SBC 22 - Bloeddrukmeter SANITAS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SBC 22 SANITAS in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - SBC 22 SANITAS
Gebruikersvragen over SBC 22 SANITAS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Bloeddrukmeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SBC 22 - SANITAS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SBC 22 van het merk SANITAS.
GEBRUIKSAANWIJZING SBC 22 SANITAS
RU Nepei YTeHnEM HNCTpyKuIN NO npIMeHeHIO pa3JoxKeCTpaHcy 3.
PL Przed przyczytaniem otworzyć instrukcję obstugi na stronie 3.
NL Vouw pagina 3 uit voordat u de gebruiksaanwijzing gaat lezen.




DEUTSCH

Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door, bewaar deze voor later gebruik, waar deze ook door andere gebruikers lezen en neem alle aanwijzingen in acht.
Inhoudsopgave
- Omvang van de levering 108
2.Verklaring van de symbolen 109 - Beoogd gebruik 110
- Waarschuwingen en veiligheidsrichtlijnen 111
-
Beschrijving van het apparatus 114
6.Ingebruikname 114 -
Gebruik 116
- Reiniging en onderhoud 120
9.Problemen oplossen. 121
10.Verwijdering 122 - Technische gegevens 123
12.Garantie/service 124
1. OMVANG VAN DE LEVERING
Controleer of de buitenkant van de verpakking intact is en of alle onderdelen aanwezig+zijn. Alvorens het apparaat te gebruiken, moet worden gecontroleerd of het apparaat en de toebehoren zichtaar beschadigd+zijn en moet al het verpakkingsmaterial worden verwijderd. Wij adviseren u het apparaat bij twijfel Niet te gebruiken en contact op te nemen met de verkoper of met de betreffende klantenservice.
1 bloeddrukmeter met manchet
2 AAA-batterijen van 1,5 V, type LR03
1 opbergbox
1 gebruiksaanwijzing
2. VERKLARING VAN DE SYMBOL
In de gebruiksaanwijzing, op de verpakking en op het typeplaatje van het apparaat en de toebehoren worden de volgende symbolen gebruikt:
| WAARSCHUWING Waarschuwing voor situatuies met verwon-dingsrisico's of gevaar voor uw gezond-heid. | |
| LET OP Waarschuwing voor möglich schade aan het apparaat of de toebehoren. | |
| Productinformatie Verwijzing�amblogrijke informatie. | |
| Handleiding in alot nemen Lees voor aanvang van het werk en/of het bedieren van apparaten of machines de handleiding. |
| Scheiding van de toegepaste delen Type BF Galvanisch gezehden toegepast deel (F staat voor floating), voldoet aan de eisen aan lekstromen voor type B | |
| Gelijkstroom Het apparaat is alleen geschikt voor gelijkstroom. | |
| Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijk voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur - WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment). | |
| Batterijen die schadelijke stoffen bevatten, mogen Niet met het huisvuil worden wegge-good. | |
| 21 PAP | Verwijder de verpakking overeenkomstig de milieu-eisen. |
| Aanduiding voor de identificatie van het verpakkingsmaterial. A = materiaalafkorting, B = materiaalnummer: 1-6 = kunststoffen, 20-22 = papier en karton | |
| Fabrikant | |
| Temperatuurbegrenzing Geeft de temperatuurgrenswaarden aan waaraan het medisch hulpmiddel veilig kan worden blootgesteld. | |
| Luchtvochtigheid, begrenzing Geeft het vochtigheidsbereik aan waaraan het medisch hulpmiddel veilig kan worden blootgesteld. | |
| IP-klasse Het apparaat is beschermd gegen voorwerpen van ≥12,5 mm en gegen schuin neervallende druppels | |
| Serienummer | |

