Monacor MMX44 UFX - Mengpaneel

MMX44 UFX - Mengpaneel Monacor - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MMX44 UFX Monacor in PDF-formaat.

📄 26 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag
Notice Monacor MMX44 UFX - page 16
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.

Gebruikersvragen over MMX44 UFX Monacor

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Mengpaneel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MMX44 UFX - Monacor en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MMX44 UFX van het merk Monacor.

GEBRUIKSAANWIJZING MMX44 UFX Monacor

Voor u inschakelt ...
Wij wensen u veel plezier met uw nieuwe apparaat van "img Stage Line". Lees deze gebruikershandleiding grondig door, alvorens het apparaat in gebruik te nemen. Alleen zo leert u alle functies kennen, vermijd t fouitieve bediening en behoedt u zichelfen et het apparaat voor eventuele schade door ondeskundig gebruik. Bewaar de handleiding voor latere raadpleging.

De Nederlandstalige tekst vindt u op pagina 16.

NL Op de uitklapbare pagina 3 vindt u een over- zicht van alle bedieningselementen en de aansluitingen.

1 Overzicht van de bedienings-elementen en aansluitingen

1.1 Front

Detail ont bijvoorbeeld een mono- en een stereo-ingangskanaal, de overige ingangskanalen zich telkens identiek.

1 Ingang MIC voor de aansluiting van een microfoon (XLR-jack, gebalanceerd)
Opmerking: Voor alle microfooningangen Aunt u een fantoomvoeding inschaken: Positie 15.
2 Ingang LINE voor de aansluiting van een apparaat met lijnsignaalniveau (bv. muziekinstrument)

Monokanaal:
1 × 6,3 ~mm -jack, gebalanceerd.
Stereokanaal:
1 × 6,3 mm-jack links L, gebalanceerd.
1× 6,3 mm-jack rechts R,gebalanceerd. Voor het aansluiten van een monoapparaat gebruikt u alleen de bovenste jack L.
3 Regelaar GAIN voor de ingangsversterking
4 Toets voor het Low Cut-filter (hoogdoor- laatfilter); bij ingedrukte toets worden ongewenste signaaldelen onder de 75Hz bv. contactgeluid, onderdukt
5 Toets +4 / - 10 voor de niveauregeling voor apparatuur met laag lijnuitgangsiveau: bij ingedrukte toets worden het ingangsniveau opgetrokken
6 Equalizer voor de hoge tonen (HIGH), middentonen (MID) en lage tonen (LOW)
7 Regelaar AUX SEND om het kanaalsignaal te Mengen met het signaal op het efectenuitgangskanaal [signaal worden na de regelaar LEVEL (10) afgenomen]; het uitgangskanaal dient tegelijk als effectenkanaal voor de interne effectengenerator
8 Oversturings-led PEAK; als de led permanent oplicht, draait u de regelaar GAIN (3) en/of de kankregelaars (6) overeenkomstig terug (monokanaal) of schakelt u de toets +4 / - 10 (5)uit (stereokanaal)
9 Monokanaal: Panoramairegelaar PAN om het monosignaal in het stereoklankbeeld te positioneren. Stereokanaal: Balansregelaar BAL voor het stereosignaal
10 Niveauregelaars LEVEL om het kanaalsignaal te(AP) met het signal op het masterkanaal
11 Uitgang MASTER OUT voor het mastersignaal (6,3 mm-jacks) Links L/ Rechts R, oncebalanceerd),bv.voor aansluiting van de versterker voor PA-toepassing of een tweede mengpaneel
12 Uitgang BOOTH OUT (6,3 mm-jacks) Links L/ Rechts R, ongebalanceerd) voor aansluiting van de versterker van een monitorinstallatie in een afzonderlijke regieruimte
13 Uitgang AUX SEND (6,3 mm-jack, ongebal- lanceerd) van het efectenuitgangskanaal, voor aansluiting op de ingang van een effec- tenapparaat
14 Uitgang PHONES (6,3 mm-jack) voor aansluiting van een sterehoofdtelefoon (impedantie ten minste 8Ω)
15 Toets PHANTOM 48V: bij ingedrukte toets wordt voor alle ingangen MIC (1) een fantoomvoeding van 48V ingeschakeld

Neem de waarschuwingen in hoofdstuk 4.1.1 betreffende fantoomvoeding in acht.

