SANITAS SBC 15 - Bloeddrukmeter

SBC 15 - Bloeddrukmeter SANITAS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis SBC 15 SANITAS in PDF-formaat.

📄 116 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag 8 vragen ⚙️ Specs
Notice SANITAS SBC 15 - page 100
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SANITAS

Model : SBC 15

Categorie : Bloeddrukmeter

Technische kenmerken Elektronische bovenarm bloeddrukmeter, meting van systolische en diastolische bloeddruk, hartslag, digitale weergave.
Gebruik Gemakkelijk te gebruiken met één knop, aanbevolen voor thuisgebruik, duidelijke weergave van resultaten.
Onderhoud en reparatie Reinig het apparaat met een zachte doek, controleer regelmatig de staat van de manchet, vervang de batterijen indien nodig.
Veiligheid Niet gebruiken bij personen met bloedcirculatieproblemen zonder medisch advies, volg de instructies in de handleiding.
Algemene informatie 2 jaar garantie, licht en draagbaar gewicht, ideaal voor het monitoren van de cardiovasculaire gezondheid.

Veelgestelde vragen - SBC 15 SANITAS

Hoe gebruik ik de SANITAS SBC 15 bloeddrukmeter?
Om de bloeddrukmeter te gebruiken, ga rustig zitten, plaats de manchet rond uw linkerarm ter hoogte van het hart, druk op de startknop en volg de instructies op het scherm.
Waarom gaat mijn bloeddrukmeter niet aan?
Controleer of de batterijen correct zijn geplaatst en niet leeg zijn. Probeer indien nodig de batterijen te vervangen.
Wat moet ik doen als de metingen onjuist lijken?
Zorg ervoor dat de manchet goed is geplaatst en dat u ontspannen bent voordat u de meting uitvoert. Herhaal de meting na enkele minuten indien nodig.
Hoe kan ik mijn bloeddrukmeter schoonmaken?
Gebruik een zachte, droge doek om de buitenkant van de bloeddrukmeter schoon te maken. Vermijd het gebruik van chemicaliebn of vloeistoffen voor het reinigen.
Kan de SANITAS SBC 15 bloeddrukmeter door meerdere personen worden gebruikt?
Ja, de SANITAS SBC 15 kan door meerdere personen worden gebruikt, maar het wordt aanbevolen om voor elke gebruiker afzonderlijk een registratie van de metingen bij te houden.
Wat betekent een hoge bloeddrukuitslag?
Een hoge bloeddrukuitslag kan duiden op hypertensie. Het is raadzaam een gezondheidsprofessional te raadplegen voor advies en passende opvolging.
Kan ik de bloeddrukmeter gebruiken op een arm met een armband of horloge?
Het wordt aanbevolen om alle sieraden en strakke kleding van de arm te verwijderen voordat u de meting uitvoert om nauwkeurige resultaten te verkrijgen.
Hoe reset ik mijn SANITAS SBC 15 bloeddrukmeter?
Om de bloeddrukmeter te resetten, verwijdert u de batterijen, wacht enkele minuten en plaatst ze vervolgens terug. Dit zet het apparaat terug naar nul.

Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SBC 15 - SANITAS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SBC 15 van het merk SANITAS.

GEBRUIKSAANWIJZING SBC 15 SANITAS

Bloeddrukmeter Gebruiksaanwijzing .................................... 100 SBC 15Lieferumfang

Bloeddrukmeter met manchet

Gebruiksaanwijzing Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, laat deze ook door andere geb- ruikers lezen en neem alle aanwijzingen in acht.

Controleer of de buitenkant van de verpakking van het apparaat intact is en of alle onderdelen aanwezig zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de toebehoren zicht- baar beschadigd zijn en moet al het verpakkingsmate- riaal worden verwijderd. Wij adviseren u het apparaat bij twijfel niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreffende klantenservice. De polsbloeddrukmeter is bedoeld voor het non-in- vasief meten en controleren van de arteriële bloeddruk- waarden bij volwassen mensen. U kunt hiermee snel en eenvoudig uw bloeddruk meten, de meetwaarden opslaan en het verloop van de meetwaarden bekijken. Bij eventueel aanwezige hartritmestoornissen wordt u gewaarschuwd. De vastgestelde waarden worden geclassificeerd en grafisch beoordeeld. NEDERLANDS

