Lumis HFT - Ademhalingsmedisch apparaat ResMed - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Lumis HFT ResMed in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Lumis HFT ResMed
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ademhalingsmedisch apparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Lumis HFT - ResMed en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Lumis HFT van het merk ResMed.
GEBRUIKSAANWIJZING Lumis HFT ResMed
De Lumis™ HFT is een bevochtiger met een geïntegreerde flowgenerator die spontaan ademende patiënten voorziet van verwarmde en bevochtigde ademhalingsgassen via een neusbril.

WAARSCHUWING
- Lees deze hele handleiding door alvorens het apparaat in gebruik te nemen.
- Gebruik het apparaat overeenkomstig het in deze handleiding vermelde beoogde gebruik.
- Als de informatie in deze handleiding afwijkt van het advies van de voorschrijvende arts, moet het advies van de arts worden opgevolgd.
- Dit apparaat is niet geschikt voor patiënten in intensieve zorg.
Indicaties voor gebruik
Het Lumis HFT-apparaat is bedoeld voor de behandeling van niet-acuut spontaan ademende patiënten die baat zouden hebben bij het ontvangen van high-flow verwarmde en bevochtigde ademhalingsgassen. De flow kan 15-40 l/min zijn.
De Lumis HFT is bedoeld voor patienten > 30 kg.
De bevochtiger is bestemd voor gebruik bij één patiënt in de thuisomgeving en voor hergebruik in een ziekenhuis-/instellingsomgeving.
Beoogde patiëntpopulatie/medische aandoeningen
Obstructieve longziekten (bijv. Chronic Obstructive Pulmonary Disease) en chronische hoest met slijmproductie (bronchiëctasie).
Contra-indicaties
High-flow therapie kan een contra-indicatie vormen bij sommige patiënten met de volgende reeds bestaande aandoeningen:
- patiënten in een acute situatie waarbij schade zou ontstaan tijdens een therapiestaking (bijv. acuut respiratoir falen, acute respiratoire nood die gerelateerd is aan COVID-19)
• obstructie van neusholten/choane atresie
• trauma/chirurgie aan nasopharynx - invasief gebruik.
Nadelige effecten
Ongebruikelijke pijn op de borst, zware hoofdpijn of een toename van het ademtekort dient u te melden bij uw voorschrijvende arts. Een acute infectie van de bovenste luchtwegen kan een tijdelijke onderbreking van de behandeling noodzakelijk maken.
De volgende bijverschijnselen kunnen zich voordoen tijdens de therapie met het apparaat:
- neusbloedingen
- opgeblazen gevoel
- huiduitslag.
- uitdroging van neus, mond of keel
In een oogopslag
De Lumis HFT bevat het volgende:
- Apparaat
• HumidAir™-bevochtiger
• ClimateLineAir™ verwarmde luchtslang - Wikkel van de slang
• Lage-druk zuurstofconnector - Voedingseenheid
- Reistas
• SD-kaart (reeds geplaatst).
Neem contact op met uw zorgverlener voor het assortiment accessoires of vervangaccessoires die leverbaar zijn voor gebruik met het apparaat, waaronder:
• HumidAir-bevochtiger
• ClimateLineAir verwarmde luchtslang
• Filter: Hypoallergeen filter, standaardfilter
• Air10 ^TM DC/DC-omvormer (12V/24V)
- SD-kaartlezer
• Air10-oxymeteradapter
- Air10 USB-adapter
- Power Station II
Over uw apparaat

1 Luchtuitlaat
6 Scherm
2 Luchtfilterdeksel 7 Adapterkapje
8 SD-kaartdeksel
3 Voedingsaansluiting
9 Low-flow zuurstofinput (tot 15 l/min)
4 Serienummer en apparaatnummer
5 HumidAir-bevochtiger
Over het bedieningspaneel

Knop Start/Stop
Indrukken om de therapie te starten/stoppen. Drie seconden ingedrukt houden om naar de besparingsmodus te gaan.

Draaiknop
Hieraan draaien om door het menu te navigeren en erop drukken om een optie te selecteren. Draaien om een geselecteerde optie af te stellen en drukken om de wijziging op te slaan.

Home-knop
Hierop drukken om naar het home-scherm terug te keren.
Op verschillende tijdstippen kunnen verschillende pictogrammen worden weergegeven op het scherm, waaronder:

Vochtigheid

Sterkte draadloos signaal (groen)

Bevochtiger warmt op

Draadloze overdracht niet ingeschakeld (grijs)

Bevochtiger niet ingeschakeld

Geen draadloze verbinding

Slang droogt op

Vliegtuigmodus
Opzetten

- Gebruik enkel een neusbril met Lumis HFT, gebruik geen volgelaatsmaskers.
- Doe de bevochtiger niet te vol, omdat er dan water in het apparaat en de luchtslang kan komen.
- Om te voorkomen dat verwarmd water door de buis naar de patiënt stroomt:
-
plaats het apparaat lager dan het niveau van het hoofd van de patiënt.
• Zorg dat het apparaat op een stabiel oppervlak geplaatst is. -
Met het apparaat op een stabiel egaal oppervlak lager dan het hoofd steekt u het ene uiteinde van het netsnoer in de voedingseenheid en het andere uiteinde in het stopcontact.
-
Plaats de wikkel van de slang rondom de luchtslang. Zie de gebruikershandleiding van de wikkel van de slang voor gedetailleerde informatie. Bevochtigingsprestaties zullen verminderd zijn wanneer de wikkel van de slang niet geplaatst is.
-
Sluit de luchtslang stevig aan op de luchtuitlaat op de achterkant van het apparaat.
-
Open de bevochtiger en vul het tot aan het maximale waterpeil met water. Vul de bevochtiger niet met warm water.
-
Sluit de bevochtiger en steek deze in de zijkant van het apparaat.
-
Sluit het vrije uiteinde van de luchtslang stevig aan op de neusbril.
Zie de gebruikershandleiding van de neusbril voor gedetailleerde informatie.
Aanbevolen neusbrillen zijn beschikbaar op ResMed.com/support.
Aanbevolen watertype
De volgende watertypen worden aanbevolen voor gebruik in de bevochtiger:
- gekookt leidingwater, afgekoeld tot kamertemperatuur
• gedestilleerd water
- flessenwater (met een laag gehalte aan mineralen).
Opmerking: Gebruik geen voor huishoudelijk gebruik bestemd niet-steriel gedemineraliseerd water.
Toevoegen van aanvullende zuurstof
Uw Lumis HFT-apparaat is ontworpen om compatibel te zijn met hoeveelheden aanvullende zuurstof tot 15 l/min.

WAARSCHUWING
- Zorg altijd dat het apparaat is ingeschakeld en luchtflow wordt gegenereerd voordat u de zuurstoftoevoer inschakelt. Schakel altijd de zuurstoftoevoer uit voordat u het apparaat uitschakelt, zodat zich geen ongebruikte zuurstof ophoopt in de behuizing van het apparaat, waardoor brandgevaar ontstaat.
- Aanvullende zuurstof moet enkel in het apparaat worden toegevoegd via de zuurstoftoegang aan de onderzijde van het apparaat. Het elders toevoegen van zuurstof, bijv. via het beademingssysteem via de slang zal het afgeleverde flowvolume, de temperatuur en vochtigheid beïnvloeden.
- Tijdens zuurstoftherapie is open vuur of roken gevaarlijk en kan leiden tot brand, brandwonden in het gezicht of overlijden. Verbied roken of open vuur binnen een straal van 2 m (7 ft) vanaf het apparaat of zuurstofhoudende accessoires.
- Als u wilt gaan roken, schakel het apparaat dan uit, verwijder de canule en verlaat de kamer waar de canule of het apparaat zich bevindt. Als u de kamer niet kunt verlaten, wacht dan na het uitschakelen van het apparaat 10 minuten voordat u gaat roken.

