DEWALT DW077 - Laserpointer

DW077 - Laserpointer DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DW077 DEWALT in PDF-formaat.

📄 168 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice DEWALT DW077 - page 84
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DEWALT

Model : DW077

Categorie : Laserpointer

Download de handleiding voor uw Laserpointer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DW077 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DW077 van het merk DEWALT.

GEBRUIKSAANWIJZING DW077 DEWALT

Gefeliciteerd! U heeft gekozen voor een machine van DEWALT. Jarenlange ervaring, voortdurende produktontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een betrouwbare partner voor de professionele gebruiker. Technische gegevens DW077 Spanning V 9,6/12/14,4/18 Rotatiesnelheid min

0/10/80/280/800 Laserklasse 3R Beveiligingsklasse IP54 Nauwkeurigheid mm/m +/- 0,1 Uitlijningsbereik ° +/- 5 Bedrijfstemperatuur °C -5 - +45 Schroefdraad opname 5/8" x 11 Gewicht (zonder accu) kg 2,5 Accu DE9095 DE9503 Type accu NiCd NiMH Spanning V 18 18 Gewicht kg 1,1 1,1 Oplader DE9116 Netspanning V

Oplaadduur (ca.) min 60 Gewicht kg 0,4 Zekeringen: 230 V machines 10 A In deze handleiding worden de volgende pictogrammen gebruikt: Duidt op mogelijk lichamelijk letsel, levensgevaar of kans op beschadiging van de machine indien de instructies in deze handleiding worden genegeerd. Geeft elektrische spanning aan. Brandgevaar. EG-Verklaring van overeenstemming DW077 DEWALT verklaart dat deze elektrische machines in overeenstemming zijn met: 98/37/EEG, 89/336/EEG, 73/23/EEG, EN 60335, EN 55014-1, EN 55014-2, EN 61000-3-2, EN 61000-3-3, EN 60825-1 & EN 61010-1. Neem voor meer informatie contact op met DEWALT, zie het adres hieronder of op de achterkant van deze handleiding. DW077

(geluidsdruk) dB(A)* < 70 Gewogen kwadratische gemiddelde waarde van de versnelling m/s

  • op de werkplek Director Engineering and Product Development Horst Großmann DEWALT, Richard-Klinger-Straße 11, D-65510, Idstein, Duitsland85 NEDERLANDS Veiligheidsinstructies Neem bij het gebruik van elektrische machines altijd de plaatselijk geldende veiligheids- voorschriften in acht in verband met brandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door voordat u met de machine gaat werken. Zie ook de handleiding van iedere andere elektrische machine die bij de werkzaamheden met deze machine worden gebruikt. Bewaar deze instructies zorgvuldig! Algemeen 1 Zorg voor een opgeruimde werkomgeving Een rommelige werkomgeving kan tot ongelukken leiden. 2 Houd rekening met omgevingsinvloeden Stel elektrische machines niet bloot aan vocht. Zorg dat de werkomgeving goed is verlicht. Gebruik elektrische machines niet in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen. 3 Bescherming tegen elektrische schok Vermijd lichamelijk contact met geaarde voorwerpen (bijv. buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten). Onder extreme werkomstandigheden (bijv. hoge vochtigheid, ontwikkeling van metaalstof, enz.) kan de elektrische veiligheid door een scheidingstransformator of een aardlek- (FI-)schakelaar voor te schakelen, verhoogd worden. 4 Houd kinderen uit de buurt Laat kinderen niet aan de machine of het verlengsnoer komen. Onder 16 jaar is supervisie verplicht. 5 Gebruik de juiste machine Het gebruik volgens bestemming is beschreven in deze handleiding. Gebruik geen lichte machine of hulpstukken voor het werk van zware machines. De machine werkt beter en veiliger indien u deze gebruikt voor het beoogde doel. Waarschuwing! Gebruik ter voorkoming van lichamelijk letsel uitsluitend de in deze gebruiksaanwijzing aanbevolen accessoires en hulpstukken. Gebruik de machine uitsluitend voor het beoogde doel. 6 Onderhoud de machine met zorg Houd de machine schoon om beter en veiliger te kunnen werken. Houdt u aan de instructies met betrekking tot het onderhoud en het vervangen van accessoires. Controleer regelmatig het snoer en laat dit bij beschadigingen door een erkend DEWALT Service-center repareren. Controleer het verlengsnoer regelmatig en vervang het in geval van beschadiging. Houd de bedieningsorganen droog en vrij van olie en vet. 7 Berg de machine veilig op Berg niet in gebruik zijnde elektrische machines op in een droge, zorgvuldig afgesloten ruimte, buiten het bereik van kinderen. 8 Controleer de machine op beschadigingen Controleer de machine vóór gebruik zorgvuldig op beschadigingen om er zeker van te zijn dat deze naar behoren zal functioneren. Controleer of de bewegende delen niet klemmen, verdraaid of gebroken zijn. Ga na of de accessoires en hulpstukken correct zijn gemonteerd en of aan alle andere voorwaarden voor een juiste werking is voldaan. Ga bij vervanging of reparatie van beschadigde veiligheidsinrichtingen of defecte onderdelen te werk zoals aangegeven. Gebruik geen machine waarvan de schakelaar defect is. Laat de schakelaar vervangen door een erkend DEWALT Service-center. 9 Verwijder de accu Verwijder de accu wanneer u de machine niet gebruikt, alvorens onderhoud te verrichten of hulpstukken te verwisselen. 10 Wendt u voor reparaties tot een erkend DEWALT Service-center Deze elektrische machine voldoet aan alle geldende veiligheidsvoorschriften. Ter voorkoming van ongevallen mogen reparaties uitsluitend door daartoe bevoegde technici worden uitgevoerd. Aanvullende veiligheidsinstructies voor lasers
  • Deze laser voldoet aan klasse 3R volgens DIN EN 60825-1:2001-11 (max. 5 nW, 600-680 nm). Vervang de laserdiode niet door een ander type. Laat de laser bij beschadigingen door een erkend servicecentrum repareren. Het installeren, afstellen en bedienen van de laser is uitsluitend toegestaan voor de daartoe bevoegde en opgeleide personen.86 NEDERLANDS De omgeving waarin een klasse-3R-laser wordt gebruikt dient te zijn aangegeven door middel van een geschikt waarschuwingsbord.
