GA5040CZ1 - Zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GA5040CZ1 MAKITA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GA5040CZ1 - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GA5040CZ1 van het merk MAKITA.
GEBRUIKSAANWIJZING GA5040CZ1 MAKITA
Tomoyasu Kato Amministratore Makita Corporation 3-11-8, Sumiyoshi-cho, Anjo, Aichi, 446-8502, JAPAN49 NEDERLANDS (Originele instructies) Verklaring van algemene gegevens 1 Asvergrendeling 2 Stroomschakelaar 3 Verklikkerlampje (snelheidsregelknop) 4 Snelheidsregelknop 5 Beschermkap 6 Kussenblokkast 7Schroef 8 Hendel 9 Borgmoer 10 Schijf met verzonken middengat 11 Binnenflens 12 Borgmoersleutel 13 Ezynut-sluitmoer 14 Slijpwiel 15 As 16 Pijlteken 17 Inkeping 18 Buigzaam wiel 19 Plastic rugschijf 20 Borgmoer 21 Slijpschijf 22 Rubberen rugschijf 23 Markering A 24 Markering B 25 Markering C 26 Markering D 27 Doorslijpwiel/diamantschijf 28 Beschermkap voor doorslijpwiel/diamantschijf 29 Komvormige draadborstel 30 Schijfvormige draadborstel 31 Luchtuitlaatopening 32 Luchtinlaatopening TECHNISCHE GEGEVENS
- In verband met ononderbroken research en ontwikkeling behouden wij ons het recht voor bovenstaande technische gegevens te wijzigen zonder voorafgaande kennisgeving.
- De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
- Gewicht volgens de EPTA-procedure 01/2003 ENE048-1 Doeleinden van gebruik Dit gereedschap is bedoeld voor het slijpen, schuren en snijden van metaal- en steenmaterialen zonder gebruik van water. ENF002-2 Stroomvoorziening Het gereedschap mag alleen worden aangesloten op een stroombron van hetzelfde voltage als aangegeven op de naamplaat, en kan alleen op enkel-fase wisselstroom worden gebruikt. Het gereedschap is dubbel-geïsoleerd en kan derhalve ook op een niet- geaard stopcontact worden aangesloten. GEA010-1 Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap WAARSCHUWING! Lees alle veiligheidswaar- schuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. GEB033-7
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR EEN
SLIJPMACHINE Gemeenschappelijke veiligheidswaarschuwingen voor slijp-, schuur-, draadborstel- en doorslijpwerkzaamheden:
1. Dit elektrisch gereedschap is bedoeld voor
gebruik als slijp-, schuur-, draadborstel- of door- slijpgereedschap. Lees alle veiligheidswaar- schuwingen, instructies, afbeeldingen en technische gegevens die bij dit elektrisch gereedschap worden geleverd. Als u nalaat alle onderstaande instructies te volgen, kan dit leiden tot een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel.
2. Werkzaamheden zoals polijsten worden niet
aangeraden met dit elektrisch gereedschap. Werkzaamheden waarvoor dit elektrisch gereedschap niet is bedoeld kunnen gevaarlijke situaties opleveren en tot persoonlijk letsel leiden.
3. Gebruik geen accessoires die niet specifiek zijn
ontworpen en aanbevolen door de fabrikant van het gereedschap. Ook wanneer het accessoire kan worden bevestigd op uw elektrisch gereedschap, is een veilige werking niet gegarandeerd.
4. Het nominaal toerental van het accessoire moet
minstens gelijk zijn aan het maximumtoerental vermeld op het elektrisch gereedschap. Accessoires die met een hoger toerental draaien dan hun nominaal toerental kunnen stuk breken en in het rond vliegen. Model GA4040C GA4041C GA4540C GA4541C GA5040C GA5041C GA6040C Wieldiameter 100 mm (4") 115 mm (4-1/2") 125 mm (5") 150 mm (6") Max. schijfdikte 6,4 mm Asschroefdraad M10 M14 of 5/8" (verschilt per land) Nominale snelheid (n) / Onbelaste snelheid (n
5. De buitendiameter en de dikte van het
accessoire moet binnen het capaciteitsbereik van het elektrisch gereedschap vallen. Accessoires met verkeerde afmetingen kunnen niet afdoende worden afgeschermd of beheerst.
6. Bij schroefbare accessoires moet de
schroefdraad precies passen op de asschroefdraad van de hoekslijper. Bij accessoires met een flensverbinding moet de asdiameter overeenkomen met de aanpassingsdiameter van de flens. Accessoires die niet precies passen op het elektrisch gereedschap zullen niet in balans draaien, buitensporig trillen en kunnen leiden tot verlies van controle over het gereedschap.
