RHG 5800 IN - Afzuigkap ROSIERES - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis RHG 5800 IN ROSIERES in PDF-formaat.

📄 56 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice ROSIERES RHG 5800 IN - page 33
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : ROSIERES

Model : RHG 5800 IN

Categorie : Afzuigkap

Download de handleiding voor uw Afzuigkap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding RHG 5800 IN - ROSIERES en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. RHG 5800 IN van het merk ROSIERES.

GEBRUIKSAANWIJZING RHG 5800 IN ROSIERES

! De installatie moet worden uitgevoerd door een bevoegde installateur en volgens de instructies van de fabrikant.

Gebruik altijd handschoenen tijdens alle installatie- en onderhoudswerkzaamheden. Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze door de fabrikant of de technische assistentie of door een persoon met soortgelijke kwalificatie worden vervangen om elk risico te vermijden. Waarschuwing: Als u de schroeven of bevestiging apparaat te installeren in overeenstemming met deze instructies kan leiden tot elektrische gevaren. LET OP: om uw product niet te beschadigen, dienen tijdens de installatie uitsluitend de bijgeleverde schroeven te worden gebruikt, en wel op de juiste manier, zoals aangegeven in de volgende instructies. Bereid de voeding (zie blad “Opgelet”). Voor Afvoer versie of versie met externe motor uitvoeringen, de voorbereiding van de pijp voor de luchtafvoer (zie blad “Opgelet”). AFVOER OF RECIRCULATIE? De afzuigkap is beschikbaar in verschillende afvoer, recirculatie of versie met externe motor uitvoeringen. Beslis op voorhand welke installatie u verkiest. Voor het beste rendement, is het raadzaam (indien mogelijk) een afvoer of versie met externe motor afzuigkap te installeren. Afvoer afzuigkap De kap filtert de afgezogen lucht en voert die af door een afvoerbuis. Versie met externe motor De kap filtert de afgezogen lucht en voert die af door een afvoerbuis. Moet het toestel aan een afzonderlijke afzuigingsdampkap worden aangesloten Recirculatie afzuigkap De kap filtert en recirculeert de gezuiverde lucht in de binnenruimte. BEDIENINGSELEMENTEN Uitsluitend voor kappen met elektronische bediening: (modellen verkocht in Scandinavië, de volgende functies niet aanwezig zijn) De 4e (intensieve) snelheid wordt automatisch na 5' functionering verlaagd naar de 3e snelheid om het energieverbruik te optimaliseren; in kappen met spanning 120V/60Hz is deze functie niet actief en de 4de versnelling wordt aangeduid met de letter b (Booster). - Als de afzuigkap ingeschakeld blijft (licht en/of de motor), dan wordt deze na 10 uur, als er geen opdracht van de gebruiker komt, automatisch in de OFF- stand gezet, en alle functies worden uitgeschakeld. In kappen met spanning 120V/60Hz is deze functie niet actief. - Elke keer als er een opdracht wordt ingevoerd via het toetsenbord of de afstandsbediening (optioneel), wordt er een geluidssignaal “beep” gegeven door de zoemer. - Als er tijdens de werking van de afzuigkap de stroomtoevoer wordt onderbroken, zet de afzuigkap zich automatisch uit, en de knop gaat over in de OFF-stand. De motor moet dan weer handmatig aangezet worden. Bedieningselementen van Fig. 1: A) ON/OFF lampen. Deze toets wordt ook gebruikt voor de functie alarm vetfilter en koolstoffilter. Filteralarm: Na 30 uren werking van de motor, licht de RODE led L1 ROSSO op en blijft branden (de vetfilter moet worden gereinigd). Na 120 uren werking van de motor, knippert de RODE led L1 (de koolstoffilter moet worden vervangen, voor zover de afzuigkap hiervan voorzien is). Het filteralarm is ALLEEN merkbaar wanneer de motor UIT is. Het filteralarm wordt teruggesteld (reset URENTELLER) door de toets A gedurende 2" ingedrukt te houden. B) Door de toets B in te drukken, start de motor op de eerste snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende GROENE Led L1. Als hij 2" ingedrukt gehouden wordt, stopt de motor. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. C) Door de toets C in te drukken, start de motor op de tweede snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende GROENE Led L2. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. D) Door de toets D in te drukken, start de motor op de derde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende GROENE Led L3. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. E) Door op de toets E te drukken, start de motor op de vierde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende GROENE Led L4. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. Bedieningselementen van Fig. 2: A) ON/OFF lampen. Deze toets wordt ook gebruikt voor de functie alarm vetfilter en koolstoffilter. Filteralarm: Na 30 uren werking van de motor, licht de RODE led L1 op en blijft branden (de vetfilter moet worden gereinigd). Na 120 uren werking van de motor, knippert de led L1 (de koolstoffilter moet worden vervangen, voor zover de afzuigkap hiervan voorzien is). Het filteralarm is ALLEEN merkbaar wanneer de motor UIT is. Het filteralarm wordt teruggesteld (reset URENTELLER) door de toets A gedurende 2" ingedrukt te houden. B) Door de toets B in te drukken, start de motor op de eerste snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L2. Als hij 2" ingedrukt gehouden wordt, stopt de motor. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. C) Door de toets C in te drukken, start de motor op de tweede snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L3. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. D) Door de toets D in te drukken, start de motor op de derde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L4. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. E) Door op de toets E te drukken, start de motor op de vierde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L5. Wanneer er één keer op wordt gedrukt, met brandende led, treedt de timerfunctie in werking (motor aan gedurende 5'), wat wordt aangegeven door de knipperende led. Om de timerfunctie uit te schakelen, nogmaals drukken. Bedieningselementen van Fig. 3: A) ON/OFF lampen. Deze toets wordt ook gebruikt voor de functie alarm vetfilter en koolstoffilter. Filteralarm: Na 30 uren werking van de motor, licht de RODE led L1 op en blijft branden gedurende 30" (de vetfilter moet worden gereinigd). Na 120 uren werking van de motor, knippert de led L1 gedurende 30" (de koolstoffilter moet worden vervangen, voor zover de afzuigkap hiervan voorzien is). Het filteralarm is ALLEEN merkbaar wanneer de motor UIT is. Het filteralarm wordt teruggesteld (reset URENTELLER) door de toets A gedurende 2" ingedrukt te houden. B) De toets B schakelt de sensorfunctie in/uit (wanneer de sensorfunctie ingeschakeld is, licht de led L2 op). C) Door de toets C in te drukken, start de motor op de eerste snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L3. Als hij 2" ingedrukt gehouden wordt, stopt de motor. D) Door de toets D in te drukken, start de motor op de tweede snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L4. E) Door de toets E in te drukken, start de motor op de derde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L5. F) Door op de toets F te drukken, start de motor op de vierde snelheid. De snelheid wordt aangegeven door de brandende Led L6. SENSIBILITEIT VAN DE SENSOR: de sensibiliteit van de sensor kan gewijzigd worden naar eigen behoefte. De sensibiliteit wijzigen door tegelijkertijd de toets A en de toets B in te drukken. De tot stand gebrachte sensibiliteit zal duidelijk gemaakt worden door de 4 knipperende led L3, L4, L5, L6. Door middel van de toetsen C, D, E of F, de gewenste sensibiliteit tot stand brengen (toets C: minimum sensibiliteit, toets F: maximum sensibiliteit). Voor de gaskookplaten de laagste gevoeligheid, voor de vuurvaste kookplaten de matige gevoeligheid en voor de inductieplaten de hoogste gevoeligheid instellen. OPGELET: WANNEER DE LED L1 OPLICHT WIL DIT ZEGGEN DAT MEN DE ANTI-VETFILTERS MOET SCHOONMAKEN OF DAT MEN DE KOOLSTOFFILTER MOET VERVANGEN.SENSORFUNCTIE (inschakeling d.m.v. toets B): dit toestel is uitgerust met een volledig automatisch systeem (Advanced Sensor Control) om alle functies van de wasemkap te beheren. Het is te danken aan het systeem Advanced Sensor Control dat de lucht in de keuken steeds zuiver en geurloos blijft, zonder dat de gebruiker enige ingreep moet uitoefenen. De gesofisticeerde sensors slagen erin om het even welke geur, wasem, rook of warmte veroorzaakt door het koken, op te vangen. Het ASC vangt eveneens eventuele en abnormale aanwezigheid van GAS in de omgeving op. Wanneer de sensorfunctie ingeschakeld is, zullen de toetsen C, D, E, F de snelheid alleen voorlopig regelen, nadien is het de sensor die de snelheid automatisch regelt. Let op: om te voorkomen dat de sensor beschadigd wordt, dient men geen siliconenhoudende producten in de buurt van de afzuigkap te gebruiken! Bedieningselementen van Fig. 4: Dit toestel is uitgerust met een volledig automatisch systeem (Advanced Sensor Control) om alle functies van de wasemkap te beheren. Het is te danken aan het