SDM976D - Monitor SONY - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SDM976D SONY in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - SDM976D SONY
Download de handleiding voor uw Monitor in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SDM976D - SONY en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SDM976D van het merk SONY.
GEBRUIKSAANWIJZING SDM976D SONY
- Macintosh is een gedeponeerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. in de Verenigde Staten en andere landen.• Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en andere landen.•VESA en DDC zijn handelsmerken van de Video Electronics Standards Association.
is een gedeponeerd handelsmerk in de Verenigde Staten.• Adobe en Acrobat zijn handelsmerken van Adobe Systems Incorporated.• Alle andere productnamen die hierin worden vermeld, kunnen de handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken zijn van hun respectieve bedrijven.
- Bovendien worden "™" en "®" niet elke keer vermeld in deze gebruiksaanwijzing. http://www.sony.net/ 3 (NL) Voorzorgsmaatregelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 Plaats en functie van de bedieningsorganen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .6 Stap 1: Gebruik de stand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Stap 2: Het scherm aansluiten op de computer . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Stap 3: Het netsnoer aansluiten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Stap 4: De snoeren vastzetten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Stap 5: De monitor en de computer aanzetten . . . . . . . . . . . . . . . . 7 De hellingshoek instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 Het ingangssignaal selecteren (INPUT toets) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8 De monitor instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .9 Het menu gebruiken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 De achtergrondverlichting aanpassen (BACKLIGHT) . . . . . . . . . . 10 Het contrast aanpassen (CONTRAST). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 Het zwartniveau van een beeld aanpassen (HELDERHEID) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11 De scherpte en centrering van het beeld aanpassen (SCHERM) (alleen voor analoog RGB signaal). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11 De kleurtemperatuur aanpassen (KLEUREN) . . . . . . . . . . . . . . . . 13 De gamma-instelling wijzigen (GAMMA) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 De scherpte aanpassen (SCHERPTE). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 De menupositie wijzigen (POSITIE MENU) . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 De ingang automatisch wijzigen (INGANG ZOEKEN) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 De taal van het menuscherm selecteren (LANGUAGE). . . . . . . . . 14 Extra instellingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14 Technische kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16 Energiespaarfunctie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16 Functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit (alleen voor analoog RGB signaal). . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16 Problemen oplossen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .17 Schermberichten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 17 Problemen en oplossingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 18 Technische gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .20 TCO’03 Eco-document . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .i4 (NL) Voorzorgsmaatregelen Waarschuwing betreffende voedingsaansluitingen
- Gebruik het meegeleverde netsnoer. Als u een ander netsnoer gebruikt, moet u nagaan of het compatibel is met de lokale stroomvoorziening. Voor de klanten in de V.S.A. Wanneer u niet het juiste netsnoer gebruikt, beantwoordt deze monitor niet aan de voorgeschreven FCC-normen. Voor de klanten in het VK Gebruik de monitor in het Verenigd Koninkrijk met het juiste netsnoer voor het Verenigd Koninkrijk. Installatie Plaats de monitor niet:
- op plaatsen waar het blootstaat aan extreme temperaturen, bijvoorbeeld dicht bij een radiator, heteluchtblazer of in de volle zon; Wanneer de monitor blootstaat aan extreme temperaturen, zoals in een auto die in de volle zon geparkeerd staat of in de buurt van een heteluchtblazer, kan de behuizing vervormen of de werking verstoord raken.
- op een plek waar het bloot staat aan mechanische trillingen of schokken.
- in de buurt van apparatuur dat een krachtig magnetisch veld produceert, zoals een TV of diverse andere huishoudtoestellen.
- op plaatsen waar het blootstaat aan veel stof, vuil of zand, bijvoorbeeld dicht bij een open venster of een buitendeur. Bij tegelijk gebruik buiten moeten de nodige maatregelen worden getroffen ter bescherming tegen stof en vuil in de lucht. Als dat niet gebeurt, kan het toestel onherstelbare schade oplopen. Plaats het toestel op een vlak oppervlak. Plaats het toestel niet op een ongelijk oppervlak, zoals de rand van een bureau. Als een onderdeel van dit toestel uitsteekt, kan het toestel vallen of schade en verwondingen veroorzaken. Behandeling van het LCD-scherm
- Richt het LCD-scherm niet naar de zon om beschadiging te voorkomen. Let op wanneer u de monitor in de buurt van een venster plaatst.
- Druk noch kras op het LCD-scherm. Plaats geen zware voorwerpen op het LCD-scherm. Hierdoor kan de uniformiteit van het scherm afnemen of kan het LCD-paneel defect raken.
- Wanneer de monitor in een koude omgeving wordt gebruikt, kunnen er nabeelden op het scherm verschijnen. Dat is normaal en duidt niet op storing. Het scherm werkt weer normaal wanneer de normale omgevingstemperatuur is bereikt.
- Wanneer een stilstaand beeld te lang op het scherm staat, kan er gedurende enige tijd een nabeeld zichtbaar zijn. Dit nabeeld zal na verloop van tijd verdwijnen.
- Tijdens gebruik zal het LCD-paneel warm worden. Dat is normaal en duidt niet op storing. Opmerking bij het LCD (Liquid Crystal Display) Het LCD-scherm is vervaardigd met behulp van precisietechnologie. Op het LCD-scherm kunnen permanent heldere rode, blauwe of groene stipjes of onregelmatig gekleurde strepen of heldere zones zichtbaar zijn. Dat is normaal. (Effectieve beeldpunten: meer dan 99,99%) Onderhoud
- Trek de stekker uit het stopcontact voordat u de monitor gaat reinigen.
- Reinig het LCD-scherm met een zachte doek. Gebruik geen glasreinigingsmiddel dat een antistatische oplossing of soortgelijke toevoeging bevat, omdat de coating van het LCD- scherm hierdoor kan worden beschadigd.
- Reinig de behuizing, het voorpaneel en de bedieningselementen met een zachte doek, die lichtjes is bevochtigd met een mild zeepsopje. Gebruik geen schuursponsje, schuurpoeder of oplosmiddel zoals alcohol of benzine.
