BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Audiosysteem

JOHN DEERE MP36 - Audiosysteem BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis JOHN DEERE MP36 BLAUPUNKT in PDF-formaat.

📄 394 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - page 133
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Producttype Autoradio audiosysteem
Merk BLAUPUNKT
Model JOHN DEERE MP36
Gewicht 1,36 kg
Uitgangsvermogen 4 x 18 W sinusvormig (14,4 V, 1% vervorming, 4 Ω) ; 4 x 26 W volgens DIN 45324 ; 4 x 50 W max
Radiofrequentiebanden FM (87,5 - 108 MHz), AM (531 - 1602 kHz), LW (153 - 279 kHz)
Ondersteunde audioformaten Audio-cd, CD-R, CD-RW, MP3, WMA
RDS-functies AF, REG, PTY, EON, verkeersinformatie
Equalizer Presets Rock, Pop, Classic ; X-Bass instelbaar
Audio-ingangen AUX (2 V / 6 kΩ), Telefoon/Navigatie (10 V / 1 kΩ)
Voorversterkeruitgangen 4 kanalen, 3 V ; Sub-Out instelbaar (laagdoorlaatfilter: 0, 80, 120, 160 Hz)
Voorpaneel Afneembaar (Flip-Release-Panel), diefstalbeveiliging
Uitschakelvertraging Instelbaar van 0 tot 30 seconden (OFF TIMER)
Display Instelbaar: helderheid dag/nacht, kleur aanpasbaar (RGB), aangepast welkomstbericht
Voeding 12 V DC (accu voertuig, negatief aan massa)
Speciale accessoires (niet meegeleverd) Afstandsbediening (stuurwiel of handmatig), Blaupunkt/Velocity versterkers, cd-wisselaar (CDC A 03, A 08, IDC A 09), AUX-adapterkabel (ref. 7 607 897 093)
Onderhoud en reiniging Reinig de contacten van het voorpaneel met een pluisvrije doek gedrenkt in alcohol. Stel het voorpaneel niet bloot aan zonlicht of hitte.
Veiligheid Koppel de accu los voor montage; volg de instructies van de voertuigfabrikant; gebruik geen cd's van 8 cm of niet-cirkelvormige cd's.

Veelgestelde vragen - JOHN DEERE MP36 BLAUPUNKT

Hoe schakel ik de autoradio in en uit?
Om in te schakelen, druk kort op de toets . Om uit te schakelen, houd de toets langer dan 2 seconden ingedrukt. U kunt ook in-/uitschakelen via het contact van het voertuig of door het afneembare voorpaneel te verwijderen/terug te plaatsen.
Hoe stel ik de klok in?
Druk op MENU (⑨) tot CLOCK SET wordt weergegeven. Druk op < (⑩): de uren knipperen. Stel de uren in met ∧/∨ (⑩), druk dan op > (⑩) om de minuten in te stellen. Bevestig door tweemaal op MENU te drukken.
Hoe sla ik een radiostation op?
Selecteer het gewenste station. Houd een voorkeurstoets 1-6 (⑪) langer dan 2 seconden ingedrukt. Het station is opgeslagen. Automatisch opslaan (Travelstore) is mogelijk door BND•TS (⑥) ingedrukt te houden.
Hoe activeer ik verkeersinformatie?
Druk op TRA•RDS (⑦) om de prioritaire uitzending van verkeersinformatie te activeren. Het pictogram Verkeersinformatie wordt weergegeven. Het volume van verkeersinformatie wordt ingesteld in het menu TA VOLUME.
Hoe werp ik een cd uit?
Druk op ▼ (②) om het voorpaneel te openen. Druk op ▲ (⑫) (Eject) naast de gleuf. Verwijder de cd en sluit het voorpaneel. Uitwerpen is mogelijk, zelfs als het apparaat uit is.
Hoe stel ik de bas en treble in?
Druk op AUDIO (⑤) tot BASS, MIDDLE of TREBLE wordt weergegeven. Druk eenmaal op √/∧ (⑩) om in het submenu te gaan. Kies de middenfrequentie met < / > (⑩) en stel het niveau (±7) in met √/∧. Verlaat met tweemaal AUDIO.
Hoe gebruik ik het afneembare voorpaneel?
Om het voorpaneel te verwijderen, druk op ▼ (②): het klapt naar voren. Trek het naar rechts om het eruit te halen. Om het terug te plaatsen, steek de rechterkant in de geleider en duw voorzichtig tot het vastklikt. Reinig de contacten indien nodig met een doek gedrenkt in alcohol.
Hoe sluit ik een externe bron (AUX) aan?
Activeer de AUX-ingang in het menu MENU (⑨): selecteer AUX ON. Sluit de bron (mp3-speler, enz.) aan via een Blaupunkt-adapterkabel (ref. 7 607 897 093). Selecteer vervolgens AUX met de toets SOURCE (④).
Hoe stel ik de helderheid van het display in?
Druk op MENU (⑨) tot DIM DAY of DIM NIGHT wordt weergegeven. Gebruik < / > (⑩) om het niveau te kiezen (1-9). Voor de automatische modus selecteert u AUTO DIM voor de nacht. Bevestig met tweemaal MENU.
Hoe activeer ik de Travelstore-functie?
Houd BND•TS (⑥) langer dan 2 seconden ingedrukt. Het apparaat slaat automatisch de zes sterkste FM-stations op in het niveau FMT. Eerder opgeslagen stations op dit niveau worden gewist.

Gebruikersvragen over JOHN DEERE MP36 BLAUPUNKT

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Audiosysteem in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding JOHN DEERE MP36 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. JOHN DEERE MP36 van het merk BLAUPUNKT.

GEBRUIKSAANWIJZING JOHN DEERE MP36 BLAUPUNKT

Gebruiksaanwijzing en inbouwhandleiding

① Aan-/uit-toets
Kort indrukken: geluidsonderdrukking (Mute) van het apparaat.
Lang indrukken: uitschakelen van het apparaat.
② ▲-toets, voor het openen van het opklapbare en afneembare bedieningspaneel (Flip-Release Panel)
③ Volumeregelaar
④ SOURCE-toets, bronkeuze tussen radio, CD, CD-wisselaar (indien aangesloten) en AUX.
⑤ AUDIO-toets, voor het instellen van lage tonen, hoge tonen, middentonen, subout, balans en fader.
X-BASS in-/uitschakelen en instellen.
Keuze van een equalizer-voorinstelling.
⑥ BND•TS-toets
Kort indrukken: keuze van het FM-geheugenniveau en het golfgebied MW en LW.
Lang indrukken: start van de Travelstore-functie.
⑦ TRA•RDS-toets
Kort indrukken: in-/uitschakelen van de stand-by-stand voor verkeersinformatie.
Lang indrukken: RDS comfortfunctie in-/uitschakelen.

⑧ DISPL Ⓤ-toets
Kort indrukken: alternatieve displayinhoud kort weergeven (bijv. tijd).
Lang indrukken: displayinhoud omschakelen.
⑨ MENU-toets
Kort indrukken: oproepen van het menu voor de basisinstellingen.
Lang indrukken: starten van de scanfunctie.
⑩ Pijltoetsenblok
⑪ Toetsenblok 1 - 6
⑫ ▲-toets (Eject) voor verwijderen van de CD uit het apparaat.

Opmerkingen en accessoires...... 133

Afvoer afgedankte apparaten (alleen EU-landen) 133
Inbouw....133
Speciale toebehoren (niet meegeleverd).... 133

Afneembaar bedieningspaneel ..... 134

Diefstalbeveiliging 134
Bedieningspaneel verwijderen...... 135
Bedieningspaneel plaatsen 135
Uitschakeltijd (OFF TIMER) ...... 135

In- en uitschakelen.... 136

Volume instellen 136

Volume bij inschakelen instellen ..... 136
Volume snel reduceren (Mute) ..... 137
Telefoon-audio/navigatie-audio.....137
Bevestigingstoon in- en uitschakelen .... 137
Automatic Sound 138

Radioweergave....138

Tuner instellen....138
Radioweergave inschakelen...... 139
RDS-comfortfunctie (AF, REG)...... 139
Golfgebied / geheugenniveau kiezen 139

Zenders instellen 139

Gevoeligheid van de zoekafstemming instellen .... 140

Zenders programmeren 140

Zenders automatisch programmeren (Travelstore) 141

Geprogrammeerde zenders oproepen.... 141

Ontvangbare zenders kort weergeven (SCAN)...... 141

Duur van het fragment instellen..... 141

Programmatype (PTY) 141

Radio-ontvangst optimaliseren ..... 143

Displayweergave instellen 143

Verkeersinformatie...... 143

Voorrang voor verkeersinformatie in- en uitschakelen .... 143
Volume voor verkeersinformatie instellen 144