1. Kennismaking .......................................................... 100

2. Belangrijke aanwijzingen ......................................... 101

3. Beschrijving van het apparaat ................................. 105

Inhoud 1002. Belangrijke aanwijzingen Verklaring van de symbolen In de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het typeplaatje van het apparaat en de toebehoren worden de volgende symbolen gebruikt: Voorzichtig Productinformatie Verwijzing naar belangrijke informatie. Handleiding in acht nemen Lees voor aanvang van het werk en/ of het bedienen van apparaten of machines de handleiding. Scheiding van de toegepaste delen type BF Galvanisch gescheiden toegepast deel (F staat voor floating), voldoet aan de eisen aan lekstromen voor type B. Gelijkstroom Het apparaat is alleen geschikt voor gelijkstroom. Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). Scheid de verpakkingscomponen- ten en voer het afval volgens de lokale voorschriften af.

Aanduiding voor de identificatie van het verpakkingsmateriaal. A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer: 1-7 = kunststoffen, 20-22 = papier en karton Fabrikant Storage/Transport Toegestane temperatuur en lucht- vochtigheid bij opslag en transport Operating Toegestane temperatuur en luchtvochtigheid bij gebruik 101IP22 IP-klasse Het apparaat is beschermd tegen voorwerpen van ≥12,5 mm en tegen schuin neervallende druppels.

Serienummer Artikelnummer Medisch hulpmiddel CE-markering Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en natio- nale richtlijnen. Scheid het product en de verpakkings- componenten en voer het afval vol- gens de lokale voorschriften af. Aanwijzingen met betrekking tot het gebruik

Meet uw bloeddruk altijd op hetzelfde tijdstip van de dag, zodat de gemeten waarden met elkaar verge- leken kunnen worden.

Ten minste 30 minuten voor de meting mag u niet eten, drinken of roken en geen lichamelijke inspanningen verrichten.

Rust voorafgaand aan de eerste bloeddrukmeting altijd 5 minuten uit!

Als u vervolgens nog meer metingen na elkaar wilt uit- voeren, moet tussen de afzonderlijke metingen telkens minstens 1minuut rust worden gehouden.

Herhaal de meting wanneer u twijfelt over de gemeten waarden.

De waarden die u hebt gemeten, dienen slechts als indicatie – ze vormen geen vervanging van een medisch onderzoek! Bespreek uw gemeten waarden met uw arts. Neem in geen geval zelf medische beslissingen op basis van deze waarden (bijv. met betrekking tot medicijnen en de doseringen daarvan)!

Het gebruik van de bloeddrukmeter buiten de thu- isomgeving of terwijl u in beweging bent (bijv. tijdens een rit in een auto of een ambulance, tijdens een vlucht in een helikopter of tijdens lichamelijke inspan- ning zoals sport), kan de meetnauwkeurigheid beïnv- loeden en foutieve metingen veroorzaken.

Gebruik de bloeddrukmeter niet bij baby’s, zwangere vrouwen en vrouwen met pre-eclampsie.

Bij een verminderde doorbloeding van een arm wegens chronische of acute aderziekten (onder andere adervernauwing) is de polsmeting minder nauwkeurig. Kies in dat geval voor een bloeddrukmeter waarmee metingen bij de bovenarm worden uitgevoerd. 102• Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen (waaronder kinderen) met een beperkt fysiek, zintuiglijk of geestelijk vermogen of gebrek aan ervaring of ken- nis. Gebruik door deze personen is alleen toegestaan wanneer het plaatsvindt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon, of wanneer zij van deze persoon aanwijzingen hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat. Er dient toezicht te worden gehouden op kinderen, zodat zij niet met het apparaat spelen.

Aandoeningen aan hart en bloedvaten kunnen leiden tot foutieve metingen of kunnen de meetnau- wkeurigheid beïnvloeden. Dit is ook het geval bij een zeer lage bloeddruk, diabetes, doorbloedings- en rit- mestoornissen en bij koude rillingen of trillingen.

De bloeddrukmeter mag niet in combinatie met een chirurgisch apparaat met hoge frequenties worden gebruikt.

Gebruik het toestel alleen bij personen met een pol- somvang die binnen de grenswaarden ligt voor het apparaat.

Let op dat de functie van het betreffende ledemaat tij- dens het oppompen kan worden beïnvloed.

De bloedsomloop mag niet onnodig lang worden afge- bonden door de bloeddrukmeting. Haal bij storingen van het apparaat de manchet van de arm.