0483
CE-markering
Dit product voldoet aan de eisen van de geldende Europese en nationale richtlijnen.
3. BEOOGD GEBRUIK
Doel
De bloeddrukmeter is bedoeld voor de volautomatische, Niet-invasieve meting van de arteriele bloeddruk- en hartslagwaarden aan de Pols met een Polsomtrek van 14 cm tot 19,5 cm. Het apparaat is alleen bedoeld voor gebruik binnenshuis en mag uitsluitend worden gebruikt door volwassenen.
Doelgroep
De bloeddrukmeter is ontwikkeld voor zichmeting in de thuisomgeving door volwassen mensen en is geschikt voor mensen met een Polsomtrek die binnen het op de manchet weergeveen bereik ligt.
Indicaties/klinische voordelen
Met dit apparaat kan de gebruiker snel en eenvoudig+zijn bloeddruk- en hartslagwaarden registeren. De vastgestelde meetwaarden worden conform internationalaal geldende richt
lijnen geclassifyerd en grafisch beoordeeld. Het apparaat slaat de geregistreerde meetwaarden op en kan ook gemiddelde waarden van vorige metingen weergeven.
- Gebruik de bloeddrukmeter nicht bij baby's, kinderen en huisdieren.
- Personen met een beperkt fysiek, zintuiglijk of geestelijk vermogen mogen het apparaat alleen gebruiken wanner het gebruikplaatsvindt onder toezicht van een voor hun veiligheid verantwoordelijk persoon en wanneer zich van deze person aanwijzingen hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat.
-
Alvorens het apparaat in een van de volgende gezallen te gebruiken,要去uwartsraadplegen:bij hartritmestoornissen, doorbloedingsstoornissen, diabetes, zwangerschap, pre-eclampsie, hypotensie, koude rillingen of trillingen.
-
Personen met een pacemaker of een ander elektrisch implantaat dieren voor gebruik van het apparaat hun arts te raadplegen.
- De bloeddrukmeter mag nicht in combinatie met een chirurgisch apparaat met hoge freirenties worden gebrukt.
- Breng de manchet Niet aan bij personen die een borstamputatie hebben ondergaan.
- Plaats de manchet Niet over wonden,.ovdat dit kan leiden tot meer verwondingen.
- Let op dat de manchet Niet om een Pols worden aangebracht waarvan de (slag)aderen een medische behandeling ondergaan, zoals intravasculaire toegang, intravasculaire therapie of een arterioveneuze shunt.

Algemene waarschuwingen
- De waarden die u hebt gemeten, dieren slechts als indicatie - ze vormen geen verranging van een medisch onderzoek! Bespreek uw gemeten waarden met uw arts. Neem in geen geval zich medische beslissingen op basis van deze waarden (bijv. met betrekking tot de dosering van medicijnen)!
- Het apparaat is alleen bedoeld voor het in deze gebruiks-aanwijzing beschreven gebruik. De fabrikant is Niet aan
sprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk of verkeerd gebruik.
- Gebruik van de bloeddrukmeter buiten de thuisomgeving of terwijl u in beweging bent (bijv.ijdens een rit in een auto of een ambulance,ijdens een vlucht in een helikopter ofijdens lichamelijke inpansning zoals sport), kan de meetnauwkeurigheid beinvloeden en foutieve metingenveroorzaken.
- Aandoingen aan hart en bloedvaten hunnen leiden tot foulieve metingen of hunnen de meetnauwkeurigheid beinvloeden.
- Gebruik het apparaat Niet gewelijk蜻DIG met andere medische elektrische apparaten (ME-apparaten). Dit kan leiden tot een storing van het meetapparaat en/of tot een onnauwkeurige meting.
- Gebruik het apparaat Niet buiten de aangegeven omstandigheden voor opslag en gebruik. Dit kan leiden tot onjuiste meetresultaten.
- Gebruik voor dit apparaat uitsluitend de meegeleverde of in deze gebruiksaanwijzing beschreiben manchetten. Het gebruik van een andere manchet kan leiden tot onnauwkeurige meetresultaten.
- Let op dat de functie van het betreffende ledemaat tijdens het oppompen van de manchet kan worden beinvloed.
- Voer de metingen Niet vaker uit dan nodig is. Als gevolg van een beperking van de bloeddoorstroming konnen er bloeduitstortingen ontstaan.
- De bloedsomloop mag Niet onnodig lang worden afge-bonden door de bloeddrukmeting. Haal bij storingen van het apparatusat de manchet van de Pols.
- Breng de manchet uitsluitend om de Pols aan. Breng de manchet Niet om andere delen van het lichaam aan.
- Kleine onderdelen können bij inslikken verstikkingsgevaar opleveren voorkleine kinderen. Kinderen moet waar om algijd onder toezicht worden gezogen.
Algemene veiligheidsmaatregelen
- De bloeddrukmeter bestaat uit elektronische onderdelen en préciseonderdelen. De nauwkeurigheid van de meetwaarden en de levensduur van het apparaat zijn afhankelijk van de zorgvuldige hantering van het apparaat.
- Stel het apparaat Niet bloot aan schokken, vocht, vuil, sterke temperatuurschommelingen en direct zonlicht.
- Laat het apparaat op kamertemperatuur komen voordatu met de meting begint. Als het meetapparaat rond de maximale of minimale opslag- en transporttemperatuur is opgeslagen en in een omgeving met een temperatuur van
20^ wordt gebracht, wordt aanbevolen om ca. 2aar te wachten alvorens het apparaat te gebruiken.
- Laat het apparaat nicht vallen.
- Gebruik het apparaat Niet in de buurt van sterke elektron magnetische velden en houd het uit de buurt van radioapparatuur of mobiele telefoons.
- Als het apparaat gedurende langereijd Niet worden gebruikt, adviseren wij u de batterijen uit het apparaat te halen.
Maatregelen met betrekking tot het gebruik van batterijen

