Kärcher IB 740 Classic - Stoomreiniger

IB 740 Classic - Stoomreiniger Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis IB 740 Classic Kärcher in PDF-formaat.

📄 308 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Kärcher IB 740 Classic - page 45

Download de handleiding voor uw Stoomreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IB 740 Classic - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IB 740 Classic van het merk Kärcher.

GEBRUIKSAANWIJZING IB 740 Classic Kärcher

  • Prodotto: Apparecchio di sabbiatura con ghiaccio secco Modello: 1.574-xxx Direttive UE pertinenti 2011/65/EU 2006/42/CE (+2009/127/CE) 2014/30/UE 2009/125/EG + 2009/1781 Norme armonizzate applicate EN 55014–1: 2017 + A11: 2020 EN 55014–2: 2015 EN 60204–1 EN 61000–3–2: 2014 EN 61000–3–3: 2013 EN IEC 63000: 2018 EN 62233: 2008 Norme nazionali applicate GS-STE-13 (in aggiunta) Chairman of the Board of Management Director Regulatory Affairs & Certification 44 IT- 1 Lees vóór het eerste gebruik van uw apparaat deze originele gebruiksaanwijzing, ga navenant te werk en bewaar hem voor later gebruik of voor een latere eigenaar. Aanwijzingen betreffende de inhouds- stoffen (REACH) Huidige informatie over de inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.com/REACH Het apparaat mag uitsluitend bediend wor- den door personen die de gebruiksaanwij- zing gelezen en begrepen hebben. In het bijzonder moeten alle veiligheidsinstructies in acht genomen worden. Deze gebruiksaanwijzing zo bewaren dat ze op elk tijdstip ter beschikking staat van de bediener. Gevaar Voor een onmiddellijk dreigend gevaar dat leidt tot ernstige en zelfs dodelijke lichame- lijke letsels. 몇 Waarschuwing Voor een mogelijks gevaarlijke situatie die zou kunnen leiden tot ernstige en zelfs do- delijke lichamelijke letsels. Voorzichtig Voor een mogelijks gevaarlijke situatie die kan leiden tot lichte lichamelijke letsels of materiële schade. Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende droogijsbrokjes. Spuitpistool niet op perso- nen richten. Derden verwijdern van de ge- bruiksplaats en ervoor zorgen dat tijdens de werking geen persoon in de buurt kun- nen komen (bijv. door afsluiting). Tijdens de werking de sproeier niet aanra- ken of niet in de droogijsstraal grijpen. Gevaar Verstikkingsgevaar door kooldioxide. De droogijsbrokjes bestaan uit vaste kooldioxi-de. Bij de werking van het apparaat stijgt het kooldioxidegehalte in de lucht op de plaats van gebruik. Werkplaats voldoende verluchten, indien nodig een waarschu-wingstoestel gebruiken. Symptomen van hoge kooldioxideconcentratie in de adem: – 3 p. 5
  • %: hoofdpijn, hoge ademfrequen- tie. – 7 %: hoofdpijn, braakneigingen, eventueel bewusteloosheid. Bij het optreden van die symptomen het ap- paraat onmiddellijk uitschakelen en naar buiten gaan, bij de verderzetting van het werk de verluchtingsmaatregelen verbete- ren of een beademingstoestel gebruiken. Kooldioxide is zwaarder dan lucht en ver- zamelt zich in nauwe ruimtes, dieper gele- gen ruimtes of in gesloten reservoirs. Letten op voldoende ventilatie van de werk- plek. Veiligheidsgegevensblad van de droogijs- fabrikant in acht nemen. Gevaar Verwondingsgevaar door elektrostatische ontladingen, beschadigingsgevaar voor elektronische componenten. Bij het reini- gen kan het reinigingsobject elektrisch ge- laden worden. Reinigingsobject elektrisch aarden en aarding tijdens het volledige rei- nigingsproces behouden. Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok. Voor het openen van de schakel- kast de stroomstekker uit het stopcontact trekken. Gevaar Gevaar van brandwonden door droog ijs. Droog ijs heeft een temperatuur van -79 °C. Droog ijs en koude onderdelen van het apparaat nooit onbeschermd aanraken. Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende droogijsbrokjes of vuildeeltjes. Goed aan- sluitende veiligheidsbril dragen. Gevaar van gehoorschade. Oorbescher- ming dragen. Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende droogijsbrokjes of vuildeeltjes. Veiligheidshandschoenen conform EN 511 en veiligheidskledij met lange mouwen dragen. Gevaar Verwondingsgevaar door elektrische schok. Voor het openen van de schakel- kast de stroomstekker uit het stopcontact trekken. Gevaar Verwondingsgevaar door onbedoeld star- ten van het apparaat. Voor werkzaamhe- den aan het apparaat de stroomstekker uit het stopcontact trekken. Gevaar Gevaar van brandwonden door droogijs of koude onderdelen van het apparaat. Bij werkzaamheden aan het apparaat geschik- te veiligheidskledij voor koude dragen of droog ijs verwijderen en apparaat laten op- warmen. Droog ijs nooit in de mond nemen. 몇 Waarschuwing Ongevalgevaar door reactiedruk van het spuitpistool. Voor het bedienen van de hen- del van het spuitpistool een veilige stand- plaats zoeken en het spuitpistool goed vasthouden. Inhoudsopgave Zorg voor het milieu p. 10
