S2_AG501DC - Vermaler Vonroc - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis S2_AG501DC Vonroc in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Vermaler in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding S2_AG501DC - Vonroc en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. S2_AG501DC van het merk Vonroc.
GEBRUIKSAANWIJZING S2_AG501DC Vonroc
Vertaling van de oorspronkelijke gebruiksaanwijzing
Lees de bijgesloten veiligheids waarschuwingen, de aanvullende veiligheidswaarschuwingen en de instructies. Het niet opvolgen van de veiligheids- waarschuwingen kan elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Bewaar de veiligheidswaarschuw ingen en instructies als naslagwerk voor later. De volgende symbolen worden gebruikt in de gebruikershandleiding of op het product: Lees de gebruikershandleiding. Gevaar voor lichamelijk letsel, overlijden of schade aan de machine wanneer de instructies in deze handleiding niet worden opgevolgd. Gevaar voor elektrische schokken. Max temperatuur 45
Accu niet verbranden. Accu niet in het water gooien. Draag een veiligheidsbril. Draag gehoorbescherming. Draag veiligheidshandschoenen. Alleen binnenshuis gebruiken. Niet gebruiken in regen. Gevaar voor rondvliegende voorwerpen. Houd omstanders uit de buurt van het werk- gebied. Druk de asvergrendelingsknop niet in terwijl de motor draait. Klasse II apparaat - Dubbel geïsoleerd - Een geaarde stekker is niet noodzakelijk. Miniatuurzekering met vertragingstijd. Aparte inzameling van Li-ion-accu’s. Werp het product niet weg in ongeschikte containers. Het product is in overeenstemming met de van toepassing zijnde veiligheids normen in de Europese richtlijnen.
ALGEMENE VEILIGHEIDSVOOR SCHRIFTEN
WAARSCHUWING! Lees alle veiligheids- waarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van onderstaande instructies kan leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig persoonlijk letsel. Bewaar deze instructies. De term “elektrisch gereedschap” in onder staande waarschuwingen heeft betrekking op zowel apparatuur met een vaste elektriciteits kabel als op apparatuur met een accu (draadloze apparatuur).
a) Zorg voor een opgeruimde en goed verlichte werkomgeving. Rommelige en donkere werkomgevingen leiden tot ongelukken
Gebruik elektrisch gereedschap nooit in een omgeving waar explosiegevaar bestaat, zoals in de nabijheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen, dampen of andere stoffen. Elektrische gereedschappen kunnen vonken veroorzaken, die deze stoffen tot ontbranding kunnen brengen. c) Wanneer u elektrisch gereedschap gebruikt, houd dan kinderen en omstanders op afstand. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
2) Elektrische veiligheid
a) Stekkers van elektrische gereedschappen moeten probleemloos passen op het stopcontact. Breng nooit wijzigingen aan in of aan de stekker. Gebruik geen adapters voor geaarde elektrische gereedschappen. Standaardstekkers en passende stopcontacten verkleinen de kans op een elektrische schok. b) Voorkom lichamelijk contact met geaarde oppervlakken van bijvoorbeeld pijpen, leidingen, radiatoren, fornuizen en koel kasten. Wanneer uw lichaam geaard is, wordt de kans op een elektrische schok groter. c) Stel elektrische gereedschappen nooit bloot aan regen of vocht. Wanneer er water26
binnendringt in een elektrisch gereedschap, wordt de kans op een elektrische schok groter. d) Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen, te verplaatsen of de stekker uit het stopcontact te trekken. Bescherm het snoer tegen olie, warmte, scherpe randen en bewegende delen. Beschadigde of vastzittende snoeren vergroten de kans op een elektrische schok. e) Wanneer u elektrische gereedschappen buiten gebruikt, gebruik dan een verlengkabel die geschikt is voor buitengebruik. Door een kabel te gebruiken die geschikt is voor buitengebruik, wordt de kans op een elektrische schok kleiner. f) Gebruik een aardlekbeveiliging (RCD) als niet te voorkomen is dat een powertool moet worden gebruikt in een vochtige omgeving. Gebruik van een RCD vermindert het risico van elektrische schokken.