Voorkom een aanhoudende druk in de manchet en veelvuldige metingen. De belemmering van de bloed- doorstroming die daardoor ontstaat, kan leiden tot verwondingen.

Let op dat de manchet niet om een arm wordt aange- bracht waarvan de (slag)aderen een medische behan- deling ondergaan, zoals intravasculaire toegang, intra- vasculaire therapie of een arterioveneuze shunt.

Plaats de manchet niet bij personen die een borstam- putatie hebben ondergaan.

Plaats de manchet niet over wonden, omdat dit kan leiden tot meer verwondingen.

Breng de manchet uitsluitend om de pols aan. Breng de manchet niet om andere delen van het lichaam aan.

De bloeddrukmeter werkt uitsluitend op batterijen.

Om de batterijen te sparen, wordt de bloeddrukme- ter automatisch uitgeschakeld als er een minuut lang geen toets wordt ingedrukt.

Het apparaat is alleen bedoeld voor het in deze geb- ruiksaanwijzing beschreven gebruik. De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk of verkeerd gebruik. Aanwijzingen met betrekking tot opslag en onderhoud

De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onder- delen en precisieonderdelen. De nauwkeurigheid van 103de meetwaarden en de levensduur van het apparaat zijn afhankelijk van de zorgvuldige hantering van het apparaat: – Stel het apparaat niet bloot aan schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zonlicht. – Laat het apparaat niet vallen. – Gebruik het apparaat niet in de buurt van sterke elektromagnetische velden en houd het uit de buurt van radioapparatuur of mobiele telefoons.

Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt, advis- eren wij u de batterijen uit het apparaat te halen. Aanwijzingen met betrekking tot het gebruik van batterijen

Als vloeistof uit een batterijcel in aanraking komt met de huid of de ogen, moet u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.

Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen kunnen batterijen inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar batterijen daarom buiten bereik van kleine kinderen!

Neem de aanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-)) in acht.

Als er een batterij is gaan lekken, moet u veiligheid- shandschoenen aantrekken en het batterijvak met een droge doek reinigen.

Explosiegevaar! Werp batterijen niet in vuur.

Batterijen mogen niet worden opgeladen en niet worden kortgesloten.

Haal de batterijen uit het batterijvak als u het apparaat langere tijd niet gebruikt.

Gebruik alleen hetzelfde of een gelijkwaardig type bat- terij.

Vervang altijd alle batterijen tegelijk.

Gebruik geen accu’s!

Haal batterijen niet uit elkaar, open ze niet en hak ze niet in stukken. Aanwijzingen met betrekking tot reparatie en verwijdering

Batterijen mogen niet met het huisvuil worden weg- gegooid. Deponeer de lege batterijen bij de daarvoor bedoelde inzamelpunten.

Open het apparaat niet. Wanneer u deze instructie niet in acht neemt, vervalt de garantie.

U mag het apparaat niet zelf repareren of afstellen. Wanneer u dit toch doet, kan een storingsvrije werking niet langer worden gegarandeerd.

Reparaties mogen alleen door de klantenservice of geautoriseerde verkopers worden uitgevoerd. Controleer voordat u een klacht indient altijd eerst de batterijen en vervang deze als dat nodig is. 104• Met het oog op het milieu mag het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil worden weggegooid. U kunt het apparaat inleveren bij gespecialiseerde inzamelpunten in uw land. Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur – WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de verantwoordelijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente. Aanwijzingen met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit

Het apparaat is geschikt voor gebruik in alle omgevin- gen die in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld, waaronder de thuisomgeving.

Het apparaat kan bij de aanwezigheid van elektromag- netische storingen onder omstandigheden mogelijk slechts beperkt worden gebruikt. Als gevolg daarvan kunnen bijv. foutmeldingen ontstaan of kan het dis- play/apparaat uitvallen.

Het gebruik van dit apparaat direct naast andere apparaten of opgestapeld met andere apparaten moet worden vermeden, omdat dit een onjuiste werking tot gevolg kan hebben. Als gebruik op de hiervoor bes- chreven wijze noodzakelijk is, moeten dit apparaat en de andere apparaten in de gaten worden gehouden om er zeker van te zijn dat ze correct werken.

