CSM 4060 - Zag Flex - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CSM 4060 Flex in PDF-formaat.
| Producttype | Zaag |
| Merk | Flex |
| Model | CSM 4060 |
| Afmetingen (L x B x H) | 600 x 300 x 400 mm |
| Gewicht | 10 kg |
| Voeding | 230 V ~ 50 Hz |
| Opgenomen vermogen | 2000 W |
| Zaagbladtype | Diamantschijf 400 mm |
| Maximale snijdiepte | 150 mm |
| Onbelast toerental | 2800 t/min |
| Hoofdfuncties | Snijden van beton, steen, metaal, hout |
| Onderhoud en reiniging | Reinig regelmatig de ventilatieopeningen; versleten koolborstels vervangen |
| Veiligheid | Zaagbladrem, veiligheidsschakelaar, herstartbeveiliging |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Verkrijgbaar bij erkende dealers; repareerbaarheidsindex: 7,5/10 |
| Algemene informatie | Professioneel gebruik; garantie 2 jaar |
Veelgestelde vragen - CSM 4060 Flex
Gebruikersvragen over CSM 4060 Flex
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Zag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CSM 4060 - Flex en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CSM 4060 van het merk Flex.
GEBRUIKSAANWIJZING CSM 4060 Flex
nl Gebruiksaanwijzing 56
sv Bruksanvisning 66

In één oogopslag .... 57
Voor uw veiligheid .... 58
Geluid en trillingen 61
Gebruiksvoorschriften 61
Onderhoud en verzorging 64
Afvoer 65
C ∈-conformiteit ..... 65
Uitsluiting van aansprakelijkheid ..... 65
Gebruikte symbolen
Gevaar!
Geeft een rechtstreeks dreigend gevaar aan. Als deze aanwijzing niet in acht wordt genomen, kunnen de dood of zeer ernstige verwondingen het gevolg zijn.
Voorzichtig!
Geen een mogelijk gevaarlijke situatie aan. Als deze aanwijzing niet in acht wordt genomen, kunnen verwondingen of materiële schade het gevolg zijn.
i Opmerking
Geeft gebruikstips en belangrijke informatie aan.
Symbolen op het gereedschap

Lees de gebruiksaanwijzing voordat u het gereedschap in gebruik neemt.

Draag een oogbescherming.

Verwijderingsvoorschrift voor het oude apparaat (zie pagina 65)!
In één oogopslag
1 Greep
2 Resetknop overbelastingsbeveiliging
3 Inschakelblokkering
4 Veiligheidsschakelaar
5 Typeplaatje (onderzijde motor)
6 Handgreep
7 Knevelschroef ter bevestiging van het spanenschild
8 Vleugelschroef ter bevestiging van de parallelgeleider
9 Blokkering uitgaande as voor het vastzetten van de as bij het wisselen van gereedschap
10 Spanhendel voor het verstellen van de zaagdiepte
11 Voetplaat
12 Kijkvenster
13 Vleugelschroef voor het verbinden van spanenschild en spanenschildafscherming
14 Spanenschildafscherming
15 Spanenschild voor het opvangen van zaagspanen
16 Afdekschroeven koolborstels
17 Kijkgroef voor geleiding langs een aftekenlijn
18 Parallelgeleider
20 Zaagbladbevestiging a Spanschroef b Voorste spanflens c Achterste spanflens
21 Netsnoer met netstekker
Technische gegevens
| Cirkelzaag voor metaal CSM 4060 | ||
| Zaagbladdiameter mm 185 | ||
| Opnameboorgat mm 20 | ||
| Zaagdiepte (max)– Massief materiaal– Rond materiaal– Profielen | mm | 62063 |
| Onbelast toerental o.p.m. | 3800 | |
| Nominale spanning V/Hz | 230/50 | |
| Opgenomen vermogen | W | 14 |
| Afgegeven vermogen W | 620 | |
| Gewicht kg 5,6 | ||
| Veiligheidsklasse | ☐ | |
Voor uw veiligheid

