 weliswaar werkzaam zijn, maar mag nooit onaangename gevoelens, zoals bijn op de toepassingsplaats veroorzaken. Hoewel een lichte kriebeling een toereikende stimulatie-energie aangeeft, moet elke instilling die tot bijn leidt worden vermeden.
Bij langduriger gebruik kan afstellen anschraf nodig zich als gevolg vanijdelijk aanpassingsprocessen op de toepassingsplaats.
3.5 ON- en OFF-time
De ON-time beschrijft de stimulatietijd van de cycli in seconden, maar ook de tijd van de cycli waar bij de impulsen worden doorgegeven aan het lichaam. De OFF-time daarentegen geegt de stimulatievrijeijd van de cycli aan in seconden.
3.6 Cyclusgesturde impulsparametervariatie
In veel gevallen is hetoodzakelijk alle weeefselsstructuren op de toepassingsplaats te bedekken door hetgebruik van meerdere impulsparameters. Bij de digitale TENS/EMS vindt ditplaats doordat de beschikbare programme's automatisch een cyclische impulsparameterverandering uitvoeren. Daardoor wordt ook de vermoeiing van afzonderlijke spiergroepen bij de toepassingsplaats voorkomen.
De digitale TENS/EMS beschicht over praktische vooraf ingestelde instellenen voor de stroomparameters. Het is echter altiijd möglichk de impulsintensiteit te veranderenijdens het gebruik en bij afzonderlijke programme'skest u bovendien de impulsfrequentie vooraf veranderen om zo de voor u meest aangename en/of succesvolle toepassing uit te voeren.
4. Omschrijving van het apparaat
| 4.1 Aanduiding van de onderdelen | |||
| Display (hoofdmenu): | |||
| A | Submenu's TENS/EMS/MASSAGE | ||
| B | Frequentie (Hz); ON-time; | ||
| Impulsbreedte | B | ||
| C | Impulsintensiteit | C | |
| D | Batterij-indicator | D | |
| E | Weergave GEHEUGEN | E | |
| F | Timer-functie (weergave reste | ||
| rende looptijd); OFF-time | |||
| G | Programma-/cyclusnummers | i | h |
| H | Weergave van de processtatus | f e | |
Toetsen:
a MENU-toets
b Toets CYCLUS-TIMER
c Toets FREQUENTIE-INSTELLING
d Toets IMPULSBREEDTE-INSTELLING
e Taste zyklus-Einstellung
f AAN/UIT-toets
g Keuzetoetsen UP (omhoog) en DOWN (omlaag)
h ENTER-toets
i Toetsen CH1±, CH2±, CH3±, CH4±
Accessoires:
- 2x aansluitkabel (met 2 afzonderlijk regelbare kanalen, herkenbaar aan de verschillende kleuren)
-8xkleefelektroden (45 x 45 mm)


4.2 Functies van de toetsen
Elk druk op een toets worden beantwoordt met een signaaltoon om het on-bedoeld drukken op een toets kenbaar te make. Deze signaaltoon kan nicht worden uitgeschakeld.
(AAN/UIT)
(1) Druk kort hierop om het apparaat aan te zetten. Als bij het aanzetten de toets 10 seconden lang worden ingedrukt, dan schakelt het apparaat zich-zelf automatisch weeit.
(2) Onderbreking en voortzetting van de stimulatiebehandeling door eenvoudig drukken = pauzemodus.
(3) Het apparatusui tschakelen door lang indrukken (ca. 3 seconden).
en
(1) Selecteer (A) het behandelingsprogramma, (B) de behandelduur en (C) de frequentie, de impulsbreedte, het aantal cycli, de ON/OFF-time.
(2) Met de DOWN-toets worden tijdens een stimulatie de impulsintensiteit van alle kanalen verlaagd.
MENU
(1) Navigatie:tussen de submenu's TENS, EMS en MASSAGE.
(2) Terugkeren maar (A) het programmakeuzevenster of (B) het hoofdmenu.
ENTER
(1) Menukeuze.
(2) Bevestigen van een met UP/DOWN gemaaakte keuze, geseleterde kanaalintensiteit.
CH1, CH2, CH3, CH4
Installing van de impulsintensiteit.
Cycle
Instellen, veranderen en bevestigen van het aantal cycli.
us (microseconden)
Instellen, veranderen en bevestigen van de impulsbreedte van de afzonderlijke cycli.
Hz (Hertz)
Instellen, veranderen en bevestigen van de impulsfrequentie van de afzonderlijke cycli.
Instellen, veränderen en bevestigen van de ON-/OFF-tijden van de afzonderlijke cycli.
5. Ingebruikname
- Verwijder het deksel van het batterijcompartment aan de onderzijde van het apparaat. Open hiervoort het springslot.
- Plaats 3 alkalinebatterijen AA 1,5 V. Let goed op of de batterijen in overeen stemming met de tekens met de polen in de juiste richting zich geplaatst.
- Sluit verzolgens zorgvuldig het batterijcompartment weer af.
- Verbind de aansluitkabel met de elektroden (Afb. 1).
Aanwijzing: Voor een bijzonder eenvoudige verbinding zijn de elektroden voorzien van een clipsluiting.
- Steek de stekker van de aansluitkabel in het contact aan dechterzijde van het apparatus (Afb. 2).
- Niet aan de kabels trekken, draaien of deze scherp buigen (Afb. 3).

