HD 91004 Cage Classic - Hogedrukreiniger Kärcher - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HD 91004 Cage Classic Kärcher in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Hogedrukreiniger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HD 91004 Cage Classic - Kärcher en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HD 91004 Cage Classic van het merk Kärcher.
GEBRUIKSAANWIJZING HD 91004 Cage Classic Kärcher
1.1 Informatie over deze gebruiksaanwijzing
Deze gebruiksaanwijzing werd overeenkomstig de machi- nerichtlijn 2006/42/EG gemaakt. Hij maakt veilig en effici- ënt gebruik met het product mogelijk HP-DG. De originele gebruiksaanwijzing is in het Duits geschre- ven. Lees deze originele gebruiksaanwijzing voor het eerste gebruik, handel dienovereenkomstig en bewaar de hand- leiding voor later gebruik of voor de volgende eigenaars.
Voor alle technische informatie over producten van WOMA en hun systeemtechnische toepassingen helpt onze we- reldwijde servicedienst u graag verder. Als problemen met onze problemen optreden, kunt u con- tact opnemen met de WOMA service, de verantwoordelij- ke vertegenwoordiging of met de hoofdvestiging. We helpen u graag verder. WOMA GmbH Werthauser Straße 77-79 47226 Duisburg Deutschland Tel: + 49 2065-304-0 Fax: + 49 2065-304-200 E-mail: service@woma.kaercher.com www.woma-group.com Instructie Snelle hulp en een correcte opdrachtbewerking is alleen mogelijk, als u ons het opdracht- en het serienummer noemt. We adviseren om deze informatie hier te vermel- den:
1.4 Formele informatie over de
gebruiksaanwijzing Copyright, 2019
Alle rechten voorbehouden. Nadruk, ook gedeeltelijk, is alleen met toestemming van WOMA GmbH toegestaan.
1.5 Weergaveconventies
1.5.1 Handelingsinstructies in de gegeven volgorde
Uit te voeren handelingsstappen zijn als genummerde of alfabetische lijst weergegeven. De volgorde van de stap- pen moet worden aangehouden. Voorbeeld:
Opsommingen en handelingsstappen zonder bepaalde volgorde zijn als lijst met opgesomde punten weergege- ven. Voorbeeld: Punt 1 Punt 2 – Subpunt 1 – Subpunt 2
1.6 Productelementen
Afbeelding A zie pagina 2 1 Aansluiting hogedrukslang2 Aansluiting bypass3 Hogedrukaansluiting straalbuis / lansbuis4 Drukbehuizing5 Aansluiting componentsteun6 Handgreep7 Triggerhendel8 Triggerbeveiliging9 Drukring10 Drukschroef11 Handgreep voor straalbuis / lansbuis (toebehoren)12 Straalbuis / lansbuis (toebehoren)13 Sproeierdrager / waterwerktuig (toebehoren)14 Bypassleiding (toebehoren)15 Adapter (toebehoren)16 Afdichting (toebehoren)17 Slangaansluiting (toebehoren)18 Lekkageboring19 Cartridge (drukbehuizing)20 Afdichting (drukbehuizing)21 Bypass-schroef (drukbehuizing)22 Veer (drukbehuizing)
Product Gebruiksaanwijzing Controleer de inhoud op volledigheid. Als de inhoud onvol- ledig is of als transportschade voorhanden is, contact op- nemen met uw handelaar.
1.8 Afkortingen en definitie
Serienummer: ________________________Nederlands 39 2Veiligheid Naast de instructies in de gebruiksaanwijzing moet u ook de algemene wettelijke veiligheidsvoorschriften en de voorschriften inzake ongevallenpreventie in acht nemen.
Waarschuwingen beschermen bij niet-inachtneming voor mogelijk letsel en eventuele materiële schade. Een waarschuwing bevat de volgende elementen en infor- matie: Gevarenteken Het gevarenteken kenmerkt de waarschuwingen die waar- schuwen voor letsel. Signaalwoord Het signaalwoord geeft het gevarenniveau aan. Gevarenbron De bron van het gevaar noemt de oorzaak van het gevaar. Mogelijke gevolgen bij niet-inachtneming De mogelijke gevolgen door niet-inachtneming van de waarschuwingen zijn bijvoorbeeld kneuzingen, verbran- dingen en ander ernstig letsel. Maatregelen / verboden Onder maatregelen/verboden zijn handelingen vermeld die ter voorkoming van gevaren moeten worden uitge- voerd of die ter voorkoming van gevaren verboden zijn.
2.2 Weergave van waarschuwingen
GEVAAR Gevarenbron Mogelijke gevolgen bij niet-inachtneming Maatregelen / verboden
2.2.1 Gevarenniveaus
GEVAAR ● Aanwijzing voor direct dreigend gevaar dat tot zware of dodelijke verwondingen leidt. 몇 WAARSCHUWING ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot zware of dodelijke verwondingen kan leiden. 몇 VOORZICHTIG ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot lichte verwondingen kan leiden. LET OP ● Aanwijzing voor een mogelijk gevaarlijke situatie die tot materiële schade kan leiden.
