DJM-707 - Mengpaneel PIONEER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DJM-707 PIONEER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over DJM-707 PIONEER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Mengpaneel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DJM-707 - PIONEER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DJM-707 van het merk PIONEER.
GEBRUIKSAANWIJZING DJM-707 PIONEER
De lichtflash met pijlpuntsymbool in een gelijkzijdige driehoek is bedoeld om de aandacht van de gebruikers te trekken op een niet geïsoleerde "gevaarlijke spanning" in het toestel, welke voldoende kan zijn om bij aanraking een elektrische shock te veroorzaken.
CAUTION
RISK OF ELECTRIC SHOCK DO NOT OPEN
WAARSCHUWING:
OM HET GEVAAR VOOR EEN ELEKTRISCHE SHOCK TE VOORKOMEN, DEKSEL (OF RUG) NIET VERWIJDEREN. AAN DE BINNENZIJDE BEVINDEN ZICH GEEN ELEMENTEN DIE DOOR DE GEBRUIKER KUNNEN BEDIEND WORDEN. ENKEL DOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL TE BEDIENEN.

Het uitroepteken in een gelijkzijdige driehoek is bedoeld om de aandacht van de gebruiker te trekken op de aanwezigheid van belangrijke bedienings- en onderhoudsinstructies in de handleiding bij dit toestel.
H002ADu
IMPORTANTE

Temperatuur en vochtigheidsgraad op de plaats van gebruik: +5°C – +35°C (+41°F – +95°F); minder dan 85 %RH (ventilatie niet geblokkeerd)
Niet installeren op de volgende plaatsen:
- Onder rechtstreekse zonnestraling of onder sterke kunstmatige belichting
- Bij hoge vochtigheidsgraad of op een slecht verluchte plaats
VENTILATIE: Zorg dat u bij het installeren van dit toestel rondom wat vrije ruimte laat voor de ventilatie (tenminste 5 cm achter en 3 cm aan weerskanten van het toestel).
WAARSCHUWING: Spleten en openingen in het omhulsel dienen voor ventilatie en een gepast gebruik van het product, alsook om het te beschutten voor oververhitting. Om het te beschermen tegen vuur mogen deze openingen nooit afgesloten of bedekt worden met voorwerpen zoals dagbladen, tafellakens, gordijnen, enz. Plaats het toestel ook nooit op een dik tapijt, op een bed, sofa of om het even welk zacht en dik materiaal.
WAARSCHUWING: De stroomschakelaar (POWER) sluit het toestel, in de uit-stand (OFF), niet volledig af van de elektriciteit; plaats het daarom op een geschikte plaats om de stekker, bij ongeval, gemakkelijk te kunnen uittrekken. De stekker dient uit het stopcontact getrokken indien het toestel gedurende een langere periode niet gebruikt wordt. H046A Du
Dit product voldoet aan de laagspanningsrichtlijn (73/23/EEG, gewijzigd bij 93/68/EEG), EMC-richtlijnen (89/336/EEG, gewijzigd bij 92/31/EEG en 93/68/EEG). H015ADu
Pak het netsnoer beet bij de stekker. Trek de stekker er niet uit door aan het snoer te trekken en trek nooit aan het netsnoer met natte handen aangezien dit kortsluiting of een elektrische schok tot gevolg kan hebben. Plaats geen toestel, meubelstuk o.i.d. op het netsnoer, en klem het niet vast. Maak er nooit een knoop in en en verbind het evenmin met andere snoeren. De netsnoeren dienen zo te worden geleid dat er niet per ongeluk iemand op gaat staan. Een beschadigd netsnoer kan brand of een elektrische schok veroorzaken. Kontroleer het netsnoer af en toe. Wanneer u de indruk krijgt dat het beschadigd is, dient u bij uw dichtstbijzijnde erkende PIONEER onderhoudscentrum of uw dealer een nieuw snoer te kopen.
Hartelijk dank voor de aanschaf van dit Pioneer produkt. Lees de gebruiksaanwijzing aandachtig door zodat u het apparaat op de juiste wijze kunt bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor het geval u deze in de toekomst nogmaals nodig heeft. Het is mogelijk dat in bepaalde landen of gebieden de uitvoering van de netstekker en het stopkontakt verschilt van hetgeen in deze gebruiksaanwijzing is afgebeeld. De aansluitmethode en bediening zijn in dergelijke gevallen echter precies hetzelfde.
K015 Du
TOEBEHOREN CONTROLEREN
- Inbussleutel
(voor instellen van de schuifweerstand van de kruisfader) - Deze gebruiksaanwijzing
Installeer het toestel in een goed verluchte ruimte, waar het niet aan hoge temperaturen of vocht wordt blootgesteld.
- Installeer het toestel niet in een ruimte die aan directe zonnestralen is blootgesteld, of naast kachels of radiators. De buitenkant en de interne bestanddelen kunnen door te grote hitte worden beschadigd. De installatie van het toestel in een vochtige of stoffige omgeving kan ook stoornissen of ongelukken tot gevolg hebben. (Vermijd plaatsing naast fornuizen, etc. waar het toestel aan vette dampen, stoom of hitte zou kunnen worden blootgesteld.)
- Wanneer het toestel in een koffer of in een DJ-cabine wordt gebruikt, moet het van de wanden worden verwijderd om de warmteuitstraling te bevorderen.
Condensatie
Wanneer het toestel van een koude omgeving naar een warme kamer wordt overgeplaatst of wanneer de kamertemperatuur plots stijgt, kan er binnenin condensatie worden gevormd, zodat het toestel niet meer optimaal functioneert. In dergelijke gevallen moet u het toestel ongeveer een uur laten staan of de kamertemperatuur geleidelijk opvoeren.
Het toestel schoonmaken
- Gebruik een poetsdoek om het stof en het vuil weg te nemen.
