MPX410DMP - Mengpaneel Monacor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis MPX410DMP Monacor in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over MPX410DMP Monacor
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Mengpaneel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MPX410DMP - Monacor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MPX410DMP van het merk Monacor.
GEBRUIKSAANWIJZING MPX410DMP Monacor
Deze handleiding is bedoeld voor gebruikers met basiskennis van de audiotechniek. Lees de handleiding grondig door, alvorens het apparaat in gebruik te nemen, en bewaar ze voor latere raadpleging.
Op de uitklapbare pagina 3 vindt u een overzicht van alle bedieningselementen en de aansluitingen.
1 Overzicht van de bedienings-elementen en aansluitingen
1.1 Frontpaneel
1 Display, details zie afb. 2
a Afspelen, = Pauze,
geen symbol = stop
b met toets MODE (10) geselecteerde sig
naalbron
USB = USB-aansluiting (2)
SD = SD-slot (3)
Bluetooth = Bluetooth-ontvanger
AUX = geen werkig
c reeds gespeeldeijd van een track
d met toets (4) geselecteerde bedrijfsmodus
R = herhaald afspelen van alle trac
RR = willekeurige reeks tracks
RO = herhalen van de track
e Tracknummer (in de geselecteerde map)
f Naam van het audiobestand (max. 6 tekens)
g Audiobestandstype
2 USB-jack vor het aansluten van een USB-opslagmedium (bv. USB-stick, USB-schijf met autonome voeding)
3 Slot voor een geheugenkaart Steek de kaart met de afgeschuinde hoek aanonder enaar het apparaat gericht in de slot.
4 Regelaar GAIN voor het instellen van de ingangsversterking (telkens voor de ingangen CH 1-4)
5 Kanaalfader voor regeling van het kanaalvolume en in- enuitmengen van het kanaalsignaal (telkens voor de ingangen CH 1 - 4)
6 Ingangskeuzeschakelaar (telkens voor de ingangen CH 1-4) Mp3 = audiospeler en Bluetooth-ontvanger AUX/MIC/LINE/PHONO=ingangsjacks (28)
7 Volumeregelaar BOOTH voor een op de uitgang BOOTH (24) aangesloten monitorinstallatie
8 Niveauleds voor het mastersignaal op de XLR-uitgang MASTER (25) en op de cinchuitgang MASTER (26)
9 Volumeregelaar MASTER voor de XLR-uitgang MASTER (25) en de cinch-uitgang MASTER (26)
10 Bedieningstoetsen voor de audiospeler en de Bluetooth-ontvanger:
MODE Omschakelenussen
-USB-bus (2)
- SD-slot (3)
-Bluetooth-ontvanger
AUX (zonder functie)
Om opniewuuit en in te schakelen, houdt u de toets gedurende 2 secon- den ingedrukt.
aufspelen starten en onderbreken
■ afspelen stoppen
afspeelmodus selecteren (zie pos. d)
Inarr de vorige track springen; om binnen een track snel ache teruit te zoeken, houdt u de toets ingedrukt
▶Iaar de volgende track springen; om binnen een track snel vooruit te zoeken, houdt u de toets ingedrukt
F- naar de vorige map springen
F+aar de volgende map springen
EQ instellen van de klank selecteren: NORM, ROCK, POP, CLAS...OPER
11 Jack DJ MIC (6,3 mm-jack, ongebalanceerd) voor een DJ-microfoon
12 Regelaar LEVEL voor het volume van de microfoon die op de jack DJ MIC (11) aangesloten is
13 Klankregelaars HIGH (hoge tonen) en LOW (lage tonen) voor de microfoon die op de jack DJ MIC (11) aangesloten is
14 Klankregelaars HIGH (hoge tonen) en LOW (lage tonen) [telkens voor de ingangen CH1-4]
15 Crossfader
16 Schuifschakelaar voor het regelen van twee ingangskanalen, waarvan de signalen ge-mengd moet worden
Wanneer de regelfunctie zich wordt gebruikt,
plaats dan beiden schakelaars in de stand "0".
17 Toetsen voor selectie van de signalen die u via de hoofdtelefoonuitgang (19) Aunt voor beluisteren:
CH 1 ... CH 4 = signalen van de ingangskanalen
MASTER = mastersignal
18 Volumeregelaar PFL voor de hoofdtelefoonuitgang (19)
19 6,3 mm-jack voor de aansluiting van een sterehoofdtelefoon (impedantie ten minste 8
20 Regelaar BALANCE voor de balansregeling van het stereosignal op de XLR-uitgang MASTER (25) en op de cinch-uitgang MASTER (26)
21 POWER-schakelaar met bedrijsled erboven
1.2 Achterzijde
22 POWER-jack voor aansluiting op een stopcontact (230V / 50Hz) met behulp van het bijgeleverde netsnoer
23 Houser voor de netzekering Vervang een gesmolten zekering uitsluitend door een zekering van hetzelfde type!
24 Uitgang BOOTH (6,3 mm-jacks, ongebalancedeerd) voor de aansluiting van een monitorinstallatie om het mastersignaal te beluisteren
25 XLR-jacks MASTER (gebalanceerd) voor aansluiting van de versterker om het geluid voor het publiek te verzorgen
26 Cinch-jacks MASTER bijkomend of alternatief voor de XLR-jacks (25) om een versterker aan te sluiten
27 Cinch-jacks REC voor een opnameapparaat Op de jacks is het mastersignaal beschikbaar onafhankelijk van de stand van de regelaar MASTER (9).
28 Signaingangen voor de kanalen CH 1 tot CH4
MIC (6,3 mm-jack, ongebalanceerd) voor microfoons
LINE (cinch) voor apparaten met lijniveauauitgang, bv. cd-speler, radio
AUX (cinch) voor apparaten met lijnuitgang
PHONO (cinch) voor platenspelers met magnetische cel
2 Veiligheidsvoorschriften
Het apparatus is in overeenstemming met alle relevante EU-Richtlijnen en draagt waarom de C€-markering.
WAARSCHUWINGDe netspanning van de apparaat is levensgevaarlijk. Open het apparatusaat Niet,want u loopt het risico van een elektrische schok.
Let bij ingebruikname ook zeker op het vol-gende:
- Het apparatus is enkel geschikt voor gebruik binnenshuis; vermij druip- en spatwater,plaatsen met een hoge vochtigheid en uitzonderlijk warmeplaatsen (toegestaan omgevingstemperatuurbereik: 0 - 40^ ).
- Plaats geen bekers met vloeistof zoals drinkglazen etc. op het apparaat.
-
Schakel het apparaat Niet in resp. trek onmid-delloijk de stekker uit het stopcontact,
-
wanneer het apparaat of het netsnoer zichtbaar beschadigd is,
-
wanneer er een defect zou=kunnen optreden nadat het apparaat bijvoorbeeld is gevallen,
-
wonneer het apparaat slecht functioneert. Het apparaat moet in elk geval worden hersteld door een gekwalificeerd vakman.
Trek de stekker nooit met het snoer uit het stopcontact, maar met de stekker zich.
- Verwijder het stof met een droge, zachte doek. Gebruik zeker geen water of chemicalien.
In geval van ongeoorloofd of verkeerd gebruik, verkeerde aansluiting, foutieve bediening of van herstelling door een Niet-gekwalificeerd personovervalt de garantie en de verantwoerdelijkheid voor hieruit resulterende materiele of lichamelijke schade. Zoekenwij ook Niet aansprakelijkheid worden gesteld voor gevevensverliezen als gevolg van foutieve bediening of een defect, noch voor de schade die hieruit volgt.

Wonneer het apparaat definitief uit bedrijf worden, bezorg het dan voor milieuvriendelijk verwerking aan eenplaatselijk recyclagebedrijf.
3 Toepassenen
Het stereomengpaneel met ingebouwde audiospeler en Bluetooth-ontvanger is zowel geschikt voor willekeurige professionele als privé DJ-toepasseningen als voor gebruik in een geluidinstallatie. Het is uitergerust met vier stereo-ingangskanaalen en met een DJ-microfoonkanaal. Om de ingangssignalen of het mastersignaal voor te beluisteren, kut u een hoofdteleloon aansluten.
Het mengpaneel kan als vrijstaand tafelmodel gebruikt worden of in een 19^ -rack (482 mm) gemonteerd worden. Voor montage in een rack..., 2 HE (= 89mm) nodig.
4 De apparatuur aansluiten
Schakel hetCCCCCC uit of draai onderstaande regelaars volledig zich, voordat u verbindingen tot stand brengt. Zo vermijdt u storingsgeluiden:
1) Sluit de geluidsbronnen aan op de overeenkomstige ingangsjacks (28):
-jacks LINE en AUX voor de aansluiting van apparatuur met lijniveau (b.v. cd-speler, radio)
-jacks PHONO voor de aansluiting van platenpelers met magnetische cel
-jacks MIC voor het aansluien van microfoons
Op elk ingangskaaal kutu tot drie geluidsbronnen aansluiten. Met de bijbehorende in-gangskeuzeschakelaars (6) kutu tussen de geluidsbronnen omschakelen.
2) Op de jack DJ MIC (11) aan de frontzijde kurz u een DJ-microfoon aansluiten.
3) Sluit de versterker om het geluid voor het publiek te verzorgen, aan op de XLR-jacks MASTER (25) of op de cinch-jacks MASTER (26). De twee stekkerparen konnen ook tege-lijk ge bruikt worden, bv. voor twee verster-kers.
4) Op de jacks BOOTH (24) Aunt u een monitorinstallatie en een afzonderlijke ruimte aansluiten. Voor een afzonderlijke instelling van het geluidsvolume is een regelaar BOOTH (7) beschikkaar.
5) Sluit voor eventuele geluidsopnamen een opnameapparaat aan op de uitgangsjacks REC (27). Het opameniveau is onafhanke-lijk van de stand van de regelaar MASTER (9).
6) Via een hoofdteleloonkest u de signalen van de individuèle ingangskanalen en het mastersignaal voorbeluistenen [d.w.z. de signalen kuren ook voorbeluisterd worden, wanneer de bijbehorende kanaalfader (5) volledig dichtgeschoven of de regelaar MASTER (9) volledig dichtgedraaid is. Sluit de hoofdteleloon (minimumimpedantie 8 Ω) aan op de jack (19).
7) Verbind de netaansluiting (22) van het mengpaneel via het bijgeleverde netsnoer met een stopcontact (230V / 50Hz)
5 Bediening
WAARSCHUINGStel het volume van de ge-

luidsinstallatie en dat van de hoofdtelefoon nooit zeer hoog in. Langdurige blootstelling aan hoge volumes kan het gehoor beschadigen! Het gehoor raakt aangepast aan hoge volumes die na eenijdje nicht更是 zo hooig lijken. Draai het volume waarom Niet verder open, zichs nadat u eraan gewoon bent.
5.1 In- en uitschakelen
Plaats volgende uitgangsregelaars in de minimumstand, voorat u inschakelt. Zo vermijdt u inschakelgeluiden en een te hoog volume:
Om hetCCCCCC en uit te schakenen, drukt u op de netschakelaar POWER (21). Bij ingeschakeld mengpaneel Licht de bedrijfsled boven de schakelaar op.
5.2 Uitsturing van de ingangskanalen
De volgende bedieningsstappen dieren alleen als hulp, er zich ook andere methoden möglichk.
1) Zorg eerst voor de volgende basisinstelling.
a) Bij alle ingangskanalen draait u de regelaars GAIN (4), de klankregelaars HIGH en LOW (14) in de middelste stand en schuift u de kanaalfaders (5) volledig zicht.
b) Draai de regelaar LEVEL (12) volledig dicht.
c) Plaats de beiden schuifregelaars (16) voor de crossfader in de stand 0, om de meng-functie uit te schakelen.
d) Draai de regelaars BALANCE (20) in de middelste stand.
2) Om het ingangssignaal door de niveauleds (8) wee ter laten geven, draait u de regelaar MASTER (9) ca. 23 open.
3) Schuif de kanaalregelaar van het eerste gebruekte kanaal ca. 2 / 3 open (pos. 7), sele- teer met de ingangskeuzeschakelaar (6) de signaalbron en stuur een geluidssignalaar naar het kanaal (bv. muziekstuk, aankondiging via de microfoon).
Voor kanaal CH 1 kunt u de audiospeler of de Bluetooth-ontvanger als signaalbron selectoren. De bediening van de respectieve apparaten worden beschreiben in de hoofdstukken 5.5 en 5.6. Plaats de ingangskeuzeschakelaar van het kanaal CH 1 hiervoor in de stand MP3.
4) Stel de ingangsversterking optimaal in aan de hand van de niveauleeds: Plaats de regelaar GAIN zo in dat bij luide fragmenten eeniveau in het bereik van 0 dB worden weergegeven.
5) Stel de klank in met de regelaars HIGH voor de hoge tonen en LOW voor de lage tonen. Controller aansluitend de uitsturing van het kanaal en corrigeer de ingangsversterking eventueel met de regelaar GAIN.
6) Schuif de kanaalfader opniew dicht en stel ook de andere ingangskanalen achtereenvolgens in.
5.3 De geluidsbronnen mengen Tussen twee kanalen regelen
1) Na hetuitsturen van de ingangskanalen kunt u de signalen ervan met de kanaalregelaars (5) onderling mengen of in- en uitmensen. Schuif de regelaars van ongebruike kanalen altijd volledig zich.
2) Stel met de regelaar MASTER (9) het uiteindelijke volume van het mastersignaal in en met de regelaar BALANCE (20) de stereobalans. Het signaalniveau kunt u aan de hand van de niveauleds (8) aflezen. In de regel worden bij 0 dB een optimale uisturing bereikt. Als het uitgangsniveau van het mengpaneel voor de aangesloten versterker beschter te hoog of te laag is, moet het mastersignaal overeenkomstig hoger of lager ingesteld worden, maar zonder dat er verwormingen optreden.
Stel voor een monitorinstallatie die op de jacks BOOTH (24) is aangesloten, het geluidsvolume met de regelaar BOOTH (7) afzonderlijk in.
3) Voor een aankondiging via een op de jack DJ MIC (11) aangesloten microfoon stelt u het geluidsvolume in met de regelaar LEVEL (12) en de klank met de regelaars HIGH en LOW (13). Om de aankondiging bete te verstaan, verminder u met de regelaars het volume van de ingangskanalen CH 1 tot 4.
4) Met de crossfader (15)=kunt u:tussen twee kanalen mengen. Selecteer waarvoort de toewijzingsschakelaars (16)de beide kanalen waarvan u de signalen wilt mengen.
5.4 De kanalen CH 1-4 en het mastersignaal voorbeluistersen
De ingangskanalen CH 1-4 kuren individuele via een hooftelefoon beluisterd worden, ook als de bijbehorende kanaalfader (5) dichtgeschoven is. Zo kurz u bv. de volgende af te spelen track geseleerd worden. Bovendien kurz u het mastersignal beluisteren, ook als de regelaar MASTER (9) in de minimumstand staat.
1) Om een ingangskanaal voor te beluisteren, drukt u de bijbehorende toets CH 1-4 (17) in, en om het mastersignaal voor te beluisteren, drukt u op de toets MASTER.
2) Stel met de regelaar PFL (18) het volume van de hoofdtelefoon in.
5.5 De audiospeler bedieren
Met de audiospeler=kunt u van USB-sticks,USB-schijven met autonome voeding en geheugenkaarten tot 32 GB audiobestanden in de formaten mp3, wave en wma aftspelen.
1) Het afspelen van de audiospeler gebeurt via het ingangskanaal CH 1. Plaats de ingangskeuzeschakelaar (6) van het kanaal CH 1 in de stand mp3.
2) Om audiobestanden van een geheugenkaart af te spelen, steekt u de kaart in de SD-slot (3). De afgeschuinde hoek van de kaart maar onder en maar het apparaat zichen gericht.
3) Voor het afspelen van audiobestanden op een USB-opslagmedium, plugt u bv. een USB-stick in de USB-aansluiting (2) of verbindt u een USB-schijf met de USB-aansluiting
4) Na het inlezen van het USB-opslagmedium of de geheugenkaart start het afspelen. Op het display (1) verschijnen diverse geveens, zie hoofdstuk 1.1, positie 1. Voor de bediening van de audiospeler gebruikt u de toetsen (10) onder het display. Als op het display PLESE PUSH PLAY verschijnt, drukt u eerst op de toets Ianders kunt u de spelere nicht bedieren.
MODE Omschakelen tussen
-USB-bus (2)
- SD-slot (3)
- Bluetooth-ontvanger (hoofdstuk 5.6)
AUX (zonder functie)
Om de speler opniew uit en in te schakelen, houdt u de toets gedurende 2 seconden ingedrukt.
aufspelen starten en onderbreken
■ afspelen stoppen
afspeelmodus selecteren
Op het display verschijnt in de eerste regel helemaal rechts de modus:
R = herhaald afspelen van alle tracks
RR = willekeurige reeks tracks
RO = herhalen van de track
Iaar de vorige track springen;
om binnen een track snel achechteruit te zoeken, houdt u de toets ingedrukt
een de volgende track springen;
om binnen een track nsl vooruit te zoe
ken, houdt u de toets ingedrukt
F- maar de vorige map springen
F+aar de volgende map springen
EQ instilling van de klank selecteren
Op het display verschijnt in de tweede regel kort de instelling:
NORM
ROCK
FOP
CLS
JAZZ
BLUE
HALL
BASS
SOFT
COUN
OPER
5.6 Bediening
van de Bluetooth-ontvanger
Met de Bluetooth-ontvanger kan een radioverbinding met een Bluetooth-sigmaalbron (bv. notebook, smartphone, tablet-pc) tot stand gebracht worden, om de waarop opgeslagen audiobestanden via het versterkersystem af te spelien.
Opmerking: De Bluetooth-sigmaalbron moet volgens het A2DP-protocol werken (Advanced Audio Distribution Profile). Anders is er geen radioverbinding mogelijk.
1) Het afspelen van de Bluetooth-ontvanger ge beurt via het ingangskanaal CH 1. Plaats de ingangskeuzeschakelaar (6) van het kanaal CH 1 in de stand mp3.
2) Als op het display (1) PLEASE PUSH PLAY weergegeven wordt, druk dan eerst op de toets.
3) Om waar de Bluetooth-ontvanger om te scha-kelen, drukt u enkele keren op de toets MODE (10) tot op het display de melding Bluetooth verschijnt.
4) Schakel de Bluetooth-functionie op de notebook, smartphone of tablet-pc in en breng de verbinding met hetCCCCCC tot stand (zie EVT. handleding van het apparaat).
Opmerking: Het mengpaneel worden op het display van de Bluetooth-sigmabron met "RST-02" waergegeven.
5) Start het afspelen van een track op de Bluetooth-sigmaalbron.
Opmerking: De spelerrufcties zoals pauze, verdier afspelen of trackselectie kunnen allen op de Bluetooth-sigmaalbron utgevoerd worden.
6) Om maar het afspelen van audiobestanden op een geheugenkaart of een USB-opslag-medium om te schakelen, drukt u enkele keren op de toets MODE tot op het display in de eerste regel links SD of USB weergegeven worden.
(gevoeligheid/impedantie; aansluiting)
MIC: 1,5 mV/600Ω; 6,3 mm-jack, ongeba-lanceerd
LINE, AUX: 200 mV/6,6 kΩ;
Cinch
XLR-jacks MASTER: . . . . 1,5 V bij weergave 0 dB
Cinch-jacks MASTER: ... 1 V bij weergave 0 dB
Cinch-jacks REC: 0,4 V
Aansluitingen BOOTH: .. 1 V
Hoofdtelefoon
impedantie: 8
Frequentiebereik: .20-20 000 Hz
THD: <0,15%
Signaal/Ruis
verhouding: 60 dB, ongewogen
Klankregelaars
CH1...CH4
Opgenomen vermogen: max. 15 VA
Omgevings
temperatuurbereik: .0-40°C
Afmetingen
(B× H× D) .. 482× 88× 125mm
2 HE (rackeenheden)
Gewicht: 2,9 kg
Wijzigingen voorbehonden.
SimpelGids