DJM-1000 - Mengpaneel PIONEER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis DJM-1000 PIONEER in PDF-formaat.

📄 98 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice PIONEER DJM-1000 - page 66
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Español ES Italiano IT Nederlands NL

Download de handleiding voor uw Mengpaneel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DJM-1000 - PIONEER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DJM-1000 van het merk PIONEER.

GEBRUIKSAANWIJZING DJM-1000 PIONEER

Hartelijk dank voor de aanschaf van dit Pioneer produit. Lees de gebruiksaanwijzing aanachtig door zodat u het apparaat op de juiste wijze kunt bedieren. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor het geval u deze in de toekomst nogmaals nodig heeft.

Het is möglichk dat in bepaalde landen of gebieden de uitvoering van de netstekker en het stopkontakt verschilt van hetgeen in deze gebuiksaanwijzing is afgebeeld. De aansluitmethode en bediening zijn in dergelijke geallenECHTER precies hetzelfde. K015 Du

BELANGRIJK

PIONEER DJM-1000 - BELANGRIJK - 1

Delichtflash met pijlpuntsymbol in eengelijkzijdige driehoe is bedoed om deaandacht van de gebruekers te trekken opeieniet geisoleerde "gevaartlijke spanning"in het toestel, welke voldoende kan zichon om bijaanraking een elektrische shock tevoorzaken.

CAUTION

RISK OF ELECTRIC SHOCK DO NOT OPEN

WAARSCHUWING:

OM HET GEVAAR VOOR EEN ELEKTRISCHE SHOCK TE VOORKOMEN, DEKSEL (OF RUG) NIET VERWIJDEREN. AAN DE BINNENZJIDE BEVINDEN ZICH GEEN ELEMENTEN DIE DOOR DE GEBRUIKER KUNNNB EDIEND WORDEN, ENKEL DOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL TE BEDIENEN.

PIONEER DJM-1000 - WAARSCHUWING: - 1

Het uitroepteken in een glikzijdige driehoek is bedoeld om de aandacht van de gebruiker te treken op de aanweizigkeit van belangrijke bedienings- en onderhoudsinstructies in de handeiding bij dit toestel.

D3-4-2-1-1_Du

WAARSCHUWING

Dit apparaat is nicht waterdicht. Om brand of een elektrische schok te voorkomen, mag u geen voorwerp dat vloeistof bevat in de buurt van het apparaat zetten (bijvoorbeeld een bloemenvaas) of het apparaat op andere wijzeblootstellen aan waterdruppels, opspattend water, regen of vocht.

D3-4-2-1-3_A_Du

WAARSCHUWING

Lees zorgvuldig de volgende informatie voordat u de stekker de eerste maal in het stopcontact steekt.

De bedriffspanning van het apparaat verschift afhankelijk van het land waar het apparaat worden verkocht. Zorg dat de netspanning in het land waar het apparaat worden gebruikt overeenkomt met de bedriffspanning (bijv. 230V of 120V) aangegeven op dechterkant van het apparaat. D3-4-2-1-4_A_Du

WAARSCHUWING

Om brand te voorkomen, mag u geen open vuur (zoals een brandende koars) op de apparatuur

zetten.

D3-4-2-1-7a_A_Du

BELANGRIJKE INFORMATIE BETREFFENDE DE VENTILATIE

Let er bij het installereren van het apparaat op dat er voldoende vrije ruimte rondom het apparaat is om een goede doorstroming van lucht te waarborgen (tenminste 5 cm awhile en 3 cm aan de zijkanten van het apparaat).

WAARSCHUWING

De gleuven en openings in de behuizing van het apparaat waar de aangebracht voor de ventilatie, zodateen betrouwbare werkig van het apparaat worden verkregen en oververhitting worden voorkomen. Om brand te voorkomen, moet u ervoor zorgen dat deze openings nooit geblokkeerd worden of dat ze afedegt worden door voorwerpen (kranten, tafelkleed, gordijn e.d.) of door gebruik van het apparaat op een dik tapijt of een bed. D3-4-2-1-7b_A_Du

Gebruiksomgeving

Temperatuur en vochtigheidsgraad op deplaats van gebruik:

+5°- +35°C, minder dan 85% RH (ventilatieopengeniet afgedekt)

Zet het apparaat Niet op een slecht geventileerdeplaats en stel het apparaat ook Niet bloot aan hove

vochtigkeit of direct zonlicht (of sterke kunstmatige verlichting). D3-4-2-1-7c

Dit product voldoet aan de laagspanningsrichtlijn (73/23/EEG, gewijzigd bij 93/68/EEG), EMC-richlijnen (89/336/EEG, gewijzigd bij 92/31/EEG en 93/68/EEG). D3-4-2-1-9a_Du

Als de netstekker van dit apparaat Niet geschikt is voor het stopcontact dat u wilt gebruiken, moet u de stekker verwijderen en een geschikte stekker aanbrengen. Laat het verrangen en aanbrengen van een nuwe netstekker over aan vakkundig onderhoudspersoneel. Als de verwijderde stekker per ongeluk in een stopcontact zou worden gestoken, kan dit resulteren in een ernstige elektrische schok. Zorg er.daarom voor dat de oude stekker na het verwijderen op de juiste wijze worden weggegooid.

Haal de stekker van het netsnoer uit het stopcontact wanner u het apparataat geruimeijd nat denkt te gebruiken (bjv. wanner u op vakantie gaat).

D3-4-2-2-1a_A_Du

LET OP

De POWER schakelaar van dit apparaat koppelt het apparaat Niet volledig los van het lichtnet. Aangezien er na het uitschakenen van het apparaat nog eenkleine hoeveelheid stroom blijft lopen, moet u de stekker uit het stopcontact halen om het apparaat volledig van het lichtnet los te koppelen. Plaats het apparaat zodenig dat de stekker in een noodgeval gemakkelijk uit het stopcontact kan worden gehaal. Om brand te voorkomen, moet u de stekker uit het stopcontact het halen wanner u het apparaat langere tijd Niet denkt te gebruiken (bijv. wanner u opvakantie gunshot). D3-4-2-2-a_A_Du

Pak het netsnoer beet bij de stekker. Trek de stekker er Niet uit door aan het snoer te trekken en trek nooit aan het netsnoer met natte hande angezieten dit kortsluiting of een elektrische schok toget volg kan hebben. Plaats geen toestel, meubelstuk o.i.d. op het netsnoer, en klem het Niet vast. Maak er nooit een knoop en en verbind het evenmin met andere snoeren. De netsnoeren dienen zo te worden geleid dat er niert per ongeluk iemand op gaat staan. Eien beschadigd netsnoer kan brand of een elektrische schok voroorzaken. Kontroleer het netsnoer af en toe. Wanner u de indruk krijt dat het beschadigd is, dient u bij uw dichtstbijzijnde erkende PIONEER onderhoudscentrum of uw dealer een nieuw snoer te kopen.

① Hoogwaardig ontwerp voor een topkwaliteit geluid

De analoge signalen worden via het kortste signaalpad overgebracht en omgezet in digitale signalen via een 24-bit topkwaliteit A/D-omzetter met 96kHz bemonstering, zodate onder optimale omstandigheden bij de digitale meldtrap binnenkomen.

Door gebruik van een 32-bit DSP worden de geluidskwaliteit bij het mengen Niet aangetast en de gewijktijdige ideale filtering biedt een optimaal geluid voor professionele DJ's in discoclients of andere gelegenheden.

Om zoveel möglichk profijt te hebben van deze voorzieningen is veel zorg besteed aan het perfectioneren van de geluidskwaliteit, Zoals toepassing van een solide ombouw om trillingen te voorkomen die een nadelige invloed zouden kutnen hebben, plus gebruik van een hoogwaardig vermogensgedeelte met een R-kern transformator die zorgt voor een hoge baskwaliteit, waardoor een HOLDER en krachtig geluid bij uitstek geschikt voor weergave in clubs is verkreten.

(2) 3-bands isolator

Ingebouwde 3-bands isolator die een niveauregeling van +6 dB tot - op elke bandbreedte biodt.

De nauwkeurige bedienningsregeling zorgt voor een große variëteit in de möglichkheden van de DJ.