  • Gebruik de laser niet voor enig ander doel dan het projecteren van lijnen.
  • Controleer vóór het eerste gebruik dat de veiligheidswaarschuwingen op het label in uw taal zijn opgesteld. Gebruik de machine niet indien het de waarschuwingen niet in uw taal draagt!
  • Verwijder geen enkele van de waarschuwingslabels op de machine.
  • Laat geen kinderen aan de laser komen. Omdat de straal van de klasse-3R-laser over een lange afstand een hoge zichtbaarheid geeft, blijft het potentiele risico van schade aan de ogen onveranderd binnen het toepassingsbereik.
  • Kijk nooit direct en opzettelijk in de laserstraal.
  • Schijn met de laserstraal nooit in de ogen van andere personen.
  • Gebruik geen optische middelen om de laserstraal te bekijken, tenzij meer bepaald goedgekeurd door een laserbeambte.
  • Plaats de machine in een opstelling waarbij de laserstraal personen niet op ooghoogte kan kruisen. Wees extra alert voor de aanwezigheid van trappen en spiegelende oppervlakken. Extra veiligheidsrichtlijnen voor accu’s Brandgevaar! Voorkom kortsluiting tussen de contactpunten van een losse accu. Bewaar of verplaats de accu niet zonder dat de meegeleverde afdekdop over de contactpunten is geplaatst.
  • De accuvloeistof bestaat uit een 25-30 % oplossing van kalium hydroxide en kan gevaarlijk zijn. Indien accuvloeistof met de huid in aanraking is gekomen, spoel dan de huid onmiddellijk met water af. Neutraliseer de vloeistof met een zwak zuur zoals citroensap of azijn. Indien de accuvloeistof in de ogen is gekomen, spoel de ogen dan gedurende minimaal 10 minuten met schoon stromend water. Raadpleeg vervolgens een arts.
  • Probeer nooit een accu open te maken. Labels op de oplader en op de accu De labels op de oplader en op de accu laten de volgende pictogrammen zien: 100% Laadproces op gang 100% Laadproces beëindigd Accu defect Niet met geleidende voorwerpen aan de contactpunten komen Geen beschadigde accu’s laden Lees voor het gebruik de handleiding Gebruik de oplader uitsluitend voor DEWALT-accu’s; andere accu’s kunnen barsten en letsel of schade veroorzaken Niet aan water blootstellen Beschadigd snoer direct laten vervangen +40 ˚c +4 ˚c Alleen laden bij temperaturen tussen 4 °C en 40 °C Versleten accu’s dienen op milieubewuste wijze te worden verwerkt Verbrand de accu nooit Labels op de machine Op de machine vindt u de volgende pictogrammen: Lees voor het gebruik de handleiding87 NEDERLANDS Laserwaarschuwing klasse 3R-laser Kijk niet in de laserstraal. Protection class: IP54 Inhoud van de verpakking De verpakking bevat: 1 Roterende laser 1 Muurbevestiging 1 Afstandsbediening 1 Schijfkaart 1 Bril 1 Transportkoffer 1 Oplader (DW077K/DW077KH) 1 Accu (DW077K/DW077KH) 1 Handleiding
  • Lees deze handleiding rustig en zorgvuldig door voordat u met de machine gaat werken. Beschrijving (fig. A) De roterende laser DW077 is ontworpen voor het projecteren van laserlijnen voor ondersteuning bij professionele toepassingen. De machine kan zowel binnens- als buitenshuis worden gebruikt voor horizontaal (waterpas) en verticaal (loodrecht) uitlijnen. De machine kan ook een stilstaande laserpunt geven die handmatig kan worden gericht voor het bepalen of verplaatsen van een markering. De toepassingen variëren van het installeren van plafond- en muursystemen tot het egaliseren van funderingen en het aanleggen van vloeren. De machine is geschikt voor DEWALT accu’s van 9,6, 12, 14,4 en 18 V. 1 Aan/uit-schakelaar 2 Draaggreep 3 Waterpasknop 4 Muurbevestiging 5 Blokkeerknop tandheugelwiel 6 Klem voor muurmontage 7 Vergrendeling klem voor muurmontage 8 Bevestigingsknop 9 