835 - Thermometer Testo - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 835 Testo in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over 835 Testo
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Thermometer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 835 - Testo en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 835 van het merk Testo.
GEBRUIKSAANWIJZING 835 Testo
1. Algemene aanwijzingen
Door deze handleiding goed te lezen raakt u vertrouwd met het product, voordat u het voor de eerste keer gebruikt. Bewaar deze handleiding binnen handbereik zodat u deze bij behoefte kunt raadplegen.
2. Veiligheidsinstructies
Elektrische gevaren vermijden: Niet aan of in de buurt van spanningvoerende onderdelen meten! Productveiligheid/aansprakelijkheid: Het meetinstrument alleen vakkundig, reglementair en met inachtneming van de gestelde parameters gebruiken. Geen geweld gebruiken. Niet samen met oplosmiddelen (bijv. aceton) bewaren. Het meetinstrument alleen openen, wanneer dit voor het onderhoud of de verzorging uitdrukkelijk in de documentatie beschreven is. Vakkundig verwijderen Defecte accu´s/lege batterijen bij de daarvoor bestemde inzamelpunten afgeven. Het instrument aan het einde van zijn gebruikstijd rechtstreeks naar Testo sturen. Wij zorgen voor een milieuvriendelijke verwijdering.
3. Doelmatig gebruik
De testo 835 is een compacte infrarood-thermometer voor de contactloze meting van oppervlaktetemperaturen. Met een aangesloten voeler kan bovendien een contactmeting worden uitgevoerd. De instrumentvariant H2 bezit bovendien een ingebouwde vochtvoeler om de omgevingsvochtigheid te meten. Het instrument mag niet worden gebruikt:
- in explosiegevaarlijke gebieden
- voor diagnostische metingen in medische toepassingen
Eigenschap Waarde Infraroodmeting Optiek 50:1 +openingsdiameter van de sensor (24mm) Lasertype 4punts laser Vermogen / Golflengte < 1mW / 8 tot 14 μm Klasse / Norm 2 / EN 608251:2007 Meetbereik T1 / H1: 30...+600 °C T2: 10...+1500 °C Resolutie 0,1°C/°F Nauwkeurigheid (±1 digit) T1 / H1: ±2,5 °C (30,0...20,1 °C) ±1,5 °C (20,0...0,1 °C) ±1,0 °C (0,0...+99,9 °C) ±1% van de meetwaarde (+100,0...+600.0 °C) T2: ±2,0 °C of ±1 % van de meetwaarde (de hogere waarde geldt) Meetfrequentie 0,5 s Contactmeting Sensortype thermoelement type K (aansluitbaar) Meetbereik T1 / H1: 50...+600 °C T2: 50...+1000 °C Resolutie 0,1 °C/°F Nauwkeurigheid (±1 digit) ± (0,5 °C + 0,5 % van de meetwaarde) Meetfrequentie 0,5 s Vochtigheidsmeting (alleen H1) Meetbereik 0...100 %RV Resolutie 0,1 %RV (vochtigheid) 0,1 °C/°F (temperatuur) 0,1 °C dt/°F dt (dauwpuntstemperatuur) Nauwkeurigheid (±1 digit) ± 2 %RV ± 0,5 °C Meetfrequentie 0,5 s Algemeen Werktemperatuur 20...+50 °C Transport/opslagtemperatuur 30...+50 °C Spanningsbron 3 x batterij type AA of via USBinterface (alleen in combinatie met software EasyClimate) Levensduur batterijen 25 h (typisch bij 25 °C zonder laser en displayverlichting) 10 h (typisch bij 25 °C zonder displayverlichting) Huis ABS/PC Afmetingen 193 x 166 x 63mm Gewicht T1 / T2: 514g (incl. batterijen) H2: 527g (incl. batterijen) EGrichtlijn 2004/108/EG Garantie 2 jaar, garantievoorwaarden: zie www.testo.com/warranty
545. Productbeschrijving
?? ?? nl sv nl it es fr en de
5. Productbeschrijving
1 Infrarood objectief 2 4-punts laser om de meetvlek te markeren 3 Vochtvoeler (alleen H1) 4 Trigger (meten, inschakelen) 5 Batterijvak 6 USB-interface, voeleraansluitbus 7 Bedieningstoetsen:
6.1 Batterijen plaatsen
1 Batterijvak openen: Deksel openklappen. 2 Batterijen (3x type AA) erin plaatsen. Let op de juiste polariteit! 3 Batterijvak sluiten: Deksel dichtklappen.