CD-weergave....144

CD-weergave starten 144
Titel kiezen 145
Snel titels kiezen.... 145
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) .... 145
Willekeurige weergave van de titels (MIX) 145

Titels kort weergeven (SCAN) ...... 145

Titels herhalen (REPEAT) 146

Weergave onderbreken (PAUSE) .... 146

Displayweergave instellen 146

Verkeersinformatie tijdens CD-weergave.... 146

CD verwijderen.... 146

MP3-/WMA-weergave 147

Voorbereiding van de MP3-CD ..... 147
MP3-weergave starten....148
Displayweergave instellen 148
MP3-lichtkrantteksten instellen ..... 149
Directory kiezen 149

Titels/bestanden kiezen...... 149

Snelle zoekdoorloop 149

Titels in willekeurige volgorde weergeven – MIX .... 149

Titels kort weergeven - SCAN ...... 150

Losse titels of hele directory herhaald afspelen – REPEAT...... 150

Weergave onderbreken (PAUSE) ..... 150

Weergave van CD-wisselaar ...... 151

Weergave van CD-wisselaar starten 151

CD kiezen 151

Titel kiezen 151

Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) .... 151

Wisselen van displayweergave ..... 151

Losse titels of hele CD's herhaald afspelen (REPEAT) 151

Titels in willekeurige volgorde weergeven (MIX)....152

Alle titels van alle CD's kort weergeven (SCAN)...... 152

Weergave onderbreken (PAUSE) .... 152

Clock - Kloktijd 153

Kloktijd weergeven.... 153

Kloktijd instellen 153

Klokmodus 12/24 uur kiezen...... 153

Kloktijd permanent laten weergeven wanneer het apparaat is uitgeschakeld en het contact is ingeschakeld.... 153

Kloktijd bij uitgeschakeld apparaat kort laten weergeven .... 153

Sound 154

Lage tonen (Bass) instellen ..... 154

Middentonen (Middle) instellen ..... 154

Hoge tonen (Treble) instellen...... 154

Volumeverhouding links/rechts (Balance) instellen 155

Volumeverhouding voor/achter (Fader) instellen 155

Voorversterkeruitgang

(Preamp-Out/Sub-Out) 155

Sub-Out-Pegel instellen 155

Instellen van de Sub-Out-grensfrequentie.... 155

X-BASS 156

X-BASS-versterking instellen ..... 156

Equalizer-voorinstellingen

(Presets)...... 157

Display instellen 157

Inschakelmelding invoeren 157

Niveauweergave instellen 157

Displayhelderheid instellen ..... 158

Kleur van de displayverlichting instellen .... 158

Externe audiobronnen...... 159

AUX-ingang in- en uitschakelen ..... 159

AUX-voorversterker instellen ..... 160

Ingangsgevoeligheid.... 160

Inbouwhandleiding 381

Opmerkingen en accessoires

Hartelijk dank dat u hebt gekozen voor een Blaupunkt-product. Wij wensen uw veel plezier van dit nieuwe apparaat.

Lees deze gebruiksaanwijzing voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt.

De Blaupunkt-redacteurs werken continu om de gebruiksaanwijzingen overzichtelijk en begrijpelijk vorm te geven. Mocht u toch nog vragen over de bediening hebben, dan kunt u contact opnemen met uw dealer of met de hotline in uw land. U vindt de nummers op de achterzijde van dit boekje.

Voor onze producten die binnen de Europese Unie gekocht zijn, bieden wij een fabrieksgarantie. U kunt de garantiebepalingen oproepen op www.blaupunkt.de of direct opvragen bij:

Blaupunkt GmbH

Hotline

Robert Bosch Str. 200

D-31139 Hildesheim

Afvoer afgedankte apparaten (alleen EU-landen)

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Afvoer afgedankte apparaten (alleen EU-landen) - 1

Voer uw afgedankte apparaat niet af met het huisvuil!

Gebruik voor het afvoeren van het oude apparaat de beschikbare retour- en verzamelsystemen.

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Afvoer afgedankte apparaten (alleen EU-landen) - 2

Verkeersveiligheid

De verkeersveiligheid gaat vóór alles.

Bedien uw autoradio alleen wanneer de verkeerssituatie dat toelaat.
Maak uzelf voor het begin van de rit vertrouwd met het apparaat.

De akoestische waarschuwingssignalen van politie, brandweer en reddingsdiensten moeten tijdig in het voertuig te horen zijn.

Beluister daarom tijdens het rijden uw programma daarom alleen met een gepast geluidsvolume.

Inbouw

Wanneer u de autoradio zelf wilt inbouwen, leest u dan de aanwijzingen voor inbouw en aansluiting aan het einde van de gebruiksaanwijzing.

Speciale toebehoren (niet meegeleverd)

Gebruik alleen door Blaupunkt toegelaten speciale toebehoren.

Afstandsbediening

Met de stuur- en/of handafstandsbediening kunt u de basisfuncties van uw autoradio veilig en comfortabel bedienen.

In- en uitschakelen via de afstandsbedie- ning is niet mogelijk.

Welke afstandsbedieningen op uw autoradio kunnen worden gebruikt, kan uw Blaupunkt-dealer u vertellen of u vindt dit onder www.blaupunkt.com.

Versterker (Amplifier)

Alle Blaupunkt- en Velocity-versterkers (amplifier) kunnen worden gebruikt.

CD-wisselaar (Changer)

De volgende Blaupunkt-CD-wisselaars kunnen worden aangesloten:

CDC A 03, CDC A 08 en IDC A 09.

Afneembaar bedieningspaneel

Diefstalbeveiliging

Uw radio is ter bescherming tegen diefstal uitgerust met een afneembaar bedieningspaneel (Flip Release Panel). Zonder dit bedieningspaneel is het apparaat voor een dief waardeloos.

Bescherm het apparaat tegen diefstal en neem het bedieningspaneel telkens mee wanneer u de auto verlaat. Laat het bedieningspaneel niet in de auto liggen, ook niet op een verborgen plek.

Opmerkingen:

  • Laat het bedieningspaneel niet valen.
  • Stel het bedieningspaneel nooit bloot aan direct zonlicht of andere warmtebronnen.
  • Voorkom directe aanraking van de contacten van het bedieningspaneel met de huid. Maak de contacten indien nodig schoon met een vezelvrij doek die in reinigingsalcohol is gedrenkt.

Bedieningspaneel verwijderen

Druk op de toets ②.

Het bedieningspaneel wordt naar voren geopend.

Pak het bedieningspaneel aan de rechterkant vast en trek het in een rechte lijn uit de houder.

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Bedieningspaneel verwijderen - 1

  • Het apparaat wordt na een door u ingestelde tijd uitgeschakeld. Lees daarvoor de paragraaf "Uitschakeltijd (OFF TIMER)" in dit hoofdstuk.
  • Alle actuele instellingen worden opgeslagen.
  • Een geplaatste CD blijft achter in het apparaat.

Bedieningspaneel plaatsen

Houd het bedieningspaneel ongeveer in een rechte hoek t.o.v. het apparaat.
Schuif het bedieningspaneel in de geleiding van het apparaat aan de rechter- en linkerkant van de onderste rand van de behuizing. Duw het bedieningspaneel voorzichtig in de houder totdat het vergrendelt.
Klap het bedieningspaneel voorzichtig naar boven, totdat het vergrendelt.

1. 2.

Wanneer het apparaat bij het verwijderen van het bedieningspaneel was ingeschakeld, schakelt het zichzelf na het plaatsen automatisch met de laatste instelling (radio, CD, CD-wisselaar of AUX) weer in.

Uitschakeltijd (OFF TIMER)

Nadat u het bedieningspaneel heeft geopend, wordt het apparaat binnen een instelbare tijd uitgeschakeld. U kunt deze tijd instellen tussen 0 en 30 seconden.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets ¥ of ⑩, tot "OFF TIMER" in het display wordt weergegeven.
Stel de tijd met de <>-toetsen ⑩ in. Wanneer het instellen voltooid is,
druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

Wanneer u de uitschakeltijd op 0 seconden instelt, wordt het apparaat direct na het openen van het bedieningspaneel uitgeschakeld.

In- en uitschakelen

Om het apparaat in of uit te schakelen hebt u de volgende mogelijkheden:

In- en uitschakelen met toets ①

Om het apparaat in te schakelen drukt u op toets ①.

Het apparaat wordt ingeschakeld.

Om het apparaat uit te schakelen houdt u toets ① langer dan twee seconden ingedrukt.

Het apparaat wordt uitgeschakeld.