(3) 2-systemen, 3-typen SEND/RETURN

De 2-systemen, 3-typen SEND/RETURN (PRE INSERT/POST INSERT/AUX) is toegepast om meerde aansluitmogelijkheden met externe apparatuur te bieden, zoals effectors en samplers, zodat de DJweergavefuncties nog verder können worden uitgebrecht.

(4) Afstellen van de fadercurve

Met de fadercurve-afstelfunctiekestu niet alleen de kruisfadercurve afstellen (zoals bij vroegere modellen),maar tevens de kanaalfadercurve.

Beide faderfuncties können binnen 17 stappen worden afgesteld, zodate DJ's de instellingen aan hun eigengoorkeuren konnen aanpassen.

⑤ Digitale IN/OUT

Uitgerust met digitale ingangsansluitingen voor elk van de bemonsteringsfrequencies (44,1/48/96 kHz) waardoor een system kan worden opgezet waar bij er geen vermindering in de geluidskwaliteit optreedt bij het aansluten op externe digitale apparaten.

Tevens is er een DIGITAL OUT aansluiting met 24-bit/96 kHz demonsteringsfrequentie voor opname in studio's en op andere plaatsen waar een hoge geluidskwaliteit gewenst is.

Ondersteunt alleen lineaire PCM.

(6) MIDI OUT

Uitvoer van MIDI signalen voor MIDI regeling van externe apparatuur.

⑦ Digitale linkfunctie

Door met behulp van digitale linkkabels andere PIONEER DJ CD-spelers, DJ-effectors en AV-mengpanelen aan te sluiten hebt u de beschikking over diverse interessante bedieningsfuncties.

Overige kenmerken

  • Door dit apparaat met behulp van een bedieningssignaalkabel op een PIONEER CD-speler voor DJ-gebruik aan te sluiten, kan het afspelen op de CD-speler automatisch gestart worden door de fader te bedieren ("faderstart-weergave").
  • Ingebouwde "3-bands equalizer" met een niveauregeling over een bereik van +6 dB tot -26 dB bij elke bandbreedte.
  • Voorzien van "2-bands monitor-EQ" voor regeling van de cabinemonitor-respons, waardoor cabinecontrole door de DJ worden vergemakkelijk.
  • Ingebouwde "kruisfader-toewijzing" functie voor een meer flexibele toewijzing van de kanaalingangen aan de kruisfader.
  • Ingebouwde "TALK OVER functie" voor het automatisch verlagen van het muziekvolumeijdens MIC-invoer.

INHOUDSOPGAVE

KENMERKEN 67

CONTROLER DE ACCESSOIRES 67

WAARSCHUWINGEN I.V.M. HET GEBRUIK 68

VOOR GEBRUIK

AANSLUITINGEN 69

AANSLUITINGPANEL 69
AANSLUITEN VAN HET NETSNOER 70
AANSLUITEN VAN APPARATUUR OP DE INGANGSAANSLUITINGEN 70
AANSLUITEN VAN DE EFFECTOR EN ANDERE
APPARATUUR OP DE UITGANGEN 71
MIDI-AANSLUITINGEN 71
AANSLUITEN VAN MICROFOONS EN HOOFDTELEFOONS 72
DIGITALE LINK-AANSLUITINGEN 72

BENAMING EN FUNCTIE VAN DE

BEDIENINGSORGANEN 73

BEDIENING

BEDIENING 77

BASISBEDIENING 77

INSTELLEN VAN DE FADERCURVE 77

FADERSTARTFUNCTIE 78

GEBRUK VAN EXTERNE EFFECTORS 78

DIGITALELINKFUNCTIE 79

OVERIG

ZELF STORINGEN VERHELPEN 80

Gebruiksaanwijzing 1

Netsnoer 1

WAARSCHUWINGEN I.V.M. HET GEBRUIK

Installatieplek

Installer het toestel in een goed verluchtte ruimte, waar het Niet aan hoge temperaturen of vocht worden blootgesteld.

  • Installee het toestel Niet in een ruimte die aan directe zonnestralen is blootgesteld, of的那一kachels of radiators. De buitenkant en de interne bestanddelen hunnen door te grote ditte worden beschadigd. De installmentie van het toestel in een vochtige of stoffige omgeving kan ook stoornissen of ongelukken tot gevolg hebben. (Vermijd plaatsing naast fornuizen, etc. waar het toestel aan vette dampen, stoom of ditte zou worden blootgesteld.)
  • Wanner het toestel in een koffer of in een DJ-cabine worden gezruikt, moet het van de wanden worden verwijderd om de warmteuitstraling te bevorderen.

Opstelling van de DJM-1000 in een EIA-rek

De schroefgaten in het voorpaneel van de DJM-1000 dienen om het apparaat in een 19-inch EIA-rek te bevestigen.

  • Bevestig het apparaat met schroeven van de juiste maat in het rek (deze schroeven worden nicht bijgeleverd).
  • Wanner het apparaat in een rek worden opgesteld,要去 erop letten dat uw vingers Niet klem komt te zitten.

Opmerkingen

  • Zet dit apparaat nooit op een eindversterker aangezien de warmte van de versterker het apparaat zou+kennen beschadigen. Wonneer het apparaat bovenop een eindversterker staat, hunnen ook amateurradiosignalen of andere soorten interferentiesignalen opgepikt worden.
  • Houd minimaal 1U (43,7 mm) ruimte vrijCUSen dit apparaat en het apparaat dat erboven worden opgesteld, zodat de snoeren die op de ingangs-/uitgangsaansluitingen van dit apparaat worden aangesloten nicht in contactkommen met het apparaat erboven.
  • Verwijder het apparaat algijd uit het rek voordat u het apparaat gaat vervoeren of verzenden.
  • Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat wonneer dit zich nog in het rek bevindt, om te voorkomen dat het apparaat aan schokken of trillingen worden blootgesteld.

Condensatie

Wanner het toestel van een koude omgevingaar een warme kamer wordt overgeplaatst of wanner de kamertemporatuur plots stijgt, kan er binnenin condensatie worden gezormd, zodat het toestel Nieteer optimaal functioneert. In dergelijk gevallen moet u het toestel ongeveer een uur latent staan of de kamertemporatuur geleidelijk opvoeren.

Het toestel schoonmaken

  • Gebruik een poetsdoek om het stof en het vuil weg te nemen.
  • Wanner de buitenkant erg vuil is, kurz u deze met een in een neutraal, met vijf à zes keer zoveel water verdund reinigingsmiddel gedrenkte en goed uitgewrongen zachte doek schoonmaken en eindhoven met een droge doeck. Gebruik geen meubelwas of vlekkenmiddelen.
  • Gebruik nooit verdunners, benzeen, insecticiden of andere chemische producten op of in de buurt van dit toestel, want deze tasten de buitenkant aan.

AANSLUITINGEN

AANSLUITINGPANEL

PIONEER DJM-1000 - AANSLUITINGPANEL - 1

1. POWER schakelaar

2. MASTER uitgangsaansluiting 1 (MASTER 1)

XLR-type gebalanceerde uitgang (mannetjes-stekker).

3. MASTER uitgangsaansluiting 2 (MASTER 2)

RCA-type ongebalanceerde uitgang.

4. MASTER uitgangsniveau-verzwakkingsgregelaar (MASTER ATT.)

Voor het verzwakken van het uitgangsniveau van de MASTER 1 en MASTER 2 uitvoer.

Het verzwakkingsniveau kan worden ingesteld op 0 dB, -3 dB, -6 dB of -12 dB.

5. Opname-uitgangsaansluitingen (REC)

RCA-type uitgangsaansluitingen voor het makeen van opnamen.

6. PHONO ingangsaansluitingen

RCA-type phono-niveau (voor MM-element) ingangsansluitingen.

Gebruik deze aansluitingen nicht voor het invoeren van lijniveauausignalen.

7. Signalaal-aardeaansluiting (SIGNAL GND)

Sluit hierop de aarddraad van een analoge speler aan.

Dit is geen aansluiting voor veiligheidsaarde.

8. CD/LINE ingangsaansluitingen

RCA-type lijniveau-ingangsaansluitingen.

Gebruik deze aansluitingen voor DJ CD-spelers en/of lijniveau uitgangsapparaten.

9. SEND uitgangsaansluitingen (SEND 1, 2)

06,3 mm klinkstekkertype uitgangsaansluitingen.