Tandheugelwiel 10 Roterende laserkop 11 Accu Oplader Uw DE9116 oplader is geschikt voor DEWALT NiCd- en NiMH-accu’s van 7,2 tot 18 V. 11 Accu 12 Accu-vergrendelingsknoppen 13 Oplader 14 Oplaadindicatie (rood) Display 15 Bedrijfsindicatielamp 16 Uitlijnindicatie (X-as) 17 Uitlijnindicatie (Y-as) 18 Scanmodustoets 19 Rotatiesnelheidstoets 20 Insteltoetsen links/rechts Afstandsbediening 18 Scanmodustoets 19 Rotatiesnelheidstoets 20 Insteltoetsen links/rechts 21 Insteltoetsen omhoog/omlaag 22 Handmatige afstelling-toets Elektrische veiligheid De elektrische motor is geschikt voor veschillende voltages (zie technische gegevens). Controleer altijd of de accuspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje. Controleer tevens of de ingangsspanning van de oplader overeenkomt met uw netspanning. Uw DEWALT-oplader is dubbel geïsoleerd overeenkomstig EN 60335. Vervangen van het snoer of de stekker Als de stekker of het snoer wordt vervangen, moet de oude stekker c.q. het oude snoer worden weggegooid. Het is gevaarlijk om de stekker van een los snoer in het stopcontact te steken. Gebruik van verlengsnoeren Gebruik verlengsnoeren alleen in uiterste noodzaak. Gebruik een goedgekeurd snoer dat beantwoordt aan het vermogen van de oplader (zie technische gegevens).88 NEDERLANDS De minimum geleiderdikte is 1 mm

; de maximum snoerlengte is 30 m. Uitpakken Waarschuwingslabel aanbrengen (fig. B) De veiligheidswaarschuwingen op het label op de machine moeten in de taal van de gebruiker zijn opgesteld. Voor dat doel wordt een apart vel met zelfklevende labels met de machine geleverd.

  • Controleer dat de veiligheidswaarschuwingen op het label in uw taal zijn opgesteld. De waarschuwingen zijn als volgt: LASERSTRAAL
  • Wanneer de waarschuwingen in een vreemde taal zijn, ga als volgt te werk: – Trek het gewenste label van het vel. – Plaats het label zorgvuldig over de vreemde taal. – Duw het label op de plaats. Monteren en instellen
  • Verwijder vóór het monteren en instellen altijd de accu uit de machine.
  • Schakel de machine altijd uit alvorens de accu aan te brengen of te verwijderen. Gebruik uitsluitend DEWALT-accu’s en -opladers. Accu (fig. A & C1 - C4) Opladen (fig. A) Als u de accu voor de eerste keer of na langdurige opslag oplaadt, zal deze slechts voor ca. 80% worden opgeladen. Na een aantal laad- en ontlaad- cycli wordt de accu echter compleet opgeladen. Controleer altijd de netspanning, voordat u de accu oplaadt. Als de netspanning normaal aanwezig is, maar de accu niet wordt opgeladen, breng dan uw oplader naar een erkend DEWALT Service-center. Tijdens het opladen kunnen oplader en accu warm aanvoelen. Dit is normaal en duidt niet op een defect. Laad de accu niet op bij omgevingstemperaturen <4 °C of >40 °C. Aanbevolen oplaadtemperatuur: ca. 24 °C.
  • Plaats de accu (11) in de oplader (13) zoals afgebeeld en steek de stekker van de oplader in het contact. Let erop dat de accu goed in de oplader zit. De rode oplaad-indicatie (14) begint te knipperen. Na ca. 1 uur stopt het knipperen en brandt de indicatie continu. De accu is nu volledig opgeladen en de oplader schakelt automatisch over naar de compensatiestand. Na ongeveer 4 uur schakelt de oplader uiteindelijk naar de druppellaadstand. De accu kan op elk gewenst moment uit de oplader worden gehaald of voor onbepaalde tijd in de op het net aangesloten oplader blijven zitten.
  • De rode oplaad-indicatie begint snel te knipperen als het laden problemen oplevert. Steek de accu opnieuw in de oplader of probeer een andere accu. Breng, indien nodig, uw oplader naar een erkend DEWALT Service-center.
