WS1060 - Weerstation VELLEMAN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WS1060 VELLEMAN in PDF-formaat.
Questions des utilisateurs sur WS1060 VELLEMAN
0 question sur cet appareil. Repondez a celles que vous connaissez ou posez la votre.
Poser une nouvelle question sur cet appareil
Download de handleiding voor uw Weerstation in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WS1060 - VELLEMAN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WS1060 van het merk VELLEMAN.
GEBRUIKSAANWIJZING WS1060 VELLEMAN
Aan alle ingezetenen van de Europese Unie Belangrijke milieu-informatie betreffende dit product Dit symbool op het toestel of de verpakking geeft aan dat, als het na zijn levenscyclus wordt weggeworpen, dit toestel schade kan toebrengen aan het milieu. Gooi dit toestel (en eventuele batterijen) niet bij het gewone huishoudelijke afval; het moet bij een gespecialiseerd bedrijf terechtkomen voor recyclage. U moet dit toestel naar uw verdeler of naar een lokaal recyclagepunt brengen. Respecteer de plaatselijke milieuwetgeving. Hebt u vragen, contacteer dan de plaatselijke autoriteiten betreffend de verwijdering. Dank u voor uw aankoop! Lees deze handleiding grondig voor u het toestel in gebruik neemt. Werd het toestel beschadigd tijdens het transport, installeer het dan niet en raadpleeg uw dealer.
2. Veiligheidsinstructies
Houd buiten het bereik van kinderen en onbevoegden.
3. Algemene richtlijnen
Raadpleeg de Velleman® service- en kwaliteitsgarantie achteraan deze handleiding.
Gebruik het toestel enkel binnenshuis. Bescherm tegen regen, vochtigheid en opspattende vloeistoffen.
Bescherm tegen schokken. Vermijd brute kracht tijdens de bediening. Leer eerst de functies van het toestel kennen voor u het gaat gebruiken. Om veiligheidsredenen mag u geen wijzigingen aanbrengen. Schade door wijzigingen die de gebruiker heeft aangebracht valt niet onder de garantie. Gebruik het toestel enkel waarvoor het gemaakt is. Bij onoordeelkundig gebruik vervalt de garantie. De garantie geldt niet voor schade door het negeren van bepaalde richtlijnen in deze handleiding en uw dealer zal de verantwoordelijkheid afwijzen voor defecten of problemen die hier rechtstreeks verband mee houden. Bewaar deze handleiding voor verdere raadpleging.
meting binnentemperatuur en vochtigheidsgraad buitentemperatuur en -luchtvochtigheid via RF gevoelstemperatuur, windrichting en neerslag via RF temperatuurweergave in °C/°F regenval in mm en inch: uur, dag, week, maand en totaal sinds laatste reset weergave min./maximumwaarden met tijdstip & datum van registratie windsnelheid (mph, m/s, km/h, knopen of Beaufort) weergave windrichting (8 windrichtingen) alarmmodi voor: temperatuur, vochtigheid, gevoelstemperatuur, dauwpunt, regenval, windsnelheid ontvangst en weergave radiogestuurde tijd & datum 12/24u displayformaat eeuwige kalender instelbare tijdzone alarm LED achtergrondverlichting muurmontage of vrijstaandWS1060
V. 02 – 26/04/2013 15 ©Velleman nv
gesynchroniseerde en directe dataontvangst inhoud: o ontvanger o 4 buitensensoren: thermo-hygrosensor, anemometer, windrichtingmeter en neerslagmeter.
Raadpleeg de afbeeldingen op pagina 2-3 van deze handleiding. Display basisstation
Eenheid neerslag: mm of inch
Hoog/laag alarm buitentemperatuur ingesteld
Ontvangst buitensignaal
Vochtigheidsgraad buitenshuis
Indicator batterij-leeg van de buitenzender
Hoog/laag alarm vochtigheidsgraad ingesteld
Weergave minimumwaarden
Alarm bij hoge regenval ingesteld
Hoog/laag alarm binnentemperatuur ingesteld
Temperatuureenheid: °C of °F
Eenheid windsnelheid: bft, mph, knopen, km/h, m/s
Hoog alarm windsnelheid ingesteld
Hoog/laag alarm vochtigheidsgraad ingesteld
Vochtigheidsgraad binnenshuis
Thermo-hygrometer (afgeschermd) en zendereenheid
Raadpleeg de afbeeldingen op pagina 2-3 van deze handleiding.
De thermo-hygrometer, regen- en windrichtingmeter zijn al gemonteerd op de metalen stang. Bevestig de windcups voor de anemometer.
1. Plaats de windcups op de metalen stang van de anemometer [K].
2. Gebruik een inbussleutel (meegelev.) om de moer aan de zijkant van de windcups vast te schroeven [L].
3. Draai aan de windcups en zorg ervoor dat ze vrij kunnen bewegen. Als de windcups niet vrij kunnen
bewegen, dan zal de gemeten waarde van de windsnelheid niet correct zijn.