Verbind deze aansluitingen met de ingangsaansluitingen van externe effectors enz.

Wanner alleen het L-kanaal is aangesloten, worden er een L + R monosignaluuitgevoerd.

10. MIDI uitgangsaansluiting (MIDI OUT)

DIN-type uitgangsaansluiting.

Verbind deze aansluiting met andere MIDI apparaten (blz. 71).

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel is aangesloten op een PIONEER videomengpaneel (switcher) die digitale link ondersteunt, kan de kruisfader van het videomengpaneel bediend worden met de kruisfader van de DJM-1000.

12. RETURN aansluitingen (RETURN 1, 2)

06,3 mm klinkstkerkertype uitgangsaansluiting.

Verbind denen aansluitingen met de uitgangsaansluitingen van externe effectors enz.

Wanneer alleen het L-kanaal is aangesloten, za het ingangssignaal van het L-kanaal ook maar het R-kanaal worden gestuurd.

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel worden aangesloten op een PIONEER DJ-effector die digitale link ondersteunt (EFX-1000), zullen de SEND/RETURN aansluitingen meteen digitaal werken en worden tevens functies zoals fadereffect geactiveerd.

14. LINE ingangsaansluitingen

06,3 mm klinkstekkertype lijniveau-aansluitingen.

Wanner alleen het L-kanaal is aangesloten, za het ingangssignaal van het L-kanaal ook maar het R-kanaal worden gestuurd.

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel worden aangesloten op een PIONEER DJ CD-speler die digitale link ondersteunt, zullen de digitale audio-aansluitingen en bedienings-signaalkabel-aansluitingen meteen gaan werken en worden tevens functies zoals BPM-synchro geactiveerd.

16. DIGITAL ingangsaansluitingen

RCA-type digitale coaxiale ingangsaansluitingen.

VerbindDEXe aansluitingen met de digitale coaxiale uitgangs-aansluitingen van een DJ CD-speler enz.

17. SUBMIC ingangsaansluitingen

06,3 mm klinkstekkertype microfoon-ingangsaansluitingen.

De kanalen 5 en 6 van de DJM-1000 worden als de microfoon-ingangsgkanalen gezruikt.

18. CONTROL aansluitingen

03,5 mm mini-klinkstekkertype ingangsaansluiting voor het aansluten van de bedieningssignaalkabel op de DJ CD-speler.

De faderfunctie van de DJM-1000 kan dan gebruikt worden voor de bediening van de start/stopfunctie van de aangesloten DJ CD-speler.

19. BOOTH monitor-uitgangsaansluitingen

Ø6,3 mm klinkstekkertype uitgangsaansluitingen voor de cabinemonitor. Het volume worden geregold met de BOOTH MONITOR regelaar (LEVEL),+zonder dat dit van invloed is op de MASTER fader (aangezien de uitvoer TRS is, wordt zowel gebalanceerde als ongebalanceerde uitvoer ondersteund).

20. Digitale uitgangsaansluiting (DIGITAL OUT)

RCA-type digitale coaxialeuitgangsaansluiting.

Digitale hoofduitgang.

21. Bemonsteringsfrequentie-keuzeschakelaar (48k/96k)

Voor het kiezen van de bemonsteringsfrequentie van de digitaleuitgang (96 kHz of 48 kHz).

22. Netstroomingang (AC IN)

Sluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan.

Schakel de apparatuur uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u aansluitingen maakt of deze wijzigt.

AANSLUITEN VAN HET NETSNOER

Sluit het netsnoer als LASTE aan.

  • Nadat alle aansluitingen zijn voltooid, sluit u het bijgeleverde netsnoor op de netstroomingang aan dechterkant van dit apparaat aan en steekt dan de netstekker in een stopcontact of in een netstroomuitgang van de versterker.
  • Gebruik uitsluitend het bijgeleverde netsnoer.

AANSLUITEN VAN APPARATUUR OP DE INGANGSAANSLUITINGEN

PIONEER DJ CD-spelers

Verbind de audio-uitgangsaansluitingen van de DJ CD-speler met een set CD/LINE ingangsaansluitingen van de DJM-1000 en sluit de bedieningssignaalkabel op de bijbehorende CONTROL aansluiting van het kanaal aan. Zet de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [CD/LINE].

Bij het maken van digitale aansluitingen verbindt u de digitale coaxialeuitgangsaansluiting met een van de DIGITAL ingangsaansluitingen van de DJM-1000 en zet dan de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [DIGITAL] (er zichen geen digitale ingangsaansluitingen voor kanaal 1 en kanaal 2).

Analogeplatenspelers

Verbind de audio-uitgangskabels van de analoge platenspeler met een set PHONO ingangsaansluitingen van de DJM-1000 enzet de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [PHONO]. De PHONO ingang van de DJM-1000 is geschikt voor MM-elementen.

Sluit de aardkabel van de analoge platenspeler op een van de SIGNAL GND aansluitingen aan.

Andere lijnniveau uitgangsapparaten

Wanner u een cassettedeck of CD-speler aansluit, verbindt u de audio-uitgangsaansluitingen met een van de CD/LINE ingangsaansluitingen van de DJM-1000 enzet dan de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [CD/LINE].

Als de aansluitstekker een 6,3 mm klinkstkeker is, verbindt u deze met een van de LINE ingangsaansluitingen van de DJM-1000 en zet dan de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [LINE] (er+zijn geen LINE ingangsaansluitingen voor kanaal 5 en kanaal 6). Wanner alleen het L-kanaal is aangesloten, zal het ingangssignaal van het L-kanaal ook�n het R-kanaal worden gestuurd.

Digitale uitgangsapparaten

Bij het maken van digitale verbindingen met apparaten zoals een CD-speler verbindt u de digitale coaxiale uitgangsaansluiting van het apparaat met een van de DIGITAL ingangsaansluitingen van de DJM-1000 en zet dan de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [DIGITAL] (er� geen DIGITAL ingangsaansluitingen voor kanaal 1 en kanaal 2).

PIONEER DJM-1000 - Digitale uitgangsapparaten - 1

AANSLUITEN VAN DE EFFECTOR EN ANDERE APPARATUUR OP DE UITGANGEN

Hoofduitgang

Er is een XLR-type gebalanceerde uitgang MASTER 1 en een RCAType ongebalanceerde uitgang MASTER 2. Stel het uitgangsniveau met de MASTER ATT. regelaar in overeenkomstig de ingangsgevoeligheid van de aangesloten eindversterker.

Cabinemonitor-uitgang

Ongebalanceerdeuitgang geschikt voor een 06,3mm klinkstekker. Het volume kan worden geregeld met de BOOTH MONITOR regelaar (LEVEL), ongeacht de instelling van de MASTER fader.

Opname-uitgang

Uitgangsaansluitingen voor opnemen, geschikt voor RCA-stekker.

External effector

Gebruik een kabel met 6,3 mm klinkstekkers om de SEND aansluitingen van het DJ-mengpaneel te verbinden met de ingangsaansluitingen van een externe effector. Bij gebruik van een effector met een mono-ingang dient u alleen de L-kanaaluitgang aan te sluiten. In dit geval zar het gemengde L/R audiosignalaar de effector worden gestuurd.

Gebruik ook een kabel met 6,3 mm klinkstekkers om de RETURN aansluitingen van het DJ-mengpaneel te verbinden met de uitgangsaansluitingen van de externe effector.

Als de effector alleen een mono-uitgang heeft, dient alleen de L-kanaal ingang te worden aangesloten. In dit geval za het signal van de effector maar de L/R kanalen worden gestuurd.

Digitaleuitgang

Coaxiale digitale uitgangsaansluitingen, geschikt voor RCAstekker. De bemonsteringsfrequentie kan worden ingesteld overeenkomstig het aangesloten apparaat (96 kHz/48 kHz).

PIONEER DJM-1000 - Digitaleuitgang - 1

MIDI-AANSLUITINGEN

MIDI (digital interface voor muziekinstrument) is een gemeinschappelijk norm voor het overbrengen van gegevensCUSen elektrische muziekinstrumenten en computers.

De geveens konnen met behulp van een MIDI kabel worden overgebracht tussen apparaten die zich uitgerust met MIDI aansluitingen.