- Wrijf, druk of tik niet op het scherm met een scherp of schurend voorwerp, zoals een balpen of schroevendraaier. Daardoor kan de beeldbuis worden bekrast.
- Merk op dat het materiaal of de coating van het LCD-scherm kan worden aangetast door blootstelling aan vluchtige oplosmiddelen, zoals bijvoorbeeld insecticide of bij langdurig contact met rubber of vinyl. Transport
- Koppel alle kabels van de monitor los en houd de monitor stevig met beide handen vast als u de monitor transporteert. Als u de monitor laat vallen, kunt u gewond raken of kan de monitor worden beschadigd.
- Transporteer deze monitor altijd in de originele verpakking. Aan de muur of een arm bevestigen Als u van plan bent om het scherm aan de muur of een arm te bevestigen, dient dit te worden uitgevoerd door een gekwalificeerd persoon. De monitor afvoeren
- Voer de monitor niet af met gewoon huishoudelijk afval.
- De fluorescentiebuis in deze monitor bevat kwik. Deze monitor dient te worden afgevoerd overeenkomstig de lokale voorschriften. Het toestel moet in de buurt van een makkelijk bereikbaar stopcontact worden geplaatst. Voorbeeld van stekkertypes voor 100 tot 120 V wisselstroom voor 200 tot 240 V wisselstroom alleen voor 240 V wisselstroom5 (NL) Plaats en functie van de bedieningsorganen Zie voor nadere bijzonderheden de pagina's waarnaar tussen haakjes wordt verwezen. De 1 (aan/uit) schakelaar en de bedieningstoetsen bevinden zich rechtsonder aan de voorkant van de monitor. Voorkant van het beeldscherm Achterkant van het beeldscherm 1 1 (aan/uit) schakelaar en lampje (pagina's 7, 16) Als u de monitor wilt in- of uitschakelen, drukt u op de 1 (aan/uit) schakelaar. Het aan/uit-lampje brandt groen als het beeldscherm is ingeschakeld en brandt oranje als het beeldscherm zich in de stroombesparingsstand bevindt. 2 MENU toets (pagina's 9, 10) Deze toets opent of sluit het hoofdmenu. U kunt ook de DDC/CI-functie inschakelen door deze toets langer dan 8 seconden in te drukken. 3 m/M toetsen (pagina 10) Deze toetsen fungeren als m/M toetsen als u menu- onderdelen selecteert en wijzigingen aanbrengt. 4 OK toets (pagina 10) Deze toets selecteert het onderdeel of voert de instellingen in het menu uit. INPUT toets (pagina 8) (alleen voor SDM-E76D/SDM- E96D) Met deze toets kunt u het video-ingangssignaal schakelen tussen INPUT1 en INPUT2, als er twee computers zijn aangesloten op de monitor. 5 Veiligheidsvergrendeling De veiligheidsvergrendeling moet worden gebruikt met het Kensington Micro Saver Security System. Micro Saver Security System is een handelsmerk van Kensington. 6 AC IN aansluiting (pagina 7) Het netsnoer aansluiten (meegeleverd). 7 DVI-D-ingang (digitale RGB) voor INPUT1 (pagina 6) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) Via deze aansluiting worden digitale RGB-videosignalen ingevoerd conform DVI Rev. 1.0. 8 HD15-ingang (analoge RGB) (pagina 6) Via deze aansluiting worden analoge RGB-videosignalen (0,70 Vp-p, positief) en synchronisatiesignalen ingevoerd.
Indrukken om het beeldscherm in of uit te schakelen.6 (NL) Instellen Voordat u de monitor in gebruik neemt, moet u controleren of de verpakking de volgende items bevat:
- DVI-D videosignaalkabel (digitale RGB) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D)
- CD-ROM (hulpprogramma's voor Windows/Macintosh, gebruiksaanwijzing, enzovoort)
- Installatiehandleiding Stap 1:Gebruik de stand x Gebruik de meegeleverde stand Open de stand. Opmerking De stand is opgeklapt als deze uit de fabriek komt. Plaats het scherm niet verticaal als de stand is opgeklapt. Als u dat toch doet, kan het scherm omvallen. x Gebruik de VESA-compatibele stand Als u een niet meegeleverde VESA-compatibel bevestigingsarm of stand gebruikt, gebruik dan de VESA-compatibel schroeven om deze te bevestigen. U kunt de display met of zonder de meegeleverde stand gebruiken. Stap 2:Het scherm aansluiten op de computer Zet de monitor en de computer uit voordat u deze aansluit. Opmerkingen
- Raak de pennen van de videokabelstekker niet aan omdat ze hierdoor kunnen verbuigen.
- Controleer de uitlijning van de HD15 aansluiting, om te voorkomen dat de pennen van de videosignaalkabel worden verbogen. x Een computer aansluiten die is voorzien van een DVI-uitgang (digitale RGB) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) Gebruik de meegeleverde DVI-D-videosignaalkabel (digitale RGB), om de computer aan te sluiten op de DVI-D-ingang van de monitor (digitale RGB). x Een computer aansluiten die is voorzien van een HD15-uitgang (analoge RGB) Gebruik de meegeleverde HD15-HD15 videosignaalkabel (analoge RGB) om de computer aan te sluiten op de HD15-ingang van de monitor (analoge RGB). de posities van de schroeven van de VESA-compatibel stand 75 mm × 75 mm naar de DVI-uitgang van de computer (digitale RGB) DVI-D videosignaalkabel (digitale RGB) (meegeleverd) naar de DVI-ingang (digitale RGB) naar de HD15-uitgang van de computer (analoge RGB) HD15-HD15 videosignaalkabel (analoge RGB) (meegeleverd) naar de HD 15-ingang (analoge RGB)7 (NL) Stap 3:Het netsnoer aansluiten Als de monitor en de computer zijn uitgeschakeld, moet u eerst het netsnoer aansluiten op de monitor en vervolgens op het stopcontact. Stap 4:De snoeren vastzetten Snoeren en kabels bundelen. Gebruik de meegeleverde kabelbinder om de snoeren en kabels te bundelen. Stap 5:De monitor en de computer aanzetten Druk op de 1 (aan/uit) schakelaar. Het 1 (aan/uit) lampje van de monitor licht groen op. Zet de computer aan. De installatie van de monitor is voltooid. Pas desgewenst het beeld van de monitor aan met de bedieningselementen op de monitor. Als er geen beeld verschijnt op het scherm
- Controleer of het netsnoer en de videosignaalkabel goed zijn aangesloten.