7. Gebruik nooit een beschadigd accessoire.
Inspecteer het accessoire vóór ieder gebruik, bijvoorbeeld een slijpschijf op ontbrekende schilfers en barsten; een rugschijf op barsten, scheuren of buitensporige slijtage; en een draadborstel op losse of gebarsten draden. Nadat het elektrisch gereedschap of accessoire is gevallen, inspecteert u het op schade of monteert u een onbeschadigd accessoire. Na inspectie en montage van een accessoire, zorgt u ervoor dat u en omstanders niet in het rotatie vlak van het accessoire staan, en laat u het elektrisch gereedschap draaien op het maximaal, onbelast toerental gedurende één minuut. Beschadigd accessoire breken normaal gesproken in stukken gedurende deze testduur.
8. Gebruik persoonlijke-veiligheidsmiddelen.
Afhankelijk van de toepassing gebruikt u een gezichtsscherm, een beschermende bril of een veiligheidsbril. Al naar gelang van toepassing draagt u een stofmasker, gehoorbeschermers, handschoenen en een werkschort die in staat zijn kleine stukjes slijpsel of werkstukfragmenten te weerstaan. De oogbescherming moet in staat zijn rondvliegend afval te stoppen dat ontstaat bij de diverse werkzaamheden. Het stofmasker of ademhalingsapparaat moet in staat zijn deeltjes te filteren die ontstaat bij de werkzaamheden. Langdurige blootstelling aan zeer intens geluid kan leiden tot gehoorbeschadiging.
9. Houd omstanders op veilige afstand van het
werkgebied. Iedereen die zich binnen het werkgebied begeeft, moet persoonlijke- veiligheidsmiddelen gebruiken. Fragmenten van het werkstuk of van een uiteengevallen accessoire kunnen rondvliegen en letsel veroorzaken buiten de onmiddellijk werkomgeving.
10. Houd elektrisch gereedschap uitsluitend vast
aan het geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het slijpaccessoire met verborgen bedrading of zijn eigen snoer in aanraking kan komen. Als snijdende accessoires een draad raken die onder stroom staat, kunnen de metalen delen van dit gereedschap ook onder spanning raken en u een elektrische schok geven.
11. Houd het snoer goed uit de buurt van het
ronddraaiende accessoire. Als u de controle verliest over het gereedschap, kan het snoer worden doorgesneden of bekneld raken, en kan uw hand of arm tegen het ronddraaiende accessoire worden aangetrokken.
12. Leg het elektrisch gereedschap nooit neer
voordat het accessoire volledig tot stilstand is gekomen. Het ronddraaiende accessoire kan de ondergrond pakken zodat u de controle over het elektrisch gereedschap verliest.
13. Laat het elektrisch gereedschap niet draaien
terwijl u het naast u draagt. Als het ronddraaiende accessoire u per ongeluk raakt, kan het verstrikt raken in uw kleding waardoor het accessoire in uw lichaam wordt getrokken.
14. Maak de ventilatieopeningen van het
gereedschap regelmatig schoon. De ventilator van de motor zal het stof de behuizing in trekken, en een grote opeenhoping van metaalslijpsel kan leiden tot elektrisch gevaarlijke situaties.
15. Gebruik het elektrisch gereedschap niet in de
buurt van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materialen doen ontvlammen.
16. Gebruik geen accessoires die met vloeistof
moeten worden gekoeld. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan leiden tot elektrocutie of elektrische schokken. Terugslag en aanverwante waarschuwingen Terugslag is een plotselinge reactie op een beknelde of vastgelopen draaiende schijf, rugschijf, borstel of enig ander accessoire. Beknellen of vastlopen veroorzaakt een snelle stilstand van het draaiende accessoire dat op zijn beurt ertoe leidt dat het elektrisch gereedschap zich ongecontroleerd beweegt in de tegenovergestelde richting van de draairichting van het accessoire op het moment van vastlopen. Bijvoorbeeld, als een slijpschijf bekneld raakt of vastloopt in het werkstuk, kan de rand van de schijf die het beknellingspunt ingaat, zich invreten in het oppervlak van het materiaal waardoor de schijf eruit klimt of eruit slaat. De schijf kan daarbij naar de gebruiker toe of weg springen, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het beknellingspunt. Slijpschijven kunnen in dergelijke situaties ook breken. Terugslag is het gevolg van misgebruik van het elektrisch gereedschap en/of onjuiste gebruiksprocedures of omstandigheden, en kan worden voorkomen door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, zoals hieronder vermeld: a) Houd het gereedschap stevig vast en hout uw armen en lichaam zodanig dat u in staat bent een terugslag op te vangen. Gebruik altijd de extra handgreep (indien aanwezig) voor een maximale controle over het gereedschap in geval van terugslag en de koppelreactiekrachten bij het starten. De gebruiker kan een terugslag of de koppelreactiekrachten opvangen indien de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. b) Plaats uw hand nooit in de buurt van het draaiende accessoire. Het accessoire kan terugslaan over uw hand.51 c) Plaats uw lichaam niet in het gebied waar het elektrisch gereedschap naar toe gaat wanneer een terugslag optreedt. Een terugslag zal het gereedschap bewegen in de tegenovergestelde richting van de draairichting van de schijf op het moment van beknellen. d) Wees bijzonder voorzichtig bij het werken met hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat het accessoire springt of bekneld raakt. Hoeken, scherpe randen of springen veroorzaken vaak beknellen van het draaiende accessoire wat leidt tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. e) Bevestig geen houtbewerkingsblad van een zaagketting of getand zaagblad. Dergelijke bladen leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap. Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor slijpen doorslijpwerkzaamheden: a) Gebruik uitsluitend schijven van het type aanbevolen voor uw elektrisch gereedschap en de specifieke beschermkap voor de te gebruiken schijf. Schijven waarvoor het elektrisch gereedschap niet is ontworpen, kunnen niet goed worden afgeschermd en zijn niet veilig. b) Het slijpoppervlak van schijven met een verzonken middengat moet bij montage lager komen dan het vlak van de beschermrand. Bij een onjuist gemonteerde schijf die boven het vlak van de beschermrand uitsteekt is geen goede bescherming mogelijk. c) De beschermkap moet stevig worden vastgezet aan het elektrisch gereedschap en in de maximaal beschermende stand worden gezet zodat het kleinst mogelijke deel van de schijf is blootgesteld in de richting van de gebruiker. De beschermkap dient om de gebruiker te beschermen tegen aanraking met de schijf, stukjes die daarvan af breken en vonken die brandgevaar voor kleding opleveren. d) De schijven mogen uitsluitend worden gebruikt voor de aanbevolen toepassingen. Bijvoorbeeld: u mag niet slijpen met de zijkant van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bedoeld voor slijpen met de rand. Krachten op het zijoppervlak kunnen deze schijven doen breken. e) Gebruik altijd onbeschadigde schijfflenzen van de juiste afmetingen en vorm voor de te gebruiken schijf. Een goede schijfflens ondersteunt de schijf en verkleint daarmee de kans op het breken van de schijf. Flenzen voor doorslijpschijven kunnen verschillen van flenzen voor slijpschijven. f) Gebruik geen afgesleten schijven van grotere elektrische gereedschappen. Schijven die zijn bedoeld voor grotere elektrische gereedschappen zijn niet geschikt voor de hogere snelheid van een kleiner elektrisch gereedschap en kunnen in stukken breken. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen specifiek voor doorslijpwerkzaamheden: a) Laat de doorslijpschijf niet vastlopen en oefen geen buitensporige druk uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede te slijpen. Een te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait of vastloopt, waardoor terugslag kan optreden of de schijf kan breken. b) Plaats uw lichaam niet in één lijn achter de ronddraaiende schijf. Wanneer de schijf, op het aangrijppunt in het werkstuk, zich van uw lichaam af beweegt, kunnen door de mogelijke terugslag de ronddraaiende schijf en het elektrisch gereedschap in uw richting worden geworpen. c) Wanneer de schijf vastloopt of u het slijpen onderbreekt, schakelt u het elektrisch gereedschap uit en houdt u dit stil totdat de schijf volledig tot stilstand is gekomen. Probeer nooit de doorslijpschijf uit de snede te halen terwijl de schijf nog draait omdat hierdoor een terugslag kan optreden. Onderzoek waarom de schijf is vastgelopen en tref afdoende maatregelen om de oorzaak ervan op te heffen. d) Begin niet met doorslijpen terwijl de schijf al in het werkstuk steekt. Wacht totdat de schijf op volle snelheid heeft bereikt en breng daarna de schijf voorzichtig terug in de snede. Wanneer het elektrisch gereedschap opnieuw wordt gestart terwijl de schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf vastlopen, omhoog lopen of terugslaan. e) Ondersteun platen en grote werkstukken om de kans op het beknellen van de schijf en terugslag te minimaliseren. Grote werkstukken neigen door te zakken onder hun eigen gewicht. U moet het werkstuk ondersteunen vlakbij de snijlijn en vlakbij de rand van het werkstuk aan beide kanten van de schijf. f) Wees extra voorzichtig bij blind slijpen in bestaande wanden of op andere plaatsen. De uitstekende schijf kan gas- of waterleidingen, elektrische bedrading of voorwerpen die terugslag veroorzaken raken. Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor schuurwerkzaamheden: a) Gebruik geen veel te grote schuurpapierschijven. Volg de aanwijzingen van de fabrikant bij uw keuze van het schuurpapier. Te groot schuurpapier dat uitsteekt tot voorbij de rand van het schuurkussen levert snijgevaar op en kan beknellen of scheuren van de schuurpapierschijf of terugslag veroorzaken. Veiligheidswaarschuwingen specifiek voor draadborstelwerkzaamheden: a) Wees erop bedacht dat ook tijdens normaal gebruik borsteldraden door de borstel worden rondgeslingerd. Oefen niet te veel kracht uit op de borsteldraden door een te hoge belasting van de borstel. De borsteldraden kunnen met gemak door dunne kleding en/of de huid dringen.52 b) Als het gebruik van een beschermkap wordt aanbevolen voor draadborstelen, zorgt u ervoor dat de draadschijf of draadborstel niet in aanraking komt met de beschermkap. De draadschijf of draadborstel kan in diameter toenemen als gevolg van de werkbelasting en centrifugale krachten. Aanvullende veiligheidswaarschuwingen:
17. Bij gebruik van een slijpschijf met een verzonken
middengat, mag u uitsluitend met glasvezel versterkte schijven gebruiken.