- Wanneer de buitenkant erg vuil is, kunt u deze met een in een neutraal, met vijf à zes keer zoveel water verdund reinigingsmiddel gedrenkte en goed uitgewrongen zachte doek schoonmaken en eindigen met een droge doek. Gebruik geen meubelwas of vlekkenmiddelen.
- Gebruik nooit verdunners, benzeen, insecticiden of andere chemische producten op of in de buurt van dit toestel, want deze tasten de buitenkant aan.
INHOUDSOPGAVE
TOEBEHOREN CONTROLEREN 48
WAARSCHUWINGEN I.V.M. HET GEBRUIK ...... 49
Installatieplek 49
Condensatie 49
Het toestel schoonmaken 49
EIGENSCHAPPEN 50
AANSLUITINGEN 51
BENAMING EN FUNCTIE VAN DE ONDERDELEN ... 54
Bovenpaneel 54
Voorpaneel 59
Achterpaneel 61
BEDIENING VAN DE FADER 63
ZELF STORINGEN VERHELPEN 67
1) Hoogwaardig ontwerp voor een topkwaliteit geluid
Door zorgvuldige selectie van de elektronische onderdelen en een ingenieuze interne schakeling is een zo kort mogelijk signaalpad verkregen waardoor een waar "club" geluid met groot beschikbaar vermogen kon worden verwezenlijkt.
2) Ergonomische, aanpasbare kruisfader
① Afstelling van de "weerstand" van de kruisfader: Het fysieke gevoel van de bediening van de kruisfader is van groot belang voor de DJ; de afstelling van de "weerstand" van de kruisfader die dit mengpaneel biedt, is een nieuwe voorziening op dit gebied en stelt de gebruiker in staat om de fysieke sensatie van de bediening naar eigen voorkeur in te stellen. Dit levert een optimaal resultaat van het gebruik van de kruisfader op.
② Afstelling van het inactieve bereik van de kruisfader: Het mechanische inactieve bereik (de afstand voordat het geluid begint) aan beide uiteinden van de kruisfaderschuifregelaar kan worden afgesteld, zodat de geluidsafbreking bij het uitvoeren van scratch-weergave nauwkeurig kan worden bepaald.
③ Onafhankelijke kruisfadercurve: Dit is ook een nieuwe voorziening op mengpanelen. De recht-links onafhankelijk instelbare (33 stappen) kruisfadercurve-regeling biedt veel meer mogelijkheden dan de symmetrisch-type kruisfadercurve op conventionele mengpanelen, waardoor de DJ nieuwe functies ter beschikking heeft.
④ "Contactloos" fadermechanisme: De door Pioneer ontwikkelde, contactloze, optische fadertechnologie zorgt voor een betrouwbare en stabiele werking, zelfs bij veeleisende bedieningsomstandigheden voor de DJ.
3) Overige hoogtepunten
① Indien het mengpaneel via een bedieningssignaalsnoer op een Pioneer DJ CD-speler (los verkrijgbaar) is aangesloten, kan de fader gebruikt worden voor automatische "fader-start" weergave.
② Uitgerust met een "fader-omkeerfunctie" voor het omkeren van de werkingsrichting van de faderregelaars.
③ Nauwkeurige instelling van de kanaalfadercurve over een bereik van 33 stappen.
④ Kan in serie op andere mengpanelen worden aangesloten voor "sessie" uitvoer van de gemengde geluiden.
CARACTERÍSTICAS
Schakel de apparatuur uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u aansluitingen maakt of deze wijzigt. Bij dit mengpaneel worden geen aansluitkabels geleverd. Gebruik de kabels die bij uw speler en de andere apparatuur worden geleverd of koop los verkrijgbare audiokabels.
1. Aansluiten van apparatuur op de ingangen
CONEXIONES
Verbind de AUDIO OUT aansluitingen van speler A met de CH-1 CD ingangsaansluitingen van het DJ-mengpaneel en verbind de AUDIO OUT aansluitingen van speler B met de CH-2 CD ingangsaansluitingen.
Bij gebruik van een van de vermelde DJ CD-spelers moet u het bedieningssignaalsnoer dat bij de CD-speler wordt geleverd op de CD-speler en op het DJ-mengpaneel aansluiten. De faderschuifregelaar van het DJ-mengpaneel kan dan gebruikt worden voor de bediening van de faderstartfunctie en de back-cue functie van de DJ CD-speler.
Verbind de uitgangskabels van de analoge platenspeler 1 met de CH-1 PHONO/LINE aansluitingen van het DJ-mengpaneel en sluit de aarddraad op de SIGNAL GND aansluiting aan. Zet de CH-1 PHONO/LINE keuzeschakelaar op [PHONO]. Wanneer u een cassettedeck of andere dergelijke apparatuur met deze aansluitingen verbindt, moet u de CH-1 PHONO/LINE keuzeschakelaar op [LINE] zetten.
Verbind de uitgangskabels van de analoge platenspeler 2 met de CH-2 PHONO/LINE aansluitingen van het DJ-mengpaneel en sluit de aarddraad op de SIGNAL GND aansluiting aan. Zet de CH-2 PHONO/LINE keuzeschakelaar op [PHONO]. Wanneer u een cassettedeck of andere dergelijke apparatuur met deze aansluitingen verbindt, moet u de CH-2 PHONO/LINE keuzeschakelaar op [LINE] zetten.
* De PHONO ingang van dit DJ-mengpaneel is geschikt voor het gebruik van platenspelers met een MM-element.
MIC 3
De MIC aansluiting van dit apparaat is geschikt voor PHONE-type en XLR-type stekkers.
SESSION IN 4
Bij gelijktijdig gebruik van meerdere mengpanelen moet u de vereiste audiokabels gebruiken voor het aansluiten van de andere mengpanelen op deze aansluitingen.
