S 5004 - Koekenpan TRUMA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis S 5004 TRUMA in PDF-formaat.

📄 85 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice TRUMA S 5004 - page 62

Gebruikersvragen over S 5004 TRUMA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Koekenpan in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding S 5004 - TRUMA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. S 5004 van het merk TRUMA.

GEBRUIKSAANWIJZING S 5004 TRUMA

  • Fecha de compra El Service Partner autorizado o la Central de Servicio de Truma determinan cómo se procederá a continuación Para evitar posibles daños de transporte, el aparato afectado solo puede enviarse tras haber consultado al Service Partner autorizado o a la Central de Servicio Truma Si el fabricante acepta el caso de garantía, el fabricante asumirá los gastos de transporte Si el caso no está considerado en la garantía, se informará al consumidor y este tendrá que asumir los costes de transporte y reparación No envíe el aparato sin haberlo consultado previamenteTruma Gerätetechnik GmbH & Co KG Wernher-von-Braun-Straße 12 85640 Putzbrunn Deutschland Service Telefon +49 (0)89 4617-2020 Telefax +49 (0)89 4617-2159 service@trumacom wwwtrumacom ES En caso de avería, diríjase a la Central de Servicio Truma o a algún servicio técnico autorizado (visite www.truma.com). Para una tramitación rápida, tenga preparado el tipo de aparato y el número de serie (véase la placa de características). 30090-00332 · 00 · 11/2020 · © TypenschildGebruiksaanwijzing Pagina 2 In het voertuig meenemen! Truma S 3004 / S 50042 Vóór de ingebruikneming de veiligheidsrichtlijnen en de gebruiksaanwijzing zorgvuldig doorlezen en in acht nemen. Gebruiksdoel Truma S 3004 Gebruik overeenkomstig de bestemming Het toestel is uitsluitend goedgekeurd voor de inbouw en het gebruik in „kampeerwagens” (caravans) en „bouwwagens” van de voertuigklasse O, „kampeervoertuigen” (campers) van de voertuigklasse M1 en „stacaravans” als de installatie van de gasinstallatie volgens EN1949 is uitgevoerd. Nationale voorschriften en regelingen voor het gebruik en keuringen van gasinstallaties (in Duitsland bijv. het DVGW-werkblad G 607) moeten in acht worden genomen. Het toestel mag uitsluitend ten behoeve van het verwarmen van de binnenruimte van het voertuig worden gebruikt. Om het toestel tijdens het rijden te mogen gebruiken, moeten er voorzieningen voorhanden zijn, om een ongecontroleerd ont- snappen van vloeibaar gas, bijv. door een breuk als gevolg van een ongeval, te voorkomen (conform de UN/ECE-regeling 122). Bij bedrijfsmatige toepassingen van het toestel moet de ge- bruiker zorgen voor naleving van bijzondere wettelijke en ver- zekeringsrechtelijke voorschriften van het respectievelijke land van bestemming. Oneigenlijk gebruik Alle andere vormen van gebruik, die niet onder het gebruik overeenkomstig de bestemming staan genoemd, zijn ontoe- laatbaar en daarom verboden. Dat geldt bijvoorbeeld voor de inbouw en het gebruik in: – bussen van de voertuigklasse M2 en M3, – bedrijfswagens van de voertuigklasse N, – boten en andere vaartuigen, – jacht-/boshutten, weekendhuisjes of voortenten. De inbouw in aanhangers en voertuigen voor het transport van gevaarlijke stoffen is verboden Toestellen met een defect mogen niet worden gebruikt. Het gebruik van toestellen die in strijd met de inbouwhand- leiding en gebruiksaanwijzing zijn geïnstalleerd of worden gebruikt, is niet toegestaan. Truma S 5004 Gebruik overeenkomstig de bestemming Het toestel is uitsluitend goedgekeurd voor de inbouw en het gebruik in „kampeerwagens” (caravans) en „bouwwagens” van de voertuigklasse O en „stacaravans” als de installatie van de gasinstallatie volgens EN1949 is uitgevoerd. Nationale voorschriften en regelingen voor het gebruik en keuringen van gasinstallaties (in Duitsland bijv. het DVGW-werkblad G 607) moeten in acht worden genomen. Het toestel mag uitsluitend ten behoeve van het verwarmen van de binnenruimte van het voertuig worden gebruikt. Om het toestel tijdens het rijden te mogen gebruiken, moeten er voorzieningen voorhanden zijn, om een ongecontroleerd ont- snappen van vloeibaar gas, bijv. door een breuk als gevolg van een ongeval, te voorkomen (conform de UN/ECE-regeling 122). Bij bedrijfsmatige toepassingen van het toestel moet de ge- bruiker zorgen voor naleving van bijzondere wettelijke en ver- zekeringsrechtelijke voorschriften van het respectievelijke land van bestemming. Truma S 3004 / S 5004 Gebruikte symbolen Symbool wijst op mogelijke gevaren. Gevaar voor verbranding! Heet oppervlak. Draag werkhandschoenen tegen mogelijk mechanisch letsel. ESD-voorschriften in acht nemen! Opmerking met informatie en tips. Inhoudsopgave Gebruikte symbolen p. 2
