HC400020 - Verwarming BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HC400020 BOSCH in PDF-formaat.
| Merk | Bosch |
| Model | HC400020 |
| Producttype | Elektrische convector voor wand of vloer |
| Voeding | 230 V AC ±10%, 50 Hz |
| Nominaal vermogen | 500, 1000, 1500, 2000 of 2500 W |
| Beschermingsgraad | IP24 (Klasse II) |
| Temperatuurbereik | 7 °C (vorstbeveiliging) of 12 °C tot 28 °C |
| Montagepositie | Horizontaal aan de muur of verticaal op de vloer (voeten meegeleverd) |
| Werkingsmodi | Verwarmen, ECO, PROG (programmeerbaar), TIMER, vorstbeveiliging |
| Programmering | Vooringestelde dagprogramma's (P1-P5) en instelbaar (P6), weekprogramma (7d) |
| Open raam functie | Ja - stopt de verwarming bij een plotselinge temperatuurdaling |
| Toetsvergrendeling | Ja - voorkomt onbedoelde wijzigingen |
| Kalibratie | Ja - past de temperatuurweergave aan (van -3 °C tot +3 °C) |
| Scherm | Digitale display met achtergrondverlichting, schakelt uit na 5 minuten inactiviteit |
| Kabellengte | 1,3 m met stekker CEE 7/17 |
| Reiniging en onderhoud | Reinig het rooster twee keer per jaar met een stofzuiger of borstel; gebruik geen schurende producten |
| Veiligheid | Hete oppervlakken (brandwonden), minimale afstand van 1 m tot textiel, niet afdekken, niet gebruiken in de buurt van bad/douche/zwembad |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Open het apparaat niet; neem contact op met de Bosch-klantenservice (adressen in de handleiding) |
| Algemene informatie | CE-conform; conformiteitsverklaring beschikbaar op www.bosch-thermotechnology.com; recycling via erkende inzameling (symbool doorgekruiste vuilnisbak) |
Veelgestelde vragen - HC400020 BOSCH
Gebruikersvragen over HC400020 BOSCH
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verwarming in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HC400020 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HC400020 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING HC400020 BOSCH
1 Toelichting op de symbolen en veiligheidsinstructies.... 134
1.1 Toelichting op de symbolen ..... 134
1.2 Algemene veiligheidsinstructies..... 134
2 Productinformatie.... 136
2.1 Conformiteitsverklaring ..... 136
2.2 Leveringsomvang.... 136
2.3 Verklaring begrippen.... 136
2.4 Correct gebruik.... 136
2.5 Productbeschrijving ..... 137
3 Eerste inbedrijfstelling.... 137
4 Bedienen en gebruik. 137
4.1 Convector inschakelen/uitschakelen ..... 137
4.2 Bediening van de regelaar.... 137
4.2.1 Regelaar inschakelen ..... 137
4.3 Parametrering en instellingen.... 137
4.3.1 Menu parametrering oproepen ..... 137
4.3.2 Instellingsmenu's oproepen ..... 138
4.3.3 Menu parametrering verlaten..... 138
4.4 Dag en tijd instellen.... 138
4.5 Bedrijfsmodus en weergaven op de regelaar. . 138
4.5.1 Bedrijfsmodus oproepen en instellen ..... 139
4.5.2 Bedrijfsmodus cv-bedrijf ..... 139
4.5.3 Bedrijfsmodus ECO ..... 139
4.5.4 Bedrijfsmodus PROG ..... 140
4.5.5 Dagprogramma P6 (individueel) instellen... . 141
4.5.6 Weekprogramma 7d (individueel) instellen . . 141
4.5.7 Bedrijfsmodus TIMER ..... 142
4.5.8 Vorstbescherming.... 142
4.6 Venster-open-functie instellen ..... 142
4.7 Toetsblokkering.... 142
4.8 Toestel kalibreren ..... 143
5 Reiniging en onderhoud....143
6 Milieubescherming en afvalverwerking ..... .143
7 Informatie inzake gegevensbescherming ..... 144
8 Storingen verhelpen....144
9 Gegevens....145
9.1 Technische gegevens ....145
9.2 Productkenmerken voor energieverbruik ... .145
10 Service-adressen ....145
11 Appendix ....211
1 Toelichting op de symbolen en veiligheidsinstructies
1.1 Toelichting op de symbolen
Waarschuwingen
Bij waarschuwingen geven signaalwoorden de soort en de ernst van de gevolgen aan indien de maatregelen ter voorkoming van het gevaar niet worden opgevolgd.
De volgende signaalwoorden zijn vastgelegd en kunnen in dit document worden gebruikt:

GEVAAR:
GEVAAR betekent dat ernstig tot levensgevaarlijk lichamelijk letsel zal ontstaan.

WAARSCHUWING:
WAARSCHUWING betekent dat zwaar tot levensgevaarlijk li-chamelijk letsel kan ontstaan.