- Als GEEN INPUT SIGNAAL verschijnt op het scherm: De computer staat in de energiespaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis.
- Als KABEL NIET AANGESLOTEN verschijnt op het scherm: Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten.
- Als BUITEN BEREIK verschijnt op het scherm: Sluit de oude monitor opnieuw aan. Pas vervolgens de grafische kaart van de computer aan het volgende bereik aan. Voor meer informatie over schermberichten, zie "Problemen en oplossingen" op pagina 18. Geen specifieke drivers vereist. De monitor voldoet aan de "DDC" Plug & Play norm en herkent automatisch alle monitor informatie. Op de computer hoeft geen specifieke driver te worden geïnstalleerd. Wanneer u de computer voor het eerst aanzet nadat de monitor is aangesloten, kan de installatiewizard op het scherm verschijnen. Volg dan de instructies op het scherm. De Plug & Play monitor wordt automatisch geselecteerd zodat u deze monitor kunt gebruiken. De verticale frequentie wordt ingesteld op 60 Hz. De monitor produceert geen vervelend geknipper, zodat u deze onmiddellijk kunt gebruiken. De verticale frequentie hoeft niet hoog te worden ingesteld. naar AC IN naar een stopcontact netsnoer (meegeleverd) Kabelbinder (meegelever- de) In deze afbeelding van de achterkant van de monitor wordt de SDM-E76D getoond. Hetzelfde is van toepassing op de andere modellen. Analoge RGB Digitale RGB (alleen voor SDM-E76D/ SDM-E96D) Horizontale frequentie 28–80 kHz 28–64 kHz Verticale frequentie 56–75 Hz 60 Hz Resolutie 1280 × 1024 of minder 1280 ×1024 of minder8 (NL) De hellingshoek instellen Dit beeldscherm kan in de hieronder getoonde hoeken worden ingesteld. Pak de onderste beide zijden van het LCD-scherm vast en stel de gewenste hoek van het scherm in. Comfortabel gebruik van het beeldscherm Dit scherm is zo ontworpen dat u het kunt instellen op een comfortabele kijkhoek. Pas de kijkhoek van het scherm aan de hoogte van uw bureau en stoel aan, zodat er geen licht van het scherm in uw ogen wordt gereflecteerd. OpmerkingLet op dat het beeldscherm niet van het bureau valt bij het instellen van de hellingshoek. Het ingangssignaal selecteren (INPUT toets) (alleen voor SDM-E76D/ SDM-E96D) Druk op de INPUT toets. Het ingangssignaal wordt gewijzigd als u op deze toets drukt. ca. 5°–25° Schermbericht (verschijnt ongeveer 5 seconden in de linkerbovenhoek.) Configuratie van het ingangssignaal INPUT1 : DVI-D DVI-D-ingang (digitale RGB) voor INPUT1 INPUT2 : HD15 HD15-ingang (analoge RGB) voor INPUT2 OK / INPUT9 (NL) De monitor instellen Met het schermmenu kunt u veel instellingen van de monitor wijzigen. Het menu gebruiken Druk op de MENU toets om het hoofdmenu op het scherm weer te geven. Zie pagina 10 voor meer informatie over het gebruik van de MENU toets. Gebruik de m/M en OK toetsen om de pictogrammen in het bovenstaande hoofdmenu te selecteren. De volgende menu's 1 tot en met 0 worden weergegeven. Blijf net zo lang op de m drukken tot de pictogrammen in menu 9 en 0 worden weergegeven. Zie pagina 10 voor meer informatie over het gebruik van de m/M en OK toetsen. Voor het instellen Sluit de monitor en de computer aan en zet deze aan. Wacht ten minste 30 minuten voordat u wijzigingen aanbrengt. 1 BACKLIGHT (pagina 10) Selecteer het BACKLIGHT menu om de helderheid van de achtergrondverlichting aan te passen. 2 CONTRAST 6 (pagina 10) Selecteer het CONTRAST menu om het beeldcontrast aan te passen. 3 HELDERHEID 8 (pagina 11) Selecteer het HELDERHEID menu om de helderheid van het beeld (zwartniveau) aan te passen. MENU
1280 1024 60Hzx/EX I TBACKL I GHT 1280 1024 60Hzx/EX I TBACKL I GHT 1280 1024 60Hzx/EX I TCONTRAST 1280 1024 60Hzx/EX I THELDERHEID 4 SCHERM (pagina 11) Selecteer het SCHERM menu om de scherpte van het beeld (fase/pitch) en de centrering van het beeld (horizontale / verticale positie) aan te passen. 5 KLEUREN (pagina 13) Selecteer het KLEUREN menu om de kleurtemperatuur van het beeld aan te passen. Hiermee past u de tint van het scherm aan. Als de optie KLEUREN is ingesteld op sRGB, kunt u de optie CONTRAST, HELDERHEID of GAMMA niet aanpassen. 6 GAMMA (pagina 13) Selecteer het GAMMA menu om de kleurtinten van het beeld aan te passen. 7 SCHERPTE (pagina 13) Selecteer het menu SCHERPTE om de randen van beelden te verscherpen. 8 POSITIE MENU (pagina 14) Selecteer de optie POSITIE MENU om de plaats van het menuscherm te wijzigen. 9 INGANG ZOEKEN (pagina 14) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) De monitor detecteert automatisch een ingangssignaal van een ingang en verandert de ingang automatisch voordat de monitor overschakelt naar de energiespaarstand. 1280 1024 60Hzx/EX I TAUT. INSTELLEN FASE PITCH H CENTRER I NG V CENTRER I NGSCHERM1280 1024 60Hzx/EX I T9 300K6500K sRGB GEBRU I KER AANPASSENKLEUREN1280 1024 60Hzx/EX I TGAMMA 1GAMMA 2GAMMA 3GAMMA1280 1024 60Hzx/EX I T SCHERPTE1280 1024 60Hzx/EX I T POSITIE MENU 1280 1024 60Hzx/EX I TAUTO AANAUTO UI TI NGANG ZOEKEN10 (NL) x De MENU, m/M en OK toetsen gebruiken 1 Toon het hoofdmenu. Druk op de MENU toets om het hoofdmenu op het scherm weer te geven. 