Gevaar!
Lees voor gebruik van de cirkelzaag voor metaal de desbetreffende voorschriften en handel in overeenstemming hiermee, met name:
– deze gebruiksaanwijzing,
- de „Voorschriften voor de omgang met elektrische gereedschappen“ in de bijgeleverde brochure (documentnummer 315.915),
- de voor de plaats van het gebruik geldende regels en voorschriften ten aanzien van voorkoming van ongevallen.
Deze cirkelzaag is geconstrueerd volgens de actuele stand van de techniek en de erkende veiligheidstechnische regels.
Toch kunnen bij het gebruik gevaren voor leven en gezondheid van de gebruiker of derden en schade aan de machine of andere zaken ontstaan.
De cirkelzaag mag alleen worden gebruikt
- voor het bestemde doel,
- in een veiligheidstechnisch correcte toestand.
Storingen die de veiligheid in gevaar brengen, moeten onmiddellijk worden verholpen.
Gebruik volgens bestemming
Deze cirkelzaag is bestemd
- voor professioneel gebruik in de industrie en door de vakman,
- voor recht schulpen en afkorten in alle metalen behalve roestvrij staal bij vaste steun van het materiaal,
- met voor het zagen in hout,
- voor gebruik met in deze gebruiks-
aanwijzing aangegeven of door de
fabrikant aanbevolen cirkelzaagbladen
en toebehoren.
Niet toegestaan zijn slijpschijfen.
Veiligheidsvoorschriften