Afb.1


Afb.2
Afb.3
6. Programmaoverzicht
6.1 Basisprogramma's
De digitale TENS/EMS beschicht in totaal over 50 programme's:
U hebt bij alle programma's de möglichkheid de gebruiksduur en bij elk van de vier kanalen de impulsintensiteit afzonderlijk in te stellen.
Bovendien kunt u bij de TENS- en EMS-programma's 11-20 zowel de impulsfrequentie, de impulsbreedte, de ON- en OFF-time van de afzonderlijke cycli maar ook het aantal cycli veranderen, om de stimulatiewerking van de opbouw bij de toepassingsplaats fysiek aan te konnen passen.
Cycli zijn de verschillende sequenties waaruit het programma bestaat. Deze volgen elkaar automatisch op en vergroten de werkzaamheid van de stimulatie op verschillende spierverzeltypen en gaan snelle spiervermoeidheid gegen. De standardinstellungen van de stimulatieparameters en aanwijzingen voor deplaatsing van elektroden vindt u in de volgende programmatabellen voor TENS, EMS en MASSAGE.
| Progr.-nr. | Praktische toepassingsgebieten, indications | Mogelijkerelektrodenpla-atsing | Cyclclus 1 Cyclus 2 Cyclus 3 Cyclus 4 | |||||||||||||||
| Cyclclus 5 Cyclus 6 Cyclus 7 Cyclus 8 | ||||||||||||||||||
| Breed-te (μs) | Fre-quen-tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed-te (μs) | Fre-quen-tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed-te (μs) | Fre-quen-tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed-te (μs) | Fre-quen-tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | |||
| 1 + 11 | Nekpijn, spanningshoofdpijn | 01, 02, 13 250 | 4 30 0 250 4 30 0 250 5 30 0 5 30 0 | |||||||||||||||
| 250 6 20 0 250 6 20 0 250 8 30 0 | ||||||||||||||||||
| 2 + 12 | Rugpijn 03, 04, 05, 06, | 15, 23 | 250 6 30 0 250 6 30 0 250 8 20 0 | |||||||||||||||
| 250 10 20 0 250 10 20 0 | ||||||||||||||||||
| 3 + 13 | Schouderpijn 07, 14 250 2 10 0 250 4 8 0 250 6 6 0 | |||||||||||||||||
| 4 + 14 | ijn door reumatoïde arrititis | Zie aanwijzing | 250 60 20 0 250 70 20 0 250 80 30 0 250 80 30 0 | |||||||||||||||
| 5 + 15 | Lumbale klachten 22 250 80 | 20 0 250 80 20 0 | 250 75 4 0 250 10 20 0 | |||||||||||||||
| 250 70 4 0 250 65 4 0 | ||||||||||||||||||
| 6 + 16 | Menstruatiepijn 08 250 40 30 0 250 55 53 0 250 50 30 0 | |||||||||||||||||
| 7 + 17 | ijnprogramma I Zie aanwijzing | 250 4 30 0 250 4 20 0 250 6 30 0 250 6 20 0 | ||||||||||||||||
| 250 8 30 0 250 8 20 0 250 10 30 0 250 10 20 0 | ||||||||||||||||||
| 8 + 18 | Niekpijn, pijin aan het sprenggewricht, kapsel-blessures | 09, 10 250 40 5 | 0 250 6 10 0 250 50 5 0 | |||||||||||||||
| 9 + 19(Burst) | ijnprogramma II | Zie aanwijzing | 250 | 75 | 0,25 | 0,25 | 250 | 2 | 0,5 | 0 | ||||||||
| 10 + 20(Burst) | ijnprogramma III | Zie aanwijzing | 250 100 | 0,25 | 0,25 | |||||||||||||
On time (sec.) = cyclus-inschakeltijd in seconden (contractie) - Off time (sec.) = cyclus-uitschakeltijd in seconden (ontspanning)
Aanwijzing: De positie van de elektroden omsluit het pijnlijke gebied. Bij十几年e spiergroepen worden de elektroden om de betreffende spi ergepeerd. Bij gewrichtspijn moet het gewricht zowel aan de voor- enchterzijde als aan de rechter- en linkerzijde worden omsloten door elektroden, als de afstandenussen de elektroden dit toestaan. De afstandtussen de elektroden moet minimaal 5 cm en mag maximaal 15 cm+zijn. Houd u aan het op afbeelding 9 en 10 getoonde met betrekking tot het knie en spronggewricht.
