4300 - Multigereedschap DREMEL - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 4300 DREMEL in PDF-formaat.
| Technische specificaties | DREMEL 4300, 175 W motor, variabele snelheid van 5.000 tot 35.000 tpm, compatibel met alle Dremel-accessoires. |
|---|---|
| Gebruik | Multifunctioneel gereedschap voor frezen, polijsten, snijden, graveren en slijpen op diverse materialen. |
| Onderhoud en reparatie | Reinig het gereedschap regelmatig, controleer de staat van de accessoires en vervang versleten onderdelen indien nodig. |
| Veiligheid | Draag een veiligheidsbril, gebruik handschoenen en zorg ervoor dat het gereedschap is uitgeschakeld en losgekoppeld bij het wisselen van accessoires. |
| Algemene informatie | Gewicht: 0,6 kg, afmetingen: 28,5 x 5,5 x 5,5 cm, 2 jaar garantie. |
Veelgestelde vragen - 4300 DREMEL
Download de handleiding voor uw Multigereedschap in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 4300 - DREMEL en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 4300 van het merk DREMEL.
GEBRUIKSAANWIJZING 4300 DREMEL
LET OP LEES ALLE VEILIGHEIDS-WAARSCHUWINGEN EN ALLE INSTRUCTIES. Mocht u de onderstaande waarschuwingen en instructies niet opvolgen dan kan er zich mogelijk een elektrische schok voordoen of kunt u brandwonden en/of ernstig letsel oplopen. Bewaar alle waarschuwingen en instructies als referentiemateriaal. De term “elektrisch gereedschap” in alle onderstaande waarschuwingen duidt op een elektrisch apparaat dat door het net (met een snoer) of door een accu (snoerloos) wordt aangedreven.
VEILIGHEID VAN DE WERKPLEK
a. Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden. b. Gebruik het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbare stoffen bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die stof of dampen tot ontsteking kunnen brengen. c. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Indien u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID a. De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok. b. Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, zoals buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is. c. Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok. d. Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel. Gebruik de kabel niet om het gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende delen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok. e. Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok. f. Als u het gereedschap noodgedwongen in een vochtige ruimte moet gebruiken, gebruikt u een aardlekschakelaar ter beveiliging. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
LET OP LEES ALLE VEILIGHEIDS-WAARSCHUWINGEN EN ALLE INSTRUCTIES. Mocht u de onderstaande waarschuwingen en instructies niet opvolgen dan kan er zich mogelijk een elektrische schok voordoen of kunt u brandwonden en/of ernstig letsel oplopen. Bewaar alle waarschuwingen en instructies als referentiemateriaal. De term “elektrisch gereedschap” in alle onderstaande waarschuwingen duidt op een elektrisch apparaat dat door het net (met een snoer) of door een accu (snoerloos) wordt aangedreven.
VEILIGHEID VAN DE WERKPLEK
a. Houd uw werkomgeving schoon en goed verlicht. Een rommelige of onverlichte werkomgeving kan tot ongevallen leiden.b. Gebruik het gereedschap niet in een omgeving met explosiegevaar waarin zich brandbare vloeistoffen, brandbare gassen of brandbare stoffen bevinden. Elektrische gereedschappen veroorzaken vonken die stof of dampen tot ontsteking kunnen brengen.c. Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van het elektrische gereedschap uit de buurt. Indien u wordt afgeleid kunt u de controle over het gereedschap verliezen. ELEKTRISCHE VEILIGHEID a. De aansluitstekker van het gereedschap moet in het stopcontact passen. De stekker mag in geen geval worden veranderd. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde gereedschappen. Onveranderde stekkers en passende stopcontacten beperken het risico van een elektrische schok.b. Voorkom aanraking van het lichaam met geaarde oppervlakken, zoals buizen, verwarmingen, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op een elektrische schok wanneer uw lichaam geaard is.c. Houd het gereedschap uit de buurt van regen en vocht. Het binnendringen van water in het elektrische gereedschap vergroot het risico van een elektrische schok.d. Gebruik de kabel niet voor een verkeerd doel. Gebruik de kabel niet om het gereedschap te dragen of op te hangen of om de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd de kabel uit de buurt van hitte, olie, scherpe randen en bewegende delen. Beschadigde of in de war geraakte kabels vergroten het risico van een elektrische schok.e. Wanneer u buitenshuis met elektrisch gereedschap werkt, dient u alleen verlengkabels te gebruiken die voor gebruik buitenshuis zijn goedgekeurd. Het gebruik van een voor buitenshuis geschikte verlengkabel beperkt het risico van een elektrische schok.f. Als u het gereedschap noodgedwongen in een vochtige ruimte moet gebruiken, gebruikt u een aardlekschakelaar ter beveiliging. Het gebruik van een aardlekschakelaar vermindert het risico van een elektrische schok.
VEILIGHEID VAN PERSONEN
a. Wees alert, let goed op wat u doet en ga met verstand te werk bij het gebruik van het elektrische gereedschap. Gebruik het gereedschap niet wanneer u moe bent of onder invloed staat van drugs, alcohol of medicijnen. Een moment van onoplettendheid bij het gebruik van het gereedschap kan tot ernstige verwondingen leiden.b. Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Draag altijd een veiligheidsbril. Het dragen van persoonlijke beschermende uitrusting zoals een stofmasker, slipvaste werkschoenen, een veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van de aard en het gebruik van het elektrische gereedschap, vermindert het risico van verwondingen.c. Voorkom onbedoeld inschakelen van het gereedschap. Controleer dat het elektrische gereedschap uitgeschakeld is voordat u de stekker en/of de accu aansluit, het gereedschap optilt of verplaatst. Wanneer u bij het dragen van het gereedschap uw vinger aan de schakelaar hebt of wanneer u het gereedschap ingeschakeld op de stroomvoorziening aansluit, kan dit tot ongevallen leiden.d. Verwijder instelgereedschappen of schroefsleutels voordat u het gereedschap inschakelt. Een instelgereedschap of sleutel in een draaiend deel van het gereedschap kan tot verwondingen leiden.e. Overschat u zelf niet. Zorg ervoor dat u stevig staat en steeds in evenwicht blijft. Daardoor kunt u het gereedschap in onverwachte situaties beter onder controle houden.f. Draag geschikte kleding. Draag geen loshangende kleding of sieraden. Houd haren, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende delen. Loshangende kleding, lange haren en sieraden kunnen door bewegende delen worden meegenomen.g. Wanneer stofafzuigings- of stofopvangvoorzieningen kunnen worden gemonteerd, dient u zich ervan te verzekeren dat deze zijn aangesloten en juist worden gebruikt. Het gebruik van deze voorzieningen beperkt het gevaar door stof.