2.3 Weergave van aanwijzingen
Instructie Aanwijzing met betrekking tot nuttige en belangrijke infor- matie of adviezen die ter verbetering van de veiligheid bij de omgang met het product bijdragen.
2.4 Kwalificatie van het personeel
Het personeel moet over de desbetreffende kwalificatie voor gebruik van het product beschikken. De exploitant moet het verantwoordelijkheidsbereik, de bevoegdheid en bewaking van het personeel eenduidig re- gelen. School het personeel door scholing en instructies.
2.4.1 Bedieningspersoneel
Bedieningspersoneel zijn personen die door de bediener zijn geïnstrueerd om het product te bedienen en die vol- doende zijn opgeleid met betrekking tot bediening en func- tie. Het bedieningspersoneel moet op de hoogte zijn van de werking en de effectiviteit van het product, eventuele geva- ren herkennen en deze door passende veiligheidsmaatre- gelen kunnen voorkomen. Het bedieningspersoneel moet in staat zijn gevaren tijdig te herkennen en de voorgeschreven verdedigingsmaatre- gelen te initiëren. Het bedieningspersoneel moet de exploitant onmiddellijk op de hoogte te stellen van wijzigingen aan het product die de veiligheid in gevaar brengen.
2.4.2 Onderhoudspersoneel
Onderhoudspersoneel zijn personen die door de exploi- tant zijn geïnstrueerd om het product te onderhouden. On- derhoudspersoneel is niet-geschoold personeel, maar is geïnstrueerd personeel voor inspectie- en onderhouds- werkzaamheden, bijvoorbeeld voor het verversen van olie, het controleren van schroefverbindingen etc. Onderhoudspersoneel moet op de hoogte zijn van de wer- king en de effectiviteit van het product, eventuele gevaren herkennen en deze door passende veiligheidsmaatrege- len kunnen voorkomen. Onderhoudspersoneel moet de exploitant onmiddellijk op de hoogte te stellen van wijzigingen aan het product die de veiligheid in gevaar brengen.
2.4.3 Geschoold vakpersoneel
Geschoold vakpersoneel zijn personen die door WOMA GmbH zijn geschoold voor controle-, onderhouds- en ser- vicewerkzaamheden en bij deze scholingen de vereiste in- formatie in de vorm van de servicehandleiding hebben ontvangen. Geschoold vakpersoneel is op de hoogte van de werking van het product, kan eventuele gevaren her- kennen en deze door passende veiligheidsmaatregelen voorkomen.
2.5 Kabels en slangleidingen
GEVAAR Hogedrukwaterstralen kunnen bij contact tot onomkeer- baar letsel en de dood leiden. Struikelen over, in elkaar verdraaien of beknellen van kabels en slangen kan leiden tot ongecontroleerde veranderingen in de richting van de hogedrukwaterstraal. Kabels en slangleidingen mogen geen lussen vormen. Verwijder niet-gebruikte kabels en slangleidingen uit het werkbereik. 몇 WAARSCHUWING Hogedrukwaterstralen kunnen uit een onder druk staande, beschadigde slang ontsnappen en bij contact leiden tot on- herstelbaar letsel of de dood. Controleer kabels en slangleidingen voor elk gebruik op schade. Vervang beschadigde kabels en slangleidingen onmiddellijk. Gebruik geen kabels en slangen of verlengstukken meer als deze zijn belast door er overheen lopen, knel- len, trekken en dergelijke. Dit geldt ook, als geen be- schadiging zichtbaar is. Bescherm kabels en slangleidingen tegen hitte en scherpe randen. Gebruik slang-veiligheidsuitrustingen. Deze moeten veilig worden bevestigd.40 Nederlands
2.6 Wateraansluiting
몇 WAARSCHUWING Hogedrukwaterstralen kunnen uit onder druk staande slangleidingen en schroefverbindingen uittreden en bij contact leiden tot onherstelbaar letsel of de dood. Gebruik uitsluitend slangleidingen en toebehoren die voor de maximale bedrijfsdruk van de hogedrukwater- straal-machine zijn toegestaan. Controleer de schroefverbindingen van alle aansluits- langen voor inbedrijfstelling op dichtheid. Gebruik geen hogedrukslangen met beschadigd schroefdraad.