Burst-programma's zijn geschikt voor alleplaaten die met wisselende signaalpatronen worden behandeld (voer een zo laag maybe gewennen).
6.3 EMS-programma's
| Progr.-nr. | Praktische toepassingsgebieden, indications | Mogelijkere elektrodenplaatsing | Cyclus 1 Cyclus 2 Cyclus 3 Cyclus 4 | |||||||||||||||
| Cyclus 5 Cyclus 6 Cyclus 7 Cyclus 8 | ||||||||||||||||||
| Breed- te (μs) | Fre- quen- tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed- te (μs) | Fre- quen- tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed- te (μs) | Fre- quen- tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | Breed- te (μs) | Fre- quen- tie (Hz) | On Time (sec.) | Off Time (sec.) | |||
| 1 + 11 Schoulderspieren 07, 14 250 30 5 1 | 250 10 15 1 250 | 50 5 1 | ||||||||||||||||
| 2 + 12 Middelste en onderste trapezespier, m. lattisumus dorsi, nekspieren | 01, 02, 03, 04, 05, 12, 15 | 250 4 30 1 250 | 4 20 1 | 250 5 30 | 1 250 | 5 20 1 | ||||||||||||
| 250 6 30 1 250 | 6 20 1 | |||||||||||||||||
| 3 + 13 Rugspieren langs de wervelkolom progr. I | 03, 06, 22, 23 2 | 50 2 10 1 250 4 | 10 1 250 | 50 6 10 1 | ||||||||||||||
| 4 + 14 Voorste en achterste bovenarm -spieren (o.a. biceps), voorste en achterste onderarm-spieren | 16, 17, 18, 19 2 | 50 4 30 1 250 4 | 30 1 250 | 50 4 30 1 | 1 250 5 | 30 1 | ||||||||||||
| 250 5 30 1 | ||||||||||||||||||
| 5 + 15 Rechte en schuine buikspieren 11, | 20, 21 250 6 15 | 1 250 8 | 15 1 250 | 10 15 1 | ||||||||||||||
| 6 + 16 Rugspieren langs de wervelkolom progr. II | 03, 06, 22, 23 2 | 50 2 20 1 250 2 | 20 1 250 | 50 1 30 1 | 1 250 1 | 30 1 | ||||||||||||
| 7 + 17 Rugspieren langs de wervelkolom progr. III | 03, 06, 22, 23 2 | 50 4 30 1 250 4 | 20 1 250 | 50 6 30 1 | 1 250 6 | 20 1 | ||||||||||||
| 250 8 30 1 250 | 8 20 1 | |||||||||||||||||
| 8 + 18 Bilspieren 24 250 20 5 1 250 6 5 1 | 250 30 5 1 | |||||||||||||||||
| 9 + 19 Voorste en achterste bovenbeenspieren | 25, 26 250 20 5 | 1 250 6 | 8 1 250 | 25 5 1 | ||||||||||||||
| 10 + 20 Voorste en achterste onderbeenspieren | 27, 28 250 25 5 | 1 250 6 | 8 1 250 | 35 5 1 | ||||||||||||||
On time (sec.) = cyclus-inschakeltijd in seconden (contractie) - Off time (sec.) = cyclus-uitschakeltijd in seconden (ontspanning)
Progr.-nr. Massevorm
1 Klop- en grijbmassage
2 Kneed- en grijpmassage
3 Klopmassage
4 Drukmassage en massage voor de zijkanten van de handen
5 Drukmassage en massage voor de zijkanten van de handen
6 Schudmassage
7 Klopmassage (wisseling tussen elektroden)
8 Massagestraal (wisseling tussen elektroden)
9 Drukmassagestraal (wisseling tussen elektronen)
10 Combiprogramma (wisseling tussen elektroden)
Deplaatsing van de elektroden kan zo worden gekozen dat deze de betreffende spiersegmenten omsluiten. Voor een optimale werkung mag de afstand:tussen de elektroden Niet groter zichn dan ca. 15 cm.
De elektroden mogen Niet worden gebruikt bij de voorste wand van de borstkas, d.w.z. de linker en rechter große borstspier mogen Niet gemasseerd worden.