De DJM-1000 kan via het MIDI protocol bedieningsgegevens zendenaar externe MIDI apparaten.

DJM-1000 bedieningMIDI bedieningscodeMIDI bedieningsnaamMIDI kanaal
Bediening van de kruisfaderCC11Expressie1
  • 0-127 MIDI gegevens worden uitgevoerd via bediening van de kruisfader.
  • Bij gelebruik van de visuèle linkfunctie worden er geen MIDI data uitgevoerd.

AANSLUITEEN VAN MICROFOONS EN HOOFTELEFOONS

Hoofdtelefoon

Op de PHONES aansluiting van het bedieningspaneel (bovenpaneel) kan een hoofdtelefoon met een 6,3 mm stereo klinkstekker worden aangesloten.

Hoofdmicrofoon

Op de MIC aansluiting van het bedieningspaneel (bovenpaneel) kan een microfoon met een 6,3 mm stereo klinkstekker of XLR-stekker worden aangesloten.

Submicrofoon

Op de SUBMIC ingangsaansluitingen van kanaal 5 en kanaal 6 van de DJM-1000 kan een microfoon met een 6,3 mm klinkstekker worden aangesloten.

Zet de ingangskeuzeschakelaar van het aangesloten kanaal op [SUBMIC].

PIONEER DJM-1000 - Submicrofoon - 1
DIGITALE LINK-AANSLUITINGEN

(Inclusief verbinding met toekomstige apparatuur die digitale link ondersteunt.)

PIONEER DJM-1000 - Submicrofoon - 2

Door een enkele speciale kabel (digitale linkkabel) aan te sluiten(APK)en bedieningssignalen digitaal worden overgebracht (er hoeven geen extra audiokabels of bedieningssignaalkabels te worden aangesloten).

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel is aangesloten op een PIONEER videomengpaneel (switcher) die digitale link ondersteunt, kan de kruisfader van het videomengpaneel bediend worden met de kruisfader van de DJM-1000. (blz. 79)

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel worden aangesloten op een PIONEER DJ-effector die digitale link ondersteunt (EFX-1000), zullen de SEND/RETURN aansluitingen meteen digitaal werkken waardoor fadereffectfuncties en BPM-synchrofuncties beschikbaar zich wanner de geluidlink-verbindingen worden gezruikt. (blz. 79)

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel worden aangesloten op een PIONEER DJ CDspeler die digitale link ondersteunt, zullen de digitale audio-aansluitingen en bedieningssignaalkabel-aansluitingen meteen gaan werken en worden tevens functies zoals BPM-synchro geactiveerd. Zet de ingangskeuzeschakelaar van kanaal 1 en 2 op [SOUND 1] en [SOUND 2]. (blz. 79)

BENAMING EN FUNC TIE VAN DE BEDIENINGSORGANEN

Bedieningspaneel

PIONEER DJM-1000 - Bedieningspaneel - 1

Hoofdmicrofoon-invoer bedieningsgedeelte

1. MIC hoofdmicrofoon-aansluiting

Sluit hierop een microfoon met een XLR-type stekker of klinkstekker aan.

2. MIC LEVEL niveauregelaar

Voor het instellen van het volume van de hoofdmicrofoon. (Instelbereik: - tot 0 dB)

3. Regelaar voor het hogetonnenbereik van de microfoon (EQ HI)

Voor het instellen van de hoge tonen van de hoofdmicrofoon. (Instelbereik: -6 dB tot +6 dB)

4. Regelaar voor het lagetonenbereik van de microfoon (EQ LOW)

Voor het instellen van de lage tonen van de hoofdmicroloon. (Instelbereik: -6 dB tot +6 dB)

5. Microfoonfunctie-indicator

Licht op wanseer de MIC keuzeschakelaar op [ON] is ingesteld. Knippert wanseer de keuzeschakelaar op [TALK OVER] staat.

6. MIC functiekeuzeschakelaar

OFF:

Het hoofdmicrofoongeluid worden Niet uitgevoerd.

ON:

Het hoofdmicrofoongeluid worden uitgevoerd.

TALK OVER:

Het hoofdmicrofoongeluid worden uitgevoerd. Wanneer geluid hoger dan -15 dB maar de hoofdmicroloon-ingang wordt gevoerd, za de TALK OVER functie in werkig treden en worden de uitvoer van alle geluid, behalve het geluid van de hoofdmicroloon, met 20 dB verzwakt.

Kanaal-invoer bedieningsgedeelte

7. Kanaal 1 ingangskeuzeschakelaar

SOUND 1:

Speciale ingang voor DJ CD-spelers die geschikt zijn voor digitale link (mini-DIN aansluiting).

LINE:

Klinkstekkertype (wanner alleen een monosignaal waar het L-kanaal worden gevoerd, za het signaal zowel waar het L-kanaal als het R-kanaal worden gestuurd).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

8. Kanaal 2 ingangskeuzeschakelaar

SOUND 2:

Speciale ingang voor DJ CD-spelers die geschikt zijn voor digitale link (mini-DIN aansluiting).

LINE:

Klinkstekkertype (wonneer alleen een monosignaal waar het L-kanaal worden gevoerd, za het signaal zowel waar het L-kanaal als het R-kanaal worden gestuurd).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

9. Kanaal 3 ingangskeuzeschakelaar DIGITAL:

RCA-type aansluiting voor digitale invoor via coaxiale kabel.

LINE:

Klinkstekkertype (wonneer alleen een monosignaal waar het L-kanaal worden gevoerd, za het signaal zowel waar het L-kanaal als het R-kanaal worden gestuurd).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

10. Kanaal 4 ingangskeuzeschakelaar

DIGITAL:

RCA-type aansluiting voor digitale invoor via coaxiale kabel.

LINE:

Klinkstekkertype (wonneer alleen een monosignaal waar het L-kanaal worden gevoerd, za het signaal zowel waar het L-kanaal als het R-kanaal worden gestuurd).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

11. Kanaal 5 ingangskeuzeschakelaar

DIGITAL:

RCA-type aansluiting voor digitale invoor via coaxiale kabel.

SUBMIC:

Klinkstekkertype voor submicrofoon-invoer (mono).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

12. Kanaal 6 ingangskeuzeschakelaar

DIGITAL:

RCA-type aansluiting voor digitale invoor via coaxiale kabel.

SUBMIC:

Klinkstekkertype voor submicroloon-invoer (mono).

CD/LINE:

RCA-type aansluiting met lijniveau-invoer.

PHONO:

RCA-type aansluiting met phononiveau-invoer.

13. Kanaal 1-6 TRIM regelaars

Voor het instellen van het ingangsniveau van elk kanaal. (Instelbereik: - tot +9 dB, nadert 0 dB in de middenstand)

14. Regelaars voor het hogetonenbereik van de kanalen (EQ HI)

Voor het instellen van de hoge tonen van elk kanaal.

(Instelbereik: -26 dB tot +6 dB)

15. Regelaars voor het middentonenbereik van de kanalen (EQ MID)

Voor het instellen van de middentonen van elk kanaal. (Instelbereik: -26 dB tot +6 dB)

16. Regelaars voor het lagetonbereik van de kanalen (EQ LOW)

Voor het instellen van de lage tonen van elk kanaal. (Instelbereik: -26 dB tot +6 dB)

17. Kanaalniveau-indicators

Deze indicators tonen het niveau van elk kanaal. Het display heeft een 2-seconden piekvasthoudfunctie.

18. Hoofdtelefoon CUE toets/indicators

De bron die gemonitord要去en via de hoofdtelefoon wordt gekozen door op de CUE toets voor RETURN 1, RETURN 2, kanaal 1-6, of MASTER te drukken. Wanner geijktijdig meerdere toetsen worden ingedrukt, zullen de gekozen geluiden gemengd worden. Wanner een toets nogmaals worden ingedrukt, komt de selectie te verrallen.

De toetsen van de Niet gekozen bronnen lichten zwak op en de toetsen van de gekozen bronnen lichten helder op.