VOORZICHTIG:
VOORZICHTIG betekent, dat licht tot middelzwaar lichamelijk letsel kan ontstaan.
OPMERKING:
OPMERKING betekent dat materiële schade kan ontstaan.
Belangrijke informatie

Belangrijke informatie, zonder gevaar voor mens of materialen, wordt met het getoonde info-symbol gemarkeerd.
Aanvullende symbolen
| Sym-bool | Betekenis | |||||
| ▶ | H | a | n | d | e | l |
| → Verwijzing naar een andere plaats in het document | ||||||
| • | O | p | s | o | m | m |
| – Opsomming (2e niveau) | ||||||
Tabel 131
1.2 Algemene veiligheidsinstructies
H Instructies voor de doelgroep
Deze gebruiksinstructie is bedoeld voor de eigenaar van het product.
De instructies in alle handleidingen moeten worden aangehouden. Wanneer deze niet worden gerespecteerd, kan dit ernstig persoonlijk letsel, ook met dodelijke af-loop, en materiële schade en milieuschade tot gevolg hebben.
▶ Lees de installatie-instructies (verwarmingsregelaar enzovoort) voor de bediening en bewaar deze zorgvuldig.
▶ Houd de veiligheids- en waarschu-wingsinstructies aan.
▶ De reiniging en het onderhoud conform de gespecificeerde intervallen minimaal eenmaal per jaar te worden uitgevoerd. Controleer daarbij of heel de installatie goed functioneert.
▶ Verhelp onmiddellijk vastgestelde gebreken.

⚠️ Veiligheid van huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen
Ter voorkoming van gevaar door elektrische kamerverwarming gelden conform EN 60335-1 enEN 60335-2-30 de volgende instructies:
“Kinderen jonger dan 3 jaar moeten uit de buurt worden gehouden, tenzij ze voort-durend onder toezicht staan. Kinderen tussen de 3 en 8 jaar mogen het toestel alleen onder begeleiding in- en uitschakelen of wanneer ze zijn geïinstrueerd over het veilige gebruik van het toestel en de daaruit voortvloeiende gevaren hebben begrepen, mits het toestel in de normale toestand is geplaatst of geïnstalleerd. Kinderen tussen de 3 en 8 jaar mogen de connector niet in de contactdoos steken, het toestel niet besturen, het toestel niet reinigen en/of niet het door de gebruiker uit te voeren onderhoud uitvoeren.”
"Wanneer de netkabel wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of haar servicedienst of een gekwalificeerde persoon worden vervangen, om gevaar te vermijden."
⚠️ Veiligheid van huishoudelijke en soortgelijke elektrische toestellen
Ter voorkoming van gevaar door elektrische apparatuur gelden conform EN 60335-1 de volgende instructies:
“Dit toestel kan door kinderen vanaf 8 jaar en ouder en door personen met vermin- derde fysische, sensorische of mentale capaciteiten of gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, wanneer deze on- der toezicht staan of voor wat betreft het
veilig gebruik van het toestel zijn geïinstrueerd en de daaruit resulterende gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd."
"Wanneer de netaansluitkabel wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant of haar servicedienst of een gekwalificeerde persoon worden vervangen, om gevaar te vermijden."
⚠️ Installatie en gebruik
▶ Apparaat niet onder een contactdoos of in de buurt van gordijnen of ander brandbaar materiaal installeren.
▶ Verwarming niet in de directe omgeving van een bad, een douche of een zwembassin gebruiken.
▶ Product niet in kleine ruimte gebruiken wanneer deze door personen wordt gebruikt die niet in staat zijn de ruimte alleen te verlaten, tenzij de ruimte continu wordt bewaakt.
⚠️ Hete oppervlakken
Sommige delen van dit product kunnen zeer heet worden en bij huidcontact ver- branding veroorzaken. Bijzondere voor- zichtigheid is geboden wanneer kinderen en kwetsbare volwassenen aanwezig zijn.
⚠️ Oververhittingsgevaar, brandgevaar
Om het brandgevaar te reduceren:
▶ Textiel, gordijnen of andere brandbare materialen op tenminste 1 m afstand van de luchtuitlaat houden.
▶ Niets op de convector leggen. De convector niet afdekken en niet beklimmen.
Zorg voor een ongehinderde warmteafgifte van de convector.
▶ Gebruik het product uitsluitend op een horizontale en stabiele ondergrond of bevestig het aan de wand.
⚠ Levensgevaar door elektrische stroom!
Aanraken van een defect product of defecte aansluitkabel kan een elektrische schok tot gevolg hebben.
▶ Gebruik het product niet wanneer u het heeft laten vallen.
▶ Gebruik het product niet wanneer er zichtbare beschadigingen zijn.
▶ Open het product niet.
▶ Gebruik het product niet meer en koppel het los van het elektriciteitsnet.
▶ Contact met de service opnemen. De service-adressen vindt u in hoofdstuk 10, pagina 145.
-of-
▶ Voer het product af volgens de voorschriften.
2 Productinformatie
Deze instructie bevat belangrijke informatie betreffende een veilige bediening voor de Heat Convector 4000 gebruiker.
De convector mag alleen buiten het veiligheidsbereik (grijs weergegeven → afb. 3, pagina 211) worden opgesteld of gemonteerd.
Hiervoor:
▶ installatiehandleiding aanhouden.
2.1 Conformiteitsverklaring
Dit product voldoet qua constructie en werking aan de Europe-se en nationale vereisten.
CE Met de CE-markering wordt de conformiteit van het product met alle toepasbare EU-voorschriften bevestigd, welke samenhangen met het aanbrengen van deze markering.
De volledige tekst van de conformiteitsverklaring is via internet beschikbaar: www.bosch-thermotechnology.com.
2.2 Leveringsomvang
- Controleer bij de levering of de verpakking niet beschadigd is.
▶ Controleer de leveringsomvang op volledigheid:
- Technische documentatie
2.3 Verklaring begrippen
De Heat Convector 4000 wordt hierna in dit document ook product, convector of toestel genoemd.
2.4 Correct gebruik
De convector is bedoeld voor het opwarmen van woonruimten.
▶ Houd de aansluitvoorwaarden aan conform de technische gegevens en de nationale normen en voorschriften.
▶ De convector mag alleen buiten het veiligheidsbereik (grijs weergegeven → afb. 3, pagina 211) worden opgesteld of gemonteerd.
Een ander gebruik is niet toegestaan. Daaruit resulterende schade valt niet onder de aansprakelijkheid.
2.5 Productbeschrijving
De Heat Convector 4000 is een wandhangende of vloerstaande elektrische plaatconvector voor het opwarmen van ruimten (→ afb. 1, pagina 211).
Legenda bij afb. 1, pagina211:
[1] Convector
[2] Display
[3] Schakelaar aan/uit
3 Eerste inbedrijfstelling
Wanneer het apparaat is geïnstalleerd, opgesteld of uit een duidelijk koudere omgeving is gehaald, moet het zich aan de kamertemperatuur aanpassen.
▶ Toestel een half uur niet inschakelen.