6.5 Aanwijzingen voor hetplaatsen van elektroden
Een doelmatigeplaatsing van de elektroden is belangrijk voor het beoogde resultaat van een stimulatiotoepassing. Wij raden u aan de optimale elektronposities bij het voor u beoogde toepassingsgebied te overleggen met uw arts. De Voorgestelee elektrondenplaatsing op de achterkant van de omslag dient als leidraad (afbeeldingen 1-28). De volgende aanwijzingen gelden bij de keuze van hetplaatsen van de elektronden:
De elektrodenafstand
Hoe groter de gekozen afstandussen de elektroden,hoe groter het gestimuleerde weefselsvolume.Dit geldt voor de vlakken en de diepte van het weefselsvolume.Tegelijkkertijd neemt echter de stimulatiesterke van het weefsel af met een grotere elektrodenafstand.Dit betekent dat bij het kiezen van een grotere elektrodenafstand weliswaar een groter volume wordt gestimuleerd,maar dat
deze hinter sterk gestimuleerd worden. Om de stimulatie te vergroten moet dan de impulsintensiteit worden verhoogd.
Alsrichtlijn voor de keuze van de elektrodenafstand geldt het volgende:
- meest doelmatige afstand; ca. 5 -15 cm.
- bij minder dan 5 cm worden voornamelijk oppervlakkige structuren sterk gestimuleerd.
- bij meer dan 15cm wordengroeneindepestructurenzeerlichtgestimuleerd.
Elektrodenverbinding bij de spierverzelstructuur
De keuze van de stroomrichting moet in overeenstemming met de gewenste spierlaag van de verzelstructuur van de spieren worden aangepast. Als oppervlakkige spieren moeten worden bereikt dan moet de elektronenplaatsing parallel aan de verzelstructuur worden uitgevoerd (S. 2, Afb. 16; 1A-1B/2A-2B). Als diepe weefsellagen moeten worden bereikt dan moet de elektronenplaatsing dwars die nevezelstructuur worden uitgevoerd (S. 2, Afb. 16; 1A-2A/1B-2B). Het LASTGENOEMDE kan bijvoorbeeld worden bereikt aan de hand van een
kruislingse (=dwarse) elektrodenrangschikking, bijv. S. 2, Afb. 16; 1A-2B/2A-1B.
Ken de kabelkleuren toe aan de kanalen. De witte kabel behoort bij kanaal CH1/3 en de grijze kabel behoort bij kanaal CH2/4.
Bij het behandelen van pijn (TENS) door middel van de digitale TENS/EMS met+zijn

4 afzonderlijk regelbare kanalen met elk 2 kleeftelektroden is het raadzaam de elektroden van een kanaal zo aan te leggen dat het pijnPuntussen de elektroden ligt of uplaatst een elektrode direct op het pijnPunt en de andere minstens 2-3 cm verderop. De elektroden van het andere kanaal kunnen gelsekijdig worden gebruikt voor het behandelen van andere punten, maar kunnen ook samen met de elektroden van het eerste kanaal worden gebruikt voor het afbakenen van het pijbereik (tegenover elkaar). Hierbij is een kruislingse rangschikking ook waar nuttig.
Tip voor de massagefunctie: gebruik voor een optimale behandeling alsijd alle elektroden.
① Gebruik de elektroden op een schone, möglichkhaarloze en vetvrije huid om de houdbaarheid te verlügen. Reinig zo nodig voor gebruik de huid met water en verwijder eventuele haren.
① Als een elektrodeijdens het gebruik loslaat, dan gaat de impulsintensiteit van dit kanalen maar de laagste stand. Druk op de AAN/UIT-toets om de pauzemodus te bereiken,plaats de elektrode opnieuw en ga verder met het gebruik door opnieuw op de AAN/UIT-toets te drukken en stel de gewenste impulsintensiteit in.
7. Gebruik
7.1 Aanwijzingen voor het gebruik
- Als het apparaat 3 minutes lang nicht worden gebruikt, dan gaat deze automatisch uit (automatische uitschakeling). Bij het opnieuw aanzetten verschijnt het LCD-schem van het hoofdmenu, waar bij het LAST gebruiktsubmenuknippert.
- Als een toegestane toets worden ingedrukt dan klinkt een korte pieptoon, als een Niet toegestane toets worden ingedrukt worden twee korte pieptonenuit gezonden.
7.2 Verloop van de programme's 01-10 TENS, EMS en MASSAGE (snelstart)
- Kies bij de programmatabelen een voor uw doelen geschiktprogramma.
- Plaats de elektroden in het doelgebied en verbind deze met het apparaat. Daar bij hunnen de overeenkomende plaatsingsadviezen u helpen.
- Druk op de AAN/UIT-toets om het apparaat aan te zetten.
- Navigeer door op MENU te drukken door desubmenu's (TENS/EMS/MASSAGE) en bevestig uw keuze met ENTER (Afb. 1, voorbeeld displayweergave TENS).
Kies met de UP/DOWN-toetsen het door u gewenste programma en bevestig met ENTER (Afb. 2, voorbeeld displayweergave TENS-programma nr. 01). - Kies met de UP/DOWN-toetsen de totale behandelingstijd en bevestig met ENTER (Afb. 3, voorbeeld behandelduur 30 minuuten). Het apparaat bevindt zich in de wachtmodus (Afb. 4).

