BEURER EM 80 - Elektronische spierstimulator

EM 80 - Elektronische spierstimulator BEURER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis EM 80 BEURER in PDF-formaat.

📄 176 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice BEURER EM 80 - page 129
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BEURER

Model : EM 80

Categorie : Elektronische spierstimulator

Download de handleiding voor uw Elektronische spierstimulator in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EM 80 - BEURER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EM 80 van het merk BEURER.

GEBRUIKSAANWIJZING EM 80 BEURER

Szczegółowe informacje na temat gwarancji i warunków gwarancji znajdują się w załączonej ulotce gwarancyjnej. Zastrzega się prawo do pomyłek i zmian128 Inhoudsopgave NEDERLANDS Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Volg de waarschuwingen en veiligheidsrichtlijnen op. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik. Zorg ervoor dat de gebruiksaanwijzing toegankelijk is voor andere gebru- ikers. Geef als u het apparaat aan iemand anders geeft, ook de gebruiksaan- wijzing mee. Waarschuwing Waarschuwing voor situaties met verwondingsrisico’s of gevaar voor uw gezondheid Verpakking overeenkomstig de milieu-eisen verwijderen Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afge- dankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment)

Aanduiding voor de identificatie van het verpakkingsmateriaal. A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer: 1-6 = kunststoen, 20-22 = papier en karton

12. Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische

compatibiliteit ...................................................................................... 143

13. Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen .........143

4. Omschrijving van het apparaat ...........................................................133

6.5 Aanwijzingen voor het plaatsen van elektroden .......................... 138

7. Gebruik ...................................................................................................139

7.1 Aanwijzingen voor het gebruik .................................................... 139

programma’s) .............................................................................. 139129 Scheid de verpakkingscomponenten en voer het afval vol- gens de lokale voorschriften af. Scheid het product en de verpakkingscomponenten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af. Fabrikant CE-markering Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en nationale richtlijnen. Grenswaarden voor de temperatuur Grenswaarden voor de luchtvochtigheid Het apparaat mag niet worden gebruikt door personen met medische implantaten (zoals een pacemaker). De werking van deze implantaten kan anders negatief worden beïnvloed. Artikelnummer Importeursymbool Storage / Transport Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij opslag en transport Operating Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij gebruik Batterijen die schadelijke stoffen bevatten, mogen niet met het huisvuil worden weggegooid. Scheiding van de toegepaste delen type BF Galvanisch gescheiden toegepast deel (F staat voor floating), voldoet aan de eisen aan lekstromen voor type B.

De digitale TENS/EMS behoort tot de groep elektrische stimulatieapparaten. Het bevat drie basisfuncties die gecombineerd gebruikt kunnen worden:

1. De elektrische stimulatie van zenuwen (TENS)

2. De elektrische stimulatie van spierweefsel (EMS)

3. Een door elektrische signalen veroorzaakte massagewerking.

Bovendien beschikt het apparaat over vier onafhankelijke stimulatiekanalen en acht zelfklevende elektroden. Het apparaat biedt veelzijdig inzetbare functies ter bevordering van het algemeen welzijn, voor pijnverlichting, voor het onder

houden van de lichamelijke conditie, ontspanning, spierrevitalisering en het bestrijden van vermoeidheid. U kunt hiervoor een vooraf ingesteld programma kiezen of deze zelf vastleggen in overeenstemming met uw behoeften. Het werkingsprincipe van elektrische stimulatieapparaten is gebaseerd op het nabootsen van lichaamseigen impulsen die via elektroden op de huid naar de zenuw- en/of spiervezels worden geleid. De elektroden kunnen daarbij op vele lichaamsdelen worden aangebracht, waarbij de elektrische prikkels ongevaar

lijk en vrijwel pijnloos zijn. U voelt bij bepaalde toepassingen slechts een licht gekriebel of zachte vibraties. De naar het weefsel gestuurde elektrische impul- sen beïnvloeden de prikkelgeleiding in zenuwbanen maar ook in zenuwknopen en spiergroepen binnen het toepassingsgebied. De werking van de elektrostimulatie is doorgaans pas merkbaar na regelmatig herhaaldelijk gebruik. De elektrostimulatie van de spieren is geen vervanging voor regelmatig trainen, het is echter een praktische aanvulling op de werking hiervan. Met TENS, de transcutane elektrische zenuwstimulatie, verstaat men de via de huid werkende elektrische stimulatie van zenuwen. TENS is toegestaan130 als klinisch bewezen, werkzame, niet-medicamenteuze, bij juist gebruik bijwer- kingenvrije methode voor het behandelen van pijn door bepaalde oorzaken – en daarbij ook als eenvoudige thuisbehandeling. Het pijnverlichtende en/of pijnonderdrukkende effect wordt onder andere bereikt door het onderdrukken van het doorzenden van pijn in zenuwvezels (hierbij vooral met hoogfrequente impulsen) en het verhogen van de afgifte van lichaamseigen endorfine, dat het pijngevoel vermindert door haar werking in het centraal zenuwstelsel. De methode wordt wetenschappelijk ondersteund en is medisch erkend. Elk ziektebeeld, waarbij een TENS-behandeling nuttig is, moet zijn onderzocht door uw behandelend arts. Deze zal u ook aanwijzingen geven over het re

spectievelijke nut van een TENS-thuisbehandeling. TENS is voor de volgende toepassingen klinisch getest en goedgekeurd:

  • Rugpijn, in het bijzonder ook pijn in de onderrug en nekwervels.
  • Gewrichtspijn (bijv. kniegewricht, heupgewricht, schouder).
  • Neuralgie (zenuwpijn).
  • Pijn na letsel aan het bewegingsapparaat.
  • Pijn bij doorbloedingsstoornissen.
  • Chronische pijn door verschillende oorzaken. De elektrische spierstimulatie (EMS) is een algemeen bekende en erkende methode en wordt al jaren gebruikt bij de sport- en revalidatiegeneeskunde. Op het gebied van sport en lichamelijke conditie wordt EMS onder andere gebruikt als aanvulling op de traditionele spiertraining om het prestatievermogen van de spiergroepen te vergroten en om de lichaamsverhoudingen aan te passen aan de gewenste esthetische resultaten. Het gebruik van de EMS heeft twee kanten. Aan de ene kant kan een gerichte versterking van de spieren worden veroorzaakt (activerend gebruik) en aan de andere kant kan ook een ontspan- nende, herstellende werking (ontspannend gebruik) worden bereikt. Tot het activerende gebruik behoren:
  • Spiertraining ter vergroting van het uithoudingsvermogen en/of
  • Spiertraining ter ondersteuning van het versterken van bepaalde spieren of spiergroepen, om gewenste veranderingen te bereiken bij de lichaamsver- houdingen. Tot het ontspannende gebruik behoren:
  • Spierontspanning voor het losmaken van verkrampte spieren
  • Verbetering bij vermoeidheidsverschijnselen in de spieren
  • Het versnellen van het herstel van de spieren na hevige spierinspanning (bijv. na een marathon). De digitale TENS/EMS biedt door middel van de geïntegreerde massage- technologie bovendien de mogelijkheid spierverkrampingen te verminderen en vermoeidheidsverschijnselen te bestrijden met een qua gevoel en werking op een werkelijke massage gelijkend programma. Aan de hand van de positioneringsadviezen en programmatabellen in deze handleiding kunt u de apparaatinstellingen voor de betreffende toepassing (al naar het betreffende lichaamsdeel) en voor de beoogde werking snel en eenvoudig bepalen). Door de vier afzonderlijk afstelbare kanalen biedt de digitale TENS/EMS het voordeel dat de intensiteit van de impulsen onafhankelijk van elkaar kunnen worden afgestemd op meerdere te behandelen lichaamsdelen, bijvoorbeeld om op het lichaam beide zijden te bereiken of grotere weefseloppervlakken gelijkmatig te stimuleren. De individuele intensiteitsinstelling van elk kanaal zorgt ervoor dat u bovendien gelijktijdig tot wel vier verschillende lichaamsde

len kan behandelen, waardoor een tijdsbesparing wordt bereikt in vergelijking met opeenvolgende enkelvoudige behandelingen.

– 1x Digitaal TENS/EMS-apparaat – 2x aansluitkabel – 8x kleefelektroden (45 x 45 mm) – 3x AA-batterijen – deze gebruiksaanwijzing – 1x beknopte handleiding (elektrodenplaatsingsadviezen en toepassingsge- bieden) – 1x bewaartas Na te bestellen artikelen 8x kleefelektroden (45 x 45 mm), Art.nr. 661.02 4x kleefelektroden (50 x 100 mm), Art.nr. 661.01131

2. Belangrijke aanwijzingen

Het gebruik van dit apparaat vervangt niet een bezoek aan en behan- deling door een arts. Raadpleeg daarom bij elke vorm van pijn of ziekte ook altijd uw arts! WAARSCHUWING! Om schade aan de gezondheid te voorkomen wordt het gebruik van de digitale TENS/EMS in de volgende gevallen ten sterkste afgeraden:

  • Bij geïmplanteerde elektrische apparaten (zoals een pacemaker).
  • Bij aanwezigheid van metalen implantaten.
  • Bij insulinepompdragers.
  • Bij hoge koorts (bijv. > 39°C).
  • Bij bekende of acute hartritmestoornissen en andere prikkelvormings- en geleidingsstoornissen aan het hart.
  • Bij toevallen (bijv. epilepsie).
  • Bij een bestaande zwangerschap.
  • Na operaties, waarbij versterkte spiercontracties het genezingsproces kun

Mag niet worden gebruikt in de buurt van het hart. Stimulatie- elektroden mogen niet worden gebruikt op de borstkas (herkenbaar aan de ribben en het borstbeen), vooral niet bij de beide grote borstspieren. Dit verhoogt eventueel het risico op boezemfibrilleren en kan leiden tot een hartstilstand.

  • Op de schedel, in de buurt van de mond, de keelholte of het strottenhoofd.
  • Bij de hals / halsslagader.
  • In de buurt van de genitaliën.
  • Op een acuut of chronisch zieke (beschadigde of ontstoken) huid, (bijv. bij pijnlijke en pijnloze ontstekingen, rode verkleuringen, huiduitslag (bijv. alle gieën), verbrandingen, kneuzingen, zwellingen en open en helende won

den, op littekens van operaties betrokken bij de genezing).

  • In omgevingen met een hoge luchtvochtigheid zoals in de badkamer of in de buurt van een bad of douche.
  • Bij acute of chronische aandoeningen aan het maag-darmstelsel.
  • De stimulatie mag niet bij of op het hoofd worden uitgevoerd en ook niet direct op de ogen, op of nabij de mond en op de hals (vooral niet op of nabij de halsslagader). Stimulatie middels elektroden op de borst, op de bovenrug of op en nabij het hart is eveneens niet toegestaan.
  • Niet gebruiken na alcoholgebruik.
  • Bij gelijktijdige aansluiting op een chirurgisch instrument met een hoge frequentie. Raadpleeg vóór gebruik van het apparaat uw behandelend arts in het geval van:
  • Acute aandoeningen, in het bijzonder bij verdenking of het bestaan van een te hoge bloeddruk, bloedstollingsstoornissen, aanleg voor tromboemboli

sche aandoeningen en bij kwaadaardige weefselvorming.

  • Alle huidaandoeningen.
  • Niet opgehelderde chronische pijnsituaties onafhankelijk van het lichaams- deel.
  • Alle gevoeligheidsstoornissen met verminderde pijngewaarwording (zoals stofwisselingsstoornissen).
  • Gelijktijdig uitgevoerde medische behandelingen.
  • Tijdens de stimulatiebehandeling optredende klachten.
  • Aanhoudende huidirritaties als gevolg van langdurige stimulatie met elek- troden op dezelfde plaats. LET OP! Gebruik de digitale TENS/EMS uitsluitend:
  • Voor het doel waarvoor het is ontwikkeld en op de in de gebruiksaanwijzing aangegeven manier. Elk onjuist gebruik kan gevaarlijk zijn.
  • Voor uitwendige toepassingen.
  • Met de meegeleverde en na te bestellen originele accessoires, anders vervalt de garantie. VOORZORGSMAATREGELEN:
  • Trek de elektroden telkens voorzichtig van de huid om letsel te voorkomen bij een gevoelige huid.
  • Houd het apparaat uit de buurt van warmtebronnen en gebruik deze niet in de buurt (~1 m) van kortegolf- of microgolfapparaten (bijv. mobiele tele

foons), dit kan namelijk leiden tot onaangename stroomschokjes.