  • NL Veiligheidsinstructies p. 1
  • NL Reglementair gebruik p. 1
  • NL Functie p. 2
  • NL Bedieningselementen p. 2
  • NL Inbedrijfstelling p. 2
  • NL Bediening p. 3
  • NL Buitenwerkingstelling p. 4
  • NL Vervoer p. 6
  • NL Opslag p. 6
  • NL Onderhoud en reparatie p. 6
  • NL Hulp bij storingen p. 6
  • NL Technische gegevens p. 7
  • NL Accessoires NL . 10 Garantie NL . 10 EU-conformiteitsverklaring . NL . 10 Zorg voor het milieu Het verpakkingsmateriaal is herbruikbaar. Deponeer het verpakkingsmateriaal niet bij het huishoudelijk afval, maar bied het aan voor hergebruik. Onbruikbaar geworden appa- raten bevatten waardevolle materialen die geschikt zijn voor hergebruik. Lever de ap- paraten daarom in bij een inza- melpunt voor herbruikbare materialen. Batterijen, olie en dergelijke stoffen mogen niet in het milieu belanden. Verwij- der overbodig geworden appa- ratuur daarom via geschikte inzamelpunten. Veiligheidsinstructies Gevarenniveaus Symbolen op het apparaat Algemene veiligheidsinstructies 45NL- 2 p. 9

Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende voorwerpen. Lichte reinigingsobjecten fixe- ren om te verhinderen dat het met de droogijsstraal meegesleurd wordt. 몇 Waarschuwing Het apparaat niet gebruiken als er zich an- dere personen binnen bereik bevinden, tenzij ze veiligheidskledij dragen. Het apparaat niet gebruiken wanneer een aansluitkabel of belangrijke onderdelen van het apparaat beschadigd zijn, bv. vei- ligheidsinrichtingen, hogedrukslangen, spuitpistolen. Gevaar voor bekneld raken door het do- seerapparaat. Vóór het verwijderen van de schutplaat in het droogijsreservoir absoluut de stekker van het apparaat uit het stop- contact trekken. Voor het gebruik van de installatie in de Bondsrepubliek Duitsland gelden de vol- gende voorschroften en richtlijnen (verkrijg- baar via Carl Heymanns Verlag KG, Luxemburger Straße 449, 50939 Keulen): – BGV D 26 Spuitwerkzaamheden – Uitvoeringsinstructie bij BGV D 26 – BGR 117 Werken in kleine ruimten – BGR 189 Gebruik van veiligheidskledij – BGR 195 Gebruik van veiligheidshand- schoenen – BGR 500 Werken met straalapparaten – BGI 534 Werken in kleine ruimten – BGI 836 Gasverwarmers Wanneer de noodstopknop wordt inge- drukt, stopt de droogijsdosering en wordt de luchtstroom uit de sproeier onderbro- ken. Hendel van het spuitpistool loslaten. Noodstopknop indrukken. De droogijsdosering wordt stilgelegd en de luchtstroom uit de sproeier wordt onderbro- ken. Luchtdruktoevoer onderbreken. Het apparaat dient voor het verwijderen van verontreinigingen met droogijsbrokjes die versneld worden door een luchtstraal. Het apparaat mag niet in een explosiege- vaarlijke omgeving gebruikt worden. Als straalmiddel mogen alleen droogijs- brokjes gebruikt worden. Het gebruik van andere straalmiddelen kan leiden tot een beschadiging van het apparaat. Luchtdruk komt via een reduceerklep in het spuitpistool. Bij het bedienen van de hendel van het spuitpistool gaat de klep open en komt de luchtstraal uit het spuitpistool. Te- vens worden droogijsbrokjes via het do- seerapparaat in de luchtstraal gedoseerd. Bij de versie „IB 7/40 Advanced“ kan de toevoeging van droogijsbrokjes aan het spuitpistool uitgeschakeld worden. De droogijsbrokjes knallen tegen het te reini- gen oppervlak en verwijderen het vuil. Door de koude droogijsbrokjes van -79 °C ont- staan bijkomend warmtespanningen tus- sen vuil en reinigingsobject die eveneens bijdragen tot het losmaken van het vuil. Verder gaat het droogijs bij de aanraking met het oppervlak onmiddellijk over tot gas- vormige kooldioxide waardoor het het 700- voudige volume dekt. Vuil dat door het droog ijs werd aangetast, wordt op die ma- nier weggeschoten. Tijdens de spuitwerking zorgt een vibrator aan het droogijsreservoir voor de continue aanvulling van de droogijspellets. 