GEBRUIKSAANWIJZING PCM 7 S BOSCH
Veiligheidsvoorschriften
Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen
LET OP
Bij het gebruik van elektrisch gereedschap moeten de volgende belangrijke veiligheidsmaatregelen in acht worden genomen ter bescherming tegen een elektrische schok en tegen verwondings- en brandgevaar.
Belangrijke veiligheidsmaatregelen in acht worden genomen ter bescherming tegen een elektrische schok en tegen verwondings- en brandgevaar.
Lees al deze voorschriften voordat u dit elektrische gereedschap gebruikt en bewaar deze veiligheidsvoorschriften goed.
Het in de veiligheidsvoorschriften gebruikte begrip "elektrisch gereedschap" heeft betrekking op elektrische gereedschappen voor gebruik op het stroomnet (met netsnoer) en op elektrische gereedschappen voor gebruik met een accu (zonder netsnoer).
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden. b) Werk met het elektrische gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
a) Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden. b) Werk met het elektrische gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbaar stof bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die het stof of de dampen tot ontsteking kunnen brengen. c) Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het gereedschap verliezen.
a) De aansluitstekker van het elektrische gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.
b) Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, bijvoorbeeld van buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico door een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is. c) Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok. d) Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel, om het elektrische gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende gereedschapsdelen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok. e) Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor gebruik buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok. f) Als het gebruik van het elektrische gereedschap in een vochtige omgeving onvermijdelijk is, dient u een aardlekschakelaar te gebruiken. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
3) Veiligheid van Personen
a) Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik geen elektrisch gereedschap wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het elektrische gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.






b) Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen. c) Voorkom per ongeluk inschakelen. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker in het stopcontact steekt of de accu aansluit en voordat u het gereedschap oppakt of draagt. Wanneer u bij het dragen van het elektrische gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden. d) Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het elektrische gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden. e) Voorkom een onevenwichtige lichaamshouding. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het elektrische gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, lange haren en sieraden kunnen door bewegende delen worden meegenomen. g) Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van een stofafzuiging beperkt het gevaar door stof.
4) Zorgvuldige omgang met en zorgvuldig gebruik van elektrische gereedschappen
a) Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik. b) Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd. c) Trek de stekker uit het stopcontact of neem de accu uit het elektrische gereedschap voordat u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt of het gereedschap opbergt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het elektrische gereedschap. d) Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt. e) Verzorg het elektrische gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het elektrische gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden elektrische gereedschappen. f) Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijk te geleiden.


g) Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden.
5) Service
a) Laat het elektrische gereedschap alleen repareren door gekwalificeerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft.
Veiligheidsvoorschriften voor radiaalzagen
▷ Het elektrische gereedschap wordt geleverd met een waarschuwingsplaatje in het Duits (in de weergave van het elektrische gereedschap op de pagina met afbeeldingen aangeduid met nummer 2). Plak over de Duitse tekst van het waarschuwingsplaatje de meegeleverde sticker in uw eigen taal voordat u het gereedschap voor het eerst gebruikt.

