MultiMeterHome - Multimeter Laserliner - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MultiMeterHome Laserliner in PDF-formaat.
| Producttype | Analoge multimeter |
| Merk | Laserliner |
| Model | MultiMeterHome |
| Afmetingen (L x B x H) | 82 x 116 x 25 mm |
| Gewicht (met batterij) | 166 g |
| Voeding | 1 batterij 1,5 V type AAA |
| Weergave | Analoog met naald |
| Maximaal meetbare spanning (DC/AC) | 300 V |
| Maximaal gelijkstroom | 600 mA |
| DC-spanningsbereiken | 12 V, 60 V, 120 V, 300 V |
| AC-spanningsbereiken | 60 V, 120 V, 300 V |
| DC-stroombereiken | 30 mA, 600 mA |
| Weerstandsbereiken | X10Ω (0-1 kΩ), X1kΩ (0-1 kΩ) |
| Batterijtest | 1,5 V (rond) en 9 V (blok) |
| Overspanningscategorie | CAT III 300 V |
| Beschermingsklasse | II (dubbele isolatie) |
| Beschermingsgraad | IP20 |
| Zekering | F 630 mA / 300 V (∅5 x 20 mm) |
| Werkomstandigheden | 0°C tot 40°C, RV max 80% (zonder condensatie) |
| Opslagomstandigheden | 0°C tot 50°C, RV max 80% |
| Normen | EN61010-1, EN61010-2-030, EN61010-2-033, EN61326-1, EN61326-2-2 |
| Onderhoud | Reinigen met een vochtige doek; verwijder de batterij voor langdurige opslag; bewaar op een droge en schone plaats. |
Veelgestelde vragen - MultiMeterHome Laserliner
Gebruikersvragen over MultiMeterHome Laserliner
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Multimeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MultiMeterHome - Laserliner en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MultiMeterHome van het merk Laserliner.
GEBRUIKSAANWIJZING MultiMeterHome Laserliner
Lees de handleiding, de bijgevoegde brochure 'Garantie- en aanvullende aanwijzingen' evenals de actuele informatie en aanwijzingen in de internet-link aan het einde van deze handleiding volledig door. Volg de daarin beschreven aanwijzingen op. Bewaar deze documentatie en geef ze door als u het apparaat doorgeeft.
Functie / toepassing
Multimeter voor de meting in het bereik van de overspanningscategorie CAT III tot max. 300 V. Met het meettoestel kunnen gelijk- en wisselspanningsmetingen, gelijkstroommetingen, laadtoestandsmetingen voor batterijen en weerstandsmetingen binnen de gespecificeerde bereiken worden uitgevoerd.
Symbolen

Waarschuwing voor gevaarlijke elektrische spanning: door onbeschermde, spanningvoerende onderdelen in de behuizing bestaat gevaar voor elektrische schokken.