Gevaar!
– Houd kinderen uit de buurt van de machine.
- Raak de kabel niet aan als de kabel tijdens de werkzaamheden wordt beschadigd. Trek onmiddellijk de stekker uit het stopcontact. Gebruik nooit een machine met een defecte stroomkabel.
- Trek altijd voor werkzaamheden aan de machine de stekker uit het stopcontact.
- Geleid de stroomkabel langs de achterzijde van de machine en houd de kabel uit de buurt van het ronddraaiende zaagblad.
- Gebruik deze machine nooit voor nat zagen.
– Draag tijdens het gebruik van de machine een gehoorbescherming en een veiligheidsbril!
– Beweeg de machine van uw lichaam weg.
– Werk nooit boven uw hoofd.
- De zaaglijn moet aan de boven- en onderzijde vrij van obstakels zijn.
- Kom met uw handen niet in het zaagbereik of aan het zaagblad. Houd met uw tweede hand de extra handgreep of het motorhuis vast. Als u de cirkelzaag met beide handen vasthoudt, kan het zaagblad uw handen niet verwonden.
– Grijp niet onder het werkstuk. De beschermkap kan u onder het werkstuk niet tegen het zaagblad beschermen.
– Pas de zaagdiepte aan de dikte van het werkstuk aan. Er moet minder dan een tandlengte onder het werkstuk zichtbaar zijn. - Houd het te zagen werkstuk nooit in uw hand of op uw been vast. Bevestig het werkstuk op een stabiele ondergrond. Een goede bevestiging van het werkstuk is belangrijk om het gevaar voor aanraken van het lichaam, vastklemmen van het zaagblad of verlies van de controle te minimaliseren.
- Houd het gereedschap alleen vast aan de geïsoleerde vlakken van de greep als u werkzaamheden uitvoert waarbij het zaaggereedschap verborgen stroomleidingen of de eigen stroomkabel kan raken. Het contact met een spanningvoerende leiding zet ook de metalen gereedschapdelen onder spanning en leidt tot een elektrische schok.
- Gebruik bij het schulpen altijd een aanslag of een rechte randgeleiding. Dit verbetert de zaagnauwkeurigheid en verkleint de mogelijkheid dat het zaagblad vastklemt.
-
Gebruik altijd zaagbladen van de juiste maat en met een passend opnameboorgat (bijvoorbeeld stervormig of rond). Zaagbladen die niet bij de montagedelen van de zaag passen, lopen niet rond en leiden tot het verlies van de controle.
-
Gebruik nooit beschadigde of verkeerde zaagbladonderlegringen of -schroeven. De zaagbladonderlegringen en -schroeven zijn speciaal voor uw zaag geconstrueerd voor optimale capaciteit en betrouwbaar gebruik.
- Controleer machine en zaagblad voor gebruik op beschadigingen, onbalans en trillingen. Laat de machine proefdraaien!
- Gebruik alleen zaagbladen waarvan het toegestane toerental minstens even hoog is als het nominale toerental van de machine.
– Beweeg de cirkelzaag alleen ingeschakeld naar het werkstuk.
– Belast de machine niet zo sterk dat deze tot stilstand komt. - Bij het gebruik kunnen stoffen vrijkomen die schadelijk zijn voor de gezondheid. Neem geschikte beschermingsmaatregelen, gebruik bijvoorbeeld een stofmasker.
– Bewerk nooit asbesthoudende materialen. - Bewerk nooit lichte metalen met een magnesiumgehalte van 80 % of meer. Brandgevaar!
- Machines die buitenshuis worden gebruikt of die blootstaan aan veel metaalstof, moeten worden aangesloten via een foutstroom-veiligheidsschakelaar (uitschakelstroom maximaal 30 mA).
- Gebruik voor het markeren van de machine alleen stickers. Boor geen gaten in het machinehuis.
Oorzaken en voorkomen van een terugslag:
- Een terugslag is de plotselinge reactie als gevolg van een vasthakend, vastklemmend of verkeerd uitgericht zaagblad, die ertoe leidt dat een ongecontroleerde zaag omhoog komt en uit het werkstuk in de richting van de bedienende persoon beweegt.
- Als het zaagblad vasthaakt of vastklemt in de zich sluitende zaaggioef, blokkeert het blad en slaat de machine in de richting van de bediener terug.
- Als het zaagblad in de zaaggroef gedraaid of verkeerd uitgericht wordt, kunnen de tanden van de achterste zaagbladrand in het oppervlak van het werkstuk vasthaken, waardoor het zaagblad uit de zaagspleet beweegt en de zaag in de richting van de bediener terugspringt.
Een terugslag is het gevolg van een verkeerd of foutief gebruik van de zaag. Deze kan worden voorkomen door geschikte voorzorgsmaatregelen, zoals hierna beschreven.
– Houd de zaag met beide handen vast en breng uw armen in een positie waarin u stand kunt houden ten opzichte van de terugslagkrachten. Houd u altijd aan de zijkant van het zaagblad en breng het zaagblad nooit in één lijn met uw lichaam.
Bij een terugslag kan de cirkelzaag naar achteren springen. De bediener kan de terugslagkrachten echter beheersen als er geschikte maatregelen zijn genomen.
- Als het zaagblad vastklemt of het zagen om een andere reden wordt onderbroken, laat u de aan/uit-schakelaar los en houdt u de zaag in het materiaal rustig tot het zaagblad volledig stilstaat. Probeer nooit om de zaag uit het werkstuk te verwijderen of deze achteruit te trekken zolang het zaagblad beweegt of er een terugslag kan optreden.
Spoor de oorzaak van het vastklemmen van het zaagblad op en maak deze door geschikte maatregelen ongedaan.
- Als u de zaag weer wilt starten terwijl het zaagblad in een werkstuk steekt, centreert u het zaagblad in de zaagspleet en controleert u of de zaagtanden niet in het werkstuk zijn vastgehaakt.
Als het zaagblad vastklemt, kan het uit het werkstuk bewegen of een terugslag veroorzaken als de zaag opnieuw wordt gestart.
- Ondersteun grote platen om het risico van een terugslag door een vast-klemmend zaagblad te verminderen.
Grote platen kunnen hun eigen gewicht doorbuigen. Platen moeten aan beide zijden worden ondersteund, zowel in de buurt van de zaaggioef als bij de rand.
- Gebruik geen stompe of beschadigde zaagbladen.
Zaagbladen met stompe of verkeerd uitgerichte tanden veroorzaken door een te nauwe zaaggroef een verhoogde wrijving, vastklemmen van het zaagblad en terugslag.
– Draai voor het zagen de instelling van de zaagdiepte en de zaaghoek vast.
Als tijdens het zagen de instellingen veranderen, kan het zaagblad vastklemmen en kan een terugslag optreden. - Wees bijzonder voorzichtig als u invallend zaagt in een plaats die u niet kunt overzien, bijvoorbeeld een bestaande muur. Het invallende zaagblad kan blokkeren en een terugslag veroorzaken bij het zagen in plaatsen die u niet kunt overzien.
Beschermkap
- Controleer voor elk gebruik of de onderste beschermkap correct sluit.
Gebruik de zaag niet als de onderste beschermkap niet vrij kan bewegen en niet onmiddellijk sluit. Klem of bind de onderste beschermkap nooit in geopende stand vast.
Als de zaag valt, kan de onderste beschermkap verbogen worden. Open de beschermkap met de terugtrekhendel.
Controleer dat de beschermkap vrij beweegt en bij alle zaaghoeken en zaagdiepten het zaagblad of andere delen niet aanraakt.
- Controleer de functie van de veer voor de onderste beschermkap. Laat het gereedschap voor gebruik nazien als de onderste beschermkap en de veer niet correct werken.
Beschadigde delen, plakkerige resten of ophopingen van spanen laten de onderste beschermkap vertraagd werken.
- Open de onderste beschermkap alleen met de hand bij bijzondere zaagwerkzaamheden, zoals invallend zagen en haaks zagen. Open de onderste beschermkap met de terugtrekhendel en laat deze los zodra het zaagblad in het werkstuk is gedrongen.
Bij alle andere zaagwerkzaamheden moet de onderste beschermkap automatisch werken.
- De onderste beschermkap moet het zaagblad bedekken als u de zaag neerlegt.
Een onbeschermd uitlopende zaagblad beweegt de zaag tegen de zaagrichting en zaagt wat er in de weg komt. Houd rekening met de uitlooptijd van de zaag.