GEVAAR Hogedrukwaterstralen kunnen bij contact tot onomkeer- baar letsel en de dood leiden. Richt hogedrukwaterstralen niet op personen, dieren of elektrische uitrusting. Werk nooit alleen! Om veiligheidsredenen moet er altijd een tweede persoon aanwezig zijn, als de sproeier wordt gebruikt om de hogedrukwaterstraal-machine in geval van nood uit te schakelen en zo nodig hulp te roe- pen. Bij straalwerkzaamheden mag zich niemand anders dan het bedieningspersoneel binnen een straal van 10 m rond de spuitinstallatie bevinden. Het werkbereik van de spuitinrichting en de werkomge- ving moeten volledig zichtbaar zijn. Beveilig het werkgebied van de spuitinrichting duidelijk zichtbaar tegen onbevoegde toegang tijdens straal- werkzaamheden. Plaats waarschuwingsborden en ver- sperringen. Afhankelijk van de oppervlakte-eigenschappen kan sproeinevel of lekwater het oppervlak glad maken. Zorg bij straalwerkzaamheden voor een stabiele stand. Sproeinevel beperkt de directe zichtbaarheid. Houd re- kening met de plaatselijke omstandigheden en let bij het uitvoeren van straalwerkzaamheden op andere perso- nen en met name kinderen. Bij straalwerkzaamheden op steigers moet het bedie- ningspersoneel tegen vallen worden beveiligd. Bij straalwerkzaamheden in gesloten ruimten (bijvoor- beeld tanks of autoclaven) moet het bedieningsperso- neel door middel van bevestigingsmiddelen (bijvoorbeeld riemen, touwen) worden beveiligd. Zorg bovendien voor voldoende toevoer van frisse licht. Neem bij het gebruik van de spuitinrichting in gevaren- bereiken (bijvoorbeeld tankstations) de desbetreffende veiligheidsvoorschriften in acht. Het gebruik van de spuitinrichting in explosieve berei- ken is verboden.
2.7.2 Algemene informatie over gebruik
GEVAAR Hogedrukwaterstralen kunnen door ondeskundige gebruik gevaarlijk zijn en bij contact tot onherstelbaar letsel en de dood leiden. Gebruik geen spuitinrichtingen die korter zijn dan 750 mm (gemeten tussen triggerhendel en sproeier). Bij korte straalbuizen bestaat letselgevaar omdat een hand onbedoeld met de hogedrukwaterstraal in contact kan komen. Gebruik het product volgens de voorschriften (zie hoofdstuk 3 Reglementair gebruik). Controleer het product en de werkinrichtingen voor elk gebruik op correcte toestand en bedrijfsveiligheid (zie hoofdstuk 6 Inbedrijfstelling). Gebruik geen beschadig- de spuitinrichting. Zet de triggerhendel van het product nooit vast. Deeltjes of grotere delen komen los van het bewerkte oppervlak door de impact van de hogedrukwaterstraal. Ze worden sterk versneld en kunnen het bedieningsper- soneel in gevaar brengen. Draag de voorgeschreven persoonlijke uitrusting. Gebruik de hogedrukwaterstraal-machine en de spuitin- richting niet in geval van vermoeidheid, gezondheids- problemen of onder invloed van alcohol of medicijnen. Gebruik voor straalwerkzaamheden nooit oplosmiddel- houdende vloeistoffen of onverdunde zuren en oplos- middelen. Hiertoe behoren bijv. bezine, verfverdunner of stookolie. De spuitnevel is zeer licht ontvlambaar, ex- plosief en giftig. Asbesthoudende en andere materialen die gezondheid- gevaarlijke stoffen bevatten mogen niet aan de straal worden blootgesteld.
몇 WAARSCHUWING Uittredend hogedrukwater kan leiden tot verbrandingen. Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting. Raak bij het gebruik van heet water de hete oppervlak- ken van de spuitinrichting niet aan. Monteer ter bescherming een handgreep (zie WOMA productprogramma). Laat de spuitinrichting na gebruik met heet water afkoe- len of spoel de spuitinrichting af met koud water. Door ontspanning van de hogedrukwater kan de fluid worden verwarmd. Raak geen hete oppervlakken van de spuitinrichting aan.
몇 WAARSCHUWING De hoge uitstroomsnelheid uit de sproeier van de hoge- drukwaterstraal leidt tot in hoge geluidsniveaus; dit kan lei- den tot ongemak of schade aan het gehoor (bijvoorbeeld tinnitus) in de directe omgeving. Langdurig hoge geluidsni- veaus kunnen leiden tot gehoorverlies. Draag de voorgeschreven persoonlijke beschermings- uitrusting. Het hoge geluidsniveau kan spraakcommunicatie of de waarneming van akoestische waarschuwingssignalen ernstig belemmeren of verhinderen. Werk nooit alleen. Een tweede persoon moet buiten het werkbereik aan- wezig zijn.Nederlands 41
2.7.5 Terugslagkrachten
몇 WAARSCHUWING Valgevaar door de optredende terugslagkrachten bij straalwerkzaamheden. Zorg voor een stabiele stand. Werk niet op ladders. Houd de spuitinrichting met twee handen aan de hier- voor bedoelde grepen vast. Selecteer de diameter van de straalpijp voor straalwerk- zaamheden met de hand zodanig dat de terugslag- kracht in de lengteas niet meer dan 250 N bedraagt. Als de terugslagkracht groter is dan 150 N, moet de spuitin- richting met componentsteun (zie WOMA productpro- grammma) worden uitgerust. Let bij het gelijktijdig gebruik van meerdere spuitinrich- tingen op een hogedrukwaterstraal-machine op de wis- selende terugslagkrachten. Bij het openen of sluiten van een spuitinrichting mogen de terugslagkrachten op de andere spuitinrichtingen niet meer dan 15% abrupt ver- anderen. Instructie Optredende terugslagkrachten staan in de WOMA pro- ductgegevensbladen van de gebruikte sproeiers die u via WOMA GmbH (zie hoofdstuk 1.3 Service) kunt aanvragen.