systeem Advanced Sensor Control dat de lucht in de keuken steeds zuiver en geurloos blijft, zonder dat de gebruiker enige ingreep moet uitoefenen. De gesofisticeerde sensors slagen erin om het even welke geur, wasem, rook of warmte veroorzaakt door het koken, op te vangen. Het ASC vangt eveneens eventuele en abnormale aanwezigheid van GAS in de omgeving op. A) verlichting uit. B) verlichting aan. C) Mindert de snelheid van de motor, tot de nulsnelheid wordt bekomen. Indien hij 2" lang wordt ingedrukt wanneer het Filteralarm actief is, zet hij de UREN- telling terug op nul. D) Schakelt de motor in (op de laatst gebruikte snelheid) en verhoogt de snelheid van de motor tot de maximale snelheid wordt bereikt. E) Activeert/deactiveert de Sensor (AUTOMATISCH of HANDBEDIENING). In de Automatische bediening is de sensor actief en verschijnt op de Display (L) de letter “A”. L) Display: - geeft de huidige snelheid weer - geeft de Automatische bediening weer aan de hand van de letter “A”. Indien de snelheid van de motor wordt gewijzigd, wordt de huidige snelheid 3-maal knipperend weergegeven, waarna opnieuw de letter “A” verschijnt. - meldt het Filteralarm (motor uitgeschakeld) door het centraal segment 30" lang weer te geven. FILTERALARM: wordt aangegeven met Uitgeschakelde Motor, gedurende 30": Na 30u werking, verschijnt op de display het centraal segment; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd. Na 120u werking, knippert op de display het centraal segment; betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd en de koolstoffilters moeten worden vervangen. Wanneer de vetfilters gereinigd zijn (en/of de koolstoffilters vervangen zijn), wordt tijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop C om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET). Let op: om te voorkomen dat de sensor beschadigd wordt, dient men geen siliconenhoudende producten in de buurt van de afzuigkap te gebruiken! GEVOELIGHEID VAN DE GASSENSOR: de gevoeligheid van de sensor kan volgens de eigen behoefte worden gewijzigd. Om de gevoeligheid te wijzigen, dient het apparaat zich in de handbediening te vinden (op de display mag niet de letter “A” maar moet de huidige snelheid weergegeven zijn); zo niet, druk op de knop E. Wijzig de gevoeligheid van de sensor door tegelijk te drukken op de knoppen D en E. De ingestelde gevoeligheid wordt weergegeven op de display. Met de knoppen C(-) en D(+) wordt de gevoeligheid ingesteld Bewaar de “nieuwe” gevoeligheid door te drukken op de knop E. Bedieningselementen van Fig. 5: Knop A: Lampjes uit. Knop B: Lampjes aan. Knop C : mindert de snelheid van de motor, tot de minimumsnelheid wordt bereikt. Indien de knop gedurende 2" ingedrukt wordt gehouden, valt de motor stil en wordt de snelheid in het geheugen bewaard. Knop D : schakelt de motor in (op de laatst gebruikte snelheid) en verhoogt de snelheid van de motor tot de maximale snelheid wordt bereikt. Display L: - geeft de huidige snelheid weer. - meldt het Filteralarm (motor uitgeschakeld) door het centraal segment weer te geven. - meldt de activering van de Timer aan de hand van het knipperend cijfer. Knop E: activeert de TIMER (motor ingeschakeld), waarbij de kap na 5' vanzelf uitgaat. Bovendien, wordt bij een actief Filteralarm de telling van de uren teruggesteld (motor uitgeschakeld). FILTERALARM: wordt aangegeven met Uitgeschakelde Motor: Na 30u werking, licht op de display het centraal segment op; Dit betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd. Na 120u werking, knippert op de display het centraal segment; Dit betekent dat de vetfilters moeten worden gereinigd en de koolstoffilters moeten worden vervangen. Wanneer de vetfilters gereinigd zijn (en/of de koolstoffilters vervangen zijn), wordt tijdens de weergave van het filteralarm gedrukt op de knop E om de UREN-telling opnieuw te starten (RESET). Bedieningselementen van Fig. 6: A): lampjes aan/uit. B): TIMER inschakelen/uitschakelen: door 1 keer op deze toets te drukken wordt de timer ingeschakeld, zodat na 5 minuten de motor stopt (tegelijkertijd zal op het display het nummer van de gekozen snelheid knipperen); de timer blijft werken als de snelheid van de motor veranderd word. Display C: - laat de gekozen motorsnelheid zien (van 1 tot 4); - laat als het nummer knippert zien dat de timer ingeschakeld is; - geeft als het middelste gedeelte brandt of knippert aan dat de filters in alarm zijn. D): schakelt de motor in ( in de laatst gebruikte snelheid). Door de toets nogmaals in te drukken, worden de motor-snelheden gekozen van 1 