- Als vloeistof uit een batterij in aanraking komt met de huid of de ogen,要去 u de betreffende plek met water spoelen en een arts raadplegen.
- Gevaar voor inslikken! Kleine kinderen hunnen batterijen inslikken, met verstikking als gevolg. Bewaar batterijen�akrom buitenbereik vankleine kinderen!
Explosiegevaar! Gooi batterijen nicht in vuur. - Als er een batterij is gaanlekken, moet u veiligheids-handschoenen aantrekken en het batterijvak met een droge doeik reinigen.
- Haal batterijen Niet uit elkaar, open ze Niet en hak ze Niet in stukken.

- Neem de aanduiding van de polariteit (plus (+) en min (-)) inRCT.
- Bescherm batterijen gegen overmatige hitte.
- Batterijen mogen nicht worden opgeladen en nicht worden kortgesloten.
- Haal de batterijen uit het batterijvak als u het apparaat langereijd Niet gebruikt.
- Gebruik alleen hetzelfde of een gelijkwaardig type batterij.
- Vervang.altijdallebatterijentegelijk.
- Gebruik geen accu's!

Aanwijzingen met betrekking elektromagnetische compatibilitit
- Het apparaat is geschikt voor gebruik in alle omgevingen die in deze gebruiksaanwijzing worden vermeld, waaronder de thuisomgeving.
- Het apparaat kan bij de aanwezigheid van elektromagnetische storingen onder omstandigheden möglichk slechts beperkt worden gebruikt. Als gevolg waarvan konnen bijv. foulmeldingen ontstaan of kan het display/apparaat uittallen.
- Het gebruik van dit apparaat direct naast andere apparaten of opgestapeld met andere apparaten moet worden
vermeden,,ondat dit een onjuiste werking tot gevolg kan hebben. Als gebruik op de hiervoor beschreiben wijze moodzakelijk is, moeten dit apparaat en de andere apparaten in de gaten worden gehonden om er zeker van te zichn dat ze correct werken.
- Het gebruik van andere toebehoren dan de toebehoren die de fabrikant van dit apparaat vastgelegd of beschikbaar gesteld heeft, kan verhoogde elektromagnetische storingen of een verminderde bestandheid gegen storin gen tot gevolg hebben, waardoor het apparaat möglichniet correct werkt.
- Als deze instructies nicht in acht worden genomen, kan dit de prestatiekenmerken van het apparaat negatif beinvloeden.
5. BESCHRIJVING VAN HET APPARAT
De bijbehorende tekeningen staan op pagina 3.
1 Display
2 Polsmanchet
3 Risico-indicator
4 Start/stop-toets ①
5 Geheugenoproeptoets
6 Deksel van het batterijvak
Weergaven op het display:
De bijbehorende tekeningen staan op pagina 3.
1 Systolische druk
2 Diastolische druk
3 Gemetenhartslagwaarde
4 Symboolhartritmestoornissen
8 Risico-indicator
9 Nummer van de geheugenplaats / geheugenweergave gemiddelde waarde (R) 's ochtends (R) 's avonds (R)
5 Symbool hartslag
10 Symbool batterij verran-gen
Lucht weglaten lopen
11 Tijden datum
7 Gebruikersgeheugen