16 POWER-led PWR ON

17 Led voor de met de toets PHANTOM (15) ingeschakelde fantoomvoeding
18 Ingang TAPE IN (cinch-jacks Links L / Rechts R) voor aansluiting op de uitgang van een recorder of van een bijkomend afspeelappaarat zoals een cd-speler
19 Uitgang TAPE OUT (cinch-jacks Links L / Rechts R) voor aansluiting op de ingang van een recorder

20 Led-niveauaewergave, toont

  • het mastersignaal dat met de regelaar MASTER (25) ingesteld is, wanneer er geen toetsen (22, 23) voor de beluisteringsfunctie ingedrukt is

of

  • het signal dat met de respectieve toets is geselecteerd (L3 positie 22 of 23) en kan worden voorbeluisterd

21 Toets TAPE/ USB TO MIX: bij ingedrukte toets worden het ingangssignaal van de jacks TAPE IN (18) en van de USB-aansluiting (33) maar het mastersignaal geschakeld
22 Toets TAPE TO BOOTH / PHONES: bij ingedrukte toets wordt het ingangssignaal van de jacks TAPE IN (18) en van de USB-aansluiting (33) waar de meeluisteruitgangen BOOTH OUT (12) en PHONES (14) geschakeld en via de niveau-led's (20) weergegeven

Opmerking: Als bovendien de toets AUX SEND TO BOOTH (23) ingedrukt is, heeft这点 voorrang, dwz. het effectekenkanaal worden beluisterd en weergegeven.

23 Toets AUX SEND TO BOOTH: bij ingedrukte toets worden het signaal van het efectenkanaal waar de meeluisteruitgangen BOOTH OUT (12) en PHONES (14) geschakeld en via deiveau-led's (20) weergegeven
24 Volumeregelaar BOOTH / PHONES voor de meeluisteruitgangen BOOTH OUT (12) en PHONES (14)
25 Totaal-niveauregelaar MASTER voor het afmengen van het geluid (totaal van alle signalen); het mastersignaal worden via de jacks MASTER OUT (11), TAPE OUT (19) en de USB-aansluiting (33) uitgevoerd en kan op de uittgangen BOOTH OUT (12) en PHONES (14) beluisterd worden.

Bedieningselementen voor de effectengenerator

26 Draaiknop FX SELECT om effecten te selec- teren: Draai aan de knop tot op het display (27) het efectnummer knipperend worden weergegeven, en druk dan kort op de knop om te bevestigen.
27 Display EFFECT: toont het nummer van het geseleeteerde effect
28 Toets MUTE om de effectengenerator te dampen [led PEAK/MUTE (29)licht op] en de functie opniew uit te schakelen
29 Led PEAK/MUTE;licht op,als de ingang van de effectengenerator overstuurd wordt of bij volledige demping van de effectengenerator met de toets MUTE (28)
30 Niveauregelaar FX TO MASTER om het efectsignal met het mastersignal te Mengen

1.2 Achterzijde

31 Voedingsspanningsjack voor de aansluiting van de bijgeleverde netadapter
32 In-/uitschakelaar van het mengpaneel

33 USB-aansluiting (type B) voor de verbinding met een computer: kan als UITgang (digitale uitvoer van het mastersignaal) en als ingang (invoer van audiobestanden) worden gebruikt

2 Veiligheidsvoorschriften

De apparaten (mengpaneel en netadapter) zijn in overeenstemming met alle relevante EU-richtlijnen en dragen waar het CC-kenmerk.

WAARSCHUWING

Monacor MMX44 UFX - WAARSCHUWING - 1

De netspanning van de netadapter is levensgevaarlijk. Open het apparaat Niet, want u loopt het risico van een elektrische schok.