  • Sommige energiebronnen (zoals generatoren of spanningsomvormers) kunnen tijdelijke laadproblemen veroorzaken. De rode oplaad- indicatie knippert dan tweemaal snel en de oplader schakelt uit. Dit kan meerdere malen voorkomen. Zodra het mogelijk is, schakelt de oplader automatisch weer naar de laadstand. Aanbrengen en verwijderen van de accu (fig. C1)
  • Duw de accu in de machine (11) totdat de accu vastklikt.
  • Verwijder de accu door het tegelijkertijd indrukken van de twee vergrendelknoppen (12). Trek dan de accu uit de machine. Accu-afdekdop (fig. C2) De meegeleverde afdekdop wordt gebruikt om de contactpunten van de losse accu te beschermen. Zonder de afdekdop kunnen de contactpunten worden kortgesloten door rondslingerende metalen voorwerpen, waardoor brandgevaar ontstaat en de accu beschadigd raakt.
  • Neem de afdekdop (11) af voordat u de accu (24) in de lader of de machine plaatst.
  • Plaats de afdekdop over de contactpunten meteen nadat de accu uit de lader of machine is genomen.89 NEDERLANDS Zorg dat de afdekdop op zijn plaats zit voodat u een losse accu opbergt of transporteert. Compensatiestand De compensatiestand helpt om de maximale capaciteit van de accu te handhaven. Het is aan te bevelen om deze functie wekelijks dan wel elke 10 laad-/ontlaadcycli te gebruiken.
  • Start het laadproces zoals hierboven beschreven.
  • Als de oplaad-indicatie stopt met knipperen, laat u de accu nog ca. 4 uur in de oplader. Vertraagd opladen van verhitte accu’s Wanneer een verhitte accu in de oplader wordt geplaatst, wordt het oplaad-proces automatisch uitgesteld. Nadat de accu is afgekoeld, schakelt de oplader automatisch over naar de laadstand. Hierdoor wordt een lange levensduur van de accu gegarandeerd. De rode oplaad-indicatie (14) knippert gedurende de vertragingstijd afwisselend kort en lang. Lege-accu-indicatie (fig. C1) De lege-accu-indicatielamp (15) bevindt zich op het controlepaneel. De indicatielamp brandt terwijl de machine is ingeschakeld. Hij gaat knipperen om aan te geven dat de accu moet worden opgeladen. Tegelijkertijd valt de machine automatisch stil.
  • Schakel de machine uit zodra de indicatielamp knippert en neem de accu (11) uit de machine om hem op te laden. De machine blijft non-operationeel zolang een lege accu is aangebracht. Accutype (fig. C3 & C4) De machine is geschikt voor accu’s van verschillende voltages.
  • Om accu’s van 18 volt aan te brengen, draait u de adapterplaat (25) naar positie A.
  • Om accu’s van 9,6, 12 of 14,4 volt aan te brengen, draait u de adapterplaat (25) naar positie B. Zie de tabel achterin voor een selectie van te gebruiken accu’s. Opstellen van de machine (fig. D1 - D5) De machine kan in verschillende opstellingen worden geplaatst en kan voor diverse toepassingen worden gebruikt. Vloeropstelling (fig. D1)
  • Plaats de machine op een relatief vlak en egaal oppervlak.
  • Stel de machine in voor waterpas of loodrecht uitlijnen. Muuropstelling (fig. D2 - D4) De machine is uitgerust met een klem (4) voor montage aan muurrails om het waterpas uitlijnen van verlaagde plafonds en soortgelijke speciale projecten te vereenvoudigen (fig. D2).
  • Bevestig de machine op de muurbevestiging door de draadpen (23) in een van de aansluitpunten in de machine te steken en de knop (8) aan te draaien.
  • Zet de machine op de zijkant met de klem (6) in positie voor bevestiging aan de muurrail (fig. D3).
  • Terwijl de muurbevestiging (4) naar de muur gericht is, draait u de vergrendeling (7) hiervan rechtsom om de klembek te openen.
  • Plaats de klembek over de muurrail en draai de vergrendeling (7) linksom om de klembek op de rail vast te zetten.
  • Controleer of de vergrendeling (7) goed is vergrendeld. Controleer voordat u de machine aan een muurrail bevestigt of de rail stevig aan de muur is vastgemaakt.
  • Als alternatief kan de machine met behulp van de montagegaten (27) in de muurbevestiging aan de muur worden opgehangen (fig. D2). – Houd de machine op de gewenste positie tegen de muur en markeer de locatie van de twee bevestigingsgaten op de muur (fig. D4). – Boor een gat op elk van de gemarkeerde locaties (vereist: ø 6 mm, ca. 35 mm diep). – Steek een overeenkomstige plug in elk van de gaten. – Draai een schroef in elk van de pluggen (vereist: 6 x 50 mm). – Hang de machine aan de schroeven op.90 NEDERLANDS
  • Verstel de waterpasknop (3) om de machine indien nodig te stabiliseren.
