SUR1000 - Ontvanger TECHNICS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SUR1000 TECHNICS in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SUR1000 - TECHNICS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SUR1000 van het merk TECHNICS.
GEBRUIKSAANWIJZING SUR1000 TECHNICS
(108) Dank u voor de aankoop van dit product. Lees deze instructies zorgvuldig door voordat u dit product gebruikt en bewaar deze handleiding, zodat u deze later kunt raadplegen.
- Over de beschrijvingen die in deze handleiding staan - Doorverwijspagina’s worden aangeduid als “ ○○”. - De getoonde illustraties kunnen afwijken van uw apparaat. Geïntegreerde versterker die hoogwaardige audiotechnologieën gebruikt De JENO Engine verwerkt en brengt audiosignalen volledig digitaal en met minimale jitter over van de invoerbron naar de versterker. De GaN-FET-aandrijving voor de lineaire luidsprekerregelaar met snelle verliesvrije schakeling en ADCT (Active Distortion Cancelling Technology) die de ruis nauwkeurig onderdrukt, worden toegepast om het krachtige dynamische geluid te verwezenlijken met de superieure regelaarfunctie. De ruisonderdrukking en het heldere geluid zijn het resultaat van de verschillende technologieën, zoals LAPC, dat de kalibratie van de adaptieve belasting van de luidspreker uitvoert voor een ideale versterkingsfactor en optimale fasekenmerken van elk type aangesloten luidspreker. Stroomtoevoer met ruisonderdrukking voor een zeer goede respons op het audiosignaal “Advanced Speed Silent Power Supply” is geïntegreerd voor snel verliesvrij schakelen en ruisonderdrukking. De unieke stroomtoevoerfunctie kan stabiele stroom toevoeren met de minste ruis via de functie voor snel schakelen, voor een betere resolutie van het audiosignaal in de volledig digitale versterker. En dit toestel verbetert het potentieel van de JENO-motor voor een betere weergave. De unieke digitale technologie “Intelligent PHONO EQ” verbetert het potentieel voor het afspelen van platen. “Accurate EQ Curve”, met zijn hybride component voor analoge en digitale circuits, maakt het equalizerproces met zeer precieze signaalverhouding mogelijk. En dit toestel ondersteunt naast RIAA ook nog verschillende equalizercurves voor nauwkeurig afspelen. De functie “Crosstalk Canceller” die de overspraak meet en deze optimaliseert met DSP, en de functie “PHONO Response Optimiser” die de resonantie op de cartridge vermindert, worden toegepast om het audiosignaal van de groef van de plaat te reproduceren. KenmerkenNederlands
(109) Inhoudsopgave Veiligheidsmaatregelen 06 Lees vóór gebruik zorgvuldig de “Veiligheidsmaatregelen” van deze handleiding. Bedieningsgids 08 Dit toestel, afstandsbediening Aansluitingen 12 Luidsprekeraansluiting, netsnoeraansluiting Bediening 13 Aangesloten apparaten afspelen Instellingen 20 Andere instellingen Problemen oplossen 25 Raadpleeg het hoofdstuk “Problemen oplossen” voordat u om service verzoekt. Overige 28 Specificaties enz. Accessoires Netsnoer (2)
K2CM3YY00041 Behalve voor Zwitserland K2CS3YY00033 Voor Zwitserland Afstandsbediening (1) N2QAYA000224 Batterijen afstandsbediening (2) Kalibratieplaat (1) TSPX101 &DOLEUDWLRQ5HFRUG
- De in deze bedieningsinstructies vermelde productnummers zijn correct vanaf oktober 2020.
- Ze kunnen aan wijzigingen onderhevig zijn.
- Gebruik het netsnoer en de kalibratieplaat niet met andere apparatuur. Het ontdoen van oude apparatuur en batterijen. Enkel voor de Europese Unie en landen met recycle systemen. Deze symbolen op de producten, verpakkingen en/of begeleidende documenten betekenen dat gebruikte elektrische en elektronische producten en batterijen niet samen mogen worden weggegooid met de rest van het huishoudelijk afval. Voor een juiste verwerking, hergebruik en recycling van oude producten en batterijen, gelieve deze in te leveren bij de desbetreffende inleverpunten in overeenstemming met uw nationale wetgeving. Door ze op de juiste wijze weg te gooien, helpt u mee met het besparen van kostbare hulpbronnen en voorkomt u potentiële negatieve effecten op de volksgezondheid en het milieu. Voor meer informatie over inzameling en recycling kunt u contact opnemen met uw plaatselijke gemeente. Afhankelijk van uw nationale wetgeving kunnen er boetes worden opgelegd bij het onjuist weggooien van dit soort afval. Let op: het batterij symbool (Onderstaand symbool). Dit symbool kan in combinatie met een chemisch symbool gebruikt worden. In dit geval volstaan de eisen, die zijn vastgesteld in de richtlijnen van de desbetreffende chemische stof.06 Veiligheidsmaatregelen
(110) Waarschuwing Toestel
- Om het risico op brand, elektrische schokken of productschade te verkleinen - Stel dit toestel niet bloot aan regen, vocht, druppels of spetters. - Plaats geen met vloeistof gevulde objecten, zoals vazen, op dit toestel. - Gebruik alleen de aanbevolen accessoires. - Verwijder de afdekking niet. - Repareer dit toestel niet zelf. Laat onderhoud over aan gekwalificeerd onderhoudspersoneel. - Laat geen metalen voorwerpen in dit toestel vallen. - Plaats geen zware voorwerpen op dit toestel. Netsnoer
- Om het risico op brand, elektrische schokken of productschade te verkleinen - Controleer of de voedingsspanning overeenkomt met de spanning die op dit toestel afgedrukt is. - Steek de stekker volledig in het stopcontact. - Trek niet aan de voedingskabel, buig hem niet en plaats er geen zware voorwerpen op. - Hanteer de stekker niet met natte handen. - Houd het hoofddeel van de stekker vast als u deze uit het stopcontact neemt. - Gebruik geen beschadigde stekker of stopcontact.
- De stekker schakelt het apparaat uit. Installeer het apparaat op een dergelijke wijze dat de stekker onmiddellijk uit het stopcontact kan worden getrokken.
- Zorg dat de aardingspen in het stopcontact goed is aangesloten om elektrische schok te voorkomen. - Een KLASSE I-apparaat moet worden aangesloten op een stopcontact met een aardingspen. Voorzichtig Toestel
- Plaats geen bronnen van open vuur, zoals brandende kaarsen, op dit toestel.
- Dit toestel kan tijdens het gebruik de interferentie van radio’s ontvangen die veroorzaakt wordt door mobiele telefoons. In dat geval dient u de afstand tussen dit toestel en de mobiele telefoon te vergroten.
- Dit toestel is bedoeld voor gebruik in gematigde en tropische klimaten.
- Plaats geen voorwerpen op dit toestel. Dit toestel wordt warm als het ingeschakeld is.
- Raak de bovenkant van dit toestel niet aan. Dit toestel wordt warm wanneer het aanstaat. Opstelling
- Plaats dit toestel op een vlakke ondergrond.
- Om het risico op brand, elektrische schokken of productschade te verkleinen - Installeer of plaats dit toestel niet in een boekenkast, een muurkast of in een andere omsloten ruimte. Controleer of het toestel goed geventileerd wordt. - Blokkeer de ventilatieopening van dit toestel niet met kranten, tafelkleden, gordijnen, enzovoorts. - Stel dit toestel niet bloot aan rechtstreeks zonlicht, hoge temperaturen, hoge vochtigheid en overmatige trillingen.
- Controleer of de plaats van installatie stevig genoeg is om het gewicht van dit toestel te verdragen ( 28).
- Til of draag dit toestel niet door de knoppen vast te houden. Doet u dit toch, dan kan het toestel vallen met een persoonlijk letsel of defect aan het toestel tot gevolg.Nederlands
- Er bestaat explosiegevaar als de batterij niet correct geplaatst wordt. Vervang de batterij alleen door één van het type dat door de fabrikant aanbevolen wordt.