Maak waarschuwingsstickers op elektrisch gereedschap nooit onleesbaar. ▷ Ga nooit op het elektrische gereedschap staan. Er kunnen ernstige verwondingen optreden wanneer het elektrische gereedschap kantelt of wanneer u per ongeluk met het zaagblad in aanraking komt. ▷ Controleer dat de beschermkap correct werkt en vrij kan bewegen. Klem de beschermkap nooit in geopende toestand vast.
▷ Verwijder nooit zaagresten, houtspanen en dergelijke uit de buurt van de plaats waar wordt gezaagd terwijl het elektrische gereedschap loopt. Breng de gereedschaparm altijd eerst in de ruststand en schakel het elektrische gereedschap uit. Beweeg het zaagblad alleen ingeschakeld naar het werkstuk. Anders bestaat er gevaar voor een terugslag als het zaagblad in het werkstuk vasthaakt. Houd grepen droog, schoon en vrij van olie en vet. Vettige grepen met olie zijn glad en leiden tot het verlies van de controle over de kettingzaag. - Gebruik het elektrische gereedschap alleen als het werkoppervlak, buiten het te bewerken werkstuk, vrij is van alle instelgereedschappen, houtspanen en dergelijke. Kleine stukken hout of andere voorwerpen die met het ronddraaiende zaagblad in contact komen, kunnen de bediener met hoge snelheid raken. Houd de vloer vrij van houtspanen en materiaalresten. U kunt uitglijden of struikelen. ▷ Span het te bewerken werkstuk altijd vast. Bewerk geen werkstukken die te klein zijn om te worden vastgespannen. De afstand van uw hand tot het ronddraaiende zaagblad is anders te klein. - Gebruik het elektrische gereedschap alleen voor de materialen die zijn aangegeven bij het gebruik volgens de bestemming. Anders kan het elektrische gereedschap overbelast raken. ▷ Als het zaagblad vastklemt, schakelt u het elektrische gereedschap uit en houdt u het werkstuk stil tot het zaagblad tot stilstand is gekomen. Het werkstuk mag pas worden bewogen als het zaagblad stil staat. Zo voorkomt u een terugslag. Maak de oorzaak van het vastklemmen van het zaagblad ongedaan voordat u het elektrische gereedschap opnieuw start.
▷ Gebruik geen stompe, geschuurde, verbogen of beschadigde zaagbladen. Zaagbladen met stompe of verkeerd gerichte tanden veroorzaken door een te nauwe zaagopening een verhoogde wrijving, vastklemmen van het zaagblad of terugslag. - Gebruik altijd zaagbladen met de juiste maat en vorm (stervormig of rond) van het opnameboorgat. Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaagmachine passen, lopen niet rond en leiden tot het verliezen van de controle. - Gebruik geen zaagbladen van hooggelegeerd sneldraaistaal (HSS-staal). Dergelijke zaagbladen kunnen gemakkelijk breken. Pak het zaagblad na de werkzaamheden niet vast voordat het afgekoeld is. Het zaagblad wordt tijdens de werkzaamheden zeer heet. - Gebruik het gereedschap nooit zonder de inlegplaat. Vervang een defecte inlegplaat. Zonder een correct werkende inlegplaat kunt u zich aan het zaagblad verwonden. ▷ Controleer de kabel regelmatig en laat een beschadigde kabel alleen door een erkende servicewerkplaats voor Bosch elektrische gereedschappen repareren. Vervang een beschadigde verlengkabel. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het elektrische gereedschap in stand blijft.
Bewaar het elektrische gereedschap als u het niet gebruikt op een veilige plaats. Bewaar het op een droge en afsluitbare plaats. Daarmee voorkomt u dat het elektrische gereedschap tijdens het bewaren beschadigd of door onervaren personen bediend wordt. Richt de laserstraal niet op personen of dieren en kijk niet zelf in de laserstraal. Dit elektrische gereedschap brengt laserstraling van laserklasse 2 volgens EN 60825-1 voort. Daardoor kunt u personen verblinden. Vervang de ingebouwde laser niet door een laser van een ander type. Van een laser die niet bij dit elektrische gereedschap past, kunnen gevaren voor personen uitgaan. Zet het werkstuk vast. Een met spanvoorzieningen of een bankschroef vastgehouden werkstuk wordt beter vastgehouden dan met uw hand. Verlaat het gereedschap nooit voordat het volledig tot stilstand is gekomen. Uitlopende inzetgereedschappen kunnen verwondingen veroorzaken. Gebruik het elektrische gereedschap niet met een beschadigde kabel. Raak de beschadigde kabel niet aan en trek de stekker uit het stopcontact als de kabel tijdens de werkzaamheden beschadigd wordt. Beschadigde kabels vergroten het risico van een elektrische schok.
Symbolen
De volgende symbolen kunnen voor het gebruik van het elektrische gereedschap van belang zijn. Zorg ervoor dat u de symbolen en hun betekenis herkent. Het juiste begrip van de symbolen helpt u het elektrische gereedschap goed en veilig te gebruiken.
Symbool Betekenis
Draag een stofmasker.


| Symbol | Betekenis |
| ▷ Draag een veiligheidsbril. |
| ▷ Draag een gehoorbescherming. De bloatstelling aan lawaai kan ge-hoorverlies tot gevolg hebben. |
| ▷ Houd uw handen uit de buurt van de zaagomgeving verwijl het elektrische gereedschap loopt. Bij aanraking van het zaagblad bestaat verwondingsgevaar. |
| ▷ Richt de laserstraal Niet op Personen of dieren en kijk nicht zich in de laserstraal. Dit elektrische gereedschap brengt laserstraling van laserklasse 2 volgens EN 60825-1 voort. Daardoorkest u Personen verblinden. |
| Let op de afmetingen van het zaagblad. De Gatdiameter moet+zonder spel ing op de uitgaande as passen. Gebruik geen reduceerstukken of adapters. |
| ▷ Gevarenbereik! Houd handen, vingers en armen zo veel möglichukt de buurt. |
| Dankzij de transportvergrendeling 29 kunt u het elektrische gereed-schap gemakkelijker vervoeren.-
- Transportbeveiliging 29—helemaal� aarrn geduwd:
Elektrisch gereedschap vergrendelen (transportstand)
- Transportbeveiliging 29—helemaal� aarrn getrokken:
Elektrisch gereedschap ontrendelen (werkstand) |
| Alleen voor landen van de EU:
Gooi elektrische gereedschappen Niet bij het huisvuil.
Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG over elektrische en elektronsische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in nationaal recht要去en Niet更是 bruikbare elektrische gereedschappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden her-gebruikt. |
Functiebeschrijving

Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle voorschriften. Als de waarschuwingen en voorschriften niet worden opgevolgd, kan dit een elektrische schok, brand of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Gebruik volgens bestemming
Het elektrische gereedschap is bestemd voor gebruik als staand gereedschap voor schulpen en afkorten met een rechte zaaglijn in hout. Daarbij zijn horizontale verstekhoeken van -47° tot +47° en verticale verstekhoeken van 0° tot 45° mogelijk.
Het vermogen van het elektrische gereedschap maakt het geschikt voor het zagen van hard en zacht hout.
Het elektrische gereedschap is niet geschikt voor het zagen van aluminium of andere non-ferrometalen.
Afgebeelde componenten
De componenten zijn genummerd zoals op de afbeeldingen van het elektrische gereedschap op de pagina's met afbeeldingen.
1 Handgreep 2 Laser-waarschuwingsplaatje 3 Hendel voor losdraaien van gereedschaparm 4 Beschermkap 5 Pendelbeschermkap 6 Glijrol 7 Boorgaten voor montage 8 Zaagtafel 9 Vastzetknop voor verstekhoek (horizontaal) 10 Kantelbeveiliging 11 Inlegplaat 12 Hoekaanduiding (horizontaal) 13 Schaalverdeling voor verstekhoek (horizontaal) 14 Zaagtafelverlenging 15 Aanslagrail 16 Lijmklem
17 Spangreep voor verstekhoek (verticaal) 18 Diepteaanslag 19 Stofzak 20 Aan/uit-schakelaar 21 Schakelaar voor laser (zaaglijnmarkering) 22 Spanafvoer 23 Boorgaten voor lijmklem 24 Transportgreep 25 Inbussleutel (6 mm) 26 Vastzetschroef van de afkortvoorziening 27 Greepuitsparingen 28 Opname voor zaagtafelverlenging (op elektrisch gereedschap) 29 Transportvergrendeling 30 Blokkering uitgaande as 31 Batterijvak 32 Opname voor zaagtafelverlenging (op tweede zaagtafelverlenging) 33 Inbusbout (6 mm) voor zaagbladbevestiging 34 Spanflens 35 Binnenste spanflens 36 Zaagblad 37 Vleugelschroef 38 Draadeind 39 Hoekanduiding (verticaal) 40 Schaalverdeling voor verstekhoek (verticaal) 41 Afkortvoorziening 42 Huisanslag voor diepteaanslag 43 Schroeven voor inlegplaat
Niet elk afgebeeld en beschreven toebehoren worden standaard meegeleverd. Het volledige toebehoren vindt u in ons toebehorenprogramma.