Het instrument bezit een taalspecifieke gebruikersinterface. In de toestand bij levering is de gebruikerstaal Engels ingesteld. 1 Met [] instrument inschakelen. 2 Met []instelmodus openen. 3 Met [](Language) kiezen en met []openen. 4 Met []gewenste taal kiezen en met []instelling overnemen.
7.1 Voeler aansluiten
Temperatuurvoeler aansluiten aan de voelerbus. Let op de juiste polariteit!
7.2 In-/uitschakelen
Instrument inschakelen: [] of trigger indrukken. De displayverlichting schakelt automatisch uit, als 30 seconden lang geen toets wordt ingedrukt. Door een willekeurige toets in te drukken wordt de verlichting weer ingeschakeld. Instrument uitschakelen: []. Het instrument schakelt automatisch uit, als 2 minuten lang geen toets wordt ingedrukt.
7.3 Display-indicatie wijzigen
Op het display kunnen verschillende combinaties van telkens drie meetgrootheden worden weergegeven. - Instrument is ingeschakeld. Met []de indicatie van de gewenste meetgrootheden kiezen:
- alleen bij ingestoken thermo-element: T
Instructies voor de IR-meting (hoofdstuk 12)/contactmeting (hoofdstuk 13) in acht nemen. - Instrument is ingeschakeld. Meting uitvoeren De meting (IR- en contactmeting) wordt geactiveerd door de trigger in te drukken. Oranje beschermkap van het objectief af nemen. 1 Continue meting gedeactiveerd: Trigger ingedrukt houden. - SCAN wordt getoond.
1 Continue meting geactiveerd: Trigger indrukken. - CONT wordt getoond. 2 Meetobject peilen (IR) resp. thermo-element positioneren (contactmeting). - Indien laser geactiveerd: De laserpunten markeren het meetbereik van de IR-meting. 3 Continue meting gedeactiveerd: Trigger loslaten om meting te beëindigen.
1 Continue meting geactiveerd: Trigger nog eens indrukken om meting te beëindigen. - HOLD wordt getoond. - De meetwaarden worden tot aan de volgende meting bijgehouden.
8.1 Instellingen uitvoeren
- Instrument is ingeschakeld. 1 Met []instelmodus openen. - Een kader markeert de geselecteerde functie. 2 Met []gewenste functie kiezen en met []openen.
3 Met []instellingen uitvoeren en met []overnemen: Functies Verlichting: Intensiteit van de displayverlichting instellen. Laser: Laser voor de markering van de meetvlek in/uitschakelen. Beeper: Beeper in/uitschakelen. Continu: Continue IRmeting in/uitschakelen. Eenheid: Temperatuureenheid instellen. Emissiegraad: Emissiegraad instellen (zie ook hoofdstuk 8.2). Deze functie kan met
ook rechtstreeks uit het meetbeeld worden geopend. Geheugen: Geheugen beheren (zie ook hoofdstuk 8.3). Alarm: Alarmgrenswaarden instellen (zie ook hoofdstuk 8.4). Kalender: Datum en tijd instellen. Bij het opslaan van meetgegevens krijgen deze een datum en tijdstempel toegekend. Taal: Taal van de gebruikersinterface instellen (zie ook hoofdstuk 6.2). Reset: Instellingen resetten op fabrieksinstellingen. Informatie: Instrumentinformatie weergeven.