  • Gebruiksdoel p. 2
  • Truma S 3004 p. 2
  • Truma S 5004 p. 2
  • Veiligheidsrichtlijnen p. 3
  • Gebruiksaanwijzing Opbouw p. 6
  • Truma S 3004 p. 6
  • Truma S 5004 p. 6
  • Ingebruikname p. 6
  • Ontsteken van de brander p. 6
  • Bediening van de ventilator p. 7
  • Verlichting p. 7
  • Ruimtethermostaat p. 7
  • Uitschakelen p. 7
  • Onderhoud p. 7
  • Schoonmaken van de verwarming p. 7
  • Ommanteling verwijderen p. 7
  • Ommanteling aanbrengen p. 8
  • Vervangen van de batterij van de ontstekingsautomaat p. 8
  • Speciale aanwijzingen p. 8
  • Verwijdering p. 8
  • Technische gegevens p. 8
  • Afmetingen p. 9
  • Garantieverklaring van de fabrikant (Europese Unie) Oneigenlijk gebruik Alle andere vormen van gebruik, die niet onder het gebruik overeenkomstig de bestemming staan genoemd, zijn ontoe- laatbaar en daarom verboden. Dat geldt bijvoorbeeld voor de inbouw en het gebruik in: – „kampeervoertuigen” van de voertuigklasse M1 – bussen van de voertuigklasse M2 en M3, – bedrijfswagens van de voertuigklasse N, – boten en andere vaartuigen, – jacht-/boshutten, weekendhuisjes of voortenten. De inbouw in aanhangers en voertuigen voor het transport van gevaarlijke stoffen is verboden Toestellen met een defect mogen niet worden gebruikt. Het gebruik van toestellen die in strijd met de inbouwhand- leiding en gebruiksaanwijzing zijn geïnstalleerd of worden gebruikt, is niet toegestaan. Veiligheidsrichtlijnen Alleen vakkundig en geschoold perso- neel (vaktechnisch geschoold personeel) mag met inachtneming van de inbouwhand- leiding en gebruiksaanwijzing en de meest recente regels van de techniek het Truma product inbouwen, repareren en de goede werking ervan controleren. Vaktechnisch ge- schoold personeel zijn personen die op grond van hun vaktechnische opleiding en scholing, hun kennis en ervaring met de producten van Truma en de toepasselijke normen de vereiste werkzaamheden correct kunnen uitvoeren en mogelijke gevaren kunnen onderkennen. Voor een veilige en juiste toepassing de gebruiksaanwijzing en andere product- begeleidende documenten zorgvuldig lezen, in acht nemen en voor later gebruik bewaren. Neem de telkens geldende wetten, richtlijnen en normen in acht. Het niet in acht nemen van de regelingen in de gebruiksaanwijzing en in de inbouwhandlei- ding kan ernstige materiële schade en ernstige risico’s voor de gezondheid of het leven van personen tot gevolg hebben. Voor de daardoor ontstane schade is alleen de gebruiker van het toestel aansprakelijk. Voor het gebruik van gasregelaars, gasapparatuur of gasinstallaties is het gebruik van staande gasflessen waaruit gas uit de gasfase wordt onttrokken dwingend voorgeschreven. Gasflessen waaruit gas uit de vloeistoffase wordt onttrokken (bijv. voor hef- trucks) mogen niet worden gebruikt, omdat ze tot beschadiging van de gasinstallatie leiden. Wat te doen bij een gaslucht? – Ontstekingsbronnen vermijden, bijv. alle open vuur blussen, geen elektrische schake- laars, mobiele telefoon of radio in het voer- tuig gebruiken, de motor van het voertuig niet starten, geen apparatuur inschakelen, niet roken. – Ramen en deuren openen. – Alle personen uit het voertuig evacueren. – Gasflessen sluiten of de gastoevoer van bui- ten afsluiten. – De complete gasinstallatie door vaktech- nisch geschoold personeel laten controleren en laten repareren. – De gasinstallatie pas na controle en reparatie weer in gebruik nemen. Vergiftigingsgevaar door rookgassen! De rookgassen van de verwarming kunnen in gesloten of slecht geventileerde ruimten (bijv. garages, werkplaatsen) tot vergiftigingen leiden. Als het voertuig in dergelijke ruimten wordt geparkeerd: – de brandstoftoevoer naar de verwarming afsluiten, – de verwarming via het bedieningspaneel uitschakelen. Een geopend dakraam / hefdak in de buurt van de dakafvoer houdt het risico in dat er rookgas in het voertuig kan binnen- dringen. De verwarming mag uitsluitend