CenterScanner Plus - Boor Laserliner - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CenterScanner Plus Laserliner in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over CenterScanner Plus Laserliner
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Boor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CenterScanner Plus - Laserliner en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CenterScanner Plus van het merk Laserliner.
GEBRUIKSAANWIJZING CenterScanner Plus Laserliner
Functie / toepassing De CenterScanner Plus is een systeem van zender en ontvanger voor de veilige bepaling van de in- en uitgangspunten van wand- en plafondboringen tot een wanddikte van 150 cm. Het apparaat zorgt met goed zichtbare ledindicatoren en akoestische signalen voor een exacte lokalisatie van de in- en uitgangsposities en beschikt tevens over goed toegankelijke markeringshulpen in de zender en de ontvanger. Het geïntegreerde lc-display toont de signaalradius tot 200 cm. De zender TX beschikt over een geïntegreerde metaal- en spanningsdetectie ter vermijding van verkeerde boringen. Algemene veiligheidsaanwijzingen – Gebruik het apparaat uitsluitend doelmatig binnen de aangegeven speccaties. – De meetapparaten en het toebehoren zijn geen kinderspeelgoed. Buiten het bereik van kinderen bewaren. – Ombouwwerkzaamheden of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan, hierdoor komen de goedkeuring en de veiligheidsspecicatie te vervallen. – Stel het apparaat niet bloot aan mechanische belasting, extreme temperaturen, vocht of sterke trillingen. – De bevestiging met een speciale, hechtende massa of plakband biedt geen afdoende bescherming tegen neerstorten. Baken het gevarenbereik altijd af. – Waarborg vóór iedere meting dat het te controleren bereik (bijv. leiding), het testapparaat en het toegepaste toebehoren (bijv. aansluitleiding) in optimale staat verkeren. Test het apparaat op bekende spanningsbronnen (bijv. 230 V-contactdoos voor de AC-controle). – Het apparaat mag niet meer worden gebruikt als een of meerdere functies uitvallen of de batterijlading zwak is. – Neem de veiligheidsvoorschriften van lokale resp. nationale instanties voor het veilige en deskundige gebruik van het toestel in acht en draag eventueel voorgeschreven veiligheidsuitrusting (bijv. elektricien-handschoenen). – Voer werkzaamheden in gevaarlijke nabijheid van elektrische installaties niet alleen uit en uitsluitend volgens de instructies van een verantwoordelijke elektromonteur. – Het meettoestel vervangt geen tweepolige controle van de spanningsvrijheid. Aanvullende opmerking voor het gebruik Neem bij werkzaamheden in de buurt van elektrische installaties altijd de van toepassing zijnde technische veiligheidsregels in acht, onder andere: 1. Vrijschakelen, 2. Tegen hernieuwd inschakelen beveiligen, 3. Spanningsvrijheid tweepolig controleren, 4. Aarden en kortsluiten, 5. Aangrenzende, spanningvoerende onderdelen beveiligen en afdekken. Veiligheidsinstructies Omgang met elektromagnetische straling – Plaatselijke gebruiksbeperkingen, bijv. in ziekenhuizen, in vliegtuigen, op pompstations of in de buurt van personen met een pacemaker, moeten in acht worden genomen. Een gevaarlijk effect op of storing van en door elektronische apparaten is mogelijk. – Bij de toepassing in de buurt van hoge spanningen of hoge elektromagnetische wisselvelden kan de meetnauwkeurigheid negatief worden beïnvloed. – Voorzorgsmaatregelen: Gebruik geen andere CenterScanner Plus binnen een afstand van 10 m. Gebruik geen elektronische zendapparatuur of elektrische motoren in de buurt. NLCenterScanner Plus
Veiligheidsinstructies Omgang met radiograsche straling – Het meettoestel is uitgerust met een radiograsche interface. – Het meettoestel voldoet aan de voorschriften en grenswaarden voor de elektromagnetische compatibiliteit volgens de radio-apparatuurrichtlijn 2014/53/EU (RED). – Bij dezen verklaart Umarex GmbH & Co. KG dat het radiograsche installatietype CenterScanner Plus voldoet aan de wettelijke eisen en verdere bepalingen van de Europese radio-apparatuurrichtlijn 2014/53/EU (RED). De volledige tekst van de EU-verklaring van overeenstemming is beschikbaar onder het volgende internetadres: http://laserliner.com/info?an=cescapl Zender TX Ontvanger RECV
Markeringsopening Ledindicatoren metaaldetectie Ledindicatoren spanningsdetectie Led-batterijlading Apparaat aan/uit / Geluid aan/uit Batterijvakje (achterzijde) Ledindicatoren voor de positionering Markeringsopening Ledindicator boordiepte Led-batterijlading Apparaat aan/uit Batterijvakje (achterzijde) Zender TX Ontvanger RECV Batterijen plaatsen Zender TX en Ontvanger RECV Open het batterijvakje en plaats de batterijen overeenkomstig de installatiesymbolen. Let daarbij op de juiste polariteit. NL16
2 sec1 sec2 sec2 sec2 sec
a b c Apparaat aan/uit / Geluid aan/uit Ontvanger RECV
Geluid aan OFF Geluid uit ON OFF Boorpunt bepalen
1. Zender TX met de speciale, hechtende massa aan de achterkant vast tegen de wand of onder het
plafond hangend op het gewenste boorpunt positioneren (zie afb. a).