8.2 Details: Emissiegraad
De emissiegraad kan op drie verschillende manieren worden ingesteld. - Functie Emissiegraad is geopend. Materiaal selecteren Met []ein materiaal (met toegekende typische emissiegraad) uit de lijst kiezen en met []selectie overnemen. Handmatig aanpassen 1 Met [ ] Handmatig aanpassen kiezen en met []functie openen. 2 Met []emissiegraad instellen en met []instelling overnemen. Automatisch aanpassen Er is een aangesloten contactvoeler of een aparte contactthermometer vereist. De emissiegraad wordt berekend aan de hand van een vergelijking van de gemeten oppervlaktetemperaturen (contactmeting en infraroodmeting). 1 Met [ ] Automatisch aanpassen kiezen en met []functie openen. - Als een contactvoeler (thermo-element type K, klasse 1) is aangesloten, wordt de via het thermo-element gemeten oppervlaktetemperatuur (T
) weergegeven. Als er geen contactvoeler is aangesloten, moet de (met een andere contactthermometer gemeten) temperatuur met []worden ingevoerd. 2 Met []de gemeten resp. de ingestelde waarde overnemen. 3 Door de trigger in te drukken de oppervlaktetemperatuur vaststellen via de infraroodsensor (T
- De gemeten waarde wordt weergegeven. 4 Met []de gemeten waarde overnemen. - De berekende emissiegraad (
) wordt weergegeven. 5 Met []de berekende waarde overnemen.
- Functie Geheugen is geopend. Opslaan - Nieuwe locatie Deze functie kan met []ook rechtstreeks uit het meetbeeld worden geopend. Een locatie kan nieuw worden aangemaakt. 1 Met [ ] Opslaan kiezen en met []functie openen. 2 Met [ ] Nieuwe locatie kiezen en met []functie openen. 3 Met []en []naam van de locatie invoeren. 4 Met [] kiezen en met []invoer bevestigen. Opslaan - Meetgegevens opslaan Deze functie kan met []ook rechtstreeks uit het meetbeeld worden geopend. De huidige meetgegevens kunnen op een bestaande locatie worden opgeslagen. 1 Met [ ] Opslaan kiezen en met []functie openen. 2 Met []een bestaande locatie kiezen en met []selectie overnemen. 3 Met []huidige meetgegevens opslaan. Overzicht Deze functie kan alleen via de instelmodus worden geopend, niet met []vanuit het meetbeeld. Bestaande locaties kunnen weergegeven en verwijderd worden. Met [ ] Overzicht kiezen en met []functie openen. - De bestaande locaties en het aantal daarin opgeslagen meetgegevens worden weergegeven. Om een locatie en de daarin opgeslagen meetgegevens te verwijderen: Met [ ] functie openen, met [ ] bevestiging ( ) kiezen en met []verwijderen uitvoeren. Verwijderen Deze functie kan alleen via de instelmodus worden geopend, niet met ] vanuit het meetbeeld. Het complete geheugen (meetlocaties en meetgegevens) kan worden verwijderd. 1 Met [ ] Verwijderen kiezen en met []functie openen. 2 Met []bevestiging ( ) kiezen en met []verwijderen uitvoeren.
De alarmfunctie kan in-/uitgeschakeld en alarmgrenzen voor de meetkanalen infrarood (gemeten), thermo-element (gemeten), dauwpunt afstand (alleen H1, berekend) en oppervlakte vocht (alleen H1, berekend) kunnen ingesteld worden. - Functie Alarm is geopend. 1 Meetkanaal kiezen en activeren door op de joystick te drukken. 2 Alarmfunctie alleen voor het gekozen meetkanaal in-/ uitschakelen: Joystick omhoog/omlaag. 3 Joystick naar rechts en grenswaarde(n) instellen: Joystick omhoog/omlaag. 4 Ingevoerde gegevens opslaan door op de joystick te drukken. 5911. Vragen en antwoorden
9. Aansluiting aan PC-software
Via de USB-interface kan het meetinstrument aan een PC worden aangesloten. Met de software testo easyClimate (download via www.testo.com/download-center, licentiesleutel voor de vrijschakeling van de software: zie achterkant van deze handleiding) kunnen instrumentconfiguraties aan de PC uitgevoerd en in het instrument opgeslagen meetgegevens naar de PC overgedragen worden. Meetinstrumenten via de USB-kabel aansluiten aan een PC. - Het instrument gaat naar de SlaveModus. Alle bedieningstoetsen aan het instrument zijn gedeactiveerd. Gelieve voor meer informatie de bedieningshandleiding bij de software testo easyClimate te raadplegen.