Waarschuwing voor een gevarenpunt

Veiligheidsklasse II: het controleapparaat beschikt over een versterkte of dubbele isolatie.
CAT III
Overspanningscategorie III: bedrijfsmiddelen in vaste installaties en voor toepassingen waarbij bijzondere vereisten aan de betrouwbaarheid en de beschikbaarheid van de bedrijfsmiddelen worden gesteld, bijv. schakelaars in vaste installaties en apparaten voor industriële toepassingen met constante aansluiting op de vaste installatie.
Veiligheidsinstructies
- Gebruik het apparaat uitsluitend doelmatig binnen de aangegeven specificaties.
- De meetapparaten en het toebehoren zijn geen kinderspeelgoed. Buiten het bereik van kinderen bewaren.
- Ombouwwerkzaamheden of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan, hierdoor komen de goedkeuring en de veiligheidsspecificatie te vervallen.
- Stel het apparaat niet bloot aan mechanische belasting, extreme temperaturen, vocht of sterke trillingen.
-
Bij het werken met spanningen van meer dan 24 V/AC rms resp. 60 V/DC dient u uiterst voorzichtig te zijn. Bij contact met de elektrische geleiders bestaa.
-
Als het apparaat met vocht of andere geleidende resten bevochtigd is, mag niet onder spanning worden gewerkt. Vanaf een spanning van 24 V/AC rms resp. 60 V/DC bestaat gevaar voor levensgevaarlijke schokken op grond van de vochtigheid.
- Reinig en droog het apparaat vóór gebruik.
- Let bij gebruik buitenshuis op dat het apparaat alleen onder dienovereenkomstige weersomstandigheden resp. na het treffen van geschikte veiligheidsmaatregelen toegepast wordt.
- In overspanings-categorie III (CAT III) mag de spanning van 300 V tussen het controleapparaat en de aarding niet worden overschreden.
- Waarborg vóór iedere meting dat het te controleren bereik (bijv. leiding), het testapparaat en het toegepaste toebehoren (bijv. aansluitleiding) in optimale staat verkeren. Test het apparaat op bekende spanningsbronnen (bijv. 230 V-contactdoos voor de AC-controle of de autoaccu voor de DC-controle).
- Het apparaat mag niet meer worden gebruikt als een of meerdere functies uitvallen of de batterijlading zwak is.
- De verbinding van het apparaat naar alle stroombronnen en meetkringen moet worden onderbroken voordat u de afdekking opent om de batterij(en) / zekering(en) te vervangen. Schakel het apparaat niet in als de afdekking geopend is.
- Als het apparaat met vocht of andere geleidende resten bevochtigd is, mag niet onder spanning worden gewerkt. Vanaf een spanning van 24 V/AC rms resp. 60 V/DC bestaat gevaar voor levensgevaarlijke schokken op grond van de vochtigheid.
- Reinig en droog het apparaat vóór gebruik.
- Let bij gebruik buitenshuis op dat het apparaat alleen onder dienovereenkomstige weersomstandigheden resp. na het treffen van geschikte veiligheidsmaatregelen toegepast wordt.
- Grijp de meetpunten alleen vast aan de handgrepen. De meetcontacten mogen tijdens de meting niet worden aangeraakt.
- Let op dat altijd de correcte aansluitingen en de correcte positie van de draaischakelaar evenals het correcte meetbereik voor de betreffende meting geselecteerd zijn.
- Voer werkzaamheden in gevaarlijke nabijheid van elektrische installaties niet alleen uit en uitsluitend volgens de instructies van een verantwoordelijke elektromonteur.
- Schakel vóór het meten resp. controleren van dioden, weerstanden of batterijladingen de spanning van de stroomkring uit. Let op dat alle hoogspannings condensators ontladen zijn. Verwijder daarvoor de meetleidingen van het toestel van het te controleren object voordat u een andere bedrijfsmodus instelt
- Let op dat alle hoogspanningscondensators ontladen zijn.
- Verbind altijd eerst de zwarte meetleiding voordat u de rode op de spanning aansluit. Bij het verwijderen gaat u in omgekeerde volgorde te werk.
Laserliner
Aanvullende opmerking voor het gebruik
Neem bij werkzaamheden aan elektrische installaties altijd de van toepassing zijnde technische veiligheidsregels in acht, onder andere:
- Vrijschakelen, 2. Tegen hernieuwd inschakelen beveiligen,
- Spanningsvrijheid tweepolig controleren, 4. Aarden en kortsluiten,
- Aangrenzende, spanningvoerende onderdelen beveiligen en afdekken.
Veiligheidsinstructies
Omgang met elektromagnetische straling
- Het meettoestel voldoet aan de voorschriften en grenswaarden voor de elektromagnetische compatibiliteit volgens de EMCrichtlijn 2014/30/EU.
- Plaatselijke gebruiksbeperkingen, bijv. in ziekenhuizen, in vliegtuigen, op pompstations of in de buurt van personen met een pacemaker, moeten in acht worden genomen. Een gevaarlijk effect op of storing van en door elektronische apparaten is mogelijk.