bij gesloten dakraam / hefdak worden gebruikt. Gevaar voor brand / ontploffing tijdens het tanken! Het toestel mag niet worden gebruikt tijdens het tanken: – van het voertuig, – van de trekauto van de caravan of – van andere apparaten. Schakel het vloeibaar-gastoestel via het be- dieningspaneel uit. Sluit de gastoevoer naar het vloeibaar-gastoestel af. Overtuig u ervan dat het vloeibaar-gastoestel in geen geval kan worden ingeschakeld. Mogelijk(e) persoonlijk letsel / materiële schade door gebruik van de verwarming zonder ommanteling. Vanwege hete opper- vlakken van de warmtewisselaar de verwar- ming alleen gebruiken als de ommanteling is aangebracht.4 Ontploffingsgevaar door ondeskundige re- paratie of wijzigingen aan de gasinstalla- tie. Uitvoering van deze werkzaamheden uitslui- tend door vaktechnisch geschoold personeel. Reparaties van de verwarming mogen uitsluitend door een geschoold techni- cus worden uitgevoerd! Werkzaamheden aan branders mogen alleen worden uitgevoerd door vaktechnisch geschoold personeel. Na elke demontage van de rookgasaf- voer moet er een nieuwe O-ring worden gemonteerd! De werkdruk van de gastoevoer 30 mbar moet overeenstemmen met de werkdruk van het toestel(zie typeplaatje. Het toestel, de gasinstallatie en de rook- gasafvoer van de verbrandingsproducten moeten door een erkend deskundige worden gekeurd volgens de nationale voorschriften (bijv. in Duitsland volgens het werkblad DVGW G 607) of, indien zulke niet voorhanden zijn, ten minste om de twee jaar. – Nadat er veranderingen zijn aangebracht in de vloeibaar-gasinstallatie moet er een lektest door een erkend deskundige worden uitgevoerd. – De houder van het voertuig is verantwoorde- lijk voor het laten uitvoeren van de keuring. Als een af fabriek nieuw toestel voor het eerst in gebruik wordt genomen, kan er eni- ge tijd sprake zijn van rook- of stankontwikke- ling. Bij ingebruikneming na een extra lange stil- standsperiode kan er gedurende korte tijd door stof en vuil een lichte rook- en stankontwikkeling optreden. Het is raadzaam om het toestel ten behoeve van de zelfreiniging dan enkele minuten op maximaal vermogen te laten branden en te zorgen voor een goede ventilatie van de ruimte. Een ongewoon geluid van de brander of het flakkeren van de vlam duidt erop dat de regelaar defect is en maakt een controle van de regelaar noodzakelijk. In geen geval warmtegevoelige voor- werpen (bijv. spuitbussen) of brandbare materialen / vloeistoffen in de inbouwruimte van de verwarming of in de verwarming zelf opbergen, omdat hier eventueel hoge tempe- raturen kunnen ontstaan. Voor de gasinstallatie mogen in Duits- land uitsluitend drukregelaars volgens EN16129 (in voertuigen) met een vaste uit- gangsdruk van 30mbar worden gebruikt. Het debiet van de drukregelaar moet ten minste overeenkomen met het maximale verbruik van alle ingebouwde apparatuur. Voor voertuigen adviseren wij de gasdrukregelinstallatie MonoControlCS en voor de gasinstallatie met twee flessen de gasdrukregelinstallatie DuoControl CS. Bij temperaturen rond de 0 °C en lager moeten de gasdrukregelinstallatie of de omschakelklep samen met de gasdrukrege- laarverwarming EisEx worden gebruikt. Er mogen uitsluitend voor het land van bestemming geschikte regelaaraansluit- slangen, die voldoen aan de eisen van het land, worden gebruikt. Deze dienen regelma- tig op breuken te worden gecontroleerd. Drukregelapparatuur en slangen moeten uiterlijk 10 jaar (bij bedrijfsmatig gebruik 8 jaar) na de datum van fabricage worden ver- vangen door nieuwe. De gebruiker is daarvoor verantwoordelijk. Mogelijk brandgevaar! Er mogen zich geen licht ontvlambare stoffen (bijv. hooi, bladeren, textiel) ter hoogte van de aan- zuiging van de verbrandingslucht bevinden. De aanzuiging van de verbrandingslucht onder de bodem van het voertuig en de rookgasafvoer moeten altijd worden vrijgehou- den van vuil (sneeuwblubber, ijs, bladeren etc.). De vrije luchtstroom rond de dakafvoer mag tijdens het gebruik van de verwar- ming niet worden belemmerd. Dakopbou- wen kunnen de werking van de verwarming verstoren. In de winter moet alvorens de verwar- ming in gebruik te nemen de dakafvoer vrij worden gemaakt van sneeuw. Voor kam- peren in de winter of seizoenskamperen advi- seren wij de op het dakafvoerdeel te schroe- ven dakafvoerverlenging SKV (3 x 15 cm).5 