In- en uitschakelen via het contactslot van de auto

Wanneer het apparaat conform de gebruiksaanwijzing, met het contactslot van de auto is verbonden en niet met toets ① is uitgeschakeld, wordt het met het contact in- en uitgeschakeld.

In- en uitschakelen met het afneembare bedieningspaneel

Verwijder het bedieningspaneel.

Het apparaat schakelt na de in menu "OFF TIMER" ingestelde tijd uit.

Breng het bedieningspaneel weer aan.

Het apparaat wordt ingeschakeld. De laatste instelling (radio, CD, CD-wisselaar of AUX) wordt geactiveerd.

Opmerking:

Ter beveiliging van de autoaccu wordt het apparaat bij uitgeschakeld contact automatisch na een uur uitgeschakeld.

Volume instellen

Het volume kan in stappen van 0 (uit) tot 66 (maximaal) worden ingesteld.

Om het volume te vergroten,

draai de volumeregelaar ③ naar rechts.

Om het volume te verkleinen,

draai de volumeregelaar ③ naar links.

Volume bij inschakelen instellen

Opmerking:

De radio beschikt over een time-out functie (tijdvenster).

Wanneer u bijvoorbeeld de toets MENU ⑨ indrukt en een menupunt kiest, dan schakelt de radio ca. 8 seconden na de laatste toetsbediening weer terug. De uitgevoerde instellingen worden opgeslagen.

Het inschakelvolume is instelbaar.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets V of A 10, tot "ON VOLUME" in het display wordt weergegeven.
Stel het inschakelvolume met de <>-toetsen ⑩ in.

Om het instellen te vereenvoudigen wordt het volume in overeenstemming met uw instellingen vergroot resp. verkleind.

Wanneer u "LAST VOL" instelt, wordt het volume dat u voor het uitschakelen gebruikte, weer geactiveerd.

Opmerking:

Om het gehoor te beschermen, is het inschakelvolume begrensd op de waarde "38". Wanneer het volume voor het uitschakelen hoger was en de instelling

"LAST VOL" werd gekozen, dan wordt met de waarde "38" weer ingeschakeld.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Volume snel reduceren (Mute)

U kunt het volume snel naar een door u ingestelde waarde reduceren (Mute).

Druk kort op toets ①.

Op het display verschijnt "MUTE".

Mute opheffen

Om het eerder beluisterde volume weer te activeren,

druk opnieuw kort op toets ①.

Mute-volume instellen

Het Mute-volume (Mute Level) is instelbaar.

Druk op de toets MENU ⑨.

Druk zo vaak op de toets V of A 10, tot "MUTE LVL" in het display wordt weergegeven.

Stel het Mute Level in met de <>-toetsen ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Telefoon-audio/navigatie-audio

Wanneer uw autoradio is gekoppeld aan een mobiele telefoon of een navigatiesysteem, dan wordt bij het opnemen van de telefoon of een gesproken mededeling van de navigatie de autoradio stil geschakeld en wordt het gesprek of de mededeling via de luidsprekers weergegeven. Daarvoor moet de mobiele telefoon of het navigatiesysteem conform de gebruiksaanwijzing zijn aangesloten op de autoradio.

Welke navigatiesystemen op uw autoradio kunnen worden aangesloten, kan uw Blaupunkt-dealer u vertellen.

Wanneer tijdens ene telefoongesprek resp. een gesproken mededeling van de navigatie een verkeersbericht wordt ontvangen, kunt u het verkeersbericht pas na beeindiging van het telefoongesprek/de mededeling horen, voor zover deze dan nog steeds wordt uitgezonden. Het verkeersbericht wordt niet geregistreerd!

Het volume waarmee u telefoongesprekken of de gesproken mededelingen van de navigatie inschakelt, is instelbaar.

Druk op de toets MENU ⑨.

Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩ dat "TEL VOL" op het display wordt weergegeven.

Stel het gewenste volume in met de -toets ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

U kunt het volume voor telefoongesprekken en gesproken mededelingen tijdens de weergave direct met de volumeregelaar ③ instellen.

Bevestigingstoon in- en uitschakelen

Wanneer een toets bij bepaalde functies langer dan twee seconden ingedrukt moet worden gehouden, bv. bij het opslaan van een zender onder een voorkeuzetoets, is een bevestigingstoon (pieptoon) te horen. U kunt de pieptoon uit- resp. inschakelen.

Druk op de toets MENU ⑨.

Druk zo vaak op toets V of A ⑩ dat "BEEP ON" resp. "BEEP OFF" op het display wordt weergegeven.
Schakel de pieptoon met de < of >-toets ⑩ in (ON) of uit (OFF).

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets MENU ⑨.

Automatic Sound

Met deze functie wordt het volume van de autoradio automatisch aangepast aan de rijsnelheid. Daarvoor moet uw autoradio conform de inbouwhandleiding zijn aangesloten.

De automatische volumeaanpassing is in 6 stappen (0 - 5) instelbaar.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets of ⑩ dat "AUTO SD" op het display wordt weergegeven.
Stel de gewenste volumeaanpassing 0 - 5 in met de -toets ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

De voor uw optimale instelling 0 - 5 voor de snelheidsafhankelijke volume-aanpassing hangt af van de ruisontwikkeling van uw voertuig. Bepaal de voor uw voertuig beste waarde door dit uit te proberen.

Radioweergave

Dit apparaat is uitgerust met een RDS-radio-ontvanger. Veel van de ontvangbare FM-zenders zenden een signaal uit dat naast het programma ook informatie bevat zoals de naam van de zender en het programmatype (PTY).

De naam van de zender wordt, zodra deze wordt ontvangen, op het display weergegeven.

Tuner instellen

Om optimaal functioneren van het radio-deel te waarborgen, moet het apparaat worden ingesteld op de regio, waarin het wordt gebruikt. U kunt kiezen tussen Europa (EUROPE), Amerika (USA), Zuid-Amerika (S-AMERICA) en Thailand (THAI). De tuner is af fabriek ingesteld op de regio, waar het apparaat wordt uitgeleverd. Bij problemen met de radio-entvangst moet u deze instelling controleren.

De in deze gebruiksaanwijzing beschreven radiofuncties hebben betrekking op de tuner-instelling Europa (EUROPE).

Schakel het apparaat uit met toets ①.
Houdt de toetsen 1 en 5 ⑪ tegelijkertijd ingedrukt en schakel het apparaat met de toets ① weer in.

"TUNER" wordt weergegeven.

Kies uw tunerregio met de toets √ of ∧⑩.

Om de instelling op te slaan,

schakelt u het apparaat weer uit en weer aan of wacht u ca. 8 seconden. De radio start met de laatst gekozen instelling (radio, CD, CD-wisselaar of AUX).

Radioweergave inschakelen

Wanneer u zich in de weergavesoorten CD, CD-wisselaar of AUX bevindt,

drukt u op de toets BND•TS ⑥

of

drukt u zo vaak op de toets SOURCE ④, tot het geheugenniveau, bijv. "FM1", op het display verschijnt.

RDS-comfortfunctie (AF, REG)

De RDS-comfortfuncties AF (alternatieve frequentie) en REGIONAL vergroten het prestatiespectrum van uw autoradio.

  • AF: Wanneer de RDS-comfortfunctie geactiveerd is, zoekt het apparaat op de achtergrond automatisch naar de als beste te ontvangen frequentie van de ingestelde zender.
  • REGIONAL: Sommige zenders verdelen hun programma op bepaalde tijden in regionale programma's met verschillende inhoud. Met de REG-functie wordt voorkomen dat de autoradio overschakelt op alternatieve frequenties met een andere programma-inhoud.

Opmerking:

REGIONAL moet apart in het menu worden geactiveerd / gedeactiveerd.

REGIONAL in- en uitschakelen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets V of X ⑩ dat "REG" op het display wordt weergegeven. Achter "REG" wordt "OFF" (uit) resp. "ON" (aan) weergegeven.

Om REGIONAL in- resp. uit te schakelen,

druk op toets > of < 10.
Druk op de toets MENU ⑨.

RDS-comfortfunctie in- of uitschakelen

Om de RDS-comfortfuncties AF en REGIONAL in resp. uit te schakelen,

houdt u de toets TRA•RDS ⑦ langer dan 2 seconden ingedrukt.

De RDS-comfortfuncties zijn actief wanneer RDS op het display verlicht is.

Golfgebied / geheugenniveau kiezen

Met dit apparaat kunt u zenders van de frequentiebanden FM, MW en LW (AM) ontvangen. Voor het golfgebied FM zijn drie geheugenniveaus (FM1, FM2 en FMT) en voor de golfgebieden MW en LW elk één geheugenniveau beschikbaar.

Op elk geheugenniveau kunnen 6 zenders worden geprogrammeerd.