10. Onderhoud en verzorging
10.1 Batterijen vervangen
1 Batterijvak openen: Deksel openklappen. 2 Opgebruikte batterijen eruit nemen en nieuwe erin plaatsen. Let op de juiste polariteit! 3 Batterijvak sluiten: Deksel dichtklappen.
10.2 Instrument reinigen
Gebruik voor de reiniging uitsluitend milde, gangbare huishoudelijke reinigingsmiddelen (bijv. afwasmiddel). Gebruik geen agressieve reinigings- of oplosmiddelen! Het huis schoonvegen met een vochtige doek (zeeploog). Het infrarood objectief voorzichtig reinigen met een met water of medische alcohol bevochtigd wattenstaafje.
11. Vragen en antwoorden
Vraag Mogelijke oorzaken Mogelijke oplossing brandt. Batterijen leeg. Batterijen vervangen. brandt. Meetwaarden buiten het Toelaatbare meetbereik meetbereik. aanhouden. Instrument kan niet worden Batterijen bijna leeg. Batterijen vervangen. ingeschakeld. Instrument schakelt vanzelf uit. Instrument schakelt 2 minuten Instrument opnieuw . na de laatste toetsactivering inschakelen automatisch uit. Indien wij uw vraag niet konden beantwoorden: Gelieve u te wenden tot uw dealer of de Testo klantendienst. Contactgegevens zie internetsite www.testo.com/service-contact. 6012. Informatie over de IR-meting ?? ?? nl sv nl it es fr en de
IR-meting is een optische meting Lens schoon houden. Niet meten met beslagen lens. Meetbereik (bereik tussen instrument en meetobject) vrij houden van stoorgrootheden: Geen stof- en vuildeeltjes, geen vocht (regen, damp) of gassen. IR-meting is een oppervlaktemeting Als er vuil, stof, rijp enz. op het oppervlak zit, dan wordt alleen de bovenste laag gemeten, lees het vuil. Bij in folie verpakte levensmiddelen niet meten aan luchtinsluitingen. Bij kritieke waarden altijd nameten met contact-thermometer. Met name in de levensmiddelensector: Kerntemperatuur meten met insteek-/indompelhermometer. Afstemtijd Bij verandering van de omgevingstemperatuur (wissel van de meetlocatie, bijv. binnen-/buitenmeting) heeft het meetinstrument voor de infrarood-meting een afstemtijd van 15min nodig.
Materialen bezitten verschillende emissiegraden, dat wil zeggen dat ze verschillende hoeveelheden elektromagnetische straling uitzenden. De emissiegraad van het instrument is in de fabriek ingesteld op 0,95. Dit is optimaal voor de meting van niet- metaal (papier, keramiek, gips, hout, verf en lakken) en kunststoffen en levensmiddelen. Blanke metalen en metaaloxides zijn op grond van hun lage resp. niet-uniforme emissiegraad maar beperkt geschikt voor de IR-meting. Bekledingen die de emissiegraad verhogen zoals bijv. lak of emissie-kleefband (toebehoren, 0554 0051) aanbrengen op het meetobject. Indien dit niet mogelijk is: Met contactthermometer meten. Emissiegraadtabel van belangrijke materialen (typische waarden) Materiaal (temperatuur)
Aluminium, walsblank (170°C) 0,04 Katoen (20°C) 0,77 Beton (25°C) 0,93 IJs, glad (0°C) 0,97 IJzer, afgeschuurd (20)°C 0,24 IJzer met giethuid (100°C) 0,80 IJzer met walshuid (20°C) 0,77 Gips (20°C) 0,90 Glas (90°C) 0,94 Rubber, hard (23°C) 0,94 Rubber, zachtgrijs (23°C) 0,89 Hout (70°C) 0,94 Kurk (20°C) 0,70 Materiaal (temperatuur)
12.3 Meetbereik, afstand
Afhankelijk van de afstand van het meetinstrument tot het meetobject wordt een bepaald meetbereik geregistreerd. Meetoptiek (verhouding afstand : meetbereik). cursief = laser niet cursief = meetbereik
13. Informatie over de contactmeting
Minimum insteekdiepte bij dompel-/insteekvoelers in acht nemen: 10x voelerdiameter Inzet in agressieve zuren of basen vermijden.
SimpelGids