2. Aansluiten van een hoofdtelefoon (voorpaneel)
Gebruik een hoofdtelefoon die voorzien is van een stekker met een 6,3 mm diameter.
Auriculares 5
3. Aansluiten van apparatuur op de uitgangen
Verbind de ingangsaansluitingen van de externe effector met kabels met 6,3 mm monostekkers met de SEND aansluitingen van het DJ-mengpaneel.
Bij gebruik van een effector met een mono-ingang moet u alleen het L kanaal aansluiten. Het signaal dat naar de effector wordt gestuurd, is dan een menging van de L en R signalen.
Verbind de uitgangsaansluitingen van de externe effector met kabels met 6,3 mm monostekkers met de RETURN aansluitingen van het DJ-mengpaneel.
Bij gebruik van een effector met een mono-uitgang moet u alleen het L kanaal aansluiten. Het signaal dat vanaf de effector komt, zal dan naar zowel het L als het R kanaal worden gestuurd.
Hoofduitgang
MASTER 1 7
Dit is een XLR-type gebalanceerde uitgang.
MASTER 2 8
Dit is een RCA-type ongebalanceerde uitgang.
BOOTH/SESSION OUT 9
Deze aansluitingen leveren het cabinemonitor-uitgangssignaal. Het geluidsvolume wordt geregeld door de cabinemonitor-niveauregelaar, ongeacht de instelling van de MASTER LEVEL regelaar. Wanneer dit apparaat in combinatie met een ander mengpaneel wordt gebruikt, dient u deze aansluitingen te verbinden met de sessie-ingangsaansluitingen van het andere mengpaneel.
Netsnoer 10
Nadat alle aansluitingen zijn voltooid, steekt u de stekker van het netsnoer in een stopcontact of in een netuitgang van de versterker.
Gebruik deze schakelaar om het ingangssignaal van de CH-1 PHONO/LINE ingangsaansluitingen of de CH-1 CD ingangsaansluitingen te kiezen en dit naar de TRIM regelaar te sturen.
2 CH-1 TRIM regelaar
Gebruik deze regelaar om het niveau van het CH-1 ingangssignaal in te stellen (instelbereik: +9 dB tot - ).
3 Microfoon-niveauregelaar (MIC LEVEL)
Gebruik deze regelaar om het microfoonniveau in te stellen (instelbereik: 0 dB tot -∞).
4 Microfoon-toonregelaars (HI/LOW)
HI
Gebruik deze regelaar om de hoge tonen van de microfoon in te stellen (instelbereik: 10 kHz, ±12 dB).
LOW
Gebruik deze regelaar om de lage tonen van de microfoon in te stellen (instelbereik: 100 Hz, ±12 dB).
5 CH-1 toonregelaars (HI/MID/LOW)
HI
Gebruik deze regelaar om de hoge tonen van de CH-1 ingang in te stellen (instelbereik: 13 kHz, +6 dB tot -26 dB).
MID
Gebruik deze regelaar om de middentonen van de CH-1 ingang in te stellen (instelbereik: 1 kHz, +6 dB tot -26 dB).
LOW
Gebruik deze regelaar om de lage tonen van de CH-1 ingang in te stellen (instelbereik: 70 Hz, +6 dB tot -26 dB).
1 Selector de entrada del canal 1 (PHONO 1/LINE 1 - CD 1)
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, licht de indicator op en worden de microfoonsignalen via de SEND aansluitingen uitgevoerd.
7 Sessie-ingangsniveauregelaar (SESSION IN)
Gebruik deze regelaar om het sessie-ingangsniveau in te stellen (instelbereik: 0 dB tot -∞).
8 CH-1 SEND toets en indicator
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, licht de indicator op en worden de CH-1 signalen via de SEND aansluitingen uitgevoerd.
9 CH-1 EQ ON/OFF schakelaar en indicator
Als deze schakelaar op [ON] wordt gezet, licht de indicator op en wordt de CH-1 toonregeling ingeschakeld. Als de schakelaar op [OFF] wordt gezet, dooft de indicator en loopt het signaal niet meer via het toonregelingscircuit.
10 CH-2 ingangskeuzeschakelaar (PHONO 2/LINE 2 - CD 2)
Gebruik deze schakelaar om het ingangssignaal van de CH-2 PHONO/LINE ingangsaansluitingen of de CH-2 CD ingangs-aansluitingen te kiezen en dit naar de TRIM regelaar te sturen.
11 CH-2 TRIM regelaar
Gebruik deze regelaar om het niveau van het CH-2 ingangssignaal in te stellen (instelbereik: +9 dB tot - ).
12 MASTER LEVEL regelaar
Gebruik deze regelaar om het hoofdvolumeniveau in te stellen (instelbereik: 0 dB tot -∞).
13 Cabinemonitor-niveauregelaar (BOOTH/SESSION OUT)
Gebruik deze regelaar om het volumeniveau van de signalen op de BOOTH/SESSION OUT aansluitingen in te stellen (instelbereik: +9 dB tot-∞). Dit niveau kan onafhankelijk van de instelling van de MASTER LEVEL regelaar worden ingesteld.
14 Hoofdtelefoon-niveauregelaar (PHONES)
Gebruik deze regelaar om het volumeniveau van de hoofdtelefoon in te stellen (instelbereik: 0 dB tot -∞).
15 SELECT monitorkeuzeschakelaar MASTER kant
Voor het kiezen van de MASTER uitvoer. (Bij deze instelling is uitvoer mogelijk ongeacht de instelling van de MASTER LEVEL regelaar.)
CUE kant
Voor het kiezen van het kanaal dat is ingesteld met de hoofdtelefoon-mengregelaar (17).