LET OP
Verbind aanvullende zuurstoftoevoer niet rechtstreeks aan een pijplijnsysteem voor medisch gas, een zuurstoffles of andere bron van zuurstof onder hoge druk. Er moet altijd een stroomregulator geplaatst worden om te verzekeren dat de geleverde zuurstof op of onder 15 l/min blijft.
Neem voor advies over het verbinden met een zuurstofbron contact op met uw thuiszorgverlener.
Om aanvullende zuurstof toe te voegen:
- Ontgrendel de low-flow zuurstofinvoer aan de onderzijde van het apparaat door het slotclipje omlaag te duwen.
- Voer één eind van de zuurstofvoorzieningsbuis in de low-flow zuurstofinvoer. De buis zal automatisch op zijn plaats klikken.
- Bevestig het andere eind van de zuurstofvoorzieningsbuis aan de zuurstofvoorziening.
- De therapie starten.
- Zet de zuurstof aan en pas aan (bij de zuurstoftoevoer) tot de voorgeschreven stroomsnelheid bereikt is.

Om aanvullende zuurstof te verwijderen:
-
Ontgrendel de low-flow zuurstofinvoer aan de onderzijde van het apparaat door het slotclipje omlaag te duwen.
-
Verwijder de zuurstofpoort-connector van de low-flow zuurstofinvoer.

Het uitvoeren van een functiecontrole
Met het apparaat uitgeschakeld:
- Controleer de staat van het apparaat en accessoires. Inspecteer het apparaat en alle verstrekte accessoires. Als er zichtbare gebreken zijn moet het systeem niet gebruikt worden.
- Controleer de opzet van de luchtslang. Controleer de volledigheid van de luchtslang. Verbind de luchtslang stevig met de luchtuitlaat en andere accessoires wanneer deze in gebruik zijn.
- Controleer de verbinding met de zuurstofpoort. Controleer de verbinding op barsten of lekken, en of de poort stabiel is.
- Controleer de HumidAir bevochtiger. Controleer de bevochtiger op barsten of lekken. Als er zichtbare gebreken zijn moet de bevochtiger worden vervangen.
De therapie starten
Opwarmmodus
Opwarmmodus verwarmt het water voor het starten van de therapie zodat de lucht niet koud of droog is aan het begin van de behandeling. Het is aanbevolen dat de opwarmmodus aanstaat vóór het starten van de therapie.
Afhankelijk van omgevingsomstandigheden heeft het Lumis HFT-apparaat tussen de 10 en 20 minuten nodig om op te warmen. De therapie kan op ieder moment gestart worden tijdens de opwarmmodus. Nadat de opwarmmodus 40 minuten lang heeft aangestaan zal het apparaat automatisch overschakelen naar de droogmodus.
Om de opwarmmodus aan te zetten:

text_image
Home Opwarmen Mijn opties Behandelverslag- Selecteer Opwarmen.

text_image
Home Bevochtiger Opwarmen - 20 min- Opwarming zal 10-20 minuten duren. De therapie kan op ieder moment gestart worden tijdens de Opwarming.

text_image
Home Bevochtiger Gereed- Wanneer de Opwarming voltooid is, wordt Gereed getoond.
De therapie starten

- Stel uw high-flow neusbril af. Zie de gebruikershandleiding van uw neusbril voor instructies voor het inpassen.

- Indien u aanvullende zuurstof heeft, verzeker dat de bron nu AAN staat.

text_image
Metingen < Home Flow 25 10 40 37° 3U merkt dat de therapie is ingeschakeld doordat het scherm Metingen wordt weergegeven.
De FLOW balk geeft de huidige flowinstelling aan in het groen.
Na een korte tijd wordt het scherm automatisch zwart. U kunt op Home of op de draaiknop drukken om het weer in te schakelen. Als de stroom wordt onderbroken tijdens de therapie, wordt de therapie automatisch opnieuw opgestart wanneer de stroom wordt hersteld.
Het Lumis HFT-apparaat heeft een lichtsensor die de helderheid van het scherm aanpast aan het omgevingslicht.
Opmerking: Overweeg om het apparaat op een hittebestendige plaat te zetten om hitteschade aan oppervlakken te voorkomen.
Verwachte werkingsduur tussen het bijvullen
Flow instelling versus therapieduur ^#
| l/min | 15 | 20 | 25 | 30 | 35 | 40 |
| uren | 16 | 12 | 10 | 9 | 8 | 7 |
Getest bij Vochtigheid - Niveau 3, slangtemperatuur 37°C, en omgevingstemperatuur 23°C
De therapie stoppen

- Verzeker dat de zuurstofbron UIT staat.

- Verwijder uw high-flow neusbril.

- Druk op de start-/stopknop en druk dan op de draaiknop om Ja te bevestigen en de therapie te beeindigen.
De droogmodus

text_image
Home Bevochtiger Drogen - 90 minNa het stoppen van de therapie zal de droogmodus automatisch starten. Deze modus droogt de luchtslang en de neusbril zodat ze klaar zijn voor een volgend gebruik.
Verwijder tijdens de droogmodus het waterreservoir van de bevochtiger niet. Het apparaat zal automatisch in standby gaan na 90 minuten.
Wanneer de droogmodus aanstaat kunt u het behandelverslag bekijken door op de Home-knop te drukken.
Dit apparaat reguleert de temperatuur van de buis tot een gemiddelde waarde, terwijl de bevochtiger op minimale kracht aanstaat tijdens de droogmodus.
⚠ WAARSCHUWING
- Verwijder de neusbril van uw gezicht voordat u de droogmodus start, omdat de lucht droog is en schade kan aanrichten.
- Zet de aanvullende zuurstof uit bij de bron voordat u de droogmodus start zodat de zuurstof zich niet verzamelt en een brandrisico creëert.
Spaarstand
Het Lumis HFT-apparaat registreert uw therapiegegevens. Om te zorgen dat de gegevens naar uw zorgverlener kunnen worden verstuurd, moet u het elektriciteitssnoer van het apparaat niet loskoppelen. Wel kunt u het in de spaarstand zetten om stroom te besparen.
Naar de spaarstand gaan:
• Houd Start/Stop drie seconden lang ingedrukt.
Het scherm wordt zwart.
De spaarstand afsluiten:
• Druk eenmaal op Start/Stop.
Het Home -scherm wordt getoond.
Mijn Opties
Uw Lumis HFT-apparaat is door uw zorgverlener ingesteld op uw behoeften, maar mogelijk wilt u kleine aanpassingen verrichten om de therapie comfortabeler te maken.

text_image
Home Opwarmen Mijn opties Behandelverslag
text_image
Mijn opties Home Modus HFT Flow 25 Slangtemp. 37°C Vochtigh.Niv. 3 Vliegtuigmodus Uit Oxymeter weerg. >Markeer Mijn Opties en druk op de draaiknop om uw huidige instellingen te bekijken. Hier vandaan kunt u de opties aanpassen aan uw persoonlijke voorkeuren.
Flow
De flow die geselecteerd wordt voor de patiënt moet gebaseerd zijn op datgene wat is voorgeschreven door de clinicus. Het Lumis HFT-apparaat is ontworpen om de flow tussen 15 l/min en 40 l/min af te leveren.
Om de stroomsnelheid aan te passen

text_image
Mijn opties < Home Modus HFT Flow 25 Slangtemp. 37°C Vochtigh.Niv. 3 Vliegtuigmodus Uit Oxymeter weerg.
text_image
Mijn opties Home Modus HFT Flow 25 Slangtemp. 37°C Vochtigh.Niv. 3 Vliegtuigmodus Uit Oxymeter weerg.Om de stroomsnelheid aan te passen:
-
Draai in Mijn Opties aan de draaiknop totdat Flow gemarkeerd is en druk vervolgens op de draaiknop.
-
Draai aan de draaiknop om de stroomsnelheid aan te passen en druk op de draaiknop om de wijziging op te slaan.
Slangtemperatuur
De ClimateLineAir verwarmde luchtslang is ontworpen om een consistente en comfortabele temperatuur te verzorgen tijdens de behandeling. De standaard instelling van 37°C is gelijk aan een normale lichaamstemperatuur en behoudt een relatief vochtigheidsniveau terwijl het beschermt tegen vocht in de luchtslang en neusbril (rainout).
Als u de lucht te warm vindt kunt u de temperatuur in de luchtslang verlagen.

