B 110 R Classic - Industriële schrobmachine Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis B 110 R Classic Kärcher in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over B 110 R Classic Kärcher
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Industriële schrobmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding B 110 R Classic - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. B 110 R Classic van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING B 110 R Classic Kärcher
Algemene instructies.... 62
Functie 62
Toebehoren en reserveonderdelen 63
Veiligheidsinstructies.... 63
Beschrijving apparaat 64
Montage 65
Inbedrijfstelling 66
Werking 66
Werking beeindigen 67
Grijze Intelligent Key 67
vervoer 68
Opslag 68
Verzorging en onderhoud.... 68
Hulp bij storingen 69
Garantie 70
Toebehoren 70
EU-conformiteitsverklaring 72
Algemene instructies

Voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt, dient u deze originele gebruiksaanwijzing en de meegeleverde
veiligheidsinstructies door te lezen en deze in acht te nemen.
Bewaar beide documenten voor later gebruik of volgen-de eigenaars.
Functie
Deze schuur- en zuigmachine wordt gebruikt voor het nat reinigen of boenen van vlakke vloeren.
Het apparaat kan worden aangepast aan de betreffende reinigingstaak door de hoeveelheid water en de was-middel dienovereenkomstig in te stellen.
Dankzij de werkbreedte en de inhoud van de vers- en afvalwatertank (zie hoofdstuk "Technische gegevens") is een effectieve reiniging met een lange werktijd mogelijk.
Het apparaat heeft een aandrijfmotor.
Instructie
Overeenkomstig de desbetreffende reinigingstaak kan het apparaat met verschillend toebehoren worden uitgerust. Vraag naar onze catalogus of bezoek ons op internet op www.kaercher.com.
Dit apparaat is geschikt voor commercieel en industrieel gebruik, bijvoorbeeld in hotels, scholen, ziekenhuizen, fabrieken, winkels, kantoren en verhuurbedrijven. Gebruik dit apparaat uitsluitend overeenkomstig de gegevens in deze gebruiksaanwijzing.
- Het apparaat mag alleen voor de reiniging van voch- tongevoelige en polijstongevoelige, gladde vloeren worden gebruikt.
- Dit apparaat is bedoeld voor het reinigen van binnenruimtes.
- Het bedrijfstemperatuurbereik ligt tussen +5 °C en +40 °C.
- Het apparaat is niet geschikt voor de reiniging van bevroren vloeren (bijvoorbeeld in koelhuizen).
- Het apparaat is geschikt voor een maximale waterhoogte van 1 cm. Rijd geen gebied in, als het risico bestaat dat het maximale waterpeil wordt overschreden.
- Bij het gebruik van oplaadapparaten of accu's mo- gen alleen de in de gebruiksaanwijzing toegestane componenten worden gebruikt. Een afwijkende combinatie moet door de verantwoordelijke leverancier van het oplaadapparaat en/of de accu zijn goedgekeurd.
- Het apparaat is niet bedoeld voor het reinigen van openbare verkeerswegen.
- Het apparaat mag niet worden gebruikt op drukgevoelige vloeren. Houd rekening met de toegestane oppervlaktebelasting van de vloer. De door het apparaat veroorzaakte oppervlaktebelasting is gespecificeerd in de technische gegevens.
- Het apparaat is niet geschikt voor gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen.
- Het apparaat is toegelaten voor gebruik op vlaktes met een maximale stijging (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
Milieubescherming

De verpakkingsmaterialen zijn herbruikbaar. Verwijder verpakkingen op een milieuvriendelijke manier.

Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak bestanddelen zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste omgang of verkeerd afvalverwijdering
een potentieel gevaar voor de gezondheid van de mens en voor het milieu kunnen vormen. Voor een correcte werking van het apparaat zijn deze bestanddelen echter noodzakelijk. Voer apparaten met dit symbool niet samen met het huisvuil af.
Instructies betreffende ingrediënten (REACH)
Actuele informatie over ingrediënten vindt u op: www.kaercher.de/REACH
Toebehoren en reserveonderdelen
Gebruik alleen origineel toebehoren en originele reserveonderdelen. Deze garanderen een veilige en storingsvrije werking van het apparaat.
Informatie over toebehoren en reserveonderdelen vindt u onder www.kaercher.com.
Leveringsomvang
Controleer de inhoud bij het uitpakken op volledigheid. Bij ontbrekend toebehoren of bij transportschade neemt u contact op met uw distributeur.
Veiligheidsinstructies
Neem voor het eerste gebruik van het apparaat deze handleiding en de bijbehorende brochure veiligheidsinstructies voor borstelreinigingsapparaten en sproei-extractieapparaten, nr. 5.956-251.0 in acht, en handel overeenkomstig.
Het apparaat is toegelaten voor gebruik op vlaktes met een begrensde stijging (zie "Technische gegevens").
△WAARSCHUWING
Het apparaat kan kantelen
Gevaar voor letsel
Gebruik het apparaat alleen op oppervlakken die de toegestane helling niet overschrijden (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
△WAARSCHUWING
Gevaren voor ongevallen door onjuiste bediening Er kunnen mensen gewond raken.
Bedieners moeten adequaat in het gebruik van het apparaat worden getraind.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt, als de kap en alle deksel gesloten zijn.
Veiligheidsinrichtingen
⚠VOORZICHTIG
Ontbrekende of gewijzigde veiligheidsinrichtingen!
Veiligheidsinrichtingen zijn er voor uw veiligheid. Veiligheidsinrichtingen mogen niet worden omzeild, verwijderd of buiten werking worden gesteld.
Veiligheidsschakelaars
Voor onmiddellijke buitenbedrijfstelling van alle functies: Zet de veiligheidsschakelaar op „0“.
- Het apparaat remt hard, als de veiligheidsschakelaar is uitgeschakeld.
- De veiligheidsschakelaar werkt rechtstreeks op alle apparaatfuncties
Stoelschakelaar
Als de bestuurder tijdens het werk of tijdens het rijden de stoel verlaat, schakelt de stoelschakelaar de aan-drijfmotor na een korte vertraging uit.
Symbolen op het apparaat

LET OP
Beschadigingsgevaar
Water leidt tot beschadiging van de zuigturbi- ne.
Vul of spuit geen water in deze opening.

⚠VOORZICHTIG
Gevaar voor verbranding
Onderdelen die met deze waarschuwing zijn gemarkeerd, worden tijdens het gebruik heet.
Raak onderdelen die met deze waarschuwing zijn gemarkeerd niet aan. Laat deze onderdelen afkoelen voordat u werkzaamheden aan het apparaat uitvoert.

ΔGEVAAR
Gevaar voor ongevallen
Bij hoge snelheden is er op hellingen een verhoogd risico op kantelen.
Rijd op hellingen langzaam naar beneden.
Draai niet op hellingen.
Vermijd bij snel rijden schokkerig sturen met een grote stuuruitslag.
Symbolen waarschuwingsinstructies
Neem bij de omgang met accu's volgende waarschu- wingsinstructies in acht:

Aanwijzingen in de gebruiksaanwijzing van de accu en op de accu alsook in deze gebruiksaanwijzing in acht nemen.

Oogbescherming dragen.

Kinderen uit de buurt van zuur en accu houden.

Explosiegevaar

Vuur, vonken, open licht en roken verbo- den.