2 Selecteer het menu dat u wilt aanpassen. Druk op de m/M toetsen om het gewenste menu weer te geven. Druk op de OK toets om het menu-onderdeel te selecteren. 3 Pas het menu aan. Druk op de m/M toetsen om de instelling aan te passen en druk vervolgens op de OK toets.Wanneer u op de OK toets drukt, wordt de instelling opgeslagen en verschijnt het vorige menu weer op het scherm. 4 Sluit het menu. Druk eenmaal op de MENU toets om terug te keren naar het normale beeld. Als er geen toets wordt ingedrukt, wordt het menu automatisch gesloten na ongeveer 45 seconden. x De instellingen resetten U kunt de instellingen resetten door gebruik te maken van het RESET menu. Zie pagina 14 voor meer informatie over het resetten van de instellingen. x De monitor bedienen met de computer Druk ten minste 5 seconden op de MENU toets. U krijgt een schermbericht te zien waarin de actuele instelling wordt weergegeven. Na 3 seconden wordt de DDC/CI instelling uit- of ingeschakeld, zoals hieronder wordt weergegeven.OpmerkingDeze functie is alleen van toepassing voor computers die de DDC/CI (Display Data Channel Command Interface)-functie ondersteunen. De achtergrondverlichting aanpassen (BACKLIGHT) Als het scherm te helder is, moet u de achtergrondverlichting aanpassen om het scherm beter leesbaar te maken. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (BACKLIGHT) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets.Het BACKLIGHT menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om het lichtniveau aan te passen en druk op de OK toets. Het contrast aanpassen (CONTRAST) Pas het beeldcontrast aan.OpmerkingAls de optie KLEUREN is ingesteld op sRGB, kunt u de optie CONTRAST, HELDERHEID of GAMMA niet aanpassen. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om 6 (CONTRAST) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets.Het CONTRAST menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om het contrast aan te passen en druk vervolgens op de OK toets.0 LANGUAGE (pagina 14)Selecteer LANGUAGE als u de taal wilt wijzigen die wordt gebruikt voor menu's of berichten.qa Overige menu's (pagina 14)U kunt de volgende menu-onderdelen instellen.• RESET 0• TOETSEN SLOT 1280 1024 60Hzx/EX I T ANNULERENRESET MENU OK / INPUT
OK / INPUT MENU Schermberichten(verschijnen tijdelijk)DDC-CI : AAN(standaardinstelling)De computer kan menu-instellingen wijzigen.DDC-CI : UIT De computer kan geen menu-instellingen wijzigen.11 (NL) Het zwartniveau van een beeld aanpassen (HELDERHEID) Pas de helderheid van het beeld aan (zwartniveau) Opmerking Als de optie KLEUREN is ingesteld op sRGB, kunt u de optie CONTRAST, HELDERHEID of GAMMA niet aanpassen. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om 8 (HELDERHEID) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het HELDERHEID menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de helderheid aan te passen en druk vervolgens op de OK toets. De scherpte en centrering van het beeld aanpassen (SCHERM) (alleen voor analoog RGB signaal) x De beeldkwaliteit automatisch aanpassen Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, worden de beeldpositie en -scherpte (fase/pitch) automatisch aangepast zodat er een scherp beeld op het scherm verschijnt (pagina 16). Opmerkingen
- Als de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit is geactiveerd, werkt alleen de 1 (aan/uit) schakelaar.
- Het kan zijn dat het beeld gedurende deze tijd knippert, maar dit duidt niet op een storing. Wacht een paar seconden tot de instelling is voltooid. Als het beeld niet volledig wordt aangepast met de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit U kunt de beeldkwaliteit voor het huidige ingangssignaal automatisch verder aanpassen. (Zie AUT. INSTELLEN hieronder.) Als de beeldkwaliteit nog verder moet worden aangepast U kunt de scherpte (fase/pitch) en de positie (horizontale / verticale positie) van het beeld handmatig aanpassen. Deze instellingen worden opgeslagen in het geheugen en automatisch opgeroepen als het beeldscherm hetzelfde ingangssignaal ontvangt. Het kan zijn dat u deze instellingen opnieuw moet invoeren, als u het ingangssignaal wijzigt nadat u de computer opnieuw hebt aangesloten. x De beeldkwaliteit voor het huidige ingangssignaal automatisch verder aanpassen (AUT. INSTELLEN) Stel de meest geschikte fase, pitch en horizontale/verticale positie voor het huidige ingangssignaal in. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het SCHERM menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om AUT. INSTELLEN te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het menu AUT. INSTELLEN verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om de optie AAN of UIT te selecteren en druk vervolgens op de OK toets.
- AAN: Breng de nodige wijzigingen aan voor de fase, pitch en horizontale/verticale positie van het huidige ingangssignaal en sla deze op. Opmerking Als de monitor is ingeschakeld of het ingangssignaal wordt gewijzigd, voert AUT. INSTELLEN automatisch aanpassingen uit.