  • Stel het apparaat niet bloot aan direct in het zonlicht of hoge temperaturen.132
  • Bescherm het apparaat tegen stof, vuil en vocht. Dompel het apparaat in geen geval onder in water of een andere vloeistof.
  • Het apparaat is geschikt voor eigen gebruik.
  • De elektroden mogen uit hygiënische overwegingen maar voor één persoon gebruikt worden.
  • Stop onmiddellijk met het gebruik van het apparaat als deze niet correct functioneert, als u onwel wordt of als er pijn optreedt.
  • Schakel vóór het verwijderen of verplaatsen van elektroden het apparaat ofwel het bijbehorende kanaal uit om ongewenste prikkels te voorkomen.
  • Pas de elektroden niet aan (bijv. door ze bij te knippen). Dit leidt tot stroom

dichtheid en kan gevaarlijk zijn (max. aanbevolen uitgangswaarden voor de elektroden: 9 mA/cm², een effectieve stroomdichtheid boven 2 mA/cm² behoeft een grotere oplettendheid).

  • Niet tijdens de slaap, tijdens het besturen van een motorvoertuig of het bedienen van machines.
  • Niet gebruiken bij activiteiten waarbij een onvoorziene reactie (bijv. verster

kte spiercontractie ondanks een lage intensiteit) gevaarlijk kan worden.

  • Let op, dat tijdens de stimulatie geen metalen objecten, zoals riemgespen of halskettingen in contact kunnen komen met de elektroden. Als u in het toepassingsgebied sieraden of piercings (bijv. een navelpiercing) draagt, moet u deze vóór gebruik van het apparaat verwijderen. Deze kunnen namelijk leiden tot plaatselijke verbrandingen.
  • Houd het apparaat uit de buurt van kinderen om eventuele gevaren te vermijden.
  • Verwissel de elektrodenkabel niet met uw koptelefoon of andere apparaten en verbind de elektroden niet met andere apparaten.
  • Gebruik dit apparaat niet tegelijkertijd met andere apparaten die elektrische impulsen geven aan uw lichaam.
  • Niet gebruiken in de buurt van licht ontvlambare stoffen, gassen of explsi
  • Gebruik geen accu’s en gebruik uitsluitend hetzelfde soort batterijen.

Gebruik het apparaat de eerste minuten zittend of liggend om in zeldzame gevallen van een vagale reactie (een gevoel van flauwte) geen onnodig risico te lopen op verwondingen. Zet bij het optreden van een gevoel van flauwte het apparaat onmiddellijk uit en doe de benen omhoog (ca. 5 à 10 min.).

  • Het wordt afgeraden de huid voor te behandelen met vette crèmes of zalfjes – de elektroden slijten hierdoor veel sneller en het kan leiden tot ona
  • Gebruik het apparaat in twijfelgevallen met betrekking tot beschadigingen niet en neem contact op met uw dealer of met de vermelde klantenservice.
  • Controleer het apparaat op tekenen van slijtage of beschadiging. Als u der

gelijke tekenen waarneemt of als het apparaat onjuist wordt gebruikt, moet deze vóór verder gebruik naar de fabrikant of dealer worden gebracht.

  • Zet het apparaat onmiddellijk uit als het defect is of storingen optreden.
  • Probeer in geen geval het apparaat zelf te openen en/of te repareren! Laat reparaties uitsluitend uitvoeren door de klantenservice of een geautorise

erde dealer. Bij het niet naleven van de aanwijzingen vervalt de garantie.

  • De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaan door verkeerd gebruik. Informatie over Elektrostatische Ontlading (ESD) Let u erop dat u contrastekers, die voorzien zijn van het waarschuwingschildje Elektrostatische Ontlading, niet mag aanraken. Veiligheidsmaatregelen tegen Elektrostatische Ontlading: – Raak stekers/contrastekers, voorzien van het waarschuwingschildje Elektro statische Ontlading, niet met uw vingers aan! – Raak stekers/contrastekers, voorzien van het waarschuwingschildje Elek

trostatische Ontlading, niet met handgereedschap aan! Verdere uitleg over het waarschuwingschildje Elektrostatische Ontlading, alsmede beschikbare trainingen en de inhoud daarvan zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de klantenservice.

Elektrische stimulatieapparaten werken met de volgende stroominstellingen die naar gelang de instelling een uiteenlopende uitwerking hebben op het stimulerende effect:

Deze beschrijft de tijdfunctie van de prikkelingsstroom. Daarbij worden monofasische en bifasische pulsstromen van elkaar onderscheiden. Bij monofasische pulsstromen loopt de stroom in één richting, bij bifasische pulsen wisselt de prikkelstroom de richting af. Impulsin-tensiteit Monofasische puls Tijd Bifasische puls133 De digitale TENS/EMS beschikt uitsluitend over bifasische pulsstromen, om- dat deze de spier ontlasten en tot minder vermoeide spieren en een zekerder gebruik leiden.

3.2 Impulsfrequentie

De frequentie geeft het aantal afzonderlijke impulsen per seconde weer, de weergave is in Hz (hertz). Deze kan worden berekend als men de tegenwaarde van de tijds- periode berekent. De betreffende frequentie bepaalt welke spiervezeltypen reageren. Langzaam reagerende vezels reageren eerder op lage impulsfrequenties tot 15 Hz, snel reagerende vezels daarentegen reageren pas bij ca. 35 Hz en hoger. Bij impulsen van ca. 45-70 Hz ontstaat constante aanspanning van de spieren gekoppeld aan snellere spiervermoeidheid. Hogere impulsfrequen- ties moeten daarom bij voorkeur alleen worden gebruikt bij snelkracht- en maximaalkrachttraining.

Hiermee wordt de duur van één enkele impuls weerg- egeven in microseconden. De impulsbreedte bepaald daarbij onder andere de doordringdiepte van de stroom, waarbij over het algemeen geldt: bij een grotere spiermassa is een grotere impulsbreedte nodig.

