Levi One - Autostoel Lionelo - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Levi One Lionelo in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Autostoel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Levi One - Lionelo en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Levi One van het merk Lionelo.
GEBRUIKSAANWIJZING Levi One Lionelo
Informae Kinderbeveiligingssystemen vallen in de categorieën ‘universeel’ en ‘semi-universeel’. Het is goedgekeurd volgens VN-Reglement nr. 44, 04-reeks amendementen, voor algemeen gebruik in voertuigen en is geschikt voor gebruik in de meeste auto’s. Een correcte installae is mogelijk als de voertuigfabrikant in het voertuighandboek hee verklaard dat het voertuig geschikt is voor de installae van een “universeel” en “semi-universeel” kinderbeveiligingssysteem voor deze leeijdsgroep. Dit kinderbeveiligingssysteem is als “universeel” geclassiceerd onder strengere voorwaarden dan die welke gelden voor eerdere ontwerpen die deze informae niet bevaen. Raadpleeg in geval van twijfel de fabrikant van het kinderbeveiligingssysteem of de verkoper. Het is alleen geschikt als de goedgekeurde voertuigen zijn uitgerust met driepuntsgordels, voorzien van oprolmechanismen, die goedgekeurd zijn volgens VN-Reglement nr. 16 of andere gelijkwaardige normen. Beste klant! Als u opmerkingen of vragen hee over een gekocht product, neem dan contact met ons op: help@lionelo.com Lees deze gebruikershandleiding zorgvuldig door voordat u het stoeltje voor het eerst gebruikt. Fabrikant: BrandLine Group Sp. z o.o. A. Kręglewskiego 1, 61-248 Poznań, Polen‑ 57 ‑ NL Belangrijke informae Lees deze handleiding voor gebruik en bewaar hem. De instruces helpen u bij het correct installeren van het stoeltje. Een verkeerde installae kan de gezondheid van uw kind in gevaar brengen. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor mogelijke risico’s als gevolg van een verkeerde installae van het stoeltje. Dit stoeltje is bedoeld voor gewichtsgroep I, II i III, wat betekent dat kinderen van 9 tot 36 kg er gebruik van kunnen maken. I gewichtsgroep: 9-18 kg, II gewichtsgroep: 15-25 kg, III gewichtsgroep: 22-36 kg.
De harde en plasc onderdelen van het kinderbeveiligingssysteem moeten worden geplaatst en zodanig zijn geïnstalleerd dat zij onder normale gebruiksomstandigheden niet kunnen worden bekneld door het verschuiven van het stoeltje of een deur van het voertuig.
- De gordels waarmee het stoeltje aan de auto wordt bevesgd, moeten strak zien. De gordels van het kinderstoeltje moeten tegen het lichaamsstructuur van het kind passen en mogen niet worden verdraaid.
Alle heupgordels moeten laag lopen, zodat de bekken van het kind stevig wordt vastgehouden.
Het apparaat moet worden vervangen als het jdens een ongeval aan plotselinge belasngen is blootgesteld.
Breng geen wijzigingen aan het stoeltje en monteer geen extra onderdelen zonder de goedkeuring van de bevoegde autoriteiten. Om een maximale veiligheid voor uw kind te garanderen, moet de uitrusng worden gemonteerd en gebruikt zoals aanbevolen in de instruces van de fabrikant.
De plasc onderdelen van dit stoeltje kunnen in de zon opwarmen en brandwonden op de huid van het kind veroorzaken.
- Bescherm het stoeltje tegen de zon. Anders kan het autostoeltje te warm zijn voor de huid van uw kind.
- Laat het kind niet onbeheerd achter in het stoeltje.
- Bagage en andere soortgelijke voorwerpen moeten worden vastgezet, zodat ze in een botsingssituae geen letsel veroorzaken.‑ 58 ‑NL
- Het kinderstoeltje zonder bekleding mag niet worden gebruikt. De bekleding mag niet worden vervangen door een andere dan de door de fabrikant aanbevolen bekleding, aangezien deze een integrerend deel van het apparaat vormt dat de werking ervan beïnvloedt.
Bewaar de gebruikershandleiding van het stoeltje bij gebruik van het apparaat. Bewaar het in de auto waarin het autostoeltje is geïnstalleerd.
Geen andere dragende contactpunten gebruiken dan die welke in de gebruiksaanwijzing zijn beschreven en op het kinderbeveiligingssysteem zijn aangegeven.