6.2 Het weerstation opstarten
Alvorens het weerstation op de definitieve plaats te installeren, plaats batterijen in het buiten- en basisstation. Activeer en synchroniseer de toestellen om een goede communicatie tussen het buiten- en basisstation te garanderen. Vaak kan een slechte communicatie verholpen worden door het weerstation te verplaatsen. Richtlijnen voor batterij
U mag batterijen nooit doorboren of in het vuur gooien. Herlaad geen alkalinebatterijen. Gooi batterijen weg volgens de plaatselijke milieuwetgeving. Houd batterijen uit het bereik van kinderen. Gebruik enkel batterijen van het juiste formaat en met de juiste spanning. Verwijder de batterijen uit de binnen- en buitenstations als het toestel gedurende een langere tijd niet gebruik wordt. Oude batterijen kunnen lekken en het toestel beschadigen.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 16 ©Velleman nv
Respecteer de polariteit bij het plaatsen van de batterijen. Een verkeerde polariteit kan het toestel beschadigen. Alkalinebatterijen hebben een typisch operationeel temperatuurbereik tussen -20°C~+54°C. Gebruik het toestel niet buiten dit temperatuurbereik. Batterijen plaatsen in het buitenstation
1. Aan de achterzijde van de regencollector, draai de schroef los en schuif het metalen plaatje opzij om het
batterijvak te openen [G].
2. Trek het batterijvakje uit de houder [H].
3. Plaats 2 x AA 1.5V LR6 batterijen conform de polariteitsymbolen aangegeven binnenin het batterijvak [I].
4. Plaats het batterijvakje terug in de houder van de regencollector [J]. De led aan de achterzijde van de
regencollector licht op gedurende 4 seconden. Zo niet, controleer of de batterijen correct geplaatst zijn.
5. Schuif het metalen plaatje terug op zijn plaats om het batterijvak te sluiten en zet het plaatje vast met de
schroef. Batterijen plaatsen in het basisstation
1. Open het batterijdeksel aan de onderzijde van het basisstation.
2. Plaats 3 x AA 1.5V LR6 batterijen conform de polariteitsymbolen aangegeven binnenin het batterijvak.
Alle segmenten op het LCD-scherm lichten op gedurende 2 seconden. Zo niet, controleer of alle batterijen correct geplaatst zijn.
3. Sluit het batterijdeksel.
4. Druk momenteel nog op geen enkele toets.
Laat het toestel eerst opstarten en synchroniseren met het buitenstation. Indien nodig, verwijder de batterijen uit het binnenstation en wacht minstens 10 seconden alvorens ze opnieuw te plaatsen.
5. Wacht totdat zowel binnen- als buitentemperatuur verschijnen op het scherm alvorens verder te gaan.
Om de 48 seconden stuurt de zender weersinformatie naar het basisstation. Radiogestuurde klok via DCF-ontvangst Na het plaatsen van batterijen stuurt de zender in het buitenstation weersinformatie naar het basisstation en zoekt vervolgens naar het DCF-tijdssignaal (RCC) om de datum en tijd automatisch in te stellen. Bij het ontvangen van het DCF-signaal knippert de led aan de achterzijde van de regencollector 5 keer en licht daarna gedurende 20 seconden op. De zender stuurt de tijdsgegevens naar het basisstation. Op het scherm verschijnt het RCC-icoontje . Wanneer er een zwak of geen DCF-signaal gevonden is, dan stopt de zender met zoeken na 1 minuut en keert terug naar een normale werkingsmodus (= weersinformatie doorsturen naar het basisstation). De zender zoekt opnieuw om de twee uur naar het DCF-signaal. Als de zender het DCF-signaal niet kan vinden of de laatste signaalontvangst meer dan 12u geleden is, dan verdwijnt het RCC-icoon van het scherm. Opmerking: Het beste tijdstip voor DCF-ontvangst is 's nachts tussen middernacht en 6u 's morgens want dan is er minder atmosferische storing. Bij de ontvangst van een DCF-signaal, stuurt de zender geen weersinformatie naar het basisstation. Een DCF- ontvangst duurt maximum 5 minuten. Opmerking: Indien er geen DCF-signaal is, kunnen de datum en het uur manueel ingesteld worden. Zie
7.2 Eenheden, datum en tijd. De manuele tijdsinstellingen worden overschreven wanneer de zender het
DCF-signaal ontvangt.