3) Persoonlijke veiligheid
a) Blijf altijd alert, kijk goed wat u doet en gebruik uw gezonde verstand wanneer u een elektrisch gereedschap gebruikt. Gebruik geen elektrische gereedschappen wanneer u moe bent, of drugs, alcohol of medicijnen hebt gebruikt. Eén moment van onachtzaamheid bij het gebruik van elektrische gereed schappen kan ernstige verwondingen tot gevolg hebben. b) Gebruik persoonlijke beschermings middelen. Draag altijd een veiligheidsbril. Een gepast gebruik van veiligheids voor zieningen, zoals een stof masker, speciale werkschoenen met antislipzolen, een veiligheidshelm en gehoor bescherming verkleinen de kans op persoonlijk letsel. c) Voorkom dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart. Zorg dat de schakelaar op de UIT positie staat, voordat u de stekker in het stopcontact steekt. Draag elektrisch gereedschap nooit met uw vinger op de schakelaar en steek ook nooit de stekker van ingeschakelde elektrische gereedschappen in het stopcontact: dit leidt tot ongelukken. d) Verwijder alle instel en andere sleutels uit het elektrisch gereedschap voordat u hem inschakelt. Instel en andere sleutels aan een ronddraaiend onderdeel van het elektrisch gereedschap kunnen tot verwondingen leiden.
Zorg dat u nooit uw evenwicht kunt verliezen; houd altijd twee voeten stevig op de vloer. Hierdoor kunt u het elektrisch gereedschap in on verwachte situaties beter onder controle houden. f) Zorg dat u geschikte kleding draagt. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd uw haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshan gende kleding, sieraden en lang haar kunnen vast komen te zitten in bewegende delen.
Wanneer er voorzieningen zijn voor de aansluiting van stofafzuiginstallaties, zorg dan dat ze op de juiste wijze worden aangesloten en gebruikt. Gebruik van deze voorzieningen vermindert de gevaren die door stof worden veroorzaakt. h) Denk niet dat doordat u gereedschap vaak gebruikt, u wel weet hoe het allemaal werkt en dat u de veiligheidsbeginselen voor het gebruik van het gereedschap wel kunt negeren. Een onbezonnen actie kan in een fractie van een seconde ernstig letsel tot gevolg hebben.
4) Gebruik en onderhoud van elektrisch gereed-
schap a) Oefen geen overmatige kracht uit op elektrisch gereedschap. Gebruik het juiste gereedschap voor uw specifieke toepassing. Met het juiste elektrische gereedschap voert u de taak beter en veiliger uit wanneer dit op de snelheid gebeurt waarvoor het apparaat is ontworpen. b) Gebruik nooit elektrisch gereedschap waarvan de AAN/UIT schakelaar niet werkt. Ieder elektrisch gereedschap dat niet kan worden in en uitgeschakeld met de schakelaar is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
Trek de stekker uit het stopcontact voordat u wijzigingen aanbrengt aan elektrische gereedschappen, accessoires verwisselt of het elektrisch gereedschap opbergt. Wanneer u zich aan deze preventieve veiligheidsmaatregelen houdt, beperkt u het risico dat het gereedschap per ongeluk wordt gestart.
Berg elektrisch gereedschap dat niet in ge bruik is op buiten bereik van kinderen en laat personen die niet bekend zijn met het gereedschap of deze instructies het apparaat niet gebruiken. Elektrisch gereedschap is gevaarlijk in de handen van ongeoefende gebruikers. e) Zorg voor een goed onderhoud van elektrisch gereedschap. Controleer of bewegende delen op de juiste wijze zijn vastgezet. Controleer ook of er geen onderdelen defect zijn of dat er andere omstandigheden zijn die vanNL
invloed kunnen zijn op de werking van het gereedschap. Laat het gereedschap bij beschadigingen repareren vóór gebruik. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhoud van het gereedschap.
Zorg dat snij en zaagwerktuigen scherp en schoon blijven. Goed onderhouden snij en zaagwerktuigen met scherpe randen zullen minder snel vastlopen en zijn eenvoudiger onder controle te houden. g) Gebruik alle elektrische gereedschappen, accessoires, bitjes etc., zoals aangegeven in deze instructies en op de wijze waarvoor het gereedschap is ontworpen. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren taak. Gebruik van elektrisch gereedschap voor handelingen die afwijken van de taken waarvoor het apparaat is ontworpen kunnen leiden tot gevaarlijke situaties. h) Houd handgrepen en greepoppervlakken droog, schoon en vrij van olie en vet. Gladde handgrepen en greepoppervlakken maken veilig werken en controle over het gereedschap in onverwachte situaties onmogelijk.
5) Gebruik en onderhoud accugereedschap
Laad alleen op met de lader die door de fabrikant is gespecificeerd. Een lader die voor een bepaalde accu geschikt is, kan brand veroorzaken wanneer deze met een andere accu wordt gebruikt.
Gebruik elektrisch gereedschap alleen met de speciaal hiervoor bedoelde accu’s. Gebruik van andere accu’s kan kans op letsel en brand geven.