Om te wisselen tussen de geheugenniveaus FM1, FM2 en FMT resp. de golfgebieden MW en LW,

druk kort op de toets BND•TS ⑥.

Zenders instellen

U hebt verschillende mogelijkheden om zenders in te stellen.

Automatische zoekafstemming

Druk op de √ of ∧-toets ⑩.

De eerstvolgende ontvangbare zender wordt ingesteld.

Handmatig afstemmen op zenders

U kunt ook handmatig zenders instellen.

Opmerking:

Er kunnen alleen met de hand zenders worden ingesteld wanneer de RDS-comfortfunctie gedeactiveerd is.

Om de ingestelde frequentie in kleine stappen te veranderen,

drukt u kort op de toets ⑩.

Om de ingestelde frequentie snel te veranderen,

houdt u de toets ⑩ langer ingedrukt.

Wanneer een zender meerdere programma's biedt, kunt u bladeren in deze zgn. "zenderketen".

Opmerking:

Om deze functie te kunnen gebruiken, moet de RDS-comfortfunctie geactiveerd zijn.

Druk op toets < of > ⑩ om naar de volgende zender van de zenderketen te gaan.

Opmerking:

U kunt zo alleen wisselen tussen zenders die u al eerder ontvangen hebt. Gebruik hiervoor de scan- of de Travelstore-functie.

Gevoeligheid van de zoekafstemming instellen

U kunt kiezen of er alleen sterke of ook zwakke zenders worden ingesteld.

Druk op de toets MENU ⑨.

Druk zo vaak op toets Y of X ⑩ dat "SENS" op het display wordt weergegeven.

Op het display wordt de actuele waarde voor de gevoeligheid weergegeven. "SENS HI3" betekent de hoogste gevoeligheid. "SENS LO1" de geringste.

Stel de gewenste gevoeligheid in met de -toetsen ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

U kunt verschillenden waarden voor de gevoeligheid instellen voor FM en MW resp. LW (AM).

Zenders programmeren

Zenders handmatig programmeren

Kies het geheugenniveau FM1, FM2, FMT of een van de golfgebieden MW en LW.
Stel de gewenste zender in.
Houd één van de voorkeuzetoetsen 1 - 6 ⑪, waarop de zender moet worden opgeslagen, langer dan twee seconden ingedrukt.

Zenders automatisch programmeren (Travelstore)

U kunt de zes sterkste zenders uit de regio automatisch programmeren (alleen FM). De zenders worden opgeslagen op het geheugenniveau FMT.

Opmerking:

Eerder op dit niveau geprogrammeerde zenders worden hierbij gewist.

Houd toets BND•TS ⑥ langer dan twee seconden ingedrukt.

Het programmeren begint. Op het display wordt "FM TSTORE" weergegeven. Wanneer het programmeren voltooid is, wordt de zender op geheugenpositie 1 van geheugenniveau FMT weergegeven.

Geprogrammeerde zenders oproepen

Kies het geheugenniveau resp. het golfgebied.

Druk op een voorkeuzetoets 1 - 6 ⑪.

De opgeslagen zender wordt afgespeeld, mits deze kan worden ontvangen.

Ontvangbare zenders kort weergeven (SCAN)

Met de scanfunctie kunt u alle ontvangbare zenders kort laten weergeven. De duur van het fragment kan in het menu worden ingesteld tussen 5 en 30 seconden.

SCAN starten

Houdt de MENU-toets ⑨ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Het scannen begint.

"SCAN" wordt kort op het display weergegeven, daarna verschijnt de actuele zendernaam resp. de frequentie knipperend.

SCAN beeindigen, zender verder beluisteren

Druk op de MENU-toets ⑨.

Het scannen wordt beeindigd, de als laatste ingestelde zender blijft actief.

Duur van het fragment instellen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets V of A 10, tot "SCAN TIME" in het display wordt weergegeven.
Stel de gewenste weergavetijd in met de -toetsen ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

De ingestelde duur van het fragment geldt ook voor het scannen bij CD- en CD-wisselaarweergave.

Programmatype (PTY)

Naast de naam van de zender geven sommige FM-zenders ook informatie door over de inhoud van hun programma's. Deze informatie kan door uw autoradio worden ontvangen en weergegeven.

Zulke programmatypes kunnen bv. zijn:

CULTUUR REIZEN JAZZ

SPORT SERVICE POP

ROCK WISSEN KINDER

Met de PTY-functie kunt u gericht zenders met een bepaald programmatype kiezen.

PTY-EON

Wanneer het programmatype gekozen en de zoekdoorloop gestart is, schakelt het apparaat van de actuele zender over op een zender met het gekozen programmatype.

Opmerkingen:

  • Wanneer er geen zender met het gekozen programmatype wordt gevonden, is een pieptoon te horen en verschijnt op het display kort "NO PTY". De laatst ontvangen zender wordt opnieuw ingesteld.
  • Wanneer de ingestelde zender of een andere zender uit de zenderketen op een later tijdstip het gewenste programmatype uitzendt, schakelt het apparaat automatisch van de actuele zender, resp. vanuit de weergave van CD of CD-wisselaar, over op de zender met het gekozen programmatype.
  • Wilt u deze PTY-EON-omschakeling niet hebben, dan schakelt u deze in het menu met "PTY OFF" uit. Druk eerst op een van de toetsen SOURCE ④ of BND•TS ⑥.

PTY in- en uitschakelen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩ dat "PTY" en de actuele instelling op het display worden weergegeven.
Druk op toets < of > ⑩ om PTY in (ON) resp. uit te schakelen (OFF).
Druk op de toets MENU ⑨.

PTY-taal kiezen

U kunt de taal waarin de programmatypen worden weergegeven kiezen. Ter beschikking staan "DEUTSCH", "ENGLISH" en "FRANÇAIS".

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets V of A 10, tot "PTY LANG" in het display wordt weergegeven.
Stel de gewenste taal in met de toetsen ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Programmatype kiezen en zoekdoorloop starten

Druk op de -toets ⑩.

Het actuele programmatype wordt weergegeven op het display.

Wanneer u een ander programmatype wilt kiezen, kunt u binnen de tijd van het display een ander programmatype instellen door op de toetsen ⑩ te drukken.

Of

Druk op een van de toetsen 1 - 6 ⑪, om het onder de desbetreffende toets opgeslagen programmatype te kiezen.

Het gekozen programmatype wordt kort aangeduid.

Druk op toets ∨ of ∧⑩ om de zoekdoorloop te starten.

De eerstvolgende zender met het gekozen programmatype wordt ingesteld.

Programmatype programmeren onder de voorkeuzetoetsen

Kies met de -toets ⑩ een programmatype.
Houd de gewenste voorkeuzetoets 1 - 6 ⑪ langer dan twee seconden ingedrukt.

Het programmatype is onder de gekozen toets 1 - 6 ⑪ opgeslagen.

Radio-ontvangst optimaliseren

Storingsafhankelijke hoge tonen reductie (High Cut)

De High Cut-functie zorgt voor een ontvangstverbetering bij slechte radio-ontvangst (alleen FM). Wanneer ontvangststoringen aanwezig zijn, wordt automatisch de storing afgezwakt.

High Cut in-/uitschakelen

Druk op de toets MENU ⑨.

Druk zo vaak op toets of ⑩ dat "HICUT" op het display wordt weergegeven.

Druk op toets ⑩ om High Cut in (1) resp. uit te schakelen (0).

"HICUT 1" betekent automatische afzwakking van de storing, "HICUT 0" betekent geen afzwakking.

Druk op de toets MENU ⑨.

Displayweergave instellen

U heeft in radioweergave de mogelijkheid, in het display het golfgebied met de geheugenniveau en de tijd of de zendernaam resp. de frequentie van de actuele zender te laten weergeven.

Houdt voor het omschakelen van de weergave de DISPL Ⓤ-toets ⑧ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Verkeersinformatie

Dit apparaat is uitgerust met een RDS-EON-ontvanger. EON (Enhanced Other Network) zorgt ervoor dat in geval van verkeersinformatie (TA), binnen een zenderketen automatisch van een niet-verkeersinformatiezender naar de betreffende verkeersinformatiezender van de zenderketen wordt omgeschakeld.

Na het verkeersbericht wordt het eerder beluisterde programma weer ingeschakeld.

Voorrang voor verkeersinformatie in- en uitschakelen

Druk op TRA•RDS-toets ⑦.

De voorrang voor verkeersinformatie is geactiveerd wanneer het filesymbool op het display verlicht is.

Opmerkingen:

U hoort een waarschuwingstoon:

- wanneer u bij het beluisteren van een zender met verkeersinformatie het uitzendgebied daarvan verlaat.