몇 VOORZICHTIG Afhankelijk van de gebruikte spuitinrichting ontstaan hand- arm-versnellingswaarden groter dan 2,5 m/s². Langdurig gebruik kan door trillingen tot doorbloedingsstoringen in de handen leiden.
Een algemeen geldende duur voor het gebruik kan niet worden vastgelegd, omdat deze van meerdere factoren af- hangt: Persoonlijke aanleg voor slechte doorbloeding (sympto- men zijn koude vingers, tinteling in de vingers etc.). Lage omgevingstemperatuur. Draag warme hand- schoenen om uw handen te beschermen. Knijpen verslechtert de doorbloeding. Ononderbroken werken versterkt het effect van slechte doorbloeding door trillingen. Instructie Bij regelmatig en langdurig gebruik van de spuitinrichting en herhaaldelijk optreden van de bijbehorende sympto- men, adviseren we om een arts te raadplegen.
2.8 Persoonlijke veiligheidsuitrusting
몇 WAARSCHUWING Letselgevaar door verkeerde of onvolledige beschermuit- rusting Het bedieningspersoneel moet beschermende kleding dragen die speciaal is ontworpen voor gebruik met ho- gedrukwaterstraal-machines. CE-gecertificeerde be- schermende kleding van Dyneema-Fiber biedt een geteste bescherming bij gebruik van stijve of roterende sproeiers tot 3000 bar / 43511 psi. Bij werkzaamheden en oponthoud in de buurt van het werkbereik moet de volgende beschermende kleding volledig worden gedragen: – Veiligheidshelm met beschermingsscherm – Veiligheidsbril – Capsule oorbescherming – Veiligheidshandschoenen – Veiligheidsjas, beschermende tuinbroek – Speciale veiligheidsschoenen met middenvoetbe- scherming
2.9 Veiligheidsinrichtingen
Veiligheidsinrichtingen dienen voor de bescherming van het bedieningspersoneel en mogen niet buiten werking worden gesteld of overbrugd worden. Het product is uitgerust met een triggerbeveiliging, die voorkomt dat de trigger onbedoeld wordt geactiveerd. Zet de triggerhendel nooit vast. Blokkeer of wijzig de triggerbeveiliging niet. 3 Reglementair gebruik Het product wordt gebruikt voor de bediening van in hand gehouden spuitinrichtingen van WOMA GmbH die tot een toegestane bedrijfsdruk van 1100 bar worden ingezet. In combinatie met een hogedrukwaterstraal-machine, een straalpijp / lansleiding en een waterwerktuig dient het pro- duct om een vloeistof onder hoge druk gericht naar een oppervlak te brengen, waardoor het mogelijk wordt om verschillende oppervlakken en materialen, zoals staal, be- ton etc. te verwijderen en te reinigen. Dit kan met verschil- lende waterwerktuigen van WOMA GmbH worden gerealiseerd. Het product mag uitsluitend met water volgens de WOMA waterkwaliteitsrichtlijn worden gebruikt (zie hoofdstuk 12.1 Waterkwaliteitsrichtlijn). De maximale debiet voor de vloei- stof bedraagt 45 l/min. Controleer voor elk gebruik de veiligheidsinrichtingen van het product (zie hoofdstuk 6 Inbedrijfstelling). Tot reglementair gebruik behoort ook uitsluitend gebruik van originele reserveonderdelen van WOMA GmbH. Elke ander gebruik dan de onder het reglementaire ge- bruik vastgelegde gebruik of verdergaand gebruik geldt als niet reglementair. Neem de veiligheidsinstructies en waarschuwingen in acht.