3.4 Impulsintensität

De instelling van de intensiteitsgraad richt zich individueel op de subjectieve gevoeligheid van de betreffende gebru

iker en wordt door verschillende grootheden bepaald, zoals de toepassingsplaats, de doorbloeding van de huid, de dikte van de huid, maar ook de kwaliteit van het elektrodencontact. De prakti

sche instelling moet weliswaar werkzaam zijn, maar mag nooit onaangename gevoelens, zoals pijn op de toepassingsplaats veroorzaken. Hoewel een lichte kriebeling een toereikende stimulatie-energie aangeeft, moet elke instelling die tot pijn leidt worden vermeden. Bij langduriger gebruik kan afstellen achteraf nodig zijn als gevolg van tijdelijke aanpassingsprocessen op de toepassingsplaats.

De ON-time beschrijft de stimulatietijd van de cycli in seconden, maar ook de tijd van de cycli waarbij de impulsen worden doorgegeven aan het lichaam. De OFF-time daarentegen geeft de stimulatievrije tijd van de cycli aan in seconden.

3.6 Cyclusgestuurde impulsparametervariatie

In veel gevallen is het noodzakelijk alle weefselstructuren op de toepassings- plaats te bedekken door het gebruik van meerdere impulsparameters. Bij de digitale TENS/EMS vindt dit plaats doordat de beschikbare programma’s automatisch een cyclische impulsparameterverandering uitvoeren. Daardoor wordt ook de vermoeiing van afzonderlijke spiergroepen bij de toepassings

plaats voorkomen. De digitale TENS/EMS beschikt over praktische vooraf ingestelde instellingen voor de stroomparameters. Het is echter altijd mogelijk de impulsintensiteit te veranderen tijdens het gebruik en bij afzonderlijke programma’s kunt u bovendien de impulsfrequentie vooraf veranderen om zo de voor u meest aangename en/of succesvolle toepassing uit te voeren.

4. Omschrijving van het apparaat

4.1 Aanduiding van de onderdelen

Display (hoofdmenu):

Submenu’s TENS/EMS/MASSAGE B Frequentie (Hz); ON-time; Impulsbreedte C Impulsintensiteit D Batterij-indicator E Weergave GEHEUGEN F Timer-functie (weergave reste rende looptijd); OFF-time G Programma-/cyclusnummers H Weergave van de processtatus TijdsperiodeImpulsbreedte

  • 2x aansluitkabel (met 2 afzonderlijk regelbare kanalen, herkenbaar aan de verschillende kleuren)
  • 8x kleefelektroden (45 x 45 mm)

4.2 Functies van de toetsen

Elk druk op een toets wordt beantwoordt met een signaaltoon om het on- bedoeld drukken op een toets kenbaar te maken. Deze signaaltoon kan niet worden uitgeschakeld. (AAN/UIT) (1) Druk kort hierop om het apparaat aan te zetten. Als bij het aanzetten de toets 10 seconden lang wordt ingedrukt, dan schakelt het apparaat zich- zelf automatisch weer uit. (2) Onderbreking en voortzetting van de stimulatiebehandeling door eenvou- dig drukken = pauzemodus. (3) Het apparaat uitschakelen door lang indrukken (ca. 3 seconden). ▲ en ▼ (1) Selecteer (A) het behandelingsprogramma, (B) de behandelduur en (C) de frequentie, de impulsbreedte, het aantal cycli, de ON/OFF-time. (2) Met de DOWN-toets ▼ wordt tijdens een stimulatie de impulsintensiteit van alle kanalen verlaagd. MENU (1) Navigatie tussen de submenu’s TENS, EMS en MASSAGE. (2) Terugkeren naar (A) het programmakeuzevenster of (B) het hoofdmenu. ENTER (1) Menukeuze. (2) Bevestigen van een met UP/ DOWN gemaakte keuze, geselecteerde kanaalintensiteit. CH1

Instelling van de impulsintensiteit. Cycle Instellen, veranderen en bevestigen van het aantal cycli. μs (microseconden) Instellen, veranderen en bevestigen van de impulsbreedte van de afzonder

lijke cycli. Hz (Hertz) Instellen, veranderen en bevestigen van de impulsfrequentie van de afzon

derlijke cycli. (Cyclus-timer) Instellen, veranderen en bevestigen van de ON-/OFF-tijden van de afzonder

1. Verwijder het deksel van het batterijcompartiment aan de on-

derzijde van het apparaat. Open hiervoor het springslot.

2. Plaats 3 alkalinebatterijen AA 1,5 V. Let goed op of de bat-

terijen in overeen stemming met de tekens met de polen in de juiste richting zijn geplaatst.

3. Sluit vervolgens zorgvuldig het batterijcompartiment weer af.

4. Verbind de aansluitkabel met de elektroden (Afb. 1).

Aanwijzing: Voor een bijzonder eenvoudige verbinding zijn de elektroden voorzien van een clipsluiting.

5. Steek de stekker van de aansluitkabel in het contact aan de

achterzijde van het apparaat (Afb. 2).

Niet aan de kabels trekken, draaien of deze scherp buigen (Afb. 3). Afb. 1Afb. 2Afb. 3135

  • 10 MASSAGE-programma’s U hebt bij alle programma’s de mogelijkheid de gebruiksduur en bij elk van de vier kanalen de impulsintensiteit afzonderlijk in te stellen. Bovendien kunt u bij de TENS- en EMS-programma’s 11- 20 zowel de im

pulsfrequentie, de impulsbreedte, de ON- en OFF-time van de afzonderlijke cycli maar ook het aantal cycli veranderen, om de stimulatiewerking van de opbouw bij de toepassingsplaats fysiek aan te kunnen passen. Cycli zijn de verschillende sequenties waaruit het programma bestaat. Deze volgen elkaar automatisch op en vergroten de werkzaamheid van de stimula

tie op verschillende spiervezeltypen en gaan snelle spiervermoeidheid tegen. De standaardinstellingen van de stimulatieparameters en aanwijzingen voor de plaatsing van elektroden vindt u in de volgende programmatabellen voor TENS, EMS en MASSAGE.136