- wanneer u bij het beluisteren van een CD of bij de weergave van de CD-wisselaar het uitzendgebied van de ingestelde verkeersinformatiezender verlaat en de daarop volgende automatische zoekdoorloop geen nieuwe verkeersinformatiezender vindt.

- wanneer u van een zender met verkeersinformatie wisselt naar een zender zonder verkeersinformatie.

Schakel dan ofwel de voorrang voor verkeersinformatie uit of stel een zender met verkeersinformatie in.

Volume voor verkeersinformatie instellen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets √ of ∧ ⑩, tot "TA VOLUME" in het display wordt weergegeven.
Stel het gewenste volume in met de -toetsen 10.

Om het instellen te vereenvoudigen wordt het volume in overeenstemming met uw instelling vergroot resp. verkleind.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerkingen:

  • U kunt tijdens het verkeersbericht het volume voor de duur van het verkeersbericht ook instellen met de volumeregelaar ③.
  • U kunt de klankkleur en de volumeverhouding voor verkeersinformatie instellen. Lees hiervoor het hoofdstuk "Sound".

CD-weergave

Met dit apparaat kunt u normaal in de handel verkrijgbare audio-CD's, CD-r's en CD-rw's met een doorsnede van 12 cm af-spelen. Om problemen bij het afspelen te voorkomen mag u zelf gemaakte CD's niet sneller branden dan 16-speed.

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - CD-weergave - 1

Gevaar voor beschadiging van de CD-speler!

Single-CD's met een doorsnede van 8 cm en CD's met contouren ("shape CD's") mogen niet worden gebruikt.

Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor beschadigingen aan de CD-speler door ongeschikte CD's.

Voor optimaal functioneren moet u alleen CD's gebruiken met het Compact-Disc-logo. Er kunnen afspeelmoeilijkheden ontstaan bij CD's met kopieerbeveiliging. Blaupunkt kan het goed functioneren van CD's met kopieerbeveiliging niet garanderen.

Naast audio-CD's kunt u met dit apparaat ook CD's met MP3-/WMA/muziekbestanden afspelen. Lees hiervoor het hoofdstuk "MP3-/WMA-weergave".

CD-weergave starten

Wanneer er geen CD in de speler zit,

drukt u op de ▲-toets ②.

Het bedieningspaneel wordt geopend.

Schuif de CD met de bedrukte zijde naar boven zonder forceren in de CD-opening totdat u een weerstand voelt.

De CD wordt automatisch naar binnen in de CD-speler getransporteerd.

Het transport van de CD mag niet worden gehinderd of geholpen.

Sluit het bedieningspaneel met lichte druk totdat het merkbaar vergrendelt.

De CD-weergave begint.

Opmerking:

Wanneer de voertuigontsteking voor het plaatsen van de CD is uitgeschakeld, dan moet u het apparaat eerst met de toets ① inschakelen, waarna de weergave begint.

Wanneer er reeds een CD in de speler zit,

drukt u zo vaak op de toets SOURCE ④, tot "CD" op het display verschijnt.

De weergave start op de plaats waar deze werd onderbroken.

Titel kiezen

Druk op een van de toetsen van het pijltoetsenblok ⑩ om de volgende resp. de vorige titel te kiezen.

Wanneer u eenmaal op toets V of < ⑩ drukt, wordt de actuele titel opnieuw ge- start.

Snel titels kiezen

Om snel voor- of achterwaarts titels te kiezen,

houd toets of Y ⑩ ingedrukt totdat de snelle titelselectie achterwaarts resp. voorwaarts begint.

Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)

Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts,

houd toets ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.

Willekeurige weergave van de titels (MIX)

Druk op de toets 5 MIX ⑪.

"MIX CD" verschijnt kort op het display, het MIX-symbol wordt weergegeven. De volgende, willekeurig gekozen titel wordt afgespeeld.

MIX beëindigen

Druk opnieuw op de toets 5 MIX ⑪.

"MIX OFF" verschijnt kort op het display, het MIX-symbool verdwijnt.

Titels kort weergeven (SCAN)

U kunt de titels van de CD kort laten weergeven.

Druk de MENU-toets ⑨ langer dan 2 seconden in.

De eerstvolgende titel wordt kort weergegeven.

Opmerking:

De duur van het fragment is instelbaar. Lees voor de instelling van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".

Scan beëindigen, titel verder beluisteren

Voor beëindigen van de scan-mode,

druk op de MENU-toets ⑨.

De actueel weergegeven titel wordt verder afgespeeld.

Titels herhalen (REPEAT)

Wanneer u een titel wilt herhalen,

druk op de toets 4 RPT 11.

"RPT TRK" verschijnt kort op het display, het RPT-symbol wordt weergegeven. De titel wordt herhaald totdat RPT wordt gede-activeerd.

Repeat beëindigen

Wanneer u de repeat-functie wilt beëindigen,

druk opnieuw op de toets 4 RPT 11.

"RPT OFF" verschijnt kort op het display, het RPT-symbol is niet langer verlicht. De weergave wordt normaal voortgezet.

Weergave onderbreken (PAUSE)

Druk op de toets 3 ▶ 11.

Op het display verschijnt "PAUSE".

Pauze opheffen

Druk gedurende de pauze op de toets 3 ▶ 11.

De weergave wordt voortgezet.

Displayweergave instellen

U kunt voor de CD-weergave tussen twee displaytypen kiezen:

• Titelnummer en kloktijd

• Titelnummer en speeltijd

Houdt voor het omschakelen van de weergave de DISPL 📊-toets ⑧ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Verkeersinformatie tijdens CD-weergave

Wanneer u tijdens de CD-weergave verkeersinformatie wilt ontvangen,

druk op de toets TRA•RDS ⑦.

De voorrang voor verkeersinformatie is geactiveerd wanneer het filesymbool op het display verlicht is. Lees hiervoor het hoofdstuk "Verkeersinformatie".

CD verwijderen

Druk op de toets ②.

Het bedieningspaneel wordt naar voren ge- opend.

Druk op de toets ▲⑫ (Eject) naast de CD-opening.

De CD wordt naar buiten geschoven.

Verwijder de CD en sluit het bedie- ningspaneel.

Opmerkingen:

- Een naar buiten geschoven CD wordt na tien seconden automatisch weer naar binnen getransporteerd.

- U kunt ook CD's naar buiten laten schuiven wanneer het apparaat is uitgeschakeld of er een andere audio-bron actief is.

MP3-/WMA-weergave

U kunt met deze autoradio ook CD-r's en CD-rw's met MP3-muziekbestanden afspelen. Bovendien kunt u WMA-bestanden afspelen. De bediening bij het afspelen van MP3- en WMA-bestanden is hetzelfde.

Opmerkingen:

  • WMA-bestanden met Digital Rights Management (DRM) uit online-musicshops kunnen met dit apparaat niet worden afgespeeld.
  • WMA-bestanden kunnen alleen betrouwbaar worden afgespeeld, wanneer deze met Windows Media-Player, versie 8 zijn aangemaakt.

Voorbereiding van de MP3-CD

Door de combinatie van CD-writer, CD-schrijfsoftware en onbeschreven CD kunnen problemen optreden bij de weergave van de CD's. Wanneer er problemen optreden met zelfgebrande CD's, dient u over te schakelen op een ander merk of een andere kleur basis-CD's.

De opmaak van de CD moet ISO 9660 level 1, level 2 of Joliet zijn. Alle andere soorten kunnen niet betrouwbaar worden afgespeeld.

U kunt op een CD maximaal 252 directories aanmaken. Directories kunnen met dit apparaat afzonderlijk worden gekozen.

Onafhankelijk van het aantal directories kunnen maximaal 999 MP3-bestanden op één CD worden beheerd, met maximaal 255 bestanden in één directory.

Dit apparaat ondersteunt zoveel gecomprimeerde bestanden als u met uw CD-schrijfsoftware kunt aanmaken, onafhankelijk van het feit dat de maximale padlengte bij de ISO 9660-standaard op acht is vast-gesteld.

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Voorbereiding van de MP3-CD - 1

flowchart
graph TD
    D01 --> D02
    D02 --> D03
    D03 --> T001
    D03 --> T002
    D03 --> T003
    D03 --> T004
    D03 --> T005
    D03 --> T006
    D04 --> T001
    D04 --> T002
    D04 --> T003
    D04 --> T004
    D04 --> T005
    D04 --> T006
    D04 --> T007
    D04 --> T008
    D04 --> T009
    D04 --> T010
    D04 --> T011

Ⓐ Directory

B Titel · Bestanden

U kunt elke directory met de pc een naam geven. De naam van de directory kan op het display van het apparaat worden weergegeven. Geef de directories en titels/bestanden namen volgens de werkwijze van uw CD-schrijfsoftware. Aanwijzingen daarvoor vindt u in de handleiding van de software.

