Autopulse 320T1 - Lasapparaat GYS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Autopulse 320T1 GYS in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur Autopulse 320T1 GYS
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Autopulse 320T1 - GYS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Autopulse 320T1 van het merk GYS.
GEBRUIKSAANWIJZING Autopulse 320T1 GYS
Voor het in gebruik nemen van dit apparaat要去en deze instructies zorgvuldig gelezen en goed begrenpen worden.
Voer geen onderhoud of wijzigingen uit die Niet in de handleiding vermeld staan.
Ieder lichamelijk letsel of iedere vom van materiele schade voroortzaakt door het Niet naleven van de instructies in deze handleiding kan nicht verhaald worden op de fabrikant van het apparatus.
Radaeeg, in geal van problemen of onzekerheid over het gebruik, een gekwalificeerd en beoed person om het apparaat correct te installereren.
OMGEVING
Dit apparaat mag enkel gebruikt worden om te階段en, en uitsluitend volgens de in de handleiding en/of op het typeplaatje vermelde instructies. De veiligheidsvoorschriften moeten gespecteerd worden. In geval van onjuist of gevaarlijk gebruik kan de fabrikant Niet aansprakelijk worden gesteld.
De installatione moet worden gebruikt in een stof- en zuur- vrie ruimte, in afwezigheid van ontvlambaar gas of andere corrosieve substanties. Voor de opslag van deze apparatuur geldendezelfde voorwaarden.Zorg voor voldoende ventilatieijdens het gebruik van dit apparaat.
Temperatuurbereik:
Gebruik tussen -10 en +40^ (+14 en +104°F).
Opslag tussen -20 en +55^ (-4 en 131^
Luchtvochtigheid:
Lager of gelijk aan 50% bij 40^ (104^)
Lager of gelijk aan 90% bij 20^ (68^)
Hoopte :
Tot 1000 m boven de zeespiegel (3280 voet).
PERSOONLIJKE BESCHERMING EN BESCHERMING VAN ANDEREN
Booglassen kan gevaarlijk zijn en ernstige en zichs dodelijkke verwondingen veroorzaken.
Tijdens het lessen worden de individuen bloatgesteld aan een gevaarlijke warmtebron, aan de lichtstraling van de lasboog, aan elektro-magnetische velden (waarschuwing voor dragers van een pacemaker), aan elektrocutie-gevaar, aan lawaai en aan uitstoting van gassen.
Beschem uzelf en bescherm anderen, respecteer de volgende veiligheidsinstructies :

Draag, om uzelf te beschermen gegen brandwonden en straling, droge, goed isolerende kleding zonder omslagen, brandwerend en in goede staat, die het gehele lichaam bedekt.

Draag handschoenen die een elektrische en thermische isolatie garanderen.

Draag een lasbescherming en/of een lashelm die voldoende bescherming biedt (afhankelijk van de lastoepassing). Bescherm uw ogenijdens schoonmaakwerkzaamheden. Het dragen van contactlenzen is uitdrukkelijk verboden.
Soms is het nodig om het lasgebied met brandwerende schermen af te schermen gegen stralingen, projectie en wegspattende gloeienda deeltjes.
Informeer de personen in het lasgebied om Niet waar de boog of waar gesmolten stukken te staren, en om aangepaste kleding te dragen die voldoende bescherming biedt.

Gebruik een bescherming gegen lawaai als de laswerkzaamheden een hoger geluidsniveau bereiken dan de toegestane norm (dit geldt tevens voor alle personen die zich in de las-zone bevinden).
Houd uw handen, haar en kleding op voldoende afstand van bewegende delen (ventilator).
Verwijder nooit de behuizing van de koelgroep wonneer de las-installatie aan een elektrische voedingsbron is aangesloten en onder spanning staat. Wonneer dit toch gebeurt, kan de fabrikant Niet verantwoordelijk worden gehonden in geval van een ongeluk.

De elementen die net gelastijken zijn het, en kuren brandwonden veroorzaken wonneer ze aangeraakt worden. Zorg ervoor dat, tijdens onderhoudswerkzaamheden aan de toorts of de elektrode-houser, deze voldoende afgekoeld waar en wacht ten minste 10 minutes alvorens met de werkzaamheden te beginnen. De koelgroep moet in werkingijken tijdens het gebruik van een watergekoelde toorts, om te voorkomen dat de vloeistof brandwonden veroorzaakt.
Het is belangrijk om, voor vertrek, het werkgebied veilig ache ter laten, om mensen en goederen nicht in gevaar te brengen.
LASDAMPEN EN GAS

Dampen, gassen en stof uitgestoten tijdens het階段en zich gevaarlijk voor de gezondheid. Zorg voor voldoende ventilatie, soms is teevoor van verse lucht tijdens het階段en noodzakelijk. Een lasheim met verse luchtaanvoer kan een oplossing zich als er onvoldoende ventilatie is.
Controleer of de afzigkracht voldoende is, en verifieer of deze aan de gerelateerde veiligheidsnormen voldet.
De gasflessen moeten worden opgeslaagen in een open of goed geventileerde ruimte. Ze要去en in verticale positie gehonden worden, in een houder of op een trolley.
Lassen in de buurt van vet of verf is verboden.
BRAND EN EXPLOSIE-RISICO

Scherm het lasgebied volledig af, brandbare stoffen moeten op minimaal 11 meter afstand geplaatst worden. Een brandblusinstallatie要去 aanwezig zijn in de buurt van laswerkzaamheden.
Pas op voor projectie van hete onderdelen of vonken, zelfs door kieren heen. Deze kannen brand of explosives veroorzaken.
Houd personen, ontvlambare voorwerpen en containers onder druk op veilige en voldoende afstand.
Het lessen in containers of gesloten buizen moet worden verboden, en als ze open zich dan要去en ze ontdaan worden van ieder ontvrambaar of explosief product (olie, brandstof, gas-residuen....).
Sijpwerkzaamheden moeniet worden gericht naar het lasapparaat, of in de richting van brandbare materialien.
GASFLESSEN

Het gas dat uit de gasflessen komt kan, in geval van hoge concentraties in de lasruimte, verstikking voorzaken (goed ventileren is absolutnoodzakelijk).
Het transport moet absolut veilig gebeuren : de flessen moeten gesloten zich en de lasstroombron moet uitgeschakeld+zijn. De flessen moeten verticaal bewaard worden en door een ondersteuning rechtop gehonden worden, om te voorkomen dat ze omvallen.
Sluit de flessen na ieder gebruik. Let op temperatuurveranderingen en bloatstelling aan zonlicht.
De fles mag niet in contact komen met een vlam, een elektrische boog, een toorts, een massa-klem of een andere warmtebron of gloeiend voorwerp. Houd de fles uit de buurt van elektrische circuits en lascircuits, en las nooit een fles onder druk.
Wees voorzichtig bij het openen van het ventiel van de fles, houd uw hoofd ver verwijderd van het ventiel en controllerer voor gebruik of het gas geschikt is om mee te階段en.
Het elektrische netwerk dat wordt gebrukt moet allijd geaard zich. Gebruik het op de veiligheidstabel aanbevolen type zekering. Een elektrische schok kan, direct of indirect, ernstige en zichs dodelijke ongelukken voroorzaken.
Raak nooit delen aan de binnen- of buitenkant van de machine aan (toortsen, klemmen, kabels, elektrodes) die onder spanning staan. Deze delen zijn aangesloten op het lascircuit.
Koppel, voordat u het lasapparaat opent, dit los van het stroom-network en wacht 2 minuten totdat alle condensatoren ontliaden zich.
Raak nooit tegelijkkertijd de toorts de elektrodehouser en de massa-klem aan.
Zorg ervoor dat, als de kabels of toortsen beschadigd zijn, deze verrangen worden door gekwalificeerde en bevoegde personen. Gebruik alleen kabels met de geschichte doorsnede. Draag altijd droge, in goede staat verkerende kleren om uzelf van het lascircuit te isoleren. Draag isolerend schoeisel, waar u ook werk.
EMC CLASSIFICATIE VAN HET MATERIAL (230 V-VERSIE)

Dit Klasse A materiaaal is nicht geschikt voor gebruik in een woonomgeving waar de stroom worden aangeleverd door een openbaar laagspanningsnet. Het is möglich dat er problemen ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit in deze omgevingen, vanwege storingen of radio-frequente straling.
Dit materiaal voldoet aan de CEI 61000-3-12 norm.