Afb.1

Afb.2

Afb.3

Afb.4
- Druk op AAN/UIT om met de stimulatiebehandeling te beginnen. De weergave van de processtatus begint te wisselen en de impulsfrequentie en de impulsbreedte verschijnen om en om (Afb. 5 en 6).
- Kies de voor u meest aangename impulsintensiteit door op de toetsen CH1± CH2± CH3± CH4± te drukken. De weergave van de impulsintensiteit past zich overeenkomstig aan.

Afb.5

Afb.6
7.3 Verloop van de TENS/EMS-programma's 11 tot 20 (individuals)
De programme's 11 tot 20 zijn vooraf ingestelde programme's, die u daarnaast kunt individualseeren. U heb hier de möglichkeid de impulsfrequentie, de impulsbreedte en ook de ON- en OFF-time van de afzonderlijke cycli in te stellen.
- Kies bij de programmatabellen een voor uw doelen geschiktrogramma.
- Plaats de elektroden in het doelgebied en verbind deze met het apparatus. Daar bij hunnen de overeenkomende plaatsingsadviezen u helpen.
- Druk op de AAN/UIT-toets om het apparaat aan te zetten.
- Navigeer door op MENU te drukken door de submenu's (TENS/EMS/MASSAGE) en bevestig uw keuze met ENTER (Afb. 1, voorbeeld displayweergave TENS).
Kies met de UP/DOWN-toetsen het door u gewenste programma en bevestig met ENTER (Afb. 2, voorbeeld displayweergave TENS-programma nr. 11). - Het aantal cycli C verschijnt (Afb. 3, bijv. 5 cycli). Druk op de UP/DOWN-toetsen om deze te veranderen en bevestig door op CYCLE of ENTER te drukken.
Het aantal cycli kan ook worden gewijzigd gedurende de andere programmeringsstappen door op CYCLE te drukken, met UP/DOWN het gewenste aantal cycli te kiezen en te bevestigen met CYCLE of ENTER. - Voor het instellen van de impulsbreedte drukt u op de „μs“-toets, kies uw instelling met UP/DOWN en bevestig waar met de „μs“-toets. Ga bij elké cyclus analogoog te werk (Afb. 4).