text_image
Mijn opties < Home Modus HFT Flow 25 Slangtemp. 37°C Vochtigh.Niv. 3 Vliegtuigmodus Uit Oxymeter weerg.
text_image
Mijn opties Slangtemp. 37 °CDe slangtemperatuur afstellen.
-
Draai in Mijn opties aan de draaiknop totdat Slangtemp. gemarkeerd is en druk vervolgens op de draaiknop.
-
Draai aan de draaiknop om de temperatuur af te stellen en druk op de draaiknop om de wijziging op te slaan.
Vochtigheidsniveau
De bevochtiger bevochtigt de lucht en is ontworpen om de therapie comfortabeler te maken. Als u een droge neus of mond krijgt, verhoogt u de vochtigheid. Als u vocht in uw neusbril krijgt, verlaagt u de vochtigheid.
U kunt het vochtigheidsniveau instellen op een waarde van 1 tot 5, waarbij 1 de laagste vochtigheidsinstelling is en 5 de hoogste vochtigheidsinstelling.

text_image
Mijn opties < Home Modus HFT Flow 25 Slangtemp. 37°C Vochtigh.Niv. 3 Vliegtuigmodus Uit Oxymeter weerg.
text_image
Mijn options Vochtigh.Niv. 3Het vochtigheidsniveau afstellen:
-
Draai in Mijn opties aan de draaiknop totdat Vochtigheid Niveau gemarkeerd is en druk vervolgens op de draaiknop.
-
Draai aan de draaiknop om het vochtigheidsniveau af te stellen en druk op de draaiknop om de wijziging op te slaan.
Behandelverslag

text_image
Behandelverslag < Home Gebruik 7:15 urenNadat de therapie is gestopt, geeft het Behandelverslag u een samenvatting van uw therapiesessie.
Gebruik uren – Geeft het aantal uren therapie aan dat u bij de vorige sessie hebt ontvangen.
Verzorging van het apparaat
Het is belangrijk om het Lumis HFT-apparaat regelmatig te reinigen, om te zorgen dat u een optimale therapie ontvangt. De volgende paragrafen helpen u bij het uit elkaar halen, reinigen, controleren en weer in elkaar zetten van het apparaat.

WAARSCHUWING
Reinig de slangen, de bevochtiger en de neusbril regelmatig om een optimale therapie te ontvangen en de groei van ziektekiemen die uw gezondheid kunnen schaden, te voorkomen.

LET OP
Verwijder slangwikkel regelmatig om de luchtslang grondig te inspecteren op vuil of schade.
Uit elkaar halen

- Houd de bevochtiger aan de boven- en onderkant vast, druk er zachtjes op en trek hem weg van het apparaat.
- Open de bevochtiger en giet overgebleven water eruit.
-
Houd de manchet van de luchtslang vast, oefen lichte druk uit op de vrijgaveknoppen en trek de slang voorzichtig van het apparaat af.
-
Houd zowel de manchet van de luchtslang als de neusbril vast en trek ze vervolgens voorzichtig uit elkaar.
- Verwijder de slangwikkel regelmatig om de luchtslang grondig te inspecteren op vuil of schade.
Reiniging
U moet het apparaat wekelijks reinigen volgens de instructies. Zie de gebruikershandleiding van de neusbril voor gedetailleerde aanwijzingen voor het reinigen van de neusbril.
- Was de bevochtiger en de luchtslang in warm water met een mild reinigingsmiddel.
- Was de wikkel van de slang in koud tot warm water met een mild reinigingsmiddel. Spoel goed af en laat uitdruppelen.
- Spoel de bevochtiger en de luchtslang grondig af en laat ze drogen uit de buurt van direct zonlicht en/of warmte.
- Veeg de buitenkant van het apparaat af met een droge doek.
Opmerkingen:
- Leeg de bevochtiger dagelijks en veeg het grondig af met een schoon wegwerpdoekje. Laat drogen zonder blootstelling aan direct zonlicht en/of warmte.
- De bevochtiger kan in een vaatwasser worden gewassen met het programma voor breekbare voorwerpen of glazen (alleen bovenste rek). Het mag niet worden gewassen bij een temperatuur hoger dan 65 °C.
- De wikkel van de slang moet met de hand gewassen worden of in de stomerij gereinigd worden. Het met de hand wassen van de wikkel van de slang vervangt niet het schoonmaken van de luchtslang.
- Was de luchtslang niet in een vaatwasser of wasmachine.
Controleren
U moet de bevochtiger, de luchtslang en het luchtfilter regelmatig op schade controleren.
-
De bevochtiger controleren:
-
Vervang het als het lekt, barsten vertoont, troebel is geworden of als er putjes in het oppervlak zichtbaar zijn.
- Vervang het als de afdichting barstjes of scheuren vertoont.
-
Reinig aanslag van wit poeder met een oplossing van één deel schoonmaakazijn op 10 delen water.
-
Verwijder de wikkel van de slang, controleer of de luchtslang schoon is en vervang het als er gaten, scheuren of barsten in zitten.
-
Controleer het luchtfilter en vervang het in elk geval om de zes maanden. Vaker vervangen als er gaten in zitten of als het verstopt raakt met vuil of stof.
Het luchtfilter vervangen:

- Open het luchtfilterdeksel en verwijder het oude luchtfilter.
Het luchtfilter is niet wasbaar of herbruikbaar. - Breng een nieuw luchtfilter aan op het luchtfilterdeksel en sluit het vervolgens.
Zorg dat het luchtfilter altijd op zijn plaats zit, om te voorkomen dat water en stof in het apparaat terechtkomen.
Weer in elkaar zetten
Wanneer de bevochtiger en de luchtslang droog zijn, kunt u de onderdelen weer in elkaar zetten.
- Sluit de luchtslang stevig aan op de luchtuitlaat op de achterkant van het apparaat.
- Open de bevochtiger en vul het met water op kamertemperatuur tot aan het maximale waterpeil.
- Sluit de bevochtiger en steek deze in de zijkant van het apparaat.
- Sluit het vrije uiteinde van de luchtslang stevig aan op de neusbril.
Therapiegegevens
Het Lumis HFT-apparaat registreert uw therapiegegevens voor u en uw zorgverlener, zodat deze uw therapie kan bekijken en er zo nodig wijzigingen in kan aanbrengen. De gegevens worden geregistreerd en vervolgens draadloos, als er een draadloos netwerk beschikbaar is, of via een SD-kaart overgebracht naar uw zorgverlener.
Gegevensoverdracht
Uw Lumis HFT-apparaat heeft een functie voor draadloze communicatie waarmee uw therapiegegevens naar uw zorgverlener kunnen worden verstuurd ter verbetering van de kwaliteit van uw behandeling. Dit is een optionele functie die alleen beschikbaar is als u besluit deze te benutten en er een draadloos netwerk beschikbaar is. De functie stelt ook uw zorgverlener in staat om sneller uw therapie-instellingen of de apparaatsoftware bij te werken, zodat u de best mogelijke therapie ontvangt.
De gegevens worden gewoonlijk verstuurd nadat de therapie beëindigd is. Om te zorgen dat uw gegevens worden overgebracht, laat u het apparaat altijd aangesloten op het stopcontact en zorgt u dat het niet in vliegtuigmodus staat.
Opmerkingen:
- De therapiegegevens worden mogelijk niet verstuurd als u het apparaat buiten het land of de regio gebruikt waar het is aangeschaft.
- Draadloze communicatie is afhankelijk van de beschikbaarheid van een netwerk.
- Apparaten met draadloze communicatie zijn mogelijk niet in alle regio's verkrijgbaar.
SD-kaart
Een alternatieve wijze om uw therapiegegevens over te brengen naar uw zorgverlener is via de SD-kaart. Mogelijk vraagt uw zorgverlener u om de SD-kaart per post te versturen of om het te komen langsbrengen. Wanneer uw zorgverlener u hier opdracht toe geeft, verwijdert u de SD-kaart.
Verwijder de SD-kaart niet uit het apparaat wanneer het SD-lampje knippert, omdat op dat moment gegevens naar de kaart worden geschreven.
De SD-kaart verwijderen:

-
Open het SD-kaartdeksel.
-
Duw de SD-kaart iets naar binnen om hem te kunnen verwijderen. Verwijder de SD-kaart uit het apparaat.
Plaats de SD-kaart in het beschermhoesie en stuur het terug naar uw zorgverlener.
Raadpleeg voor meer informatie over de SD-kaart het beschermhoesje van de SD-kaart dat bij het apparaat geleverd is.
Opmerking: De SD-kaart mag niet voor andere doeleinden worden gebruikt.
Reizen
U kunt het Lumis HFT-apparaat overal mee naartoe nemen. Denk hierbij aan de volgende punten:
- Gebruik de meegeleverde reistas om beschadiging van het apparaat te voorkomen.
• Leeg de bevochtiger voordat u het in de reistas inpakt. - Zorg dat u het juiste elektriciteitssnoer hebt voor de regio waar u naar op reis gaat. Voor informatie over de aanschaf hiervan neemt u contact op met uw zorgverlener.
LET OP
Gebruik het apparaat niet tijdens vervoer (bijv. in een vliegtuig, auto, rolstoel) vanwege het risico dat er water in het apparaat terechtkomt of dat er water wordt ingeademd.
Opsporen en oplossen van problemen
Als u problemen ondervindt, bekijk dan de volgende onderwerpen voor opsporen en oplossen van problemen. Als u het probleem niet kunt oplossen, neemt u contact op met uw zorgverlener of met ResMed. Probeer het apparaat niet te openen.
Algemene problemen opsporen en oplossen
| Probleem/mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Ik krijg een droge of verstopte neus | |
| Misschien is het vochtigheidsniveau te laag ingesteld. | Stel het vochtigheidsniveau bij. |
| Ik krijg waterdruppeltjes in de neusbril en in de luchtslang | |
| Misschien is het vochtigheidsniveau te hoog ingesteld. | Stel het vochtigheidsniveau bij. |
| Wikkel van de slang niet in gebruik. | Plaats wikkel van de slang.Zie de gebruikershandleiding voor instructies voor een passende neusbril. |
| Luchtdruk in mijn neus lijkt te hoog (het voelt alsof ik te veel lucht krijg) | |
| Mogelijk staat de flow te hoog. | Praat met uw zorgverlener over uw instellingen. |
| Luchtdruk in mijn neus lijkt te laag (het voelt alsof ik niet genoeg lucht krijg) | |
| Mogelijk staat de flow te laag. | Praat met uw zorgverlener over uw instellingen. |
| Het scherm is zwart | |
| Misschien is de schermverlichting uitgeschakeld. Deze wordt na een korte tijd automatisch uitgeschakeld. | Druk op Home of op de draaiknop om de verlichting weer in te schakelen. |
| Mogelijk is het apparaat niet aangesloten op voeding. | Sluit de voedingseenheid aan en controleer of de stekker volledig op zijn plaats zit. |
| Ik heb de therapie stopgezet, maar het apparaat blaast nog steeds lucht | |
| Het apparaat droogt het circuit en de neusbril. | Het apparaat blaast een kleine hoeveelheid lucht om de luchtslang en neusbril te drogen. Dit houdt automatisch op na 90 minuten. |
| Mijn bevochtiger lekt | |
| Mogelijk is de bevochtiger niet op de juiste wijze in elkaar gezet. | Controleer op schade en zet de bevochtiger weer goed in elkaar. |
| Mogelijk is de bevochtiger beschadigd of gebarsten. | Neem voor een vervanging contact op met uw zorgverlener. |
| Mijn therapiegegevens zijn niet naar mijn zorgverlener verstuurd | |
| Mogelijk is het apparaat niet aangesloten op voeding. | Sluit de voedingseenheid aan en controleer of de stekker volledig op zijn plaats zit. |
| Misschien is het draadloze signaal te zwak. | Ga na of het apparaat zich op een plaats bevindt met een goed signaal (d.w.z. op uw nachtkastje, niet in een lade of op de vloer).Het pictogram voor draadloze signaalsterkte geeft een goed signaal aan als alle streepjes worden weergegeven en een zwak signaal als minder streepjes worden weergegeven. |
| Het pictogram Geen draadloze verbinding wordt rechtsboven op het scherm weergegeven. Geen draadloos netwerk beschikbaar. | Ga na of het apparaat zich op een plaats bevindt met een goed signaal (d.w.z. op uw nachtkastje, niet in een lade of op de vloer).Als u hiertoe de instructie krijgt, stuurt u de SD-kaart naar uw zorgverlener. De SD-kaart bevat ook uw therapiegegevens. |
| Apparaat staat mogelijk in vliegtuigmodus. | Schakel de vliegtuigmodus uit. |
| Gegevensoverdracht is niet ingeschakeld voor uw apparaat. | Praat met uw zorgverlener over uw instellingen. |
| Het scherm en de knoppen knipperen, maar er is geen alarmgeluid en geen bericht | |
| Software-upgrade wordt uitgevoerd. | Het duurt ongeveer 10 minuten om de software-upgrade te voltooien. |
| De luchtslang is wellicht niet aangesloten. | Controleer of de luchtslang verbonden is met het apparaat. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Alleen-lezen kaart. Verwijderen, ontgrendelen en SD-kaart nogmaals invoeren | |
| Mogelijk staat de SD-kaart in de vergrendelingsstand (alleen lezen). | Zet de schakelaar op de SD-kaart van de vergrendelingsstand naar de ontgrendelingsstand en plaats de SD-kaart dan weer. |
Alarm voor het opsporen en oplossen van problemen
| Probleem/mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: De behandeling gaat niet van start zonder het bakje van de bevochtiger of verwarmde slang | |
| Einddopje is geïnstalleerd in plaats van de bevochtiger. | Verwijder het einddopje en verbind de bevochtiger. |
| Mogelijk is de bevochtiger niet goed geplaatst. | Ga na of de bevochtiger goed geplaatst is. |
| Niet-verwarmde luchtslang bevestigd. | Bevestig de ClimateLineAir verwarmde luchtslang. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Het bakje van de bevochtiger is leeg. De behandeling is gestopt | |
| Het bakje van de bevochtiger is leeg. | Vul de bevochtiger om behandeling voort te zetten. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Hoge lekkage gedetecteed, controleer uw waterreservoir, of reservoirafdichting | |
| Mogelijk is de bevochtiger niet goed geplaatst. | Ga na of de bevochtiger goed geplaatst is. |
| Mogelijk is de afdichting van de bevochtiger niet goed aangebracht. | Open de bevochtiger en ga na of de afdichting goed is aangebracht. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Hoge lekkage gedetecteerd, sluit slang aan | |
| De luchtslang is wellicht niet goed aangesloten. | Controleer of beide uiteinden van de luchtslang stevig zijn aangesloten.Verwijder de wikkel van de slang en controleer de luchtslang en vervang het als er gaten, scheuren of barsten in zitten. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Luchtslang is verstopt. Controleer slang | |
| Misschien is de luchtslang verstopt. | Controleer de luchtslang en verwijder eventuele verstoppingen. Druk op de draaiknop om het bericht te wissen en druk vervolgens op Start/Stop om het apparaat weer op te starten. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Geen SpO 2-geg. Is oxysens. aan module/vinger bevestigd? | |
| De oxymetersensor is niet goed aangesloten. | Controleer of de oxymetersensor goed is bevestigd aan de module en aan uw vinger. |
| Mogelijk is de oxymetersensor defect. | Als het bericht herhaaldelijk verschijnt, is de oxymetersensor mogelijk defect. Vervang de oxymeter. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Systeemfout. Raadpleeg gebruikershandleiding, fout 004 | |
| Het apparaat heeft misschien in een warme omgeving gestaan. | Laat het apparaat afkoelen voordat u het opnieuw gebruikt. Maak de voedingseenheid los en sluit deze weer aan om het apparaat opnieuw op te starten. |
| Misschien is het luchtfilter verstopt. | Controleer het luchtfilter en vervang het als er sprake is van verstopping. Maak de voedingseenheid los en sluit deze weer aan om het apparaat opnieuw op te starten. |
| Misschien is de luchtslang verstopt. | Controleer de luchtslang en verwijder eventuele verstoppingen. Druk op de draaiknop om het bericht te wissen en druk vervolgens op Start/Stop om het apparaat weer op te starten. |
| Misschien is er water in de luchtslang aanwezig. | Verwijder het water uit de luchtslang. Maak de voedingseenheid los en sluit deze weer aan om het apparaat opnieuw op te starten. |
| Het volgende bericht wordt weergegeven: Systeemfout. Raadpleeg gebruikershandleiding, fout 022 | |
| Mogelijk is het netsnoer niet correct aangesloten op het apparaat. | Koppel het netsnoer los van het apparaat en sluit het dan weer aan. Controleer of het netsnoer volledig in het apparaat is gestoken.Als het probleem aanhoudt, neemt u contact op met de plaatselijke ResMed-verdeler. Open het apparaat niet. |
| Alle andere foutberichten, bijvoorbeeld Systeemfout. Raadpleeg gebruikershandleiding, fout 0XX | |
| Er is een onherstelbare fout opgetreden op het apparaat. | Neem contact op met uw zorgverlener. Open het apparaat niet. |
Onderdelen weer in elkaar zetten
Sommige onderdelen van het apparaat zijn zo ontworpen dat ze gemakkelijk loskomen, om beschadiging van de onderdelen of het apparaat te voorkomen. U kunt ze gemakkelijk weer in elkaar zetten, volgens de onderstaande instructies.
De afdichting van de bevochtiger plaatsen:

-
Breng de afdichting aan in het deksel.
-
Druk rondom op de hele rand van de afdichting totdat deze stevig op zijn plaats zit.
Het deksel van de bevochtiger weer in elkaar zetten:

-
Steek één kant van het deksel in het scharniergat in het voetstuk.
-
Schuif de andere kant langs de richel omlaag totdat het vastklikt.
Algemene waarschuwingen en aandachtspunten
⚠ WAARSCHUWING
- Zorg dat u de luchtslang zodanig plaatst dat hij niet om het hoofd of de nek heen komt te liggen.
- Inspecteer elektriciteitssnoeren, kabels en voeding regelmatig op schade of gebruikssporen. Staak gebruik en vervang indien beschadigd.
- Houd het elektriciteitssnoer uit de buurt van warme oppervlakken.
- Als u onverklaarbare veranderingen in de prestaties van dit apparaat waarneemt, als het ongewone geluiden maakt, als het apparaat of de voedingseenheid zijn gevallen of verkeerd behandeld, of als de behuizing gebroken is, staak dan het gebruik en neem contact op met uw zorgverlener of met het ResMed Service Center.
- Open het apparaat niet en breng er geen wijzigingen in aan. De machine bevat geen onderdelen die door de gebruiker zelf gerepareerd kunnen worden. Reparaties en onderhoud mogen alleen door een bevoegde service-agent van ResMed uitgevoerd worden.
- Pas op voor elektrische schokken. Het apparaat, de voedingseenheid of het elektriciteitssnoer niet in water dompelen. Als vloeistof in of op het apparaat wordt gemorst, koppel het elektriciteitssnoer van het apparaat dan los en laat de onderdelen drogen. Koppel vóór reiniging altijd het elektriciteitssnoer van het apparaat los en ga na of alle onderdelen droog zijn voordat u het elektriciteitssnoer weer aansluit.
- Voer geen onderhoudstaken uit terwijl het apparaat actief is.
- Het apparaat mag niet naast of gestapeld met andere apparatuur worden gebruikt. Als het nodig is het apparaat naast of gestapeld met andere apparatuur te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het normaal werkt in de configuratie waarin het zal worden gebruikt.
- Het wordt niet aanbevolen andere accessoires te gebruiken dan voor het apparaat gespecificeerde accessoires. Deze leiden mogelijk tot verhoogde emissies of verlaagde immuniteit van het apparaat.
- Het apparaat is niet getest of gecertificeerd voor gebruik in de nabijheid van röntgen-, CT-of MRI-apparatuur. Breng het apparaat nooit dichter dan 4 m bij röntgen- of CT-apparatuur. Breng het apparaat nooit in een MRI-omgeving.
- De therapie-instellingen mogen voor patiënten in een ziekenhuisomgeving niet van op afstand worden gewijzigd.
- Gebruik dit apparaat niet buiten de goedgekeurde werkingsomstandigheden. Het gebruik van het apparaat boven een hoogte van 2,591 m en/of buiten de temperatuur marge van 18°C tot 28°C kan de effectiviteit van de behandeling verminderen en/of het apparaat beschadigen.
- Het aansluiten van het apparaat op de accu van een door een accu aangedreven rolstoel kan de prestaties van het apparaat beïnvloeden en kan leiden tot letsel bij de patiënt.
- Gebruik vóór en tijdens zuurstoftherapie alleen lotions of zalven op waterbasis die zuurstofbestendig zijn. Om het risico op brand en brandwonden te voorkomen, geen lotions of zalven op basis van petroleum of olie gebruiken.
- Om het risico op brand en brandwonden te voorkomen, geen fittingen, aansluitingen, slangen of andere accessoires van de apparatuur smeren.
LET OP
- Gebruik bij het apparaat uitsluitend onderdelen en accessoires van ResMed (of aanbevolen door ResMed). Onderdelen die niet door ResMed worden aanbevolen kunnen de effectiviteit van de behandeling verminderen en/of het apparaat beschadigen.
- Gebruik bij dit apparaat uitsluitend neusbrillen die worden aanbevolen door ResMed of door de voorschrijvende arts.
- Plaats het apparaat zo, dat niemand er tegenaan kan stoten of gemakkelijk over het snoer kan struikelen.
- Zorg dat het gebied rondom het apparaat droog en schoon is en vrij van alles (bijv. beddengoed, kleding) om te vermijden dat de luchtslang of inlaat wordt geblokkeerd of dat het apparaat/de voedingseenheid wordt afgedekt, wat tot oververhitting van het apparaat kan leiden.
- Plaats het apparaat niet op zijn zijkant, want dan kan er water in het apparaat komen.
- Gebruik voor de reiniging van het apparaat, de bevochtiger en de luchtslang geen oplossingen op basis van bleekmiddel, chloor, alcohol of aromaten of vochtinbrengende of antibacteriële zeep of geurolie. Deze oplossingen kunnen schade aan de bevochtiger veroorzaken of de prestaties ervan beïnvloeden en de levensduur van deze producten verkorten. Blootstelling aan rook, inclusief sigaretten-, sigaren- of pijprook, evenals aan ozon of andere gassen kan het apparaat beschadigen. Schade die is veroorzaakt door het voorgaande valt niet onder de beperkte garantie van ResMed.
- Laat de bevochtiger tien minuten afkoelen voordat u het hanteert zodat het water kan afkoelen, en controleer of de bevochtiger niet te heet is om aan te raken.
- Let op dat de bevochtiger leeg is voordat u het apparaat verplaatst.
- Vermijd het direct plaatsen van het apparaat op oppervlakken die behandeld zijn met vernis, omdat opbouw van hitte de afwerking kan beschadigen.
Opmerkingen:
- Het apparaat is niet bedoeld voor bediening door personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens zonder adequaat toezicht van een persoon die verantwoordelijk is voor de veiligheid van de patiënt.
- Elk ernstig incident dat zich met dit apparaat voordoet, dient te worden gemeld aan ResMed en de bevoegde autoriteit in uw land.
Technische specificaties
Eenheden worden uitgedrukt in cm H 2 O en hPa. 1 cm H 2 O is gelijk aan 0,98 hPa.
| 90 W-voedingseenheid | |
| Bereik wisselstroomvoeding: | 100–240 V, 50–60 Hz 1,0–1,5 A, klasse II115 V, 400 Hz 1,5 A, klasse II (nominaal voor gebruik in vliegtuig) |
| Gelijkstroomuitgang: | 24 V —— 3,75 A |
| Typisch stroomverbruik: | 53 W (57 VA) |
| Maximaal stroomverbruik: | 104 W (108 VA) |
| Omgevingsvoorwaarden | |
| Bedrijfstemperatuur: | +18°C tot +28°COpmerking:De temperatuur van de ademhalingsluchtflow die door dit therapieapparaat wordt geproduceerd, kan hoger zijn dan de kamertemperatuur. Het apparaat blijft veilig onder extremeomgevingstemperatuuromstandigheden (40 °C). |
| Bedrijfsvochtigheid: | Relatieve vochtigheid 15 tot 95% zonder condensvorming |
| Bedrijfshoogte: | Zeeniveau tot 2591 m; luchtdrukbereik 1013 hPa tot 738 hPaTherapieprestaties zijn mogelijk verminderd op grote hoogte met bepaalde neusbrillen. Raadpleeg de Neusbril Apparaat Compatibiliteitsgids voor details. |
| Temperatuur bij opslag en vervoer: | -20°C tot +60°C |
| Vochtigheid bij opslag en vervoer: | relatieve vochtigheid 5 tot 95% zonder condensvorming |
| Classificatie bevochtiger: ISO 80601-2-74:2017 | |
| Categorie 2 - niet-invasieve, nasale high-flow therapie | |
| Elektromagnetische compatibiliteit | |
| De Lumis HFT voldoet aan alle toepasselijke elektromagnetische compatibiliteitsvereisten (EMC) volgens IEC 60601-1-2:2014 voor gebruik in woningen en in commerciële en lichtindustriële omgevingen. Het verdient aanbeveling mobiele communicatieapparaten op minimaal 1 m afstand van het apparaat te houden.Informatie over de elektromagnetische straling en immuniteit van dit ResMed-apparaat kunt u vinden op www.resmed.com/downloads/devices | |
| Classificatie: EN60601-1:2006/A1:2013Klasse II (dubbele isolatie), type BF, beschermingsgraad IP22. | |
| Sensoren | |
| Druksensoren: | Ingebouwd bij de uitgang van het apparaat, analoog drukmeetinstrument, 0 tot 40 cm H_2O (0 tot 40 hPa) |
| Flowsensor: | ingebouwd bij inlaat van het apparaat, digitale massaflowsensor, -70 tot +180 l/min |
| Bedrijfsbereik | 15–40 l/min |
| Bevochtiger output | >12 mg/l BTPS |
| Maximale bedrijfsdruk | 25 cm H_2O (25 hPa) |
| Maximale constante druk bij enkelvoudige foutHet apparaat wordt bij een enkelvoudige fout uitgeschakeld als de stabiele druk groter is dan:30 cm H_2O (30 hPa) gedurende langer dan 6 s of 40 cm H_2O (40 hPa) gedurende langer dan 1 s. | |
| GeluidDrukniveau gemeten volgens ISO 80601-2-74:2017 (HFT-modus):ClimateLineAir: ClimateLineAir en 5 l/min supplementair zuurstof: ClimateLineAir en 10 l/min supplementair zuurstof: ClimateLineAir en 15 l/min supplementair zuurstof:*De geteste waarde voldoet eventueel niet aan ISO 80601-2-74:2017 vanwege onzekerheden in de meting | |
| Fysiek - apparaat en bevochtigerAfmetingen (h x b x d): Luchtuitlaat (conform ISO 5356-1:2015): Gewicht (apparaat en reinigbare bevochtiger): 1290 gConstructie van de behuizing: Watercapaciteit: Reinigbare bevochtiger - materiaal: | 38 dBA met een onzekerheid van 2 dBA39 dBA met een onzekerheid van 2 dBA46 dBA met een onzekerheid van 2 dBA51 dBA met een onzekerheid van 2 dBA*Spuitgegoten kunststof, roestvrij staal en silicone afdichting |
| TemperatuurMaximum verwarmingsplaat: Uitschakeling: Maximale gastemperatuur: ≤ 43°C | 116 mm x 265 mm x 150 mm22 mmVlamvertragende technische thermoplastTot maximale vulstreep 380 mlSpuitgegoten kunststof, roestvrij staal en silicone afdichting |
| LuchtfilterStandaard: Hypoallergeen: | 76 °C78 °C |
| Materiaal: Niet-geweven polyestervezelsGemiddeld gravimetrisch rendement: >75% voor stof ~7 micrometerMateriaal: Acryl- en polypropeenvezels in een drager van polypropeenRendement: >98% voor stof ~7-8 micrometer; >80% voor stof ~0,5 micrometer | |
| Draadloze moduleGebruikte technologie: Het wordt aanbevolen om het apparaat tijdens bedrijf op een afstand van minimaal 2 cm van het lichaam te houden. Dit geldt niet voor maskers, slangen of accessoires. Mogelijk is deze technologie niet overal verkrijgbaar. | |
| Overeenstemmingsverklaring (DoC) (overeenstemmingsverklaring met de richtlijn voor radio-apparatuur) ResMed verklaart dat het Lumis HFT-apparaat (model 285xx) voldoet aan de essentiële eisen en andere relevante bepalingen van richtlijn 2014/53/EU (RED). Een afschrift van de verklaring van overeenstemming (DoC) is te vinden op www.resmed.com/productsupportDit apparaat kan zonder enige restricties in alle Europese landen worden gebruikt.Alle hulpmiddelen van ResMed zijn geclassificeerd als medische hulpmiddelen onder de richtlijn medische hulpmiddelen.Etikettering van het product en gedrukt materiaal met de vermelding CE 0123 verwijst naar richtlijn 93/42/EEG van de raad, inclusief richtlijn 2007/47/EG tot wijziging van de richtlijn medische hulpmiddelen. | |
Aanvullende zuurstof
| Maximale flow: | 15 l/min |
| Apparaat luchtlek bij 25 cmH2O: | ≤ 2 l/min |
Luchttraject