6.INGEBRUIKNAME
Batterijenplaatsen
- Verwijder het deksel van het batterijvak aan de linkerkant van het apparaat A.
- Plaats twee AAA-batterijen van 1,5 V (alkaline, type LR03) in het batterijvak. Let er goed op dat de batterijen met de
juiste polariteit worden geplaatst, zoals aangeduid A. Gebruik geen oplaadbare accu's.
- Sluit het deksel van het batterijvak waar zorgvuldig.
Als het symbol voor het verwangen van de batterijen verschijnt, kan er Niet meer gemeten worden en moet u alle batterijen verwangen.
Installingen configureren
Om alle functies volledig te kuren gebruiken, is het belangrijk dat u het apparaat voorafgaand aan het gebruik correct instelt. Alleen zo kuren uw gemeten waarden met de juiste datum enijd worden opgeslagen en later weeer door u worden opgevraagd.
Het menu voor het configureren van de instellingen(Int)kunt u op twee manieren openen:
- Voor het eerste gebruik en na het verwangen van de batterijen:
Als u batterijen in het apparaat plaatst, gaat u automatisch maar het betreffende menu.
- Als de batterijen al zijn geplaatst:
Houd als het apparaat uitgeschakeld is de START/ STOP-toets Ba. 5 seconden ingedrukt.
In dit menu=kunt u achtereenvolgens de volgende instelleningen configureren:
Uurweergave Datum Tijd
Uurweergave
Op het display knippert de uurweergave.
- Selecteer met de geheugentoets de gewenste uurweergave en bevestig uw selectiemet de START/STOP-toets ①

Datum
Op het display knippert het jaartal.
- Selecteer met de geheugentoets Ret gewensteJAartal en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets ①
Op het display knippert de maand.
- Selecteer met de geheugentoets de gewenste maand en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets ①

Op het display knippert de dag.
- Selecteer met de geheugentoets de gewenste dag en bevestig uw selectie met de START/STOPtoets ①

① Als de uurweergave 12h is ingesteld, worden de dag en de maand andersom weergegeven.
Tijd
Op het display knippert het uur.
- Selecteer met de geheugentoets het gewenste uur en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets ①

Op het display knipperen de Minutes.
- Selecteer met de geheugentoets het gewenste,aantal minuten en bevestig uw selectie met de START/STOP-toets ①