a. Overbelast het gereedschap niet. Gebruik voor uw werkzaamheden het daarvoor bestemde elektrische gereedschap. Met het passende elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven capaciteitsbereik.b. Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.c. Trek de stekker uit het stopcontact en/of neem de accu uit het elektrische gereedschap voordat u het gereedschap instelt, toebehoren wisselt of het gereedschap weglegt. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt onbedoeld starten van het gereedschap. d. Bewaar niet-gebruikte elektrische gereedschappen buiten bereik van kinderen. Laat het gereedschap niet gebruiken door personen die er niet mee vertrouwd zijn en deze aanwijzingen niet hebben gelezen. Elektrische gereedschappen zijn gevaarlijk wanneer deze door onervaren personen worden gebruikt.e. Verzorg het gereedschap zorgvuldig. Controleer of bewegende delen van het gereedschap correct functioneren en niet vastklemmen en of onderdelen zodanig gebroken of beschadigd zijn dat de werking van het gereedschap nadelig wordt beïnvloed. Laat deze beschadigde onderdelen voor het gebruik repareren. Veel ongevallen hebben hun oorzaak in slecht onderhouden van elektrische gereedschappen.f. Houd snijdende inzetgereedschappen scherp en schoon. Zorgvuldig onderhouden snijdende inzetgereedschappen met scherpe snijkanten klemmen minder snel vast en zijn gemakkelijker te geleiden.g. Gebruik elektrisch gereedschap, toebehoren, eventuali danni dovuti a normale usura, sovraccarico o utilizzo improprio non sono coperti da garanzia.In caso di reclamo, inviare l’utensile non smontato o il caricabatterie e la prova di acquisto al rivenditore. CONTATTO DREMEL Per ulteriori informazioni sulla gamma di prodotti Dremel, supporto e numero verde, visitare il sito www.dremel.com.Bosch Power Tools B.V., Konijnenberg 60, 4825 BD, Breda, Paesi Bassi
53Als bijvoorbeeld een slijpschijf in het werkstuk vasthaakt of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstuk invalt, zich vastgrijpen. Daardoor kan de slijpschijf uitbreken of een terugslag veroorzaken. De slijpschijf beweegt zich vervolgens naar de bediener toe of van de bediener weg, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het moment van de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken. Een terugslag is het gevolg van het verkeerd gebruik of onjuiste gebruiksomstandigheden van het elektrische gereedschap. Terugslag kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven. a. Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een positie waarin u de terugslagkrachten kunt opvangen. Met de juiste voorzorgsmaatregelen kunt u de terugslag onder controle houden. b. Werk bijzonder voorzichtig in de buurt van hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat inzetgereedschappen van het werkstuk terugspringen en vastklemmen. Het ronddraaiende inzetgereedschap neigt er bij hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt toe om zich vast te klemmen. Dit veroorzaakt een controleverlies of terugslag. c. Bevestig geen getande zaagbladen. Zulke inzetgereedschappen veroorzaken vaak een terugslag of het verlies van de controle over het elektrische gereedschap. d. Laat het accessoire altijd het materiaal binnendringen in de richting waarin de snijkant het materiaal uitkomt (de richting waarin de afsplinteringen worden uitgeworpen). Als het accessoire in de verkeerde richting wordt ingevoerd, komt de snijkant van het accessoire uit het werkstuk omhoog en wordt het gereedschap in deze richting getrokken. e. Bij gebruik van roterende vijlen, doorslijpschijven, hogesnelheidsfrezen of hardmetalen frezen moet het werkstuk altijd stevig worden vastgeklemd. Deze accessoires kunnen vastslaan als ze iets gekanteld in de gleuf terechtkomen en een terugslag veroorzaken. Een doorslijpschijf die vastslaat, breekt meestal. Als roterende vijlen, hogesnelheidsfrezen of hardmetalen frezen vastslaan, kunnen ze uit de groef springen waardoor u de controle over het gereedschap verliest.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR SLIJP- EN
DOORSLIJPWERKZAAMHEDEN a. Gebruik uitsluitend slijpschijven die worden aanbevolen voor uw elektrisch gereedschap en alleen voor de geadviseerde toepassingen. Slijp bijvoorbeeld nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Een zijwaartse krachtinwerking op dit slijptoebehoren kan het toebehoren breken. b. Gebruik voor conische en rechte slijpstiften met schroefdraad alleen onbeschadigde spandoorns van de juiste grootte en lengte, zonder ondersnijding aan de schouder. Gebruik van de juiste opspandoorn vermindert de kans op breuken. c. Voorkom blokkeren van de doorslijpschijf en een te hoge aandrukkracht. Slijp niet overmatig diep. Overbelasting van de doorslijpschijf vergroot de slijtage en de gevoeligheid voor kantelen of blokkeren en daardoor de mogelijkheid van een terugslag of breuk van het slijptoebehoren. d. Plaats uw hand niet op één lijn met of achter de ronddraaiende schijf. Als de doorslijpschijf in het werkstuk van uw hand weg beweegt, kan het elektrische gereedschap bij een terugslag met de draaiende schijf rechtstreeks naar u toe worden geslingerd. e. Als de schijf vasthaakt of blokkeert of als u de werkzaamheden onderbreekt, schakelt u het elektrische gereedschap uit en beweegt u het niet totdat de schijf helemaal tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de groef te trekken. Anders inzetgereedschappen en dergelijke volgens deze aanwijzingen. Let daarbij op de arbeidsomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrische gereedschappen voor andere dan de voorziene toepassingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. SERVICE a. Laat het gereedschap alleen repareren door gekwaliceerd en vakkundig personeel en alleen met originele vervangingsonderdelen. Daarmee wordt gewaarborgd dat de veiligheid van het gereedschap in stand blijft. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR ALLE TOEPASSINGEN ALGEMENE VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR TOEPASSINGEN ALS SLIJPEN, SCHUREN,
a. Dit elektrische gereedschap is bestemd voor gebruik als slijpmachine, schuurmachine, draadborstelmachine, polijstmachine, freesmachine of doorslijpmachine. Neem alle waarschuwingen, aanwijzingen, afbeeldingen en gegevens die u bij het elektrische gereedschap ontvangt in acht. Als u de volgende aanwijzingen niet in acht neemt, kunnen een elektrische schok, brand en/of ernstig letsel het gevolg zijn. b. Gebruik uitsluitend toebehoren die door de fabrikant speciaal voor dit elektrische gereedschap zijn voorzien en geadviseerd. Het feit dat u het toebehoren aan het elektrische gereedschap kunt bevestigen, waarborgt nog geen veilig gebruik. c. Het toegestane toerental van de slijpaccessoires moet minstens zo hoog zijn als het maximale toerental dat op het elektrische gereedschap is aangegeven. Slijpaccessoires die sneller draaien dan is toegestaan, kunnen breken of uit elkaar spatten. d. De buitendiameter en de dikte van het accessoire moeten overeenkomen met de maatgegevens van het elektrische gereedschap. Inzetgereedschappen met onjuiste afmetingen kunnen niet voldoende onder controle worden gehouden. e. Slijpschijven, schuurtrommels en andere accessoires moeten nauwkeurig op de as of spantang van het elektrische gereedschap passen. Accessoires die niet op het bevestigingsmechanisme van het elektrische gereedschap passen, draaien ongelijkmatig, trillen sterk en kunnen tot verlies van controle leiden. f. Schijven met opspandoorn, schuurbanden, frezen of andere accessoires moeten volledig in de spantang of accessoirehouder worden geschoven. Als de spandoorn onvoldoende wordt vastgeklemd en/of de schijf te veel uitsteekt, kan de gemonteerde schijf losraken en met hoge snelheid worden uitgeworpen. g. Gebruik geen beschadigde inzetgereedschappen. Controleer vóór gebruik inzetgereedschappen zoals slijpschijven altijd op afsplinteringen en scheuren, schuurbanden op scheuren of sterke slijtage en draadborstels op losse of gebroken draden. Als het elektrische gereedschap of het inzetgereedschap valt, dient u te controleren of het beschadigd is, of gebruik een onbeschadigd inzetgereedschap. Als u het inzetgereedschap hebt gecontroleerd en ingezet, laat u het elektrische gereedschap een minuut lang met het maximale toerental lopen. Daarbij dient u en dienen andere personen uit de buurt van het ronddraaiende inzetgereedschap te blijven. Beschadigde inzetgereedschappen breken meestal gedurende deze testtijd. h. Draag persoonlijke beschermende uitrusting. Gebruik afhankelijk van de toepassing een volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of veiligheidsbril. Draag voor zover van toepassing een stofmasker, gehoorbescherming, werkhandschoenen of een speciaal schort dat kleine slijp- en metaaldeeltjes tegenhoudt. Uw ogen moeten worden beschermd tegen wegvliegende deeltjes die bij verschillende toepassingen ontstaan. Een stof- of adembeschermingsmasker moet het bij de toepassing ontstane stof lteren. Als u lang wordt blootgesteld aan luid lawaai, kan uw gehoor worden beschadigd.
i. Let erop dat andere personen zich op een veilige
afstand bevinden van de plaats waar u werkt. Iedereen die de werkomgeving betreedt, moet een beschermende uitrusting dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken accessoires kunnen wegvliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de directe werkomgeving. j. Houd het elektrische gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen stroomkabel kan raken. Contact met een onder spanning staande leiding kan ook metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden. k. Houd bij het opstarten de machine altijd stevig in uw hand(en). Door de torsiekracht van de motor bij het accelereren naar volle snelheid kan het gereedschap gaan draaien. l. Gebruik zo nodig klemmen om uw werkstuk te ondersteunen. Houd nooit een klein werkstuk in de ene hand en het gereedschap in de andere hand als het aanstaat. Als u een klein werkstuk vastklemt, hebt u uw handen vrij om het gereedschap onder controle te houden. Ronde materialen, zoals deuvels, pijpen en buizen, kunnen gaan rollen als ze worden afgezaagd. Hierdoor kan het bit vastslaan of naar u toe schieten. m. Houd de stroomkabel uit de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Als u de controle over het elektrische gereedschap verliest, kan de stroomkabel worden doorgesneden of meegenomen en uw hand of arm kan in het ronddraaiende inzetgereedschap terechtkomen. n. Leg het elektrische gereedschap nooit neer voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het oppervlak, waardoor u de controle over het elektrische gereedschap kunt verliezen. o. Na het wisselen van accessoire of andere aanpassingen, moet u ervoor zorgen dat de spanmoer, accessoirehouder of andere instelbare onderdelen stevig zijn vastgezet. Onderdelen die niet goed vastzitten kunnen onverwachts losraken, waardoor u de controle kunt verliezen en losse, draaiende componenten op gevaarlijke wijze kunnen wegschieten. p. Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap worden meegenomen en het inzetgereedschap kan zich in uw lichaam boren. q. Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap. De motorventilator trekt stof in het huis en een sterke ophoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken. r. Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materialen ontsteken. s. Gebruik geen inzetgereedschappen waarvoor vloeibare koelmiddelen vereist zijn. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan tot een elektrische schok leiden.