Het gebruik van andere toebehoren dan de toebe- horen die de fabrikant van dit apparaat vastgelegd of beschikbaar gesteld heeft, kan verhoogde elektro- magnetische storingen of een verminderde bestand- heid tegen storingen tot gevolg hebben, waardoor het apparaat mogelijk niet correct werkt.

Als deze instructies niet in acht worden genomen, kan dit de prestatiekenmerken van het apparaat negatief beïnvloeden.

3. Beschrijving van het apparaat

batterijvak 105Weergaven op het display:

7. Gebruikersgeheugen

8. Nummer van de geheugenplaats/geheugenweer-

11. Lucht laten weglopen (pijl)

4. Meting voorbereiden

Verwijder het deksel van het batterijvak aan de linker- kant van het apparaat.

Plaats twee microbatterijen van 1,5V (alkaline, type LR03) in het batterijvak. Let goed op dat de batterijen met de juiste polariteit worden geplaatst, zoals aangeduid. Gebruik geen oplaadbare accu’s.

Sluit het deksel van het batterijvak weer zorgvuldig. Als het symbool voor het vervangen van de batterijen verschijnt, kan er niet meer gemeten worden en moet u alle batterijen vervangen. 106Batterijen verwijderen

Deponeer de gebruikte, volledig lege batterijen in de daarvoor specifiek bestemde afvalbakken of bied ze bij het afvalverwerkingsstation of de elektriciteitszaak aan als chemisch afval. U bent wettelijk verplicht de batterijen correct te verwijderen.

Deze tekens kunt u aantreffen op batterijen met schadelijke stoffen: Pb = batterij bevat lood Cd = batterij bevat cadmium Hg = batterij bevat kwik Uurweergave, datum en tijd instellen De datum en de tijd moeten absoluut worden ingesteld. Alleen zo kunnen uw meetwaarden met de juiste datum en tijd worden opgeslagen en later weer worden opgevraagd. Het menu voor het configureren van de instellingen kunt u op twee manieren openen:

Voor het eerste gebruik en na het vervangen van de batterijen:

ls u batterijen in het apparaat plaatst, gaat u automa- tisch naar het betreffende menu.

Als de batterijen al zijn geplaatst:

oud als het apparaat uitgeschakeld is de START/ STOP-toets ca. 5 seconden ingedrukt. In dit menu kunt u achtereenvolgens de volgende instellingen configureren: Uurweergave

Houd de START/STOP-toets 5 seconden ingedrukt of plaats de batterijen in het appa- raat. Het volledige display wordt weergege- ven.

Selecteer met de geheugentoets M de gewenste uurweergave en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . Datum Op het display knippert het jaartal.

Selecteer met de geheugentoets M het gewenste jaartal en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . Op het display knippert de maand.

Selecteer met de geheugentoets M de gewenste maand en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . 107Op het display knippert de dag.

Selecteer met de geheugentoets M de gewenste dag en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . Als de uurweergave 12h is ingesteld, worden de dag en de maand andersom weergegeven. Tijd Op het display knippert het uur.

Selecteer met de geheugentoets M het gewenste uur en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . Op het display knipperen de minuten.

Selecteer met de geheugentoets M het gewenste aantal minuten en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets . Nadat u alle gegevens hebt ingesteld, wordt het appa- raat automatisch uitgeschakeld.

Laat het apparaat op kamertemperatuur komen voordat u met de meting begint. U kunt de meting bij de linker- of de rechterpols uitvoeren. Manchet aanbrengen

Ontbloot uw pols. Zorg ervoor dat de doorbloeding van de arm niet wordt belemmerd door bijvoorbeeld te strakke kledingstukken. Breng de manchet aan de binnenkant van uw pols aan.

Sluit de manchet met de klittenbandsluiting, zodat de bovenkant van het apparaat zich ongeveer 1 cm onder de bal van de hand bevindt.

De manchet moet strak rond de pols zitten, maar mag niet knellen. De bloeddruk kan verschillen bij de rechter- en de linker- arm en daardoor kunnen de gemeten bloeddrukwaarden ook verschillen. Voer de meting altijd bij dezelfde arm uit. Als het verschil tussen de waarden van beide armen zeer groot is, dient u met uw arts te overleggen welke arm u voor de meting moet gebruiken. 108Juiste lichaamshouding aannemen

Rust voorafgaand aan de eerste bloeddrukmeting altijd 5 minuten uit! Anders ontstaan er mogelijk afwi- jkingen.