Nadat u alle gegevens hebt ingesteld, worden het apparaat automatisch uitgeschakeld.
7. GEBRUK
Manchet aanbrengen
- De bloeddruk kan in principe aan beiden polsen worden gemeten. Bepaalde afwijkingen:tussen de gameten bloeddruk aan de rechter- en linkerpols hebben fysiologi-sche redenen en zichn volkommen normala. U dient de met-ting altijd aan de Pols met de hogere bloeddrukwaardenuit te voeren. RaadpleegARAOM eerst uw arts voordat u
met de zichmeting begint. Meet uw bloeddruk voortaan.altijd aandezelfde Pols.
- Het apparaat mag alleen worden gebruikt met de meegeleverde manchet die vast aan het apparaat is bevestigd. De gebruiker要去 voorafgaand aan het gebruik van het apparaat controeren of de manchet goed past en er waar bij op letten of zich Polsomtrek binnen het bereik ligt dat op de manchet worden vermeld.
- Ontbloot uw Pols. Zorg ervoor dat de doorbloeding van de Pols Niet worden belemmerd door bijvoorbeeld te strakte kledingstukken.
- Breng de manchet zodanig om de Pols aan dat uw handpalm en het display van het apparaat maar boven wijzen B1
- Plaats de manchet zodenig dat er een afstand van 1,0 tot 1,5 cmCUSen de manchet en de bal van uw hand aanwezig is B2
- Sluit de manchet nu met behulp van de klittenbandsluiting stevig om uw Pols. Zorg ervoor dat de manchet goed aansluit, maar Niet te strak om uw Pols zit B3
Juiste lichaamshouding aannemen
-
Zorg ervoor dat u tijdens de bloeddrukmeting rechtop en comfortabel zit. Leun met uw rug gegen de stoelleuning.
Leg uw arm op een ondergrond C -
Plaats uw voeten naast elkaar plat op de grond.
- De manchet moet zich ter hoogte van het hart bevinden.
- Blijfijdens de meting zo rustig möglichn en praat Niet.
Bloeddrukmeting uitvoeren
Meting
Druk op de START/STOP-toets ① om de bloeddrukmeter in te schakelen. Alle displayelementen worden kort weergegen.
- Druk op de START/STOP-toets ①om de bloeddrukmeter in te schakelen. Alle displayweergaven worden kort verlicht.
- De staat meetwaarde worden weergegeben en na 3 seconden begint de bloeddrukmeter automatisch met demeting.

U kurz de meting op elk moment afbreken door op de START/STOP-toets de drukken.
Zodra er een hartslag worden herkend, worden het symbol voor de hartslag weergegeven.
- De meetresultaten voor systolische druk, diastolische druk en hartslag worden weergegeven.

Er_ verschijt wanneer de meting nicht juist kon worden uitgevoerd. Lees het hoofdstuk "Foutmelingen/storingen verhelpen" in deze gebruiksaanwijzing en herhaal de meting.
- Selecteer nu het gewenste gebruikersgeheugen door op de geheugentoets drukken. Als u geen gebruikersgeheugen selecteert, worden het meetresultaat in hetIRST gebruikte gebruikersgeheugen opgeslagen. Het betreffende symbol of wordt op het display weergegeven.
Schakel de bloeddrukmeter uit met de START/STOPtoets Daar bij worden het meetresultaat in het geseleeteerde gebruikersgeheugen opgeslagen.
Als u vergeet het apparaat uit te schakelen, dan wordt het na ongeveer 1 minuut automatisch uitgeschakeld.
Ook in dit geval wordt de waarde in het geselecteerde of het LAST gebruikte gebruikersgeheugen opgeslagen.
Wacht minstens 1 minuut voordat u een neue metinguitvoert!
Resultaten beoordelen