TERUGSLAG EN BIJBEHORENDE
WAARSCHUWINGEN Terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een vasthakend of blokkerend draaiend inzetgereedschap, zoals een slijpschijf, schuurschijf of draadborstel. Vasthaken of blokkeren leidt tot abrupte stilstand van het ronddraaiende inzetgereedschap, waardoor het ongecontroleerde elektrische gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereedschap in gaat draaien. 54Als bijvoorbeeld een slijpschijf in het werkstuk vasthaakt of blokkeert, kan de rand van de slijpschijf die in het werkstuk invalt, zich vastgrijpen. Daardoor kan de slijpschijf uitbreken of een terugslag veroorzaken. De slijpschijf beweegt zich vervolgens naar de bediener toe of van de bediener weg, afhankelijk van de draairichting van de schijf op het moment van de blokkering. Hierbij kunnen slijpschijven ook breken.Een terugslag is het gevolg van het verkeerd gebruik of onjuiste gebruiksomstandigheden van het elektrische gereedschap. Terugslag kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hieronder beschreven.a. Houd het elektrische gereedschap goed vast en breng uw lichaam en uw armen in een positie waarin u de terugslagkrachten kunt opvangen. Met de juiste voorzorgsmaatregelen kunt u de terugslag onder controle houden.b. Werk bijzonder voorzichtig in de buurt van hoeken, scherpe randen, enz. Voorkom dat inzetgereedschappen van het werkstuk terugspringen en vastklemmen. Het ronddraaiende inzetgereedschap neigt er bij hoeken, scherpe randen of wanneer het terugspringt toe om zich vast te klemmen. Dit veroorzaakt een controleverlies of terugslag.c. Bevestig geen getande zaagbladen. Zulke inzetgereedschappen veroorzaken vaak een terugslag of het verlies van de controle over het elektrische gereedschap.d. Laat het accessoire altijd het materiaal binnendringen in de richting waarin de snijkant het materiaal uitkomt (de richting waarin de afsplinteringen worden uitgeworpen). Als het accessoire in de verkeerde richting wordt ingevoerd, komt de snijkant van het accessoire uit het werkstuk omhoog en wordt het gereedschap in deze richting getrokken.e. Bij gebruik van roterende vijlen, doorslijpschijven, hogesnelheidsfrezen of hardmetalen frezen moet het werkstuk altijd stevig worden vastgeklemd. Deze accessoires kunnen vastslaan als ze iets gekanteld in de gleuf terechtkomen en een terugslag veroorzaken. Een doorslijpschijf die vastslaat, breekt meestal. Als roterende vijlen, hogesnelheidsfrezen of hardmetalen frezen vastslaan, kunnen ze uit de groef springen waardoor u de controle over het gereedschap verliest.
VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR SLIJP- EN
DOORSLIJPWERKZAAMHEDEN a. Gebruik uitsluitend slijpschijven die worden aanbevolen voor uw elektrisch gereedschap en alleen voor de geadviseerde toepassingen. Slijp bijvoorbeeld nooit met het zijvlak van een doorslijpschijf. Doorslijpschijven zijn bestemd voor materiaalafname met de rand van de schijf. Een zijwaartse krachtinwerking op dit slijptoebehoren kan het toebehoren breken.b. Gebruik voor conische en rechte slijpstiften met schroefdraad alleen onbeschadigde spandoorns van de juiste grootte en lengte, zonder ondersnijding aan de schouder. Gebruik van de juiste opspandoorn vermindert de kans op breuken.c. Voorkom blokkeren van de doorslijpschijf en een te hoge aandrukkracht. Slijp niet overmatig diep. Overbelasting van de doorslijpschijf vergroot de slijtage en de gevoeligheid voor kantelen of blokkeren en daardoor de mogelijkheid van een terugslag of breuk van het slijptoebehoren.d. Plaats uw hand niet op één lijn met of achter de ronddraaiende schijf. Als de doorslijpschijf in het werkstuk van uw hand weg beweegt, kan het elektrische gereedschap bij een terugslag met de draaiende schijf rechtstreeks naar u toe worden geslingerd.e. Als de schijf vasthaakt of blokkeert of als u de werkzaamheden onderbreekt, schakelt u het elektrische gereedschap uit en beweegt u het niet totdat de schijf helemaal tot stilstand is gekomen. Probeer nooit om de nog draaiende doorslijpschijf uit de groef te trekken. Anders kan een terugslag het gevolg zijn. Bekijk wat de oorzaak is van het vasthaken of blokkeren en verhelp het probleem.f. Schakel het elektrische gereedschap niet opnieuw in zolang het zich in het werkstuk bevindt. Laat de doorslijpschijf eerst het volledige toerental bereiken voordat u het doorslijpen voorzichtig voortzet. Anders kan de schijf vasthaken, uit het werkstuk springen of een terugslag veroorzaken.g. Ondersteun platen of grote werkstukken om het risico van een terugslag door een ingeklemde doorslijpschijf te verminderen. Grote werkstukken kunnen onder hun eigen gewicht doorbuigen. Het werkstuk moet aan beide zijden worden ondersteund, vlakbij de slijpgroef en aan de rand.h. Wees bijzonder voorzichtig bij invallend frezen in bestaande muren of andere plaatsen zonder voldoende zicht. De invallende doorslijpschijf kan bij het doorslijpen van gas- of waterleidingen, elektrische leidingen of andere objecten een terugslag veroorzaken. VEILIGHEIDSWAARSCHUWINGEN VOOR
WERKZAAMHEDEN MET DRAADBORSTELS
a. Houd er rekening mee dat de draadborstel ook tijdens het normale gebruik draadstukken verliest. Overbelast de draden niet door een te hoge aandrukkracht. Wegvliegende draadstukken kunnen gemakkelijk door dunne kleding en/of de huid dringen.b. Laat borstels eerst minimaal een minuut op werktoerental draaien voordat u ze gebruikt. Gedurende deze tijd mag niemand vóór of op één lijn met de borstel staan. Losse borstels of draden worden gedurende deze inlooptijd uitgeworpen.c. Zorg ervoor dat de uitstoot van de draaiende borstel van u af gericht is. Bij gebruik van deze borstels kunnen kleine deeltjes en draadfragmenten met hoge snelheid losschieten en in de huid vast komen te zitten.d. Zorg bij het gebruik van een draadborstel dat de grens van 15.000 RPM niet wordt overschreden.
LET OP TREF VEILIGHEIDSMAATREGELEN WANNEER ER BIJ WERKZAAMHEDEN STOFFEN KUNNEN ONTSTAAN DIE SCHADELIJK VOOR DE GEZONDHEID, BRANDBAAR OF EXPLOSIEF ZIJN (SOMMIGE SOORTEN STOF GELDEN ALS KANKERVERWEKKEND); DRAAG EEN STOFMASKER EN GEBRUIK EEN AFZUIGING VOOR STOF EN SPANEN ALS DEZE KAN WORDEN AANGESLOTEN. MILIEU AFDANKEN Het apparaat, de accessoires en verpakking moeten op een voor het milieu verantwoorde wijze worden hergebruikt.