Fader-bedieningsgedeelte

19. CURVE ADJUST CH FADER regelaar

Voor het instellen van de curve-eigenschappen van de kanaalfader. (blz. 77)

20. CURVE ADJUST CROSS FADER regelaar

Voor het instellen van de curve-eigenschappen van de kruisfader. (blz. 77)

21. CROSS FADER ASSIGN schakelaars/indicators

Voor het kiezen van de kant van de kruisfader waar de uitvoer van elk kanaalaar toe gestuurd worden. (Wanneer bezelfde kant voor meerdere kanalen is gekozen, za het gecombineerde totaal aan die kant worden toegewezen.)

A:

De kanaaluitvoer worden maar de A Kant (linkerkant) van de kruisfader gestuurd. De A indicatorlicht op.

THRU:

De uitvoer van de kanaalfader worden maar de hoofduitvoer gestuurd,+zonder dat deze via de kruisfader loopt. De A en B indicator gaanuit.

B:

De kanaaluitvoer wordenaar de B kant (rechterkant) van de kruisfader gestuurd. De B indicatorlicht op.

22. A indicator voor kruisfader-toewijzing (A)

Licht oranje op wonneer de stroom is ingeschakeld.

23. Kruisfader-schuifregelaar

Het geluid dat maar de A Kant of B Kant worden gestuurd door de CROSS FADER ASSIGN schakelaar voor elk kanaal, worden uitgevoerd overeenkomstig de kruisfadercurve die is ingesteld met de CURVE ADJUST regelaar (CROSS FADER).

24. B indicator voor kruisfader-toewijzing (B)

Licht groen op wonneer de stroom is ingeschakeld.

25. Kanaalfader-schuifregelaar

Voor het instellen van het volume van elk kanaal. (Instelbereik: - tot 0 dB)

De uitvoer geleurt overeenkomstig de kanaalfadercurve die met de CURVE ADJUST regelaar (CH FADER) is ingesteld.

Hoofduitvoer-bedieningsgedeelte

26. MASTER faderschuifregelaar

Voor het instellen van het volume van de hoofduitvoer. (Instelbereik: - tot 0 dB)

De hoofduitvoer is een combinatie van het kanaal waarvan de audio is ingesteld op [THRU] met de CROSS FADER ASSIGNN schakelaar, samen met de audio die via de kruisfader loopt en de audio van de hoofdmicrofoon (afhankelijk van de functie, zal ook nog de RETURN invoer worden toegevoegd).

27. MASTER BALANCE regelaar

Voor het instellen van de L/R kanaalbalans van de hoofduitgang, cabinemonitor-uitgang, opname-uitgang en digitale uitgang.

28. MASTER LEVEL indicators (L, R)

Deze gehen de uitgangsniveauaus van het L-kanaal en R-kanaal aan. leder segment heeft een 2-seconden piekvasthoud-. functie.

29. MASTER ISOLATOR toets/indicator (ON)

Voor het in/uitschakelen van de hoofdisolatorfunctie.

De isolatorfunctie werkkt voor de hoofduitgang 1, hoofduitgang 2, cabinemonitor-uitgang, opname-uitgang en digitale uitgang.

Brandt nicht wanner uitgeschakeld en brandt wanneer ingeschakeld.

30. Regelaar voor het hogetonbereik van de MASTER ISOLATOR (HI)

Voor het instellen van de hoge tonen van het hoofduitgangssignaal.

(Instelbereik: - tot +6 dB)

31. Regelaar voor het middentonenbereik van de MASTER ISOLATOR (MID)

Voor het instellen van de middentonen van het hoofduitgangssignaal.

(Instelbereik: - tot +6 dB)

32. Regelaar voor het lagetonbereik van de MASTER ISOLATOR (LOW)

Voor het instellen van de lagetonen van het hoofduitgangssignaal.

(Instelbereik: - tot +6 dB)

Cabinemonitor-bedieningsgedeelte

33. Regelaar voor het hogetonbereik van de BOOTH MONITOR equalizer (HI)

Voor het instellen van de hoge tonen van het cabinemonitoruitgangssignaal.

(Instelbereik: -6 dB tot +6 dB)

34. Regelaar voor het lagetonenbereik van de BOOTH MONITOR equalizer (LOW)

Voor het instellen van de lage tonen van het cabinemonitoruitgangssignaal.

(Instelbereik: -6dB tot +6 dB)

35. BOOTH MONITOR LEVEL niveauregelaar

Voor het instellen van het volume van de cabinemonitoruitgang.

Deze instelling is onafhankelijk van de instelling van de hoofdfader.

(Instelbereik: - tot 0 dB)

Hoofdtelefoon-uitgangsgedeelte

36. Hoofdtelefoouitgang-keuzeschakelaar (HEADPHONES — MONO SPLIT/STEREO) MONO SPLIT:

De geluidsbron die gekozen is met de hoofdtelefooN CUE toets worden uitgevoerd via het linker kanaal en het hoofdgeluid worden uitgevoerd via het rechter kanaal (alleen wonneer MASTER gekozen is met de hoofdtelefooN CUE toets).

STEREO:

Het gekozen geluid worden in stereo uitgevoerd.

37. Hoofdtelefoon MIXING regelaar (HEADPHONES MIXING)

Als de regelaar maar rechts (MASTER rechting) worden gedraaid, zal het hoofdgeluid worden uitgevoerd (alleen wanner MASTER is gekozen met de hoofdtelefoon CUE toets); als de regelaar maar links (CUE rechting) worden gedraaid, zal het uitgevoerde geluid een Menging zichn van het geluid van het kanaal dat gekozen is met de hoofdtelefoon CUE toets en het geluid dat van de externe effector (RETURN) komt.

38. Hoofdtelefon LEVEL niveauregelaar (HEADPHONES LEVEL)

Voor het instellen van het uitgangsvolume van de hoofd-telefoon-aansluiting.

(Instelbereik: - tot 0 dB)

39. Hoofdtelefoonaansluiting (PHONES)

SEND/RETURN gedeelte

40. SEND/RETURN typekeuzeschakelaars

Voor het omschakelen:tussen de zendtrap (SEND) en de invoertrap (RETURN) voor de signalen bij aansluiting op een externe effector (blz. 78).

PIONEER DJM-1000 - SEND/RETURN typekeuzeschakelaars - 1
[Vór-invoertype]

PIONEER DJM-1000 - SEND/RETURN typekeuzeschakelaars - 2
[Na-invoertype]

PIONEER DJM-1000 - SEND/RETURN typekeuzeschakelaars - 3
[AUX type]

41. SEND kanaalkeuzeschakelaars

Gebruik deze schakelaars om audio van de MIC, kanalen 1-6 en MASTER te zenden.

42. RETURN ingangsniveauregelaars (LEVEL)

Voor het instellen van het niveau van het teruggevoerde signaal.

(Instelbereik: - tot +6 dB)

43. SEND/RETURN toetsen/indicators (ON)

Gebruik deze toetsen om de SEND/RETURN bediening van het gekozen type op het geselecteerde kanaal ON/OFF te schakelen.

De indicatorlicht op wanner er een stekker in de RETURN aansluiting worden gestoken of als een apparaat dat digitale link ondersteunt op de EFX aansluiting worden aangesloten. Als de toets worden ingedrukt verwijl de indicator oplicht, za de functie ingeschakeld worden en gaat de indicator knipperen. Wanner de indicator brandt, is het ingangssignalaar nad de RETURN aansluiting geactiveerd. Wanner een digitale-link apparaat op de EFX aansluiting is aangesloten, heeft het digitale-link apparaat (digital signal) voorrang.

Linkfunctie ON/OFF gedeelte

Als het apparaat met behulp van een digitale linkkabel (mini-DIN aansluiting) is aangesloten op een PIONEER videomengpaneel/swifter die digitale link ondersteunt, kan de kruisfader van het videomengpaneel bediend worden met de kruisfader van de DJM-1000.

De indicatorlicht op wanner de functie worden geschakeld.

Als dit apparaat via digitale link verbonden is met een PIONEER DJ-effector die digitale link ondersteunt (EFX-1000), en er tevens een PIONEER DJ CD-speler die digitale link ondersteunt is aangesloten via een digitale linkkabel (mini DIN aansluiting),kest u deze toeelsen op ON zetten voor het inschakelen van de BPM-synchrofuncties.

De indicatorlicht op wanner de functie worden geschakeld.