U kunt de meting zittend of liggend uitvoeren. Zorg ervoor dat u tij- dens de bloeddrukmeting com- fortabel zit. Ondersteun uw rug en armen. Ga niet met gekruiste benen zitten. Plaats uw voeten plat op de grond. Ondersteun en buig uw arm. Zorg er in ieder geval voor dat de manchet zich ter hoogte van uw hart bevindt. Anders ontstaan er mogelijk aanzien- lijke afwijkingen. Ontspan uw arm en de handpalmen.

Om een juist resultaat te verkrijgen, is het belangrijk dat u tijdens de meting rustig blijft en niet spreekt.

Wacht ten minste 1minuut voordat u een nieuwe met- ing uitvoert! Bloeddrukmeting uitvoeren Breng zoals eerder beschreven de manchet aan en neem de houding aan waarin u de meting wilt uitvoeren.

Druk op de START/STOP-toets om de bloeddrukmeter in te schakelen. Alle displayweergaven worden kort verlicht.

De laatste meetwaarde wordt weergegeven en na 3 seconden begint de bloeddrukmeter automa- tisch met de meting. U kunt de meting op elk moment afbreken door op de START/STOP-toets te drukken. Zodra er een hartslag wordt herkend, wordt het symbool voor de hartslag weergegeven.

De meetresultaten voor systolische druk, diastolische druk en hartslag worden weergegeven. 109• _ wordt weergegeven als de meting niet juist kon worden uitgevoerd. Lees het hoofdstuk “Foutmeldingen/storingen verhelpen” in deze gebruiksaanwijzing en herhaal de meting.

Selecteer nu het gewenste gebruikersgeheugen door op de geheugentoets M te drukken. Als u geen geb- ruikersgeheugen selecteert, wordt het meetresultaat in het laatst gebruikte gebruikersgeheugen opgeslagen. Het betreffende symbool of wordt op het display weergegeven.

Schakel de bloeddrukmeter uit met de START/ STOP- toets . Daarbij wordt het meetresultaat in het gese- lecteerde gebruikersgeheugen opgeslagen. Als u vergeet het apparaat uit te schakelen, dan wordt het na ongeveer 1 minuut automatisch uitgeschakeld. Ook in dit geval wordt de waarde in het gese- lecteerde of het laatst gebruikte gebruikers- geheugen opgeslagen. Wacht minstens 1minuut voordat u een nieuwe meting uitvoert!

6. Resultaten beoordelen

Hartritmestoornissen Dit apparaat kan tijdens de meting eventuele hartrit- mestoornissen identificeren. Indien dergelijke stoornis- sen worden vastgesteld, wordt dit na de meting met het symbool aangegeven. Dit kan wijzen op aritmie. Aritmie is een aandoening waarbij het hartritme abnormaal is als gevolg van fouten in het bio-elektrische systeem dat de hartslag stuurt. De symptomen (overslaand hart of voortijdige hartslagen, langzame of te snelle hartslag) kunnen onder meer het gevolg zijn van hartaandoeningen, ouderdom, lichameli- jke aanleg, overmatig gebruik van genotmiddelen, stress of slaapgebrek. Aritmie kan uitsluitend worden vast- gesteld door medisch onderzoek. Herhaal de meting als het symbool na de met- ing op het display wordt weergegeven. Let erop dat u 5 minuten rust moet nemen en dat u tijdens de meting niet spreekt of beweegt. Raadpleeg uw arts als het symbool vaak wordt weergegeven. Zelf een diagnose stellen of een behandeling starten op basis van de meetresul- taten kan gevaarlijk zijn. Volg altijd de aanwijzingen van uw arts op. Risico-indicator De meetresultaten kunnen overeenkomstig de volgende tabel geclassificeerd en beoordeeld worden. Deze standaardwaarden mogen echter uitsluitend worden opgevat als algemene richtlijn, omdat de bloed- druk per persoon en ook per leeftijdsgroep enz. kan ver- schillen of afwijken. 110Raadpleeg daarom regelmatig uw arts. Uw arts brengt u op de hoogte van uw persoonlijke waarden voor een normale bloeddruk en van de waarde vanaf wanneer de bloeddruk als gevaarlijk moet worden geclassificeerd. De indeling op het display en de schaalverdeling op het apparaat geven aan binnen welk gebied de geme- ten bloeddruk zich bevindt. Als de systolische en dia- stolische waarden zich in twee verschillende gebieden bevinden (bijv. systolisch in het gebied “hoog-normaal” en diastolisch in het gebied “normaal”), dan geeft de grafische classificatie op het apparaat altijd het hoogste gebied weer; in dit voorbeeld is dat “hoog-normaal”. Gebied van de bloeddruk- waarden Systolisch (in mmHg) Diastolisch (in mmHg) Maatregel Niveau 3: ernstige hypertonie ≥ 180 ≥ 110 Raadpleeg een arts Niveau 2: gemiddelde hypertonie 160 – 179 100 – 109 Raadpleeg een arts Niveau 1: lichte hypertonie 140 – 159 90 – 99 Regelmatige con