ALLEEN VOOR LANDEN IN DE EU
Gooi elektrische gereedschappen niet bij het huisvuil!Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG voor afgedankte elektrische en elektronische apparaten en de vertaling hiervan naar nationaal recht moeten aangedreven gereedschappen die niet langer bruikbaar zijn, apart worden ingezameld en op milieuvriendelijke wijze worden verwerkt. SPECIFICATIES ALGEMENE SPECIFICATIES volledige gezichtsbescherming, oogbescherming of veiligheidsbril. Draag voor zover van toepassing een stofmasker, gehoorbescherming, werkhandschoenen of een speciaal schort dat kleine slijp- en metaaldeeltjes tegenhoudt. Uw ogen moeten worden beschermd tegen wegvliegende deeltjes die bij verschillende toepassingen ontstaan. Een stof- of adembeschermingsmasker moet het bij de toepassing ontstane stof lteren. Als u lang wordt blootgesteld aan luid lawaai, kan uw gehoor worden beschadigd.i. Let erop dat andere personen zich op een veilige afstand bevinden van de plaats waar u werkt. Iedereen die de werkomgeving betreedt, moet een beschermende uitrusting dragen. Brokstukken van het werkstuk of gebroken accessoires kunnen wegvliegen en verwondingen veroorzaken, ook buiten de directe werkomgeving.j. Houd het elektrische gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde greepvlakken als u werkzaamheden uitvoert waarbij het inzetgereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen stroomkabel kan raken. Contact met een onder spanning staande leiding kan ook metalen delen van het elektrische gereedschap onder spanning zetten en tot een elektrische schok leiden.k. Houd bij het opstarten de machine altijd stevig in uw hand(en). Door de torsiekracht van de motor bij het accelereren naar volle snelheid kan het gereedschap gaan draaien.l. Gebruik zo nodig klemmen om uw werkstuk te ondersteunen. Houd nooit een klein werkstuk in de ene hand en het gereedschap in de andere hand als het aanstaat. Als u een klein werkstuk vastklemt, hebt u uw handen vrij om het gereedschap onder controle te houden. Ronde materialen, zoals deuvels, pijpen en buizen, kunnen gaan rollen als ze worden afgezaagd. Hierdoor kan het bit vastslaan of naar u toe schieten.m. Houd de stroomkabel uit de buurt van draaiende inzetgereedschappen. Als u de controle over het elektrische gereedschap verliest, kan de stroomkabel worden doorgesneden of meegenomen en uw hand of arm kan in het ronddraaiende inzetgereedschap terechtkomen.n. Leg het elektrische gereedschap nooit neer voordat het inzetgereedschap volledig tot stilstand is gekomen. Het draaiende inzetgereedschap kan in contact komen met het oppervlak, waardoor u de controle over het elektrische gereedschap kunt verliezen.o. Na het wisselen van accessoire of andere aanpassingen, moet u ervoor zorgen dat de spanmoer, accessoirehouder of andere instelbare onderdelen stevig zijn vastgezet. Onderdelen die niet goed vastzitten kunnen onverwachts losraken, waardoor u de controle kunt verliezen en losse, draaiende componenten op gevaarlijke wijze kunnen wegschieten.p. Laat het elektrische gereedschap niet lopen terwijl u het draagt. Uw kleding kan door toevallig contact met het draaiende inzetgereedschap worden meegenomen en het inzetgereedschap kan zich in uw lichaam boren.q. Reinig regelmatig de ventilatieopeningen van het elektrische gereedschap. De motorventilator trekt stof in het huis en een sterke ophoping van metaalstof kan elektrische gevaren veroorzaken.r. Gebruik het elektrische gereedschap niet in de buurt van brandbare materialen. Vonken kunnen deze materialen ontsteken.s. Gebruik geen inzetgereedschappen waarvoor vloeibare koelmiddelen vereist zijn. Het gebruik van water of andere vloeibare koelmiddelen kan tot een elektrische schok leiden.
TERUGSLAG EN BIJBEHORENDE
WAARSCHUWINGEN Terugslag is een plotselinge reactie als gevolg van een vasthakend of blokkerend draaiend inzetgereedschap, zoals een slijpschijf, schuurschijf of draadborstel. Vasthaken of blokkeren leidt tot abrupte stilstand van het ronddraaiende inzetgereedschap, waardoor het ongecontroleerde elektrische gereedschap tegen de draairichting van het inzetgereedschap in gaat draaien. 55weg zit of dat u uw werkstuk anders wilt belichten. Om de verlichtingsmodule opnieuw te positioneren, draait u de neuskap los, draait u de verlichtingsmodule naar behoefte en draait u de neuskap weer vast. SPANTANGEN De voor het multigereedschap beschikbare Dremel-accessoires zijn verkrijgbaar in verschillende schachtmaten. Er zijn vier maten spantangen verkrijgbaar voor de verschillende schachtmaten. De spantangmaten zijn te herkennen aan de ringen op de achterkant van de spantang. AFBEELDING 5A. Spanmoer N. 3,2 mm spantang zonder ring (480) O. 2,4 mm spantang met drie ringen (481) P. 1,6 mm spantang met twee ringen (482) Q. 0,8 mm spantang met één ring (483) R. Identicatieringen OPMERKING: Het is mogelijk dat sommige multigereedschapsets niet alle vier spantangmaten bevatten. Spantangen zijn apart verkrijgbaar. Gebruik altijd de spantang die overeenkomt met de maat van de asschacht van het accessoire dat u wilt gaan gebruiken. Probeer niet een schacht met een grotere diameter in een kleinere spantang te duwen. SPANTANGEN WISSELEN AFBEELDING 10A. Spanmoer C. Afdekkap (EZ Twist™) D. As-blokkeringsknopK. SpantangS. LosdraaienT. Vastdraaien
1. Druk op de as-blokkeringsknop, houd deze ingedrukt en
draai de as met de hand tot de schacht blokkeert. Druk de as-blokkeringsknop niet in terwijl het multigereedschap draait.
2. Draai bij ingedrukte as-blokkeringsknop de spanmoer los en
verwijder deze. Gebruik indien nodig de spantang.
3. Verwijder de spantang door deze van de as te trekken.
4. Plaats de spantang van het juiste formaat volledig in de
as en breng de spanmoer opnieuw handvast aan. Draai de moer niet helemaal vast als er geen accessoire of inzetgereedschap is geplaatst. DREMEL-ACCESSOIREHOUDER AFBEELDING 20D. As-blokkeringsknopO. Dremel-accessoirehouder Met de Dremel-accessoirehouder kunt u snel en eenvoudig accessoires op het Dremel-rotatiegereedschap verwisselen zonder spantangen te wisselen. Kan worden gebruikt met accessoires met een schacht van 0,8-3,2 mm. Om los te draaien drukt u eerst op de as-blokkeringsknop en draait u de as met de hand tot de schachtblokkering vastklikt en verdere rotatie voorkomt.
DRAAIT. Terwijl de as-blokkering is ingeschakeld, gebruikt u de sleutel of EZ Twist-neuskap om de accessoirehouder los te maken en opent u de bek. Verwijder het accessoire uit de accessoirehouder. Draai zo nodig de accessoirehouder verder los zodat het nieuwe accessoire tussen de bek past. Plaats het nieuwe accessoire ver genoeg in de accessoirehouder, zodat er ongeveer 0,6 cm zit tussen het uiteinde van de accessoirehouder en het begin van het werkende deel van het accessoire (boorspiraal, schuurpapier, graveeruiteinde 3000 4000 4300Nominaal vermogen (W) 130 175 200Nominale spanning230 V, 50 Hz230-240 V, 50-60 Hz220-240 V, 50-60 HzSpancapaciteit 0,8 mm, 1,6 mm, 2,4 mm, 3,2 mmSnelheid onbelast (n) 33.000 RPM 35.000 RPM 35.000 RPMMaximale diameter van accessoire38,1 mmSamenstelling Klasse IIDubbel geïsoleerd bouwgereedschap VERLENGKABELS Gebruik helemaal uitgerolde en veilige verlengkabels met een vermogen van 5 A. MOTORSPECIFICATIES Alleen 3000Dit multigereedschap gebruikt een motor met regelbare hoge snelheid. De motor is geschikt voor gebruik op 230 Volt, 50 Hz. Controleer altijd of de stroomtoevoer hetzelfde voltage heeft als het voltage dat aangegeven staat op het naamplaatje van het gereedschap. MONTAGE TREK ALTIJD EERST DE STEKKER VAN HET MULTIGEREEDSCHAP UIT HET STOPCONTACT, VOORDAT U INZETGEREEDSCHAPPEN OF SPANTANGEN GAAT WISSELEN OF ONDERHOUD AAN HET GEREEDSCHAP GAAT PLEGEN. ALGEMEEN Het Dremel-multigereedschap is een precisiegereedschap van hoge kwaliteit dat kan worden gebruikt voor het uitvoeren van gedetailleerde en ingewikkelde toepassingen. Het uitgebreide gamma aan Dremel-accessoires en -hulpstukken stelt u in staat om een grote verscheidenheid aan toepassingen uit te voeren. Deze omvatten toepassingen als schuren, uitsnijdingen maken, graveren, frezen, snijden, reinigen en polijsten.Alleen 4300De verlichting van dit elektrische gereedschap is bestemd om het directe werkbereik van het elektrische gereedschap te verlichten en is niet geschikt voor ruimteverlichting in het huishouden.AFBEELDING: 2-4A. SpanmoerB. SpantangC. Afdekkap of neuskap met geïntegreerde sleutel EZ Twist™D. As-blokkeringsknopE. Aan/uit-schakelaarF. OphanghaakG. StroomkabelH. BorstelkapI. VentilatieopeningenJ. Variabele snelheidsregelingK. SpantangAlleen 4300L. Aan/uit-schakelaar verlichtingsmoduleM. AsN. VerlichtingsmoduleO. Dremel-accessoirehouder VERLICHTINGSMODULE