1 Duwbeugel 2 Deksel droogijsreservoir 3 Houder voor spuitpistool 4 Opbergvak voor toebehoren 5 Bedieningsveld 6 Koppeling stuurleiding 7 Aardingskabel met klem (alleen IB 7/ 40 Advanced, optie bij IB 7/40 Classic) 8 Koppeling straalmiddel-slang 9 Zwenkwiel met parkeerrem 10 Transportgreep, botsbeschermings- beugel 11 Droogijs-uitvoer voor lediging van het reservoir 1 Kabelhouder 2 Stroomkabel met stekker 3 Drukontlastklep, condensaatlediging van de waterafscheider 4 Luchtdrukaansluiting 5 Condenswaterafvoer 6 Zekering F1, onder de zijbekleding 1 Toets Statistiek, teller resetten 2 Toets Lediging droogijsreservoir 3 Display 4 Toets Straaldruk verhogen 5 Toets Straaldruk verlagen 6 Toets Droogijsdosering verhogen 7 Toets Droogijsdosering verlagen 8 Apparaatschakelaar 9 Noodstopknop 10 Sleutelschakelaar Voorschriften en richtlijnen Veiligheidsinrichtingen Noodstopknop Uitschakelen in noodgevallen Reglementair gebruik Functie Bedieningselementen Apparaat Bedieningsveld 46 NL- 3 1 Controlelampje Stuurspanning groen: Stuurspanning ok rood: Stuurspanning te laag geel: Lediging droogijsreservoir actief 2 Controlelampje Noodstop rood: Noodstopknop bediend groen: Noodstopknop niet bediend 3 Controlelampje Perslucht groen: Druk ok oranje: geselecteerde straaldruk niet bereikt rood: Druk te laag (beneden 0,15 MPa/ 1,5 bar) 4 Controlelampje Doseerapparaat groen: Aandrijving ok rood: Storing aan de aandrijving 5 Controlelampje Spuitpistool groen: Spuitpistool ok oranje: Hendel van de spuitpistool tij- dens het inschakelen bediend rood: Spuitpistool verwijderd of stuurlei- ding beschadigd 6 Weergaveveld 1 Sproeier 2 Spuitpistool 3 Hendel 4 Beveiligingsknop 5 Koppeling straalmiddel-slang 6 Koppeling stuurleiding Alleen bij IB 7/40 Advanced: 7 Toets Droogijsdosering aan/uit Brandt rood bij uitgeschakelde droogijs- dosering 8 Toets Droogijsdosering verhogen 9 Toets Straaldruk verhogen 10 Toets Straaldruk verlagen 11 Toets Droogijsdosering verlagen Gevaar Gevaar voor verwonding door rondvliegen- de droogijspellets. Bij het gebruiksklaar maken van het appa- raat alle samenstellende delen, vooral de straalmiddelslang controleren, of ze in een staat volgens de voorschriften verkeren. Beschadigde delen door correcte vervan- gen. Vervuilde delen reinigen en controleren, of ze volgens de voorschriften werken. Apparaat op een horizontaal, effen op- pervlak plaatsen en parkeerrem van de stuurrollen blokkeren. Spuitmiddelslang met het apparaat ver- binden en beveiligen. Spuitpistool met de spuitmiddelslang verbinden en beveiligen. Stuurleiding met het apparaat verbin- den. Stuurleiding met het spuitpistool verbin- den. Waarschuwing De selectie van de sproeier is afhankelijk van het materiaal van het reinigingsobject en de verontreiniging. Alle sproeiers worden zonder werktuig op de schroefdraad van het spuitpistool ge- schroefd. De op de sproeier aangebrachte sleutelvlakken dienen voor het losmaken van vastzittende sproeiers met een platte sleutel. Gevaar Gevaar voor letsels door onbedoeld star- tend apparaat. Vóór het vervangen van de sproeier apparaat uitschakelen. 몇 Waarschuwing Gevaar voor letsels door aanraken van koude sproeier. Sproeier voor het aanra- ken laten opwarmen of veiligheidshand- schoenen dragen. Voorzichtig Gevaar vankoudlassen. Sproeierschroef- draad voor de montage met het bijgevoeg- de vet bestrijken. Afgezien van de meegeleverde vlakke straalsproeier zijn er verdere vlakke en ron- de straalsproeiers in verschillende uitvoe- ringen als toebehoren verkrijgbaar. 1 Ronde straalsproeier, kort 2 Ronde straalsproeier, lang 3 Vlakke straalsproeier, kort 4 Vlakke straalsproeier, lang, in de leve- ringsomvang 5 Ronde straalsproeier, gebogen, met rubberen armatuur 6 Vlakke straalsproeier, gebogen, met rubberen armatuur Sproeier op het schroefdraadstuk van het spuitpistool plaatsen en met de hand aanspannen. De scrambler verkleint de droogijsbrokjes en wordt ttussen het spuitpistool en de sproeier gemonteerd. De uitrichting van de 4 geperforeerde pla- ten in de scrambler legt de verbrijzelings- graad vast. Verbrijzelingsgraad selecteren: 1 Schroefsluiting 2 Magazijn 3 Geperforeerde plaat Display Spuitinrichting Inbedrijfstelling Sproeiers Straalsproeiers Scrambler (toebehoren) 47NL- 4 Schroefverbinding losdraaien. Magazijn met geperforeerde platen uit- nemen. Geperforeerde platen als boven aange- geven in het magazijn rangschikken (3 mogelijkheden). De aangegeven maten op de afbeelding hebben betrekking tot de afmeting van de openingen. Plaats het magazijn met