Wanneer het toestel voor de eerste keer verwarmt, kan er een lichte geurbelasting (maximaal 2 uur) ontstaan door uitdrogen van productieresten.
4 Bedienen en gebruik
▶ Houd de veiligheidsaanwijzingen aan (→ hoofdstuk 1.2, pagina 134).
4.1 Convector inschakelen/uitschakelen
De convector wordt via de schakelaar aan/uit (→ afb. 1, [3], pagina 211) in- en uitgeschakeld.
Om de convector in te schakelen:
▶ Schakelaar op I zetten.
Om de convector uit te schakelen:
▶ Schakelaar op 0 zetten.

De convector alleen via de schakelaar aan/uit uitschakelen wanneer deze gedurende langere tijd niet nodig is, bijv. aan het einde van de verwarmingsperiode.
4.2 Bediening van de regelaar
De bedieningselementen van de regelaar zijn weergegeven in hoofdstuk 4.5, pagina 138.

De regelaar heeft geen datumgeheugen. Wanneer de convector langer dan 5 seconden van het elektriciteitsnet wordt losgekoppeld (stekker losgetrokken), gaan de datum en de tijd verloren. Verwarmingsprogramma's blijven behouden.
4.2.1 Regelaar inschakelen
Toets aan/uit
Met de toets > (→ afb. 2, [7], pagina 211) wordt de regelaar met het display in- en uitgeschakeld.
Om de regelaar in te schakelen:
▶ Druk detoetsin.
Om de regelaar uit te schakelen:
▶ Toets > langer dan 5 seconden indrukken.
Wanneer de regelaar is ingeschakeld, toont het display de laatst gebruikte bedrijfsmodus met de actuele instellingen.
Wanneer het display voor de eerste keer wordt ingeschakeld, is de bedrijfsmodus cv-bedrijf ingesteld. De fabrieksinstelling voor de temperatuur in de bedrijfsmodus cv-bedrijf is 19 °C.

Wanneer het display niet meer wordt aangeraakt, wordt deze na 5 minuten donker.
4.3 Parametrering en instellingen
4.3.1 Menu parametrering oproepen
Via het menu parametrering kunnen instellingen van het toestel worden uitgevoerd.
Om het menu parametrering op te roepen:
Toets herhaaldelijk indrukken, tot het controlelampje boven het pictogram brandt. no knippert.
▶ Druk de toets ∧ of √ in, tot go verschijnt.
▶ De toets > indrukken om go te bevestigen.
Op het display verschijnt het menu parametrering.
4.3.2 Instellingsmenu's oproepen
De volgende instellingsmenu's kunnen worden opgeroepen:
- Weekdag en tijd (d/HH/MM)
- Dagprogramma (P6)
- Venster-open-functie ( ) [ )
Om een instellingsmenu op te roepen:
▶ Menu parametrering oproepen.
▶ Toets herhaaldelijk indrukken, tot het controlelampje van het gewenste menu gaat branden.
4.3.3 Menu parametrering verlaten
Om het menu parametrering te verlaten:
Toets herhaaldelijk indrukken, tot het controlelampje boven het pictogram brandt.
no knippert.
▶ D e t > o e t s i n d r u k k e n o m
Het apparaat bevindt zich in de bedrijfsmodus cv-bedrijf.