Verbrandingsgevaar

Eerste hulp.

Waarschuwing

Afvalverwijdering

Accu niet in de vuilnisbak gooien.
Beschrijving apparaat
Overzicht van het apparaat

① Verswatertankdop met schoonwaterfilter
② Grofvuilfilter
③Dop afvalwatertank
④Controlepaneel
⑤Instelwiel voor zuigmondblad (alleen D-reinigings-kop)
⑥ Borstel vervangend pedaal
⑦ Stuur
⑧Zijflappen
⑨*Batterij
⑩Gegevensplaatje
⑪Hendel voor het verstellen van de stoel
⑫ Opbergruimte voor schoonmaakset "Homebase Box".
⑬*Waarschuwingslicht
14 Stoel
⑮Vergrendeling afvalwatertank
⑯Vulopening schoonwatertank
17 Slanghouder
⑱Dagrijlichten
19 Gaspedaal
20 Vlotter
21 Pluizenfilter
22 Afvoerslang afvalwatertank
23 Afvalwatertank
24* Dweilhouder
25 Zuigslang
26 Klemhendel zuigstang
27Dop afvalwatertank
28 Zuigbalk
29 Reinigingskop
③0Vulniveau-indicator schoon water
31Verswatertank
* optioneel
Kleurmarkering
- Bedieningselementen voor het reinigingsproces zijn geel.
- Bedieningselementen voor onderhoud en service zijn lichtgrijs.
Controlepaneel

②Rijrichtingschakelaar
③Programmaschakelaar
④Slimme sleutel
⑤ Display
⑥Infoknop
⑦Veiligheidsschakelaar
*Verstoringen in de symbolen op het display kunnen worden veroorzaakt door de invloed van elektromagnetische apparaten zoals mobiele telefoons, maar hebben geen invloed op het bedieningsgedrag.
Programmaschakelaar

text_image
1 2 3 4 5 6 7 8 OFF①OFF Apparaat is uitgeschakeld.
② Transport Naar de gebruiksplaats rijden.
③Schrob & zuig: Eco De vloer nat reinigen (met verminderde waterhoeveelheid en verlaagd borsteltoerental) en het vuile water opzuigen (met verminderd zuigvermogen).
④Schrobben & zuigen De vloer nat reinigen en het vuile water opzuigen.
⑤Schrob & zuig: Hrd De vloer nat reinigen (met verhoogde contactdruk) en het vuile water opzuigen.
⑥Alleen schrobben Aanbrengen zonder opzuigen De vloer nat reinigen en reinigingsmiddel laten in- werken.
⑦Alleen zuigen Het vuil opzuigen.
⑧ Polijsten De vloer zonder vloeistof aan te brengen met verhoogd borsteltoerental polijsten.
Symbolen op het apparaat

Afvoeropening schoonwatertank
Afvoeropening afvalwatertank

Vulniveau schoonwatertank (50%)

Vastzetpunt

* Dweilhouder

Vervanging van de borstel

* optioneel
Montage
Lossen
- Verwijder de verpakkingsfolie.
- De spanband verwijderen.

- Schroef de blokken, kanthouten en borden los. De los te schroeven onderdelen zijn in de afbeelding grijs gemarkeerd.
- Plaats een oprit voor de pallet met de losgeschroef-de borden en kanthouten, en zet deze vast met spaanplaatschroeven.

-
Installeer de accu's, als het apparaat zonder accu's is geleverd (zie hoofdstuk "Voor inbedrijfstelling/ac- cu's").
-
Rijd het apparaat vooruit van de pallet (zie hoofdstuk "Bediening/rijden").
Montage van de borstels
- De montage van de borstels is beschreven in het hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
Zuigbalk monteren
- Beide klemhendels naar boven zwenken.

- De zuigbalk in de zuigbalkophanging plaatsen.
- Beide klemhendels naar onderen zwenken.
Accu's
Batterijen plaatsen en aansluiten
△VOORZICHTIG
Uit- en inbouwen van de accu's
Instabiele stand van de machine
Zorg er bij het in- en uitbouwen van de accu's voor dat de machine veilig staat.
LET OP
Verwisselen van de polariteit
Onbruikbaar worden van de besturingselektronica Let bij het aansluiten van de accu op juiste poling.
LET OP
Diepontlading
Beschadigingsgevaar
Laad de accu's voor de inbedrijfstelling van het apparaat.
-
Het afvalwater aftappen.
-
Ontgrendel de afvalwatertank en klap deze omhoog.
-
Koppel de stoelschakelaar los en verwijder de stoel.
-
Plaats de batterij in het apparaat.
-
Sluit de batterijconnector aan de apparaatzijde aan op de batterijconnector aan de batterijzijde.
-
Plaats de stoel terug en sluit de stoelschakelaar aan.
-
Kantel de afvalwatertank naar voren en sluit deze.
Accu uitbouwen
⚠VOORZICHTIG
Uit- en inbouwen van de accu's
Instabiele stand van de machine
Zorg er bij het in- en uitbouwen van de accu's voor dat de machine veilig staat.
-
Zet de veiligheidsschakelaar op "0".
-
Het vuilwater aftappen.
-
Ontgrendel de vuilwatertank en klap hem terug.
- De accustekker eruit trekken.
- De kabel van de minpool van de accu losmaken.
- De resterende kabels van de accu's losmaken.
- De accu's eruit nemen.
- De opgebruikte accu's conform de geldende bepa- lingen afvoeren.
Inbedrijfstelling
Accu laden
ΔGEVAAR
Onjuist gebruik van de oplader
Elektrische schok
Neem de netspanning en de zekering op het typeplaatje van het apparaat in acht.
Gebruik het oplaadapparaat alleen in droge ruimtes met voldoende ventilatie.
Bij het opladen van de accu ontstaan brandbare
gassen
Explosiegevaar
Laad de accu alleen in een geschikte ruimte. De kamer moet een minimaal volume hebben, afhankelijk van het accutype en een luchtverversing met een minimale luchtstroom (zie "Aanbevolen accu's").
LET OP
Verzamelen van gevaarlijke gassen tijdens het la- den onder de tank
Explosiegevaar
Zwenk voor het laden van onderhoudsvrije accu's het vuilwaterreservoir omhoog.
De oplaadtijd bedraagt gemiddeld ca. 10-15 uur. Het apparaat kan tijdens laden niet worden gebruikt.
Instructie
Het apparaat beschikt over een beveiliging tegen volledige ontlading, d.w.z. dat als nog de toegestane minimale capaciteit wordt bereikt, de borstelmotor en de turbine worden uitgeschakeld.
- Het apparaat direct naar de oplader verplaatsen, hierbij stijgingen vermijden.
Externe oplader
LET OP
Beschadigingsgevaar door een niet-passende opla- der!
Verbind de oplader niet met de accustekker aan apparaatzijde.
Gebruik alleen een bij het ingebouwde accutype passende oplader.
Batterij Capaciteit Lader
4.039-352.7 170 Ah 6.654-436.0
- Ontgrendel de afvalwatertank en klap deze omhoog.
- Trek de batterijconnector aan de apparaatzijde eruit.