- UIT: AUT. INSTELLEN is niet beschikbaar. Opmerking AUT. INSTELLEN werkt automatisch wanneer het ingangssignaal wordt gewijzigd. 5 Druk op de m/M toetsen om te selecteren en druk op de OK toets. Ga terug naar het menuscherm. x Pas de beeldscherpte en de positie handmatig aan (PITCH/FASE/H CENTRERING/V CENTRERING) U kunt de scherpte van het beeld als volgt aanpassen. Deze aanpassing is effectief als de computer is aangesloten op de HD15-ingang van de monitor (analoge RGB). 1 Stel de resolutie op de computer in op 1.280 × 1.024. 2 Plaats de CD-ROM in het CD-ROM-station. 3 Start de CD-ROM Voor Windows Als de automatische startmodus loopt: Selecteer het gebied, de taal en het model en klik op Hulpprogramma voor instellen van monitor (UTILITY). 4 Klik op "Adjust" en bevestig de huidige resolutie (bovenste waarde) en de aanbevolen resolutie (onderste waarde), en klik vervolgens op "Next". Het testpatroon voor PITCH verschijnt. 5 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 6 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk op de OK toets. Het SCHERM menu verschijnt op het scherm.12 (NL) 7 Druk op de m/M toetsen om PITCH te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het PITCH aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 8 Druk op de m/M toetsen totdat de verticale strepen verdwijnen. Pas de scherminstelling zo aan dat de verticale strepen verdwijnen. 9 Druk op de OK toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. Als er horizontale strepen op het hele scherm zichtbaar zijn, moet u de FASE als volgt aanpassen. 10 Klik op "Next". Het testpatroon voor FASE verschijnt. 11 Druk op de m/M toetsen om FASE te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het FASE aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 12 Druk op de m/M toetsen tot de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. Pas het beeld zo aan dat de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. 13 Druk op de OK toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 14 Klik op "Next". Het testpatroon voor CENTRERING verschijnt. 15 Druk op de m/M toetsen om H CENTRERING of V CENTRERING te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het H CENTRERING aanpassingsmenu of V CENTRERING aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 16 Druk op de m/M toetsen om het testpatroon in het midden van het scherm te plaatsen. 17 Klik op "Next". Klik op "End" of "AFBREKEN" om het testpatroon uit te schakelen. Als de automatische startmodus niet werkt: 1 Open "Deze computer" en klik met de rechtermuisknop op het pictogram CD-ROM. Ga naar "Verkenner" en open het pictogram CD-ROM. 2 Open [Utility] en selecteer [WINDOWS]. 3 Start [WIN_UTILITY.EXE]. Het testpatroon verschijnt. Ga naar stap 4. Voor Macintosh 1 Open de CD-ROM. 2 Open [Utility] en selecteer [MAC]. 3 Open [MAC UTILITY] en start [MAC_CLASSIC_UTILITY] of [MAC_OSX_UTILITY]. Het testpatroon verschijnt. Ga naar stap 4. 4 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 5 Druk op de m/M toetsen om (SCHERM) te selecteren en druk op de OK toets. Het SCHERM menu verschijnt op het scherm. 6 Druk op de m/M toetsen om FASE te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het FASE aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 7 Druk op de m/M toetsen tot de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. Pas het beeld zo aan dat de horizontale strepen tot een minimum zijn gereduceerd. 8 Druk op de OK toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. Als er verticale strepen op het hele scherm zichtbaar zijn, moet u de PITCH als volgt aanpassen. 9 Druk op de m/M toetsen om PITCH te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het PITCH aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 10 Druk op de m/M toetsen totdat de verticale strepen verdwijnen. Pas de scherminstelling zo aan dat de verticale strepen verdwijnen. 11 Druk op de OK toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm.13 (NL) 12 Druk op de m/M toetsen om H CENTRERING of V CENTRERING te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het H CENTRERING aanpassingsmenu of V CENTRERING aanpassingsmenu verschijnt op het scherm. 13 Druk op de m/M toetsen om het testpatroon in het midden van het scherm te plaatsen. 14 Klik op het scherm op "END" om het testpatroon uit te schakelen. De kleurtemperatuur aanpassen (KLEUREN) U kunt het kleurniveau voor het witte gedeelte van het beeld kiezen uit de standaardinstellingen voor kleurtemperatuur. U kunt desgewenst de kleurtemperatuur ook nauwkeuriger aanpassen. U kunt de gewenste kleurtemperatuur instellen voor elke stand van de helderheid van het scherm. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (KLEUREN) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het KLEUREN menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste kleurtemperatuur te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Wit krijgt een rode in plaats van een blauwe tint, als de temperatuur wordt verlaagd van 9300K naar 6500K (standaardinstelling). Als u "sRGB" selecteert, worden de kleuren aangepast aan het sRGB-profiel. (De sRGB-kleurinstelling is een standaardprotocol voor kleurruimten die ontworpen is voor computerproducten.) Als u "sRGB" selecteert, moeten de kleurinstellingen van de computer zijn ingesteld op het sRGB-profiel. Opmerkingen
- Als een aangesloten computer of ander apparaat niet geschikt is voor sRGB, kan de kleur niet worden aangepast aan het sRGB-profiel.
- Als de optie KLEUREN is ingesteld op sRGB, kunt u de optie CONTRAST, HELDERHEID of GAMMA niet aanpassen. De kleurtemperatuur nauwkeurig aanpassen (GEBRUIKERINSTEL)
Druk op de m/M toetsen om AANPASSEN te selecteren en druk op de OK toets. Het GEBRUIKERINSTEL menu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om R (rood) of B (blauw) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Druk op de m/M toetsen om de kleurtemperatuur aan te passen en druk vervolgens op de OK toets. Aangezien bij deze instelling de kleurtemperatuur wordt gewijzigd door de componenten R en B te verhogen of te verlagen ten opzichte van G (groen), is de component G vastgelegd. 3 Druk op de m/M toetsen om te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. De nieuwe kleurstelling wordt opgeslagen in het geheugen voor GEBRUIKER en wordt automatisch opgeroepen wanneer GEBRUIKER wordt geselecteerd. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. De gamma-instelling wijzigen (GAMMA) U kunt de kleurtinten van het beeld op het scherm afstemmen op de originele kleurtinten van het beeld. Opmerking Als de optie KLEUREN is ingesteld op sRGB, kunt u de optie CONTRAST, HELDERHEID of GAMMA niet aanpassen. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (GAMMA) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het GAMMA menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets. De scherpte aanpassen (SCHERPTE) Pas deze optie toe om de randen van beelden, enz. scherper te maken. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (SCHERPTE) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het SCHERPTE menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de scherpte aan te passen en druk vervolgens op de OK toets.