Mocht de verwarming op locaties met ex- treme weersomstandigheden of bij ge- bruik in de winter herhaaldelijk uitgaan, dan adviseren wij het gebruik van een dakafvoer- verlenging AKV (15 cm) en daarnaast het op- zetstuk dakafvoer T-2 of T-3. Worden er 2 of 3 verlengingen à 15 cm gebruikt, dan moeten deze vóór een rit worden verwijderd om te voorkomen dat ze onderweg worden verloren (gevaar voor onge- lukken). Een verlengstuk dat op de afvoer blijft, moet worden vastgeschroefd en met een schroefje worden geborgd. Indien er op de caravan een dubbel dak wordt gemonteerd, moet de dakafvoer absoluut altijd door dit dak worden geleid. Gebruik hiervoor de dakdoorvoer UEK. De warmtewisselaar, de rookgasafvoer- buis en alle aansluitingen moeten regel- matig, in ieder geval na het uitdoven van de vlam (ontstekingsweigeringen), door een ge- schoold technicus worden gecontroleerd. De rookgasafvoerbuis moet: – op de verwarming en op de dakafvoer goed dicht en stevig zijn aangesloten, – uit één stuk (zonder overgangen) bestaan, – zonder vernauwingen van de diameter en absoluut altijd over de hele lengte stijgend worden gelegd, – samen met de buitenbuis (buis ÜR) met meerdere klemmen vast gemonteerd zijn. Er mogen geen voorwerpen op de rookgasaf- voerbuis worden gelegd, omdat dat beschadi- gingen tot gevolg kan hebben. Verwarmingen met verkeerd gemonteer- de of beschadigde rookgasafvoerbuis of beschadigde warmtewisselaar mogen in geen geval verder worden gebruikt! Wegens het gevaar voor oververhitting en brandgevaar mag de warmeluchtuit- laat van de verwarming in geen geval worden belemmerd. Hang daarom nooit kleding en dergelijke vóór of op de verwarming te dro- gen. Een dergelijk oneigenlijk gebruik zou uw verwarming en de kleding door de daardoor veroorzaakte oververhitting ernstig kunnen be- schadigen. Zet geen brandbare voorwerpen in de buurt van de verwarming! Inherent aan de constructie wordt tijdens het gebruik de ommanteling van de ver- warming heet. Dit kan in het bijzonder gevaar- lijk zijn voor kinderen en personen met vermin- derde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens en kan brandwonden veroorzaken. De zorgplicht en het toezicht op derden berus- ten bij de gebruiker. De gebruiker zal derden informeren over mogelijke gevaren (bijv. ge- vaar voor verbranding, brandgevaar). Vooral kinderen jonger dan 8 jaar moeten tijdens het gebruik permanent onder toezicht en uit de buurt van het toestel worden gehouden. Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 16 jaar en daarnaast door personen met verminderde fysieke, sensori- sche of mentale capaciteiten of gebrek aan er- varing en kennis, mits ze onder toezicht staan en in het veilige gebruik van het toestel zijn geïnstrueerd en de risico’s die daaruit voort- vloeien begrijpen. Kinderen mogen niet met het toestel spelen. De bij het toestel geleverde stickers die- nen door de inbouwfirma of de houder van het voertuig op een voor elke gebruiker goed zichtbare plaats in het voertuig en in de buurt van de verwarming te worden aange- bracht! Als er stickers ontbreken, kunnen deze bij Truma worden aangevraagd. Gebruik van de verwarming tijdens het rijden Voor het verwarmen tijdens het rijden is in de UN ECE-regeling 122 een veiligheidsaf- sluiter voorgeschreven, om het ongecontro- leerd ontsnappen van gas bij een ongeval te voorkomen. De gasdrukregelinstallatie MonoControl CS voldoet aan deze eis. Nationale voorschriften en regelingen moeten in acht worden genomen. Als er geen veiligheidsafsluiter (bijv. MonoControl CS) is geïnstalleerd, moet de gasfles tijdens het rijden worden gesloten en moeten de waarschuwingsplaatjes vol- gens de geldende voorschriften worden aangebracht.6 De afbeelding toont een inbouw rechts. Bij inbouw links bevinden zich enkele onderdelen aan de andere kant (gespiegeld). Ingebruikname Ontsteken van de brander Zorg er vóór gebruik voor dat er een nieuwe batterij in de ont- stekingsautomaat zit die voldoende is opgeladen. Mogelijk gevaar voor uitdoven! Verminderde ontstekings- frequentie door een oude of zwakke batterij in de ontstekingsautomaat. – Per seconde moeten minstens twee ontstekingsvonken zichtbaar zijn. – Als dit niet het geval is, dient u de batterij in de ontstekings- automaat te vervangen (zie „Vervangen van de batterij van de ontstekingsautomaat”). p. 103

