Güde 100 GC - Lasapparaat

100 GC - Lasapparaat Güde - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis 100 GC Güde in PDF-formaat.

📄 92 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice Güde 100 GC - page 34
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Güde

Model : 100 GC

Categorie : Lasapparaat

Download de handleiding voor uw Lasapparaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 100 GC - Güde en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 100 GC van het merk Güde.

GEBRUIKSAANWIJZING 100 GC Güde

Dátum/podpis výrobcu: 21.06.2011 Date/Authorized Signature: Údaje o podpísanom: pán Arnold, konateľ Title of Signatory: Technická dokumentácia: J. Bürkle; FBL, QS 33NL !!! Vóór ingebruikneming van het apparaat deze gebruiksaanwijzing aandachtig doorlezen. A.V. 2 Voor nadruk en uittreksels is toestemming vereist. Technische wijzigingen voorbehouden. Afbeeldingen zijn bedoeld als voorbeelden

Hebt u technische vragen? Een reclamatie? Hebt u reserveonderdelen of een gebruiksaanwijzing nodig? Op onze website www.guede.com in Service helpen wij u snel en niet-bureaucratisch verder. Help ons om u te helpen, a.u.b. Om uw apparaat in geval van reclamatie te kunnen identificeren hebben wij het serie+nummer evenals artikelnummer en productiejaar nodig. Deze gegevens vindt u op het typeplaatje. Vul deze gegevens hieronder in om deze altijd bij de hand te hebben. Serienummer: Artikelnummer: Bouwjaar:

tel.: +49 (0) 79 04 / 700-360 fax: +49 (0) 79 04 / 700-51999 e-mail: support@ts.guede.com Het apparaat voldoet aan de vereisten van EN 61000-3-11 en is onderworpen aan de voorwaarde verbinding. Dit betekent dat het gebruik van willekeurige verbinding punten, is niet toegestaan. Het apparaat kan worden gebruikt in negatieve netwerkomstandigheden tijdelijke spanningsschommelingen. Het apparaat is uitsluitend bestemd voor gebruik in verband punten, die een maximaal toelaatbare netto impedantie van Zmax = 0,233 Ω niet overschrijden. U moet een geregistreerde gebruiker te garanderen, indien nodig in overleg met uw energiebedrijf, dat uw verbinding punt waar u wilt bedienen van het apparaat, de bovengenoemde eis. Garantie De garantieperiode is 12 maanden bij commercieel gebruik en 24 maanden voor eindgebruikers en begint met de datum van aankoop van het apparaat. De garantie heeft uitsluitend betrekking op onvolkomenheden die op materiaal- en/of productiefouten zijn terug te voeren. Bij een claim betreffende een onvolkomenheid, in de zin van garantie, dient de aankoopfactuur - die de verkoopdatum bewijst - met de aankoopdatum bijgesloten te worden. Uitgesloten van garantie zijn verkeerd gebruik, zoals bijv. overbelasting van het apparaat, gebruik van geweld, beschadigingen door vreemde invloeden of vreemde voorwerpen evenals het niet naleven van gebruiks- en montageaanwijzingen en normale slijtage. Apparaat Afb. 1:

1. Lassen huidige controller

Technische gegevens Voor artikel nr. 20055 INVERTER 100 GC Aansluiting 230 V~50 Hz Netvermogen 3,2 kVA Min. beveiliging 16 A Max. lasstroom 100 A Nullastspanning 85 V Aanbev. materiaaldikte 0,8-8 mm Elektroden 1,6-2,5 mm Instelbereik 10-100 A ED bij max. stroom 100A~15% / 55A~60% / 45 A~100% Beveiligingsklasse IP21S Gewicht ca. 3,6 kg Voor artikel nr. 20046 INVERTER 140 GC Aansluiting 230V~50 Hz Netvermogen 4,7 kVA Min. beveiliging 16 A Nullastspanning 80 V Aanbev. materiaaldikte 0,8-12 mm / WIG 0,5-2mm Elektroden 1,6-4 mm Instelbereik 20-140 A 34ED bij max. stroom 140 A~30% / 100 A~60 % / 90 A~100% Isolatieklasse H Beveiligingsklasse IP21S Gewicht ca. 6 kg Voor artikel nr. 20047 INVERTER 160 GC Aansluiting 230 V~50 Hz Netvermogen 5,6 kVA Min. beveiliging 16 A Nullastspanning 80 V Aanbev. materiaaldikte 0,8-15 mm / WIG 0,5-2 mm Elektroden 1,6-4 mm Instelbereik 20-160 A ED bij max. stroom 160 A~20 % / 100 A~60 % / 90 A~100 % Isolatieklasse H Beveiligingsklasse IP21S Gewicht ca. 7 kg Algemene veiligheidsmaatregelen De gebruiksaanwijzing dient vóór het eerste gebruik van het apparaat geheel doorgelezen te worden. Indien over de aansluiting en bediening van het apparaat twijfels bestaan, dient u zich tot de producent (serviceafdeling) te wenden. Bescherm het apparaat voor vocht, regen en stof. OM EEN HOGE GRAAD VAN VEILIGHEID TE GARANDEREN DIENT U DE VOLGENDE INSTRUCTIES IN ACHT TE NEMEN: De gebruiker is verantwoordelijk voor een vakkundige installatie en gebruik van het apparaat volgens de aanwijzingen van de producent. Indien elektromagnetische storingen worden vastgesteld, is de gebruiker verantwoordelijk om deze met de technische hulp van de producent te verhelpen. In enkele gevallen is slechts het aarden van de lasomgeving voldoende om het probleem op te lossen. In anderen gevallen kan een elektromagnetische bescherming vereist zijn die zowel de stroombron als het totale werkvlak omvat. In elk geval moeten elektromagnetische storingen zo ver naar beneden gebracht worden dat zij voor de gebruiker niet meer storend zijn. Let op: Om veiligheidsredenen mag het stroomcircuit niet geaard zijn. Wijzigingen van de voorzorgmaatregelen betr. aarding mogen slechts door bevoegd, geautoriseerd personeel aangebracht worden. Dit personeel kan de gevolgen en risico’s van de aangebrachte wijzigingen op juiste wijze inschatten. Eisen betreffende de omgevingsruimte Vóór de installatie en inbedrijfstelling van het apparaat moet de gebruiker potentiële elektromagnetische storingen in zijn omgeving in overweging nemen. Het volgende is in overweging te nemen: a) Andere toevoer-, controle-, signaal- en telefoonkabels boven, beneden en in de aangrenzende omgeving van het lasapparaat: b) Radio-, televisie toestellen en ontvangers. c) Computers en andere controle apparaten. d) Veiligheids- en bewaking apparaten. e) De gezondheidstoestand van de aanwezige personen, bijvoorbeeld pacemaker, hoorapparaten enz. f) Meetapparaten die voor de kalibrering worden gebruikt. g) Bescherming van andere apparaten in de omgeving van het lasapparaat. Deze moeten verenigbaar zijn. Hiervoor kunnen aanvullende voorzorgmaatregelen betreffende bescherming vereist worden. h) De moment van de dag waarin de laswerkzaamheden of andere werkzaamheden uitgevoerd worden. De grootte van de in overweging te nemen ruimte hangt af van de structuur van het gebouw en van de overige, op de zelfde tijd plaatsvindende activiteiten; dit kan zich zelfs tot de bijgebouwen uitstrekken. Emissiereductie Hoofdstroomtoevoer Het lasapparaat dient volgens de aanwijzingen van de producent aan de hoofdstroomtoevoer aangesloten te worden. Indien storingen optreden, kan het noodzakelijk zijn aanvullende maatregelen te nemen, bijv. het aanbrengen van een filter in de hoofdstroomtoevoer. De stroomvoeding van vast geïnstalleerde lasapparaten moet met een isolatiebuis over de totale kabellengte beschermd worden. Laskabels moeten zo kort mogelijk zijn. Speciale veiligheidsmaatregelen Inleiding Apparaten voor vlambooglassen zijn op grond van jarenlange laservaringen ontwikkeld. Zij waarborgen naast de zeer goede laseigenschappen een hoge mate van bedrijfsveiligheid, verondersteld dat de door de producent aangegeven bedieningsmethoden worden nagekomen. Om deze reden moet de bedrijfsleiding er op letten dat elke persoon die met het apparaat werkt de gelegenheid krijgt deze informaties te lezen.