①Batterijstekker, apparaatzijde
② Batterijstekker, batterijzijde
3. Sluit de batterijconnector aan de batterijzijde aan op de oplader.
4. Steek de stekker in het stopcontact.
5. Voer het laadproces uit volgens de gebruiksaanwijzing van de oplader.
6. Sluit de batterijconnector aan de apparaatzijde aan op de batterijconnector aan de batterijzijde.
7. Kantel de afvalwatertank naar voren en sluit deze.
Onderhoudsvrije accu's (nat)
ΔGEVAAR
Bijvullen van water in ontladen toestand van de accu
Risico op brandwonden door uittreden van zuur, onbruikbaar worden van kleding
Gebruik bij de hantering van accuzuur een veiligheidsbril, beschermende kleding en beschermende handschoenen.
Neem de voorschriften in acht.
Spoel eventuele zuurspatten op de huid of de kleding onmiddellijk weg met veel water.
LET OP
Gebruik van water met additieven
Defecte accu's, verlies van de aanspraak op garantie Gebruik voor het bijvullen van de accu's alleen gedestilleerd of ontzilt water (EN 50272-T3).
Gebruik geen additieven, zogenaamde verbeteringsmiddelen, omdat dan de garantie komt te vervallen.
- Een uur voor het einde van de laadprocedure gede- stilleerd water toevoegen. Hierbij de juiste zuur- stand conform de kenmerking van de accu in acht nemen.
Aan het einde van de laadprocedure moeten alle cellen gassen.
- Gemorst water verwijderen. Ga hiervoor te werk zoals beschreven in het gedeelte "Accu's reinigen" van het hoofdstuk Verzorging en onderhoud.
Werking
GEVAAR
Vallende voorwerpen
Gevaar voor letsel
Rijd niet met het apparaat in gebieden waar het bedieningspersoneel kan worden geraakt door vallende voorwerpen.
LETOP
Gevaarlijke situatie tijdens bedrijf
Gevaar voor letsel
Zet de veiligheidsschakelaar bij gevaar op "0".
Verschuif het apparaat
Om het apparaat te kunnen verplaatsen, moeten de remmen worden ontgrendeld.
ΔGEVAAR
Gevaar voor ongevallen
Als de rem ontgrendeld is, is de functie van de rem permanent buiten werking.
Zorg ervoor dat u de munten ter ontgrendeling verwijdert, nadat het verschuiven is beeindigd.
- Draai de ontgrendelingshendel weg van het wiel en houd hem daar vast.

- Steek een munt tussen de behuizing en de hendel aan beide uiteinden van de hendel.
- Laat de ontgrendelingshendel los.
- Duw het apparaat.
- Verwijder beide munten onmiddellijk na het ver- schuiven.
Stel de stoel in
Stel positie in
- Bedien de stoelverstelhendel en verplaats de stoel naar de gewenste positie.
- Laat de stoelverstelhendel los en zet de stoel vast.
Het apparaat inschakelen
- Op de bestuurdersplaats plaats nemen.
- De intelligente sleutel erin steken.
- De veiligheidsschakelaar op "1" zetten.
- De programmaschakelaar op de gewenste functie draaien.
- Als op het display een van de onderstaande indicaties verschijnt, dan de voet van het gaspedaal nemen, de veiligheidsschakelaar op "0" zetten en de nodige onderhoudswerkzaamheden uitvoeren.
Display Handeling
| Onderhoud Zuigbalk | De zuigbalk reinigen. |
| Onderhoud Borstel | De borstels op slijtage controleren en reinigen. |
| Onderhoud Rubberstrip | De zuiglippen op slijtage en instelling controleren. |
| Display Handeling | |
| Onderhoud Vuilwaterfilter | De pluizenzeef reinigen. |
| Onderhoud Schoonwaterfilt. | Het filter verswater reinigen. |
-
Op de infoknop drukken.
-
De teller voor het onderhoud terugzetten (zie "Grijze intelligente sleutel/onderhoudsteller terugzetten").
Instructie
Als de teller niet wordt teruggezet, verschijnt de onderhoudsindicator telkens bij het inschakelen van het apparaat opnieuw.
Licht inschakelen
Dagrijverlichting
De dagrijverlichting is aan als het apparaat ingeschakeld is.
Parkeerrem controleren
ΔGEVAAR
Defecte parkeerrem
Gevaar voor ongevallen
Controleer voor elke handeling de werking van de par- keerrem op het niveau.
- Het apparaat inschakelen.
- De rijrichtingsschakelaar op "vooruit" zetten.
- De programmaschakelaar op "Transport" zetten.
- Het gaspedaal licht intrappen.
De rem moet hoorbaar ontgrendelen. Het apparaat moet op effen terrein vlot wegrollen.
- Het gaspedaal loslaten.
De rem moet hoorbaar aangrijpen.
Is dit niet het geval, stel het apparaat dan buiten bedrijf en bel de klantenservice.
Rijden
ΔGEVAAR
Geen remwerking
Gevaar voor ongevallen
Voordat u het apparaat gebruikt absoluut de werking van de parkeerrem controleren. Gebruik het apparaat in geen geval als de parkeerrem niet werkt.
ΔGEVAAR
Zorgeloos rijden
Kantelgevaar
Rij in rijrichting. Rij dwars op de rijrichting alleen op stijgingen tot maximaal 10%.
Keer niet op hellingen.
Rijd langzaam in bochten en op natte grond.
Gebruik het apparaat uitsluitend op verharde vloer.
Instructie
De rijrichting kan tijdens rijden worden gewijzigd. Dit betekent dat zeer doffe plekken kunnen worden gepolijst door meerdere keren heen en weer te bewegen.
- De zitpositie innemen.
- De intelligente sleutel erin steken.
- De veiligheidsschakelaar op "1" zetten.
- De programmaschakelaar op "Transport" zetten.
- De rijrichting met de rijrichtingsschakelaar aan het bedieningspaneel instellen.
- De rijsnelheid door het indrukken van het gaspedaal bepalen.
- Het gaspedaal loslaten.
Het apparaat stopt.
Bij overbelasting wordt de rijmotor uitgeschakeld. Op het display verschijnt een storingsmelding. Bij oververhitting van de besturing wordt het betreffende aggregaat uitgeschakeld.
8. Het apparaat minstens 15 minuten laten afkoelen.
9. De programmaschakelaar op "OFF" zetten, kort wachten en op het gewenste programma zetten.
Verswater bijvullen
Vul met schoon water
- Open de dop van de schoonwatertank
- Vul met schoon water (max. 50 °C) tot aan de onderkant van de vulopening.
Opmerking: Tijdens het vullen kan de schoonwaterslang met de slanghouder worden vastgeklemd
- Sluit de schoonwatertankvergrendeling.
Opmerking: Controleer het waterniveau regelmatig om schade aan de vloer door reiniging zonder water te voorkomen.
Reinigingsmiddel vullen
Aanwijzingen over reinigingsmiddelen
⚠ WAARSCHUWING
Ongeschikte reinigingsmiddelen
Gezondheidsgevaar, beschadiging van het apparaat Gebruik alleen aanbevolen reinigingsmiddelen. Voor andere reinigingsmiddelen is de exploitant het verhoogde risico met betrekking tot de bedrijfsveiligheid en het gevaar voor ongevallen.
Gebruik alleen reinigingsmiddelen die vrij zijn van oplosmiddelen, zout- en fluorwaterstofzuur. Neem de veiligheidsaanwijzingen op de reinigingsmiddelen in acht.
Instructie
Gebruik geen sterk schuimende reinigingsmiddelen. Aanbevolen reinigingsmiddelen
| Toepassing Zuiveringsmid- | delen |
| Onderhoudsreiniging van alle waterbestendige vloeren | RM 746RM 756RM 780 |
| Onderhoudsreiniging van glanzendeoppervlakken (bijvoorbeeld graniet) | RM 755 es |
| Onderhoudsreiniging, tussenreini-ging en basisreiniging van industriële vloeren | RM 69 ASF |
| Onderhoudsreiniging en basisreini-ging van steengoed tegels | RM 753 |
| Onderhoudsreiniging van tegels inhet sanitaire bereik | RM 751 |
| Decoating van alle alkalibestendigevloeren (bijvoorbeeld PVC) | RM 752 |
| Decoating van linoleumvloeren RM 754 |
Reinigingsmiddel in de tank doen
- Het reinigingsmiddel in het verswaterreservoir vullen.
Opmerking: De deksel voor de vulopening van het verswaterreservoir kan voor het meten van het reinigingsmiddel worden gebruikt. Hij is aan de binnenzijden voorzien van een schaalindeling.
Stel parameters in
- Stel de programmaschakelaar in op het gewenste reinigingsprogramma.
- Draai de infoknop tot de gewenste parameter wordt weergegeven.
- Druk op de infoknop.
De ingestelde waarde knippert. - Stel de gewenste waarde in door de infoknop te verdraaien.
- Bevestig de gewijzigde instelling door op de info-knop te drukken of wacht tot de ingestelde waarde na 10 seconden automatisch wordt overgenomen.
Gele Intelligent Key
De gele Intelligent Key autoriseert functies die nodig zijn voor de reinigingstaak.
In het apparaat zijn de parameters voor de verschillende reinigingsprogramma's vooringesteld. Afhankelijk van de autorisatie van de gele Intelligent Key, kunnen individuele parameters worden gewijzigd.
De displayteksten voor parameterinstelling spreken grotendeels voor zich.
Parameter "FACT" (alleen beschikbaar met R-reinigingskop):
- "Fine Clean": Laag borsteltoerental voor het verwijderen van grijze sluiers op steenwerk.
- "Whisper Clean": Gemiddelde borstelsnelheid voor routinematige reiniging met verlaagd geluidsniveau
- "Power Clean": Hoge borstelsnelheid voor polijsten, kristalliseren en vegen.
Zuigbalk instellen
Helling instellen
De helling moet zodanig worden ingesteld dat de zuiglippen van de zuigbalk over de gehele lengte gelijkmatig op de vloer worden gedrukt.
- Plaats het apparaat op een oppervlak zonder helling.
- De programmaschakelaar in stand "Zuigen" draaien.
- Het apparaat een klein stuk vooruit schuiven.
- Lees het waterpas af.