text_image
9 1 2 3 4 8 7 6 5Levensduur van het ontwerp
| Apparaat, voedingseenheid: | 3 jaar |
| Reinigbaar bakje van de bevochtiger: | 3 maanden |
| Luchtslang: | 6 maanden |
Algemeen
De patiënt is een van de beoogde operators.
Positie van de operator
Het apparaat is ontworpen om binnen een armlengte te worden bediend. De operator moet zorgen dat zijn/haar gezichtsveld niet groter is dan 30 graden met het vlak loodrecht op het scherm.
Luchtslang
| Luchtslang | Materiaal | Lengte | Binnendiameter |
| ClimateLineAir | Flexibele kunststoffen en elektrische onderdelen | 2 m | 15 mm |
| Uitschakelingstemperatuur voor verwarmde luchtslang: ≤ 43°C | |||
Opmerkingen:
- De fabrikant behoudt zich het recht voor om deze specificaties zonder kennisgeving te wijzigen.
- Het uiteinde van de verwarmde luchtslang met de elektrische connector is alleen compatibel met de luchtuitlaat van het apparaat en mag niet op de neusbril worden aangesloten.
- Gebruik geen elektrisch geleidende of antistatische luchtslangen.
- De weergegeven instellingen voor temperatuur en relatieve vochtigheid zijn geen gemeten waarden.
Weergegeven waarden
| Waarde | Nauwkeurigheid1 |
| Flow | ±6 l/min bij 0 tot 40 l/min positieve flow |
^1 Resultaten worden uitgedrukt bij STPD (Standard Temperature and Pressure, Dry; standaardtemperatuur en -druk, droog). (101,3 kPa bij een bedrijfstemperatuur van 20 °C, droog). Gebruik de onderstaande tabel om de STPD flow instelling om te zetten naar BTPS (lichaamstemperatuur en druk, verzadigd) flow.
BTPS flow (l/min)
| Hoogte (m) | Doel flow instelling (l/min) | |||||
| 15 | 20 | 25 | 30 | 35 | 40 | |
| 0 | 17 | 23 | 28 | 34 | 39 | 45 |
| 500 | 18 | 24 | 30 | 36 | 42 | 48 |
| 1000 | 19 | 26 | 32 | 38 | 45 | 51 |
| 1500 | 20 | 27 | 34 | 41 | 48 | 54 |
| 2000 | 22 | 29 | 36 | 43 | 51 | 58 |
| 2500 | 23 | 31 | 38 | 46 | 54 | 62 |
Meetsysteemonzekerheden
In overeenstemming met ISO 80601-2-74:2017 is de metingsafwijking van de testapparatuur van de fabrikant voor metingen van de flow ± 1.5 l/min of ± 2.7% van de lezing (welke groter is)
Leidraad en verklaring van de fabrikant inzake elektromagnetische emissies en immuniteit
Medische elektrische apparatuur vereist bijzondere voorzorgsmaatregelen op het gebied van EMC en moet worden geïnstalleerd en in bedrijf worden gesteld overeenkomstig de in dit document vermelde EMC-informatie.
Het Lumis HFT-apparaat is ontworpen om te voldoen aan de EMC-normen. Als u echter vermoedt dat de werking van het apparaat (bijv. de druk of flow) wordt beïnvloed door andere apparatuur, moet u het apparaat weghalen uit de buurt van de mogelijke storingsbron.
Leidraad en verklaring van de fabrikant – Elektromagnetische emissies
Het apparaat is bestemd voor gebruik in de hieronder omschreven elektromagnetische omgeving. De klant of de gebruiker van het apparaat moet er zorg voor dragen dat het apparaat in een dergelijke omgeving wordt gebruikt.
| Emissietest | Naleving | Elektromagnetische omgeving — leidraad |
| RF-emissies CISPR 11 | Groep 1 | Het apparaat gebruikt RF-energie uitsluitend voor de inteme werking. Daarom zijn de RF-emissies zeer laag en zullen deze waarschijnlijk geen storing veroorzaken in elektronische apparatuur in de nabijheid. |
| RF-emissies CISPR 11 | Klasse B | Het apparaat is geschikt voor gebruik in alle instellingen, met inbegrip van wooninstellingen en instellingen die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare laagspanningsnetwerk dat voor woondoeleinden gebruikte gebouwen van stroom voorziet. |
| Harmonische emissiesIEC 61000-3-2 | Klasse A | |
| Spanningsschommelingen/flikkeringIEC 61000-3-3 | Voldoet |
Leidraad en verklaring van de fabrikant – elektromagnetische immuniteit
Het apparaat is bestemd voor gebruik in de hieronder omschreven elektromagnetische omgeving. De klant of de gebruiker van het apparaat moet er zorg voor dragen dat het apparaat in een dergelijke omgeving wordt gebruikt.
^a Veldsterkten van vaste zenders, zoals basisstations voor radiotelefoons (gsm/draadloos) en landmobiele radio's, amateurzenders, AM- en FM-radiozenders en televisiezenders kunnen niet nauwkeurig worden voorspeld op grond van de theorie. Ter beoordeling van de elektromagnetische omgeving ten gevolge van vaste RF-zenders moet worden overwogen om een elektromagnetisch veldonderzoek uit te voeren. Als de gemeten veldsterkte op de plaats waar het apparaat wordt gebruikt groter is dan het toepasselijke RF-nalevingsniveau hierboven, moet het apparaat worden geobserveerd om te controleren of het normaal werkt. Als een abnormale werking wordt waargenomen, zijn mogelijk aanvullende maatregelen nodig, zoals draaien of verplaatsen van het apparaat. ^b Over het frequentiebereik van 150 kHz tot 80 MHz moeten de veldsterkten minder dan 3 V/m bedragen.
| Immuniteitstest | TestniveauIEC60601-1-2 | Nalevingsniveau | Elektromagnetische omgeving — leidraad |
| Elektrostatische ontlading (ESO)IEC 61000-4-2 | ±6 kV contact±8 kV lucht | ±8 kV contact±15 kV lucht | Vloeren moeten van hout, beton of keramische tegels zijn. Als vloeren zijn bedekt met synthetisch materiaal, moet de relatieve vochtigheid ten minste 30% bedragen. |
| Elektrische snelle transiënten/lawinesIEC 61000-4-4 | ±2 kV voorvoedingslijnen±1 kV voor in-/uitgangslijnen | ±2 kV±1 kV voor in-/uitgangslijnen | De kwaliteit van de netvoeding moet gelijk zijn aan die van een gangbare commerciële ofziekenhuisomgeving. |