6.2 TENS-programma’s

Progr.- nr. Praktische toepassingsgebieden, indicaties Mogelijke elektrodenpla

3 + 13 Schouderpijn 07, 14 250 2 10 0 250 4 8 0 250 6 6 0 4 + 14 Pijn door reumatoïde artritis Zie aanwijzing 250 60 20 0 250 70 20 0 250 80 30 0 250 80 30 0 5 + 15 Lumbale klachten 22 250 80 20 0 250 80 20 0 250 75 4 0 250 10 20 0

6 + 16 Menstruatiepijn 08 250 40 30 0 250 45 30 0 250 55 30 0 250 60 30 0 7 + 17 Pijnprogramma I Zie aanwijzing 250 4 30 0 250 4 20 0 250 6 30 0 250 6 20 0

8 + 18 Kniepijn, pijn aan het spronggewricht, kapsel

blessures 09, 10 250 40 5 0 250 6 10 0 250 50 5 0 9 + 19 (Burst) Pijnprogramma II Zie aanwijzing 250 75 0,25 0,25 250 2 0,5 0 10 + 20 (Burst) Pijnprogramma III Zie aanwijzing 250 100 0,25 0,25 On time (sec.) = cyclus-inschakeltijd in seconden (contractie) – Off time (sec.) = cyclus-uitschakeltijd in seconden (ontspanning) Aanwijzing: De positie van de elektroden omsluit het pijnlijke gebied. Bij pijnlijke spiergroepen worden de elektroden om de betreffende spier gegroepeerd. Bij gewrichtspijn moet het gewricht zowel aan de voor- en achterzijde als aan de rechter- en linkerzijde worden omsloten door elektroden, als de afstanden tussen de elektroden dit toestaan. De afstand tussen de elektroden moet minimaal 5 cm en mag maximaal 15 cm zijn. Houd u aan het op afbeelding 9 en 10 getoonde met betrekking tot het knie en spronggewricht. Burst-programma’s zijn geschikt voor alle plaatsen die met wisselende signaalpatronen worden behandeld (voor een zo laag mogelijke gewenning).137

Progr.- nr. Praktische toepassingsgebieden, indicaties Mogelijke elektrodenpla

spieren (o.a. biceps), voorste en achterste onderarm

Progr.-nr. Massagevorm 1 Klop- en grijpmassage 2 Kneed- en grijpmassage 3 Klopmassage 4 Drukmassage en massage voor de zijkanten van de handen 5 Drukmassage en massage voor de zijkanten van de handen 6 Schudmassage 7 Klopmassage (wisseling tussen elektroden) 8 Massagestraal (wisseling tussen elektroden) 9 Drukmassagestraal (wisseling tussen elektroden) 10 Combiprogramma (wisseling tussen elektroden) De plaatsing van de elektroden kan zo worden gekozen dat deze de betref

fende spiersegmenten omsluiten. Voor een optimale werking mag de afstand tussen de elektroden niet groter zijn dan ca. 15 cm. De elektroden mogen niet worden gebruikt bij de voorste wand van de borstkas, d.w.z. de linker en rechter grote borstspier mogen niet gemasseerd worden.

6.5 Aanwijzingen voor het plaatsen van elektroden

Een doelmatige plaatsing van de elektroden is belangrijk voor het beoogde resultaat van een stimulatietoepassing. Wij raden u aan de optimale elektro

denposities bij het voor u beoogde toepassingsgebied te overleggen met uw arts. De voorgestelde elektrodenplaatsing op de achterkant van de omslag dient als leidraad (afbeeldingen 1- 28). De volgende aanwijzingen gelden bij de keuze van het plaatsen van de elektroden: De elektrodenafstand Hoe groter de gekozen afstand tussen de elektroden, hoe groter het gestimu

leerde weefselvolume. Dit geldt voor de vlakken en de diepte van het weefsel- volume. Tegelijkertijd neemt echter de stimulatiesterkte van het weefsel af met een grotere elektrodenafstand. Dit betekent dat bij het kiezen van een grotere elektrodenafstand weliswaar een groter volume wordt gestimuleerd, maar dat deze minder sterk gestimuleerd wordt. Om de stimulatie te vergroten moet dan de impulsintensiteit worden verhoogd. Als richtlijn voor de keuze van de elektrodenafstand geldt het volgende:

  • meest doelmatige afstand; ca. 5 -15 cm.
  • bij minder dan 5 cm worden voornamelijk oppervlakkige structuren sterk gestimuleerd.
  • bij meer dan 15 cm worden grote en diepe structuren zeer licht gestimuleerd. Elektrodenverbinding bij de spiervezelstructuur De keuze van de stroomrichting moet in overeenstemming met de gewenste spierlaag van de vezelstructuur van de spieren worden aangepast. Als op- pervlakkige spieren moeten worden bereikt dan moet de elektrodenplaatsing parallel aan de vezelstructuur worden uitgevoerd (S. 2, Afb. 16; 1A-1B/2A-2B). Als diepe weefsellagen moeten worden bereikt dan moet de elektrodenplaatsing dwars met de vezelstructuur worden uitgevoerd (S. 2, Afb. 16; 1A-2A/1B-2B). Het laatstgenoemde kan bijvoorbeeld worden bereikt aan de hand van een kruislingse (=dwarse) elektrodenrangschikking, bijv. S. 2, Afb. 16; 1A-2B/2A-1B. Ken de kabelkleuren toe aan de kanalen. De witte kabel behoort bij kanaal CH1/3 en de grijze kabel behoort bij kanaal CH2/4. Bij het behandelen van pijn (TENS) door middel van de digitale TENS/EMS met zijn 4 afzonderlijk regelbare kanalen met elk 2 kleefelektroden is het raadzaam de elektroden van een kanaal zo aan te leggen dat het pijnpunt tussen de elektroden ligt óf u plaatst één elektrode direct op het pijnpunt en de andere minstens 2-3 cm verderop. De elektroden van het andere kanaal kunnen gelijktijdig worden gebruikt voor het behandelen van andere punten, maar kunnen ook samen met de elektroden van het eerste kanaal worden gebruikt voor het afbakenen van het pijnbereik (tegenover elkaar). Hierbij is een kruislingse rangschikking ook weer nuttig. Tip voor de massagefunctie: gebruik voor een optimale behandeling altijd alle elektroden. Gebruik de elektroden op een schone, mogelijk haarloze en vetvrije huid om de houdbaarheid te verlengen. Reinig zo nodig voor gebruik de huid met water en verwijder eventuele haren. CH1 CH2 CH3 CH4139 Als een elektrode tijdens het gebruik loslaat, dan gaat de impulsintensiteit van dit kanalen naar de laagste stand. Druk op de AAN/UIT-toets om de pauzemodus te bereiken, plaats de elektrode opnieuw en ga verder met het gebruik door opnieuw op de AAN/UIT-toets te drukken en stel de gewenste impulsintensiteit in.