LET OP TREK ALTIJD EERST DE STEKKER VAN HET ROTATIEGEREEDSCHAP UIT HET STOPCONTACT VOORDAT U INZETGEREEDSCHAPPEN OF SPANTANGEN WISSELT OF MET ONDERHOUD AAN HET GEREEDSCHAP BEGINT.AFBEELDING 18A. Aan/uit-schakelaarB. SchuifregelaarC. SchroefD. VerlichtingsmoduleE. BatterijvakF. BatterijenVerlichtingsmoduleMet de meegeleverde verlichtingsmodule heeft u beter zicht tijdens de werkzaamheden aan uw project. De led van de verlichtingsmodule wordt gevoed met 2 verwisselbare CR1025-batterijen (meegeleverd) en de verlichtingsmodule kan naar behoefte rond de voorzijde van het gereedschap worden gedraaid. Eerste instellingenVoordat u de verlichting voor de eerste keer gebruikt, dient u het lipje uit het batterijvak te verwijderen. Trek het lipje eruit en test de verlichting met de schakelaar bovenop. Als de verlichting niet werkt, gebruikt u een kleine schroevendraaier om de positie van de batterijen te controleren en om te controleren of het hele lipje is verwijderd.Batterijen vervangen
LET OP GEVAAR VOOR CHEMISCHE VERBRANDING. HOUD BATTERIJEN UIT DE BUURT VAN KINDEREN. Dit product bevat een lithium-knoopcelbatterij. Als een nieuwe of gebruikte lithium-knoopcel wordt ingeslikt of op andere wijze in het lichaam terechtkomt, kan dit ernstige inwendige brandwonden veroorzaken en tot de dood leiden in minder dan 2 uur. Sluit het batterijvak altijd stevig. Als het batterijvak niet stevig gesloten kan worden, gebruik het product dan niet meer, verwijder de batterijen en houd het product uit de buurt van kinderen. Als u denkt dat batterijen zijn ingeslikt of op andere wijze in het lichaam terecht zijn gekomen, zoek dan onmiddellijk medische hulp.Om de batterijen voor de verlichtingsmodule te vervangen, schroeft u eerst de neuskap los om de verlichtingsmodule te verwijderen. Gebruik na het verwijderen een kleine schroevendraaier om de schroef op het batterijvak los te draaien. Trek de schroef er niet volledig uit! Verwijder de behuizing van het batterijvak van de onderzijde van de module. Schuif de oude batterijen eruit en plaats de nieuwe batterijen. Let er hierbij op de nieuwe batterijen goed georiënteerd zijn. Nadat de nieuwe batterijen zijn geplaatst, plaatst u de behuizing van het batterijvak en draait u de schroef weer vast. Let er bij het in elkaar zetten op dat de schakelaar en de schuifregelaar allebei in dezelfde positie zijn; AAN (I) of UIT (O). Zo komt de schakelaar overeen met de ‘vork’ van de schuifregelaar.Installatie en gebruikOm de verlichtingsmodule op het gereedschap te plaatsen, schroeft u eerste de neuskap van het uiteinde van het gereedschap. Schuif de verlichtingsmodule op het uiteinde van het gereedschap met het verlichtingspunt naar voren gericht. Draai de neuskap op het uiteinde van het gereedschap weer vast zodat de ring van de verlichtingsmodule op zijn plaats wordt gedrukt (AFBEELDING 18). De verlichtingsmodule werkt alleen met het nieuwe type van neuskap dat met uw gereedschap is geleverd. Het verschil tussen de oude (A) en nieuwe (B) neuskap wordt weergegeven in AFBEELDING 19.Afhankelijk van de manier waarop u het rotatiegereedschap gebruikt, merkt u mogelijk dat de verlichtingsmodule in de 56weg zit of dat u uw werkstuk anders wilt belichten. Om de verlichtingsmodule opnieuw te positioneren, draait u de neuskap los, draait u de verlichtingsmodule naar behoefte en draait u de neuskap weer vast. SPANTANGEN De voor het multigereedschap beschikbare Dremel-accessoires zijn verkrijgbaar in verschillende schachtmaten. Er zijn vier maten spantangen verkrijgbaar voor de verschillende schachtmaten. De spantangmaten zijn te herkennen aan de ringen op de achterkant van de spantang. AFBEELDING 5 A. Spanmoer N. 3,2 mm spantang zonder ring (480) O. 2,4 mm spantang met drie ringen (481) P. 1,6 mm spantang met twee ringen (482) Q. 0,8 mm spantang met één ring (483) R. Identicatieringen OPMERKING: Het is mogelijk dat sommige multigereedschapsets niet alle vier spantangmaten bevatten. Spantangen zijn apart verkrijgbaar. Gebruik altijd de spantang die overeenkomt met de maat van de asschacht van het accessoire dat u wilt gaan gebruiken. Probeer niet een schacht met een grotere diameter in een kleinere spantang te duwen. SPANTANGEN WISSELEN AFBEELDING 10 A. Spanmoer C. Afdekkap (EZ Twist™) D. As-blokkeringsknop K. Spantang S. Losdraaien T. Vastdraaien
1. Druk op de as-blokkeringsknop, houd deze ingedrukt en
draai de as met de hand tot de schacht blokkeert. Druk de as-blokkeringsknop niet in terwijl het multigereedschap draait.
2. Draai bij ingedrukte as-blokkeringsknop de spanmoer los en
verwijder deze. Gebruik indien nodig de spantang.
3. Verwijder de spantang door deze van de as te trekken.
4. Plaats de spantang van het juiste formaat volledig in de
as en breng de spanmoer opnieuw handvast aan. Draai de moer niet helemaal vast als er geen accessoire of inzetgereedschap is geplaatst. DREMEL-ACCESSOIREHOUDER AFBEELDING 20 D. As-blokkeringsknop O. Dremel-accessoirehouder Met de Dremel-accessoirehouder kunt u snel en eenvoudig accessoires op het Dremel-rotatiegereedschap verwisselen zonder spantangen te wisselen. Kan worden gebruikt met accessoires met een schacht van 0,8-3,2 mm. Om los te draaien drukt u eerst op de as-blokkeringsknop en draait u de as met de hand tot de schachtblokkering vastklikt en verdere rotatie voorkomt.
DRAAIT. Terwijl de as-blokkering is ingeschakeld, gebruikt u de sleutel of EZ Twist-neuskap om de accessoirehouder los te maken en opent u de bek. Verwijder het accessoire uit de accessoirehouder. Draai zo nodig de accessoirehouder verder los zodat het nieuwe accessoire tussen de bek past. Plaats het nieuwe accessoire ver genoeg in de accessoirehouder, zodat er ongeveer 0,6 cm zit tussen het uiteinde van de accessoirehouder en het begin van het werkende deel van het accessoire (boorspiraal, schuurpapier, graveeruiteinde enzovoort). Terwijl de as-blokkering is ingeschakeld, draait u de accessoirehouder vast met de EZ Twist-neuskap of -sleutel om het accessoire vast te zetten. Nuttige tips bij gebruik van de Dremel-accessoirehouder
- De Dremel-accessoirehouder en het spantang-/ spanmoersysteem zijn onderling verwisselbaar op dit gereedschap. De Dremel-accessoirehouder geeft u de beste resultaten bij het verwisselen van accessoires. De spantang en spanmoer bieden een nauwkeurigere oplossing voor het vasthouden van accessoires, vooral bij toepassingen met een zwaardere zijbelasting. Als u het rotatiegereedschap gebruikt voor frezen, snijden van hardhout en metaal, zwaar schuren of uitsnijdingen maken, kunt u waarschijnlijk beter de spantang en spanmoer gebruiken.
- De Dremel-accessoirehouder moet stevig worden vastgezet om het accessoire tijdens gebruik vast te houden. Als u merkt dat het accessoire slipt in de accessoirehouder, gebruikt u de meegeleverde EZ Twist-neuskap of sleutel om de accessoirehouder om het inzetstuk vast te draaien. Als het slippen aanhoudt, ga dan over naar gebruik van de spantang en spanmoer.