Opmerking:

U dient bij het benoemen van de directories en titels/bestanden geen trema's en speciale symbolen te gebruiken.

Wanneer u waarde hecht aan een correcte volgorde van uw bestanden, moet u schrijfsoftware gebruiken die de bestanden op alfanumerieke volgorde rangschikt. Wanneer uw software niet over deze functie beschikt, kunt u de bestanden ook handmatig sorteren. Daarvoor moet u voor iedere bestandsnaam een nummer, bijv. "001", "002", enz. plaatsen. Daarbij moeten ook de voorafgaande nullen worden ingevoerd.

MP3-titels kunnen extra informatie bevatten, zoals uitvoerende, titel en album (ID3-tag). Dit apparaat kan ID3-tags van versie 1 op het display weergeven.

Bij het aanmaken (coderen) van de MP3-bestanden uit audiobestanden dient u bitrates van maximaal 256 kbit/s te gebruiken.

Voor het gebruik van MP3-bestanden met dit apparaat moeten de MP3-bestanden de extensie ".MP3" hebben.

Opmerkingen:

Om ongestoorde weergave te garanderen,

• probeer niet om andere bestanden dan MP3-bestanden te voorzien van de extensie ".MP3" en deze vervolgens af te spelen! Deze ongeldige bestanden worden tijdens de weergave genegeerd.
- Gebruik geen gemengde CD's met MP3-bestanden en niet-MP3-bestanden (het apparaat leest tijdens MP3-weergave alleen MP3-bestanden).
- Gebruik geen mix-mode-CD's met audiotitels en MP3-titels. Als u probeert een mix-mode-CD af te spelen, worden alleen de CD-audiotitels afgespeeld.

MP3-weergave starten

De MP3-weergave wordt gestart zoals de normale CD-weergave. Lees hiervoor het gedeelte "CD-weergave starten" in het hoofdstuk "CD-weergave".

Displayweergave instellen

Standaardweergave instellen

U kunt op het display diverse informatie over de actuele titel laten weergeven.

• Directory-nummer en titelnummer
• Directory-nummer en tijd
• Directory-nummer en speeltijd
• Titelnummer en speeltijd
• Titelnummer en kloktijd

Om te kiezen tussen de weergavemogelijkheden,

houdt voor het omschakelen van de weergave de DISPL 📊-toets ⑧ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Opmerking:

De informatie wordt, nadat de MP3-lichtkranttekst na wisselen van titel eenmaal is doorlopen, permanent op het display weergegeven.

Bij iedere wisseling van titel wordt een van de volgende lichtkrantteksten eenmaal in het display weergegeven. Daarna wordt de ingestelde standaard aanwijzing gebruikt.

De beschikbare lichtkrantteksten zijn:

• Naam van de directory ("DIR NAME")
• Naam van de titel ("SONG NAME")
• Naam van het album ("ALBM NAME")
• Naam van de artiest ("ARTIST")
• Bestandsnaam ("FILE NAME")

Opmerking:

Artiest, titel en albumnaam zijn onderdeel van de MP3-ID tag versie 1 en kunnen alleen worden weergegeven, wanneer deze met de MP3-bestanden werden opgeslagen (lees daarvoor ook de handleiding van uw PC-MP3-software resp. schrijfsoftware).

Om te kiezen tussen de weergavemogelijkheden,

druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets √ of ∧⑩, tot in het display "MP3 DISP" wordt weergegeven.
Kies de gewenste MP3-lichtkranttekst met de -toets ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

Het menupunt "MP3 DISP" staat alleen tijdens de weergave van een CD met MP3/WMA-bestanden ter beschikking.

Directory kiezen

Om op- of neerwaarts naar een andere directory te gaan,

drukt u een- of meermaals op de √ of ∧-toets ⑩.

Titels/bestanden kiezen

Om op- of neerwaarts naar een andere titel / een ander bestand van de actuele directory te gaan,

drukt u een- of meermaals op de -toets ⑩.

Wanneer de toets <⑩ eenmaal wordt ingedrukt wordt de actuele titel opnieuw gestart.

Snelle zoekdoorloop

Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts,

houd toets ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.

Titels in willekeurige volgorde weergeven – MIX

Om de titels van de actuele directory in wil- lekeurige volgorde te laten weergeven,

drukt u kort op de toets 5 MIX 11.

In het display verschijnt "MIX DIR" en het MIX-symbol wordt weergegeven.

Om de titels van alle directories van een geplaatste MP3-CD in willekeurige volgorde te laten weergeven,

druk de toets 5 MIX ⑪ langer dan 2 seconden in.

In het display verschijnt "MIX CD" en het MIX-symbol wordt weergegeven.

MIX beëindigen

Om MIX te beëindigen,

drukt u kort op de toets 5 MIX ⑪.

Op het display wordt "MIX OFF" weergegeven en het MIX-symbool verdwijnt.

Titels kort weergeven – SCAN

U kunt de titels van de CD kort laten weergeven.

Druk de MENU-toets ⑨ langer dan 2 seconden in. De eerstvolgende titel wordt kort weergegeven.

Op het display wordt kort "TRK SCAN" weergegeven. Het titelnummer knippert. De titels worden in oplopende volgorde afgespeeld.

Opmerking:

De duur van het fragment is instelbaar. Lees voor de instelling van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".

Scan beëindigen, titel verder beluisteren

Druk kort op de MENU-toets ⑨.

De actueel weergegeven titel wordt verder afgespeeld.

Losse titels of hele directory herhaald afspelen – REPEAT

Om de actuele titel herhaald af te spelen,

drukt u kort op de toets 4 RPT ⑪.

In het display verschijnt kortstondig "RPT TRCK" en RPT wordt weergegeven.

Om de hele directory herhaald te laten af- spelen,

druk de toets 4 RPT ⑪ langer dan 2 seconden in.

Op het display wordt "RPT DIR" weergegeven.

REPEAT beëindigen

Om het herhalen van de actuele titel resp. de actuele directory te beeindigen,

drukt u kort op de toets 4 RPT 11.

In het display verschijnt kortstondig "RPT OFF" en RPT verdwijnt.

Weergave onderbreken (PAUSE)

Druk op de toets 3 ▶ 11.

Op het display verschijnt "PAUSE".

Pauze opheffen

Druk gedurende de pauze op de toets 3 ▶ 11.

De weergave wordt voortgezet.

Weergave van CD-wisselaar

Opmerking:

Informatie over de behandeling van CD's, het plaatsen van CD's en voor de bediening van de CD-wisselaar vindt u in de gebruiksaanwijzing van uw CD-wisselaar.

Weergave van CD-wisselaar starten

drukt u zo vaak op de toets SOURCE ④, tot "CHANGER" op het display verschijnt.

De weergave begint met de eerste CD die de CD-wisselaar herkent.

CD kiezen

Om op- of neerwaarts naar een andere CD te gaan,

drukt u een- of meermaals op de √ of ∧-toets ⑩.

Opmerking:

Vrije CD-vakken in de wisselaar en CD-vakken met ongeldige CD's worden hierbij overgeslagen.

Titel kiezen

Om op- of neerwaarts naar een andere titel van de actuele CD te gaan,

drukt u een- of meermaals op de < of >-toets ⑩.

Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)

Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts,

houd toets ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.

Wisselen van displayweergave

Voor de aanwijzing in CD-wisselaar weergave staan 5 opties ter beschikking:

• Titelnummer en speeltijd
• Titelnummer en kloktijd
• CD-nummer en titelnummer
• CD-nummer en tijd
• CD-nummer en speeltijd

Om te wisselen tussen de weergavesoorten,

houdt u voor het omschakelen van de weergave de DISPL 📋-toets ⑧ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Losse titels of hele CD's herhaald afspelen (REPEAT)

Om de actuele titel te herhalen,

drukt u kort op de toets 4 RPT ⑪.

Op het display verschijnt kort "RPT TRCK" en RPT wordt op het display weergegeven.

Om de actuele CD te herhalen,

houdt u de toets 4 RPT ⑪ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Op het display verschijnt kort "RPT DISC" en RPT wordt op het display weergegeven.

Repeat beëindigen

Om het herhalen van de actuele CD te be- eindigen,

drukt u kort op de toets 4 RPT 11.

"RPT OFF" verschijnt en RPT in het display verdwijnt.

Titels in willekeurige volgorde weergeven (MIX)

Om de titels van de actuele CD in willekeurige volgorde weer te geven,

drukt u kort op de toets 5 MIX ⑪.

Op het display verschijnt kort "MIX CD" en MIX wordt op het display weergegeven.

