MAKITA DJV181RT1J - Elektrische zaag

DJV181RT1J - Elektrische zaag MAKITA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DJV181RT1J MAKITA in PDF-formaat.

📄 68 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MAKITA DJV181RT1J - page 29

Download de handleiding voor uw Elektrische zaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DJV181RT1J - MAKITA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DJV181RT1J van het merk MAKITA.

GEBRUIKSAANWIJZING DJV181RT1J MAKITA

Yasushi Fukaya Direttore Makita, Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070, Belgio29 NEDERLANDS (Originele instructies) Verklaring van het onderdelenoverzicht TECHNISCHE GEGEVENS

  • Als gevolg van ons doorlopende onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma, zijn de technische gegevens van dit gereedschap onderhevig aan veranderingen zonder voorafgaande kennisgeving.
  • De technische gegevens kunnen van land tot land verschillen.
  • Gewicht volgens EPTA-procedure 01/2003 Gebruiksdoeleinden ENE019-1 Dit gereedschap is bedoeld voor het zagen van hout, kunststof en metaal. Door het uitgebreide assortiment accessoires en zaagbladen, kan het gereedschap worden gebruikt voor vele doeleinden en is het zeer geschikt voor gebogen of cirkelvormige zaagsneden. Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrisch gereedschap GEA010-1 WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet volgen van de waarschuwingen en instructies kan leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Bewaar alle waarschuwingen en instructies om in de toekomst te kunnen raadplegen. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN

ACCUDECOUPEERZAAG GEB045-2

1. Houd het elektrisch gereedschap vast aan het

geïsoleerde oppervlak van de handgrepen wanneer u werkt op plaatsen waar het accessoire met verborgen bedrading in aanraking kan komen. Wanneer het accessoire in aanraking komen met onder spanning staande draden, zullen de niet- geïsoleerde metalen delen van het gereedschap onder spanning komen te staan zodat de gebruiker een elektrische schok kan krijgen.

2. Gebruik klemmen of een andere praktische

methode om het werkstuk op een stabiele ondergrond te bevestigen en ondersteunen. Als u het werkstuk in uw hand of tegen uw lichaam geklemd houdt, is het onvoldoende stabiel en kunt u de controle erover verliezen.

3. Gebruik altijd een beschermende bril of een

veiligheidsbril. Een gewone bril of een zonnebril is GEEN veiligheidsbril.

4. Voorkom dat u in spijkers zaagt. Inspecteer het

werkstuk op spijkers en verwijder deze alvorens erin te zagen.

5. Zaag geen te grote werkstukken.

6. Controleer op voldoende vrije speling rondom het

werkstuk alvorens te zagen, zodat het blad de vloer, werkbank, enz., niet raakt.

7. Houd het gereedschap stevig vast.

8. Zorg ervoor dat het blad het werkstuk niet raakt

voordat u het gereedschap hebt ingeschakeld.

9. Houd uw handen uit de buurt van bewegende

11. Snelheidsregelaar

19. Stofafzuigaansluitmond

21. Slang naar stofzuiger

31. Knop met schroefdraad

) 800 - 3.500 800 - 3.500 Totale lengte 280 mm 298 mm Nettogewicht 2,4 kg 2,5 kg Nominale spanning 14,4 volt gelijkstroom 18 volt gelijkstroom30

10. Laat het gereedschap niet ingeschakeld liggen.

Bedien het gereedschap alleen wanneer u het vasthoudt.

11. Schakel het gereedschap uit en wacht altijd tot het

blad volledig tot stilstand is gekomen voordat u het blad uit het werkstuk verwijdert.

12. Raak het zaagblad en het werkstuk niet

onmiddellijk na gebruik aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.

13. Laat het gereedschap niet onnodig onbelast

die giftig kunnen zijn. Neem voorzorgsmaatregelen tegen het inademen van stof en contact met de huid. Volg de veiligheidsinstructies van de leverancier van het materiaal op.

15. Gebruik altijd het juiste stofmasker/

ademhalingsapparaat voor het materiaal en de toepassing waarmee u werkt. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. WAARSCHUWING: Laat u NIET misleiden door een vals gevoel van comfort en bekendheid met het gereedschap (na veelvuldig gebruik) en neem alle veiligheidsvoorschriften van het betreffende product altijd strikt in acht. VERKEERD GEBRUIK of het niet volgen van de veiligheidsinstructies in deze gebruiksaanwijzing kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES ENC007-8

eerst alle instructies en waarschuwingsopschriften op (1) de acculader, (2) de accu en (3) het apparaat waarin de accu wordt aangebracht.