- De moer losdraaien.
- Stel de schroef zodanig in dat de niveau-indicator tussen de twee lijnen staat.
- Draai de moer vast.
- Om de nieuwe instelling te controleren, beweegt u het apparaat een stuk verder naar voren. Herhaal indien nodig het instellingsproces.
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
Hoogte instellen
Met de hoogteverstelling wordt de buiging van de zuiglippen bij contact met de vloer beïnvloed.
Instructie
Basisinstelling: 3 ringen boven, 3 ringen onder de zuigbalk.
Oneffen vloer: 5 sluitringen boven, 1 sluitring onder de zuigbalk.
Zeer gladde vloer: 1 sluitring boven, 5 sluitringen onder de zuigbalk.
- De moeren losschroeven.

③ Afstandsrol met houder
-
Plaats het gewenste aantal ringen tussen de zuigbalk en de afstandsrol.
-
De resterende onderlegringen boven de afstandrol aanbrengen.
-
De moer erop schroeven en vastdraaien.
-
Het proces bij de tweede afstandsrol herhalen.
Instructie
Stel beide afstandsrollen in op dezelfde hoogte.
Stel de schraperlip in
De schraperlippen moeten alleen bij de D-reinigingskop worden afgesteld.
-
Stel de schraperlippen door verdraaien van het instelwiel zodanig in dat de schraperlip de vloer raal
-
Draai het instelwiel nog eens 1 slag omlaag.
Reinigen
- Neem plaats op de stoel.
- Steek de Intelligent Key erin.
- Zet de veiligheidsschakelaar op "1".
- Zet de rijrichtingschakelaar op voorwaarts rijden.
- Stel de programmaschakelaar in op het gewenste reinigingsprogramma.
- Bepaal de snelheid met het rijpedaal.
- Met de rijrichtingshendel de rijrichting selecteren.
- Over het te reinigen oppervlak rijden.
Werking beëindigen
Reiniging voltooien
- Zet de programmaschakelaar op rijden.
- Blijf ongeveer 10 seconden bewegen. Het restwater wordt opgezogen.
- Zet de programmaschakelaar op "OFF".
- Verwijder de slimme sleutel.
- Laad de batterij indien nodig op.
Vuilwater aftappen
⚠ WAARSCHUWING
Onjuiste afvoer van afvoerwater
Milieuverontreiniging
Neem de plaatselijke voorschriften inzake de behandeling van afvoerwater in acht.
Instructie
Als de vuilwatertank vol is, wordt de zuigstroom onderbroken door een vlotter om te voorkomen dat de vuilwatertank overstroomt. Tap in dit geval het vuile water af.
- Verwijder de vuilwater-afvoerslang uit de houder en open het deksel van de afvoerslang.

-
Knijp in het uiteinde van de slang en laat deze neer boven de afvoerinrichting.
-
Pas de sterkte van de vuilwaterstraal aan door in het uiteinde van de slang te knijpen.
-
De vuilwatertank met helder water schoonspoelen.
-
Sluit de deksel van de afvoerslang.
-
Druk de vuilwaterslang in de houder op het apparaat.
Leeg de grofvuilbak
- Til de grofvuilbak op en trek hem eruit.
- Leeg de grofvuilbak.
- De grofvuilbak weer plaatsen.
Verswater aftappen
-
De afsluiting verswatertank openen.
-
Tap het verse water af.
-
Het filter reinigen
-
Breng de afsluiting verswatertank aan.
Zet apparaat uit
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
- Neem de Intelligent Key eruit.
- Beveilig het apparaat tegen wegrollen.
- Open het deksel van de vuilwatertank en zet deze vast met de steun zodat de vuilwatertank kan drogen. Zwenk hiervoor de steun omlaag en positioneer het onderste uiteinde bij het omlaag zwenken van de deksel op het gewenste niveau.