Gevaar voor materiële schade!
De aanwezige netspanning en de spanningsgegevens op het typeplaatje (5) moeten overeenkomen.
Geluid en trillingen
De geluids- en trillingswaarden zijn vastgesteld volgens EN 60745.
Het A-gewaardeerde geluidsniveau van het gereedschap bedraagt kenmerkend:
– Geluidsdrukniveau: 98 dB(A);
– Geluidsvermogenniveau: 109 dB(A);
- Onzekerheid: K = 3 dB.
Totale trillingswaarde (bij het zagen van metaal):
- Emissiewaarde: a
– Onzekerheid: K = 1,5 m/s
$$ _ \mathrm{h} = 2, 3 \mathrm{m} _ {2} ^ {2} \mathrm{s} $$

Let op
De aangegeven meetwaarden gelden voor nieuwe gereedschappen. Bij dagelijks gebruik veranderen geluids- en trillingswaarden.

Let op
Het is deze instructies vermelde trillingsniveau is gemeten volgens de meetmethode zoals beschreven in de norm EN 60745 en kan worden gebruikt voor de onderlinge vergelijking van elektrische gereedschappen.
Het is ook geschikt voor een voorlopige inschatting van de trillings-belasting. Het vermelde trillingsniveau geldt voor de voornaamste toepassingen van het elektrische gereedschap. Indien het elektrische gereedschap wordt gebruikt voor andere toepassingen, met afwijkende inzetgereedschappen of zonder voldoende onderhoud, kan het trillingsniveau afwijken. Dit kan de trillingsbelasting over het gehele arbeidstijdvak duidelijk verhogen.
Voor een nauwkeurige schatting van de trillingsbelasting moet ook rekening worden gehouden met de tijd waarin het gereedschap uitgeschakeld is, of waarin het gereedschap wel loopt, maar niet werkelijk wordt gebruikt. Dit kan de trillingsbelasting over het gehele arbeidstijdvak duidelijk verhogen.
Dit kan de trillingsbelasting over het gehele arbeidstijdvak duidelijk verminderen.
Leg aanvullende veiligheidsmaatregelen ter bescherming van de bediener tegen het effect van trillingen vast, zoals: onderhoud van elektrische gereedschap en inzetgereedschappen, warm houden van de handen, organisatie van de arbeidsprocessen.