Om de titels van alle geplaatste CD's in wil- lekeurige volgorde weer te geven,

houdt u de toets 5 MIX ⑪ langer dan 2 seconden ingedrukt.

Op het display verschijnt kort "MIX ALL" en MIX wordt op het display weergegeven.

MIX beëindigen

drukt u kort op de toets 5 MIX ⑪.

"MIX OFF" wordt weergegeven en het MIX-symbool in het display verdwijnt.

Alle titels van alle CD's kort weergeven (SCAN)

Om alle titels van alle geplaatste CD's in oplopende volgorde kort weer te geven,

druk de MENU-toets ⑨ langer dan 2 seconden in.

In het display verschijnt "TRK SCAN" en het nummer van de actuele titel knippert.

Scan beëindigen

Om de korte weergave te beëindigen,

druk kort op de MENU-toets ⑨.

De actueel afgespeelde titel wordt verder afgespeeld.

Opmerking:

De duur van het fragment is instelbaar. Lees voor het instellen van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".

Weergave onderbreken (PAUSE)

Druk op de toets 3 ▶ 11.

Op het display verschijnt "PAUSE".

Pauze opheffen

Druk gedurende de pauze op de toets 3 ▶ 11.

De weergave wordt voortgezet.

Clock - Kloktijd

Kloktijd weergeven

Om de kloktijd kort weer te laten geven,

drukt u kort op de DISPL Ⓤ-toets ⑧.

De kloktijd wordt gedurende enkele secon- den in het display weergegeven.

Kloktijd instellen

Om de kloktijd in te stellen,

druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets A of V 10, tot "CLOCK SET" in het display wordt weergegeven.
Druk op de toets <⑩.

De kloktijd wordt op het display weergegeven. De uren knipperen en kunnen worden ingesteld.

Stel de uren in met de A of V -toets ⑩.

Wanneer de uren ingesteld zijn,

druk op de toets > 10.

De minuten knipperen.

Stel de minuten in met de Ψ of Ψ-toets ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Klokmodus 12/24 uur kiezen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets X of Y ⑩ dat "24 HOUR MODE" resp. "12 HOUR MODE" op het display wordt weergegeven.

Druk op toets ⑩ om de modus te wisselen.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets MENU ⑨.

Kloktijd permanent laten weergeven wanneer het apparaat is uitgeschakeld en het contact is ingeschakeld

Om de kloktijd te laten weergeven wanneer het apparaat is uitgeschakeld en het contact is ingeschakeld,

druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets A of V ⑩ tot "CLOCK OFF" resp. "CLOCK ON" op het display wordt weergegeven.
Druk op toets ⑩ om de weergave te wisselen tussen ON (aan) of OFF (uit).

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets MENU ⑨.

Kloktijd bij uitgeschakeld apparaat kort laten weergeven

Om de kloktijd kort te laten weergeven wanneer het apparaat is uitgeschakeld,

druk op toets DISPL ⑧.

De kloktijd wordt gedurende ca. 8 s in het display weergegeven.

Sound

U kunt voor iedere bron (radio, CD, CD-wisselaar, AUX, verkeersinformatie en telefoon/ navigatie) de instellingen voor de klankkleur (lage tonen, middentonen, hoge tonen en Sub-Out) afzonderlijke instellen. De instelling voor de volumeverdeling (balans en fader) worden voor alle audiobronnen samen uitgevoerd.

Opmerking:

De instellingen voor de klankkleur voor verkeersinformatie en telefoon/navigatie kunnen alleen tijdens een verkeersinformatie resp. een telefoongesprek/ een gesproken mededeling worden uitgevoerd.

U kunt een van de 4 middenfrequenties (60 Hz, 80 Hz, 100 Hz, 200 Hz) kiezen. Bovendien kunt u voor de gekozen middenfrequentie het niveau tussen ±7 instellen.

Middenfrequentie en niveau instellen

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk eenmaal op de toets of Y 10, om het submenu BASS te benaderen.
Druk zo vaak op de toets ⑩, tot de gewenste middenfrequentie in het display wordt weergegeven.
Druk op de toets A of Y 10, om het niveau tussen ±7 in te stellen.
Druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤, om het menu te verlaten.

Middentonen (Middle) instellen

U kunt een van de 4 middenfrequenties (500 Hz, 1 kHz, 2 kHz, 3 kHz) kiezen. Bovendien kunt u voor de gekozen middenfrequentie het niveau tussen ±7 instellen.

Middenfrequentie en niveau instellen

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk op toets ⑩ dat "MIDDLE" op het display verschijnt.
Druk eenmaal op de toets X of Y 10, om het submenu MIDDLE te benade- ren.
Druk zo vaak op de toets ⑩, tot de gewenste middenfrequentie in het display wordt weergegeven.
Druk op de toets A of V ⑩, om het niveau tussen ±7 in te stellen.
Druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤, om het menu te verlaten.

Hoge tonen (Treble) instellen

U kunt een van de 4 middenfrequenties (10 kHz, 12 kHz, 15 kHz, 17 kHz) kiezen. Bovendien kunt u voor de gekozen middenfrequentie het niveau tussen ±7 instellen.

Middenfrequentie en niveau instellen

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk op toets ⑩ dat "TREBLE" op het display verschijnt.
Druk eenmaal op de toets X of Y 10, om het submenu TREBLE te benade- ren.

Druk zo vaak op de toets ⑩, tot de gewenste middenfrequentie in het display wordt weergegeven.
Druk op de toets A of V ⑩, om het niveau tussen ±7 in te stellen.
Druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤, om het menu te verlaten.

Volumeverhouding links/rechts (Balance) instellen

Om de volumeverhouding links/rechts (Balance) in te stellen,

druk op de toets AUDIO ⑤.
Op het display verschijnt "BASS".
Druk zo vaak op toets < of > ⑩ dat "BAL" en de actuele instelling op het display worden weergegeven.
Druk op toets of V ⑩ om de volumeverdeling rechts/links in te stellen.
Druk op de toets AUDIO ⑤, om het menu te verlaten.

Volumeverhouding voor/achter (Fader) instellen

Om de volumeverhouding voor/achter (Fader) in te stellen,

druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk zo vaak op toets < of > ⑩ dat "Fader" en de actuele instelling op het display worden weergegeven.
Druk op toets of V ⑩ om de volu-
meverdeling voor/achter in te stellen.
Druk op de toets AUDIO ⑤, om het menu te verlaten.

Voorversterkeruitgang (Preamp-Out/Sub-Out)

U kunt via de voorversterkeraansluiting (Preamp-Out) van de autoradio externe versterkers aansluiten. Bovendien kunt u op het geïntegreerde dynamische laagdoorlaatfilter van het apparaat (niveau en grensfrequentie zijn instelbaar) een subwoofer aansluiten.

Daarvoor moeten de versterkers worden aangesloten zoals beschreven staat in de gebruiksaanwijzing.

Sub-Out-Pegel instellen

U kunt het Sub-Out-niveau in 8 stappen (0 bis +7) instellen.

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk op toets ⑩ dat "SUBOUT" op het display verschijnt.
Druk op de toets A of V 10, om een waarde van 0 t/m +7 in te stellen.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤.

Instellen van de Sub-Out-grensfrequentie

U kunt tussen 4 instellingen kiezen: 0 Hz, 80 Hz, 120 Hz en 160 Hz.

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk op toets ⑩ dat "SUBOUT" op het display verschijnt.
Druk eenmaal op de toets A of Y ⑩.
Druk zo vaak op de toets ⑩, tot de gewenste frequentie in het display wordt weergegeven.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤.

X-BASS

Met X-Bass kunt u de lage tonen bij laag volume versterken.

De gekozen X-Bass instelling werkt voor alle audiobronnen (radio, CD, CD-wisselaar of AUX).

De X-BASS-versterking kan in standen 1 t/m 3 worden ingesteld.

"XBASS OFF" betekent dat de X-BASS-functie is uitgeschakeld.

X-BASS-versterking instellen

Druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk op toets ⑩ dat "XBASS" op het display verschijnt.
Druk zo vaak op de toets of ⑩, tot de gewenste instelling in het display wordt weergegeven.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets AUDIO ⑤.

Equalizer-voorinstellingen (Presets)

Dit apparaat beschikt over een equalizer, waarin de instellingen voor de muzieksoorten "ROCK", "POP" en "CLASSIC" al zijn ge-programmeerd.

Om een equalizer-instelling te kiezen,

druk op de toets AUDIO ⑤.

Op het display verschijnt "BASS".

Druk zo vaak op de toets ⑩ tot "POP", "ROCK", "CLASSIC" resp. "EQ OFF" in het display verschijnt.
Druk op de toets of Y ⑩, om een van de instellingen te kiezen of kies "EQ OFF" om de equalizer uit te schakelen.