16 CH-2 toonregelaars (HI/MID/LOW)
HI
Gebruik deze regelaar om de hoge tonen van de CH-2 ingang in te stellen (instelbereik: 13 kHz, +6 dB tot -26 dB).
MID
Gebruik deze regelaar om de middentonen van de CH-2 ingang in te stellen (instelbereik: 1 kHz, +6 dB tot -26 dB).
Gebruik deze regelaar om de lage tonen van de CH-2 ingang in te stellen (instelbereik: 70 Hz, +6 dB tot -26 dB).
17 Hoofdtelefoon-mengregelaar (CH-1 - CH-2)
Wanneer de SELECT monitorschakelaar (15) op [MASTER] staat, zal deze regelaar niet werken.
Wanneer de SELECT monitorschakelaar (15) op [CUE] staat, kunt u deze regelaar naar links schuiven voor CH-1 monitoruitvoer of naar rechts voor CH-2 monitoruitvoer. Zet de regelaar in de middenstand (klikstand) voor een gebalanceerde uitvoer van de CH-1 en CH-2 signalen.
18 CH-2 SEND toets en indicator
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, licht de indicator op en worden de CH-2 signalen via de SEND aansluitingen uitgevoerd.
19 CH-2 EQ ON/OFF schakelaar en indicator
Als deze schakelaar op [ON] wordt gezet, licht de indicator op en wordt de CH-2 toonregeling ingeschakeld.
Als de schakelaar op [OFF] wordt gezet, dooft de indicator en loopt het signaal niet meer via het toonregelingscircuit.
20 POWER indicator
Deze indicator licht op wanneer het apparaat wordt ingeschakeld.
21 CH-1 FADER START toets
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, kunnen de faderstartfunctie en de back-cue functie op de CH-1 CD-speler worden uitgevoerd.
Of de functie in werking wordt gesteld door bediening van de CH-1 faderschuifregelaar of door bediening van de kruisfaderschuifregelaar wordt bepaald door de positie van de FADER START keuzeschakelaar op het voorpaneel; de gemaakte instelling wordt aangegeven door oplichten van de CH-1 FADER START indicator of de C.F.1 FADER START indicator op het bovenpaneel.
* Zie "1. Aansluiten van apparatuur op de ingangen" op blz. 51 voor de DJ CD-spelers die zijn uitgerust met de faderstart/back-cue functies.
22 Aan/uit-knop voor CH-1 uitgang (TRANSFORM)
Gebruik deze knop om de CH-1 uitgang aan of uit (gedempt) te zetten.
De instelhoek van de knop kan gewijzigd worden in stappen van 45° (laat het wijzigen van de hoek over aan een erkende Pioneer servicemonteur).
23 CH-1 REVERSE indicator
Wanneer deze indicator oplicht, betekent dit dat de FADER REVERSE schakelaar op het voorpaneel zodanig is ingesteld dat de CH-1 faderschuifregelaar in de omgekeerde richting werkt (zie item 38 van het voorpaneel).
MID
24 CH-1 faderschuifregelaar
De CH-1 faderschuifregelaar wordt gebruikt om het niveau van de signalen te regelen die naar de kruisfader worden gestuurd. Het signaalniveau is maximaal bij het cijfer "10" en minimaal bij het cijfer "0".
Wanneer de CH-1 FADER REVERSE schakelaar op het voorpaneel op [ON] staat, is het signaalniveau maximaal bij het cijfer "0" en minimaal bij het cijfer "10".
* De kanaalfadercurve kan ingesteld worden met de FADER CURVE regelaars op het voorpaneel.
25 CH-1 FADER START indicator
Deze indicator licht op wanneer de CH-1 faderstart/back-cue functie wordt ingeschakeld (zie tevens item 21 van het bovenpaneel en item 39 van het voorpaneel).
26 C.F.1 FADER START indicator
Deze indicator licht op wanneer de CH-1 kruisfaderstart/back-cue functie wordt ingeschakeld (zie tevens item 21 van het bovenpaneel en item 39 van het voorpaneel).
27 Niveaumeters
Deze meters tonen de CH-1 en CH-2 piekniveaus of de hoofduitgang (stereo) piekniveaus (zie tevens item 34).
28 Kruisfader REVERSE indicator
Deze indicator geeft aan dat de FADER REVERSE schakelaar zodanig is ingesteld dat de kruisfader nu omgekeerd werkt (de linkerkant is CH-2 en de rechterkant is CH-1) (zie tevens item 38 van het voorpaneel).
29 Kruisfader-schuifregelaar
Wanneer deze regelaar naar de linkerkant wordt geschoven, komt CH-1 op maximale uitvoer te staan en CH-2 op minimale uitvoer. Wanneer de regelaar naar de rechterkant wordt geschoven, komt CH-2 op maximale uitvoer te staan en CH-1 op minimale uitvoer.
* De kruisfadercurve kan afzonderlijk voor CH-1 en CH-2 worden ingesteld met behulp van de FADER CURVE regelaars op het voorpaneel.
30 Afstelschroef voor de schuifweerstand (FEELING ADJ.)
De inbusschroef die naast deze schuifregelaar van het paneel is, kan met een inbussleutel gedraaid worden om de schuifweerstand van de kruisfader-schuifregelaar af te stellen. (Zie "Afstelschroef voor de schuifweerstand" op blz. 63).
31 CH-2 FADER START toets
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, kunnen de faderstartfunctie en de back-cue functie op de CH-2 CD-speler worden uitgevoerd.
Of de functie in werking wordt gesteld door bediening van de CH-2 faderschuifregelaar of door bediening van de kruisfaderschuifregelaar wordt bepaald door de positie van de FADER START keuzeschakelaar op het voorpaneel; de gemaakte instelling wordt aangegeven door oplichten van de CH-2 FADER START indicator of de C.F.2 FADER START indicator op het bovenpaneel.