Grijze Intelligent Key
De grijze Intelligent Key geeft de het toezichtspersoneel uitgebreide bevoegdheden en instelmogelijkheden.
-
Steek de Intelligent Key erin.
-
Selecteer de gewenste functie door verdraaien van de infoknop.
Transport
- Zet de programmakeuzeschakelaar op "Transport".
- Druk op de Info-knop.
De volgende functies kunnen worden uitgevoerd vanuit het Transport menu:
• Maximale snelheid instellen - De bedrijfsurenteller weergeven
• De onderhoudsteller wissen - Softwareversies weergeven
• De R- of D-reinigingskop aanpassen
• Nalooptijden instellen - De taal instellen
- Sleutelbeheer
• Fabrieksinstelling activeren
Maximale snelheid
In het menu "Max. snelheid" kan de maximale snelheid worden beperkt.
- Aan de infoknop draaien tot "Max. snelheid" op het display wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken
- Aan de infoknop draaien tot de gewenste maximale snelheid wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken.
Instructie
De werksnelheid mag de ingestelde maximale snelheid niet overschrijden.
Onderhoudsteller terugzetten
Als er onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd die op het display worden weergegeven, moet vervolgens de onderhoudsteller wordt teruggezet.
-
Aan de infoknop draaien tot "Onderhoudstellers" wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
De tellerstanden worden weergegeven.
-
Aan de infoknop draaien tot de te wissen teller wordt geaccentueerd.
-
Op de infoknop drukken.
-
"Ja" selecteren door aan de infoknop te draaien.
-
Op de infoknop drukken.
De teller is gewist.
Reinigingskop instellen
-
Aan de infoknop draaien tot "Borstel" in het menu wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
-
Aan de infoknop draaien tot het type van de ingebouwde reinigingskop is gemarkeerd. "Roll" = R-reinigingskop "Disc" = D-reinigingskop
-
Op de infoknop drukken.
Nalooptijden
-
Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Spin-downtijden" op het display wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
-
Aan de infoknop draaien tot de gewenste bouw-groep is gemarkeerd.
-
Op de infoknop drukken.
-
Aan de infoknop draaien tot de gewenste nalooptijd wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
Taal instellen
-
Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Taal" op het display wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
-
Aan de infoknop draaien tot de gewenste taal is gemarkeerd.
-
Op de infoknop drukken.
Sleutelbeheer
In het menu "KIK's" worden de bevoegdheden voor gele intelligente sleutels en de taal van de displayweergave vrijgegeven.
-
De grijze intelligente sleutel erin steken.
-
Aan de infoknop draaien tot op het display het menupunt "KIK's" wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
-
De grijze intelligente sleutel eruit trekken en de te personaliseren gele intelligente sleutel erin steken.
-
Het te wijzigen menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
-
Op de infoknop drukken.
-
De instelling van het menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
-
De instelling bevestigen door op het menupunt te drukken.
-
Het volgende te wijzigen menupunt selecteren door aan de infoknop te draaien.
-
Nadal alle instellingen zijn uitgevoerd, het menu "Bevestigen" oproepen door aan de infoknop te draaien.
-
Op de infoknop drukken.
De bevoegdheden zijn opgeslagen.
Fabrieksinstelling
De fabrieksinstelling van alle reinigingsparameters wordt hersteld.
-
Aan de infoknop draaien tot het menupunt "Fabriek-sinstel." wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
-
Aan de infoknop draaien tot "Ja" wordt geaccentueerd.
-
Op de infoknop drukken.
Parameters voor reinigingsprogramma's instellen
Alle parameters voor reinigingsprogramma's blijven behouden tot een andere instelling wordt geselecteerd.
-
De programmaschakelaar op het gewenste reini- gingsprogramma zetten.
-
Op de infoknop drukken.
De eerste instelbare parameter wordt weergegeven.
- Op de infoknop drukken
De ingestelde waarde knippert.
-
De gewenste waarde instellen door aan de infoknop te draaien.
-
De gewijzigde instelling door het indrukken van de infoknop bevestigen of wachten tot de ingestelde
waarde na 10 seconden automatisch wordt overgenomen.
-
De volgende parameter selecteren door aan de infoknop te draaien.
-
Na het wijzigen van alle gewenste parameters aan de infoknop draaien tot het menupunt "Afsluiten" wordt weergegeven.
-
Op de infoknop drukken.
Het menu wordt verlaten.
vervoer
ΔGEVAAR
Rijden op stijgende hellingen
Gevaar voor letsel
Gebruik het apparaat voor het laden en lossen alleen op hellingen tot de maximale waarde (zie hoofdstuk "Technische gegevens").
Rij langzaam.
⚠VOORZICHTIG
Niet in acht nemen van het gewicht
Gevaar voor letsel en beschadiging
Houd bij het vervoer rekening met het gewicht van het apparaat.
-
Met gemonteerde D-reinigingskop verwijdert u de schijfborstels van de borstelkop.
-
Bij het transport in voertuigen het apparaat conform de geldende richtlijnen tegen wegglijden en omvalen beveiligen.

Niet in acht nemen van het gewicht
Gevaar voor letsel en beschadiging
Houd bij de opslag rekening met het gewicht van het apparaat.
LET OP
Vorst
Vernietiging van het apparaat door bevriezend water. Verwijder al het water uit het apparaat.
Bewaar het apparaat op een vorstvrije plaats.
- Dit apparaat mag alleen in binnenruimtes worden opgeslagen.
- Voor een langere levensduur de batterijen volledig opladen.
- De batterijen bij opslag minstens één keer per maand volledig opladen.
Verzorging en onderhoud
ΔGEVAAR
Per ongeluk opstartend apparaat
Verwondingsgevaar, elektrische schok
Draai de programmaschakelaar in stand "OFF".
Verwijder de Intelligent Key voor alle werkzaamheden aan het apparaat.
Trek de netstekker van de oplader eruit.
Trek de accustekker eruit.
- Het vuilwater en vuilwater aftappen en afvoeren.
Onderhoudsintervallen
Na elk gebruik
LET OP
Ondeskundige reiniging
Beschadigingsgevaar.
Spuit het apparaat niet schoon met water.
Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen.
Voor de gedetailleerde beschrijving van de afzonderlijke onderhoudswerkzaamheden zie hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
- Het vuilwater aftappen.
- De vuilwatertank met helder water schoonspoelen.
- De grofvuilzeef reinigen.
- Alleen R-reinigingskop: Neem de grofvuilbak eruit en leeg hem.
- Het apparaat van buiten met een vochtige, in mild zeepsop gedrenkte doek reinigen.
- Reinig de zuiglip, controleer deze op slijtage en vervang hem indien nodig.
- Reinig de schraperlip, controleer deze op slijtage en vervang deze indien nodig.
- Reinig de borstels, controleer deze op slijtage en vervang deze indien nodig.
- De accu laden.
- Als de laadtoestand onder 50% is, de accu volledig en zonder onderbrekingen opladen.
- Als de ladingstoestand boven 50% is, de accu alleen opladen, als u bij het volgende gebruik de volledige bedrijfsduur nodig hebt.
Wekelijks
- Bij regelmatig gebruik de accu minstens een keer per week volledig en zonder onderbreking opladen.
Eens per maand
Voor de gedetailleerde beschrijving van de afzonderlijke onderhoudswerkzaamheden zie hoofdstuk "Onderhoudswerkzaamheden".
- Als het apparaat tijdelijk wordt uitgeschakeld: Voer de compensatielading van de accu uit.
- De accupool op oxidatie controleren, indien nodig afborstelen. Op vastheid van de verbindingskabels letten.
- De afdichtingen tussen de vuilwatertank en de deksel reinigen en op dichtheid controleren, indien nodig vervangen.
- Het verswatertank legen en de afzettingen schoonspoelen.
- Het filter verswater reinigen.
- Bij niet-onderhoudsvrije accu's de zuurdichtheid van de cellen controleren.
- Alleen R-reinigingskop: Reinig de borsteltunnel.
- Alleen R-reinigingskop: Reinig de waterverdelerlijst van de reinigingskop.
- Bij een langere stilstandtijd het apparaat met volledig opgeladen accu's afzetten. De accu minstens maandelijks volledig opladen.
Jaarlijks
- De voorgeschreven inspectie door de klantenservice laten uitvoeren.
Veiligheidsinspectie/onderhoudscontract
Met uw dealer kunt u een regelmatige veiligheidsinspectie vastleggen of een onderhoudscontract afsluiten. Vraag hierover advies.
Onderhoudswerkzaamheden
Zuiglippen omkeren of vervangen
Als de zuiglippen zijn versleten, moeten ze worden omgekeerd of vervangen.
De zuiglippen kunnen 3 keer worden omgekeerd totdat alle 4 de randen zijn versleten.
1. De zuigbalk verwijderen.
2. De stergreep eruit schroeven.