Let bij ingebruikname ook zeker op het vol-gende:

  • De apparaten zichen enkel geschickt voor gebruik binnenshuis. Vermijd druip-en spatwater, uitzonderlijk warmeplaatsen enplaatsen met een hove vochtigheid (toegestaan omgevingstemperatuurbereik: 0 - 40^ ).
  • Plaats geen bekers met vloeistof zoals drinkglazen enz. op de apparatuur.
  • De warmte die in het mengpaneel ontstaat, moet door ventilatie afgevoerd worden. Dek waarom de ventilatieopengen van de behui-zing Niet af.
  • Schakel het mengpaneel Niet in of trek de netadapter onmiddelijk uit het stopcontact,

  • wanneer het mengpaneel of de netadapter zichtaar beschadigd+zijn,

  • wannee er een defect zou kuren optreden nadat het apparaat bijvoorbeeld is gevallen, 3.wannee het apparaat slecht functioneert. De apparaten moeten in elk geval hersteld worden door een gekwalificeerd vakman.

  • Gebruik voor de reiniging uitsluitend een droge, zachte doek. Gebruik in geen geval chemicalien of water.
    In geval van ongeoorloofd of verkeerd gebruik, verkeerde aansluiting, foutieve bediening of van herstelling door een Niet-gekwalificeerd personovvert de garantie en de verantwoordelijkheid voor hieruitresulterende materièle oflichamelijk schade.

Monacor MMX44 UFX - WAARSCHUWING - 2

Wanneer de apparaten definitief uit bedrijf worden genomen, bezorg ze dan voor verworking aan eenplaatselijk recyclagebedrijf.

3 Toepassingen

Dit audiomengpaneel is geschikt voor universele PA-toepassingen en opnamedoeleinden. Het beschikt over 4 mono-en 4 stereo-ingangskanaIen voor aansluiting van microfoons (ook met fantoomvoed) en geluidsbronnen met lijnuitgangsnavieb (bv.instrumenten, afseelapparatu).Een uitgangskanaal maakt het gebruik van een efectenapparaat maybel. Om efecten toe voegen, kunt u ook gebruik makent de ingebouwde multi-effectengenerator (100 vast ingestelde effecten).Het afmengen van het geluid kan via een hoofdtelefoon en/of een monitorinstallatie in een afzonderlijke regieruimte beluisterd worden.

Het mengpaneel heeft nicht alleen aansluitingen voor een analoog opnameapparaat, het is ook uitergerust met een USB-audio-interface voor verbinding met een computer. Deze kan gebruikt worden als uitgang voor de digitale opname van de geluidsafmenging en als ingang voor het invoeren van audiogeveens.

4 Ingebruikneming

Voordat u verbindingen tot stand brengt / I koppelt en telkens voordat u inschakelt,要去 de uitgangsregelaars BOOTH/PHONES (24) en MASTER (25) volledig terugdraien.

4.1 Geluidsbronnen aansluten

Omdat in de monokanalen nicht omgeschakeld kan worden:tussen de ingangen, gebrukt u ofwel de microfooningang (1) of de lijningang (2), niet beiden tegelijk.

4.1.1 Microfoons

Sluit de microfoons aan op de gebalanceerde XLR-jacks MIC (1). Bij microfoons met fantoomvoeding kutu door op de toets PHANTOM 48V (15) te drukken voor alle XLR-jacks samen een fantoomvoeding van 48V inschaken. Bij geactiveerde functie Licht de led 48V (17) op.

Opgelet: Bij ingeschakelde fantoomvoeding mag er geen microfoon met ongebalancererdeuitgang zichn aangesloten. U zou hem immers kuren beschadigen.

Om schakelploppen in de luidspekkers en in de hooftelefoon pas vermijden, schakelt u de fantoomvoeding pas in of uit, wanneer het mengpaneel uitgeschakeld is of als de respectieve uitgangsregelaars volledig teruggedraaid zich.

4.1.2 Lijngeluidsbronnen

Sluit geluidsbronnen met lijnsignaalniveau (bv. ontvangers van draadloze microfoonsystemen, effectenapparatuur, instrumenten, afspeelapparatuur) aan op de 6,3 mm-jacks LINE (2) van de ingangskanalen. De jacks zijn gebalanceerd bedraad. U kunt ook apparatuur met ongebalanceer bedrade uitgang via 2-polige stekkers aansluiten.

  • Sluit monoapparatuur aan op de monokanalen CH 1 tot CH 4.
  • Sluit stereoapparatuur aan op de stereokanaalen CH 5/6 tot CH 11/12. Als u een monoparaat op een stereokanaal moet aansluten,gebrukt u alleen de jack L. Het monosignalwordt dan internaar het rechter en linker kanaal geschakeld.