18. GEBRUIK NOOIT een stenen komschijf op deze
slijpmachine. Deze slijpmachine is niet ontworpen voor dit type schijven en het gebruik ervan kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
19. Let erop dat u de as, de flens (met name de
montagekant) en de borgmoer niet beschadigt. Als deze onderdelen beschadigd raken, kan de schijf breken.
20. Zorg ervoor dat de schijf niet in aanraking is met
het werkstuk voordat u het gereedschap hebt ingeschakeld.
21. Laat gereedschap een tijdje draaien voordat u
het op het werkstuk gaat gebruiken. Controleer op trillingen of schommelingen die op onjuiste montage of een slecht uitgebalanceerd schijf kunnen wijzen.
22. Gebruik de aangegeven kant van de schijf om
23. Laat het gereedschap niet ingeschakeld liggen.
Bedien het gereedschap alleen wanneer u het vasthoudt.
24. Raak het werkstuk niet onmiddellijk na gebruik
aan. Deze kan bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.
25. Volg de instructies van de fabrikant voor het
juist monteren en gebruiken van de schijven zorgvuldig op. Behandel de schijven voorzichtig en berg deze met zorg op.
26. Gebruik geen afzonderlijke verloopmoffen of
adapters om schuurschijven met een groot asgat aan dit gereedschap aan te passen.
27. Gebruik uitsluitend flenzen die voor dit
gereedschap zijn bestemd.
28. Voor gereedschap waarop schijven met een
geschroefd asgat dienen gemonteerd te worden, moet u ervoor zorgen dat de schroefdraad in de schijf lang genoeg zodat de as helemaal erin gaat.
29. Zorg ervoor dat het werkstuk goed ondersteund
30. Houd er rekening mee dat de schijf nog een tijdje
blijft draaien nadat het gereedschap is uitgeschakeld.
31. Indien de werkplaats uiterst warm en vochtig is,
of erg verontreinigd is door geleidend stof, gebruik dan een stroomonderbreker (30 mA) om de veiligheid van de gebruiker te verzekeren.
32. Gebruik het gereedschap niet op materialen die
33. Wanneer u een doorslijpschijf gebruikt, dient u
altijd te werken met de stofvangbeschermkap die door de plaatselijke overheid wordt voorgeschreven.
34. Doorslijpschijven mogen niet aan zijwaartse
druk worden blootgesteld. BEWAAR DEZE VOORSCHRIFTEN. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende gereedschap altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet naleven van de veiligheidsvoorschriften in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstige verwondingen.
- Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens de functies op het gereedschap te controleren of af te stellen. Asvergrendeling (Fig. 1) LET OP:
- Schakel nooit de asvergrendeling in terwijl de as nog draait. Dat kan het apparaat beschadigen. Druk de asvergrendeling in om te voorkomen dat de as wegdraait wanneer u accessoires aanbrengt of verwijdert. Schakelaarwerking (Fig. 2) LET OP:
- Controleer altijd, voordat u de stekker in het stopcontact steekt, of de schuifschakelaar op de juiste manier schakelt en terugkeert naar de “UIT” stand wanneer u op de achterkant van de schuifschakelaar drukt.
- De schakelaar kan in de “AAN”-stand vergrendeld worden, hetgeen bij langdurig gebruik comfortabeler werkt. Wees extra voorzichtig wanneer u de schakelaar in de “AAN”-stand vergrendelt en houd het gereedschap altijd stevig vast. Om het gereedschap te starten, schuift u de schuifschakelaar naar de “I (AAN)”-stand door op de achterkant van de schuifschakelaar te drukken. Voor continu gebruik drukt u de voorkant van de schuifschakelaar in, om die te vergrendelen. Om het gereedschap te stoppen drukt u op de achterkant van de schuifschakelaar en schuift u die naar de “O (UIT)”-stand. Verklikkerlampje (Fig. 3) Het verklikkerlampje licht groen op wanneer het gereedschap van stroom wordt voorzien. Als het verklikkerlampje niet oplicht, kan er iets mis zijn met het netsnoer of met de regeleenheid. Als het verklikkerlampje wel oplicht maar het gereedschap niet start na inschakelen van het apparaat, dan kunnen de koolborstels versleten zijn of de regeleenheid, de motor of de AAN/UIT-schakelaar defect zijn.53 Beveiliging tegen onbedoeld inschakelen Soms kan het gereedschap niet starten, terwijl de schakelaar in de AAN-stand is vergrendeld en het apparaat van stroom wordt voorzien. In dat geval zal het verklikkerlampje rood knipperen om aan te geven dat de beveiliging tegen onbedoeld inschakelen in werking is getreden. Om de beveiliging tegen onbedoeld inschakelen te deactiveren, schuift u de aan/uit-schakelaar terug naar de “O (UIT)”-stand. Snelheidsregelknop (Fig. 4) U kunt het toerental kiezen door de snelheidsregelknop in de gewenste stand van 1 tot 5 te zetten. U verkrijgt een hoger toerental naarmate u de snelheidsregelknop verder naar de stand 5 draait. En een lager toerental verkrijgt u naarmate u de snelheidsregelknop verder naar de stand 1 draait. Zie de onderstaande tabel voor de toerentallen die behoren bij de cijferaanduidingen op de snelheidsregelknop. Voor het model GA4040C, GA4540C, GA5040C, GA4041C, GA4541C, GA5041C
Voor het model GA6040C
- Als u het gereedschap langdurig achtereen op een laag toerental laat draaien, kan de motor overbelast en oververhit raken.