Na 60 seconden zonder activiteit in een van de instellingsmenu's verlaat de regelaar dit menu automatisch. Het apparaat bevindt zich dan weer in de bedrijfsmodus cv-bedrijf.
4.4 Dag en tijd instellen

Weekdag en tijd moeten zijn ingesteld, voordat dagprogramma en weekprogramma kunnen worden ingesteld.
Om de weekdag en de tijd in te stellen:
Menu parametrering oproepen (→ hoofdstuk 4.3.1, pagina 137).
Menu weekdag en tijd wordt op het display weergegeven. Op het display knippert d/1 en de weekdag kan worden ingesteld.
▶ Toets of indrukken, om de weekdag te veranderen.
1 staat voor maandag en 7 voor zondag.
▶ Toets indrukken, om de ingestelde weekdag te bevestigen.
no te bevstleg display knippert HH/12. De uren kunnen worden ingesteld.
▶ Toets of indrukken, om de uren van 0 tot 23 in te stellen.
Toets indrukken, om de ingestelde uren te bevestigen. Op het display knippert 1/00. De minuten kunnen worden ingesteld.
▶ Toets of indrukken, om de minuten van 0 tot 59 in te stellen.
▶ Toets indrukken, om de ingestelde minuten te bevestigen.
Op het display wordt het menu dagprogramma (P6) weergegeven.
4.5 Bedrijfsmodus en weergaven op de regelaar
| Positie Bedrijfsmodus Description | ||||
| 1 | ![]() | Cv-bedrijf | Temperatuur voor de bedrijfsmodus cv-bedrijf instellen. | → Hoofdstuk 4.5.2, pagina 139 |
| 2 | ![]() | ECO | Bedrijfsmodus voor energiebesparing. De temperatuur is in de fabrieksinstelling 3 °C onder de temperatuur van de bedrijfmodus cv-bedrijf ingesteld. | → Hoofdstuk 4.5.3, pagina 139 |
| 3 | ![]() | PROG | Tussen bedrijfsmodus cv-bedrijf en bedrijfsmodus ECO automatisch omschakelen. | → hoofdstuk 4.5.4, pagina 140→ hoofdstuk 4.5.5, pagina 141→ hoofdstuk 4.5.6, pagina 141 |
| 4 | ![]() | TIMER | Timer voor het tijdprogramma voor het in-/uitschakelen van het toestel. | → Hoofdstuk 4.5.7, pagina 142 |
Tabel 132 Bedrijfsmodus op de regelaar (→afb. 2, pagina 211)
| Positie Symbol Toelichting | ||
15 Dag en tijd instellen![]() | De LED boven dit symbool knippert, wanneer de dag en tijd worden inges- teld (→ hoofdstuk 4.4, pagina 138). | |
16 Weekprogramma 7d![]() | De LED boven dit symbool knippert, wanneer het weekprogramma 7d wordt ingesteld (→ hoofdstuk 4.5.6, pagina 141). | |
14 Dagprog ![]() | De LED boven dit symbool knippert, wanneer het dagprogramma P6 wordt ingesteld (→ hoofdstuk 4.5.5, pagina 141). | |
5 Herkennin ![]() | Deze functie herkent vanwege een plot- selinge temperatuurdaling in een ruim- te, dat een raam is geopend. | |
6 Settings ![]() | Via dit symbool kunnen instellingen worden uitgevoerd. | |
12 Verwarm ![]() | Wanneer de LED naast dit symbool brandt, verwarmt het toestel. | |
7/8 Bedrijfmodus/bevestigen/aan![]() | Met deze toets wordt de bedrijfsmodus gekozen of een instelling bevestigd. Bij uitgeschakeld toestel wordt het toestel via deze toets ingeschakeld. | |
11/10/9 On ![]() | Met deze toetsen wordt een waarde (bijv. de temperatuur) verlaagd of ver- hoogd. Via beide toetsen kan de toets- blokkering worden geactiveerd, om onbedoelde veranderingen van de in- stellingen te voorkomen. | |
13 Display ![]() | ||
Tabel 133 Weergeven (→afb. 2, pagina 211)
4.5.1 Bedrijfsmodus oproepen en instellen
Om een van de bedrijfsmodi op te roepen:
Toets herhaaldelijk indrukken, tot het controlelampje onder het pictogram van de gewenste bedrijfsmodus gaat branden. Op het display wordt de laatste voor de bedrijfsmodus ingestelde temperatuur getoond.
Om de temperatuur van de bedrijfsmodus te veranderen:
▶ Druk de toets of in, tot de gewenste temperatuur is ingesteld. Na 5 seconden zonder bediening wordt de ingestelde temperatuur automatisch opgeslagen. In het display wordt de kamertemperatuur getoond.
4.5.2 Bedrijfsmodus cv-bedrijf
De regelaar houdt de convector op de ingestelde temperatuur.
De gewenste temperatuur kan van 7 °C en 12 °C tot 28 °C worden ingesteld. De fabrieksinstelling is 19 °C.
Om de bedrijfsmodus cv-bedrijf op te roepen en in te stellen:
▶ Ga te werk zoals beschreven onder hoofdstuk 4.5.1, pagina 139.
i
Wanneer de temperatuur voor de bedrijfsmodus cv-bedrijf lager dan de temperatuur voor bedrijfsmodus ECO wordt ingesteld, wordt de temperatuurinstelling voor de bedrijfsmodus ECO automatisch tot 1 °C onder de temperatuur van de bedrijfsmodus cv-bedrijf verlaagd.
4.5.3 Bedrijfsmodus ECO
De fabrieksinstelling van de temperatuur voor bedrijfsmodus ECO is 3 °C onder de temperatuur van de bedrijfmodus cv-bedrijf ingesteld.
De gewenste temperatuur kan in het bereik van 6 °C tot 1 °C onder de temperatuur van de actuele bedrijfsmodus worden ingesteld.
Om de bedrijfsmodus ECO op te roepen en in te stellen:
▶ Ga te werk zoals beschreven onder hoofdstuk 4.5.1, pagina 139.
i
Wij adviseren, de bedrijfsmodus ECO in te stellen gedurende de nacht of wanneer de ruimte langer dan 2 uur niet wordt gebruikt.
4.5.4 Bedrijfsmodus PROG
Om de bedrijfsmodus PROG op te roepen en in te stellen:
▶ Ga te werk zoals beschreven onder hoofdstuk 4.5.1, pagina 139.