Als de cinch-ingang TAPE IN (18) Niet door een recorder in gebruik is (hoofdstuk 4.3), kunt u hierop ook een bijkomende stereoapparaat met lijniveau aansluiten (bv. een cd-speler voor achechtergrundmuziek in spelpauzen).

4.2 Effectenapparaat aansluten

Via het uitgangskanaal(Int) met het mastersignaal mengen. Het signaal wordt na de regelaar LEVEL (10) van het overeenkomstige ingangskanaal afgenomen.

1) Verbind de ingang van het effectenapparaat via een 6,3 mm-jack met de mono-uitgang AUX SEND (13).
2) Verbind de uitgang van het effectenapparaat met de lijningang (2) van een vrij ingangskaaal,zie hiervoor hoofdstuk 4.1.2.

4.3 Recorder aansluten

Een stereo-opnameapparaat, bv. bandrecorder kan op de cinch-jacks TAPE IN (18) en TAPE OUT (19) aangesloten worden:

1) Sluit de weergave-uitgang van de recorder aan op de ingang TAPE IN.
2) Sluit de opname-ingang van de recorder aan op de uitgang TAPE OUT; op de uitgang is het met de regelaar MASTER (25) ingestelde mastersignaal beschikbaar.

Wunderb, BV: Kunst d'een aspielapparaat Zaals cd- of mp3-speler op TAPE IN of een bijkomende versterker op TAPE OUT aansluiten.

4.4 Monitorinstallatie en hoofdtelefoon aansluiten

Via een stereohooftelefoon en / of via een monitorinstallatie in een afzonderlijke regieruimte kutn u het afmengen van het geluid, het ingangssignal van de jacks TAPE IN (18) en de USB-aansluiting (33) of het effectenkanaal beluisteren. Sluit de hooftelefoot (minimum impedantie 8 Ω) aan op de 6,3 mm-jack PHONES (14). Sluit de versterker van de monitorinstallatie aan op de stereo-uitgang BOOTH OUT (12); de beiden 6,3 mm-jacks van de uitgang zijn ongebalanceerd bedraad.

4.5 De versterker aansluten

Op de stereo-uitgang MASTER OUT (11) is het met de regelaar MASTER (25) ingestelde mastersignaal beschikbaar. Hier kurz u de versterker voor PA-toepassing aansluiten (of een ander apparatusaat met lijingang zoals een tweede mengpaneel). De 6,3 mm-jacks van de uitgang zijn ongebalancedeer bedraad.

4.6 Voedingsspanning In- en uitschakelen

Verbind de bijgeleverde netadapter met de voedingsspanningsjack (31) op de weiterijde en plug de stekker in een stopcontact (230V /50Hz)

Om hetCCCCCC in te schakelen,plaatst u de schakelaar POWER (32) in de stand ON, om uit te schakelen in de stand OFF. Bij ingeschakeld apparaat Licht de POWER-led PWR ON (16) op.

Opmerking: Wanneer u het mengpaneel langerearenditne gebruikt, trek dan de netadapter uit het stopcontact,Datmdeze zells bij uitzgeschakeld mengpaneel too een geringe hoveeelheid stroom verbruikt.

4.7 Gegevens met een computeruitwissenlen

Via de USB-aansluiting (33)kestu audiobestanden in beide richtingen:tussen mengpaneel en computer overdragen:

  • Gebruik als ingang: Gegevens die via de USB-aansluiting ingevoerd zijn, kurenaar het mastersignal geschakeld en via hoofdtelefoon/regie-monitorinstallatie voorbeluisterd worden.
  • Gebruik als uitgang: De USB-aansluiting voert het met de regelaar MASTER (25) ingestelde mastersignaal uit.

Om hetCCCCCC met een computer te bedieren, kurz u gebruik makes van de audiosoftware die met het bedrijfsysteme is meegeleverd, of u kurz bijkomende audiosoftware installeren. Verschillende programme's voor opnemen en af speloen van audio vindt u gratis op het internet.