Als een digitale linkkabel (mini DIN aansluiting) worden gebrukt om dit apparaat aan te sluiten op een PIONEER DJ-effector die digitale link ondersteunt (EFX-1000),URT u deze toetsen op ON zetten om de fadereffectfuncties in te schakelen.

De indicatorlicht op wanner de functie worden geschakeld.

Fader-start/stop ON/OFF gedeelte

47. Fader-start toets/indicators (FADER START CH-1 tot CH-6)

Als de CROSS FADER ASSIGN schakelaars van de kanalen gezruikt worden om [A] of [B] te selecteren, zal de kruisfader-start/stopfunctie van de DJ CD-speler voor het betreffende kanaal ON/OFF geschakeld worden.

Als [THRU] geseleerd worden met de CROSS FADER ASSIGN schakelaar van het kanaal, zal de kanaalfader-start/stopfunctie van de DJ CD-speler voor het betreffende kanaal ON/OFF geschakeld worden.

De toets voor elk kanaal Licht op wanner de fader-start/stopfunctie op ON worden gezet en de toets dooft wanner de fader-start/stopfunctie op OFF worden gezet.

BEDIENING

BASISBEDIENING

PIONEER DJM-1000 - BASISBEDIENING - 1

  1. Zet de POWER schakelaar op het achterpaneel (aansluitingenpaneel) op ON.
  2. Stel de ingangskeuzeschakelaars voor de kanalen die gezbruikt worden in op de apparaten die op deze kanalen zijn aangesloten.
  3. Gebruik de TRIM regelaar om het ingangsiveau in te stellen.
  4. Stel de klank in met de EQ regelaars (HI, MID, LOW).
  5. Stel het volume van het kanaal in met de kanaalfaderschuifigregelaar.
  6. Bij kruisfaden:tussen de kanalen gebruikt u de CROSS FADER ASSIGN schakelaar om kanaal [A] of kanaal [B] van de kruisfader te kiezen en dan bedient u de kruisfader.

  7. Wanneer u de kruisfader nicht gebruikt, kiest u [THRU] met de CROSS FADER ASSIGN schakelaars.

  8. Bij gebruik van de isolator schakelt u de MASTER ISOLATOR toets ON en stelt dan het niveau van elke bandbreedte af met de MASTER ISOLATOR regelaars (HI, MID, LOW).

  9. De MASTER ISOLATOR toetslicht op wanner deze op ON staat.
  10. Gebruik de MASTER faderschuifregelaar om het totale volume in te stellen en stel dan de linker en rechter volumebalans in met de MASTER BALANCE regelaar.

[Hoofdmicrofoon-invoer]

  1. Bij gezebruik van de hoofdmicroloon moet u de MIC keuzeschakelaar op [ON] of op [TALK OVER] zetten.
  2. Als de schakelaar op [TALK OVER] worden gezet, zal alle geluid, behalve het geluid van de hoofdmicrofoon, met 20 dB verzwakt worden wanner een geluid van meer dan -15 dB worden ingevoerd bij de hoofdmicrofoon-ingang.
  3. Stel het volume met de MIC LEVEL regelaar in en stel de klank met de MIC EQ regelaars (HI, LOW) in.

[Cabinemonitor-uitvoer]

  1. Stel het volume met de BOOTH MONITOR regelaar (LEVEL) in.
  2. Het volume kan worden geregeld met de BOOTH MONITOR regelaar (LEVEL), ongeacht de instelling van de MASTER faderschuifregelaar.
  3. Stel de klank met de BOOTH MONITOR regelaar (HI "hogetonengeluid") en de BOOTH MONITOR regelaar (LOW "lagetonengeluid") in.

[Hoofdtelefoon-uitvoer]

  1. Kies de bron met de hoofdtelefoon CUE toets (kanaal 1-6, MASTER, RETURN 1, RETURN 2.)

  2. De gekozen hoofdtelefoon CUE toets za helder oplichten.

  3. Gebruik de HEADPHONES keuzeschakelaar (MONO SPLIT/ STEREO) om het formaat van de audio-uitvoer te selecteren.

  4. Als [MONO SPLIT] is gekozen, zal het geluid dat gekozen is met de CUE toets via het linker kanaal worden uitgevoerd en het hoofdgeluid (alleen geactiveerd wanner de CUE toets voor de MASTER op ON is gezet) worden via het rechter kanaal uitgevoerd.

  5. Als [STEREO] is gekozen, zal het geluid dat gekozen is met de CUE toets in stereo worden uitgevoerd.

  6. Als [MONO SPLIT] is gekozen, gebruik dan de HEADPHONES regelaar (MIXING) om de balans:tussen het linker kanaal (gekozen met de hoofdtelefooN CUE toets) en hetrechtter kanaal (hoofdgeluid—wordt alleen ondersteund wanner de hoofdtelefooN CUE toets voor MASTER op ON staat) in te stellen.

  7. Als de regelaar rechtsom is gedraad (MASTERrichting) worden de hoofduitvoer uitgevoerd (alleen wanneer de CUE toets voor MASTER op ON staat) en als de regelaar linksom is gedraad (CUErichting) worden het geluid dat gekozen is met de CUE toets uitgevoerd.
  8. Stel het volume van de hoofdtelefoon met de HEADPHONES regelaar (LEVEL) in.

INSTellenVANDEFADERCURVE

Gebruik de volgende functies voor het instellen van de eigenschappen van de geluidsvolumewijziging overeenkomstig de bediening van de fader.

Draai aan de CURVE ADJUST regelaar (CH FADER) en stel de curve-eigenschappen van de kanaalfader af.

  • Als de regelaar volledig maar rechts worden gedraaid, zal bij het omhooghalen van de fader het volume practitsch lineair veranderen (geliek aan de B-curve).
  • Als de regelaar volledig maar links worden gedraaid, zal de volumecurve zodenig veranderen dat het geluidsvolume geleidelijk toeneemt totdat de fader practisch geheel omhooggehaald is.
  • De curven van de kanalen 1-6 zullen alle tegelijk veranderen.

PIONEER DJM-1000 - INSTellenVANDEFADERCURVE - 1

Draai aan de CURVE ADJUST regelaar (CROSS FADER) en stel de curve-eigenschappen van de kruisfader af.

  • Als de regelaar helemaalaar rechts worden gedraaid, za de kruisfader een steil stijgende curve worden en is meteen het geluid van de tegenovergestelde kant hoorbaar wanner de fader vanaf de zijkant worden verplaatst.
  • Als de regelaar—helemaalaar links wordt gedraaid, za de kruisfader een practisch lineaire volumewijzigingscurve hebben.
  • De curven van de A en B Kant zullen meteen veranderen.

PIONEER DJM-1000 - INSTellenVANDEFADERCURVE - 2

FADERSTARTFUNCTIE

Door dit apparaat met behulp van een bedieningssignaalkabel op een los verkrijgbare PIONEER CD-speler aan te sluiten, kan het afspelen op de CD-speler gestart worden met behulp van de kanaalfader of de kruisfader (als er een digitale-link verbinding is gemaakt, hoeft de bedieningssignaalkabel nicht gebruikt te worden).

De pauzefunctie van de CD-speler worden geannuleerd wanner de kanaalfader-schuifregelaar of de kruisfaderschuifregelaar van het mengpaneel worden verschoven, waarna de weergave van het muziekstuk onmiddelijk worden gestart. Wanner de fader maar de oorspronkelijke plaats worden teruggeschoven, za de weergave van de CD-speler terugkeren maar het oorspronkelijke cue-punt (terug-naarcue functie), zodate sampler-weergave möglich is.

[Kruisfader-start weergave & terug-naar-cue weergave]

Tijdens cue-punt standby op de CD-speler die is toegewezen aan kanaal A van de kruisfader kut u de kruisfaderschuifregelaar vanaf de rechterkant (B kant) maar de linkerkant (A kant) schuiven om de CD-speler die op kanaal A is aangesloten te latent starten met afspelen.

Wanner de kruisfader-schuifregelaar de linkerkant (A kant) bereikt, za de CD-speler die is toegewezen aan kanaal B terugkeren maar het cue-punt (terug-naar-cue functie). Als de CD-speler die is toegewezen aan kanaal B in de cue-punt standbymodus staat, kutu de kruisfader-schuifregelaar vanaf de linkerkant (A kant) maar de rechterkant (B kant) schuiven om het afspelen te latent beginnen van de CD-speler die aan kanaal B is toegewezen. Wanner de kruisfaderschuifregelaar de rechterkant (B kant) bereikt, za de CD-speler die is toegewezen aan kanaal A terugkeren maar het cue-punt.