Opmerking: Alvorens het weerstation definitief te installeren, plaats batterijen in het buiten- en basisstation. Activeer en synchroniseer de toestellen om een goede communicatie tussen het buiten- en basisstation te garanderen. Vaak kan een slechte communicatie verholpen worden door het weerstation te verplaatsen. Bij het kiezen van een geschikte installatieplaats voor het buiten- en binnenstation moeten onderstaande punten in acht genomen worden: De communicatie tussen zender en basisstation heeft een bereik tot 100m in open veld zonder obstakels zoals gebouwen, bomen, voertuigen, hoogspanningsmasten, enz. Radio-interferentie van bijvoorbeeld pc's, radio- en tv-toestellen kan de onderlinge communicatie volledig verstoren. Beschutting zoals bomen, schuttingen, muren kunnen de metingen beïnvloeden. Kies een open veld waar de weerselementen de sensoren goed kunnen bereiken vanuit alle hoeken. Voor nauwkeurige windsnelheidsmetingen, houd het toestel buiten bereik van gebouwen, bomen of andere obstakels.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 17 ©Velleman nv
Voor nauwkeurige temperatuurmetingen, houd het toestel buiten bereik van warmtebronnen zoals gebouwen of de grond, en vermijd directe blootstelling aan zonlicht zonder voldoende afscherming. Voor nauwkeurige vochtmetingen, houd het toestel buiten bereik van de grond, gras of andere vochtige plaatsen. Installeer het weerstation als volgt:
1. Zorg ervoor dat het buitenstation volledig gemonteerd is en dat er batterijen geplaatst zijn in het buiten- en
2. Plaats het buiten- en basisstation op de gewenste installatieplaats en controleer of er een goede
communicatie is. o Is dit het geval, ga verder met de volgende stap. o Is dit niet het geval, verander de installatieplaats van het buiten- en/of basisstation totdat er goede communicatie is.
3. Gebruik de verstelbare bevestigingsringen (meegelev.) om het buitenstation te monteren op een mast [M].
Alvorens de schroeven vast te draaien, controleer of het weerstation correct geïnstalleerd is, zoals beschreven hieronder.
4. Op de windrichtingsensor staan markeringen [N] die het noorden (N), oosten (E), zuiden (S) en het
westen (W) weergeven. Gebruik een kompas (niet meegelev.) om het toestel te plaatsen zodat dat de markeringen overeenstemmen met de werkelijke installatieplaats: de N-markering moet noordwaarts gericht zijn, de E-markering oostwaarts, enz. Indien de sensor niet correct staat, dan zal de gemeten windrichting niet correct zijn.
5. Gebruik de waterpas [B] op de regencollector om het toestel perfect waterpas te plaatsen.
6. Plaats het toestel op de definitieve plaats door de schroeven vast te draaien op de verstelbare
bevestigingsringen [M].
7. Het basisstation programmeren
Het basisstation is voorzien van 5 toetsen voor een gemakkelijke bediening: SET, +, HISTORY, ALARM, en MIN/MAX. Druk op SET om door de instellingen te scrollen. Druk op + om waarden te verhogen, of druk op MIN/MAX om de waarden te verlagen. Houd + of MIN/MAX ingedrukt gedurende 2 seconden om met grotere intervallen te verhogen/verlagen. De instellingprocedure stopt automatisch na 30 seconden als er niet op een toets wordt gedrukt of u kunt de instellingsprocedure verlaten wanneer u dat wilt door op HISTORY te drukken.
7.1 Snelle weergavemodus
De informatie op het LCD-scherm van het basisstation kan snel gewijzigd worden. De indicatoren op het scherm duiden aan welke informatie momenteel wordt weergegeven. Selecteer de weer te geven informatie als volgt:
1. In de normale weergavemodus, druk op SET.
Het station is nu in snelle weergavemodus.
2. Druk op SET om de huidige instelling te bevestigen en om naar de volgende instelling te gaan; druk op + of
MIN/MAX om de waarden te wijzigen. Instelling Weergave Omschrijving Wind (niets) Weergave van de windsnelheid. Gust Weergave van de snelheid van een windstoot. Neerslag
Weergave van de hoeveelheid neerslag het afgelopen uur. 24h Weergave van de hoeveelheid neerslag de afgelopen 24u. week Weergave van de hoeveel neerslag de afgelopen week. month Weergave van de hoeveelheid neerslag de afgelopen maand. TOTAL Weergave van de hoeveelheid neerslag sinds de laatste reset. Opmerking: de weergave van de totale hoeveelheid neerslag kan gereset worden door SET ingedrukt te houden gedurende 2 seconden. Temperatuur TEMP Weergave van de buitentemperatuur. WIND CHILL Weergave van de gevoelstemperatuur. DEW POINT Weergave van het dauwpunt.
3. Om terug te keren naar de normale weergavemodus, druk op HISTORY.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 18 ©Velleman nv
7.2 Eenheden, datum en tijd
Ga als volgt te werk om eenheden, datum en tijd in te stellen:
1. In normale weergavemodus, houd SET ingedrukt gedurende 2 seconden.
Het station is nu in instellingsmodus.