35Algemene voorzorgsmaatregelen Bescherming tegen verbrandingen Vonken, slakken, heet materiaal en straling kunnen bij vlambooglassen de ogen en de huid ernstig beschadigen. Hoe dichter de gebruiker of een willekeurige andere persoon bij de lasplaats komt, hoe groter het gevaar is waaraan deze mensen zich blootstellen. De gebruiker evenals de andere personen, die in de buurt van de lasplaats werken, dienen behoorlijke beschermende kleding en uitrusting te dragen. Beschermende handschoenen (speciaal geschikt voor het lassen) en een hoofdbedekking zijn eveneens benodigd. Een veiligheidsbril zou in alle gevallen gedragen moeten worden om de ogen voor straling, spattende vonken en heet metaal te beschermen.

Brandbeveiliging Omdat bij elektrisch vlambooglassen heet materiaal, vonken en slakken ontstaan moeten maatregelen, ter vermijding van vuur en/of explosies, genomen worden. In de directe omgeving van de lasplaats moeten geschikte brandblusapparaten aanwezig zijn. Alle brandgevaarlijke materialen dienen uit de buurt van de lasplaats verwijderd te worden. De minimale afstand bedraagt 10 meter (35 voet). Las nooit lege reservoirs/bakken waarin giftige of mogelijkerwijs explosieve materialen hebben gezeten. Deze soort reservoirs/bakken moeten vóór het lassen uiterst zorgvuldig en grondig gereinigd worden. Las nooit, indien zich in de atmosfeer/lucht hoge concentraties van stof, licht ontvlambare gassen en brandgevaarlijke vloeistofdampen (bijvoorbeeld benzine) bevinden. Na het lassen moet gecontroleerd worden of de gelaste delen zijn afgekoeld, voordat deze worden aangeraakt of in contact met brandgevaarlijke en ontvlambare materialen komen. Giftige rookgassen De voorgeschreven maatregelen moeten toegepast worden om de lasser of overige personen in de omgeving niet aan eventueel giftige rookgassen, die tijdens het lassen mogelijkerwijs ontstaan, bloot te stellen. Bepaalde gechloreerde oplosmiddelen ontbinden zich onder de ultravioletstraling en vormen fosgeengas. Met deze gassen moet voorzichtig omgegaan worden zodat contact met de te lassen delen wordt vermeden. Reservoirs/bakken voor zulke oplosmiddelen en/of andere ontvettingsmiddelen moeten uit de buurt van de lasplaats verwijderd worden. Indien aan beklede metalen, die delen van lood, cadmium, zink, kwikzilver en beryllium bevatten, laswerkzaamheden uitgevoerd worden, kunnen schadelijke concentraties van giftige rookgassen ontstaan. Voor hun taak berekende afzuigventilatoren moeten dan aanwezig zijn of de gebruiker moet een speciale uitrusting dragen die de toevoer van verse lucht, zoals bij een ademhalingstoestel of een met luchttoevoer voorziene helm, garandeert. Las geen beklede metalen materialen waarvan giftige rookgassen ontstaan, tenzij:

  • de bekleding voor het lassen werd verwijderd; de laswerkplaats voldoende is geventileerd.
  • de lasser met een apparaat voor toevoer van frisse lucht/ademhalingstoestel is uitgerust. Straling De bij het lassen optredende ultravioletstraling kan schadelijk voor de ogen zijn en de huid doen verbranden. Het is daarom beslist vereist beschermende kleding te dragen. Contactlenzen zouden niet gedragen moeten worden, omdat de grote hitte een verkleving van het hoornvlies kan veroorzaken. Het bij het lassen gebruikte beschermschild moet met veiligheidsglas (minimaal DIN 10) uitgerust zijn dat bij breuk of beschadiging onmiddellijk vervangen moet worden. De vlamboog kan voor de ogen schadelijk zijn en is gevaarlijk tot op een afstand van 15 meter (50 voet). Men moet nooit met onbeschermde ogen in de vlamboog kijken. Elektrische schok Alle elektrische schokken kunnen dodelijk zijn en daarom moeten elektrakabels en/of delen nooit aangeraakt worden. Door het dragen van isolerende handschoenen en kleding moet voor isolatie van het te lassen deel en de aarde gezorgd worden. Kledingstukken, bijvoorbeeld handschoenen, schoenen, hoofdbedekkingen en bovenkleding, moeten altijd droog zijn en werkzaamheden in vochtige of natte ruimten moeten vermeden worden. De te lassen delen mogen niet aangeraakt of in de hand gehouden worden. Indien men de lichtste elektrische schok voelt, moet het lassen onmiddellijk onderbroken worden. Voordat het probleem of de fout niet gevonden is en door gekwalificeerd personeel verholpen werd, mogen de werkzaamheden niet opnieuw begonnen worden. Uiterst belangrijk is de hoofdstroomkabel op beschadigingen of scheuren van de ommanteling te controleren en de beschadigde kabel direct te vervangen. Voor vervanging van de kabel en verwijdering van de apparaatafdekking moet de verbinding tussen de kabel voor stroomtoevoer en de hoofdleiding onderbroken worden. Gebruik het apparaat nooit zonder apparaatafdekking. Alle beschadigde delen altijd slechts door originele onderdelen vervangen. Verander, resp. sluit nooit de veiligheidsstroomonderbreker kort en controleer of de stroomtoevoer met een doelmatige aardstekker is uitgerust. Controleer of de lastafel goed is geaard. Elk onderhoud mag slechts door gekwalificeerd personeel uitgevoerd worden. Denk aan de hoge risico’s die door gevaarlijke elektrische spanningen bij het werken met het apparaat kunnen optreden.

36Pacemaker Personen, die een elektronisch apparaat voor levensonderhoud (bijvoorbeeld een pacemaker enz.) dragen, moeten hun arts vragen, voordat zij zich in de buurt van vlamboog-, snij-, brand- of puntlasapparaten begeven, om vast te stellen dat de magnetische velden in verbinding met de hoge elektrische stroom, hun apparaten niet beïnvloeden.

Beschrijving en productspecificatie Inleiding De lasstroomvoorzieningen van de 80 A. serie leveren een constante stroom en zijn met INVERTER techniek geconstrueerd, met onderdelen voor hoge vermogens en hoge betrouwbaarheid uitgerust en kunnen voor staafelektroden als ook voor WIG lassen gebruikt worden. Systeembeschrijving De stroomtoevoer is samen met de bestuurlogica op gescheiden, onder elkaar uitwisselbare hybride platen op een enkelvoudige hoofdplaat samengebouwd. Hierdoor verkrijgt het systeem een zeer hoge graad van betrouwbaarheid en vereenvoudigt het onderhoud en de klantenservice. De krachtmodule bevat een INVERTER die met een frequentie hoger dan 80 kHz en met een zeer lage resonantietijd werkt (500 milliseconden), hetgeen in een extreem gelijkmatig lassen resulteert met gemakkelijk starten, homogene druppelgrootte, betere doordringing en een gladde parelvorming. Toelichting betreffende technische tekens EN 60974 normen Seriennummer: Serie nr., moet bij alle navragen aangegeven worden MMA Geschikt voor het lassen met ommantelde elektroden WIG Geschikt voor WIG lassen