Wanneer de accu niet in gebruik is, houd deze dan uit de buurt van andere metalen voorwerpen zoals paperclips, munten, sleutels, spijkers, schroeven of andere kleine metalen voorwerpen die een verbinding tussen twee polen kunnen maken. Kortsluiting tussen de accupolen kan brandwonden of brand veroorzaken. d) Wanneer de accu niet juist wordt gebruikt, kan er vloeistof uit lopen; raak dit niet aan. Wanneer dit per ongeluk wel gebeurt, spoel dan met water. Wanneer de vloeistof in de ogen komt, moet u een arts raadplegen. De vloeistof uit de accu kan irritaties of brandwonden veroorzaken.
Gebruiken niet een accu of gereedschap dat beschadigd is of gemodificeerd. Beschadigde of gemodificeerde accu’s kunnen onvoorspelbaar gedrag vertonen, wat brand, explosie of een risico van letsel met zich meebrengt. f) Stel een accu over het gereedschap niet bloot aan open vuur of een uitzonderlijk hoge temperatuur. Blootstelling aan vuur of een temperatuur hoger dan 130 °C, kan een explosie veroorzaken. NB De temperatuur van “130 °C” kan worden vervangen door de temperatuur van “265 °F”. g) Houd u aan alle instructies voor het laden en laad de accu of het gereedschap niet op buiten het temperatuurbereik dat in de instructies wordt aangeduid. Op een onjuiste wijze laden of laden bij temperaturen buiten het aangeduide bereik kan de accu beschadigen en het risico van brand doen toenemen.
a) Laat uw gereedschap onderhouden door een gekwalificeerde onderhoudstechnicus die alleen gebruikmaakt van identieke vervangingsonderdelen. Dit zorgt ervoor dat de veiligheid van de powertool intact blijft. b) Voer nooit servicewerkzaamheden uit aan beschadigde accu’s. Alleen de fabrikant of geautoriseerde service-providers mogen ser- vicewerkzaamheden aan accu’s uitvoeren. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN DIE
GELDEN VOOR ZOWEL SLIJPWERKZAAMHEDEN
ALS DOORSLIJPWERKZAAMHEDEN a) Deze powertool is bedoeld als een slijpmachine. Raadpleeg alle bijgeleverde veiligheidswaar- schuwingen, instructies, illustraties en specifi- caties. Als niet alle instructies hieronder worden nageleefd, kan dat een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. b) Deze powertool is niet geschikt voor werkzaam- heden als schuren, staalborstelen en polijsten. Als met deze powertool werkzaamheden worden uitgevoerd waarvoor de machine niet bedoeld is, kan dat leiden tot gevaren en lichamelijk letsel. c) Gebruik geen accessoires die niet specifiek zijn ontworpen en aanbevolen door de fabrikant. Het feit dat dergelijke accessoires op de powertool passen, wil niet zeggen dat een veilige werking dan gegarandeerd is. d) Het nominale toerental van het accessoire moet ten minste gelijk zijn aan het maximale toerental dat op de powertool staat vermeld. Accessoires die sneller worden aangedreven dan hun nominale toerental toestaat, kunnen breken en in het rond vliegen. e) De buitendiameter en dikte van uw accessoire28
moeten binnen de nominale capaciteit van uw powertool vallen. Accessoires van een onjuiste grootte kunnen niet voldoende worden be- schermd of geregeld. f) Inzetgereedschappen met schroefdraadinzet- stuk moeten nauwkeurig op de schroefdraad van de uitgaande as passen. De gatdiameter van met een flens gemonteerde inzetgereedschap- pen moet passen bij de opnamediameter van de flens. Inzetgereedschappen die niet nauwkeu- rig op het elektrische gereedschap bevestigd worden, draaien ongelijkmatig, trillen sterk en kunnen tot verlies van de controle leiden.
Gebruik geen beschadigde accessoires. Con- troleer vóór elk gebruik accessoires zoals slijp- schijven op afbrokkelingen en scheuren, steun- schijven op scheuren, inkepingen en overmatige slijtage, staalborstels op losse of gescheurde draden. Als de powertool of het accessoire valt, inspecteer deze dan op schade of monteer een onbeschadigd accessoire. Nadat u het accessoi- re hebt geïnspecteerd en gemonteerd, moet u uzelf en omstanders uit de lijn van het roterende accessoire plaatsen en de powertool gedurende één minuut onbelast met een maximaal toe- rental laten draaien. Beschadigde accessoires zullen normaliter breken tijdens deze testduur. h) Draag persoonlijke beschermingsmiddelen. Gebruik, afhankelijk van de toepassing, een gelaatscherm of veiligheidsbril. Draag al naargelang de omstandigheden een stofmas- ker, gehoorbescherming, handschoenen en een werkplaatsschort dat alle kleine slijp- en werkstukfragmenten kan tegenhouden. De oogbescherming moet bescherming kunnen bieden tegen rondvliegende rommel die door diverse werkzaamheden ontstaat. Het stofmas- ker of ademtoestel moet in staat om deeltjes te filtreren die ontstaan door uw werkzaamheden. Langdurige blootstelling aan hard geluid kan uw gehoor beschadigen.