Afb.1

Afb. 2

Afb.3

Afb. 4
- De impulsfrequentie stelt u in door op „Hz“ te drukken. Kies uw installing met UP/DOWN en bevestig door opnieuw of de „Hz“-toets te drukken. Ga bij elke cyclus analogoog te werk (Afb. 5).
- Druk op de-toets voor het instellen van de betreffende ON-en OFF-time van de afzonderlijke cycli. Kies uw instelling met UP/DOWN en bevestig door opnieuw of de Toets te drukken. Ga bij elke cyclus analogo te werk (Afb. 6).
① Aanwijzing: U bereikt geen ontspanning tijdens afzonderlijk cycli als u de OFF-time op „00" zet. - Houd de ENTER-toets ca. 2 seconden ingedrukt en u komt bij de behandelingsstijd. Kies dan de gewenste behandelingsstijd met de UP/DOWN-toetsen en bevestig met ENTER (Afb. 7, voorbeeld behandelduur 30 minutes).
- Het apparaat bevindt zich in de wachtmodus (Afb. 8).
- Druk op AAN/UIT om met de stimulatiebehandeling te beginnen. De weergave van de processtatus begint te wisselen en de impulsfrequentie en de impulsbreedte verschijnen om en om (Afb. 9).
Kies de voor u meest aangename impulsintensiteit door op de toetsen CH1± CH2± CH3± CH4± te drukken. De weergave van de impulsintensiteit past zich overeen komstig aan.
Aanwijzing: Uw geindividualiseerde programma-instellenen worden opgeslagen en de volgende keer automatisch opgeroepen.
7.4 De instellingen veranderen
- CH1±, CH2±, CH3±, CH4±: de intensiteit per kanaal veranderen.
- DOWN-toets : de intensiteit van alle kanalen worden verlaagd.
De stimulatie onderbreken
Druk op de AAN/UIT-toets.
Door opniewu te drukken worden de toepassing weer voortgezet.

Afb.5

Afb.6

Afb.7

Afb.8

Afb.9
Een kanaal volledig afluien
Druk op CH- tot het kanaal op de laagste intensiteit staat. Houd de toets cervolgens ingedrukt tot deze Niet meer worden weergegeven in de display. Als u de bijbehorende CH+ -toets indrukt, worden het kanaal opnieuw geacti veerd.
De toepassing veranderen (alle of afzonderlijke parameters)
De Doctor's Function is een speciale instelling waarmee u nog eenvoudiger en gerichter uw geheel persoonlijke programma oproepen kurz.
Uw individuele programma-instelling worden onmiddelijk bij het aanzetten opgeroepen in de wachtmodus en door eenvoudig op AAN/UIT te drukken geactiveerd.
De instelling van dit individuele programme kanস bijvoorbeeld het advies van uw arts volgen.
Bij de Doctor's Function kanijdens de stimulatiebehandeling alleen de impulsintensiteit worden veranderd. Alle andere parameters en programma's van de digitale TENS/EMS zijn in dit geval geblokkeerd en+kunnen nicht worden veranderd en/of worden opgeroepen.
Het instellen van de Doctor's Function:
- Kies uw programme en de bijbehorende instellenen zoals onder 7.2 en/of 7.3 staat beschreiben.
- Houd, vór u het programme activeert door op de AAN/UIT-toets te drukken, de toetsen AAN/UIT en ©gelijktijdig ca. 5 seconden lang ingedrukt. Het opslaan in de Doctor's Function worden bevestigd met een lange signaaltoon.
De Doctor's Function annuleren:
Om het apparaat waar vrij te geven en werk gebruik te kunnen makeen van andere programma's, houdt u de beiden toetsen AAN/UIT en Hogmaals ca. 5 seconden lang ingedrukt (niet möglichtijdens de stimulatie). Het annuleren van de Doctor's Function worden bevestigd met een lange signaaltoon.
8. Reiniging en opslag
Kleefelektroden:
- Om een zo lang möglichd durend contact van de elektroden te garanderen,要去 denze met een vochtige, Plainsvrijde doek voorzichtig worden gereinigd.
- Plak de elektroden na gebruik wee op de folie.
Reiniging van het apparatus:
- Haal vór elke reiniging de batterijen uit het apparaat.
- Reinig het apparaat na gebruik met zachte,licht vochtige doek. Bij sterke veront reiniging kunt u de doek ook met een lichte zeepoplossing bevochtigen.
- Pas op dat er geen water in het apparaat komt. Gebruik, wonneer dit toch een koer macht gebeuren, het apparaat pas waar als het helemaal droog is.
- Gebruik voor het reinigen geen chemische reinigingsmiddelen of schuur middelen.
Bewaren:
- Verwijder de batterijen uit het apparaat wanner u deze gedurende langere tijd Niet gebruikt. Lekkende batterijen konnen het apparaat beschadigen.
Zorg dat er geen knikken zitten in de aansluitkabels en elektroden.
Haal de aansluitkabels los van de elektroden. - Plak de elektroden na gebruik weeper op de folie.
- Bewaar het apparatus op een koele, geventileerde plaats.
- Plaats geen zware objekten op het apparaat.
9. Verwijdering