- De snelheidsregelknop kan enkel tot 5 en terug tot 1 gedraaid worden. Probeer niet om de knop voorbij de 5 of verder terug dan 1 te draaien, want daardoor kan de snelheidsregelaar defect raken. Elektronische functies Gereedschappen met elektronische functies zijn eenvoudig te bedienen dankzij de volgende mogelijkheden. Constante snelheidsregeling Met de constante snelheidsregeling verkrijgt u een gelijkmatige afwerking, omdat het toerental ook bij belasting constant wordt gehouden. Soepele startfunctie De soepele startfunctie voorkomt het abrupt schoksgewijze starten. Overbelastingsbeveiliging Wanneer de belasting van het gereedschap het toegestane peil overschrijdt, wordt de stroomtoevoer naar de motor verminderd, om oververhitting te voorkomen. Zodra de belasting daalt tot binnen het toegestane bereik, zal het gereedschap weer normaal werken. Mechanische rem Voor model GA4041C, GA4541C, GA5041C De mechanische rem treedt in werking nadat het gereedschap is uitgeschakeld. De rem werkt niet als de stroomtoevoer wordt verbroken terwijl de schakelaar nog in de aan-stand staat. INEENZETTEN LET OP:
- Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens enig werk aan het gereedschap uit te voeren. Aanbrengen van de zijhandgreep (Fig. 5) LET OP:
- Controleer voor het gebruik altijd even of de zijhandgreep stevig is bevestigd. Schroef de zijhandgreep stevig vast aan de juiste plaats van het gereedschap, zoals in de afbeelding getoond. Aanbrengen en verwijderen van de beschermkap (voor een schijf met verzonken middengat, een klepschijf, buigzaam wiel, schijfvormige draadborstel / doorslijpwiel of diamantschijf) WAARSCHUWING:
- Voor gebruik van een schijf met verzonken middengat, een klepschijf, buigzaam wiel of schijfvormige draadborstel moet de beschermkap op het gereedschap zijn aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht.
- Bij gebruik van een doorslijpwiel / diamantschijf mag u alleen de speciale beschermkap gebruiken, die ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In sommige Europese landen kan bij gebruik van een diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land gelden.) Voor gereedschap met een beschermkap met borgschroef (Fig. 6) Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkapband recht tegenover de inkepingen in de kussenblokkast. Draai vervolgens de beschermkap 180° linksom, tegen de klok in. Draai de schroef vooral stevig vast. Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Cijferaanduiding min
Cijferaanduiding min
Voor gereedschappen met een beschermkap met klemhendel (Fig. 7 en 8) Trek de hendel in de richting van de pijl nadat u de schroef hebt losgedraaid. Monteer de beschermkap met de uitsteeksels aan de beschermkapband recht tegenover de inkepingen in de kussenblokkast. Vervolgens draait u de beschermkap 180° rond. Zet de beschermkap vast door de schroef aan te draaien nadat u de hendel in de richting van de pijl hebt getrokken. De instelhoek van de beschermkap is instelbaar met de hendel. Voor het verwijderen van de beschermkap volgt u de aanwijzingen voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Aanbrengen of verwijderen van een schijf met verzonken middengat of klepschijf (optioneel accessoire) (Fig. 9 en 10) WAARSCHUWING:
- Bij gebruik van een schijf met verzonken middengat of klepschijf moet de beschermkap op het gereedschap worden aangebracht, zodanig dat de gesloten kant van de beschermkap altijd naar de gebruiker is gericht. Bevestig de binnenflens. Pas het wiel/de schijf op de binnenflens en draai de borgmoer op de middenas vast. Om de borgmoer vast te draaien, drukt u de asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer kloksgewijze vast te draaien. Voor het verwijderen van het wiel volgt u de werkwijze voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Superflens (optioneel accessoire) Modellen met de letter F zijn standaard voorzien van een superflens. Hierbij is slechts 1/3 van de kracht nodig voor het losmaken van de borgmoer, vergeleken met het conventionele type. LET OP:
- Gebruik geen superflens voor modellen die voorzien zijn van een mechanische rem. Anders kan die losraken wanneer de rem wordt aangetrokken. Aanbrengen of verwijderen van een Ezynut- sluitmoer (optioneel accessoire) (Fig. 11, 12, 13 en 14) LET OP:
- Gebruik geen Ezynut-moer met een superflens of een haakse slijpmachine met een “F” aan het eind van het modelnummer. Die hebben een flens die zo dik is dat de gehele schroefdraad niet binnen de as past. Bevestig de binnenflens, het slijpwiel en de Ezynut- sluitmoer zodanig op de as dat de Makita-merknaam op de Ezynut-sluitmoer naar buiten wijst. Druk de asvergrendeling stevig aan en draai de Ezynut- sluitmoer aan door het slijpwiel zover als mogelijk kloksgewijze vast te draaien. Draai de buitenste ring van de Ezynut-sluitmoer tegen de klok in om die los te draaien. OPMERKING:
- De Ezynut-sluitmoer kan met de hand worden losgedraaid zolang de pijl naar een inkeping wijst. Anders is er een borgmoersleutel vereist om de moer los te draaien. Steek een uiteinde van de sleutel in een opening en draai de Ezynut-sluitmoer linksom los. Aanbrengen of verwijderen van een buigzaam wiel (optioneel accessoire) (Fig. 15) WAARSCHUWING:
- Gebruik altijd de bijgeleverde beschermkap wanneer een buigzaam wiel op het gereedschap is bevestigd. Het wiel zou tijdens gebruik kunnen uiteenspatten, en in dat geval helpt de beschermkap om verwondingen te voorkomen. Voor een schijf met verzonken middengat volgt u de aanwijzingen, maar brengt u tevens een plastic rugschijf bovenop het wiel aan. De volgorde voor het aanbrengen vindt u op de accessoirepagina in deze handleiding. Aanbrengen of verwijderen van een slijpschijf (optioneel accessoire) (Fig. 16) OPMERKING:
- Gebruik de slijpaccessoires die staan voorgeschreven in deze handleiding. Deze moeten afzonderlijk worden aangeschaft. Bevestig de rubberen rugschijf op de as. Pas de schijf op de rubberen rugschijf en schroef de borgmoer voor de slijpschijf. Om de borgmoer voor de slijpschijf vast te zetten, drukt u de asvergrendeling stevig aan zodat de as niet kan draaien en dan gebruikt u de borgmoersleutel om de borgmoer kloksgewijze stevig vast te draaien. Voor het verwijderen van de schijf volgt u de werkwijze voor het aanbrengen in omgekeerde volgorde. Aanbrengen of verwijderen van een stofkap- aanzetstuk (optioneel accessoire) (Fig. 17) WAARSCHUWING:
- Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat u het stofkap-aanzetstuk gaat aanbrengen of verwijderen. Als u dit nalaat, kan er schade aan het gereedschap ontstaan en loopt u de kans op verwonding. Er zijn vier stofkap-aanzetstukken, en elk ervan wordt op een verschillende plaats gebruikt. Breng het stofkap-aanzetstuk zo aan dat de markering (A, B, C of D) is geplaatst zoals getoond. Klik de pennen vast in de ventilatiesleuven. Het stofkap-aanzetstuk kan met de hand worden verwijderd. OPMERKING:
- Maak het stofkap-aanzetstuk schoon wanneer het is vuil is, door stof of andere verontreiniging. Als u blijft werken met een verstopt stofkap-aanzetstuk, kan dat het gereedschap beschadigen. BEDIENING WAARSCHUWING:
- Het is in geen geval ooit nodig om grote druk op het gereedschap uit te oefenen. Het gewicht van het gereedschap op zich is voldoende. Forceren of te grote druk uitoefenen kan leiden tot breken van een wiel, hetgeen gevaarlijk is.
- Vervang ALTIJD het slijpwiel als het gereedschap tijdens het slijpen is gevallen.
- Laat NOOIT de slijpschijf of het wiel met kracht op uw werkstuk terechtkomen.55
- Voorkom dat de schijf vastraakt of terugstuit, vooral bij het werken rond hoeken, scherpe randen enz. Dat kan ongecontroleerde bewegingen en terugslag veroorzaken.
- Gebruik dit gereedschap NOOIT met houtzagen en andere zaagbladen. Zulke zaagbladen op een slijpmachine leiden vaak tot terugslag of verlies van controle over het gereedschap, met grote kans op letsel. LET OP:
- Schakel nooit het gereedschap in terwijl dat het werkstuk al raakt, want dat kan leiden tot verwondingen.