* Zie "1. Aansluiten van apparatuur op de ingangen" op blz. 51 voor de DJ CD-spelers die zijn uitgerust met de faderstart/back-cue functies.
32 Aan/uit-knop voor CH-2 uitgang (TRANSFORM)
Gebruik deze knop om de CH-2 uitgang aan of uit (gedempt) te zetten.
De instelhoek van de knop kan gewijzigd worden in stappen van 45° (laat het wijzigen van de hoek over aan een erkende Pioneer servicemonteur).
33 CH-2 REVERSE indicator
Wanneer deze indicator oplicht, betekent dit dat de FADER REVERSE schakelaar op het voorpaneel zodanig is ingesteld dat de CH-2 faderschuifregelaar in de omgekeerde richting werkt (zie item 38 van het voorpaneel).
34 MASTER LEVEL aanduidingstoets en indicators
Wanneer deze toets in de aan-stand wordt gezet, zal de indicator oplichten en geeft het niveaumeterdisplay de piekniveaus van de hoofduitgang (stereo) aan. Wanneer de toets in de uit-stand wordt gezet, geeft het niveaumeterdisplay de piekniveaus voor CH-1 (links) en CH-2 (rechts) aan (zie tevens item 27).
35 CH-2 faderschuifregelaar
De CH-2 faderschuifregelaar wordt gebruikt om het niveau van de signalen te regelen die naar de kruisfader worden gestuurd. Het signaalniveau is maximaal bij het cijfer "10" en minimaal bij het cijfer "0".
Wanneer de CH-2 FADER REVERSE schakelaar op het voorpaneel op [ON] staat, is het signaalniveau maximaal bij het cijfer "0" en minimaal bij het cijfer "10".
* De kanaalfadercurve kan ingesteld worden met de FADER CURVE regelaars op het voorpaneel.
36 CH-2 FADER START indicator
Deze indicator licht op wanneer de CH-2 faderstart/back-cue functie wordt ingeschakeld (zie tevens item 31 van het bovenpaneel en item 39 van het voorpaneel).
37 C.F.2 FADER START indicator
Deze indicator licht op wanneer de CH-2 kruisfaderstart/back-cue functie wordt ingeschakeld (zie tevens item 31 van het bovenpaneel en item 39 van het voorpaneel).
Wanneer deze schakelaar op [ON] wordt gezet, licht de CH-1 REVERSE indicator op het bovenpaneel op en werkt de CH-1 faderschuifregelaar in de omgekeerde richting (het cijfer "0" is 0 dB verzwakking en het cijfer "10" is min oneindig). De faderstartfunctie werkt ook omgekeerd.
CH-2 ON/OFF
Wanneer deze schakelaar op [ON] wordt gezet, licht de CH-2 REVERSE indicator op het bovenpaneel op en werkt de CH-2 faderschuifregelaar in de omgekeerde richting (het cijfer "0" is 0 dB verzwakking en het cijfer "10" is min oneindig). De faderstartfunctie werkt ook omgekeerd.
C.F. ON/OFF
Wanneer deze schakelaar op [ON] wordt gezet, licht de kruisfader REVERSE indicator op het bovenpaneel op en werkt de kruisfader-schuifregelaar in de omgekeerde richting (de linkerkant is CH-2 en de rechterkant is CH-1). De faderstartfunctie werkt ook omgekeerd.
39 FADER START keuzeschakelaars
C.F.1/CH-1
Deze schakelaar bepaalt of de faderstart-bediening voor de CD-speler die is aangesloten op CH-1 wordt geactiveerd door de kruisfader-schuifregelaar of door de CH-1 faderschuifregelaar. Wanneer de CH-1 FADER START toets op het bovenpaneel in de aan-stand staat, zal bij keuze van de [C.F.1] instelling de C.F.1 FADER START indicator op het bovenpaneel oplichten en bij keuze van de [CH-1] instelling licht de CH-1 FADER START indicator op.
C.F.2/CH-2
Deze schakelaar bepaalt of de faderstart-bediening voor de CD-speler die is aangesloten op CH-2 wordt geactiveerd door de kruisfader-schuifregelaar of door de CH-2 faderschuifregelaar. Wanneer de CH-2 FADER START toets op het bovenpaneel in de aan-stand staat, zal bij keuze van de [C.F.2] instelling de C.F.2 FADER START indicator op het bovenpaneel oplichten en bij keuze van de [CH-2] instelling licht de CH-2 FADER START indicator op.
40 Hoofdtelefoon-uitgangsaansluiting (PHONES)
Hierop kan een stereo hoofdtelefoon met een 6,3 mm stekker worden aangesloten.
41 POWER schakelaar
42 Fader-verzwakkingsregelaars (FADER CURVE) CH-1
Gebruik deze regelaar om de fader-verzwakkingscurve van CH-1 in te stellen.
CH-2
Gebruik deze regelaar om de fader-verzwakkingscurve van CH-2 in te stellen.
CROSS FADER 1
Gebruik deze regelaar om de CH-1 verzwakkingscurve van de kruisfader in te stellen.
CROSS FADER 2
Gebruik deze regelaar om de CH-2 verzwakkingscurve van de kruisfader in te stellen.
FADER CUT LAG
Gebruik deze regelaar om het inactieve bereik aan beide uiteinden van de kruisfader in te stellen (het gebied waar de verschuiving van de kruisfader-schuifregelaar geen effect heeft).
(Zie "Instellen van de fader-verzwakkingscurve" op blz. 63.)
Verbind deze aansluitingen met de audio-uitgang van de CH-2 CD-speler.
PHONO / LINE
Verbind deze aansluitingen met de audio-uitgang van de CH-2 analoge platenspeler, cassettedeck of andere lijnsignaalniveau apparatuur.