① Stergreep
②Spanband
③Binnenste gedeelte zuigbalk
④ Spansluiting
3. Het binnenste gedeelte van de zuigbalk eruit trekken.
4. De spansluiting openen.
5. De spanband verwijderen.
6. De zuiglippen uit het binnenste gedeelte verwijderen.

① Afstrijklip
② Steunlip
③ Binnenste gedeelte zuigbalk
④ Spanband
- De gebruikte of nieuwe zuiglippen op de noppen van het binnenste gedeelte van de zuigbalk drukken.
- De spanband aanbrengen.
- Het binnenste gedeelte van de zuigbalk in het bovenste deel schuiven.
- De stergreep erin schroeven en vastdraaien.
Grofvuilfilter reinigen
- Open de deksel van de vuilwatertank.

① Grofvuilzeef
②Pluizenzeef
- De grofvuilzeef er omhoog aftrekken.
- De grofvuilzeef onder stromend water schoonspoelen.
- Plaats de grofvuilzeef in de vuilwatertank.
Vlotter- en pluizenfilter reinigen
- Open het deksel van de afvalwatertank.

①Vlotter
②Pluizenfilter
2. Spoel de vlotter met schoon water.
3. Verwijder en reinig het pluizentfilter.
Schijfborstel vervangen
Instructie
Vervang de schijfborstels, als de borstellengte 10 mm heeft bereikt.
- Breng de reinigingskop omhoog.
- Duw het borstelwisselpedaal omlaag.
- Trek de schijfborstel er zijdelings onder de reini- gingskop uit.
- De nieuwe schijfborstel onder de reinigingskop houden, omhoog drukken en vergrendelen.
Storing Oplossing
Schoonwaterres. leeg! 1. Het schoonwaterreservoir bijvullen
| Waterventiel geblok. 1. De programmaschakelaar op "OFF" zetten. | |
| 2. Wacht 10 seconden. | |
| 3. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. | |
Hoofdbrstl overbel.! 1. De contactdruk van de borstels verminderen.
| Hoofdborstel geblok. | 1. Controleren of een vreemd voorwerp de borstels blokkeert, eventueel het voorwerp verwijderen.2. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.3. Wacht 10 seconden.4. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. |
| Zijborstel overbel.! | 1. De contactdruk van de borstel van het zijschrobdek verminderen. |
| Aandr.motor geblok.! 1. De wielen op een blokkering controleren, voorwerp verwijderen.2. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.3. Als de rijmotor oververhit is, hem ten minste 15 minuten laten afkoelen, anders 10 seconden wachten.4. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. | |
| Batterijniveau laag! 1. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.2. Het apparaat rechtstreeks naar de lader (of in het geval van een interne lader naar een stopcontact) rijden. Hellingen vermijden.3. De accu opladen. | |
Borstelwalsen vervangen
Instructie
Vervang de borstelwalsen, als de borstellengte 10 mm heeft bereikt.
- De reinigingskop optillen.
- De greep voor de borstelwissel eruit trekken.

②Lagerdeksel met afstrijklip
③ Borstelwals
3. Het lagerdeksel met afstrijklip verwijderen.
4. De borstelwals eruit trekken.
5. De nieuwe borstelwals inzetten en op de meenemer centreren.
①Meenemer
②Opnamedoorn
- Het lagerdeksel met afstrijklip aanbrengen.
Instructie
Zorg ervoor dat de borstelwals op de opnamedoorn zit en niet eronder.
7. De greep voor de borstelwissel naar boven zwenken en vastklikken.
8. De bewerking aan de tegenoverliggende zijde her-halen.
Filter verswater reinigen
- Tap vers water af (zie hoofdstuk "Vers water aftappen").
- De afsluiting van het verswatertank losschroeven.

- Het filter verswater eruit trekken en met schoon water schoonspoelen.
-
Het filter verswater plaatsen.
-
De afsluiting van het verswaterreservoir aanbren-gen.
Opmerking: Zorg ervoor dat de slangaansluiting in de afsluiting verswaterreservoir na het vastschroeven op het diepste punt ligt.
Reinig de waterverdelerlijst
- Druk de ontgrendeling in pijlrichting en houd hem vast.