Als u twijfelt over de posie van het gordelslot voor volwassenen ten opzichte van de belangrijkste belastende contactpunten, neem dan contact op met de fabrikant van het kinderstoeltje. Veiligheid in het voertuig: Om de grootst mogelijke veiligheid voor uzelf en uw passagiers jdens het rijden te garanderen, moet u ervoor zorgen dat:
- Opvouwbare elleboogsteunen zijn ingeklapt (vercale posie).
Voorwerpen die bij een aanrijding schade aan de auto kunnen toebrengen, moeten voldoende worden beschermd.
- Alle passagiers dragen veiligheidsgordels. Het autostoeltje is alleen bedoeld voor montage op voorwaarts gerichte autostoelen. Het stoeltje mag niet op naar achteren gerichte autostoelen/banken worden gemonteerd. Deze worden bijvoorbeeld aangetroen in bestelwagens of minibussen. Monteer het stoeltje niet op stoelen met tweepuntsgordels! (zie: a. 1). Zie: a. 2 Installae op deze plaats mogelijk Installae op deze plaats is verboden Installae is hier alleen mogelijk als de airbag is uitgeschakeld‑ 59 ‑ NL Installae is hier alleen mogelijk als het stoeltje is uitgerust met 3-punts veiligheidsgordels en ISOFIX bevesgingen Beschrijving (a. 3) A. Hoofdsteun B. Rudleuning C. Schoudergordelgeleider D. Veiligheidsgordels E. Gordelbeschermende kussens F. Heup gordelgeleider G. Gordel gesp H. Gordelbeschermende kussens
I. Bekleding van het stoeltje
J. Instelknop voor de gordelspanning K. Reduce-inlegstuk L. Spanningsregelaar M. Hoogteverstelling van de hoofdsteun N. Openingen voor het verstellen van de hoogte van de veiligheidsgordel O. Autogordelgeleider P. Veiligheidsgordelaansluing Product aanpassing Gordels van het autostoeltje A. Hoogte van de veiligheidsgordel Kinderen van groep I (9 - 18 kg) moeten veiligheidsgordels dragen. Voor andere groepen moeten deze gordels worden verwijderd. De hoogte van de veiligheidsgordels moet worden aangepast aan de lengte van het kind: zie a. 4. a – te laag b – te hoog c – juiste hoogte De hoogte van de veiligheidsgordels kan in drie standen worden ingesteld. Om de hoogte te veranderen:
Maak de veiligheidsgordels los (zie hieronder: Aanpassen van de gordelspanning).
2. Verwijder de gordels uit de connector (P, a. 5).
3. Trek de gordels uit door de opening in de rugleuning en door de bekleding
van het autostoeltje (N).
4. Stel de gordels af op de gewenste hoogte door ze opnieuw door een van
de drie gaten in de bekleding en rugleuning te halen.
5. Schuif de gordeluiteinden op de connector (P).‑ 60 ‑NL
Zorg ervoor dat de gordels op de juiste manier in de connector worden geplaatst en niet zijn verdraaid. B. Aanpassen van de gordelspanning Om de veiligheidsgordels los te maken: druk op de instelknop (J) en trek aan de schouderbanden (A. 7). Om de veiligheidsgordels aan te trekken: trek aan de gordelspanner (L). Let op! Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels goed tegen het lichaam van het kind passen en dat ze niet gedraaid zijn. Zorg ervoor dat de heupgordels laag zijn en bescherm de bekken van uw kind. De gordels moeten strak tegen het lichaam van uw kind zien, maar mogen niet te strak zien en ongemak veroorzaken. C. Vastzeen en losmaken van de gordels Voordat u uw kind met de veiligheidsgordels vastmaakt, moet u ervoor zorgen dat de gordels op de juiste hoogte zijn ingesteld (zie hierboven: Aanpassen van de gordelspanning).
1. Plaats het kind in het stoeltje.
2. De armen van het kind door de schouderbanden halen.
3. Bevesg de schouderbanden en schuif de uiteinden ervan in de gesp (G).
Een hoorbare “klik” gee aan dat de gordels correct zijn vastgemaakt (a. 9). Om de gordels los te maken, drukt u op de rode knop van de gesp (G). D. Demontage van de gordels De veiligheidsgordels moeten worden verwijderd wanneer ze worden gebruikt voor groep II en III.