- Draag tijdens het werk altijd een veiligheidsbril of gezichtsmasker.
- Schakel na het werk altijd het gereedschap uit en wacht tot de schijf helemaal tot stilstand is gekomen, voordat u het gereedschap neerlegt. Bediening voor slijpen en schuren (Fig. 18) Houd het gereedschap ALTIJD stevig vast met één hand aan de behuizing en de andere aan de zijhandgreep. Schakel het gereedschap in en laat dan pas het wiel of de schijf tegen uw werkstuk aan komen. Gewoonlijk laat u de rand van het wiel of de schijf een hoek van ongeveer 15° met het oppervlak van uw werkstuk maken. Tijdens het inwerken met een nieuw wiel mag u de slijpmachine niet in richting B laten bewegen, anders kan het zich in uw werkstuk “invreten”. Pas wanneer de rand van het wiel al door slijtage is afgerond, mag u het wiel in beide richtingen, A en B, gebruiken. Bediening met een doorslijpwiel / diamantschijf (optioneel accessoire) (Fig. 19) De richting voor het aanbrengen van de borgmoer en de binnenflens is afhankelijk van de wieldikte. Zie de onderstaande tabel.
- Bij gebruik van een doorslijpwiel /diamantschijf mag u alleen de speciale beschermkap gebruiken, die ontworpen is voor gebruik met doorslijpwielen. (In sommige Europese landen kan bij gebruik van een diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone beschermkap. Volg de voorschriften die in uw land gelden.)
- Gebruik NOOIT een doorslijpwiel voor zijwaarts slijpen.
- Laat de schijf niet vastlopen en oefen er niet teveel druk op uit. Probeer niet een buitensporig diepe snede te slijpen. Een te grote kracht op de schijf verhoogt de belasting en de kans dat de schijf in de snede verdraait of vastloopt, waardoor terugslag kan optreden, de schijf kan breken of de motor oververhit kan raken.
Model voor 100 mm (4") Model voor 115 mm (4-1/2") / 125 mm (5") / 150 mm (6") Doorslijpwiel Diamantschijf Doorslijpwiel Diamantschijf 16 mm (5/8")Dikte: 4 mm (5/32") of meer Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") Dikte: 4 mm (5/32") of meer Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") Dikte: 4 mm (5/32") of meer Dikte: Minder dan 4 mm (5/32") Dikte: 4 mm (5/32") of meer 16 mm (5/8")20 mm (13/16") 20 mm (13/16")
1. Borgmoer 2. Doorslijpwiel 3. Binnenflens 4. Diamantschijf
22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8")22,23 mm (7/8") 22,23 mm (7/8")
1. Borgmoer 2. Doorslijpwiel 3. Binnenflens 4. Diamantschijf
Dikte: Minder dan 4 mm (5/32")56
- Begin niet met slijpen terwijl de schijf al in aanraking is met het werkstuk. Wacht totdat het wiel op volle snelheid is gekomen en breng het voorzichtig in de snede terwijl u het gereedschap voorwaarts beweegt over uw werkstuk. Als het elektrisch gereedschap wordt gestart terwijl de schijf al in het werkstuk steekt, kan de schijf vastlopen, omhoog lopen of terugslaan.
- Verander tijdens het doorslijpen nooit de stand of hoek van het wiel. Als er zijwaartse druk op een doorslijpwiel komt te staan (zoals bij vlakslijpen), kan het wiel barsten en breken, met kans op ernstig lichamelijk letsel.
- Een diamantschijf moet altijd haaks worden gebruikt op het materiaal waarin u snijdt. Bediening met een komvormige draadborstel (optioneel accessoire) (Fig. 20) LET OP:
- Controleer de werking van de draadborstel door het gereedschap eerst onbelast te laten draaien en zorg dat er niemand vóór of direct naast de borstel is.
- Gebruik nooit een draadborstel die beschadigd of niet goed in evenwicht is. Het gebruik van een beschadigde borstel kan leiden tot kans op verwonding door contact met afgebroken borsteldraden. Trek de stekker los en plaats het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires van de as. Draai de draadborstel op de as en zet deze vast met de bijgeleverde sleutel. Bij gebruik van een draadborstel mag u niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken. Bediening met een schijfvormige draadborstel (optioneel accessoire) (Fig. 21) LET OP:
- Controleer de werking van de draadborstel door het gereedschap eerst onbelast te laten draaien en zorg dat er niemand vóór of direct naast de borstel is.
- Gebruik nooit een schijfvormige draadborstel die beschadigd of niet goed in evenwicht is. Het gebruik van een beschadigde schijfvormige draadborstel kan leiden tot kans op verwonding door contact met afgebroken borsteldraden.