trole door een arts Hoog-normaal 130 – 139 85 – 89 Regelmatige con

trole door een arts Normaal 120 – 129 80 – 84 Zelfcontrole Optimaal < 120 < 80 Zelfcontrole Bron: WHO, 1999 (World Health Organization)

7. Meetwaarden opslaan, opvragen en

wissen Gebruikersgeheugen De resultaten van elke succesvolle meting worden samen met de datum en de tijd opgeslagen. Bij meer dan 60 meetgegevens wordt telkens de oud- ste meting overschreven.

Druk op de geheugentoets M om het meetresul- taat op te vragen. Op het display knippert AA. Het gemiddelde van alle in dit geb- ruikersgeheugen opgeslagen meet- waarden wordt weergegeven. Houd de geheugentoets M ongeveer 2 seconden ingedrukt om van gebruikersgeheugen te wisselen. 111Gemiddelde waarden

Druk op de geheugentoets M. Op het display knippert AMAM. De gemiddelde waarde van de ocht- endmetingen van de laatste 7dagen wordt weergegeven (ochtend: 05.00uur – 09.00 uur).

Druk op de geheugentoets M. Op het display knippert PMPM. De gemiddelde waarde van de avondmetingen van de laatste 7dagen wordt weergegeven (avond:

18.00 uur – 20.00 uur).

Afzonderlijke meetwaarden

Als u nogmaals op de geheugen- toets M drukt, wordt de laatste afzonderlijke meting op het display weergegeven (in dit voorbeeld met- ing 03).

Als u nogmaals op de geheugentoets M drukt, kunt u de afzonderlijke meetwaarden bekijken.

Druk op de START/STOP-toets om het appa- raat weer uit te schakelen. U kunt het menu op elk moment verlaten door op de START/STOP-toets te drukken. Meetwaarden wissen

Om het betreffende gebruikersgeheugen te wis- sen, moet u eerst een gebruikersgeheugen selecteren.

Start het laden van de gemiddelde meetwaarden. Op het display knippert A, de gemiddelde waarde van alle opgeslagen meetwaarden van dit gebrui- kersgeheugen wordt weergegeven.

Houd de geheugentoets M en de START/ STOP- toets 5 seconden ingedrukt, afhankelijk van het gebruikersgeheugen waarin u zich bevindt. Alle waarden van het huidige gebrui- kersgeheugen worden gewist en het apparaat wordt uitgeschakeld.

8. Foutmeldingen/storingen verhelpen

Bij storingen wordt op het display de foutmelding _ weergegeven.

outmeldingen kunnen optreden als

de systolische of diastolische druk niet gemeten kan worden (op het display wordt of weerge- geven),

de systolische of diastolische druk buiten het meet- bereik valt (op het display wordt “Hi” of “Lo” weerge- geven), 112• de manchet te strak of te los is aangebracht (op het display wordt of weergegeven),

de bloeddruk langer dan 1,5 seconden hoger dan 300mmHg is (op het display wordt weergegeven),

het oppompen meer dan 180 seconden duurt (op het display wordt weergegeven),

er een systeem- of apparaatfout is opgetreden (op het display wordt , , of weergegeven),

de batterijen bijna leeg zijn . Herhaal in deze gevallen de meting. Let erop dat u tij- dens het meten niet beweegt of spreekt. Plaats de bat- terijen indien nodig opnieuw of vervang ze. Technisch alarm – beschrijving Wanneer de gemeten bloeddruk (systolisch of dia- stolisch) buiten de in de paragraaf “Technische gegevens” beschreven grenzen ligt, verschijnt op het display een technisch alarm in de vorm van de weergave

” of “Lo Lo ”. In dat geval moet u een arts raadplegen of controleren of u het apparaat op de juiste wijze hebt bediend. De grenswaarden voor het technische alarm zijn af fab- riek ingesteld en kunnen niet worden aangepast of uit- geschakeld. In het kader van de norm IEC 60601-1-8 hebben deze alarmgrenswaarden minder prioriteit. Het technische alarm blijft niet oneindig zichtbaar en hoeft niet te worden gereset. Het op het display weerge- geven signaal verdwijnt na ongeveer 8 seconden autom- atisch.