Technische gegevens
| Radialzaag | PCM 7 S |
| Zaaknummer | | 3 603 M01 3.. |
| Opogenomen vermogen | W | 1200 |
| Onbelast toerental | min-1 | 4800 |
| Lasertype | nm | 650 |
| mW | < 1 |
| Laserklasse | | 2 |
| Gewicht volgens EPTA-Procedure 01/2003 | kg | 11,8 |
| Isolatieklasse | | ☐/II |
Toegestane werkstukmaten (maximaal/minimaal) zie pagina 109.
De gegevens gelden voor nominale spanningen [U] 230 V. Bij afwijkende spanningen en bij per land verschillende uitvoeringen kunnen deze gegevens afwijken.
Let op het zaaknummer op het typeplaatje van het elektrische gereedschap. De handelsbenamingen van sommige elektrische gereedschappen kunnen afwijken.
Afmetingen voor geschikte zaagbladen
| Zaagbladdiameter | mm | 190 |
| Bladdikte | mm | 1,4-2,5 |
| Boorgatdiameter | mm | 30 |
Meetwaarden voor geluid bepaald volgens EN 61029.
Het A-gewogen geluidsniveau van het gereedschap bedraagt kenmerkend: geluidsdrukniveau 94 dB(A); geluidsvermogenniveau 107 dB(A). Onzekerheid K = 3 dB.
Draag een gehoorbescherming.
Trillingsemissiewaarden (vectorsom van drie richtingen) bepaald volgens EN 61029: trillingsemissiewaarde a_h < 2,5 m/s², onzekerheid K = 1,5 m/s²
Het in deze gebruiksaanwijzing vermelde trillingsniveau is gemeten met een volgens EN 61029 genormeerde meetmethode en kan worden gebruikt om elektrische gereedschappen met elkaar te vergelijken. Het is ook geschikt voor een voorlopige inschatting van de trillingsbelasting.
Het aangegeven trillingsniveau representeert de voornaamste toepassingen van het elektrische gereedschap. Als daarentegen het elektrische gereedschap wordt gebruikt voor andere toepassingen, met afwijkende inzetgereedschappen of onvoldoende onderhoud, kan het trillingsniveau afwijken. Dit kan de trillingsbelasting gedurende de gehele arbeidsperiode duidelijk verhogen. Voor een nauwkeurige schatting van de trillingsbelasting moet ook rekening worden gehouden met de tijd waarin het gereedschap uitgeschakeld is, of waarin het gereedschap wel loopt, maar niet werkelijk wordt gebruikt. Dit kan de trillingsbelasting gedurende de gehele arbeidsperiode duidelijk verminderen.
Leg aanvullende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener tegen het effect van trillingen vast, zoals: onderhoud van elektrische gereedschappen en inzetgereedschappen, warm houden van de handen, en organisatie van het arbeidsproces.
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens“ beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten: EN 61029, EN 60825-1 volgens de bepalingen van de richtlijnen 2004/108/EG en 2006/42/EG.
Technisch dossier bij: Robert Bosch GmbH, Dept. PT/ESC, D-70745 Leinfelden-Echterdingen
Voorkom per ongeluk starten van het elektrische gereedschap. Tijdens de montage en bij alle werkzaamheden aan het elektrische gereedschap mag de stekker niet zijn aangesloten op de stroomvoorziening.
Meegeleverd

Raadpleeg voor de beschrijving van de meegeleverde onderdelen het begin van de gebruiksaanwijzing.
Controleer voor de eerste ingebruikname van het elektrische gereedschap of alle hierna vermelde onderdelen zijn meegeleverd:
- Radiaalzaag met vooraf gemonteerd zaagblad
- Stofzak 19, Zaagtafelverlenging 14 (2x)
- Lijmklem 16
- Inbussleutel 25
- Batterijen (2x, maat LR03, 1,5 V)
Opmerking: Controleer het elektrische gereedschap op eventuele beschadigingen.
Voordat u het elektrische gereedschap verder gebruikt, dient u veiligheidsvoorzieningen en licht beschadigde onderdelen zorgvuldig te controleren op hun juiste werking volgens de voorschriften. Controleer of de bewegende delen goed werken en niet vastklemmen en of er onderdelen beschadigd zijn. Alle onderdelen moeten juist gemonteerd zijn en aan alle voorwaarden voldoen om een correcte werking te waarborgen.
Laat beschadigde beschermingsvoorzieningen en onderdelen door een erkend en gespecialiseerd bedrijf op deskundige wijze repareren of vervangen.
Gereedschap dat naast de meegeleverde onderdelen benodigd is:
Kruiskopschroevendraaier
Montage van onderdelen
- Neem alle meegeleverde delen voorzichtig uit de verpakking.
- Verwijder al het verpakkingsmateriaal van het elektrische gereedschap en het meegeleverde toebehoren.
- Let erop dat het elektrische gereedschap zich in de transportstand bevindt, om de werkzaamheden bij de montage van de meegeleverde gereedschapelementen te vergemakkelijken.
Batterijen plaatsen (zie afbeelding A)
- Open het batterijvak 31.
- Plaats de meegeleverde batterijen volgens de aangegeven poolaansluitingen.
- Sluit het batterijvak.
Zaagtafelverlengingen monteren (zie afbeelding B)
De zaagtafelverlengingen 14 kunnen links, rechts of vooraan op het elektrische gereedschap worden geplaatst.
Het flexibele insteeksysteem maakt een groot aantal verlengingsvarianten mogelijk (zie afbeelding H).
- Steek naar behoefte de zaagtafelverlenging 14 in de opnames 28 op het elektrische gereedschap of in de opnames 32 van de tweede zaagtafelverlenging.
▷ Om een veilig gebruik te waarborgen, dient u het elektrische gereedschap voor het gebruik op een egaal en stabiel werkoppervlak (bijv. een werkbank) te monteren.
Montage op een werkoppervlak (zie afbeelding D1)
Draai de kantelbeveiliging 10 zo ver naar binnen of naar buiten tot het elektrische gereedschap recht op het werkoppervlak staat. Bevestig het elektrische gereedschap met een geschikte schroefverbinding op het werkoppervlak. Daartoe dienen de boorgaten 7.