7.1 Aanwijzingen voor het gebruik

  • Als het apparaat 3 minuten lang niet wordt gebruikt, dan gaat deze automatisch uit (automatische uitschakeling). Bij het opnieuw aanzetten verschijnt het LCD-scherm van het hoofdmenu, waarbij het laatst gebruikt submenu knippert.
  • Als een toegestane toets wordt ingedrukt dan klinkt een korte pieptoon, als een niet toegestane toets wordt ingedrukt worden twee korte pieptonen uitgezonden.
  • Kies bij de programmatabellen een voor uw doelen geschikt programma.
  • Plaats de elektroden in het doelgebied en verbind deze met het apparaat. Daarbij kunnen de overeenkomende plaat- singsadviezen u helpen.
  • Druk op de AAN/UIT-toets om het apparaat aan te zetten.
  • Navigeer door op MENU te drukken door de submenu’s (TENS/EMS/MASSAGE) en bevestig uw keuze met ENTER (Afb. 1, voorbeeld displayweergave TENS).
  • Kies met de UP/DOWN-toetsen het door u gewenste pro- gramma en bevestig met ENTER (Afb. 2, voorbeeld display- weergave TENS-programma nr. 01).
  • Kies met de UP/DOWN-toetsen de totale behandelingstijd en bevestig met ENTER (Afb. 3, voorbeeld behandelduur 30 mi- nuten). Het apparaat bevindt zich in de wachtmodus (Afb. 4).
  • Druk op AAN/UIT om met de stimulatiebehandeling te beginnen. De weergave van de processtatus begint te wisselen en de impulsfrequentie en de impulsbreedte verschijnen om en om (Afb. 5 en 6).
  • Kies de voor u meest aangename impulsintensiteit door op de toetsen CH1±, CH2±, CH3±, CH4± te drukken. De weergave van de impulsintensiteit past zich overeenkomstig aan.

7.3 Verloop van de TENS/EMS-programma’s 11 tot 20 (individu-

ele programma’s) De programma’s 11 tot 20 zijn vooraf ingestelde programma’s, die u daarnaast kunt individualiseren. U hebt hier de mogelijkheid de impulsfrequentie, de impuls- breedte en ook de ON- en OFF-time van de afzonderlijke cycli in te stellen.

  • Kies bij de programmatabellen een voor uw doelen geschikt programma.
  • Plaats de elektroden in het doelgebied en verbind deze met het apparaat. Daarbij kunnen de overeenkomende plaatsingsadviezen u helpen.
  • Druk op de AAN/UIT-toets om het apparaat aan te zetten.
  • Navigeer door op MENU te drukken door de submenu’s (TENS/EMS/MASSAGE) en bevestig uw keuze met ENTER (Afb. 1, voorbeeld displayweergave TENS).
  • Kies met de UP/DOWN-toetsen het door u gewenste pro- gramma en bevestig met ENTER (Afb. 2, voorbeeld display- weergave TENS-programma nr. 11).
  • Het aantal cycli C verschijnt (Afb. 3, bijv. 5 cycli). Druk op de UP/DOWN-toetsen om deze te veranderen en bevestig door op CYCLE of ENTER te drukken. Het aantal cycli kan ook worden gewijzigd gedurende de andere programmeringsstappen door op CYCLE te druk- ken, met UP/DOWN het gewenste aantal cycli te kiezen en te bevestigen met CYCLE of ENTER.
  • Voor het instellen van de impulsbreedte drukt u op de „μs“- toets, kies uw instelling met UP/DOWN en bevestig weer met de „μs“-toets. Ga bij elke cyclus analoog te werk (Afb. 4). Afb. 1 Afb. 2 Afb. 3 Afb. 4 Afb. 5 Afb. 6 Afb. 3 Afb. 4 Afb. 2 Afb. 1140
  • De impulsfrequentie stelt u in door op „Hz“ te drukken. Kies uw instelling met UP/DOWN en bevestig door opnieuw of de „Hz“-toets te drukken. Ga bij elke cyclus analoog te werk (Afb. 5).
  • Druk op de -toets voor het instellen van de betreffende ON- en OFF-time van de afzonderlijke cycli. Kies uw instel- ling met UP/DOWN en bevestig door opnieuw of de -toets te drukken. Ga bij elke cyclus analoog te werk (Afb. 6). Aanwijzing: U bereikt geen ontspanning tijdens afzonderlijk cycli als u de OFF-time op „00“ zet.
  • Houd de ENTER-toets ca. 2 seconden ingedrukt en u komt bij de behandelingstijd. Kies dan de gewenste behandelings- tijd met de UP/DOWN-toetsen en bevestig met ENTER (Afb. 7, voorbeeld behandelduur 30 minuten).
  • Het apparaat bevindt zich in de wachtmodus (Afb. 8).
  • Druk op AAN/UIT om met de stimulatiebehandeling te begin- nen. De weergave van de processtatus begint te wisselen en de impulsfrequentie en de impulsbreedte verschijnen om en om (Afb. 9).
  • Kies de voor u meest aangename impulsintensiteit door op de toetsen CH1±, CH2±, CH3±, CH4± te drukken. De weer- gave van de impulsintensiteit past zich overeen komstig aan. Aanwijzing: Uw geïndividualiseerde programma-instellingen worden opgeslagen en de volgende keer automatisch opgeroepen.
  • DOWN-toets ▼ : de intensiteit van alle kanalen wordt verlaagd. De stimulatie onderbreken Druk op de AAN/UIT-toets. Door opnieuw te drukken wordt de toepassing weer voortgezet. Een kanaal volledig afsluiten Druk op CH- tot het kanaal op de laagste intensiteit staat. Houd de toets vervolgens ingedrukt tot deze niet meer wordt weergegeven in de display. Als u de bijbehorende CH+-toets indrukt, wordt het kanaal opnieuw geacti veerd. De toepassing veranderen (alle of afzonderlijke parameters)
  • AAN/UIT: de stimulatie onderbreken.
  • MENU: terug naar het programmakeuzevenster en/of het hoofdmenu.
  • Het instellen van de gewenste parameters. Bevestig met ENTER. AAN/UIT voor het voortzetten van de toepassing.