- Gebruik met een schijfvormige draadborstel ALTIJD een beschermkap met een diameter waar de draadschijf goed in past. Het wiel zou tijdens gebruik kunnen uiteenspatten, en in dat geval helpt de beschermkap om verwondingen te voorkomen. Trek de stekker los en plaats het gereedschap ondersteboven zodat de as goed toegankelijk is. Verwijder alle accessoires van de as. Draai de schijfvormige draadborstel op de as en zet deze vast met de bijgeleverde sleutel. Bij gebruik van een schijfvormige draadborstel mag u niet zo veel kracht zetten dat de draden overmatig buigen, anders kunnen ze voortijdig afbreken. ONDERHOUD LET OP:
- Zorg altijd dat het gereedschap is uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact is verwijderd alvorens te beginnen met inspectie of onderhoud.
- Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol en dergelijke. Hierdoor kunnen verkleuring, vervormingen en barsten worden veroorzaakt. Zorg dat het gereedschap en de ventilatiesleuven steeds goed schoon blijven. Maak regelmatig de ventilatiesleuven schoon en let goed op dat ze niet verstopt raken. (Fig. 22) Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, inspectie en vervanging van de koolborstels, en alle andere onderhoudswerkzaamheden of afstellingen te worden uitgevoerd bij een erkend Makita servicecentrum, en altijd met gebruik van originele Makita vervangingsonderdelen. OPTIONELE ACCESSOIRES LET OP:
- Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing is beschreven. Bij gebruik van andere accessoires of hulpstukken bestaat er gevaar voor persoonlijke verwonding. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor hun bestemde doel. Raadpleeg het dichtstbijzijnde Makita servicecentrum voor verder advies of bijzonderheden omtrent deze accessoires.
- Stofkap-aanzetstuk57 Opmerking: *1 Gebruik geen superflens voor een slijpmachine voorzien van een remfunctie. *2 Gebruik geen superflens en Ezynut-sluitmoer tegelijk. *3 In sommige Europese landen kan bij gebruik van een diamantslijpschijf worden volstaan met de gewone beschermkap in plaats van de speciale beschermkap die beide kanten van het wiel afschermt. Volg de voorschriften die in uw land gelden. OPMERKING:
- Sommige onderdelen in deze lijst kunnen bij het gereedschap zijn meeverpakt als standaard- accessoires. Deze kunnen van land tot land verschillen. Model voor 100 mm (4") Model voor 115 mm (4-1/2") Model voor 125 mm (5") Model voor 150 mm (6") 1 Greep 36 2 Beschermkap (voor slijpwiel) 3 Binnenflens Binnenflens Superflens *1 Binnenflens Superflens *1 Binnenflens Superflens *1 4 Schijf met verzonken middengat/Klepschijf 5 Borgmoer Borgmoer Ezynut-sluitmoer *2 Borgmoer Ezynut-sluitmoer *2 Borgmoer Ezynut-sluitmoer *2 6 Plastic rugschijf Plastic rugschijf Plastic rugschijf – 7 Buigzaam wiel Buigzaam wiel Buigzaam wiel – 8 Rubberen rugschijf 76 Rubberen rugschijf 100 Rubberen rugschijf 115 Rubberen rugschijf 125 9 Slijpschijf 10 Borgmoer voor slijpschijf 11 Schijfvormige draadborstel 12 Komvormige draadborstel 13 Beschermkap (voor doorslijpwiel) *3 14 Doorslijpwiel/diamantschijf – Borgmoersleutel
): 95 dB (A) Onnauwkeurigheid (K): 3 dB (A) Draag oorbeschermers ENG900-1 Trilling De totaalwaarde van de trillingen (triaxiale vectorsom) vastgesteld volgens EN60745: Model GA4040C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 5,0 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 5,0 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 3,0 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Model GA4540C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,0 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 5,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Model GA5040C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,5 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 5,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Model GA6040C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,5 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,0 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Model GA4541C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,5 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 5,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Model GA5041C Toepassing: vlakslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 7,0 m/s
Toepassing: vlakslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, AG ): 6,0 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een normale zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
Toepassing: schijfslijpen met een trillingsdempende zijhandgreep Trillingsemissie (a h, DS ): 2,5 m/s
- De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
- De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling.
- De opgegeven trillingsemissiewaarde geldt voor de voornaamste toepassingen van het elektrisch gereedschap. Als het elektrisch gereedschap echter voor andere toepassingen wordt gebruikt, kan de trillingsemissiewaarde daarvoor anders zijn. WAARSCHUWING:
- De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
- Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). ENH101-16 Alleen voor Europese landen EU-Verklaring van Conformiteit Wij, Makita Corporation, als de verantwoordelijke fabrikant, verklaren dat de volgende Makita- machine(s): Aanduiding van de machine: Haakse slijpmachine Modelnr./Type: GA4040C, GA4540C, GA5040C, GA6040C, GA4541C, GA5041C in serie zijn geproduceerd en Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen: 2006/42/CE En zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN60745 De technische documentatie wordt bewaard door: Makita International Europe Ltd. Technische afdeling, Michigan Drive, Tongwell, Milton Keynes, Bucks MK15 8JD, Engeland
Notice-Facile