De gekozen instelling wordt permanent in het display weergegeven.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets AUDIO ⑤.

Display instellen

Inschakelmelding invoeren

Wanneer u uw apparaat inschakelt, wordt een korte melding op het display weergegeven. Af fabriek is de tekst "BLAUPUNKT" ingesteld. U kunt in plaats daarvan een eigen tekst invoeren, maximaal 9 karakters lang.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets V of A 10, tot "ON MSG" in het display wordt weergegeven.
Druk op de toets ⑩.

De standaard tekst voor de inschakelmelding wordt op het display weergegeven. De invoermarkering staat aan het begin van de regel en knippert.

Opmerking:

u kunt de gehele regel wissen, door de toets ⑩ langer dan 2 seconden ingedrukt te houden.

Om een andere tekst in te voeren,

kiest u een letter met de toets ∨ of ∩ ⑩.
Verschuif de invoermarkering met de toetst⑩.

Wanneer u de melding heeft ingevoerd,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Niveauweergave instellen

De niveauweergave in uw display toont u tijdens de instelprocedure kortstondig symbolisch het volume en de instellingen van de klankregeling.

Buiten de instelprocedure toont de niveau-weergave de piekwaarde van de muziek of spraak. U kunt de niveauweergave in- resp. uitschakelen.

Druk op de toets MENU ⑨.

Op het display wordt "MENU" weergegeven.

Druk zo vaak op de toets A of V 10, tot "PEAK LVL" in het display wordt weergegeven.
Druk op de -toets ⑩, om tussen "PEAK ON" (aan) en "PEAK OFF" (uit) te kiezen.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk dan tweemaal op de toets MENU ⑨.

Displayhelderheid instellen

Wanneer uw autoradio is aangesloten volgens de inbouwhandleiding en uw voertuig beschikt over de betreffende aansluiting, dan wordt de displayhelderheid omgeschakeld tegelijkertijd met het in- of uitschakelen van de autoverlichting. De displayhelderheid kunt u voor de nacht en voor de dag in stappen van 1 - 9 instellen.

U kunt bovendien voor de nachtdimmer (DIM NIGHT) de instelling "AUTO DIM" kiezen. Bij de instelling "AUTO DIM" wordt de verlichting van de autoradio, bij ingeschakelde autoverlichting, met de helderheidsinstelling van de instrumentenverlichting ingesteld.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets of Y ⑩ dat "DIM DAY" resp. "DIM NIGHT" op het display wordt weergegeven.

Druk op de -toets ⑩, om tussen de helderheidsniveaus te kiezen.

Wanneer het instellen voltooid is,
druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Om "AUTO DIM" te activeren,

druk zo vaak op de toets X of Y 10, tot in het display "DIM NIGHT" wordt weergegeven.
Druk op de <-toets ⑩, tot "AUTO DIM" wordt weergegeven.

Wanneer het instellen voltooid is,
druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Kleur van de displayverlichting instellen

Voor de displayverlichting kunt u een kleur uit het RGB-spectrum (rood-groen-blauw) mengen of een kleur tijden de kleurzoekdoorloop kiezen.

Kleur voor de displayverlichting mengen

Om de displayverlichting op uw smaak af te stemmen kunt zelf u een kleur voor de displayverlichting mengen met de 3 basiskleuren rood, groen en groen.

Druk zo vaak op toets ∧ of ∨ ⑩ dat "DISP COL" wordt weergegeven.
Druk op de -toets ⑩.

Het menu voor het mengen van een eigen kleur wordt weergegeven. "R", "G" en "B" worden met de actuele waarden weergegeven. De instelling voor "R" knippert.

Druk zo vaak op toets X of Y ⑩ dat het gewenste kleurtype wordt weergegeven.

Druk op de -toets ⑩, om de selectiemarkering achter de ander kleur te verschuiven.
Stel de andere kleuren in volgens uw eigen wensen.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Kleur voor de displayverlichting kiezen uit zoekdoorloop

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩ dat "COL SCAN" wordt weergegeven.
Druk op toets ⑩ om de zoekdoorloop te starten.

Het apparaat begint de kleuren van de displayverlichting af te wisselen.

Wanneer u de actueel ingestelde kleur wilt overnemen,

drukt u eenmaal op de toets MENU ⑨.

Om de zoekloop opnieuw te starten,

druk op de -toets ⑩.

Wanneer u de gewenste kleur heeft gevonden,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Externe audiobronnen

Wanneer er geen CD-wisselaar op het apparaat is aangesloten, kunt u een externe audiobron op het apparaat aansluiten. Zulke bronnen kunnen bv. een draagbare CD-speler, MiniDisc-speler of MP3-speler zijn.

Voor het aansluiten van een externe audiobron hebt u een adapterkabel nodig. Deze kabel (Blaupunkt-nr. 7 607 897 093) is verkrijgbaar bij uw geautoriseerde Blaupunktspeciaalzaak.

In het menu moet de AUX-ingang worden ingeschakeld.

Opmerking:

Het menupunt AUX kan alleen worden gekozen, wanneer er geen CD-wisse-laar op het apparaat is aangesloten.

AUX-ingang in- en uitschakelen

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩ dat "AUX OFF" resp. "AUX ON" op het display wordt weergegeven.
Kies tussen de opties "AUX ON" en "AUX OFF" met de <>-toetsen ⑩.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk op de toets MENU ⑨.

Opmerking:

Wanneer de AUX-ingang is ingeschakeld, kan deze met de SOURCE-toets ④ worden gekozen.

AUX-voorversterker instellen

Om luidsprekerverschillen te kunnen compenseren, is de niveau-aanpassing van de AUX-ingang in 4 standen (0 t/m 3) instelbaar.

Druk op de toets MENU ⑨.
Druk zo vaak op de toets of 10, tot "AUX LVL" in het display wordt weergegeven.
Druk op de -toets ⑩, om de niveau aanpassing in te stellen.

Wanneer het instellen voltooid is,

druk tweemaal op de toets MENU ⑨.

Technische gegevens

Versterker

Uitgangsvermogen:

4 x 18 W sinus

bij 14,4 V en

1% vervorming aan

4 Ω

4 x 26 W sinus vol-

gens DIN 45324 bij

14,4 V aan 4 Ω

4 x 50 W

max. power

Tuner

Golfgebied:

FM : 87,5 - 108 MHz

MW : 531 - 1602 kHz

LW : 153 - 279 kHz

Frequentiebereik FM:

35 - 16 000 Hz

CD

Frequentiebereik:

20 - 20 000 Hz

Pre-amp out

4 kanalen: 3 V

Ingangsgevoeligheid

AUX-ingang: 2 V / 6 kΩ

Tel-/Navi-ingang : 10 V / 1 kΩ

Gewicht 1,36 kg

Wijzigingen voorbehouden

Adviezen voor de veiligheid

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - Adviezen voor de veiligheid - 1

Wilt u dedurende het monteren en aansluiten de volgende veiligheids- adviezen in acht nemen.

  • De minpool van de batterij afklemmen! De veiligheidsadviezen van de fabrikant in acht nemen.
  • Bij het gaten boren erop letten dat geen voertuigonderdelen worden beschadigd.

  • De dwarsdoorsnede van de plusen minkabel mag niet minder dan 1,5 mm ^2 zijn.

  • Stekker aan de voertuigkant niet aan de radio aansluiten!
  • de voor uw voertuig vereiste adapterkabel is bij de BLAUPUNKT-vakhandel verkrijgbaar!
  • Afhankelijk van de uitvoering kan uw auto afwijken van deze beschrijving. Voor schade door fouten in montage of aansluiting en schade als gevolg daarvan aanvaarden wij geen aansprakelijkheid.

Mochten de hier vermelde aanwijzingen voor de montage voor u niet van toepassing zijn, dan kunt u contact opnemen met uw Blaupunkt-vakhandel, uw autofabrikant of onze telefoon-hotline.

Bij inbouw van een versterker of cd-wisselaar moeten eerst de massacontacten van de apparaten worden verbonden voordat de stekkers voor de line-in- of line-out-bussen worden aangesloten.

De massa van andere apparaten mag niet aan de massa van de autoradio (huis) worden aangesloten.

S Monteringsanvisning

BLAUPUNKT JOHN DEERE MP36 - S Monteringsanvisning - 1

Skyddsanvisningar

Als speciale accessoire verkrijgbaar Tillval

Wijzigingen voorbehouden!

Bewaar de ingevulde apparaatpas op een veilige plaats!

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BLAUPUNKT

Model : JOHN DEERE MP36

Categorie : Audiosysteem