2. Haal de accu niet uit elkaar.

3. Als de gebruikstijd aanzienlijk korter is geworden,

stopt u onmiddellijk met het gebruik. Anders kan dit leiden tot kans op oververhitting, mogelijke brandwonden en zelfs een explosie.

4. Als de elektrolyt in uw ogen komt, wast u deze uit

met schoon water en raadpleegt u onmiddellijk een arts. Dit kan leiden tot verlies van gezichtsvermogen.

5. Sluit de accu niet kort:

(1) Raak de accupolen niet aan met enig geleidend materiaal. (2) Bewaar de accu niet op een plaats waar deze in aanraking kan komen met andere metalen voorwerpen, zoals spijkers, munten, enz. (3) Stel de accu niet bloot aan water of regen. Kortsluiting van de accu kan leiden tot een hoge stroomsterkte, oververhitting, mogelijke brandwonden en zelfs een defect.

6. Bewaar het gereedschap en de accu niet op

plaatsen waar de temperatuur kan oplopen tot 50 °C of hoger.

7. Werp de accu niet in een vuur, zelfs niet als deze al

ernstig beschadigd of helemaal versleten is. De accu kan in een vuur exploderen.

8. Wees voorzichtig dat u de accu niet laat vallen of

ergens tegenaan stoot.

9. Gebruik nooit een beschadigde accu.

10. Neem de plaatselijke regelgeving met betrekking

tot het weggooien van de accu in acht. BEWAAR DEZE INSTRUCTIES. Tips voor een lange levensduur van de accu

1. Laad de accu op voordat deze volledig leeg is.

Wanneer u merkt dat het gereedschap minder vermogen heeft, stopt u met het gebruik ervan en laadt u eerst de accu op.

2. Laad nooit een volledig opgeladen accu op.

Te lang opladen verkort de levensduur van de accu.

3. Laad de accu op bij een omgevingstemperatuur

van 10 °C tot 40 °C. Laat een warme accu eerst afkoelen voordat u deze oplaadt.

4. Laad de accu ieder half jaar op als u deze

gedurende een lange tijd niet gebruikt.

  • Zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en dat de accu is verwijderd voordat u de werking van het gereedschap aanpast of controleert. De accu aanbrengen en verwijderen (zie afb. 1) LET OP:
  • Schakel het gereedschap altijd uit voordat u de accu aanbrengt of verwijdert.
  • Houd het gereedschap en de accu stevig vast tijdens het aanbrengen of verwijderen van de accu. Als u het gereedschap en de accu niet stevig vasthoudt, kunnen deze uit uw handen glippen en beschadigd raken, of kan persoonlijk letsel worden veroorzaakt. Om de accu te verwijderen verschuift u de knop aan de voorkant van de accu en schuift u tegelijkertijd de accu eraf. Om de accu aan te brengen, lijnt u de lip op de accu uit met de groef in de behuizing en duwt u de accu op zijn plaats. Steek de accu zo ver mogelijk erin tot u een klikgeluid hoort. Als u het rode deel aan de bovenkant van de knop kunt zien, is de accu niet goed aangebracht. LET OP:
  • Breng de accu altijd helemaal aan totdat het rode deel niet meer zichtbaar is. Als u dit niet doet, kan de accu per ongeluk uit het gereedschap vallen en u of anderen in uw omgeving verwonden.31
  • Breng de accu niet met kracht aan. Als de accu niet gemakkelijk erin kan worden geschoven, wordt deze niet goed aangebracht. Accubeveiligingssysteem (lithiumionaccu met een ster-merkteken) (zie afb. 2) Lithiumionaccu’s met een ster-merkteken zijn uitgerust met een beveiligingssysteem. Dit systeem schakelt automatisch de voeding naar het gereedschap uit om de levensduur van de accu te verlengen. Het gereedschap zal tijdens gebruik automatisch stoppen wanneer het gereedschap en/of de accu zich in een van de volgende omstandigheden bevinden:
  • Overbelasting: Het gereedschap wordt gebruikt op een manier die ertoe leidt dat een abnormaal hoge stroomsterkte uit de accu wordt getrokken. Druk in die situatie op de aan-uitknop van het gereedschap en stop het gebruik dat ertoe leidde dat het gereedschap overbelast werd. Druk daarna opnieuw op de aan-uitknop om het gereedschap weer in te schakelen. Als het gereedschap niet wordt ingeschakeld, is de accu oververhit. In die situatie laat u de accu eerst afkoelen voordat u opnieuw op de aan-uitknop drukt.
  • Lage accuspanning: De resterende acculading is te laag en het gereedschap wordt niet ingeschakeld. Verwijder in die situatie de accu en laad hem op. De zaagmethode kiezen (zie afb. 3) Dit gereedschap kan worden ingesteld op een rechte (op- en neergaande) of pendelende zaagmethode. Bij de pendelende zaagmethode wordt het zaagblad naar voren geduwd tijdens de zaagslag waardoor de zaagsnelheid sterk toeneemt. Om de zaagmethode te veranderen, draait u de zaagmethode-keuzehendel naar de gewenste zaagmethodestand. Raadpleeg de tabel om de juiste zaagmethode te kiezen.