1 Analoogschaal
2 Draaiknop voor de instelling van het nulpunt
3 Draaiknop voor de instelling van het nulpunt bij weerstandsmetingen
4 Draaischakelaar voor de instelling van de meetfunctie
5 Houder voor meetpunten
6 Meetpunten
7 Meetcontacten: rood '+', zwart, -'
A Weerstandsmeting ('OHM')
B Spanningsmeting DC,
Stroommeting DC (V.mA==')
C Spanningsmeting AC ('V')
D Laadtoestandsmeting voor batterijen ('BATT.')
E OL: Open line / overflow: Meetkring niet gesloten resp. meetbereik overschreden
Maximale grenswaarden
| Functie Maximale grenswaarden | |
| V DC / V AC 300 V DC, 300 V AC | |
| A DC 600 mA | |
| Batterijen 9 V |
1ervangen van de batterij / zekering
Onderbreek eerst de verbinding tussen de meetpunten en de spanningsbron om de batterij resp. zekering te vervangen. Draai alle schroeven aan de achterzijde eruit en vervang de batterij of vervang de defecte zekering door een zekering van hetzelfde type en specificatie. Raak de groene geleideplaat niet aan. Houd de plaat bovendien vrij van verontreinigingen. Sluit de behuizing en draai de schroeven goed vast. Schakel het toestel niet in als de afdekking geopend is.


Let daarbij op de juiste polariteit.
1 1 x 1,5 V type AAA
2 F 630 mA / 300 V (∅ 5 mm x 20 mm)

Zet de draaischakelaar op 'Ω'. Houd de beide meetpunten tegen elkaar en stel de wijzer met behulp van de draaiknop (3) exact op de '0' van de OHM-schaal (A). Als dat niet mogelijk is, moet de batterij worden vervangen.
Laserliner
2 pmerkingen over de meting
Controleer vóór iedere meting of de wijzer exact op de '0' van de V.mA = / -schaal (B / C) staat. Als dat niet het geval is, stelt u de wijzer bij met de draaiknop (2).
Als de meeteenheid van tevoren niet bekend is, zet u de draaischakelaar op het hoogste meetbereik. Verklein daarna stap voor stap het meetbereik totdat u een tevredenstellende resolutie hebt bereikt.

Als de wijzer tijdens de meting links van de '0' resp. bij de weerstandsmeting rechts van de '0' staat, moeten de meet-punten omgewisseld worden of is het meetcircuit onderbroken. Voer de meting opnieuw uit met verwisselde meetpunten.
Als de wijzer tijdens de meting rechts van '300' ('60' / '12') resp. bij de weerstandsmetingen links van '1 kΩ' staan, is het meetbereik overschreden. Voer de meting opnieuw uit met een groter meetbereik.
3 Spanningsmeting DC
Zet de draaischakelaar voor de spannings- meting op de positie 'V=-' met het dienovereenkomstige meetbereik (12 V - 300 V).
Verbind vervolgens de meetcontacten met het meetobject.

Aflezen van de schaal (B):
| Meet-bereik | ResultaatS | |
| 12 V | 0 - 12 | x 1 |
| 60 V | 0 - 60 | x 1 |
| 120 V | 0 - 12 | x 10 |
| 300 V | 0 - 300 | x 1 |
chaal

4 Spanningsmeting AC
Zet de draaischakelaar voor de spannings- meting op de positie 'V\~' met het dienovereenkomstige meetbereik (60 V - 300 V).
Verbind vervolgens de meetcontacten met het meetobject.

Aflezen van de schaal (C):
| Meet-bereik | ResultaatS | |
| 60 V | 0 - 60 | x 1 |
| 120 V | 0 - 12 | x 10 |
| 300 V | 0 - 300 | x 1 |
chaal
roodzwa

Zet de draaischakelaar voor de stroommeting op de positie 'mA=’ met het dienovereenkomstige meetbereik (30 mA / 600 mA).
Schakel de stroomkring uit voordat u het meetapparaat aansluit. Verbind vervolgens de meetcontacten met het meetobject.

Aflezen van de schaal (B):
| Meet-bereik | ResultaatS | |
| 30 mA | 0 - 300 | : 10 |
| 600 mA | 0 - 60 | x 10 |
chaal
zwartrood