  • Stel de machine in voor waterpas uitlijnen. Statiefopstelling (fig. D5) De machine is uitgerust met een opname voor montage aan een DE0735/DE0736 statief (optioneel) of een ander stafief met dezelfde specificaties, die vermeld staan in de technische gegevens
  • Plaats het statief (28) op een relatief vlak en egaal oppervlak.
  • Monteer de machine op het statief door de draadpen (29) in de opname (30) in het onderstel te draaien.
  • Stel de machine in voor waterpas of loodrecht uitlijnen. Afstellen van de machine (fig. A, E1 & E2) De machine kan afgesteld worden voor zowel waterpas (fig. E1) als loodrecht (fig. E2) uitlijnen. Automatische uitlijnfunctie (fig. A)
  • Schakel de machine in om de uitlijningsprocedure in werking te stellen. De uitlijningsprocedure wordt aangegeven door het knipperen van de indicatielampen (16 & 17) en de laserstraal. Zodra de machine is uitgelijnd, stoppen de indicatielampen en de laserstraal met knipperen en branden ze continu.
  • De indicatielampen en de laserstraal beginnen herhaaldelijk drie maal snel te knipperen om aan te geven dat de machine op een helling buiten het uitlijningsbereik van 5° staat opgesteld. Schakel de machine uit, plaats de machine in een aangepaste opstelling binnen het uitlijningsbereik en schakel de machine weer in. Afstelling voor waterpas uitlijnen (fig. E1)
  • Plaats de machine in de gewenste stand, zoals afgebeeld.
  • Schakel de machine in om de uitlijningsprocedure in werking te stellen. Afstelling voor loodrecht uitlijnen (fig. E2)
  • Plaats de machine in de gewenste stand, zoals afgebeeld.
  • Schakel de machine in om de uitlijningsprocedure in werking te stellen. Aangezien de uitlijningsprocedure voor loodrecht uitlijnen enkel afstelling van de Y-as vergt, brandt alleen de corresponderende indicatielamp (17). Handmatig uitlijnen (fig. A) Met behulp van de afstandsbediening kan de machine handmatig worden uitgelijnd. De handmatige uitlijnmodus is vooral geschikt bij toepassingen met schuintes in zowel de X- als de Y-as.
  • Om de handmatige uitlijnmodus te activeren, drukt u de toets (22) in. De indicatielampen (16 & 17) gaan uit.
  • Gebruik de toetsen (20) om de machine in de X-as uit te lijnen.
  • Gebruik de toetsen (21) om de machine in de Y-as uit te lijnen.
  • Om de handmatige uitlijnmodus te beëindigen, drukt u de toets (22) nogmaals in. Nadat de handmatige uitlijnmodus is beëindigd, treedt de automatische uitlijnfunctie in werking en wordt de machine opnieuw uitgelijnd. De handmatige afstelling is onmiddellijk verloren! Uitlijnen van de laserlijn (fig. A & F1 - F5) Waterpas uitlijnen
  • Schakel de machine in met roterende laserkop en breng de laserlijn op een lijn met de gemarkeerde positie.
  • Het afstellen geschiedt als volgt: Machine in vloeropstelling (fig. F1):
  • De machine kan op ieder stevig object worden geplaatst om de gewenste hoogte te bereiken. Machine in muuropstelling (fig. F2):
  • Draai de blokkeerknop (5) los en draai aan het tandheugelwiel (9) om de machine in de juiste stand te zetten Draai de blokkeerknop (5) vast. Machine in statiefopstelling (fig. F3):
  • Verstel het statief om de machine op de juiste hoogte te zetten. Loodrecht uitlijnen (fig. A, F4 & F5)
  • Schakel de machine in met roterende laserkop en breng de laserlijn op een lijn met de gemarkeerde positie.91 NEDERLANDS
  • Het afstellen geschiedt als volgt:
  • Gebruik de toetsen (20) om de laserkop te bewegen tot de laserlijn op een lijn is met de gemarkeerde positie (fig. A). Schuin uitlijnen (fig. A) Indien het voor de toepassing nodig is dat de laserlijn schuin wordt uitgelijnd, gaat u als volgt te werk:
  • Schakel de machine in met roterende laserkop en activeer de handmatige uitlijnmodus.
  • Breng de laserlijn op een lijn met de schuinte: – Gebruik de toetsen (20) om de machine in de X-as uit te lijnen. – Gebruik de toetsen (21) om de machine in de Y-as uit te lijnen. Aanwijzingen voor gebruik Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht en houdt u aan de geldende voorschriften.
  • Markeer altijd het middelpunt van de laserlijn of -punt.
  • Om de werkafstand en de nauwkeurigheid te vergroten, stelt u de machine in het midden van het werkgebied op.
  • Extreme temperatuurswisselingen veroorzaken speling op onderdelen in het binnenwerk, wat van invloed kan zijn op de nauwkeurigheid van de machine. Controleer regelmatig de nauwkeurigheid wanneer u de machine onder dergelijke omstandigheden gebruikt.