Algemene informatatie over de bloeddruk
- De bloeddruk is de kracht waarmee de bloedstroom te-gen de wanden van aders drukt. De arteriele bloeddruk verandert in de loop van een hartcyclus constant.
-
De bloeddruk worden als bijd in de vorm van twee waarden weergegeven:
-
De hoogste druk in de cyclus wordt systolische bloeddruk genoemd. Deze ontstaat wanner de hartspier zich samentrecht en het bloed daardoor in de bloedvaten worden gedrukt.
-
De laagste druk is de diastolische bloeddruk. Dit is de druk die aanwezig is wanner de hartspier zich vollediguitgerekt heeft en het hart zich met bloed vult.
-
Schommelingen in de bloeddruk zijn normalaal. Zelfs bij een herhaalde meting kan er spreke+zijn van aanzienlijke verschillen:tussen de gemeten waarden. Eenmalige of onregelmatige metingen geen.daarom geen betrouwbare informatie over de werkelijkke bloeddruk. Een betrouwbare beoordeling is alleen maybeijk als u regelmatig metingenuitvoert onder vergelijkkbare omstandigheden.
Risico-indicator
De Wereld gezondheidsorganisatie (WHO) heeft de in de vol-gende tabel vermelde, internationaal erkende classificatie vastgelegd voor het beoordelen van gemeten bloeddrukwaarden:
| Gebied van debloeddrukwaarden | Systolisch (in mmHg) | Diastolisch (in mmHg) | Maatregel |
| Niveau 3: ernstige hypertonie | ≥180≥110 | Raadpleeg een arts | |
| Niveau 2: gemiddel- de hypertonie | 160–17910 | 0–109 | Raadpleeg een arts |
| Niveau 1: lichte hypertonie | 140–15990 | –99 | Regelmatige controde door een arts |
| Hoog-normaal 130– | 13985–89 | Regelmatige controde door een arts | |
| Normaal 120–12980 | –84 Zelfcontrole | ||
| Optimaal <120<80 Zelfcontrole |
De risico-indicator (de pijlen op het display en de bijbehorende schaalverdeling op het apparaat) geeft aan binnen welk bereik de vastgestelde bloeddruk zich bevindt. Als de geme-
ten waarden zich in twee verschillende bereiken bevinden (bijv. systolisch in het bereik 'hoog-normaal' en diastolisch in het bereik 'normaal'), dan geeft de risico-indicator algijd het hoogste bereik wee; in het beschreiben voorbeeld is dat 'hoog-normaal'.
Houd er rekening mee dat deze standardwaarden uitsluitend opgevat mogen worden als algemene richtlijn, odomat de bloeddruk pererson en ook per leeftijdsgroep enz. kan verschillen of afwijken.
Bovendien要去 rekening mee houden dat de waarden die uthus zich meet over het algemeen lager zich dan de waarden die bij uw arts worden gemeten. Daarom is het belangrijk dat u regelmatig uw arts raadpleegt. Alleen uw arts kan u vertellen wat uw persoonlijke streewaarden zich voor een gecontroleerde bloeddruk - met name als u een medicamenteuze behandeling ondergaat.
Onregelmatige hartslag
Dit apparaat kan bij de analyse van uw geregistreerde hartslagsignaal tijdens de bloeddrukmeting eventuele stoornissen van het harritme identificeren. In dat geval wijst het apparaat na de meting door middel van het symbool op het display op eventuele onregelmatigheden in uw hartslag. Dit kan wijzen op aritmie.
Als het symbool 一 na de meting op het display worden weergegeven, moet u de meting herhalen, waar dat de nauwkeurigheid möglichn negatif is beinvloed. Gebruik voor de beoordeling van uw bloeddruk alleen de resultaten die zonder onregelmatigheden in uw hartslag zich geregisteerd. Raadpleeg uw arts als het symbool 一 aak worden weergeveen.
Alleen hij kan in het kader van zich diagnostische möglichk-heden de aanwezigheid van aritmieijdens een onderzoek vaststellen.
Meetwaarden opslaan, opvragen en wissen
Gebruikersgeheugen
De resultaten van elke succesvolle meting worden samen met de datum en de tijd opgeslagen. Bijeer dan 60 meetgeveens wordt telkens de oudste meting overschreven.
- Druk op de geheugentoets het meetresultaat op te
vragen.
Op het display knippert BR
De gemiddelde waarde van alle in dit gebruikersgeheugen opgeslagen meetwaarden worden weergegeven.

Houd de geheugentoets ongeveer 2 seconden ingedrukt om van gebruikersgeheugen te wisselen.
Gemiddelde waarden
- Druk op de geheugentoets Op het display knippert Rn
De gemiddelde waarde van de ochtendmettingen van de的那一ste 7agation wordt weergegeven (ochtend:05.00 uur -09.00 uur).
- Druk op de geheugentoets Op het display knippert PPT
De gemiddelde waarde van de avondmetingen van de的那一ste 7ragen wordt weergegeven (avond: 18.00uur - 20.00uur).