3.1 Te voorzien fout gebruik
Het product is uitgerust met een triggerbeveiliging. Hier- door wordt onbedoeld activeren van de triggerhendel uit- gesloten. Zet de triggerhendel nooit vast. Blokkeer of wijzig de triggerbeveiliging niet. Gebruik geen spuitinrichtingen die korter zijn dan 750 mm (gemeten tussen triggerhendel en sproeier). Gebruik de spuitinrichting niet om de hogedrukwater- straal-machine te reinigen of om vuil of afzettingen me- chanisch los te maken (bijvoorbeeld bij de cementovenreiniging). Gebruik de spuitinrichting niet als hefboom (breekijzer). Gebruik voor straalwerkzaamheden nooit oplosmiddel- houdende vloeistoffen of onverdunde zuren en oplos- middelen. Hiertoe behoren bijvoorbeeld benzine, verfverdunner of stookolie. De spuitnevel is zeer licht ontvlambaar, explosief en giftig. Asbesthoudende en andere materialen die gezondheid- gevaarlijke stoffen bevatten mogen niet aan de straal worden blootgesteld. 4 Milieubescherming Het verpakkingsmateriaal is recyclebaar. Gooi verpak- kingen met het gescheiden afval weg. Elektrische en elektronische apparaten bevatten waardevolle recyclebare materialen en vaak onderde- len zoals batterijen, accu's of olie, die bij onjuiste om- gang of verkeerd weggooien een mogelijk gevaar voor de gezondheid en het milieu kunnen vormen. Voor een cor-42 Nederlands rect gebruik van het apparaat zijn deze onderdelen echter noodzakelijk. Apparaten met dit symbool mogen niet met het huisvuil worden weggegooid. Instructies voor inhoudsstoffen (REACH) Actuele informatie over inhoudsstoffen vindt u onder: www.kaercher.nl/REACH 5 Montage
5.1 Veiligheidsinstructies
몇 WAARSCHUWING Gevaar voor letsel door hogedrukwaterstraal Hogedrukwaterstraal kan uit onder druk staande hoge- drukwaterstraal-machine uittreden. Schakel voor montage van het product de hogedrukwater- straal-machine uit, en beveilig deze tegen opnieuw inscha- kelen. Ervoor zorgen dat alle componenten van de hogedrukwa- terstraal-machine drukloos zijn. LET OP Ondeskundige montage Door ondeskundige montage met beschadigde en vuile componenten kan leiden tot defecten en beschadiging van het product. Voer voor de montage een visuele controle van alle pro- ductelementen uit. Alle schroefdraden moeten schoon en onbeschadigd zijn. De afdichtvlakken van de af te dichten componenten mo- gen geen krassen of rillen hebben.
5.2 Straalbuis / lansbuis monteren
1. De drukschroef van de drukbehuizing losmaken en sa-
men met de drukring verwijderen (zie afbeelding pagina 2).
2. De drukschroef op de straalbuis / lansbuis schuiven.
3. Alle schroefdraden voor de montage met schroefdraad-
pasta behandelen (zie hoofdstuk 12.2 Verbruiksmateri- aal).
4. De drukring (linksdraad) erop schroeven tot 1-2 draden
5. De straalbuis / lansbuis met de drukschroef in de druk-
6. De drukschroef in de drukbehuizing schroeven (SW 30)
en met 160 Nm moment aandraaien.
7. Bij oppervlaktereiniging (bijvoorbeeld bewerking van
beton) eventueel de spatbescherming (zie hoofdstuk 13 Toebehoren) op de straalbuis / lansbuis monteren.
8. De sproeierdrager of andere waterwerktuigen op de
straalbuis / lansbuis schroeven en indien niet anders aangegeven met 100 Nm moment aandraaien. Belangrijke kenmerken van de waterwerktuigen Waterwerktuigen (bijvoorbeeld sproeiers, turbosproeier, Orbimaster, Speedy) die op de handgeleide spuitinrich- tingen van WOMA GmbH worden gebruikt, kunnen meerdere sproeier-uitreedopeningen hebben. Deze kunnen als punt of plattestraalsproeier zijn vormgege- ven. Een met motor aangedreven of zelfstandige rotatie door schuinstaande sproeiers is mogelijk (zie WOMA productprogramma). Waterwerkuigen breiden de toepassingmogelijkheden van de spuitinriching uit. Voor meer informatie zie uw WOMA-partner.
5.3 Bypassleiding monteren
1. Alle schroefdraden voor de montage met schroefdraad-
pasta behandelen (zie hoofdstuk 12.2 Verbruiksmateri- aal).
2. Schroef de bypass-buis of bypass-slangkoppeling in de
drukbehuizing (SW 32), en draai deze met 100 NM kop- pel aan de bypass-aansluiting vast (zie afbeelding op pagina 2).
5.4 Slangaansluiting monteren
(zie afbeelding pagina 2) Instructie Ervoor zorgen dat uitsluitend slangleidingen worden ge- bruikt die voor de maximale bedrijfsdruk zijn toegestaan.
1. Alle schroefdraden voor de montage met schroefdraad-
pasta behandelen (zie hoofdstuk 12.2 Verbruiksmateri- aal).
2. De adapter (materiaalnummer 9.918-624.0) in de druk-
behuizing schroeven en met 130 Nm draaimoment aan- draaien.