44 Uitgangsaansluitingen voor externe effector (SEND)
Verbind deze aansluitingen met de ingangsaansluitingen van de externe effector. Wanneer de bovenpaneel-schakelaars (MIC SEND, CH-1 SEND en CH-2 SEND) in de aan-stand staan, zullen deze aansluitingen de MIC, CH-1 en CH-2 signalen naar de externe effector sturen.
Bij gebruik van een externe effector met een mono-ingang dient u deze alleen op het L kanaal aan te sluiten. De signalen die naar de effector worden gestuurd zullen dan een menging van de L en R signalen zijn.
45 Ingangsaansluitingen voor externe effector (RETURN)
Verbind deze aansluitingen met de uitgangsaansluitingen van de externe effector. Bij gebruik van een externe effector met een mono-uitgang dient u deze alleen op het L kanaal aan te sluiten. De signalen die van de effector komen, worden dan naar zowel het L als het R kanaal gestuurd.
46 CH-1 ingangsaansluitingen
CD
Verbind deze aansluitingen met de audio-uitgang van de CH-1 CD-speler.
PHONO / LINE
Verbind deze aansluitingen met de audio-uitgang van de CH-1 analoge platenspeler, cassettedeck of andere lijnsignaalniveau apparatuur.
47 Microfoon-ingangsaansluiting (MIC)
Hierop kan een microfoon met een XLR-type of PHONE-type stekker worden aangesloten.
43 Tomas de entrada del canal 2 (CH-2) CD
48 SESSION IN aansluitingen
Bij gebruik in combinatie met een ander mengpaneel moet u de uitgangen van het andere mengpaneel met deze ingangen verbinden.
49 CH-1 PHONO/LINE keuzeschakelaar
Gebruik deze schakelaar om de ingangsgevoeligheid van de CH-1 PHONO/LINE aansluitingen in te stellen. De [PHONO] stand is geschikt voor platenspelers met een MM-element.
* Wanneer er geen analoge platenspeler wordt gebruikt, zet u deze schakelaar op [LINE].
50 Signaalaarde-aansluiting voor CH-1 (SIGNAL GND)
Sluit hierop de aarddraad van de CH-1 analoge platenspeler aan. Houd er rekening mee dat deze aansluiting niet bedoeld is als veiligheidsaarde.
51 CH-1 PLAYER CONTROL aansluiting
Wanneer op de CH-1 CD aansluitingen een Pioneer DJ CD-speler is aangesloten, kan deze aansluiting met een speciaal bedieningssignaalsnoer verbonden worden met de bedieningsaansluiting van de CD-speler voor gebruik van de faderstartfunctie.
52 MASTER 1 aansluitingen
Dit is een XLR-type gebalanceerde uitgang. Verbind deze aansluitingen met de gebalanceerde ingangsaansluitingen van de eindversterker.
53 CH-2 PLAYER CONTROL aansluiting
Wanneer op de CH-2 CD aansluitingen een Pioneer DJ CD-speler is aangesloten, kan deze aansluiting met een speciaal bedieningssignaalsnoer verbonden worden met de bedieningsaansluiting van de CD-speler voor gebruik van de faderstartfunctie.
54 CH-2 PHONO/LINE keuzeschakelaar
Gebruik deze schakelaar om de ingangsgevoeligheid van de CH-2 PHONO/LINE aansluitingen in te stellen. De [PHONO] stand is geschikt voor platenspelers met een MM-element.
* Wanneer er geen analoge platenspeler wordt gebruikt, zet u deze schakelaar op [LINE].
55 Signaalaarde-aansluiting voor CH-2 (SIGNAL GND)
Sluit hierop de aarddraad van de CH-2 analoge platenspeler aan. Houd er rekening mee dat deze aansluiting niet bedoeld is als veiligheidsaarde.
56 BOOTH/SESSION OUT aansluitingen
Dit zijn de cabinemonitor-uitgangsaansluitingen. Bij gebruik van dit apparaat in combinatie met een ander mengpaneel moet u deze aansluitingen verbinden met de sessieingangsaansluitingen van het andere mengpaneel.
57 MASTER 2 aansluitingen
Dit is een RCA-type ongebalanceerde uitgang. Verbind deze aansluitingen met de ongebalanceerde aansluitingen van de eindversterker.
Afstellen van de schuifweerstand voor de faderschuifregelaar
Afstelschroef voor de schuifweerstand (FEELING ADJ.)
Gebruik de bijgeleverde inbussleutel om de inbusschroef in het bovenpaneel naast de kruisfader-schuifregelaar te verdraaien, om zo de gewenste schuifweerstand voor de schuifregelaar te verkrijgen. Draai de schroef naar rechts om de schuifweerstand te verhogen en naar links om de schuifweerstand te verlagen.

text_image
REVERSE 1 2 FEELING ADJ.Instellen van het inactieve bereik van de kruisfader
Het inactieve bereik aan beide uiteinden van de kruisfader-schuifregelaar op het bovenpaneel (het gebied waar de verschuiving van de kruisfader-schuifregelaar geen effect heeft), kan worden ingesteld met de FADER CUT LAG regelaar op het voorpaneel, binnen een afstand van 1 – 6 mm.

text_image
FADER CURVE $ FADER 1 CROSS I FADER CUT LAG MIN MAX Inactief bereik ○ Inactief bereik REVERSE 1 2 FEELING ADJ.Instellen van de fader-verzwakkingscurve
De FADER CURVE regelaars op het voorpaneel kunnen gebruikt worden om de verzwakkingscurves van de kruisfader en de kanaalfader in te stellen. De kruisfader kan afzonderlijk voor de CH-1 kant en de CH-2 kant worden ingesteld.