1) Start de computer en verbind de USB-aansluiting van het mengpaneel met een USB-aansluiting van de computer.
2) Het ingeschakelde mengpaneel worden door de computer als USB-audioapparaat voor geluidsinvoer en -uitvoer herkend. De vereiste besturingsprogramma's (standaard besturingsprogramma van het besturingssysteme) zijn op de computer beschikkaar.

Opmerking: Als nicht alle vereiste besturingsprogramma's op de computer beschikkaar zijn,要去 u ze achteraf installereren, bv. via de originele cd van het besturingsystem. Herstart de computer na de installmente indien nodig.

3) Open het gebruekte audioprogramma en voer hierin de nodige instellenen door voor de geluidsweergave via het mengpaneel of voor

de geluidsopname van het mengpaneel (13) handleiding van het programme). Het mengpaneel kan dan aan de hand van hoofstuk 5 worden bediend.

Monacor MMX44 UFX - Gegevens met een computeruitwissenlen - 1

Als er geen geluidsopname of geluidsweergave gebeurt, dan要去 in de systeinstelleningen controleren of de USB-interface voor de geluids-invoer of geluidsuitvoer geselecteerd is.

Tip: Als het mengpaneel zowel met een computer verbonden is als met de apparaten die via hun netsnoer geaard zich (bv. versterker),Known door aardlussen storende bromtonen optreden. Om deze te vermijden, kunt u het mengpaneel via een massascheidingsfilter (bv.FGA-102 of FGA-202 ut het gamma van "img Stage Line") met het respectieve apparaat verbinden.

5 Bediening

Monacor MMX44 UFX - Bediening - 1
WAARSCHUWING

Stel het volume van de geluidsinstallatie en dat van de hoofdtelefoon nooit zeer hoog in. Langdurige blootstelling aan hoge volumes kan het gehoor beschadigen! Het gehoor raakt aangepast aan hoch volumes die na eenijdje Niet更是 zo hoog lijken. Draai het volume waarom Niet verder open, zichs nadat u eraan gewoon bent.

5.1 Basisinstalling van de ingangs - kanalen CH 1 tot CH 11/12

De volgende bedieningsstappen om het niveau aan te passen en het geluid te corrigeren, dienen alleen als hulp, er zich ook andere methoden mogelijk.

1) Draai voor alle ingangskanalen de regelaars LEVEL (10) en de regelaars AUX SEND (7) volledig terug.
Draai voor de mono-ingangskanalen alle regelaars GAIN (3), alle klankregelaars (6) en alle regelaars PAN (9) in de middelste stand, en schakel alle toetsen _M (4)uit.
Schakel voor de de stereo-ingangskana- len alle toetsen +4 / - 10 (5)uit en draai alle regelaars BAL (9) in de middelste stand.
2) Schakel de toetsen TAPE/USB TO MIX (21), TAPE TO BOOTH /PHONES (22) en AUX SEND TO BOOTH (23) ut, als ze ingedrukt zich.
3) Draai de masterregelaar MASTER (25) in de middelste stand.
4) Stuur een geluidssignaal waar het respectieve ingangskanaal (door bv. in een microfoon te zingen, op een instrument te spelen).
5) Voor het instellen van een monokanaal draait u de regelaar LEVEL (10) in de middelste stand. Plaats de regelaar GAIN (3) zo dat de niveau-led (20) bij 0 dB oplicht. Stel de klank in met de drie klankregelaars (6), en druk zo nodig op de toets _SHz (4) om laagfrequente ruis (bv. contactgeluid, brom) te onderdukken. Corrigeer daarna deuitsturing zo nodig met de regelaar GAIN. De led PEAK (8) mag ten hoogste bij signaalpieken eventjes gaan flickkeren. Als de led permanent oplicht, draait u de regelaar GAIN en/of de klankregelaars overeenkomstig terug.

Voor het instellen van een stereokanaal Draai de regelaar LEVEL (10) open tot de niveau-led (20) bij 0 dB oplicht. Als u de regelaar hiervoor heel ver moet opendraaien, drukt u voor de niveauversterking (12 dB) op de toets +4 / - 10 5) van het ingangskanaal. Als u de regelaar hiervoor heel sterk moet dichtdraaien, en Licht de led PEAK (8) van het kanaal hierbij permanent op, dan verminder u het uitgangsiveau van de geluidsbron.

6) Na het instellen van een kanaal draait u de regelaar LEVEL ervan volledig terug en stel het volgende kanaal in.