text_image
1. 2. 3.- Zwenk de waterverdeler naar voren.
- Trek de waterverdelerlijst er in lengterichting uit.
- Reinig de waterverdelerlijst.
- Plaats de waterverdeellijst terug in de reinigingskop en klik de vergrendeling vast.
Accu's reinigen
- Veiligheidsbril, beschermende kleding en beschermende handschoenen dragen.
- De doppen van de accu's gesloten houden.
- De accu's uitbouwen.
- De kunststof onderdelen van de accu's en het accu- compartment alleen met water of met water doordrenkte reinigingsdoeken zonder toevoegingen reinigen.
- De oppervlakken na het reinigen drogen.
- De accu's opnieuw inbouwen.
Onderhoudsteller terugzetten
Als er onderhoudswerkzaamheden op het display zijn uitgevoerd, moet de bijbehorende onderhoudsteller worden gereset.
Instructie
Het resetten van de onderhoudstellers wordt beschreven in het hoofdstuk "Grijze Intelligent Key".
Hulp bij storingen
ΔGEVAAR
Het apparaat kan onverwacht starten
Mensen die aan het apparaat werken, kunnen gewond raken.
Trek voor alle werkzaamheden aan het apparaat de Intelligent Key eruit.
Trek voor alle werkzaamheden de netstekker van de in- terne oplader uit het stopcontact.
Ontkoppel de accustekker voor alle werkzaamheden.
-
Het vuilwater aftappen.
-
Tap het resterende verse water af.
Instructie
Neem contact op met de klantenservice, als de fout niet kan worden verholpen met de volgende instructies.
Storingen met weergave
Als de weergegeven fout niet in de volgende lijst voorkomt, doe dan het volgende:
- De programmaschakelaar in stand "OFF" draaien.
- Wacht 10 seconden.
- Zet de programmaschakelaar op de vorige functie.
- Als de storing opnieuw optreedt, de klantenservice raadplegen.
| Storing Oplossing | |
| Batterij leeg! 1. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.2. Het apparaat via de kortste weg naar de lader (of in het geval van een interne lader naar een stopcontact) rijden. Hellingen vermijden.3. De accu opladen. | |
| Sluit stoelcontact | 1. De bestuurdersstoel kort onlasten zodat de besturing de functie van het stoelcontact kan controleren. |
| Inschakelen!! 1. De veiligheidsschakelaar op “1” zetten. | |
| Machine opn. starten! 1. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.2. Wacht 10 seconden.3. De programmaschakelaar op het gewenste programma zetten. | |
| Gas loslaten! 1. Het gaspedaal loslaten. | |
Storingen zonder weergave op het display
| Storing Oplossing | |
| Het apparaat kan niet gestart worden | 1. Op de bestuurdersplaats gaan zitten.2. Voordat u de veiligheidsschakelaar inschakelt, uw voet van het rijpedaal nemen.3. De veiligheidsschakelaar op “1” zetten.4. De accu’s controleren, eventueel opladen.5. De programmaschakelaar op "OFF" zetten.6. Wacht 10 seconden.7. Zet de programmaschakelaar op het gewenste programma.8. Rijd indien mogelijk alleen met het apparaat op een vlakke vloer.9. Controleer eventueel de parkeerrem.Als de storing toch weer optreedt, de klantenservice raadplegen. |
| Het apparaat rijdt niet meer, op het display wordt “Batterij leeg!” weergegeven | 1. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.2. Wacht 10 seconden.3. De programmaschakelaar op “Transport” zetten.4. Naar het laadstation rijden.5. Als het apparaat nog steeds niet rijdt, dan de accu ter plaatse opladen of de rem ontgrendelen (zie “Gebruik/Apparaat duwen”) en het apparaat naar het laadstation duwen. |
| Het apparaat beweegt ongelijkmatig (schokkerig) bij het starten en stoppen. | 1. De rem ontgrendelen (zie “Gebruik/Apparaat duwen”). |
| Onvoldoende watervolume | 1. Controleer het vulpeil van het schoon water, vul de tank indien nodig volledig zodat de lucht eruit wordt geperst.2. Verwijder en reinig het schoonwaterfilter.3. Plaats het filter en schroef de dop erop.4. Controleer de slangen op verstoppingen en reinig ze indien nodig. |
| Het schoonwaterdisplay geeft een verkeerd vulniveau aan na het handmatig legen van de tank | 1. Het apparaat gebruiken. Tijdens het gebruik ontlucht het slangsystem en wordt de niveau-indicatie automatisch gecorrigeerd. |
| De balk van de niveau-indicatie knippert, op het display wordt “Schoonwaterres. leeg!” weergegeven | 1. Het verswaterreservoir bijvullen. |
| Het zuigvermogen is te gering | 1. De afdichtingen tussen de vuilwatertank en de deksel reinigen en op dichtheid controleren, eventueel vervangen.2. De pluizenzeef op vervuiling controleren, eventueel reinigen.3. De zuiglippen van de zuigbalk reinigen, eventueel omkeren of vervangen.4. Sluit het deksel van de vuilwater-afvoerslang.5. Sluit het deksel van het vuilwatertank-spoelsysteem.6. De zuigslang op verstopping controleren eventueel reinigen.7. De aanzuigslang op dichtheid controleren, eventueel reinigen.8. De instelling van de zuigbalk controleren. |
| Het reinigingsresultaat is onvoldoen-de | 1. Stel voor de reinigingstaak het passende reinigingsprogramma in.2. Gebruik passende borstels voor de reinigingstaak.3. Gebruik een passend reinigingsmiddel voor de reinigingstaak.4. De snelheid reduceren.5. Stel de contactdruk in.6. Stel de schraperlippen in.7. De borstels op slijtage controleren, eventueel vervangen.8. Controleer de wateruitvoer. |
| De borstels draaien niet 1. Verminder de contactdruk. | 2. Controleer of een vreemd voorwerp de borstel blokkeert, eventueel het vreemde voorwerp verwijderen.3. Laat de motor afkoelen als deze overbelast is.4. De programmaschakelaar op “OFF” zetten.5. Wacht 10 seconden.6. Zet de programmaschakelaar op het gewenste programma.7. Controleer of de stekker van het apparaat in de reinigingskop is gestoken. |
| Het apparaat remt niet | 1. Maak de rem van de rem los (zie "Bediening/apparaat verschuiven"). |
| De vuilwater-afvoerslang is verstopt | 1. De deksel van het doseerapparaat openen.2. Trek de zuigslang van de zuigbalk en sluit deze af met de hand.3. Zet de programmaschakelaar op “Zuigen”.De verstopping wordt uit de afvoerslang in de vuilwatertank gezogen. |
Garantie
In elk land gelden de garantievoorwaarden die door onze verantwoordelijke verkoopmaatschappij zijn uitgegeven. Mogelijke storingen aan uw apparaat verhelpen we
binnen de garantieperiode gratis, voor zover een materiaal- of fabricagefout de oorzaak is. Als u gebruik wilt maken van de garantie, neemt u met uw aankoopbon
contact op met uw distributeur of de dichtstbijzijnde ge- autoriseerde klantenservice. (adres zie achterzijde)
Toebehoren
Reinigingskop met rolborstelaccessoires
A: Verpakkingseenheid, B: Hoeveelheid vereist door het apparaat
| Beschrijving | R 75,-Onderdeelnr. | Beschrijving | A | B |
| Rolborstel, rood (medium, standaard) | 4.035-605.0 | Voor onderhoudsreiniging van sterk vervuilde vloeren. | 1 | 2 |