In- en uitschakelen (zie afb. 4 en 5) Om het gereedschap in te schakelen: Druk op de vergrendelknop om het gereedschap op standby te zetten. Hierdoor wordt tevens de lamp ingeschakeld. Druk op de aan-standbyknop om het gereedschap vanuit standby in te schakelen. Om het gereedschap uit te schakelen: Druk op de aan-standbyknop om het gereedschap uit te schakelen en standby te zetten. Druk op de vergrendelknop om het gereedschap vanuit standby te vergrendelen. Druk tijdens standby op de vergrendelknop om de lamp uit te schakelen en het gereedschap te vergrendelen. OPMERKING:

  • Terwijl het gereedschap standby staat, blijft de lamp branden.
  • Als het gereedschap gedurende 10 seconden op standby blijft staan zonder bediend te worden, wordt het gereedschap automatisch vergrendeld en gaat de lamp uit. De lamp inschakelen LET OP:
  • Kijk niet rechtstreeks in de lamp of naar de bron van de lamp. Druk op de vergrendelknop om de lamp in te schakelen. Door nogmaals op de vergrendelknop te drukken, wordt het gereedschap uitgeschakeld en gaat de lamp uit. OPMERKING:
  • Gebruik een doek om het vuil van de lens van de lamp te vegen. Wees voorzichtig de lens van de lamp niet te bekrassen om de lichtopbrengst niet te verlagen.
  • Als het gereedschap oververhit raakt, begint de lamp te knipperen. Laat het gereedschap afkoelen voordat u het weer bedient. Snelheidsregelaar (zie afb. 6) De snelheid van het gereedschap kan worden ingesteld door de snelheidsregelaar te draaien. Op stand 6 is de snelheid het hoogst en op stand 1 het laagst. Zie de tabel om de juiste snelheid te kiezen voor het werkstuk dat u wilt zagen. De juiste snelheid is echter ook afhankelijk van de soort en de dikte van het werkstuk. Over het algemeen kunt u op een hogere snelheid een werkstuk sneller zagen, maar gaat de levensduur van het zaagblad achteruit.
  • U kunt de snelheidsregelaar alleen tot aan het cijfer 6 draaien en terug naar 1. Forceer de regelaar niet voorbij de 6 of de 1 omdat de snelheidsregeling daardoor defect kan raken. OPMERKING:
  • Als de snelheidsregelaar op 3 of hoger staat, verlaagt het gereedschap automatisch het onbelaste toerental om de trillingen in onbelaste toestand te verlagen. Zodra het gereedschap weer belast wordt, wordt de Stand Zaagactie Toepassingen

Zagen zonder pendelslag Voor het zagen van zacht staal, roestvrij staal en kunststoffen. Voor schone zaagsneden in hout en multiplex. Zagen met kleine pendelslag Voor het zagen van zacht staal, aluminium en hardhout. Zagen met middelgrote pendelslag Voor het zagen van hout en multiplex. For fast cutting in aluminum and mild steel. Zagen met grote pendelslag Voor het snel zagen van hout en multiplex. Te zagen werkstuk Cijfer op snelheidsregelaar Hout 4 - 6 Zacht staal 3 - 6 Roestvrij staal 3 - 4 Aluminium 3 - 6 Kunststof 1 - 432 snelheid van het gereedschap verhoogd tot de ingestelde snelheid. Vervolgens handhaaft het gereedschap deze snelheid tot het wordt uitgeschakeld. Bij lage temperatuur wanneer het vet minder vloeibaar is, is het mogelijk dat deze functie niet werkt ondanks dat de motor draait.