7.5 Doctor’s Function

De Doctor’s Function is een speciale instelling waarmee u nog eenvoudiger en gerichter uw geheel persoonlijke programma oproepen kunt. Uw individuele programma-instelling wordt onmiddellijk bij het aanzetten opgeroepen in de wachtmodus en door eenvoudig op AAN/UIT te drukken geactiveerd. De instelling van dit individuele programma kan daarbij bijvoorbeeld het advies van uw arts volgen. Bij de Doctor’s Function kan tijdens de stimulatiebehandeling alleen de impulsintensiteit worden veranderd. Alle andere parameters en programma’s van de digitale TENS/EMS zijn in dit geval geblokkeerd en kunnen niet worden veranderd en/of worden opgeroepen. Het instellen van de Doctor’s Function:

  • Kies uw programma en de bijbehorende instellingen zoals onder 7.2 en/of

7.3 staat beschreven.

Houd, vóór u het programma activeert door op de AAN/UIT-toets te drukken, de toetsen AAN/UIT en gelijktijdig ca. 5 seconden lang ingedrukt. Het opslaan in de Doctor’s Function wordt bevestigd met een lange signaaltoon. De Doctor’s Function annuleren: Om het apparaat weer vrij te geven en weer gebruik te kunnen maken van andere programma’s, houdt u de beide toetsen AAN/UIT en nogmaals ca. 5 seconden lang ingedrukt (niet mogelijk tijdens de stimulatie). Het annuleren van de Doctor’s Function wordt bevestigd met een lange signaaltoon. Afb. 5 Afb. 6 Afb. 7 Afb. 8 Afb. 9141

Om een zo lang mogelijk durend contact van de elektroden te garanderen, moeten deze met een vochtige, pluisvrije doek voorzichtig worden gereinigd.

  • Plak de elektroden na gebruik weer op de folie. Reiniging van het apparaat:
  • Haal vóór elke reiniging de batterijen uit het apparaat.

Reinig het apparaat na gebruik met zachte, licht vochtige doek. Bij sterke ve- ront reiniging kunt u de doek ook met een lichte zeepoplossing bevochtigen.

  • Pas op dat er geen water in het apparaat komt. Gebruik, wanneer dit toch een keer mocht gebeuren, het apparaat pas weer als het helemaal droog is.
  • Gebruik voor het reinigen geen chemische reinigingsmiddelen of schuu middelen. Bewaren:
  • Verwijder de batterijen uit het apparaat wanneer u deze gedurende langere tijd niet gebruikt. Lekkende batterijen kunnen het apparaat beschadigen.
  • Zorg dat er geen knikken zitten in de aansluitkabels en elektroden.
  • Haal de aansluitkabels los van de elektroden.
  • Plak de elektroden na gebruik weer op de folie.
  • Bewaar het apparaat op een koele, geventileerde plaats.
  • Plaats geen zware objecten op het apparaat.

Tips voor de omgang met batterijen

  • Als vloeistof uit de batterijcel in aanraking komt met de huid of de ogen, moet u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.

Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen kunnen batterijen inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar batterijen daarom buiten het bereik van kleine kinderen!

  • Neem de aanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-)) in acht.
  • Als er een batterij is gaan lekken, moet u veiligheidshandschoenen aantrekken en het batterijvak met een droge doek reinigen.

Explosiegevaar! Werp batterijen niet in vuur.

  • Batterijen mogen niet worden opgeladen en niet worden kortgesloten.
  • Haal de batterijen uit het batterijvak als u het apparaat langere tijd niet gebruikt.
  • Gebruik alleen hetzelfde of een gelijkwaardig type batterij.
  • Vervang altijd alle batterijen tegelijk.
  • Gebruik geen oplaadbare batterijen!
  • Haal batterijen niet uit elkaar, open ze niet en hak ze niet in kleine stukken. Verwijdering van batterijen
  • Deponeer de gebruikte, volledig lege batterijen in de daarvoor specifiek bestemde afvalbakken of bied ze bij het afvalverwerkingsstation of de elektriciteitszaak aan als chemisch afval. U bent wettelijk verplicht de bat

terijen correct te verwijderen.

  • Deze tekens kunt u aantreffen op batterijen met schadelijke stoffen: Pb = batterij bevat lood, Cd = batterij bevat cadmium, Hg = batterij bevat kwik. Algemene informatie over verwijdering Met het oog op het milieu mag het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil worden weggegooid. Het verwijderen kan via gespecialiseerde verzamelpunten in uw land gebeuren. Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afge- dankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electri- cal and Electronic Equipment). Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de verantwoordelijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.

10. Problemen en probleemoplossing

Het apparaat gaat niet aan bij het indrukken van de AAN/UIT-toets. Wat nu? (1) Controleren of de batterijen juist zijn geplaatst en contact maken. (2) Eventueel de batterijen vervangen. (3) Contact opnemen met de klantenservice. De elektroden komen los van het lichaam. Wat nu? (1) De klevende oppervlakken van de elektroden met een vochtige, pluisvrije doek reinigen. Vervolgens laten drogen aan de lucht en opnieuw aan