Voor de bedrijfsmodus PROG gelden de temperaturen die onder 4.5.2 en 4.5.3 zijn ingesteld. Wanneer welke bedrijfsmodus actief is, wordt via het dag- en weekprogramma gestuurd.
Er zijn 5 voorgedefinieerde dagprogramma's (P1...P5). Een ander dagprogramma (P6) is individueel instelbaar (→ hoofdstuk 4.5.5, pagina 141). Uit deze programma's wordt het weekprogramma (7d) samengesteld. Het weekprogramma kan individueel worden ingesteld (→ hoofdstuk 4.5.6, pagina 141).
Voorgedefinieerde dagprogramma's P1 tot P5
In de tabellen hierna worden de verwarmingsfasen van de vooringestelde programma's getoond.
De programma's (P1...P5) kunnen niet worden veranderd.

In de volgende tabellen staat een zwart vierkantje voor de bedrijfsmodus cv-bedrijf, een open cel voor de bedrijfsmodus ECO.
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
Tabel 134 Programma P1
P1 is het voorgedefinieerde programma, dat bij afwezigheid overdag wordt geadviseerd (bedrijfsmodus
ECO:22:00...06:00 uur en 08:00...18:00 uur; bedrijfsmodus cv-bedrijf: 06:00...08:00 uur en 18:00...22:00 uur).
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
Tabel 135 Programma P2
P2 is het voorgedefinieerde programma, dat bij afwezigheid overdag maar aanwezigheid 's middags wordt geadviseerd - (bedrijfsmodus ECO:22:00...06:00 uur, 08:00...12:00 uuren
14:00...18:00; bedrijfsmodus cv-bedrijf: 06:00...08:00 uur, 12:00...14:00 uur en 18:00...22:00 uur).
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
Tabel 136 Programma P3
P3 is het voorgedefinieerde programma, dat bij constante aanwezigheid, bijvoorbeeld op zaterdag of zondag, wordt geadvi-
seerd (bedrijfsmodus ECO:22:00...08:00 uur; bedrijfsmodus cv-bedrijf: 08:00...22:00 uur).
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
Tabel 137 Programma P4
P4 is het voorgedefinieerde programma, dat voor constant bedrijf in de bedrijfsmodus cv-bedrijf wordt geadviseerd.
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus |
Tabel 138 Programma P5
P5 is het voorgedefinieerde programma, dat voor constant bedrijf in de bedrijfsmodus ECO wordt geadviseerd.
4.5.5 Dagprogramma P6 (individueel) instellen
Wanneer eerder weekdag en tijd zijn ingesteld, is het dagprogramma P6 al gekozen en zijn de eerste twee handelingsstappen niet nodig.
Om een dagprogramma P6 in te stellen:
▶ Menu parametrering oproepen (→ hoofdstuk 4.3.1, pagina 137).
▶ Instellingsmenu dagprogramma (P6) oproepen (→ hoofdstuk 4.3.2, pagina 138).
Op het display knippert P6/no.
▶ Druk de toets ∧ of √ in, tot P6/go verschijnt.
▶ De toets > indrukken om P6/go te bevestigen.
Op het display knippert 00/Ec.
00 staat voor de uren en Ec voor de bedrijfsmodus ECO.
▶ Toets of indrukken, om de bedrijfsmodus Ec (ECO) naar Co (cv-bedrijf) te wijzigen.
▶ De toets indrukken, om de ingesteld bedrijfsmodus voor het getoonde uur te bevestigen.
Op het display knippert 01/Ec.
▶ Procedure voor elk uur van 0 tot 23 herhalen.
Na instelling van het laatste uur (23) knippert op het display P6/no.
▶ De toets indrukken om het dagprogramma P6 te bevestigen.
Op het display wordt het weekprogramma (7d) weergegeven.
De tabel toont de voorgedefinieerde instellingen van het dagprogramma P6.
| Duur | 00 | 01 | 02 | 03 | 04 | 05 | 06 | 07 | 08 | 09 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 |
| Bedrijfsmodus | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ | ■ |
Tabel 139 Programma P6 (individueel instelbaar)
P6 heeft de voorgedefinieerde instellingen van programma P1 (bedrijfsmodus ECO:22:00...06:00 uur en
4.5.6 Weekprogramma 7d (individuel) instellen
Wanneer het dagprogramma P6 is ingesteld, is het weekprogramma 7d al gekozen en zijn de eerste twee handelingsstappen niet nodig.
Om het weekprogramma 7d in te stellen:
▶ Menu parametrering oproepen (→ hoofdstuk 4.3, pagina 137).