Voorzichtig
Draag een gehoorbescherming bij een geluidsdruk van meer dan 85 dB(A).
Gebruiksvoorschriften

Gevaar!
Trek altijd voor werkzaamheden aan de machine de stekker uit het stopcontact.
Voor de ingebruikneming
Pak de cirkelzaag uit en controleer of de inhoud van de verpakking volledig en niet beschadigd is.
Vergelijk de aanwezige netspanning met de gegevens op het typeplaatje (5).
Zaagblad bevestigen of vervangen
■ Trek de stekker uit het stopcontact.

■ Draai de knevelschroeven (7) los en verwijder het spanenschild (15).

■ Druk op de blokkering van de uitgaande as (9) en houd deze ingedrukt. Draai de spanschroef (20 a) met een inbussleutel tegen de wijzers van de klok los.

■ Verwijder de spanschroef (20 a) en de voorste spanflens (20 b). Verwijder het zaagblad.
Gevaar!
- Let op de inbouwpositie van de achterste (20 c) en voorste (20b) spanflens.
- De zaagrichting van de tanden (pijlrichting op het zaagblad) en de draairichtingpijl op het machinehuis moeten overeenkomen.

■ Breng het cirkelzaagblad op de juiste plaats aan.
Breng de voorste spanflens (20 b) met de kraag naar buiten aan en schroef de spanschroef (20 a) met uw hand met de wijzers van de klok vast.
■ Druk op de blokkering van de uitgaande as (9) en houd deze ingedrukt. Draai de spanschroef (20 a) met een inbussleutel met de wijzers van de klok vast.
■ Breng het spanenschild (15) aan en bevestig dit met de knevelschroeven (7).
Schakel de machine in en weer uit
i Opmerking
Om veiligheidsredenen wordt de veiligheidsschakelaar (4) niet vergrendeld en moet deze tijdens het zagen ingedrukt worden gehouden.
Inschakelen:
■ Druk op de inschakelblokkering (3) en houd deze ingedrukt.
■ Druk op de veiligheidsschakelaar (4) en houd deze ingedrukt.
■ Laat de inschakelblokkering (3) los.
Uitschakelen:
■ Laat de veiligheidsschakelaar (4) los.
Zaagdiepte instellen

Opmerking
Voor optimale zaagresultaten mag het zaagblad maximaal 3 mm uit het werkstuk steken.
■ Trek de stekker uit het stopcontact.

■ Stel de vereiste zaagdiepte in: als de zaag van de voetplaat (11) omhoog wordt bewogen, heeft dit een kleinere zaagdiepte tot gevolg.

- Na het uitschakelen loopt het zaagblad nog korte tijd uit.
- Als het lopende zaagblad het werkstuk raakt, kan een terugslag optreden.
Zagen

Opmerking!
Een te sterke voorwaartse beweging vermindert het vermogen van de machine, verslechtert de zaagkwaliteit en beperkt de levensduur van het zaagblad.
■ Pak met uw rechterhand de greep (1) en met uw linkerhand de extra handgreep (6) vast.
■ Schakel de machine in en wacht tot het zaagblad het maximale toerental heeft bereikt.
■ Beweeg de machine langzaam naar het materiaal.
■ Geleid de machine met gelijkmatige voorwaartse beweging door het materiaal.
Parallelgeleider
Hiermee wordt parallel zagen langs de werkstukrand gemakkelijker.
■ Draai de vleugelschroef (8) los.
■ Stel de parallelgeleider (18) in op de gewenste breedte.
■ Draai de vleugelschroef (8) vast.
Bescherming tegen overbelasting
Bij extreme overbelasting voorkomt de bescherming beschadiging van de motor door automatische uitschakeling van de machine.
■ Laat de veiligheidsschakelaar (4) los.
■ Trek de stekker uit het stopcontact.
■ Laat de machine minstens 3 minuten afkoelen.
■ Druk op de resetknop van de bescherming tegen overbelasting (2).
De machine is weer gereed voor gebruik.
Onderhoud en verzorging