  • Detering-naar-cue actie worden ook uitgevoerd als de ingangskeuzeschakelaar Niet op [CD/LINE] staat.

PIONEER DJM-1000 - [Kruisfader-start weergave & terug-naar-cue weergave] - 1
External effector

[Starten met afspelen met behulp van de kanaalfader]

① Druk op de FADER START toets van het kanaal (CH-1 tot CH-6) dat is aangesloten op de CD-speler die u wilt bedieren.
- De toets van het gekozen kanaal Licht op.
② Verplaats de kanaalfader-schuifregelaar waar de [0] positie.
③ Stel een cue-punt op de CD-speler in en zet de speler bij het cue-punt op standby.
- Als er reeds een cue-punt is ingesteld, hoeft de CD-speler Niet bij het cue-punt op standby te worden gezet.
④ Verplaats de kanaalfader-schuifregelaar op het juiste moment om te beginnen met afspelen.
- De CD-speler begint met afspelen.
- Nadat het afspelen is begonnen,(Int. u de kanaalfader-schuifregelaar terug aan [0] schuiven om de CD-speler te latent terugkeren aan het cue-punt en aan in de standbymodus te zetten (terug-naar-cue).
* De kanaalfader is alleen voor regeling ingeschakeld wanner de CROSS FADER ASSIGN schakelaar op [THRU] staat.

[Starten met afspelen met behulp van de kruisfader]

1 Druk op de FADER START toets van het kanaal (CH-1 tot CH-6) dat is aangesloten op de CD-speler die u wilt bedieren.

  • De toets van het gekozen kanaal Licht op.

Zet de CROSS FADER ASSIGN schakelaar van het gekozen kanaal op [A] of [B].

  • Bij toewijzing aan kanaal A (linkerkant) van de kruisfader, stelt u in op [A].
  • Bij toewijzing aan kanaal B (rechterkant) van de kruisfader, stelt u in op [B].

3 Schuif de kruisfader-schuifregelaar zo ver möglichnestaar de tegenovergestelde kant van het kanaal dat u wiltlaten starten.

4 Stel een cue-punt op de CD-speler in en zet de speler bij het cue-punt op standby.

  • Als er reeds een cue-punt is ingesteld, hoeft de CD-speler Niet bij het cue-punt op standby te worden gezet.

5 Verplaats de kruisfader-schuifregelaar op het juiste moment om te beginnen met afspelen.

  • De CD-speler begint met afspelen.
  • Nadat het afspelen is begonnen,(Int. u de kruisfader-schuifgrelgelaar helemaal verschuiven om de CD-speler die aan de tegenovergestelde kant is toegewezen te latent terugkeren naat het cue-punt en waar in de standbymodus te zieten (terug-naar-cue).

  • De faderstartfunctie werkt möglichn nicht juist wanner er enkel digitale verbindingen worden gemaakt. In dit geval要去 u tevens de analoge aansluitingen van de CD-speler aansluten.

GEBRUK VAN EXTERNE EFFECTORS

Indien gewenst, können er tweete effectors worden aangesloten.

  1. Gebruik de SEND kanaalkeuzeschakelaar om de bronze te kiezen die maar de effector gestuurd moet worden.

  2. Kiesuit [MIC], kanaal [1]-[6] of [MASTER].

  3. Gebruik de SEND/RETURN keuzeschakelaar om de trap te kiezen waarop de effector is aangesloten.

  4. Wanner het zendkanaal is ingesteld op [MIC], zich [INSERT] en [AUX] omschakelen alleen geactiveerd vanaf hetzelfdpeunt voor zowel [PRE] als [POST]. Waneer het kanaal is ingesteld op [MASTER], is alleen [INSERT] geactiveerd.

PRE INSERT:

Equalizer-uitvoer, worden gestuurd vanaf voor de kanaalfader en terugestuurd maar hetzelfde punt.

POST INSERT:

Kanaalfader-uitvoer, worden gestuurd vanaf voor de kruisfader-toewijzing en teruggestuurd waar hetzelfde punt. AUX:

Kanaalfader-uitvoer, worden gestuurd vanaf voör de kruisfader-toewijzing en teruggestuurd waar het punt voör de hoofdfader en dan toegevoegd aan een willekeurig andere uitvoer. Het oorspronkelijke geluid dat gestuurd is, za ook door de kruisfader-toewijzing lopen en toegevoegd worden.

  1. Zet de SEND/RETURN toets op ON.
  2. De SEND/RETURN toets knippert.
  3. Stel het RETURN volume met de RETURN regelaar (LEVEL) in.
Positie BronPRE POST AUX INSERTPRE POST AUX INSERTPRE POST AUX INSERT
MICINSERTAUX
CH-1 — CH-6PREPOSTAUX
MASTERINSERT

PIONEER DJM-1000 - POST INSERT: - 1

DIGITALE LINKFUNCTIE

Linksyschemeschema

PIONEER DJM-1000 - Linksyschemeschema - 1

Gebruik een digitale linkkabel om de PIONEER DJ-effector (EFX-1000) met de EFX 1 of 2 aansluitingen van dit apparatus te verbinden.

Deze link verschaft een hifi digitale verbinding en maakt de effectfuncties van de EFX-1000 beschikbaar.

De bediening na het makev van de verbinding is hetzelfde als bij "GEBRUIK VAN EXTERNE EFFECTORS" (blz.78). Als de SEND/RETURN aansluitingen (klinkstekker-kabel) eveneens zijn aangesloten, za de EFX link ingangs-/uitgangsverbinding (via de digitale linkkabel) automatisch voorrang hebben.

Raatpleeg de gelebruiksaanwijzing van de EFX-1000 voor verdere informatie over de instelleningen.

Wanneer de hierboven beschreiben aansluitingen zijn gemaakt, zal bij het verplaaten van de kanaalfader-schuifregelaar bezelfde effecten geproducedervorden als bij de bediening van de jogdraaischijf van de EFX-1000.

  1. Zet de digitale jog-break van de EFX-1000 op ON.
  2. Gebruik de SEND kanaalkeuzeschakelaars om het kanaal tekiezen dat voor de fadereffecten worden gebruikt (kanaal [1]-[6] kan gekozen worden).
  3. Zet de effector LINK toetsen (EFX 1, 2) op ON.

  4. De effector LINK toetsen lichten op.

Opmerking: Het geluidsvolume voor het kanaal dat gekozen is, za hetzelfde worden als het volumeniveau dat is ingesteld met de maximale kanaalfader; maar waarom uw keuze nadat u het niveau gecontroleer hebt van het geluid dat weergegeven worden wonneer de kanaalfader op maximum is ingesteld.

  1. Zet de SEND/RETURN toets op ON.

  2. De SEND/RETURN toets knippert.

  3. Bedien de fader voor het gekozen kanaal.

  4. De digitale jog-break meter van de EFX-1000 en het geluid veranderen als reactie op de positie van de kanaalfader.

  5. Wanner de instelling van de SEND kanaalkeuzeschakelaar worden veranderd, worden de fadereffect verbinding geannuleerd en dooft de indicator van de effector LINK toets.

U Aunt een digitale linkkabel gebruiken om een digitale-link DJ CD-speler met de SOUND 1, 2 aansluitingen van dit apparaat te verbinden.

Deze link biedt een hifi digitale verbinding voor het(AP)men van geluiden van de DJ CD-speler.

De faderstartfunctie worden ook geactiveerd door middel van deze enkelvoudige digitale link.

Als een geschikte DJ CD-speler met behulp van een digitale linkkabel is aangesloten op de SOUND 1, 2 aansluitingen en de DJ-effector EFX-1000 via een digitale linkkabel is aangesloten op de EFX 1 of 2 aansluitingen, können de effecten worden toegevoegd met de meer nauwkeurige BPM-waarde gemeten met de DJ CD-speler.