▶ Instellingsmenu weekprogramma 7d oproepen (→ hoofdstuk 4.3.2, pagina 138).
Op het display knippert 7d/no.
▶ Druk de toets ∧ of √ in, tot 7d/go verschijnt.
▶ De toets > indrukken om 7d/go te bevestigen.
Op het display knippert d1/P1.
d1 staat voor de weekdag en P1 voor het voor deze dag vooringestelde programma.
Toets ∧ of √ indrukken, om het programma P1 naar P6 te veranderen.
08:00...18:00 uur; bedrijfsmodus cv-bedrijf: 06:00...08:00 uur en 18:00...22:00 uur).
▶ Toets indrukken, om het ingestelde programma voor de getoonde weekdag te bevestigen.
Op het display knippert d2/P1.
▶ Procedure voor elke weekdag van d1 tot d7 herhalen. Na instelling van de laatste dag (d7) knippert op het display 7d/no.
▶ De toets indrukken om het weekprogramma 7d te bevestigen.
Op het display wordt de venster-open-functie weergegeven.
De tabel toont de voorgedefinieerde instellingen van het weekprogramma 7d. Aan elke dag van de week kan een dagprogramma P1 tot P6 worden toegekend.
Tabel 140 Weekprogramma 7d (individueel instelbaar)
4.5.7 Bedrijfsmodus TIMER
Met de bedrijfsmodus Timer kan men het ingestelde programma gedurende maximaal 8 uur veranderen (overschrijven). Wanneer de Timer-tijd is verlopen, gaat de convector terug naar het ingestelde programma.
De basisinstelling is 1 uur.
De timer kan in het bereik van 1 tot 8 uur (in stappen van 1 uur) worden veranderd.
Om de bedrijfsmodus TIMER op te roepen:
Toets herhaaldelijk indrukken, tot het controlelampje onder het pictogram brandt. Op het display wordt de actueel ingestelde tijd weergegeven, waarna het apparaat wordt uitgeschakeld.
Om de tijdinstelling van de bedrijfsmodus TIMER te veranderen:
▶ Druk de toets of in tot de gewenste tijd (in het bereik van 1...8 uur) is ingesteld. Na 5 seconden zonder bediening wordt de ingestelde temperatuur automatisch opgeslagen. In het display wordt de kamertemperatuur getoond.
Om de bedrijfsmodus TIMER te verlaten:
▶ Druk detoets in. Timer wordt gestopt. Op het display wordt het menu parametrering weergegeven.
▶ Opgelet: wanneer de bedrijfsmodus PROG is gekozen, is de temperatuur tot 6 °C lager (fabrieksinstelling 3 °C). Dit geldt gedurende de tijden, waarin de bedrijfsmodus ECO actief is (→hoofdstuk 4.5.3, pagina 139).
Via de bedrijfsmodus cv-bedrijf kan ook de bedrijfsmodus vorstbescherming worden ingesteld.
▶ Temperatuur voor de bedrijfsmodus cv-bedrijf op 7 °C instellen. De convector wordt geactiveerd, wanneer de kamertemperatuur tot onder 7 °C afneemt. Wanneer het ingestelde programma naar de bedrijfsmodus ECO omschakelt, neemt de ingestelde vorstgrenstemperatuur af tot 6 °C.
Opgelet:
wanneer de bedrijfsmodus PROG is gekozen, daalt de temperatuur gedurende de periodes, waarbinnen de bedrijfsmodus ECO actief is, met tot 6 °C (fabrieksinstelling 3 °C) (→ hoofdstuk 4.5.3, pagina 139).

Wij adviseren, deze bedrijfsmodus in te stellen, wanneer een ruimte meerdere dagen niet wordt gebruikt.
4.6 Venster-open-functie instellen
Wanneer het weekprogramma 7d is ingesteld, is de vensteropen-functie al gekozen en zijn de eerste twee handelingsstappen niet nodig.
Om de venster-open-functie te activeren:
▶ Menu parametrering oproepen (→ hoofdstuk 4.3.1, pagina 137).
▶ Instellingsmenu weekprogramma 7d oproepen (→ hoofdstuk 4.3.2, pagina 138). Op het display knippert [/oF.
▶ Druk de toets of in, tot] [/on verschijnt.
▶ D e t > o e t s i n d r u k k e n o m ] [ / De venster-open-functie is geactiveerd. Op het display wordt het menu parametrering weergegeven.
Wanneer het toestel een open venster herkent in de ruimte waarin het is geïnstalleerd, stopt het toestel het cv-bedrijf en op het display knippert ].
Om het cv-bedrijf voort te zetten:
▶ Druk de toets of in, tot] [/go verschijnt.
▶ D e t > o e t s i n d r u k k e n o m ] [ / Toestel is weer in cv-bedrijf. In het display wordt de kamer-temperatuur getoond.