tot en met 4 in opeenvolgende orde. Houdt u de toets circa 2 seconden dan zal de motor stoppen. R): reset van de vetfilters en koolstoffilters. Als het filteralarm verschijnt (d.w.z. als het middelste gedeelte van het display gaat branden) dan moeten de vetfilters gereinigd worden (er zijn 30 werkingsuren verstreken). Als het middelste gedeelte daarentegen knippert dan moeten de vetfilters gereinigd worden en de koolstoffilters vervangen worden (er zijn 120 werkingsuren verstreken). Is uw afzuigkap niet in de filterversie en zijn de koolstoffilters niet aanwezig dan hoeft u uiteraard alleen de vetfilters te reinigen, dit geldt zowel als het middelste gedeelte brandt danwel als het middelste gedeelte knippert. Het filteralarm verschijnt wanneer de motor uitgeschakeld is en is ongeveer 30 seconden zichtbaar. Om opnieuw te beginnen moet u de toets 2 seconden gedurende het zichtbaar zijn van het alarm. Bedieningselementen van Fig. 7: Dit toestel is uitgerust met een volledig automatisch systeem (Advanced Sensor Control) om alle functies van de wasemkap te beheren. Het is te danken aan het systeem Advanced Sensor Control dat de lucht in de keuken steeds zuiver en geurloos blijft, zonder dat de gebruiker enige ingreep moet uitoefenen. De gesofisticeerde sensors slagen erin om het even welke geur, wasem, rook of warmte veroorzaakt door het koken, op te vangen. Het ASC vangt eveneens eventuele en abnormale aanwezigheid van GAS in de omgeving op. A) : schakelt de verlichting in/ uit. B) : schakelt de “Automatische” functie in / uit. Door deze functie in te schakelen verschijnt een “A” op het display C en wordt de snelheid van de motor automatisch hoger of lager, afhankelijk van de dampen, luchtjes en gas in de keuken. Display C) : - duidt de automatische werking van de sensor aan (de letter “A” verschijnt);- het duidt de snelheid van de motor aan die automatisch door de sensor gekozen is ; - het duidt het filteralarm aan, wanneer het middelste gedeelte gaat branden of knippert. D) : deze vermindert de snelheid van de motor / Reset; deze vermindert de snelheid van de motor tot nul (stop), desalniettemin gaat de afzuigkap na ongeveer 1 minuut weer automatisch werken op de snelheid die door de sensor bepaald is. Door tijdens het tonen van het filteralarm op de toets te drukken, wordt de RESET verkregen, waardoor de uurtelling opnieuw begint. Toets E : verhoogt de snelheid van de motor, desalniettemin gaat de afzuigkap na ongeveer 1 minuut weer automatisch werken op de snelheid die door de sensor bepaald is. Dit toestel is uitgerust met een volledig automatisch systeem (Advanced Sensor Control) om alle functies van de wasemkap te beheren. Het is te danken aan het systeem Advanced Sensor Control dat de lucht in de keuken steeds zuiver en geurloos blijft, zonder dat de gebruiker enige ingreep moet uitoefenen. De gesofisticeerde sensors slagen erin om het even welke geur, wasem, rook of warmte veroorzaakt door het koken, op te vangen. Het ASC vangt eveneens eventuele en abnormale aanwezigheid van GAS in de omgeving op. Wijziging van de gevoeligheid van de sensor: het is mogelijk de gevoeligheid van de sensor te veranderen, door als volgt te werk te gaan: - stop de afzuigkap door op toets B te drukken. – Druk tegelijkertijd op de toetsen D en E (op het display verschijnt de gevoeligheidsindex van de sensor). – Verhoog of verlaag de gevoeligheidsindex door op de toetsen D of E te drukken (1 : minimum gevoeligheid / 9: maximum gevoeligheid). – wanneer de stroomvoorziening onderbroken wordt, gaat de sensor weer met gevoeligheid 5 werken. Let op: om te voorkomen dat de sensor beschadigd wordt, dient men geen siliconenhoudende producten in de buurt van de afzuigkap te gebruiken! Bedieningselementen van Fig. 8: Schakelaar A: VERLICHTING; stand 0: lampje uit; stand 1: lampje aan. Schakelaar B - MOTORSNELHEID: Hiermee is het mogelijk om de werkingssnelheden van de motor te regelen; stand 0: motor staat stil. C: Controlelampje dat aangeeft dat de motor in werking is. Bedieningselementen van Fig. 9: A): schakelt de verlichting in/uit; om de 30 bedrijfsuren gaat het corresponderende lampje branden om aan te geven dat de vetfilters moeten worden schoongemaakt;P om de 120 bedrijfsuren gaat het corresponderende lampje branden om aan te geven dat de vetfilters moeten worden schoongemaakt en het koolstoffilter moet worden vervangen. Om de telling van de uren weer te laten starten (RESET), moet de toets A ongeveer 1” ingedrukt gehouden worden (terwijl het lampje in werking is). B): schakelt de motor in op de 1

snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); als hij ongeveer 1” ingedrukt gehouden wordt, gaat de motor uit; door nogmaals op de toets te drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderende lampje knippert). C): schakelt de motor in op de 2

snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door nogmaals op de toets te drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderende lampje knippert). D): schakelt de motor in op de 3

snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door de toets nogmaals in te drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderende lampje knippert). E): schakelt de motor in op de 4

snelheid (het corresponderende lampje gaat branden); door de toets nogmaals in te drukken (terwijl het lampje brandt) wordt de TIMER geactiveerd, zodat de motor na 5’ stopt (het corresponderende lampje knippert). ONDERHOUD ! Stroomvoorziening uitschakelen alvorens de afzuigkap te reinigen of onderhouden. Reiniging van de afzuigkap WANNEER: reinigen betreft het gebruik, ten minste om de 2 maanden brandgevaar te voorkomen. REINIGING VAN DE BUITENKANT: maak gelakte oppervlakken schoon m.b.v. een zachte doek, bevochtigd met lauw water en neutraal reinigingsmiddel; Gebruik specifieke reinigingsmiddelen bestemd voor RVS, koper of messing. REINIGING VAN DE BINNENKANT: gebruik een doek/kwast gedrenkt in gedenatureerde ethylalcohol. WAARSCHUWING: Gebruik geen schuur- of bijtende middelen (zoals metaalspons, te harde borstel of agressieve schoonmaakmiddel enz.) Reiniging van de vetfilters (F) WANNEER: reinigen betreft het gebruik, ten minste om de 2 maanden brandgevaar te voorkomen. REINIGING VAN DE FILTERS: Was de filters met de hand of in de vaatwasser met een neutraal reinigingsmiddel. De vaatwasser kan de kleur van de filters iets doen vervagen; dit heeft echter geen invloed op de goede werking van de filters. Vervanging van de koolstoffilter (Alleen voor recirculatie) WANNEER: vervangen elke 6 maanden afhankelijk van gebruik. AFNEMEN VAN DE FILTER: Al naar gelang het model dat u heeft aangeschaft, is de wasemkap voorzien van ronde of rechthoekige koolstoffilters. Als de wasemkap ronde koolstoffilters (R) heeft, moet het koolstoffilter worden losgemaakt met een draaiende beweging. Als de wasemkap een rechthoekig koolstoffilter heeft (P), moet de pal naar binnen worden geduwd en moet het filter naar beneden worden gedraaid totdat de 2 lipjes uit hun behuizingen komen.