- Het verkeerd hanteren van batterijen kan het lekken van elektrolyt tot gevolg hebben waardoor brand kan ontstaan. - Neem de batterij uit als u denkt dat u de afstandsbediening lange tijd niet zult gebruiken. Bewaar hem op een koele, donkere plaats. - Verwarm de batterijen niet en stel deze niet bloot aan vuur. - Laat de batterij(en) niet lange tijd in een auto in direct zonlicht liggen terwijl de portieren en de raampjes gesloten zijn. - Probeer de batterijen nooit open te maken of kort te sluiten. - Laad geen alkaline- of mangaanbatterijen op. - Gebruik geen batterijen waarvan de buitenlaag is afgehaald. - Gebruik nieuwe en oude batterijen, of verschillende soorten batterijen, niet door elkaar.
- Neem voor het weggooien van de batterijen contact op met de plaatselijke autoriteiten of uw verkoper en vraag wat de juiste weggooimethode is.
- Vermijd het gebruik in de volgende condities - Extreme hoge of lage temperaturen tijdens gebruik, opslag of vervoer. - Vervanging van een batterij door een van het verkeerde type. - Wegwerpen van de batterij in het vuur of hete oven of mechanisch verbrijzelen of snijden van de batterij kan een explosie veroorzaken. - Extreem hoge temperaturen en/of extreem lage druk die kan resulteren in een explosie of het brandbare vloeistof of gas. Installatie Toestel Schakel alle apparatuur uit voordat u verbinding maakt en lees de bijbehorende bedieningsinstructies.
- Voor de afmetingen van dit toestel ( 28)
- Raadpleeg de volgende afbeelding voor de afmetingen van de poten dit toestel.
Voorzijde A: 340 mm B: 313 mm Kalibratieplaat
- Hoewel het mogelijk is dat de plaat kromgetrokken is, afhankelijk van de omstandigheden van de plaats waarin de plaat werd bewaard of van het gebruik van de plaat, is deze plaat ontworpen om te worden afgespeeld door “Cartridge Optimiser”, zelfs in geval van een kleine kromtrekking.
- Bewaar deze plaat rechtop. Als u platen op stapels bewaart of de plaat schuin bewaart, kan ze kromtrekken.08 Bedieningsgids Dit toestel (112)
] (uit): Het toestel is uitgeschakeld.
] (aan): Het toestel is ingeschakeld.
- Het toestel gebruikt nog altijd een kleine hoeveelheid stroom wanneer het uitgeschakeld is. Uitgeschakeld gebruikt het toestel minder stroom. 02 Stroomindicator
- Blauw: Het toestel is ingeschakeld.
- Uit: Het toestel is uitgeschakeld. 03 Hoofdtelefoonbus
- Als een stekker aangesloten is, komt er geen geluid uit de luidsprekers en de REC OUT/ PRE OUT-aansluitingen. ( 19)
- Er komt geen geluid uit de aansluiting van de hoofdtelefoon wanneer “MAIN IN” geselecteerd is als ingangsbron van dit toestel. ( 18)
- Overmatige geluidsdruk van oortelefoons en hoofdtelefoons kan gehoorschade veroorzaken.
- Lange tijd luisteren op het hoogste volume kan het gehoor van de gebruiker beschadigen. 04 Volumeknop
- -- dB (min.), -88,0 dB tot 0 dB (max.) 05 Display
- Er worden gegevens weergegeven zoals ingangsbron enz. ( 26)
- De ingangsbron knippert op het scherm voordat het toestel na het inschakelen wordt opgestart. (Er is geen geluid te horen tijdens het knipperen.) 06 Ingangskeuzeknop
- Draai deze knop met de wijzers van de klok mee of tegen de wijzers van de klok in om de ingangsbron om te schakelen. 07 Piekverbruikmeter
- Geeft het uitvoerniveau weer. 100 % is de nominale uitgang ( 28).
- De piekverbruikmeter werkt niet als het licht uitgeschakeld wordt door op [DIMMER], te drukken, als de hoofdtelefoon wordt aangesloten enz. 08 LAPC-indicator ( 22) 09 Afstandsbedieningssignaalsensor
- Ontvangstafstand: Binnen ongeveer 7 m direct ervoor
- Ontvangsthoek: Ca. 30° links en rechtsNederlands
10 Aansluitingen voor luidsprekeruitgang ( 12) 11 Aansluitingen voor analoge audio-invoer (REC IN) ( 15, 19) 12 Aansluitingen voor analoge audio-uitvoer (REC OUT) ( 19) 13 Aansluitingen voor analoge audio-uitvoer (PRE OUT) ( 19) 14 Aansluitingen voor analoge audio-invoer (MAIN IN) ( 18) 15 Aansluitingen voor analoge audio-invoer (LINE XLR BALANCED/LINE1/LINE2) ( 15) 16 Aansluitingen voor analoge audio-invoer
- De PHONO EARTH-aansluiting dient om de aarddraad van een draaitafel aan te sluiten.
- Gebruik de kabel van minder dan 3 m.
- Houd de korte PHONO-pinnen buiten het bereik van kinderen om inslikken ervan te voorkomen. 17 USB-B-aansluitingen (PC1/PC2) ( 14) 18 USB-A-aansluiting (UPDATE)
DC 5 V 500 mA) ( 23) 19 Systeemaansluiting (CONTROL) ( 24) 20 Aansluitingen voor optische digitale invoer (OPT1/OPT2) ( 13) 21 Aansluitingen voor coaxiale digitale invoer (COAX1/COAX2) ( 13) 22 Markering voor productidentificatie
- Het modelnummer staat vermeld. 23 AC IN-aansluiting (
De afstandsbediening gebruiken
R03/LR03, AAA (Alkaline- of mangaanbatterijen) Opmerking
- Plaats de batterij op een wijze dat de polen ( en ) samenvallen met die in de afstandsbediening.
- Richt deze naar de signaalsensor voor de afstandsbediening op dit toestel. ( 08)
- Bewaar de batterijen buiten het bereik van kinderen om inslikken ervan te voorkomen. 01 []: Knop Stand-by/Aan
- Druk hierop om het toestel van aan- naar stand-bymodus te schakelen of omgekeerd. In de stand-bymodus verbruikt het toestel nog steeds een kleine hoeveelheid stroom. 02 Schakel tussen invoerbronnen ( 13, 14, 15, 16, 19) 03 [MENU]: Ga naar het menu ( 13, 14, 15, 16, 18)11 Nederlands Bedieningsgids (115) 04 [ ], [ ], [ ], [ ]/[OK]: Selectie/OK 05 [SETUP]: Ga naar het instellingenmenu ( 20) 06 [BASS]/[MID]/[TREBLE]: Regel het toonbereik (BASS/MID/TREBLE).
- Druk op [ ], [ ] om de toon te regelen. 07 [DIRECT]: Schakel Directe modus in/uit 08 [LAPC]: Meet het uitvoersignaal van de versterker wanneer luidsprekers worden aangesloten en corrigeer de uitvoer ( 22) 09 [DIMMER]: Regel de helderheid van het licht van de piekverbruikmeter, het scherm enz.
- Wanneer het scherm is uitgeschakeld, licht het lampje slechts enkele seconden op wanneer u dit toestel bedient. Voordat het scherm wordt uitgeschakeld, wordt “Display Off” enkele seconden weergegeven.
- Druk herhaaldelijk om de helderheid aan te passen.
- De piekverbruikmeter werkt niet als het licht uitgeschakeld is. 10 [INFO]: Informatie over het af te spelen materiaal bekijken
- Druk op deze knop om de bemonsteringsfrequentie en andere informatie te bekijken. (De informatie varieert afhankelijk van de invoerbron.) 11 [RETURN]: Keert terug naar de vorige weergave 12 [MUTE]: Zet het geluid uit
- Druk opnieuw op [MUTE] om te annuleren. “MUTE” wordt ook geannuleerd wanneer u het volume aanpast met dit toestel of wanneer u het toestel in stand-by zet. 13 [CURVE]: Schakel de PHONO- equalizercurve in. 14 [+VOL-]: Regelt het volume
- Volumebereik: -- dB (min.), -88,0 dB tot 0 dB (max.) ■ Knoppen die werken voor Technics-apparaten die de systeembedieningsfunctie ondersteunen De afstandsbediening van dit toestel werkt ook voor Technics-apparaten die de systeembedieningsfunctie ondersteunen (geïntegreerde stereoversterker enz.). Raadpleeg de gebruikshandleiding van elk toestel voor meer informatie.