In veel gevallen kan het toestel een open raam niet herkennen (bijvoorbeeld wanneer het toestel in een geïsoleerd deel van de ruimte, op afstand van trek wordt geplaatst, wanneer het in de buurt van een warmtebron wordt geplaatst of wanneer de temperatuurvariatie in de ruimte te klein is).
4.7 Toetsblokkering
Om onbedoelde veranderingen van de instellingen te voorkomen, is het mogelijk, de toetsen van de regelaar te blokkeren.
Om de regelaar te blokkeren:
Toetsen of gelijktijdig langer dan 5 seconden ingedrukt houden. De toetsblokkering is geactiveerd. In het display wordt alleen de kamertemperatuur getoond.
Om de regelaar te ontgrendelen:
Toetsen of gelijktijdig langer dan 5 seconden ingedrukt houden. De regelaar is ontgrendeld.
4.8 Toestel kalibreren
Om de op het display getoonde temperatuur op de werkelijke kamertemperatuur aan te passen, kan het toestel worden gekalibreerd.
Om het toestel te kalibreren:
- Kamertemperatuur meten en met de op de regelaar getoonde temperatuur vergelijken.
▶ Houd de toetsen, en g Op het display wordt de actuele correctiewaarde weergegeven (fabrieksinstelling 0,0 °C).
Toets of indrukken, om met de correctiewaarde van -3 °C tot +3 °C de weergegeven temperatuur aan te passen.
Om de kalibratie te beëindigen:
▶ Houddetoetsen, en ge Het toestel bevindt zich weer in de actuele bedrijfsmodus.

Wanneer 5 seconden of langer geen toets wordt ingedrukt, verlaat het toestel automatisch de kalibratiemodus.
5 Reiniging en onderhoud
Elke ingreep op het product is verboden.
- Gebruik geen schurende of bijtende reinigingsmiddelen.
▶ Maak het toestel product voor het reinigen los van de voedingsspanning en laat deze eerst drogen, voordat de voedingsspanning weer wordt aangesloten.
▶ Plaats de aansluitkabel niet op verwarmde convector.
▶ Let erop, dat water niet binnendringt in de elektrische componenten.
▶ Luchtinlaat- en uitlaatroosters elk half jaar met een stofzuiger of een borstel van stof en vuil reinigen.
6 Milieubescherming en afvalverwerking
Milieubescherming is een ondernemingsprincipe van de Bosch Groep. Productkwaliteit, economische rendabiliteit en milieu-bescherming zijn gelijkwaardige doelen voor ons. Milieuwet- en regelgeving worden strikt nageleefd. Ter bescherming van het milieu passen wij, met inachtneming van bedrijfseconomische aspecten, de best mogelijke technieken en materialen toe. jdig ingedrukt.
Verpakking
Bij het verpakken zijn we betrokken bij de landspecifieke recyclingsystemen, die een optimale recycling waarborgen. Alle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en recyclebaar.
gelijktijdig ingedru
Dit symbool betekent dat het product niet samen ikt. met ander afval mag worden afgevoerd, maar voor behandeling, inzameling, recycling en afvalverwer- king naar de daarvoor bedoelde verzamelplaatsen moet worden gebracht.
Dit symbool geldt voor landen met voorschriften op het gebied van verschrotten van elektronica, bijv. de "Europese richtlijn 2012/19/EG betreffende oude elektrische en elektronische apparaten". In deze regelgeving is het kader vastgelegd voor de in-levering en recycling van oude elektronische apparaten in de afzonderlijke landen.
Aangezien elektronische apparatuur gevaarlijke stoffen kan bevatten, moet deze op verantwoorde wijze worden gerecycled om mogelijke milieuschade en risico's voor de menselijke gezondheid tot een minimum te beperken. Bovendien draagt het recyclen van elektronisch schroot bij aan het behoud van natuurlijke hulpbronnen.
Voor meer informatie over de milieuvriendelijke verwijdering van afgedankte elektrische en elektronische apparatuur kunt u contact opnemen met de plaatselijke autoriteiten, uw afvalverwerkingsbedrijf of de verkoper bij wie u het product hebt gekocht.
Meer informatie vindt u hier:
www.weee.bosch-thermotechnology.com/
7 Informatie inzake gegevensbescherming