Afzonderlijke meetwaarden
- Als u nogmaals op de geheugentoets drukt, worden de LASTe afzonderlijke meting op het display weergegeven (in dit voorbeeld meting 03).
- Als u nogmaals op de geheugentoets drukt, kurz u de afzonderlijke meetwaarden
- Druk op de START/STOP-toets ① om het apparaat waaruit te schakelen.
U kunt het menu op elk moment verlaten door op de START/STOP-toets Drukken.

Meetwaarden wissen
- Om het betreffende gebruikersgeheugen te wissen,要去 u eerst een gebruikersgeheugen selecteren.
- Start het laden van de gemiddelde meetwaarden. Op het display knippert R, de gemiddelde waarde van alle opgeslagen meetwaarden van dit gebruikersgehugen worden weergegeven.
- Houd de geheugentoets en de START/STOP-toets ① 5 seconden ingedrukt, afhankelijk van het gebruikersgeheugen waarin u zich bevindt.
Alle waarden van het huidige gebruikersgeheugen worden gewist en het apparaat worden uittgeschakeld.

8. REINIGING EN ONDERHOUD
- Reinig het apparaat en de manchet voorzichtig met alleen een Licht bevochtigde doeck.
- Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen.
- Dompel het apparaat en de manchet nooit onder in water, waar dat er anders vocht kan binnendringen, waardoor het apparaat en de manchet beschadigd konnen raken.
- Zorg ervoor dat er geen zware voorwerpen op het appar-. raat en de manchet worden geplaatst als u deze opbergt. Haal de batterijen uit het apparaat.
9. PROBLEMEN OPLOSSEN
| Fout-melding | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
| Er1 of Er2 | De systolische of diastolische druk kon nicht gemeten worden. | Herhaal de meting na een pauze van een minuut.Let erop dat u tijdens de meting Niet spreekt of beweegt. |
| Hi of Lo | De systolische of diastolische druk valt buiten het meetbereik. | Herhaal de meting na een pauze van een minuut.Let erop dat u tijdens de meting Niet spreekt of beweegt.Als de melding opnieuw worden weergegeven,要去 een arts raadplegen of controlleren of u het ap-paraat op de juiste wijze hebt bediend. |
| Er3 of Er4 | De manchet is Niet juist aangebracht. | Neem de aanwijzingen in het hoofdstuk met de titel "Manchet aanbrengen" inucht. |
| Fout-melding | Mogelijk oorzaak | Oplossing |
| Er-S | De bloeddruk is langer dan 1,5 se-conde hoger dan 300 mmHg. | Herhaal de meting na een pauze van een minuut.Let erop dat uijdens de meting Niet spreekt of beweegt.Als de melding opnieuw worden weergegeven, moet u een arts raadplegen of controleren of u het ap-paraat op de juiste wijze hebt bediend. |
| Er-B | Het oppompden duurt meer dan 180 seconden. | Controleer bij een neuewe meting of de manchet correct kan worden opgprompt.Neem de aanwijzingen in het hoofdstuk met de titel "Manchet aanbrengen" in acht. |
| ErR, ErO ErTof ErB | Er is een systeme-of apparaatfout opgetreden. | Neem contact op met de klantenservice. |
| De batterijen zijn bijna leeg. | Plaats neue batterijen in het apparaat. |
10. VERWIJDERING
Reparatie en verwijdering van het apparaat
- U mag het apparaat Niet zich repareren of afstellen. Wanner u dit toch doet, kan een storingsvrijje werkung nicht langer worden gegardeerd.
- Maak het apparaat Niet open. Wanner u deze instructie Niet inucht neemt, vervalt de garantie.
-
Reparaties mogen alleen door de klantenservice of ge-. autoriseerde verkopers worden uitgevoerd. Controleer voordat u een klacht indient altijd eerst de batterijen en verrang deze als dat nodig is.
-
Met het oog op het milieu mag het apparaat aan het einde
van zich levensduur Niet met het gewone huisvuil worden weggegooid. U kunt het apparaat inleven bij gespecialiseerde inzamelpunten in uw land.
Verwijder het apparaat conform de EU-richtlijn
voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur - WEEE (Waste Electrical and Electronic Equipment).
Voor meer informatie(Int)kunt u contact opnemen met de verantwoordelijke instanties voor afvalverwijdering in uw gemeente.
Batterijen verwijderen
- Batterijen mogen Niet met het huisvuil worden weggegooid. Ze können giftige zware metalen bevatten en moeten waarom overeenkomstig de richtlijnen voor giftig afval worden verwijderd.
- Deze tekens sunt u aantreffen op batterijen met
schadelijke stoffen:
Pb = batterij bevat lood
Cd = batterij bevat cadmium
Hg = batterij bevat kwik