i) Houd omstanders op veilige afstand van het
werkgebied. Iedereen die het werkgebied betreedt, moet persoonlijke beschermingsmid- delen dragen. Fragmenten van een werkstuk of een gebroken accessoire kunnen uit het werkgebied wegvliegen en letsel veroorzaken. j) Houd de powertool alleen vast aan de geïsoleer- de handgrepen, omdat het snijhulpstuk in con- tact kan komen met niet zichtbare bedrading of met het netsnoer van de machine.Wanneer het snijhulpstuk een onder spanning staande kabel raakt, kunnen de metalen delen van de machine onder spanning komen te staan, waardoor de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.
Houd het netsnoer uit de buurt van het draaien- de accessoire. Als u de controle verliest, wordt het snoer mogelijk doorgesneden of scheurt het, of raakt het verstrikt en kan uw hand of arm in het draaiende accessoire worden getrokken. l) Leg de powertool nooit neer voordat het ac- cessoire volledig tot stilstand is gekomen. Als u dit nalaat, kan het draaiende accessoire het oppervlak aangrijpen waardoor u de controle verliest over de powertool. m) Laat de powertool niet ingeschakeld terwijl u deze aan uw zijde draagt. Als u per ongeluk contact maakt met het draaiende accessoire, kan het verstrikt raken in uw kleding, waardoor het accessoire in uw lichaam wordt getrokken. n) Reinig de luchtgaten van de powertool regelmatig. De ventilator van de motor trekt de stof tot in de behuizing en bovenmatige opeenhoping van metaalpoeder kan elektrische gevaren veroorzaken. o) Gebruik de powertool niet in de buurt van ontvlambare materialen. Vonken kunnen deze materialen doen ontbranden. p) Gebruik geen accessoires die koelvloei stoffen vereisen. Gebruik van water of andere koelvloei- stoffen kan leiden tot elektrocutie of schokken. Terugslag en hieraan gerelateerde waarschuwingen Terugslag is een plotselinge reactie op een vastge- lopen of vastgeklemde draaiende schijf, steunschijf, borstel of ander accessoire. Als het accessoire vastloopt of vastgeklemd raakt, komt het accessoire plots tot stilstand, wat op zijn beurt tot gevolg heeft dat de powertool in de richting wordt geforceerd die tegengesteld is aan de rotatie van het accessoire op het contactpunt.Als een slijpschijf bijvoorbeeld in het werkstuk vastloopt of vastgeklemd raakt, kan de rand van de schijf die in het knelpunt vastraakt, zich ingraven in het oppervlak van het materiaal waar- door de schijf naar buiten klimt of springt. De schijf kan dan in de richting van de gebruiker of weg van de gebruiker springen, afhankelijk van de richting van de schijfbeweging op het knelpunt. Slijpschijven kunnen onder deze omstandigheden ook afbre- ken. Terugslag ontstaat door onjuist gebruik van de powertool en/of onjuiste gebruiksprocedures/ -omstandigheden en kan worden vermeden door deNL
voorzorgsmaatregelen hieronder te nemen. a) Houd de machine stevig vast en plaats uw lichaam zodanig dat u de krachten die ontstaan bij terugslag kunt weerstaan. Gebruik altijd de hulpgreep, indien aanwezig, om maximale con- trole te houden over terugslag of koppelreactie bij opstarten. De gebruiker kan koppelreacties of terugslagkrachten onder controle houden met de juiste voorzorgsmaatregelen. b) Plaats uw hand nooit in de buurt van het draai- ende accessoire. Het accessoire kan terugslaan over uw hand. c) Plaats uw lichaam niet in het gebied waarin de powertool zal bewegen als er terugslag optreedt. Bij terugslag zal de tool draaiend terugspringen in de richting die tegengesteld is aan de beweging van de schijf op het knelpunt.