GEBRU I KER I NSTEL14 (NL) De menupositie wijzigen (POSITIE MENU) U kunt de positie van het menu wijzigen als dit menu een beeld op het scherm blokkeert. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (POSITIE MENU) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het POSITIE MENU menu verschijnt op het scherm. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste positie te selecteren en druk op de OK toets. Er zijn drie verschillende posities voor de bovenkant, het midden en de onderkant van het scherm. De ingang automatisch wijzigen (INGANG ZOEKEN) (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) Als u in het menu INGANG ZOEKEN de optie AUTO AAN selecteert, zoekt de monitor automatisch naar ingangssignalen via een ingang en wijzigt de ingang automatisch voordat de stroombesparingsstand van de monitor wordt ingeschakeld. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om (INGANG ZOEKEN) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het menu INGANG ZOEKEN verschijnt op het scherm. 3Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets.
- AUTO AAN: als de geselecteerde ingang geen ingangssignaal heeft of als u een ingang selecteert met de INPUT toets op de monitor en deze ingang geen ingangssignaal heeft, verschijnt het schermbericht (pagina 17) en zoekt de monitor automatisch naar ingangssignalen via andere ingangen om de ingang te wijzigen. Als de ingang is gewijzigd, wordt de geselecteerde ingang weergegeven in de linkerbovenhoek van het scherm. Wordt er geen ingangssignaal ontvangen, dan wordt de stroombesparingsstand van de monitor automatisch ingeschakeld.
- AUTO UIT: de ingang wordt niet automatisch gewijzigd. Druk op de INPUT toets om de ingang te wijzigen. De taal van het menuscherm selecteren (LANGUAGE) U kunt de taal wijzigen die wordt gebruikt in menu's of berichten die op deze monitor worden weergegeven. 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk herhaaldelijk op de m toets totdat het pictogram van de gewenste optie verschijnt. 3 Druk op de m/M toetsen om (LANGUAGE) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het LANGUAGE menu verschijnt op het scherm. 4 Druk op de m/M toetsen om een taal te selecteren en druk vervolgens op de OK toets.
- : Chinees Extra instellingen U kunt de volgende opties aanpassen:
- TOETSEN SLOT 1 Druk op de MENU toets. Het hoofdmenu verschijnt op het scherm. 2 Druk herhaaldelijk op de m toets totdat het pictogram van de gewenste optie verschijnt. 3 Druk op de m/M toetsen om de gewenste optie te selecteren en druk op de OK toets. Pas de geselecteerde optie als volgt aan.
De standaardinstellingen resetten U kunt de aangepaste instellingen terugzetten naar de standaardinstellingen. 1 Druk op de m/M toetsen om 0 (RESET) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het RESET menu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om de gewenste modus te selecteren en druk op de OK toets.
- OK: Hiermee worden alle standaardinstellingen hersteld. Houd er rekening mee dat bij deze methode de (LANGUAGE) instelling niet wordt gereset.
- ANNULEREN:Het resetten annuleren en terugkeren naar het menuscherm.15 (NL) x Menu's en bedieningselementen vergrendelen U kunt de toetsen vergrendelen om ongewenst aanpassen of resetten te vermijden. 1 Druk op de m/M toetsen om (TOETSEN SLOT) te selecteren en druk vervolgens op de OK toets. Het TOETSEN SLOT menu verschijnt op het scherm. 2 Druk op de m/M toetsen om AAN of UIT te selecteren en druk op de OK toets.
- AAN: Alleen de 1 (aan/uit) schakelaar werkt. Als u probeert een andere handeling uit te voeren, verschijnt het pictogram (TOETSEN SLOT) op het scherm.
- UIT: SteI (TOETSEN SLOT) in op UIT. Als u het onderdeel (TOETSEN SLOT) instelt op AAN, kan alleen dit menu-onderdeel worden geselecteerd.16 (NL) Technische kenmerken Energiespaarfunctie Deze monitor voldoet aan de richtlijnen voor stroombesparing die zijn opgesteld door VESA, ENERGY STAR en NUTEK. Wanneer de monitor is aangesloten op een computer of een videokaart die compatibel is met DPMS (Display Power Management Standard) voor analoge ingang/DMPM (DVI Digital Monitor Power Management) voor digitale ingang, gaat het automatisch minder stroom verbruiken zoals hieronder afgebeeld.
- Als uw computer in de stand "actief uit" wordt gezet, valt het ingangssignaal weg en verschijnt het bericht "GEEN INPUT SIGNAAL" op het scherm. Na 5 seconden wordt de energiespaarstand voor de monitor geactiveerd. ** "Diepe sluimer" is een stroomspaarstand die gedefinieerd is door de Environmental Protection Agency. Functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit (alleen voor analoog RGB signaal) Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, worden de beeldpositie en de scherpte (fase/ pitch) automatisch aangepast zodat er een scherp beeld op het scherm verschijnt. Fabrieksinstelling Als de monitor een ingangssignaal ontvangt, wordt dit automatisch afgestemd op een van de fabrieksinstellingen die in het geheugen van de monitor zijn opgeslagen, om een beeld van hoge kwaliteit in het midden van het scherm te krijgen. Als het ingangssignaal overeenkomt met de fabrieksinstelling, wordt het beeld automatisch op het scherm weergegeven met de juiste standaardinstellingen. Als ingangssignalen niet overeenkomen met de fabrieksinstellingen Als de monitor een ingangssignaal ontvangt dat niet overeenkomt met een van de fabrieksinstellingen, wordt de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit van de monitor geactiveerd waardoor er altijd een scherp beeld verschijnt op het scherm (binnen het volgende frequentiebereik): Horizontale frequentie: 28–80 kHz Verticale frequentie: 56–75 Hz De eerste keer dat de monitor ingangssignalen ontvangt die niet overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen, kan het langer dan normaal duren voordat het beeld op het scherm verschijnt. De instelgegevens worden automatisch opgeslagen in het geheugen zodat de monitor op dezelfde manier werkt als wanneer de monitor signalen ontvangt die wel overeenkomen met een van de fabrieksinstellingen. Als u de fase, pitch en beeldpositie handmatig aanpast terwijl UIT bij AUT. INSTELLEN is geselecteerd Voor sommige ingangssignalen kunnen de beeldpositie, de fase en de pitch niet helemaal automatisch worden aangepast. Deze instellingen kunnen dan handmatig worden aangepast (pagina 11). Als u deze instellingen handmatig aanpast, worden deze als gebruikersstanden in het geheugen opgeslagen en automatisch weer opgeroepen wanneer de monitor dezelfde ingangssignalen ontvangt. Opmerkingen
- Als de functie voor het automatisch aanpassen van de beeldkwaliteit is geactiveerd, werkt alleen de 1 (aan/uit) schakelaar.