3. De afdichting (O-ring) in de adapter plaatsen.
4. De slangaansluiting in de adapter schroeven en met
130 Nm koppel aandraaien.
5. De hogedrukwaterstraal-machine via een geschikte ho-
gedrukslang op de beveiligde spuitinrichting aansluiten. 6 Inbedrijfstelling
6.1 Veiligheidsinstructies
GEVAAR Gevaar voor letsel door hogedrukwaterstraal Hogedrukwaterstralen kunnen bij contact tot onomkeer- baar letsel en de dood leiden. Richt hogedrukwaterstralen niet op personen, dieren of elektrische uitrusting. Zorg ervoor dat het product voor gebruik correct is gemon- teerd (zie hoofdstuk 5 Montage). Gebruik het product vanwege de mogelijke gevaren (bij- voorbeeld terugstoten, snijden van de waterstraal etc.) al- leen reglementair (zie hoofdstuk 3 Reglementair gebruik). De bediening mag uitsluitend worden uitgevoerd door be- dieningspersoneel dat is opgeleid en geïnstrueerd in de gevaren (zie hoofdstuk 2.4 Kwalificatie van het personeel). Draag de voorgeschreven persoonlijke beschermingsmid- delen tijdens straalwerkzaamheden (zie hoofdstuk 2.8 Persoonlijke veiligheidsuitrusting). Instructie Gebruik het product niet bij temperaturen onder 0 °C.
6.2 Voor het inschakelen van de
hogedrukwaterstraalmachine Het product is reglementair gemonteerd en met de hoge- drukwaterstraal-machine verbonden. De hogedrukwater- straalmachine is niet ingeschakeld. Voer de volgende stappen telkens voor het inschakelen van de hoge druk voor het water uit, d.w.z. bij stilstaande hogedrukpomp die belast is met voordruk:
1. De volledige hogedrukwaterstraalmachine via de filter
en de ontluchtingsslang aan de hogedrukpomp ontluch- ten.
2. De hogedrukwaterstraalmachine inclusief hoge-
drukslang en product drukloos met schoon water spoe- len.Nederlands 43
3. De bypass-leiding op naar buiten komend water contro-
leren. Zolang het product niet wordt bediend, moet er water uit de bypass-leiding komen.
4. Perfecte en lichtlopende werking van de triggerhendel
en de triggerbeveiliging controleren. De triggerhendel moet na het bedienen automatisch op- nieuw in zijn uitgangspositie terugkeren en in de trigger- beveiliging vastklikken. De bediening van de triggerhendel mag alleen mogelijk zijn als de triggerbe- veiliging opnieuw wordt bediend.
5. De producttoestand op afwijking van de toestand bij le-
vering controleren. Is bijv. de positie van het drukpunt veranderd? Bij een wissel van triggerhendel bediend naar triggerhendel niet bediend moet onmiddellijk de volumestroom van het water aan de bypass-leiding naar buiten komen. Instructie Gebruik het product niet als de test niet succesvol zijn. Laat in dit geval een veiligheidsinspectie uitvoeren (zie hoofdstuk 9.4 Onderhoud).
6.3 Voor het begin van de
straalwerkzaamheden Het product is reglementair gemonteerd en met de hoge- drukwaterstraal-machine verbonden. De hogedrukwaterstraal-machine is ingeschakeld. Instructie Zolang het product bij ingeschakelde hogedrukwater- straal-machine niet wordt bediend, loopt de drukloze straalvloeistof uit de bypassleiding. Vooraleer u met het werken met het product met water on- der hoge druk begint, dient u de volgende tests uit te voe- ren:
1. De bypass-leiding op naar buiten komend water contro-
leren. Zolang het product niet wordt bediend, moet er water uit de bypass-leiding komen.
2. Het product onder hoge druk meerdere keren in een vei-
lig gebied bedienen en hierbij de dichtheid van de ven- tielen aan de bypass en aan de lekkageboringen controleren.
3. Perfecte en lichtlopende werking van de triggerhendel
en de triggerbeveiliging controleren. De triggerhendel moet na het bedienen automatisch op- nieuw in zijn uitgangspositie terugkeren en in de trigger- beveiliging vastklikken. De bediening van de triggerhendel mag alleen mogelijk zijn als de triggerbe- veiliging opnieuw wordt bediend.
4. Met behulp van de supervisor controleren of de geplan-
de werkdruk van de hogedrukwaterstraalmachine wordt bereikt. Instructie Gebruik het product niet als de test niet succesvol zijn of als u abnormale zaken of een onverwachte situatie vast- stelt. Laat in dit geval een veiligheidsinspectie uitvoeren (zie hoofdstuk 9.4 Onderhoud).