de geperfo- reerde platen in de scrambler. Schroefverbinding aanbrengen en vast- zetten. Tussen spuitpistool en sproeier kan een verlenging geplaatst worden. De handgreep kan aan het verlengstuk worden bevestigd. De werkverlichting wordt tussen het spuit- pistool en de sproeier aangebracht. Het in- en uitschakelen is in het hoofdstuk "Bedie- ning/basisinstellingen" beschreven. Waarschuwing Voor een storingsvrije werking moet de luchtdruk een laag vochtigheidsgehalte (maximum 5% relatieve luchtvochtigheid, dooipunt onder 0°C) vertonen. De pers- lucht moet vrij zijn van olie, vuil en vreemde voorwerpen. De perslucht moet droog en vrij van olie zijn, achter de compressor moet tenminste een nakoeler en een afscheider gescha- keld zijn. Drukontlastklep sluiten. Perslucht-toevoerleiding aan de pers- luchtaansluiting van het apparaat aan- sluiten. De maximaal toegestane toevoerdruk van 1MPa (10 bar) mag niet worden overschreden. Gevaar Gevaar door elektrische schok. Het gebruikte stopcontact moet geïnstal- leerd worden door een electricien en moet voldoen aan IEC 60364-1. Het apparaat mag enkel aangesloten wor- den aan een stroomvoorziening met aar- ding. Het gebruikte stopcontact moet makkelijk toegankelijk zijn en zich 0,6 tot 1,9 m bo- ven de vloer bevinden. Het gebruikte stopcontact moet binnen het zichtbereik van de bediener staan. Het apparaat moet beveiligd zijn door een FI-veiligheidsschakelaar van het type B, 30 mA. Stroomleiding van het apparaat voor elk gebruik controleren op beschadigingen. Apparaat met een beschadigde stroomka- bel niet gebruiken. Beschadigde kabel door electricien laten vervangen. Het verlengsnoer moet een IPX4-bescher- ming garanderen en de kabeluitvoering moet minstens overeenkomen met H 07 RN-F 3G1,5. Netstekker in het stopcontact steken. Gevaar Gevaar van brandwonden door droog ijs. Droog ijs heeft een temperatuur van -79 °C. Droog ijs en koude onderdelen van het ap- paraat nooit onbeschermd aanraken. Vei- ligheidshandschoenen en veiligheidskledij dragen. Deksel droogijsreservoir openen. Droogijsreservoir op vreemde voorwer- pen en condensaat controleren, vreem- de voorwerpen en condensaat verwijderen. Droogijsbrokjes in het reservoir vullen. Voorzichtig Beschadigingsgevaar voor het apparaat. Als spuitmiddel mogen alleen droogijsbrok- jes gebruikt worden. Het gebruik van ande- re spuitmiddelen leidt tot het verval van de garantie. Deksel droogijsreservoir sluiten. Waarschuwing Om storingen door samensmelten van droogijspellets te vermijden, is het zinvol de inhoud van het droogijsreservoir volledig te verbruiken vooraleer nieuw droogijs gevuld wordt. Voor langere werkonderbrekingen moet het apparaat worden gebruikt tot het droogijsreservoir leeg is of het reservoir met de functie Droogijslediging worden ge- leegd. Instructie De instellingen zijn afhankelijk van het ma- teriaal van het reinigingsobject en de ver- ontreiniging. Noodstopknop door draaien ontgrendelen. Apparaatschakelaar op „I“ stellen. Sleutelschakelaar met de wijzers van de klok draaien. Straaldruk met de toetsen Straaldruk verhogen/verlagen instellen. Instructie Hoe hoger de ingestelde spuitdruk, hoe ho- ger (agressiever) de reinigingswerking. Droogijsdosering met de toetsen Droogijsdosering verhogen/verlagen in- stellen. Sleutelschakelaar tegen de wijzers van de klok in draaien en sleutel uitnemen. Door het automatische sluiten van het sleutelgat wordt vervuiling tijdens de werking voorkomen. Bij uitgenomen sleutel is het apparaat tegen verstellen van de instellingen en resetten van de statistische waarden beveiligd. Onderhoudswerkzaamheden „dagelijks voor het bedrijfsbegin“ uitvoeren (zie hoofdstuk „Onderhoud en instandhou- ding“). Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende droogijsbrokjes. Spuitpistool niet op perso- nen richten. Derden verwijdern van de ge- bruiksplaats en ervoor zorgen dat tijdens de werking geen persoon in de buurt kun- nen komen (bijv. door afsluiting). Tijdens de werking de sproeiopening niet aan- raken of niet in de droogijsstraal grijpen. Voor het scheiden van de verbinding tus- sen spuitpistool en spuitmiddelslang en tussen spuitmiddelslang en apparaat zeker de luchtdruktoevoer afsluiten, het apparaat drukvrij maken en de stroomstekker uit het stopcontact trekken. Werkbereik afzetten om de toegang van personen tijdens de werking te ver- hinderen. Sproeierverlenging (toebehoren) Handgreep (toebehoren) Werkverlichting (accessoires) Luchtdruk aansluiten Netaansluiting opbouwen Bediening Droog ijs vullen Instellingen Gebruik 48 NL- 5