■ Instellen van de kanaalfadercurve (CH-1, CH-2)

text_image
LEVEL 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10Positie van de kanaalfader-schuifregelaar
■ Instellen van de kruisfadercurve (CROSS FADER 1, 2)

text_image
LEVELPositie van de kruisfader-schuifregelaar
De werkingsrichting van de CH-1, CH-2 en kruisfaderschuifregelaars kan worden omgekeerd door de FADER REVERSE schakelaars op het voorpaneel in de [ON] stand te zetten.
Wanneer de CH-1 (of CH-2) FADER REVERSE schakelaar in de [ON] stand wordt gezet, licht de CH-1 (of CH-2) REVERSE indicator op het bovenpaneel op en wordt de werkingsrichting van de bijbehorende schuifregelaar omgekeerd (het cijfer "0" wordt 0 dB verzwakking en het cijfer "10" wordt min oneindig). De faderstartfunctie zal ook omgekeerd werken.
Wanneer de C.F. FADER REVERSE schakelaar in de [ON] stand wordt gezet, licht de kruisfader REVERSE indicator op het bovenpaneel op en wordt de werkingsrichting van de schuifregelaar omgekeerd (de linkerkant wordt CH-2 en de rechterkant wordt CH-1). De faderstartfunctie zal ook omgekeerd werken.

Faderstartfunctie
Als de CH-1 en CH-2 aansluitingen van dit apparaat worden verbonden met een los verkrijgbare Pioneer DJ CD-speler (model CDJ-1000, CDJ-1000MK2, CDJ-800, CDJ-100S, CDJ-500S, CDJ-500II, CMX-3000, CMX-5000 of DMP-555), kunnen de kanaalfader- en kruisfaderfuncties worden gebruikt om automatisch de weergave van de aangesloten CD-speler te starten (mits het vereiste bedieningssignaalsnoer is aangesloten). Wanneer de kanaalfader- of de kruisfader-schuifregelaar wordt verschoven, wordt de CD-speler uit de pauzefunctie gehaald en zal de muziek onmiddellijk beginnen. Door de faderschuifregelaar naar de oorspronkelijke positie terug te brengen, keert de CD-speler terug naar het startpunt (back-cue functie), waardoor sampling-weergave mogelijk is.
Starten via de kruisfader en afspelen vanaf het startpunt (back-cue)
Wanneer de CH-1 CD-speler bij het startpunt in de paraatstand staat, kan de CH-1 CD-speler worden gestart door de kruisfader-schuifregelaar vanaf de rechterkant (CH-2) naar de linkerkant (CH-1) te schuiven.
Wanneer de kruisfader-schuifregelaar de linkerkant (CH-1) bereikt, zal de CH-2 CD-speler terugkeren naar het startpunt (back-cue functie).
Wanneer de CH-2 CD-speler bij het startpunt in de paraatstand staat, kan de CH-2 CD-speler worden gestart door de kruisfader-schuifregelaar vanaf de linkerkant (CH-1) naar de rechterkant (CH-2) te schuiven. Wanneer de kruisfader-schuifregelaar de rechterkant (CH-2) bereikt, zal de CH-1 CD-speler terugkeren naar het startpunt (back-cue functie).
Via de kanaalfader starten met de weergave
1 Om een aangesloten CD-speler te bedienen, zet u de FADER START keuzeschakelaar (op het voorpaneel) voor het betreffende kanaal op [CH-1] of [CH-2].
Bij gebruik van de CH-1 faderschuifregelaar voor het starten van de CH-1 CD-speler zet u de C.F.1/CH-1 schakelaar (op het voorpaneel) op [CH-1]; bij gebruik van de CH-2 faderschuifregelaar voor het starten van de CH-2 CD-speler zet u de C.F.2/CH-2 schakelaar (op het voorpaneel) op [CH-2].

2 Druk op de FADER START toets van het bovenpaneel zodat de indicator oplicht.
Wanneer op de CH-1 FADER START toets wordt gedrukt, licht de CH-1 FADER START indicator op.
Wanneer op de CH-2 FADER START toets wordt gedrukt, licht de CH-2 FADER START indicator op.
3 Zet de kanaalfader-schuifregelaar op het cijfer [0].
4 Stel een startpunt op de CD-speler in en zet de speler bij dit punt in de paraatstand.
5 Wanneer u wilt starten, schuift u de kanaalfader-schuifregelaar naar boven zodat de weergave van de CD-speler bij het ingestelde startpunt begint.

text_image
FADER START REVERSE ○ REVERSE CH-1 CH-2 10 10 9 9 8 8 7 7 6 6 5 5 4 4 3 3 2 2 1 1 0 0 CH-1 FADER START FADER START CH-2 FADER START- Als het startpunt van tevoren is ingesteld, is het niet nodig om de CD-speler opnieuw bij het startpunt in de paraatstand te zetten.
- Als de kanaalfader-schuifregelaar in de "0" stand wordt teruggezet nadat het afspelen is begonnen, zal de CD-speler naar het startpunt terugkeren en in de paraatstand komen te staan (back-cue).
Via de kruisfader starten met de weergave
1 Om een aangesloten CD-speler te bedienen, zet u de FADER START keuzeschakelaar (op het voorpaneel) voor het betreffende kanaal op [C.F.1] of [C.F.2].
Bij gebruik van de CH-1 faderschuifregelaar voor het starten van de CH-1 CD-speler zet u de C.F.1/CH-1 schakelaar (op het voorpaneel) op [C.F.1]; bij gebruik van de kruisfader-schuifregelaar voor het starten van de CH-2 CD-speler zet u de C.F.2/CH-2 schakelaar (op het voorpaneel) op [C.F.2].

2 Druk op de FADER START toets van het bovenpaneel zodat de indicator oplicht.
Wanneer op de CH-1 FADER START toets wordt gedrukt, licht de C.F.1 FADER START indicator op.
Wanneer op de CH-2 FADER START toets wordt gedrukt, licht de C.F.2 FADER START indicator op.