Toetsen voor de bediening van het afspelen Modus van de afstandsbediening Als andere apparatuur op de bijgeleverde afstandsbediening reageert, verander dan de modus van de afstandsbediening.
- De standaardfabrieksinstelling is “Mode 1”. 1 Druk op [SETUP]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “Remote Control” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- De huidige modus van de afstandsbediening van dit toestel wordt gedurende enkele seconden weergegeven. 3 Wanneer “Set Mode 1/2” wordt weergegeven, wijzig dan de modus van de afstandsbediening. Om “Mode 1” in te stellen: Houd [OK] en [1] gedurende ten minste vier seconden ingedrukt. Om “Mode 2” in te stellen: Houd [OK] en [2] gedurende ten minste vier seconden ingedrukt. 4 Richt de afstandsbediening naar dit toestel en houd [OK] gedurende ten minste vier seconden ingedrukt.
- Als de modus van de afstandsbediening veranderd wordt, zal de nieuwe modus enkele seconden op het display weergegeven worden. ■ Wanneer “Remote 1” of “Remote 2” wordt weergegeven Wanneer “Remote 1” of “Remote 2” wordt weergegeven, zijn de afstandsbedieningsmodi van dit toestel en van de afstandsbediening verschillend. Voer de bovenstaande stap 3 uit.12 Aansluitingen Luidsprekers/netsnoer (116)
- Gebruik alleen het meegeleverde netsnoer.
- Steek de stekker van de aan te sluiten kabels volledig naar binnen.
- Buig de kabels niet om bij scherpe hoeken.
- Om de audio-uitvoer te optimaliseren, kunt u het uitvoersignaal van de versterker meten en de uitvoer ervan corrigeren wanneer de luidsprekers aangesloten zijn. ( 22) Luidsprekeraansluiting Luidsprekers Luidsprekerkabels (niet bijgeleverd) 1 Draai aan de knoppen om ze los te zetten en steek de kerndraden in de gaten. 2 Draai de knoppen vast. Opmerking
- Als de verbindingen tot stand gebracht zijn, trek dan een beetje aan de luidsprekerkabels om te controleren of ze stevig aangesloten zijn.
- Zorg ervoor dat de polen van de luidsprekerkabels niet gekruist (kortsluiting) of verwisseld worden want hierdoor kan de versterker beschadigd raken. NIET DOEN
- Bedraad de polen (+/-) van de aansluitklemmen op correcte wijze. Doet u dat niet dan kan dit negatieve gevolgen voor de stereo-effecten hebben of een slechte werking veroorzaken.
- Raadpleeg voor details de gebruiksaanwijzing van de luidsprekers.
- Hoewel de vorkplug (A: 16 mm of minder, B: 8 mm of meer) aangesloten kan worden, is het mogelijk dat sommige plugs niet aangesloten kunnen worden, afhankelijk van de vorm van de plug.
Netsnoeraansluiting Sluit aan nadat alle andere aansluitingen zijn gemaakt. Op een stopcontact Netsnoer (meegeleverd) Voer het netsnoer in tot op het punt vlak voor het ronde gat. Opmerking
- Dit toestel verbruikt een kleine hoeveelheid stroom ( 28) zelfs wanneer het toestel in stand-bymodus staat. Verwijder de stekker uit het stopcontact als u het toestel langdurig niet gebruikt. Plaats het toestel op een plaats waar het gemakkelijk kan worden verwijderd.13 Nederlands Aansluitingen / Bediening (117) Bediening Gebruik van het apparaat voor digitale audio-uitvoer
Coaxiale digitale kabel (niet bijgeleverd) Cd-speler enz. Optische digitale audiokabel (niet bijgeleverd) Gebruik van de coaxiale digitale kabel 1 Koppel het netsnoer los.
Verbind dit toestel met een cd-speler enz. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [COAX] om “COAX1”/“COAX2” te selecteren.
U kunt de invoerbron ook selecteren door aan de invoerselectieknop op het toestel te draaien.
Start het afspelen op het verbonden apparaat. Opmerking
- De aansluitingen voor digitale audio-invoer van dit toestel kunnen alleen de volgende lineaire PCM-signalen detecteren. Meer informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing van het aangesloten apparaat. - Bemonsteringsfrequentie: Coaxiale digitale invoer 32/44,1/48/88,2/96/176,4/192 kHz U kunt de cd-speler enz. aansluiten op dit toestel met een coaxiale digitale kabel (niet meegeleverd) of een optische digitale audiokabel (niet meegeleverd) en muziek afspelen. Optische digitale invoer 32/44,1/48/88,2/96 kHz - Aantal kwantisatiebits: 16/24 bit Gebruik van de optische digitale audiokabel 1 Koppel het netsnoer los.
Verbind dit toestel met een cd-speler enz. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [OPT] om “OPT1”/“OPT2” te selecteren.
U kunt de invoerbron ook selecteren door aan de invoerselectieknop op het toestel te draaien. 6 Start het afspelen op het verbonden apparaat. De vertragingstijd van het geluid regelen Stel dit in op “Low Latency” om de vertragingstijd van het geluid te regelen terwijl “LAPC” is ingesteld op “On”. 1 Druk op [MENU]. 2 Druk op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ] om “Normal”/“Low Latency” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- Afhankelijk van het nummer heeft de instelling misschien zelfs geen effect. MQA
-decodering Een MQA-bestand of -stream kan worden gedecodeerd om het geluid af spelen zoals de oorspronkelijke masteropname. ( 20)14 (118) Bediening Gebruik van een pc enz. U kunt de pc enz. of een ander toestel aansluiten op dit toestel met een USB 2.0-kabel (niet meegeleverd) en muziek afspelen. Pc enz. USB 2.0-kabel (niet bijgeleverd) Audiotoestel met USB-uitgang zoals ST-G30 enz. ■ Voorbereidingen Verbinden met een pc
- Volg onderstaande stappen alvorens verbinding met een pc te maken.
- Raadpleeg het volgende voor de aanbevolen OS-versies voor uw pc (vanaf oktober 2020): - Windows 8, Windows 8.1, Windows 10 - OS X 10.7, 10.8, 10.9, 10.10, 10.11, macOS 10.12, 10.13, 10.14, 10.15 Download en installeer het hiervoor bestemde USB-stuurprogramma op de computer. (Enkel voor Windows OS)
- Download de driver van onderstaande website en installeer deze. www.technics.com/support/ Download en installeer de speciale app “Technics Audio Player” (gratis) op uw pc.
- Download de app van onderstaande website en installeer deze. www.technics.com/support/ 1 Koppel het netsnoer los. 2 Verbind dit toestel met een pc enz. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [PC] om “PC1”/“PC2” te selecteren.
- U kunt de invoerbron ook selecteren door aan de invoerselectieknop op het toestel te draaien. 6 Start het afspelen met de speciale app “Technics Audio Player” op de aangesloten pc. Opmerking
- Wanneer een audiotoestel met een USB- uitgang, zoals ST-G30 enz., wordt aangesloten, moet u de bedieningsinstructies van het aangesloten toestel raadplegen.
Raadpleeg “Ondersteunde formaat” voor meer informatie over de ondersteunde formaat. ( 28) De vertragingstijd van het geluid regelen Stel dit in op “Low Latency” om de vertragingstijd van het geluid te regelen terwijl “LAPC” is ingesteld op “On”. 1 Druk op [MENU]. 2 Druk op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ] om “Normal”/“Low Latency” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- Afhankelijk van het nummer heeft de instelling misschien zelfs geen effect. MQA-decodering Een MQA-bestand of -stream kan worden gedecodeerd om het geluid af spelen zoals de oorspronkelijke masteropname. ( 20)15 Nederlands Bediening Met behulp van het apparaat voor analoge audio-uitvoer (119) Analoge audiokabel (niet bijgeleverd) Blu-ray Disc speler, enz.