  • Hoewel de machine kleine uitlijnfouten automatisch corrigeert, kan het nodig zijn om de machine opnieuw af te stellen als er een schok is geregistreerd.
  • Laat de laserkop bij een erkend servicecentrum kalibreren nadat de machine is gevallen of gekanteld.
  • Gebruik voor uw eigen gemak altijd de afstandsbediening om de machine te bedienen. Met de afstandsbediening kunt u niet alleen de machine van een afstand bedienen, u blijft ook van de machine af, waardoor de kans dat de afstelling van de machine beïnvloed wordt minimaal is. Voor gebruik:
  • Voer de kalibratietests uit om de nauwkeurigheid te controleren.
  • Zorg dat de machine stevig staat opgesteld. In- en uitschakelen (fig. A)
  • Om de machine in te schakelen, drukt u de aan/uit-schakelaar (1) in.
  • Om de machine uit te schakelen, drukt u de aan/uit-schakelaar (1) nogmaals in. Instellen van de rotatiesnelheid (fig. G) De laserkop kan op verschillende rotatiesnelheden worden ingesteld waarmee de kwaliteit van de lijn wordt bepaald.
  • Druk de toets (19) in. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt verspringt de rotatiesnelheid cyclisch van ‘snel’ naar ‘gemiddeld’, ‘langzaam’, ‘kruipend’ en ‘stationair’.
  • Voor een heldere lijn stelt u de laserkop in op een lage rotatiesnelheid.
  • Voor een solide lijn stelt u de laserkop in op een hoge rotatiesnelheid. Roteren van de laserkop (fig. H1 & H2) De laserkop kan in de stilstand zowel naar links als naar rechts worden bewogen. Toepassingen met waterpas uitlijnen:
  • Gebruik de toetsen (20) om de laserkop in de gewenste richting te bewegen. Toepassingen met loodrecht uitlijnen:
  • Gebruik de toetsen (21) om de laserkop in de gewenste richting te bewegen. Handmatig roteren van de laserkop (fig. H2) De laserkop kan ook handmatig worden geroteerd.
  • Draai de laserkop (10) in de gewenste positie. Probeer nooit de laserkop te bewegen terwijl hij ronddraait op een van tevoren ingestelde rotatiesnelheid. Scanmodus (fig. I) De laserkop kan op verschillende snelheden worden ingesteld terwijl de kop heen en weer beweegt, waardoor een scannende laserlijn wordt geprojecteerd.
  • Druk de toets (18) in om de scanmodus te activeren. De scansnelheid begint in ‘snel’ tempo.92 NEDERLANDS
  • Om de scansnelheid in te stellen, drukt u de toets (19) in. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt verspringt de scansnelheid cyclisch van ‘kruipend’ naar ‘langzaam’, ‘gemiddeld’ en ‘snel’.
  • Toepassingen met waterpas uitlijnen: – Gebruik de toetsen (20) om het scanoppervlak in de gewenste richting te bewegen. – Gebruik de toetsen (21) om het scanoppervlak af te stellen.
  • Toepassingen met loodrecht uitlijnen: – Gebruik de toetsen (21) om het scanoppervlak in de gewenste richting te bewegen.
  • Druk de toets (18) in om de scanmodus te beëindigen. Verticale overbrengingsfunctie (fig. J1 & J2) De uitlijnribben (31) helpen bij het bepalen van de positie van de omhoog gerichte laserstraal (32) boven een gemarkeerde positie op de vloer
  • Plaats een kruis op de vloer.
  • Plaats de machine boven het midden van het kruis en breng de ribben op een lijn met de markeringen op de vloer.