6.4 Product in bedrijf nemen
Het product is reglementair gemonteerd en met de hoge- drukwaterstraal-machine verbonden. De hogedrukwaterstraal-machine is ingeschakeld. De tests van het product volgens hoofdstuk 6.2 Voor het inschakelen van de hogedrukwaterstraalmachine En hoofdstuk 6.3 Voor het begin van de straalwerkzaamhe- den zijn succesvol. Instructie Zolang het product bij ingeschakelde hogedrukwater- straal-machine niet wordt bediend, loopt de drukloze straalvloeistof uit de bypassleiding.
1. De triggerbeveiling bedienen. Hiervoor de triggerbevei-
ling omlaag drukken.
2. De triggerhendel bedienen.
Door bediening van de triggerhendel wordt de bypass-lei- ding gesloten en de straalvloeistof loopt onder druk uit de sproeier van het waterwerktuig. Instructie Door het ontsnappende hogedrukwater kunnen niet-corro- sieve materialen corroderen. 7 Buitenwerkingstelling
7.1 Veiligheidsinstructies
GEVAAR Gevaar voor letsel door hogedrukwaterstraal Hogedrukwaterstraal kan uit onder druk staande hoge- drukwaterstraal-machine uittreden. Ervoor zorgen dat na uit bedrijf stellen van het product alle componenten van de hogedrukwaterstraal-machine dru- kloos zijn. 몇 VOORZICHTIG Hete oppervlakken Contact met oppervlakken van het product kan leiden tot brandwonden. Draag een persoonlijke veiligheidsuitrusting. Raak na gebruik van heet water geen productelementen aan. Laat het product slangen na het gebruik met heet water af- koelen of spoel het product af met koud water.
7.2 Product uit bedrijf stellen
Instructie Zolang het product bij ingeschakelde hogedrukwater- straal-machine niet wordt bediend, loopt de drukloze straalvloeistof uit de bypassleiding.
3. De hogedrukwaterstraal-machine uitschakelen en be-
veiligen tegen opnieuw inschakelen.
4. Het hogedruksysteem moet drukloos worden gemaakt.
Hiervoor de restdruk volledig afbouwen.
5. Alle toevoerleidingen in omgekeerde volgorde van het
product scheiden (zie hoofdstuk 5 Montage). 8Opslag Voor het product en, indien niet anders aangegeven, voor alle andere waterwerktuigen geldt: Na bedrijfseinde reinigen. In een vorstvrije ruimte opslaan. Bij permanente opslag met perslucht schoonblazen en met een geschikt conserveringsmiddel conserveren.44 Nederlands 9 Onderhoud
9.1 Veiligheidsinstructies
GEVAAR Gevaar voor letsel door hogedrukwaterstraal Hogedrukwaterstraal kan uit onder druk staande hoge- drukwaterstraal-machine uittreden. Schakel voor alle werkzaamheden de hogedrukwater- straal-machine uit, en beveilig deze tegen opnieuw inscha- kelen. Ervoor zorgen dat alle componenten van de hogedrukwa- terstraal-machine drukloos zijn. 몇 WAARSCHUWING Niet-reglementair onderhoud Het gebruik van vreemde onderdelen kan de werking en veiligheid van de hogedrukwaterstraal-machine in gevaar brengen. Gebruik uitsluitend originele reserveonderdelen van WO- MA GmbH. WOMA heeft desbetreffende reserveonderde- len in het productprogramma die speciaal op de standtijden van het product zijn afgestemd. Voor meer in- formatie zie uw WOMA-partner. Het gebruik van onderdelen van derden is verboden. On- derdelen van derden voldoen vaak niet aan de specifica- ties en eisen. Onderdelen van derden veroorzaken een hoog risico voor personeel en product. Functie en veilig- heid kunnen nadelig worden beïnvloed.
9.2 Verzorging en reiniging
Instructie Neem bij gebruik van reinigingsmiddelen de veiligheidsge- gevensbladen van de fabrikant in acht. Indien nodig een algemene reiniging van het product uitvoeren.
Het bedieningspersoneel voert de dagelijkse inspectie en de visuele controle van het product uit.
9.3.1 Dagelijkse inspectie
De dagelijkse controle van het product uitvoeren (zie hoofdstuk 6.2 Voor het inschakelen van de hogedruk- waterstraalmachine En hoofdstuk 6.3 Voor het begin van de straalwerkzaamheden).
9.3.2 Visuele controle
Onafhankelijk van de dagelijkse inspectie een visuele controle van alle componenten van de spuitinstallatie uitvoeren. Gebruik het product niet als u een afwijking van de toe- stand bij levering vaststelt. Laat in dit geval een veilig- heidsinspectie uitvoeren.
9.4.1 Veiligheidsinspectie
Veiligheidsinspectie en onderhoudswerkzaamheden mo- gen alleen door servicepersoneel van WOMA GmbH of door geschoold vakpersoneel (zie hoofdstuk 2.4 Kwalifica- tie van het personeel) worden uitgevoerd. Om de 12 maanden het product op correcte toestand la- ten controleren.