: In de illustratie ziet u het voorbeeld van een aansluiting met een analoge audiokabel. U kunt het apparaat ook aansluiten met een XLR-kabel. U kunt de Blu-ray Disc -speler enz. met een analoge audiokabel (niet meegeleverd) aansluiten op dit toestel en muziek afspelen. 1 Koppel het netsnoer los. 2 Sluit dit toestel en een Blu-ray Disc- speler enz. aan. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [LINE-XLR] of [LINE] om “LINE XLR”/“LINE1”/“LINE2” te selecteren.
- U kunt de invoerbron ook selecteren door aan de invoerselectieknop op het toestel te draaien. 6 Start het afspelen op het verbonden apparaat. Wanneer de recorder is aangesloten op dit toestel Wanneer u een opnameapparaat op dit apparaat aansluit, gebruikt u de analoge audiokabel (niet meegeleverd) en verbindt u de uitgang REC IN met de audio-uitgangen van de aangesloten apparatuur. Verbind de REC OUT-uitgangen met de audio-ingangen van de aangesloten apparatuur. ( 19)
- Druk op [REC IN] om de invoerbron te wijzigen in “REC IN”. Geluidsvervorming minimaliseren Als er geluidsvervorming optreedt bij het gebruik van de analoge audio-ingangen, dan kan de geluidskwaliteit mogelijk worden verbeterd door de demper op “On” in te stellen.
- De fabrieksinstelling is “Off”. 1 Druk op [MENU]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “Attenuator” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
Druk op [ ], [ ] om “On” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. Laagfrequente ruis minimaliseren Hiermee wordt de laagfrequente ruis geminimaliseerd die wordt veroorzaakt door de kromming van de plaat.
- De standaardfabrieksinstelling is “Off”. 1 Druk op [MENU]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “Subsonic Filter” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ] om “On” te selecteren en druk vervolgens op [OK].16 Bediening De draaitafel gebruiken (120) PHONO-kabel (niet bijgeleverd) PHONO-aardkabel (niet bijgeleverd) Draaitafel
: In de illustratie ziet u het voorbeeld van een aansluiting met een PHONO-kabel. U kunt het apparaat ook aansluiten met een PHONO-XLR- kabel. 1 Koppel het netsnoer los. 2 Verbind dit toestel en een draaitafel.
- Verwijder de korte PHONO-pinnen wanneer u verbinding maakt met de analoge aansluitingen voor audio-invoer (PHONO).
PHONO-aansluitingen voor verbinding met de draaitafel ondersteunen cartridges van het type MM/MC. (PHONO XLR-aansluitingen ondersteunen alleen cartridges van het type MC.) 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie.
- U kunt de invoerbron ook selecteren door aan de invoerselectieknop op het toestel te draaien. 6 Start het afspelen op de verbonden draaitafel.
- Wanneer u een draaitafel met een ingebouwde PHONO-equalizer aansluit, moet u de analoge audiokabel gebruiken voor de aansluiting op de analoge audio-ingangen (LINE1 of LINE2) van dit toestel. ( 15)
- Wanneer u een draaitafel aansluit met een PHONO-aardkabel, moet u de PHONO- aardkabel aansluiten op de PHONO EARTH- aansluiting van dit toestel. Het cartridgetype selecteren Selecteer de instellingen (MM/MC) volgens het type cartridge van de aangesloten draaitafel. 1 Druk op [MENU].
Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “MM/MC” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
Druk op [ ], [ ] om “MM”/“MC” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- Niet beschikbaar wanneer “PHONO XLR” geselecteerd is als ingangsbron. (De instelling staat vast op “MC”.)
- Wanneer “MM/MC” geregeld is, staat “Cartridge Optimiser” vast op “Off”. Stel “Cartridge Optimiser” opnieuw in of selecteer de geregistreerde data in overeenstemming met “MM/MC”. ( 17) Het niveau van de audio-uitgang regelen Als er geluidsvervorming optreedt of als het ingangsniveau laag is bij het gebruik van de analoge audio-ingangen, dan kan de geluidskwaliteit mogelijk worden verbeterd door de versterkingsfactor in te stellen. 1 Druk op [MENU].
Druk op [ ], [ ] om “Gain” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ] om dit te regelen en druk vervolgens op [OK].
Wanneer “Gain” geregeld is, staat “Cartridge Optimiser” vast op “Off”. Stel “Cartridge Optimiser” opnieuw in of selecteer de geregistreerde data in overeenstemming met “Gain”. ( 17) De kenmerken van de cartridge optimaliseren Dit toestel meet en optimaliseert de overspraak- en de frequentiekenmerken van de cartridge door de meegeleverde kalibratieplaat op de aangesloten draaitafel af te spelen.
Afhankelijk van de instelling “Cartridge Optimiser” schakelt “REC OUT” over op “Off” en wordt het geluid niet weergegeven via de analoge uitgangen (REC OUT). ■ Voorbereiding
Verbind de PHONO-aardkabel van de draaitafel met de PHONO EARTH-aansluiting van dit toestel.
- Stel “MM/MC” van dit toestel in volgens het type cartridge van de draaitafel.
- Stel “Gain” van dit toestel in volgens de cartridge van de aangesloten draaitafel.17 Nederlands Bediening (121) 1 Druk op [MENU]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “Cartridge Optimiser” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
Druk op [ ], [ ] om “Measurement Start” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
“Prepare Calibration Record” wordt weergegeven. 4 Start met het afspelen van de kalibratieplaat op de aangesloten draaitafel en druk vervolgens op [OK].
Speel eerst de buitenste track op de kalibratieplaat af, die aan beide zijden 2 tracks heeft (ca. 3 minuten). Speel nog een track af als de optimalisering niet goed start.
- De luidsprekers geven een testtoon weer.
- De meting begint voor de data van “Crosstalk Canceller” en “Response Optimisation”.
Wanneer “Lift up the tone arm” wordt weergegeven, stopt u met het afspelen van de kalibratieplaat en drukt u op [OK].
- De verwerking van de gemeten data begint (ca. 10 minuten). 6 Wanneer “Completed” wordt weergegeven, drukt u op [OK].
Wanneer “Register 1 - 3” wordt weergegeven, drukt u op [OK] en vervolgens op [ ], [ ] om de data te selecteren die moet worden opgeslagen.
- De geoptimaliseerde data kunnen in maximaal 3 types worden opgeslagen. De data worden overschreven wanneer de reeds geregistreerde data worden geselecteerd. 8 Druk op [OK].
- “Registered” wordt weergegeven.
(Wanneer de data een naam krijgen) Wanneer “Rename?” wordt weergegeven, drukt u op [OK].
Wanneer de naam niet bewerkt moet worden, drukt u op [ ] om af te sluiten. De meting wordt voltooid en de geoptimaliseerde data worden geregistreerd.
- De bewerkte naam wordt opgeslagen, de meting wordt voltooid en de geoptimaliseerde data worden geregistreerd.
“Crosstalk Canceller”/“Response Optimisation” Druk op [MENU]. Druk op [ ], [ ] om “Cartridge Optimiser” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. Druk op [ ], [ ] om de geregistreerde data te selecteren en druk vervolgens op [ ]. Druk op [ ], [ ] om “Crosstalk Canceller”/“Response Optimisation” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. Druk op [ ], [ ] om “On”/“Off” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- “Crosstalk Canceller”: Hiermee wordt de overspraak op de cartridge verminderd.
- “Response Optimisation”: Hiermee wordt de overspraak op de cartridge en de kabel geoptimaliseerd en wordt tevens de balans tussen rechts en links geregeld. ■ De geregistreerde instelling oproepen Druk op [MENU]. Druk op [ ], [ ] om “Cartridge Optimiser” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. Druk op [ ], [ ] om de geregistreerde data te selecteren en druk vervolgens op [OK]. ■ Bewerk de naam Druk op [MENU]. Druk op [ ], [ ] om “Cartridge Optimiser” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. Druk op [ ], [ ] om de geregistreerde data te selecteren en houd vervolgens [OK] ingedrukt. Druk op [ ], [ ]
om de naam in te vullen en druk vervolgens op [OK].
- Alleen ASCII-tekens kunnen worden gebruikt.
“A” kan worden toegevoegd wanneer u op [ ] drukt op het moment dat de laatste letter is geselecteerd.
- Druk op [CLEAR] om een letter te wissen. De curve van de PHONO-equalizer wijzigen U kunt de equalizercurve van dit toestel wijzigen. Dit toestel ondersteunt de gesimuleerde equalizercurve voordat deze wordt gelijkgeschakeld in RIAA.
Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “EQ CURVE” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
Druk op [ ], [ ] om de equalizerinstelling te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- U kunt ook naar een andere equalizercurve overschakelen door op [CURVE] te drukken. Laagfrequente ruis minimaliseren Hiermee wordt de laagfrequente ruis geminimaliseerd die wordt veroorzaakt door de kromming van de plaat. ( 15)18 Bediening Dit toestel gebruiken als versterker (122) Stel het volume van de AV-ontvanger, spanningsgestuurde versterker enz. in op het minimum voordat u die aansluit. De volumeregeling op dit toestel is uitgeschakeld wanneer u het gebruikt als versterker. Pas het volume beetje bij beetje aan met het aangesloten toestel. Voer het audiosignaal van de REC OUT/ PRE OUT-aansluitingen niet in op de MAIN IN-aansluitingen van dit toestel. Dit kan immers leiden tot een defect.
PREOUT AV-ontvanger, spanningsgestuurde versterker enz. Analoge audiokabel (niet bijgeleverd) 1 Koppel het netsnoer los. 2 Sluit dit toestel en de AV-ontvanger, spanningsgestuurde versterker enz. aan na het minimaliseren van het volume van het toestel. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [SETUP]. 6 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “MAIN IN” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 7 Druk op [ ], [ ] om “On” te selecteren en druk op [OK]. 8 Controleer het weergegeven bericht en druk op [OK]. 9 Druk op [ ], [ ] om “Yes” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 10 Start het afspelen op het verbonden apparaat. Opmerking
- Het is niet mogelijk om het volume te regelen met dit toestel.
- Er komt geen geluid uit de hoofdtelefoonaansluiting en de REC OUT/PRE OUT-aansluitingen. Geluidsvervorming minimaliseren Als er geluidsvervorming optreedt, kan de geluidskwaliteit mogelijk worden verbeterd door de demper in te stellen op “On”.
- De standaardfabrieksinstelling is “Off”. 1 Druk op [MENU]. 2 Druk op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ] om “On” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. U kunt de AV-ontvanger, de spanningsgestuurde versterker enz. op dit toestel aansluiten met een analoge audiokabel (niet meegeleverd) en het toestel gebruiken als versterker.19 Nederlands Bediening (123) Gebruik van het apparaat voor analoge audio-invoer Voer het audiosignaal van de REC OUT/ PRE OUT-aansluitingen niet in op de analoge audio-ingangen van dit toestel. Dit kan immers leiden tot een defect. Een versterker, subwoofer enz. aansluiten U kunt de versterker, subwoofer enz. aansluiten met een analoge audiokabel (niet bijgeleverd) om de analoge audiosignalen uit te voeren. AUDIOIN Analoge audiokabel (niet bijgeleverd) Versterker, subwoofer enz. 1 Koppel het netsnoer los. 2 Sluit dit toestel en een versterker, subwoofer enz. aan. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. Opmerking
- Meer informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing van het aangesloten apparaat.
- Het audiosignaal dat wordt uitgevoerd via de versterker, subwoofer enz. die verbonden zijn met de PRE OUT-uitgangen kan worden ingeschakeld/uitgeschakeld. ( 21) Opnameapparatuur aansluiten Wanneer u een opnameapparaat op dit apparaat aansluit, gebruikt u de analoge audiokabel (niet meegeleverd) en verbindt u de uitgang REC IN met de audio-uitgangen van de aangesloten apparatuur. Verbind de REC OUT-uitgangen met de audio-ingangen van de aangesloten apparatuur.
- Druk op [REC IN] om de invoerbron te wijzigen in “REC IN”. AUDIOOUT Analoge audiokabel (niet bijgeleverd) Opnameapparatuur Opname-ingangen (REC IN, AUX IN) 1 Koppel het netsnoer los. 2 Verbind dit toestel met de audioapparatuur. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. Opmerking
- Wanneer de ingangsbron wordt gewijzigd, kan de audio van het uitgangssignaal hakkelend klinken.
- Het audiosignaal dat wordt uitgevoerd via de opnameapparatuur die verbonden is met de REC OUT-uitgangen kan worden ingeschakeld/ uitgeschakeld. ( 21)20 (124) Instellingen Geluidsafstelling, Andere instellingen 1 Druk op [SETUP]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om het menu te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 3 Druk op [ ], [ ], [ ], [ ] om de gewenste parameter of waarde te selecteren en druk vervolgens op [OK]. De geluidseffecten en andere instellingen kunnen worden ingesteld. BASS/MID/TREBLE regelen “Tone Control” De toon kan worden geregeld door op [BASS]/ [MID]/[TREBLE] te drukken.
- De toonregeling wordt ingeschakeld door op [BASS]/[MID]/[TREBLE] te drukken en “Tone Control” op “On” te zetten.
- Ieder niveau kan afgesteld worden tussen “-10” en “+10”.
- Wanneer een ondersteunend systeem van het Technics-toestel (netwerkaudiospeler enz.) wordt aangesloten op dit toestel, is het mogelijk dat de geluidsregeling van het aangesloten toestel prioriteit krijgt boven dit toestel. Pas het geluid aan met het aangesloten toestel.
- Niet beschikbaar wanneer dit toestel als versterker wordt gebruikt ( 18). Regel het geluid met de AV-ontvanger, de spanningsgestuurde versterker enz.
- Stel “Tone Control” in op “Off” om de regeling van “BASS”, “MID” en “TREBLE” in te stellen. De balans van de luidsprekers regelen “Balance L/R” Hiermee wordt de balans van de uitvoer van de linker en rechter luidsprekers geregeld.
- Ieder niveau kan afgesteld worden tussen 18 dB (L) en 18 dB (R).
- De audio-uitvoer van de aangesloten koptelefoon en de PRE OUT-uitgangen kan ook worden geregeld.
- Deze instelling is uitgeschakeld terwijl dit toestel als versterker wordt gebruikt ( 18). Pas de instelling aan met het aangesloten toestel. De volumedemper regelen “VOLUME Attenuator” Stel dit in op “On (-20dB)” als u wilt dat de demper de volumeregeling vlotter kan doen verlopen bij een laag volume.
- De standaardfabrieksinstelling is “Off”.
- “ATT” wordt weergegeven na de instelling.
- Niet beschikbaar wanneer dit toestel als versterker wordt gebruikt ( 18). Regel het geluid met de AV-ontvanger, de spanningsgestuurde versterker enz. MQA-decodering “MQA Decoding” Dit apparaat bevat de MQA-technologie (Master Quality Authenticated), waarmee MQA- audiobestanden en -streams kunnen worden afgespeeld met dezelfde geluidskwaliteit als de originele opname. De ingebouwde MQA-decoder herstelt het hogeresolutiesignaal dat in de studio wordt gehoord en bevestigt dit met behulp van de authenticatiehandtekening. Ga naar www.mqa.co.uk/customer/mqacd voor meer informatie. Om te zorgen dat het geluid zoals de originele opname klinkt, moet u de MQA-decodeerfunctie instellen op “On”.
- “MQA”, “MQA Studio”, enz. worden weergegeven terwijl de MQA-audiobestanden en -streams worden afgespeeld.21 Nederlands Instellingen (125) De luidsprekeruitgangen selecteren “SPEAKERS” Selecteer de uitgangen van de luidsprekers die het geluid moeten weergeven.
- De standaardfabrieksinstelling is “A”. De audio-uitvoer inschakelen “PRE OUT” Hiermee wordt de audio-uitvoer van de PRE OUT-uitgangen ingeschakeld/uitgeschakeld.
- De standaardfabrieksinstelling is “On”. De audio-uitvoer inschakelen “REC OUT” Hiermee wordt de audio-uitvoer van de REC OUT-uitgangen ingeschakeld/uitgeschakeld.
- Wanneer “LAPC” of “Response Optimisation” ingesteld is op “On”, kan “REC OUT” ingesteld zijn op “Off”.
- De standaardfabrieksinstelling is “On”. De functie Automatisch uitschakelen “Auto Off” Dit toestel is ontworpen om het eigen stroomverbruik te reduceren en energie te besparen. Het toestel werd ongeveer 20 minuten lang niet gebruikt en wordt binnen een minuut op de stand-by-modus gezet. Druk op ongeacht welke knop om dit te annuleren.