Montage op een Bosch-werktafel (zie afbeelding D2)
De werktafels van Bosch (bijv. PTA 2400) bieden het elektrische gereedschap houvast op elke ondergrond door in hoogte verstelbare voeten. De werkstuksteunen van de werktafels dienen ter ondersteuning van lange werkstukken.
Opmerking: Gebruik in dit geval ter ondersteuning van lange werkstukken alleen de werkstuksteunen van de werktafel en niet de zaagtafelverlengingen 14 van het elektrische gereedschap.
Lees alle waarschuwingen en aanwijzingen die bij de werktafel zijn gevoegd. Als de waarschuwingen en aanwijzingen niet in acht worden genomen, kan dit een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben.
Bouw de werktafel correct op voordat u het elektrische gereedschap monteert. Een juiste opbouw is van belang om het risico van bezwijken te voorkomen.
- Monteer het elektrische gereedschap in de transportstand op de werktafel.
Afzuiging van stof en spanen
Stof van materialen zoals loodhoudende verf, enkele houtsoorten, mineralen en metaal kunnen schadelijk voor de gezondheid zijn. Aanraking of inademing van stof kan leiden tot allergische reacties en/of ziekten van de ademwegen van de gebruiker of personen die zich in de omgeving bevinden.
Bepaalde soorten stof, bijvoorbeeld van eiken en beukenhout, gelden als kankerverwekkend, in het bijzonder in combinatie met toevoegingsstoffen voor houtbehandeling (chromaat en houtbeschermingsmiddelen). Asbesthoudend materiaal mag alleen door bepaalde vakmensen worden bewerkt.
- Gebruik altijd een stofafzuiging. Zorg voor een goede ventilatie van de werkplek. Er wordt geadviseerd om een ademmasker met filterklasse P2 te dragen.
Neem de in uw land geldende voorschriften voor de te bewerken materialen in acht.
De afzuiging van stof en spanen kan geblokkeerd worden door stof, spanen of fragmenten van het werkstuk.
- Schakel het elektrische gereedschap uit en trek de stekker uit het stopcontact. Wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. Stel de oorzaak van de blokkering vast en maak deze ongedaan.
Eigen afzuiging (zie afbeelding C)
- Steek de stofzak 19 op de spaanafvoer 22.
De stofzak mag tijdens het zagen nooit met bewegende delen van het gereedschap in aanraking komen.
Maak de stofzak op tijd leeg.
Externe afzuiging
Voor de afzuiging kunt u aan de spaanafvoer 22 ook een stofzuigerslang (Ø 36 mm) aansluiten.
De stofzuiger moet geschikt zijn voor het te bewerken materiaal.
Gebruik bij het afzuigen van voor de gezondheid bijzonder gevaarlijk, kankerverwekkend of droog stof een speciale zuiger.
Inzetgereedschap wisselen (zie afbeeldingen E1-E4)
Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact. Draag werkhandschoenen bij de montage van het zaagblad. Bij het aanraken van het zaagblad bestaat verwondingsgevaar.
Gebruik alleen zaagbladen met een maximaal toegestaan toerental dat hoger is dan het onbelaste toerental van het elektrische gereedschap.
Gebruik alleen zaagbladen die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing vermelde specificaties, volgens EN 847-1 zijn gecontroleerd en overeenkomstig zijn gemarkeerd.
Gebruik alleen zaagbladen die door de fabrikant van het elektrische gereedschap geadviseerd zijn en die geschikt zijn voor het materiaal dat u wilt bewerken.