Gevaar Verstikkingsgevaar door kooldioxide. De droogijsbrokjes bestaan uit vaste kooldioxi- de. Bij de werking van het apparaat stijgt het kooldioxidegehalte in de lucht op de plaats van gebruik. Werkplaats voldoende verluchten, indien nodig een waarschu- wingstoestel gebruiken. Symptomen van hoge kooldioxideconcentratie in de adem: – 3...5%: hoofdpijn, hoge ademfrequentie. – 7...10%: hoofdpijn, braakneigingen, eventueel bewusteloosheid. Bij het optreden van die symptomen het ap- paraat onmiddellijk uitschakelen en naar buiten gaan, bij de verderzetting van het werk de verluchtingsmaatregelen verbete- ren of een beademingstoestel gebruiken. Veiligheidsgegevensblad van de droogijs- fabrikant in acht nemen. Gevaar Gevaar door gezondheidsschadelijke stof- fen Indien bij de verwerking stof dat scha- delijk is voor de gezondheid kan ontstaan, moeten voor het begin van de werkzaam- heden overeenkomstige veiligheidsmaat- regelen getroffen worden. Gevaar Explosiegevaar! Lichte metalen en ijzerhoudende onderde- len niet tegelijkertijd bewerken. Indien afwisselend lichte metalen en ijzer- houdende onderdelen bewerkt worden, moeten de werkruimte en de afzuiginrich- ting voor de bewerking van het andere ma- teriaal gereinigd worden. Bij het werken in kleine ruimten moet gezorgd worden voor voldoende ver- luchting om de kooldioxideconcentratie in de ruimte onder de gevaarlijke waar- de te houden. Reinigingsobject indien nodig vastzetten. Gevaar Verwondingsgevaar door elektrostatische ontladingen, beschadigingsgevaar voor elektronische componenten. Bij het reini- gen kan het reinigingsobject elektrisch ge- laden worden. Reinigingsobject elektrisch aarden en aarding tijdens het volledige rei- nigingsproces behouden. 몇 Waarschuwing Beschadigingsgevaar door vreemde voor- werpen die in het droogijsreservoir vallen. Tijdens de werking het deksel van het droogijsreservoir gesloten houden. Aardingskabel (alleen bij IB 7/ 40 Advanced) elektrisch geleidend met het reinigingsobject verbinden of reini- gingsobject op een andere manier aar- den. Veiligheidskledij, veiligheidshand- schoenen, nauwaansluitende veilig- heidsbril en oorbescherming dragen. Luchtdruktoevoer activeren. Noodstopknop door draaien ontgrendelen. Veilige standplaats kiezen en een goe- de lichaamshouding aannemen om door de reactiedruk van het spuitpistool het evenwicht niet te verliezen. Om het plotselinge optreden van een terugslag te voorkomen kan een lang- zame stijging van de straaldruk worden ingesteld (zie "Bediening/basisinstellin- gen" menupunt Softstart). Beveiligingsknop van het spuitpistool indrukken. Droogijsstraal activeren door het bedie- nen van de hendel van het spuitpistool en reinigingsproces uitvoeren. Waarschuwing Bij de variant IB 7/40 Advanced kan de toe- voeging van droogijsbrokjes uit- en inge- schakeld worden met de knop Droogijsdosering uit/in op het spuitpistool. Bij een uitgeschakelde dosering brandt de knop rood, op het display wordt „Ice off“ weergegeven. Tevens kan bij de variant IB 7/ 40 Advanced de spuitdruk en de hoeveel- heid droogijs aan het spuitpistool veran- derd worden. 몇 Waarschuwing Beschadigingsgevaar voor het doseerap- paraat door vuil. Bij de straalwerking het deksel van het droogijsreservoir gesloten laten om het binnendringen van afgestraal- de verontreinigingen te verhinderen. Hendel van het spuitpistool loslaten. Noodstopknop indrukken. De droogijsdosering wordt stilgelegd en de luchtstroom uit de sproeier wordt onderbro- ken. Luchtdruktoevoer onderbreken. Noodstopknop door draaien ontgrende- len. Hendel van het spuitpistool loslaten. Bij pauzen kan het spuitpistool op de houder aan het apparaat geplaatst wor- den. Waarschuwing Bij langdurige bedrijfsonderbrekingen kun- nen de droogijspellets in het droogijsreser- voir samensmelten. Werk indien mogelijk niet langer dan 20 minuten onderbreken. Bij langere onderbrekingen moet het droogijsreservoir worden geledigd. Een waterfascheider reinigt de naar het ap- paraat geleide perslucht. Daardoor verza- melt zich condensaat in de waterfascheider, die af en toe leeggemaakt moet worden. Opvangbak onder de condensaataf- voer zetten. Drukontlastklep langzaam openen en wachten tot het condensaat uit het ap- paraat is weggelopen. Waarschuwing Ter bescherming van het