- De standaardfabrieksinstelling is “On”. Selecteer “Off” om deze functie uit te schakelen.
- “Auto Off” is displayed 3 minutes before this unit is turned off. Opmerking
- De instelling wordt ook opgeslagen als het toestel uit- en weer ingeschakeld wordt. Het dimmerniveau regelen “Auto DIMMER” Het toestel is al ongeveer 20 minuten niet in gebruik en zal de helderheid van de piekverbruikmeter, de stroomindicator en de LAPC-indicator enz. tijdelijk aanpassen.
- De standaardfabrieksinstelling is “On”.
- De functie “Auto Off” krijgt prioriteit terwijl “Auto Off” ingesteld is op “On”. De naam van het model controleren “Model No.” De naam van het model wordt weergegeven. De firmwareversie controleren “F/W Version” De versie van de geïnstalleerde firmware wordt weergegeven.22 (126) Instellingen De uitvoercorrectiefunctie (LAPC) gebruiken Het uitvoersignaal van de versterker meten en de uitvoer ervan corrigeren (LAPC) ■ Voorbereiding
- Koppel de hoofdtelefoon los. Tijdens meting uitgezonden testtoon Om te zorgen voor een nauwkeurige meting, laat de luidsprekeruitvoer op regelmatige tijdstippen een testtoon horen. (Ongeveer 3 minuten) Het is niet mogelijk het volume van de uitgevoerde audio te veranderen terwijl de meting bezig is. 1 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 2 Houd [LAPC] ingedrukt tot “Please Wait” wordt weergegeven. “LAPC Measuring” wordt weergegeven en dit toestel start de meting van het uitvoersignaal van de versterker. Controleer of zowel de linker- als rechterluidspreker een testtoon laat horen. Als de meting voltooid is, zal de correctie van de versterker-uitgang automatisch ingeschakeld worden.
- Als u een hoofdtelefoon aansluit tijdens de meting van het signaal van een versterker of een correctie van de uitvoer van een versterker, dan wordt deze handeling geannuleerd. Opmerking
- De correctiefunctie voor uitvoer kan worden ingesteld voor “A”, “B” of “A+B” van “SPEAKERS”. (De correctiefunctie voor uitvoer is niet beschikbaar indien de instelling “Off” is.)
- De meting van het versterkersignaal wordt geannuleerd in de volgende situaties: - U drukt op [MUTE]/[LAPC] - De invoerbron wordt gewijzigd ■ In-/uitschakelen van de uitgangscorrectiefunctie Druk op [LAPC] om “On”/“Off” te selecteren.
- De LAPC-indicatorlampjes en “LAPC : On” worden weergegeven terwijl de uitvoercorrectiefunctie bezig is. Opmerking
- De meting is niet beschikbaar voor het audio- uitgangssignaal uit de REC OUT/PRE OUT- aansluitingen van dit toestel. ( 19)
- Al naargelang het type aangesloten luidsprekers, zal het effect van de uitgangscorrectiefunctie minimaal zijn.
- De gecorrigeerde uitvoer blijft van kracht tot u het uitvoersignaal opnieuw meet. Wanneer u andere luidsprekers gebruikt, voert u de meting opnieuw uit.
- Wanneer “REC OUT” ingesteld is op “On”, is het mogelijk dat “LAPC” uitgeschakeld is. Direct-modus Dat zorgt voor een getrouwe en hoogwaardige reproductie van het originele geluid en annuleert de instelling van de toonregeling.
- De standaardfabrieksinstelling is “Off”. Druk op [DIRECT] om “On”/“Off” te selecteren.
- Stel dit in op “On” om de modus in te schakelen.
- Wanneer u op [BASS]/[MID]/[TREBLE] drukt, wordt de direct-modus geannuleerd en wordt “Tone Control” ingesteld op “On” ( 20) U kunt optimaal afstellen volgens uw eigen luidsprekers.23 Nederlands Instellingen (127) Firmware-updates Firmware-updates “F/W Update” Af en toe zal Panasonic bijgewerkte firmware uitgeven voor dit apparaat dat een toevoeging of een verbetering kan vormen op de manier een eigenschap werkt. Deze bijwerkingen zijn gratis beschikbaar.
- Meer informatie over updates, vindt u op de volgende website. www.technics.com/support/firmware/ Downloaden duurt ongeveer 3 minuten. Koppel het netsnoer niet los of zet dit toestel niet in stand-by tijdens het bijwerken. Verwijder het USB-flashgeheugen niet tijdens het updaten.
- Tijdens het bijwerken wordt de voortgang weergegeven als “Updating %”. (“ ” staat voor een nummer.) Opmerking
- Tijdens het bijwerken kunnen er geen andere bewerkingen worden uitgevoerd.
- Als er geen updates beschikbaar zijn, wordt “Firmware is Up To Date” weergegeven. (U hoeft geen updates uit te voeren.)
- Als de firmware wordt bijgewerkt, is het mogelijk dat de instellingen van dit toestel gereset worden. ■ Voorbereiding
- Download de nieuwste firmware op het USB- flashgeheugen. Meer informatie vindt u op de volgende website. www.technics.com/support/firmware/ 1 Verbind het USB-flashgeheugen met nieuwe firmware. USB-apparaat 2 Druk op [SETUP]. 3 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “F/W Update” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 4 Druk op [ ], [ ] om “Yes” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- Tijdens het bijwerken wordt de voortgang weergegeven als “Updating %”. (“ ” staat voor een nummer.)
- Wanneer het bijwerken is voltooid, wordt “Success” weergegeven. 5 Zet de aan-/uitknop in de [ ]- positie en druk opnieuw voor de
- Downloaden kan langer duren afhankelijk van het USB-flashgeheugen.
- Gebruik een USB-flashgeheugen met FAT 16- of FAT 32-indeling.
- De UPDATE-aansluiting wordt alleen gebruikt voor updates van de firmware. Sluit hierop alleen het USB-flashgeheugen voor het updaten van de firmware aan, geen andere USB- apparaten.
- U kunt USB-apparaten niet opladen via de UPDATE-aansluiting van het apparaat.24 (128) Instellingen Aansluiting van systeembediening U kunt dit toestel en Technics-toestellen die de functie van de systeembediening ondersteunen (netwerkaudiospeler, compact disc-speler enz.) gemakkelijk tegelijkertijd bedienen via de afstandsbediening. Meer informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing van elk apparaat. CONTROLCOAXIALOUT Kabel voor systeemaansluiting Netwerkaudiospeler enz. Coaxiale digitale kabel (niet bijgeleverd)
: In de illustratie ziet u het voorbeeld van een aansluiting met een coaxiale digitale tabel. Sluit het toestel aan met de juiste kabel/ aansluiting voor het toestel. Gebruik van de kabel voor systeemaansluiting en audiokabel 1 Koppel het netsnoer los. 2 Verbind dit toestel met het Technics- toestel dat de functie van de systeembediening ondersteunt (netwerkaudiospeler enz.) aan.
- Gebruik zowel de kabel voor systeemaansluiting als de audiokabels wanneer u dit toestel en hoofdtoestel met elkaar verbindt.
- Gebruik de kabel voor aansluiting op het systeem die werd meegeleverd met het aangesloten apparaat. 3 Sluit het netsnoer aan op dit toestel. ( 12) 4 Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. 5 Druk op [SETUP]. 6 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “System Control” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 7 Druk op [ ], [ ] om de ingangsbron te selecteren voor het toestel dat in stap 2 werd aangesloten en druk op [OK].
- Selecteer “Off” om de functie voor bediening van het systeem uit te schakelen. Opmerking
- Wanneer u dit toestel als versterker gebruikt ( 18), wordt de functie voor systeembediening voor het Technics-toestel dat is aangesloten op de MAIN IN-aansluitingen uitgeschakeld. Dit toestel en het aangesloten toestel inschakelen
- Als u de afstandsbediening naar dit toestel richt en op [ ] drukt wanneer dit toestel en het aangesloten apparaat in de stand-bymodus staan, worden dit toestel en het apparaat van de ingangsbron die geselecteerd is in “System Control” tegelijkertijd ingeschakeld.