Deze apparatuur is conform aan de norm CEI 61000-3-11 en kan aangesloten worden aan openbare lage spanningsnetwerken, onder voorwaarde dat de impedantie van het openbare lagespanningsnetwerk op het aankoppelingspunt lager is dan Zmax = 0.349 Ohms. Het is de verantwoordelijkheid van de installmenter of de gebruiker van het apparaat om zich er van te verzekeren, indien nodig in overleg met de beheerde van het stroomnetwerk, dat de impedantie van het netwerk conform is aan de beperkingen van de impedantie.
ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES

Elektrische stroom die door geleidend materiaal of kabels gaat veroorzaakt plaatselijk elektrische en magnetische velden (EMF). De lasstroom wekt een elektromagnetisch veld op rond de laszone en het lasmaterialiaal.
De elektramagnetische velden (EMF) können de werkig van bepalde medische apparaten, zoals pacemakers, verstoren. Voor mensen met medische implantaten moeten speciale veiligheidsmaatregelen in acht genomen worden. Bijvoorbeeld : toegangsbeperking vooroorbjgangers, of een individuèle risico-evaluationtie voor de lassers.
Alle lassers zonden de volgende adviezen op要去en volgen om de bloatstelling aan elektro-magnetische straling van het lascircuit tot een minimum te beperken:
- plaats de laskabels samen - bind ze zo möglichk onderling aan elkaar vast;
- houd uw romp en uw hoofd zo ver möglichk verwijderd van het lascircuit;
- wikkel de laskabels nooit rond uw lichaam;
ga niet tussen de laskabels in staan. Houd de twee laskabels aandezelfde kant van uw lichaam; - sluit de massaklem aan op het werkstuk, zo zich mogelijk bij de te lassen zone;
- werk Niet vlakbij de lasstroombron, ga er Niet op zitten en leun er nicht tegenaan;
- nied让他们 tijdens het verplaatsen van de lasstroombron of het draadaanvoersysteme.

Personen met een pacemaker要去en een arts raadplegen voor gebruik van het apparaat.
Bootstelling aan elektromagnetische straling tijdens het lessen kan gevolgen voor de gezondheid hebben die nog Niet bekend zich.
AANBEVELINGEN OM DE LASZONE EN DE LASINSTALLATIE TE EVALUEREN
Algemeen
De gebruiker van dit apparaat is verantwoerdelijk voor het installereren en het gebruik van het booglasmaterialiaal volgens de instructies van de fabrikant. Als elektromagnetische storingen worden geconstated, is het de verantwoerdelijkheid van de gebruiker van het booglasmaterialiaal om het probleem op te lossen, met hulp van de technische Dienst van de fabrikant. In sommige gevaln kan de oplossing liggen in een eenvoudige aarding van het lascircuit. In andere gevaln kan het nodig zijn om met behulp van filters een elektron magnetisch schild rond de stroomvoorziening en om het gehele werkvertrek te creeren. In ieder geval moeten de storingen,veroorzaakt door elektron magnetische stralingen,beperkt worden tot een aanvaardbaariveau.
Evaluatie van de lasruimte
Voor het installereren van een booglas-installatie moet de gebruiker de eventuele elektr-magnetische problemen in de omgeving evalueren. De volgende gevevens moeten in aanmerking worden genomen :
a) de aanwezigheid boven, onder en naast het lasmaterial van andere voedingskabels, besturingskabels, signaleringskabels of telefoonkabels;
b) de aanwezigheid van radio- en tevisiezenders en ontvangers;
c) de aanwezigheid van computers en overig besturingsmaterialia;
d) de aanwezigheid van belangrijk beveiligingsmaterial, voor bijvoorbeeld de beveiliging van industrieel materialiaal;
e) de gezondheid van Personen in de directe omgeving van het apparaat, en het eventuel dragen van een pacemaker of een gehoorapparaat.
f) materiaal dat worden gebruikt voor kalibreren of het uitvoeren van metingen;
g) de immuniteit van overig materiaaal aanwezig in de omgeving.
De gebruiker moet zich ervan verzekeren dat alle apparatuur in de werkruimte compatibel is. Het is möglich dat er extra beschemende maatregelen nodigহ;
h) het moment dat het lastsen of andere activiteiten plaatsvinden.
De afmeting van het omligende gebied dat in acht moet worden genomen en/of moet worden beveiligd hangt af van de structuur van het gebouw en van de overige activiteiten die erplaatsvinden. Dit omligende gebied kan groter zich dan de begrenzing van het gebouw.
Een evaluatie van de lasinstallatie
Naast een evaluatie van de laszone kan een evaluatie van de booglasinstallaties elementen aanreiken om storingen vast te stellen en op te loseen. Bij het evalueren van de emissies要去 den werkelijkke meetresultaten worden bekeken, zoals deze zijn gemeten in de reele situatie,zoals vermeld in Artikel 10 van de CISPR 11. De metingen in de specifieke situatie, op een specifieke plek, kuren tevens helpen de doeltreffendheid van de maatregelen te testen.
AANBEVELINGEN VOOR METHODES OM ELEKTROMAGNETISCHE EMISSIES TE REDUCEREN
a. Openbaar stroomnet: U sunt de booglasinstallatie aansluien op een openbaar stroomnet, met inachtneming van de aanbevelingen van de fabrikant. Als er storingen plaatsvinden kan het nodig zijn om extra voorzorgsmaatregelen te nemen, zoals het filteren van het openbare stroomnetwork. Er kan overwogen worden om de voedingskabel van de lasinstallatie af te scheren in een metalen leiding of een gelijkwaardig materiaal. Het is wenselijk om de elektrische continuiteit van deze afscherming over de gehele lengte te verzekeren. De bescheming moet aangekoppeld worden aan de lasstroomvoeding, om er zeker van te zich dat er een goed elektrisch contact is tussen de geleider en het omhulsel van de lasstroomvoeding. b. Onderhoud van het booglasmaterial : De booglasapparatuur moet regelmatig worden onderhouden, volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Alle toegangen, service ingangen en kleppen要去en gesloten en correct vergrendeld zijn wonneer het booglasmaterial in werkig is. Het booglasmaterial mag op geen enkele manier gewijzigd worden, met uitzondering van veranderingen en instellenen zoals genoemed in de handleiding van de fabrikant. Let u er in het bijzonder op dat het vonden hiaat van de toorts correct afgesteld is en goed onderhoven wordt, volgens de aanbevelingen van de fabrikant.
c. Laskabels: De kabels moeten zo kort möglichk zichen, en dicht bij elkaar en vlakbij of, indien möglichk, op de grond gelegd worden.
d. Equipotential verbinding : Het is wenselijk om alle metalen objcten in en om de werkomgeveing te aarden. Waarschuwing : metalen objcten die verbonden zijn aan het te lassen voorwerp vergroten het risico op elektrische schokken voor de gebruiker, wanneer hij tegelijkkertijd deze objcten en de elektrode aanraakt. Het worden aangeraden de lasser van deze voorwerpen te isoleren.
e. Aarding van het te lessen onderdeel : Wonneer het te lessen voorwerp Niet geaard is, vanwege elektrische veilighed of vanwege de afmetingen en de locatie, zoals bijvoorbeeld het geval kan zijn bij scheepsrompen of metalen structuren van gebouwen, kan een verbinding tussen het voorwerp en de aarde, in sommige gevaln aan ne ialtid, de emissies verkleinen. Vermijd het aarden van voorwerpen, wonneer daarmee het risico op verwondingen van de gebruikers of op beschadigingen van ander elektrisch materiaal vergroot worden. Indien nodig, is het wenselijk dat het aarden van het te lessen voorwerprechtstreeks plaatsvindt, maar in sommige landen waar deze direkte aarding niet toegestaan is is het aan te raden te aarden met een waarvoor geschikte condensator, die voldoet aan de reglementen in het betreffende land.
f. Beveiliging en afterscherming : Selectieve afterscherming en beveiliging van andere kabels en materiaal in de omgeving kan eventuele problemen verminderen. Voor speciale toepassingen kan de beveiliging van de gehele laszone worden overwogen.
TRANSPORT EN VEROER VAN DE LASSTROOMBRON