Wij, Bosch Thermotechniek B.V., Zweedsestraat 1, 7418 BG Deventer, Nederland verwerken product- en installatie-informatie, technische - en aansluitgegevens, communicatiegegevens, productregistraties en histori-
sche klantgegevens om productfunctionaliteit te realiseren (art. 6 (1) subpar. 1 (b) AVG) om aan onze plicht tot producttoezicht te voldoen en om redenen van productveiligheid en beveiliging (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG), vanwege onze rechten met betrekking tot garantie- en productregistratievragen (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG), voor het analyseren van de distributie van onze producten en om te voorzien in geïndividualiseerde informatie en aanbiedingen gerelateerd aan het product (art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG). Om diensten te verlenen zoals verkoopen marketing, contractmanagement, betalingsverwerking, ontwikkeling, data hosting en telefonische diensten kunnen wij gegevens ter beschikking stellen en overdragen aan externe
dienstverleners en/of bedrijven gelieerd aan Bosch. In bepaalde gevallen, maar alleen indien een passende gegevensbeveiliging is gewaarborgd, kunnen persoonsgegevens worden overgedragen aan ontvangers buiten de Europese Economische Ruimte (EER). Meer informatie is op aanvraag beschikbaar. U kunt contact opnemen met onze Data Protection Officer onder: Data Protection Officer, Information Security and Privacy (C/ISP), Robert Bosch GmbH, Postfach 30 02 20, 70442 Stuttgart, DUITSLAND.
U heeft te allen tijde het recht om bezwaar te maken tegen de verwerking van uw persoonsgegevens conform art. 6 (1) subpar. 1 (f) AVG om redenen met betrekking tot uw specifieke situatie of voor direct marketing-doeleinden. Neem voor het uitoefenen van uw recht contact met ons op via privacy.ttnl@bosch.com. Voor meer informatie, scan de QR-code.
8 Storingen verhelpen
| Storing Oorzaken Oplossingen | ||
| Het toestel verwarmt permanent. | Het toestel is aan constante trek bloot-gesteld. | ► Ramen en deuren sluiten. |
| Het gekozen toestelvermogen past niet bij de afmetingen van de ruimte. De convector is te klein gedimensioneerd. | ► Controleer, of het gekozen vermogen voldoende is voor de afmetingen van de ruimte (50 W/ m3). | |
| De oppervlakken van de con-vector zijn zeer heet. | Het gekozen toestelvermogen past niet bij de afmetingen van de ruimte. | ► Controleer, of het gekozen vermogen voldoende is voor de afmetingen van de ruimte (50 W/ m3). |
Tabel 141 Storingen, mogelijke oorzaken en oplossingen
9 Gegevens
| Een-heid | Heat Convector HC4000-5...-25 | |
| Bedrijfsspanning V 230 V AC | ±10% 50 Hz | |
| Nominaal vermogen van de convector (→ afb. 1, [1], pagina 211) | W 500, 1000, 1500, 2000, 2500 | |
| Beschermings-/beveiligings-klasse | IP 24/II | |
| Aansluitkabel - 1,3 m, stekkeruit- | voering: CEE7/17 | |
| Temperatuurinstelbereik °C 7; | 12...28 | |
| Montagepositie - Horizontaal aan de | wand. Met gemon-teerde voeten verticaal op de vloer staand. | |
9.2 Productkenmerken voor energieverbruik
De volgende productspecificaties voldoen aan de eisen van de EU-verordeningen nr. 2015/1188 als aanvulling op de richtlijn 2014/30/EU.
| Productkenmerken | Sym-bool | Een-heid | Heat Convec-tor HC4000-5...-25 |
| Verwarmingsvermogen | |||
| Nominaal warmtevermo-gen | P_nom | kW | 0,5; 1,0; 1,5; 2,0; 2,5 |
| Minimale verwarmingsver-mogen (indicatief) | P_min | kW 0,0 | |
| Maximaal continu vermo-gen | P_max,c | kW 2,5 | |
| Supplementair elektriciteitsverbruik | |||
| Bij nominaal warmtever-mogen | eI_max | kW | 0,000 |
| Bij minimaal verwarmings-vermogen | eI_min | kW | 0,000 |
| In stand-bybedrijf | eI_sb | kW | 0,000 |
| Productkenmerken | Symbol | Eenheid | Heat Convector HC4000-5...-25 |
| Soort warmteafgifte/weersafhankelijke regeling met ruimtetemperatuurcompensatie | |||
| Elektronische ruimtetemperatuurregeling met week-timer | - | - | Ja |
| Andere regelopties | |||
| Ruimtetemperatuurregel-ing met aanwezigheidsde-tectie | - | - | Nee |
| Ruimtetemperatuurregel-ing met functie herkenning open raam | - | - | Ja |
| Weersafhankelijke regel-ing met ruimtetemperatu-urcompensatie met afstandsbedieningsoptie | - | - | Nee |
| weersafhankelijke regel-ing met ruimtetemperatu-urcompensatie met adaptieve regeling van het cv-begin | - | - | Ja |
| weersafhankelijke regel-ing met ruimtetemperatu-urcompensatie met bedrijfstijdbegrenzing | - | - Ja (schakel-klok) | |
| Weersafhankelijke regel-ing met ruimtetemperatu-urcompensatie met zwartkogelsensor | - | - | Nee |
Tabel 143 Productkenmerken voor energieverbruik
10 Service-adressen
De service-adressen voor dit product vindt u, wanneer u de onderstaande QR-code scant.