1. Gasfles en snelsluitkraan in de gastoevoerleiding openen.

2. Draai de bedieningsknop (afb. 3 – 1) in de thermostaatstand

1 – 5 en druk hem tot de aanslag in (maximaal 30seconden). Het ontsteken bij hoorbare ontstekingsvonk gaat gedurende deze tijd automatisch.

3. Controleer het ontstekingsproces door het kijkvenster

(afb.1 – 6 of 2 – 6). Als de ontsteking succesvol is, is er een vlam zichtbaar.

4. Houd de bedieningsknop na de succesvolle ontsteking nog

10 seconden ingedrukt, om ervoor te zorgen dat het thermo- koppel de gastoevoer open houdt. Mogelijk gevaar voor uitdoven! – Wacht in geval van storingen of mislukte ontsteking ten minste drie minuten alvorens een nieuwe poging te doen. – Na drie mislukte ontstekingspogingen – neem contact op met de servicedienst. Mocht de vlam tijdens het gebruik doven, dan wordt er binnen de sluittijd van het thermokoppel (ca. 30 secon- den) meteen geprobeerd opnieuw te ontsteken. Voor het geval dat ondanks de poging om opnieuw te ontsteken de ontsteking mislukt (bijv. wegens een lege gasfles), blijft de ontstekingsau- tomaat werken tot de bedieningsknop (afb. 3 – 1) op „0” wordt gezet. Om een gelijkmatige en snelle verdeling van de warme lucht en een daling van de oppervlaktetemperaturen bij het uitlaatrooster van de warme lucht te bereiken, adviseren wij om de verwarming met ingeschakelde Truma warmelucht- installatie te gebruiken. Opbouw Truma S 3004

Afbeelding 1 1 = bedieningsknop (thermostaat) 2 = blind plaatje 3 = geïntegreerd bedieningselement voor een ventilator TEB-3 4 = sensorvlak voor het inschakelen van de verlichting (optioneel) 5 = warmtewisselaar 6 = kijkvenster voor het bekijken van de vlam 7 = bodemplaat 8 = thermostaatsensor 9 = rookgasafvoeraansluiting (boordring, drukplaatje, O-ring) 10 = ontstekingsautomaat met batterijvak 11 = typeplaatje 12 = rookgasafvoerbuis 13 = warmeluchtuitlaat / ommanteling De afbeelding toont een inbouw rechts. Bij inbouw links bevinden zich enkele onderdelen aan de andere kant (gespiegeld). Truma S 5004

Afbeelding 2 1 = bedieningsknop (thermostaat) 2 = geïntegreerd bedieningselement voor een Truma ventila- tor TEB-3 3 = geïntegreerd bedieningselement voor een tweede Truma ventilator TEB-3 4 = blind plaatje 5 = sensorvlak voor het inschakelen van de verlichting (optioneel) 6 = kijkvenster voor het bekijken van de vlam 7 = warmtewisselaar 8 = bodemplaat 9 = thermostaatsensor 10 = rookgasafvoeraansluiting (boordring, drukplaatje, O-ring) 11 = ontstekingsautomaat met batterijvak 12 = typeplaatje 13 = rookgasafvoerbuis 14 = warmeluchtuitlaat / ommanteling Gebruiksaanwijzing7 Bediening van de ventilator