Gebruik nicht de kabels of de toorts om het apparaat te verplaatsen. Het apparaat moet in verticale positie verplaatst worden. Til nooit het apparaat boven personen of voorwerpen.
Til nooit een gasfles en het apparaat tegelijk op. De vervoersnormen zijn verschillend.
Het is beter om de spel te verwijderen voor het optillen of transporteren van de lasstroomvoedig.
INSTALLATIE VAN HET MATERIALAAL
- Plaats de voeding op een ondergrond met een helling van minder dan 10^ .
Zorg dat er voldoende ruimte is om de machine te ventileren en om toegang te hebben tot het contropaneel. - Niet geschikt voor gebruik in een ruimte waar geleidend metaalstof aanwezig is.
- Plaats het lasapparaat Niet in de stromende regen, en stel het Niet bloot aan zonlicht.
- Het apparaat heeft een beveiligingsgraad IP21, wat betekent dat :
- het beveiligd is tegen toegang in gevaarlijke delen van solide voorwerpen waarvan de diameter >12.5 mm en,
- dat het beveiligd is gegen verticaal vallende waterdruppels

Niet gecontroleerde lasstroom kan de aardgeleiders vernietigen, gereedschap en elektrische installaties beschaden en onderdelen verhitten, wat kan leiden tot brand.
- Alle lasverbindingen要去en goed en stevig op elkaar aangesloten zich. Controller dit regelmatig!
- Verzekert u zich ervan dat de bevestiging van het werkstuk solide is en geen elektrische problemen heeft!
- Zet alle elektrisch geleidende elementen van het lasapparaat zoals het chassis, de trolley en de hefsystemen goed vast of hang ze op zodat ze geisoleerd zijn!
- Leg of zet geen ander gereedschap zoals boormachines, slijpgereedschap enz. op het lasapparaat, op de trolley of op de hefsystemen als deze nicht geisoleerd zich!
- Leg alltijd de lastoortsen op een geisoleerd oppervlak wanner ze Niet gebruikt worden!
Om oververhitting te voorkomen要去en de voedingskabels, verlengsnoeren en laskabels helemaal afgerold worden.

De fabrikant kan nicht verantwoordelijk gehonden worden voor lichamelijk letsel of schade aan voorwerpen veroorzaakt door Niet correct of gevaarlijk gebruik van dit materiaal.
ONDERHOUD/ADVIES


-
Het onderhoud mag alleen door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden. We raden u aan een Jaarlijke onderhoudsbourtuit te latent voeren.
Haal de stekker uit het stopcontact om de elektriciteitsvoorziening te onderbreken en wacht twee minutes voordat u Werkzaamheden op het apparaat gaat verrachten. De spanning en de stroomsterkte binnen het toestel zijn hoog en gevaarlijk. -
De kap regelmatig afnemen en met een blazer stofvrij maken. Maak van deze gelegenheid gebruik om met behulp van geisoleerd gereedschap ook de elektrische verbindingen te lately controlleden door gekwalificeerd personeel.
- Controleer regelmatig de voedingskabel. Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze door de fabrikant, zijn reparatie-dienst of een gekwalificeerde technicus worden verrangen, om zo gevaarlijke situatuies te voorkomen.
- Laat de ventilatieopening van de lasstroombron vrij zodat de lucht goed kan circuleren.
- Deze lasstroombron is Niet geschikt voor het ontdooien van leidingen, het opladen van batterijen / accu's of het opstarten van motoren.
INSTALLATIE - GEBRUK VAN HET APPARAAT
Alleen ervaren en door de fabrikant gekwalificeerd personeel mag de installmentie uitvoeren. Verzekert u zich ervan dat de generator tijdens het installereren Niet op het stroomnetwork aangesloten is. Seriele en parallelle generator-verbindingen zijn verboden. Om de optimale las-omstandigheden te creeren worden aanbevolen om de laskabels te gebruiken die worden meegeleverd met het apparatusat.
OMSCHRIJVING
De AUTOPULSE is een « synergetisch » semi-automatisch lasapparaat voor MIG / MAGijken. Het apparaat is geschikt voor hetijken van staal, rvs, aluminium en voor hardsolderen. De instelling is snel en eenvoudig dankzij de integrale « synergetische » module.
BESCHRIJVING VAN HET MATERIAL (I)
1-Wartel (netsnoer) 10-USB aansluiting
2- Omkeerschakelaar Aan/Uit 11-IHM
3-Aansluiting gas T1 12-Aansluiting Push Pull (PP)
4-Aansluiting gas T2 13-Aansluiting Spool Gun (SP)
5-Aansluiting gas T3 14-Aansluiting Texas (-)
6-Flessehouser 15-Aansluiting Euro T1
7-Spoelhouser 1,2 en 3 16-Aansluiting Euro T2
8-Draadaanvoersysteme 17-Aansluiting Euro T3
9- Omkeerschakelaar zuiveren gas en draad-toevoer
Lees de handleiding voor het gebruik van de bediening (MMI), die deel uitmaakt van de complete handleiding van het material.
ELEKTRISCHE VOEDING - OPSTARTEN
- Het 400 V model worden geleverd met een 16 A stekker, type EN 60309-1, en mag alleen worden gebruikt in een driefasige 400 V (50-60 Hz) vier-aderige elektrische installmentie met een geaarde nulleider.
- Het 208/240 V model worden geleverd zonder stekker en mag alleen worden gebruikt in een driefasige vierdraads elektrische installmentie van 200-240 V (50-60 Hz) met een geaarde nulleider.
De effectieve geabsorbeerde stroom (11eff) is aangegeven op de apparatuur, voor maximale bedrijsomstandigheden. Controller of de stroomvoorziening en de beveiliging waarvan (zekering en/of stroomonderbreker) compatibel zich met de stroom die nodig is bij gebruik. In sommige landen kan het nodig+zijn de stekker te verrangen om gebruik onder maximale omstandigheden möglich te make.
- Het 400V model is ontworpen om te werken op 400V + / - 15% elektrische spanning. Hij zal in beveiliging gaan als de voedingsspanning lager is dan 330Vrms of hoger dan 490Vrms. (er verschijt een foutcode op het display van het toetsbord).
- Het 208/240V model is ontworpen om te werkken op 220V - 15% +20% . Hij gaat in beveiliging als de voedingsspanning lager is dan 185Vrms of hoger dan 270Vrms. (er verschijnt een foutcode op het display van het toetsbord).
- Het worden ingeschakeld door de aan/uit-schakelaar (2 - AFB 1) in stand I te zetten, en uitgeschakeld door hem in stand O te zetten. Waarschuwing! Schakel de stroomtoevoer nooit uit wanner het apparaat onder belasting staat.
AANSLUITEN OP EEN STROOMGENERATOR
De AUTOPULSE kan met generatoren worden gebrukt, mitt het hulpvermogen aan de volgende eisen voldoet:
- Voor het model 400V : de spanning moet wisselspanning zijn, de RMS-waarde moet 400V + / - 15% bedragen, en de piekspanning moet minder dan 700V bedragen,
- Voor het model 208/240 V: de spanning要去 wisselspanning zijn, de RMS-waarde要去 220V - 15% +20% maar, en de piekspanning要去 lager maar dan 375V,
- De frequenta moet tussen 50 en 60Hz liggen.
Het is absolutnoodzakelijk deze omstandigheden te controleren, aangezien veel generatoren hoogspanningspieken produceren die de ondersta-tions konnen beschaden.
Alle gebruekte verlengsnoeren要去 de voor het apparaat geschikte lenghte en kabelsectie hebben. Gebruik een verlengsnoer dat voldoet aan de nationale regelgeving.
| Ingangsspanning Door | |
| 400 V 2.5 mm² | |
INSTALLEREN VAN DE SPOEL

- Open het klepje van de generator.
- Plaats de spoel op de houder.
- Houd rekening met de aandrijf-pen (c) van de spoelhouser. Om een spoel van 200 mm te monteren, moet u de plastiek spoelhouser (a) maximaal aandraaien.
- Stel de rem van de spoel (b) correct af, om te voorkomen datijdens de lasstop de draad in de war raakt. Draai over het algemeen Niet te strak aan. Dit kan de motor oververhitten.
INBREngen VAN DE LASDRAAD