  • Breng het midden van het kruis over met behulp van de omhoog gerichte laserstraal. Let op! Deze functie werkt alleen op vlakke ondergronden en kan uitsluitend worden gebruikt voor het grofweg overbrengen van een gemarkeerde positie. Voor het uiterst nauwkeurig overbrengen van markeringen raden wij u de toepassing van een speciale DEWALT puntlaser aan. Uitlijnfoutmelding De uitlijnfoutmelding wordt automatisch geactiveerd 8 seconden nadat de uitlijningsprocedure is voltooid. Zodra de uitlijnfoutmelding is geactiveerd, controleert de machine voortdurend de richtpositie. Afhankelijk van het geregistreerde afwijkingsniveau reageert de machine als volgt op uitlijnfouten: – Afwijkingen < 2 mm over 10 m: een uitlijnfout wordt zonder mededelen automatisch gecorrigeerd. – Afwijkingen 2 - 20 mm over 10 m: een uitlijnfout wordt automatisch gecorrigeerd. De laserkop stopt tijdelijk met roteren en de laserstraal begint te knipperen ter indicatie dat de machine opnieuw uitlijnt. – Afwijkingen > 20 mm over 10 m: een uitlijnfout leidt tot onderbreking van de werking van de machine. De laserkop stopt met roteren en de laserstraal gaat uit. Er klinkt een snel piepend audiosignaal en de aan/uit-indicatie knippert tegelijkertijd. Om verder te gaan:
  • Schakel de machine uit. Controleer de afstelling en stel indien nodig opnieuw af voordat u de machine weer inschakelt. Hulpmiddelen (fig. (K1 - K4) Er zijn verschillende hulpmiddelen meegeleverd die van pas kunnen komen bij het gebruik van de machine. Afstandsbediening (fig. K1) De afstandsbediening maakt handmatig ingrijpen in de automatische uitlijnfunctie mogelijk indien een afstelling voor schuin uitlijnen is gewenst. De maximale schuinte komt overeen met het uitlijningsbereik van de machine. Met de afstandsbediening kunt u tevens van een afstand tot 30 m rond de machine de laserlijn activeren en de laserkop bedienen. Laserbril (fig. K2) De rode brillenglazen verbeteren de zichtbaarheid van de laserstraal onder omstandigheden met schelle verlichting of over lange afstanden. Het beste resulaat wordt binnenshuis bereikt. De bril filtert het omgevingslicht en intensifeert de geprojecteerde punt of lijn. De bril kan niet de laserstraal tegenhouden. Kijk nooit direct in de laserstraal met deze bril. DE0730 Schijfkaart (fig. K3) De schijfkaart localiseert en markeert de laserstraal als de straal de kaart kruist, waardoor de zichtbaarheid van de geprojecteerde lijn verbeterd wordt. De laserstraal gaat door het rode plastic oppervlak heen en wordt gereflecteerd door de achterkant van de kaart. Voor eenvoudige ondersteuning bij waterpas en loodrecht uitlijnen is de kaart voorzien van een inchschaal en een metrieke schaal. Door de magneten bovenop kan hij aan plafondrails of stalen balken worden vastgezet.93 NEDERLANDS Muurbevestiging (fig. K4) De muurbevestiging kan ook gebruikt worden als een standaard om extra stabiliteit aan de machine te geven. Opties Uw dealer verstrekt u graag de nodige informatie over de juiste accessoires. Dit zijn: – DE0772 Digitale laserdetector – DE0734 Meetlat – DE0735 Statief – DE0736 Statief Accu’s Spanning NiCd NiMH 9,6 DE9061 DE9036 12 DE9071/DE9075 DE9037 14,4 DE9091/DE9092 DE9038 18 DE9095/DE9096 DE9039 Onderhoud Uw DEWALT-machine is ontworpen om gedurende lange tijd probleemloos te functioneren met een minimum aan onderhoud. Een juiste behandeling en regelmatige reiniging van de machine garanderen een hoge levensduur. Kalibratietest ter plaatse (fig. F5, L1 & L2) De ter plaatse verrichtbare kalibratietests dienen zorgvuldig en nauwkeurig te worden uitgevoerd om de juiste diagnose te stellen. Laat de machine bij een erkend servicecentrum kalibreren zodra een fout wordt gesignaleerd. Laat de laserkop altijd bij een erkend servicecentrum kalibreren. Tests voor waterpasuitlijning (fig. L1 & L2) De volgende tests worden uitgevoerd om de kalibratie van de laserkop voor waterpas uitlijnen te controleren.
  • Plaats de machine in een ruimte op ongeveer 15 m van een verticaal oppervlak.
  • Plaats de machine in een statiefopstelling en stel de machine in voor waterpas uitlijnen. Om een test voor waterpasuitlijning van de X-as uit te voeren (fig. L1):
  • Plaats de machine zodanig dat de X-as parallel met het verticale oppervlak is.
  • Schakel de machine in en draai de kop totdat de laserpunt op het verticale oppervlak verschijnt.
  • Markeer het middelpunt van de laserstraal.
  • Schakel de machine uit en draai de machine zodanig dat de X-as omgekeerd parallel met het verticale oppervlak is.
  • Schakel de machine in, draai de kop en markeer nogmaals het middelpunt van de laserstraal op het oppervlak. Schakel de machine uit.
  • Meet de verschillen tussen de markeringen.
  • Indien het verschil tussen de markeringen 3,2 mm of minder bedraagt, dan is de laserkop correct gekalibreerd.
  • Indien het verschil tussen de markeringen meer dan 3,2 mm bedraagt, dan dient de laserkop te worden gekalibreerd. Om een test voor waterpasuitlijning van de Y-as uit te voeren (fig. L2):
  • Plaats de machine zodanig dat de Y-as parallel met het verticale oppervlak is.
  • Terwijl u dezelfde procedure volgt als hierboven staat beschreven, markeert u het middelpunt van de laserpunt op het oppervlak, waarna de machine 180° wordt gedraaid om het middelpunt van de laserpunt nogmaals te markeren.
  • Meet de verschillen tussen de markeringen.
  • Indien het verschil tussen de markeringen 3,2 mm of minder bedraagt, dan is de laserkop correct gekalibreerd.
  • Indien het verschil tussen de markeringen meer dan 3,2 mm bedraagt, dan dient de laserkop te worden gekalibreerd. Test voor loodrecht uitlijnen (fig. F5) De volgende test wordt uitgevoerd om de kalibratie van de laserkop voor loodrecht uitlijnen te controleren.