  • Controleer altijd of het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd alvorens enige werkzaamheden aan het gereedschap te verrichten. Het zaagblad aanbrengen en verwijderen LET OP:
  • Verwijder altijd eerst alle houtsnippers en vreemde stoffen die aan het zaagblad en/of de zaagbladhouder kleven. Als u dat niet doet is het mogelijk dat het zaagblad onvoldoende wordt vastgeklemd, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Raak het zaagblad en het werkstuk niet onmiddellijk na gebruik aan. Zij kunnen bijzonder heet zijn en brandwonden op uw huid veroorzaken.
  • Zet het zaagblad stevig vast. Als u dat niet doet, kan dat leiden tot ernstig persoonlijk letsel.
  • Wees voorzichtig bij het verwijderen van het zaagblad dat u uw vingers niet bezeert aan de punt van het zaagblad of de uiteinden van het werkstuk (zie afb. 7). Controleer voordat u het zaagblad probeert aan te brengen of de zaagbladhouder in de ontgrendelde stand staat. Om het zaagblad aan te brengen, steekt u het zaagblad (met de tanden naar voren gericht) in de zaagbladhouder tot het wordt vergrendeld. De zaagbladhouder beweegt uit zichzelf naar de vergrendelde stand en het zaagblad is vergrendeld. Trek zacht aan het zaagblad om er zeker van te zijn dat het zaagblad er niet uitvalt tijdens gebruik. LET OP:
  • Open de gereedschapsopener niet overmatig ver omdat anders het gereedschap kan worden beschadigd (zie afb. 8). Om het zaagblad te verwijderen, duwt u de gereedschapsopener zo ver mogelijk naar voren. Hierdoor wordt het zaagblad ontgrendeld. OPMERKING:
  • Smeer af en toe de rol. Opbergplaats van de inbussleutel (zie afb. 9) Wanneer u de inbussleutel niet gebruikt, bergt u deze op de plaats aangegeven in de afbeelding op, om te voorkomen dat deze wordt verloren. Dekplaat (zie afb. 10) Gebruik de dekplaat wanneer u zaagt in decoratieve deklagen, kunststoffen, enz. Hij beschermt gevoelige en delicate oppervlakken tegen beschadiging. Breng hem aan op de onderkant van de zool. Antisplinterhulpstuk (zie afb. 11) Voor zagen zonder splinters kunt u het antisplinterhulpstuk gebruiken. Om het antisplinterhulpstuk te monteren, zet u de zool in de voorste stand en brengt u het hulpstuk eerst aan op de achterrand van de zool. Als u de dekplaat gebruikt, brengt u het antisplinterhulpstuk aan op de dekplaat. LET OP:
  • Het antisplinterhulpstuk kan niet worden gebruikt bij verstekzagen. Stofafzuiging De stofafzuigaansluitmond (los verkrijgbaar) wordt aanbevolen om tijdens het zagen schoon te werken (zie afb. 12). Om de stofafzuigaansluitmond op het gereedschap aan te brengen, steekt u de haak van de stofafzuigaansluitmond in het gat in de zool (zie afb. 13). Om de stofafzuigaansluitmond vast te zetten, draait u de klemschroef voorop de stofafzuigaansluitmond aan. De stofafzuigaansluitmond kan op de linker- of rechterkant van de zool worden aangebracht. (zie afb. 14). Sluit vervolgens een Makita-stofzuiger aan op de stofafzuigaansluitmond. BEDIENING LET OP:
  • Houd de zool altijd vlak met het oppervlak van het werkstuk. Als u dat niet doet bestaat de kans dat het zaagblad breekt, wat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel. OPMERKING:
  • Als het gereedschap continu wordt bediend totdat de accu leeg is, laat u het gereedschap gedurende 15 minuten liggen alvorens verder te werken met een volle accu (zie afb. 15). Schakel het gereedschap in zonder dat het zaagblad iets raakt en wacht tot het zaagblad op volle snelheid is. Plaats daarna de zool vlak op het werkstuk en beweeg het gereedschap rustig naar voren langs een eerder aangebrachte zaaglijn. Als u in een bocht zaagt, beweegt u het gereedschap zeer langzaam vooruit. Verstekzagen (zie afb. 16) LET OP:
  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u de zool kantelt. Met een gekantelde zool kunt u verstekzagen onder elke hoek tussen 0° en 45° (links of rechts) (zie afb. 17). Om de zool te kantelen draait u de bout op de onderkant van de zool los met behulp van de inbussleutel. Verplaats de zool zodat de bout zich in het midden van de verstekgleuf in de zool bevindt (zie afb. 18). Kantel de zool tot de gewenste verstekhoek is bereikt. De V-naad van het tandwielhuis geeft de verstekhoek aan op een schaalverdeling. Draai daarna de bout stevig vast om de zool vast te zetten.33 Zaagsneden tot aan de voorrand (zie afb. 19) Draai met de inbussleutel de bout op de onderkant van de zool los en schuif de zool helemaal naar achteren. Draai daarna de bout vast om de zool vast te zetten. Uitsnijdingen U kunt uitsnijdingen maken volgens methode A of B. A) Een begingat boren: (zie afb. 20)
  • Voor uitsnijdingen midden in een werkstuk zonder in te zagen vanaf de rand, boort u vooraf een gat met een diameter van 12 mm of meer. Steek het zaagblad in dit gat voordat u begint te zagen. B) Blinde zaagsnede: (zie afb. 21)
  • U hoeft geen begingat te boren of vanaf de rand in te zagen als u voorzichtig als volgt te werk gaat.