De rollers verwisselt u als volgt :
- Draai de draaiknoppen (a) maximaal los en LAST ze neerkomen.
- Ontgrendel de rollers door de bevestigingschroeven (b) los te draieren.
- Plaats de juiste motorrollen voor uw toepassing en draai de bevestigingschroeven vast. De meegeleverde aanvoerrollen hebben een dubbe groef :
- alu 0.1/0.2 (T1 + T3)
- staal 0.8/1.0 (T3)

- Controller het opschrift op de rol, om er zeker van teল dieze geschikt is voor de diameter en het materiaal van het door u gebruekte draad (voer een draad van 1.2 ,gebrukt u de groef 1.2
- Gebruik rollen met een V-groef voor staaldraad en andere hardere draadsoorten.
- Gebruik rolten met een U-groef voor aluminiumdraad en andere soepele draadsoorten.
: de aanduiding is af te lezen op de rol (bijvoorbeeld : 1.2 VT)
→: de te gebruiken groef


Ga, om het lasdraad te installereren, als volgt te werk :
- Draai de draaiknuppen maximaal los en LAST deze neerkomen.
- Breng de draad in, sluit verwolgens het draadaanvoersystemen en draai de draaiknappen waar aan.
- Activeer de motor op de trekker van de toorts of op de handmatige knop voor het activeren van de draadaanvoer (I-6).

Opmerkingen :
Opmerkingen :Een te krappe mantel kan problemen bij de draadaanvoer gezven en de motor oververhitten.
- De aansluiting van de toorts moet eveneens goed aangedraaid worden, dit om oververhitting te voorkomen.
- Controller of het draad en de spoel Niet in contact zijn met de mechanismiek van het apparaat, dit kan kortsluiting veroorzaken.
RISICO OP BLESSURES ALS GEVOLG VAN BEWEGENDE ONDERDELEN

De draadaanvoersystemen zijn voorzien van bewegende delen die handen,haar, kleding en gereedschap kannen gripen en die ernstige verwondingen kannen veroorzaken!
- Raak met uw hand(en) geen bewegende, draaiende of aandrijvende onderdelen aan.
- Let goed op dat de afdekkingen van de behuizing van het apparaat correct gesloten blijven wanner het apparaat in werkig is!
Draag geen handschoenenijdens het afwikkelen van de lasdraad en het verwisselen van de spoelen.
SEMI-AUTOMATISCH LASSEN IN STAAL/INOX (MAG MODULE)
De AUTOPULSE kan staaldraad van 0,6 tot 1,2 mm en roestvrij staal van 0,8 tot 1,2 mm (II-A) lassen.
Voor het lessen van staal dient u een speciaal lasgas (Ar+CO2) te gebruiken. De CO2 verhouding kan varieren, afhankelijk van het gebruekte type gas. Voor het lessen van inox moet een mengsel met 2% CO2 gebruikt worden. Wanner gelast wordt met paur CO2 is hetoodzakelijk om een gasvoorverwarmer aan te sluiten op de gasfles. Voor specifieke eisen wat betreft gas kunt u contact opnemen met uw gasleverancier. De gastroevoer voor staal ligtussen de 8 en 15 liter per minut, afhankelijk van de omgeving. Om de gastroevoer aan de uitgang van de toorts te konnen meten, raden we u aan om gebruik te maken van de flowmeter (optioneel, art. code 053939).
SEMI-AUTOMATISCH LASSEN VAN ALUMINIUM (MIG MODUS)
Met de AUTOPULSE=kunt u setzen met aluminiumdraad met een van 0.8 tot 1.2mm (II-B).
Voor aluminium dient u een specifiek zuiver Argon (Ar) gas te gebruiken. Om het juiste gas te kiezen, kutu advies vragen aan uw gasleverancier.
De gastoevoer bij aluminium ligt tussen 15 en 20 liter per minuut, afhankelijk van de omgeving en de ervaring van de lasser. De synergieen in de
Puls module waar geoptimaliseerd voor een gastroevoer+tussen 12 en 15 liter per minuut.
De verschillen:tussen het gebruik van staal en aluminium:
- Gebruik specifieke aanvoerrollen voor het lessen van aluminium.
- Zet minimale druk op de rollen van de draadaanvoer zodat de draad Niet geplet worden.
- Gebruik de capillaire buis (bestemd om het draad van de rollen van het draadaanvoersystem aan de EURO-aansluiting te geleiden) uitsluitend
voort het lassen van staal/inox (II-B). - Gebruik een speciale aluminium-toorts. Deze toorts voor aluminium heeft een teflon mantel, om de wrijving te verminderen. Niet de mantel bij de aansluiting afknippen! Deze mantel worden gebruikt om de draad vanaf de rollen te geleiden.
- Contact-buis: gebruik een SPECIALE aluminium contactbuis die overeenkomt met de diameter van het draad.

Tijdens het gebruik van de rode of blauwe mantel (lassen van aluminium) worden aanbevolen om het accessoire 90950 (II-C) te gebruiken. Deze inox geleidingshuls zorgt voor een betere centering van de mantel en verbeterd de aanvoer van de draad.

Video
SEMI-AUTOMATISCH LASSEN CUSI EN CUAL (HARDSOLDEREN)
De AUTOPULSE is geschikt voor het階段en met CuSi en CuAl draad met een van 0,8 tot 1,2 mm.
Net zoals bij staaldraad moet er een capillaire buis geplaatst worden, en moet men een toorts met een staal-mantel gebruiken. Bij het hardsolderen
moet een puur Argon (Ar) gas gebruikt worden. Een koolstofomhulsel zonder capillaire buis kan ook worden gebruikt zoals bij aluminium.
AANSLUITING GAS
- Installer een geschikte drukregelaar op de gasfles. Sluit deze aan op het lasapparaat met de bijgeleverde slang. Bevestig de 2 klemmen om eventuele lekkages te voorkomen.
- Verzekert u zich ervan dat de gasfles goed is bevestigd, en volg nauwkeurig de aanwijzingen op voor het vastmaken van de ketting op de generator.
- Regel de gastoevoer door aan het wieljtje op de drukregelaar te draaien.
NB: om de gastroevoer eenvoudiger te konnen regelen, kunt u op de trekker van de toorts drukken om de rollen aan te drijven (wielte van de draa daanvoer iets losser draaien om zo te voorkomen dat het draad worden megetrokken). Maximale gasdruk 0.5 Mpa (5 bars).
Deze procedure is nicht van toepassing op het{lassen in de « No Gaz » module.
GEADVISEERDE COMBINATIES
| (mm) | Stroom (A) Ø Draad | (mm) Nozzle (mm) Gastroevoer (L/min) | ||
| MIG | 0.8-2 20-100 0 | 8 12 10-12 | ||
| 2-4 100-200 1 | 1.0 12-15 12-15 | |||
| 4-8 200-300 1 | 1.0/1.2 15-16 15-18 | |||
| 8-15 300-500 1 | 1.2/1.6 16 18-25 | |||
| MAG | 0.6-1.5 15-80 0 | 6 12 | 8-10 | |
| 1.5-3 80-150 0 | 8 12-15 10-12 | |||
| 3-8 150-300 1 | 1.0/1.2 15-16 12-15 | |||
| 8-20 300-500 1 | 1.2/1.6 16 15-18 |
MIG/MAG LASMODULE (GMAW/FCAW)
| Lasprocedures | ||||||
| Instellingen | Instellingen | HANDMATIC | STD DYNAMIC | PULS | COLD PULS | |
| Koppelmaterial/gas | - Fe Ar 25% CO2- ... | - | ✓ | ✓ | ✓ | Keuze van het teijken materiaal.Synergetische lasinstallingen |
| Draad diameter | Ø 0.6 > Ø 1.2 mm | - | ✓ | ✓ | ✓ | Keuze draaddiameter |
| ModulArc | OFF - ON | - | - | ✓ | ✓ | Activeert of nicht de modulatie van de lasstroom (Dubbele Puls) |
| Gebruik van detrekker | 2T, 4T | ✓ | ✓ | ✓ | ✓ | Keuze gebruik van de trekker. |
| Punt module | SPOT, DELAY | ✓ | ✓ | - | - | Keuze module punten |
| 1ste Instelling | Dikte Stroom Snelheid | - | ✓ | ✓ | ✓ | Keuze van de weg te geven hoofdinstelling (Dikte van het teijkenplaatwerk, gemiddelde lasstroom of draadsnelheid). |
| Energie | Hold Thermische coëf-ficiënt | ✓ | ✓ | ✓ | ✓ | Zie het hoofdstuk «Energie» op de volgende pagina's. |
De toegang tot sommige las-instellen hangt af van de gekozen schermweergave : Instellenen/Weergave : Easy / Expert / Geavanceerd Raadpleeg de IHM-handleiding
LASPROCEDURES
Voor meer informatatie betreffende de GYS synergieen en de lasprocedures kurz u de QR-code scannen:

PUNT MODULE
- SPOT
Met deze lasmodule kunne de te lassen onderdelen voor het lassen geassembleerd worden. Het punten kan handmatig, per trekker, of getemporiseerd gebeuren, in een van te voren gedefiniereerd ritme. Deze punt-tijd resulteert in een betere reproduceerbaarheid en het realiseren van nietgeoxideiderde punten (toegankelijk in het geavanceerde menu).
- DELAY
Deze punt-module lijkt op de SPOT, maar wisselt punten af met vooraf gedefinieree pauzes zolang de trekker ingedrukt worden gehonden.
DEFINITIE INSTELLINGEN
| Een-heid | ||
| Draadsnelheid | m/min | Hoeveelheid toegevoegd metaal en indirect de lasintensiteit en de inbranding. |
| Spanning V Invloed op de bredte | van de lasnaad. | |
| Smoorklep - Vlakt min of | meer de | lassroom af. Instelling afhankelijk van de laspositie. |
| Pre-gas | s | Duur van het zuiveren van de toorts en het creëren van een beschemmas voorafgaand aan de ontsteking. |
| Post gas s | Tijdsduur van het in stand houden van de gasbeschemming, na het uitschakelen van de lasboog. Beschermt het werkstuk en de elektrode gegen oxidatie. | |
| Dikte mm | Dankzij de synergie is een volledig automatische instelling möglichk. Het ingeven van de dikte regelt automatisch de aangepaste spanning en draadsnelheid. | |
| Stroom A | De lasstroom worden geregeld op basis van het type draad dat worden gebruikt en het te階段en materialiaal | |
| Booglengte - | Voor het aanpassen van de afstandCUSen het uiteinde van de draad en het smeltbad (afstellen van de spanning). | |
| Creep speed | % | Progressieve draadsnelheid. Voor de ontstekingkomt de draad langzaamuit de toorts om zo zonder schokken het eerste contact te creëren. |
| Hot Start % & s | De Hot Start geeft een zeer hoge stroom-intensiteit tijdens de ontsteking, die voorkomt dat de draad aan het werkstuk blijft plakken. Deze stroom worden ingesteld in intensiteit (% van de lasstroom) en in tijd (seconden). | |
| Crater Filler | % | Dit stroomiveau bij het uitdoven is de fase die volgt op het verlagen van de stroom.Deze stroom worden ingesteld in intensiteit (% van de lasstroom) en in tijd (seconden). |
| Soft Start | s | Progressief stilgen van de stroom. Om brusiske ontsteken of schokken te voorkomen worden de stroom Tussten het eerste contact en het階段en onder controle gehonden. |
| Upslope | s Progressieve stilging van de stroom. | |
| Koude stroom | % | Tweede lasstroom, genaamd «koude » stroom |
| Pulsfrequentie | Hz | Puls-frequentie |
| Duty cycle | % | In puls : contrôleert de duur van warme stroom in verhouding tot de duur van de koude stroom. |
| Downslope s Dalende stroom | ||
| Punt | s Bepaalde duur. | |
| DuurCUSen 2 punten | s | De duurCUSen het einde van een punt (buiten Post gas) en het hervatten van een neueu punt (inclusief Pre-Gas). |
| Burnback | s | Functie die het risico op het plakken van de draad aan het einde van de lasnaad voorkomt. De duur komt ove-reen met het terugtrekken van de draad uit het smeltbad. |
De toegang tot sommige instellenen hangt af van de lasprocedure (Handmatig, Standaard enz) en van de gekozen schermweergave (Easy, Expert, of Geavanceerd). Raadpleeg de IHM-handleiding
MIG/MAG LASCYCLI
Procedure 2T Standaard :

Wanneer er op de trekker gedrukt wordt, begint Pre-gas. Wanneer de draad het werkstuk aanraakt start een puls de boog op, en cervolgens begint de lascylclus. Bij het loslaten van de trekker stopt de draadaanvoer, en met een stroom-puls kan de draad netjes afgesneden worden. Daarna start de Post-gas. Zolang de Post-gas fase Niet is beeindigd, kan met een druk op de trekker het loosen snel wee (handmatig) opgestart worden, zonder eerst de HotStart-fase wee te moeten doorlopen. Een HotStart en (of) een Crater-Filler kannen aan de cyclus toegevoegd worden.
Procedure 4T Standaard :

In 4T stanaard wordt de duur van Pre-gas en Post-gas ingesteld door een waarde uitgedrukt in seconden. Hot Start en Crater Filler met de trekker.

Procedure 2T Puls :
Wanner er op de trekker gedrukt worden, begint Pre-gas. Wanner het draad het werkstuk aanraakt start een puls de boog op. Vervolgens begint het apparaat met HotStart, dan de Upslope en uiteindelijk begint de lascyclus. De Downslope begint bij het loslaten van de trekker, tot het bereiken van ICrater filler. Vervolgens worden de draad afgesneden, gevolgd door Post-gas. Net als in « Standaard » is er de mogelijkheid om snel het lessen weeer op te starten tijdens de post-gas, zonder eerst door de Hotstart fase te hoeven gaan.