| Rolborstel, wit (zacht) | 6.907-771.0 | Voor polijsten en onderhoudsreiniging van gevoelige vloeren. | 1 | 2 |
| Rolborstel, oranje (hoog/laag) | 6.907-730.0 | Voor het schrobben van structurele vloeren (veiligheidstegels, enz.). | 1 | 2 |
| Beschrijving | R 75,-Onderdeelnr. | Beschrijving | A | B |
| Rolborstel, groen (hard) | 6.907-731.0 | Voor basisreiniging van sterk vervuilde vloeren en voor het verwijderen van coatings (bijv. was, acrylaten). | 1 | 2 |
| Rolborstel, zwart (zeer hard) 6.907-732.0 1 | 2 | |||
| Microvezelroller 4.114-007.0 Voor onderhoudsreiniging van glad de vloeren. 1 2 | ||||
| Rolas pad 4.762-627.0 Om walspads vast te houden. 1 2 | ||||
| Walspad, geel (zacht) 6.369-454.0 Voor het polijsten van vloeren | 20 96; 106 | |||
| Walspad, rood (medium) | 6.369-456.0 | Voor het reinigen van licht vervuilde vloeren. | 20 | 96; 106 |
| Walspad, groen (hard) | 6.369-455.0 | Voor het reinigen van normaal tot sterk vervuilde vloeren. | 20 | 96; 106 |
Reinigingskop met accessoires voor schijfborstels
A: Verpakkingseenheid, B: Hoeveelheid vereist door het apparaat
| Beschrijving | D 75 Onderdeelnr. | Beschrijving | A | B |
| Schijfborstel, natuurlijke kleur (zacht) | 4.905-020.0 | Voor het polijsten van vloeren. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, wit | 4.905-019.0 | Voor polijsten en onderhoudsreiniging van gevoelige vloeren. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, rood (medium, standaard) | 4.905-018.0 | Voor het reinigen van licht vervuilde of gevoelige vloeren. | 1 | 2 |
| Schijfborstel, zwart (hard) | 4.905-021.0 | Voor het reinigen van sterk vervuilde vloeren. | 1 | 2 |
| Fijne diamantschijf, groen | 6.371-236.0 | Voor het opfrissen van kalkhoudende vloerbedekkingen en vloeren met epoxyharscoating. | 5 | 2 |
| Grove diamantschijf, wit | 6.371-252.0 | 5 | 2 | |
| Medium diamantpad, geel | 6.371-253.0 | 5 | 2 | |
| Klembord pad | 4.762-447.0 | Voor het vasthouden van pads. | 1 | 2 |
Toebehoren zuigbalk
A: Verpakkingseenheid, B: Door het apparaat vereiste aantal
| Aanduiding | Onderdeelnr. | Beschrijving | A | B |
| Set zuigstrips, voor PU (rood), achter Linatex | 4.039-366.0 | Standaard | paar | 1 paar |
| Set zuigstrips, Linatex-rubber | 4.039-356.0 | Scheurbestendig | paar | 1 paar |
| Set zuigstrips, PU | 4.039-357.0 | Oliebestendig | paar | 1 paar |
Technische gegevens
Technische wijzigingen voorbehouden.
Winnenden, /09/01
| B 110 Classic D 75 | B 110 Classic R 75 | ||
| Algemeen | |||
| Rij-/reinigingssnelheid | km/h | 6 | 6 |
| Transportsnelheid | km/h | 6 | 6 |
| Rijsnelheid, achteruit | km/h | 4 | 4 |
| Theoretische oppervlaktecapaciteit | m^2/h | 4500 | 4500 |
| Praktische oppervlaktecapaciteit | m^2/h | 3150 | 3150 |
| Volume verswaterreservoir | I 130 | 130 | |
| Volume vuilwaterreservoir | I 110 | 110 | |
| Volume grofvuilreservoir | I - | 1,8 | |
| Waterdosering | l/min | 0...8 | 0...8 |
| Oppervlaktebelasting (met bestuurder en vol verswaterreservoir) | |||
| Oppervlaktedruk | N/mm^2 | 0,64 | 0,64 |
| Oppervlaktebelasting (gewicht/parkeerplaats) | kg/m^2 | 563 | 563 |
| Afmetingen | |||
| Lengte | mm | 1660 | 1660 |
| Breedte | mm | 1035 | 1035 |
| Breedte zuigbalk | mm | 1000 | 1000 |
| Hoogte | mm | 1480 | 1480 |
| Werkbreedte | mm | 750 | 750 |
| Afmeting verpakking lxbxh | mm | 1715x1140x1625 | 1715x1140x1625 |
| Draaicirkel | mm | 1750 | 1750 |
| Afmetingen accuvak lxbxh | mm | 420x630x400 | 420x630x400 |
| Bandenuitrusting | |||
| Voorwiel, breedte | mm | 90 | 90 |
| Voorwiel, diameter | mm | 250 | 250 |
| Achterwiel, breedte | mm | 75 | 75 |
| Achterwiel, diameter | mm | 290 | 290 |
| Gewicht | |||
| Toegestaan totaal gewicht | kg | 720 | 720 |
| Leeggewicht (transportgewicht) | kg | 380 | 380 |
| Typisch bedrijfsgewicht | kg | 590 | 590 |
| Borstelcontactkracht, max. | N (kg) | 736 (75) | 736 (75) |
| Borstelcontactkracht, max. | N/m^2(g/cm^2) | 510 (500) | 510 (500) |
| Gegevens capaciteit apparaat | |||
| Nominale spanning | V | 24 | 24 |
| Batterijcapaciteit* (In de fabriek geinstalleerd, indien Bp Pack-versie) | Ah (5 h) | 170 | 170 |
| Gemiddelde netbelasting | W | 2350 | 2350 |
| Nominaal vermogen | W | 2500 | 2500 |
| Vermogen rijmotor W 600 600 | |||
| Vermogen zuigturbine W 600 600 | |||
| Vermogen borstelaandrijving W 2 x 600 2 x 600 | |||
| Beschermingsgraad IPX3 IPX3 | |||
| Zuigen | |||
| Zuigvermogen, luchthoeveelheid | l/s | ~25 ~25 | |
| Onderdruk (max.) | kPa (mbar) | ~17 (~170) | ~17 (~170) |
| Onderdruk (tijdens bedrijf) | kPa (mbar) | ~5 (~50) | ~5 (~50) |
| Reinigingsborstel | |||
| Borsteldoorsnede | mm | 410 100 | |
| Borstellengte | mm | - | 705 |
| Borstelloerental | 1/min | 180 1200 | |
| Externe oplader | |||
| Nominale spanning | V | 230 230 | |
| Frequentie | Hz | 50-60 | 50-60 |
| Laadstroom | A | 50 | 50 |
| Gewicht | kg | 4,5 | 4,5 |
| Omgevingsvoorwaarden | |||
| Toegestaan temperatuurbereik | °C | 5...40 | 5...40 |
| Watertemperatuuur max. | °C | 50 | 50 |
| Relatieve luchtvochtigheid | % | 20...90 | 20...90 |
| Helling | |||
| Stijging werkbereik max. | % | 10 | 10 |
| Helling korte afstand (max. 10 m) transport, laden | % | 22 | 22 |
| Berekende waarden conform EN 60335-2-72 | |||
| Hand-arm-vibratiewaarde | m/s^2 | < 2,5 | < 2,5 |
| Vibratiewaarde stoel | m/s^2 | < 2,5 | < 2,5 |
| Onzekerheid K | dB(A) | 0,2 | 0,2 |
| Geluidsdrukniveau L_pA eco-modus | dB(A) | 59,2 | 59,2 |
| Geluidsdrukniveau L_pA normaal bedrijf | dB(A) | 63,6 | 63,6 |
| Onzekerheid K_pA | dB(A) | 1,6 | 1,6 |
| Geluidsvermogensniveau L_WA + onzekerheid K_WA eco-modus | dB(A) | 74,1 | 74,1 |
| Geluidsvermogensniveau L_WA + onzekerheid K_WA normaal bedrijf | dB(A) | 78,7 | 78,7 |
EU-conformiteitsverklaring
Hiermee verklaren wij dat de hierna vermelde machine op basis van het ontwerp en type en in de door ons op de markt gebrachte uitvoering voldoet aan de relevante veiligheids- en gezondheidsvereisten van de EU-richtlijnen. Bij een niet door ons goedgekeurde wijziging van de machine verliest deze verklaring zijn geldigheid.
Product: bodemreiniger
Type: 1.161-xxx
Relevante EU-richtlijnen
2006/42/EG (+2009/127/EG)
2014/30/EU
2014/53/EU (TCU)
Toegepaste nationale normen
De ondergetekenden handelen in opdracht en met volmacht van de directie.
Gevolmachtigde voor de documentatie:
S. Reiser
Alfred Kärcher SE & Co. KG
Alfred-Kärcher-Str. 28 - 40
①Rupjo netīrumu siets
②Pūku siets
Purtati ochelari de protectie.

25 Furtunul de aspiratie
26 Pârghia de fixare a barei de aspiratie
Accesorii bara de aspiratie
Grad de protectie IPX3 IPX3
Aspirarea
Putere de aspirare, cantitate de aer l/s \~25 \~25
Subpresiune (max.) kPa (mbar) \~17 (\~170) \~17 (\~170)