Tips voor de omgang met batterijen
- Als vloeistof uit de batterijcel in aanraking komt met de huid of de ogen, moet u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.
- Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen hunnen batterijen inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar batterijen waarom buiten het bereik vankleine kinderen!
- Neem daanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-)) in起到
- Als er een batterij is gaan lekken, moet u veiligheidshandschoenen aantrekken en het batterijvak met een droge doek reinigen.
-
Bescherm de batterijen gegen overmatige hitte.
Explosiegevaar! Werp batterijen nicht in vuur. -
Batterijen mooten nicht worden opgeladen en nicht worden kortgesloten.
Haal de batterijen uit het batterijvak als u het apparaat langerearendigebruikt. - Gebruik alleen hetzelfde of een gelijkwaardig type batterij.
- Vervang altijd alle batterijen tegelijk.
- Gebruik geen oplaadbare batterijen!
- Haal batterijen Niet uit elkaar, open ze Niet en hak ze Niet inkleine stukken.
Verwijdering van batterijen
- Deponeer de gebruike, volledig lege batterijen in de waarvoort specifiek bestemde afvalbakken of biod ze bij het afvalwerkingssstation of de elektriciteitszaak aan als chemisch afval. U bent wettelijk verplicht de batterijen correct te verwijderen.
- Deze tekens=kunt u aantreffen op batterijen met schadelijke stoffen:
Pb = batterij bevat lood,
Cd = batterij bevat cadmium,
Hg = batterij bevat kwik.
Algemene informatie over verwijdering
Met het oog op het milieu mag het apparaat aan het einde van zich levensduur Niet met het gewone huisvuil worden weggegoid. Het verwijderen kan via gespecialiseerde verzamelpunten in uw land
gebeuren. Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijk voor afge-dankte elektrische en elektronische apparatuur - WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). Voor meer informatie(Intukt u contact opnemen met de verantwoordelijkste instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.


10. Problemen en probleemoplossing
Het apparaat gaat Niet aan bij het indrukken van de AAN/UIT-toets. Wat nu?
(1) Controlleren of de batterijen juist zijn geplaatst en contact maken.
(2) Eventueel de batterijen verrangen.
(3) Contact opnemen met de klantenservice.
De elektroden komen los van het lichaam. Wat nu?
(1) De klevende oppervlakken van de elektroden met een vochtige, pleasvrijde doek reinigen. Vervolgens latent drogen aan de lucht en opnieuw aanbrengen. Als de elektroden net als eerst Niet goed houden dan要去en zeworden verrangen.
(2) Voor elke toepassing de huid reinigen, vór de behandeling geen huidbalsem en verzorgende olie gebruiken. Scheren kan de houdbaarheid van de elektroden verlengen.
Het apparaat alotijdens de behandeling afwijkende signaaltonen horen. Wat nu?
(1) Kijk op de display, knippert een kanaal? Onderbreek het programme door op de AAN/UIT-toets te drukken. Controller of de aansluitkabels verbinding makes met de elektroden. Controller of de elektroden goed contact makes met het behandelgebied.
(2) Verzeker u ervan dat de stekker van de aansluitkabel goed met het apparaat is verbonden.
(3) Verwissel de verbindingskabel als de signaaltonen nicht ophouden met e knipperend kanaal.
(4) De display toont een knipperend batterijsignaal. Vervang alle batterijen.
Er is geen merkBare stimulatie. Wat nu?
(1) Als er een waarschuwingssignaal klinkt, de hierboven beschreiben stappen uitvoeren.
(2) Druk op de AAN/UIT-toets om het programme opnieuw te starten.
(3) Controller de elektrodenplaatsing en/of kijk of de kleefelektroden elkaar Niet overlappen.
(4) Verhoog stapsgewijs de impulsintensiteit.
(5) De batterijen zijn bijna leeg. Vervang deze.
U neemt een onaangenaam gevoel waar bij de elektroden. Wat nu?
(1) De elektroden zijn slecht geplaatst. Controller de plaatsing en herzie eventueel de positionering.
(2) De elektroden zijn versleten. Deze können als gevolg van een Niet longer gewaarborgde gelijkmatige, volledig vlakke stroomverdeling leiden tot huidirritaties. Vervang zeARAOM.
De huid van het behandelingsgebied wordt rood. Wat nu?
De behandeling onmiddelfijk stopzetten en wachten tot de huid is terugkeeerd maarhaarnormale toestand. Een snel afemende roodverkleuring van de huid onder de elektrode is oncevaarlijk en kan worden verklaard door de plaatselijk opgewekte sterkere doorbloeding.
Blijf de irritatie van de huid bestaan en ontstaat er eventuele jeg of een ontsteking dan moet u vóor verder gebruik uw arts raadplegen. De oorzaak is eventuele een allergie voor de kleefoppersvlakken.
Standaardgolfvorm; bifasische rechthoekimpulsen
Pulsduur: 40 - 250 μs
Pulsfrequentie: 1-120 Hz
Uitgangsspanning: max. 90 Vpp (bj 500 Ohm)
Uitgangsstroom: max. 180 mApp (bij 500 Ohm)
Spanningsvoorziening: 3x AA-batterijen
Behandelingsstijd: instelbaar van 5 tot 90 minutes
Intensiteit: instelbaar van 0 tot 15
Bedrijfsomstandigeden: 5^ - 40^ (41^ - 104^) bij een relatieve luchtvochtigkeit van 40-70%
Bewaaromstandigheden: 0^ - 40^ (32^ - 104^) bij een relatieve luchtvochtigheid van ≤ 90%
Transportomstandigheden: -25^ - 70^ (-13^ - 158^) , bij een relatieve luchtvochtigheid van ≤ 90%
Afmetingen: 170 × 125 × 48 ~mm
Gewicht: 235 g (zonder batterijen), 310 g (incl. batterijen)
Legenda: Gebruiksdeel type BF