- Als u de afstandsbediening naar dit toestel richt en op [ ] drukt wanneer dit toestel en het aangesloten apparaat ingeschakeld zijn, gaan dit toestel en het toestel van de geselecteerde ingangsbron over naar de stand-bymodus. De ingangsbron van dit toestel automatisch wisselen Wanneer u een handeling uitvoert zoals weergave op het aangesloten toestel, gaat de ingangsbron van dit toestel automatisch over op de bron die is ingesteld met “System Control”.25 Nederlands Problemen oplossen
Instellingen / Problemen oplossen (129) Warmteopbouw van dit toestel Dit toestel wordt warm wanneer het in gebruik is. Dit duidt niet op een defect. Heeft u de meest recente firmware geïnstalleerd? Panasonic is constant bezig met het verbeteren van de firmware van het toestel om ervoor te zorgen dat onze klanten kunnen genieten van de laatste technologie. ( 23) Alle instellingen opnieuw op de fabrieksinstellingen zetten Verricht een reset van het geheugen als de volgende situaties optreden:
- Er is geen reactie als op de knoppen gedrukt wordt.
- U wilt de geheugeninhouden wissen en resetten. 1 Druk op [SETUP]. 2 Druk herhaaldelijk op [ ], [ ] om “Initialization” te selecteren en druk vervolgens op [OK].
- Een bevestigingsscherm verschijnt. Selecteer “Yes” in de volgende stappen om alle instellingen terug op hun standaardwaarde in te stellen. 3 Druk op [ ], [ ] om “Yes” te selecteren en druk vervolgens op [OK]. 4 Druk op [ ], [ ] om “Yes” te selecteren en druk vervolgens opnieuw op [OK]. Algemeen Het toestel werkt niet. De bedieningen zijn niet goed uitgevoerd.
- Een van de beveiligingsapparaten van het toestel zijn mogelijk geactiveerd. Zet de aan-/uitknop van het toestel in de
Als het toestel niet overschakelt op stand-by, moet u het netsnoer loskoppelen, minstens 3 minuten wachten en het toestel vervolgens terug aansluiten. Zet de aan-/uitknop van het toestel in de [ ]-positie. Als het toestel nog steeds niet werkt, neem dan contact op met de dealer. Het is mogelijk, dat tijdens de weergave een “zoemgeluid” te horen is.
- Er bevindt zich een netsnoer van een ander apparaat of fluorescerend licht vlakbij de kabels. Schakel andere apparatuur uit of houd ze uit de buurt van de kabels van dit toestel.
- Een sterk magnetisch veld vlak bij een tv of vlak bij andere apparatuur kan een nadelige invloed hebben op de audiokwaliteit. Houd dit toestel verwijderd van een dergelijke plaats.
De luidsprekers kunnen geluid laten horen als een apparaat vlakbij krachtige radiogolven uitzendt, zoals wanneer met een mobiele telefoon gebeld wordt. Geen geluid.
- Controleer het volume van dit toestel en het aangesloten toestel.
- Controleer de aansluitingen naar de luidsprekers en andere apparatuur.
- Sluit de luidsprekers aan en meet het uitvoersignaal van de versterker. ( 22)
- Controleer de impedantie van de aangesloten luidsprekers.
Controleer of de correcte ingangsbron geselecteerd is.
- Steek de stekker van de aan te sluiten kabels volledig naar binnen.
Controleer of de instelling van de geluidsuitgang correct is. (Er komt geen geluid uit de luidsprekers die aangesloten zijn op de luidsprekeruitgangen van dit toestel wanneer “PRE OUT” op “Off” is ingesteld.) ( 19)
Er komt geen geluid uit de hoofdtelefoonaansluiting en de REC OUT/PRE OUT-aansluitingen.
- Het afspelen van multi-kanaal inhoud wordt niet ondersteund.
- De aansluitingen voor digitale audio-invoer van dit toestel kunnen alleen lineaire PCM-signalen detecteren. Meer informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing van het apparaat. Voer eerst de onderstaande controles uit voordat u het apparaat laat repareren. Als u twijfelt aan bepaalde controlepunten, of als de oplossingen die door de volgende gids worden voorgesteld het probleem niet verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper voor advies.26 Problemen oplossen
(130) Het geluid is vervormd.
- Stel “Attenuator”/“Gain” in op “On” volgens de analoge audio-ingang. Dat zou kunnen leiden tot minder geluidsvervorming. ( 15, 16, 18) Het toestel gaat automatisch in stand-by.
- Is de auto off-functie ingeschakeld? ( 21)
Dit toestel is voorzien van een beveiligingscircuit om schade door hitteaccumulatie te voorkomen. Wanneer u dit toestel gedurende lange tijd op hoog volume laat afspelen, kan het automatisch uitschakelen. Wacht tot dit toestel afkoelt voordat u het opnieuw inschakelt. (Ongeveer 3 minuten) De instellingen worden gereset naar de fabrieksinstellingen.
- Als u de firmware bijwerkt, kan dit de instellingen resetten. De piekverbruikmeter werkt niet.
- In de volgende gevallen werkt deze meter niet: - Wanneer de hoofdtelefoon aangesloten is. - Wanneer de piekverbruikmeter is uitgeschakeld door op [DIMMER] te drukken. - Wanneer het geluid van dit toestel wordt gedempt door op [MUTE] te drukken. - Wanneer “SPEAKERS” wordt ingesteld op “Off” ( 19) Het scherm wordt donker.
Druk op [DIMMER] om het dimmerniveau te regelen.
Controleer de instelling van “Auto DIMMER”. ( 21) De functie voor systeembediening werkt niet.
- Gebruik de kabel voor aansluiting op het systeem die werd meegeleverd met het aangesloten apparaat.
Sluit de kabel voor aansluiting op het systeem aan op de systeemaansluitingen (CONTROL). ( 24)
- Controleer de aansluiting van de verbindingskabel met het systeem, de audiokabel en de ingangsbron die wordt geregeld via “System Control”. ( 24)
- Sluit het Technics-toestel dat de functie van de systeembediening ondersteunt (netwerkaudiospeler, compact disc-speler enz.) aan op dit toestel. Meer informatie vindt u op de volgende website. www.technics.com/support/
De pc herkent dit toestel niet.
- Controleer uw besturingsomgeving. ( 14)
- Start de pc opnieuw op, zet dit toestel in stand-by, schakel het in en sluit de USB-kabel opnieuw aan.
Gebruik een andere USB-poort van de verbonden pc.
- Installeer het daartoe bestemde USB- stuurprogramma indien u een Windows- computer gebruikt. ( 14) Afstandsbediening De afstandsbediening werkt niet correct.
- De batterijen zijn leeg of niet correct geplaatst. ( 10)
- Plaats geen objecten voor de signaalsensor, om interferentie te voorkomen. ( 08)
Indien de afstandsbedieningmodus van de afstandsbediening verschilt van die van het toestel, moet u de afstandsbediening op dezelfde afstandsbedieningmodus instellen als dit toestel. ( 11) Zorg voor het toestel
Trek het netsnoer uit het stopcontact alvorens onderhoud uit te voeren. Reinig dit toestel met een zachte doek.
- Als het erg vuil is, knijp dan een natte doek goed uit, veeg het vuil weg en droog het toestel met een zachte doek.
Gebruik geen oplosmiddelen zoals benzine, thinner, alcohol, vaatwasmiddel, chemische reinigingsmiddelen, enz. De externe behuizing kan erdoor beschadigd raken of de coating kan loskomen. Voor de afvalverwerking of overdracht van dit toestel
- Dit toestel kan persoonlijke informatie bevatten. Voer de volgende stappen uit, vooraleer dit toestel wordt afgevoerd of overgedragen, om de gegevens te verwijderen, met inbegrip van persoonlijke of geheime informatie.
De volumeregeling op dit toestel is uitgeschakeld wanneer u het gebruikt als versterker.
- Pas het volume beetje bij beetje aan met het aangesloten toestel. ( 18) AUTO OFF
- Het toestel werd ongeveer 20 minuten lang niet gebruikt en wordt binnen de minuut uitgeschakeld. Druk op om het even welke knop om dit te annuleren. ( 21) Connect USB Device
- Het downloaden van de firmware is mislukt.