5.2 Geluidsbronnen mengen

1) Schuif de masterregelaar MASTER (25) zo ver open, dat u de mengverhouding van de geluidsbronnen optimaal kut instellen.
2) Als alle instellingen voor de niveauregeling en alle klankinstelleningen doorgevoerd zijn (hoofdstuk 5.1), mengt u met de regelaars LEVEL (10) de signalen van de ingangskanalen in de gewenste volumeverhouding. Draai de regelaars LEVEL van ongebruekte kanalen altijd volledig zich.
3) Voor de monokanalen staat u met de panoramairegelaars PAN (9) de monosignalen in het stereoklankbeeld en voor de stereokanalen stelt u met de regelaars BAL (9) de balans van de stereosignalen instellen.
4) Zie volgend hoofdstuk (5.3.) voor het toevoegen van effecten.
5) Om het ingangssignaal van de jacks TAPE IN (18) en van de USB-aansluiting (33) maar het mastersignaal te schakelen, drukt u op de toets TAPE / USB TO MIX (21). Opmerking: Alsijdens een opname via de jacks TAPE OUT of via de USB-aansluiting het opname-signaal als ingangssignaal naar de jacks TAPE IN of de USB-aansluiting worden gestuurd, dan mag de toets TAPE / USB TO MIX nicht ingedrukt zich, waar der zich anders een terugkoppeling voordoet.
6) Stel met de regelaar MASTER (25) het definitivegeluidsvolume van het mastersignaal in. Maak hierbijk gebruik van de niveauweergave (20). Om deze hetiveau van het mastersignaal te konnen latent weergeven, mag geen van de toetsen (22, 23) voor de beluisteringsfunctie ingedrukt zijn. Bij oversturinglichten de rode led's CLIP van de niveauweergave op.

5.3 Effecten toevoegen

5.3.1 Gebruik van een extern effectenapparaat

Het efectenapparaat moet op de uitgang AUX SEND (13) en op de ingang LINE (2) van een vrij ingangskanaal aangesloten zich.

1) Om de nageschakelde effectinstelleningen te kuren horen, moet u de regelaar LEVEL (10) van het kanaal, waarop het efectenapparaat is aangesloten, voorlopig ongeveer in de middelste stand draaien.
2) Meng met behulp van de regelaars AUX SEND (7) de signalen van de ingangskanaelen op het effectenkanaal. Het signal waerdna de regelaar LEVEL (10) afgenomen, d.w.z. dat de efectsterkte van een kanaal steeds in verhouding is tot het ingestelde kanaalniveau. Het mastersignaal van alle op het effectenkanaal gemengde signalen worden

via de uitgang AUX SEND (13)aar het effectenapparaat gestuurd.
Opmerking: Draai de regelaar AUX SEND van het kanaal waarop het effectenapparaat is aangesloten, volledig terug, maar er zich anders een terugkoppeling voordoet.
3) Met de regelaar LEVEL (10) van het kanaal waarop het effectenapparaat is aangesloten,(CC) met het uitgangssignaal van de efectengenerator met het mastersignaal.

5.3.2 Gebruik van de interne effectengenerator

1) Om de nageschakelde effectinstelleningen te kuren horen, moet u de regelaar FX TO MASTER (30) voorlopig in de middelste stand draieren.
2) Draai de knop FX SELECT (27) zover voor of blijuiit tot het nummer van het gewenste effect (effectenoverzicht onderaan) knipperend op het display (27) weergegeven worden. Bevestig de keuze door kort op de knop te drukken: het nummer stopt met knipperen, het effect is ingesteld.
3) Meng met behulp van de regelaars AUX SEND (7) de signalen van de ingangskanalen met het signaal op het effectenkanaal. Het signaal worden na de regelaar LEVEL (10) afgenomen, d.w.z. dat de efectsterkte van een kanaal steeds in verhouding is tot het ingestelde kanaalniveau. De master van alle op het effectenkanaal gemengde signalen worden maar de ingang van de efectengenerator gestuurd.
4) Gebruik de regelaar FX TO MASTER (30) om het uitgangssignaal van de effectengenerator met het mastersignaal te(APen.