Wees uiterst voorzichtig bij het gebruik van de machine bij hoeken, scherpe randen, etc. Voorkom dat de machine stuitert of vastgeklemd raakt. Hoeken, scherpe randen of een terugs- pringende machine kunnen tot gevolg hebben dat het draaiende accessoire vastloopt waardoor u de controle verliest of er terugslag optreedt. e) Bevestig geen houtbewerkingsbladen voor zaagkettingen of getande zaagbladen. Dergelij- ke bladen veroorzaken vaak terugslag en verlies van controle over de machine. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN DIE
SPECIFIEK GELDEN VOOR SLIJP EN
DOORSLIJPWERKZAAMHEDEN a) Gebruik alleen schijftypes die worden aanbe- volen voor uw powertool en de specifieke be- schermkap die is ontworpen voor de geselec- teerde schijf. Schijven waarvoor de powertool niet ontworpen is, kunnen niet toereikend worden beschermd en zijn niet veilig. b) Gebogen slijpschijven moeten zodanig gemon- teerd worden dat hun slijpoppervlak niet boven de rand van de beschermkap uit steekt. Een onjuist gemonteerde slijpschijf die over de rand van de slijpschijf uitsteekt, kan onvoldoende afgeschermd worden. c) De beschermkap moet stevig worden bevestigd op de powertool en zo worden geplaatst dat de veiligheid maximaal is en de hoeveelheid schijf waaraan de gebruiker blootstaat, minimaal is. De beschermkap helpt de gebruiker te beschermen tegen gebroken schijffragmenten, ongewild contact met de schijf en vonken die kleding kunnen doen ontbranden. d) Schijven mogen alleen worden gebruikt voor de aanbevolen toepassing. Bij voorbeeld: niet slijpen met de zijkant van een door slijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor omtreks- lijpen; zijkrachten die op deze schijven worden toegepast kunnen tot gevolg hebben dat de schijf in stukken uiteenvalt. e) Gebruik altijd onbeschadigde schijfflenzen van de juiste grootte en vorm voor uw geselecteer- de schijf. Juiste schijfflenzen ondersteunen de schijf waardoor het risico dat de schijf breekt wordt verkleind. Flenzen voor doorslijpschijven kunnen afwijken van flenzen voor slijpschijven.
Gebruik geen afgesleten schijven van grotere po- wertools. Schijven die zijn bestemd voor grotere powertools zijn niet geschikt voor het hogere toe- rental van een kleinere tool en kunnen barsten. AANVULLENDE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN DIE
SPECIFIEK ZIJN BESTEMD VOOR
DOORSLIJPWERKZAAMHEDEN Doorslijpwerkzaamheden mogen alleen worden uitgevoerd met een speciale beschermkap (niet inbegrepen) afb. E2 - F2. a) Forceer de doorslijpschijf niet in het werkstuk en oefen niet te veel kracht uit. Maak geen te diepe snedes. Door te veel spanning uit te oefenen op de schijf raakt deze overbelast en wordt het risico groter dat de schijf in de snede vervormd raakt of vastloopt, waardoor terugslag of schijfbreuk kan optreden.
Plaats uw lichaam niet op één lijn met en achter de draaiende schijf. Wanneer de schijf zich van uw lichaam af beweegt op het werkpunt, worden door de mogelijke terugslag de draaiende schijf en de powertool in uw richting getorpedeerd. c) Wanneer de schijf vastloopt of wanneer de snijbewerking om enige reden wordt onderbro- ken, schakel dan de powertool uit en houd deze bewegingsloos vast totdat de schijf volledig tot stilstand is gekomen. Probeer de doorslijp- schijf nooit uit de snede te verwijderen terwijl de schijf in beweging is. Anders kan terugslag optreden. Onderzoek eerst waarom de schijf is vastgelopen en verhelp de oorzaak.
Begin niet opnieuw met doorslijpen terwijl de powertool in het werkstuk zit. Laat de schijf30
eerst op het maximale toerental komen en ga met de powertool vervolgens opnieuw voorzich- tig in de snede. Als u de powertool start terwijl deze in het werkstuk zit, kan de schijf vastge- klemd raken, naar boven lopen of terugslaan. e) Ondersteun panelen of grote werkstukken om het risico te verkleinen dat de schijf bekneld raakt en terugslag optreedt. Grote werkstukken hebben de neiging om onder hun eigen gewicht in elkaar te zakken. Ondersteuningen moeten worden geplaatst onder het werkstuk bij de lijn van de snede en bij de rand van het werkstuk aan beide zijden van de schijf.
Wees extra voorzichtig als u in bestaande muren of andere blinde gebieden een “binnengat”- maakt. De uitstekende schijf snijdt mogelijk door gas- of waterleidingen, elektrische bedrading of objecten waardoor terugslag kan optreden.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE ACCU
a) Open de accu niet. Er bestaat gevaar voor kort- sluiting. b) Bescherm de accu tegen hitte, bijvoorbeeld ook tegen voortdurend zonlicht, vuur, water en vocht. Er bestaat explosiegevaar. c) Bij beschadiging en onjuist gebruik van de accu kunnen er dampen vrijkomen. Zorg voor frisse lucht en raadpleeg bij klachten een arts. De dampen kunnen de lucht wegen irriteren. d) Gebruik de accu alleen in combinatie met uw Vonroc product. Alleen zo wordt de accu tegen gevaarlijke over belasting beschermd.