1. Maak de veiligheidsgordels los.
2. Verwijder de gordels uit de connector (a. 12).
3. Leg het stoeltje neer. Trek de drie metalen riemhaken door de gaten in het
4. Trek de gordels omhoog om ze te verwijderen (a. 13c).
De gordels moeten in omgekeerde volgorde worden gemonteerd. Verberg de veiligheidsgordels op een veilige plaats.‑ 61 ‑ NL Hoofdsteun De hoogte van de hoofdsteun moet worden aangepast aan de hoogte van het kind (zie a. 11). A – Te hoog B – Te laag C – OK Om de hoogte van de hoofdsteun te wijzigen, pakt u de verstelhendel (M) vast en stelt u de gewenste hoogte in. Als het proces is voltooid, zorg er dan voor dat de hoofdsteun goed is verankerd in zijn posie, probeer hem op en neer te bewegen. Reduce inlegstuk Als uw kind meer ruimte in het stoeltje nodig hee, trek dan het inlegstukje eruit. Montage Groep I Groep II Groep III Kind beveiligd met veiligheidsgordels van het stoeltje Kind beveiligd met autogordels Kind beveiligd met autogordels Autostoeltje met rugleuning Zing met of zonder rugleuning (aankelijk van de lengte van het kind) Stoeltje zonder rugleuning (alleen basis) Groep I Kinderen in deze groep moeten met veiligheidsgordels worden vastgemaakt.
1. Plaats het stoeltje op de bank van de auto (a. 6a).
2. Trek het gordelslot van de auto door de geleider (O) naar de achterkant van
het stoeltje en trek het vervolgens naar voren door de tweede geleider (O) (zie a. 6e, 6f).
3. Zorg ervoor dat de schoudergordel niet door de geleider in de hoofdsteun
(C) gaat (a. 6c, 6d).
4. De bekkengordel moet onder de armleuning lopen (a. 6b).
5. Maak de autogordels vast (a. 6g).
6. Duw het stoeltje stevig in de richng van de bank van de auto.
De autogordels die het stoeltje vasthouden moeten strak zien. Trek de gordels aan om ze aan te spannen (a. 6h – 6j).‑ 62 ‑NL
8. Plaats het kind in het stoeltje (rys. 6k) en maak de gordels vast 5 – met de
5-punts veiligheidsgordels (a. 6l). Als u twijfelt over dit punt, neem dan contact op met de fabrikant van het apparaat. Groep II – Montage met rugleuning Een kind uit deze groep kan niet met een autogordel worden vastgemaakt. Het kind moet worden vastgemaakt met de driepuntsgordels van de auto.
1. Verwijder de veiligheidsgordels (zie Demontage van de gordels).
2. Zet het stoeltje op de bank van de auto. Duw hem zo ver mogelijk naar de
rugleuning van de bank (a. 14a).
3. Plaats het kind in het stoeltje (a. 14b).
4. Trek de autogordel uit. Leid deze naar:
a. de schoudergordel door de geleider in de hoofdsteun (a. 14c), b. de bekkengordel onder de armleuning van het stoeltje (a. 14d).
5. Zorg ervoor dat de gordels niet gedraaid zijn. (a. 14e).
6. Maak de autogordel vast (a. 14f).
Groep II en III – montage zonder rugleuning Als de hoogte van het hoofd van het kind hoger is dan de hoofdsteun (ingesteld op de maximale hoogte), moet de rugleuning van het kind worden verwijderd.
1. Duw de rugleuning van het stoeltje in de richng die op aeelding 15a is
2. Maak de rugleuning van het stoeltje los van de basis (a. 15b).
3. Plaats de basis op de bank van de auto (a. 15c).
4. Plaats het kind op de basis van het stoeltje.
5. Trek de autogordel uit. Leid deze door de armleuningen (a. 16a en 16b)).
6. Maak de autogordel vast (a. 16c).
Onderhoud en reiniging De bekleding kan worden gereinigd in warm water met zeep of een mild reinigingsmiddel. Droog de bekleding niet in de zon. Reinig de gesp, de veiligheidsgordels en de plasc onderdelen met warm water. Gebruik geen sterke schoonmaakmiddelen. Wanneer u het product niet gebruikt, bewaar het dan op een donkere, droge plaats, uit de buurt van de zon.‑ 63 ‑ De foto’s dienen alleen ter illustrae, het werkelijke uiterlijk van de producten kan afwijken van de foto’s. Het product voldoet aan de eisen van de normen ECE R44.04
Notice-Facile