  • Plaats de machine in een ruimte op ongeveer 1 m van een verticaal oppervlak.
  • Plaats de machine in een vloeropstelling en stel de machine in voor loodrecht uitlijnen.
  • Markeer de boven- en onderkant van het verticale oppervlak met behulp van een schietlood.
  • Schakel de machine in breng de laserstraal op een lijn met de onderste markering.94
  • Beweeg de kop met behulp van de afstandsbediening totdat de laserstraal op de bovenste markering staat.
  • Indien de laserstraal met de bovenste markering samenvalt, dan is de laserkop correct gekalibreerd.
  • Indien de laserstraal niet met de bovenste markering samenvalt, dan dient de laserkop te worden gekalibreerd. Reiniging
  • Trek de stekker van de oplader uit het stopcontact voordat u de behuizing met een zachte doek reinigt.
  • Verwijder de accu voordat u de machine reinigt.
  • Houd de ventilatiesleuven vrij en maak de behuizing regelmatig schoon met een zachte doek.
  • Maak de lens indien nodig schoon met een zachte doek of een in alcohol gedrenkte wattenstaaf. Gebruik geen andere reinigingsmiddelen. Milieu Gescheiden inzameling. Dit product mag niet met het gewone huishoudelijke afval worden weggegooid. Wanneer uw oude DEWALT-product aan vervanging toe is of het u niet langer van dienst kan zijn, gooi het dan niet bij het huishoudelijk afval. Zorg ervoor dat het product gescheiden kan worden ingezameld. Door gebruikte producten en verpakkingen gescheiden in te zamelen, worden de materialen gerecycled en opnieuw gebruikt. Hergebruik van gerecyclede materialen voorkomt milieuvervuiling en vermindert de vraag naar grondstoffen. Inzamelpunten voor gescheiden inzameling van electrische huishoudproducten bij gemeentelijke vuilnisbergen of bij de verkoper waar u een nieuw product koopt, kunnen aan plaatselijke voorschriften gebonden zijn. DEWALT biedt de mogelijkheid tot inzamelen en recyclen van afgedankte DEWALT-producten. Om gebruik te maken van deze service, retourneert u het product naar een van de erkende servicecentra, die deze producten voor ons verzamelt. U kunt het adres van het dichtstbijzijnde servicecentrum opvragen via de adressen op de achterzijde van deze handleiding. U kunt ook een lijst van onze servicecentra en meer informatie m.b.t. onze klantenservice vinden op het volgende Internet-adres: www.2helpU.com Oplaadbare accu De duurzame accu moet worden opgeladen, zodra deze niet meer genoeg energie levert voor werkzaamheden die daarvóór nog moeiteloos konden worden verricht. Versleten accu’s dienen op milieubewuste wijze te worden verwijderd:
  • Gebruik de energie van de accu helemaal op en verwijder dan de accu uit de machine.
  • NiCd- en NiMH-accu’s zijn recycleerbaar. Breng ze naar uw handelaar of naar een plaatselijk verwerkingscentrum voor klein chemisch afval. De ingezamelde accu’s worden dan op milieuvriendelijke wijze gerecycleerd of verwijderd. NEDERLANDS95 GARANTIE
  • 30 DAGEN „NIET GOED, GELD TERUG“ GARANTIE • Indien uw DEWALT elektrisch gereedschap om welke reden dan ook niet geheel aan uw verwachtingen voldoet, stuurt u het dan compleet zoals bij aankoop binnen 30 dagen terug naar DEWALT, samen met uw aankoopbewijs en uw rekeningnummer. U ontvangt dan uw geld terug.
  • 1 JAAR GRATIS SERVICE-CONTRACT • Mocht uw DEWALT elektrisch gereedschap binnen 12 maanden na aankoop nazicht of reparatie behoeven, dan worden deze werkzaamheden gratis uitgevoerd in onze Service-centers op vertoon van het aankoopbewijs. Stuur uw machine rechtstreeks of via uw dealer naar een erkend DEWALT Service-center.
  • 1 JAAR GARANTIE • Mocht uw DEWALT elektrisch gereedschap binnen 12 maanden na datum van aankoop defect raken tengevolge van materiaal- of constructiefouten, dan garanderen wij de kosteloze vervanging van alle defecte delen of van het hele apparaat, zulks ter beoordeling van DEWALT, op voorwaarde dat:
  • het produkt niet foutief gebruikt werd
  • het produkt niet gerepareerd is door onbevoegden
  • het aankoopbewijs met daarop de aankoopdatum wordt overlegd Informeer bij uw dealer of bij het DEWALT- hoofdkantoor naar het adres van het dichtstbijzijnde Service-center (zie de achterzijde van deze handleiding). Een overzicht van erkende DEWALT Service-centers en nadere informatie over onze service vindt u ook op Internet: www.2helpU.com NEDERLANDS96 NORSK