Door scherpe voorwerpen, zoals bijv. spijkers of schroevendraaiers of door krachtinwerking van buitenaf kan de accu beschadigd worden. Het kan tot een interne kortsluiting leiden en de accu doen branden, roken, exploderen of oververhitten.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE LADER
Bedoeld gebruik Laad uitsluitend herlaadbare accupacks van het type CD801AA en CD803AA. Andere typen accu’s kunnen exploderen, wat lichamelijk letsel en scha- de kan veroorzaken. a) Het apparaat dient niet te worden gebruikt door personen (inclusief kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of mentale functies of per- sonen zonder enige ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd. b) Laat kinderen onder toezicht niet met het appa- raat spelen. c) Laad niet-herlaadbare accu’s niet opnieuw op! d) Plaats de accu’s tijdens het opladen in een goed geventileerde ruimte! Elektrische veiligheid Controleer altijd of de spanning van de stroomtoevoer overeenkomt met de spanning op het typeplaatje.
- Gebruik de machine niet indien het netsnoer of de netstekker zijn beschadigd.
- Gebruik uitsluitend verlengkabels die geschikt zijn voor het vermogen van de machine met een minimale dikte van 1,5 mm
. Indien u een verlengkabelhaspel gebruikt, rol dan altijd de kabel volledig uit.
2. TECHNISCHE INFORMATIE
Bedoeld gebruik Uw haakse slijper is ontworpen voor het slijpen van metselwerk en stalen materialen zonder gebruik van water. Voor doorslijpwerkzaamheden moet een speciale beschermkap worden gebruikt (niet inbegrepen). Afb. F2. TECHNISCHE SPECIFICATIES Deze gebruikshandleiding is opgesteld voor verschillende sets / artikelnummers. Controleer het bijbehorende artikelnummer in de onderstaande specificaties voor de juiste samenstelling en inhoud van uw set. Model Nr. Batterijen meegeleverd Acculader meegeleverd AG501DC
Model Nr. CD801AA Accu type Lithium-IonVoltage 20V Vermogen 2,0 AhAanbevolen laadapparaat CD802AAGewicht 0,3 kg Model Nr. CD802AA Acculader ingang 220-240V, 50Hz 0,4AAcculader uitgangsvermogen 21V 2,5AOplaadtijd 2Ah accu 60 minutenOplaadtijd 4Ah accu 120 minutenAanbevolen accu’s CD801AA, CD803AAGewicht 0,36 kg Model Nr. CD803AA Accu type Lithium-IonVoltage 20V Vermogen 4,0 AhAanbevolen laadapparaat CD802AAGewicht 0,65 kg Draag gehoorbescherming. Gebruik uitsluitend de volgende accu’s van het VONROC VPOWER 20V accu-platform. Gebruik van andere accu’s kan leiden tot ernstig letsel of tot beschadiging van het gereedschap. CD801AA 20V, 2Ah Lithium-Ion CD803AA 20V, 4Ah Lithium-Ion De volgende lader kan worden gebruikt voor het opladen van deze accu’s. CD802AA Snellader De accu’s van het VONROC VPOWER 20V accu-platform kunnen worden gewisseld tussen alle gereedschappen van het VONROC VPOWER 20V accu-platform. Trillingsniveau Het trillingsemissieniveau, dat in deze gebruiksaan- wijzing wordt vermeld, is gemeten in overeenstem- ming met een gestandaardiseerde test volgens EN 60745; deze mag worden gebruikt om twee machi- nes met elkaar te vergelijken en als voorlopige be- oordeling van de blootstelling aan trilling bij gebruik van de machine voor de vermelde toepassingen.
- Het gebruik van de machine voor andere toe- passingen, of met andere of slecht onderhou- den accessoires, kan het blootstellingsniveau aanzienlijk verhogen.
Wanneer de machine is uitgeschakeld of wan- neer deze loopt maar geen werk verricht, kan dit het blootstellingsniveau aanzienlijk reduceren. Bescherm uzelf tegen de gevolgen van trilling door de machine en de accessoires te onderhouden, uw han- den warm te houden en uw werkwijze te organiseren. BESCHRIJVING De nummers in de tekst verwijzen naar de diagram- men op pagina 2 - 5.
1. Asvergrendelingsknop
2. Ontgrendelingshendel voor beschermkap
5. Schakelaar Aan / Uit
6. Aansluitpunt zijgreep
10. Schijf (niet inbegrepen)
Neem altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de accu uit het gereedschap. De accu moet zijn opgeladen voordat deze voor het eerst wordt gebruikt.32
De accu in de machine plaatsen (Afb. C-1) Zorg ervoor dat het oppervlak van de accu schoon en droog is voordat u deze op de acculader of de machine aansluit.