Zaagblad demonteren
- Zet het elektrische gereedschap in de werkstand.
- Draai de inbusbout 33 met de meegeleverde inbussleutel 25 en druk tegelijkertijd op de asblokkering 30 tot deze vastklikt.
- Houd de asblokkering 30 ingedrukt en draai de schroef 33 met de klok mee maar buiten (linkse schroefdraad!).
- Neem de spanflens 34 van de as.
- Druk op de hendel 3 en draai de pendelbeschermkap 5 tot aan de aanslag maar achteren.
- Houd de pendelbeschermkap in deze stand en verwijder het zaagblad 36.
- Geleid de pendelbeschermkap langzaam weer omlaag.
Zaagblad monteren
Reinig indien nodig voor de montage alle te monteren delen.
- Druk op de hendel 3, draai de pendelbeschermkap 5 tot aan de aanslag maar achteren en houd de kap in deze stand vast. Zet het nieuwe zaagblad op de binnenste spanflens 35. Let er bij de montage op dat de snijrichting van de tanden (richting van de pijl op het zaagblad) overeenkomt met de richting van de pijl op de beschermkap.
- Geleid de pendelbeschermkap langzaam weer omlaag.
- Breng de spanflens 34 en de schroef 33 aan. Druk op de asblokkering 30 tot deze vastklikt en draai de schroef tegen de richting van de wijzers van de klok vast.
Gebruik
Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact.
Transportvergrendeling (zie afbeelding F)
Dankzij de transportvergrendeling 29 kunt u het elektrische gereedschap gemakkelijker vervoeren.
Elektrisch gereedschap ontgrendelen (werkstand)
Duw de gereedschaparm aan de handgreep 1 iets omlaag om de transportbeveiliging 29 te ontlasten. Trek de transportvergrendeling 29 helemaal naar buiten. Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Elektrisch gereedschap vergrendelen (transportstand)
- Draai de vastzetschroef 26 los als deze is vastgedraaid. Trek de gereedschaparm helemaal naar voren en draai de vastzetschroef weer vast. Schroef de diepteaanslag 18 helemaal omhoog. (zie "Diepteaanslag instellen", pagina 110)
- Draai voor het vergrendelen van de zaagtafel 8 de vastzetknop 9 aan.
- Druk op de hendel 3 en draai tegelijkertijd de gereedschaparm aan de handgreep 1 zo ver naar onderen tot de transportbeveiliging 29 helemaal naar binnen kan worden geduwd.
De gereedschaparm is nu voor het transport stevig vergrendeld.
Werkstuk bevestigen (zie afbeelding G)
Span het werkstuk altijd vast om een optimale arbeidsveiligheid te waarborgen.
Bewerk geen werkstukken die te klein zijn om te worden vastgespannen.
Duw het werkstuk stevig tegen de aanslagrail 15. Steek de meegeleverde lijmklem 16 in een van de daarvoor voorziene boorgaten 23. Draai de vleugelschroef 37 los en pas de lijmklem aan het werkstuk aan. Draai de vleugelschroef weer vast. Span het werkstuk vast door aan het draadeind 38 te draaien.
Werkstuk losmaken
- Als u de lijmklem wilt losdraaien, draait u het draadeind 38 tegen de wijzers van de klok in.