- De bek van de accessoirehouder kan verschuiven bij een val, als er tegenaan wordt gewrikt of als deze gevuld raakt met stof. Hierdoor loopt het accessoire niet meer recht en concentrisch. Dit wordt ook wel uitloop genoemd. Om de bek te herstellen voert u de volgende procedure uit:
1. Verwijder het accessoire uit de accessoirehouder.
2. Reinig de accessoirehouder met perslucht, indien nodig.
accessoirehouder vast totdat de bek voorbij het buitenste oppervlak van de accessoirehouder komt (ongeveer 3 mm).
4. Duw het uiteinde van de accessoirehouder stevig tegen een
hard, plat oppervlak om te controleren dat de bek axiaal is geplaatst.
5. Draai de accessoirehouder verder aan met de hand totdat
de bek volledig is gesloten.
6. Draai de accessoirehouder los en plaats een recht
7. Draai het gereedschap met de hand en kijk of er uitloop
optreedt. Als er duidelijke uitloop optreedt, herhaalt u de procedure.
8. Draai het gereedschap op de langzaamste snelheidsstand
en kijk of er uitloop optreedt. Als er duidelijke uitloop optreedt, controleert u eerst of het accessoire recht is geplaatst en herhaalt u daarna de procedure. ACCESSOIRES WISSELEN Afbeeldingen 7, 8, 9 en de tabel op pagina 14 en 15
1. Druk op de as-blokkeringsknop en draai de as met de
hand tot de schachtblokkering vastklikt. Druk de as- blokkeringsknop niet in terwijl het multigereedschap draait.
2. Draai bij ingedrukte as-blokkeringsknop de spanmoer
los (maar verwijder deze niet). Gebruik indien nodig de spantang.
3. Plaats de schacht van het accessoire of inzetgereedschap
volledig in de spantang.
4. Draai bij ingedrukte as-blokkeringsknop de spanmoer
handvast tot de schacht van het accessoire door de spantang wordt vastgegrepen. Ga voorzichtig met accessoires om en berg ze zorgvuldig op om afsplinteren en scheuren te vermijden. OPMERKING: Lees altijd de bij uw Dremel-accessoire meegeleverde instructies voor meer informatie over het gebruik ervan. VERLICHTINGSMODULE
SPANTANGEN WISSELT OF MET ONDERHOUD AAN HET GEREEDSCHAP BEGINT. AFBEELDING 18 A. Aan/uit-schakelaar B. Schuifregelaar C. Schroef D. Verlichtingsmodule E. Batterijvak F. Batterijen Verlichtingsmodule Met de meegeleverde verlichtingsmodule heeft u beter zicht tijdens de werkzaamheden aan uw project. De led van de verlichtingsmodule wordt gevoed met 2 verwisselbare CR1025- batterijen (meegeleverd) en de verlichtingsmodule kan naar behoefte rond de voorzijde van het gereedschap worden gedraaid. Eerste instellingen Voordat u de verlichting voor de eerste keer gebruikt, dient u het lipje uit het batterijvak te verwijderen. Trek het lipje eruit en test de verlichting met de schakelaar bovenop. Als de verlichting niet werkt, gebruikt u een kleine schroevendraaier om de positie van de batterijen te controleren en om te controleren of het hele lipje is verwijderd. Batterijen vervangen
VERBRANDING. HOUD BATTERIJEN UIT
DE BUURT VAN KINDEREN. Dit product bevat een lithium-knoopcelbatterij. Als een nieuwe of gebruikte lithium-knoopcel wordt ingeslikt of op andere wijze in het lichaam terechtkomt, kan dit ernstige inwendige brandwonden veroorzaken en tot de dood leiden in minder dan 2 uur. Sluit het batterijvak altijd stevig. Als het batterijvak niet stevig gesloten kan worden, gebruik het product dan niet meer, verwijder de batterijen en houd het product uit de buurt van kinderen. Als u denkt dat batterijen zijn ingeslikt of op andere wijze in het lichaam terecht zijn gekomen, zoek dan onmiddellijk medische hulp. Om de batterijen voor de verlichtingsmodule te vervangen, schroeft u eerst de neuskap los om de verlichtingsmodule te verwijderen. Gebruik na het verwijderen een kleine schroevendraaier om de schroef op het batterijvak los te draaien. Trek de schroef er niet volledig uit! Verwijder de behuizing van het batterijvak van de onderzijde van de module. Schuif de oude batterijen eruit en plaats de nieuwe batterijen. Let er hierbij op de nieuwe batterijen goed georiënteerd zijn. Nadat de nieuwe batterijen zijn geplaatst, plaatst u de behuizing van het batterijvak en draait u de schroef weer vast. Let er bij het in elkaar zetten op dat de schakelaar en de schuifregelaar allebei in dezelfde positie zijn; AAN (I) of UIT (O). Zo komt de schakelaar overeen met de ‘vork’ van de schuifregelaar. Installatie en gebruik Om de verlichtingsmodule op het gereedschap te plaatsen, schroeft u eerste de neuskap van het uiteinde van het gereedschap. Schuif de verlichtingsmodule op het uiteinde van het gereedschap met het verlichtingspunt naar voren gericht. Draai de neuskap op het uiteinde van het gereedschap weer vast zodat de ring van de verlichtingsmodule op zijn plaats wordt gedrukt (AFBEELDING 18). De verlichtingsmodule werkt alleen met het nieuwe type van neuskap dat met uw gereedschap is geleverd. Het verschil tussen de oude (A) en nieuwe (B) neuskap wordt weergegeven in AFBEELDING 19. Afhankelijk van de manier waarop u het rotatiegereedschap gebruikt, merkt u mogelijk dat de verlichtingsmodule in de 57OM HET GEREEDSCHAP “UIT” TE ZETTEN, schuift u de regelaar naar achteren.KRACHTIGE MOTOR Uw gereedschap is voorzien van een krachtige motor in het rotatiegereedschap. Deze motor versterkt de veelzijdigheid van het rotatiegereedschap door de aandrijving van de extra Dremel-hulpstukken. ELEKTRONISCHE FEEDBACK (4000 EN 4300) Uw gereedschap is uitgerust met een intern elektronisch feedbacksysteem dat een “soft start” levert waardoor de belasting als gevolg van een te snel verhoogd toerental wordt teruggebracht. Bovendien kan met behulp van dit systeem de vooraf ingestelde snelheid vrijwel constant worden gehouden bij nullast en vollast.VARIABELE SNELHEIDSREGELING Uw gereedschap is voorzien van een variabele snelheidsregeling. De snelheid kan tijdens gebruik worden aangepast door de snelheid vooraf op of tussen bepaalde posities af te stellen . De snelheid van het rotatiegereedschap stelt u in via deze snelheidsregeling op de behuizing. AFBEELDING 11. Afstellingen voor globale toerentallen Model 3000 Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM) 1-2 10.000-14.0003-4 15.000-19.0005-6 20.000-23.0007-8 24.000-28.0009-10 29.000-33.000Model 4000 Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM) 5 5.00010 10.000*15 15.00020 20.00025 25.00030 30.00033 33.000Model 4300 Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM) **5-10 5.000-10.00015 13.000-17.00020 18.000-23.00025 23.000-27.000 30 28.000-32.00035 33.000-35.000
- Zorg bij het gebruik van een draadborstel dat de grens van
15.000 RPM niet wordt overschreden.
** Draadborstelinstelling. Raadpleeg de tabel met toerentalinstellingen op pagina 14-15 om het juiste toerental voor het te bewerken materiaal en het gebruikte accessoire te bepalen. De meeste klussen kunnen worden uitgevoerd wanneer het gereedschap in de hoogste stand wordt gebruikt. Bepaalde materialen (sommige kunststoffen en metalen) kunnen echter Gebruik uitsluitend door Dremel geteste accessoires met groot prestatievermogen.
NEUSKAP MET GEÏNTEGREERDE SLEUTEL EZ
TWIST™ AFBEELDING 10C. Neuskap met geïntegreerde sleutel EZ Twist™Deze neuskap heeft een geïntegreerde sleutel waarmee u de spanmoer los en vast kunt draaien zonder een standaard spantang te hoeven gebruiken.1. Schroef de neuskap van het gereedschap af en breng het stalen inzetstuk aan de binnenzijde van de neuskap met de spanmoer in de juiste stand.2. Terwijl de as-blokkering is ingeschakeld, draait u de neuskap naar links om de spanmoer los te draaien. Druk de as-blokkeringsknop niet in terwijl het multigereedschap draait.3. Plaats de schacht van het accessoire of inzetgereedschap volledig in de spantang.4. Terwijl de as-blokkering is ingeschakeld, draait u de neuskap naar rechts om de spanmoer vast te draaien.5. Schroef de neuskap terug op zijn oorspronkelijke plek.OPMERKING: Lees altijd de bij uw Dremel-accessoire meegeleverde instructies voor meer informatie over het gebruik ervan.Gebruik uitsluitend door Dremel geteste accessoires met groot prestatievermogen.