1. Plaats de accu (13) in de onderkant van de
Duw de accu verder naar voren tot deze vastklikt. De accu van de machine verwijderen (Afb. C-1)
1. Duw op de ontgrendelingsknop van de accu (14).
2. Trek de accu uit de machine zoals afgebeeld in
Fig. C-1. De laadstatus van de accu controleren (Afb. C-2)
- Druk kort op de knop (15) op de accu om de laadstatus van de accu te controleren.
- Op de accu bevinden zich 3 lampjes die het laadniveau aangeven. Hoe meer lampjes bran- den, des te meer is de accu opgeladen.
- Wanneer de lampjes niet branden, wil dit zeg- gen dat de accu leeg is en onmiddellijk moet worden opgeladen. De accu laden met de acculader (Afb. C-2)
1. Haal de accu (13) uit de machine.
2. Draai de accu (13) ondersteboven en schuif
deze op de acculader (17), zoals is weergege- ven in Afb. C-2.
3. Duw op de accu tot deze volledig in de sleuf zit.
4. Steek de stekker van de acculader in een
stopcontact en wacht even. De Led-lampjes op de acculader (18) gaan branden en tonen de status van de lader. De acculader heeft 2 led-controlelampjes (18) dat de status van het laadproces aangeeft: Status rode LED Status groene LED Status van acculader Uit Uit Geen stroom Uit Aan Standby mode:
Geen accu geplaatst, of
Opladen van de accu is beëindigd, de accu is volledig opgeladen Aan Uit Bezig met opladen van accu
- Het kan tot 60 minuten duren voordat de 2Ah accu volledig is opgeladen.
- Het kan tot 120 minuten duren voordat de 4Ah accu volledig is opgeladen. Verwijder, als de accu volledig is opgeladen, de stekker van de acculader uit het stopcontact en haal de accu uit de acculader. Wanneer deze machine gedurende een langere tijd niet wordt gebruikt, is het raadzaam de accu te bewaren in opgeladen toestand. De beschermkap monteren (Afb. E en F)
1. Plaats de machine op een tafel met de as (7)
zoals getoond in afbeelding C en zorg er hierbij voor dat de richels op de beschermkap in de inkepingen van de machinekop vallen.
3. Draai de beschermkap tegen de wijzers van de
klok in zoals getoond in afbeelding D en klem de ontgrendelingshendel voor de beschermkap (2) dicht.
4. U kunt de positie van de beschermkapafstel-
len door de hendel (2) los te maken. Zet de beschermkap vervolgens in de gewenste positie en klem vervolgens de hendel dicht om deze te vergrendelen. Monteren en verwijderen van de slijpschijf (Afb. D) Gebruik de machine niet zonder de beschermkap. Gebruik uitsluitend scherpe en onbescha- digde schijven.
Gebruik altijd een geschikte schijf voor deze machine, met een diameter van Ø 115 mm en een asgat van 22,2 mm; de dikte van de schijf moet 6 mm zijn voor een slijpschijf en 3 mm voor een doorslijpschijf; de schijf mag de beschermkap niet raken. Monteren
1. Plaats de machine op een tafel met de
beschermkap (3) naar boven gericht.
2. Monteer de flens (9) op de as (7).
3. Plaats de schijf (10) op de as (7).
draai de klemmoer (11) stevig vast op de as (7) met behulp van de sleutel (12). Verwijderen
1. Plaats de machine op een tafel met de
beschermkap (3) naar boven gericht.
2. Houd de asvergrendelingsknop (1) ingedrukt en
maak de klemmoer (11) los met behulp van de sleutel (12).
3. Verwijder de schijf (10) van de as (7).
4. Houd de asvergrendelingsknop (1) ingedrukt en
draai de klemmoer (11) stevig vast met behulp van de sleutel (12). De zijgreep monteren (Afb. A en G)
- De zijgreep (8) kan in een van de drie aansluit- punten (6) worden geschroefd.
Verzeker uzelf ervan dat het werkstuk goed gefixeerd of ondersteund is. In- en uitschakelen (Afb. B)
- Om de machine in continubedrijf in te schake- len, schuift u de vergrendeling (5) naar rechts en de aan/uit-schakelaar (5) in de richting van de slijpschijf (fig. B1).
Om de machine uit te schakelen, drukt u het on- derste deel van de aan/uit-schakelaar (5) in (fig. B2). Houd de machine weg van het werkstuk als u de machine in- of uitschakelt. Anders wordt het werkstuk mogelijk beschadigd door de schijf.