2. Zender TX en ontvanger RECV inschakelen.
3. De ontvanger RECV over de tegenoverliggende zijde van de wand / het plafond bewegen (zie afb. b).
De ledindicatoren voor de positionering (7) geven de bewegingsrichting aan met behulp van rode pijlen. Groene vierkanten geven de overeenstemmende positie van de zender TX en de ontvanger RECV aan.
4. Als de vier groene vierkanten branden is de positionering voltooid. Na het aftekenen van het boorpunt
(zie afb. C) neemt u het apparaat van de wand / het plafond en voert u de boring uit. De apparaten dienen vóór het boren van de wand / het plafond te worden verwijderd. Het boren door de markeringsopeningen geschiedt op eigen risico!
Boordiepte > 150 cm bepalen De ledindicatoren voor de positionering (7) zijn geschikt voor de bepaling van een boordiepte tot 150 cm. Bij afstanden > 150 cm kan het boorpunt door de berekening van de minimale boordiepte led-indicatoren met behulp van het lc-display (9). Daarvoor de ontvanger in X- en Y-as over de wand bewegen en de posities bij het bereiken van de betreffende minimale boordiepte- indicatie vanuit alle vier richtingen (rechts, links, boven, beneden naar het denkbeeldige midden) markeren. De vier markeringen bevinden zich in een coördinatenstelsel (X-/Y-as) en het middelpunt komt overeen met het gezochte boorpunt. Zender TX NLCenterScanner Plus
1. Apparaat inschakelen en langzaam over het oppervlak bewegen (zie afb. d). De ledindicatoren (2)
geven melding als metaal in de buurt is. Bij volle uitslag markeert u het punt.
2. Stap 1 herhalen (zie afb. e).
Het apparaat detecteert verdekt liggend metaal in alle niet-metalen materialen zoals bijv. steen, beton, estrik, hout, gipsvezelplaten, gasbeton, keramische en minerale bouwstoffen.
Spanningslokalisatie Apparaat inschakelen en langzaam over het oppervlak bewegen (zie afb. f). De ledindicatoren (3) geven melding als een spanningvoerende leiding in de buurt is. Lokaliseren van spanningvoerende leidingen direct onder pleisterwerk resp. houtpanelen en andere niet-metalen bekistingen. Spanningvoerende leidingen in droogbouwmuren met metalen regelwerk worden niet gedetecteerd. Offset-meting
1. De zender TX naar een gedeelte bewegen waarin geen metaal voorhanden is en vervolgens
de afstand meten tussen de zender TX en het geplande boorpunt (zie afb. g).
2. Met de ontvanger RECV aan de andere kant de positie van de zender TX bepalen (zie afb. h).
3. De gemeten afstand (stap 1) in de richting van het geplande boorpunt overdragen (zie afb. i).
1. Een wig onder de zender TX en een onder de ontvanger RECV plaatsen en waarborgen dat
de middellijn van de beide apparaten in de richting van het geplande boorpunt wijst (zie afb. I).