9.4.2 Cartridge vervangen
Als bij bediende spuitinrichting bovendien water uit de by- passleiding en / of uit de ontlastingsboringen van het pro- duct uittreedt, moet de cartridge in de drukbehuizing worden vervangen. Een voorgemonteerde cartridge (materiaalnummer 9.919- 046.0) mag door niet-geschoold personeel als volgt wor- den vervangen. LET OP Ondeskundige montage Door ondeskundige montage met beschadigde en vuile componenten kan leiden tot defecten en beschadiging van het product. Voer voor de montage een visuele controle van alle com- ponenten van de spuitinrichting uit. Alle schroefdraden moeten schoon en onbeschadigd zijn. De afdichtvlakken van de af te dichten componenten mo- gen geen krassen of rillen hebben. Een niet-voorgemonteerde cartridge mag alleen door ge- schoold vakpersoneel worden vervangen. (zie afbeelding pagina 2)
1. De bypass-schroef van de drukbehuizing losmaken en
samen met de cartridge verwijderen.
2. De veer uit de drukbehuizing verwijderen en door een
nieuwe veer vervangen.
3. De bypass-schroef van de cartridge scheiden.
4. De afdichting (O-ring) uit de groef van de bypass-
schroef verwijderen.
5. De nieuwe afdichting (O-ring) in de groef plaatsen.
6. De bypass-schroef in de voorgemonteerde cartridge
(materiaalnummer 9.919-046.0) vormsluitend plaatsen.
7. De schroefdraad van de bypass-schroef voor montage
met schroefdraadpasta behandelen (zie hoofdstuk 12.2 Verbruiksmateriaal).
8. De paspunten van de cartridge met anti-seize-montage-
pasta behandelen (zie hoofdstuk 12.2 Verbruiksmateri- aal).
9. De bypass-schroef met de cartridge in de drukbehuizing
100 Nm schroeven. 10 Hulp bij storingen
10.1 Veiligheidsinstructies
Storingen mogen uit veiligheidsredenen alleen door servi- cepersoneel van WOMA GmbH of door geschoold vakper- soneel worden uitgevoerd.Nederlands 45 11 Technische gegevens Technische wijzigingen voorbehouden. 12 Bijlage
12.1 Waterkwaliteitsrichtlijn
De grenswaarden voor de vereiste waterkwaliteit zijn een uittreksel uit de WOMA waterkwaliteitsrichtlijn die bij WO- MA GmbH (zie hoofdstuk 1.3 Service) kan worden aange- vraagd.
12.2 Verbruiksmateriaal
Materiaalnummer 9.918-187.0 Bedrijfsdruk max. bar 1500 Mediu mtemperatuur max. °C 95 Debiet max. l/min 45 Terugstootkracht zonder component- steun N150 Terugstootkracht zonder component- steun N250 Gewicht (zonder aanbouwdelen) ca. kg 3,3 Lengte zonder straalbuis ca. mm 340 Hoogte ca. mm 200 Breedte ca. mm 50 Aansluiting voor slangaansluiting M22x1,5-24°DKO Aansluiting hogedrukslang 9/16“-18 UNF-LH M24x1,5-24°DKO Aansluiting straalbuis/lansbuis 9/16”-18 UNF-LH Aansluiting bypass G 3/8” Besturing mechanisch - by- pass Solide inhoud max. 200 mg/l Totale waterhardheid 1 - 20 °H CaO 10 - 200 mg/l CaCO
Calciumhardheid 0,89 - 3,39 mmol/l pH-waarde 6,5 - 9,5 Basecapaciteit (pH 8,2) 0 - 0,25 mmol/l Aandeel van alle opgeloste stoffen 10 - 75 mg/l Geleidingsvermogen 100 - 1000 μS/cm Chloride (bijvoorbeeld NaCl) < 100 mg/l IJzer (Fe) < 0,2 mg/l Fluoride (F) < 0,15 mg/l Vrij chloor (Cl) < 1 mg/l Koper (Cu) < 2 mg/l Mangaan (Mn) < 0,05 mg/l Fosfaat (H
) < 100 mg/l Aanduiding Verpakking Materiaalnum- mer Schroefdraadpasta 500 g 9.892-362.0 Schroefdraadpasta 207 g 9.740-194.0 Anti-seize-montagepasta 450 g 9.892-352.0 Anti-seize-montagepasta 85 g 9.740-195.046 Nederlands 13 Toebehoren Volgend toebehoren is als voorbeeld voor verschillende toepassingen van de spuitinrichting gecombineerd. Voor meer informatie zie uw WOMA-partner. Afhankelijk van de configuratie kunnen materiaalnummers eveneens afwijken. Voor meer informatie zie WOMA pro- ductprogramma.
13.1 Voorbeeldconfiguratie
*) alleen bij bypass-slang zinvol
Notice-Facile