Afbeelding 4 a = draaiknop / schaal voor het ventilatorvermogen (1 – 5) b = draaischakelaar / schaal voor de gebruiksmodi A Automatisch – De elektronica regelt het nood- zakelijke ventilatorvermogen en begrenst het toerental tot de op de draaiknop ingestelde waarde. 0 UIT – Ventilator uitschakelen. M Handmatig – Ventilatorvermogen instellen. Boosterstand – Ventilatorvermogen op de hoogste waarde instellen (voor een maxima- le luchtvolumestroom). Verlichting De verlichting (optioneel) voor de bedieningselementen wordt door middel van een naderingsschakelaar geactiveerd. Daarvoor van bovenaf het deksel in het midden aanraken. Daardoor wordt de verlichting gedurende circa 20 seconden ingeschakeld. Afbeelding 5 Telkens na het inschakelen van de 12 V-voedingsspan- ning wordt de elektronica van de sensor van de verlich- ting opnieuw gekalibreerd. Dit kan enkele seconden duren. Tijdens het kalibreren het deksel niet aanraken. Ruimtethermostaat Een gemiddelde binnentemperatuur van ca. 22 °C wordt zon- der werkende ventilator met een thermostaatinstelling van ca.3 bereikt. Wij adviseren het gebruik met ventilator en een thermostaatinstelling van ca.4 voor een behaaglijke verdeling van de warme lucht en ter vermindering van condensatie op koude oppervlakken. De exacte thermostaatinstelling moet afhankelijk van het ty- pe voertuig en de individuele behoefte aan warmte worden bepaald. De thermostaatsensor bevindt zich onder aan de verwar- ming. Let op dat een koude luchtstroom door koelkast- ventilaties en deurspleten enz. of een hoogpolig tapijt de ther- mostaat ongunstig beïnvloeden. Dergelijke storingsbronnen dienen in elk geval te worden verholpen, omdat anders geen bevredigende temperatuurregeling is gewaarborgd. Uitschakelen Zet de bedieningsknop van de verwarming op „0” (de ontste- kingsautomaat wordt daarmee gelijktijdig uitgeschakeld). Schakel de ventilator uit (draaischakelaar op „0” zetten). Wordt het toestel gedurende langere tijd niet gebruikt, sluit dan de gasfles en de snelsluitkraan in de gastoevoerleiding. Onderhoud Mogelijk gevaar voor brandwonden bij contact met de hete verwarming! Schoonmaken alleen bij uitgeschakel- de en koude verwarming. Ondanks een zorgvuldige productie kan de verwarming scherpe delen hebben. Daarom bij onderhouds- en rei- nigingswerkzaamheden altijd beschermende handschoenen gebruiken! Statische elektriciteit kan tot schade aan de elektronica leiden! Alvorens de elektronica aan te raken zorgen voor potentiaalvereffening. Schoonmaken van de verwarming – Het opgehoopte stof op de warmtewisselaar, bodemplaat en schoepenwiel van de Truma warmeluchtinstallatie moet ten minste eenmaal per jaar worden verwijderd. Maak het schoepenwiel voorzichtig met een kwast of een kleine bor- stel schoon. – Controleer na een langere gebruiksduur de warmtewisse- laar op vuilafzettingen en maak hem zo nodig schoon. Het gebruik van chloorhoudende producten op en in het toestel is verboden. Ommanteling verwijderen Mogelijk gevaar voor brandwonden bij contact met de hete verwarming! De ommanteling alleen bij uitgeschakelde en afgekoelde verwarming verwijderen. Door de twee sluitlippen (1) tegelijkertijd naar buiten te druk- ken, wordt de ommanteling ontgrendeld. Deze kan vervolgens naar voren worden gekanteld en uit de steunen worden getild.

Afbeelding 68 Ommanteling aanbrengen De ommanteling in de onderste steunen (1) haken en aan- drukken (2) tot de vergrendeling hoorbaar vastklikt. Door aan de ommanteling te trekken controleren of deze goed vastzit.