Let op! Lees de gebruiksaanwijzing.


Door het apparaat hunnen effectieve uitgangswaarden worden afgegeven van gemiddeldeermeer dan 10mA bij elk interval van 5 seconden.
Het serienummer staat op het apparaat of in het batterijvak.
Aanwijzing: Bij gebruik van het instrument in afwijking van de specificaties kan nicht worden gegardeerd dat het instrument correct fonctioneert! Technische aanpassingen ter verbetering en verdere ontwikkeling van het product voorbehonden. Dit apparaat voldoet aan de Europese normen EN 60601-1 en EN 60601-1-2, maar ook EN 60601-2-10 (Overeenstemming met IEC 61000-4-2, IEC 61000-4-3, IEC 61000-4-4, IEC 61000-4-5, IEC 61000-4-6, IEC 610004-8, IEC 610004-11) en is onderworpen aan speciale
voorzichtigheidsmaatregelen betreffende de elektromagnetische compatibilitie. Let er.daar bij op dat draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur dit apparaat kan beinvloeden. Meer informatie is verkrijigbaar bij het vermelde adres van de klantenservice. Het apparaat is in overeenstemming met de eisen van de Europese Richtlij voor medische producten 93/42/EEC, de Wet op de Medische Producten. Voor dit apparaat zichen geen functiecontrole en uitleg nodig conform 5 van de Duitse verordering voor gebruikers van medische hulpmiddelen (MPBetreibV). Het is ook Niet nodig om veilighheidstechnische controles uit te voeren conform 6 van de Duitse verordering voor gebruikers van medische hulpmiddelen.
12. Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische compatibilititeit
WAARSCHUWING
- Het apparatus is geschikt voor gebruik in alle omgevingen die in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld, waaronder de thuisomgeving.
- Het apparaat kan bij de aanwezigheid van elektromagnetische storingen onder omstandigheden möglichk slechts beperkt worden gebruikt. Als gevolg waarvan hunnen bijv. foulmeldingen ontstaan of kan het display/ apparaat uityallen.
- Het gebruik van dit apparaat direct naast andere apparaten of met andere apparaten in gestapelde vorm moet worden vermeden, waar dit een onjuiste werkking tot gevolg kan hebben. Als gebruik op de hiervoord beschreven wijze moodzakelijk is,要去en dit apparaat en de andere apparaten in die gaten worden gezogen om er zeker van te zich dat ze correct werkken.
- Het gebruik van andere toebehoren dan de toebehoren die de fabrikant van dit apparaat vastgelegd of beschikbaar gesteld heeft, kan verhoogde elektron magnetische storingen of een verminderde bestandheid gegen storingen tot gevolg hebben, waardoor het apparaat möglichk Niet correct werkt.
- Als deze instructie Niet in acht worden genomen, kan dit de prestatiekenmer-ken van het apparaat negatif bevivloeden.
13. Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen
Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen zich onnder vermeling van het aangegeven productnummer verkrijgbaar via het betreffende servicepunt.
| Omschrijving Artikel-/bestelnummer | |
| 8x kleefelektroden (45 x 45 mm) 661.02 | |
| 4x kleefelektroden (50 x 100 mm) 661.01 |
14. Garantie/service
Meer informatatie over de garantie en de garantievoorwaarden vindt u in het meegeleverde garantieblad.
PORTUGUES
Indices
- O seuaporelho 145