- Download de nieuwste firmware op het USB- flashgeheugen en probeer het opnieuw. ( 23)27 Nederlands Problemen oplossen (131) Disconnect PHONES
- Wanneer de hoofdtelefoon aangesloten is, zal de meting van het uitgangssignaal van de versterker (LAPC) niet starten.
- Koppel de hoofdtelefoon los.
- Als u een hoofdtelefoon aansluit tijdens de meting van het signaal van een versterker of een correctie van de uitvoer van een versterker, dan wordt deze handeling geannuleerd. ( 22)
” (“ ” staat voor een nummer.)
Er heeft zich een abnormaliteit voorgedaan. (Als dit toestel een abnormaliteit detecteert, worden de beveiligingsschakelingen geactiveerd en is het mogelijk dat de stroom automatisch uitgeschakeld wordt.) - Is het volume erg hoog? Of staat dit toestel op een zeer warme plek? Wacht enkele seconden en schakel het toestel vervolgens opnieuw in. (De beveiligingsschakelingen zullen gedeactiveerd worden). Load Fail
- Kan de firmware niet vinden in het USB- flashgeheugen.
- Download de nieuwste firmware op het USB- flashgeheugen en probeer het opnieuw. ( 23) Measurement Fail
- De meting of verwerking van”Cartridge Optimiser” is mislukt. Controleer het volgende. “High Level”: Er zit veel ruis op het uitvoersignaal of het niveau van het uitvoersignaal van de draaitafel is te hoog. Verwijder het stof van de plaat. Controleer de instelling van “Gain” en regel het invoerniveau van dit toestel ( 16). Controleer of de instelling “MM/MC” van dit toestel overeenstemt met het cartridgetype van de draaitafel of niet ( 16). “Low Level”: De plaat wordt niet afgespeeld of het niveau van het uitvoersignaal van de draaitafel is te laag. Controleer of de draaitafel juist is aangesloten en of de plaat op de juiste manier wordt afgespeeld ( 16). Controleer de instelling van “Gain” en regel het invoerniveau van dit toestel ( 16). Controleer of de instelling “MM/MC” van dit toestel overeenstemt met het cartridgetype van de draaitafel of niet ( 16). “Low Quality”: Er zit te veel ruis op het uitvoersignaal van de draaitafel. Verwijder het stof van de plaat. Of speel een ander nummer af. Raadpleeg uw verkoper als het probleem aanhoudt. “Speed Mismatch”: De waarde van de Toeren per minuut is niet juist. Pas de waarde van de Toeren per minuut aan en speel de plaat af volgens de juiste waarde. “System Error”: Het kan een systeemfout zijn. Raadpleeg uw verkoper. No Device
- USB-flashgeheugen met nieuwe firmware is niet aangesloten. Verbind het USB-flashgeheugen met nieuwe firmware. ( 23) Not Measured
- De meting van het uitgangssignaal voor de uitvoercorrectiefunctie (LAPC) is nog niet uitgevoerd.
- Meet het output signaal. ( 22) Not Valid
- De functie die u geprobeerd heeft te gebruiken, is niet beschikbaar met de huidige instellingen. Kijk de stappen en de instellingen na.
- De huidige ingangsbron verschilt van de ingangsbron in de instelling “Cartridge Optimiser”. Schakel over naar de juiste ingangsbron. ( 16)
- [MUTE] is niet geldig tijdens de meting van “Cartridge Optimiser”. Regel het volume. PHONES Connected
- De hoofdtelefoon is aangesloten.
Er komt geen geluid uit de hoofdtelefoonaansluiting en de aansluitingen voor de luidsprekeruitgang wanneer de hoofdtelefoon is aangesloten en “MAIN IN” is geselecteerd als ingangsbron van dit toestel. ( 18) “Remote ” (“ ” staat voor een nummer.)
- De afstandsbediening en dit toestel gebruiken verschillende modi. Verander de modus op de afstandsbediening. ( 11) Unlocked
- “COAX1”, “COAX2”, “OPT1”, “OPT2”, “PC1” of “PC2” is geselecteerd, maar er is geen apparaat aangesloten. Kijk de verbinding met het apparaat na. ( 13, 14)
De onderdelen voor de bemonsteringsfrequentie, enz. van de geluidssignalen werden niet correct ingevoerd. - Raadpleeg “Ondersteunde formaat” voor meer informatie over de ondersteunde formaat. ( 28) USB Over Current Het USB-apparaat verbruikt te veel stroom.
- Koppel het USB-apparaat los en sluit het opnieuw aan. ( 23)
- Zet het toestel in stand-by en schakel het opnieuw in. VOLUME OK (“ ” staat voor een nummer.)
- Wanneer de ingangsbron wordt overgeschakeld naar “MAIN IN”, wordt het volumeniveau weergegeven nadat de ingangsbron is gewijzigd.
- Controleer het volume en pas het aan. Druk vervolgens op [OK].28 (132) Overige Specificaties ■ ALGEMEEN Stroomtoevoer AC 220 V tot 240 V, 50/60 Hz Stroomverbruik 220 W Stroomverbruik in stand-bymodus Ca. 0,3 W Afmetingen (B×H×D) 430 mm × 191 mm × 459 mm Massa Ca. 22,8 kg Bedrijfstemperatuurbereik 0 °C tot 40 °C Bedrijfsvochtigheidsbereik 35 % tot 80 % RH (geen condensatie) ■ VERSTERKER Uitgangsvermogen 150 W + 150 W (1 kHz, T.H.D. 0,5 %, 8 , 20 kHz LPF) 300 W + 300 W (1 kHz, T.H.D. 0,5 %, 4 , 20 kHz LPF) Laadimpedantie 4 tot 16 Frequentierespons PHONO (MM) 20 Hz tot 20 kHz (RIAA-DEVIATIE ±1 dB, 8 ) LINE 5 Hz tot 80 kHz (-3 dB, 8 ) DIGITAL IN 5 Hz tot 80 kHz (-3 dB, 8 ) Ingangsgevoeligheid/ Ingangsimpedantie PHONO (MM) 2,5 mV / 47 k PHONO (MC) 300 mV / 100 k LINE 200 mV / 22 k ■ AANSLUITINGEN Hoofdtelefoonaansluiting Stereo, 6,3 mm 0,75 mW, 32
- Het afspelen van alle formaten die door dit toestel ondersteund worden, wordt niet gegarandeerd.
- Het afspelen van een formaat dat niet door dit toestel ondersteund wordt, kan een hakkelend geluid of ruis veroorzaken. Controleer in die gevallen of dit toestel het formaat ondersteunt.
- De bestandsinformatie (samplingfrequentie enz.) die door dit toestel getoond wordt en de afspeel- software, kunnen van elkaar verschillen.29 Nederlands Overige (133) Pc (USB-B)
Bestands- formaat Bemonsteringsfrequentie Bitsnelheid/ Aantal kwantisatiebits PCM 32/44,1/48/88,2/96/176,4/192/352,8/384 kHz 16/24/32 bit DSD 2,8 MHz/5,6 MHz/11,2 MHz/22,4 MHz (alleen ASIO Native-modus) MQA-decoder De functie MQA-decodering is beschikbaar voor de digitale invoer
: Als u de speciale app downloadt en installeert, kunt u bestanden van verschillende formaten afspelen. ( 14) Meer informatie vindt u in de gebruiksaanwijzing van de app. Opmerking
- Specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.
- Gewicht en afmetingen zijn bij benadering. Windows is een handelsmerk of een geregistreerd handelsmerk van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen. Mac en OS X zijn handelsmerken van Apple Inc., die in de V.S. en andere landen gedeponeerd zijn. MacOS is een handelsmerk van Apple Inc. “DSD” is een gedeponeerd handelsmerk. MQA en Sound Wave Device zijn geregistreerde handelsmerken van MQA Limited © 2016 The Clear BSD License Copyright (c) 2015, Freescale Semiconductor, Inc. Copyright 2016-2017 NXP All rights reserved. Redistribution and use in source and binary forms, with or without modification, are permitted (subject to the limitations in the disclaimer below) provided that the following conditions are met:
Notice-Facile