1. Kantel het gereedschap op de voorrand van de zool

met de punt van het zaagblad vlak boven het oppervlak van het werkstuk.

2. Oefen druk uit op het gereedschap zodat de voorrand

van de zool niet beweegt wanneer u het gereedschap inschakelt, en laat de achterkant van het gereedschap voorzichtig zakken.

3. Naarmate het zaagblad het werkstuk doorboort, laat u

de zool van het gereedschap langzaam zakken tot op het oppervlak van het werkstuk.

4. Maak de zaagsnede op de normale manier.

Randen afwerken (zie afb. 22) Om randen af te werken of afmetingen iets bij te zagen, beweegt u het zaagblad licht langs de reeds gezaagde randen van het werkstuk. Zagen van metaal Gebruik tijdens het zagen van metaal altijd een geschikte koelvloeistof (zaagolie). Als u dat niet doet, zal het zaagblad sterk slijten. De onderkant van het werkstuk kan met vet worden ingesmeerd in plaats van een koelvloeistof te gebruiken. Breedtegeleider (los verkrijgbaar) LET OP:

  • Zorg er altijd voor dat het gereedschap is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u accessoires aanbrengt of verwijdert.

1. Rechte zaagsneden (zie afb. 23)

Als u herhaaldelijk een breedte van minder dan 160 mm moet afzagen, kunt u door de breedtegeleider te gebruiken snel, schoon en recht zagen (zie afb. 24). Om hem aan te brengen steekt u de breedtegeleider in de rechthoekige opening in de zijkant van de zool met de geleider omlaag gericht. Schuif de breedtegeleider naar de gewenste zaagbreedte en draai daarna de bout vast om hem vast te zetten.

2. Cirkelvormige zaagsneden (zie afb. 25 en 26)

Als u cirkels of bogen met een straal van 170 mm of minder wilt zagen, brengt u de breedtegeleider als volgt aan.

1. Steek de breedtegeleider in de rechthoekige opening

in de zijkant van de zool met de geleider omhoog gericht. Steek de cirkelgeleidepen in een van de twee gaten in de geleider. Draai de knop met schroefdraad op de pen om deze vast te zetten.