| StootspanningIEC 61000-4-5 | ±1 kV differential mode±2 kV common mode | ±1 kV differential mode±2 kV common mode | De kwaliteit van de netvoeding moet gelijk zijn aan die van een gangbare commerciële ofziekenhuisomgeving. |
| Kortstondige spanningsdalingen en -onderbrekingen en spanningsvariaties op voedingslijnenIEC 61000-4-11 | <5% Ut (>95%daling van Ut) gedurende0,5 cyclus40% Ut (60% daling van Ut) gedurende5 cycli70% Ut (30% daling van Ut) gedurende25 cycli<5% Ut (>95%daling van Ut) gedurende 5 s | 100 V240 V | De kwaliteit van de netvoeding moet gelijk zijn aan die van een gangbare commerciële ofziekenhuisomgeving.Als de gebruiker ononderbroken werking van het apparaat vereist bij onderbrekingen van de netspanning, wordt aanbevolen het apparaat van stroom te voorzien met een onderbrekingsvrije voedingsbron. |
| Magnetisch veld metvoedingsfrequentie (50/60 Hz)IEC 61000-4-8 | 3 A/m | 30 A/m | Magnetische velden met voedingsfrequentie moeten een niveau hebben dat kenmerkend is voor een gangbare locatie in een gangbare commerciële of ziekenhuisomgeving. |
| Geleide RFIEC 61000-4-6 | 3 Vrms150 kHz tot 80 MHz | 3 Vrms150 kHz tot 80 MHz | Draagbare en verplaatsbare RF-communicatieapparatuur mag niet dichter bij welk onderdeel van het apparaat dan ook worden gebruikt, inclusief de kabels, dan de aanbevolenscheidingsafstand berekend volgens de vergelijking die van toepassing is op de frequentie van de zender. |
| Uitgestraalde RFIEC 61000-4-3 | 3 V/m80 MHz tot 2,5 GHz | 10 V/m80 MHz tot 2,5 GHz | Aanbevolen scheidingsafstand d = 0,35 d = 0,35 80 MHz tot 800 MHz d = 0,70 800 MHz tot 2,5 GHzWaarbij (P) het nominale maximaleuitgangsvermogen in watt (W) volgens de fabrikantvan de zender is en d de aanbevolenscheidingsafstand in meter (m). Veldsterkten vanvaste RF-zenders, zoals bepaald door middel van eenelektromagnetisch veldonderzoeka, moeten minderbedragen dan het nalevingsniveau in elkfrequentiebereikb. Er kan storing optreden in denabijheid van apparatuur die is gemarkeerd met hetvolgende symbool: [IMAGE] |
Opmerkingen:
- Ut is de netspanning vóór het toepassen van het testniveau.
- Bij 80 MHz en 800 MHz is het hogere frequentiebereik van toepassing.
- Deze richtlijnen zijn mogelijk niet in alle situaties geldig. Elektromagnetische voortplanting wordt beïnvloed door absorptie en reflectie door structuren, objecten en personen.
Aanbevolen scheidingsafstanden tussen draagbare en verplaatsbare RF-communicatieapparatuur en het apparaat
Het apparaat is bestemd voor gebruik in een omgeving waar beheersingsmaatregelen gelden voor uitgestraalde RF-storingen. De klant of de gebruiker kan bijdragen tot het voorkomen van elektromagnetische storingen door een minimale afstand aan te houden tussen draagbare en verplaatsbare RF-communicatieapparatuur (zenders) en het apparaat volgens de aanbevelingen hieronder, afhankelijk van het maximale uitgangsvermogen van de communicatieapparatuur.
| Nominaal maximaaluitgangsvermogen vanzender (W) | Scheidingsafstand afhankelijk van de frequentie van de zender (m) | ||
| 150 kHz tot 80 MHzd = 0,35 √P | 80 MHz tot 800 MHzd = 0,35 √P | 800 MHz tot 2,5 GHzd = 0,7 √P | |
| 0,01 | 0,035 | 0,035 | 0,070 |
| 0,1 | 0,11 | 0,11 | 0,22 |
| 1 0,35 0,35 0,70 | |||
| 10 | 1,1 | 1,1 | 2,2 |
| 100 | 3,5 | 3,5 | 7,0 |
Voor zenders met een nominaal uitgangsvermogen dat hierboven niet is vermeld, kan de aanbevolen scheidingsafstand in meter (m) worden bepaald aan de hand van de vergelijking die van toepassing is op de frequentie van de zender, waarbij P het nominale maximale uitgangsvermogen van de zender in watt (W) is volgens de fabrikant van de zender.
Opmerkingen:
- Bij 80 MHz en 800 MHz is de scheidingsafstand voor het hogere frequentiebereik van toepassing.
- Deze richtlijnen zijn mogelijk niet in alle situaties geldig. Elektromagnetische voortplanting wordt beïnvloed door absorptie en reflectie door structuren, objecten en personen.
Symbolen
De volgende symbolen zijn mogelijk aangebracht op het product of de verpakking.
Lees de aanwijzingen vóór gebruik. ⚠ Wijst op een waarschuwing of aandachtspunt. 📊 Volg de aanwijzingen op vóór gebruik. 🌐 Fabrikant. 📕 EC REP gemachtigde
vertegenwoordiger. LOT Partijnummer. REF Catalogusnummer. Serienummer.
DN Apparaatnummer. Aan / Uit. Gewicht apparaat. IP22 Beveiligd tegen objecten met de omvang van een vinger en tegen druipwater bij een kanteling van maximaal 15 graden ten opzichte van de gespecificeerde stand. — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — — —
Logo 1 Chinese verontreinigingsbestrijding. 10 20 Logo 2 Chinese verontreinigingsbestrijding.
Rx Only Alleen op voorschrift (In de VS wordt door de federale wetgeving de verkoop van deze apparaten beperkt tot verkoop door of op voorschrift van een arts). MAX Maximale
waterpeil. Distilled Water Only Gebruik uitsluitend gedestilleerd water. Bedrijfshoogte. 70 106 ApA Limieten voor atmosferische druk. In overeenstemming met RTCA DO-160 sectie 21, categorie M. MR onveilig (gebruik niet in de nabijheid van een MRI apparaat). O₂ Zuurstoftoevoeraansluiting.
Fabricagedatum. Alarmuitschakeling (lage SpO₂-alarm is niet beschikbaar). Importeur.
MD Medische apparatuur.
Zie de lijst met symbolen op ResMed.com/symbols.