Afbeelding 7 Vervangen van de batterij van de ontstekingsautomaat – As er bij de ingebruikname geen ontstekingsvonken of min- der dan twee ontstekingsvonken per seconde hoorbaar zijn, moet de batterij worden vervangen. – Plaats vóór het begin van elk stookseizoen een nieuwe batterij. Gebruik alleen een temperatuurbestendige (+70 °C), lekdichte 1,5V Mignon-batterij (LR 6, AA, AM 3) (art.- nr. 30030-99200), andere batterijen kunnen storingen van de werking veroorzaken! Mogelijk gevaar voor brandwonden bij contact met de hete verwarming. Vervang de batterij alleen bij uitge- schakelde en afgekoelde verwarming. – Ommanteling verwijderen. – Schuif het deksel van het batterijvakje naar boven en ver- vang de batterij. Let op de plaats van de plus en de min! – Sluit het batterijvakje weer. – Breng de ommanteling weer aan. Afbeelding 8 Verwijdering van de batterij De batterij mag niet bij het huisvuil worden gegooid, maar moet gescheiden via een inzamelpunt worden gerecycled. Daardoor levert u uw bijdrage aan het her- gebruik en het kringloopsysteem. Speciale aanwijzingen Als de voertuigbodem wordt getectyleerd, moeten alle delen van het verwarmingssysteem die zich onder de wagen bevin- den worden afgedekt, zodat de ontstane spuitnevel niet kan leiden tot storingen in de werking van de verwarmingsinstal- latie. Na afronding van de werkzaamheden de afdekkingen weer verwijderen. Verwijdering Het toestel en de batterij in de ontstekingsautomaat geschei- den, volgens de administratieve bepalingen van het land waarin ze worden gebruikt, verwijderen. Nationale voorschrif- ten en wetten (in Duitsland is dit bijv. de verordening m.b.t. de sloop van voertuigwrakken) moeten in acht worden genomen. In andere landen moeten steeds de daar geldende voorschrif- ten in acht worden genomen. Technische gegevens (gemeten volgens EN 624 c.q. Truma-testcondities) S 3004 / S 5004 Gassoort Vloeibaar gas (propaan / butaan) Werkdruk 30 mbar (zie typeplaatje) Nominaal thermisch vermogen S 3004: 3500 W S 5004: 6000 W Gasverbruik S 3004: 30 – 280 g/h S 5004: 60 – 480 g/h Extra gegevens volgens EN 624 S 3004: Q

3+(28-30/37) BE, CH, CZ, ES, FR, GB, GR, IE, IT, PT, SI Bedrijfsspanning 1,5 V (op batterij werkende ontstekingsautomaat) Stroomopname 225 mW (ontsteken) Gewicht S 3004: ca. 10,3 kg (zonder ventilator) S 5004: ca. 17,5 kg (zonder ventilator) S 3004: S 5004: Technische wijzigingen voorbehouden!9 Afmetingen S 3004

  • Met chromen sierstrip ** Truma Ultraheat (optioneel) Maten in mm met tolerantie + 2 mm / - 1 mm Technische wijzigingen voorbehouden!10 Garantieverklaring van de fabrikant (Europese Unie)

1. Omvang van de fabrieksgarantie

Truma verleent als fabrikant van het toestel de afnemer een garantie, die eventuele materiaal- en/of fabricagefouten van het toestel dekt. Deze garantie geldt in de lidstaten van de Europese Unie en in de landen IJsland, Noorwegen, Zwitserland en Turkije. Een af- nemer is de natuurlijke persoon, die als eerste het toestel van de fabrikant, OEM of Truma Partner heeft gekocht en het niet in het kader van een commerciële of zelfstandige beroepsma- tige activiteit doorverkoopt of bij derden installeert. De fabrieksgarantie geldt voor de bovengenoemde gebreken, die zich binnen 24 maanden na het sluiten van de koopover- eenkomst tussen de verkoper en de afnemer voordoen. De fabrikant of een geautoriseerde servicepartner zal dergelijke gebreken door nakoming achteraf, dat betekent naar zijn keu- ze door reparatie of vervangende levering, verhelpen. Defecte onderdelen worden eigendom van de fabrikant of van de ge- autoriseerde servicepartner. Indien het toestel op het moment van de reclamatie niet meer wordt gemaakt, kan de fabrikant in geval van een vervangende levering ook een soortgelijk product leveren. Indien de fabrikant garantie verleent, begint de garantieter- mijn ten aanzien van de gerepareerde of vervangen onderde- len niet opnieuw, maar loopt de oude termijn voor het toestel door. Tot het uitvoeren van garantiewerkzaamheden zijn uit- sluitend de fabrikant zelf of een geautoriseerde servicepartner gerechtigd. De in het geval van garantie ontstane kosten wor- den direct tussen de geautoriseerde servicepartner en de fa- brikant afgerekend. Bijkomende kosten op grond van gecom- pliceerde uit- en inbouwomstandigheden van het toestel (bijv. demontage van meubel- of carrosseriedelen) en voorrijkosten van de geautoriseerde servicepartner of fabrikant kunnen niet als garantieprestatie worden erkend. Verdergaande aanspraken, in het bijzonder aanspraken op schadevergoeding van de afnemer of van derden, zijn uitge- sloten. Een en ander laat de voorschriften van de wet op de productaansprakelijkheid (Produkthaftungsgesetz) onverlet. De vrijwillige garantie van de fabrikant laat de geldende wet- telijke aanspraken van de afnemer wegens gebreken jegens de verkoper in het respectievelijke land van aankoop onverlet. In individuele landen kan er sprake zijn van garanties, die door de respectievelijke leveranciers (dealer, Truma Partner) worden uitgesproken. Deze kan de afnemer direct via zijn leverancier, bij wie hij het toestel heeft gekocht, afwikkelen. Geldig zijn de garantievoorwaarden van het land, waarin de eerste aankoop van het toestel door de afnemer heeft plaatsgevonden.