RVerlichting Bij het vervangen van de lampen van hetzelfde type - als deze lamp niet in de tabel in het werkblad “OPGELET” staat - neem dan contact op met het steunpunt. STORINGEN Indien er iets niet correct werkt, voordat de technische dienst op te roepen, voer de eenvoudige onderstaande controles:

  • Afzuigkap werkt niet Mogelijke oorzaak (1): De voedingskabel niet aangesloten of niet correct aangesloten. Oplossing: De elektrische installatie van de afzuigkap werd niet correct door de installateur aangesloten. Roep een elektricien/installateur op. Mogelijke oorzaak (2): Geen snelheid gekozen. Oplossing: Kies de snelheid in het besturingspaneel. Indien de deksel zet zich tijdens de normale werking uit, controleer of de spanning wel aangesloten is en of de meerpolige schakelaar niet ingeschakeld is.
  • De afzuiging werkt niet, maar de verlichting wel Mogelijke oorzaak: De kabel van de afzuigingsmotor is niet aangesloten. Oplossing: Vind de kabel van de afzuigingsmotor en sluit deze aan. Controleer of de ventilator werkt. Indien het probleem aanhoudt, roep de technische dienst op.
  • Afzuigkap werkt niet correct Mogelijke oorzaak: Vuile filters/afscheidingen. Oplossing: Controleer of de filter schoon is. In het geval van afzuigkappen met kanaalsysteem en afzuigkappen met externe motor Mogelijke oorzaak (1): Het kanaalsysteem werd niet conform de eisen uitgevoerd. Indien de lengte van het kanaal de eisen van de producent overschrijdt, gaat de afzuigkap niet optimaal werken. Indien de diameter van het kanaal te klein is of in het systeem te veel elleboog koppelingen zijn, gaat ook de doorstroom van de lucht langzamer zijn. Tijdens de montage van het afvoerkanaal dienen de officiële instructies van de bevoegde organen te worden opgevolgd (bv. de afgezogen lucht mag niet naar het kanaal gaan dat als deel van de centrale verwarmingsinstallatie of thermosifon ezv. gebruikt wordt). De ruimte heeft ventilatieopeningen. neem contact met de installateur op. Mogelijke oorzaak (2): Het kanaal is verstopt. Oplossing: controleer of het ventilatiekanaal niet geblokkeerd is (vogelnesten of gordels). Mogelijke oorzaak (3): De klep van het ventiel opent niet. Oplossing: Controleer of de band uit de kleppen van het ventiel verwijderd werd en of deze vrij bewegen. Bij afzuigkappen met filter Mogelijke oorzaak: koolstoffilter is volledig vol. Oplossing: vervang ge koolstoffilter.
  • De verlichting werkt niet Reflectoren (LED): Indien deze soort verlichting niet in de onderstaande tabel met “Opgelet” zich bevindt, neem contact met de technische dienst op. Gloeilampen: Mogelijke oorzaak: Beschadigde gloeilamp of de behuizing of de voedingskabel niet aangesloten is. Oplossing: plaats de gloeilamp in een andere behuizing; indien deze steeds niet werkt, vervang de gloeilamp; indien wel werkt, is de behuizing beschadigd of de voedingskabel niet aangesloten is. Roep de technische dienst op. Halogeenlampen: Mogelijke oorzaak: Beschadigde halogeenlamp of de behuizing of de voedingskabel niet aangesloten is. Oplossing: vervang de halogeenlamp. Indien het probleem aanhoudt, roep de technische dienst op.
  • Afstandsbediening werkt niet (indien in de set) Mogelijke oorzaak (1): Geen verbinding tussen de afstandsbediening en afzuigkap. Oplossing: Controleer of de bedieningsknoppen op de afzuigkap correct werken. Zet de spanning van de afzuigkap met gebruik van de circuitonderbreker uit; vervolgens zet deze opnieuw aan. Maak opnieuw de verbinding tussen de afstandsbediening en afzuigkap, volg daarbij de gebruiksaanwijzing van de afstandsbediening op. Mogelijke oorzaak (2): Lege de batterij in afstandsbediening. Oplossing: Vervang de batterij.
  • Vergrendeling van het verticale telescopische blad (indien in de set) Indien alle LED-diodes knipperen, is het telescopische blad vergrendeld. Wacht 30 seconden en druk op de knop boven of beneden om het blad te ontgrendelen. Indien de knop boven/beneden knippert, bevindt zich de smeerfilter niet in de juiste positie. Plaats deze in de juiste positie. Indien het blad vergrendeld is, controleer of de voedingskabel wel aangesloten is. Indien het probleem aanhoudt, roep de technische dienst op.РУССКИЙРУССКИЙ РУССКИЙРУССКИЙ