Schakel de stroomkring opnieuw uit voordat u het meetapparaat verwijdert.
!
In het bereik mA mogen geen stromen boven 600 mA worden gemeten. In dit geval wordt de automatische zekering in het apparaat geactiveerd (F 630 mA / 300 V, ∅ 5 mm x 20 mm).
Laserliner
6BAT. Laadtoestandsmeting voor batterijen
Zet de draaischakelaar voor de meting van de batterijlaadtoestand op de positie 'BAT.' met het dienovereenkomstige meetbereik.
1,5 V staafbatterijen / AA, AAA, C, D 9,0 V blokbatterijen / E-blok
Sluit vervolgens de meetcontacten aan op de batterij.
3-kleurige weergaveschaal (D):
| Kleur | Laadtoestand van de batterij |
| groen | Goed: batterij is nog vol geladen |
| oranje | Zwak: batterij is zwak en moet binnenkort worden vervangen |
| rood | Vervangen: batterij is leeg en dient te worden vervangen |

7 Weerstandsmeting
Zet de draaischakelaar voor de weerstandsmeting op de positie 'Ω' met het dienovereenkomstige meetbereik (X10Ω - X1kΩ).
Controleer vóór iedere meting of de wijzer exact op de '0' van de OHM-schaal (A) staat. Houd hiervoor de beide meetpunten tegen elkaar en stel zo nodig de wijzer bij met behulp van de draaiknop (3).
Verbind vervolgens de meetcontacten met het meetobject.
Aflezen van de schaal (A):
| Meet-bereik | ResultaatS | |
| X10Ω | 0 Ω - 1 kΩ | x 10 |
| X1kΩ | 0 Ω - 1 kΩ | x 1000 |
chaal


Weerstanden kunnen alleen separaat correct worden gemeten, daarom moeten beide onderdelen eventueel van de resterende schakeling worden gescheiden.

Bij weerstandsmetingen dienen de meetpunten vrij van verontreinigingen, olie, soldeerlak of vergelijkbare verontreinigingen te zijn omdat anders verkeerde meetresultaten kunnen optreden.
Technische gegevens
| Functie Bereik Nauwkeurigheid | ||
| Max. ingangsspanning | 300 V AC / DC | |
| DC spanning | 12 V | ± 5% / eindwaarde |
| 60 V | ||
| 120 V | ||
| 300 V | ||
| AC spanning | 60 V | ± 5% / eindwaarde |
| 120 V | ||
| 300 V | ||
| DC stroom | 30 mA | ± 5% / eindwaarde |
| 600 mA | ||
| Batterijen | 1,5 V staafbatterijen / AA, AAA, C, D9,0 V blokbatterijen / E-blok | |
| Weerstand | X10Ω | ± 5% / eindwaarde |
| X1kΩ | ||
| Testspanning max. 3,2 V | ||
| Ingangsgevoeligheid | 2kΩ * spanningseindwaarde/V(bijv. 2kΩ * 300V/V = 600kΩ) | |
Laserliner
| Zekering F 630 mA / 300 | V (∅ 5 x 20 mm) |
| Veiligheidsklasse II, dubbele isolatie | |
| Overspanning CAT III - 300 V | |
| Verontreinigingsgraad 2 | |
| Beschermingsklasse IP 20 | |
| Werkomstandigheden | 0°C ... 40°C, Luchtvochtigheid max. 80%rH,niet-condenserend, Werkhoogte max. 2000 mboven NAP (Nieuw Amsterdams Peil) |
| Opslagvoorwaarden 0°C | ... 50°C, Luchtvochtigheid max. 80%rH |
| Stroomverzorging 1 x 1,5 | V type AAA |
| Afmetingen 82 x 116 x 25 mm | |
| Gewicht (incl. batterij) 166 g | |
| Controlenormen | EN61010-1, EN61010-2-030,EN61010-2-033, EN61326-1, EN61326-2-2 |
Technische veranderingen voorbehouden. 17W50
Opmerkingen inzake onderhoud en reiniging
Reinig alle componenten met een iets vochtige doek en vermijd het gebruik van reinigings-, schuur- en oplosmiddelen. Verwijder de batterij(en) voordat u het apparaat gedurende een langere tijd niet gebruikt. Bewaar het apparaat op een schone, droge plaats.
EU-bepalingen en afvoer
Het apparaat voldoet aan alle van toepassing zijnde normen voor het vrije goederenverkeer binnen de EU.
Dit product is een elektrisch apparaat en moet volgens de Europese richtlijn voor oude elektrische en elektronische apparatuur gescheiden verzameld en afgevoerd worden.
Verdere veiligheids- en aanvullende instructies onder:
http://laserliner.com/info?an=mumeho