Procedure 4T Puls :
In 4T puls word de duur van Pre-gas en Post-gas ingesteld door een waarde uitgedrukt in seconden. Hot Start en Crater Filer met de trekker.
ENERGIE
Module ontwikkeld voor energie-besparendleen, in het kader van het uitvoeren van een LMB. Met deze module kunt u, naast het tonen van de energetische waarden na het lassen, de thermische coefferent instellen volgens de gebruekte norm : 1 voor de normen ASME en 0.6 (TIG) of 0.8 (MMA/MIG/MAG) voor de Europese normen. In het getoonde energieverbruik worden deze coefficiert meegenomen.
PUSH-PULL TOORTS (OPTIONEEL)
| Art. code Draad | diameter Lengte Type | koelsysteme | |
| 044111 0.6 > | 1.0 mm 4 m lucht | ||
| 046283 0.6 > | 1.2 mm 8 m lucht |
Een Push-Pull toorts kan worden aangesloten op de generator met behulp van een connector (I-12). Met dit type toorts kan AlSi draad worden gebruikt, zichs met een 0.8m met een toorts met een lenghte van 8m. Deze toorts kan worden gebruikt in alle MIG-MAG las-modules. Het apparaat herkent de Push-Pull toorts na een eenvoudige druk op de trekker.
Bij gebruik van een Push-Pull toorts met potentiometer kan de lasser via de bediening de maximum waarde van het instelbereik ingeven. Met de potentiometer kan de lasserussen 50% en 100% ten opzichte van die waarde variieren.
SPOOL GUN TOORTS (OPTIONEEL)
| Art. code Draad | diameter Lengte Type | koelsystem | |
| 041486 0.6 > | 1.0 mm 4 m lucht |
Een Spool Gun toorts kan worden aangesloten op de generator met behulp van een connector (I-17). Het kan alleen worden gebruikt in synergische, standard en handmatige modus.
- In manuele modus is alleen de knop voor het instellen van de draadsnelheid op afstand op de toorts (geen instelling maybeijk op de machine-interface).
- In de synergische modus kan met de instelknop worden gewerktussen 50% en 100% van de op de HMI ingestelde waarde.
De Push-Pull zaklamp worden gedetecteerd door eenvoudig op de trekker te drukken. Voor meer details, gelieve de instructies te lezen die met de toorts juices meegeleverd.
AFWIJKINGEN, OORZAKEN, OPLOSSINGEN
| SYMPTOMEN MOGELIJKE OORZAKEN OPLOSSINGEN | ||
| De draadaanvoer is nicht constant. | Spatten verstappen de opening | Maak de contact-tip schoon of verrang deze, breng anti-hechtmiddel aan. |
| De draad worden nicht goed door de rollen mee-genomen. | Breng een anti-hechtmiddel aan. | |
| Eén van de roller draait nicht goed. | Controler de instelling van de schroef van de roller. | |
| De kabel van de toorts zit gedraaid. | De kabel van de toorts moet zo recht möglich lopen. | |
| De motor van het draadaanvoersystem verwikt Niet. | De rem van de spool of van de roller zit te strak. | Stel de rem en de roller losser af. |
| Slechte draadaanvoer. | De mantel die de draad leidt is vuil of bescha-digd. | Reinigen of verrangen. |
| De pin van de as van de roller mist Breng de pin | weer in de houder | |
| De rem van de draadspoel is te strak afges-teld. | Stel de rem losser af. | |
| Slechte of geen lasstroom. | Stopcontact en/of stekkerijken Niet correct aangesloten. | Controler de aansluiting en kijk of.dequeue cor-rect op het stroomnet is aangesloten. |
| Slechte aarding. | Controler de massa kabel (de aansluiting en de staat van de klem). | |
| Geen vermogen. Controleer de trekker van de toorts. | ||
| De draad loopt vast na de rollers. | De mantel die de draad leidt is geplet. Controleer de mantel en de toorts. | |
| De draad blokkeert in de toorts. Vervangen of schoonmaken. | ||
| Geen capillaire buis. | Controler de aanwezigheid van de capillaire buis. | |
| De snelheid van de draadaanvoer is te hoop. Verlaag de aanvoersnelheid van de draad. | ||
| De lasrups is poreus. | De gastoevoer is te laag. | Regelbereik tussen 15 en 20 L/min. Reinigen van het basismetaal. |
| De gasfles is leeg. Vervangen. | ||
| De kwaliteit van het gas is onvoldoende. | Vervangen. | |
| Tochtstroom of invloed van de wind. | Voorkom/tocht, scherm het lasgebied goed af. | |
| Gasbuis is vies. | Maak de gasbuis schoon of verrang deze. | |
| Slechte draadkwaliteit. | Gebruik een lasdraad dat geschikt is voor MIG-MAG lessen. | |
| Het las-oppervlak is van slechte kwaliteit (roest enz.) | Maak voor het loosen het werkstuk schoon. | |
| Het gas is Niet aangesloten. | Controler of het gas aangesloten is aan de ingang van de generator. | |
| Zeer grote vonkdelen. | Boogspanning is te laag of te hoop. Lasinstallingen controleren. | |
| Slechte aarding. | Controler en planta de massaklem zo damit möglich bij de laszone. | |
| Beschermgas is onvoldoende. Gastroevoer aanpassen. | ||
| Geen gas aan de uitgang van de toorts. Slechte | gasaansluiting. | Controler de aansluiting van het gas |
| Controler of de elektro-klep correct werkt | ||
| Foutijdens het downloaden | De data op de USB-stick is onleesbaar of beschadigd. | Controler uw gevevens. |
| Probleem met de back-up | U heeft het maximum aantal back-ups over-schreden. | U要去 opgeslagen programme's verwijdersen. Het,aantal back-ups is beperkt tot 500. |
| Automatisch verwijderen van JOBS. | Enkele jobs+zijn verwijderd,haar deze Niet compatibel waren met de neue synergieën. | - |
| Storing detectie Push Pull toorts - | Controler de aansluiting van uw Push Pull toorts. | |
| Probleem met de USB-stick | Geen enkele JOB gedetecteerd op de USB-stick | - |
| Geen geheugenplaats meer vrij in het apparaat | Maak ruimte vrij op de USB-stick | |
| Probleem bestand | Het File «...» komt nicht overeen met de ge-downloadnde synergieën | Het bestand isGPCREERd met synergieën dieiet aanwezig zijn op het apparaat. |
GARANTIE VOORWAARDEN
De garantie dekt alle gebreken of fabricage-fouten gedurende 2aar, vanaf de aankoopdatum (onderdelen en arbeidsloon).
- Alle andere schade als gevolg van vervoer.
- De gebruikelijke slijtage van onderdelen (Bijvoorbeeld :: kabels, klemmen, enz.).
- Incidenten als gevolg van verkeerd gebruik (verkeerde elektrische voeding, vallen, ontmanteling).
- Gebreken ten gevolge van de gebruiksomgeving (vervuiling, roest, stof).
In geval van defecten kurz u het apparaat terugsturen maar de distributeur, vergezeld van :
- een gedateerd aankoopbewijs (factuur, kassabon....)
- een beschrijving van de storing.
AVVERTENZE - NORME DI SICUREZZA
ISTRUZIONI GENERALI

* De inschakdturl is gemeten volgens de nom EN0974- 1 bij een temperstur van 42^ en bij een cyclus van 10 minutes. Bij intensief gebruik (superven aan de inschakdturl) kan de thermische beveiliging zich in werkking stalen. In dat gewaal gaat de boog ut onaat het beveiligingslampie [gaat branden. Laat het apparant aan de netspanning staan on het teilen afkoelen, total de beveiliging aafsl. Afnahenkij van de gezoon modulo, beschrift het toestel oefel een constante stroom oefel een constante spanningskaarleterstix. In somme anders worden: TCC genoedr.
Deze handleiding voor het gebruik van de interface (IHM).Maakt deeluit van de volledige documentatie. Een algemene handleiding wordtmeegeleverd met het apparaat. Lees de instructies zoals beschreibenin deze algemene handleiding en respecteer ze, in het bijzonder deveiligheidsmaatregelen!
Gebruik uitsluitend met de volgende apparaten
AUTOPULSE

Software versie
Deze handledigbing beschrijft de volgende softwareversies:
1.86
De software versie van de interface wordt getoond in het algemene menu : Informatie / MMI
Bediening van de generator
Het hoofschem toont alle benodigde informatie voor de lasprocedure voor, tijdens en na het lassen (de interface kanlicht evolueren, afhankelijk van de gekozen procedure).

(1) Naam gebruiker / traceability
(2) Drukknop n^1 : Algemene menu of Returnaar het vorigemenu
(3) Drukknop n° 2: Instellingen van de in gang zijnde procedure
(4) Navigatie-knuppen
(5) Drukknop n^3 : Instellenen
(6) Drukknop n^4 : Job of Bevestigen
(7) In gang zichnde instelligen
(8) Meten van Spanning, Stroom en Energie
Algemene menu
Het scherm van het Algemene menu worden getoond wanner het apparaat voor het eerst worden opgestart. U(Int)