- Klem het werkstuk stevig vast of gebruik een andere methode om ervoor te zorgen dat het werkstuk kan bewegen kan komen terwijl u aan het werk bent.
- Controleer de schijven regelmatig. Versleten schijven hebben een negatief effect op de effi- ciëntie van de machine. Vervang een schijf tijdig door een nieuwe. Afbramen (Afb. H) Een schuine hoek van 30
geeft bij het afbramen het beste resultaat. Beweeg de machine met een lichte druk heen en terug. Dit voorkomt dat het werkstuk ontkleurt of te heet wordt en groeven worden gevormd. Gebruik nooit doorslijpschijven om werkstukken af te bramen! Doorslijpen (Afb.I) Voor doorslijpwerkzaamheden moet een speciale beschermkap worden gebruikt (niet inbegrepen). Houd stevig contact met het werkstuk om trillingen te voorkomen; kantel de machine niet en oefen geen druk uit terwijl u het werkstuk doorslijpt. Oefen tijdens het werk een gemiddelde druk uit die past bij het materiaal waaraan u werkt. Vertraag schijven niet door een zijwaartse tegendruk uit te oefenen. De richting waarin u wilt doorslijpen is belangrijk. De machine moet altijd tegen de richting van de snede in werken; u mag de machine dus nooit in tegengestelde richting bewegen! Er bestaat anders het risico van terugslag waardoor u de controle over de machine verliest. Aanwijzingen voor optimaal gebruik
- Klem het werkstuk vast. Gebruik een klemin- richting voor kleine werkstukken.
- Houd de machine met beide handen vast.
- Schakel de machine in.
- Wacht totdat de machine op volle snelheid is.
- Plaats de slijpschijf op het werkstuk.
- Beweeg de machine langs het werkstuk, waarbij de slijpschijf stevig tegen het werkstuk wordt gedrukt.
- Oefen niet te veel druk uit op de machine. Laat de machine het werk doen.
- Schakel de machine uit en wacht totdat de ma- chine volledig tot stilstand is gekomen voordat u de machine neerlegt.
Schakel, voordat u met de reiniging en het onderhoud begint, altijd de machine uit en haal het accupack uit de machine. Reinig de machinebehuizing regelmatig met een zachte doek, bij voorkeur iedere keer na gebruik. Zorg dat de ventilatiesleuven vrij van stof en vuil zijn. Gebruik bij hardnekkig vuil een zachte doek bevochtigd met zeepwater. Gebruik geen oplosmid- delen als benzine, alcohol, ammonia, etc. Dergelij- ke stoffen beschadigen de kunststof onderdelen.34
MILIEU Defecte en/of afgedankte elektrische of elektronische gereedschappen dienen ter verwerking te worden aangeboden aan een daarvoor verantwoordelijke instantie. Uitsluitend voor EG-landen Werp elektrisch gereedschap niet weg bij het huisvuil. Conform de Europese Richtlijn 2012/19/ EG voor Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur en de implementatie ervan in nationaal recht moet niet langer te gebruiken elektrisch gereedschap gescheiden worden verzameld en op een milieuvriendelijke wijze worden verwerkt. GARANTIE VONROC producten zijn ontworpen volgens de hoogste kwaliteitsstandaarden en gegarandeerd vrij van defecten, zowel materieel als fabrieksfouten, tijdens de wettelijk vastgestelde garantieperiode vanaf de eerste aankoopdatum. Mocht het product tijdens deze periode gebreken vertonen veroorzaakt door defecte materialen en/of fabrieksfouten, neem dan rechtstreeks contact op met VONROC. De volgende situaties vallen niet onder de garantie:
- Er zijn reparaties of aanpassingen aan de machine uitgevoerd, of er is een poging daartoe ondernomen, door een nietgeautoriseerd ser- vicecentrum.
- De machine is misbruikt, verkeerd gebruikt of slecht onderhouden.
- Er zijn niet-originele reserveonderdelen gebruikt Dit vormt de enige garantie opgesteld door het be- drijf zowel expliciet als impliciet. Er bestaan geen andere garanties expliciet of impliciet welke verder gaan dan deze garantie, inclusief impliciete garanties van verkoopbaarheid en geschiktheid voor bepaalde doeleinden. In geen enkel geval kan VONROC aansprakelijk worden gesteld voor inci- dentele schade of gevolgschade. Reparaties van dealers zijn gelimiteerd tot de reparatie of vervan- ging van defecte producten of onderdelen. Het product en de gebruikershandleiding zijn onderhevig aan wijzigingen. Specificaties kunnen zonder opgaaf van redenen worden gewijzigd.
Notice-Facile