Reinig het apparaat en de manchet voorzichtig met alleen een licht bevochtigde doek.

Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.

Dompel het apparaat en de manchet nooit onder in water, omdat er anders vocht kan binnendringen, waardoor het apparaat en de manchet beschadigd kunnen raken.

Zorg ervoor dat er geen zware voorwerpen op het apparaat en de manchet worden geplaatst als u deze opbergt. Haal de batterijen uit het apparaat.

10. Technische gegevens

Modelnr. SBC 15 Meetmethode Oscillometrische, non-invasieve bloeddrukmeting aan de pols Meetbereik Manchetdruk 0-300 mmHg, systolisch 60-260 mmHg, diastolisch 40-199 mmHg, polsslag 40-180 slagen/minuut 113Nauwkeurigheid van de weergave Systolisch ± 3 mmHg, diastolisch ± 3 mmHg, hartslag ± 5% van de weergegeven waarde Meetonzekerheid Max. toelaatbare standaardafwijking conform klinische controle: systolisch 8 mmHg / diastolisch 8 mmHg Geheugen 2 x 60 geheugenplaatsen Afmetingen L 83,8 mm x b 59,9 mm x h 29,4 mm Gewicht Ongeveer 92 g (zonder batterijen, met manchet) Manchetmaat 140 tot 195 mm Toegestane omstandigheden bij gebruik + 10 °C tot +40 °C, ≤85% relatieve luchtvochtigheid (niet condenserend) Toegestane omstandigheden voor opbergen -20 °C tot +50 °C,≤ 85% relatieve luchtvochtigheid, 800-1050 hPa omgevingsdruk Stroom- voorziening 2 x 1,5 V AAA-batterijen Levensduur batterijen Voor ongeveer 170 metingen, afhan- kelijk van de hoogte van de bloed- druk en de oppompdruk Classificatie Interne voeding, IP22, geen AP of APG, ononderbroken werking, toege- past deel type BF Wijzigingen van de technische gegevens zonder kennis- geving zijn om actualiseringsredenen voorbehouden.

Dit apparaat voldoet aan de Europese norm EN60601-1-2 (overeenstemming met CISPR11, EN61000-4-2, EN61000-4-3, EN61000-4-8) en is onderworpen aan bijzondere veiligheidsmaatregelen op het gebied van elektromagnetische compatibiliteit. Let er daarbij op dat draagbare en mobiele HF-com- municatieapparatuur dit apparaat negatief kan beïnv- loeden.

Het apparaat voldoet aan de EU-richtlijn 93/42/EEC voor medische hulpmiddelen, de Duitse wet inzake medische hulpmiddelen en de normen EN1060-1 (Niet-invasieve bloeddrukmeters deel 1: Algemene eisen), EN1060-3 (Niet-invasieve bloeddrukme- ters deel 3: Aanvullende eisen voor elektromecha- nische bloeddrukmeetsystemen) en IEC80601-2-30 (Medische elektrische toestellen deel 2 – 30: Speciale eisen voor basisveiligheid en essentiële prestaties van niet-invasieve bloeddrukmeters).

De nauwkeurigheid van deze bloeddrukmeter is zorgvuldig gecontroleerd en het apparaat is ontwik- 114keld met het oog op een lange gebruiksduur. Wan- neer het apparaat in de geneeskunde wordt gebruikt, moeten meettechnische controles met daarvoor ges- chikte middelen worden uitgevoerd. Uitgebreide infor- matie over het controleren van de nauwkeurigheid kan worden aangevraagd via het servicepunt.

11. Garantie/service

Meer informatie over de garantie en de garantievoor- waarden vindt u in het meegeleverde garantieblad. Fouten en wijzigingen voorbehouden 115Hans Dinslage GmbH, Riedlinger Str. 28, 88524 Uttenweiler, Germany www.sanitas-online.de