Zaagtafel verlengen (zie afbeelding H)
Ondersteun het vrije einde van een lang werkstuk, bijvoorbeeld door er iets onder te leggen.
Het flexibele insteeksysteem voor zaagtafelverlengingen 14 maakt een groot aantal verlengingsvarianten mogelijk.
- Steek naar behoefte de zaagtafelverlenging 14 in de opnames 28 op het elektrische gereedschap of in de opnames 32 van de tweede zaagtafelverlenging.
Verstekhoek instellen
Bedien bij het instellen van de verstekhoek nooit de aan/uit-schakelaar 20. Als daardoor het elektrische gereedschap onbedoeld start, bestaat er verwondingsgevaar.
Horizontale verstekhoek instellen
De horizontale verstekhoek kan in een bereik van 47° (linkerzijde) tot 47° (rechterzijde) worden ingesteld.
- Draai de vastzetknop 9 los wanneer deze is vastgedraaid.
- Draai de zaagtafel 8 aan de vastzetknop naar links of rechts tot de hoekaanduiding 12 de gewenste verstekhoek aangeeft. Draai de vastzetknop 9 weer vast.
Voor het snel en nauwkeurig instellen van vaak gebruikte verstekhoeken klikt de zaagtafel 8 bij de volgende standaardhoeken vast:
-45° / -30° / -22,5° / -15° / 0° / 15° / 22,5° / 30° / 45°
Verticale verstekhoek instellen (zie afbeelding I)
De verticale verstekhoek kan in een bereik van 0° tot 45° worden ingesteld.
Maak de spangreep 17 los. Draai de gereedschaparm aan de handgreep 1 tot de hoekaanduiding 39 de gewenste verstekhoek aangeeft. Houd de gereedschaparm in deze stand en draai de spangreep 17 weer vast.
Voor het snel en nauwkeurig instellen van de standaardhoeken 0° en 45° zijn op het machinehuis eindaanslagen voorzien.
Maak de spangreep 17 los. Draai de gereedschaparm aan de handgreep 1 tot aan de aanslag rechts (0°) of tot aan de aanslag links (45°). Draai de spangreep 17 weer vast.
Ingebruikneming
Let op de netspanning! De spanning van de stroombron moet overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje van het elektrische gereedschap. Met 230 V aangeduide elektrische gereedschappen kunnen ook met 220 V worden gebruikt.
Inschakelen (zie afbeelding J)
- Als u het gereedschap wilt inschakelen, drukt u de aan/uit-schakelaar 20 in en houdt u deze ingedrukt.
Opmerking: Om veiligheidsredenen kan de aan/uit-schakelaar 20 van de machine niet worden vergrendeld, maar moet deze tijdens het gebruik voortdurend ingedrukt blijven.
Alleen door het indrukken van de hendel 3 kunt u de gereedschaparm omlaag bewegen.
- Als u wilt zagen, moet u daarom de hendel 3 indrukken terwijl u de aan/uit-schakelaar 20 bedient.
Uitschakelen
- Als u het gereedschap wilt uitschakelen, laat u de aan/uit-schakelaar 20 los.
Tips voor de werkzaamheden
Algemene aanwijzingen voor het zagen
Draai de vastzetknop 9 en de spangreep 17 voor het zagen altijd stevig vast. Het zaagblad kan anders in het werkstuk schuin wegdraaien.
Elke keer wanneer u zaagt, moet u eerst controleren dat het zaagblad op geen enkel moment de aanslagrail, lijmklemmen of andere gereedschapdelen kan aanraken. Verwijder eventueel gemonteerde hulpgeleiders of pas deze op de juiste wijze aan.
Bescherm het zaagblad tegen schokken en stoten. Oefen geen zijwaartse druk op het zaagblad uit.
Bewerk geen kromgetrokken werkstukken. Het werkstuk moet altijd een rechte rand hebben om tegen de aanslagrail te leggen.
Ondersteun het vrije einde van een lang werkstuk, bijvoorbeeld door er iets onder te leggen.
Zaaglijn markeren (zie afbeelding K)
Een laserstraal geeft de zaaglijn van het zaagblad aan. Daardoor kunt u het werkstuk voor het zagen nauwkeurig positioneren zonder de pendelbeschermkap te openen.
Schakel voor de laserstraal de schakelaar 21 in. - Stel uw markering op het werkstuk af op de rechterkant van de laserlijn.
Positie van de bediener (zie afbeelding L)
Ga niet op een lijn met het zaagblad vóór het elektrische gereedschap staan, maar altijd opzij van het zaagblad. Zo is uw lichaam beschermd tegen een mogelijke terugslag. - Houd uw handen, vingers en armen uit de buurt van het ronddraaiende zaagblad. - Houd uw armen niet gekruist voor de gereedschaparm.
Toegestane werkstukmaten
Maximale werkstukmaten:
| Verstekhoek | Hoogte x breed- te |
| Horizontal | Vertical |
| 0° | 0° | 40 x 220 mm |
| 45° | 0° | 40 x 150 mm |
| 0° | 45° | 18 x 220 mm |
| 45° | 45° | 18 x 150 mm |
Minimale werkstukmaten
(= alle werkstukken die met de meegeleverde lijmklem 16 links of rechts van het zaagblad kunnen worden vastgespannen):
100 × 40 mm (lengte x breedte)
Max. zaagdiepte (0° / 0°) .. 40 mm
Zagen zonder afkortbeweging (kappen) (zie afbeelding M)
Voor het zagen zonder trekkende beweging (kleine werkstukken) dient u de vastzetschroef 26 los te draaien, als deze vastgedraaid is. Duw de gereedschaparm tot aan de aanslag in de richting van de aanslagrail 15 en draai de vastzetschroef 26 weer vast. - Span het werkstuk overeenkomstig de afmetingen vast. - Stel de gewenste verstekhoek in. - Schakel het elektrische gereedschap in. - Druk op de hendel 3 en beweeg de gereedschaparm met de handgreep 1 langzaam omlaag. - Zaag het werkstuk met een gelijkmatige voorwaartse beweging door. - Schakel het elektrische gereedschap uit en wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. - Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Zagen met afkortbeweging
Voor het zagen met behulp van de afkortvoorziening 41 (brede werkstukken) dient u de vastzetschroef 26 los te maken wanneer deze is vastgedraaid. - Span het werkstuk overeenkomstig de afmetingen vast. - Stel de gewenste verstekhoek in. - Draai de gereedschaparm zo ver van de aanslagrail 15 weg tot het zaagblad zich voor het werkstuk bevindt. - Schakel het elektrische gereedschap in. - Druk op de hendel 3 en beweeg de gereedschaparm met de handgreep 1 langzaam omlaag. Duw nu de gereedschaparm in de richting van de aanslagrail 15 en zaag het werkstuk met gelijkmatige voorwaartse beweging door.