brengen. Als de elektroden net als eerst niet goed houden dan moeten ze worden vervangen.142 (2) Voor elke toepassing de huid reinigen, vóór de behandeling geen huidbal- sem en verzorgende olie gebruiken. Scheren kan de houdbaarheid van de elektroden verlengen. Het apparaat laat tijdens de behandeling afwijkende signaaltonen horen. Wat nu? (1) Kijk op de display, knippert een kanaal? Onderbreek het programma door op de AAN/UIT-toets te drukken. Controleer of de aansluitkabels verbinding maken met de elektroden. Controleer of de elektroden goed contact maken met het behandelgebied. (2) Verzeker u ervan dat de stekker van de aansluitkabel goed met het ap- paraat is verbonden. (3) Verwissel de verbindingskabel als de signaaltonen niet ophouden met een knipperend kanaal. (4) De display toont een knipperend batterijsignaal. Vervang alle batterijen. Er is geen merkbare stimulatie. Wat nu? (1) Als er een waarschuwingssignaal klinkt, de hierboven beschreven stappen uitvoeren. (2) Druk op de AAN/UIT-toets om het programma opnieuw te starten. (3) Controleer de elektrodenplaatsing en/of kijk of de kleefelektroden elkaar niet overlappen. (4) Verhoog stapsgewijs de impulsintensiteit. (5) De batterijen zijn bijna leeg. Vervang deze. U neemt een onaangenaam gevoel waar bij de elektroden. Wat nu? (1) De elektroden zijn slecht geplaatst. Controleer de plaatsing en herzie eventueel de positionering. (2) De elektroden zijn versleten. Deze kunnen als gevolg van een niet langer gewaarborgde gelijkmatige, volledig vlakke stroomverdeling leiden tot huidirritaties. Vervang ze daarom. De huid van het behandelingsgebied wordt rood. Wat nu? De behandeling onmiddellijk stopzetten en wachten tot de huid is terugge

keerd naar haar normale toestand. Een snel afnemende roodverkleuring van de huid onder de elektrode is ongevaarlijk en kan worden verklaard door de plaatselijk opgewekte sterkere doorbloeding. Blijft de irritatie van de huid bestaan en ontstaat er eventueel jeuk of een ontsteking dan moet u vóór verder gebruik uw arts raadplegen. De oorzaak is eventueel een allergie voor de kleefoppervlakken.

11. Specifiche tecniche

Naam en model: EM80 Standaardgolfvorm; bifasische rechthoekimpulsen Pulsduur: 40 - 250 μs Pulsfrequentie: 1-120 Hz Uitgangsspanning: max. 90 Vpp (bij 500 Ohm) Uitgangsstroom: max. 180 mApp (bij 500 Ohm) Spanningsvoorziening: 3x AA-batterijen Behandelingstijd: instelbaar van 5 tot 90 minuten Intensiteit: instelbaar van 0 tot 15 Bedrijfsomstandigheden: 5°C - 40°C (41°F -104 °F) bij een relatieve luchtvochtigheid van 40 -70 % Bewaaromstandigheden: 0°C - 40°C (32°F -104°F) bij een relatieve luchtvochtigheid van ≤ 90 % Transport omstandigheden: -25 °C - 70 °C (-13 °F - 158 °F), bij een relatieve luchtvochtigheid van ≤ 90 % Afmetingen: 170 x 125 x 48 mm Gewicht: 235 g (zonder batterijen), 310 g (incl. batterijen) Legenda: Gebruiksdeel type BF Let op! Lees de gebruiksaanwijzing. Door het apparaat kunnen effectieve uitgan gswaarden worden afgegeven van gemiddeld

meer dan 10 mA bij elk interval van 5 seconden. Het serienummer staat op het apparaat of in het batterijvak. Aanwijzing: Bij gebruik van het instrument in afwijking van de specificaties kan niet worden gegarandeerd dat het instrument correct functioneert! Technische aanpassingen ter verbetering en verdere ontwikkeling van het product voorbehouden. Dit apparaat voldoet aan de Europese normen EN 60601-1 en EN 60601-1-2, maar ook EN 60601-2-10 (Overeenstemming met IEC 61000-4-2, IEC 61000-4-3, IEC 61000-4-4, IEC 61000-4-5, IEC 61000-4-6, IEC 610004-8, IEC 610004-11) en is onderworpen aan speciale143 voorzichtigheidsmaatregelen betreffende de elektromagnetische compatibili- teit. Let er daarbij op dat draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur dit apparaat kan beïnvloeden. Meer informatie is verkrijgbaar bij het vermelde adres van de klantenservice. Het apparaat is in overeenstemming met de eisen van de Europese Richtlijn voor medische producten 93/42/EEC, de Wet op de Medische Producten. Voor dit apparaat zijn geen functiecontrole en uitleg nodig conform §5 van de Duitse verordening voor gebruikers van medische hulpmiddelen (MPBetreibV). Het is ook niet nodig om veiligheidstechnische controles uit te voeren conform §6 van de Duitse verordening voor gebruikers van medische hulpmiddelen.

12. Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische

compatibiliteit WAARSCHUWING

  • Het apparaat is geschikt voor gebruik in alle omgevingen die in deze gebru- iksaanwijzing worden vermeld, waaronder de thuisomgeving.
  • Het apparaat kan bij de aanwezigheid van elektromagnetische storingen onder omstandigheden mogelijk slechts beperkt worden gebruikt. Als gevolg daarvan kunnen bijv. foutmeldingen ontstaan of kan het display/ apparaat uitvallen.
  • Het gebruik van dit apparaat direct naast andere apparaten of met andere apparaten in gestapelde vorm moet worden vermeden, omdat dit een onjui- ste werking tot gevolg kan hebben. Als gebruik op de hiervoor beschreven wijze noodzakelijk is, moeten dit apparaat en de andere apparaten in de gaten worden gehouden om er zeker van te zijn dat ze correct werken.
  • Het gebruik van andere toebehoren dan de toebehoren die de fabrikant van dit apparaat vastgelegd of beschikbaar gesteld heeft, kan verhoogde elek- tromagnetische storingen of een verminderde bestandheid tegen storingen tot gevolg hebben, waardoor het apparaat mogelijk niet correct werkt.
  • Als deze instructie niet in acht wordt genomen, kan dit de prestatiekenmer- ken van het apparaat negatief beïnvloeden.

13. Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige

onderdelen Reserveonderdelen en aan slijtage onderhevige onderdelen zijn onder ver- melding van het aangegeven productnummer verkrijgbaar via het betreende servicepunt. Omschrijving Artikel-/bestelnummer 8x kleefelektroden (45 x 45 mm) 661.02 4x kleefelektroden (50 x 100 mm) 661.01