Milieu-informatie
Het apparaat dient afzonderlijk te worden afgevoerd, niet in het ongesorteerde huishoudelijk afval. Voor het afvoeren van uw apparaat dient u gebruik te maken van de in uw regio aangewezen voorzieningen voor inzameling, hergebruik en recycling. Gebruik van deze voorzieningen voor inzameling, hergebruik en recycling is bedoeld om de druk op natuurlijke hulpbronnen te verminderen en te voorkomen dat er schadelijke stoffen in het milieu terechtkomen.
Als u behoefte hebt aan informatie over deze afvoersystemen, neem dan contact op met uw lokale afvalverwerkingsdienst. Het symbool met het doorgekruiste vuilnisvat spoort u aan van dergelijke afvoersystemen gebruik te maken. Als u behoefte hebt aan informatie over inzameling en afvoeren van uw ResMed-apparaat, neem dan contact met uw ResMed-kantoor, uw lokale vertegenwoordiger of ga naar www.resmed.com/environment.
Onderhoudsbeurten
Het Lumis HFT-apparaat is bedoeld om veilig en betrouwbaar te werken als het volgens de door ResMed gegeven instructies gebruikt wordt. ResMed raadt aan om het Lumis HFT-apparaat door een geautoriseerd ResMed-servicecentrum te laten inspecteren en repareren als zich tekenen van slijtage voordoen of het apparaat niet goed lijkt te werken. In alle andere gevallen hoeven de producten over het algemeen niet te worden onderhouden of geïnspecteerd gedurende de ontwerplevensduur.
Beperkte garantie
ResMed Pty Ltd (hierna 'ResMed') garandeert dat uw ResMed-product gedurende de hieronder aangegeven periode vanaf de datum van aanschaf vrij is van materiaal- en fabricagefouten.
Product Garantietermijn
| Neusbrilsystemen (inclusief neusbrilframe, kussentje, hoofdband en slang) – met uitzondering van onderdelen voor eenmalig gebruikAccessoires – met uitzondering van onderdelen voor eenmalig gebruikFlex-type vingerpulssensorenReinigbare reservoirs voor bevochtigers | 90 dagen |
| Accu's voor gebruik in interne en externe accusystemen van ResMed | 6 maanden |
| Clip-type vingerpulssensorenGegevensmodules van CPAP- en bilevel-apparatenOxymeters en oxymeteradapters voor CPAP- en bilevel-apparatenTitreermachines | 1 jaar |
| CPAP-, bilevel-, high-flow- en ventilatieapparaten (inclusief externe voedingseenheden)BevochtigersAccu-accessoiresDraagbare apparaten voor diagnose/screening | 2 jaar |
Deze garantie is uitsluitend beschikbaar voor de consument die het product als eerste aanschaft. De garantie is niet overdraagbaar.
Als het product het begeeft terwijl aan de voorwaarden voor normaal gebruik voldaan is, zal ResMed naar eigen keuze het defecte product of eventuele onderdelen daarvan repareren of vervangen.
Deze beperkte garantie dekt niet: a) eventuele schade als gevolg van oneigenlijk gebruik, misbruik, wijziging of aanpassingen van het product; b) reparaties die zijn uitgevoerd door een serviceorganisatie die daartoe niet uitdrukkelijk is gemachtigd door ResMed; c) eventuele schade of besmetting door rook van sigaretten, pijp, sigaren of anderszins; en d) schade veroorzaakt door blootstelling aan ozon, geactiveerde zuurstof of andere gassen; en e) schade veroorzaakt door het morsen van water op of in een elektronisch apparaat.
De garantie geldt niet wanneer het product wordt verkocht of doorverkocht buiten de regio van eerste aanschaf. Voor producten die zijn gekocht in een land in de Europese Unie ("EU") of de Europese Vrijhandelsassociatie ("EVA"), betekent "regio" de EU en de EVA.
Garantieaanspraken m.b.t. defecte producten moeten worden gedaan op het aanschafpunt door de eerste consument.
Deze garantie komt in de plaats van elke andere expliciete of impliciete garantie, inclusief eventuele impliciete garantie van verkoopbaarheid of geschiktheid voor een bepaald doel. In sommige regio's of landen zijn geen beperkingen toegestaan op de duur van een impliciete garantie, daarom is de
bovengenoemde beperking misschien niet op u van toepassing.
ResMed is niet verantwoordelijk voor eventuele incidentele schade of gevolgschade die het gevolg zou zijn van de verkoop, installatie of het gebruik van enig ResMed-product. In sommige regio's of landen is de uitsluiting of beperking van incidentele schade of gevolgschade niet toegestaan, daarom is de bovengenoemde beperking misschien niet op u van toepassing.
Deze garantie geeft u specifieke rechten en u kunt tevens andere rechten hebben die per regio verschillen. Voor meer informatie over uw garantierechten kunt u contact opnemen met uw plaatselijke ResMed-verdeler.
Ga naar ResMed.com voor de laatste informatie over de beperkte garantie van ResMed.
Nadere inlichtingen
Als u vragen hebt of aanvullende informatie nodig hebt over het gebruik van het apparaat, neemt u contact op met uw zorgverlener.