2. Druk op SET om de huidige instelling te bevestigen en om naar de volgende instelling te gaan; druk op + of
MIN/MAX om de waarden te wijzigen. Instelling Omschrijving LCD-helderheid Stel de helderheid van het LCD-scherm in tussen 0 en 8. Tijdszone Selecteer uw tijdszone, van -12 tot +12. In Europa, 0 = GMT+1; 1 = GMT+2; -1 = GMT. Tijdsformaat Selecteer tussen 12/24u-formaat voor de weergave van de tijd [27]. Tijd Kan er geen DCF-signaal gedetecteerd worden, dan kunt u de huidige tijd manueel instellen (uren/minuten). Formaat datum Kies tussen de formaten dag-maand-jaar (DM) of maand-dag-jaar (MD) om de datum weer te geven [4]. Datum Kan er geen DCF-signaal gedetecteerd worden, dan kunt u de huidige datum manueel instellen. Eenheid windsnelheid Selecteer om de windsnelheid/snelheid van een windstoot weer te geven in km/u, m/s, bft (Beaufort), mph, of knopen. De overeenstemmende indicator [25] verschijnt op het scherm. Windrichting Stel de windrichting in. Neerslageenheid Selecteer om de neerslag weer te geven in mm of inches. De overeenstemmende indicator [15] verschijnt op het scherm. Temperatuureenheid Selecteer om de temperatuur weer te geven in Celsius of Fahrenheit. De overeenstemmende indicator [11] verschijnt op het scherm.
3. Om terug te keren naar de normale weergavemodus, druk op HISTORY.
In historiekmodus worden metingen van de voorbije 24u weergegeven. Historiek weergeven
1. In normale weergavemodus, druk op HISTORY.
Het station is nu in historiekmodus. Op het scherm verschijnt HIS [3].
2. In historiekmodus, druk meermaals op MIN/MAX om terug te keren in intervallen van 3u.
3. Om terug te keren naar de normale weergavemodus, druk op HISTORY.
1. In normale weergavemodus, druk op HISTORY.
Het station is nu in historiekmodus. Op het scherm verschijnt er HIS [3].
Het woord CLEAR knippert op het scherm. o Om de historiek te resetten, houd SET ingedrukt gedurende 2 seconden. o Om de historiek te verlaten zonder te resetten, druk op HISTORY om naar de normale weergavemodus terug te keren.
7.4 Alarmen instellen
Het basisstation kan ingesteld worden om een alarm te triggeren op een bepaald tijdstip of bij bepaalde weersomstandigheden binnen of buiten. Waneer een bepaald alarmpeil bereikt wordt, gaat het alarm af gedurende 120 seconden. Het overeenkomstige icoontje zal knipperen tot het alarmpeil niet langer bereikt is. Druk op een willekeurige toets om het alarmsignaal af te zetten. Wanneer het alarmpeil niet langer bereikt wordt, stopt het scherm met knipperen. Hoewel het alarmsignaal uitgeschakeld is, is het alarm nog steeds actief en het zal opnieuw afgaan wanneer het alarmpeil overschreden wordt. Deactiveer het alarm via het alarmmenu om het alarm helemaal uit te schakelen. Wanneer een bepaald alarmpeil bereikt wordt binnen de 3 uren na het afgaan van het laatste alarm, zal het icoontje knipperen maar gaat het alarm niet af. Deze functie voorkomt herhaaldelijke triggering voor dezelfde weersomstandigheid.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 19 ©Velleman nv
Onderstaande alarmen zijn instelbaar: hoge alarmpeilen: het alarm gaat af wanneer de gemeten waarde het alarmpeil overschrijdt, bijvoorbeeld als de windsnelheid groter wordt dan 20 m/s. lage alarmpeilen: het alarm gaat af wanneer de gemeten waarde onder het alarmpeil zakt, bijvoorbeeld als de buitentemperatuur lager wordt dan -5°C. Ga als volgt te werk om een alarm in te stellen, in te schakelen of uit te schakelen:
1. In normale modus, druk op ALARM.
Het station is nu in hoog-alarmmodus om de hoge alarmpeilen in te stellen (zie overzicht in de onderstaande tabel). Op het scherm verschijnt HIAL [4] en de huidige hoge alarmwaarden. Is er een alarmwaarde niet ingesteld, dan verschijnt er “– –“ op het scherm.
2. Druk nogmaals op ALARM om over te schakelen naar laag-alarmmodus. Op het scherm verschijnt LOAL [4]
en de huidige lage alarmwaarden. Is er een alarmwaarde niet ingesteld, dan verschijnt er “– –“ op het scherm.
3. Druk op SET om door de alarminstellingen te scrollen.
4. Druk op + of MIN/MAX om de waarden in te stellen.
5. Druk op ALARM om het alarm te activeren/deactiveren. Is het alarm geactiveerd, dan verschijnt het
overeenstemmende alarmicoontje en verschijnt er "HI AL" (of LO AL bij laag alarm) op het scherm.