Meetmethode Oscillometrische, non-invasieve bloeddrukmeting aan de Pols
Meetbereik Manchetdruk 0-300 mmHg, systolisch 60-260 mmHg, diastolisch 40-199 mmHg, polsslag 40-180 slagen/minuut.
Nauwkeurigheid van Systolisch ± 3mmHg de weergave diastolisch ± 3mmHg hartslag ± 5% van de weergegeven Waarde
Meetonzekerheid Max. toelaatbare standaardafwijking conform klinische controle: systolisch 8 mmHg / diastolisch 8 mmHg
Geheugen 2 × 60 geheugenplaatsen
Afmetingen L 84 mm x b 60 mm x h 29 mm
Gewicht Ongeveer 92 g (zonder batterijen, met manchet)
Manchetmaat 140 tot 195 mm
| Toegestane omstan-digheden voor gelebruik | + 10 °C tot +40 °C, ≤85% relatieve luchtvochtigheid (niet condenserend) |
| Toegestane om-standigheden voor opbergen | -20 °C tot +50 °C, ≤ 85% relatieve luchtvochtigheid, 800–1050 hPa omgevingsdruk |
| Voeding | 2x1,5V — — AAA-batterijen |
| Levensduur batterijen | Voor ongeveer 170 metingen, afhankelijk van de hoogte van de bloeddruk en de oppompdruk |
| Classificatie | Interne voeding, IP22, geen AP of APG, ononderbroken werkung, toegepast deel type BF |
Het serialummer staat op het apparaat of in het batterijvak. Wijzigingen van de technische gegevens zonder kennisgeving zich omactualiseringsredenen voorbehonden.
-
Dit apparaat voldoet aan de Europese norm EN 60601-1-2 (overeenstemming met CISPR 11, IEC 61000-4-2, IEC 61000-4-3, IEC 61000-4-8) en is onderworpen aan bijzondere verilighedsmaatregelen op het gebied van elektromagnetische compatibiliteit. Let er.daarbij op dat draagbare en mobiele HF-communicatieapparatuur dit apparaat negatif kan beinvloeden.
-
Het apparaat voldoet aan de EU-richtlijn 93/42/EEC voor medische hulpmiddelen, de Duitse wet inzake medische hulpmiddelen en de normen EN 1060-1 (Niet-invasieve bloeddrukmeters deel 1: Algemene eisen), EN 1060-3 (Niet-invasieve bloeddrukmeters deel 3: Aanvullende eisen voor elektromechanische bloeddrukmeetsystemen) en IEC 80601-2-30 (Medische elektrische toestellen deel 2 - 30: Speciale eisen voor basisveiligheid en essentiele prestaties van nicht-invasieve bloeddrukmeters).
- De nauwkeurigheid van deze bloeddrukmeter is zorgvul-dig gecontroleerd en het apparaat is ontwikkeld met het oog op een lange gebruiksduur. Wanner het apparaat in de geneeskunde worden gelebruikt, moeten meetechnische controles metণoor geschikte middelen worden uitgevoerd. Uitgebreide informatie over het controleren van de nauwkeurigheid kan worden aangevraagd via het servicepunt.
12. GARANTIE/SERVICE
Meer informatatie over de garantie en de garantievoorwaarden vindt u in het meegeleverde garantieblad.

Hans Dinslage GmbH, Riedlinger Str. 28, 88524 Uttenweiler, Germany www.sanitas-online.de/en