BALANCEREN VAN DE ACCESSOIRES
Voor precisiewerk is het van belang dat alle accessoires goed in balans zijn (vergelijkbaar met de banden van uw auto). Om een accessoire in de juiste stand te brengen of te balanceren, draait u de spanmoer enigszins los en draait u het accessoire of de spanmoer een kwartslag. Draai de spanmoer opnieuw aan en gebruik het rotatiegereedschap. U kunt zowel horen als voelen of het accessoire in balans is. Blijf het accessoire bijstellen tot de best mogelijk balans is bereikt.
GEBRUIK VAN HULPSTUKKEN
Uw Dremel kan worden uitgerust met verschillende hulpstukken die de functionaliteit van uw gereedschap uitbreiden. OPMERKINGNiet alle hieronder genoemde hulpstukken zijn opgenomen in uw set. Gebruik uitsluitend door Dremel geteste hulpstukken met een groot prestatievermogen! U kunt hulpstukken bestellen bij het Dremel Service Center of kijken op www.dremel.com voor compatibiliteit van hulpstukken en accessoires.1. Gebruik de exibele as (225) voor nauwkeurig precisiewerk of moeilijk te bereiken plaatsen. ZIE PAGINA 7. OPMERKINGVoor optimale prestaties laat u uw nieuwe exibele as vóór gebruik 2 minuten lang met hoge snelheid in verticale positie op uw multigereedschap draaien.2. Gebruik het Dremel-bewerkingsplatform (576) om onder perfecte hoeken van 90 en 45 graden te schuren en te slijpen. ZIE PAGINA 8.3. Gebruik de Dremel-detailhandgreep (577) om nog betere controle over uw multigereedschap te hebben. ZIE PAGINA 4. Gebruik het multifunctionele snijgeleiderhulpstuk (565/566) voor gecontroleerd frezen in verschillende materialen. ZIE PAGINA 9.5. Gebruik de freesset voor verwijderen van muur- en vloervoegen (568) voor het verwijderen van voegspecie tussen muur- en vloertegels. ZIE PAGINA 10.6. Gebruik de lijn- en cirkelfrees (678) voor perfecte gaten en rechte uitfrezingen. ZIE PAGINA 11.7. Gebruik het haakse hulpstuk (575) om accessoires onder de juiste hoek te gebruiken voor moeilijk bereikbare plaatsen. ZIE PAGINA 12.8. Gebruik het Comfort Guard-hulpstuk (55) om uzelf tegen stof en vonken te beschermen. ZIE PAGINA 13.
GEBRUIK De eerste stap bij het gebruik van het multigereedschap is u vertrouwd maken met het gereedschap. Houd het gereedschap in uw hand en voel het gewicht en de balans. Voel de taps toelopende behuizing. Door dit tapse toelopen kunt u het gereedschap bijna als een pen of potlood vasthouden. Houd het gereedschap altijd van uw gezicht af. Accessoires kunnen worden beschadigd tijdens het gebruik en kunnen uit elkaar spatten door het hoge toerental.Bedek bij het vasthouden van het gereedschap niet de ventilatieopeningen met uw hand. Blokkeren van de ventilatieopeningen kan leiden tot oververhitting van de motor.BELANGRIJK! Oefen eerst op een stuk los materiaal om te ervaren hoe het gereedschap onder hoge snelheid reageert. Onthoud dat uw multigereedschap het beste werk levert wanneer u de snelheid, samen met het juiste Dremel-accessoire en -hulpstuk, het werk voor u laat doen. Oefen indien mogelijk tijdens gebruik geen druk uit op het gereedschap. Breng in plaats daarvan het draaiende accessoire lichtjes omlaag naar het oppervlak van het werkstuk en laat de punt daar contact maken waar u wilt beginnen. Concentreer u op het geleiden van het gereedschap over het werkstuk, met een lichte druk van uw hand. Sta toe dat het accessoire het werk doet.Over het algemeen kunt u het werk beter in verschillende bewerkingsfasen voltooien dan in één enkele bewerking. Een voorzichtige aanpak zorgt voor de beste controle en vermindert de kans op fouten.
Voor de beste controle bij nauwkeurig werk moet u het multigereedschap als een pen tussen duim en wijsvinger houden. AFBEELDING 12.Het vasthouden als een golfclub is de beste methode voor zwaardere bewerkingen zoals slijpen of snijden. AFBEELDING
WERKTOERENTALLEN Om de juiste snelheid voor een bepaalde klus te selecteren, gebruikt u een stuk oefenmateriaal.“AAN/UIT”-SCHUIFREGELAARU zet het gereedschap “AAN” met behulp van de schuifregelaar aan de bovenkant van de behuizing van de motor.OM HET GEREEDSCHAP “AAN” TE ZETTEN, schuift u de regelaar naar voren. 58OM HET GEREEDSCHAP “UIT” TE ZETTEN, schuift u de regelaar naar achteren.KRACHTIGE MOTORUw gereedschap is voorzien van een krachtige motor in het rotatiegereedschap. Deze motor versterkt de veelzijdigheid van het rotatiegereedschap door de aandrijving van de extra Dremel-hulpstukken.ELEKTRONISCHE FEEDBACK (4000 EN 4300)Uw gereedschap is uitgerust met een intern elektronisch feedbacksysteem dat een “soft start” levert waardoor de belasting als gevolg van een te snel verhoogd toerental wordt teruggebracht. Bovendien kan met behulp van dit systeem de vooraf ingestelde snelheid vrijwel constant worden gehouden bij nullast en vollast.VARIABELE SNELHEIDSREGELINGUw gereedschap is voorzien van een variabele snelheidsregeling. De snelheid kan tijdens gebruik worden aangepast door de snelheid vooraf op of tussen bepaalde posities af te stellen .De snelheid van het rotatiegereedschap stelt u in via deze snelheidsregeling op de behuizing. AFBEELDING 11.Afstellingen voor globale toerentallenModel 3000Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM)1-2 10.000-14.0003-4 15.000-19.0005-6 20.000-23.0007-8 24.000-28.0009-10 29.000-33.000Model 4000Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM)5 5.00010 10.000*15 15.00020 20.00025 25.00030 30.00033 33.000Model 4300Schakelaarstanden Toerentalbereik (RPM)**5-10 5.000-10.00015 13.000-17.00020 18.000-23.00025 23.000-27.000 30 28.000-32.00035 33.000-35.000
- Zorg bij het gebruik van een draadborstel dat de grens van 15.000 RPM niet wordt overschreden.** Draadborstelinstelling. Raadpleeg de tabel met toerentalinstellingen op pagina 14-15 om het juiste toerental voor het te bewerken materiaal en het gebruikte accessoire te bepalen. De meeste klussen kunnen worden uitgevoerd wanneer het gereedschap in de hoogste stand wordt gebruikt. Bepaalde materialen (sommige kunststoffen en metalen) kunnen echter worden beschadigd door de hitte die vrijkomt bij een hoog toerental, en dienen met relatief lage toerentallen te worden bewerkt. Gebruik met een laag toerental (15.000 RPM of minder) is gewoonlijk het beste voor polijstwerkzaamheden met de polijstaccessoires van vilt. Alle toepassingen met de draadborstel vereisen lagere toerentallen om te voorkomen dat draadstukken uit de houder vliegen. Laat de prestatie van het gereedschap het werk voor u doen bij het gebruik van lagere toerentallen. Hogere toerentallen zijn beter voor hardhout, metalen en glas en voor boren, uitsnijdingen maken, snijden, frezen, frezen van proelen en zagen van plinten of sponningen in hout. Enkele richtlijnen met betrekking tot het toerental van het gereedschap:• Kunststof en ander materiaal dat bij lage temperaturen smelt, moet met een laag toerental worden bewerkt.• Polijsten, poetsen en reinigen met een draadborstel moet met een toerental niet hoger dan 15.000 RPM worden uitgevoerd om schade aan de borstel en uw materiaal te voorkomen.• Hout moet met een hoog toerental worden gezaagd.• IJzer of staal moet met een hoog toerental worden gezaagd.• Als een snelfrees voor staal begint te trillen, wijst dit er gewoonlijk op dat deze te langzaam draait.• Aluminium, koperlegeringen, zinklegeringen en tin kunnen met verschillende toerentallen worden bewerkt, afhankelijk van het type bewerking dat u wilt uitvoeren. Gebruik een parafne (geen water) of een ander geschikt smeermiddel om te voorkomen dat er materiaalresten tussen de zaagtanden van de frees gaan zitten.OPMERKING: Verhoging van de druk op het gereedschap is niet de juiste reactie wanneer het niet correct presteert. Probeer een andere accessoire of een andere toerentalinstelling om het gewenste resultaat te verkrijgen.