- Het kan zijn dat het beeld gedurende deze tijd knippert, maar dit duidt niet op een storing. Wacht een paar seconden tot de instelling is voltooid. Stroomstand Stroomverbruik 1 (aan/uit) lampje normale werking 38 W (maximaal) (SDM-E76A/SDM-E76D) 44 W (maximaal) (SDM-E96A/SDM-E96D) groen actief uit* (diepe sluimer)** 1,0 W (maximaal) oranje stroom uitgeschakeld 1,0 W (maximaal) uit Opmerking (alleen voor SDM-E76D/SDM-E96D) U hoeft de digitale RGB-signalen van de DVI-D-ingang voor INPUT1 niet te wijzigen.17 (NL) Problemen oplossen Lees dit gedeelte door voordat u contact opneemt met uw dealer of de klantenservice. Schermberichten Als er een probleem is met het ingangssignaal, verschijnt één van de volgende berichten op het scherm. Om dit probleem op te lossen, zie "Problemen en oplossingen" op pagina 18. Als BUITEN BEREIK op het scherm verschijnt Dit geeft aan dat het ingangssignaal niet wordt ondersteund door de monitor. Controleer de volgende items. Als "xxx.x kHz/ xxx Hz" wordt weergegeven Dit geeft aan dat de horizontale of verticale frequentie niet wordt ondersteund door de monitor. De cijfers staan voor de horizontale en verticale frequenties van het huidige ingangssignaal. Als"RESOLUTIE > 1280 × 1024" wordt weergegeven Dit geeft aan dat de resolutie niet wordt ondersteund door het beeldscherm (1280 × 1024 of minder). Als "GEEN INPUT SIGNAAL" op het scherm verschijnt Hiermee wordt aangegeven dat er geen signaal wordt ingevoerd.
De monitor schakelt ongeveer 5 seconden nadat het bericht is verschenen over naar de energiespaarstand. Als KABEL NIET AANGESLOTEN op het scherm verschijnt Dit geeft aan dat de videosignaalkabel is losgekoppeld.
De monitor schakelt ongeveer 45 seconden nadat het bericht is verschenen over naar de energiespaarstand. BU I TEN BERE I Kxxx.xkHz/ xxxHzINGANG1:DVI–DINFORMATIE Voorbeeld: Voorbeeld: GEEN I NPUT S I GNAALGA NAAR STROOMSPAARINFORMATIEINGANG1:DVI–D Voorbeeld: KABEL N I ET AANGESLO NETINFORMATIEINGANG1:DVI–DGA NAAR STROOMSPAAR18 (NL) Problemen en oplossingen Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de aangesloten apparatuur wanneer u problemen hebt met een aangesloten computer of andere apparatuur. Probleem Controleer deze punten Geen beeld Het 1 (aan/uit) lampje brandt niet of het 1 (aan/uit) lampje gaat niet branden als de 1 (aan/uit) schakelaar is ingedrukt.
- Controleer of het netsnoer goed is aangesloten.
KABEL NIET AANGESLOTEN
verschijnt op het scherm.
- Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en of alle stekkers goed vastzitten (pagina 6).
- Controleer of de pennen van de video-ingang niet zijn verbogen of naar binnen zijn gedrukt.
- Controleer of de instelling voor ingangsselectie juist is (pagina 8).
- Er is een videosignaalkabel aangesloten die niet is meegeleverd. Als u een videosignaalkabel aansluit die niet is bijgeleverd, kan het bericht KABEL NIET AANGESLOTEN op het scherm verschijnen voordat de energiespaarstand wordt geactiveerd. Dat is normaal en duidt niet op storing. GEEN INPUT SIGNAAL wordt weergegeven op het scherm of het 1 (aan/uit) lampje is oranje.
- Controleer of de videosignaalkabel goed is aangesloten en of alle stekkers goed vastzitten (pagina 6).
- Controleer of de pennen van de video-ingang niet zijn verbogen of naar binnen zijn gedrukt.
- Controleer of de instelling voor ingangsselectie juist is (pagina 8). x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- De computer staat in de energiespaarstand. Druk op een willekeurige toets op het toetsenbord of verplaats de muis.
- Controleer of de grafische kaart goed is geïnstalleerd.
- Pas uw videokaart aan op het nieuwste stuurprogramma. Of stem de versie van uw videokaart af op het huidige besturingssysteem.
- Als u gebruik maakt van een laptopcomputer, dient u de uitgang van uw computer in te stellen op video-uitgang (voor meer details over de instelling van de video-uitgang, dient u contact op te nemen met de computerfabrikant).
- Controleer of de computer is ingeschakeld.
- Start de computer opnieuw op. BUITEN BEREIK verschijnt op het scherm. x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- Controleer of het videofrequentiebereik binnen de monitorspecificaties valt. Als u een oude monitor door deze monitor hebt vervangen, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten en de grafische kaart van de computer aanpassen binnen het volgende bereik: Horizontaal: 28–80 kHz (analoge RGB), 28–64 kHz (digitale RGB alleen voor SDM- E76D/SDM-E96D) Verticaal: 56–75 Hz (analoge RGB), 60 Hz (digitale RGB alleen voor SDM-E76D/SDM- E96D) Resolutie:1280×1024 of minder
- Start uw besturingssysteem in de veilige modus en start uw computer opnieuw op nadat u de resolutie heeft ingesteld. De instelling van de veilige modus is afhankelijk van het besturingssysteem. Voor meer details dient u contact op te nemen met de computerfabrikant. U gebruikt Windows en hebt een oude monitor vervangen door deze monitor.
- Als u een oude monitor door deze monitor hebt vervangen, moet u de oude monitor opnieuw aansluiten en de volgende procedure uitvoeren. Selecteer "SONY" in de lijst met "Fabrikanten" en selecteer de gewenste modelnaam in de lijst "Modellen" in het Windows-venster voor apparaatselectie. Als de modelnaam van deze monitor niet in de lijst met "Modellen" verschijnt, moet u "Plug & Play" proberen. Bij gebruik van een Macintosh systeem.
- Als u de Macintosh-adapter (niet meegeleverd) gebruikt, moet u controleren of de Macintosh-adapter en de videosignaalkabel correct zijn aangesloten.19 (NL) Als een probleem niet kan worden opgelost, neemt u contact op met een erkende Sony dealer en geeft u de volgende informatie:
- Gedetailleerde beschrijving van het probleem
- Naam en specificaties van uw computer en grafische kaart Het beeld flikkert, springt, oscilleert of is vervormd.
- Pas pitch en fase aan (pagina 11).
- Probeer de monitor aan te sluiten op een ander stopcontact, bij voorkeur op een ander circuit. x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- Raadpleeg de handleiding van de grafische kaart voor de juiste instelling van de monitor.
- Controleer of de grafische modus (VESA, Macintosh 19" Color, enzovoort) en de frequentie van het ingangssignaal worden ondersteund door deze monitor. Sommige grafische kaarten hebben een synchronisatiepuls die te smal is om de monitor correct te laten synchroniseren, ook al ligt de frequentie binnen het juiste bereik.
- Pas de frequentie voor vernieuwen (verticale frequentie) van de computer aan, om een optimaal beeld te verkrijgen. Het beeld is wazig. • Pas de helderheid en het contrast aan (pagina 10, 11).
- Pas pitch en fase aan (pagina 11). x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- Stel de resolutie op uw computer in op 1280 × 1024. Echobeeld (ghosting). • Gebruik geen videoverlengkabels en/of videoschakeldozen.
- Controleer of alle aansluitingen goed vastzitten. Het beeld is niet gecentreerd of heeft niet de juiste afmetingen.
- Pas pitch en fase aan (pagina 11).
- Pas de beeldpositie aan (pagina 11). Houd er rekening mee dat in bepaalde videomodi het scherm niet volledig is gevuld. Het beeld is te klein. x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- Stel de resolutie op uw computer in op 1280 × 1024. Het beeld is donker. • Pas de helderheid aan met het HELDERHEID menu (pagina 11).
- Pas de achtergrondverlichting aan (pagina 10).
- Na het inschakelen van de monitor duurt het enkele minuten voordat het scherm oplicht. Golvend of elliptisch patroon (moiré) is zichtbaar.
- Pas pitch en fase aan (pagina 11). De kleur is niet gelijkmatig. • Pas pitch en fase aan (pagina 11). Onzuivere witweergave. • Pas de kleurtemperatuur aan (pagina 13). De toetsen van de monitor werken niet ( verschijnt op het scherm).
- Als het toetsen slot is ingesteld op AAN, moet u deze instellen op UIT (pagina 15). De monitor wordt na enige tijd uitgeschakeld. x Problemen die worden veroorzaakt door de computer of andere apparatuur die is aangesloten en niet door de monitor
- Schakel de stroomspaarstand van de computer uit. De resolutie die op het menuscherm wordt weergegeven, is onjuist.
- Afhankelijk van de instelling van de grafische kaart, kan de resolutie die op het menuscherm wordt weergegeven, niet overeenkomen met de resolutie die in de computer is ingesteld. Probleem Controleer deze punten20 (NL) Technische gegevens SDM-E76A LCD-scherm Type: a-Si TFT Active Matrix Beeldformaat: 17,0 inch Ingangssignaalindeling RGB-werkingsfrequentie* Horizontaal: 28–80 kHz (analoge RGB) Verticaal: 56–75 Hz (analoge RGB) Resolutie Horizontaal: Max.1280 punten Verticaal: Max.1024 lijnen Ingangssignaalniveaus Analoog RGB-videosignaal 0,7 Vp-p, 75 Ω, positief SYNC-signaal TTL-niveau, 2,2 kΩ, positief of negatief (afzonderlijk horizontaal en verticaal) Stroomvereisten 100–240 V, 50–60 Hz, Max. 1,0 A Werkingstemperatuur 5–35
Afmetingen (breedte/hoogte/diepte) Beeldscherm (5
Afmetingen (breedte/hoogte/diepte) Beeldscherm ( 5°): Ongeveer 420
- Horizontale synchronisatiebreedte moet meer dan 4,8% van de totale horizontale tijd zijn of 0,8 µsec, afhankelijk van wat het grootst is.
- Horizontale onderdrukkingsbreedte moet meer dan 2,5 µsec zijn.
- Verticale onderdrukkingsbreedte moet meer dan 450 µsec. zijn Ontwerp en specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.21 (NL) SDM-E76D LCD-scherm Type: a-Si TFT Active Matrix Beeldformaat: 17,0 inch Ingangssignaalindeling RGB-werkingsfrequentie* Horizontaal: 28–80 kHz (analoge RGB) 28–64 kHz (digitale RGB) Verticaal: 56–75 Hz (analoge RGB) 60 Hz (digitaal RGB) Resolutie Horizontaal: Max.1280 punten Verticaal: Max.1024 lijnen Ingangssignaalniveaus Analoog RGB-videosignaal 0,7 Vp-p, 75 Ω, positief SYNC-signaal TTL-niveau, 2,2 kΩ, positief of negatief (afzonderlijk horizontaal en verticaal) Digitaal RGB (DVI) signaal: TMDS (Single link) Stroomvereisten 100–240 V, 50–60 Hz, Max. 1,0 A Werkingstemperatuur 5–35
Afmetingen (breedte/hoogte/diepte) Beeldscherm (5
Afmetingen (breedte/hoogte/diepte) Beeldscherm (5
- Horizontale synchronisatiebreedte moet meer dan 4,8% van de totale horizontale tijd zijn of 0,8 µsec, afhankelijk van wat het grootst is.
- Horizontale onderdrukkingsbreedte moet meer dan 2,5 µsec zijn.
Notice-Facile