2. Schuif vervolgens de breedtegeleider naar de

gewenste zaagstraal en draai de bout vast om hem vast te zetten. Beweeg tenslotte de zool helemaal naar voren. OPMERKING:

  • Gebruik altijd zaagbladen nr. B-17, B-18, B-26 of B-27 voor het zagen van cirkels of bogen. Geleiderailadapter (los verkrijgbaar) (zie afb. 27) Als u een parallelle en uniforme breedte of recht wilt zagen, kunt u door de geleiderail en geleiderailadapter te gebruiken snelle en schone zaagsneden produceren. Om de geleiderailadapter aan te brengen, steekt u de liniaal zo ver mogelijk in de rechthoekige opening in de zijkant van de zool. Draai de bout stevig vast met de inbussleutel (zie afb. 28). Monteer de geleiderailadapter op de rail van de geleiderail. Steek de liniaal in de rechthoekige opening in de geleiderailadapter. Plaats de zool langs de zijkant van de geleiderail en draai de bout stevig vast (zie afb. 29). LET OP:
  • Gebruik altijd zaagbladen nr. B-8, B-13, B-16, B-17 of 58 wanneer u de geleiderail en de geleiderailadapter gebruikt. ONDERHOUD LET OP:
  • Zorg er altijd voor dat de machine is uitgeschakeld en de accu is verwijderd, voordat u een inspectie of onderhoud uitvoert.
  • Gebruik nooit benzine, wasbenzine, thinner, alcohol, enz. Dit kan leiden tot verkleuren, vervormen of barsten. Om de VEILIGHEID en BETROUWBAARHEID van het gereedschap te handhaven, dienen alle reparaties, onderhoud en afstellingen te worden uitgevoerd door een erkend Makita-servicecentrum, en altijd met gebruikmaking van originele Makita- vervangingsonderdelen. VERKRIJGBARE ACCESSOIRES LET OP:
  • Deze accessoires of hulpstukken worden aanbevolen voor gebruik met het Makita-gereedschap dat in deze gebruiksaanwijzing wordt beschreven. Het gebruik van andere accessoires of hulpstukken kan gevaar voor persoonlijk letsel opleveren. Gebruik de accessoires of hulpstukken uitsluitend voor de aangegeven gebruiksdoeleinden. Mocht u meer informatie willen hebben over deze accessoires, dan kunt u contact opnemen met uw plaatselijke Makita-servicecentrum.
  • Breedtegeleider (liniaal), set
  • Stofafzuigaansluitmond, compleet
  • Originele Makita-accu en -lader OPMERKING:
  • Sommige items op de lijst kunnen zijn inbegrepen in de doos van het gereedschap als standaard toebehoren. Zij kunnen van land tot land verschillen. Geluid ENG905-1 De typische, A-gewogen geluidsniveaus zijn gemeten volgens EN60745: Geluidsdrukniveau (L

): 78 dB (A) Onzekerheid (K): 3 dB (A) Het geluidsniveau kan tijdens gebruik hoger worden dan 80 dB (A). Draag gehoorbescherming. Trillingen ENG900-1 De totale trillingswaarde (triaxiale vectorsom) zoals vastgesteld volgens EN60745: Gebruikstoepassing: zagen van platen Trillingsemissie (a h,B ): 6,5 m/s

Gebruikstoepassing: zagen van plaatstaal Trillingsemissie (a h,M ): 5,0 m/s

  • De opgegeven trillingsemissiewaarde is gemeten volgens de standaardtestmethode en kan worden gebruikt om dit gereedschap te vergelijken met andere gereedschappen.
  • De opgegeven trillingsemissiewaarde kan ook worden gebruikt voor een beoordeling vooraf van de blootstelling. WAARSCHUWING:
  • De trillingsemissie tijdens het gebruik van het elektrisch gereedschap in de praktijk kan verschillen van de opgegeven trillingsemissiewaarde afhankelijk van de manier waarop het gereedschap wordt gebruikt.
  • Zorg ervoor dat veiligheidsmaatregelen worden getroffen ter bescherming van de operator die zijn gebaseerd op een schatting van de blootstelling onder praktijkomstandigheden (rekening houdend met alle fasen van de bedrijfscyclus, zoals de tijdsduur gedurende welke het gereedschap is uitgeschakeld en stationair draait, naast de ingeschakelde tijdsduur). Alleen voor Europese landen ENH101-17 EU-verklaring van conformiteit Makita verklaart dat de volgende machine(s): Aanduiding van de machine: Accudecoupeerzaag Modelnr./Type: DJV141, DJV181 Voldoen aan de volgende Europese richtlijnen: 2006/42/EG Deze zijn gefabriceerd in overeenstemming met de volgende normen of genormaliseerde documenten: EN60745 Het technische bestand volgens 2006/42/EG is verkrijgbaar bij: Makita, Jan-Baptist Vinkstraat 2, 3070, België
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MAKITA

Model : DJV181RT1J

Categorie : Elektrische zaag