milieu moet het condensaat conform de geldige bepalingen worden weggedaan. Apparaatschakelaar op „I“ stellen. Toets statstiek even indrukken, de be- drijfsduur wordt aangegeven. t: Bedrijfsduur sinds de afgelopen reset. T: Totale bedrijfsduur. Toets statstiek even indrukken, de ver- werkte droogijshoeveelheid wordt aan- gegeven. m: Droogijshoeveelheid sinds de afge- lopen reset. M: Droogijshoeveelheid totaal. Toets statstiek even indrukken, het ge- middelde droogijsverbruik wordt aange- geven. q: Gemiddeld droogijsverbruik sinds de afgelopen reset. Q: Gemiddeld droogijsverbruik totaal. Sleutelschakelaar met de wijzers van de klok draaien. Toets statistiek gedurende 4 sec. in- drukken. Waarschuwing De totale waarden kunnen niet worden ge- wist. Toetsen straaldruk verhogen en straal- druk verlagen tegelijk indrukken en in- gedrukt houden, sleutelschakelaar met de wijzers van de klok draaien. In de bedrijfsmodus Basisinstellingen heb- ben de toetsen de volgende functies: 1 Waarde verhogen 2 Waarde verlagen 3 Menupunt omhoog 4 Menupunt omlaag Uitschakelen in noodgevallen Inbedrijfname na noodstop Werking onderbreken Condensaat aflaten Statistiek-functie Waarden opvragen Waarden resetten Basisinstellingen Menupunt Instelbe- reik Beschrijving Softstart 0, 1, 2, 3, 4, 5 se- conden Zacht opstarten, duur tot de geselecteerde straal- druk is bereikt T_Dump 1, 2, 3, 4, 5 minuten Duur van de droogijs-le- digingsprocedure 49NL- 6 Sleutelschakelaar tegen de wijzers van de klok draaien. Gevaar Gevaar van brandwonden door droog ijs. Droog ijs heeft een temperatuur van -79 °C. Droog ijs en koude onderdelen van het appa- raat nooit onbeschermd aanraken. Veiligheids- handschoenen en veiligheidskledij dragen. Gevaar Verwondingsgevaar door rondslingerende droogijsbrokjes. Spuitpistool niet op perso- nen richten. Derden verwijdern van de ge- bruiksplaats en ervoor zorgen dat tijdens de werking geen persoon in de buurt kun- nen komen (bijv. door afsluiting). Luchtdruktoevoer sluiten. Opvangbak onder de condensaataf- voer zetten. Drukontlastklep langzaam openen en wachten tot het condensaat en de pers- lucht uit het apparaat zijn verwijderd. Opvangbak onder de droogijsafvoer plaatsen. Toets Lediging droogijsreservoir in- drukken en wachten tot het droogijsre- servoir leeg is. De droogijslediging stopt na de vooraf ingestelde tijd (zie "Basisinstellingen"). Indien nodig de toets Lediging droogijs- reservoir meerdere keren indrukken. Waarschuwing Ter bescherming van het milieu moet het condensaat conform de geldige bepalingen worden weggedaan. Apparaatschakelaar op „0/OFF“ stellen. Apparaat scheiden van de luchtdruk- toevoerleiding. Stekker uit het stopcontact trekken. Aardkabel reinigen en oprollen. Gevaar Ongevallengevaar door droogijsresten in het apparaat. Voor het transport in gesloten voertuigen moet het droogijs restloos uit het apparaat verwijderd zijn om gevaren van de meerijdende personen door kooldi- oxide te verhinderen. Voorzichtig Gevaar voor letsels en beschadigingen! Houd bij het transport rekening met het ge- wicht van het apparaat. Voor het transport alle stappen in het hoofdstuk „Buitenwerkingstelling“ uit- voeren. Apparaat op het transportvoertuig bren- gen. Remmen van de stuurrollen vergrende- len. Apparaat met spanriemen op het voer- tuig bevestigen. Voorzichtig Gevaar voor letsel en beschadiging! Het gewicht van het apparaat bij opbergen in acht nemen. Het apparaat mag alleen binnen worden opgeborgen. Gevaar Verstikkingsgevaar door opeenhoping van kooldioxide. Droogijskorrels alleen op goed geventileerde plaatsen opslaan. Basisprincipe voor een gebruiksveilige in- stallatie is het regelmatige onderhoud vol- gens het volgende onderhoudsplan. Gebruik uitsluitend originele reserveonder- delen van de fabrikant of door hem aanbe- volen onderdelen zoals – Reserve- en slijtageonderdelen, – Accessoires, – Werkstoffen, – Reinigingsmiddelen. Gevaar! Ongevallengevaar bij werkzaamheden aan het apparaat. Voor werkzaamheden aan het apparaat alle stappen van het hoofd- stuk „Buitenwerkingstelling“ uitvoeren. Gevaar Gevaar van brandwonden door droogijs of koude onderdelen van het apparaat. Bij werkzaamheden aan het apparaat geschik- te veiligheidskledij voor koude dragen of droog ijs verwijderen en apparaat laten op- warmen. Droog ijs nooit in de mond nemen. 