Installingen (gebruiker)
Weergave modules
- Easy: beperkte weergave en functionaliteit (geen toegang tot de lascyclus).
- Expert : volledige weergave, waarmee de duur en tijd van de verschillende fases van de lascyclus+kennen worden aangepast.
- Geavanceerd : integrale weergave, waarkee alle instellingen van de lascylus konnen worden aangepast.
Taal
Keuze van de taal van de interface (Frans, Engels, Duits enz.)
Meeteenheden
Keuze weergave eenheden : International (SI) of Imperiaal (USA).
Naamgeving materialen
Europese norm (EN) of Amerikaanse norm (AWS).
Helderheid
Past de helderheid van het scherm van de interface aan (in te stellen van 1 (donker) tot 10 (zeer helder)).
Code gebruiker
Personaliseren van de toegangscodes voor de gebruikers, om zo hun eigengessies te konnen vergrendelen (Standard 0000).
Tolerantie I (stroom)
Tolerantie instelling stroom :
OFF: vrijestelling, deinstalling van de stroom is Niet gelimiteerd.
± 0A : geen enkele tolerantie, de stoom is vastbezet.
± 1A > ± 50A : interval waarvoorde gebruiker de stroom kan variieren.
Tolerantie U (spanning)
Tolerantie instelling spanning :
OFF : vrijestilling, deinstelling van de spanning is Nietgelimiteerd.
± 0.0V : geen enkele tolerantie, stroom vastbezet.
± 0.1V > ± 5.0V : interval waaroor de gebruiker de spanning kan variieren.
Tolerantie (snelheid draad)
Tolerantie instelling slelheid draad (m/min) :
OFF: vrijestelling, de draadsnelheid is Niet gelimiteerd.
± 0.0m / min : geen enkele tolerantie, draadsnelheid vastgezet.
± 0.1m / min > ± 5.0m / min : interval instelling waarvoord de gebruiker de draadsnelheid kan variieren.
Systeem
Naam van het apparatus
Informatie betreffende de naam van het apparaat en de möglichkheid om deze te personaliseren met een druk op / de interface.
Klok
Instellen tijd, datum en formaat (AM / PM).
Reset
Reset van de instelleningen van het apparatus :
- Gedeeltelijk : standard waarde van de actieve lasprocedure.
- Totaal : alle geevens betreffende de instellenen van het apparaat zullen worden geseset en teruggebracht waar de fabriekswaarden.
Vergrendeling
Mogelijkheid tot vergrendeling van de interface van het apparaat, om zo de lopende klus te beveiligden en onbedoelde wijzigingen te voorkomen. De instellenen können worden gewijzigd, met als limiet de door u gekozen tolerancies in het menu Instellenen (zie vorige pagina). Alle andere functies zijn nicht toegankelijk.
Om de interfac te ontgrendelen drukt u op drukknop n° 1 en geeft u uw gebruikerscode van 4 cijfers in (Standaard 0000).
Gebruikers
De gebruikersmodule maakt het möglichk om het product met meerde personen te delen. Wanner het product de eerste keer worden opgestart staat het in de Admin module. De administrateur kan verschillende gebruikers creeren. Ledere gebruiker heeft een eigien instellenen (module, afstelling, procedure, JOBs....), deze kuren Niet worden gewijzigd door een andere gebruiker. Ledere gebruiker heeft een eigien, persoonlijke toegangscode met 4 cijfers nodig om met de generator te konnen werkken.
- De administrateur heeft toegang tot het algemene menu.
- De gebruiker heeft toegang tot een vereenvoudigde interface. Hij heeft nicht de möglichkheid om elementen te verwijderen (Traceability, Jobs, Gebruikersprofielen enz).
Interface configureren gebruikers (uitsluitend toegankelijk voor de administrateur).
Het linkergedeelte van het scherm toont de gebruikers. De administrateur heeft de möglichkheid om de gebruikers te sorteren op naam of datum, met een korte druk op de drukknop n° 2. Met een langere druk op deze knop kannen een of meerdere actieve gebruikers verwijderd worden (de Admin kan nicht verwijderd worden).
Het rechter gedeelte van het scherm toont de details van alle erder gecreerde gebruikers met de volgende informatie :Avatar, Naam, N° team en Tolerantie (%).
Het creeren van een gebruikersprofili
Druk op de drukknop n^3 voor het creeren van een gebruikers.
- User: Personaliser de naam van de gebruiker met een druk op de drukknop n° 3.
-Avatar:Keuze van de kleur van de avatar van de gebruiker
- Team : Toekennen van het teamnummer (maximaal 10)
- Code gebruiker : persoonlijke toegangscode (Standaard 0000)
- Tolerantie stroom I :
OFF : vrijestalling, deinstelling van de stroom is Niet gelimiteerd.
± 0.0A : geen enkele tolerantie, de stroom is vastbezet (wordt Niet aanbevolen).
± 0.A > ± 50A : interval waarvoord de gebruiker de stroom kan variieren.
- Tolerantie spanning U :
OFF : vrijestelling, deinstelling van de spanning is Niet gelimiteerd.
± 0.0V : geen enkele tolerantie, de spanning is vastgezet (wordt Niet aanbevolen).
± 0.1V > ± 5.0V : interval waarvoord de gebruiker de spanning kan variieren.
- Tolerantie draadsnelheid (m/min):
OFF: vrijestelling, de draadsnelheid is Niet gelimiteerd.
± 0.0m / min : geen enkele tolerantie, de draadsnelheid is vastgezet (wordt Niet aanbevolen).
± 0.1m / min> ± 5.0m / min : interval instelling waarvoor de gebruiker de draadsnelheid kan variieren.
Voor de gebruiker die ook «Admin» is, ist het wijzigen van de naam en de avatar Niet möglich.
Wijzigen van een gebruikersprofiel
Kies de gebruiker in het linkergedeelte van het scherm en druk op de drukknop n° 4.
Keuze van de gebruikers
Als er een (of meerdere) gebruiker(s) zich gecreer, toont het blok alle gebruikers die het apparaat kent.
Kies de gewenste gebruiker en druk om je bevestigen. Er za nu een ontgrendelingscode worden gesvraagd.
Met de functie «Sluiten» kunt u het apparaat vergrendelen voor de keuze van gebruikers, geen enkele instelling is toegankelijk. Deze weergave is identiek wanner het apparaat worden aangezet (schakelaar OFF -> ON).
Tonen van de gebruiker
Linksboven aan het scherm worden de huidige avatar en gebruikersnaam getoond.
Vergrendel code
leder gebruikersprofiel worden beschermd door een persoonlijke code van 4 cijfers. Wanneer de persoonlijke code nicht is ingesteld, is deze standard 0000. Na drie foute pogingen za het apparaat blokkeren en een ontgrendel-code vragen. Deze code, die bestaat uit 6 cijfers, kan nicht worden gewijzigd en is : 314159.
Traceability
Met deze interface-besturing kunnen alle stappen van een lasoperatie tijdens industrielle processen, rups na rups, worden getraceerd en geregistreeid. Dankzij deze kwalitatieve benadering kunnen er analyses en evaluaties van de kwaliteit van het laswerk gerealiseerd worden, en is het möglichk een rapport en documentatie van de opgeslagen las-instellen te make. Met deze functie kurz u, in het kader van de norm EN ISO 3834, zeer precies en nsl gevevens opvragen en opslaan. Deze gevevens kunnen weeorden opgeslaan op een USB stick.
1 - Start - Creeren van traceability
- Personaliseer de naam van de klus met een druk op de drukknop n° 3.
- Meet-interval :
-
Hold De waarden Stroom/Spanning worden nicht geregisteerd (gemiddelde over de lasnaad)ijdens het loosen.
-
250 ms, 500 ms, enz.: Opslaan van de waarden Stroom/Spanning (gemiddelde over de lasnaad)ijdere «X» milliseconden of secondenijdens hetijken.
Opties-OFF:eenvoudige traceability
- Opties - ON : volledige traceability
Teller Passages (ON/OFF)
Teller Lassen (ON/OFF)
Temperatuur (ON/OFF): Temperatuur van het te lassen onderdeel aan het begin van de lasnaad.
Lengte (ON/OFF): Lengte van de lasnaad (de meet-eenheden zullen worden getoondaar gelang de gedefi-nieerde keuze in Instellingen /Meeteenheden).
Variabel : maakt het möglichk om extra persoonlijke informatie toe te voegen (gewicht, opmerkingen, draadsnelheid enz)
Druk op om de traceability functie de activeren.
Tonen van de traceability
Linksboven op het scherm worden de naam van de klus en het n^ van de lasnaad getoond (het n^ van de lasnaad is automatisch en kan nicht worden gewijzigd).
Identificatie - Opties ON
Aan het eind van iedere lasnaad verschijnt een identificatie-venster : N° passage, N° Lassen, Temperatuur van het te lessen onderdeel en/of de lenghte van de lasnaad.
Bevestigen
Het bevestigen kan plaatsvinden op de IHM of met een druk op de trekker van de toorts.
Stop - Stop de traceability
Om de traceability functie te stoppen moet de gebruiker terugkeren hier het bloc Traceability en «Stop» kiezen.
Exporteren
De informatatie kan worden overgebracht met behulp van een USB stick.
De gegevens .CSV können worden verwerkt in een spreadsheet (Microsoft Excel®, Calc OpenOffice®, enz.).
De naam van het file is gelinkt aan de naam en het serie n^ van het apparaat.
2 - Start - Instellen van de traceability
Het linkergedeelte van het scherm toont de reeds gecreerde klussen.
De gebruiker heeft de mogelijkheid om deze klussen te sorteren op naam of datum, met een korte druk op de druk-knop n^2 . Met een lange druk op deze knop kan de gebruiker de huidige klus of alle klussen deleten.
Op het rechter gedeelte van het scherm worden de details van alle voorgaande klussen getoond, met de volgende informatie : meetfrequentie, aantal gereigsteerde lasnaden, totale lasduur, geleverde las-energie, instelling van iedere lasnaad, (procedure, datum en tijd, lasduur en U-I van het lassen).