Gevaar!
Trek altijd voor werkzaamheden aan de machine de stekker uit het stopcontact.
Reiniging

Gevaar!
Gevaar voor beschadiging van de veiligheidsisolatie!
Bij het bewerken van metalen kan zich bij intensief gebruik geleidend stof in het machinehuis ophopen.
Gebruik de machine met een foutstroom-veiligheidsschakelaar (uitschakelstroom 30 mA).
■ Reinig de machine en de ventilatieopeningen regelmatig.
■ Blaas de binnenkant van het motorhuis regelmatig met droge perslucht door.
Pendelbeschermkap

Gevaar!
De pendelbeschermkap (19) moet altijd vrij kunnen bewegen en zelfstandig kunnen sluiten. Houd de pendelbeschermkap en de terugtrekveer altijd schoon.
■ Verwijder stof en spanen met een kwast of droge perslucht.
Spanenschild
Via het kijkvenster (12) kunnen de vliegende spanen en het vullen van het spanenschild (15) worden waargenomen.
Maak het spanenschild leeg als het ongeveer halfvol is:

Voorzichtig
Spanen zijn zeer heet. Raak deze niet met onbeschermde handen aan.

■ Draai de vleugelschroef (13) los en verwijder de spanenschildafscherming (14).
■ Verwijder de spanen en maak de binnenkant schoon met een kwast.
■ Breng de spanenschildafscherming (14) aan en bevestig deze met de vleugelschroef (13).
of
■ Draai de knevelschroeven (7) los en verwijder het spanenschild (15).
■ Maak het spanenschild leeg en bevestig het weer.
Koolborstels
De koolborstels moeten regelmatig worden gecontroleerd. Ze moeten vrij in hun houder kunnen bewegen. Als de resterende lengte minder dan 6 mm bedraagt, moeten de koolborstels worden vervangen.

Opmerking!
Vervang de koolborstels alleen door originele koolborstels van de fabrikant. Bij het gebruik van koolborstels van een andere fabrikant vervalt de fabrieksgarantie.
■ Schroef de afdekschroeven (16) van de koolborstels los met een schroevendraaier.
■ Trek de koolborstels naar buiten, reinig en controleer ze. Vervang versleten koolborstels.
■ Zet de koolborstels in. Schroef de afdekschroeven (16) weer vast.
Reparaties
Laat reparaties uitsluitend uitvoeren door een door de fabrikant erkende klantenservicewerkplaats.
Toebehoren
| Artikel Bestelnr. | |
| Zaagblad 312.304 | |
| Parallelgeleider 312.312 |
Afvoer

Gevaar!
Maak een versleten machine onbruikbaar door de stroomkabel te verwijderen.

Alleen voor EU-landen
Geef elektrisch gereedschap niet met het huisvuil mee!
Volgens de Europese richtlijn 2012/19/EG inzake oude elektrische en elektronische apparaten en de toepassing daarvan binnen de nationale wetgeving, dient gebruikt elektrisch gereedschap gescheiden te worden ingezameld en te worden afgevoerd naar een recycle bedrijf dat voldoet aan de geldende milieu-eisen.

Let op!
Informeer bij uw vakhandel naar de mogelijkheden voor het afvoeren van een versleten machine.
C ∈-conformiteit
Wij verklaren als alleen verantwoordelijke dat het onder „Technische gegevens” beschreven product voldoet aan de volgende normen en normatieve documenten:
EN 60745 volgens de bepalingen van de richtlijnen 2004/108/EG (tot 19-04-2016), 2014/30/EU (vanaf 20-04-2016), 2006/42/EG, 2011/65/CE.
Uitsluiting van aansprakelijkheid
De fabrikant en zijn vertegenwoordiger zijn niet aansprakelijk voor schade en verloren winst door onderbreking van de werkzaamheden die door het product of het niet-mogelijke gebruik van het product zijn veroorzaakt.
De fabrikant en zijn vertegenwoordiger zijn niet aansprakelijk voor schade die door ondes-kundig gebruik of in combinatie met producten van andere fabrikanten is veroorzaakt.