몇 Waarschuwing Beschadigingsgevaar. Spuitpistool niet met oplosmiddel, benzine of oliehoudende reinigingsmiddelen reinigen. Om een betrouwbare werking van de in- stallatie te garanderen, raden u aan om een onderhoudscontract af te sluiten. Ge- lieve contact op te nemen met uw betref- fende Kärcher-klantenservice. Spuitmiddelslang zorgvuldig controle- ren op scheuren, knikplaatsen en ande- re beschadigingen. Zachte plaatsen in de slang wijzen op slijtage aan de bin- nenkant van de slang. Defecte of ver- sleten slang vervangen door een nieuwe slang. Elektrische kabels en stekkers contro- leren op beschadiging. Defecte onder- delen door de klantendienst laten vervangen. Koppelingen aan spuitmiddelslang, aan het apparaat en aan het spuitpistool controleren op beschadiging en slijta- ge. Defecte slang vervangen, defecte koppelingen aan apparaat of spuitpi- stool laten vervangen door de klanten- dienst. Doseerapparaat op schade en ondicht- heid controleren. Indien schade/on- dichtheden vastgesteld worden, klantendienst informeren. Controleren of de bevestigingsdoppen van de achterste wielen goed zitten. Apparaat laten controleren door de klantendienst. Spuitmiddelslang minimum alle 2 jaar vernieuwen. Voor de uitvoering van enkele onderhouds- werkzaamheden moeten de zijbekledingen van het apparaat verwijderd worden: 1 Zijbekleding 2 Snelsuiting Snelsluiting tegen de wijzers van de klok openen. Zijpaneel wegnemen. Language metric, imperial Maateenheden metric: kg/h, MPa imperial: lbs, psi Lighting ON/OFF Sproeierverlichting (op- tie) in-/uitschakelen Demo-Mode ON/OFF Demonstratiewerking: Bediening wordt gesi- muleerd, perslucht- en droogijsafgifte zijn ge- blokkeerd. Basisinstellingen sluiten Buitenwerkingstelling Menupunt Instelbe- reik Beschrijving Vervoer Opslag Onderhoud en reparatie Onderhoudsinstructies Onderhoudscontract Onderhoudsschema Dagelijks voor het bedrijfsbegin Alle 100 bedrijfsuren Alle 500 uren of jaarlijks Alle 2 jaar Apparaat openen 50 NL- 7 1 Schroef 2 Onderste deel 3 Moer 4 Schijf 5 Filterelement 6 Bovenste deel 4 schroeven losdraaien. Onderste deel wegnemen. Moer losschroeven. Schijf wegnemen. Filterelement wegnemen en door een nieuw filterelement vervangen. Waterafscheider in omgekeerde volgor- de opnieuw monteren. Volgens BGV D 26 moet het apparaat door een expert onderworpen worden aan de volgende controles. De resultaten van de controle moeten in een verslag opgetekend worden. Het verslag moet door de exploi- tant van het apparaat bewaard worden tot de volgende controle. Apparaat controleren op reglementaire toestand en functionaliteit. Apparaat controleren op reglementaire toestand, functionaliteit en opstelling. Apparaat controleren op reglementaire toestand, functionaliteit en opstelling. Gevaar! Ongevallengevaar bij werkzaamheden aan het apparaat. Voor werkzaamheden aan het apparaat alle stappen van het hoofd- stuk „Buitenwerkingstelling“ uitvoeren. Gevaar Gevaar van brandwonden door droogijs of koude onderdelen van het apparaat. Bij werkzaamheden aan het apparaat geschik- te veiligheidskledij voor koude dragen of droog ijs verwijderen en apparaat laten op- warmen. Droog ijs nooit in de mond nemen. Onderhoudswerkzaamheden Filterelement in de waterafscheider ver- vangen Controles Na een onderbreking van meer dan één jaar Na wijziging van de plaats van opstel- ling Na herstellingswerkzaamheden of ver- anderingen die de bedrijfsveiligheid kunnen beïnvloeden Hulp bij storingen Storingen met weergave op het display Display- weerga-

Controlelampje (KL) Mogelijke oorzaak Oplossing Door wie E001 KL stuurspanning brandt rood Stuurspanning te laag Apparaat uitschakelen, kort wachten. Apparaat op- nieuw inschakelen Stopcontact laten controleren. Wanneer de foutcode opnieuw verschijnt, contact op- nemen met de Kärcher-klantendienst Bediener E002 KL noodstop brandt rood Noodstopknop is ingedrukt Nood-stop-knop door draaien ontgrendelen. Bediener E003 KL perslucht brandt rood Druk van de persluchtvoorzie- ning te laag Druk verhogen. Apparaat uitschakelen, kort wachten. Apparaat op- nieuw inschakelen Bediener E004 KL dosering brandt rood Storing in de doseerunit Apparaat uitschakelen, kort wachten. Apparaat op- nieuw inschakelen Wanneer de foutcode opnieuw verschijnt, contact op- nemen met de Kärcher-klantendienst Bediener E005 KL spuitpistool brandt rood Verbinding tussen apparaat en spuitpistool gestoord. Correcte verbinding van de koppelingen in de stuur- leiding controleren. Stuurkabels op beschadiging controleren. Bediener