2. Uitsluiting van de garantie

De aanspraak op garantie geldt niet: – in geval van een onoordeelkundig, ongeschikt, foutief, nala- tig of oneigenlijk gebruik van het toestel, – in geval van een ondeskundige installatie, montage of inge- bruikneming, die in strijd is met de gebruiksaanwijzing en inbouwhandleiding, – in geval van onoordeelkundig gebruik of bediening die in strijd is met de gebruiksaanwijzing en inbouwhandleiding, met name bij het niet in acht nemen van onderhoudsvoor- schriften, verzorgingsrichtlijnen en waarschuwingen, – indien installatiewerkzaamheden, reparaties of ingrepen door niet geautoriseerde partners worden uitgevoerd, – voor verbruiksmaterialen, slijtende onderdelen en bij natuur- lijke slijtage, – als het toestel wordt voorzien van reserveonderdelen, com- plementaire onderdelen of accessoires, die geen originele onderdelen van de fabrikant zijn of door de fabrikant niet zijn vrijgegeven. Dit geldt met name in het geval dat de besturing van het toestel binnen een netwerk is gekoppeld, indien de besturingen en software niet door Truma zijn vrij- gegeven of indien de Truma besturing (bijv. Truma CP plus, Truma iNet Box) niet uitsluitend voor het besturen van Tru- ma apparatuur of door Truma vrijgegeven apparatuur wordt gebruikt, – in geval van schade door ongerechtigheden (bijvoorbeeld olies, weekmakers in gas), chemische of elektrochemi- sche invloeden in het water of als het toestel anderszins in contact is gekomen met ongeschikte stoffen (bijvoorbeeld chemische producten, ontvlambare stoffen, ongeschikte reinigingsmiddelen), – in geval van schades door abnormale omge- vings- of voor het gebruik van de zaak ongeschikte gebruiksomstandigheden, – in geval van schade door overmacht of natuurrampen en door andere invloeden, waarvoor Truma niet verantwoorde- lijk is, – in geval van schade die te herleiden is tot een onoordeel- kundig transport, – in geval van veranderingen aan het toestel inclusief die aan vervangingsonderdelen, complementaire onderdelen of toebehoren en de installatie ervan, met name van de rook- gasafvoer of van de afvoer naar buiten door de eindklant of door derden.

3. Claimen van de garantie

De garantie dient bij een geautoriseerde servicepartner of bij het Truma Servicecentrum te worden geclaimd. Alle adressen en telefoonnummers zijn te vinden op www.truma.com in het gedeelte „Service”. Het adres van de fabrikant luidt: Truma Gerätetechnik GmbH & Co. KG Truma Servicezentrum Wernher-von- Braun-Straße 12 85640 Putzbrunn, Bondsrepubliek Duitsland Om een soepele afhandeling te garanderen, verzoeken wij bij het opnemen van contact de volgende informatie bij de hand te houden: – gedetailleerde beschrijving van het gebrek – serienummer van het toestel – datum aankoop De geautoriseerde servicepartner of het Truma Servicecen- trum bepalen telkens de verder te volgen werkwijze. Om eventuele transportschade te voorkomen, mag het betreffen- de toestel uitsluitend na voorafgaand overleg met de geauto- riseerde servicepartner of het Truma Servicecentrum worden verzonden. Wordt het garantiegeval door de fabrikant erkend, dan neemt de fabrikant de transportkosten voor zijn rekening. Is er geen sprake van een garantiegeval, dan wordt de consument daar- over geïnformeerd en komen de reparatie- en transportkosten voor zijn rekening. Wij verzoeken af te zien van het opsturen zonder voorafgaand overleg.Bij storingen kunt u contact opnemen met het Truma Servicecentrum of met een van onze erkende servicepartners (zie www.truma.com). Voor een snelle afhandeling dient u apparaattype en serienummer (zie typeplaat) gereed te houden. Truma Gerätetechnik GmbH & Co. KG Wernher-von-Braun-Straße 12 85640 Putzbrunn Deutschland Service Telefon +49 (0)89 4617-2020 Telefax +49 (0)89 4617-2159 service@truma.com www.truma.com 30090-00103 · 00 · 01/2018 · ©DA Brugsanvisning Skal medbringes i køretøjet Truma S 3004 / S 5004 Side 022 30090-00332 · 00 · 11/2020Om denne vejledning Truma S 3004 / S 5004

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : TRUMA

Model : S 5004

Categorie : Koekenpan