Rec
Het creeren van traceability (zie vorige paragraaf)
Lanceer de traceability van de in gang zijnde klus
Portability
Import Config.
Overzeten van de instelling van een apparaat vanaf een USB-stick (repertoire : USB stick\Portability\Config) maar het apparaat. Met een langere druk op kunt u de instelingen van de USB-stick deleten.
Export Config.
Exporteren van de instelling van het apparaat waar de USB-stick ( repertoire : USB stick\Portability\Config).
Import Job
Importeren van Jobs volgens de procedures aanwezig onder het repertoire USB-stick\Portability van de USB stick waar het apparaat.
Export Job
Exporteren van Jobs van het apparaat waar de USB stick volgens de procedures (repertoire : USB stick\Portability\Job) Waarschuwing : de vorige jobs van de USB stick hunnen gedelete worden.
Om verlies van gevevensijdens het importeren of exporteren ervan te voorkomen, moet u de USB stick Niet verwijderen en het apparaat Niet uitschakelenijdens de procedure. De naam van het file is gelinkt aan de naam en het serie n^ van het apparaat.
Kalibratie
Kalib. Snelheid
Functie kalibreren van de slelheid van het draadaanvoersysteme. Het doel van het kalibreren : het compenseren van eventuele variatie in slelheid van de draadaanvoer. De getoonde spanningsmeting kan worden bijgesteld en de energie-berekening worden verfijnd. Wanner de procedure gelanceerd worden, worden deze uitgelegd aan de hand van een animatiefilmpe op het scherm.
Het kalibreren van de slelheid van de draadaanvoer moet periodiek plaatsvinden, om zo algijd een optimale laskwaliteit te garanderen.
Informatie
Gegevens configuratie van de componenten van het apparaat :
- Model
- Serienummer
- Naam van het apparatus
- Software versie
- Gebruekte Job en synergieen
Met een druk op een willekeurige drukknop kurz u het informatie-blok verlaten.
Opslaan en oproepen van jobs
Toegankelijk via het icoon «JOB» op het hoofdschem.
De in gebruik zijnde instellenen worden automatisch opgeslagen, en wee opgeroepen wonneer het lasapparaat opnieuw opgestart worden.
Naast de in gebruik zijnde instellenen is het möglichk om instellen genaamd « JOBS » op te slaan en weer op te roepen. Er zijn 500 JOBS beschikbaar voor de MIG/MAG en TIG procedure, en 200 voor de MMA procedure. Het geheugen is ge-baseerd op de instellenen van de in gebruik zijnde procedures en instellenen en het profiel van de gebruiker.
Job
Met deze module JOB konnen JOBS gecreerd, opgeslagen, wee opgeroepen en verwijderd worden.
Quick Load - Oproepen van JOBS met de trekker buiten het階段 om.
De Quick Load is een module waarmee JOBS konnen worden opgeroepen (20 max). Dit is enkel möglichk in de MIG-MAG en TIG procedure.
Vanuit een Quickload lijst, bestaande uit erder gecreerde JOBS, kannen de JOBS met een korte druk op de trekker weer opgeroepen worden. Alle trekkermodules en lasmodules zich möglichk.
Error codes
De volgende tabel toont een (niet complete) lijst met meldingen en error codes die op uw apparaat konnen verschijnen.
Voer eerst de beschreiben controles uit, voordat u een beroep doet op een door GYS erkende technicus.

Wanneer de lasser het apparaat moet openen, moet eerst de stroom worden afgesloten en de stekker uit het stopcontact worden gehaal. Daarna nog minstens 2 minuten wachten alvorens het apparaat te openen.
| Codes storing | Meldingen Oplossingen | |
| 001 | STORING OVERSPANNING Controleer de elektrische installmentie | Laat uw elektrische installmentie nakijken door een gekwalificeerde persoon. |
| 002 | STORING ONDERSPANNING Controleer de elektrische installmentie | |
| 005 Fout | in de aarding | Aanwezigheid van stray voltage. Controleer de bekabeling van het accessoires van het lasapparaat (toorts, massaklem, elektrode-hou-der enz). |
| 010 | GENERATOR Thermische beveiliging | Wacht enkele minuten totdat de generator is afgekoeld. Waarschuwing : let er op dat de aanbevolen inschakelduur voor de gebruekte lasstroom Niet worden overschreden. Verzekert u zich ervan dat de ingangen en de uitgangen nicht zijn geblokkeerd. Installer het anti-stof filter (art. code 063143). Waarschuwing : het anti-stof filter reducert de inschakelduur. |
| 011 | Ventilator Storing ventilator | Haal de stekker uit het stopcontact en controller of de ventilator net geblokkeerd is. |
| 012 | TREKKER Een trekker is ingedrukt | Verwijder de toorts en controller of de melding blijft verschijnen. Controller of de schakelaar «Zuiveren gas / Draadaanvoer» nicht geblokkeerd is. Controller of de trekker van de MIG/MAG toorts net geblokkeerd is. |
| 015 | MOTOR Onmogelijk om de gezvraagde slelheid te be-reiken | Controller de druk op de aandrijfrollen van het draadaanvoer-systeme. Controller of het draad Niet geblokkeerd is in de mantel van de toorts. Voer een kalibratie uit van de slelheid van het draadaanvoersysteme (Menu «Kalibratie») |
| 019 | Overladen, Controller uw instellingen Druk op de trekker en LAST wee ter los om te wissen | Controller de instellenen van de generator en de installatione (draad, rollers, gas, toorts enz) Indien het probleem voortduurt要去 u een update uitvoeren (Via Planet GYS) |
| 020 | Probleem met het opstarten van het階段en Controller uw lasinstellenen Druk op de trekker en LAST wee ter los om te wissen | Controller de instellenen van de generator en de installatione (draad, rollers, gas, toorts enz) Indien het probleem voortduurt要去 u een update uitvoeren (Via Planet GYS) |
| 024 | Overladen USB Koppel uw USB af | Vergang de USB stick. |
| - | Intern system error. Start uw apparaat opnieuw op | Schakel het apparaat uit en daarna wat aan. Indien het probleem voortduurt要去 u een update uitvoeren (Via Planet GYS) |
| - Error tijdens het kalibreren van de motor | Voer opnieuw een kalibratie uit van de slelheid van het draa-daanvoersysteme (Menu «Kalibratie») | |
| - Error tijdens het kalibreren. Voer opnieuw een kalibratie uit van de laskabels (Menu «Kalibratie») | ||
| - Geen geheugenplaats meer vrij in het apparaat Verwijder | Jobs, om zo ruimte vrij te makein uw interne geheugen. | |
| - File %s Niet geaccepteerd Err %d Toch doorgaan ? | De data op de USB-stick is onleesbaar of beschadigd. Controller uw gevevens. | |
| - Onmogelijk om gezevens op de USB stick op te slaan | Maak ruimte vrij op de USB-stick Indien het probleem aanhoudt要去 u de USB stick verrangen. | |
| - Aantal toegestane pogingen overschreden Toegangscode gezvraagd | Geef de toegangscode in : 314159 | |
| - Gebruikerscode ont geldig | De persoonlijke code werkt nicht, geef de juiste code in. De standard code is 0000. | |
Als er een nicht vermelde error code verschijnt, of als uw problemen voortduren,kest u contact opnemen met de after salesdienst van GYS.
Waarschuwingsiconen (Warning)
De waarschuwingsiconen rechtsboven op het scherm given u informatatie betreffende uw apparaat.
| Waar-schuwing-sicon | Betekenis |
| DEMO | Demonstratie module. Hetijken is nicht actief. Controlleruw elektrische installment (netspanning). |
| De batterij van het bedieningspaneel is bijna leeg. Vervang de batterij (CR2032) en stel datum enarend in (Systeel / Klok). | |
| De ventilator draait Niet op de juiste snugheid. Controller de staat van de ventilator. |
SimpelGids