1. Reinig ventilatieopeningen, schakelaar en hendels van het gereedschap met droge perslucht.
LET OP REINIG HET GEREEDSCHAP NIET DOOR SCHERPE VOORWERPEN DOOR EEN OPENING TE STEKEN.6. Gebruik de lijn- en cirkelfrees (678) voor perfecte gaten en rechte uitfrezingen. ZIE PAGINA 11.7. Gebruik het haakse hulpstuk (575) om accessoires onder de juiste hoek te gebruiken voor moeilijk bereikbare plaatsen. ZIE PAGINA 12.8. Gebruik het Comfort Guard-hulpstuk (55) om uzelf tegen stof en vonken te beschermen. ZIE PAGINA 13.
GEBRUIK De eerste stap bij het gebruik van het multigereedschap is u vertrouwd maken met het gereedschap. Houd het gereedschap in uw hand en voel het gewicht en de balans. Voel de taps toelopende behuizing. Door dit tapse toelopen kunt u het gereedschap bijna als een pen of potlood vasthouden. Houd het gereedschap altijd van uw gezicht af. Accessoires kunnen worden beschadigd tijdens het gebruik en kunnen uit elkaar spatten door het hoge toerental.Bedek bij het vasthouden van het gereedschap niet de ventilatieopeningen met uw hand. Blokkeren van de ventilatieopeningen kan leiden tot oververhitting van de motor.BELANGRIJK! Oefen eerst op een stuk los materiaal om te ervaren hoe het gereedschap onder hoge snelheid reageert. Onthoud dat uw multigereedschap het beste werk levert wanneer u de snelheid, samen met het juiste Dremel-accessoire en -hulpstuk, het werk voor u laat doen. Oefen indien mogelijk tijdens gebruik geen druk uit op het gereedschap. Breng in plaats daarvan het draaiende accessoire lichtjes omlaag naar het oppervlak van het werkstuk en laat de punt daar contact maken waar u wilt beginnen. Concentreer u op het geleiden van het gereedschap over het werkstuk, met een lichte druk van uw hand. Sta toe dat het accessoire het werk doet.Over het algemeen kunt u het werk beter in verschillende bewerkingsfasen voltooien dan in één enkele bewerking. Een voorzichtige aanpak zorgt voor de beste controle en vermindert de kans op fouten.
Voor de beste controle bij nauwkeurig werk moet u het multigereedschap als een pen tussen duim en wijsvinger houden. AFBEELDING 12.Het vasthouden als een golfclub is de beste methode voor zwaardere bewerkingen zoals slijpen of snijden. AFBEELDING
WERKTOERENTALLEN Om de juiste snelheid voor een bepaalde klus te selecteren, gebruikt u een stuk oefenmateriaal.“AAN/UIT”-SCHUIFREGELAARU zet het gereedschap “AAN” met behulp van de schuifregelaar aan de bovenkant van de behuizing van de motor.OM HET GEREEDSCHAP “AAN” TE ZETTEN, schuift u de regelaar naar voren.
LET OP DRAAG EEN VEILIGHEIDSBRIL OM UW OGEN TE BESCHERMEN.2. Reinig de handgreep van het gereedschap met een vochtige doek.
LET OP REINIG HET GEREEDSCHAP NIET MET REINIGINGSMIDDELEN EN OPLOSMIDDELEN, ZOALS BENZINE, TETRACHLOORKOOLSTOF, GECHLOREERDE OPLOSMIDDELEN, AMMONIAK EN HUISHOUDELIJKE SCHOONMAAKMIDDELEN DIE AMMONIAK BEVATTEN. DEZE KUNNEN DE KUNSTSTOF DELEN AANTASTEN. ONDERHOUD KOOLBORSTELS Exclusief 4000Om een optimale prestatie van de motor te behouden, moet u de koolborstels om de 40-50 uur controleren op slijtage. Controleer de koolborstels ook als het gereedschap onregelmatig loopt, kracht verliest of ongebruikelijke geluiden maakt.
LET OP GEBRUIK VAN HET GEREEDSCHAP MET VERSLETEN KOOLBORSTELS ZORGT VOOR ONHERSTELBARE SCHADE AAN DE MOTOR. GEBRUIK UITSLUITEND ORIGINELE DREMEL-VERVANGINGSKOOLBORSTELS.1. Trek de stekker uit het stopcontact en plaats het gereedschap op een schone ondergrond.2. Gebruik de sleutel van het gereedschap als schroevendraaier om de afdekplaatjes van de koolborstels te verwijderen. AFBEELDING 14 (3000), AFBEELDING 16 (4300).3. Verwijder de twee koolborstels uit het gereedschap door aan de veren te trekken die aan de koolborstels zijn bevestigd. AFBEELDING 15 (3000), AFBEELDING 17 (4300).4. Controleer beide koolborstels. Als een koolborstel korter is dan 3 mm en/of het oppervlak ervan ruw is of aangevreten, moet de koolborstel worden vervangen.a. Verwijder de veer van de koolborstel.b. Gooi de oude koolborstel weg en plaats de veer op een nieuwe koolborstel.OPMERKINGAls een koolborstel versleten is, moet u beide koolborstels vervangen. Dit komt de prestaties van uw gereedschap ten goede.5. Plaats de koolborstels (met de veren) terug in het gereedschap. Een koolborstel past maar op één manier in het gereedschap.6. Zet de afdekplaatjes van de koolborstels terug op het gereedschap door ze naar rechts te draaien. Gebruik de sleutel om de afdekplaatjes vast te draaien, maar draai deze niet te vast aan!7. Zie Eerste ingebruikname om het gereedschap opnieuw in gebruik te nemen.
LET OP GEEN DOOR DE GEBRUIKER TE ONDERHOUDEN ONDERDELEN IN HET APPARAAT. PREVENTIEF ONDERHOUD UITGEVOERD DOOR NIET-GEAUTORISEERD ONDERHOUDSPERSONEEL KAN LEIDEN TOT VERKEERD AANSLUITEN VAN DRADEN EN COMPONENTEN EN DAARDOOR EEN ERNSTIG GEVAAR VORMEN. Wij raden u aan alle onderhoud aan het gereedschap te laten uitvoeren door een Dremel-servicecentrum. ONDERHOUDSPERSONEEL: Trek de stekker van het gereedschap en/of de lader uit het stopcontact voordat u met het onderhoud begint.Op dit product van DREMEL is garantie van toepassing conform de specieke wettelijke/landelijke voorschriften; schade als gevolg van normale slijtage, overbelasting of verkeerd gebruik, vallen niet onder de garantie.Bij een klacht dient u het gereedschap of de lader ongedemonteerd en samen met het aankoopbewijs op te sturen naar de vertegenwoordiger.
CONTACT OPNEMEN MET DREMEL
Ga naar www.dremel.com voor meer informatie over het Dremel-productassortiment, ondersteuning en de hotline.Bosch Power Tools B.V., Konijnenberg 60, 4825 BD, Breda, Nederland
GELUID EN TRILLINGEN
Geluid/trillingen 3000 4000 4300Geluidsdrukniveau dB(A) 77,1 78,0 74,4Geluidsdrukniveau dB(a) (standaardafwijking 3 dB)88,1 89,0 85,4Trilling m/s (triaxiale vectorsum) 12,8 11,4 9,03Onzekerheid K m/s 1,5 1,5 1,5OPMERKINGHet opgegeven totale trillingsniveau is gemeten volgens een standaard testmethode en kan worden gebruikt om een gereedschap te vergelijken met een ander. Het kan ook worden gebruikt als preliminaire evaluatie van de blootstelling hieraan.
Ga naar www.dremel.com voor meer informatie over het Dremel-productassortiment, ondersteuning en de hotline.Bosch Power Tools B.V., Konijnenberg 60, 4825 BD, Breda, Nederland
GELUID EN TRILLINGEN
Geluid/trillingen 3000 4000 4300Geluidsdrukniveau dB(A) 77,1 78,0 74,4Geluidsdrukniveau dB(a) (standaardafwijking 3 dB)88,1 89,0 85,4Trilling m/s (triaxiale vectorsum) 12,8 11,4 9,03Onzekerheid K m/s 1,5 1,5 1,5OPMERKINGHet opgegeven totale trillingsniveau is gemeten volgens een standaard testmethode en kan worden gebruikt om een gereedschap te vergelijken met een ander. Het kan ook worden gebruikt als preliminaire evaluatie van de blootstelling hieraan.
Notice-Facile