E006 KL spuitpistool brandt rood Kortsluiting in het spuitpistool of de stuurkabel Spuitpistool of straalslang met stuurkabel vervangen. Bediener E007 KL perslucht brandt rood Storing aan de perslucht-regel- klep Klantendienst raadplegen. Bediener E008 KL spuitpistool brandt oranje Hendel van het spuitpistool werd tijdens het inschakelen of bij het ontgrendelen van de noodstoptoets bediend Hendel van het spuitpistool loslaten. Bediener 51NL- 8 Storingen zonder weergave op het display Storing Mogelijke oorzaak Oplossing Door wie Geen displayweerga- ve ondanks een inge- schakelde hoofdschakelaar Stekker niet in het stopcontact gestoken. Netstekker in een stopcontact steken. Bediener Zekering F1 is in werking getreden Zijpaneel wegnemen en zekering F1 door indruk- ken ontgrendelen. Bediener Geen luchtdrukstraal ondanks ingetrokken hendel Luchtdruktoevoer heeft te weinig druk Druk controleren. Bediener Spuitdruk te laag ingesteld Spuitdruk hoger instellen. Bediener Stroomtoevoer onderbroken Stroomtoevoer controleren. Controlelampje „Ap- paraat in“ moet groen branden. Bediener Noodstopknop is ingedrukt Noodstoptoets door draaien ontgrendelen. Con- trolelampje „Apparaat in“ moet groen branden. Bediener Stuurleiding niet correct aangesloten Verbinding tussen stuurleiding en spuitpistool alsook tussen stuurleiding en apparaat controle- ren. Bediener Stuurleiding is defect Spuitmiddelslang vervangen. Bediener Luchtdrukstraal te zwak Spuitdruk te laag ingesteld Spuitdruk hoger instellen. Bediener Luchtdruktoevoer heeft te weinig druk of vo- lume van de compressor te laag. Druk en volume controleren. Bediener Filterelement in de waterafscheider verstopt. Filterelement in de waterafscheider vervangen. Bediener Spuitmiddelslang of spuitpistool verstopt Spuitmiddelslang en spuitpistool laten ontdooien en verstopping verhelpen. Werkdruk verhogen en / of droogijsdosering verlagen. Bediener Geen droogijsbrokjes in de luchtdrukstraal Droogijsdosering uitgeschakeld (alleen IB 7/ 40 Advanced), knop droogijsdosering in/uit op het spuitpistool brandt rood, displayweer- gave „Ice off“. Toets Droogijsdosering op het spuitpistool in- drukken. Bediener Droogijsreservoir leeg Droogijsreservoir vullen Bediener Droog ijs samengesmolten Droogijsreservoir leegmaken en vullen met verse droogijspellets. Bediener Triller aan het droogijsreservoir werkt niet Klantendienst raadplegen. Bediener Aandrijfmotor van het doseerapparaat over- belast Doseerapparaat laten ontdooien Bediener Luchtdrukuitlaat in het droogijsreservoir Drukcompensatieleiding in het doseerapparaat reinigen. Klanten- dienst Doseerschijf in de doseereenheid defect Doseerschijf vervangen. Klanten- dienst 52 NL- 9 A Druk in MPa B Druk in bar C Volumestroom in m

/min 1 rechte sproeiers 2 gebogen sproeiers A Druk in MPa B Druk in bar C Geluidsdrukniveau in dB(A) 1 Ronde straalsproeier, kort 2 Vlakke straalsproeier, kort 3 Vlakke straalsproeier, gebogen 4 Ronde straalsproeier, lang 5 Vlakke straalsproeier, lang, in de leve- ringsomvang A Druk in MPa B Druk in bar C Geluidsvermogensniveau in dB(A) 1 Ronde straalsproeier, kort 2 Vlakke straalsproeier, kort 3 Vlakke straalsproeier, gebogen 4 Ronde straalsproeier, lang 5 Vlakke straalsproeier, lang, in de leve- ringsomvang Technische gegevens Elektrische aansluiting Spanning V 220...240 Stroomsoort 1~ Frequentie Hz 50 Aansluitvermogen kW 0,6 Lekstroom, type. mA 7,5 FI-veiligheidsschakelaar delta I in A 0,03 Luchtdruk Slang-nominale wijdte duim 1/2 Toevoerdruk (max.) MPa (bar) 1,0 (10) Toevoerdruk (min.) MPa (bar) 0,2 (2) Persluchtverbruik m

/min 0,5...3,5 Luchtdrukkwaliteit * Capaciteit Spuitdruk (max.) MPa (bar) 1,0 (10) Diameter van de droogijspellets (max.) mm 3 Droogijsverbruik kg/u 15...50 Afmetingen Inhoud droogijsreservoir kg 15 Breedte mm 510 Diepte mm 768 Hoogte mm 1096 Gewicht IB 7/40 Classic, bedrijfsklaar kg 93 Gewicht IB 7/40 Advanced, bedrijfsklaar kg 95 Gewicht IB 7/40 Classic, leeg, zonder accessoires kg 70 Gewicht IB 7/40 Advanced, leeg, zonder accessoires kg 71 Gewicht spuitinrichting (spuitmiddelslang, spuitpistool, gereedschaptas) kg 6,75 Reactiedruk van het spuitpistool (max.) N 30 Draaimoment van het spuitpistool (max.), alleen bij gebogen sproeier N 8 Apparaattrillingen Spuitpistool m/s² 1,2 Spuitmiddelslang m/s² 1,2

Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Kärcher

Model : IB 740 Classic

Categorie : Stoomreiniger