3 Zet de kruisfader-schuifregelaar aan de tegenovergestelde kant van het kanaal waar u wilt starten.
4 Stel een startpunt op de CD-speler in en zet de speler bij dit punt in de paraatstand.
5 Wanneer u wilt starten, schuift u de kruisfader-schuifregelaar naar de andere kant zodat de weergave van de CD-speler bij het ingestelde startpunt begint.

C.F.1 FADER START

text_image
REVERSE 1 2 FEELING ADJ.- Als het startpunt van tevoren is ingesteld, is het niet nodig om de CD-speler opnieuw bij het startpunt in de paraatstand te zetten.
- Als de kruisfader-schuifregelaar volledig wordt teruggeschoven nadat het afspelen is begonnen, zal de CD-speler van het tegenovergestelde kanaal naar het startpunt terugkeren en in de paraatstand komen te staan (back-cue).
Onjuist uitgevoerde bewerkingen worden vaak voor defecten of storingen aanzien. Als u denkt dat er werkelijk iets mis is met dit toestel, moet u eerst onderstaande punten controleren. Soms moet de oorzaak van het probleem bij een ander toestel worden gezocht. U moet dus alle aangesloten elektrische apparaten controleren.
Indien het probleem, zelfs na controle van onderstaande punten, niet kan worden opgelost, moet u met uw verkoper of dichtstbijzijnde PIONEER servicecenter contact opnemen.
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Maatregel |
| Het apparaat kan niet worden ingeschakeld. | De stekker zit niet in het stopcontact. | Steek de stekker in het stopcontact. |
| Er is weinig of geen geluid. | De ingangskeuzeschakelaar staat in de verkeerde stand.De PHONO/LINE keuzeschakelaar op het achterpaneel staat op [LINE] terwijl een analoge platenspeler op de ingangsaansluitingen is aangesloten.De aansluitkabels zijn verkeerd aangesloten of de kabels zitten los.De aansluitbussen of de stekkers zijn vuil.De TRANSFORM knop is omlaaggezet. | Stel de ingangskeuzeschakelaar in op de bron die wordt weergegeven.Zet de PHONO/LINE keuzeschakelaar op [PHONO].Sluit de kabels correct aan.Maak deze schoon en sluit dan de stekkers opnieuw aan.Zet de TRANSFORM knop weer in de omhoogstand. |
| Het geluid is vervormd. | Het niveau van de hoofduitvoer is te hoog.Het ingangsniveau is te hoog.De PHONO/LINE keuzeschakelaar op het achterpaneel staat op [PHONO] terwijl een cassettedeck of andere lijncomponent op de ingangsaansluitingen is aangesloten. | Stel de MASTER LEVEL regelaar in.Stel de TRIM regelaar zodanig in dat het ingangsniveau op de piekniveaumeter 0 dB nadert.Zet de PHONO/LINE keuzeschakelaar op [LINE]. |
| De CD-speler wordt niet door de fader gestart. | De FADER START toets op het bovenpaneel staat in de uit-stand.De PLAYER CONTROL aansluiting op het achterpaneel is niet aangesloten. | Zet de FADER START toets op het bovenpaneel in de aan-stand.Verbind dit apparaat en de CD-speler met het bedieningssignaalsnoer. |
| De externe effector werkt niet. | De SEND toetsen op het bovenpaneel (MIC SEND, CH-1 SEND, CH-2 SEND) staan in de uit-stand.De uitgangsaansluitingen van de externe effector zijn niet verbonden met de RETURN aansluitingen. | Zet de SEND toets op het bovenpaneel voor het kanaal waarop u de externe effecten wilt toepassen in de aan-stand (de indicator licht op).Verbind de uitgangsaansluitingen van de externe effector met de RETURN aansluitingen. |
| Het geluid van de externe effector is vervormd. | Het signaalniveau van de externe effector is te hoog. | Verlaag het uitgangsniveau van de externe effector. |
Bij statische elektriciteit of andere externe interferentie kunnen er storingen in het apparaat optreden. Om de normale werking te herstellen, schakelt u het apparaat uit en dan weer in.
Uitgang (uitgangsniveau/impedantie)
MASTER OUT1 (XLR) 0 dBV (1 V)/600 Ω
MASTER OUT2 (RCA) 0 dBV (1 V)/1 kΩ
BOOTH/SESSION OUT 0 dBV (1 V)/1 kΩ
SEND ......-14 dBV (200 mV)/1 kΩ
PHONES 6 dBV (2 V)/22 Ω of minder
(Nominale belastingsimpedantie 32 Ω)
Frequentiekarakteristieken
CD, LINE en MIC 20 Hz tot 20 kHz
PHONO (RIAA) 20 Hz tot 20 kHz
Signaal-ruisverhouding
CD en LINE 93 dB of meer
PHONO 78 dB of meer
MIC 64 dB of meer
Overspraak (1 kHz) 77 dB of meer
Kanaalequalizer (CD en LINE/PHONO)
HI +6 dB tot -26 dB
MID ....+6 dB tot -26 dB
LOW ....+6 dB tot -26 dB
Microfoonequalizer (MIC)
HI ....+12 dB tot -12 dB
LOW ....+12 dB tot -12 dB
Elektrisch gedeelte, enz.
Stroomspanning ...... Wisselstroom 220-240 V, 50/60 Hz
Stroomverbruik 23 W
Werktemperatuur ....+5°C tot +35°C
Werkvochtigheidsgraad 5 % tot 85 %
Uitwendige afmetingen ..... 251 (B) x 381,6 (D) x 107,9 (H) mm
Gewicht 6,3 kg
Toebehoren
- Inbussleutel .... 1
- Deze gebruiksaanwijzing .... 1
De technische gegevens en de uitvoering kunnen wegens verbeteringen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.