6. Druk op SET om de huidige instelling te bevestigen en om naar de volgende instelling te gaan.
7. Om terug te keren naar de normale weergavemodus, druk op HISTORY.
Hoge alarmpeilen (HI) Hoog alarm Omschrijving Alarmtijd Stel de gewenste alarmtijd in (uren: minuten). Opmerking: De alarmtijd kan eveneens ingesteld worden via LO alarminstellingen. Windsnelheid Stel de drempelwaarde in voor de windsnelheid (0~50m/s). Het alarm gaat af wanneer de windsnelheid hoger is dan de ingestelde waarde. Snelheid van een windstoot Stel de drempelwaarde in de windstootsnelheid (0~50m/s). Het alarm gaat af wanneer de snelheid van een windstoot hoger is dan de ingestelde waarde. Windrichting Stel de windrichting in. Het alarm gaat af wanneer de wind komt van de ingestelde windrichting. 1u neerslag Stel de waarde in van 1u neerslag (0~999.9mm). Het alarm gaat af waneer er meer neerslag valt in 1u dan de ingestelde waarde. 24u neerslag Stel de waarde in van 24u neerslag (0~999.9mm). Het alarm gaat af wanneer er meer neerslag valt in 24u dan de ingestelde waarde. Vochtigheid buiten Stel de waarde in voor vochtigheid buitenshuis (1%~99%). Het alarm gaat af wanneer de vochtigheid buitenshuis hoger is dan de ingestelde waarde. Buitentemperatuur Stel de waarde in van de buitentemperatuur (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de buitentemperatuur hoger is dan de ingestelde waarde. Gevoelstemperatuur Stel de waarde in van de gevoelstemperatuur (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de gevoelstemperatuur hoger is dan de ingestelde waarde. Dauwpunt Stel de waarde in van het dauwpunt (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de temperatuur van het dauwpunt hoger is dan de ingestelde waarde. Vochtigheid binnen Stel de waarde in voor vochtigheid binnenshuis (1%~99%). Het alarm gaat af wanneer de vochtigheid binnenshuis hoger is dan de ingestelde waarde. Binnentemperatuur Stel de waarde in van de binnentemperatuur (-9.9°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de binnentemperatuur hoger is dan de ingestelde waarde. Lage alarmpeilen (LO) Laag alarm Omschrijving Vochtigheid buiten Stel de waarde in voor vochtigheid buitenshuis (1%~99%). Het alarm gaat af wanneer de vochtigheid buitenshuis lager is dan de ingestelde waarde. Buitentemperatuur Stel de waarde in van de buitentemperatuur (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de buitentemperatuur lager is dan de ingestelde waarde. Gevoelstemperatuur Stel de waarde in van de gevoelstemperatuur (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de gevoelstemperatuur lager is dan de ingestelde waarde. Dauwpunt Stel de waarde in van het dauwpunt (-40°C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer het alarm van het dauwpunt lager is dan de ingestelde waarde.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 20 ©Velleman nv
Laag alarm Omschrijving Vochtigheid binnen Stel de waarde in voor vochtigheid binnenshuis (1%~99%). Het alarm gaat af wanneer de vochtigheid binnenshuis lager is dan de ingestelde waarde. Binnentemperatuur Stel de waarde in van de binnentemperatuur (-9.9C~+60°C). Het alarm gaat af wanneer de binnentemperatuur lager is dan de ingestelde waarde.
7.5 Minimum en maximum
Het weerstation houdt de minimum- en maximumwaarden bij voor alle weersomstandigheden (sinds de laatste reset), samen met het tijdstip en datum van registratie. Minimum- en maximumwaarden weergeven Volg onderstaande stappen om minimum- en maximumwaarden weer te geven:
1. In normale weergavemodus, druk op MIN/MAX.
Het station is nu in maximummodus. Het scherm toont de maximumindicator [6].
2. Druk meermaals op + om de maximumwaarden weer te geven voor: windsnelheid, 1u neerslag, 24u
neerslag, wekelijkse neerslag, maandelijkse neerslag, vochtigheid buiten, buitentemperatuur, gevoelstemperatuur, dauwpunt, vochtigheid binnen, binnentemperatuur.
3. Druk op MIN/MAX om over te schakelen naar minimummodus. Het scherm toont de minimumindicator [8].
4. Druk meermaals op + om de minimumwaarden weer te geven voor: vochtigheid buiten, buitentemperatuur,
gevoelstemperatuur, dauwpunt, vochtigheid binnen, binnentemperatuur.
5. Druk op HISTORY om terug te keren naar de normale weergavemodus.
Minimum- of maximumwaarden resetten Om een minimum- of maximumwaarde te resetten:
3. Herhaal deze stappen voor andere minimum- of maximumwaarden die u wilt resetten.
4. Druk op HISTORY om terug te keren naar de normale weergavemodus.
Om het weerstation terug te zetten naar de fabrieksinstellingen, houd + ingedrukt gedurende 20 seconden.
9. Problemen en oplossingen
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Ontvangstprobleem Afstand tussen twee stations is te groot Verkort de afstand tussen de twee stations Isolerend materiaal tussen twee stations (dikke muur, staal…) Kies een andere montageplaats Interferentie van andere bronnen Schakel de interferentiebron uit Data op de LCD is niet leesbaar Geen dataontvangst Kies een andere montageplaats Zwakke batterijen Vervang de batterijen Foute data Zwakke batterijen Vervang de batterijen Verkeerde instelling Herprogrammeer het station
Voor nauwkeurige metingen kunnen windsnelheid, temperatuur, vochtigheid en neerslagmetingen gekalibreerd worden met kalibreerapparaten (niet meegeleverd). Om de kalibreermodus weer te geven:
1. In normale weergavemodus, houd HISTORY ingedrukt gedurende 8 seconden.
Het station is nu in kalibreermodus. De cijfers van de windfactor knipperen op het scherm.
2. Druk op SET om naar de volgende instelling te gaan; druk op + of MIN/MAX om de waarden te wijzigen.
3. Om de kalibreermodus te verlaten, druk op HISTORY.
Windsnelheid kalibreren De standaard kalibratiewaarde voor windsnelheid is 1.0. De aanpassingsfactor varieert tussen 0.75 en 1.25 en kan ingesteld worden in intervallen van 0.01. Windsnelheid is het meest gevoelig voor ongunstige installatieomgevingen. De onderstaande factoren beïnvloeden de windsnelheidsmeting: de installatieplaats van het weerstation: de nabijheid van gebouwen, bomen of andere obstakels slijtage op de bewegende onderdelen van de anemometer. Om de windsnelheidsmeting te kalibreren, is het aangeraden om een gekalibreerde windmeter (niet meegeleverd) te gebruiken en een ventilator met contante en hoge ventilatiesnelheid (niet meegeleverd). Temperatuur kalibreren Het is mogelijk om binnen- en buitentemperatuurmetingen te kalibreren. De onderstaande factoren beïnvloeden de temperatuurmeting: de nabijheid van warmtebronnen zoals gebouwen, de grond, enz. directe blootstelling aan zonlicht zonder voldoende afscherming. Om de temperatuur te kalibreren, is het aangeraden om een kwik- of alcoholthermometer (niet meegeleverd) te gebruiken. Gebruik geen bimetaal- of digitale thermometer omdat die hun eigen foutmarge hebben. Gebruik geen plaatselijk weerstation in uw omgeving (verschillende installatieplaats, tijdstippen van updates, en eventuele kalibreerfouten). Ga als volgt te werk om de temperatuurmeting te kalibreren:
1. Plaats de temperatuursensor in een gecontroleerde omgeving in de schaduw.
2. Plaats de thermometer er vlak naast.
3. Laat de installatie stabiliseren gedurende 48u.
4. Vergelijk de temperatuuruitlezing op het scherm met deze op de thermometer en regel de instelling in
kalibreermodus om te matchen met de thermometer. Vochtigheid kalibreren De sensor van de hygrometer heeft een nauwkeurigheid van ±5%. De nauwkeurigheid kan verhoogd worden door het kalibreren van vochtigheidsmetingen binnen- en buitenshuis. Vochtigheidsmetingen kunnen afwijken na een bepaalde tijd. De nabijheid van bronnen met hoge vochtigheid zoals de grond, gras, enz. beïnvloedt de meting. Het is aangeraden om een slingerpsychrometer (niet meegeleverd) te gebruiken of een kalibreerkit (in de handel verkrijgbaar, niet meegeleverd) om de vochtigheidsgraad te meten. Regel de instelling in kalibreermodus om de matchen met de meting. Neerslag kalibreren De standaard kalibratiewaarde voor neerslag is 1.0. De aanpassingsfactor varieert tussen 0.75 en 1.25. Het is aangeraden om een regenmeter van het buistype (niet meegelev.) te gebruiken met een opening van minstens 10 cm (4”). Een kleinere opening zou kunnen leiden tot onnauwkeurige uitlezingen. Gebruik geen uitlezingen van weerbulletins van op de radio, tv, krant of weerstation van uw buren (verschillende installatieplaatsen). Om de neerslagmeting te kalibreren, gaat u als volgt te werk:
1. Plaats de buis vlak naast de regencollector van het weerstation.
2. Vergelijk de totalen van drie stormen.
3. Op basis van dit resultaat, bereken de gemiddelde afwijking.
Totale neerslag kalibreren Om de waarde van de totale neerslag te kalibreren, moet u er rekening mee houden dat de factor van toepassing is op het huidige totaal en niet op de individuele kantelingen van de opvangbakjes in de regencollector. De waarde van de totale neerslag kan aangepast worden in stappen van 0.3 mm. De meting van de totale neerslagmeting gaat als volgt:
1. De regencollector is standaard gekalibreerd zodat de opvangbakjes omkiepen (en neerslag registreren) per
0.3 mm (0.01”) regen.
2. Het totaal aantal keren dat de opvangbakjes omkiepen (sinds de laatste reset) wordt geteld en
vermenigvuldigd met 0.3 voor een totaalweergave in mm. (Voor een uitlezing in inch, wordt een conversiefactor gebruikt.)
3. De kalibreerfactor wordt toegepast op dit totaal.WS1060
V. 02 – 26/04/2013 22 ©Velleman nv
11. Reiniging en onderhoud
11.1 Batterijen vervangen
Batterijen vervangen in het basisstation Vervang de batterijen wanneer het scherm moeilijk leesbaar wordt. Zie Batterijen plaatsen in het basisstation. Opgelet: Bij het verwijderen van de batterijen uit het basisstation, worden alle vorige gegevens en alarminstellingen gewist. Batterijen vervangen in het buitenstation Wanneer de batterijen in de zender bijna leeg zijn, verschijnt het icoontje op het scherm. In dit geval, vervang de batterijen van de zender zo snel mogelijk. Zie Batterijen plaatsen in het buitenstation. Opmerking: De lage batterij-indicator functioneert enkel correct bij een temperatuurbereik van 10~35°C. Buiten dit temperatuurbereik kan de lage batterij-indicator oplichten zelfs al zijn de batterijen nog goed. Bij het vervangen van de batterijen in de zender, zal de zender opnieuw synchroniseren met het binnenstation binnen de 3 volgende uren. Alle vorige gegevens en alarminstellingen worden behouden. Indien u de toestellen sneller wilt synchroniseren, kan u de batterijen verwijderen uit het binnenstation en ze na 10 seconden terugplaatsen. Opgelet: In dit geval worden alle vorige gegevens en alarminstellingen gewist.
11.2 De sensoren vervangen
Raadpleeg de afbeeldingen op pagina 2-3 van deze handleiding. De regencollector en thermo-hygrosensor vervangen Ga als volgt te werk om de regencollector en thermo-hygrosensor te vervangen:
1. Draai de drie schroeven [O] los aan de onderkant van de regencollector.
2. Neem de regencollector van de basis [P].
3. Draai de 4 schroeven van het sensordeksel los en verwijder het deksel [Q].
4. Ontkoppel de datakabel [R].
5. Draai de schroef [S] los die de sensorunit vasthoudt en trek de unit voorzichtig los van de metalen stang.
6. Schuif de nieuwe sensorunit op de stang en bevestig met de schroef.
7. Sluit de datakabel opnieuw aan.
8. Plaats het sensordeksel terug en zet het vast met de schroeven.
9. Zet de nieuwe regencollector op de basis.
10. Bevestig de regencollector op de basis met de drie schroeven aan de onderkant.
11. Controleer of het toestel nog steeds loodrecht staat met de waterpas [B]. Indien nodig, pas de positie aan.
Windsensor vervangen Volg onderstaande stappen om de windsensor te vervangen:
1. Ontkoppel de datakabel: zie De regencollector en thermo-hygrosensor vervangen voor instructies.
2. Draai de schroef [T] los die de sensorunit vasthoudt en trek de unit voorzichtig los van de metalen stang.
3. Schuif de nieuwe sensorunit op de stang en bevestig met de schroef.
4. Sluit de datakabel opnieuw aan.
5. Op de windrichtingsensor staan markeringen [N] die het noorden (N), oosten (E), zuiden (S) en het
westen (W) weergeven. Gebruik een kompas (niet meegeleverd) om het toestel te plaatsen zodat dat de markeringen overeenstemmen met de werkelijke installatieplaats: de N-markering moet noordwaarts gericht zijn, de E-markering oostwaarts, enz. Indien de sensor niet correct staat, dan zal de gemeten windrichting niet correct zijn.
6. Controleer of het toestel nog steeds loodrecht staat met de waterpas [B]. Indien nodig, pas de positie aan.WS1060
Buitenstation Zendbereik 100 m in open veld Zendfrequentie 868 MHz meetinterval thermo-hygro sensor 48 seconden temperatuur bereik -40°C~+65°C nauwkeurigheid ±1°C resolutie 0.1°C relatieve vochtigheid bereik 1%~99% nauwkeurigheid ±5% neerslagvolume bereik 0~999.9mm (– – wordt afgebeeld wanneer buiten bereik) nauwkeurigheid ±10% resolutie
0.3 mm (indien neerslagvolume < 1000 mm);
1 mm (indien neerslagvolume > 1000 mm) windsnelheid bereik 0~180 km/h (– – wordt afgebeeld wanneer buiten bereik)
nauwkeurigheid ±1 m/s (windsnelheid < 10 m/s); ±10% (windsnelheid > 10 m/s) Binnenstation meetinterval (temperatuur en vochtigheid) 30 seconden Temperatuur bereik -9.9°C~+60°C (– – wordt afgebeeld wanneer buiten bereik) resolutie 0.1°C relatieve vochtigheid bereik 1%~99% nauwkeurigheid ±1% Verbruik Buitensensor 2 x AA 1.5V LR6 alkalinebatterijen (niet meegelev.) Basisstation 3 x AA 1.5V LR6 alkalinebatterijen (niet meegelev.) Geschatte batterijduur 12 maanden voor het basisstation 24 maanden voor de thermo-hygrosensor Opmerking: dit is een schatting en is enkel bruikbaar als richtlijn. De werkelijke batterijduur is afhankelijk van verschillende factoren zoals de omgevingstemperatuur.
Gebruik dit toestel enkel met originele accessoires. Velleman nv is niet aansprakelijk voor schade of kwetsuren bij (verkeerd) gebruik van dit toestel. Voor meer informatie over dit product en de laatste versie van deze handleiding, zie www.velleman.eu. De informatie in deze handleiding kan te allen tijde worden gewijzigd zonder voorafgaande kennisgeving. © AUTEURSRECHT Velleman nv heeft het auteursrecht voor deze handleiding. Alle wereldwijde rechten voorbehouden. Het is niet toegestaan om deze handleiding of gedeelten ervan over te nemen, te kopiëren, te vertalen, te bewerken en op te slaan op een elektronisch medium zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de rechthebbende.WS1060
Velleman® service- en kwaliteitsgarantie Velleman® heeft sinds zijn oprichting in 1972 een ruime ervaring opgebouwd in de elektronicawereld en verdeelt op dit moment producten in meer dan 85 landen. Al onze producten beantwoorden aan strikte kwaliteitseisen en aan de wettelijke bepalingen geldig in de EU. Om de kwaliteit te waarborgen, ondergaan onze producten op regelmatige tijdstippen een extra kwaliteitscontrole, zowel door onze eigen kwaliteitsafdeling als door externe gespecialiseerde organisaties. Mocht er ondanks deze voorzorgen toch een probleem optreden, dan kunt u steeds een beroep doen op onze waarborg (zie waarborgvoorwaarden). Algemene waarborgvoorwaarden consumentengoederen (voor Europese Unie):
- Op alle consumentengoederen geldt een garantieperiode van 24 maanden op productie- en materiaalfouten en dit vanaf de oorspronkelijke aankoopdatum.
- Indien de klacht gegrond is en een gratis reparatie of vervanging van een artikel onmogelijk is of indien de kosten hiervoor buiten verhouding zijn, kan Velleman® beslissen het desbetreffende artikel te vervangen door een gelijkwaardig artikel of de aankoopsom van het artikel gedeeltelijk of volledig terug te betalen. In dat geval krijgt u een vervangend product of terugbetaling ter waarde van 100% van de aankoopsom bij ontdekking van een gebrek tot één jaar na aankoop en levering, of een vervangend product tegen 50% van de kostprijs of terugbetaling van 50 % bij ontdekking na één jaar tot 2 jaar.
- Valt niet onder waarborg: - alle rechtstreekse of onrechtstreekse schade na de levering veroorzaakt aan het toestel (bv. door oxidatie, schokken, val, stof, vuil, vocht...), en door het toestel, alsook zijn inhoud (bv. verlies van data), vergoeding voor eventuele winstderving. - verbruiksgoederen, onderdelen of hulpstukken die onderhevig zijn aan veroudering door normaal gebruik zoals bv. batterijen (zowel oplaadbare als niet-oplaadbare, ingebouwd of vervangbaar), lampen, rubberen onderdelen, aandrijfriemen... (onbeperkte lijst). - defecten ten gevolge van brand, waterschade, bliksem, ongevallen, natuurrampen, enz. - defecten veroorzaakt door opzet, nalatigheid of door een onoordeelkundige behandeling, slecht onderhoud of abnormaal gebruik of gebruik van het toestel strijdig met de voorschriften van de fabrikant. - schade ten gevolge van een commercieel, professioneel of collectief gebruik van het apparaat (bij professioneel gebruik wordt de garantieperiode herleid tot 6 maand). - schade veroorzaakt door onvoldoende bescherming bij transport van het apparaat. - alle schade door wijzigingen, reparaties of modificaties uitgevoerd door derden zonder toestemming van Velleman®.
- Toestellen dienen ter reparatie aangeboden te worden bij uw Velleman®- verdeler. Het toestel dient vergezeld te zijn van het oorspronkelijke aankoopbewijs. Zorg voor een degelijke verpakking (bij voorkeur de originele verpakking) en voeg een duidelijke foutomschrijving bij.
- Tip: alvorens het toestel voor reparatie aan te bieden, kijk nog eens na of er geen voor de hand liggende reden is waarom het toestel niet naar behoren werkt (zie handleiding). Op deze wijze kunt u kosten en tijd besparen. Denk eraan dat er ook voor niet-defecte toestellen een kost voor controle aangerekend kan worden.
- Bij reparaties buiten de waarborgperiode zullen transportkosten aangerekend worden.
- Elke commerciële garantie laat deze rechten onverminderd. Bovenstaande opsomming kan eventueel aangepast worden naargelang de aard van het product (zie handleiding van het betreffende product).
Legen Heirweg, 33 9890 Gavere (België)
Legen Heirweg, 33 9890 Gavere (België)
SimpelGids