Secundaire ontstekingsspanning X Percentage inschakelduur De inschakelduur geeft het percentage van 10 minuten aan, waarin de stroomtoevoer bij de gegeven stroom zonder oververhitting werkt I Lasstroom U Secondaire spanning met lasstroom 12 U1 Nominale netspanning 1~50/60Hz Eenfasige toevoer 50 of 60 Hz l1 Geabsorbeerde stroom bij overeenkomstige lasstroom 12; bij de stroomtoevoer voor het WIG lassen deel de l1- waarde door 1,6 IP21 Beveiligingsklasse van het metalen frame S Geschikt voor werkzaamheden op plaatsen met hoge risico's Het apparaat voldoet aan de eisen van de norm EN 60974-10, klasse A. Dit betekent dat gebruik uitsluitend op industrieel gebied is toegestaan. Het apparaat kan in ongunstige gevallen elektromagnetische storingen veroorzaken. Thermische beveiliging Beveiliging bij oververhitting en storingen van hoofdtoevoerleiding Door de interventie van de bewakingsinrichtingen van de netspanning en oververhitting (thermoschakelaar op de koellichamen) wordt de stroomtoevoer uitgeschakeld. Installatie Uitpakken en opstellen Pak het apparaat uit en controleer het grondig op transportschaden. Eventuele schadeclaims, die door het transport zijn ontstaan, moeten door de ontvanger bij de vrachtrijder geldig worden gemaakt. Om het recht op schadevergoeding niet te verliezen moet u geen blanco handtekening plaatsen maar eerder zou een opmerking geschreven moeten worden die het recht op schadeclaims inhoudt, voor het geval dat na het uitpakken transportschaden worden ontdekt. Alle mededelingen betreffende dit apparaat moeten het model- en serienummer bevatten; deze bevinden zich op de achterkant bij de stroomtoevoer. Zet na het uitpakken het apparaat op een goed geventileerde, mogelijk stofvrije plaats neer. Let er daarbij op dat de luchttoevoer bij de koelspleten niet versperd worden. Waarschuwing: Het is uiterst belangrijk de luchttoevoer om het apparaat niet te beperken omdat dit een oververhitting van het apparaat ten gevolg kan hebben en mogelijk worden onderdelen in het apparaat beschadigd. Er zou minimaal 200 mm vrije onbeperkte ruimte rondom het apparaat moeten zijn. Om garantie te behouden leg geen filters of afdekkingen voor de luchtinlaatspleten van de stroomtoevoer. Opmerking: Indien u het apparaat op uw schouder draagt, dient er op gelet te worden dat de luchtinlaatspleten niet worden afgedekt. Installatie 37Het apparaat dient door ervaren personeel geïnstalleerd te worden. Alle verbindingen dienen aan de geldige voorschriften te beantwoorden, in volledige overeenstemming met de veiligheidsvoorschriften (CENELEC HD 427).

Algemene opmerkingen Vóór het gebruik van deze stroomtoevoer moeten de CENELEC normen HD 407 en HD 433 zorgvuldig gelezen worden. De isolatiekabel, bevestigingsklem voor elektroden, stekker en stopcontacten moeten gecontroleerd worden en men moet er zich van overtuigen dat de lengte en de doorsnede van de laskabels in overeenstemming met de gekozen stroomsterkte zijn: tot 5 m kabellengte: minimale doorsnede 16 mm

Inbedrijfstelling Beschrijving van het schakelbord Aan het schakelbord bevinden zich:

1. Regelknop voor stroom

1. Kabelverbinding voor elektroden en aardklemmen

3. Lasstroom LED-indicatie (OK als aan)

4. Het gele LED-lampje is in normale staat uit. Indien het lampje aan is, kunnen de volgende storingen aangegeven worden:

  • als de netspanning buiten het bereik van ± 10% ligt,
  • als het lasapparaat wordt overbelast. Lassen met mantelelektroden Het lasapparaat is voor alle soorten van elektroden geschikt als ook voor cellulose elektroden (AWS 6010). Gebruik een bevestigingsklem voor elektroden, zonder uitstekende borgschroeven, die aan de huidige veiligheidsstandaards beantwoorden. Overtuigt u zich dat de hoofdschakelaar op de achterkant van het lasapparaat op de positie “0” is ingesteld, resp. dat de kabel van de hoofdtoevoer niet in het stopcontact zit. Verbind de laskabels, in overeenstemming met hun polariteit en volgens de aanwijzingen van de producent van de elektroden. Het lasstroomcircuit mag niet opzettelijk in direct contact met de beschermkabel gebracht worden, tenzij aan het lasdeel. Als de aarding met de beschermkabel bewust aan het werkstuk wordt gemaakt, dient de verbinding zo kort mogelijk te zijn. De dwarsdoorsnede van de beschermkabel dient minimaal zo groot te zijn als de dwarsdoorsnede van de terugvoerkabel van de lasstroom. Beide kabels moeten aan het zelfde werkstuk aangesloten worden. Gebruik de aardklemmen aan het apparaat of een aardklem in de buurt. Alle voorzorgsmaatregelen dienen zodanig genomen te worden, om ongewenste stroom te vermijden. Controleer of de netspanning met de ingangsspanning van het apparaat correspondeert. Verbinding van de hoofdstroomkabel: bij het aanbrengen van de stekker moet op de juiste capaciteit gelet worden en dat de geelgroene draad van de hoofdkabel met de aardstekker verbonden is. De capaciteit van de thermische magneetschakelaar of van de beveiligingen in de hoofdstroomleiding moeten groter of gelijk aan de door het apparaat absorberende stroom l1 zijn. De absorberende stroom l1 is aan de hand van de technische specificaties van het apparaat, in overeenstemming met de hoofdtoevoerspanning U1, te bepalen. Alle verlengkabels moeten een dwarsdoorsnede hebben die aan de geabsorbeerde stroom l1 beantwoordt. Schakel de stroomtoevoer aan de hoofdschakelaar aan de achterkant van het apparaat in. WAARSCHUWING: ELEKTRISCHE SCHOKKEN KUNNEN DODELIJK ZIJN! RAAK GEEN STROOMGELEIDENDE DELEN AAN! RAAK GEEN LASUITGANGSAANSLUITINGEN AAN ALS HET APPARAAT IS INGESCHAKELD! RAAK NOOIT HET LASAPPARAAT OF DE ELEKTRODE EN DE AARDKLEM TEGELIJK AAN! De stroom dient in overeenstemming met de doorsnede van de elektrode, de laspositie en de te lassen naad gekozen te worden. Na het lassen moet er aan gedacht worden de hoofdschakelaar uit te schakelen en de elektrode uit de elektrodehouder te verwijderen. Lassen met WIG uitrusting / Accessoires: Güde art. nr. 41690

Vóór het begin van uw werkzaamheden dient het volgende overeenkomstige gas ter beschikking te zijn. Fe Staal ArCO2 Al Aluminium Ar (met dit apparaat niet mogelijk) V2A Edelstaal ArO2 Sluit het apparaat als volgt aan: - Gasslang d.m.v. bevestigingsklem aan de gasaansluiting van de overeenkomstige gasfles aansluiten en met de WIG uitrusting verbinden. - Steek de stekker van de WIG uitrusting in de overeenkomstige „dinse”-contactdoos aan de inverter (minpool). LET OP: Bij WIG lassen is de aardkabel de pluspool en het WIG- Pakket de minpool.

38- Steek nu de aardkabel in de overeenkomstige contactdoos (pluspool).

- Slijp de wolfraamnaald loodrecht op de slijpschijf puntig en steek deze in de spantang. De ca. 5 mm wolfraamnaald moet vooraan uit de keramische spuitmond steken (zie afb. 4-7). - Open nu de gasklep aan de brander (ca. ¼ draaien) en schakel het apparaat op WIG (indien voorhanden). - Ontsteken: Zet nu de rand van de keramische spuitmond schuin op het te lassen materiaal en tip gelijkmatig de naald tegen het te lassen materiaal aan totdat de vlamboog ontstaat. Oefening maakt meester!

1. Aardkabel (+) Gasslang met adapter

Hiermee verklaren wij, Güde GmbH & Co. KG We herewith declare, Birkichstraße 6, 74549 Wolpertshausen, Germany dat het navolgend genoemde apparaat, op grond van zijn ontwerp en bouwwijze, evenals de door ons in omloop gebrachte uitvoeringen aan de desbetreffende fundamentele veiligheids- en gezondheidverordeningen van de EG-richtlijnen voldoen. that the following Appliance complies with the appropriate basic safety and health requirements of the EC Directive based on its design and type, as brought into circulation by us. Bij een niet met ons overeengekomen wijziging aan het apparaat verliest deze verklaring haar geldigheid. In a case of alternation of the machine, not agreed upon by us, this declaration will loose its validity.

Beschrijving van het apparaat: - 100 GC, 140 GC, 160 GC