PIONEER DJM-1000 - BPM link (Geluid-link) - 1

Als de VISUAL aansluitingen van het DJ-mengpaneel met behulp van een digitale linkkabelশ en verbonden met een AV-mengpaneel dat geschikt is voor de digitale linkfunctie (en de linkfunctie ingeschakeld is), kan de kruisfader van het AV-mengpaneel automatisch verschoven worden overeenkomstig de bediening van de kruisfader van het DJ-mengpaneel, zodate zowel het geluid als het beeel gezijtijdig veranderen.

PIONEER DJM-1000 - Visuale overvloeiing (Visuale link) - 1

ZELF STORINGEN VERHELPEN

Onjuist uitgevoerde bewerkingen worden vaak voor defecten of storingen aanzien. Als u denkt dat er werkelijk iets mis is met dit toestel, moet u eerst onderstaande punten controleren. Soms要去 de oorzaak van het probleem bij een ander toestel worden gezocht. U要去 dus alle aangesloten elektrische apparaten controleren.

Indien het probleem, zelfs na controle van onderstaande punten, Niet kan worden opgelost, moet u met uw verkoper of dichtsbijzijnde PIONEER service center contact opnemen.

StoringMogelijk oorzaakMaatregel
Geen stroom.• Het netsnoer is Niet aangesloten.• Sluit het netsnoer op een stopcontact aan.
Geen of weinig geluid.• De ingangskeuzeschakelaar staat in de verkeerde stand. • De aansluitkabel is Niet juist aangesloten of de kabel zit los. • De aansluiting of de stekker is vuil. • De MASTER ATT. regelaar op het中断paneel staat te laag ingesteld ([−12 dB] enz.).• Kies het apparaat dat nu weergeeft met de ingangskeuzeschakelaar. • Corrigeer de aansluitingen. • Schoonmaken en opnieuw aansluiten. • Corrigeer de instelling van de MASTER ATT. regelaar op het中断paneel.
Geluid is verrormd.• Het hoofduitgangsiveau is te hoog. • Het ingangsiveau is te hoog.• Verlaag het niveau met de MASTER ATT. regelaar op het中断paneel. • Stel de TRIM regelaar zodanig in dat het ingangsiveau op de CHANNEL LEVEL indicators 0 dB nadert.
Kruisfaden is Niet mogelijk.• De CROSS FADER ASSIGN schakelaar ([AI, [THRU], [B]) is Niet juist ingesteld.• Stel de CROSS FADER ASSIGN schakelaar van het gewenste kanaal juist in voor gebruik van de kruisfaderfunctie.
Faderstart met de CD-speler is Niet mogelijk.• De faderstartschakelaar staat op OFF. • De CONTROL aansluiting op het中断paneel van de speler is Niet aangesloten.• Zet de faderstartschakelaar op ON. • Verbind het apparaat en de CD-speler met een bedieningssignaalkabel.
Geluid van de externe effector is verrormd.• Het ingangsiveau van de externe effector is te hoog.• Verlaag het uitgangsiveau van de externe effector of corrigeer het terugkeerniveau met de RETURN regelaar (LEVEL).
Externe effector werkt nicht.• De SEND/RETURN toets staat op OFF. • De effector is Niet aangesloten op de RETURN aansluiting of de EFX aansluiting op het中断paneel. • De instilling van de SEND kanaalkeuzeschakelaar is verkeerd.• Zet de SEND/RETURN toets op ON. • Sluit de effector op de SEND/RETURN aansluiting of op de EFX 1 of EFX 2 aansluitingen op het中断paneel aan. • Kies met de SEND kanaalkeuzeschakelaar de bron waarop u de effecten wilt toepassen.
Linkfungtie werkt nicht.• Er is geen apparaat dat geschikt is voor digitale link aangesloten op de digitale-link aansluitingen (EFX 1, EFX 2, SOUND 1, SOUND 2, VISUAL) op het中断paneel.• Verbind de DJM-1000 met behulp van een digitale linkkabel met een geschikt apparaat.

Bij staatische elektriciteit of andere externe interferentie kuren er storingen in het apparaat optreden. Om de normale werkig te herstellen, schakelt u het apparaat UIT en dan waar in.

Controller de volgende punten als de link-verbinding nicht juist werkt:

WAARSCHUWING indicatorsBetekenisMaatregel
Elke link-indicator knippert tweemaal.Er zijn nicht ondersteunde componenten op de link ingangs-/uitgangsaansluitingen aangesloten.Controler de verbinding bij de link ingangs-/uitgangsaansluitingen.
Elke link-indicator knippert driemaal.De link-aansluitingen van een enkele DJM-1000ijken samen aangesloten of de link-aansluitingen van twee DJM-1000’sarenden samen aangesloten.Controler de aansluitingen.
Elke link-indicator knippert viermaal.Er is een communicatiefout opgetreden bij de link ingangs-/uitgangsaansluitingen.Controler de aansluitingen en de aansluitkabels.

TECHNISCHE GEGEVENS

1. Algemene specificaties

Stroomvoorziening 220-240 V wisselstroom, 50 / 60Hz
Stroomverbruik 62 W
Bedrijfstemperatuur +5^ tot +35^
Bedrijfsvochtigkeit 5% tot 85% (zonder condensatie)
Gewicht 12,1 kg
Buitenafmetingen 482 (B) x 363,5 (D) x 187,5 (H) mm

2. Audiogedeelte

Bemonsteringsfrequentie 96 kHz
A/D, D/A-omzetter 24 bits
Frequentiebereik 20 Hz tot 20 kHz
S/R-verhouding (bij volledige schaalwaarde)

LINE 104 dB
PHONO 88 dB
MIC 84 dB

Vervorming (LINE-MASTER1) 0,005 %
Headroom 19 dB

Ingangsniveau

PHONO. -52 dBu (47 kΩ)
MIC, SUBMIC. -52 dBu (3 kΩ)
CD/LINE, LINE -12 dBu (22 kΩ)
RETURN -12 dBu (22 kΩ)

Uitgangsiveau

MASTER1 +2 dBu (600Ω)
MASTER2 +2 dBu (10 kΩ)
REC -8 dBu (10 kΩ)
BOOTH +2 dBu (600 Ω)
SEND -12 dBu (10 kΩ)
PHONES +8,5 dBu (32 Ω)

Overspraat (LINE) 88 dB
Kanalen 6

Kanaal-equalizer

HI -26 dB tot +6 dB (13 kHz)
MID -26 dB tot +6 dB (1 kHz)
LOW -26 dB tot +6 dB (70 Hz)

Microfoon-equalizer

HI -6 dB tot +6 dB (10 kHz)
LOW -6 dB tot +6 dB (100 Hz)

Cabinemonitor-equalizer

HI .-6 dB tot +6 dB (10 kHz)
LOW. -6 dB tot +6 dB (100 Hz)

3. Ingangs-/uitgangsaansluitingen

PHONO ingangsaansluitingen
RCA tulpstekkerbus 6

CD/LINE, LINE ingangsaansluitingen

RCA tulpstekkerbus 6
Klinkstekkerbus (Ø6,3 mm) 4

MIC, SUBMIC ingangsaansluitingen
XLR aansluiting/klinkstekkerbus (Ø6,3 mm) 1
Klinkstekkerbus (Ø6,3 mm) 2
DIGITAL coaxiale ingangsaansluitingen
RCA tulpstekkerbus 4
RETURN ingangsaansluitingen
Klinkstekkerbus (Ø6,3 mm) 2
MASTER uitgangsaansluitingen
XLR aansluiting 1
RCA tulstekkerbus 1
BOOTH uitgangsaansluitingen
RCA tulpstekkerbus 1
RECuitgangsaansluitingen RCA tulpstekkerbus 1
SEND uitgangsaansluitingen
Klinkstekkerbus (Ø6,3 mm) 2
DIGITAL coaxiale uitgangsaansluitingen
RCA tulpstekkerbus 1
Digitale link-aansluitingen (EFX 1, 2, SOUND 1, 2, VISUAL)
Mini-DIN
MIDI OUT aansluitingen 5-polige DIN 1

4. Accessoires

Gebruiksaanwijzing 1
Netsnoer 1

De technische gegevens en de uitvoering können wegverbeteringenzondervoarfgaande kennisgeving wordengewijzigd.

Inhoudsopgave Cliquez un titre pour y accéder
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : PIONEER

Model : DJM-1000

Categorie : Mengpaneel