Als de led PEAK / MUTE (29) oplicht, worden de ingang van de effectengenerator overstuur. Draai te ver opengedraide regelaars AUX SEND (7) in dit geval overeenkomstig terug en compenseer eventueleel door de regelaar FX TO MASTER verzder open te draaien.

5) Door op de toets MUTE (28) te drukken, kunt u de efectengenerator dempen (toets vergrendelt nicht). Bij ingeschakelde dempinglicht de led PEAK/MUTE (29) op. Om de demping weeuit te schakeni, drukt u oppiew op de toets MUTE.De led PEAK/MUTE gaat UIT.

Opmerking: Als hetCCCCCCeig bij gedempefte efectengenerator uitgeschakeld wordt, is de dampings-functie na herinschaken opniewu uitgeschakeld.

5.4 Voorbeluisteren via de hoofdtelefoon en de monitorinstallatie

De twee toewijzingstoetsen (22, 23) voor de beluisteringsfunctie bepalen welk signala via de uitgangen BOOTH OUT (12) en PHONES (14) voorbeluisterd en door deiveau-led's (20) weergegeven worden:
- Als er geen toetsen zich ingedrukt, worden het met de regelaar MASTER (25) ingestelde mastersignal beluisterd en weergegeven.

  • Als alleen de toets TAPE TO BOOTH / PHONES (22) ingedrukt is, worden het ingangssignaal op de jacks TAPE IN (18) en de USBaansluiting (33) beluisterd en weergegeven (bv. om een opname te controlleden).
  • Als de toets AUX SEND TO BOOTH (23) ingedrukt is, worden het signaal van het efectenkaanaal beluisterd en weergegeven. De positie van de toets TAPE TO BOOTH / PHONES heeft in dit geval geen effect.

Stel het meeluistervolume in met de regelaar BOOTH/PHONES(24).

Ruis-verhouding: .74 dB (A-gemeten)

Overspraat: -63 dB

Equalizer

Fantoomvoeding: .+48 V

Voedingspanning: 18 V~ via meegele- verte netadapter op 230V / 50Hz

Omgevings

temperatuurbereik: .0-40°C

Geschikt besturingsystem voor de geveensoverdracht via de USB-interface:

Windows 2000, Windows XP of hogere Windows- versies

Mac OS 9.0.4 of hoger, Mac OS X

Windows is een gedeponeerd handelsmerk van de Microsoft Corporation in de USA en andere landen.

Mac OS is een gedeponeord handelsmerk van Apple Computer, Inc. in de Verenigde Staten en andere landen.

Wijzigingen voorbehonden.

NummerNaamEffectParameter
00-09VOCALNagalmeffect, bijzonder geschikt voor zangtoepasseningenuitklinktijd 0,8-0,9 s, pre-delaytijd 10-45 ms
10-19SMALL ROOMNagalmeffect: Simulatie van eenkleine tot middelgrote ruimteuitklinktijd 0,7-2,1 s, pre-delaytijd 20-45 ms
20-29LARGE HALLNagalmeffect: Simulatie van een groetzaaluitklinktijd 3,6-5,4 s, pre-delaytijd 23-55 ms
30-39ECHOEcho-effectvertragingstijd 145-205 ms
40-49ECHO + VERBCombinatie van echo-effect en nagalmeffectvertragingstijd 208-650 ms,uitklinktijd 1,7-2,7 s
50-59FLANGE + VERBCombinatie van flanger-effect en nagalmeffectsnelheid 0,8-2,52 Hz,uitklinktijd 1,5-2,9 ms
60-69PLATESimulatie van een klassieke,helder klinkende galmplaatuitklinktijd 0,9-3,6 s
70-79CHORUS + GTRGitaareffect: Chorussnelheid 0,92-1,72 Hz
80-89ROTARY + GTRGitaareffect: Rotary (Leslie-effect)modulatiediepte 20-80%
90-99TREMODO + GTRGitaareffect: Tremolosnelheid 0,6-5 Hz

Deze gebruiksaanwijzing is door de auteurswet beschermd eigendom van MONACOR® INTERNATIONAL GmbH & Co. KG. Een reproductie - ook gedeelijk - voor eigendecommerciele doeleinden is verboden.

Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : Monacor

Model : MMX44 UFX

Categorie : Mengpaneel