- Schakel het elektrische gereedschap uit en wacht tot het zaagblad volledig tot stilstand is gekomen. - Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Diepteaanslag instellen (groef zagen) (zie afbeelding N)
De diepteaanslag moet worden versteld als u een groef wilt zagen.
- Draai de gereedschaparm aan de handgreep 1 in de stand waarbij de gewenste groefdiepte wordt bereikt.
- Schroef de diepteaanslag 18 in de richting van de wijzers van de klok tot het einde van de schroef de huisaanslag 42 raakt. - Beweeg de gereedschaparm langzaam omhoog.
Inlegplaat verrangen (zie afbeelding O)
De rode inlegplaat 11 kan na langdurig gebruik van het elektrische gereedschap verslijten.
Vervang defecte inlegplaten.
- Zet het elektrische gereedschap in de werkstand.
- Draai de schroeven 43 met een kruiskopschroevendraaier uit en verwijder de oude inlegplaat.
- Breng de nieuwe inlegplaat aan en draai alle schroeven 43 weer in.
Profielplinten bewerken
Profielplinten kunt u op twee verschillende manieren bewerken:
Tegen aanslagrail geplaatst - Plat op de zaagtafel liggend


Bovendien kunt u afhankelijk van de breedte van de profielplint met of zonder trekbeweging zagen.
Probeer de ingestelde verstekhoek altijd eerst uit op een stuk afvalhout.
Transport (zie afbeelding P)
Ga als volgt te werk voordat u het elektrische gereedschap vervoert:
Zet het elektrische gereedschap in de transportstand. - Steek de zaagtafelverlengingen 14 in de voorste opnames 28 van het elektrische gereedschap. - Verwijder al het toebehoren dat niet vast op het elektrische gereedschap kan worden gemonteerd.
Leg ongebruikte zaagbladen, als u deze wilt vervoeren, indien mogelijk in een afgesloten bak.
Draag het elektrische gereedschap aan de transportgreep 24 of grijp in de greepuitsparingen 27 aan de zijkant van de zaagtafel. Gebruik bij het vervoeren van het elektrische gereedschap alleen de transportvoorzieningen en nooit de beschermingsvoorzieningen.
Onderhoud en service
Onderhoud en reiniging
Trek altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de stekker uit het stopcontact.
Mocht het elektrische gereedschap ondanks zorgvuldige fabricage- en testmethoden toch defect raken, dient de reparatie te worden uitgevoerd door een erkende klantenservice voor Bosch elektrische gereedschappen.
Vermeld bij vragen en bestellingen van vervangingsonderdelen altijd het uit tien cijfers bestaande zaaknummer volgens het typeplaatje van het elektrische gereedschap.



Reiniging
Houd het elektrische gereedschap en de ventilatieopeningen altijd schoon om goed en veilig te werken.
De pendelbeschermkap moet altijd vrij kunnen bewegen en zelfstandig kunnen sluiten. Houd daarom de omgeving rond de pendelbeschermkap altijd schoon.
Verwijder na de werkzaamheden stof en spanen door uitblazen met perslucht of met een kwast. Reinig de glijrol 6 regelmatig.
Toebehoren
Zaagbladen voor hout- en plaatmateriaal, panelen en lijsten
Zaagblad 190 × 30 mm, 40 tanden, 2609256821
Zaagblad 190 × 30 mm, 12 tanden, 2609 256 868
Zaagblad 190 × 30 mm, 24 tanden, 2608640615
Zaagblad 190 × 30 mm, 60 tanden, 2608641188
Klantenservice en advies
Onze klantenservice beantwoordt uw vragen over reparatie en onderhoud van uw product en over vervangingsonderdelen. Explosietekeningen en informatie over vervangingsonderdelen vindt u ook op:
De medewerkers van onze klantenservice adviseren u graag bij vragen over de aankoop, het gebruik en de installatie van producten en toebehoren.
Nederland
Tel.: +31 (076) 579 54 54
Fax: +31 (076) 579 54 94
E-mail: gereedschappen@nl.bosch.com
België en Luxemburg
Tel.: +32 (070) 22 55 65
Fax: +32 (070) 22 55 75
E-mail: outillage.gereedschap@be.bosch.com
Afvalverwijdering
Elektrische gereedschappen, toebehoren en verpakkingen moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil.
Alleen voor landen van de EU:

Volgens de Europese richtlijn 2002/96/EG over elektrische en elektronische oude apparaten en de omzetting van de richtlijn in nationaal recht moeten niet meer bruikbare elektrische gereed-
schappen apart worden ingezameld en op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
Wijzigingen voorbehouden.
- stillet op mod anslags-skinnen

fladt liggende pa sav-bordet

Draag een veiligheidsbril.

280 | Roman
Draag gehoorbescherming!
De totale trillingswaarden (vectorsom van de drie richtingen) zijn bepaald volgens EN 61029:
De emissiewaarde van trillingen ah < 2,5m / s2 onzekerheid K = 1,5m / s2
Alleen voor EU-landen: