D27300 - DEWALT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis D27300 DEWALT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over D27300 DEWALT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding D27300 - DEWALT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. D27300 van het merk DEWALT.
GEBRUIKSAANWIJZING D27300 DEWALT
Gefeliciteerd! EG-Verklaring van overeenstemming U heeft gekozen voor een machine van DEWALT. Jarenlange ervaring, voortdurende produktontwikkeling en innovatie maken DEWALT tot een betrouwbare partner voor de professionele gebruiker. Technische gegevens Spanning Opgenomen vermogen Afgegeven vermogen Toerental, onbelast Toevoersnelheid Schaafhoogte (max.) Max. schaafbreedte (max) Max. spaanafname Schaafmodus Vandiktemodus Formaat blad Gewicht
Neem voor meer informatie contact op met DEWALT, zie het adres hieronder of op de achterkant van deze handleiding. D27300 Duidt op mogelijk lichamelijk letsel, levensgevaar of kans op beschadiging van de machine indien instructies in deze handleiding worden genegeerd. dB(A)*
LWA (geluidsvermogen) dB(A)
D27300T LpA (geluidsdruk) 16 A 16 A per fase In deze handleiding worden de volgende pictogrammen gebruikt: Geeft elektrische spanning aan. D27300/D27300T DEWALT verklaart dat deze elektrische machines in overeenstemming zijn met: 98/37/EEG, 89/336/EEG, 73/23/EEG, EN 55014-2, EN 55014, EN 61000-3-2, EN 61000-3-3 & EN 61029.
B&D_17 NEDERLANDS Veiligheidsinstructies Neem bij het gebruik van stationaire elektrische machines altijd de plaatselijk geldende veiligheidsvoorschriften in acht in verband met brandgevaar, gevaar voor elektrische schokken en lichamelijk letsel. Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door voordat u met de machine gaat werken. Bewaar deze instructies zorgvuldig! Algemeen 1 Zorg voor een opgeruimde werkomgeving Een rommelige werkomgeving kan tot ongelukken leiden. 2 Houd rekening met omgevingsinvloeden Stel de machine niet bloot aan regen. Gebruik de machine niet in een vochtige of natte omgeving. Zorg dat de werkomgeving goed is verlicht (250 – 300 Lux). Gebruik de machine niet op plaatsen waar brand- of explosiegevaar bestaat, b.v. in de buurt van brandbare vloeistoffen of gassen. 3 Houd kinderen uit de buurt Houd kinderen, bezoekers en dieren buiten het werkgebied en laat ze de machine of de elektriciteitskabel niet aanraken. 4 Draag geschikte werkkleding Draag geen wijde kleding of loshangende sieraden. Deze kunnen door de bewegende delen worden gegrepen. Houd lang haar bijeen. Draag bij het werken buitenshuis bij voorkeur geschikte werkhandschoenen en schoenen met profielzolen. 5 Persoonlijke bescherming Draag altijd een veiligheidsbril. Draag een gezichts- of stofmasker bij werkzaamheden waarbij stofdeeltjes of spanen vrijkomen. Draag eveneens een hittebestendig schort indien de vrijkomende spanen aanzienlijk heet kunnen zijn. Draag altijd gehoorbescherming. Draag altijd een veiligheidshelm. 6 Bescherming tegen elektrische schok Vermijd lichamelijk contact met geaarde voorwerpen (bijv. buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten). Bij gebruik onder extreme werkomstandigheden (bijv. hoge vochtigheid, ontwikkeling van metaalstof, enz.) kan de elektrische veiligheid door een scheidingstransformator of een aardlek-(FI)-schakelaar voor te schakelen, verhoogd worden. 7 Zorg voor een veilige houding Zorg altijd voor een juiste, stabiele houding. 8 Blijf voortdurend opletten Houd uw aandacht bij uw werk. Ga met verstand te werk. Gebruik de machine niet als u niet geconcentreerd bent. 9 Klem het werkstuk goed vast Gebruik klemmen of een bankschroef om het werkstuk te fixeren. Dit is veiliger, bovendien kan de machine dan met beide handen worden bediend. 10 Sluit de uitrusting van de stofafvoer aan Indien hulpmiddelen zijn meegeleverd voor de aansluiting van stofafvoer en voorzieningen voor stofopvang, zorg dan dat deze zijn aangesloten en naar behoren worden gebruikt. 11 Verwijder sleutels of hulpgereedschappen Controleer vóór het inschakelen altijd of sleutels en andere hulpgereedschappen zijn verwijderd. 12 Verlengsnoeren Inspecteer voor gebruik het verlengsnoer. Vervang het snoer indien het beschadigd is. Maak bij gebruik buitenshuis uitsluitend gebruik van verlengsnoeren die geschikt zijn voor gebruik buitenshuis en als zodanig zijn gemerkt. 13 Gebruik de juiste machine Het gebruik volgens bestemming is beschreven in deze handleiding. Gebruik geen lichte machine of hulpstukken voor het werk van zware machines. De machine werkt beter en veiliger indien u deze gebruikt voor het beoogde doel. Overbelast de machine niet. Waarschuwing! Gebruik ter voorkoming van lichamelijk letsel uitsluitend de in deze gebruiksaanwijzing aanbevolen accessoires en hulpstukken. Gebruik de machine uitsluitend volgens bestemming. 14 Controleer de machine op beschadigingen Controleer de machine voor gebruik op schade. Controleer of alle bewegende delen correct gemonteerd zijn, of er geen onderdelen gebroken zijn, of er geen beschermkappen en schakelaars beschadigd zijn en of er andere gebreken zijn die invloed op de werking van de machine zouden kunnen hebben. Vergewis u er van dat de machine correct werkt. Gebruik de machine niet als enig onderdeel defect is. Gebruik de machine niet als de aan/uit-schakelaar niet werkt. Defecte of beschadigde onderdelen dienen door een erkend DEWALT servicecentrum te worden vervangen. Probeer nooit om de machine zelf te repareren. 15 Stekker uit stopcontact verwijderen Schakel de machine uit en wacht totdat de machine volledig tot stilstand is gekomen voordat u deze achterlaat. Verwijder de stekker uit het stopcontact als u de machine niet gebruikt, voordat u gereedschappen, accessoires of onderdelen van de machine verwisselt en voordat u onderhoud aan de machine uitvoert. 16 Voorkom onbedoeld inschakelen Wees ervan verzekerd dat de machine is uitgeschakeld voordat u de stekker in het stopcontact steekt. 17 Misbruik het snoer niet Trek niet aan het snoer om de stekker uit het stopcontact te verwijderen. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie en scherpe randen. 18 Berg de machine veilig op Indien niet in gebruik, dienen machines te worden opgeborgen in een droge, afsluitbare plaats, buiten bereik van kinderen. 19 Onderhoud de machine met zorg Houd de machine schoon om beter en veiliger te kunnen werken. Houdt u aan de instructies met betrekking tot het onderhoud en het vervangen van accessoires. Houd de handgrepen en schakelaars droog en vrij van olie en vet. 20 Reparaties Deze machine voldoet aan alle geldende veiligheidsvoorschriften. Wendt u voor reparaties tot een erkend DEWALT Service-center Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door bevoegde vakmensen en met behulp van originele reserveonderdelen; anders kan er een aanzienlijk gevaar voor de gebruiker ontstaan. Aanvullende veiligheidsvoorschriften voor vandikte-schaafbanken
- Draag altijd een veiligheidsbril tijdens gebruik.
- Laat de machine nooit draaien als de beschermkappen niet zijn gemonteerd of niet in perfect werkende staat verkeren.
- Gebruik de machine niet zonder dat de geleider is geplaatst. Zorg dat de onderste rand van de geleider het bovenste tafelblad raakt.
- Waarschuwing! De invoer- en uitvoertafel zijn in de fabriek nauwkeurig afgesteld. Verander nooit zelf de instelling van de tafels.
- Gebruik alleen schaafbladen die in door de fabrikant zijn aanbevolen.
- Gebruik altijd scherpe bladen van het juiste type voor het werkstuk.
- Gebruik de machine niet voor het bewerken van enig ander materiaal dan zacht of hard hout.
- Schaaf nooit uitsparingen, verbindingen of vormen.
- Voor nooit afgebroken werk uit (bijv. bewerkingen die niet over de volledige lengte van het werkstuk plaatsvinden).
- Vermijd het bewerken van zeer gebogen hout waardoor onvoldoende contact met de invoertafel bestaat.
- Controleer voor gebruik of de terugslag- en invoerrollen naar behoren functioneren.
- Verwijder alle spijkers en metalen voorwerpen uit het werkstuk voordat u het apparaat INschakelt.
- Zorg er in de schaafmodus voor dat de bovenste beschermkap zodanig is afgesteld dat hij voor optimale bescherming zorgt.
- Zorg ervoor dat de hendel voor hoogteverstelling uit het invoergebied is. B&D_17
- Gebruik bij het bewerken van lange stukken een geschikte roltafel aan beide zijden van de machine die ia aangepast aan de hoogte van de tafels.
- Houd uw handen uit de buurt van de bladen.
- Schaaf in de vandiktemodus nooit materiaal dat korter is dan 305 mm.
- Gebruik in de schaafmodus altijd een duwhout.
- Laat het duwhout op zijn plaats indien niet in gebruik. Restrisico’s De volgende risico’s zijn inherent aan het gebruik van schaafmachines: Ondanks de van toepassing zijnde veiligheidsvoorschriften en het aanbrengen van beveiligingen blijven bepaalde restrisico’s aanwezig. Dit zijn: - Risico als gevolg van onbeschermde delen van het roterende blad. - Verwondingsgevaar bij het wisselen van het blad. - Gevaar voor klemmen van de vingers bij het openen van de afschermingen. - -Gezondheidsrisico door het inademen van stof, met name bij het verwerken van eiken- en beukenhout en MDF. Labels op de machine Op de machine vindt u de volgende pictogrammen: Lees voor het gebruik de handleiding Let bij gebruik in de vandiktemodus op de richting van de materiaaldoorvoer. Gebruik de machine niet zonder dat de spaanopvangbak is geplaatst. Zorg dat de schaafbladen goed zijn afgesteld. Laat de bladen niet meer dan 1,1 mm uit de schaafkop steken. De verpakking bevat: 1 Voorgemonteerde vandikte-schaafbank 1 Beschermkap 1 Spaanopvangbak 1 Doos met: 1 Geleider 1 Duwhout 1 Zak met: 1 Inbussleutel 2,5 mm 1 Inbussleutel 4 mm 1 Inbussleutel 5 mm 1 Inbussleutel 6 mm 1 steeksleutel 13/10 mm 1 IJkplaatje 1 Hendel voor hoogteinstelling 2 Klemknoppen 4 Rubber voeten 1 M8 slotbout 4 M8 moeren 4 D8 getande ringen 1 D8 sluitring 1 Doos met: 4 Poten 2 Wielen 2 Wielbeugels 1 Zak met: 2 Wielassen 4 M8 slotbouten
- Controleer de machine, losse onderdelen en accessoires op transportschade.
- Lees deze handleiding rustig en zorgvuldig door voordat u met de machine gaat werken. Beschrijving (fig. A1 & A2) Uw vandikte-schaafbank D27300/D27300T is ontwikkeld voor het professioneel schaven van hout. Fig. A1 1 Aan/uit-schakelaar 2 Hendel voor hoogteinstelling 3 Onderste tafel 4 Spaanopvangbak 5 Schaal onderste tafel 6 Duwhout 7 Klemknop geleider 8 Geleider Fig. A2 9 Bovenste tafel 10 Knop voor schaafdiepteinstelling 11 Schaal bovenste tafel 12 Klemknop beschermkap 13 Beschermkap Let bij gebruik in de schaafmodus op de richting van de materiaaldoorvoer. Gebruik de machine niet zonder dat de spaanopvangbak is geplaatst. Inhoud van de verpakking 2 M8 zeskantbouten 4 M8 moeren 4 Vleugelmoeren 4 D8 sluitringen 6 D8 schotelveren 1 Handleiding 1 Onderdelentekening Elektrische veiligheid De elektrische motor is ontwikkeld voor een bepaalde netspanning. Controleer altijd of uw netspanning overeenkomt met de waarde op het typeplaatje. Gebruik van verlengsnoeren Wanneer een verlengsnoer wordt gebruikt, neem dan een goedgekeurd verlengsnoer, dat geschikt is voor het vermogen van de machine (zie technische gegevens). De aders moeten minimaal een doorsnede hebben van 1,5 mm2. Wanneer het verlengsnoer op een haspel zit, rol het snoer dan helemaal af. Driefase-machines moeten direct op het net worden aangesloten. Dit moet door een gekwalificeerde elektricien worden uitgevoerd. Spanningsvallen Inschakelprocessen veroorzaken kortstondige spanningsvallen. Onder ongunstige omstandigheden in de stroomvoorziening kunnen andere apparaten nadelig worden beïnvloed. Indien de impedantie van de stroomvoorziening lager is dan 0,25 ø, is de kans op een storing nagenoeg uitgesloten. Monteren Haal vóór het monteren en instellen altijd de stekker uit het stopcontact. De machine en onderdelen uitpakken (fig. B1)
- Verwijder het losse verpakkingsmateriaal uit de doos.
- Til de machine uit de doos. B&D_17 NEDERLANDS
- Draai de moeren vast.
- Bevestig een wieleenheid (31) aan elk van de bovenste poten (32) met een zeskantbout (17), schotelveer (23) en moer (18) (fig. E3).
- Draai de moeren vast.
- Zet de machine rechtop.
- Verwijder de doos met onderdelen uit de binnenkant van de machine.
- Verwijder resterend verpakkingsmateriaal uit de machine. Identificatie van de montageonderdelen (fig. B2) Pak eerst alle montageonderdelen uit en sorteer deze. 14 Wielbeugel 15 Wielas 16 M8 slotbout 17 M8 zeskantbout 18 M8 moer 19 Vleugelmoer 20 D8 getande ring 21 D8 sluitring 22 D8 sluitring 23 D8 schotelveer Monteren van de geleider (fig. F1 & F2)
- Plaats de geleider (8) op de houder (33) (fig. F1).
- Steek een slotbout (16) van onderen door de houder en de geleider.
- Plaats een sluitring (22) op de bout (16) (fig. F2).
- Bevestig de klemknop (7) op de bout (16). Monteren van de voeten (fig. C1 & C2) Met de voeten gemonteerd is de machine geschikt voor plaatsing op een werkbank. Voor een veilige bediening moet de machine aan de werkbank worden vastgemaakt. Benodigde montageonderdelen: 4 moeren (18), 4 getande ringen (20) (fig. C1).
- Zet de machine op haar kant zodat het vandikte-uitvoerframe (24) op de vloer rust (fig. C2). Zorg dat de knop voor schaafdiepteinstelling (10) niet tegen de vloer stoot.
- Steek een voet (25) in ieder van de buitenste sleuven (26) in de bodem van de machinebehuizing.
- Bevestig een getande ring (20) en een moer (18) aan het draadeind van de voeten.
- Draai de moeren vast.
- Zet de machine rechtop.
- Bevestig de machine op de werkbank. Monteren van de poten (fig. D1 – D3) Met de poten gemonteerd is de machine geschikt voor plaatsing als zelfstandige machine. Benodigde montageonderdelen: 4 slotbouten (16), 4 vleugelmoeren (19), 4 sluitringen (21) (fig. E1).
- Zet de machine op haar kant zodat het vandikte-uitvoerframe (24) op de vloer rust (fig. D2). Monteren van de beschermkap (fig. G1 & G2)
- Steek de beschermkap (13) in de kolom (34) (fig. G1).
- Bepaal de positie van de beschermkap door de borgschroef (35) aan te brengen.
- Bevestig de klemknop (12) aan de kolom (34) (fig. G2). Monteren van de spaanopvangbak (fig. H1 & H2) Bij gebruik in de schaafmodus dient de spaanopvangbak onder de bovenste tafel te worden gemonteerd. Bij gebruik in de vandiktemodus dient de spaanopvangbak bovenop de bovenste tafel te worden gemonteerd. Schaafmodus (fig. H1)
- Draai de schroeven (36) een aantal slagen los om de spaanopvangbak achter de schroefkoppen te laten passeren
- Plaats de hoeken (37) aan beide zijden van de spaanopvangbak in de groeven (38).
- Schuif de spaanopvangbak (4) onder de bovenste tafel (9), totdat de uitsparingen (39) achter de schroeven uitkomen.
- Bevestig de spaanopvangbak door de schroeven vast te draaien. Vandiktemodus (fig. H2)
- Draai de schroeven (36) een aantal slagen los om de spaanopvangbak achter de schroefkoppen te laten passeren
- Plaats de spaanopvangbak (4) ondersteboven over het bovenste tafelblad (9).
- Schuif de spaanopvangbak (4) over de bovenste tafel (9), totdat de uitsparingen (39) achter de schroeven uitkomen.
- Bevestig de spaanopvangbak door de schroeven vast te draaien. Instellen Haal vóór het monteren en instellen altijd de stekker uit het stopcontact. Zorg dat de knop voor schaafdiepteinstelling (10) niet tegen de vloer stoot. Instellen van de geleider (fig. I1- I3)
- Steek een voet (27) in ieder van de bovenste gaten (28) op de hoeken in de bodem van de machinebehuizing.
- Steek een slotbout (16) door de gaten in de poten en de machinebehuizing.
- Bevestig een sluitring (21) en een vleugelmoer (19) aan de bouten.
- Draai de vleugelmoeren aan.
- Zet de machine op haar kant zodat de schaafuitvoertafel (29) op de vloer rust (fig. D3).
- Herhaal dit bij de andere poten.
- Monteer de zelfrichtende wielen zoals hieronder beschreven. Monteren van de zelfrichtende wielen (fig. E1 – E3) Benodigde montageonderdelen: 2 wielbeugels (14), 2 wielassen (15), 2 bouten (17), 4 moeren (18), 2 sluitringen (21), 2 schotelveren (23) (fig. E1).
- Breng elk wiel (30) in lijn met een beugel (14) en steek een wielas (15) door de gaten van elke eenheid (fig. E2).
- Bevestig een sluitring (21) en een moer (18) aan het draadeind van de assen. Afstellen van de rechte hoek (fig. I1) De geleider heeft een instelbare stop voor het eenvoudig instellen van een rechte hoek.
- Draai de klemknop van de hoek (40) los.
- Druk de geleider rechtop, zodat hij volledig in verticale positie staat en draai de klemknop van de hoek vast.
- Zet een winkelhaak (41) op de tafel en omhoog tegen de geleider (8) aan.
- Het afstellen geschiedt als volgt:
- Draai de moer (42) een aantal slagen los en draai de aanslagschroef verticale-positieafstelling (43) in of uit totdat de met de winkelhaak gemeten hoek tussen de geleider en het tafelblad 90° bedraagt. Afstellen van de afschuinhoek (fig. I2)
- Draai de klemknop van de hoek (40) los.
- Beweeg de geleider (8) over zijn lengteas om de gewenste hoek in te stellen.
- Zorg dat de onderste rand van de geleider het bovenste tafelblad (9) raakt.
- Draai de klemknop vast. B&D_17
- Beweeg de geleider (8) over het bovenste tafelblad (9) om de gewenste breedte in te stellen.
- Draai de klemknop vast.
- Druk op de groene startknop (53) om de machine in te schakelen.
- Druk op de rode stopknop (54) om de machine uit te schakelen. Instellen van de beschermkap (fig. J) De beschermkap kan worden versteld en in iedere stand boven de tafel worden vastgezet zodat hij voor optimale bescherming zorgt. Schakel altijd de machine uit wanneer het werk is beëindigd en voordat u de stekker uit het stopcontact haalt. Zorg dat de beschermkap altijd is afgesteld op de schaafbreedte en de hoogte van het werkstuk. Schaven (fig. N1 & N2)
- Monteer de opvangbak zoals hierboven beschreven.
- Stel de geleider bij zover als gewenst.
- Stel de beschermkap af zodat hij voor optimale zorgt.
- Stel de freesdiepte in.
- Schakel de machine in.
- Leid het werkstuk langzaam onder de beschermkap door en druk het stevig tegen de geleider.
- Voer het werkstuk in de richting van de nerf in.
- Gebruik in de buurt van de schaafkop altijd het duwhout. Om de breedte in te stellen:
- Draai de blokkeerknop (44) los.
- Beweeg de beschermkap (13) naar de gewenste breedte.
- Draai de knop vast. Om de hoogte in te stellen:
- Draai de klemknop (12) los.
- Beweeg de beugel van de beschermkap (45) naar de gewenste hoogte.
- Draai de klemknop vast. Vandikteschaven (fig. O1 & O2)
- Monteer de opvangbak zoals hierboven beschreven.
- Schakel de machine in. Instellen van de schaafdiepte (fig. K, L1 & L2) Schaafmodus (fig. K)
- Pak de knop voor schaafdiepteinstelling (10) beet en stel de schaafdiepte in met behulp van de schaal (47). - Draai met de klok mee om de schaafdiepte te verkleinen. - Draai tegen de klok in om de schaafdiepte te vergroten.
- Draai de borgring vast.
- De beste resultaten worden behaald als het werkstuk ten minste een vlakke kant heeft.
- Voor het beste resultaat schaaft u de beide kanten van uw werkstuk om de juiste dikte te verkrijgen. Aanwijzingen voor gebruik
- Neem altijd de veiligheidsinstructies in acht en houdt u aan de geldende voorschriften.
- Zorg dat er aan de uitvoerkant voldoende ruimte voor het werkstuk is.
- Laat de motor op volle snelheid komen voordat u het werkstuk invoert. Het werkstuk mag de schaafkop niet raken als de machine wordt ingeschakeld. Volg de richtlijnen voor de spaanafname en breedte van het materiaal zoals aangegeven in onderstaande tabel.
Spaanafname (mm) Vandiktemodus (fig. L1 & L2)
- Plaats de hendel voor hoogteverstelling (2) op het uiteinde de as (48). Draai de hendel een klein stukje totdat de pen van de as (49) in de sleuf (50) valt (fig. L1).
- Pak de hendel voor hoogteinstelling (3) beet en stel de schaafdiepte in. - Draai met de klok mee om de schaafdiepte te verkleinen. - Draai tegen de klok in om de schaafdiepte te vergroten.
- Lees de afgewerkte dikte van uw werkstuk af op de diepteinstelschaal (5) (fig. L2). hard hout
Breedte van het materiaal (mm)
- Voer het werkstuk langzaam in de machine.
- Voer het werkstuk in de richting van de nerf in. Inkeping Een inkeping ontstaat wanneer de uiteinden van het werkstuk in aanraking komen met de messen. Om een inkeping te vookomen:
- Houd het werkstuk waterpas tijdens het schaven.
- Voer het werkstuk vlak tegen de tafel in. Voor gebruik:
- Verwijder alle vreemde voorwerpen. Schaaf geen hout met losse knoesten. Schaaf geen hout met veel knoesten of hout dat kromgetrokken is. In- en uitschakelen (fig. M) De aan/uit-schakelaar biedt een aantal voordelen: - nulspanningsfunctie: wordt de spanning om een of andere reden uitgeschakeld, dan moet de schakelaar opnieuw ingedrukt worden. - overbelastingsbeveiliging van de motor: in geval van overbelasting van de motor wordt de spanning naar de motor uitgeschakeld. Laat in zo’n geval de motor 2 minuten afkoelen en druk dan op de groene knop.
- extra veiligheid: het veiligheidsdeksel (51) kan worden vergrendeld door een hangslot door de sluithaak (52) te steken. Het deksel dient tevens als makkelijk te lokaliseren noodstopknop; door een druk op de voorzijde van het deksel wordt de uitschakelknop ingedrukt. Kromgetrokken werkstukken (in de lengte van de plank) (fig. P1 – P4) Als uw werkstuk ook maar een klein beetje kromgetrokken is, schaaft u beide kanten om de juiste dikte te bereiken. B&D_17 NEDERLANDS Doorgebogen werkstukken (fig. P1 & P2) De invoerrollen en de schaafkop zullen het werkstuk tijdelijk vlak duwen (fig. P1). De doorbuiging komt terug na het schaven (fig. P2).
- Gebruik een sleuvenfrees om de doorbuiging te verwijderen.
Kromgetrokken werkstukken (in de breedte van de plank) (fig. P3 & P4)
- Zaag het werkstuk in het midden in de lengterichting van het hout door (fig P3).
- Schaaf de stukken apart om afval te voorkomen.
- Een andere mogelijkheid is: eerst het bovenvlak (55) schaven, vervolgens het werkstuk omdraaien en het ondervlak (56) schaven (fig. P4). Stofafzuiging (fig. A) De machine is uitgerust met een 100 mm stofafzuigpoort op de spaanopvangbak (4). Met behulp van een geschikte stofafzuiger kan 90% van het gemaakte afval worden opgevangen als de luchtstroom tenminste 20 m/s bedraagt.
- Sluit bij alle werkzaamheden een geschikte stofafzuiger aan.
- Sluit indien mogelijk een stofafzuiger aan die voldoet aan de geldende richtlijnen voor stofemissie. Transport (fig. Q) De zelfrichtende wielen (30) zorgen voor een eenvoudiger transport van de machine. Plaats de eenheid weer in de schaafkop (57). Stel het blad af zoals hieronder beschreven. Draai de bouten (58) vast (draaimoment: 6-8 Nm). Herhaal dit voor het andere blad. Afstellen van de bladen (fig. R3)
- Controleer de positie van het blad (60) aan beide kanten.
- Positioneer het ijkplaatje (64) boven de schaafkop (57) zoals afgebeeld.
- De onderkant van het plaatje moet samenvallen met de snijrand van het blad (60).
- Het afstellen geschiedt als volgt:
- Draai iedere afstelschroef (65) in of uit totdat de snijrand van het blad met het ijkplaatje samenvalt. Opnieuw scherpen van de bladen De bladen kunnen worden aangescherpt op 42°. De bladen kunnen tot maximaal 3 mm ten opzichte van hun originele formaat worden aangescherpt. Indien het formaat van het blad meer dan 3 mm is afgenomen, dienen de bladen te worden vervangen. Smering Uw machine heeft geen extra smering nodig. Opties Uw dealer verstrekt u graag de nodige informatie over de juiste accessoires. Daartoe behoren ook reserve-schaafbladen (DE7330). Onderhoud Uw DEWALT-machine is ontworpen om gedurende lange tijd probleemloos te functioneren met een minimum aan onderhoud. Een juiste behandeling en regelmatige reiniging van de machine garanderen een hoge levensduur. Reiniging Houd de ventilatiesleuven vrij en maak de behuizing regelmatig schoon met een zachte doek.
- Houd de tafels schoon en vrij van vet. Breng regelmatig was op de tafels aan.
- Houd de machine vrij van stof en spaanafval.
- Controleer en reinig dagelijks de terugslag- en invoerrollen. Vervangen van de bladen (fig. R1 & R2) De machine is uitgerust met een schaafkop waarin twee bladen geplaatst worden. Gebruikte machines en het milieu Wanneer uw oude machine aan vervanging toe is, breng deze dan naar een DEWALT Service-center waar de machine op milieuvriendelijke wijze zal worden verwerkt. Vervang steeds beide bladen. Scherpe randen. Draag handschoenen als u de bladen vervangt. Haal voor het vervangen van de bladen altijd de stekker uit het stopcontact. Verwijderen van de bladen
- Verwijder de geleider en de beschermkap.
- Verdraai de schaafkop (57) voorzichtig totdat het eerste blad zichtbaar wordt.
- Draai de bouten (58) los met behulp van de meegeleverde steeksleutel.
- Licht het blad met houder (59) uit de schaafkop. Gebruik indien nodig een langbektang.
- Verwijder het blad (60) van de houder (61).
- Herhaal dit voor het andere blad. Aanbrengen van de bladen
- Bevestig het blad (60) aan de houder (61). Zorg dat de koppen (62) van de buitenste bouten in de sleuven (63) vallen. B&D_17
- 30 DAGEN „NIET GOED, GELD TERUG“ GARANTIE • Indien uw DEWALT-machine om welke reden dan ook niet geheel aan uw verwachtingen voldoet, stuurt u de machine dan compleet zoals bij aankoop binnen 30 dagen terug naar DEWALT, samen met uw aankoopbewijs en uw rekeningnummer. U ontvangt dan uw geld terug.
- 1 JAAR GRATIS SERVICE-CONTRACT • Mocht uw DEWALT-machine binnen 12 maanden na aankoop nazicht of reparatie behoeven, dan worden deze werkzaamheden gratis uitgevoerd in onze Service-centers op vertoon van het aankoopbewijs. Stuur uw machine rechtstreeks of via uw dealer naar een erkend DEWALT Service-center.
- 1 JAAR GARANTIE • Mocht uw DEWALT-machine binnen 12 maanden na datum van aankoop defect raken tengevolge van materiaal- of constructiefouten, dan garanderen wij de kosteloze vervanging van alle defecte delen of van het hele apparaat, zulks ter beoordeling van DEWALT, op voorwaarde dat:
- het produkt niet foutief gebruikt werd
- het produkt niet gerepareerd is door onbevoegden
- het aankoopbewijs met daarop de aankoopdatum wordt overlegd Informeer bij uw dealer of bij het DEWALT-hoofdkantoor naar het adres van het dichtstbijzijnde Service-center (zie de achterzijde van deze handleiding). Een overzicht van erkende DEWALT Service-centers en nadere informatie over onze service vindt u ook op Internet: www.2helpU.com
SimpelGids