2. Boringen uitvoering (zie afb. m).
Als een rechte plaatsing en uitlijning niet mogelijk is, zoals bij het boren onder een hoek, kan de uitlijning worden uitgevoerd met behulp van twee identieke, wigvormige steunen. De hoeken van de wiggen moeten overeenstemmen met de geplande boorhoek. Wiggen met verschillend grote hoeken kunnen verkeerde resultaten opleveren. Altijd identieke wiggen gebruiken!
Opmerkingen inzake onderhoud en reiniging Reinig alle componenten met een iets vochtige doek en vermijd het gebruik van reinigings-, schuur- en oplosmiddelen. Verwijder de batterij(en) voordat u het apparaat gedurende een langere tijd niet gebruikt. Bewaar het apparaat op een schone, droge plaats.
1. Minimaal twee, bij voorkeur vier referentiepunten op exact dezelfde afstand van het geplande
boorpunt markeren (zie afb. j).
2. Het correcte boorpunt bevindt zich in het geometrische middelpunt van de referentiepunten
(zie afb. k). Het gebruik in de modus met verhoogde tolerantie heeft tot gevolg dat de nauwkeurigheid bij de positionering van het boorpunt iets afneemt.
Tip: storingen door metaal kunnen ertoe leiden dat het boorpunt niet kan worden gelokaliseerd. In deze zelden optredende gevallen schakelen de vier vierkante ledindicatoren op geen punt in. De tolerantie van de ontvanger RECV kan worden verhoogd door het indrukken van de Aan-/Uit-toets (11). De selectie wordt bevestigd door een langer akoestisch signaal. Door het hernieuwd indrukken van de Aan-/Uit-toets (11) of het uitschakelen van het apparaat schakelt het apparaat terug naar de normale bedrijfsmodus. NLCenterScanner Plus
Technische gegevens (Technische veranderingen voorbehouden. 10.17) CenterScanner Plus RECV Indicatoren 13 leds, akoestisch waarschuwingssignaal Ledindicator 3 x 7-segment Meetdiepte Positieherkenning: 2 - 150 cm wanddikte Diepte-indicatie: 2 - 200 cm boordiepte Nauwkeurigheid karakteristiek 3% van de meetdiepte Bedrijfsduur ca. 20 h Werkomstandigheden -30°C … 40°C, Luchtvochtigheid max. 85% rH, niet-condenserend, Werkhoogte max. 2000 m boven NAP (Nieuw Amsterdams Peil) Opslagvoorwaarden -20°C … 60°C, Luchtvochtigheid max. 85% rH Bedrijfsgegevens radiograsche module Frequentieband 1: ISM band 433,95 MHz Bandbreedte: 0,05 Mhz Ontvangercategorie: 3 Stroomvoorziening 3 x 1,5 V alkalibatterij (type AAA) Afmetingen (B x H x D) 75 x 172 x 28 mm Gewicht (incl. batterijen) 210 g CenterScanner Plus TX Indicatoren 11 leds, akoestisch waarschuwingssignaal Bedrijfsduur ca. 12 h Werkomstandigheden -20°C … 40°C, Luchtvochtigheid max. 85% rH, niet-condenserend, Werkhoogte max. 2000 m boven NAP (Nieuw Amsterdams Peil) Opslagvoorwaarden -20°C … 60°C, Luchtvochtigheid max. 85% rH Bedrijfsgegevens radiograsche module Frequentieband 1: ISM band 433,95 MHz Zendvermogen: < -13 dBmW Bandbreedte: 0,05 Mhz Stroomvoorziening 3 x 1,5 V alkalibatterij (type AAA) Afmetingen (B x H x D) 75 x 172 x 28 mm Gewicht (incl. batterijen) 200 g EU-bepalingen en afvoer Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde normen voor het vrije goederenverkeer binnen de EU. Dit product is een elektrisch apparaat en moet volgens de Europese richtlijn voor oude elektrische en elektronische apparatuur gescheiden verzameld en afgevoerd worden. Verdere veiligheids- en aanvullende instructies onder: http://laserliner.com/info?an=cescapl NL20 Du bedes venligst læse betjeningsvejledningen, det vedlagte hæfte „Garanti- og supplerende anvisninger“ samt de aktuelle oplysninger og henvisninger på internet-linket i slutning af denne vejledning fuldstændigt igennem. Følg de heri indeholdte instrukser. Dette dokument skal opbevares og følge med apparatet, hvis dette overdrages til en ny ejer.
SimpelGids